Vaststellingsrapport Chw BP Kanaleneiland 6 nov 2023
Tekst van het document
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
Vaststellingsrapport
Chw bestemmingsplan Kanaleneiland – Transwijk
6 november 2023
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
1.
INLEIDING .....................................................................................................................................3
1.1 1.2 1.3 2.
DE VASTSTELLINGSPROCEDURE ................................................................................................3
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 3.
TERMIJN VOOR HET INDIENEN VAN ZIENSWIJZEN ...................................................................................3 ZIENSWIJZEN OVER HET BESTEMMINGSPLAN ..........................................................................................3 WIJZE VAN BEOORDELING VAN ZIENSWIJZEN ..........................................................................................4 PROCEDURE VOOR DE VASTSTELLING ....................................................................................................4 BELANGRIJKSTE WETTELIJKE BEPALINGEN ...............................................................................................4 WIJZIGINGEN TEN OPZICHTE VAN HET ONTWERP .................................................................5
3.1 3.2 3.3 4.
PLANGEBIED VAN HET BESTEMMINGSPLAN.............................................................................................3 DOEL VAN HET BESTEMMINGSPLAN .......................................................................................................3 DE OPBOUW VAN HET VASTSTELLINGSRAPPORT ....................................................................................3
ALGEMEEN ............................................................................................................................................5 AMBTSHALVE WIJZIGINGEN TEN OPZICHTE VAN HET ONTWERP ..............................................................5 WIJZIGINGEN NAAR AANLEIDING VAN DE ZIENSWIJZEN.........................................................................21 BEOORDELING VAN DE ZIENSWIJZEN .....................................................................................22
Indiener 1 - Prorail..............................................................................................................................22 Indiener 2 ...............................................................................................................................................23 Indiener 3 ...............................................................................................................................................24 Indiener 4 – ZIRM advocaten namens Novaxia ...........................................................................25 Indiener 5 – Van der Feltz advocaten ............................................................................................29 Indiener 6 – Straatman Koster advocaten ....................................................................................32 Indiener 7 – Royal Delft Vastgoed ..................................................................................................39
2
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
1. Inleiding 1.1 Plangebied van het bestemmingsplan
Het plangebied ligt in het zuiden van de stad en bestaat uit delen van de wijken Kanaleneiland en
Transwijk, Dichterswijk en Lombok Oost. Het plangebied heeft de volgende grenzen: in het westen het Amsterdam-Rijnkanaal, in het noorden de Weg der Verenigde Naties/Dominee Martin Luther
Kinglaan, in het oosten grofweg de Overste Den Oudenlaan/Europalaan en in het zuiden grofweg de Aziëlaan.
Het plangebied is vooral een woongebied: de belangrijkste functie is wonen met verspreid over het gebied andere functies zoals maatschappelijke functies, kantoren en wijkcentrum functies. 1.2 Doel van het bestemmingsplan
Dit bestemmingsplan bevat regels die gericht zijn op het beheren van de leefomgeving in het plangebied. Met dit bestemmingsplan worden de volgende doelen bereikt: - uniformering van de regels;
- functietoedeling in de systematiek van het toekomstige omgevingsplan;
- beleidsarm omzetten van de regels van de beheersverordeningen, wat inhoudt dat het nieuwe
bestemmingsplan zo veel mogelijk het bestaande gebruik en de bestaande bouwmogelijkheden overneemt;
- Door het gebruik van nieuwe termen (onder andere als gevolg van de komst van de Omgevingswet en het gebruiken van nieuwe standaarden en definities) en doordat
beheersverordeningen en bestemmingsplannen verschillen in opzet, kunnen er kleine
veranderingen optreden in de juridische regeling ten opzichte van de vorige regeling. Die
veranderingen hebben geen bijzondere gevolgen voor de bestaande gebruiks- en bouwrechten. Een uitzondering hierop is de beperking van de mogelijkheden voor de vestiging van
flitsbezorgdiensten conform de regeling in het bestemmingsplan Algemene regels Utrecht. 1.3 De opbouw van het vaststellingsrapport
In hoofdstuk 2 is de vaststellingsprocedure beschreven, dat is de fase van het bestemmingsplan die volgt op de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan. In hoofdstuk 3 staat op welke manier het bestemmingsplan is gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. In hoofdstuk 4 zijn de ingekomen zienswijzen behandeld.
2. De vaststellingsprocedure 2.1 Termijn voor het indienen van zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan heeft van vrijdag 10 februari tot en met donderdag 23 maart 2023
ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn kon iedereen zienswijzen over het bestemmingsplan aan de gemeenteraad sturen.
2.2 Zienswijzen over het bestemmingsplan
Er zijn 7 zienswijzen ingediend. 5 zienswijzen zijn binnen de termijn ingediend en 2 zienswijzen
zijn buiten de termijn ontvangen, maar worden toch meegenomen bij de vaststelling en inhoudelijk beoordeeld. Alle zienswijzen voldoen aan de wettelijke eisen.
In hoofdstuk 4 van dit vaststellingsrapport zijn de zienswijzen samengevat en van een reactie voorzien.
3/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
2.3 Wijze van beoordeling van zienswijzen
Een zienswijze bevat de mening van een indiener. De meningen in een zienswijze of de zienswijze
zelf zijn nooit goed, fout, gegrond of ongegrond. Elke zienswijze wordt zorgvuldig bestudeerd, om te bezien of het ontwerpbestemmingsplan aangepast moet worden. Als een zienswijze vragen bevat, worden die in dit vaststellingsrapport zo mogelijk beantwoord.
In dit rapport worden alleen de samenvattingen van zienswijzen opgenomen. In verband met de
privacy van indieners worden de zienswijzen niet openbaar gemaakt. Burgemeester en wethouders en de gemeenteraad krijgen wel van alle zienswijzen een kopie toegestuurd, zodat zij de volledige zienswijze kunnen lezen en bijvoorbeeld kunnen nagaan waar de indiener woont. 2.4 Procedure voor de vaststelling
Het college van burgemeester en wethouders bereidt de vaststelling van het bestemmingsplan voor. De voorbereiding bestaat uit de beoordeling of het bestemmingsplan nog aangepast moet worden, ‘ambtshalve’ of naar aanleiding van de zienswijzen. Vervolgens stelt het college de gemeenteraad
voor het bestemmingsplan, zo nodig met wijzigingen ten opzichte van het ontwerp, vast te stellen. De gemeenteraad kan de indieners van zienswijzen in de gelegenheid stellen om hun zienswijze
tijdens een raadsinformatiebijeenkomst toe te lichten. Op zo’n bijeenkomst kunnen de raadsleden vragen stellen aan indieners en ook aan ambtenaren die bij de vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan betrokken zijn.
Voordat de gemeenteraad het bestemmingsplan vaststelt, wordt het voorstel van het college besproken in de commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken. In de commissie vindt een
politieke discussie plaats. De verantwoordelijke wethouder is daarbij aanwezig en wordt in de
gelegenheid gesteld te reageren op de mening van de leden van de raadscommissie. De commissie
bepaalt of een nadere bespreking in de gemeenteraad nog nodig is of dat het bestemmingsplan als hamerstuk geagendeerd kan worden. De gemeenteraad stelt het bestemmingsplan vervolgens, al dan niet als hamerstuk, vast.
2.5 Belangrijkste wettelijke bepalingen
De vaststellingsprocedure is beschreven in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Dat artikel verwijst weer naar Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, de zogenaamde uniforme, openbare voorbereidingsprocedure.
Op grond van artikel 3:16 van de Algemene wet bestuursrecht moeten zienswijzen binnen de
daarvoor gestelde termijn van zes weken worden ingediend. Op grond van artikel 6:9, tweede lid,
van de Algemene wet bestuursrecht, is bij verzending per post een zienswijze op tijd ingediend, als hij voor het einde van de termijn ter post is bezorgd en de zienswijze niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen.
4
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
3. Wijzigingen ten opzichte van het ontwerp 3.1 Algemeen
Het ontwerpbestemmingsplan heeft in de periode van 10 februari 2023 t/m 23 maart 2023 ter inzage gelegen. In deze periode en vlak daarna zijn in het totaal 7 zienswijzen ingediend. De
zienswijzen zijn beoordeeld en hebben deels tot wijzigingen geleidt. Deze zijn opgenomen bij
onderdeel 3.3. Een samenvatting en beantwoording van de zienswijzen is opgenomen in hoofdstuk 4 van dit vaststellingsrapport.
In de afgelopen periode is het ontwerpbestemmingsplan ook nog eens kritisch ambtelijk
beoordeeld en zijn een aantal onvolkomenheden van het plan naar boven gekomen. Daarnaast zijn er door nieuwe ontwikkelingen, tussentijds genomen besluiten en nieuwe inzichten nog enkele
aanpassingen in het plan doorgevoerd, zoals enkele nieuwe en actuele teksten voor de toelichting voor onderwerpen als archeologie, externe veiligheid en klimaatadaptie. Ook is de in het plan
opgenomen hospitaregeling aangepast na een aanpassing van de huisvestingsverordening. Op 2 februari 2023 is het Chw bestemmingsplan Algemene regels Utrecht vastgesteld door de
gemeenteraad. Bij de vaststelling heeft de gemeenteraad twee amendementen aangenomen over de herplantplicht bij het kappen van bomen. Deze amendementen zijn in de regels en de toelichting van het bestemmingsplan verwerkt.
3.2 Ambtshalve wijzigingen ten opzichte van het ontwerp
Wijzigingen ten aanzien van de regels: Hoofdstuk 1 • In artikel 1 Begrippen is het volgende artikel toegevoegd: 1.43
Kantoor
Een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat dient voor de bedrijfsmatige uitoefening van
administratieve werkzaamheden en voor zakelijke dienstverlening alsmede seminars en congressen die ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie van een kantoorhoudende onderneming en kunnen worden beschouwd als onderdeel van de kantoorfunctie. • •
In artikel 1.8 is de verwijzing naar ‘1.55 Plan’ gewijzigd naar ‘1.56 Plan’
De artikelen 44 tot en met 67 zijn in nummering gewijzigd in artikelen 45 tot en met 68
Hoofdstuk 2 Functies •
Artikel 3.2 activiteiten die bij de functie passen is gewijzigd van:
4. Ter plaatse van Europalaan 45 is in afwijking van het doel van de functie ook een autogarage bedrijf toegestaan. Naar: 4. Ter plaatse van Europalaan 43 is in afwijking van het doel van de functie ook een winkel in vloerbedekking en gordijnen toegestaan.
5/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
• 3.
Artikel 4.4 Activiteiten die alleen met vergunning mogen is gewijzigd van: Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen voor bedrijven die niet in de
Lijst van Bedrijfsactiviteiten staan, als het betrokken bedrijf geen of beperkte invloed op de
omgeving heeft, vergelijkbaar met bedrijven die vallen onder de categorieën genoemd in lid 4.1. 4.
Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen voor bedrijven die tot twee
categorieën hoger zijn dan de categorieën genoemd in lid 4.1, als het betrokken bedrijf geen of beperkte invloed op de omgeving heeft, gelet op de specifieke werkwijze of bijzondere
verschijningsvorm, vergelijkbaar met bedrijven die vallen onder de categorieën genoemd in lid 4.1. Naar: Artikel 4.4 Activiteiten die alleen met vergunning mogen 1.
Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen voor Bevi-inrichtingen als
a.
de 10-6-contour voor het plaatsgebonden risico of – indien van toepassing – de afstand,
voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
zoals bedoeld in artikel 5 lid 3 van het Bevi jo artikel 2 lid 1 van de Regeling externe veiligheid inrichtingen, is gelegen: • • b.
binnen het bouwperceel van de Bevi-inrichting;
op gronden met een functie verkeer, water of openbaar groen.
voorafgaan aan het verlenen van de vergunning wordt verantwoording gegeven van het
groepsrisico in het invloedsgebied van de inrichting. •
Artikel 6.2 Activiteiten die bij de functie passen is gewijzigd van:
Artikel 6.2 Activiteiten die bij de functie passen 1.
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals het aanleggen, gebruiken en in
stand houden van groenvoorzieningen, voet- en fietspaden, bruggen, duikers en faunapassages, geluidwerende voorzieningen, veldjes voor het uitlaten van honden, watergangen, waterpartijen, ontmoetingsplaatsen al dan niet met zitbanken of speeltoestellen, kunstobjecten. 2.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van groen - Amsterdam Rijnkanaal' zijn
ook een openbare toiletvoorziening, kademuren, aanlegplaatsen en kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen toegestaan; 3.
Op Europlaan 55 is het bestaand gebruik toegestaan.
Naar: Artikel 6.2 Activiteiten die bij de functie passen 1.
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals het aanleggen, gebruiken en in
stand houden van groenvoorzieningen, voet- en fietspaden, bruggen, duikers en faunapassages, geluidwerende voorzieningen, veldjes voor het uitlaten van honden, watergangen, waterpartijen, ontmoetingsplaatsen al dan niet met zitbanken of speeltoestellen, kunstobjecten. 2.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van groen - Amsterdam Rijnkanaal' zijn
ook een openbare toiletvoorziening, kademuren, aanlegplaatsen en kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen toegestaan; 3.
Op Europalaan 55 is het bestaand gebruik toegestaan;
6
Datum Rapport
•
oktober 2023 Vaststellingsrapport
Artikel 7.3 Activiteiten die niet mogen is gewijzigd van:
Met uitzondering van activiteiten die op grond van lid #.2 zijn toegestaan zijn de volgende activiteiten in ieder geval verboden: 1.
horeca-activiteiten die niet op grond van lid 6.1 en 6.2 onder 2 zijn toegestaan;
3.
het verstrekken van middelen die onder de Opiumwet vallen.
2.
het bedrijfsmatig verstekken van logies;
Naar: Artikel 7.3 Activiteiten die niet mogen
Met uitzondering van activiteiten die op grond van lid 7.2 zijn toegestaan zijn de volgende activiteiten in ieder geval verboden: 1.
horeca-activiteiten die niet op grond van lid 7.1 en lid 7.2 onder 2 zijn toegestaan;
2.
het bedrijfsmatig verstrekken van logies;
•
Artikel 8.3 Activiteiten die niet mogen is gewijzigd van:
Artikel 8.3 Activiteiten die niet mogen
Met uitzondering van activiteiten die op grond van lid #.2 zijn toegestaan zijn de volgende activiteiten in ieder geval verboden: a.
horeca-activiteiten die niet op grond van lid 6.1 en 6.2 onder 2 zijn toegestaan;
b.
het bedrijfsmatig verstekken van logies;
c.
het verstrekken van middelen die onder de Opiumwet vallen.
Naar: Artikel 8.3 Activiteiten die niet mogen
Met uitzondering van activiteiten die op grond van lid 8.2 zijn toegestaan zijn de volgende activiteiten in ieder geval verboden: a.
horeca-activiteiten die niet op grond van lid 8.1 en lid 8.2 onder 2 zijn toegestaan;
b.
het bedrijfsmatig verstrekken van logies; •
Artikel 9.2 Activiteiten die bij de functie passen is gewijzigd van:
Artikel 9.2 Activiteiten die bij de functie passen 1.
Activiteiten die passen bij de functie zijn toegestaan, zoals:
b.
het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen en erven, verkeers-, parkeer- en
2.
Op de locatie met de aanduiding 'horeca- categorie D' is ook het uitoefenen van een
a.
het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden, en
groenvoorzieningen, watergangen en waterpartijen.
horecabedrijf in categorie D van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan tot maximaal 300 m2 bruto vloeroppervlakte, waarvan minimaal 100 m² vloeroppervlakte op de begane grond. 3.
Op de locatie met de aanduiding 'horeca' is ook het uitoefenen van een horecabedrijf
toegestaan in categorie..van de Lijst van Horeca-activiteiten.
7/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
4.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van kantoor - 1' is het toegestaan dat
kantoren in maximaal 6 bouwlagen worden gebouwd tot maximaal 26.000 m² totale vloeroppervlakte, onder de voorwaarden dat: a.
maximaal 15.000 m² in gebouwen van maximaal 6 bouwlagen wordt gebouwd; en
5.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van kantoor - 2' is het toegestaan dat
b.
het resterende aantal m² in gebouwen van maximaal 5 bouwlagen wordt gebouwd.
kantoren in maximaal 6 bouwlagen worden gebouwd tot maximaal 40.000 m² totale brutovloeroppervlakte, onder de voorwaarden dat: a.
maximaal 14.000 m² brutovloeroppervlakte in gebouwen van maximaal 6 bouwlagen wordt
b.
maximaal 12.000 m² brutovloeroppervlakte in gebouwen van maximaal 5 bouwlagen wordt
c.
het resterende aantal m² in gebouwen van maximaal 4 bouwlagen wordt gebouwd.
gebouwd;
gebouwd; en
Naar: Artikel 9.2 Activiteiten die bij de functie passen 1.
Activiteiten die passen bij de functie zijn toegestaan, zoals:
a.
het gebruiken van ruimtes voor bedrijfsmatige uitoefening administratieve werkzaamheden,
en b.
het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen en erven, verkeers-, parkeer- en
2.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - categorie D' is ook het
groenvoorzieningen, watergangen en waterpartijen.
uitoefenen van een horecabedrijf in categorie D van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan tot
maximaal 300 m2 bruto vloeroppervlakte, waarvan minimaal 100 m² vloeroppervlakte op de begane grond. 3.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van kantoor - 1' is het toegestaan dat
kantoren in maximaal 6 bouwlagen worden gebouwd tot maximaal 26.000 m² totale vloeroppervlakte, onder de voorwaarden dat: a.
maximaal 15.000 m² in gebouwen van maximaal 6 bouwlagen wordt gebouwd; en
4.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van kantoor - 2' is het toegestaan dat
b.
het resterende aantal m² in gebouwen van maximaal 5 bouwlagen wordt gebouwd.
kantoren in maximaal 6 bouwlagen worden gebouwd tot maximaal 40.000 m² totale brutovloeroppervlakte, onder de voorwaarden dat: a.
maximaal 14.000 m² brutovloeroppervlakte in gebouwen van maximaal 6 bouwlagen wordt
b.
maximaal 12.000 m² brutovloeroppervlakte in gebouwen van maximaal 5 bouwlagen wordt
c.
het resterende aantal m² in gebouwen van maximaal 4 bouwlagen wordt gebouwd.
gebouwd;
gebouwd; en
•
Artikel 11.2 Activiteiten die bij de functie passen is gewijzigd van:
Artikel 11.2 Activiteiten die bij de functie passen 1. a.
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals:
het gebruiken van ruimtes voor scholen, medische en paramedische diensten,
buitenschoolse opvang, kinderdagverblijf, religieuze doeleinden, sociaal cultureel centrum, buurthuis, gymzalen; en
8
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
b.
het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, nuts- verkeers-, parkeer-,
2.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk – 1' zijn ook sport,
groen- en speelvoorzieningen.
bestaande horeca tot en met categorie D1 van de Lijst van Horeca-activiteiten en zelfstandige congres- en vergaderfaciliteiten toegestaan. 3.
Op de locatie met de aanduiding 'kantoor' zijn ook de volgende activiteiten toegestaan tot
een maximum van 500m2 b.v.o: a.
b. c.
het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden;
zelfstandige congres- en vergaderfaciliteiten;
het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie A tot en met categorie D van de Lijst van
Horeca-activiteiten; d.
sportactiviteiten; en
4.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - bedrijf categorie 1
e.
dienstverlening.
tot en met categorie 3.1' is ook een bedrijf die is ingedeeld in categorie 1 tot en met categorie 3.1 van de lijst van Bedrijfsactiviteiten toegestaan. 5. 6.
Op de locatie met de aanduiding 'sport' zijn ook sportvoorzieningen toegestaan.
op de locatie met de aanuiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - 2' zijn ook kantoren,
sportvoorzieningen en een bedrijfswoning van maximaal 400 m3 per instelling toegestaan. Naar: Artikel 11.2 Activiteiten die bij de functie passen 1. a.
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals:
het gebruiken van ruimtes voor scholen, medische en paramedische diensten,
buitenschoolse opvang, kinderdagverblijf, religieuze doeleinden, sociaal cultureel centrum, buurthuis, gymzalen; en b.
het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, nuts- verkeers-, parkeer-,
2.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk – 1' zijn ook sport,
groen- en speelvoorzieningen.
bestaande horeca tot en met categorie D1 van de Lijst van Horeca-activiteiten en zelfstandige congres- en vergaderfaciliteiten toegestaan. 3.
Op de locatie met de aanduiding 'kantoor' zijn ook de volgende activiteiten toegestaan tot
een maximum van 500 m2 b.v.o: a.
b. c.
het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden;
zelfstandige congres- en vergaderfaciliteiten;
het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie A tot en met categorie D van de Lijst van
Horeca-activiteiten; d.
sportactiviteiten; en
4.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - bedrijf categorie 1 tot en
e.
dienstverlening.
met categorie 3.1' is ook een bedrijf die is ingedeeld in categorie 1 tot en met categorie 3.1 van de lijst van Bedrijfsactiviteiten toegestaan. 5. 6.
Op de locatie met de aanduiding 'sport' zijn ook sportvoorzieningen toegestaan.
op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - 2' zijn ook
kantoren, sportvoorzieningen en een bedrijfswoning van maximaal 400 m3 per instelling toegestaan.
9/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
7.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - 3' zijn ook
17.2
Activiteiten die bij de functie passen is gewijzigd van:
17.2
Activiteiten die bij de functie passen
kantoren toegestaan.
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan activiteiten voor het waterbeheer en voor
waterberging, het aanleggen, gebruiken en in stand houden van taluds, beschoeiingen, kademuren, kruisingen met verkeer, bruggen, duikers, sluizen, groenvoorzieningen en kunstobjecten Naar: 17.2
Activiteiten die bij de functie passen
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals scheepvaart, activiteiten voor het
waterbeheer en voor waterberging, het aanleggen, gebruiken en in stand houden van taluds,
beschoeiingen, kademuren, kruisingen met verkeer, bruggen, duikers, sluizen, groenvoorzieningen en kunstobjecten.
•
De artikelen 20 tot en met 22 zijn samengevoegd tot een nieuw artikel 20 – Werken in de
wijk: Artikel 20 20.1
Werken in de wijk
Doel van de functie
Locaties met de functie Werken in de wijk zijn bedoeld voor gebouwen waarin op de begane grond ruimte is voor activiteiten die passen bij functiemenging in de wijk en de verdiepingen voor woningen met de daarbij horende voorzieningen. 20.2
Activiteiten die bij de functie passen
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals: 1.
Op de begane grond: het gebruiken van ruimtes voor scholen, medische en paramedische
diensten, buitenschoolse opvang, kinderdagverblijf, religieuze doeleinden, sociaal cultureel
centrum, buurthuis, gymzalen, dienstverlening, administratie werkzaamheden, het gebruiken van ruimtes voor winkels, als wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 17 winkels
worden gevestigd op de locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel – 1', het
aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, voorzieningen voor waterberging, 2. 3. 4. 5.
toegangspaden, ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, voorzieningen voor woningen; Op de begane grond en de verdieping: activiteiten die passen in een woning.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van dienstverlening - belhuis' is op de begane grond ook een belhuis toegestaan.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - smartshop' is op de begane grond ook een smartshop toegestaan.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca – categorie B' is op de begane grond ook het uitoefenen van een horecabedrijf toegestaan in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten.
10
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
6.
Op de volgende locatie met de aanduiding 'detailhandel' is op de begane grond ook het
7.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - afhaalzaak' is op de
8.
9.
gebruiken van ruimtes voor winkels toegestaan. begane grond ook een afhaalzaak toegestaan.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - categorie A of B1' is op de begane grond het uitoefenen van een bedrijf in categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving toegestaan;
Op de locatie met de aanduiding ' specifieke vorm van horeca 1 - categorie B' is op de begane
grond het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie B van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving toegestaan, mits wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 10 horecabedrijven in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten worden gevestigd op de locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca 1 - categorie B';
10. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van dienstverlening - 1' is het gebruiken van ruimtes op de begane grond voor andere activiteiten tot 4000 m2 en tot 500 m2 per vestiging toegestaan als het gaat om a.
het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden;
b.
dienstverlening;
d.
recreatieve en/of sportvoorzieningen; en
c.
e.
het uitoefenen van een bedrijf in categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving;
het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten, als wordt voldaan aan de extra voorwaarde dat niet meer dan 750 m2 van de 4000 m2 aan ruimte wordt gebruikt voor horecabedrijven in categorie B van de Lijst van Horecaactiviteiten.
11. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van dienstverlening - 2' is het gebruik van ruimtes op de begane grond toegestaan als het gaat om: a.
het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden;
b.
dienstverlening;
d.
recreatieve en/of sportvoorzieningen;
c.
e.
het uitoefenen van een bedrijf in categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving;
en het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, voorzieningen voor
waterberging, toegangspaden, ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, voorzieningen voor woningen;
20.3
Activiteiten die niet mogen
1.
horeca-activiteiten die niet op grond van 20.2 zijn toegestaan;
3.
nieuwe geluidgevoelige functies zoals kinderdagverblijf, onderwijs, ziekenhuizen,
De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 2.
winkels die niet op grond van 20.2 zijn toegestaan;
verpleeghuizen, verzorgingshuizen en psychiatrische inrichtingen zijn niet toegestaan.
11/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
•
De artikelen 23 tot en met 26 zijn samengevoegd tot een nieuw artikel 21 – Wijkcentrumfunctie:
Artikel 21 21.1
Wijkcentrumfunctie
Doel van de functie
Locaties met de functie Wijkcentrumfunctie zijn bedoeld voor gebouwen waarin op de begane grond ruimte is voor activiteiten die passen bij winkelend publiek en op de verdiepingen voor woningen, met de daarbij horende voorzieningen. 21.2
Activiteiten die bij de functie passen
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals: 1.
op de begane grond: activiteiten die tijdens openingstijden van winkels publiek trekken, zoals het gebruiken van ruimtes voor winkels, dienstverlening, bibliotheken, medische en
paramedische diensten, en het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven,
voorzieningen voor waterberging, toegangspaden, ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, 2. 3.
voorzieningen voor woningen;
op de verdiepingen: activiteiten die passen in een woning.
het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten, als
wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 4 horecabedrijven in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten worden gevestigd op de locaties met de aanduiding 'specifieke
4.
vorm van horeca 2 - categorie B'.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van dienstverlening – 2' is op de begane
grond het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen, erven, voorzieningen voor
waterberging, toegangspaden, ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, voorzieningen voor 5. 6.
woningen toegestaan;
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van ondergeschikte horeca - 1' is op de begane grond ook het uitoefenen van een ondergeschikte horeca toegestaan.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca – 1' is op de begane grond het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie 'Middelzware horeca'; een horecabedrijf in de categorie B, C, D1, D2 of D3 van de Lijst van Horeca-activiteiten alsmede ondergeschikte
7.
8.
9.
horeca toegestaan.
op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca – categorie A/B1' is het uitoefenen van een bedrijf in categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten op de begane grond toegestaan;
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - categorie B' is op de begane grond ook het uitoefenen van een horecabedrijf in de categorie B van de Lijst van Horecaactiviteiten toegestaan.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - categorie B of D' is op de
begane grond het uitoefenen van een horecabedrijf in de categorie B of D van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan.
10. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - categorie C' is op de begane grond ook het uitoefenen van een horecabedrijf in de categorie C van de Lijst van Horecaactiviteiten toegestaan.
11. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - categorie D1' is op de begane grond ook het uitoefenen van een horecabedrijf in de categorie D1 van de Lijst van Horecaactiviteiten toegestaan.
12
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
12. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - categorie D2' is op de begane grond ook het uitoefenen van een horecabedrijf in de categorie D2 van de Lijst van Horecaactiviteiten toegestaan.
13. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - categorie D1 begane grond en
verdieping' zijn op de begane grond en verdieping ook het uitoefenen van een horecabedrijf in de categorie D1 van de Lijst van Horeca-activiteiten toegestaan.
14. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - afhaalzaak' is, in afwijking op lid 21.2 onder 2, op de begane grond ook een afhaalzaak toegestaan.
15. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - wonen op de begane grond' zijn op de begane grond ook activiteiten die passen in een woning toegestaan.
16. Op de locatie met de aanduiding 'maatschappelijk' zijn op de begane grond ook maatschappelijke voorzieningen toegestaan.
17. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - speelautomatenhal' is op de begane grond ook het gebruiken van ruimtes voor een speelautomatenhal toegestaan.
18. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van dienstverlening – 3' is op de begane grond het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden toegestaan;
19. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van dienstverlening - belhuis' is, in afwijking op lid 21.2 onder 2, op de begane grond ook een belhuis toegestaan.
20. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - smartshop' is op de begane grond ook een smartshop toegestaan.
21. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van sport – 1' zijn op de begane grond recreatieve en/of sportvoorzieningen toegestaan.
21.3
Activiteiten die niet mogen
1.
horeca-activiteiten die niet op grond van lid 21.2 onder 1 zijn toegestaan en andere
2.
het gebruiken van een ruimte voor afhaalzaken en belhuizen;
De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden:
activiteiten die buiten de openingstijden van winkels publiek trekken;
3.
het rijden met winkelwagentjes over een gladde ondergrond waarbij het bronvermogen meer is dan 80 dB (A);
4.
grootschalige detailhandel. •
Artikel 27 – Wonen is gewijzigd van:
27.1
Doel van de functie
27.2
Activiteiten die bij de functie passen
Locaties met de functie Wonen zijn bedoeld voor woningen met de daarbij horende voorzieningen.
1.
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals de activiteiten die passen in een woning, het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen en erven, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen, waterberging, toegangspaden, ontsluitingswegen.
2.
In een woning met de aanduiding 'zorgwoning' is ook het wonen waarbij zorg verleend
3.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - gezondheidszorg' is ook
wordt, toegestaan.
gezondheidszorg toegestaan.
13/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
4.
Op de locatie met aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bijzonder wonen' is ook wonen
5.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – werken in de wijk 1' zijn op
a.
maatschappelijke voorzieningen;
c.
bedrijven in categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving;
b. d.
e.
waarbij 24-uursbegeleiding wordt verleend toegestaan.
de begane grond ook de volgende activiteiten toegestaan:
dienstverlening;
het gebruiken van ruimtes voor winkels, als wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 17 winkels worden gevestigd op de locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – werken in de wijk 1' en de locaties met de functie Werken in de wijk – 1 in; en
het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten, als wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 10 horecabedrijven in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten worden gevestigd op de locaties met de aanduiding
'specifieke vorm van wonen – werken in de wijk 1' en de locaties met de functie Werken in 6.
de wijk – 1.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – werken in de wijk 2' zijn op de begane grond ook de volgende activiteiten toegestaan, als wordt voldaan aan de
voorwaarde dat deze activiteiten worden uitgeoefend op een bruto vloeroppervlakte van in totaal maximaal 500m2: het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden, dienstverlening en bedrijven in categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de 7.
woonomgeving.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – werken in de wijk 3' zijn op de begane grond ook de volgende activiteiten toegestaan: bedrijven in categorie A of B1
van de Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving, dienstverlening, recreatieve en/of 8.
sportvoorzieningen en het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - wijkcentrumfunctie 1' zijn op de begane grond ook de volgende activiteiten toegestaan: a.
b.
dienstverlening;
het uitoefenen van een bedrijf in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten, als wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 4 horecabedrijven in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten worden gevestigd op de locaties met de
aanduiding 'specifieke vorm van wonen - wijkcentrumfunctie 1' en de locaties met 9.
de functie Wijkcentrumfunctie – 1.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – wijkfunctie' is het ook toegestaan om maximaal 600 m2 bruto vloeroppervlakte voor maatschappelijke voorzieningen te gebruiken.
10.
Op de locatie met de aanduiding 'garagebox' zijn uitsluitend de bestaande garages of
11.
Op de locatie met de aanduiding 'horeca – categorie B1' is ook het uitoefenen van een
12.
Op de locatie met de aanduid ing 'detailhandel' is op de begane grond het gebruiken van
13.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca – categorie D1' is op de
14.
bergingen toegestaan voor het parkeren van auto's, het stallen van fietsen en opslag van andere goederen die voor het huishouden gebruikt worden.
horecabedrijf toegestaan in categorie B1 van de Lijst van Horeca-activiteiten. ruimtes voor winkels toegestaan.
begane grond ook het uitoefenen van een horecabedrijf toegestaan in categorie D1 van de Lijst van Horeca-activiteiten.
Op de locatie met de aanduiding 'kantoor' is ook het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden toegestaan.
14
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
27.3
Activiteiten die niet mogen
27.4
Activiteiten met een vergunning
a.
Het opheffen van bestaande parkeerplaatsen op het eigen perceel is verboden.
In aanvulling op het bepaalde in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen mag op een locatie met de aanduiding 'maximum goot- en bouwhoogte', 'maximum goothoogte' of 'maximum
bouwhoogte' het hoofdgebouw tot de maximum aangegeven goot- en/of bouwhoogte worden gebouwd.
b.
In aanvulling op het bepaalde in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en het bepaalde 27.4 onder
1.
het maximale bebouwingspercentage van het aanduidingsvlak in procenten.
a geldt het volgende voor gebouwen binnen de aangegeven aanduidingsvlakken:
Naar in artikel 22 – Wonen: Artikel 22
Wonen
22.1
Doel van de functie
22.2
Activiteiten die bij de functie passen
Locaties met de functie Wonen zijn bedoeld voor woningen met de daarbij horende voorzieningen.
1.
2. 3. 4.
Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals de activiteiten die passen in een woning, het aanleggen, gebruiken en in stand houden van tuinen en erven,
parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen, waterberging, toegangspaden, ontsluitingswegen.
In een woning met de aanduiding 'zorgwoning' is ook het wonen waarbij zorg verleend wordt, toegestaan.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - gezondheidszorg' is ook gezondheidszorg toegestaan.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – beperkte detailhandel en horeca' zijn op de begane grond ook de volgende activiteiten toegestaan: a.
maatschappelijke voorzieningen;
b.
dienstverlening;
d.
het gebruiken van ruimtes voor winkels, als wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer
c.
e.
bedrijven in categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving;
dan 17 winkels worden gevestigd op de locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel – 1', en;
het uitoefenen van een horecabedrijf in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten, als wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 10 horecabedrijven in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten worden gevestigd op de locaties met de aanduiding
5.
''specifieke vorm van detailhandel – 1';
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - 3' zijn op de begane grond ook
de volgende activiteiten toegestaan, als wordt voldaan aan de voorwaarde dat deze activiteiten worden uitgeoefend op een bruto vloeroppervlakte van in totaal maximaal 500 m2: het
gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden, dienstverlening en bedrijven in 6.
categorie A of B1 van de Lijst van Bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving.
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - 2' zijn op de begane grond ook de volgende activiteiten toegestaan: a.
dienstverlening;
15/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
b.
het uitoefenen van een bedrijf in horecacategorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten, als
wordt voldaan aan de voorwaarde dat niet meer dan 4 horecabedrijven in categorie B van de Lijst van Horeca-activiteiten worden gevestigd op de locaties met de aanduiding 'specifieke
7.
8.
9.
vorm van wonen - 2';
Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – wijkfunctie' is het ook
toegestaan om maximaal 600 m2 bruto vloeroppervlakte voor maatschappelijke voorzieningen te gebruiken.
Op de locatie met de aanduiding 'garagebox' zijn uitsluitend de bestaande garages of
bergingen toegestaan voor het parkeren van auto's, het stallen van fietsen en opslag van andere goederen die voor het huishouden gebruikt worden.
Op de locatie met de aanduiding 'detailhandel' is op de begane grond het gebruiken van ruimtes voor winkels toegestaan.
10. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca – categorie D1' is op de begane grond ook het uitoefenen van een horecabedrijf toegestaan in categorie D1 van de Lijst van Horeca-activiteiten.
Op de locatie met de aanduiding 'kantoor' is ook het gebruiken van ruimtes voor administratieve werkzaamheden toegestaan. 22.3
Activiteiten die niet mogen
22.4
Activiteiten met een vergunning
Het opheffen van bestaande parkeerplaatsen op het eigen perceel is verboden.
a.
In aanvulling op het bepaalde in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen mag op een locatie met de
aanduiding 'maximum goot- en bouwhoogte', 'maximum goothoogte' of 'maximum bouwhoogte' het hoofdgebouw tot de maximum aangegeven goot- en/of bouwhoogte worden gebouwd. b.
In aanvulling op het bepaalde in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en het bepaalde 22.4 onder
1.
het maximale bebouwingspercentage van het aanduidingsvlak in procenten.
a geldt het volgende voor gebouwen binnen de aangegeven aanduidingsvlakken:
• • •
Artikel 28 is veranderd in artikel 23 Artikel 29 is veranderd in artikel 24
Artikel 30 Dakterras in de 'overige zone bouwen' is veranderd in artikel 25 Dakterras in de 'overige zone bouwen'
Artikel 26.4 onder 2 Hoofdgebouwen bouwen of verbouwen in de 'overige zone - bouwen' is gewijzigd van:
Voor zover de vergunning niet op grond van de regel onder 3 geweigerd moet worden verlenen burgemeester en wethouders een vergunning voor het bouwen of verbouwen alleen: Naar: Voor zover de vergunning niet op grond van de regel in lid 26.1 geweigerd moet worden verlenen burgemeester en wethouders een vergunning voor het bouwen of verbouwen alleen:
16
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
Artikel 30.3 is gewijzigd van: 30.3 Dakterras in de 'overige zone bouwen'
Op een locatie met de aanduiding 'overige zone - bouwen' is een dakterras dat voldoet aan de volgende voorwaarden toegestaan: 1.
het dakterras hoort bij een woning;
3.
het dakterras wordt op de aan- of uitbouw die bij het hoofdgebouw hoort, geplaatst of op
2.
het hoofdgebouw heeft meer dan één bouwlaag;
het deel van het hoofdgebouw dat alleen één bouwlaag op de begane grond heeft en 4.
die aan- of uitbouw bestaat uit één bouwlaag;
5.
het hek om het dakterras is niet hoger dan 1,5 meter.
Naar: 25.3 Dakterras in de 'overige zone bouwen'
Op een locatie met de aanduiding 'overige zone - bouwen' is een dakterras dat voldoet aan de volgende voorwaarden toegestaan: 1.
het dakterras hoort bij een woning, gelegen binnen hetzelfde perceel;
3.
het dakterras wordt op de aan- of uitbouw die bij het hoofdgebouw hoort, geplaatst of op
2.
het hoofdgebouw heeft meer dan één bouwlaag;
het deel van het hoofdgebouw dat alleen één bouwlaag op de begane grond heeft en 4.
die aan- of uitbouw bestaat uit één bouwlaag;
5.
het hek of de borstwering om het dakterras is niet hoger dan 1,2 meter, gemeten vanaf de
bovenkant vloer van het dakterras; 6.
het dakterras heeft een diepte van maximaal 3 meter, gemeten uit de achtergevel van het
hoofdgebouw.
• • • •
Artikel 31 is veranderd in artikel 26 Artikel 32 is veranderd in artikel 27 Artikel 33 is veranderd in artikel 28 Artikel 34 is veranderd in artikel 29
•
Artikel 35 is veranderd in artikel 30
•
Artikel 30.4 onder e Bedrijf-aan-huis is gewijzigd van:
e.
in afwijking van de regel onder b kan een bedrijf-aan-huis maximaal 60 m2 bruto
vloeroppervlak van een bijbehorend bouwwerk gebruiken, als het bruto vloeroppervlak van het bijbehorende bouwwerk groter is dan 100 m²; Naar: e.
in afwijking van de regel onder d kan een bedrijf-aan-huis maximaal 60 m2 bruto
vloeroppervlak van een bijbehorend bouwwerk gebruiken, als het bruto vloeroppervlak van het bijbehorende bouwwerk groter is dan 100 m². •
artikel 37 is veranderd in artikel 32
17/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
• • • • • •
artikel 38 is veranderd in artikel 33 artikel 39 is veranderd in artikel 34 artikel 40 is veranderd in artikel 35 artikel 41 is veranderd in artikel 36 artikel 42 is veranderd in artikel 37 artikel 43 is veranderd in artikel 38
•
artikel 44 is veranderd in artikel 39
•
in artikel 39 is op enkele plekken de termijn voor het herplanten gewijzigd van 36 maanden naar 14 maanden, zoals bij de vaststelling van het Algemene regelplan Utrecht is besloten door de gemeenteraad.
Artikel 45 is veranderd in artikel 40 Artikel 46 is veranderd in artikel 41
18
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
Toelichting •
In 1.4.6.4 Vergunningvrij bouwen is de verwijzing naar bijlage 2 gewijzigd naar bijlage 3.
•
Onder 2.2.2 wordt bij de functie Horeca de onderstaande tekst toegevoegd ter verduidelijking van het plan.
Croeselaan 122 Op de Croeselaan 122 staat een voormalig verkooppunt voor motorbrandstoffen, deze
locatie is ook wel bekend als 'De Pomp". Op deze locatie is een horecavestiging vergund
met een tijdelijke vergunning. Voor een permante en passende invulling van deze locatie /
dit perceel lopen gesprekken tussen de eigenaar en onder andere de gemeente Utrecht. Er is nog geen overeenstemming over een gewenste en passende nieuwe invulling voor dit perceel. In het bestemmingsplan is voor deze locatie de functie horeca opgenomen,
waarmee het huidige gebruik voortgezet kan worden. Ook de huidige bebouwing kan blijven staat met de regeling die in dit plan is opgenomen. Indien er in de toekomst
overstemming wordt bereikt over een wenselijke en passende herontwikkeling voor dit
perceel en dit past niet in het bestemmingsplan, dan zal hiervoor een separate ruimtelijke procedure doorlopen worden. •
Onder 2.5 Grondwerk: activiteit in de bodem (hoofdstuk 5 van de regels) is de toelichtende tekst over artikel 43 Bescherming van archeologische waarden verkort en verduidelijkt.
•
Onder 2.6.4 Herplantplicht, lid 46.4 in de toelichting is de toelichtende tekst over de
herplantplicht gewijzigd naar aanleiding van de wijziging van hiervan (verkorting van de
termijn van 36 maanden naar 14 maanden) bij de vaststelling van het Algemene regelplan Utrecht. •
In de toelichting is bij onderdeel 3.4 Klimaat en duurzaamheid de toelichtende tekst verbeterd en geactualiseerd.
•
In de toelichting is bij onderdeel 3.5.4 Externe veiligheid de tekst verbeterd en geactualiseerd.
•
In de toelichting is bij onderdeel 3.5.6.2 Klimaatadaptatie de tekst verbeterd en geactualiseerd.
•
In de toelichting is bij het onderdeel 3.5.8 Archeologie is de conclusie gewijzigd van:
Conclusie
Binnen het plangebied zijn geen archeologische rijksmonumenten aanwezig. In het plangebied
komen verschillende categorieën uit de archeologische waardenkaart voor, namelijk [benoemen]. . Als in het plangebied verstoringen plaatsvinden, wordt bij de plantoetsing en besluitvorming de hoogste waarde gehanteerd. Als de voorgenomen ontwikkeling binnen het plangebied de
vrijstellingsgrenzen overschrijdt (oppervlakte en diepte) is deze vergunningsplichtig. Aan de vergunning zullen voorwaarden worden verbonden ten aanzien van de bescherming van de archeologische waarden die in het plangebied aanwezig zijn.
19/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
Naar: Conclusie
Binnen het plangebied zijn geen archeologische rijksmonumenten aanwezig. In het plangebied
komen verschillende categorieën uit de archeologische waardenkaart voor, namelijk gebied van hoge archeologische waarde en gebied van archeologische verwachting. Als in het plangebied verstoringen plaatsvinden, wordt bij de plantoetsing en besluitvorming de hoogste waarde
gehanteerd. Als de voorgenomen ontwikkeling binnen het plangebied de vrijstellingsgrenzen overschrijdt (oppervlakte en diepte) is deze vergunningsplichtig. Aan de vergunning zullen
voorwaarden worden verbonden ten aanzien van de bescherming van de archeologische waarden die in het plangebied aanwezig zijn.
3.8
Maatschappelijke uitvoerbaarheid is gewijzigd van:
3.8.1
Overleg ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening
Het bestemmingsplan wordt in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke
ordening toegezonden aan de overlegpartners. De ingekomen reacties worden verwerkt in het definitieve ontwerp. Naar: 3.8.1
Overleg ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening
Het concept van dit bestemmingsplan is aan enkele instanties toegezonden voor reactie als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. In deze paragraaf zijn de reacties en de beantwoording beknopt weergegeven.
Prorail heeft aangegeven dat de verwijzingen van de regels uit paragraaf 2.2 tot en met 2.4 niet
overeenkomen met de regels. Dit is aangepast. Verder gaf Prorail aan dat op twee locaties op de verbeelding de bestemming 'Verkeer - Openbaar vervoer' is opgenomen. Deze locaties hebben
betrekking op de spoorlijn. ProRail heeft daarom verzocht om de bestemming “Verkeer - Openbaar vervoer” te wijzigen in de bestemming "Verkeer – Railverkeer”. Dit is aangepast. Verder heeft de
Veiligheidsregio Utrecht een viertal opmerkingen aangedragen. Deze opmerkingen gingen over het aanvullen en uitbreiden van de paragraaf over externe veiligheid. Naar aanleiding van de opmerkingen is deze paragraaf uitgebreid.
20
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
3.3 Wijzigingen naar aanleiding van de zienswijzen In hoofdstuk 4 zijn de zienswijzen samengevat en beantwoordt. Enkele zienswijzen leiden tot aanpassingen in het plan. Hieronder is daarvan een kort overzicht opgenomen. Verwijzingen in hoofdstuk 2 van de toelichting
In hoofdstuk 2 van de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan waren een aantal onjuiste verwijzingen opgenomen, deze worden aangepast, zodat de verwijzingen kloppen. Andere functie voor de spoorlijnen
De functie voor de gronden van Prorail wordt gewijzigd van Verkeer – Openbaar vervoer naar Verkeer - Railverkeer
Definitie functie kantoor toevoegen
In het ontwerpbestemmingsplan was geen definitie opgenomen van de functie kantoor. Ter verbetering van het plan wordt deze definitie aan de regels van het plan toegevoegd. Verduidelijking van artikel 9.2 onder 4
Artikel 9.2 onder 4 wordt verduidelijkt zodat er geen onduidelijkheid bestaat over de toegestane aantallen vierkante meters kantoor.
Verbetering van artikel 7 over de functie Horeca
In artikel 7 van het ontwerpbestemmingsplan stonden een aantal verkeerde verwijzingen, deze zijn aangepast en verbeterd.
Verduidelijking van artikel 26.4 onder 2
In het nieuwe artikel 26.4 wordt een verwijzing verduidelijkt. Aanpassing aanduiding op de verbeelding ter plaatse van ‘De Pomp’ Croeselaan 122
De op de verbeelding opgenomen functieaanduiding ter plaatse van ‘De Pomp’ aan de Croeselaan
122 wordt aangepast naar ‘specifieke vorm van horeca – categorie D1’ waarmee het huidige gebruik voortgezet kan worden. Ook wordt hier het aanduidingsvlak waarbinnen gebouwd mag worden vergroot en afgestemd op de omvang van de bestaande bebouwing op dit perceel.
Extra aanduiding voor het gebruiken van een bestaande maatschappelijke pand als kantoor
Voor de locatie Europalaan 93 wordt op de verbeelding een aanduiding opgenomen waardoor ook het gebruik als kantoor van het bestaande pand op deze locatie wordt toegestaan.
21/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
4. Beoordeling van de zienswijzen Indiener 1 - Prorail Nr.
Punt
1
1
Inhoud
Beoordeling
Toelichting
De genoemde verwijzingen in de toelichting naar de diverse regels komen
In de toelichting wordt in paragraaf 2.2 "Functies”, paragraaf 2.3 “Bouwen en slopen” en paragraaf 2.4 “Gebouwen en locatie gebruiken” verwezen naar artikelen uit de Regels. De verwijzingen komen niet overeen met artikelen zoals opgenomen in de Regels. ProRail verzoekt u deze met elkaar in overeenstemming te brengen
inderdaad niet allen overeen met de artikelen in de regels. De nummering in
de toelichting wordt hierop aangepast, zodat de verwijzingen in de toelichting wel kloppen. Conclusie
Diverse wijzigingen in de toelichting in paragraaf 2.2, 2.3 en 2.4 worden
gedaan waardoor deze verwijzingen naar de regels van het plan wel kloppen. Dit zijn geen inhoudelijke wijzigingen. 1
2
Verbeelding
De genoemde locaties hebben inderdaad betrekking op de spoorlijn. Dit is
vervoer (artikel 14) opgenomen. Deze locaties hebben betrekking op de
bestemming is opgenomen op de verbeelding.
Op twee locaties op de verbeelding is de bestemming Verkeer - Openbaar spoorlijn. ProRail verzoekt u daarom de bestemming “Verkeer - Openbaar vervoer” te wijzigen in de bestemming "Verkeer - Railverkeer”.
niet goed weergegeven op de verbeelding waarop de verkeerde functie/
De bestemming op deze twee locaties wordt gewijzigd van ‘Verkeer – Openbaar’ vervoer naar de bestemming ‘Verkeer – Railverkeer’. De verbeelding van het plan wordt hierop aangepast.
1
3
Voorbehoud aanvullen zienswijze
Deze opmerking nemen wij voor kennisgeving aan.
behoudt zich het recht voor in de verdere procedure aanvullende c.q.
Conclusie
ProRail neemt aan u hiermede voldoende te hebben geïnformeerd en nieuwe zienswijzen kenbaar te maken
De verbeelding wordt aangepast op verzoek van indiener waardoor de twee aangegeven locaties de passende functie Verkeer – Railverkeer krijgen.
De door indiener aangegeven onjuiste verwijzingen in de toelichting worden aangepast in de paragrafen 2.2, 2.3 en 2.4.
22
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
Indiener 2 Nr.
Punt
2
1
Inhoud
Beoordeling
Bestemming groen i.p.v. tuin
De constatering van indiener klopt dat er een groenbestemming is
schuren, vlonders, verharding en nutsvoorzieningen nu als groen bestemd
aan het Merwedeplantsoen. Dit is overgenomen uit de nu geldende regeling in
Het verbaast indieners dat hun tuinen en de daarbij horende vergunde
worden, zonder enige functieaanduiding die gebruik als tuin rechtvaardigt. Daarom stellen indieners voor om volgens de huidige situatie tussen het
opgenomen ter plaatse van de oever bij de betreffende woonboten gelegen de beheersverordening voor dit gebied.
wandelpad en de watergang, aansluitend op de functieaanduiding
Dit bestemmingsplan is een beleidsarme omzetting van de regels die gelden
de tuinen bij de woonschepen een aanduiding te geven die de huidige
naast uniformiteit in de regels, zo min mogelijk aanpassingen willen
woonschepenligplaats (bestemmingsplan Actualisering diverse gebieden) situatie recht doet.
op basis van de nu geldende beheersverordening. Dat wil zeggen dat we, doorvoeren in de bestaande bouw- en gebruiksmogelijkheden.
Deze oever naast de woonboten is in de afgelopen jaren deels in gebruik
genomen als tuin (of erf) door de bewoners van de woonboten. Deze gronden zijn inmiddels al meerdere jaren in gebruik door de eigenaren van de
aanwezige woonboten aan het Merwedeplantsoen. Ook zijn hier de afgelopen jaren diverse schuren, vlonders, verhardingen en schuttingen gerealiseerd. Er zijn geen gemeentelijke vergunningen gevonden in het gemeentelijke
bouwarchief voor de realisatie van deze schuren, vlonders en schuttingen. Ook zijn er geen stukken gevonden in het gemeentelijk archief over het
toestaan van het gebruik van de oever gelegen binnen de functie Groen als
tuin. De betreffende gronden zijn eigendom van Rijkswaterstaat. Er zijn geen overeenkomsten gesloten tussen de eigenaar van de gronden
(Rijkswaterstaat) en de huidige bewoners van de woonboten en daarmee de gebruikers van deze gronden aan de oever over het gebruiken van deze gronden.
Nader overleg is wenselijk
In dit gebied, de groene zone langs het Merwedekanaal, spelen verschillende belangen en zijn er meerdere grondeigenaren. De eigenaren van de
23/40
Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht
woonboten hebben een belang, de eigenaar van de grond, Rijkswaterstaat, heeft een belang, overige omwonenden hebben een belang en ook de
gemeente Utrecht heeft diverse belangen vanuit verschillende invalshoeken.
Denk hierbij onder andere aan het belang van een goede ruimtelijke ordening, het behouden van structuurbepalend groen langs het kanaal, onderhoud van
de openbare ruimte, het behouden van ruimtelijke kwaliteit en het creëren van een prettig woon- en leefklimaat.
De uitkomst van het nog te voeren nadere overleg is nu nog niet bekend. Dit overleg kan tot een aanpassing van het ter plaatse geldende planologische
regime leiden, maar dat is nu nog niet bekend. Daarom wordt de nu geldende regeling uit de beheersverordening omgezet naar een beleidsarme regeling in het bestemmingsplan. Conclusie
Deze zienswijze heeft geen aanpassing van het bestemmingsplan tot gevolg.
Indiener 3 Nr.
Punt
3
1
Inhoud
Beoordeling
Bestemming openbaar groen i.p.v. tuinen
Zie het antwoord bij 2.1
In uw plan worden de tuinen bij de woonarken bestempeld als openbaar groen. Indieners zouden het prettig vinden als u deze tekst aanpast. Indieners stellen voor om volgens de huidige situatie tussen het
wandelpad en de watergang, aansluitend op de functieaanduiding
woonschepenligplaats (bestemmingsplan Actualisering diverse gebieden) de tuinen bij de woonschepen een aanduiding te geven die de huidige situatie recht doet.
24
Datum Rapport
oktober 2023 Vaststellingsrapport
Indiener 4 – ZIRM advocaten namens Novaxia Nr.
Punt
Inhoud
Beoordeling
4
1
Novaxia
Dit bestemmingsplan is een beleidsarme omzetting van de regels die gelden
van een kantoorgebouw gelegen op het perceel Daalsesingel 1 - 9 dat valt
naast uniformiteit in de regels, zo min mogelijk aanpassingen willen
Novaxia NEO SCRI ("Novaxia"), gevestigd te Parijs in Frankrijk is eigenaar binnen het plangebied van dit ontwerpbestemmingsplan. Anticiperen op een gemengde bestemming Dat het ontwerpbestemmingsplan, mede gelet op het doel dat de
gemeente(raad) zichzelf heeft gesteld, voornamelijk conserverend van aard is. Het is juist dat het ontwerpbestemmingsplan voor bovengenoemd adres de bouw- en gebruiksmogelijkheden respecteert. Echter, nu er geen actualiseringsplicht meer geldt voor bestemmingsplannen en een
omgevingsplan onder de Omgevingswet geen planperiode meer kent, ligt het in de rede om juist voor dit gebied verder te kijken naar wat in de
(nabije) toekomst op deze locatie wenselijk is. Wij denken namelijk dat het
gebied, waar de Daalsesingel 1-9 onderdeel van uitmaakt, juist gelet op de centrale ligging (bij het station en in het centrum) zeer geschikt is om (op termijn) te verkleuren, naar een gemengde bestemming van in elk geval wonen en werken (waarbij eventueel ook gedacht kan worden aan life
science) met de daarbij behorende functies. Ook functies zoals een hotel
liggen in dit geval in de rede. Een gemengde bestemming zou in dit geval ook passend zijn, gelet op de bestemmingen die zijn toegekend aan de gronden rondom het kantoorgebouw (het gaat om de bestemming
“gemengd" op grond van het bestemmingsplan "Smakkelaarsveld, de
herziening en het bestemmingsplan 'actualisering diverse gebieden 2021", de bestemming "Centrum" op grond van het bestemmingsplan "Nieuw Hoog Catharijne" en de bestemming "Wonen" ingevolge het
ontwerpbestemmingsplan Chw bestemmingsplan Pijlsweerd, Tuinwijk, Vogelenbuurt, Grifpark").
op basis van de nu geldende beheersverordening. Dat wil zeggen dat we, doorvoeren in de bestaande bouw- en gebruiksmogelijkheden.
Volgens het ontwerpbestemmingsplan rust er op het gebouw de bestemming ‘kantoor’. Indiener wil graag een gemengde bestemming voor deze locatie. Om de bovenstaande motivatie van een beleidsarme omzetting van de
bestaande regeling zoals die is opgenomen in de beheersverordening is er
voor deze locatie een kantoor bestemming opgenomen. Het opnemen van een gemengde bestemming is niet in lijn met het beleidsarm omzetten van de
bestaande regeling. Daarom kan niet voldaan worden aan het verzoek van indiener.
De door indiener genoemde locaties en panden zijn allen niet goed
vergelijkbaar met de locatie van indiener. Er is dan ook geen sprake van rechtsongelijkheid. Het vertrekpunt van dit bestemmingsplan is een
beleidsarme omzetting van bestaande planologische rechten in combinatie
met het uniformeren van de regels in voorbereiding op de in werkingtreding van de Omgevingswet.
De gemeente Utrecht staat, ook in dit gebied, open voor initiatieven van eigenaren voor verkleuring van het gebied met andere functies en
bijbehorende planologische mogelijkheden. Deze planherziening gaat deze
mogelijkheden echter niet faciliteren. Het doel van dit bestemmingsplan is al eerder beschreven en betreft voornamelijk een beleidsarme omzetting van bestaande planologische rechten, zoals die nu zijn opgenomen in de geldende beheersverordening.