CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Samen voor Overvecht - Monitorrapportage september 2020.pdf

Gemeenteraad 21 januari 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Debat Overvecht16.491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Klik hier voor volledig scherm

Samen voor Overvecht

Monitorrapportage september 2020

Inhoudsopgave Inleiding Aanpakbrede ambitie 1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk. 1.1 Er komen stapsgewijs gevarieerde, kwalitatief goede en duurzame woningen voor huidige en toekomstige bewoners. Ook mensen met een middeninkomen of hoger willen graag in Overvecht wonen en inwoners kunnen wooncarrière maken in de wijk. 1.2 Er komen nieuwe mogelijkheden voor gemengd wonen in nieuwe en bestaande bouw. Zodat verschillende groepen mensen samen wonen en samen leven. 1.3 De woonomgeving wordt aantrekkelijk, schoon, groen, gezond en veilig. Zodat de omgeving uitnodigt om te recreëren en voor kinderen om buiten te spelen.

  

2. Perspectief voor de jeugd versterken. 2.1 We zorgen dat kinderen van 4 jaar zonder (taal)achterstanden starten op school. 2.2 We zorgen dat kinderen en jongeren weten en ervaren dat zij toekomstperspectief hebben. Ze voelen dat ze er toe doen, weten waar hun ambities en talenten liggen en voelen zich uitgenodigd er iets mee te doen.

 

3. Veilige buurten. 3.1 Jongeren kiezen het goede pad en jongerenoverlast neemt af. 3.2 Terugdringen van ondermijnende criminaliteit door herstellen van de norm en vergroten van maatschappelijke weerbaarheid. 3.3 Tegengaan van polarisatie en radicalisering.

  

4. Zorg en ondersteuning dichtbij en op maat. 4.1 Een stevige sociale basis waarin mensen elkaar kunnen ontmoeten, iets doen voor de buurt en elkaar een steuntje in de rug geven. 4.2 Door maximaal te doen wat nodig is, met betere verankering in de buurtaanpakken en koppeling aan renovaties, bieden we de beste zorg en ondersteuning en is deze nog meer op maat (ook gericht op activering) 4.3 Eerder, sneller en slimmer aanpakken van geldzorgen, zodat bij mensen ruimte ontstaat om mee te doen.

  

5. Meedoen en ondernemen.

 5.1 Iedereen doet mee, van activering en scholing tot werk, aansluitend op intrinsieke motivatie en talenten van bewoners. De kansen van scholing, werk en ondernemen in Overvecht zelf worden benut.  5.2 We verbinden vraag van werkgevers aan talenten van bewoners. Bewoners zien mogelijkheden om aan werk te komen, een opleiding of stageplek te vinden.  5.3 We zorgen voor een aantrekkelijk ondernemersklimaat. Conclusies Buurtindeling & deelnemerslijst

2 / 42

Inleiding en leeswijzer Inleiding In de voortgangsrapportage Samen voor Overvecht van afgelopen april hebben we toegezegd bij de tweede bestuurlijke rapportage te komen met de eerste cijfers en duiding op de indicatoren van de vijf ambities van Samen voor Overvecht. Dat doen we met deze monitorrapportage. Binnen Samen voor Overvecht hanteren we de Utrechtse manier van sturen en verantwoorden. We ontwikkelen samen met onze partners de aanpak stap voor stap, volgen de beweging en sturen bij waar nodig. De beweging volgen we onder andere door te monitoren op een aantal indicatoren, die wij in het najaar van 2019 met onze partners in Overvecht hebben vastgesteld. Eind april 2020 zijn de eerste cijfers voor de indicatoren

Kenniskringen voor eerste duiding en spiegelen van uitkomsten Doel van de kenniskringen is een eerste duiding van de cijfers en het spiegelen van de uitkomsten en stand van zaken met verschillende partners. Dit betekent voor de kenniskringen dat we: Volgen: we duiden het eerste beeld van de situatie en recente ontwikkelingen op de ambities van Samen voor Overvecht. We presenteren de beschikbare cijfers en data en vragen de deelnemers naar het verhaal achter deze cijfers.

 Spiegelen: De deelnemers vullen dit verhaal aan met hun eigen kennis over de

ontwikkelingen in de wijk, hun eigen ervaring en hun eigen verhalen. We gaan met elkaar in

bekend geworden. Met onze partners bekijken en duiden we deze cijfers, als eerste in de kenniskringen die wij in juli dit jaar hebben georganiseerd. Deze rapportage geeft de recente cijfers, een eerste duiding van deze cijfers en aanbevelingen voor monitoring en is input voor vervolggesprekken met bijvoorbeeld de wijkcoalitie Samen voor Overvecht en het Bewonersplatform Overvecht over de ontwikkelingen op de ambities voor Samen voor Overvecht en de sturing daarop.

gesprek over hoe de wijk zich ontwikkelt op de ambitie. Het resultaat van de kenniskringen is een gezamenlijk gedeeld beeld over de relevante ontwikkelingen op de ambities van Samen voor Overvecht op basis van de cijfers en input uit de gesprekken. De rapportage met de cijfers en uitkomsten uit de kenniskringen zijn input voor de vervolggesprekken voor sturing op de ambities. De kenniskringen zijn geen eenmalige exercitie. Per ambitie willen we ‘vaste’ groepen opbouwen waarmee we een aantal keer per jaar

Eerste cijfers op indicatoren en duiding in kenniskringen We sluiten met de ontwikkelde set van indicatoren zo veel mogelijk aan bij indicatoren van

ontwikkelingen in de wijk duiden.

verschillende stedelijke opgaven, die raken aan onze ambities in Overvecht. Ook maken we voor de indicatoren waar mogelijk gebruik van bestaande (registratie)data zoals de Utrecht

Eerste ronde: kenniskringen verder opbouwen en invloed COVID-19 Ook de werkwijze en aanpak met kenniskringen willen we verder ontwikkelen. Daarvoor breiden

Monitor en de Volksgezondheidsmonitor om de administratieve druk te beperken. Voor de indicatoren maken we gebruik van zowel kwantitatieve als meer kwalitatieve data.

we de kenniskringen uit met partijen die nog missen en zullen we vervolgbijeenkomsten organiseren. De frequentie en precieze invulling bepalen we samen met de deelnemers in de

Eind april 2020 zijn met de publicatie van de Utrecht Monitor de cijfers over 2019 bekend geworden. Daarmee kunnen we voor Overvecht voor verschillende ambities de ontwikkelingen

kenniskringen. De kenniskringen vonden plaats in juli 2020. De cijfers die we besproken hebben betroffen

in de cijfers tot en met vorig jaar rapporteren.

echter ontwikkelingen tot eind 2019. De COVID-19 uitbraak heeft zijn weerslag op de ontwikkeling van de ambities van Samen voor Overvecht. In de kenniskringen is dit, indien

Binnen Samen voor Overvecht gebruiken we de cijfers en indicatoren om te kunnen sturen. Dit doen we door de ontwikkelingen te volgen en te spiegelen in gesprekken met betrokkenen. Hiervan leren we met elkaar wat werkt en wat niet werkt en kunnen we bijsturen. We

relevant, aan bod gekomen. Ook heeft een kwalitatieve inventarisatie in de wijk plaatsgevonden. Waar mogelijk is de (verwachte) impact per (deel) ambitie beschreven in de rapportage.

rapporteren dus niet alleen de cijfers, maar ook een eerste duiding van de cijfers door betrokkenen. Hiervoor zijn in juli vijf kenniskringen georganiseerd met bewoners, professionals en ambtenaren, voor elk van de vijf ambities één.

3 / 42

Inleiding en leeswijzer Regiodeal Net voor de zomer van 2020 is de Regio Deal gesloten. Samen met de kennispartners RIVM, GGD en Universiteit Utrecht, die voor de Regio Deal de monitoring vormgeven, wordt ook hiervoor een monitoringssysteem ontwikkeld. Uitgangspunt daarbij is dat deze monitoring voor de stad Utrecht zoveel mogelijk aansluit bij de monitoring van Samen voor Overvecht. De monitoring van de Regio Deal biedt daarbij kansen om de monitor voor Samen voor Overvecht verder uit te bouwen op indicatoren waar onze informatie nog beperkt is en om te leren van aanpakken in andere wijken. Leeswijzer Deze monitoringsrapportage is als volgt opgebouwd: Eerst een beschrijving van de ontwikkeling op de aanpakbrede ambitie binnen Samen voor Overvecht. Hoofdstuk 1 gaat in op de ambitie perspectief voor de jeugd. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de indicatoren voor de ambitie plezierig wonen in een meer gemengde wijk. Hoofdstuk 3 gaat in op de ambitie veilige buurten en hoofdstuk 4 op de ambitie Zorg en ondersteuning dichtbij en op maat. Hoofdstuk 5 gaat in op de laatste ambitie, meedoen en ondernemen. Per ambitie komen eerst de ontwikkelingen op de cijfers die we zien aan bod, dan de kwalitatieve duiding van deze ontwikkelingen door de kenniskring. Vervolgens benoemen we apart de aanbevelingen uit de kenniskring voor monitoring.

Per deelambitie benoemen we kort de effecten die we verwachten van de COVID-19 situatie op de ambitie. We sluiten af met de belangrijkste conclusies per deelambitie. In het laatste hoofdstuk Conclusies trekken we conclusies voor de aanpak. In de bijlage staat een kaart van de verschillende buurten binnen Overvecht en een lijst met deelnemende partijen per kenniskring.

4 / 42

Aanpakbrede ambitie Samen voor Overvecht betekent werken aan een wijk waar bewoners prettig samen leven en die aantrekkelijk is voor nieuwe bewoners, bezoekers, en ondernemers. Een wijk waarin de veerkracht van bewoners wordt versterkt en iedereen mee kan doen. rapportcijfer algemeen buurtoordeel 8

in deze tijd is het moeilijk hoopvol te zijn over de toekomst van mijn buurt

60%

7

55% 50%

6

45% 40%

5

35%

4 3

30% 25%

2

20% 15%

1

10% 5%

0

5,5 7

5,8 7,1

5,6 7

5,3 7,1

4,9 7,1

5,3 7,2

5,5 7,3

5,6 7,3

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

Overvecht

0 2016

Utrecht

2017 Wijk Overvecht

2018

2019

Utrecht

Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht

Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht

Positief buurtoordeel Overvecht neemt toe, maar verschillen tussen subwijken

Veerkracht blijft gelijk, vertrouwen in de toekomst neemt toe

Wat vinden bewoners in het algemeen van de wijk? Daarvoor geeft het algemeen buurtoordeel

Veerkracht van bewoners meten we aan de hand van een aantal stellingen over vertrouwen en

een indicatie. Deze is opgebouwd uit: ‘wat vindt u van de buurt waar u woont?’ en de volgende vier stellingen: ‘de mensen in deze buurt blijven hier graag wonen’, ‘het is niet leuk om in deze

toekomstverwachting. Deze stellingen komen uit de Inwonersenquête die elke twee jaar verschijnt. Inwoners van Overvecht hebben minder vertrouwen in de medemens en de toekomst

buurt te wonen’, ‘als het kan, verhuis ik uit deze buurt’ en ‘als je in deze buurt woont, dan heb je geluk’.

dan gemiddeld in de stad. Iets meer dan de helft van de inwoners in Overvecht vindt dat over het algemeen de meeste mensen wel te vertrouwen zijn (54%), stedelijk gemiddeld is dit 72%.

Overvechters beoordelen hun buurt gemiddeld met een 5,6. Dat is lager dan in de andere wijken van de stad, maar hoger dan de beoordeling in 2018. Vanaf 2016 zien we een

Ruim een derde (37%) van de Overvechters vindt dat je niet voorzichtig genoeg kan zijn in omgang met andere mensen. Dit is ten opzichte van 2018 gelijk gebleven. Gemiddeld in Utrecht

opwaartse trend. Binnen Overvecht zijn aanzienlijke verschillen tussen subwijken. Zambesidreef, Tigrisdreef heeft de laagste score (5,0), Vechtzoom, Klopvaart de hoogste (6,0).

is dit 24%. Als het gaat om vertrouwen in de toekomst, zien we een positieve ontwikkeling. Er zijn meer

Zie bijlage 2 voor de grenzen en indeling van de subwijken.

bewoners in Overvecht die vertrouwen hebben in de toekomst van hun buurt: in 2016 vond nog 56% het moeilijk om hoopvol te zijn, in 2019 is dit percentage gedaald naar 41%.

5 / 42

Aanpakbrede ambitie Samen voor Overvecht betekent werken aan een wijk waar bewoners prettig samen leven en die aantrekkelijk is voor nieuwe bewoners, bezoekers, en ondernemers. Een wijk waarin de veerkracht van bewoners wordt versterkt en iedereen mee kan doen. Impact COVID-19 Naar verwachting heeft de impact van COVID-19 invloed op bovengenoemde indicatoren. In de kenniskringen wordt gesignaleerd dat er door bewoners meer (jongeren)overlast wordt ervaren in de wijk, doordat jongeren minder omhanden hebben en bewoners meer thuis zijn. Vanuit onder meer JOU en het bondgenoten netwerk zijn extra activiteiten voor jongeren georganiseerd. Op sociaal terrein signaleren we tijdens de kenniskringen meer verbinding, ontmoeting en informele hulp, maar ook meer eenzaamheid, isolatie en angst. Dit kan gevolgen hebben voor het algemeen buurtoordeel. Conclusie Overvechters beoordelen hun buurt gemiddeld met een 5,6. Dat is lager dan in de andere wijken van de stad, maar hoger dan de beoordeling in 2018. Inwoners van Overvecht hebben minder vertrouwen in de medemens en de toekomst dan gemiddeld in de stad. Als het gaat om vertrouwen in de toekomst, zien we een positieve ontwikkeling. Er zijn meer bewoners in Overvecht die vertrouwen hebben in de toekomst van hun buurt.

6 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.1 Er komen stapsgewijs gevarieerde, kwalitatief goede en duurzame woningen voor huidige en toekomstige bewoners. Ook mensen met een middeninkomen of hoger willen graag in Overvecht wonen en inwoners kunnen wooncarrière maken in de wijk. % woningen naar eigendomsverhouding en prijssegment

35%

2%

50

5% 10% 9%

31%

30 12%

20

2% 26%

21%

20% 12%

10

1% 4% 10

46%

40

7%

betaalbare koop

0

66%

60

11%

goedkope koop

onbekend

70

10%

middenhuur

dure koop

80

66%

sociale huur

dure huur

% woningen naar eigendomsverhouding

1%

0 20

30

Overvecht

40

50

60

70

80

Utrecht

Bron: 2019 Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), BghU, RWU, WoON2018, bewerking gemeente Utrecht sociale huur (<720), middenhuur (720-966), dure huur (>966) goedkope koop (WOZ<220.000), betaalbare koop (WOZ 220.000-307.400), dure koop (woz > 307.400)

Koop

Woningcorporatiebezit

Overvecht

Particuliere verhuur

2%

Onbekend

Utrecht

Bron: 2019, BghU, BAG, bewerking gemeente Utrecht

Merendeel van de woningen in Overvecht bestaat uit sociale huur Als we naar de woningvoorraad naar eigendom en prijssegmenten kijken, dan zien we dat het merendeel (66%) bestaat uit sociale huurwoningen. Dit is een stuk hoger dan het gemiddelde aandeel sociale huur in Utrecht (35%). Daarnaast valt op dat het aandeel dure koop (WOZ> 307.400) in Overvecht relatief laag is (2%). Gemiddeld genomen in Utrecht ligt het aandeel dure koop een stuk hoger (26%). Deze cijfers verklaren dan ook de percentages van woningen naar eigendomsverhouding in Overvecht, waarbij het grootste aandeel van de woningen in bezit is van woningcorporaties (66%). Dat is gemiddeld in Utrecht lager (31%). Het is niet zo dat alle sociale huur woningen in het bezit zijn van woningbouwcorporaties. Zij bezitten ook een aantal woningen met hogere huren en een aantal particuliere verhuurders heeft ook sociale huur woningen.Toevallig is het aandeel sociale huur en het aandeel woningcorporatiebezit beide 66%.

7 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.1 Er komen stapsgewijs gevarieerde, kwalitatief goede en duurzame woningen voor huidige en toekomstige bewoners. Ook mensen met een middeninkomen of hoger willen graag in Overvecht wonen en inwoners kunnen wooncarrière maken in de wijk. verhuisbewegingen

vertrekkers uit Overvecht

2.500

2019

2014

3

-2.442

-2.435

-50

2.340

3.205

-327

-345

-341

-500

-350

1.826

0 -1.000

507

500

-1.793

561

1.000

489

1.500

562

1.572

2.000

ie

ad

m

in

is tra

tie

ge

ve

m .v

co rre

ct

er tre

k

g in tig

en bi

nn

bu

bi nn en

.v ge m

an d nl

ds an nl ite bu

es

ve s

ve

s nd la en nn bi

rtr e

in st ig

rtr ve

st ve s nd la

bi

nn en

g

ek

g ig in

fte er st

ge

bo

or te

-2.500

ite

-2.000

k

-1.475

-1.500

0% 2014

4%

8%

12%

16%

20%

24%

28%

32%

36%

40% 44%

2019

Bron: Basisregistratie personen (BRP)

Bron: Basisregistratie Personen (BRP)

Meer vestigers dan vertrekkers in Overvecht

De grootste groep vertrekkers blijft in Overvecht

Als we specifiek kijken naar de mensen die van of naar Overvecht verhuizen, dan zien we dat er in 2019 meer mensen zijn vertrokken uit Overvecht dan in 2014. Ook zien we dat er minder

Als we specifiek kijken naar de verhuisbewegingen van de mensen in Overvecht, dan zien we dat de meeste mensen in zowel 2014 als 2019 binnen Overvecht verhuizen (±40%). De meeste

mensen in 2019 zich hebben gevestigd in Overvecht ten opzichte van 2014. De grootste groep vertrekkers en vestigers zijn mensen die binnen de gemeente verhuizen. Het saldo voor 2019

mensen die Overvecht verlaten voor een andere wijk in Utrecht gaan naar de wijk Noordwest (±15%). Daarnaast zien we dat de wijk Leidsche Rijn in populariteit is gestegen. In 2014 vertrok

is positief. 2.120 bewoners zijn in 2019 uit de wijk vertrokken, 2.134 inwoners hebben zich gevestigd.

ongeveer 6% van de vertrekkers uit Overvecht naar deze wijk, in 2019 was dit 10%.

8 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.1 Er komen stapsgewijs gevarieerde, kwalitatief goede en duurzame woningen voor huidige en toekomstige bewoners. Ook mensen met een middeninkomen of hoger willen graag in Overvecht wonen en inwoners kunnen wooncarrière maken in de wijk. vestigers in Overvecht

2019

% inwoners dat een negatieve toekomstverwachting voor de buurt heeft

2014

40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0 2010

0

2

4

6

8

2011

2012

2013

10 12 14 16 18 20 22 24 26 28 30 32 34 36 38 40

2014

Overvecht

2015

2016

2017

2018

2019

Utrecht

Bron: Basisregistratie Personen (BRP)

Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht

De meeste vestigers komen uit de wijk Noordwest

Negatieve toekomstverwachting voor de buurt in Overvecht hoger dan stadsgemiddelde

Van de Utrechters die in 2014 en 2019 binnen Utrecht verhuizen naar de wijk Overvecht, geldt dat de grootste groep binnen Overvecht verhuist. In 2019 (39%) is dit aandeel zelfs groter dan in

Ruim een derde (36%) van de bewoners verwacht dat hun buurt beter wordt. Iets minder dan een kwart (23%) verwacht een verslechtering van de buurt. Het aandeel inwoners dat een

2014 (34%). Van de Utrechters die vanuit een andere Utrechtse wijk naar Overvecht verhuizen, komen de meeste mensen uit de wijk Noordwest. Dat is zowel in 2014 als in 2019 de grootste

verslechtering verwacht is aanzienlijk hoger dan gemiddeld in de stad (12%). De afgelopen jaren zien we dat dit best fluctueert. In 2012 had nog bijna een derde (29%) een negatieve

groep. Ook relatief veel Utrechters komen vanuit de wijken Zuidwest, Noordoost en West naar Overvecht.

toekomstverwachting voor de buurt, in 2013 daalde dit, waarna het weer steeg tot een piek in 2016 (37%). Sindsdien is dit aandeel langzaam afgenomen en de toekomstverwachting iets verbeterd.

9 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.1 Er komen stapsgewijs gevarieerde, kwalitatief goede en duurzame woningen voor huidige en toekomstige bewoners. Ook mensen met een middeninkomen of hoger willen graag in Overvecht wonen en inwoners kunnen wooncarrière maken in de wijk. Impact Covid-19 De cijfers die we hier bekijken gaan over ontwikkelingen tot en met 2019. De fysieke renovaties en bouwprojecten lopen door, maar bijvoorbeeld de huisbezoeken in het kader van sociale renovaties hebben in de beginperiode van corona stilgelegen. Corporaties probeerden wel op andere manieren contact te houden met de huurders, bijvoorbeeld door een belronde, brieven met hulptelefoonnummers en het sturen van bloemen.

Input tijdens kenniskring: ervaringen en aanbevelingen Het percentage koopwoningen is in Overvecht een stuk lager dan gemiddeld in Utrecht. Dit wordt door de deelnemers van de kenniskring herkend, maar deelnemers missen inzicht in de ontwikkeling in variatie in eigen bezit en huurwoningen in de tijd. Woningbouwprojecten vragen immers veel voorbereidings- en bouwtijd. Deze cijfers zijn wel beschikbaar en kunnen worden toegevoegd, maar zijn niet op basis van dezelfde bronnen waardoor een precieze vergelijking lastig is. Algemene beeld is wel dat het percentage sociale huurwoningen in Overvecht daalt.

Input uit de kenniskring:duiding Tijdens de kenniskring is uitgebreid gesproken over de interpretatie van de cijfers. Het algemene beeld is dat het percentage sociale huurwoningen gestaag naar beneden gaat. Een deelnemer merkt op dat de beleving in de wijk anders kan zijn: mensen zien geen percentages maar grote (huur-) woningcomplexen. Mensen in de wijk kunnen deze cijfers in de werkelijkheid anders ervaren. Het is daarom van belang naar de bewoners duidelijk te communiceren dat de beoogde beweging naar minder sociale huurwoningen en een meer divers woningaanbod stap voor stap wordt gemaakt.

Verder wordt geadviseerd om ook vooruit te kijken. Door cijfers van de woningvoorraad en de planning voor komende jaren te laten zien wordt er een completer beeld van de ontwikkeling in woningeigendom getoond en wordt meer zichtbaar waar op gestuurd zou moeten worden. Tevens wordt er gezegd dat de verhuisbewegingen wellicht meer zeggen over de overspannenheid van de huizenmarkt, dan de populariteit van Overvecht. Daarom zou er ook gekeken moeten worden naar de verhuismotieven. Deze gegevens zullen waarschijnlijk vanaf komend jaar beschikbaar zijn op wijkniveau vanuit het WOoNOnderzoek.

Portaal stuurt al op meer menging door een deel van het bezit te labelen voor middeninkomens.

Een deelnemer van de kenniskring geeft aan dat de plannen voor de nieuwe prostitutiezone

Er zijn genoeg plannen om gezamenlijke mogelijkheden voor wonen voor andere doelgroepen te realiseren, sommigen zijn al uitgevoerd zoals Antoniuskwartier en koopwoningen aan de

worden niet gezien als iets dat in lijn ligt met deze ambitie. Het vormt een blokkade voor het ontwikkelen van kwaliteit in wonen en openbare ruimte

Tigrisdreef en Ammandreef. Dit trekt ook andere bewoners aan. Recent heeft Werkplaats Overvecht haar startproduct met buurtprofielen gepresenteerd. Zij willen zich voor een periode

Conclusie

van 20 jaar inzetten voor wijkverbetering door middel van fysieke ingrepen. Een van de belangrijkste doelen is meer woningdifferentiatie.

Overvecht kenmerkt zich door een hoog aandeel aan sociale huurwoningen. Het algemene beeld is dat het percentage sociale huurwoningen gestaag naar beneden gaat en er stap voor

Wat betreft de negatieve toekomstverwachting: deelnemers van de kenniskring durven niet met

stap dus een meer gevarieerd woningaanbod ontstaat. Voor een juiste indruk zijn specifiekere gegevens nodig en een beeld van de plannen. We gaan in kaart brengen welke projecten de

zekerheid te zeggen waar de opvallende piek in 2016 vandaan komt. Er zijn geen opvallende gebeurtenissen in Overvecht geweest, het zou dus ook goed met bredere, landelijke

komende jaren worden gerealiseerd die bijdragen aan meer variatie in het woningaanbod. In de visual met de resultaten van de wijkaanpak die we minimaal 2x per jaar voor de bewoners

ontwikkelingen te maken kunnen hebben.

maken, nemen we de ontwikkeling van een diverser woningaanbod de volgende keer mee. Overvechters blijven bij verhuizingen vaak in de eigen wijk wonen, 38% blijft bij een verhuizing in de eigen wijk. Ruim een derde van de bewoners verwacht dat hun buurt beter wordt. Iets minder dan een kwart verwacht een verslechtering van de buurt.

10 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.2 Er komen nieuwe mogelijkheden voor gemengd wonen in nieuwe en bestaande bouw. Zodat verschillende groepen mensen samen wonen en samen leven. Indicatoren Er zijn nog geen indicatoren vastgesteld die we monitoren om de voortgang en ontwikkelingen op deze ambitie te volgen. In het duidingsgesprek hebben we besproken wat we willen realiseren en naar welke indicatoren we dan moeten kijken voor deze ambitie.

Een deelnemer merkt op dat het wel interessant is om te zien waar het mogelijk is om instroom te sturen, en of het een kwantitatief verschil oplevert dat ook kwantitatief en kwalitatief te duiden is. Met andere woorden, kan een gestuurde instroom ervoor zorgen dat de cijfers op het gebied van leefbaarheid en veiligheid verbeteren en ervaren bewoners dat ook zo?

Impact Covid-19

Op het gebied van gemengd wonen kan het volgens de deelnemers interessant zijn om te kijken

Wat betreft gemengd wonen, heeft Covid-19 aan de ene kant tot gevolg dat met name gezinnen met een migratieachtergrond angstiger zijn en daardoor vaker in huis zijn

naar wat woningcorporaties doen om diversiteit in eigendomsvormen te stimuleren: dus waar worden corporatiewoningen verkocht, wat voor soort woningen zijn dat en wat doet dat met de

gebleven en minder mensen ontmoeten. Aan de andere kant zorgde het voor meer saamhorigheid in de wijk, er wordt meer op elkaar gelet waardoor er een sterker gevoel is van veiligheid. Dit is bijvoorbeeld terug te zien in de toename in het aantal vrijwilligers(initiatieven).

woningvoorraad in de wijk? Kwalitatieve gesprekken met bewoners kunnen dan aantonen of de woonervaring in de wijk verbetert. Verkoop van woningen is wel een lange termijnontwikkeling, daar waar dat al gebeurd is zijn de ervaringen van bewoners redelijk goed.

Input uit de kenniskring: ervaring en aanbevelingen Tijdens de kenniskring hebben we het met name gehad over de nog te ontwikkelen

Tot slot is het ook voor concepten voor verschillende doelgroepen goed om te kijken naar wat er gebouwd wordt en voor wie dat gebouwd wordt. Om het resultaat te meten kan kwantitatief worden gekeken naar de plannen en locaties van de plannen voor de komende jaren. Na de

indicator. Met de term gemengd wonen wordt bedoeld: gemengd wonen onder één dak. De deelambitie gaat over het vergroten van de leefbaarheid binnen bestaande complexen. De

uitvoering van de plannen kan er aan de hand van evaluaties gemeten worden of het gemengd wonen dan ook leidt tot gemengd leven.

deelnemers van de kenniskring hebben opgemerkt dat met verschillende soorten mensen in één complex wonen, nog niet automatisch betekent dat bewoners ook met elkaar leven.

Conclusie

Niet iedereen is even actief in de buurt. De deelambitie stuurt wel op gemengd wonen, maar het is niet erg als dat niet altijd leidt tot gemengd leven. Gemengd wonen draagt volgens de deelnemers bij aan een betere reputatie van de wijk. De Ontwikkelwerkplaats Gemengd Wonen wordt genoemd. Deze heeft tot doel om samen met relevante stakeholders te leren van de ervaringen binnen vijf gemengde woonprojecten in Overvecht. Deze lessen worden ingezet bij bestaande en toekomstige, soortgelijke woonvormen. Een positief resultaat hiervan is bijvoorbeeld te zien aan de Vulcanusdreef en

Deze deelambitie moet nog concreter geformuleerd worden, waardoor het ook gemakkelijker te volgen is met indicatoren. Er moet dan wel rekening gehouden worden met dat gemengd wonen niet automatisch gemengd leven betekent. Binnen de Ontwikkelwerkplaats Gemengd Wonen wordt geleerd van gemengd wonen projecten in Utrecht. Eerste positieve resultaten voor gemengd wonen zijn onder andere te zien aan de Vulcanusdreef en Bangkokdreef. We gaan in gesprek met de Ontwikkelwerkplaats over hoe we deze deelambitie concreter kunnen formuleren en monitoren en informatie die zij daarvoor beschikbaar hebben nemen we mee in de volgende kenniskring.

de Bangkokdreef. Nadat woningcorporaties gericht gingen sturen op instroom van draagkrachtige bewoners (die iets voor hun buren willen betekenen) in complexen waar veel problemen waren, is in korte tijd de leefbaarheid en veiligheid daar verbeterd.

11 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.3 De woonomgeving wordt aantrekkelijk, schoon, groen, gezond en veilig. Zodat de omgeving uitnodigt om te recreëren en voor kinderen om buiten te spelen. Rapportcijfer voor de staat van de openbare ruimte in de eigen buurt 7

Rapportcijfer voor de staat van de openbare ruimte in de eigen buurt

6

Taagdreef, Wolgadreef

5

Zamenhofdreef, Neckardreef

4

Vechtzoom, Klopvaart

3 Zambesidreef, Tigrisdreef

2 Overvecht

1 Utrecht

0 2010

2011

2012

2013

2014

Overvecht

2015

2016

2017

2018

2019

Utrecht

4,0

groenonderhoud in de buurt

4,5

5,0

5,5

schoonheid straten in de buurt

6,0

6,5

7,0

onderhoud straten in de buurt

Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht

Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht

Rapportcijfer openbare ruimte fluctueert en ligt iets lager dan stedelijk gemiddeld

Verzorging van het groen scoort het hoogst

De cijfers voor deze deelambitie gaan over de tevredenheid over de openbare ruimte, groen en parken en speelplaatsen. Daarnaast zijn er nog cijfers over het recreatiegedrag van inwoners.

Wat betreft de kwaliteit van de openbare ruimte (verzorging groen, schoonheid straten en onderhoud openbare ruimte) geven de bewoners uit Overvecht de hoogste rapportcijfers voor de

Beoordeling van de staat van de openbare ruimte gaat om een gemiddeld rapportcijfer voor de

verzorging van het groen, maar er zijn verschillen tussen buurten. Zo scoort subwijk Zamenhofdreef/Neckardreef relatief hoog op de verzorging van het groen en de schoonheid van de straten.

schoonheid, netheid en onderhoud van groen in de buurt. Het cijfer in Overvecht fluctueert al jaren tussen de 6,0 en 6,2. Het ligt lager dan stedelijk gemiddeld. Dit cijfer fluctueert tussen de 6,4 en 6,7.

12 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.3 De woonomgeving wordt aantrekkelijk, schoon, groen, gezond en veilig. Zodat de omgeving uitnodigt om te recreëren en voor kinderen om buiten te spelen. % inwoners dat tevreden is over de speelgelegenheid

% inwoners dat tevreden is over parken en het groen 80%

Buurten

75%

80%

70%

70%

groen in de buurt

72%

40% 30%

U

tre ch t

66%

70%

75%

Za

m be si

dr

ee

O

ve

rv

ec

ht

dr e… ris f, Ti g

m oo ht z Ve c

73%

73%

ar va lo p ,K

N ec f, ee dr of

en h Za m

80%

t

78% r… ka

ee f dr ga ,W ol ee f dr

72%

50%

72%

60% 62%

60%

71%

65%

55%

Ta ag

Wijken

park in de buurt

Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht

20% 2015

2017

2019

Taagdreef, Wolgadreef

Zamenhofdreef, Neckardreef

Vechtzoom, Klopvaart

Zambesidreef, Tigrisdreef

Utrecht

Overvecht

Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht de wijkgrafieken zijn alleen zichtbaar in infogram, niet in de pdf.

Overvecht scoort hoog op tevredenheid aanbod groen en park 75% van de mensen uit Overvecht is tevreden over het aanbod van groen. Dit is hoog ten opzichte van het stedelijke gemiddelde (66%). Ook is 70% van de mensen uit Overvecht tevreden over de parken. Voor beide metingen zijn er verschillen te zien op subwijkniveau.

Meerderheid tevreden over de speelgelegenheden in Overvecht Op het gebied van speelplaatsen is 55% tevreden over de speelgelegenheden in Overvecht. Over de tijd zien we dat dit percentage schommelt tussen de 54 en 67%. In 2012 was er een piek te zien in de tevredenheid over speelplaatsen in de wijk. Naast verschillen tussen de jaren, zijn er ook verschillen in tevredenheid tussen subwijken.

13 / 42

1. Plezierig wonen in een meer gemengde wijk 1.3 De woonomgeving wordt aantrekkelijk, schoon, groen, gezond en veilig. Zodat de omgeving uitnodigt om te recreëren en voor kinderen om buiten te spelen.

Utrecht

Overvecht

Als u langer dan 2 uur recreëert, waar doet u dit dan meestal?

30%

18%

31%

19%

31%

21%

Input uit de kenniskring: duiding Tijdens de kenniskring wordt kritisch gekeken naar de cijfers en worden er verklaringen gezocht voor de verschillen op subwijkniveau wat betreft de beoordeling van de openbare ruimte. Dit laatste wordt volgens de deelnemers verklaard door renovatieprojecten en initiatieven vanuit de wijk. Fysieke maatregelen kunnen bijdragen aan (een gevoel van) veiligheid. Verzorgde fysieke ruimte nodigt uit tot positief gedrag. Zo worden er voorbeelden genoemd in Overvecht waar het nog niet zo goed gaat, o.a. rond winkelcentra.

20%

Input uit kenniskring: ervaringen en aanbevelingen Daarnaast wordt er aangegeven dat de geografische indelingen die worden gemaakt meer administratieve indelingen zijn en weinig zeggen over de samenhang in buurten. De verschillen zitten meer op straatniveau, dan op subwijkniveau. Als suggestie wordt genoemd om naar registratiecijfers van Stadsbedrijven te kijken om de schoonheid van straten te meten. Ook hebben de deelnemers

30%

vragen over de meting van twee uur recreëren. Deze wordt als te lang gezien, waardoor mensen nu in parken buiten Overvecht lijken te recreëren. 0

10%

20%

30%

recreëert nooit lang buiten

40%

50%

60%

70%

binnen de stadsgrenzen

80%

90%

100%

rondom stadsgrenzen

verder weg van de stad Bron: Inwonersenquête gemeente Utrecht

30% van de inwoners in Overvecht recreëert nooit lang buiten Uit de cijfers blijkt dat bijna een derde van de inwoners nooit langer dan twee uur buiten recreëert en dit is het dubbele van het Utrechtse gemiddelde. Er is gekozen voor langer dan twee uur recreëren, om het onderscheid tussen een korte wandeling en een langer verblijf in het park duidelijk te maken. Impact Covid-19 Deelnemers van de kenniskring merken op dat Corona nu nog geen grote rol speelt op dit deelgebied van plezierig wonen.

De deelnemers geven aan dat deze ambitie nog scherper geformuleerd kan worden en er meer of andere indicatoren gebruikt kunnen worden. In eerste instantie wordt deze ambitie maar met één indicator gemeten. De ambitie gaat vooral om het aantrekkelijk, schoon, groen, gezond en veilig maken van de woonomgeving, daar moet dan ook de nadruk op liggen bij de indicatoren. Daarnaast gaat openbare ruimte ook over verplaatsen, verblijven, evenementen, waarderen van aanzicht en karakter van de buurt. Benutten van de openbare ruimte kan niet alleen in spelen ofwel recreëren uitgedrukt worden. Tegelijkertijd is het ook niet nodig om alles in cijfers te vangen wat er gebeurt, maar er is behoefte aan een aantal goede indicatoren die een indicatie geven van de ontwikkeling. Conclusie Tevredenheid over de openbare ruimte is in de afgelopen jaren behoorlijk constant, maar gemiddeld lager dan in Utrecht gemiddeld. Overvechters zijn minder vaak dan gemiddeld tevreden over de openbare ruimte, maar vaker tevreden over het groen. Wel zijn er verschillen tussen subwijken. Een aantrekkelijke openbare ruimte is meer dan spelen en recreëren, dus het is van belang meer indicatoren te gebruiken om dit in beeld te brengen.

14 / 42

2. Perspectief voor de jeugd versterken 2.1 We zorgen dat kinderen van 4 jaar zonder (taal)achterstanden starten op school. % van de peuters dat in aanmerking komt voor voor- en vroegschoolse educatie

% van de peuters dat in aanmerking komt voor voor- en vroegschoolse educatie

70% 60%

Overvecht Noordwest

50%

Noordoost

West Leidsche Rijn

40% 30%

VleutenDe Meern

20% 10%

Oost Zuidwest Zuid

0 2016

2018 Overvecht

2019 Utrecht

0% 5%

10%

15%

20%

25%

30%

35%

40%

45%

50%

55% 60%

Bron: Jeugdgezondheidszorg, gemeente Utrecht

Bron: Jeugdgezondheidszorg, gemeente Utrecht (1 oktober, 2019), voor de Binnenstad zijn er te weinig waarnemingen

Aandeel kinderen met indicatie voor- en vroegschoolse educatie daalt in Overvecht

Van de peuters in Overvecht die een indicatie hebben gekregen voor VVE is 69% geplaatst (peildatum April 2020). Het bereik cijfer voor Overvecht zou hoger kunnen liggen, omdat ouders de keuze kunnen

Perspectief voor de jeugd begint voor Samen voor Overvecht bij het jonge kind. Om (taal)achterstanden bij kinderen te verminderen is er voor- en vroegschoolse educatie. Het doel daarvan is om peuters met een mogelijke (taal)achterstand beter voor te bereiden op de basisschool en ervoor te zorgen dat kleuters zonder achterstand naar groep 3 kunnen. 60% van de peuters in de wijk Overvecht komt in aanmerking voor voor- en vroegschoolse educatie (VVE, cijfers van eind 2019). Dit is hoger dan in andere wijken en dan in Utrecht gemiddeld. Als we terugkijken in de tijd, zien we dat het aandeel kinderen dat een indicatie voor VVE heeft ontvangen in Overvecht in de afgelopen jaren is gedaald. In 2018 was dit 63%, in 2016 67%. Voor Utrecht gemiddeld is dit de afgelopen drie jaar stabiel. Voor heel Utrecht weten we dat de meeste ouders (88%) ervoor kiezen om hun kind naar de voorschool te laten gaan als hun kind daarvoor in aanmerking komt. 82% van de kinderen met een vve-indicatie is geplaatst op de voorschool, de overige kinderen staan op een wachtlijst.

maken voor een voorschool buiten de eigen woonwijk, dat is niet terug te zien in deze cijfers. Er wordt aan gewerkt dit beter in beeld te brengen. In Overvecht staan 28 peuters op de wachtlijst. Op de wachtlijst staan betekent niet direct dat er te weinig plaats is. Ouders kiezen er soms voor om niet meteen in te gaan op het aanbod omdat ze hun kind te jong vinden of een wens hebben voor een bepaald tijdstip of groep. In 2019 liet het bereik van voor en vroegschoolse educatie plotseling een afname zien. Het dalend bereik valt samen met een aangekondigde verandering in het aanbod van VVE. Halverwege 2019 werd namelijk bekend dat het VVE-aanbod in Utrecht per 1 januari 2020 verandert: het aanbod wordt overgenomen door vijf organisaties in de kinderopvang, de eigen bijdrage van ouders neemt toe en het aantal VVE-uren gaat omhoog (dit laatste per augustus 2020). Het bedrag dat ouders gaan betalen wordt bovendien inkomensafhankelijk. Dit is een ontwikkeling die landelijk gezien al eerder is ingezet, als gevolg van de Wet Harmonisatie Kinderopvang. De afname van het bereik is een ongewenste ontwikkeling. 15 / 42

2. Perspectief voor de jeugd versterken 2.1 We zorgen dat kinderen van 4 jaar zonder (taal)achterstanden starten op school. Impact COVID-19 De signalen die binnengekomen zijn, geven aan dat er op dit moment (juli 2020) veel angst is bij ouders en dat er minder kinderen naar de voorschool gaan. Input uit de kenniskring: duiding De deelnemers hebben het idee dat de signalering voor een indicatie voor VVE goed werkt in Overvecht. Het consultatiebureau heeft een groot bereik en is laagdrempelig. Zij verwijzen door, maar ouders lopen dan tegen wachtlijsten aan; er is dan vaak weinig plek. De deelnemers denken dat de wetswijziging met betrekking tot het aanbod van VVE nog negatiever heeft uitgepakt in Overvecht dan in de rest van Utrecht. De eigen bijdrage voor de voorschool is hoog en het terugvragen van de kosten vaak ingewikkeld. Hoe krijgen we de groep die is afgehaakt weer terug? Het buurtteam Jeugd en Gezin geeft tenslotte aan dat zij meer vragen over opvoeden krijgen dan voorheen. Input uit de kenniskring: ervaringen en aanbevelingen Verzoek van de aanwezigen is om meer inzicht te verschaffen in de wachtlijsten voor Overvecht als het gaat om VVE-aanbod. Ook als het gaat om het aandeel ouders dat ervoor kiest om gebruik te maken van de voorschool is een uitsplitsing voor Overvecht wenselijk.

Inmiddels hebben we deze cijfers opgevraagd en ontvangen en zijn ze toegevoegd aan deze rapportage. We bespreken het completere beeld in een volgende kenniskring. Voor een goede ondersteuning van de taalontwikkeling van kinderen moet de overgang van voorschool naar basisschool ook goed verlopen. In de onderbouw van de bassischool wordt veel aandacht besteed aan taalontwikkeling, samen met de ouders. Beide gebruiken ook dezelfde programma’s. Deelnemers geven tenslotte aan dat er bij de basisscholen gegevens beschikbaar zijn over (taal)achterstanden, daar ondernemen we actie op. Conclusie 60% van de peuters in de wijk Overvecht komt in aanmerking voor voor-en vroegschoolse educatie. Dat is hoger dan in andere wijken, maar wel lager dan de afgelopen jaren. In heel Utrecht zien we een daling van het aandeel peuters met een risico op taalachterstand dat ook daadwerkelijk voorschoolse educatie volgt. Het bereik in Overvecht is 69%. Het beeld voor Overvecht is dat de impact van COVID19 en veranderingen in het aanbod ertoe hebben geleid dat minder kinderen in Overvecht gebruik maken van voor- en vroegschoolse educatie.

16 / 42

2. Perspectief voor de jeugd versterken 2.2 We zorgen dat kinderen en jongeren weten en ervaren dat zij toekomstperspectief hebben. Ze voelen dat ze er toe doen, weten waar hun ambities en talenten liggen en voelen zich uitgenodigd er iets mee te doen. % jongeren (17-22 jaar) met een startkwalificatie (2013 en 2020) 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10%

tre ch t U

rn

Vl

eu

te n

-D e

M ee

ijn R ch

id s Le

Zu

id

e

w

es

t

id Zu

os t Bi nn en st ad

O

W es

t N oo rd w es t O ve rv ec ht N oo rd oo st

0

2013

2020

Bron: Gemeente Utrecht, afdeling onderwijs

Aandeel jongeren met startkwalificatie in Overvecht lager dan stedelijk gemiddelde Naast een goede start richt Samen voor Overvecht zich op toekomstperspectief van kinderen en jongeren. Voor de oudere jeugd betekent dit de schoolloopbaan afsluiten met minimaal een noodzakelijke startkwalificatie. Voortijdig schoolverlaters hebben geen startkwalificatie en zijn jonger dan 23 jaar. 94,2% van de jongeren tussen 17 en 22 jaar in Utrecht heeft een startkwalificatie. Dit is licht gestegen sinds 2013. Voor Overvecht zien we dat 89,8% van de jongeren een startkwalificatie heeft. Dit is lager dan in andere wijken. Vergeleken met 2013 scoort Overvecht aanzienlijk hoger, in 2020 is het aandeel jongeren met een startkwalificatie ruim 4% hoger.

Jongeren zijn positief over de toekomst Om een beeld te schetsen van het toekomstperspectief van jongeren vanuit de ervaring van jongeren zelf heeft een stagiair bij Volksgezondheid een verkennend kwalitatief onderzoek gedaan in het eerste halfjaar van 2020. In totaal zijn 15 jongeren geïnterviewd. Resultaten die hier weergegeven worden, betreffen 8 jongeren (voor de andere 7 is de analyse nog niet gereed). De jongeren die gesproken zijn, hebben een positief toekomstperspectief; voor hen zijn hun dromen, doelen en ambities haalbaar. Ze hebben een hoge mate van toekomstoriëntatie (bezig zijn met- en plannen van de toekomst) en zijn zich bewust van de faciliterende factoren (hun ouders, rolmodellen en eigen karakter), maar minder van de belemmerende factoren (discriminatie en foute vrienden).

17 / 42

2. Perspectief voor de jeugd versterken 2.2 We zorgen dat kinderen en jongeren weten en ervaren dat zij toekomstperspectief hebben. Ze voelen dat ze er toe doen, weten waar hun ambities en talenten liggen en voelen zich uitgenodigd er iets mee te doen. Input uit de kenniskring: duiding De deelnemers van de kenniskring herkennen het hogere aandeel jongeren zonder startkwalificatie in Overvecht niet. Als jongeren geen startkwalificatie behalen, gaat het volgens hen met name mis op het MBO en niet daarvoor. Leerlingen maken geregeld een verkeerde keuze voor een opleiding op het MBO en wisselen dan van opleiding. Als zich dat herhaalt, kan dat leiden tot uitval, omdat er veel administratie en organisatie bij komt kijken voor de leerlingen

Conclusie Het aandeel jongeren met een startkwalificatie in Overvecht lager is dan in andere wijken in de stad, maar is in de afgelopen jaren gestegen van 86% naar 90%. Het hebben van een startkwalificatie zegt alleen niet alles, het gaat veel meer om het toeleiden naar betaald werk. Aanwezigen bij de kenniskring stellen voor breder te kijken dan alleen naar startkwalificatie. Deelnemers van de kenniskring zien dat jongeren een positief toekomstperspectief hebben en

en hun ouders. De leerlingen die na de praktijkschool naar het MBO gaan, vallen wel vaker uit (overgang is moeilijk). Als jongeren na de praktijkschool niet doorstromen, halen ze minder

dat ze doen of willen wat ze anderen zien doen: ze willen trouwen, kinderen, een baan en in Overvecht blijven.

vaak een startkwalificatie. Het roept de vraag op of startkwalificatie een passende indicator is. Het gaat vooral om begeleiding naar werk. Het gaat ook om het duurzaam toeleiden naar de arbeidsmarkt en dat kan ook zonder startkwalificatie. Als het gaat om het toekomstperspectief van jongeren herkennen de deelnemers het geschetste beeld uit het kwalitatieve onderzoek. Zij zien ook dat jongeren een positief toekomstperspectief hebben en dat ze doen of willen wat ze anderen zien doen: ze willen trouwen, kinderen, een baan en in Overvecht blijven.De deelnemers geven aan dat het perspectief van de jongeren verbreed kan worden door hen in contact te brengen met mensen buiten hun belevingswereld van de eigen familie, bekenden en de wijk. Input uit de kenniskring: ervaringen en aanbevelingen Deelnemers vinden het hebben van een startkwalificatie een te nauwe indicator. Daarom zoeken we samen met Focus naar naar recentere cijfers en een bredere indicator. Daarnaast missen deelnemers van de kenniskring jongeren zelf bij de kenniskring. Daarom nodigen we jongeren uit voor de volgende bijeenkomst van de kenniskring.

18 / 42

3. Veilige buurten 3.1 Jongeren kiezen het goede pad en jongerenoverlast neemt af % jeugdige verdachten (12-23) in Overvecht

welke jongerenoverlast ervaart u?

4%

80% 70% 60%

3%

50% 40% 30%

2%

20% 10%

2017

2018

ge dr ag

it al ite id e

C

re n

d

rim

in

rla ov e gs

im

D

ru

43%

In t

2016

46%

st

g in el ni

G

0

51%

Ve r

ilin vu Ve r

st rla ov e

51%

el ui

ds

73% g

78%

0

1%

2019

Bron:Politie Midden-Nederland

Bron: inwonersenquête 2018 gemeente Utrecht

Overvecht heeft bovengemiddeld veel jeugdige verdachten

Meer ervaren jongerenoverlast in Overvecht dan gemiddeld in Utrecht

Om een overzicht te geven van jongeren die het goede pad kiezen, wordt een beeld geschetst van jeugdige geregistreerde verdachten: alle personen van 12 tot en met 23 jaar

In de Inwonersenquête is eind 2019 gevraagd naar ervaren jongerenoverlast. Bijna twee op de vijf (38%) Overvechters geven aan overlast te ervaren van jongeren. In Utrecht is dit

van wie een redelijk vermoeden bestaat dat zij pleger zijn van een misdrijf, maar waarbij de bewijsvoering nog niet rond hoeft te zijn. In Overvecht is het percentage (unieke) jeugdige verdachten 2,1% in 2019. Dit is hoger dan

gemiddeld 19%. Jeugdproblematiek wordt door 15% van de bewoners genoemd als een belangrijk probleem dat volgens hen aangepakt moet worden.

Utrecht gemiddeld (1,3%). Kijken we in de tijd zien we een lichte toename ten opzichte van

In de Inwonersenquête is tenslotte ook gevraagd of mensen vinden dat er door de gemeente

2018.

voldoende wordt opgetreden tegen overlast van jongeren. Ongeveer de helft van de Overvechters geeft aan dat ze dat niet vinden. Dit is hoger dan gemiddeld in Utrecht.

19 / 42

3. Veilige buurten 3.1 Jongeren kiezen het goede pad en jongerenoverlast neemt af Impact COVID-19 Deelnemers van de kenniskring zien dat jongeren lange tijd niet naar school konden, niet konden deelnemen aan vrijetijdsactiviteiten, bijbaantjes verloren en nu ook niet op vakantie gaan. Daardoor kunnen ze hun energie niet kwijt en gaan ze dus rondhangen op straat. Dat veroorzaakt overlast in de openbare ruimte. Door de maatregelen tegen het coronavirus zijn ook meer bewoners thuis. Die zien nu vaker overlast in de wijk.

% inwoners dat vaak last heeft van jongeren op straat in Overvecht

50%

40%

Input kenniskring: duiding, ervaringen en aanbevelingen

30%

Het beeld dat geschetst wordt in de cijfers wordt herkend door de deelnemers van de kenniskring. De afgelopen jaren is jongerenoverlast gedaald en sinds kort neemt het weer enigszins toe. Deelnemers van de kenniskring geven aan dat dit kan komen door een toename van het aantal jongeren in de wijk. Ook kan het komen door de grote groep ouderen die in de wijk woont; zij ervaren vaker overlast en melden dat ook eerder. Overlast van jongeren heeft veel impact; ook op jongeren zelf en op kinderen in de wijk.

20%

10% Verder wordt besproken dat de aard van jeugdproblematiek verschuift. Jongeren zijn minder vaak in vaste samenstelling op vaste locaties op straat, maar verplaatsen zich in wisselende

0 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

Bron: inwonersenquete gemeente Utrecht

Ervaren jongerenoverlast fluctueert over de tijd Als we terugkijken in de tijd, dan zien we dat de ervaren jongerenoverlast oploopt tot een piek in 2016, daarna zet een daling in. Afgelopen jaar zien we weer een toename.

samenstelling over de wijk en stad. Jongeren houden in toenemende mate contact via social media en maken deel uit van fluïde netwerken. Ook de leeftijd waarop jongeren voor overlast zorgen verschuift. Deelnemers zien een toename van kinderen (8-12 jaar) die grensoverschrijdend gedrag vertonen. Tegelijkertijd is er een groeiende groep jongvolwassenen die overlast blijven veroorzaken. Dat kan deels verklaard worden door het tekort aan betaalbare woningen; jongvolwassenen blijven langer thuis wonen. Conclusie

Overlast van jongeren bestaat vaak uit geluidsoverlast en vervuiling. Door de helft van de mensen wordt daarnaast vernieling en drugsoverlast genoemd. Ook criminaliteit en intimiderend gedrag worden vaker dan gemiddeld genoemd in Overvecht.

Jongerenoverlast neemt na een afname in de afgelopen jaren weer licht toe. Jongerenoverlast verandert ook, jongeren onderhouden contact via social media en verzamelen zich minder in vaste jeugdgroepen op vaste plekken op straat en steeds meer kinderen vertonen grensoverschrijdend gedrag. De impact van COVID-19 zorgt ervoor dat de ervaren overlast van jongeren eerder toeneemt dan afneemt.

20 / 42

3. Veilige buurten 3.2 Terugdringen van ondermijnende criminaliteit door herstellen van de norm en vergroten van maatschappelijke weerbaarheid % inwoners dat zich wel eens onveilig voelt in de eigen buurt

% inwoners dat zich wel eens onveilig voelt in de eigen buurt 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0 2010

2011

2012

2013

2014

Overvecht

2015

2016

2017

2018

2019

Utrecht

Zamenhofdreef, Neckardreef: 41%, Vechtstroom, Klopvaart 44%,

Bron: inwonersenquête gemeente Utrecht

Zambesidreef, Tigrisdreef 49%, Taagdreef, Wolgadreef 50% Bron: inwonersenquête gemeente Utrecht

Overvechters voelen zich vaker onveilig in de eigen buurt

Verschillen in onveiligheidsgevoelens tussen subwijken

Voor deze deelambitie kijken we naar de ervaren veiligheidsgevoelens van Overvechters. Bijna de helft (46%) van de Overvechters voelt zich wel eens onveilig in de eigen buurt. In

In Overvecht voelen inwonersvan de subwijken Zambesidreef, Tigrisdreef, Taagdreef en Wolgadreef zich het vaakst onveilig in hun eigen buurt. Zo’n 50% van hen geeft aan zich wel

Utrecht gemiddeld is dit 30%. In Overvecht voelt 10% zich vaak onveilig ten opzichte van 3% in Utrecht. Na een piek in 2016 (54%) zijn de onveiligheidsgevoelens in Overvecht gedaald tot aan 2018. In 2019 zien we weer een lichte stijging. Dit geldt in mindere mate ook op

eens onveilig te voelen in hun eigen buurt. In de subwijk Zamenhofdreef/Neckardreef is dit lager dan gemiddeld in de wijk.

stedelijk niveau.

21 / 42

3. Veilige buurten 3.2 Terugdringen van ondermijnende criminaliteit door herstellen van de norm en vergroten van maatschappelijke weerbaarheid Impact COVID-19 De impact van COVID-19 is bij het bespreken van deze deelambitie niet aan de orde gekomen. Input kenniskring: ervaringen en aanbevelingen Ondermijning wordt door de kenniskring ervaren als een breed begrip waar verschillende

Deelnemers leggen de nadruk op het in gesprek gaan met kinderen, jongeren en ouders. Dit kan onder andere door het aanbieden van onderwijsmodules aan scholen. Ook gaat de politie langs scholen om voorlichting te geven over ondermijning en met kinderen in gesprek te gaan om te zien hoe zij tegen bepaalde zaken aankijken. Bijvangst is daarbij dat de afstand tussen medewerkers van bijvoorbeeld de politie of de gemeente en ouders verkleint. Ook is het belangrijk om kinderen en jongeren perspectief op een goede toekomst te bieden. Hierdoor zullen jongeren minder snel

zaken onder vallen. Het gaat om de harde onderwereld maar ook om ondermijning van de autoriteit, en over ondermijning van de perspectieven voor de jeugd. Normherstel gaat over

geneigd zijn het verkeerde pad te kiezen. Ook het inzetten op de weerbaarheid van jongeren en kinderen (bijvoorbeeld via het

het herstellen van wat door bepaalde groepen in Overvecht normaal gevonden wordt. De volgende definitie voor ondermijning wordt gebruikt in het IVP (Integraal Veiligheidsplan): Criminelen willen zo veel mogelijk geld en macht vergaren. Voor hun activiteiten zijn ze afhankelijk van allerlei legale voorzieningen, (technische) infrastructuren, expertise en vergunningen. Deze verwevenheid tussen de criminele onderwereld en de legale bovenwereld heeft vergaande gevolgen. De combinatie van omvangrijke criminele

moedernetwerk) en de aanwezigheid van positieve rolmodellen (buurtvaders en jongeren) kunnen volgens de deelnemers van de kenniskring bijdragen aan het herstel van de norm.

vermogens en het er op na houden van andere normen en waarden (waarbij grof geweld niet wordt geschuwd), stelt criminele netwerken in staat invloed te verwerven in maatschappelijke sectoren en ongewenste sociale druk uit te oefenen op de samenleving. Dit leidt tot aantasting van het rechtsgevoel en van de rechtsstaat en haar instituties. Dit noemen we ondermijning. Daarnaast is het lastig om de ontwikkeling in ondermijning te meten. Het is lastig om te zeggen of ondermijning groeit of dat het beter in beeld is. Deelnemers stellen wel vast dat er een verschuiving zichtbaar is van soort criminaliteit. Voorheen ging criminaliteit in Overvecht vooral over inbraak, nu verschuift het steeds meer naar ondermijnende criminaliteit, vooral met betrekking tot drugscriminaliteit. Er is een groeiende drugsproblematiek, binnen en buiten Overvecht, en een groeiende drugsafname. Daarnaast zijn activiteiten als illegaal gokken en voorbereiden en plegen van plofkraken ook onderdeel van ondermijning. Typerende ondermijningsactiviteiten in Overvecht zijn drugshandel, uitkeringsfraude en

Om ondermijning terug te dringen moeten we beter zicht krijgen op jonge aanwas en de spelers in de georganiseerde ondermijnende criminaliteit. Het bewust maken van de wijk, de bewoners, ondernemers en professionals is een belangrijke doelstelling die gemonitord kan worden. Het opstarten van een top X, komen tot een sociale netwerkanalyse en fenomeenonderzoek op wijkof buurtniveau zijn mogelijkheden om meer zicht te krijgen op de problematiek. Het is onzichtbaar maar we kunnen het, samen met partners en maatschappelijke partijen, beter onder de aandacht brengen en inzichtelijk krijgen. Conclusie Het is nog niet mogelijk een ontwikkeling vast te stellen op deze deelambitie. Ondermijning wordt gezien als een breed begrip en is veelal nog een ongrijpbaar en onzichtbaar probleem. Om ondermijning verder terug te dringen en de norm te herstellen is het, naast repressieve maatregelen, van belang de wijk, bewoners en ondernemers bewuster te maken en het toekomstperspectief van kinderen en jongeren te vergroten. Dat kan bijvoorbeeld door onderwijsmodules aan te bieden op scholen en ook door positieve rolmodellen te vinden en in te zetten. Dit wordt onderdeel van de aanpak risico-jongeren vanuit de extra gelden van de Regiodeal.

plofkraken.

22 / 42

3. Veilige buurten 3.3 Tegengaan van polarisatie en radicalisering Indicatoren Er zijn nog geen indicatoren vastgesteld die we monitoren om de voortgang en ontwikkelingen op deze ambitie te volgen. We onderzoeken nog welke indicatoren mogelijk te gebruiken zijn. Impact Covid-19 De afgelopen maanden ging het gesprek op straat vooral over corona, waardoor de aandacht over polarisatie en radicalisering even minder aanwezig was. De situatie in de Verenigde Staten bracht daar weer verandering in. De jeugd voelt zich vaak negatief bejegend door de overheid en klaagt daarover. Door corona is er ook veel verbinding in de stad gekomen: mensen helpen elkaar meer en werken samen aan een gemeenschappelijk doel. Input kenniskring: ervaringen en aanbevelingen Een voedingsbodem voor polarisatie en radicalisering is discriminatie. Dat begint al bij jonge kinderen. Bijvoorbeeld als jonge kinderen te horen krijgen dat ze op een bepaalde school zitten en daarom weinig toekomstperspectief hebben. Discriminatie hangt samen met polarisering en radicalisering en het hangt per individu af hoe diegene daarmee omgaat. Deelnemers doen de oproep om meer in te zetten op het gesprek aangaan met elkaar. Door samen te praten en samen te leven, leren mensen elkaar beter te begrijpen. Een goed voorbeeld hiervan is Plan Einstein. Aanvankelijk was er in de buurt weerstand tegen de komst van een AZC.

Door de buurt te betrekken werd het een succesvol plan, was er uitwisseling en ontstond er begrip voor elkaars situatie.

% inwoners dat zich gediscrimineerd voelt het afgelopen jaar 28% 22% 17% 11% 6% 0 2012

2013

2014

2015 Overvecht

2016

2017

2018

2019

Utrecht

Bron: inwonersenquête gemeente Utrecht

Aanvullende indicatoren Omdat in de kenniskring discriminatie werd genoemd als belangrijke voedingsbodem voor polarisatie en radicalisering nemen we discriminatie mee als indicator voor het volgen van deze deelambitie. 26% van de inwoners van Overvecht voelde zich in de afgelopen 12 maanden gediscrimineerd. Dit is 16% in Utrecht gemiddeld. Overvechters voelen zich voornamelijk gediscrimineerd vanwege hun huidskleur, etniciteit en afkomst (16%) en vanwege hun geloof (9%). Discriminatiegevoelens in Overvecht zijn in 2019 gestegen ten opzichte van de jaren daarvoor.

Deelnemers geven aan dat polarisatie overigens speelt tussen verschillende groepen. In Overvecht wordt ook een afstand ervaren tussen laag- en hoogopgeleiden, ouderen en jeugd, professionele organisaties en bewoners. De deelnemers vragen om meer aandacht te geven aan de goede dingen die in de wijk gebeuren. Dat kan via een campagne, maar kan ook door ontmoetingen in de wijk te organiseren. De deelnemers adviseren om meer met bewoners op buurtniveau samen te werken, het gesprek aan te gaan met jongeren en scholen en met hen na te denken hoe met bepaalde problematiek om te gaan.

Conclusie Volgens de deelnemers van de kenniskring is discriminatie een belangrijke voedingsbodem voor polarisatie en radicalisering. De situatie vanwege corona zorgde (tijdelijk) voor meer saamhorigheid, in de huidige periode is er juist meer risico op spanningen. De racismeprotesten in Amerika maakte dat het thema discriminatie en polarisatie weer meer speelde in de wijk. Deelnemers van de kenniskring doen de oproep om meer in te zetten op het gesprek aangaan tussen elkaar. Door samen te praten en samen te leven en te werken aan gemeenschappelijke doelen leren mensen elkaar beter begrijpen. 23 / 42

4. Zorg en ondersteuning dichtbij en op maat 4.1 Een stevige sociale basis waarin mensen elkaar kunnen ontmoeten, iets doen voor de buurt en elkaar een steuntje in de rug geven. % inwoners dat helpt: 30%

% inwoners dat helpt: 30%

25%

25%

20%

20%

15%

15%

10%

10%

5%

5%

0

0 met het schoonmaken met het onderhouden van de openbare van groen ruimte

Overvecht

bij buurtpreventie

op school, bij buurthuis of een sportvereniging

de zorg of hulp aan buurtbewoners

Utrecht

Bron: inwonersenquête gemeente Utrecht

het organiseren van een buurtfeest

Overvecht

organiseren van een bijeenkomst of activiteit over energiebesparing

Utrecht

Bron: inwonersenquête gemeente Utrecht

Informele hulp in de buurt vrijwel gelijk aan stedelijk gemiddelde We zien dat Overvechters heel wat doen voor hun buurt. Voor de meeste activiteiten zetten bewoners zich net zo vaak of vaker dan stedelijk gemiddeld in. Ruim een kwart van de bewoners helpt bij het schoonhouden van de openbare ruimte (26%). Daarnaast helpt ruim één op de tien op school, buurthuis of sportvereniging, één op de tien doet iets voor de veiligheid in de buurt en één op de tien zorgt voor of helpt buurtbewoners. Vergelijken we dit met stedelijk gemiddeld dan zien we nuance verschillen in iets meer inzet voor veiligheid en buurtbewoners in Overvecht en iets minder voor de openbare ruimte en school, buurthuis of sportvereniging.

24 / 42

4. Zorg en ondersteuning dichtbij en op maat 4.1 Een stevige sociale basis waarin mensen elkaar kunnen ontmoeten, iets doen voor de buurt en elkaar een steuntje in de rug geven. % inwoners dat wil helpen:

% inwoners dat wil helpen:

40%

40%

35%

35%

30%

30%

25%

25%

20%

20%

15%

15%

10%

10%

5%

5%

0

0 met het schoonmaken met het onderhouden van de openbare van groen ruimte

Overvecht Bron: inwonersenquête gemeente Utrecht

bij buurtpreventie

op school, bij buurthuis of een sportvereniging

de zorg of hulp aan buurtbewoners

Utrecht

het organiseren van een buurtfeest

Overvecht

organiseren van een bijeenkomst of activiteit over energiebesparing

Utrecht

Bron: inwonersenquête gemeente Utrecht

Overvechters willen meer hulp geven Kijken we ook naar de potentiële hulp, hulp die mensen nog niet geven, maar wel zouden willen geven, dan is zorg of hulp aan buurtbewoners het meest genoemd. 13% geeft deze hulp en nog eens 32% is daartoe bereid. In vergelijking met voorgaande jaren is een licht positieve ontwikkeling te zien als het gaat om het geven en willen geven van hulp.

25 / 42

4. Zorg en ondersteuning dichtbij en op maat 4.1 Een stevige sociale basis waarin mensen elkaar kunnen ontmoeten, iets doen voor de buurt en elkaar een steuntje in de rug geven. % ernstig eenzame inwoners

% ernstig eenzame inwoners

25% Overvecht

20%

Noordwest West Leidsche Rijn

Noordoost

15%

Binnenstad

10%

Oost

VleutenDe Meern

Zuidwest Zuid

5% 0 2012

0%

5%

10%

15%

20%

Bron: gezondheidspeiling 2018

Eenzaamheid in Overvecht Eén op de tien Utrechters is ernstig eenzaam. Dit is 17% in Overvecht. 40% van de Utrechters is (wel eens) eenzaam. Voor Overvecht geldt dit voor 53% van de inwoners. In heel Utrecht zagen we een stijging van eenzaamheid in 2016, zo ook in Overvecht. Sinds 2016 is ernstige eenzaamheid in Overvecht gedaald van 21% naar 17%. Impact COVID-19 In de kenniskring stond de bespreking van de indicatoren sterk in het teken van COVID-19. Uit landelijke onderzoeken blijkt dat een behoorlijk aandeel van de mensen aangeeft meer eenzaamheidgevoelens te ervaren. Dergelijke signalen zijn ook opgehaald voor Overvecht. Deze signalen wijzen op toenemende eenzaamheid, somberheidsklachten of angsten. Verder maakt(e) de coronacrisis het lastiger te werken aan het informele netwerk van cliënten. Aan de ene kant wordt een groep gesignaleerd die vanwege COVID-19 meer veerkracht en eigen regie laat zien, aan de andere kant ook een groep die zich meer afsluit van de buitenwereld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=d1b4f634-315c-442d-8d1c-fca068b1f053