CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapportage evaluatie Ondernemersfonds Utrecht OfU 2023

Commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie (2022-2026) 14 maart 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsbrief evaluatieonderzoek Ondernemersfonds Utrecht 202315.515 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Door en voor ondernemers

1/57

RAPPORT

Door en voor ondernemers Evaluatie Ondernemersfonds Utrecht 69945 - openbaar – 31 augustus 2023 Doriene Bakker, Fenna Mossinkoff, Steven Blok

GRONDLEGGER VAN VOORUITGANG

Door en voor ondernemers

2/57

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 ...................................................................................................................... 3 Inleiding, conclusies en aanbevelingen ............................................................................ 3 1.1

Inleiding ......................................................................................................... 3

1.2

Leeswijzer ...................................................................................................... 4

1.3

Conclusies en aanbevelingen .......................................................................... 5

Hoofdstuk 2 ...................................................................................................................... 8 Onderzoeksvragen en methoden ...................................................................................... 8 2.1

Onderzoeksvraag en deelvragen ..................................................................... 8

2.2

Onderzoeksopzet en methoden ....................................................................... 8

Hoofdstuk 3 .................................................................................................................... 14 Het fonds........................................................................................................................ 14 3.1

Organisatie en functioneren ......................................................................... 14

3.2

Financiën ...................................................................................................... 17

3.3

Conclusies en aanbevelingen ........................................................................ 20

Hoofdstuk 4 .................................................................................................................... 21 Trekkingsgebieden ......................................................................................................... 21 4.1

Indeling en werking ...................................................................................... 21

4.2

Volwassen en minder volwassen gebieden ................................................... 22

4.3

Conclusies en aanbevelingen ........................................................................ 25

Hoofdstuk 5 .................................................................................................................... 27 Samenwerking ............................................................................................................... 27 5.1

Opties voor samenwerking ........................................................................... 27

5.2

Conclusies en aanbevelingen ........................................................................ 30

Bijlage 1. Interview-leidraad .......................................................................................... 31 Bijlage 2. Trekkingsgebieden geïnterviewde personen ................................................... 32 Bijlage 3. Enquête resultaten ......................................................................................... 33 Bijlage 4. Bestedingen per categorie van het OfU........................................................... 56

Foto voorblad: @samtekiefte

Door en voor ondernemers

3/57

HOOFDSTUK 1

Inleiding, conclusies en aanbevelingen 1.1

Inleiding

In 2022 vierde Ondernemersfonds Utrecht (OfU) zijn 10-jarig bestaan. Gedurende deze periode is het fonds organisch meegegroeid met de behoeften van Utrechtse ondernemers. Na de opstartfase en doorontwikkeling in de afgelopen jaren heeft het fonds nu een stevige basis gelegd. Met behulp van deze evaluatie kan OfU bepalen hoe het zich verder wil ontwikkelen. Stichting OfU is er door en voor Utrechtse ondernemers om het vestigingsklimaat te stimuleren. Met een jaarlijks te besteden budget van meer dan 8 miljoen euro is OfU het grootste ondernemersfonds van Nederland. Alle ondernemers die de ozb-niet-wonen afdragen, hebben recht op dit budget. Elk jaar worden ongeveer 500 aanvragen beoordeeld en goedgekeurd. Utrecht is verdeeld in 68 trekkingsgebieden. Elk gebied heeft een eigen budget en beslissingsbevoegdheid over de besteding ervan, zolang het bijdraagt aan het verbeteren van het vestigingsklimaat. Hierdoor hebben ondernemers de regie over hun eigen stukje Utrecht. Naast ondernemers als winkeliers, pandeigenaren en commerciële bedrijven vallen bijvoorbeeld ook scholen, sportverenigingen en culturele instellingen binnen de definitie van het fonds. In de afgelopen jaren is OfU door verschillende fases gegaan met verschillende projecten, fondsmanagers en bestuursleden. Vanaf het begin heeft OfU zich dynamisch en faciliterend opgesteld.

In de eerste jaren na de oprichting werd door het fonds met name gewerkt aan het opzetten van de trekkingsgebieden en het ervoor zorgen dat ondernemers elkaar in die gebieden wisten te vinden. Bovendien is er in de beginjaren hard gewerkt aan een administratief sterke organisatie. Dit heeft zijn vruchten afgeworpen. In de afgelopen jaren zijn er vervolgens veel verbeteringen doorgevoerd in het functioneren van het fonds en weten ondernemers elkaar binnen de trekkingsgebieden beter te vinden. Sinds de oprichting van OfU in 2012 hebben er drie evaluaties plaatsgevonden: twee in 2014 en één in 2019. Nu is het weer tijd om de balans op te maken. Enerzijds om terug te blikken op de ontwikkelingen sinds de vorige evaluatie (en wat er met de toen gesignaleerde aanbevelingen gedaan is), anderzijds om vooruit te kijken naar de richting voor de komende jaren. In de laatste evaluatie van 2019 werd geconcludeerd dat OfU een waardevol instrument voor ondernemers en de stad was, maar ook dat er nog ontwikkelpotentieel was.

Door en voor ondernemers

4/57

Het werd gezien als een waardevol instrument omdat: •

Ofu het ondernemers- en vestigingsklimaat in de stad verbetert

•

ondernemers zich dankzij OfU georganiseerd hebben

•

OfU bijdraagt aan een slagvaardige infrastructuur voor ondernemers met aandacht voor lokale behoeften

•

OfU beter te vinden is voor trekkingsgebieden, waardoor de uitgaven zijn toegenomen

•

OfU draagvlak heeft voor zijn werkwijze

•

OfU doelmatig en transparant werkt en aandacht heeft voor eerdere aandachtspunten.

Het ontwikkelpotentieel voor OfU in de vorige evaluatie kwam neer op de volgende punten: •

de organisatiegraad van de trekkingsgebieden verschilt in de mate van professionaliteit

•

OfU en de trekkingsgebieden lopen in de communicatie tegen praktische problemen aan die de ontwikkeling van het fonds belemmeren

•

OfU ondersteunt beperkt stadsbrede en thematische initiatieven

•

de tot nu toe gehanteerde huidige termijn van OfU belemmert planvorming in de trekkingsgebieden.

De aanbevelingen die hieruit volgden worden in dit rapport per hoofdstuk in verschillende blokken geïntroduceerd. Hierin geven we weer wat er specifiek met die aanbeveling is gedaan en in welke mate dit helpend is geweest voor de verdere ontwikkeling van het fonds.

1.2

Leeswijzer

In opdracht van de gemeente Utrecht en het Ondernemersfonds Utrecht (OfU) heeft Berenschot in mei 2023 de evaluatie van het Ondernemersfonds uitgevoerd. Het hoofddoel van deze evaluatie is om het functioneren van het fonds te onderzoeken en mogelijkheden te identificeren voor verdere verbetering bij het ondersteunen van ondernemers bij gezamenlijke initiatieven die ze ontplooien. In dit rapport wordt in hoofdstuk 2 beschreven in welke context de evaluatie heeft plaatsgevonden en geven we een verantwoording voor de onderzoeksopzet en de gehanteerde methode. De bevindingen, conclusies en aanbevelingen zijn vervolgens opgedeeld in drie hoofdstukken. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de organisatie en het functioneren van het fonds. In hoofdstuk 4 staat de werking en indeling van de trekkingsgebieden centraal. In het laatste hoofdstuk wordt verder ingegaan op samenwerking. Deze evaluatie staat niet op zichzelf: er zijn al eerdere evaluaties uitgevoerd. Dit rapport zal ook (voor zover mogelijk) toetsen of doorgevoerde aanbevelingen op basis de vorige evaluatie invloed hebben gehad op het functioneren van het fonds. In de hoofdstukken 3 tot en met 5 hebben we de aanbevelingen uit de vorige evaluatie (2019) opgenomen en aangegeven wat hiermee gedaan is in de afgelopen periode. Allereerst hebben we echter in de volgende paragraaf al onze conclusies en aanbevelingen op een rij gezet.

Door en voor ondernemers

1.3

5/57

Conclusies en aanbevelingen

Conclusies: Hoofdstuk 3 Het fonds •

Het fondsmanagement functioneert naar tevredenheid. Het fonds heeft een aantal concrete en goed werkende verbeteringen doorgevoerd: een efficiëntere inrichting van de organisatie, de overgang naar een interactief portaal ten behoeve van de informatiebehoefte, en de zichtbaarheid van het fonds. Momenteel is de Raad van Toezicht in huidige vorm overwegend inactief. Het fonds is bezig met een herijking van de functie, invulling en doelen van de Raad van Advies.

•

Het fonds heeft aandacht voor het blijvend doorontwikkelen van zijn eigen organisatiestructuur. Dit is van belang door de stijging van het beschikbare budget, enerzijds door de groei van de stad en anderzijds door de ozb-stijging van 18%.

•

De activiteiten van OfU en de ondernemers hebben maatschappelijke meerwaarde. Ze dragen bij aan het leefgenot en de innovatiekracht van (ondernemers en) inwoners van de stad. Door het fijne vestigingsklimaat willen mensen hier graag komen werken, wonen én verblijven.

Hoofdstuk 4 Trekkingsgebieden •

Ondernemers zijn doorgaans tevreden over de inrichting van de trekkingsgebieden, de zeggenschap over de werkwijze en de inrichting van het eigen gebied. Het fonds heeft blijvend aandacht voor trekkingsgebieden waar de inrichting om aandacht vraagt.

•

De afgelopen jaren is de organisatie van de trekkingsgebieden verbeterd, zowel in meer als minder volwassen gebieden is deze verbetering merkbaar. Desalniettemin zijn er ook gebieden waar geen verbetering heeft plaatsgevonden en waar OfU zijn aandacht op moet blijven richten.

•

Een betere besteding van het budget wordt bereikt door een betere organisatie van de trekkingsgebieden. Het is essentieel om alle gebieden waar het volledige budget per jaar nog niet wordt opgemaakt naar een hoger organisatieniveau te tillen om het groeiende budget in de nabije toekomst volledig en op een zinvolle wijze te kunnen besteden. Bovendien vragen maatschappelijke uitdagingen waar ondernemers mee te maken hebben (zoals verduurzaming of arbeidskrapte) om goed georganiseerde trekkingsgebieden zodat zij adequaat kunnen reageren op deze ontwikkelingen.

Hoofdstuk 5 Samenwerking •

Ondernemers willen graag, naast samenwerking in hun eigen gebied, samenwerken op de thema’s duurzame energie, mobiliteit, groen, evenementen, veiligheid en werkgelegenheid. Soms met aangrenzende gebieden, soms met soortgelijke typen gebieden en soms in contact met de gemeente. De voorkeur is afhankelijk van het specifieke onderwerp.

•

Uit deze evaluatie blijkt niet direct een behoefte bij ondernemers om samen op te trekken en/of vanuit OfU initiatieven te ontwikkelen om zodoende mogelijk makkelijker aan tafel te komen bij de gemeente.

•

Wel staan ondernemers positief tegenover OfU als facilitator van samenwerking. Een faciliterende rol voor OfU is passend, al moet de invulling van de inhoudelijke samenwerking te allen tijde vanuit de ondernemers zelf komen.

Door en voor ondernemers

6/57

Aanbevelingen: Hoofdstuk 3 Het fonds •

Ten aanzien van het functioneren van het fonds, adviseren we: laat wat goed gaat, ook goed blijven gaan. Tegelijkertijd leidt het groeiende bestedingsbudget – door de groei van de stad en de stijging van de ozb-heffing – tot de vraag of de huidige organisatiestructuur toekomstbestendig genoeg is. Om die reden is het van belang om (meer dan eens in de vier jaar) scherp te blijven op de toekomstbestendigheid van de organisatiestructuur van het fonds en de trekkingsgebieden. We adviseren om de functie, leden en doelen van de Raad van Advies te heroverwegen. De Raad van Advies kan ingezet worden om de naamsbekendheid van OfU te vergoten en zodoende meer ondernemers te betrekken bij het fonds. De Raad van Advies is daarnaast ook geschikt om een aanjagende en wervende functie te vervullen bij de start van de thematische samenwerking.

•

Wij adviseren om blijvend te investeren in de bekendheid van OfU en de trekkingsgerechtigden. Het bereiken van de achterban moet structureel aandacht behouden.

•

De beschikbaarheid van contactgegevens van alle ondernemers in Utrecht is een punt van aandacht. Wij adviseren hier de komende periode samen met de gemeente te blijven zoeken naar (nieuwe) mogelijkheden om het gebruik van gegevens die voorhanden zijn verder te ontsluiten.

Hoofdstuk 4 Trekkingsgebieden •

Aangezien er een groep is die nog niet goed bekend is met de werking van de trekkingsrechten – terwijl de informatie wel beschikbaar is – en er altijd nieuwe ondernemers zich vestigen, adviseren we om blijvend bijeenkomsten ter informatievoorziening en uitwisseling te organiseren.

•

Wij adviseren om te komen tot een gestructureerde werkwijze voor de verdere doorontwikkeling van de organisatie van de trekkingsgebieden. Maak in de werkwijze onderscheid in de volwassenheid van verschillende gebieden en maak een overzicht met opties om te komen tot een hogere organisatiegraad. Ondernemers kunnen zelf kiezen welke vorm voor hun trekkingsgebied passend is. Wij adviseren om de nadruk te leggen op de optie van het structureel aanstellen van een kartrekker aangezien dat een succesfactor is gebleken voor de meer volwassen gebieden.

•

Overweeg als OfU om het onbenutte budget1 na drie jaar betekenisvoller te verspreiden door het bedrag niet alleen over alle trekkingsgebieden te verdelen maar een gedeelte hiervan aan te wenden om verbeteringen ten goede van trekkingsgebieden voor te stellen en te bekostigen. Een meer inhoudelijk invulling van de herindeling van het geld is relevant omdat het beschikbare budget de aankomende jaren toeneemt en momenteel 20% van het huidige budget niet wordt opgemaakt. Na drie zou jaar zou gedeelte van het onbenutte budget, in samenspraak met het betreffende trekkingsgebied, ingezet kunnen worden om gericht te helpen in het verhogen van de organisatiegraad. Naast het structureel aanstellen van een kartrekker kan de organisatiegraad van de trekkingsgerechtigde ook op andere manieren vorm krijgen bijvoorbeeld door de aanwezigheid van een juridische entiteit, het hebben van jaarplannen, een aanwezige overlegstructuur en het hebben van bestedingspijlers.

Het beschikbare budget waarvan de bestedingstermijn van drie jaar is verlopen wordt door OfU onbenut budget genoemd. 1

Door en voor ondernemers

7/57

Hoofdstuk 5 Samenwerking •

Wij adviseren OfU de trekkingsgerechtigden te faciliteren in het delen van kennis door middel van een database met beschikbare informatie, de mogelijkheid om ervaringen uit te wisselen en gezamenlijke inkoop te organiseren.

•

Om thematische samenwerking te faciliteren, raden wij OfU aan om de noodzakelijke infrastructuur hiervoor op te zetten. Dit kan als volgt werken: –

OfU neemt initiatief voor het vormen van een strategische agenda door bijeenkomsten te organiseren en voor te bereiden met een kleine vaste groep betrokken ondernemers (een ‘strategische agenda commissie’).

–

Start met het organiseren van bijeenkomsten op thema’s (duurzame energie, mobiliteit, groen, evenementen, veiligheid en werkgelegenheid). Desgewenst kunnen ondernemers andere thema’s en onderwerpen kiezen.

–

De uitwerking op de verschillende onderwerpen kan gerealiseerd worden door de ondernemers die hier interesse in hebben. Per project kunnen andere ondernemers intekenen en meedoen. Blijf als OfU de uitwerking faciliteren.

–

Op deze manier maakt OfU het mogelijk om thematische samenwerking te laten ontstaan waar ondernemers dat nodig en nuttig vinden.

Door en voor ondernemers

8/57

HOOFDSTUK 2

Onderzoeksvragen en methoden 2.1

Onderzoeksvraag en deelvragen

Deze evaluatie kent de volgende onderzoeksvraag: Met welke ondersteuning kan het Ondernemersfonds Utrecht ondernemers nog verder stimuleren en bijstaan om, met inzet van het fonds, het vestigingsklimaat te versterken?

De deelvragen zijn deels ingegeven door de aandachtspunten uit de eerdere evaluatie2 en zijn ingestoken op zowel een analyse van hoe OfU werkt (het proces) als de resultaten die zijn gerealiseerd (het effect): 1.

Op welke wijze is OfU ingericht en op welke wijze heeft het fonds gefunctioneerd in de afgelopen jaren?

2.

Hoe zijn de trekkingsgebieden ingericht en georganiseerd? Zijn hierin verschillen en wat zijn de ervaringen ten aanzien van het functioneren van trekkingsgebieden?

3.

Hoeveel en wat voor soort projecten zijn er gerealiseerd in 2022?

4.

Is de samenhang en slagkracht van minder volwassen3 gebieden verbeterd en wat was hierbij helpend/wat kan nog verbeteren? Welke rol had OfU hierin?

5.

Hoe hebben de volwassen gebieden zich ontwikkeld ten opzichte van de vorige evaluatie? Welke rol had OfU hierin?

6.

Op welke wijze is er gewerkt aan kennisuitwisseling, thematische inrichting en stads/gemeentebrede initiatieven en welk effect heeft dit gehad?

7.

Welke behoeften zijn er bij de ondernemerscollectieven die (nu) nog niet vervuld worden?

8.

Is de organisatiestructuur van OfU helder en helpend voor de doelen van het fonds?

9.

Is het contact met ‘de achterban’ goed en is er gewerkt aan het vergroten van de impact, legitimiteit en kracht?

10.

Wat is de maatschappelijke impact (maatschappelijke meerwaarde) van de activiteiten van het fonds?

2.2

Onderzoeksopzet en methoden

Deze evaluatie omvat vier methoden die zijn ingezet in mei en juni 2023 om de onderzoeks- en deelvragen te beantwoorden. Door een combinatie van deze vier methoden (zie tabel 1) komen we tot een zo compleet mogelijk antwoord op de hoofdvraag.

Van 2019, zie pp. 7-8. In de vorige evaluatie is een onderscheid gemaakt tussen volwassen en minder volwassen trekkingsgebieden. Een volwassen gebied is een gebied waarvan het bestedingspatroon actief en in lijn is met het beschikbare budget. Een minder volwassen gebied is een gebied waarvan het bestedingspatroon achterblijft op het beschikbare budget (zie paragraaf 4.2 voor meer uitgebreide definitie). 2 3

Door en voor ondernemers

9/57

Allereerst is er bureauonderzoek uitgevoerd op basis van beschikbare gegevens en documenten. Op basis hiervan is een eerste initiële analyse gemaakt met betrekking tot het functioneren van de trekkingsgebieden en het fonds. Ten tweede zijn er interviews afgenomen met respondenten die zijn geselecteerd samen met OfU en de gemeente Utrecht. We hebben gesprekken gevoerd met het bestuur van OfU, het fondsmanagement en de verantwoordelijke wethouder en ambtenaren van de gemeente Utrecht. Daarnaast hebben we gesproken met ondernemers uit verschillende type trekkingsgebieden zoals winkelgebieden, bedrijventerreinen, kantorenparken en gemengde gebieden. Deze geselecteerde gebieden verschilden in grootte, besteedbaar budget en mate van organisatie. De interviews waren semigestructureerd van aard (de interviewleidraad is in bijlage 1 te vinden). Het hoofddoel van de interviews was om (1) diepgaand inzicht te krijgen in het fonds en het functioneren van de trekkingsgebieden en (2) input te verzamelen voor de enquêtevragen. Daarnaast zijn er aanvullende interviews gehouden met andere ondernemersfondsen in Leiden en Leeuwarden om vergelijkingen te maken en waardevolle good practices te verzamelen. In totaal hebben er 11 interviews met 17 respondenten plaatsgevonden (zij bijlage 2 voor de geïnterviewde trekkingsgebieden. Ten derde is er een online enquête uitgezet.

In paragraaf 3.3 staat meer informatie over de enquête. Tot slot is een gezamenlijke duidingsbijeenkomst georganiseerd om de eerste resultaten van de interviews en de enquête gezamenlijk te bespreken, te duiden en verder te verdiepen. De duidingsbijeenkomst vond plaats op 26 juni 2023. 13 ondernemers, het fondsmanagement en de gemeente Utrecht waren hierbij aanwezig. ..Nr.

Deelvragen

1

Op welke wijze is OfU ingericht en heeft het fonds gefunctioneerd in de afgelopen jaren?

2

Hoe zijn de trekkingsgebieden ingericht en georganiseerd, zijn hierin verschillen en wat zijn de ervaringen ten aanzien van het functioneren van trekkingsgebieden? Hoeveel en wat voor soort projecten zijn er gerealiseerd in 2022 (in zijn geheel en per trekkingsgebied)? Is de samenhang en slagkracht van minder volwassen gebieden verbeterd en wat was hierbij helpend/wat kan nog verbeteren? Welke rol had OfU hierin? Hoe hebben de volwassen gebieden zich ontwikkeld ten opzichte van de vorige evaluatie? Welke rol had OfU hierin? Op welke wijze is er gewerkt aan kennisuitwisseling, thematische inrichting en stads-/gemeentebrede initiatieven en welk effect heeft dit gehad? Welke behoeftes zijn er bij de ondernemerscollectieven die (nu) nog niet vervuld worden? Is de organisatiestructuur van OfU helder en helpend voor de doelen van het fonds?

3

4

5

6

7

8 9

10

Bureauonderzoek

Interviews

*

Enquê te

Duidingsbijeenkomst

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

Vergelijkend onderzoek

*

*

*

Is het contact met ‘de achterban’ goed en is er gewerkt aan het vergroten van de impact, legitimiteit en kracht? Wat is de maatschappelijke impact (maatschappelijke meerwaarde) van de activiteiten van het fonds?

Tabel 1. Overzicht methodes voor verschillende onderzoeksvragen.

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

*

Door en voor ondernemers

2.2.1

10/57

Verspreiding en opzet enquête

De enquête is opgesteld aan de hand van de deelvragen uit deze evaluatie. De bevindingen uit de interviews en informatie uit het bureauonderzoek, vooral met betrekking tot de inrichting van het fonds en de projecten, dienden als input voor de opbouw en inhoudelijke vragen van de enquête. In overleg met OfU en de gemeente hebben we voor de volgende aanpak van verspreiding van de enquête gekozen. De enquête is door OfU verspreid via sociale media, WhatAapp-groepen, nieuwsbrieven en via LinkedIn. Daarnaast heeft OfU de enquête verstuurd aan de contactpersoon van elk trekkingsgebied met het verzoek de enquête door te sturen naar hun achterban. Deze keuze heeft enkele kwaliteitsgevolgen die we in paragraaf 2.3.2 behandelen. Alternatieven voor verspreiding van een enquête zijn (1) een open enquête, met het risico op veel vervuilde respons (van niet-ondernemers) (ook vraagt deze benadering om extra vragen of andere indicatoren om te checken of respondenten ‘echt’ zijn), (2) een uitnodiging per brief via een adressenbestand (dit is een tijdsintensieve en dure benadering) of (3) het telefonisch afnemen van enquêtes (ook een tijdsintensieve en dure benadering). In de periode dat deze evaluatie heeft plaatsgevonden, heeft de enquête drie weken opengestaan. In totaal hebben 151 ondernemers de enquête ingevuld.

Van deze groep hebben 133 ondernemers aangegeven in welke sector zij actief zijn, en van 125 ondernemers weten we in welk trekkingsgebied zij actief zijn. Van de 151 zijn er enkele respondenten die niet alle vragen hebben beantwoord. Het ging in deze gevallen om niet-ingevulde open vragen. We hebben daarom wel alle 151 respondenten meegenomen in het presenteren van de resultaten.

2.2.2

Ontwerpkeuzes en kanttekeningen enquête

De enquête bestond uit 21 vragen. De vragen gingen (met uitzondering van de controlevragen) enkel over de onderwerpen van deze evaluatie. We hebben de enquête zo kort mogelijk gehouden om de kans zo groot mogelijk te maken dat ondernemers de enquête zouden invullen en zouden afmaken.4 Daarnaast hebben we de enquêtevragen zo begrijpelijk mogelijk, zo precies mogelijk en zo neutraal mogelijk geformuleerd zodat ondernemers de vragen goed konden invullen en we kunnen aannemen dat de antwoorden weerspiegelen wat ze vinden.5 We benoemen van tevoren een aantal kanttekeningen bij de enquête, die helpen om deze methode in het grote geheel van deze evaluatie op waarde te schatten: •

De enquête is online verspreid. Dit maakt dat de drempel om het in te vullen laag. Daarentegen is de wijze van benadering onpersoonlijk.

•

De verantwoordelijkheid voor de verspreiding van de enquête lag gedeeltelijk bij de trekkers van de gebieden. Het is dus onzeker hoeveel ondernemers de enquête uiteindelijk hebben ontvangen waardoor we non-respons niet precies weten.

•

We weten vanuit eerdere ervaringen dat mensen met meer extreme opvattingen (voorstanders en tegenstanders van het ondernemersfonds) vaker een enquête invullen dan mensen met een meer gematigde mening.

Malhotra, N. K. (2006) questionnaire design and scale development. In Grover, R., & Vriens, M. (Eds.), The Handbook of Marketing Research: Uses, Misuses, and Future advances (pp. 83-94). 5 Malhotra, 2006; Krosnick, J. A. (2018). Questionnaire Design. In Vannette, D. L., & Krosnick, J. A. (Eds.), The Palgrave Handbook of Survey Research (pp. 439-455). 4

Door en voor ondernemers

•

11/57

Om de diversiteit van de respondenten in kaart te brengen, hebben we gevraagd uit welk trekkingsgebied ze komen (en of deze gebieden dus allemaal vertegenwoordigd zijn in de resultaten. Ook is gevraagd in welke mate ze vertegenwoordigd zijn, wat voor soort gebieden het zijn (volwassen of niet) en in welke sector ze ondernemen (als alle respondenten uit één sector komen, is er iets mis). Met deze controlevragen hebben we zicht of bepaalde respondenten over- of ondervertegenwoordigd zijn6.

•

De enquête is breed uitgezet: het gaat immers over functioneren van OfU in algemene zin. De enquête is niet bedoeld om in te zoomen op een specifiek trekkingsgebied.

•

We presenteren de opzet (vragen, respons en wat we hebben gedaan met incomplete enquêtes) van de enquêteresultaten en de kenmerken van de respondenten zo transparant mogelijk. Dit is een belangrijk kenmerk voor de kwaliteitsbeoordeling van enquêtes.7

In subparagraaf 2.3.3 volgt een overzicht van de kenmerken 'sector' en 'type trekkingsgebied' van de respondenten.

2.2.3

Respondenten enquête

Er zijn acht type trekkingsgebieden te onderscheiden in Utrecht, namelijk: bedrijventerrein, gemengd gebied, winkelgebied, kantorenpark, science park, sport- en recreatiegebied, defensie en de Green Business Club. De respons op de enquête laat een vertegenwoordiging zien van de verschillende typen trekkingsgebieden die in lijn is met de verhouding van het type trekkingsgebieden in totaal in Utrecht (zie tabel 2). De respons is wat betreft de vertegenwoordiging per type gebied daarmee een relatief goede afspiegeling van de verdeling in Utrecht. Het ruime merendeel (77%) van de respondenten komt uit een volwassen trekkingsgebied. Later in dit rapport blijkt uit bureauonderzoek dat 67% van de trekkingsgebieden ook volwassen is (volgens de definitie die daar uitgelegd wordt). Het is aannemelijk dat, aangezien er in de volwassen gebieden vaker een kartrekker8 actief is (die ook meer contact heeft met andere ondernemers), de enquête meer ondernemers uit volwassen gebieden heeft bereikt. In de resultaten zit dus een oververtegenwoordiging van deze groep.

Dit is één (van de grofweg negen mogelijke) indicator van representativiteit die veel gebruikt wordt. De ‘afwezigheid van selectieve krachten.’ Zie Schouten, B., Cobben, F., & Bethlehem, J. (2009). Indicators for the representativeness of survey response. Survey Methodology, 35(1), 101-113.: Ochsner, M. (2021). Representativeness of Surveys and its Analysis. 7 Burns, K. E., & Kho, M. E. (2015). How to assess a survey report: a guide for readers and peer reviewers. CMAJ, 187(6), E198-E205. 8 Een kartrekker is een betaalde kracht/bureausecretaris ingehuurd door de trekkingsgerechtigde organisatie. 6

Door en voor ondernemers

12/57

Tabel 2. Totaal aantal respondenten enquête naar type trekkingsgebied (vraag 6) Type trekkingsgebied

% per type respons enquête

% per type totaal in Utrecht

Bedrijventerrein

16,0

13,0

Kantorenpark

20,8

14,5

Winkelgebied

36,0

43,5

Gemengd gebied

20,8

19

Science Park

2,4

1,4

Sport- en recreatiegebied

2,4

5,8

Defensie

0

1,4

Green Business Club

0,8

1,4

Weet ik niet

0,8

Figuur 1. Sectoren waarin de respondenten actief zijn (vraag 5).

Als we de sectoren vergelijken met de beschikbare cijfers van heel Utrecht (die een iets andere indeling hebben), komt de verdeling weer redelijk overeen (2,8% in Utrecht vs. 4,51% in de enquête voor industrie, 13,4% vs. 18% voor detailhandel, 5,3% vs. 6,8% voor horeca, 6,3% vs. 3,8% voor financiële dienstverlening en 37,1% vs. 39,9% voor overige diensteverlening).9

9

https://ondernemersplein.kvk.nl/factsheet-utrecht/

Door en voor ondernemers

13/57

Uiteindelijk is daarmee in deze enquête niet één specifiek soort trekkingsgebied of sector bijzonder over- of ondervertegenwoordigd. Het blijft staan dat het merendeel van de enquête is ingevuld door volwassen gebieden, maar er zijn ook meer volwassen dan onvolwassen gebieden. Ondanks dat ook respondenten uit minder volwassen gebieden de enquête hebben ingevuld, kunnen we met deze vragenlijst niet precies verdiepen op de vragen hoe de minder volwassen gebieden kijken naar hun eigen trekkingsgebied het functioneren van het OfU. Het goed bevragen van dit soort moeilijk bereikbare groepen is een bekend en hardnekkig probleem in (enquête)onderzoek. Met 151 respondenten moeten we – als we statistische berekeningen zouden maken – rekenen op een foutmarge van circa. 7 à 8%. Voor het toetsen van een theorie is dat te weinig. Voor een evaluatie die gericht is op hoe-vragen (en op-welke-wijze-vragen) en op het identificeren wat beter kan, is het in combinatie met drie andere methodes genoeg om zinvolle conclusies te trekken een aanbevelingen te geven.

Door en voor ondernemers

14/57

HOOFDSTUK 3

Het fonds 3.1

Organisatie en functioneren

OfU bestaat uit het fondsmanagement, het bestuur van de stichting en de Raad van Advies. Het fondsmanagement is verantwoordelijk voor de uitvoering van de dagelijkse werkzaamheden zoals het onderhouden van de contacten met de trekkingsgerechtigden10, het verwerken van aanvragen, de administratie, de financiële afhandeling en de communicatie met alle partijen die betrokken zijn. De fondsmanager staat in nauw contact met zowel het bestuur als de Raad van Advies. Het bestuur is verantwoordelijk voor de correcte en zorgvuldige uitvoering van de voorwaarden horende bij de beschikking van de gemeente. Het bestuur is eindverantwoordelijk en beoordeelt de ingediende aanvragen, ondersteund door de fondsmanager. Het bestuur vergadert zes tot acht keer per jaar en tweemaal per jaar met de Raad van Advies. Het bestuur heeft daarnaast tweemaal per jaar bestuurlijk overleg met de wethouder. Samen met de fondsmanager vertegenwoordigt het bestuur het fonds op bijeenkomsten met de gemeente Utrecht, ondernemers(verenigingen) en trekkingsgerechtigden. De Raad van Advies geeft het bestuur gevraagd en ongevraagd advies over alle mogelijke zaken die van belang zouden kunnen zijn voor het goed functioneren van het fonds. In de Raad van Advies zit een brede doorsnede van Utrechtse ondernemers. Uit de gesprekken met het fondsmanagement bleek dat de Raad van Advies op dit moment overwegend inactief is.

Het fonds is momenteel bezig met een herijking van de functie, de invulling en de doelen van de Raad van Advies. De Raad van Advies kan ingezet worden om de naamsbekendheid van OfU te vergoten en zodoende meer ondernemers te betrekken bij het fonds. De Raad van Advies is daarnaast ook geschikt om een aanjagende en wervende functie te vervullen bij de start van de thematische samenwerking (zie hiervoor de aanbevelingen in hoofdstuk 5). OfU heeft als voornaamste taak trekkingsgerechtigden te ondersteunen bij het zo effectief mogelijk besteden van hun budget. Om dit te doen richt OfU zich op het helpen bij het verhogen van de organisatiegraad van trekkingsgebieden. Op basis van een analyse, uitgevoerd door OfU, is namelijk geconstateerd dat goed georganiseerde gebieden beter in staat zijn het budget optimaal te benutten. Uit de analyse blijkt dat dit voornamelijk komt door: •

de beschikbaarheid van informatie

•

de aanwezigheid van een kartrekker, en/of

•

een bepaalde vorm van georganiseerdheid van de trekkingsgerechtigde (denk hierbij aan: is er een juridische entiteit, zijn er jaarplannen, is er een overlegstructuur).

OfU heeft naar aanleiding van de vorige evaluatie uit 2019 een analyse uitgevoerd om de informatiebehoefte van de achterban in kaart te brengen, wat heeft geleid tot een marktverkenning door een adviesbureau om een nieuw administratiesysteem in te regelen. Naar aanleiding hiervan heet OfU de afgelopen jaren de backoffice geherstructureerd. Hierbij is de administratie efficiënter ingericht en is de communicatie gecentraliseerd op één plek. Om verder te voorzien in de Een trekkingsgerechtigde is een collectief van ondernemers binnen een trekkingsgebied. In elk trekkingsgebied is een trekkingsgerechtigde organisatie aanwezig. Een aanvraag voor financiering kan alleen door of namens een ‘trekkingsgerechtigde’ worden gedaan. 10

Door en voor ondernemers

15/57

informatiebehoefte is OfU in februari 2023 overgestapt van een passief dashboard naar een interactief portaal. In dit portaal kunnen kartrekkers en trekkingsgerechtigden hun volledige project- en factuuradministratie raadplegen. Het biedt tevens een interactieve omgeving voor het uitwisselen van informatie. OfU besteedt consequent aandacht aan de zichtbaarheid van het fonds en de mogelijkheden die het fonds biedt. Dit kwam naar voren in de interviews en ons bureauonderzoek. Zo vierde OfU het tienjarig jubileum in 2022 en werd een nieuwe huisstijl gelanceerd, onder andere voor de website en de jaarverslagen. De meerderheid van de respondenten (76,8%) van de enquête geeft aan OfU te kennen. Toch is een deel van de ondernemers (23,18%) nog niet op de hoogte van OfU. De bekendheid met het fonds helpt in de besteding van de budgetten in de trekkingsgebieden. Vandaar dat hier continu aandacht aan moet worden besteed. Eveneens bij het Ondernemersfonds in Leiden en Leeuwarden is dit een aandachtspunt. Er zijn zowel in Leiden, Leeuwarden en Utrecht ondernemers die wel bekend zijn met het fonds, maar die geen interesse hebben om actief deel te nemen aan budgetbestedingen in hun trekkingsgebied. In Leeuwarden werd aangegeven dat zij dit niet als doel op zich zien. Er zijn voldoende ondernemers wel betrokken.

Zij zorgen voor een positieve impuls in het vestigingsklimaat voor alle ondernemers. In de interviews en tijdens de duidingsbijeenkomst werd vanuit de trekkingsgerechtigden consequent positief gesproken over het contact met het fondsmanagement van OfU. Het fondsmanagement is goed te bereiken en denkt mee waar nodig. Uit de interviews komt naar voren dat de transparantie en openheid van zaken bij de betrokken ondernemers erg wordt gewaardeerd en OfU de afgelopen jaren verder geprofessionaliseerd is. Zowel in de enquête als de duidingsbijeenkomst is aangegeven dat het nieuwe portaal erg goed werkt. In de duidingsbijeenkomst werd verder het belang benadrukt van het zichtbaar maken van de resultaten van het fonds. Dit helpt om bewustzijn te creëren over de mogelijkheden die het fonds biedt. De uitdagingen die ondernemers voor zichzelf zien (bijvoorbeeld op het gebied van arbeidsmarkt en energietransitie) hebben een relevantie en urgentie in de gehele maatschappij. Uit de enquête blijkt dat het gros (60%) van de ondernemers de activiteiten van OfU ziet als een maatschappelijke meerwaarde voor de stad (zie figuur 2). Een opvallend, terugkerend geluid tijdens de interviews was dat, door de verbetering van het vestigingsklimaat, OfU zorgt voor een positieve invloed op de Utrechtse samenleving als geheel.

Vanzelfsprekend is OfU door en voor ondernemers, maar draagt daarmee (bijvoorbeeld door verfraaiing van de stad) ook bij aan een verhoogd leefgenot en innovatiekracht van (ondernemers en) inwoners van de stad. Door deze wederkerigheid zorgt OfU voor een meerwaarde binnen de Utrechtse samenleving als geheel.

Figuur 2. Uitkomsten over de maatschappelijke waarde van OfU’s activiteiten voor de stad Utrecht (vraag 20).

Door en voor ondernemers

16/57

Aanbeveling vorige evaluatie Blijf kritisch reflecteren op het eigen handelen en intervenieer waar nodig. Maak ruimte voor feedback en ontwikkelvragen ten behoeve van draagvlak. Een Raad van Toezicht lijkt op dit moment niet nodig met een aanwezigheid van een Raad van Advies. Echter, met een bestuurswissel kan een Raad van Toezicht direct van toegevoegde waarde zijn. Resultaat In het interview met OfU is aangegeven dat er gedurende de afgelopen jaren regelmatig en op verschillende manieren feedback is verzameld. Zo heeft OfU de vragen die door ondernemers zijn gesteld en antwoorden gemonitord, wat als input dient voor het nieuwe portaal. Met de kartrekkers is in een bijeenkomst geëvalueerd wat goed gaat, wat beter kan en waar kansen liggen. Dit heeft veel input opgeleverd voor de backoffice en gaf energie in de samenwerking. De bestuurswissel in 2022-2023 creëerde een natuurlijk moment om de governance-structuur te evalueren. Het fondsmanagement heeft aangegeven hier de komende periode aandacht aan te besteden.

Aanbeveling vorige evaluatie Wees je als OfU (staf, bestuur, Raad van Advies) bewust van de toenemende complexiteit van aanvragen en de eigen rol en verantwoordelijkheden in deze aanvragen. Schakel waar nodig aanvullende (juridische) expertise in om inzichtelijk te krijgen welke (juridische) risico’s je als OfU loopt. Resultaat OfU heeft een juridisch adviseur gevonden uit de eigen achterban. Deze adviseur is beschikbaar voor allerhande vragen. Zo is er bijvoorbeeld meegedacht over hoe om te gaan met trekkingsgerechtigden die geen juridische entiteit zijn in het kader van aansprakelijkheid. De adviseur heeft bovendien geholpen met het opstellen van de vernieuwde samenwerkingsovereenkomst tussen OfU en de gemeente. OfU legt de verantwoordelijkheid voor het volgen van de aanbestedingsregels door naar de trekkingsgerechtigden. OfU heeft wel een verantwoordelijkheid om dit te toetsen en hierbij kan de juridisch adviseur ook ondersteunen.

Door en voor ondernemers

17/57

Aanbeveling vorige evaluatie Een up-to-date klantenbestand: maak gebruik van de kennis van andere ondernemersfondsen met betrekking tot wat wel en niet mag gezien de huidige privacywetgeving. Zo geeft Delft aan dat bedrijfsnamen en adressen gedeeld mogen worden. Daarnaast is de ervaring in Leeuwarden dat de gemeente bedrijfsnamen en contactpersonen wel beschikbaar stelt. Het hebben van deze gegevens zou een enorme impuls zijn voor communicatie en daarmee het betrekken van ondernemers bij OfU. Resultaat Er is, door middel van een verwerkingsovereenkomst tussen OfU en de gemeente, bereikt dat OfU beschikt over alle adressen van de eigenaren en gebruikers van alle objecten die aangeslagen worden voor ozb niet-woningen. Bestedingsvoorstellen of bijeenkomsten die hierover gaan mogen per brief gecommuniceerd worden aan deze partijen. Overige communicatie is vooralsnog niet toegestaan. Verdere ontwikkeling op dit vlak is het meest gehoorde verzoek van ondernemers. Vooralsnog ziet de gemeente geen mogelijkheden om dit verder te brengen vanwege privacywetgeving.

3.2

Financiën

Ondernemers en/of eigenaren en gebruikers van niet-woningen brengen het geld van het fonds zelf op, door de opslag van 11,1% op de onroerendzaakbelasting (ozb) niet-wonen die naar OfU gaat. Deze gelden worden door de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht (BghU) geïncasseerd en via de gemeente aan OfU beschikt. OfU toetst aanvragen aan de uitgangspunten van het fonds en de subsidiebeschikking en honoreert aanvragen die als doel hebben de Utrechtse economische structuur te verstevigen. In de enquête zijn respondenten bevraagd over de 11,1% opslag op de ozb niet-woningen die jaarlijks moet worden afgedragen. Het overgrote gedeelte van de respondenten (50,6%) geeft aan dat de opslag passend is of hoger zou mogen, tegenover 24,1% die aangeeft dat dit lager moet worden of moet worden afgeschaft (zie figuur 3).

Figuur 3. Mening van respondenten over de opslag op de ozb niet-woningen die jaarlijks wordt afgedragen (vraag 17).

Door en voor ondernemers

18/57

Jaarlijks worden honderden projecten door de verschillende trekkingsgerechtigden aangevraagd en vanuit OfU gehonoreerd. Deze projecten lopen uiteen van een Voedseltuin in Overvecht tot de Utrecht Survivalrun 2023. In het jaar 2022 zijn er 498 aanvragen ingediend en is er een bedrag van € 8.842.058,- toegekend. In 2022 waren er veel projecten rondom de viering van 900 jaar stadsrechten en de Vuelta.11 In tabel 3 staat een overzicht van de jaren 2019 – 2022. Tabel 3. Uitkomsten ontwikkeling budget, toegekend budget en besteed bedrag over de jaren. 2019

2020

2021

2022

Totaal beschikbaar budget

€ 6.767.000,-

€ 7.500.000,-

€ 7.800.000,-

€ 8.500.000,-

Totaal toegekend budget

€ 7.408.840,-

€ 7.072.447,-

€ 8.729.055,-

€ 8.842.058,-

Totaal besteed bedrag

€ 7.163.880,-

€ 5.808.153,-

€ 7.880.074,-

€ 8.750.129,-

449

517

519

498

Aantal aanvragen

In de afgelopen vier jaar heeft het fonds een stabiele ontwikkeling doorgemaakt. Gedurende de laatste drie jaar bleef het aantal aanvragen rond de 500, en het totale beschikbare budget groeide geleidelijk. Het budgetbedrag wordt bepaald door het percentage van de ozb niet-woningen. Met de verwachte groei van de stad zal het totaal beschikbare budget ook blijven groeien. Bovendien heeft het college van B en W in zijn coalitieakkoord in 2022 een ozb-stijging gevoerd. De opbrengst van ozb is met 18% verhoogd. Dit heeft als gevolg dat de beschikbare budgetten van OfU in de aankomende jaren toenemen. Om deze toename in budget te kunnen besteden neemt het belang van een solide fonds, de organisatiegraad binnen trekkingsgebieden en samenwerking tussen trekkingsgebieden toe. In 2020 was er een daling in de besteding als gevolg van de coronapandemie. Het verschil tussen het beschikbare en het toegekende budget komt voort uit de looptijd van de budgetten en eventuele niet-bestede bedragen uit voorgaande jaren die in latere jaren worden ingezet. Dit betekent dat het bestede bedrag een momentopname is, waarbij sommige projecten wellicht niet worden uitgevoerd en de besteding niet altijd synchroon loopt met het jaar van toekenning. Een niet-besteed bedrag in een trekkingsgebied wordt, volgens de afgesproken systematiek, na drie jaar verdeeld over alle gebieden.

Op dit moment wordt 80% van het totale beschikbare budget door de verschillende trekkingsgebieden binnen drie jaar ingezet. Dit betekent dat 20% van het beschikbare budget nog niet wordt ingezet. Het budget waarvan de bestedingstermijn is verlopen wordt door OfU onbenut budget genoemd. Dit onbenutte budget wordt volgens afspraak na drie jaar verdeeld over alle trekkingsgebieden. Aangezien het beschikbare budget in de aankomende jaren alleen maar zal toenemen, zullen alle trekkingsgebieden hun organisatiegraad op orde moeten hebben om in staat te zijn het groeiende budget te kunnen uitgeven. In paragraaf 4.2 gaan wij verder in op de organisatiegraad en de succesfactoren van de verschillende volwassen trekkingsgebieden. De organisatiegraad is een belangrijke voorwaarde voor trekkingsgebieden om hun bestedingsactiviteit in goede verhouding te brengen tot het groeide budget. De bestedingscategorieën, zoals vermeld in de jaarverslagen, zijn de afgelopen jaren aangepast door OfU. Corona was een deel van de aanleiding, maar ook bredere herijking. Deze aanpassingen zijn bedoeld om de uitgaven beter te registreren en beter te laten aansluiten bij de huidige

11

Jaarverslag 2022

Door en voor ondernemers

19/57

tijdsgeest. Daardoor is het lastig om in deze evaluatie een vergelijking te maken op dit gebied. In bijlage 4 vindt u de overzichten van de bestedingen per categorie voor 2021 en 2022. Tabel 4. Overzicht bestedingscategorieën in 2021 en 2022. Bestedingscategorieën 202112

Bestedingscategorieën 202213

Veiligheid

Schoon, heel en veilig

Marketing en promotie

Marketing en communicatie

Communicatie

Gebiedsmanagement

Aankleding en uitstraling

Aankleding en uitstraling

Ondersteuning en strategische capaciteit

Vitaliteit en gezondheid

Onderzoek en advies

Onderzoek en advieskosten

Duurzaamheid

Duurzaamheid

Evenementen

Mobiliteit

Infrastructuur Schoon en heel

De afgelopen jaren waren atypisch door corona. In plaats van grote meerjarige projecten ontstonden veel nieuwe kortlopende en creatieve projecten. Door onder andere grondstof- en personeelstekorten werd het soms vervolgens lastig om toegekende projecten te realiseren, geeft het fondsmanagement aan. De periode na corona kende veel verloop van personeel. Er was bij veel trekkingsgebieden dan ook sprake van een wisseling van de wacht. Een sterke en veerkrachtige organisatie is in staat om dit soort onvoorziene omstandigheden op te vangen. Daarom is het relevant om de organisatiestructuur van zowel het fonds als de trekkingsgerechtigden blijvend te ontwikkelen en evalueren.

‘Er is in coronatijd een hoop gebeurd en er zijn nieuwe initiatieven ontplooid toen gangbare dingen niet meer werkten, wat heel mooi is om te zien, maar de bestedingen zijn wel achtergebleven. Het vraagt wat inlooptijd om weer op het oude niveau aan de slag te gaan.’ – Kyra Kasel fondsmanager

12 13

Jaarverslag 2021 Jaarverslag 2022

Door en voor ondernemers

20/57

Aanbeveling vorige evaluatie Zet in op de lange termijn door de termijn van het OfU voor lange (>10 jaar) of onbepaalde tijd door te zetten. Dit stimuleert planvorming én realisatie in de trekkingsgebieden voor de lange termijn. Resultaat Inmiddels heeft het fonds deze permanente status. Hierdoor is planvorming in de trekkingsgebieden beter mogelijk, want er is een meerjarig toekomstperspectief. Dit heeft een positief effect op de besteding van de budgetten. In het nieuwe portaal is om die reden de mogelijkheid opgenomen om een reservering voor meerjarige contracten op te nemen, terwijl in het oude dashboard aanvragen alleen op jaarbasis aangevraagd konden worden.

3.3

Conclusies en aanbevelingen

Conclusies: •

Het fondsmanagement functioneert naar tevredenheid. Het fonds heeft een aantal concrete en goed werkende verbeteringen doorgevoerd: een efficiëntere inrichting van de organisatie, de overgang naar een interactief portaal ten behoeve van de informatiebehoefte, en de zichtbaarheid van het fonds. Momenteel is de Raad van Toezicht in huidige vorm overwegend inactief. Het fonds is bezig met een herijking van de functie, invulling en doelen van de Raad van Advies.

•

Het fonds heeft aandacht voor het blijvend doorontwikkelen van zijn eigen organisatiestructuur. Dit is van belang door de stijging van het beschikbare budget, enerzijds door de groei van de stad en anderzijds door de ozb-stijging van 18%.

•

De activiteiten van OfU en de ondernemers hebben maatschappelijke meerwaarde. Ze dragen bij aan het leefgenot en de innovatiekracht van (ondernemers en) inwoners van de stad. Door het fijne vestigingsklimaat willen mensen hier graag komen werken, wonen én verblijven.

Aanbevelingen: •

Ten aanzien van het functioneren van het fonds, adviseren we: laat wat goed gaat, ook goed blijven gaan. Tegelijkertijd leidt het groeiende bestedingsbudget – door de groei van de stad en de stijging van de ozb-heffing – tot de vraag of de huidige organisatiestructuur toekomstbestendig genoeg is. Om die reden is het van belang om (meer dan eens in de vier jaar) scherp te blijven op de toekomstbestendigheid van de organisatiestructuur van het fonds en de trekkingsgebieden. We adviseren om de functie, leden en doelen van de Raad van Advies te heroverwegen. De Raad van Advies kan ingezet worden om de naamsbekendheid van OfU te vergoten en zodoende meer ondernemers te betrekken bij het fonds. De Raad van Advies is daarnaast ook geschikt om een aanjagende en wervende functie te vervullen bij de start van de thematische samenwerking.

•

Wij adviseren om blijvend te investeren in de bekendheid van OfU en de trekkingsgerechtigden. Het bereiken van de achterban moet structureel aandacht behouden.

•

De beschikbaarheid van contactgegevens van alle ondernemers in Utrecht is een punt van aandacht. Wij adviseren hier de komende periode samen met de gemeente te blijven zoeken naar (nieuwe) mogelijkheden om het gebruik van gegevens die voorhanden zijn verder te ontsluiten.

Door en voor ondernemers

21/57

HOOFDSTUK 4

Trekkingsgebieden 4.1

Indeling en werking

De stad Utrecht is onderverdeeld in 68 verschillende trekkingsgebieden. In elk trekkingsgebied is een trekkingsgerechtigde organisatie aanwezig. Een aanvraag voor financiering kan alleen door of namens een ‘trekkingsgerechtigde’ worden gedaan. Een trekkingsgerechtigde is een collectief van ondernemers binnen een trekkingsgebied. De organisatie binnen de trekkingsgebieden is op collectieve wijze vormgegeven, waarbij alle ondernemers, eigenaren en gebruikers van niet-woningen aanvragen kunnen indienen en hun stem kunnen uitbrengen over de aanvragen. De trekkingsgebieden bepalen hun eigen stemprocedure. De enquête en interviews laten zien dat de meeste respondenten (81,7%) weleens een algemene ledenvergadering of (besluitvormende) bijeenkomst in het trekkingsgebied bijwonen. Uit de enquête blijkt dat de meerderheid van de respondenten (62%) globaal of goed begrijpt hoe de trekkingsrechten functioneren. Er is ook een groep (38%) die aangeeft hier niet goed van op de hoogte te zijn. Uit de duidingsbijeenkomst blijkt dat sommige mensen de term ‘trekkingsrechten’ niet kennen, maar wel op de hoogte zijn van de algemene systematiek van indiening en honorering van aanvragen.

Op basis van de interviews constateren we daarnaast dat bekendheid met de trekkingsgerechtigden en/of kartrekkers (betaalde krachten / bureausecretarissen ingehuurd door de trekkingsgerechtigden) helpt bij het goed functioneren van de trekkingsgebieden en bij de besteding van het fonds. De organisatorische structuur binnen de trekkingsgebieden ligt in principe in handen van de gebieden zelf. Zo bepalen de trekkingsgebieden zelf de stemprocedure voor honorering en de frequentie en wijze waarop de ondernemers samenkomen. De indeling van de gebieden ligt echter bij OfU. Wel kunnen de trekkingsgebieden, als zij niet tevreden zijn over hun functioneren en/of als de stad verandert, een verzoek indienen bij OfU om zich bijvoorbeeld samen te voegen met een aangrenzend gebied of op een andere manier heringedeeld te worden. Eveneens is het mogelijk om een nieuw trekkingsgebied te starten op thema, een zogenaamd ‘administratief trekkingsgebied’. De Green Business Club is een goed voorbeeld van een administratief trekkingsgebied. In dit geval gaat het om verschillende bedrijven die gevestigd zijn in het stationsgebied en die samen optrekken om het stationsgebied te verduurzamen en leefbaarder te maken. De verschillende trekkingsgebieden in het stationsgebied staan hiertoe (vrijwillig) een gedeelte van hun budget af aan de Green Business Club.

Daarnaast kunnen herindelingen ook door het fondsmanagement worden geïnitieerd, bijvoorbeeld als gevolg van stadsontwikkelingen. Uiteindelijk is en blijft dit een samenspel tussen de ondernemers en OfU. Uit de enquête blijkt dat het gros van de respondenten (85,2%) tevreden is over de huidige indeling van trekkingsgebieden en vindt dat er niets hoeft te veranderen. Hiervan geeft 27,8% aan wel graag meer contact te willen met andere trekkingsgebieden (zie figuur 4). Bij de antwoordmogelijkheid om nadere toelichting te geven, zei 13,9% vooral behoefte te hebben aan meer samenwerking binnen bepaalde gebieden of aan een herindeling van gebieden; deze toelichting kwam ook naar voren in de interviews.

Door en voor ondernemers

22/57

Figuur 4. Uitkomsten van de vraag hoe tevreden men is over de huidige indeling van de trekkingsgebieden (vraag 7).

Uit de enquête blijkt dat OfU bij het merendeel van de respondenten een overwegend positieve rol heeft gehad in de verbetering van de organisatie van de trekkingsgebieden. Uit de interviews blijkt dat die positieve rol onder andere invulling kreeg door de afgelopen jaren meer in te zetten op structureel contact met kartrekkers en/of trekkingsgerechtigden, zowel collectief als individueel.

Figuur 5. Uitkomsten over de rol van OfU in de verbetering van de organisatie van het trekkingsgebied (vraag 11).

4.2

Volwassen en minder volwassen gebieden

In de vorige evaluatie is een onderscheid gemaakt tussen volwassen en minder volwassen trekkingsgebieden. Een volwassen gebied is een gebied waarvan het bestedingspatroon actief is en in lijn met het beschikbare budget. Een minder volwassen gebied is een gebied waarvan het bestedingspatroon achterblijft bij het beschikbare budget. Het bestedingspatroon wordt door OfU per drie jaar bekeken. Als het trekkingsgebied binnen drie jaar zijn volledige budget opmaakt is het gebied goed georganiseerd, en daarmee een volwassen gebied.

Door en voor ondernemers

23/57

Wordt het geld niet binnen drie jaar volledig opgemaakt, dan is het gebied minder goed georganiseerd en daarmee gedefinieerd als een minder volwassen gebied. Uit ons bureauonderzoek blijkt dat momenteel 67% van de 68 trekkingsgebieden erin slaagt hun geld in drie jaar volledig te besteden. Deze 67% van de trekkingsgebieden zijn samen goed voor 80% van het volledig beschikbare budget. Dit betekent dat 80% van het totale budget wordt ingezet voor initiatieven en projecten die het vestigingsklimaat in Utrecht versterken. Dit betekent echter ook dat 33% van de gebieden nog geen aanspraak maken op het volledige bedrag en dat 20% van het totaal beschikbare budget nog niet in drie jaar wordt uitgegeven. Juist omdat het beschikbare budget in de toekomst zal groeien, is het van belang dat er blijvend aandacht wordt besteed aan de verbetering van de organisatiegraad van alle trekkingsbieden. Bovendien vragen maatschappelijke uitdagingen waar ondernemers mee te maken hebben (zoals verduurzaming of arbeidskrapte) om goed georganiseerde trekkingsgebieden, zodat trekkingsgebieden adequaat kunnen reageren op deze ontwikkelingen.

17% 25%

19% 14%

58%

67%

Verbetering organisatie trekkingsgebied Geen verbetering trekkingsgebied Anders, namelijk: Figuur 6. Beoordeling verbetering organisatie trekkingsgebied door minder volwassen gebieden (links) en volwassen gebieden (rechts) (vraag 12).

Uit de resultaten van de enquête is een aantal dingen af te leiden over de verbetering van de organisatie van de trekkingsgebieden. De organisatie van de trekkingsgebieden in zowel de volwassen als de minder volwassen gebieden is verbeterd (volgens respectievelijk 58% en 67% van de respondenten). De (verdere) verbetering van de organisatie van de gebieden is volgens de respondenten vooral merkbaar doordat: •

behoeften beter naar concrete projecten zijn vertaald

•

onderlinge samenwerking verbeterd is

•

ondernemers elkaar beter hebben weten te vinden.

De versterking van het contact tussen de trekkingsgerechtigde en zijn achterban is in de minder volwassen gebieden meer verbeterd dan in de volwassen gebieden. Dit is te verklaren vanuit de constatering dat goed contact tussen trekkingsgerechtigde en achterban verband houdt met de volwassenheid van een gebied.

Door en voor ondernemers

24/57

Ja, gezamenlijke behoeften zijn beter tot concrete projecten gekomen Ja, samenwerking tussen ondernemers verbeterd Ja, contact tussen de trekkingsgerechtigde (het aanspreekpunt in een gebied, de gerechtigde doet… Ja, gewerkt aan stadsbrede initiatieven Ja, gewerkt aan thematische pijlers Ja, gewerkt aan kennisuitwisseling Ja, ondernemers hebben elkaar beter weten te vinden 0% Minder volwassen gebieden

10%

20%

30%

40%

Volwassen gebieden

Figuur 7 Inzicht in wijze van verbetering organisatie trekkingsgebied door minder en meer volwassen gebieden (vraag 12).

Uit ons bureauonderzoek blijkt dat de hoogte van het budget en de grootte van een trekkingsgebied niet van invloed zijn op de mate van besteding. Wij constateren eerder een positieve relatie tussen het bestedingspatroon en de organisatiegraad van de trekkingsgerechtigde dan wel de aanwezigheid van een actieve kartrekker. Dit sluit aan bij het hierboven genoemde verschil tussen volwassen en minder volwassen gebieden ten aanzien van het contact van de trekkingsgerechtigden en de achterban. Aangezien 20% van het totaal beschikbare budget op dit moment onbenut is (nog niet binnen drie jaar wordt uitgegeven), liggen hier nog uitdagingen voor het fonds. Op dit moment wordt het onbenutte bedrag na drie jaar verdeeld over alle trekkingsgebieden. Tegelijkertijd constateren we dat de organisatiegraad van de trekkingsgerechtigde dan wel de aanwezigheid van een actieve kartrekker een positief resultaat heeft op het bestedingspatroon van een trekkingsgebied. Om die reden raden wij aan om meer inhoudelijke invulling voor de herindeling van het geld te overwegen. Dit kan door het geld dat nu onbenut is na drie jaar niet alleen maar over alle trekkingsgebieden te verdelen, maar een gedeelte hiervan aan te wenden om de organisatiegraad van de achterblijvende trekkingsgebieden te verbeteren.

Het is hierbij essentieel dat de verschillende gebieden zelf bepalen op welke manier hun organisatiegraad het best verhoogd kan worden en hoe het geld het best kan worden ingezet. Een gedeelte van dit bedrag dat na drie jaar nog openstaat kan zodoende, in samenspraak met OfU en de betreffende trekkingsgebieden, ingezet worden om de gebieden te helpen met het uitgeven van hun budget, bijvoorbeeld door het aanstellen van een structurele kartrekker. Overigens kan de organisatiegraad van de trekkingsgerechtigde ook op andere manieren vorm krijgen, en wel door de aanwezigheid van een juridische entiteit, het hebben van jaarplannen, een aanwezige overlegstructuur en het hebben van bestedingspijlers. Geïnterviewden bij wie recentelijk in hun gebied een kartrekker gestart is, geven aan dat ze er nu beter in slagen om de besteding van het budget te realiseren. Ook in Leiden zijn kartrekkers een collectieve voorziening, bekostigd uit het budget voor verdeling over de trekkingsgebieden. Los van de vraag of deze wijze van organiseren ook in Utrecht het best passend is, zijn de ervaringen daar positief; er is sprake van een goede continuïteit en bereikbaarheid. In de interviews kwam ter sprake dat het soms lastig is om nieuwe bestuursleden te vinden.

Het aanbieden van een kleine vergoeding aan trekkingsgerechtigden kan helpen om opvolgers aan te trekken en zo continuïteit te waarborgen en de organisatiegraad op peil te houden.

Door en voor ondernemers

25/57

Aanbevelingen vorige evaluatie Richt de aandacht ook op de meer volwassen gebieden om die te helpen nog doelmatiger, doeltreffender en transparanter te werken. Blijf, zoals het bestuur en de staf nu doet, aandacht besteden aan de minder volwassen gebieden door ze te ondersteunen. Voeg waar nodig gebieden samen of splits ze op als dat leidt tot een gebied met meer samenhang en/of slagkracht. Resultaat OfU heeft voorzien in de informatiebehoefte van de meer volwassen trekkingsgebieden, door de inrichting van het online portaal en de herstructurering van de backoffice. Bij de minder volwassen gebieden is er in de afgelopen jaren één herindeling doorgevoerd, in Overvecht. Waar een herindeling speelt, zet OfU kwartiermakers in (uit de eigen organisatie of ingehuurd), om deze gebieden te ondersteunen richting een vorm die bij ze past. Overkoepelend heeft OfU veel bijeenkomsten georganiseerd, waarbij OfU onderscheid maakt in het soort bijeenkomst, om het voor eenieder relevanter en meer behapbaar te maken. Zo is er een ondernemersdiner specifiek voor trekkingsgerechtigden en kartrekkers georganiseerd en zijn er aparte kartrekkersbijeenkomsten. Er zijn bijeenkomsten voor verschillende typen trekkingsgebieden (winkelgebieden, bedrijventerreinen), en voor stadsbrede thema’s, zoals de Vuelta, zijn ondernemers uit specifieke trekkingsgebieden uitgenodigd.

Ten slotte heeft OfU besloten LinkedIn-groepen en speciale nieuwsbrieven voor verschillende doelgroepen. gecreëerd.

4.3

Conclusies en aanbevelingen

Conclusies: •

Ondernemers zijn doorgaans tevreden over de inrichting van de trekkingsgebieden, de zeggenschap over de werkwijze en de inrichting van het eigen gebied. Het fonds heeft blijvend aandacht voor trekkingsgebieden waar de inrichting om aandacht vraagt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=31605bfd-ce2f-4dad-97a6-b5c7bf25aec1