Onderzoeksrapport Discriminatie op de Utrechtse particulier huurwoningmarkt - Academie van de Stad.pdf
Tekst van het document
Onderzoeksrapport 2020: Discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt
Desi Gielkens & Franka Wegkamp 20 december 2020, Utrecht
Inhoudsopgave Managementsamenvatting
3
Introductie
6
Aanleiding onderzoek
6
Inleiding
6
Onderzoeksopzet en onderzoeksvraag
8
Afbakening
8
Discriminatiegronden
9
Theoretisch kader
10
Definitie
10
Soorten discriminatie
10
Voorgaand onderzoek
11
Woningmarktdiscriminatie op grond van etnische afkomst
11
Woningmarktdiscriminatie op grond van seksuele gerichtheid
12
Woningmarktdiscriminatie op grond van fysieke beperking
13
Nederlands onderzoek naar woningmarktdiscriminatie
13
Ontwikkelingen
16
Ontwikkelingen Utrechtse woningmarkt.
16
Ontwikkelingen beleidskader
17
Methoden
19
Procedure
19
Participanten
19
Dataverzameling
20
Factoren
26
Statistische analyse
27
Resultaten
28
Analyse van de variabelen
28
Correspondentietest en mystery calls ‘etniciteit’
29
Correspondentietesten
29
Mystery calls
31
Correspondentietest en mystery calls ‘seksuele gerichtheid’
33
Correspondentietesten
33
Mystery calls
34
Correspondentietest en mystery calls ‘Fysieke beperking’
37
Correspondentietesten
37
Mystery calls
38
Verdiepende interviews
39
1
Conclusie
41
Verklaring
43
Limitaties
44
Aanbevelingen
46
Aanpak gemeente Gent als basis voor aanbeveling 2019/2020
46
Aanbevelingen op basis van huidig onderzoek
47
Tot slot
50
Bijlage 1 memo ‘keuze onderzoeksgronden’
51
Bijlage 2 ‘script mystery calls’
56
Bijlage 3 ‘script interviews’
57
2
Managementsamenvatting Aanleiding Dit onderzoeksrapport is een vervolg op het onderzoeksrapport over discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt uit 2019. Beide onderzoeken zijn uitgevoerd in opdracht van de afdeling Wonen van de gemeente Utrecht. De aanleiding voor deze opdracht is de motie ‘‘Aanpak discriminatie op de woningmarkt’ (2018/136). Hierin werd de Utrechtse gemeenteraad onder andere opgedragen om (structureel) te rapporteren over woningmarktdiscriminatie. Onderzoeksvraag In dit onderzoek staat de volgende onderzoeksvraag centraal, waarbij zowel het handelen van makelaars als particuliere verhuurders wordt onderzocht: “In welke mate is er in 2020 sprake van discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt (ten opzichte van 2019)? Methoden In dit onderzoek is gebruik gemaakt van twee verschillende onderzoeksmethoden om de mate van discriminatie op de particuliere huurwoningmarkt in kaart te brengen. Ten eerste werden er correspondentietesten uitgevoerd, waarbij verhuurders schriftelijk gecontacteerd werden naar aanleiding van een advertentie van een zelfstandig woonruimte. Hierbij ontvingen verhuurders een reactie van twee kandidaat-huurders, die verschilde in etniciteit/seksuele gerichtheid/fysieke beperking. Ten tweede werd er door middel van mystery calls onderzocht of makelaars bereid zijn om
in
te
gaan
op
een
discriminerend
verzoek
van
een
verhuurder.
Voor
zowel
de
correspondentietesten als de mystery calls werden de resultaten van 2020 vergeleken met de eerder verkregen resultaten uit het voorgaande onderzoek uit 2019. Daarnaast zijn er ook een zestal telefonische interviews gehouden, om onder andere meer inzicht te verkrijgen in de motivaties van makelaars om wel of niet in te gaan op een discriminerend verzoek. Resultaten Voor de correspondentietesten met betrekking tot etniciteit is er in totaal op 142 particuliere huurwoningen gereageerd. Deze correspondentietest toont aan dat kandidaten met een niet-westers klinkende naam in 12,7% van de gevallen gediscrimineerd worden (significant, p < 0,001). In 2019 was dit percentage 13,5%. Er blijft dus sprake van ongelijke behandeling van mannelijke kandidaathuurders met een niet-westers klinkende naam. Voor de mystery calls zijn in totaal twaalf makelaars gebeld, waarvan er tien bereikt zijn. Acht van de tien makelaars weigerden het verzoek niet (80%). Hiervan wisten er zes met zekerheid dat het wettelijk gezien niet mocht, maar waren zij wel bereid mee te werken (60%). In vergelijking met 2019 blijft het merendeel ingaan op de discriminerende verzoeken, alhoewel het percentage makelaars wel iets lager ligt (namelijk 80% ten opzichte van 84%). Op basis van de vergelijking tussen beide jaren kan verondersteld worden dat makelaars nu
3
beter op de hoogte zijn van de wetgeving omtrent het verbod op discriminatie, maar dat makelaars het verzoek nog steeds niet weigeren. Voor de correspondentietesten met betrekking tot seksuele gerichtheid is er in totaal op 125 particuliere huurwoningen gereageerd. De correspondentietest toont aan dat kandidaten met een partner van hetzelfde geslacht in 8,8% van de gevallen gediscrimineerd worden (significant, p = 0,013). Als de resultaten gesplitst worden in resultaten voor makelaars en particulieren, blijkt dat alleen de netto-discriminatiegraad behorend bij makelaars significant afwijkt van nul (p = 0,039). In 2019 was de netto-discriminatiegraad 10,9%. Er is zowel in 2019 als in 2020 sprake van ongelijke behandeling van mannelijke kandidaat-huurders met een partner van hetzelfde geslacht ten opzichte van mannelijke kandidaat-huurders met een partner van een ander geslacht. In totaal zijn er voor de mystery calls twaalf makelaars gebeld, waarvan er tien bereikt zijn. Vijf van de tien makelaars weigerden het verzoek niet (50%). Hiervan wist er één makelaar dat per wet verboden is, maar was deze makelaar wel bereid hieraan mee te werken (10%). Dit is een relatief grote daling ten opzichte van de resultaten van 2019, waarbij 86, ⅔% inging op het discriminerende verzoek. Daarnaast is het opvallend dat twee makelaars sterke vermoedens hadden dat het om een onderzoek ging.
Het is mogelijk dat het expliciet willen uitsluiten niet-hetero huurders een niet veel voorkomend verzoek is. Voor de correspondentietesten met betrekking tot fysieke beperking is er in totaal op 111 particuliere huurwoningen gereageerd. De correspondentietest toont aan dat kandidaten met een fysieke beperking in 10,8% van de gevallen gediscrimineerd worden (significant, p = 0,008). Het is hier nuttig om onderscheid te maken tussen de resultaten van de makelaars en de particuliere verhuurders. Het verschil in behandeling door makelaars was niet significant (6%, p =.219). Voor particuliere verhuurders was het wel een significant verschil in behandeling (18,2%, p =.039). In totaal zijn er voor de mystery calls twaalf makelaars gebeld, waarvan er tien bereikt zijn. Vijf van de tien makelaars weigerden het verzoek niet (50%). Hiervan wisten er twee dat het wettelijk gezien niet mocht, maar waren zij wel bereid mee te werken (20%). Uit de verdiepende interviews blijkt dat makelaars wel eens een verzoek krijgen om kandidaathuurders met een bepaalde (etnische) achtergrond te weigeren, terwijl dit voor de andere gronden nauwelijks voorkomt. Als gevraagd wordt hoe zij ons discriminerende verzoek hebben ervaren, komt naar voren dat het rekening houden met de (wet-overschrijdende) eisen niet altijd als discriminatie gezien wordt door de makelaars.
Het kan volgens sommige makelaars juist gezien worden als een belangrijke taak om een juiste kandidaat te vinden. In de interviews kwamen krapte op de woningmarkt, het dienstverlenende karakter waar klant koning is, en het snelle inschatten op basis van weinig informatie naar voren als mogelijke factoren die van invloed kunnen zijn op het voorkomen van discriminatie. Opvallend was de meeste makelaars die niet op het discriminerende verzoek wilden ingaan, informatie hadden ontvangen vanuit één of meerdere partijen. Dit terwijl partijen die wel op het verzoek wilden ingaan veelal geen informatie hadden gehad.
4
Conclusie Uit de analyses in dit onderzoek blijkt dat er eenduidig gesproken kan worden van discriminatie voor de discriminatiegrond etniciteit bij zowel makelaars als particuliere verhuurders. Voor de discriminatiegrond seksuele gerichtheid is er sprake van ongelijke behandeling door makelaars, maar niet door particulieren. Voor de discriminatiegrond fysieke beperking is er sprake van ongelijke behandeling door particulieren, maar niet door makelaars. Voor de discriminatiegrond ‘etniciteit’ zijn makelaars in 80% van de gevallen bereid om in te gaan op een discriminerend verzoek. Voor de de gronden ‘seksuele gerichtheid’ en ‘fysieke beperking’ liggen de percentages aanzienlijk lager, voor beide gronden 50%. Binnen de resultaten van de mystery calls zijn twee interessante verschuiving waarneembaar. Ten eerste zijn makelaars in toenemende mate bewust dat het discriminerende verzoek in strijd is met de wet. Ten tweede wordt er vaker dan in 2019 expliciet gesteld dat zij als makelaar die selectie niet maken, maar dat het de eigenaar vrijstaat om op deze wettelijke beschermde gronden te selecteren. Hiermee wordt discriminatie niet afgekeurd, maar is het mogelijk dat discriminatie juist verder in het selectieproces optreedt.
Aanbevelingen Ter aanvulling op het reeds opgestelde plan van aanpak, welke is opgesteld naar aanleiding van het voorgaande onderzoek, stellen wij onderstaande wijzigingen voor: 1.
Het opstellen en uitvoeren van een integraal plan van aanpak is belangrijk. Het is hierbij van belang om individuele makelaars en particuliere verhuurder te betrekken bij het vormen van beleid, alsmede hen te informeren over de uitvoering hiervan.
2.
Bij het herhalen van de praktijktesten dienen makelaars en verhuurders persoonlijk te worden geinformeerd, zodat er wordt voldaan de de door Verhaeghe vastgestelde voorwaarden om praktijktesten effectief in te zetten als beleidsmiddel. a.
Verhaeghe en Ghekiere geven mogelijke tips om verhuurders te bereiken, namelijk het sturen van een brief naar iedereen die meerdere huizen in Utrecht bezit.
3.
Makelaars en particuliere verhuurders voorzien van informatie, sensibiliserende gesprekken, en trainingen met betrekking tot woningmarktdiscriminatie. Dit is een belangrijke voorwaarde om discriminatie op de woningmarkt structureel te verminderen.
4.
De Gentse Aanpak gebruiken om door middel van proactieve en reactieve juridische praktijktesten dossiers op te bouwen, zodat dat er mogelijk juridische stappen kunnen worden ondernomen om structureel discriminerende makelaars te vervolgen. Er moet gekeken worden op welke manier dit binnen het Nederlandse rechtsstelsel mogelijk is.
Concluderend kan worden gesteld dat het tegengaan van discriminatie op de woningmarkt om een totaal aanpak vraagt. De integrale inzet van maatregelen is essentieel voor een effectieve aanpak van discriminatie in de eerste fase van het verhuurproces. Daarnaast is het van belang om meer inzicht te verkrijgen in de mate van mogelijk aanwezige discriminatie die later in het proces kan voorkomen, zodat ook hier een plan van aanpak voor opgesteld kan worden.
5
Introductie Aanleiding onderzoek Op 5 juli 2018 werd de motie ‘Aanpak discriminatie op de woningmarkt’ (2018-136) van Denk, Student & Starter en de PvdA aangenomen in de Utrechtse gemeenteraad. Hierin werd het college door de gemeenteraad opgedragen om inzicht te verschaffen in gegevens over kansengelijkheid op de Utrechtse woningmarkt; om hier structureel over te rapporteren én om een plan van aanpak te formuleren om discriminatie op de woningmarkt in Utrecht te voorkomen.1 Naar aanleiding van deze motie is er een onderzoek naar discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat er sprake is van discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt.2 Mede gebaseerd op deze resultaten werd een aanpak opgesteld door de gemeente Utrecht, waarbij het herhalen van de praktijktesten één van de maatregelen behelsde om structurele discriminatie aan te tonen.3 Vanwege de opdracht uit de motie om structureel te rapporteren én vanuit de opgestelde aanpak van de afdeling Wonen, heeft de gemeente Utrecht Academie van de Stad gevraagd om een vervolgonderzoek uit te voeren naar discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt.
Inleiding In diverse wetenschappelijke onderzoeken is reeds geconstateerd dat er sprake is van structurele discriminatie op de arbeids- en woningmarkt op basis van verschillende discriminatiegronden.4 Onderzoeken die deze resultaten voortbrachten voor de woningmarkt kwamen echter tot 2019 voornamelijk uit het buitenland. In Nederland is er uitvoerig onderzoek gedaan naar discriminatie op de arbeidsmarkt, waarbij de aanwezigheid van discriminatie op basis van verschillende gronden herhaaldelijk is vastgesteld.5 Naar discriminatie op de woningmarkt was tot vorig jaar beduidend minder onderzoek gedaan. De
1
Abassi, I., Isik, B., & Oosters, E.L. (2018). Aanpak discriminatie op de Woningmarkt. Geraadpleegd op 16 april 2019, van https://ris2.ibabs.eu/Reports/ViewListEntry/Utrecht/ 908a37d5-6cde4cde-8a41-3007f495d162, op 16 april, 2019 2 Gielkens, D., Wegkamp, F. (2019) Onderzoeksrapport: Discriminatie op de Utrechtse woningmarkt. Utrecht: Academie van de Stad & Gemeente Utrecht. 3 Verhaeghe, P. P., & Van der Bracht, K. (2017). Praktijktesten: Van onderzoeksmethode naar beleidsinstrument tegen discriminatie?. Sociologos, 38(1), 182-200. 4 (Pager & Shepherd, 2008; Riach & Rich, 2002; Rich, 2014; Zschirnt & Ruedin, 2016; Capéau, Eeman, Groenez & Lamberts, 2012; Heylen & Van den Broeck, 2015; Van der Bracht, Coenen & Van de Putte, 2015; Van der Bracht & Verhaeghe, 2016a; zoals beschreven in: Verhaeghe,P.P. (2018) Discriminatie van homoseksuele en lesbische koppels op de huurwoningmarkt in Gent. 5 Andriessen, I., Dagevos, J., Nievers, E., & Boog, I. (2007). Discriminatiemonitor niet westerse allochtonen op de arbeidsmarkt 2007. Den Haag: SCP.
6
onderzoeken die door Radar6 en de Groene Amsterdammer7 zijn uitgevoerd, zijn één van de eerste onderzoeken geweest die in Nederland zijn uitgevoerd. In 2020 is er meer onderzoek uitgevoerd naar discriminatie op de woningmarkt in Nederland. Hierbij lag de focus met name op discriminatie op grond van etniciteit (en soms ook seksuele gerichtheid). In Rotterdam8 en in Amsterdam9 zijn er in opdracht van beide gemeenten praktijkonderzoeken uitgevoerd. Landelijk zijn er ook onderzoeken uitgevoerd, o.a. het kwalitatieve onderzoek in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties10 en het nog ongepubliceerde onderzoek dat RADAR heeft uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In vele onderzoeken, waaronder het voorgaande onderzoek naar discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt, werd aangegeven dat discriminatie negatieve gevolgen kan hebben voor zowel individuen als voor de samenleving. Op individueel niveau hangt ervaren discriminatie samen met een lagere levenstevredenheid, meer stressklachten, een slechtere gezondheid en een hogere kans op depressie.11 Daarnaast kan discriminatie op de woningmarkt ook gevolgen op maatschappelijk niveau hebben. Etnische minderheden die zich gediscrimineerd voelen identificeren zich vaker met de eigen etnische groep.
Hierdoor kan de sociale cohesie tussen etnische minderheden en de etnische meerderheid afnemen.12 Daarnaast wordt er verondersteld dat discriminatie
op
de
woningmarkt
één
van
de
factoren
is
die
segregatie
vergroot.
De
oververtegenwoordiging van etnische minderheden in bepaalde delen van de stad, heeft zowel op individueel niveau als op samenlevingsniveau negatieve effecten.13 Huisvesting wordt beschouwd als een van de meest elementaire behoefte van de mens. Het recht op huisvesting is één van de sociale grondrechten (Artikel 22, lid twee).14 Mensen hebben het recht op een veilige plek om te wonen en het is aan de overheid om dit te verwezenlijken, door voldoende huisvesting beschikbaar te stellen en de toegankelijkheid van huisvesting te garanderen. Deze toegankelijkheid staat op het spel wanneer verhuurders en makelaars niet iedereen gelijk
6
Radar.avrotros.nl. (2019) Steekproef van Radar: Negentig procent van verhuurmakelaars discrimineert. Geraadpleegd op 7 juni 2019 op:https://radar.avrotros.nl/uitzendingen/gemist/item/steekproef-van-radar-negentig-procent -van-verhuurmakelaars-discrimineert-radar-checkt/ 7 Elibol, R. & Tielbeke, J. (2018). Onderzoek discriminatie op de woningmarkt: Rachid is ook gewoon een nette jongen. Geraadpleegd op 16 april, 2019, van https://www.groene.nl/artikel/rachid-is-ook-gewoon-een-nette-jongen. 8 Dibbets, A., Jak, L., & Hoogenbosch, A. (2020). Discriminatie bij woningverhuur in Rotterdam: een praktijktest. Rotterdam: RADAR 9 Kromhout, S., WittKämper, L., & Cozijnsen, E. (2020). Discriminatie op de Amsterdamse woningmarkt: praktijktesten in de particuliere huursector. Amsterdam: Rigo. 10 Böcker, A., Terlouw, A. en Özdemir, E. (2019). Discriminatie bij de verhuur van woningen? Een verkennend onderzoek naar verklaringen en de mogelijke aanpak. Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Centrum voor Staat en Recht. 11 Van der Bracht, K., Verhaeghe, P. P., & Van de Putte, B. (2016). Gelijke toegang tot huisvesting voor elke Gentenaar: onderzoeksrapport. 12 Van der Bracht, K., Verhaeghe, P. P., & Van de Putte, B. (2016). Gelijke toegang tot huisvesting voor elke Gentenaar: onderzoeksrapport. 13 Van der Bracht, K., Verhaeghe, P. P., & Van de Putte, B. (2016).
Gelijke toegang tot huisvesting voor elke Gentenaar: onderzoeksrapport. 14 Grondwet (2018, 21 december). Geraadpleegd van https://wetten.overheid.nl/BWBR0001840/2018-12-21/
7
behandelen. Daarmee is er voldoende aanleiding om onderzoek te doen naar discriminatie onder makelaars en particuliere verhuurders in Utrecht.
Onderzoeksopzet en onderzoeksvraag In dit onderzoek wordt vervolg gegeven aan het onderzoek dat in 2019 is uitgevoerd in Utrecht. Er wordt onderzocht of er in 2020 sprake was van huurwoningmarktdiscriminatie. Zo kan in kaart gebracht worden of er mogelijk sprake is van structurele discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt. Tegelijkertijd kan hiermee onderzocht worden of én in welke mate de gemeentelijke maatregelen effect hebben gehad in het verminderen van discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt. Het effect van maatregelen zal voornamelijk besproken worden in de aanbevelingen die afsluitend worden gegeven.15 Hieronder zal beschreven worden welke onderzoeksvragen en methoden gehanteerd zullen worden, alsmede in welke (wetenschappelijke en beleidsmatige) context het onderzoek is uitgevoerd. In dit onderzoek zal de volgende onderzoeksvraag worden gehanteerd: “In welke mate is er in 2020 sprake van discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt (ten opzichte van 2019)?” Hierbij wordt er specifiek ingegaan op de volgende deelvragen: ●
“In welke mate is er in 2020 sprake van discriminatie van kandidaat-huurders door particuliere verhuurders op de Utrechtse huurwoningmarkt (ten opzichte van 2019)?”
●
“In welke mate is er in 2020 sprake van discriminatie van kandidaat-huurders door makelaars op de Utrechtse huurwoningmarkt (ten opzichte van 2019)?”
●
“In welke mate zijn Utrechtse verhuurmakelaars in 2020 bereid om in te gaan op een discriminerend verzoek van een mogelijke verhuurder op de Utrechtse huurwoningmarkt (ten opzichte van 2019)?”
Afbakening Om een vergelijkend onderzoek te kunnen uitvoeren, is de onderzoeksopzet zo min mogelijk aangepast ten opzichte van de 2019 gebruikte opzet. Dit onderzoek betreft daarom alleen huurwoningen en geen koopwoningen. Hoewel binnen het proces van het kopen van een woning ook discriminatie kan plaatsvinden, verschillen de procedures op gebied van toewijzing te veel van elkaar om deze gezamenlijk te onderzoeken.
15
Verhaeghe, P. P., & Van der Bracht, K. (2017). Praktijktesten: Van onderzoeksmethode naar beleidsinstrument tegen discriminatie?. Sociologos, 38(1), 182-200.
8
Daarnaast wordt er in dit onderzoek alleen onderzoek gedaan naar particuliere verhuurders en verhuur via makelaars én niet naar de verhuur via woningcorporaties. Uit onderzoek van het SCP uit 2009 wordt gesteld dat discriminatie op basis van afkomst in de sociale huursector niet (meer) voorkomt. Vanwege de transparantie van woningcorporaties is discriminatie volgens het onderzoek goeddeels of helemaal uitgebannen.16 Als laatste richt dit onderzoek zich alleen op de eerste fase van het verhuurproces. Voor de mystery calls geldt dat er onderzocht wordt of makelaars de intentie hebben om te discrimineren. Bij de correspondentietesten wordt onderzocht of er discriminatie plaatsvindt bij de eerste selectie van kandidaat-huurders, die gereageerd hebben op een onlineadvertentie waarin een particuliere huurwoning wordt aangeboden. Op basis van deze resultaten valt niet vast te stellen of er in latere fases van de selectieprocedure discriminatie plaatsvindt.
Discriminatiegronden Om structurele discriminatie te vast te kunnen stellen, worden de discriminatiegronden etniciteit en seksuele
gerichtheid
opnieuw
meegenomen
in dit
vervolgonderzoek.
Ter
aanvulling
van
bovengenoemde gronden, is in dit onderzoek ook de grond handicap/chronische ziekte meegenomen als variabele. Vanuit de gemeente Utrecht was er de wens om een extra discriminatiegrond mee te nemen in het onderzoek. Op basis hiervan is een memo opgesteld door de onderzoekers, waarin een toelichting is gegeven voor vier mogelijke onderzoeksgronden, welke binnen de gemeente vaker genoemd werden als mogelijke discriminatiegronden (internationale studenten, handicap/chronische zieke, leeftijd en gender). In de memo is een advies met betrekking tot de verschillende gronden opgenomen. Op basis van deze memo (bijlage 1) is gekozen de grond handicap/fysieke beperking ook op te nemen als onderzoeksvariabele.
16
Kullberg, J., Vervoort, M., & Dagevos, J. (2009). Goede buren kun je niet kopen. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
9
Theoretisch kader Definitie Discriminatie wordt in de wetenschappelijke literatuur op uiteenlopende wijze gedefinieerd.17 De manier waarop discriminatie wordt gedefinieerd, heeft invloed op de manier waarop discriminatie wordt onderzocht en hoe de resultaten worden geïnterpreteerd. Het is daarom van belang op een eenduidige definitie voor dit onderzoek worden vast te stellen. In dit onderzoek wordt dezelfde definitie voor discriminatie gehanteerd als in het voorgaande onderzoek uit 2019, namelijk de sociaal-wetenschappelijke definitie van het Sociaal Cultureel Planbureau: ‘Het nadelig behandelen van personen, omdat zij behoren tot een bepaalde groepering of tot een bepaalde groepering worden gerekend’ 18
Soorten discriminatie In het recente onderzoek van Bröcker en collega’s wordt geschreven over drie typen discriminatie met betrekking tot de arbeidsmarkt, welke ook van toepassing zijn voor de woningmarkt19: ●
Bij
taste-based
of
aversieve
discriminatie
worden
woningzoekenden
uit
bepaalde
groeperingen uitgesloten, omdat verhuurders/makelaars een diepgewortelde weerzin hebben tegen de betreffende groepen. ●
Bij risicovermijdende discriminatie mijden verhuurders/makelaars woningzoekenden, die tot bepaalde groepen gerekend worden, op grond van bepaalde risico’s die ze met de betreffende groepen associëren.
●
Onbedoelde
discriminatie,
ofwel
onbewuste
discriminatie
komt
voort
uit
(sterke)
vooroordelen waar mensen zich doorgaans niet bewust van zijn. In het voorgaande onderzoek naar discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt werd al onderzocht welke oorzaken ten grondslag kunnen liggen aan discriminatie. Stereotypen en vooroordelen worden vaak genoemd als verklaring voor discriminatie.20 In het onderzoek interviewden Böcker en collega’s verhuurders, waarna zij met de volgende conclusie komen met betrekking tot de drie soorten discriminatie die voorkomt binnen de woningmarkt: “In de interviews met makelaars en verhuurders kwam risicovermijding als belangrijkste motief of onderliggende reden voor eventuele discriminatie van bepaalde groeperingen naar voren. Dat is niet
17
Andriessen, I., Dagevos, J., Nievers, E., & Boog, I. (2007). Discriminatiemonitor niet westerse allochtonen op de arbeidsmarkt 2007. Den Haag: SCP. 18 Andriessen, I., Nievers,E., Faulk, L. & Dagevos, J. (2010) Liever Mark dan Mohammed. Den Haag:SCP. 19 Böcker, A., Terlouw, A. en Özdemir, E. (2019). Discriminatie bij de verhuur van woningen? Een verkennend onderzoek naar verklaringen en de mogelijke aanpak. Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Centrum voor Staat en Recht. 20 Bertrand, M., Dolly Chugh, & Mullainathan, S. (2005). Implicit Discrimination. The American Economic Review, 95(2), 94– 98.
10
verwonderlijk, gezien de nadruk die in het hele verhuurproces ligt op het vermijden van risico’s (het risico dat de woning wordt uitgewoond, wordt onderverhuurd, voor illegale activiteiten wordt gebruikt, enzovoort). Sommige respondenten konden zich voorstellen dat verhuurders of makelaars soms ook onbedoeld discrimineren, met name als ze afgaan op hun ‘gevoel’ bij kandidaat-huurders of zoeken naar een kandidaat met wie het ‘klikt’. 21
Voorgaand onderzoek Woningmarktdiscriminatie op grond van etnische afkomst Eind jaren ‘80 werd in de Verenigde Staten al onderzocht of er sprake was van discriminatie van Afro-Amerikanen op de woningmarkt in Boston.22 Toen bleek dat Afro-Amerikanen 30% minder vaak informatie kregen over beschikbare woningen. Uit recenter Amerikaanse onderzoek naar woningmarktdiscriminatie is gebleken dat kandidaat-huurders met een Arabische of AfroAmerikaanse naam significant minder vaak een positieve reactie kregen.23 Als we dichter bij huis kijken, zien we dat in België in de afgelopen jaren ook veel onderzoeken zijn gedaan naar de nadelige behandeling van etnische minderheden op de woningmarkt.24 Uit onderzoek naar discriminatie op de Antwerpse huurwoningmarkt bleek dat in 2018 de etnische nettodiscriminatiegraad bij makelaars 29% bedroeg, wat betekent dat etnische minderheden 29% minder kans hadden om uitgenodigd te worden voor een bezichtiging.25 In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bedroeg de etnische netto-discriminatiegraad bij makelaars 23% en 20%, in respectievelijk 2017 en 2019.26 Ook onderzoek in Mechelen toont aan dat kandidaten met een Marokkaans klinkende naam significant minder vaak worden uitgenodigd dan kandidaten met een Belgisch klinkende naam.
De mate van ongelijke behandeling was daarbij het grootst bij de particuliere verhuurders en minder groot bij vastgoedmakelaars.27 Een metastudie waarin de uitkomsten van vijfentwintig onderzoeken, op basis van praktijktesten in vijftien verschillende OESO-landen, werden geanalyseerd, leidde tot de conclusie dat zowel op grond
21
Böcker, A., Terlouw, A. en Özdemir, E. (2019). Discriminatie bij de verhuur van woningen? Een verkennend onderzoek naar verklaringen en de mogelijke aanpak. Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Centrum voor Staat en Recht. P.68. 22 Yinger, J., 1986. Measuring racial discrimination with fair housing audits:Caught in the act. American Economic Review 76 (5), 881–893. 23 Carpusor, A., Loges, W., 2006. Rental discrimination and ethnicity in names. Journal of Applied Social Psychology 36 (4), 934–952. 24 (Capéau, Eeman, Groenez & Lamberts, 2012; Heylen & Van den Broeck, 2015; Van der Bracht, Coenen & Van de Putte, 2015; Van der Bracht & Verhaeghe, 2016a; zoals beschreven in: Heylen, K., & Van den Broeck, K. (2016). Discrimination and selection in the Belgian private rental market. Housing Studies, 31(2), 223-236. 25 Verhaeghe, P.P., Verstraete, J., Vermeir, D., De Decker, P. (2020). Discriminatie, toegankelijkheid en betaalbaarheid op de huurwoningmarkt in Mechelen. Brussel: Vakgroep Sociologie, vrije universiteit Brussel. 26 Verhaeghe, P.P., Verstraete, J., Vermeir, D., De Decker, P. (2020). Discriminatie, toegankelijkheid en betaalbaarheid op de huurwoningmarkt in Mechelen. Brussel: Vakgroep Sociologie, Vrije Universiteit Brussel. 27 Verhaeghe, P.P., Verstraete, J., Vermeir, D., De Decker, P. (2020). Discriminatie, toegankelijkheid en betaalbaarheid op de huurwoningmarkt in Mechelen.
Brussel: Vakgroep Sociologie, Vrije Universiteit Brussel.
11
van etnische achtergrond als op grond van geslacht wordt gediscrimineerd.28 Mannelijke woningzoekenden met een Arabische of islamitische achtergrond lijken het meest gediscrimineerd te worden. Het blijkt dat discriminatie op de woningmarkt zowel voorkomt bij het inwilligen van een discriminerend verzoek van de verhuurder, als bij de selectie van kandidaat-huurders voor een bezichtiging. Uit de verschillende onderzoeken blijkt dat er (in verschillende mate) sprake is van discriminatie op de huurwoningmarkt. De resultaten van de Nederlandse onderzoeken worden verderop in dit hoofdstuk behandeld.
Woningmarktdiscriminatie op grond van seksuele gerichtheid De bevindingen van buitenlandse onderzoeken naar discriminatie op de woningmarkt op grond van seksuele gerichtheid zijn niet eenduidig. Amerikaanse onderzoeken toonden aan dat er gediscrimineerd werd ten aanzien van homoseksuele stellen, maar dat lesbische stellen gelijkwaardig werden behandeld door makelaars in vergelijking met heteroseksuele stellen.29 Uit onderzoeken die hebben plaatsgevonden in de Canadese stad Vancouver en in Zweden, kwam men op dezelfde resultaten.30 Ook recent onderzoek naar de Portugese huurwoningmarkt toont aan dat er sprake is van ongelijke behandeling, waarbij mannen met een homoseksuele gerichtheid minder kans hebben op een huurwoning.31 In Duits onderzoek, dat plaatsvond in zes verschillende Duitse steden, constateerden de onderzoekers echter geen discriminatie op de woningmarkt voor homoseksuele stellen.32 Ook uit recent Belgisch onderzoek blijkt dat er op de onderzochte particuliere huurwoningmarkt in Gent geen sprake is van discriminatie op grond van seksuele gerichtheid.33 Het voorgaande onderzoek naar discriminatie op de Utrechtse huurwoningmarkt, liet zien dat er op de Utrechtse huurmarkt wel sprake is van een nadelige behandeling van mannen met een homoseksuele gerichtheid in vergelijking met mannen met een heteroseksuele gerichtheid.
Kortom, de literatuur laat geen eenduidig beeld zien. Dit onderzoek draagt bij aan het verder in kaart brengen van de aanwezigheid van discriminatie op grond van seksuele gerichtheid op de woningmarkt. 28
Flage, Alexandre. 2018. “Ethnic and Gender Discrimination in the Rental Housing Market: Evidence from a Meta-Analysis of Correspondence Tests, 2006– 2017”. Journal of Housing Economics 41:251–73. 29 Levy, D., Wissoker, D, Aranda, C. et al. (2017). A paired-testing pilot study of housing discrimination against same-sex couples and transgender individuals. Washington: The Urban Institute.; Levy, Wissoker, Aranda, Howell, Pitingolo, Sewell & Santos, 2017; Schwegman, D. (2018). Rental market discrimination against same-sex couples: evidence from an email correspondence test. Accepted for publication in Housing Policy Debates. 30 Ahmed, A., Andersson, L., Hammarstedt, M. (2008). Are lesbians discriminated against in the rental housing market? Evidence from a correspondence testing experiment. Journal of Housing Economics, 17, 234-238.; Ahmed, A., Hammarstedt, M. (2009). Detecting discrimination against homosexuals: evidence from a field experiment on the internet. Economica, 76, 588-597.; Lauster, N., Easterbrook, A. (2011). No room for new families? A field experiment measuring rental discrimination against same-sex couples and single parents. Social Problems, 58, 389-409. 31 Gouveia, F., Nilsson, T., & Berggren, N. (2020). Religiosity and discrimination against same-sex couples: The case of Portugal's rental market. Journal of Housing Economics, 50, 101729.
32 Mazziotta, A., Zerr, M., Rohmann, A. (2015). The effects of multiple stigmas on discrimination in the German housing market. Social Psychology, 46, 325-334. 33 Verhaeghe,P.P. (2018) Discriminatie van homoseksuele en lesbische koppels op de huurwoningmarkt in Gent.
12
Woningmarktdiscriminatie op grond van fysieke beperking Discriminatie op grond van handicap of een chronische ziekte is middels de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/ZC) verboden.34 In vergelijking met de andere twee beschreven discriminatiegronden is er relatief weinig onderzoek gedaan naar discriminatie op grond van een fysieke beperking. In Nederland zijn er, voor zover bekend, geen onderzoeken gedaan naar deze discriminatiegrond. Er zijn echter wel een aantal onderzoeken uitgevoerd in het buitenland. Uit de diverse onderzoeken blijkt dat kandidaat-huurders met een fysieke (visuele) beperking nadeliger worden behandeld dan kandidaat-huurders zonder fysieke beperking. Uit onderzoek uit 2015 van Verhaeghe op de Gentse woningmarkt bleek dat personen met een visuele beperking in één op de drie gevallen gediscrimineerd werden.35 Daarnaast blijkt dat particuliere verhuurder twee keer zo vaak discrimineren als vastgoedmakelaars.
Onderzoek uit 2017 naar de Gentse woningmarkt toont nog steeds discriminatie aan, kandidaat-huurders met een handicap werden in 15% van de gevallen nadeliger behandeld door een makelaar, dan kandidaat-huurders zonder een fysieke beperking.36 Uit Amerikaans onderzoek uit 2017 wordt ook gesteld dat er sprake is van discriminatie van kandidaat-huurders met een fysieke beperking.37 Deze huurders hebben 16,8% minder kans op een positieve reactie in vergelijking met een kandidaat-huurder zonder handicap.
Nederlands onderzoek naar woningmarktdiscriminatie Er zijn in Nederland recentelijk verschillende praktijktesten uitgevoerd. Deze worden in dit hoofdstuk apart besproken, omdat zij een weergave geven van de Nederlandse context en situatie. De in Nederland uitgevoerde onderzoeken zijn veelal gericht op op discriminatie op grond van etniciteit en in mindere mate op grond van seksuele gerichtheid en fysieke beperking. Dit sluit ook aan op het beeld wat ontstaat vanuit bovenstaande literatuur, buitenlands onderzoek is ook met name gericht op discriminatie op grond van etniciteit. Rotterdam Uit de veldverkenning onder makelaars in Rotterdam, die in 2019 door RADAR is uitgevoerd, blijkt dat makelaars en verhuurders in de vrije sector met name op zoek zijn naar een betrouwbare huurder, die de huur op tijd betaalt en de woning in goede staat achterlaat.38 Er bestaat een hogere kans op discriminatie, omdat er bij het afwegen van deze betrouwbaarheid allerlei factoren een rol
34
Artikel 1: Gelijke behande-ling en discriminatie-verbod (1983). Geraadpleegd op 16 april,2019, van https://www.denederlandsegrondwet.nl/id/vkugbqvds5wq/artikel1_gelijke_behande_ling_en 35 Verhaeghe, P.P. (2017). Juridische praktijktesten naar discriminatie op de private huurwoningmarkt in Gent: de proactieve fase. Vakgroep Sociologie, Universiteit Gent. 36 Verhaeghe, P.P. (2017). Juridische praktijktesten naar discriminatie op de private huurwoningmarkt in Gent: de proactieve fase. Vakgroep Sociologie, Universiteit Gent. 37 Tomlin, P. (2017). Born Free and Equal? A philosophical inquiry into the nature of discrimination, written by Kasper LippertRasmussen. Journal of Moral Philosophy, 14(4), 479-482. 38 Hoogenbosch, A., Dibbets, A. (2019) ‘Normale verhuurders willen gewoon normale huurders’ Veldverkenning discriminatie bij woningverhuur in Rotterdam. Rotterdam: Gemeente Rotterdam & Radar
13
kunnen spelen en omdat de selectie van huurders een ondoorzichtig proces is. Uit het kleinschalige kortdurende onderzoek (n=86) naar de Rotterdamse huurwoningmarkt, blijkt dat een kandidaathuurder met een Marokkaans klinkende naam in 18% van de gevallen nadelig wordt behandeld ten opzichte van een kandidaat-huurder met een Nederlands klinkende naam.39 Amsterdam In Amsterdam is er door RIGO een onderzoek uitgevoerd.40 Hierbij is ook gebruik gemaakt van mystery calls en mystery mails. Bij de mystery calls zijn 41 verhuurmakelaars bereikt, waarbij 66% aangaf niet mee te willen werken aan het verzoek om mensen met een migratieachtergrond te weigeren. De mystery mails gaven aan dat er in de praktijk wel gediscrimineerd werd. Op basis van het onderzoek in de gemeente Amsterdam kan gesteld worden dat woningzoekenden met een nietwesterse naam in Amsterdam in 19% van de gevallen ongelijk behandeld worden ten opzichte van woningzoekenden met een Nederlandse naam. Daarbij geldt dat mannen met een niet-westerse naam vaker gediscrimineerd worden dan vrouwen met een een niet-westerse naam. Voor vrouwen met een niet westerse naam was er sprake van een een netto-discriminatiegraad van 16% en voor mannen met een niet westerse naam was er sprake van een netto-discriminatiegraad van 21%.
Huurzone Huurzone.nl (2020) voerde een landelijk onderzoek uit, waarbij zij niet alleen de reacties registreerden, maar ook hoe vaak een mail gelezen werd: Gebeurt het discriminerende feit al vanuit de mailbox (bijvoorbeeld door filtering op naam) of pas na het lezen van de reactie? De mystery guest van Huurzone.nl verstuurde 372 reacties verspreid over de twaalf Nederlandse provincies. Uit de geanalyseerde data bleek dat de berichten van mensen met een westerse naam (groep A) in iedere provincie door minstens 94% van de verhuurders werd geopend. Voor mensen met een niet westerse naam (groep B) lag dit getal in iedere provincie lager (75% tot 85%). Er lijkt dus al discriminatie op te treden tussen groep A en B bij het wel of niet openen van de reactie.41 Utrecht In 2019 is er binnen Utrecht ook onderzoek uitgevoerd naar discriminatie op de particuliere huurmarkt. De correspondentietest toont aan dat mannelijke kandidaten met een niet-westerse naam in 13,5% van de gevallen ongelijk behandeld worden en dat mannelijke kandidaten met een partner van hetzelfde geslacht in 10,9% van de gevallen ongelijk behandeld worden. Daarnaast weigerden bij de mystery calls zestien van de negentien makelaars een discriminerend verzoek rondom etniciteit niet (84%). Bij discriminerende verzoeken rondom seksuele gerichtheid betrof dit dertien van de vijftien makelaars (86 ⅔ %).
39
Dibbets, A., Jak, L., Hoogenbosch, A. (2020). Discriminatie bij woningverhuur in Rotterdam: een praktijktest. Rotterdam: Gemeente Rotterdam & Radar 40 Kromhout, S., WittKämper, L., Cozijnsen, E. (2020). Discriminatie op de Amsterdamse woningmarkt. Praktijktesten in de particuliere huursector. Amsterdam: Gemeente Amsterdam & Rigo Research en Advies. 41 Huurzone (2020). Is er nog sprake van discriminatie op de woningmarkt? Geraadpleegd op 1 juli, 2020, van https://www.huurzone.nl/blog/onderzoek-is-er-nog-sprake-van discriminatie-op-de-woningmarkt.html
14
Conclusie Deze onderzoeken geven een beeld van het voorkomen van intentie tot discriminerend handelen en discriminerend gedrag van makelaars in de eerste fase van het verhuurproces. Het beeld dat naar voren komt, geeft aan dat discriminatie een veel voorkomend fenomeen is dat niet alleen in Utrecht voorkomt.
15
Ontwikkelingen Om meer inzicht te verkrijgen in eventuele (structurele) discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt, wordt er gekeken naar de context waarin het fenomeen plaatsvindt. Allereerst wordt inzicht worden verschaft in de ontwikkelingen binnen de Utrechtse (huur-)woningmarkt. Experts geven namelijk aan dat dit vraagstuk niet los kan worden gezien van onder andere de voortdurende krapte op de woningmarkt.42 Vervolgens worden de (ontwikkelingen binnen) wettelijke en beleidskaders omtrent discriminatie, met betrekking tot verhuren van woningen, besproken.
Ontwikkelingen Utrechtse woningmarkt. In Utrecht is er een huizenvoorraad van 156.678 woningen (Monitor Wonen, 1 juli 2020 geraadpleegd). Er is sprake van een stijging ten opzichte van de vorige momentopname (april, 2019), toen was er een huizenvoorraad van 153.845 woningen. De Monitor Wonen (2020) geeft aan dat 35 procent van de woningen sociale huur betreft (<€737). Twaalf procent van de woningen betreft middenhuur (€737-€991) en vijf procent van de woningen betreft dure huur (>€991). De overige percentages zijn ofwel koopwoningen ofwel onbekend (Woningvoorraad - Monitor Wonen, 2020).43 In onderstaande tabel staat aangegeven hoe de groei in Utrecht zich de afgelopen drie jaar voltrokken heeft, als ook het type koop/verhuur.44 Er valt te zien dat het aantal woningen van particuliere verhuurders, anders dan woningcorporaties, toeneemt. Dit betekent dat particuliere verhuurders, in toenemende mate, een groter aandeel vormen van de totale markt. Dit kan gevolgen hebben voor het plaatsvinden van discriminatie. De toename van het aantal kleine verhuurders (particulieren), niet gecertificeerde bemiddelaars, en het ontbreken van een verdelingssysteem zoals in de sociale huursector kan, volgens de het onderzoek van Böcker en collega’s bijdragen aan het optreden van discriminatie Tabel 1. Woningvoorraad Utrecht sinds 2018 2018
2019
2020
Koop
69.548
71.682
72.181
Woningcorporatiebezit
48.675
47.967
47.912
Particuliere verhuurders
30.894
31.012
33.452
Onbekend
1.708
3184
3133
42
Andriessen, I. * Wittebrood, K. (2021). DISCRIMINATIE OP DE WONINGMARKT: Een praktijkgericht onderzoek naar de aanpak van discriminatie op de particuliere huurwoningmarkt. Utrecht: Verwey & Jonker & gemeente Utrecht. 43 Woningvoorraad - Monitor Wonen. (2020). Geraadpleegd op 1 juli 2020, van https://wistudata.nl/dashboard/MonitorWonen/Woningvoorraad/. Prijzen betreft sociale- midden- en dure huur zijn uit 2020. 44 Gemeente Utrecht (2020). Woningen naar eigendomsvorm, geraadpleegd op 17 december 2020, van https://utrecht.incijfers.nl/jive?workspace_guid=d241eaeb-0625-471d-9328-e5b98670b470
16
Hoewel er een groei in aantal woningen is, heeft Utrecht te maken met een groot tekort aan woningen. In september 2020 is een kwalitatieve woningmarktanalyse voor de U-16 regio gepubliceerd. Dit onderzoek maakt zichtbaar hoe groot de woningbouwopgave is in de regio en de stad Utrecht en laat de verschillen tussen vraag en aanbod zien in voor diverse segmenten. In de stad Utrecht is er zowel een tekort aan huurappartementen (zowel sociaal als vrije sector) als aan koopwoningen,
waaronder
veel
betaalbare
woningen
tot
€
300.000
(appartement
en
grondgebonden).45 De context van de Utrechtse woningmarkt is relevant voor dit onderzoek, gezien krapte op de huurwoningmarkt door de meeste respondenten ook wordt genoemd als een relevante factor voor discriminatie in het onderzoek van Böcker en collega’s. Er wordt gesteld dat naarmate verhuurders uit meer woningzoekenden kunnen kiezen, er een grotere kans is op discriminatie op bijvoorbeeld etnische afkomst.46
Ontwikkelingen beleidskader Er is het afgelopen jaar zowel vanuit de gemeente Utrecht als vanuit het Rijk aandacht geweest voor discriminatie op de woningmarkt. Vanuit het Rijk kwam minister Van Veldhoven in november 2019 met een uitleg over de aanpak met betrekking tot discriminatie.47 Die aanpak wordt als volgt door haar samengevat (p.1): ●
Inzet op diverse vormen van bewustwording: ○
Voorlichting aan verhuurders en makelaars/bemiddelaars, zodat scherp wordt wat wel en wat niet mag;
○
Bezien of dit onderwerp in opleiding en bijscholing en interne gedragscodes van koepels van makelaars voldoende aandacht en plaats heeft gekregen;
○
Deelnemen aan bijeenkomsten van koepels van makelaars om de aanpak voor het voetlicht te brengen;
○ ●
Voorlichting bestemd voor potentiële huurders;
Inzet op vormen van screening van potentiële huurders die de risico’s voor verhuurders beperkt en discriminatie tegengaat;
●
Inzet op onderzoek met behulp van mystery guests en praktijktests om bewustwording te bevorderen. De resultaten zullen waar mogelijk worden teruggekoppeld naar de NVM en VBO;
●
Inzet op betere aangifte- of meldingsbereidheid door voorlichting als genoemd en in samenwerking met gemeenten de bekendheid verbeteren van meldpunten;
45 Klouwen, B., Klouwen, K. en Gijsbers, V. (2020) Kwalitatieve woningmarktanalyse.
https://ris2.ibabs.eu/Reports/ViewListEntry/Utrecht/23e276f7-6607-4c49-8674-725a409bd883 46 Böcker, A., Terlouw, A. en Özdemir, E. (2019). Discriminatie bij de verhuur van woningen? Een verkennend onderzoek naar verklaringen en de mogelijke aanpak. Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Centrum voor Staat en Recht. 47 Ministerie van BZK (2019) Kamerbrief over discriminatie op de woningmarkt, 11 november 2019.
17
●
Inzet op enkele pilots bij grote steden om best practices te verzamelen en elkaar te versterken.
Ook is er vanuit het Rijk, in samenwerking met de provincie Utrecht en zestien Utrechtse gemeenten, een langdurige samenwerking gestart om woningproblematiek aan te pakken. In de ‘Woningdeal regio Utrecht’ wordt niet alleen de betaalbaarheid aangepakt en de woningbouwproductie versneld, maar ook excessen, waaronder malafide verhuurders, worden aangepakt.48 Daarnaast heeft de gemeente Utrecht, naar aanleiding van het voorgaande onderzoek, een aanpak ontwikkeld om discriminatie tegen te gaan. Hierin zijn de volgende acties in opgenomen: 49 ●
Spoedoverleg met Utrechtse brancheorganisaties;
●
Uitdagen van Utrechtse branche om met plan van aanpak te komen;
●
Vergroten van bewustwording;
●
Aankondigen en/of uitvoeren van herhaaldelijke praktijktesten;
●
Verkennen van mogelijkheden voor controleren en beboeten;
●
Opname van thema woningmarkt in Antidiscriminatie Agenda.
Samengevat kan worden gesteld dat er sinds eind 2019 binnen alle lagen van de overheid meer aandacht is geweest voor (overtredingen met betrekking tot) discriminatie op de woningmarkt. In dit onderzoek zal ook onderzocht worden of en in welke mate de Utrechtse (beleids-)maatregelen effect hebben gehad.
48
Rijksoverheid. (2019). Rijk en regio Utrecht slaan handen ineen voor meer woningen en aanpak excessen. Geraadpleegd op 1 juli, 2020, van https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2019/06/24/rijk-en-regio-utrecht-slaan-handen-ineen-voormeer-woningen-en-aanpak-excessen 49 Gemeente Utrecht (2019). Raadsbrief Beantwoording motie 'Aanpak discriminatie op de woningmarkt'. Geraadpleegd op 1 juli, 2020, van https://ris2.ibabs.eu/Reports/ViewListEntry/Utrecht/67948a4f-08cb-4ed6-b6c2bcb1d51f53f7
18
Methoden Dit onderzoek is merendeels een herhaling van het onderzoek in 2019, daarom zal grotendeels ook dezelfde methode aangehouden worden. In dit onderzoek wordt discriminatie op de Utrechtse particuliere huurwoningmarkt gemeten aan de hand van correspondentietesten en mystery calls.50 Daarnaast zijn er verdiepende interviews gehouden met makelaars, om meer inzicht te krijgen in factoren die bijdragen aan discriminatie. Hieronder worden de gebruikte onderzoeksmethoden verder toegelicht.
Procedure Correspondentietesten zijn een objectieve manier om discriminerend gedrag te meten. Hierbij contacteert men op schriftelijke wijze verhuurders, naar aanleiding van een concrete advertentie, met twee kandidaat-huurders (een test- en controlepersoon), die enkel verschillen op de discriminatiegrond.51 In dit onderzoek zijn de onderzochte discriminatiegronden etniciteit, seksuele gerichtheid en fysieke beperking. Wanneer nadien blijkt dat de testpersoon (bijvoorbeeld een kandidaat met een niet-westers klinkende naam) nadeliger behandeld wordt dan de controlepersoon (bijvoorbeeld een kandidaat met een Nederlands klinkende naam), dan gaat men ervan uit dat de ongelijke behandeling te wijten is aan etnische discriminatie.52 Naast correspondentietesten werden er ook mystery calls uitgevoerd. Hierbij werd onderzocht of makelaars in gingen op het verzoek om de beschikbare woonruimte niet te verhuren aan mensen met een andere etnische achtergrond, met een niet-heteroseksuele gerichtheid of met een fysieke beperking. Dit is een discriminerende handeling en op die manier kan men intentie tot discriminatie van belangrijke tussenpersonen onderzoeken. Bij mystery calls is er geen sprake van het vergelijken van quasi-identieke test- en controlepersonen, zoals bij correspondentietesten. Er werd enkel een discriminerende vraag gesteld aan een makelaar door één tester.
Hierbij werd de intentie om te discrimineren getest, in plaats van het werkelijke gedrag. Hierna werden enkele gesprekken opgevolgd met een follow-up interview, waardoor dieper kan worden ingegaan op de verkregen resultaten.
Participanten Correspondentietesten De participanten zijn makelaars en particuliere verhuurders, die tussen week 34 en week 39 minimaal één zelfstandige woonruimte verhuurden in Utrecht. Om het minimaal aantal participanten
50
Elibol, R. & Tielbeke, J. (2018). Onderzoek discriminatie op de woningmarkt: Rachid is ook gewoon een nette jongen. Geraadpleegd op 1 juli, 2020, van https://www.groene.nl/artikel/rachid-is-ook-gewoon-een-nette-jongen. 51 Verhaeghe, P. P., Coenen, A., Demart, S., Van der Bracht, K., & Van de Putte, B. (2017). Discrimibrux-Discriminatie door vastgoedmakelaars op de private huurwoningmarkt van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. 52 Van der Bracht, K., Verhaeghe, P. P., & Van de Putte, B. (2016). Gelijke toegang tot huisvesting voor elke Gentenaar: onderzoeksrapport.
19
voor de correspondentietesten in dit onderzoek te bepalen, werd er gebruik gemaakt van G*power.53 Er zijn minimaal 50 participanten per groep (dat wil zeggen: voor zowel particuliere verhuurders als voor makelaars) nodig om tot een representatief resultaat te komen.54 Mystery calls De participanten zijn makelaars die een woning kunnen verhuren in Utrecht. In 2019 is er een steekproef getrokken uit alle Utrechtse makelaars en hebben we 34 makelaars bereikt.55 Dit jaar werden voor zover mogelijk dezelfde makelaars bereikt, zodat verandering in intentie om te discrimineren gemeten kan worden. Waar deze in 2019 verdeeld waren in twee discriminatiegronden - namelijk etniciteit en seksuele gerichtheid - zijn deze in het huidige onderzoek verdeeld in drie discriminatiegronden - namelijk etniciteit, seksuele gerichtheid, en fysieke beperking. Voor iedere grond werden er minstens tien participanten bereikt. In totaal zijn er in 2020 36 makelaars gebeld, en 30 makelaars bereikt. Interviews Voor de interviews werden zes makelaars gebeld, welke wij eerder bereikt hadden tijdens de mystery calls. De zes makelaars betroffen drie makelaars die volgens onze gestelde criteria wel op het discriminerende verzoek in wilden gaan en drie makelaars die niet op het discriminerende verzoek in wilden gaan.
Dataverzameling Correspondentietesten Tijdens de eerste en tweede week werden de correspondentietesten met betrekking tot discriminatie op grond van etniciteit uitgevoerd. De derde en vierde week werden correspondentietesten met betrekking tot discriminatie op grond van seksuele gerichtheid uitgevoerd. Tijdens de vijfde en zesde week werden de correspondentietesten met betrekking tot discriminatie op grond van een fysieke beperking uitgevoerd. De dataverzameling voor de correspondentietesten vond plaats tussen 17 augustus 2020 en 27 september 2020 en bestond uit drie fases per dataverzamelingsronde. In de eerste fase werd er een lijst opgesteld van beschikbare particuliere huurwoningen. De huurwoningen die aangeboden werden door makelaars, zijn verzameld via Funda.nl en Pararius.nl. De huurwoningen die aangeboden werden door particulieren zijn verzameld via Kamernet.nl, Marktplaats.nl, Speurders.nl, Huurwoningen.nl, en Woningen.tweedehands.net. Om overlast en
53
Faul, F., Erdfelder, E., Buchner, A., & Lang, A. G. (2009). Statistical power analyses using G* Power 3.1: Tests for correlation and regression analyses. Behavior research methods, 41(4), 1149-1160; Gebruik G*power (Z.D.). Geraadpleegd op 1 juli, 2020, van http://www.mormonsandscience.com/gpowerguide.html 54 Om deze analyse te voltooien, is gebruik gemaakt van de resultaten van de Groene Amsterdammer (Elibol & Tielbeke, 2018). Het gaat om een éénzijdige toets, met een kansenverhouding van 12.5, een alpha van 0.05, een power level van .95, en een totale proportie van verwachtte niet overeenstemmende paren van .22. Hoewel 100 participanten zeker haalbaar is, bleek het vorig jaar moeilijk om de gewenste 50 particuliere verhuurders te bereiken. Dit jaar zal wederom geprobeerd worden om 100 participanten te behalen. 55 Gielkens, D., Wegkamp, F. (2019) Onderzoeksrapport: Discriminatie op de Utrechtse woningmarkt. Utrecht: Academie van de Stad & Gemeente Utrecht.
20
onraad te vermijden én om de steekproef onder makelaars zo groot en representatief mogelijk te maken, is er willekeurig één advertentie per makelaar/verhuurder per testronde geselecteerd. Indien een verhuurder/makelaar niet reageerde in de eerste testweek, hebben wij getracht een huurwoning van deze verhuurder/makelaar opnieuw in de tweede testweek mee te nemen door op een andere woning te reageren. In de tweede fase werden de makelaars en verhuurders, naar aanleiding van de advertentie, via een bericht op de betreffende website per email benaderd door de fictieve potentiële huurders. Hiervoor werden voor de test- en controlepersoon fictieve email-adressen en telefoonnummers aangemaakt. Het betrof paarsgewijze testen, waarbij dezelfde makelaar of verhuurder door zowel de test- als de controlepersoon gecontacteerd werd. Ook werden alle berichten op dezelfde werkdag verstuurd, waarbij de testpersoon de mail altijd eerder verstuurde dan de controlepersoon. Beide kandidaathuurders stuurden een bericht gelijkend in toon en lengte, maar verschillend in precieze bewoording om niet op te vallen. Om de eventueel nadelige behandeling toe te kunnen wijzen aan de discriminatiegrond, moet deze duidelijk blijken uit de e-mail.
Voor de correspondentietest naar etnische discriminatie, werd er getest of er verschil bestaat in behandeling van een mannelijke kandidaat met een Nederlands klinkende naam (controlepersoon) en een mannelijke kandidaat met een niet-westers klinkende naam (testpersoon). Het gebruik van ‘vreemde’ namen is in voorgaand onderzoek reeds zeer effectief gebleken om de etnische afkomst duidelijk te maken.56 Figuren 1. en 2. tonen de e-mails die gebruikt zijn voor de correspondentietest naar etnische discriminatie. De seksuele gerichtheid van de test- en controlepersonen werd duidelijk gemaakt door het vermelden van de relatie (wij/mijn man en ik & wij/mijn vrouw en ik). Daarnaast werd aanvullend duidelijk gemaakt of het om een heteroseksuele of homoseksuele relatie ging, dit werd gedaan door voor beide koppels beide voornamen te noemen.57 Figuur 3. en 4. tonen de e-mails die gebruikt zijn voor de correspondentietest naar discriminatie op grond van seksuele gerichtheid. De handicap/fysieke beperking van de testpersoon werd duidelijk gemaakt door het vermelden van de aanwezigheid van een blindengeleidehond. In de literatuur wordt een handicap van de kandidaathuurder vaak geoperationaliseerd op deze manier, omdat is gebleken dat dit een succesvolle methodiek is voor het operationaliseren van een fysieke beperking Figuur 5. en 6.
tonen de e-mails die gebruikt zijn voor de correspondentietest naar discriminatie op grond van handicap/fysieke beperking.
56
Verhaeghe, P. en Van der Bracht, K. (2017). Praktijktesten: Van onderzoeksmethode naar beleidsinstrument tegen discriminatie? Sociologos, Volume 38, 1. 57 Verhaeghe, P.P. (2018) Discriminatie van homoseksuele en lesbische koppels op de huurwoningmarkt in Gent.
21
Figuur 1. E-mail correspondentietest etniciteit ‘kandidaat-huurder met Nederlands klinkende naam’ Hallo, Mijn vriendin en ik zijn op zoek naar een huurwoning in Utrecht en zagen deze advertentie langskomen. We zijn zeer enthousiast! Is het mogelijk om een afspraak te maken voor een bezichtiging? Bij voorbaat dank. Met vriendelijke groet, Ruben Mulder Figuur 2. E-mail correspondentietest etniciteit ‘kandidaat-huurder met nietwesters klinkende naam’ Goedendag, Ik zag deze advertentie langskomen voor de huurwoning die u aanbiedt. Mijn vriendin en ik zijn zeer geïnteresseerd in deze woning. Zouden we langs kunnen komen om deze te bezichtigen? Alvast bedankt. Met vriendelijke groet, Ali Yildiz Figuur 3. E-mail correspondentietest seksuele gerichtheid ‘kandidaat-huurder met heteroseksuele relatie Hallo, Mijn vrouw en ik zijn samen op zoek naar een huurwoning in Utrecht. Wij zagen online deze advertentie langskomen en wij zijn zeer geïnteresseerd! Is het mogelijk om een bezichtiging voor de woning te plannen? Alvast bedankt. Met vriendelijke groet, Tim & Gwen
22
Figuur 4. E-mail correspondentietest seksuele gerichtheid ‘kandidaat-huurder met homoseksuele relatie’ Goedendag, Mijn man en ik zagen de advertentie van de woning die u aanbiedt. Wij zijn erg enthousiast over de woning. Is het mogelijk om langs te komen om deze te bezichtigen? Wij horen het graag, Met vriendelijke groet, Jochem en Paul
Figuur 5. E-mail correspondentietest handicap ‘kandidaat-huurder zonder fysieke beperking’ Hallo, Mijn vriendin en ik zijn op zoek naar een huurwoning in Utrecht en zagen deze advertentie langskomen. Is het mogelijk om een afspraak te maken voor een bezichtiging? Bij voorbaat dank. Met vriendelijke groet, Bram Smits Figuur 6. E-mail correspondentietest handicap ‘kandidaat-huurder met een fysieke beperking’ Goedendag, Wij zijn erg geïnteresseerd in de woning die u aanbiedt. Zouden wij samen met mijn blindengeleidehond langs mogen komen om de woning te bezichtigen? Alvast bedankt. Met vriendelijke groet, Bart van der Velde
23
In de derde fase werd nagegaan of de test- en controlepersonen verschillend behandeld werden door de gecontacteerde makelaars en verhuurders. Na afloop van elke testronde werd er gekeken welke reactie makelaars en particuliere verhuurders gegeven hadden. Er kan sprake zijn van een positieve of negatieve reactie. Onder positieve reactie worden onderstaande reacties gerekend: -
Kandidaat werd om aanvullende informatie gevraagd, geen afspraak voor een bezichtiging;
-
Kandidaat werd gevraagd om te bellen, zonder zekerheid of bezichtiging mogelijk is;
-
Kandidaat werd om aanvullende informatie gevraagd en uitgenodigd voor een bezichtiging;
-
Kandidaat werd gevraagd om contact op te nemen om een afspraak voor een bezichtiging in te plannen;
-
Kandidaat werd uitgenodigd om de huurwoning te bezoeken.
Onder negatieve reactie worden onderstaande reacties gerekend: -
Bezoeken zijn momenteel niet mogelijk;
-
Men wil niet aan de kandidaat verhuren;
-
De woning is niet langer te huur;
-
Opvolgmail met informatie over andere panden;
-
Geen antwoord ontvangen.
Er zijn hierbij drie opties te onderscheiden: er kan sprake zijn van gelijke behandeling, negatieve behandeling, of positieve behandeling. Er is sprake van gelijke behandeling (A) wanneer beide kandidaten op dezelfde manier behandeld worden, bijvoorbeeld wanneer beide kandidaat-huurders een positief bericht ontvingen. Er wordt gesproken van een nadelige behandeling (B) als de controlepersoon een positieve reactie krijgt, terwijl de testpersoon een negatieve reactie krijgt. Allerlaatst is er sprake van voordelige behandeling (C) wanneer de testpersoon een positieve reactie krijgt, terwijl de controlepersoon een negatieve reactie krijgt. Tabel 2. Mogelijke reacties correspondentietest
Testpersoon
Controlepersoon
Positief
Negatief
Positief
Gelijke behandeling (A)
Nadelige behandeling (B)
Negatief
Voordelige behandeling (C)
Gelijke behandeling (A)
Mystery calls Ook de dataverzameling voor de mystery calls bestond uit drie fases. Gedurende de eerste fase werden de mystery calls voorbereid. Deze voorbereiding bestond uit zowel het opstellen van de lijst van makelaars, als het opstellen van het script.
24
In het voorgaande onderzoek uit 2019 zijn er 34 makelaars bereikt tijdens de mystery calls, waarbij de variabelen etniciteit en seksuele gerichtheid getest werden. Om een algemene vergelijking te maken tussen het huidige onderzoek en het voorgaande onderzoek uit 2019, is ervoor gekozen om per variabele tien makelaars op te contacteren, waarbij zoveel als mogelijk makelaars op basis van dezelfde discriminatiegrond gebeld werden. Op deze manier kan gekeken worden in hoeverre makelaars, die vorig jaar wel of niet op een discriminerend verzoek in wilden gaan, dit jaar bereid zijn om op een discriminerend verzoek in te gaan. Zo kunnen we meer zeggen over de structurele aard van discriminatie op de particuliere huurwoningmarkt én de werking van praktijktesten als beleidsinstrument. Voor de variabele ‘fysieke beperking’ zijn er in voorgaand onderzoek geen mystery calls uitgevoerd. Hierom zijn de makelaars voor deze variabele geselecteerd uit de resterende makelaars, die vorig jaar benaderd zijn met een verzoek met betrekking tot seksuele gerichtheid of etniciteit. Hiernaast werd er ook een script opgesteld. Hierin werden een aantal algemene vragen opgesteld, waarna de onderzoeker (ofwel de fictieve mogelijke verhuurder) aangeeft dat er specifieke wens is voor het type huurder, namelijk de vraag of het mogelijk is om mensen met een bepaald kenmerk te weigeren, c.q.