Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021.pdf
Tekst van het document
burgerlijke gemeenten werden ondergebracht. De volgende torens zijn in bezit van de gemeente toren St Willibrordkerk Vleuten, toren kerk Blauwkapel, Domtoren, Buurtoren, Geertetoren, Jacobitoren en de Nicolaitorens. Op dit moment is de restauratie van de Domtoren in uitvoering. Forten Sinds het einde van de vorige eeuw is de gemeente Utrecht de eigenaar van acht rijks monumentale forten behorend tot de Nieuwe Hollandse Waterlinie (NHW). De NHW is een 'Nationaal Landschap' en het grootste rijksmonument. De NHW is in 2019 door Nederland voorgedragen voor UNESCO Werelderfgoed als uitbreiding op de Stelling van Amsterdam, samen vormen ze straks een Werelderfgoed de ‘Hollandse Waterlinies’. De aanwijzing als werelderfgoed is belangrijk voor het bewaren en ontwikkelen van de forten en voor het toerisme. Afgelopen jaren is door de gemeente met financiële bijdragen van Rijk en Provincie een grote inspanning geleverd om invulling te geven aan het in 1997 door de raad vastgestelde programma “Van Geheim naar Publiek Domein”. De forten werden gerestaureerd en kregen een nieuwe bestemming en werden hiermee meer toegankelijk gemaakt voor het grote publiek. Van de acht forten liggen er vier aan de oostzijde van Utrecht, De Lunetten. Deze forten hebben gemetselde bekledingsmuren, de lage muren langs het water.
Sinds de verwerving van deze forten, omstreeks de jaren ’70 is er aan deze bekledingsmuren geen onderhoud uitgevoerd. Dit met uitzondering van Fort Lunet III; de bekledingsmuren en één van de twee kazematten van dit fort zijn in 2011/2012 gerestaureerd. Uit onderzoek is gebleken dat ook aan de bekledingsmuren van Fort Lunet I, II en IV op grote schaal metsel- en voegwerkherstel noodzakelijk is, waarbij vooral de kwaliteit van de kademuren van Lunet IV een groot risico vormt. Nabij en op alle bekledingsmuren groeien bomen die met de wortels tegen de muren het metselwerk kapot drukken. In het kader van de restauratie is het noodzakelijk dat er bomen worden geveld. Daarnaast zijn nog enkele kazematten niet gerestaureerd. Er is gestart met de gefaseerde uitvoering van de restauratie van de bekledingsmuren en de kazematten. Fort de Gagel is het laatste fort dat nog herontwikkeld gaat worden. Momenteel zijn de voorbereidingen gaande. Werfkelders Afgelopen jaren heeft de gemeente bij enkele werfkelders de gewelven opnieuw waterdicht gemaakt naar aanleiding van lekkages. Ook in 2021 zal bij een werfkelder onderhoud aan het gewelf worden uitgevoerd. Hierbij wordt samengewerkt met het Programma Wervengebied en particuliere (mede)eigenaren. Over de voortang van dit programma is de gemeenteraad in december 2020 geïnformeerd5.
Nulmeting en strategische visie Ook bij de portefeuille Erfgoed is een start gemaakt met het uitvoeren van een nulmeting en wordt vervolgens in nauwe samenwerking met het beleidsveld een meerjaren strategische visie en investeringsprogramma ontwikkeld. De portefeuille Erfgoed vervult een speciale rol binnen de gemeente. Een groot deel van de panden in deze portefeuille genereert geen of onvoldoende huur om de kosten te dekken, zij vervullen wel een grote betekenis voor de stad. Op dit moment ontbreekt het aan een actueel
5
Raadsbrief Voortgang programma wervengebied
(financieel)beleidskader die dit vastgoed ondersteunt en onderbouwing opleveren voor het in eigendom hebben van dit vastgoed. De erfgoedportefeuille wordt onderworpen aan een nulmeting & analyse. Vervolgens wordt dit naast het beleidskader gelegd en resulteert dit in uitgangspunten. Parallel wordt een financiële meerjaren strategie uitgewerkt met een overzicht van ((rijks)subsidieregelingen) waardoor naast instandhouding ook andere ontwikkelingen financieel ondersteund kunnen gaan worden. Deze visie is nodig om aan de zorgplicht te kunnen voldoen en kansen te benutten voor het creëren van maatschappelijke meerwaarde. De uitdaging is om de ambities van het coalitieakkoord te vertalen naar actueel en toekomstbestendig portefeuillemanagement. Daarbij wordt gekeken wat de waarde in den brede betekenis van dit vastgoed is. Kortom: het erfgoed van betekenis te laten zijn voor de identiteit van Utrecht met de volgende invalshoeken: •
Behoud van erfgoedwaarde
•
Invulling maatschappelijke waarde voor en door inwoners (jong & oud) en met behulp van cultuur en onderwijs te laten participeren en hierover te communiceren
•
Voorbeeldfunctie: als showcase/inspiratie voor andere eigenaren.
4.4.4 Gemeentelijke huisvesting De kern van het huisvestingsaanbod is twee hoofdlocaties, meerdere gebiedsgerichte locaties en een flexibele schil van huisvesting bij partners in de stad. Op deze manier houden we verbinding met de stad en creëren we flexibiliteit om de groei van het aantal ambtenaren op te vangen. Om richting te geven aan de toekomstige ontwikkeling van het aanbod wordt een huisvestingsplan opgesteld. Het vertrekpunt van het huisvestingsplan zijn het bestaande huisvestingsplan uit 2018 en de resultaten van de beleidslijn Werken 3.0. Deze beleidslijn is
Figuur 19: Spreiding portefeuille Gemeentelijke Huisvesting
richtinggevend voor de toekomstige huisvestingsbehoefte van de ambtelijke organisatie en wordt ontwikkeld door IPM en M&O (hoofdlijnen gereed Q1 2021). Stadskantoor Voordat maatregelen werden ingesteld om de verspreiding van COVID-19 in te perken, was de bezetting/benutting van het Stadskantoor “hoog”. Er zijn verschillende alternatieven onderzocht hoe hiermee om te gaan, zoals mogelijkheden om functiegericht te huisvesten en/of meer opgavegericht te werken. Het inzetten op meer effectief gebruik van ruimte door medewerkers meer mogelijkheden te bieden om een werkomgeving te kiezen die past bij wat er nodig is voor de opgave /de activiteit waaraan gewerkt wordt. Dit zal komende periode nadrukkelijk bijdragen aan een bezetting/benutting die beter past bij de beschikbare ruimte. Daarnaast zijn er meer mogelijkheden om gebruik te maken van voorzieningen buiten het stadskantoor.
33 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Wijkbureaus Door te investeren in de huisvesting van wijkbureaus dragen wij bij aan het versterken van onze zichtbaarheid in wijken en versteviging van de samenwerking met partners in de stad. Er worden mogelijkheden onderzocht om wijkbureau West terug de wijk in te plaatsen. Ook wordt er een nieuwe locatie ingericht voor het wijkbureau Noordwest. Ook wordt gewerkt aan een verbeterslag in de huisvesting voor wijkbureau Vleuten-de Meern. Centra Jeugd en Gezin Op basis van de Bevolkingsprognose 2018 wordt ingeschat dat de extra behoefte aan jeugdgezondheidszorg kan worden ingevuld in de bestaande voorzieningen. Er zullen fysieke aanpassingen worden gemaakt aan de bestaande Gezondheidscentra aan de Vogelvlinderweg, Van Hoornekade en Utrechtse Heuvelrug. Ten behoeve van de ontwikkeling van de Merwedekanaalzone zal het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) aan de Al Masoedilaan worden aangepast. Overig: overdracht panden Stadsbedrijven De locaties van Stadsbedrijven kunnen na een nulmeting en afspraken hierover worden overgedragen aan VGU. 4.4.5 Welzijn Samen met inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en vrijwilligers maken we van Utrecht een stad waar plaats is voor iedereen. Utrecht bruist en groeit, maar we zien in toenemende mate mensen die het moeilijk hebben om mee te doen. Denk aan meer langdurig werklozen en een steeds groter aantal kinderen dat opgroeit in armoede.
Daarom willen we voorzieningen beter fysiek en sociaal toegankelijk maken zodat Utrechters elkaar blijven zien en ontmoeten. We investeren in de kwaliteit en toegankelijkheid van onze maatschappelijke voorzieningen om deze
Figuur 20: Spreiding portefeuille Welzijn
beweging mogelijk te maken. Het gaat hier met name om buurtcentra, jongerenhuiskamers/buurtkamers en de beheerde speeltuinen. De resultaten van de Rapportage Evaluatie beleid Utrechtse Buurtcentra worden hierbij meegenomen. Het gaat dan vooral om het verbeteren van de uitstraling, functionaliteit en zichtbaarheid in de wijk. Buurtcentra Vanuit de groei van de stad is het nodig om het aantal buurtcentra en/of buurtkamers uit te breiden. Het gaat om locaties buurtkamer Kruisvaertkade, buurtcentrum Merwedekanaalzone, buurtkamer Lombokplein en een nieuw buurtcentrum in Overvecht/Vechtstrook. Deze behoefte is voorzien in de uitvoeringsnotitie “Maatschappelijk Initiatief Onderdak” (MIOD). Vanuit dit meerjarig perspectief op vraag, aanbod én kwaliteit van de buurtcentra per wijk zijn/worden er verschillende buurtcentra verplaatst, verbouwd en vindt er nieuwbouw plaats. Na voltooiing van de nieuwbouw is de geografische spreiding van buurtcentra over de stad grotendeels op orde. Projecten die leiden tot een kwaliteitsslag van de buurtcentra zijn al opgestart.
Jongerenhuiskamers en buurtkamers Voor specifieke doelgroepen van welzijnsbeleid op buurtniveau zijn jongerenhuiskamers en buurtkamers in beheer. Op nieuwe locaties worden jongerenhuiskamers en buurtkamers veelal geïntegreerd in buurthuizen en/of andere welzijnsvoorzieningen. De tijdelijke jongerenhuiskamers aan de Meerndijk en aan de Gambiadreef moeten op termijn een vaste plek krijgen. De locatie aan de Meerndijk zal meegenomen worden in de lokale gebiedsontwikkeling. Speeltuinen Het beleidskader “Speelruimte maken we samen” uit 2017 geeft bewoners in de wijk de mogelijkheid om het beheer op ‘hun’ speeltuin uit te voeren. De grond wordt door VGU verhuurd en alle opstallen worden met een huurafhankelijk opstalrecht tijdelijk in eigendom gegeven bij de bewoners die alle middelen ontvangen voor de instandhouding en vervanging. Er zijn momenteel 12 van de 21 speeltuinen verzelfstandigd. De verwachting is dat in de komende jaren de overige speeltuinen gaan verzelfstandigen mits hiervoor draagvlak is bij bewoners. Het voldoende aantrekken van vrijwilligers en het oppakken van technisch beheer- en onderhoud vormen daarbij de grootste uitdagingen. 4.4.6 Zorg Het Utrechtse model voor zorg en ondersteuning kent drie sporen67: 1.
Een sterke sociale basis: ondersteunen van het zelforganiserend vermogen, zowel individueel als collectief;
2.
Sociale basiszorg: generalistisch werkende buurtteams, dichtbij en laagdrempelig;
3.
Aanvullende zorg: specialistisch en intensief als dit nodig is. Figuur 21: Spreiding portefeuille Zorg
In de portefeuille Zorg wordt vastgoed ingezet om met name het tweede en derde spoor te faciliteren. Slechts een klein deel van de totale huisvestingsbehoefte uit dit beleidsveld wordt ingevuld met eigen vastgoed of aangehuurd vastgoed. Het merendeel van de huisvesting wordt verzorgd door de zorgaanbieders zelf. Buurtteams De buurtteamorganisaties zijn zelf verantwoordelijk voor hun huisvesting. De huidige huisvesting bestaat uit een mix van particulier en gemeentelijk vastgoed op circa 20 locaties. Met de groei van de stad neemt de behoefte aan maatschappelijk vastgoed toe, en daarmee ook de behoefte aan huisvesting van de buurtteams. We werken nauw samen om huisvesting mogelijk te maken en zetten in op synergie met andere maatschappelijke voorzieningen.
6 7
Uitvoeringsagenda Jeugd Uitvoeringsagenda Meedoen naar Vermogen 35 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Buurtgerichte specialistische jeugdteams De aanvullende zorg is integraal georganiseerd en per buurt is gekomen tot een team van samenwerkende professionals. Deze zorg is aanvullend op de sociale basiszorg van buurtteam, huisartsen en jeugdartsen. Deze teams werken op een schaalgrootte van de buurt zodat samenwerking met de buurtteams, huisartsen, jeugdartsen en andere partijen in de buurt optimaal wordt gefaciliteerd. Idealiter is het team gevestigd in dezelfde ruimte als die van het buurtteam, in een gezondheidscentrum of bij de jeugdartsen in een buurt. Voor bestaand vastgoed en vanuit de groei van de stad zetten we in op clustering van gemeentelijke zorgfuncties op buurtniveau. Thuis voor iedereen De huisvesting van dak- en thuislozen, jongeren in een kwetsbare positie en ouderen staat in toenemende mate onder druk. Samen met onze stakeholders willen we de ontwikkeling van wooneenheden voor daklozen, jongeren en ouderen versnellen en versterken: we jagen bestaande ontwikkelingen aan, verbinden specifieke expertise van de doelgroepen aan ontwikkeling van nieuwe gebieden, benutten de bestaande voorraad en vrijkomend vastgoed, en realiseren nieuwe woonconcepten en mogelijke tijdelijke flexibele oplossingen. Via het Programma (T)huis voor iedereen wordt dit in onderlinge samenhang opgepakt.
Maatschappelijke opvang Er is mede door de krapte op de woningmarkt een groeiende behoefte aan (tijdelijke) huisvesting om de in- en doorstroom in de maatschappelijke opvang te kunnen opvangen. Wij verkennen – samen met onze partners en regiogemeenten - hoe dit op te lossen. Kleinschalig, gespreid over de stad/regio en geclusterd met andere zorgvoorzieningen zijn belangrijke trends in de maatschappelijke opvang. Het college heeft de ambitie geformuleerd om de bestaande nachtopvang om te vormen naar een opvang die 24-uur toegankelijk is voor bezoekers. Hierdoor komen bezoekers meer tot rust en kunnen zij beter werken aan hun herstel. Ons huidige vastgoed is inmiddels gedeeltelijk aangepast op deze huisvestingsbehoefte en er is werk in uitvoering. Vluchtelingen en ongedocumenteerden De in- en uitstroom van vluchtelingen en ongedocumenteerden kenmerkt zich door onvoorspelbaarheid. Vanuit beleid wordt zoveel mogelijk ingezet op het behouden van kleinschalige opvang verspreid over de stad en het blijven exploiteren van twee middelgrote locaties. De huidige aantallen blijven behouden met gelijke in- en uitstroom. Een lichte groei van het aantal plekken is gezien de landelijke ontwikkelingen niet uitgesloten. Ook op migratieterrein zijn onverwachte ontwikkelingen niet uitgesloten. Dit vraagt flexibiliteit in ons huisvestingsprogramma.
4.4.7 Overig beleid De deelportefeuille ‘overig beleid’ is een van de deelportefeuilles onder het programma Utrechts Vastgoed. Binnen de deze deelportefeuille kennen we de vier categorieën. Economische Zaken Dit betreft het Lumax-pand aan de Ondiep Zuidzijde. Het pand is in gebruik als bedrijfsverzamelgebouw en ook gedeeltelijk eigen huisvesting
Openbare Orde en Veiligheid Dit betreft de panden die de gemeente in eigendom heeft ten behoeve van de Veiligheidsregio Utrecht, VRU. De gemeente heeft zowel een rol als eigenaar en ook als partij in de bekostiging van onder andere de huisvesting. Strategisch Bezit In het deel Strategisch bezit zitten panden die (1) op dit moment tijdelijk geen beleidsfunctie vervullen of (2) een functie hebben die specifiek is en niet onder andere
Figuur 22: Spreiding portefeuille Overig Beleid
portefeuilles te vatten zijn. Voor de eerste categorie wordt gekeken of de panden in de toekomst nog een gebruikswaarde vertegenwoordigen. Hiervoor wordt onder andere het instrument van de pandvisies gebruikt. Als een pand geen gebruikswaarde, waaronder begrepen maatschappelijke (meer)waarde, meer vertegenwoordigt, kan eventueel tot verkoop worden overgegaan. Op dit zijn er geen panden met enige substantiële omvang die op de nominatie voor verkoop staan. De tweede categorie betreft bijvoorbeeld de busremise aan de Europalaan en objecten die onderdeel zijn van bijvoorbeeld parken of onlosmakelijk verbonden zijn met andere gemeentelijke vastgoedobjecten. Strategisch Bezit: benzine verkooppunten Dit betreft de verhuur van gronden waarop de benzineverkooppunten gevestigd zijn. Deze gronden zijn strategisch bezit ten behoeve van gebiedsontwikkelingen in de stad.
Meerjarenperspectief Programma Bereikbaarheid De gemeente beschikt over een areaal aan parkeervoorzieningen die een bijdrage leveren aan de opgave duurzame mobiliteit van het programma bereikbaarheid. De voorzieningen zijn ondergebracht binnen Vastgoed Organisatie Utrecht (VGU) in de portefeuille parkeren en bestaat uit de deelportefeuilles auto en fiets. De deelportefeuille auto bestaat uit: 3 gebouwde P+R-voorzieningen, 1 tijdelijk P+R terrein, 5 openbare parkeergarages en 8
Figuur 23: Spreiding portefeuille Bereikbaarheid
belanghebbendengarages. Daarnaast bestaat de deelportefeuille fiets uit: 11 openbare fietsstallingen, 5 pop-up stallingen, 34 buurtstallingen waarvan 23 locaties gehuurd en 102 fietstrommels. 37 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
4.5.1 Impact van RSU2040 op VGU investeringen en bemensing Het strategisch kader van de RSU 2040 heeft een aanzienlijke impact op de investerings- en bemensingsopgave van de Vastgoed Organisatie Utrecht (VGU). Het gaat immers om grotendeels nieuw te ontwikkelen Vastgoed producten en diensten waar Utrecht landelijk gezien noodzakelijkerwijs in voorop loopt en waar dus nog relatief weinig kennis en kunde voor beschikbaar is. Het betreft hier o.a. (maar niet beperkt tot): •
Het onderzoek naar een permanente P+R op Papendorp
•
Het Mobiliteitsbedrijf en concept in de Merwedekanaalzone en verplaatsing van het fietsdepot
•
De (her)ontwikkeling van totaal circa 13 P+R-locaties tot 2040
•
Het ontwikkelen van deelhubs in openbare parkeergarages. Eén gerealiseerd en één in ontwikkeling.
•
Het verder uitbreiden van met name het aantal fietsgarages en buurt stallingen en fietstrommels. Zowel bemand als onbemand.
•
Het uitbreiden van fietsstallingsplaatsen in het stationsgebied met minimaal 5000 stallingsplaatsen.
•
Het verduurzamen en slimmer maken van de huidige parkeer- en fietsgarages en P+R-locaties met laadpalen, zonnepanelen waar mogelijk en gewenst, een groene wand en/of dak, de parkeergarage als “batterij” en “accu” voor het opvangen van piekbelasting, etc.
•
Het onderzoeken van Mobiliteitswinkels waar deelmobiliteits diensten kunnen worden afgenomen
•
Het integreren in en opwaarderen van de parkeer- en fietsgarages, P+R-locaties, en verkeer ICTinfrastructuur.
Het voorgaande is geen limitatieve opsomming. De voorgaande ontwikkelingen gaan zo snel en bieden zoveel kansen voor de bereikbaarheid en het leefklimaat van de stad dat we hierop in moeten blijven spelen. De geschetste mobiliteits- en parkeerknooppunten zijn de levensaders van onze stad en het is daarom cruciaal dat ze up-to-date zijn en blijven. Dit vergt veel van de vastgoed organisatie qua investeringen, bemensing en onderhoudsinspanning. Waar vastgoed vroeger vaak een reactieve beheerders benadering vergde, is m.n. “intelligent en up-to-date” mobiliteitsvastgoed nu de cruciale schakel voor de bereik- en leefbaarheid van de stad! 4.5.2 Opgeleverde projecten leerpunten voor nieuwe projecten We hebben geconstateerd dat in de Grifthoekgarage en de P+R Westraven herstelwerkzaamheden aan het beton moeten plaatsvinden. Ook in de andere net opgeleverde projecten zoals P+R Berlijnplein en de stationspleinstalling zijn er de bijna onvermijdelijke restpunten en kinderziektes. Deze gaan we in 2021 uitvoeren. We leren hier bovendien van om in de nieuwe mobiliteitsknooppunten in de ontwerpfase direct verbeteringen te implementeren en daarmee de Total Cost of Ownership (TCO) en gebruiks- en maatschappelijke waarde te verhogen. Door meer inzet- van mensen en middelen bij de ontwikkeling dalen de totale kosten van het vastgoed gezien over de hele levenscyclus en stijgen de gebruiks- en
maatschappelijke waarde. Het is dan ook cruciaal en heeft een hoog rendement om meer mensen en middelen te alloceren.
Meerjarenperspectief Programma Sport Algemene programmadoelstelling Samenleven en Sport: Utrechters zijn betrokken bij elkaar, ondernemen samen activiteiten en iedereen kan zichzelf zijn. Zij kunnen sporten en bewegen in een toegankelijke en kwalitatief goede infrastructuur. Waarbinnen de subdoelstelling voor Sport: Alle Utrechters kunnen sporten en bewegen in een toegankelijke en kwalitatief goede sportinfrastructuur. Figuur 24: Spreiding portefeuille Sport
De infrastructuur bestaat momenteel uit de volgende gemeentelijke sportaccommodaties in beheer: 15 sporthallen, 9 sportzalen, 43 gymzalen, 26 sportparken met 150 sportvelden, 3 atletiekbanen, 15 volkstuinen en 4 zwembaden. Van bovenstaande sporthallen bevinden zich 4 sporthallen in een MFA en 1 sporthal in zelfbeheer. De Sportagenda In deze agenda wordt de verbinding gelegd tussen een aantal documenten die de afgelopen jaren zijn uitgewerkt. De sportnota (verlengt tot 2025), het Utrechts Sportakkoord, het Koersdocument Leefbare Stad en Maatschappelijke Voorzieningen en de meest recente raming van de capaciteitsbehoefte voor sportaccommodaties door het Mulier Instituut. Voor een actuele prognose van sportaccommodaties, mede als gevolg van de groei van de stad wordt er in 2021 door het Mulier Instituut een nieuwe capaciteitsbehoefte berekening Figuur 25: De Sportagenda
uitgevoerd voor de georganiseerde sport in de stad.
Bij de voorjaarsnota 2020 is er in het kader van de groei van de stad investeringsbudget toegekend voor en extra trainingssporthal in Zuidwest, de omzetting van een grasveld naar kunstgras in Oost, uitbreiding met een hockeyveld en voorbereiding van uitbreiding rugby in Strijkviertel, en uitbreiding met een korfbalveld in Overvecht. Ook wordt de grond gereserveerd voor een eventueel nieuw zwembad in het
39 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Maximapark. De realisatie van deze uitbreidingsinvesteringen hangen nauw samen met gebiedsontwikkelingen waarin we gezamenlijk met Ruimte in de planningen optrekken. Daarnaast staan er voor de komen jaren voor sport o.a de volgende herinvesteringen en groei van de stad projecten gepland, voor totaal zie de geheime projectenbijlage; Buitenaccommodaties 1.
Burgemeester Norbruislaan 680 (Sportpark Zuilen) In de ontwikkeling van Sportpark Zuilensevecht wordt er gestart met de realisatie van een American Football combi veld.
2.
Manitobadreef 8 (sportpark Overvecht) Aanleg kunstgrasveld op sportpark Overvecht t.b.v. EDO in combinatie met de komst van trainingsfaciliteiten voor FC Utrecht, betreft een rendabele investering door FC Utrecht betaald. Bodemsanering onder trainingsveldje gelijktijdige uitvoering. De aanleg van de velden voor FC Utrecht wordt niet door de gemeente uitgevoerd maar door FC Utrecht zelf georganiseerd. Deze geprognotiseerde rendabele investering kan hiermee vervallen.
3.
Monarchvlinderlaan 70 (Atletiekbaan Amaliapark) Renovatie van de bestaande atletiekbaan, dit in combinatie met aanvullende functies en uitbreiding gebouwtje t.b.v. bezoekers en toiletvoorzieningen.
4.
Koningsweg 139 (Sportpark Koningsweg) Omzetting van een grasveld naar een kunstgrasveld in kader van de groei van de stad en de ontwikkelingen rondom Maarschalkerweerd.
5.
Rijnvliet 3-5 (Sportpark Rijnvliet) Uitbreiding met een rugbyveld door herschikking van de bestaande velden, in overleg met de bestaande rugby-vereniging.
6.
Rio de Janeirodreef 201-203 (sportpark Vechtzoom) Realisatie uitbreiding hockeyvelden in combinatie met aanpassing kantines en renovatie kleedgebouwen.
7.
Arienslaan 2 (sportpark de Berekuil) Vervangende nieuwbouw kleedgebouwen op het sportpark.
8.
Manitobadreef 8 (sportpark Overvecht) Aanpassingen aan sportvelden en infrastructuur in relatie tot de komst van trainingsfaciliteiten voor FC Utrecht. Uitwerken plan van aanpak voor bestaande kleedgebouwen ten aanzien van renovatie of nieuwbouw.
9.
Verlengde Hoogravenseweg (sportpark Hoograven) Inbreng renovatie kleedgebouwen in mogelijke herontwikkeling.
10. Loenenseboslaan 2 (sportpark de Meern) Dak van dienstverblijf voorzien van PV-panelen, mede voor toekomstig elektrisch materieel voor beheer van sportparken. 11. Tirionlaan 3 (sportpark Papendorp) Verwerving en groot onderhoud sportkantine boven gemeentelijk kleedgebouw, ten behoeve van verhuursituatie. Dit voor het mogelijk maken van de komst van een nieuwe voetbalvereniging.
Diverse renovaties van sportveldconstructies Op basis van de actuele sportveldconditie staan er meerder sportveldconstructies op de planning. Zie hiervoor ook de projecten geheime bijlagen. De jaar planning wordt een half jaar voor renovatie definitief vastgesteld en met betrokken sportvereniging gecommuniceerd voor uitvoering. Binnenaccommodaties 1.
Cremerstraat 253 (gymzaal Cremerstraat) Na renovatie en van welzijn en gymzaalaccommodatie aan de Cremerstraat kunnen en op deze locatie PV-panelen geplaats worden.
2.
Heycopplein 5 (gymzaal Heycopplein) Plaatsen van PV-panelen op gebouwdelen waar dit mogelijk is.
3.
Herculesplein 343 (Sportcentrum Galgenwaard) Deze locatie bestaat 20 jaar en er wordt een plan uitgewerkt om de installaties
Figuur 26: Dave Brubecklaan
groot onderhoud uit te voeren in combinatie met onderzoek naar verbeteringen t.b.v. verduurzaming. Voor verwarming van gebouw en douches is deze locatie al gas-loos. 4.
Dave Brubecklaan (gymzaal Terwijde) Ontwikkeling van een nieuwe gymzaal, na de ontwerpfase zijn de uitgewerkte plannen besproken door middel van participatie met toekomstige gebruikers en omwonende. De volgende projectfase kan worden ingegaan. Zie hiernaast de artist impressie met groene gevels en daken ten behoeve van de energie neutrale gymzaal.
5.
Bontekoelaan (Sporthal Bontekoelaan) De gecombineerde ontwikkeling van de sporthal Bontekoelaan, in beheer bij schoolbestuur en buiten onderwijstijden beschikbaar voor sportverenigingen/breedtesport.
6.
Merwedekanaalzone (sporthal) Realisatie (voorbereiding) van een nieuwe sporthal in combinatie met onderwijsontwikkeling.
7.
Goeree 4 – 6 (gymzalen Goeree) Renovatie verduurzaming gymzalen.
8.
Bangkokdreef 2 (gymzaal Bangkokdreef) Renovatie gymzaal in combinatie met verduurzamingswerkzaamheden.
Zwembaden 1.
Middelweerdplaats 1 (Zwembad Fletiomare) Na versteviging van de bestaande dakconstructie worden op deze locatie PV-panelen geplaats worden. Plan van aanpak uitwerken om daar waar groot onderhoud op de andere zwembaden aan de zwembadwater- en werktuigkundige installaties wordt ingepland, dit in combinatie met verduurzamingswerkzaamheden uit te voeren. 41 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Dienstverlening aan Programma Stedelijke Ontwikkeling De gemeente heeft ook vastgoed en grondposities in bezit als strategisch instrument voor stedelijke ontwikkeling. Het betreft vastgoed dat de gemeente in (tijdelijk) eigendom heeft om toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken. Het betreft 56.405 m2 BVO, 53.816 m2 VVO, 3.822.722 m2 perceelsoppervlak, 37 panden en 109 percelen
Het vastgoed kan onderdeel uitmaken van
Figuur 27: Spreiding Programma Stedelijke Ontwikkeling
een grondexploitatie, als een gebied ontwikkeld wordt. Het vastgoed is veelal bestemd voor (her)ontwikkeling; sloop of verkoop behoren daarbij tot de mogelijkheden. Vooruitlopend op de ruimtelijke ontwikkelingen heeft de VGU de taak om het vastgoed (zowel objecten als gronden) zo goed mogelijk in overeenstemming met de ruimtelijke plannen en het gemeentelijk vastgoedbeleid tijdelijk te beheren. Dit gebeurt door te zoeken naar passende huurders/gebruikers die invulling geven aan het (tijdelijk) beheer. De financiële verantwoordelijkheid voor dit vastgoed blijft bij het programma Stedelijke Ontwikkeling, dat de opdracht heeft gegeven voor het tijdelijk beheer.
Programma Openbare Ruimte/ Stadsbedrijven De uitvoeringsorganisatie Stadsbedrijven heeft een aantal panden in eigendom en beheer voor de eigen huisvesting. Deze panden maken onderdeel uit van het programma Openbare Ruimte. Voor deze panden wordt een huisvestingsstrategie ontwikkeld, het streven is om in 2021de strategie af te ronden. Voor deze strategie zal het nodige in beeld wordt gebracht in samenspraak met Stadsbedrijven, VGU en Facilitair & Huisvesting. In die strategie zal de nul situatie worden vastgesteld, in beeld zal worden gebracht wat de risico’s zijn die we moeten duiden, incl. de noodzakelijke beheersmaatregelen daarop, wat is de behoefte (qua terrein, operationele locaties en kantoorfuncties), waar zit de groei en welke groeimogelijkheden hebben we nog op het bestaande terrein van de Tractieweg. We zoeken hierbij ook aansluiting bij de gemeentelijke ontwikkelingen met betrekking tot het nieuwe werken 3.0. Eveneens brengen wij in beeld welke modificaties nodig zijn om aan te sluiten bij de ambitie van het coalitieakkoord voor energieneutraal gemeentelijk vastgoed in 2040, en welke middelen daarvoor nodig zijn. Momenteel liggen op de daken van de Tractieweg 2 1.834 zonnepanelen, waarmee een groot deel van de elektriciteit wordt opgewekt. Het elektriciteitsgebruik van de Tractieweg 2 is op dit moment 64 % fossielvrij.
In een onderzoek van Greenchoice, de elektriciteitsleverancier van de gemeente Utrecht, onderzoeken we welke energiebesparende maatregelen in de werkplaats en op het terrein mogelijk zijn. Op grond van het vastgestelde ontwikkelingsperspectief voor Maarschalkerweerd (9 juli 2020) is na overleg met de huurder aan het best bestuur voorgesteld het huurcontract van de locatie aan de laan van
Maarschalkerweerd af te laten lopen op 31-12-2022. Het huurcontract is daarmee een jaar verlengd. De huurder wordt op deze manier in de gelegenheid gesteld een alternatieve locatie te zoeken voor zijn bedrijfswerkzaamheden, die niet passend zijn in de vastgestelde gebiedsvisie. De locatie wordt ontwikkeld voor sport, groen en recreatie, passend bij de ambities van het ontwikkelingsperspectief Maarschalkerweerd.
43 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
5 Tevredenheid van huurders en eindgebruikers In dit hoofdstuk staat sturing op het hoofddoel beheren en exploiteren van gemeentelijke voorzieningen naar tevredenheid van huurders en eindgebruikers centraal. We blikken terug op en we kijken vooruit naar de bezetting en het gebruik van de door de Gemeente Utrecht geëxploiteerde accommodaties. Dit zijn de welzijnsaccommodaties, sportaccommodaties (binnen en buiten) en de zwembaden, maar ook parkeervoorzieningen en begraafplaatsen. (Externe) Huurders Vastgoedorganisatie Utrecht 5.1.1
Inleiding
In 2020 is de Utrechtse Vastgoedorganisatie samengevoegd met de afdeling Vastgoedbeheer naar een nieuwe organisatie: Vastgoedorganisatie Utrecht (VGU). In het transitieproces naar deze nieuwe organisatie ligt de focus sterk op onze klanten/huurders. Het hoofddoel ‘beheren en exploiteren van gemeentelijke voorzieningen naar tevredenheid van huurders en eindgebruikers’ staat (mede) centraal. De gewenste identiteit van de nieuwe organisatie is dan ook als volgt geformuleerd: Wij zijn de vastgoedprofessionals van Utrecht. Samen zetten wij iedere dag al onze kennis en energie in voor onze klanten. Vandaag en voor de verre toekomst. Daarbij hebben wij de volgende kernwaarden vastgesteld die dagelijks richting geven aan ons werk: Deskundig: Wij zijn de gepassioneerde professionals en kennisvraagbaak op het gebied van vastgoed voor de lange termijn. Betrouwbaar: We doen wat we beloven, zijn realistisch over wat kan en niet kan en nemen doordacht beslissingen. Veerkrachtig: Wij zijn positief en constructief bij veranderende wensen van klanten, politiek en collega’s. Open: Wij zijn toegankelijk voor onze klanten, luisteren goed naar hun wensen en stellen die centraal. Samen werken we naar een optimaal resultaat. Toekomstgericht: We anticiperen op toekomstige ontwikkelingen en innoveren voor steeds betere oplossingen en service voor onze klanten.
5.1.2
Visie
Wij leveren kwaliteit en leggen verbinding. In goed overleg met klant en bestuur bepalen en beheren wij het gewenste kwaliteitsniveau van onze gebouwen. De basis hiervan is:
•
Integraliteit in afwegingen ten aanzien van de stedelijke ambities en sturing op levensduurcycli van de gebouwen.
•
Proactief acteren op basis van inzet van vastgoed-vakmanschap voor de maatschappelijke opgaven en sturing op de gewenste ontwikkeling van de vastgoedportefeuille. Inclusief actief leegstandbeheer.
•
Een actieve en open manier van communiceren door de vastgoedorganisatie over zowel de beleidsmatige, financiële en of juridische afspraken met het bestuur, huurders/klanten en leveranciers.
5.1.3
Klantstrategie
In de relatie tot de klant zijn er twee niveaus te identificeren: op strategisch niveau de klant- en pandvisie, op tactisch/operationeel niveau het maken van een jaarplan. Vervolgens is het monitoren en bijstellen van deze twee niveaus een belangrijke stap om continu de kwaliteit van ons werk, en vervolgens ook de relatie met de klant, te verbeteren. Om concreet te maken wat deze visie en ambities in de praktijk betekenen, is door de VGU gewerkt aan de klantstrategie. Want wat is er nodig voor een goede relatie met onze huurders? Aan de hand van klantreizen hebben wij de belangrijkste momenten in de relatie met klanten en de mate van hun waardering van ervaringen met de organisatie inzichtelijk. Op basis hiervan is de klantstrategie geformuleerd, deze strategie bepaalt hoe wij willen omgaan met onze klanten. Hier wordt aan gewerkt vanuit de volgende 4 hoofthema’s: 1.
Klant- en pandvisie: Een visie op de relatie en het contact met de klant is van essentieel belang om alle klanten op een passende manier te kunnen bedienen. Daarnaast is een heldere visie op een pand noodzakelijk om een klant te kunnen voorzien van informatie over de plannen met het pand. Beide visies zijn nodig om onze doelstelling, maatschappelijke voorzieningen ondersteunen met passende huisvesting tot tevredenheid van de klant, te kunnen waarmaken.
2.
Gezamenlijk jaarplan: Om aan de hand van een klant- en pandvisie de klant goed te kunnen bedienen, resulteren deze visies in een operationeel plan per pand. Met een meerjarenonderhoudsplan (MJOP) en jaarplan van de nieuwe vastgoedorganisatie (beleid, beheer én onderhoud) kunnen we de klant helpen. De nieuwe vastgoedorganisatie heeft regelmatig contact met haar klanten. Waar mogelijk, wordt vanuit de nieuwe vastgoedorganisatie integrale contactmomenten met de klantgeorganiseerd. We helpen de klant door integraal te spreken over de huisvesting. De nieuwe vastgoedorganisatie stelt dit jaarplan in samenspraak met de klant op. En neemt de klant mee in de keuzes die worden gemaakt en waarom we die keuzes maken. Zo wordt voor de klant zichtbaar en helder wat er komend jaar gaat gebeuren, en kan de klant zich daar op voorbereiden en aanpassen.
3.
Monitoren en bijstellen: Iedere portefeuille meet tweejaarlijks met een klantonderzoek de tevredenheid over de werkzaamheden van de nieuwe vastgoedorganisatie en de diverse aspecten die leiden tot (on)tevredenheid. Denk aan de samenwerking, communicatie, kwaliteit van het gebouw, enzovoort. Aan de hand van de resultaten van het klantonderzoek, wordt bepaald of de klant- en pandvisie en het jaarplan nog voldoen of moeten worden bijgesteld. 45 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
4.
Wederkerige relatie: De relatie met een klant is wederkerig. Van de nieuwe vastgoedorganisatie wordt verwacht de klant goed te bedienen, in nauw contact te staan. Bijvoorbeeld door met de klant het operationeel plan te delen en te bespreken en projecten professioneel te managen.
5.1.4
Acties
In de organisatieontwikkeling van VGU staat de klant centraal en komt in feite in de volle breedte van het werk terug. Zoals bij het ontwikkelen van nieuwe werkwijzen en werkprocessen. Daarnaast wordt er een aantal concrete acties uitgezet die direct gekoppeld zijn aan het hoofddoel ‘beheren en exploiteren van gemeentelijke voorzieningen naar tevredenheid van huurders en eindgebruikers’. Klanttevredenheidsonderzoek huurders VGU Monitoren en bijstellen: VGU meet tweejaarlijks door middel van een klantonderzoek de tevredenheid over de werkzaamheden van de nieuwe vastgoedorganisatie en de diverse aspecten die leiden tot (on)tevredenheid. Denk aan de samenwerking, communicatie, kwaliteit, enzovoort. De resultaten bieden belangrijke managementinformatie. Het geeft inzicht in de tevredenheid van de huurders over het beheer en onderhoud, de communicatie, dienstverlening en welke aspecten daarvan volgens de huurders aandacht vragen. Zo kunnen wij bepalen of het relatiemanagement, de klant- en pandvisie en/of het jaarplan nog voldoen of moeten worden bijgesteld. Op basis van de uitkomsten gaan de huurder en vastgoedorganisatie in gesprek. In het najaar van 2021 wordt het onderzoek uitgevoegd door Benchmark Gemeentelijk Vastgoed. Elke Nederlandse gemeente kan hierbij aansluiten. Dit maakt het mogelijk de uitkomsten (anoniem) te vergelijken met die van alle deelnemende gemeenten.
Klantcontact Uit een eerder klanttevredenheidsonderzoek is gebleken, dat het oplossen van storingen en reparatieprocessen vaak lang duurt. Aangegeven werd dat het vaak veel moeite kost om een storing opgelost te krijgen. De samenvoeging van de Utrechtse Vastgoedorganisatie met de afdeling Vastgoedbeheer naar Vastgoedorganisatie Utrecht, is een eerste verbeterslag op dit punt. Ook is geconstateerd dat het voor huurders soms onduidelijk is hoe zijn zij in contact met (voorheen) UVO/VGB kunnen komen met storingsmeldingen. Hiervoor is het Vastgoed Contact Centrum (VCC) opgericht. Een contactpunt waarbij huurders direct bij VGU hun storingen en defecten kunnen melden. Het VCC is 24/7 bereikbaar via 030-2864286 en VGB-Teammailbox@utrecht.nl. Daar wordt direct actie ondernomen en de meldingen afgehandeld. Gezamenlijk jaarplan en gepland onderhoud Om onze klant goed te kunnen bedienen, wordt per pand een meerjarenonderhoudsplan (MJOP) opgesteld. Dit doen wij in goed contact met onze huurders, wij maken gezamenlijk afspraken. Zo is voor alle partijen duidelijk wat er op welk moment in het pand gebeurt op het gebied van (onderhouds)werkzaamheden.
Vastgoedexploitatie Vastgoedexploitatie (VGE) is verantwoordelijk voor het dagelijks onderhoud en de exploitatie van een groot deel van de Utrechtse vastgoedportefeuille. Het aanbod van Vastgoedexploitatie bestaat uit binnensportaccommodaties, buitensportaccommodaties, zwembaden, multifunctionele accommodaties, buurtcentra, volkstuinen, begraafplaatsen, garages, kantoorgebouwen en speeltuinen. VGE voegt maatschappelijke waarde toe door ervoor te zorgen dat bewoners gebruik kunnen maken van veilige, toegankelijke en duurzame accommodaties, door een optimale bezetting van onze accommodaties en door te streven naar een hoge klanttevredenheid. Overzicht van de accommodaties Aantal 1-1-2021 (+/- t.o.v. 1-1-2020) 3 binnenzwembaden 1 binnen-/buitenzwembad
Sport/zwembaden Sport/binnen
14 sporthallen 1 turnhal 9 sportzalen 43 gymzalen 3 atletiekbanen 26 sportparken met 150 sportvelden 15 volkstuinen 13 speeltuinen (+2) 23 buurtcentra (+1) 6 MFA’s 11 jongerenvoorzieningen (+3) 1 speelgarage/speelgoed uitleen (-1) 8 kantoor/alt. gebouwen (FST) (-3) 8 belanghebbenden-autoparkeergarages 5 kortparkeer-autogarages 4 P+R-garages (+1) 11 openbare stallingen (+2) 34 buurtstallingen (+1) 101 trommels (+4) 11 fietskluizen (+11) 5 pop-up stallingen 2 monumentale begraafplaatsen 2 begraafplaatsen 510 accommodaties
Sport/buiten
Welzijn/MFA’s/FST
Parkeren (auto)
Parkeren (fiets)
Begraafplaatsen Totaal
Figuur 28: Overzicht accommodaties in beheer bij Vastgoedexploitatie
5.2.1 De visie van Vastgoedexploitatie Vastgoedexploitatie zorgt ervoor dat onze accommodaties door bewoners, verenigingen en scholen gebruikt kunnen worden. We creëren kansen voor de verschillende gebruikers (georganiseerd en ongeorganiseerd), binnen de kwalitatieve en financiële randvoorwaarden die we daarvoor hebben vastgesteld. Binnen Stadsbedrijven regelt VGE de (gebruikers)exploitatie zelf, als blijkt dat in een bepaald gebied de basisvoorzieningen niet of onvoldoende door particulier initiatief opgepakt worden (bijvoorbeeld omdat ze te duur of onvoldoende toegankelijk zijn, er onvoldoende spreiding is of niet de juiste kwaliteit en capaciteit bieden). Om die reden verzorgt de gemeente die in 2027 naar 400.000 inwoners is gegroeid zelf de exploitatie van 485 accommodaties. 47 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Om de maatschappelijke meerwaarde te verhogen sturen we in de periode 2018-2022 op 5 sturingslijnen:
1.
1.
De klantwaarde
2.
Optimale bezetting/benutting
3.
Digitale innovatie
De klantwaarde
De stip op de horizon: we kennen onze (potentiele) klant en behoefte en vergroten zijn tevredenheid. In 2022 zijn onze gebruikers tevreden met de voorzieningen. Alle voorzieningen scoren rond een 7,5 bij continue klanttevredenheidsonderzoeken. We weten wat de wensen van de gebruikers zijn en we betrekken hen bij de afweging tussen kosten en bezetting. De klant vindt zijn weg steeds meer digitaal. We blijven onderzoeken of dit naar tevredenheid van de klant is. We zorgen dat we fysiek zichtbaar en aanspreekbaar zijn en niet alleen bereikbaar door middel van digitale systemen. Voor onze voorzieningen zijn we continu op zoek naar nieuwe klanten. Dit alles vraagt van onze medewerkers een andere houding. Een houding die niet alleen gericht is op het tevreden houden van bestaande klanten, maar ook het zien en benutten van kansen met betrekking tot potentiële klanten. We weten wat de wensen en behoeften van potentiële klanten zijn en weten we hoe we hen kunnen bereiken. We zetten de klant centraal en redeneren vanuit de klant. Wij vinden het belangrijk dat iedereen optimaal gebruik kan maken van onze dienstverlening. Inwoners ervaren in onze processen dan ook geen obstakels. Het is voor zo goed als iedereen mogelijk om eenvoudig zelf zijn informatie te vinden.
Het is niet nodig om elke keer het verhaal opnieuw te vertellen en informatie die we niet nodig hebben wordt ook niet gevraagd. 2.
Optimale bezetting/benutting
De stip op de horizon: we ondernemen samen met de klant acties om een optimale bezetting te realiseren. In 2022 hébben onze accommodaties die optimale bezetting. Hierbij houden we rekening met de mogelijkheden van de voorziening (bijvoorbeeld de nieuwe mogelijkheden van kunstgrasvelden t.o.v. natuurgrasvelden), de openingstijden en het maximale aantal bezoekers. We maken voor elk onderdeel marketingplannen die jaarlijks leiden tot marketingcommunicatie-acties. We toetsen of deze nieuwe ideeën ook in andere deelgebieden toepasbaar zijn. Voor onze voorzieningen zijn we continu op zoek naar nieuwe klanten. Onze medewerkers weten hoe je de bezettingsgraden van de verschillende voorzieningen kunt verbeteren en hoe je nieuwe klantgroepen kunt bereiken. Dit alles vraagt van onze medewerkers een houding die ook gericht is op nieuwe klanten en meer marketingkennis. 3.
Digitale innovatie
Corona heeft gemaakt dat onze samenleving versneld is gedigitaliseerd. Nieuwe technieken en aandacht voor digitaliseren zijn in rap tempo in huishoudens doorgedrongen. Dit biedt in delen van onze dienstverlening ook nieuwe kansen om versneld met nieuwe technieken onze producten digitaal te vereenvoudigen. Hier gaan we de komende tijd ook mee aan de slag. We betrekken inwoners met regelmaat actief in onze processen en wij blijven leren van hun input en passen daar continu onze dienstverlening flexibel op aan.
Naast deze directe terugkoppeling van de inwoners willen we de (digitale) toegankelijkheid van onze diensten vergroten. Zo onderzoeken we de mogelijkheden voor een app waarin inwoners eenvoudig ruimtes kunnen reserveren en waarmee we inwoners kunnen informeren. Daarnaast onderzoeken we of we onze dienstverlening kunnen aanbieden via online platformen, om zo de toegang voor (potentiële) klanten te vereenvoudigen. Naast het inzetten van digitale innovatie om de klantwaarde te verhogen maken we ook gebruik van data om belangrijke stuurinformatie naar boven te halen. Zorgvuldige data-analyse en duiding geeft aan waar eventuele knelpunten zitten en zorgt ervoor dat processen efficiënter kunnen worden ingericht. Door slimme technologische oplossingen willen we maatschappelijke waarde toevoegen. We ontwikkelen een datasysteem om de energiedata op orde te hebben, we zetten het ‘lichtproject’ voort (test bij VGL, uitrol locaties). We gebruiken de applicatie Tableau om onze management/stuurinformatie te standaardiseren en te visualiseren. Zo ontwikkelen we dashboards waarin de bezettingscijfers geanalyseerd kunnen worden, om zo meer grip te krijgen op de prestaties en eventuele knelpunten.
Ook kijken we naar hoe we data kunnen inzetten om de klant beter te begrijpen, zoals de ontwikkeling van een maandelijkse rapportage over het klantcontact en het standaardiseren van klanttevredenheidsonderzoeken. We houden de ontwikkelingen op het gebied van digitale innovatie nauwlettend in de gaten en kijken kritisch naar welke technieken van toegevoegde waarde kunnen zijn. Voorbeelden van zulke technieken zijn de Digital Twin en beeldherkenning in de buitenruimte. De Digital Twin is een digitaal 3D-model van een object of systeem en kan gebruikt worden om inzicht te bieden in de huidige situatie, scenario’s te voorspellen en participatie en inspraak te bieden. Beeldherkenning in de buitenruimte biedt de mogelijkheid om door middel van camerabeelden situaties te herkennen, een techniek die nu al wordt toegepast in het Slim Vegen project. Ook in 2021 blijven we betrokken bij ontwikkelingen op het gebied van digitale innovatie. 5.2.2 De acties van vastgoedexploitatie op de kortere termijn 2021 staat in het teken van klantonderzoeken, klantgesprekken, data-analyses, informeren en inspireren. Door middel van (online) onderzoeken en klantgesprekken (rondetafelsessies) zoeken wij de klant op. Enerzijds om de behoefte van de klanten te achterhalen en ze beter te leren kennen; anderzijds om klanten bondgenoot te maken, een ambassadeur voor de voorzieningen.
Naast informeren van de klanten over de mogelijkheden bij de accommodaties, willen wij klanten vooral inspireren door waarde te creëren voor verschillende doelgroepen. Communicatie is onmisbaar, zonder communicatie weten inwoners immers niet wat de maatschappelijke mogelijkheden zijn die de gemeente haar inwoners biedt. Inspireren doen we samen door specifieke doelgroepen met een specifieke communicatieboodschap te benaderen, activeren wij de klant om gebruik te maken van een voorziening. De gemeentelijke voorziening zijn er voor alle Utrechters, dus ook voor hen! Het vergroten van de kennis over de voorzieningen is een belangrijk doel voor 2021. De klant is de persoon die een locatie boekt en/of bezoekt, maar ook organisaties en personen waar wij mee samenwerken zijn onze klant. Wij zetten de klant centraal. Belangrijke waarden in 2021 zijn: •
Klantvriendelijkheid vergroten Wij zijn vaak het eerste contact met de klant. Wij weten hoe we de klant moeten behandelen en weten hoe zij behandeld willen worden. Wij weten hoe we de klant een welkom gevoel kunnen geven en vriendelijk te woord kunnen staan. Gastheerschap is belangrijk. Door onszelf (de medewerkers) te blijven te ontwikkelen en eventueel nieuwe sociale vaardigheden aan te leren, 49 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
kunnen we beter en sneller tegemoetkomen aan de veranderende vraag van de klant. •
Klantkennis Wij vinden het belangrijk om te weten wat onze klanten vinden van onze 454 voorzieningen en service. Daarom controleren we via klanttevredenheidsonderzoeken of we voldoen aan de verwachtingen van onze gebruikers. Wij meten voor elk onderdeel 1x per 2 jaar de klanttevredenheid. Waar mogelijk meten we de klanttevredenheid continu. In 2021 scoren wij minimaal een 7 scoren voor klanttevredenheid. Wij zorgen dat we de klant kennen en ook weten wat zij verwachten en/of willen. Klantbinding Wij hebben een klantrelatie met iedere bewoner die gebruik maakt van een voorziening. In 2021 willen we hierop voortborduren en dit uitbreiden. Enerzijds willen we deze klanten over andere voorzieningen informeren en inspireren er ook gebruik van te maken. Anderzijds willen wij ervoor zorgen dat klanten ambassadeurs worden. De ambassadeurs kunnen de informatie via mond-tot-mond reclame verder uitdragen naar hun eigen netwerk (het olievlekprincipe), zodat ook die geïnspireerd worden om gebruik te maken van de gemeentelijke voorzieningen.
•
Gebruiksgemak We verbeteren onze digitale vindbaarheid en online informatievoorziening (bv. de website met klantgerichte visuele middelen of animaties). Wij maken onze klanttools gebruiksvriendelijk. Wij verkorten de responstijd. Hiermee verlagen we de drempel om een ruimte te reserveren, spreken daardoor een bredere doelgroep aan en verminderen het aantal binnenkomende vragen. Wij nemen de digitale klant mee in ons klanttevredenheidsonderzoek.
Resultaten klanttevredenheidsonderzoek Door het onregelmatige gebruik hebben we in 2020 onder de gebruikers van de (binnen- en buiten) accommodaties geen enquête uitgezet om de klant tevredenheid te meten. De zwembadbezoekers geven de zwembaden een goede beoordeling. In de baden kunnen bezoekers via een informatiezuil aangeven hoe zij het bezoek hebben ervaren. Ondanks de maatregelen m.b.t. COVID19 waarin de bezoekers werd gevraagd voorafgaande het bezoek te reserveren en waarin de maximaal aantal bezoekers beperkt was werd de organisatie en personeelsvriendelijkheid als positieve punten benoemd. Als verbeterpunten werd de telefonische bereikbaarheid genoemd, zeker in de eerste weken na de lockdown waarin alleen telefonisch gereserveerd kon worden. Later is de reservering omzet in een online reserveringssysteem. De communicatie naar de klant is verbeterd door het aanpassingen van de website waardoor de activiteitenroosters goed leesbaar op de mobiele telefoon en tablets.
5.3.1
Bezetting accommodaties
Bij exploiteren ligt het accent in 2021 op het beter benutten van de accommodaties. Dat doen we vooral door het maken en uitvoeren van marketingplannen. Daarnaast willen we het grijsgebruik tegengaan. Bij elke accommodatiesoort verschilt de optimale vorm en de indicator die we willen meten. Bij Parkeren gaat het enerzijds om het aantal parkeerplekken beter te benutten en anderzijds om het beter spreiden van
fietsbezoekers. Bij Welzijn streven we naar een gemiddelde norm van 43 uur bezetting per week te halen. De beschikbare ruimte bij de begraafplaatsen – het groene hart van Utrecht – willen we via omdenken ter beschikking stellen aan de buurtbewoners. Dit doen we door de voorzieningen op de begraafplaatsen een andere invulling te geven. Bijvoorbeeld een plek creëren waar buurtbewoners elkaar kunnen ontmoeten. In 2021 richten we ons vooral op de volgende onderwerpen om de bezetting te verbeteren: We ondernemen acties om samen met de potentiele klant een optimale bezetting te realiseren. We optimaliseren de programmering, per onderdeel kijken we hoe we dat kunnen bereiken (bv. fysieke zichtbaarheid, een locatie in de spotlight, dubbelgebruik parkeergarages, medebeheer, betere indeling gymzalen). De rode draad in onze marketingcommunicatie is waarde creatie. Dit sluit aan bij onze missie, namelijk omdat we met maatschappelijk geld maatschappelijke waarde willen creëren. We maken marketingplannen voor: •
Parkeren. We streven naar een automobiliteit tot de ring (hogere bezetting P&R) en een beweging van de straat naar garage. De website wordt verbeterd.
•
Welzijn & MFA’s. Samen met de sociaal beheerstichting Dock zetten we bij Welzijn in op het vergroten van de kennis over Welzijn en de mogelijkheden in de accommodaties. Naast bestaande bezoekers willen we diverse groepen bewoners en organisaties inspireren om gebruik te maken van de accommodaties.
•
Begraafplaatsen. Betere benutting openbare ruimte (wandelpad, kunstwerken, gedichten) om het aantal bezoekers te verhogen en participatie in de wijk te vergroten.
Daarnaast zijn er marketingacties voor: •
Zwembaden. Door een leefstijl- en behoefteanalyse zetten we vooral in op activiteiten in weekend en vakantieperioden.
•
Binnen accommodaties: Focus op sporthallen met een lagere bezetting (o.a. Hoograven en Zuilen) en de bezetting in de daluren van de gymzalen.
•
Buitenaccommodaties: meer producten toevoegen aan de sportparken. We willen verenigingen uitdagen meer activiteiten te organiseren. Ook de sportparken Vechtzoom en Rijnvliet zijn proeftuinen.
In alle marketingactiviteiten zal inclusiviteit, duurzaamheid en creativiteit centraal staan. Wij willen dat klanten zich welkom voelen bij onze voorzieningen en betrokken voelen bij de buurt en de activiteiten die onder andere bedoeld zijn om ontmoetingen te realiseren.
51 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Figuur 29: Ontwikkeling bezetting & bezoekers (norm & realisatie)
Figuur 30: Ontwikkeling bezetting & bezoekers (grafieken)
6 Mens & milieubewust bouwen aan gemeentelijk vastgoed Gezonde verstedelijking staat centraal bij ruimtelijke ontwikkelingen in de stad. Naast opgaven op het gebied van energietransitie, circulariteit en sociale inclusie is door de coronapandemie ook het belang van gezonde gebouwen groter geworden binnen het doel mens & milieubewust bouwen aan gemeentelijk vastgoed. Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 en mens en milieubewust bouwen In het MPUV van vorig jaar werd kort ingegaan op wat de barcode-systematiek en de vier ontwikkelstrategieën betekenen voor de ontwikkeling van de gemeentelijke vastgoedportefeuille. In de inspraakversie van de RSU die eind januari is gepresteerd8 staan ook een aantal richtinggevende principes genoemd die belangrijk zijn voor de technische aspecten van het gemeentelijk vastgoed: •
Geen dak blijft onbenut;
•
Groen tenzij;
•
Circulair tenzij;
•
Versterken boven gelijk houden;
•
Meervoudig gebruik gaat boven mono-functionaliteit;
•
Publieke (binnen-)ruimte is openbaar toegankelijk;
•
Bovengrondse energievoorzieningen inpandig tenzij.
Figuur 31: Gezond Stedelijk Leven voor iedereen
De bovenstaande principes vragen niet alleen om een integrale afweging op het schaalniveau van gebieden. Op gebouwniveau is het ook belangrijk om deze principes in samenhang met elkaar te beschouwen en af te wegen. Bij het gemeentelijke vastgoed, wat gezien wordt als een effectief instrument bij het geven van het goede voorbeeld in de stad, is deze afweging extra van belang vanwege de inzet van publieke financiële middelen. We werken daarom aan een integrale manier van sturen op het doel mens- en milieubewust bouwen aan gemeentelijk vastgoed.
8
Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 (inspraakversie) 53 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Opgave duurzame energie “In Utrecht stappen we over op duurzame energie. Zo dragen we bij aan een prettige en gezonde stad.” De opgave duurzame energie gaat over het verlagen van de CO2-uitstoot, hernieuwbare energieopwekking en het aardgasvrij maken van de stad. Binnen deze kaders werken wij gefaseerd aan een volledig verduurzaamde vastgoedportefeuille in 2040. 6.2.1 Co2 uitstoot, energieverbruik & energieopwekking Elk jaar maken we stappen in het inzichtelijk maken van het totale werkelijke energieverbruik. Dit gaat geleidelijk door de uitrol van steeds meer slimme meters voor het verbruik van elektriciteit, warmte, gas en water. We hebben in veel gevallen toestemming nodig van huurders om deze meters uit te lezen. Inmiddels hebben we inzicht in het werkelijk verbruik bij 35% van gebouwen in de programma’s vastgoed, sport en bereikbaarheid. De onderstaande grafieken zijn gedistilleerd uit deze verbruiksgegevens. We streven ernaar om voor het eind van deze coalitieperiode bij minimaal 80% van de gebouwen in deze programma’s inzicht te hebben in het werkelijke verbruik. In de onderstaande grafiek is het energieverbruik van 2020 in beeld gebracht. We hebben onderscheidt gemaakt in verschillende energiebronnen zoals elektriciteitsverbruik, energieopwekking (pv-panelen), gasverbruik, warmte (combinatie van stadverwarming en WKO’s) en koude.
Alle verbruiken zijn omgezet naar verbruik in kilowattuur. Aan de linkerzijde is het bruto verbruik, het netto verbruik (het totaal minus het aandeel duurzaam opgewekte energie) en de co2-uitstoot te zien. 70.000.000
Periode 1 (2019)
24.853.984
1.415.556
21.166.886
7.461.273
5.589.422
24.761.517
29.510.933
1.888.889
21.220.556
9.270.975
Bruto verbruik 20.000.000 (kWh) Netto verbruik 10.000.000 (kWh) Co2-uitstoot 0 (kg)
1.992.213
30.000.000
28.049.284
Koude (kWh)
49.215.809
Warmte (kWh) 40.000.000
54.805.231
50.000.000
58.437.491
60.000.000
60.429.704
Elektriciteit (kWh) Opwekking (kWh) Gas (kWh)
Periode 2 (2020)
Figuur 33: Energieverbruiken vastgoed in programma’s vastgoed, sport en bereikbaarheid
Wat opvalt is dat het totaal netto energieverbruik en de co-2uitstoot met 16% zijn afgenomen. Dit komt enerzijds omdat we meer inzicht hebben in de wat we werkelijk aan duurzame energie produceren, anderzijds komt een deel van de afname voort uit de coronamaatregelen. Zo is het gasverbruik met 20% afgenomen het afgelopen jaar zonder dat er op grote schaal verduurzamingsmaatregelen zijn uitgevoerd.
Welzijn 7% 3% 4% Zorg 3% Huisvesting 4% Cultuur 5% Erfgoed 1% Sport MFA’s 12% Onderwijs (pvg) Parkeren Ov. Beleid Overig 31% R.O.
R.O. Overig Ov. Beleid Parkeren Onderwijs (pvg) MFA’s Sport Erfgoed Cultuur Huisvesting Zorg Welzijn
12%
14%
4%
131 186 75 48 73 91 334 92 172 130 133 151 0
Figuur 34: Aandeel energieverbruik per deelportefeuille
100
200
300
400
Figuur 35: Gemiddelde energieprestatie per vierkante meter
In de bovenstaande linker grafiek is het aandeel energieverbruik per deelportefeuille inzichtelijk gemaakt. De vier deelportefeuilles met de grootste energieverbruiken zijn sport, de multifunctionele accommodaties, gemeentelijke huisvesting en cultuur. Deze deelportefeuilles hebben samen 55% van het totale brut vloeroppervlak en een aandeel van 71% in het totale energieverbruik. De energiebehoefte per vierkante meter laat ook zien dat sport de grootste energiebehoefte heeft. Dit wordt vooral veroorzaakt door de vier zwembaden in deze portefeuille. De energiebehoefte in de portefeuille overig is groot vanwege de energielast van Tivoli Oudegracht. Aangezien dit pand wordt afgestoten is de verwachting dat hier volgend jaar een grote reductie zal plaatsvinden. De overige portefeuilles scoren relatief goed in vergelijking met de normering voor de nieuwe energielabelsystematiek. 6.2.2 Voortgang versnellingsopgave Energieneutraal Kernvastgoed Het afgelopen jaar zijn er weer een aantal projecten de voorbereidingsfase ingegaan. In totaal zijn er nu 7 projecten afgerond, 32 projecten zijn in voorbereiding of in uitvoering en 8 moeten nog worden opgestart in deze NKG-periode. Daarnaast zijn er 11 projecten uitgesteld of komen te vervallen.
Dit heeft vooral te maken met vervallen van drie nieuwbouwprojecten binnen de welzijnsportefeuille, het doorschuiven van projecten binnen de sportportefeuille. Bouwjaar-
<1965
1965 -
1975–
1988-
1992–
2012–
2015 -
2018-
> 2020
klasse
monu.
1974
1987
1991
2011
2014
2017
2020
(NIEUW)
Totaal
%
Energielabel
G
G
F
E
D
A
A+
A++
(B)ENG
-
-
NKG-projecten
14
6
16
2
14
1
-
-
5
58
100%
0
1
2
1
4
0
0
0
3
11
19%
4
1
1
0
2
0
0
0
0
8
14%
7
1
11
0
6
1
0
0
0
26
45%
1
0
0
0
0
0
0
0
0
1
2%
1
0
0
0
1
0
0
0
0
2
3%
uitgesteld/ vervallen Start planning 2021 2023 Projecten in definitiefase Projecten in ontwerpfase Projecten in Inkoopfase
55 Meerjarenperspectief Utrechts Vastgoed 2021
Projecten in realisatiefase Projecten opgeleverd
1
1
0
0
1
0
0
0
0
3
5%
2
0
2
1
0
0
0
0
2
7
12%
Opgeleverd BVO
10.583
0
3.360
728
0
0
0
0
2.997
17.668
16%
Resterende BVO
19.618
3.325
13.092
529
56.277
2.554
-
-
-
95.395
84%
Figuur 36: Voortgang Versnellingsopgave Energieneutraal Kernvastgoed
In de tabel zijn per bouwjaarklasse de volgende onderdelen inzichtelijk gemaakt: •
Het energielabel, dat representatief is voor de betreffende bouwperiode;
•
Het aantal gebouwen binnen het kernvastgoed dat binnen de bouwjaarklasse valt;
•
Het aantal projecten per bouwjaarklasse dat is uitgesteld of vervallen;
•
Het aantal projecten per bouwjaarklasse volgens planning zal starten in 2021 - 2023;
•
Het aantal projecten per bouwjaarklasse in de verschillende voorbereidings- en uitvoeringsfases;
•
Het aantal projecten per bouwjaarklasse dat is opgeleverd;
•
Het aantal verduurzaamde vierkante meters met bouwjaarklasse;
•
Het resterende deel aan vierkante meters dat nog aangepakt moet worden deze periode.
We hebben de afgelopen twee jaar ervaring opgedaan bij het integreren van een verduurzamingsopgave in een regulier (natuurlijk) investeringsmoment. Als er een geactualiseerde toekomstvisie is opgesteld dan zijn er meerdere mogelijkheden om het gebouw bijvoorbeeld energieneutraal of aardgasvrij te maken. Het is een complexe puzzel om verschillende belangrijke financiële onderwerpen op elkaar af te stemmen. We zien dat projecten hierdoor vaak extra voorbereidingstijd nodig hebben, vandaar dat er relatief veel projecten nog in de definitiefase zitten in het bovenstaande overzicht. 6.2.3 Duurzaamheidsdashboard Het afgelopen jaar is er hard gewerkt aan de ontwikkeling van het duurzaamheidsdashboard. We doen dit op basis van Agile-Scrum projectsystematiek. Het duurzaamheidsdashboard ondersteund de identificatie van het natuurlijk moment, de energieprestatie en bijbehorende energieverbruiken en de prestatie van het energieneutraal maatregelenpakket. Hiermee borgen we de Plan-Do-Check-Act cyclus zodat we ons zelf continue kunnen verbeteren. Voor het identificeren van het natuurlijk moment op het juiste moment geeft het dashboard niet alleen inzicht in de energetische prestaties maar juist de financiële situatie van een gebouw. Daarnaast zien we ook wanneer contractuele afspraken, welke op het gebouw rusten met de gebruiker, aflopen.