Eindrapport regioplan Mensenhandel zichtbaar maken (1).pdf
Tekst van het document
Ten slotte valt het op dat de Tussenvoorziening alleen mensenhandel registreert als personen zichzelf als slachtoffer zien. Omdat we weten dat dit vaak niet het geval is, leidt dit tot een nauwere definitie.
3
Moviera
✓
Veilig Thuis Utrecht
✓
✓
Mensenhandel is het werven, vervoeren, overbrengen, opnemen of huisvesten van een persoon, met gebruik van dwang en met het doel die persoon uit te buiten. Arbeidsuitbuiting, seksuele uitbuiting, gedwongen criminaliteit en orgaanhandel zijn vormen van mensenhandel. Iemand kan op verschillende manieren gedwongen worden om voor hem/haar te werken. Er kan geweld gebruikt worden, gechanteerd worden of het paspoort is bijvoorbeeld afgepakt.
✓
Mensenhandel is het werven, vervoeren, overbrengen, opnemen of huisvesten van een persoon, met gebruik van dwang en met het doel die persoon uit te buiten. Registraties mensenhandel betreffen altijd personen die zichzelf als slachtoffer zien. Mensenhandel is afgebakend op basis van artikel 273f Wetboek van Strafrecht.
Politie (AVIM, DRR) OM Funtioneel Parket (FP) Arondissementsparket (AP)
✓
✓
✓
✓
✓
✓
RIEC MiddenNederland
✓
✓
✓
Signalen van mensenhandel, zoals omschreven in artikel 273f Wetboek van Strafrecht
✓
In de registraties is onderscheid te maken naar: - signalen van mensenhandel: er is sprake van de zogenaamde ‘geringste aanwijzing’; - mensenhandel volgens artikel 273f Wetboek van Strafrecht maar zonder dat een vorm van dwang aangetoond kan worden: er is sprake van de zogenaamde ‘ernstige benadeling’; - mensenhandel afgebakend op basis van artikel 273f Wetboek van Strafrecht.
Inspectie SZW
Zorg en veiligheid
✓
In de Richtlijn mensenhandel van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie wordt onder mensenhandel het volgende verstaan : Het werven, vervoeren, overbrengen, huisvesten of opnemen van personen, daaronder begrepen de wisseling of overdracht van de controle over deze personen, door dreiging met of gebruik van geweld of andere vormen van dwang, door ontvoering, bedrog, misleiding, machtsmisbruik of misbruik van een kwetsbare positie of het verstrekken of in ontvangst nemen van betalingen of voordelen, teneinde de instemming van een persoon te verkrijgen die controle heeft over een andere persoon, ten behoeve van uitbuiting. Hieronder vallen arbeidsuitbuiting, criminele uitbuiting, seksuele uitbuiting en gedwongen orgaanverwijdering.
De Tussenvoorziening Veiligheid
Arbeidsuitbuiting
Zorg
Criminele uitbuiting
Tabel 2.2 Vormen van mensenhandel die partijen in regio Utrecht registreren en de gehanteerde definities Organisatie Vormen van Definitie mensenhandel uitbuiting
Seksuele uitbuiting
Domein
Artikel 273f van het strafrechtwetboek, waarvan de eerste categorie: degene die een ander door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die ander heeft, werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen.
Gemeente Utrecht
✓
✓
✓
In Nederland verstaat men onder mensenhandel: het werven, vervoeren, overbrengen, opnemen, huisvesten van een persoon, met gebruik van dwang (in brede zin) en met het doel die persoon uit te buiten.
CoMensha
✓
✓
✓
Het rekruteren, vervoeren of huisvesten van een persoon met geweld, dwang, misleiding, machtsmisbruik of misbruik van een kwetsbare positie (zoals bij minderjarigen en vluchtelingen), met als doel uitbuiting (iemands inkomen ontnemen of niet genoeg inkomen betalen).
✓
Meldingen worden aan de hand van een signalenlijst van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel geclassificeerd als mensenhandel. Signalen van mensenhandel, waarin sprake is van de zogenaamde ‘geringste aanwijzing’, worden doorgezet aan de Inspectie SZW of de politie (AVIM).
FairWork
4
Informatiedeling Tijdens het verzamelen van de registratiedata voor dit onderzoek liepen we tegen verschillende obstakels aan, die ook relevant zijn voor onderlinge informatiedeling: - Registratiesysteem. In sommige organisaties is het registratiesysteem een belemmering, omdat dit geen ‘label’ heeft voor mensenhandel of bijvoorbeeld niet voor locatie van uitbuiting. Hierdoor moet men bij sommige organisaties handmatig door de registraties klikken om de juiste casussen eruit te halen, wat een arbeidsintensief proces is. - Capaciteit. Veel organisaties zitten al aan de grenzen van hun capaciteit en hebben daarom geen ruimte om iemand vrij te maken om registratiedata te verzamelen. - Privacy. Signalen van mensenhandel bevatten gevoelig informatie, wat privacy vraagstukken met zich meebrengt. In dit onderzoek is met medewerking van het CBS een dataleveringsstructuur opgezet waarin dit verantwoord kon gebeuren, maar toch kost het veel tijd om de benodigde procedures te doorlopen en afspraken vast te leggen.
2.3 Geregistreerde signalen van mensenhandel In deze paragraaf bespreken we de registraties van signalen van mensenhandel. We maken hierbij gebruik van registratiedata van een veelheid van instanties. CoMensha, ISZW en Moviera hebben registraties van mensenhandel signalen voor zowel Ede als Utrecht gedeeld. Daarnaast hebben gemeente Ede, Veilig Thuis Gelderland-Midden en politie/AVIM Oost-Nederland signalen over Ede gedeeld. Politie/ AVIM Midden-Nederland, Veilig Thuis Utrecht en de Tussenvoorziening hebben tevens signalen over regio Utrecht gedeeld. Het OM, de Belastingdienst, Omgevingsdienst De Vallei (Ede), gemeente Utrecht, Humanitas (Utrecht), Pretty Woman (Utrecht) en het Zorg- en Veiligheidshuis (Utrecht) hebben wel casussen in huis, maar deze hebben we om verschillende redenen niet in het onderzoek mee kunnen nemen. Daarnaast hebben KMar en FairWork geen casussen die terug te leiden zijn tot Ede en slechts één casus die terug te leiden is tot Utrecht. Het RIEC beschikt ten slotte alleen over informatie over casussen waarover de gemeente ook informatie heeft geregistreerd. Verzamelbestand In deze paragraaf bespreken we de registratiedata die instanties op ons verzoek hebben gedeeld met het CBS. We verwijzen naar deze dataset als het verzamelbestand. De kwaliteit van data liet niet toe om individuen te herkennen in verschillende registratiebronnen.
Hierdoor is het niet mogelijk om uitspraken te doen op het niveau van het individu, maar doen we uitspraken op het niveau van geregistreerde signalen. Eén casus kan dus meerdere keren voorkomen, als meerdere organisaties hierover een signaal hebben geregistreerd. Vier instanties hebben signalen over Ede ingediend bij het CBS en vier instanties over Utrecht. Ook kan één organisatie meerdere signalen over hetzelfde slachtoffer registreren. Daarnaast hebben we instanties gevraagd om registraties in te dienen over de periode van 2015 tot en met 2019, maar hebben sommige instanties slechts over een deel van deze periode signalen gedeeld. Dit kwam bijvoorbeeld omdat zij in deze periode zijn overgestapt op een ander registratiesysteem en signalen uit het oude systeem niet konden terughalen, of omdat zij niet de capaciteit hadden om over een dergelijk lange periode de signalen op te zoeken. Eén organisatie heeft naast de door ons bevraagde regio’s (Ede en regio Utrecht), ook signalen over het gehele politiedistrict Oost-Nederland en Midden-Nederland gedeeld. Deze presenteren we ook, omdat dit leidt tot hoger aantallen en zodoende meer inzicht biedt in slachtoffer- en daderkenmerken.
Vanwege deze kanttekeningen zijn de tabellen die worden gepresenteerd in dit hoofdstuk vooral geschikt om conclusies trekken over aantallen signalen, maar harde conclusies over de omvang van mensenhandel in termen van slachtoffers zijn niet mogelijk. Het totaal aantal gedeelde signalen per regio is weergegeven in tabel 2.3. De meeste signalen zijn gemeld over politiedistrict Oost-Nederland. Binnen district Midden-Nederland komt een groot deel van de signalen uit regio Utrecht.
5
Tabel 2.3 Gedeelde signalen van mensenhandel naar regio (2015 t/m 20191) Regio Aantal gedeelde signalen Midden-Nederland 595 waarvan regio Utrecht11 225 Oost-Nederland 625 waarvan Ede 74 Totaal aantal casussen 1.220 1
De signalen zijn uitgevraagd over de periode van 2015 t/m 2019, maar sommige instanties hebben slechts van een deel van deze periode signalen gedeeld.
In tabel 2.4 zijn de signalen uitgesplitst naar vorm van uitbuiting. Meer dan driekwart van de signalen betreft seksuele uitbuiting. In regio Utrecht zijn naar verhouding veel signalen van deze vorm van uitbuiting gemeld. Hoewel er relatief weinig signalen van arbeidsuitbuiting zijn gemeld, valt het op dat deze zich concentreren in Ede. Gedeelde signalen van mensenhandel per uitbuitingsvorm naar regio (2015 t/m 20191) Seksuele uitbuiting Criminele uitbuiting Arbeidsuitbuiting Midden-NL 490 88 * waarvan regio Utrecht 182 27 * Oost-NL 499 89 32 waarvan Ede 34 * 31 Totaal aantal casussen 989 * *
Tabel 2.4
Noot. De verschillende vormen van uitbuiting kunnen overlappen; een casus kan bijvoorbeeld seksuele en arbeidsuitbuiting bevatten. 1 De signalen zijn uitgevraagd over de periode van 2015 t/m 2019, maar sommige instanties hebben slechts van een deel van deze periode signalen gedeeld. * Cellen met minder dan 10 signalen zijn niet weergegeven, om onthulling te voorkomen.
Andere bronnen Naast de signalen die zijn ingediend bij het CBS, hebben wij apart geanonimiseerde politieregistraties ontvangen voor regio Utrecht en Ede. In Utrecht gaat het om de meldingen van 2019 en in Ede over de periode van 1 januari 2016 tot en met 21 december 2019 (toen het huidige registratiesysteem in gebruik was). Deze registraties bevatten veel kwalitatieve informatie. We gebruiken deze bronnen dan ook voor de duiding van en ter aanvulling op de kwantitatieve CBS-data. In de politieregistraties van Ede komen 5 slachtoffers en 7 verdachten naar voren. Voor Utrecht is het niet duidelijk om hoeveel slachtoffers het gaat, maar er zijn 88 signalen geregistreerd in 2019. Het gaat om 59 signalen van seksuele uitbuiting, 8 signalen van criminele uitbuiting en 4 signalen van arbeidsuitbuiting. Bij 17 signalen is onbekend welk type uitbuiting het is. Dit heeft ermee te maken dat de registraties worden gecategoriseerd bij het eerste signaal en er dan soms nog weinig informatie beschikbaar is. Uit de inhoudelijke analyse blijkt dat signalen gaan over (il)legaal sekswerk. Inspectie SZW heeft tevens anonieme registraties direct aan ons aangeleverd. Uit Ede is bij hen één casus van arbeidsuitbuiting bekend is in de onderzoeksperiode (2015 tot en met 2019). In Utrecht zijn in deze periode 10 casussen geregistreerd, waarbij 11 slachtoffers betrokken waren.
2.4 Kenmerken van slachtoffers, daders en facilitators In deze paragraaf gaan we in op kenmerken van slachtoffers, daders en facilitators. We presenteren telkens eerst de bevindingen op basis van het verzamelbestand. Hierbij beschrijven we de kenmerken van slachtoffers over de gehele dataset, waarin signalen over Ede, regio Utrecht en politiedistricten Middenen Oost-Nederland zijn opgenomen. Dit doen we om te voorkomen dat de aantallen te klein worden om de anonimiteit van slachtoffers en daders te beschermen. Vervolgens geven we per vorm van uitbuiting een kwalitatieve toelichting aan de hand van de politiedata. 11 Regio Utrecht bestaat in dit onderzoek uit Bunnik, De Bilt, De Ronde Venen, Houten, IJsselstein, Lopik, Montfoort, Nieuwegein,
Oudewater, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden en Zeist.
6
Kenmerken slachtoffers Uit het verzamelbestand blijkt dat slachtoffers van mensenhandel over het algemeen jong zijn. In tabel 2.5 is per vorm van uitbuiting de gemiddelde leeftijd weergegeven voor mannen en vrouwen. Slachtoffers van seksuele en criminele uitbuiting zijn gemiddeld twintigers, mannelijke slachtoffers van criminele uitbuiting zelfs tieners (hoewel dit gemiddelde op een klein aantal respondenten is gebaseerd). Slachtoffers van arbeidsuitbuiting zijn gemiddeld wat ouder, namelijk in de dertig. Tabel 2.5
Gemiddelde leeftijd van slachtoffers naar geslacht en vorm van uitbuiting van alle signalen in (regio) Utrecht en (regio) Ede (2015 t/m 20191) Vrouw Man Totaal Seksuele uitbuiting 24 20 23 Criminele uitbuiting 22 13* 19 Arbeidsuitbuiting 30 33 33
Noot. De verschillende vormen van uitbuiting kunnen overlappen; een casus kan bijvoorbeeld seksuele en arbeidsuitbuiting bevatten. 1 De signalen zijn uitgevraagd over de periode van 2015 t/m 2019, maar sommige instanties hebben slechts van een deel van deze periode signalen gedeeld. * Dit gemiddelde is gebaseerd op een klein aantal slachtoffers.
Een aanzienlijk deel van signalen gaat over minderjarige slachtoffers van mensenhandel (zie tabel 2.6). Bij seksuele uitbuiting is 14% van de slachtoffers minderjarig en bij criminele uitbuiting 11% 12. Tabel 2.6
Gemiddelde leeftijd van slachtoffers naar geslacht en vorm van uitbuiting van alle signalen in (regio) Utrecht en (regio) Ede (2015 t/m 20191) Meerderjarig Minderjarig Seksuele uitbuiting 842 137 Criminele uitbuiting 157 18 Arbeidsuitbuiting 25 *
Noot. De verschillende vormen van uitbuiting kunnen overlappen; een casus kan bijvoorbeeld seksuele en arbeidsuitbuiting bevatten. * Weggelaten om onthulling te voorkomen. 1 De signalen zijn uitgevraagd over de periode van 2015 t/m 2019, maar sommige instanties hebben slechts van een deel van deze periode signalen gedeeld.
Bij 43 (3,5%) van de 1.220 signalen heeft het slachtoffer geen (permanente) verblijfsvergunning. In sommige gevallen maken zij gebruik van de B8/3-procedure, die slachtoffers van mensenhandel een tijdelijke verblijfsvergunning biedt als zij aangifte doen. Seksuele uitbuiting Uit de politiedata blijkt dat de meeste signalen van seksuele uitbuiting gaan over vrouwelijke slachtoffers, hoewel in deze periode in Utrecht ook een grote zaak aan het licht kwam waarbij meerdere jongens en jonge mannen zijn misbruikt13. Toch zijn de meeste slachtoffers die in beeld zijn jonge vrouwen, in sommige gevallen minderjarige meisjes. Zij verrichten meestal onvergund sekswerk, hoewel niet bij alle onvergunde sekswerkers sprake is van seksuele uitbuiting. Een profiel dat bijvoorbeeld ook in de signalen naar voren komt is de jonge moeder, die onvergund sekswerk verricht om in haar levensonderhoud en dat van haar kinderen te voorzien. Deze situatie kan zorgwekkend zijn, maar waarschijnlijk is bij dit profiel meestal geen sprake van uitbuiting. Bij vrijwel alle uitbuitingscasussen komt duidelijk naar voren dat het gaat om slachtoffers in een kwetsbare positie, die makkelijk te beïnvloeden zijn. Deze kwetsbaarheid komt door uiteenlopende (multi-)problematiek: - Verstandelijk/psychische beperking (LVB/laag IQ); - Drugsverslaving; - Een verleden met seksueel geweld; - Problematische thuissituatie (bv.
weglopen van huis)/woonachtig in een instelling; - Minderjarigheid; 12 De lage gemiddelde leeftijd voor mannelijke slachtoffers van criminele uitbuiting in tabel 3.4 lijkt tegenstrijdig met het relatief
kleine aantal minderjarigen in tabel 3.5. Dit heeft er vermoedelijk mee te maken dat de gemiddelde leeftijd in tabel 3.4 op een klein aantal signalen is gebaseerd, waardoor een signaal met een zeer lage leeftijd relatief veel invloed op het gemiddelde heeft. 13 https://nos.nl/artikel/2358129-om-utrechters-runden-illegaal-bordeel-en-misbruikten-minderjarige-jongens
7
- Netwerk van personen met delict gedrag; - Illegaal verblijf in Nederland; - Geen beheersing Engelse/Nederlandse taal. Regelmatig komen slachtoffers binnen bronnen over een langere periode terug in meerdere signalen in verschillende contexten, soms op verschillende plekken in Nederland. Er lijkt dus sprake te (kunnen) zijn van herhaald slachtofferschap. Criminele uitbuiting Bij de signalen van criminele uitbuiting gaat het vrijwel uitsluitend over mannelijke slachtoffers. Ook bij deze groep is het duidelijk dat misbruik wordt gemaakt van hun kwetsbare positie. Kenmerken die terugkomen in de registraties zijn: - Verstandelijke/psychische beperking (LVB/laag IQ); - Drugsverslaving; - Schulden; - Minderjarige/kind van uitbuiter. Arbeidsuitbuiting Bij de signalen van arbeidsuitbuiting valt op dat het uitsluitend om niet-Nederlandse slachtoffers gaat uit diverse landen in Europa en vooral ook daarbuiten. Er zijn zowel mannen als vrouwen bij en de meesten zijn tussen de 30 en 50 jaar. Het gaat wederom om kwetsbare doelgroepen vanwege (een combinatie van) de volgende factoren: - Illegaal verblijf in Nederland/asielzoeker; - Geen beheersing van de Nederlandse/Engelse taal; - Weinig economisch perspectief in land van herkomst (waardoor slechte arbeidsomstandigheden/loon eerder worden geaccepteerd).
Kenmerken van daders en facilitators In het verzamelbestand komt weinig informatie naar voren over daders. Van de 81 daders van wie hun leeftijd is opgegeven, is de gemiddelde leeftijd 43 jaar. Seksuele uitbuiting Ook bij de politiedata is minder bekend over kenmerken van daders dan over kenmerken van slachtoffers. Uit de registraties blijkt dat daders meestal mannen zijn en dat zij in een deel van de gevallen een romantische relatie hebben met het slachtoffer, of dat in ieder geval zo communiceren naar het slachtoffer. Daders lijken goed te zijn in het manipuleren van slachtoffers, waardoor zij vaak niet het gevoel hebben slachtoffer te zijn. Enkele kenmerken van daders vallen op: - Verleden van huiselijk/seksueel geweld; - Betrokkenheid bij andere delicten (mishandeling, oplichting, overvallen, heling, schijnhuwelijk, witwassen). Naast sociaal emotionele manipulatie komen enkele andere dwangmiddelen naar voren die daders inzetten omwille van seksuele uitbuiting. Zo isoleren zij het slachtoffer en zorgen dat ze contact met haar familie/vrienden verliest en stopt met haar werk/school. Daarnaast kan er sprake zijn van chantage, waarbij vaak gebruikt wordt gemaakt van expliciete foto’s of video’s die de dader dreigt te delen met anderen. Ook het creëren of in stand houden van een drugsverslaving, mishandeling en beperken van de bewegingsvrijheid worden ingezet.
Het doel hiervan is geld verdienen aan het sekswerk dat het slachtoffer uitvoert. Vaak komen daders voor in meerdere signalen over een langere periode, wat een indicatie is van herhaald daderschap. Criminele uitbuiting Over daders van criminele uitbuiting is weinig bekend. Het lijkt vooral te gaan om mannen. Daarnaast valt de verwevenheid van andere vormen van criminaliteit op. Daders zijn vaak betrokken bij een diversiteit van andere delicten, zoals fraude of geweldpleging. Ook bij criminele uitbuiting lijken daders goed in het uitzoeken van kwetsbare slachtoffers, hoewel zij minder gebruik maken van manipulatie en eer-
8
der van meer directere vormen van dwang zoals bedreigingen of geweld. Ook het afpakken van identiteitsbewijzen en vrijheidsberoving komen in de registraties voor. In sommige gevallen is het doel direct gewin (diefstal, drugshandel), maar bij andere vormen van uitbuiting is de bijdrage van het slachtoffer meer indirect en vormt deze een onderdeel van een groter geheel van ondermijnende activiteiten (katvanger/geldezel). Arbeidsuitbuiting Daders van arbeidsuitbuiting waarover gegevens zijn geregistreerd zijn uitsluitend mannen. De meesten hebben een Nederlandse nationaliteit, maar zijn vaak afkomstig uit een ander land. Bij deze groep lijkt ook sprake te zijn van herhaald daderschap, aangezien zij vaak al een strafblad hebben met onder andere mensenhandel delicten. Facilitators In de politiedata in Ede komen ook 62 individuen voor die op de een of andere manier betrokken zijn bij de uitbuitingssituatie (maar niet als slachtoffer, verdachte of melder). Dit kan bijvoorbeeld de bestuurder zijn van een voertuig dat mogelijk betrokken is geweest bij mensenhandel of de persoon op wiens naam dit voertuig staat.
2.5 Ontstaan, ontwikkeling en beëindiging van de uitbuitingssituatie In deze paragraaf gaan we in op het ontstaan, ontwikkelen en beëindigen van een uitbuitingssituatie. Wederom benoemen we eerst wat er uit het verzamelbestand blijkt over de verschillende fases. Vervolgens geven we per vorm van uitbuiting een beschrijving op basis van de politieregistraties. Bevindingen op basis van het verzamelbestand In het verzamelbestand is de meest voorkomende relatie tussen dader en slachtoffer een werkgeverwerknemer relatie (zie tabel 2.7). Voornamelijk bij arbeidsuitbuiting is de dader de werkgever van het slachtoffer. Ook komt het relatief vaak voor dat de dader de (ex-)partner is van het slachtoffer. Dit is de meest genoemde relatie bij seksuele uitbuiting. In sommige gevallen is de dader ook de vader van het kind van het slachtoffer. Daarnaast wordt genoemd dat de dader de huisbaas van het slachtoffer is, of een kennis, vriend, buur of familie. Tabel 2.7
Relatie van het slachtoffer naar vorm van uitbuiting (alle vormen, seksuele of arbeidsuitbuiting1) van alle signalen in (regio) Utrecht en (regio) Ede (2015 t/m 20192) Alle vormen Seksuele uitbuiting Arbeidsuitbuiting van uitbuiting N %3 van alle N %3 van signalen N %3 van signalen signalen binnen type binnen type
Werkgever Ex-partner Huisbaas Kennis/vriend/ buur/familie
43 30 30 26
35.8 25.0 25.0 21.7
13 23 * 19
18.1 31.9 26.4
29 * * *
80.6 * * *
Noot. De verschillende vormen van uitbuiting kunnen overlappen; een casus kan bijvoorbeeld seksuele en arbeidsuitbuiting bevatten. * Cellen met minder dan 10 signalen zijn niet weergegeven, om onthulling te voorkomen. 1 Criminele uitbuiting wordt niet gepresenteerd omdat de aantallen per cel te laag zijn om onthulling te voorkomen. 2 De signalen zijn uitgevraagd over de periode van 2015 t/m 2019, maar sommige instanties hebben slechts van een deel van deze periode signalen gedeeld. 3 Dit is het percentage over de signalen waarbij dit gegeven is ingevuld.
Vervolgens leidt een handeling van de dader tot uitbuiting. In he verzamelbestand is de meest voorkomende handeling van daders het tewerkstellen van een slachtoffer, gevolgd door werven, huisvesten en vervoeren (zie tabel 2.8).
9
Type handeling van de dader naar vorm van uitbuiting (alle vormen of seksuele uitbuiting 1) van alle signalen in (regio) Utrecht en (regio) Ede (2015 t/m 20192) Alle vormen van uitbuiting Seksuele uitbuiting 3 N % van alle signalen N %3 van signalen binnen type Tewerkstellen 111 74.5 75 80.6 Werven 90 60.4 72 77.4 Huisvesten 66 44.3 36 38.7 Vervoeren 44 29.5 44 47.3
Tabel 2.8
1
2
3
Criminele uitbuiting en arbeidsuitbuiting worden niet gepresenteerd omdat de aantallen per cel te laag zijn om onthulling te voorkomen. De signalen zijn uitgevraagd over de periode van 2015 t/m 2019, maar sommige instanties hebben slechts van een deel van deze periode signalen gedeeld. Dit is het percentage over de signalen waarbij dit gegeven is ingevuld.
Het hangt sterk van de vorm van uitbuiting af welke activiteit het slachtoffer ter verdienste van de dader verricht (zie tabel 2.9). Bij seksuele uitbuiting is er onderscheid te maken tussen de verschillende vormen van sekswerk. Thuissekswerk springt eruit met 42% van de signalen van seksuele uitbuiting. Seksuele uitbuiting komt tevens vaak voor in de escortbranche (23%). Ook straatsekswerk (9%), prostitutie in clubs en privéhuizen (7%), raamprostitutie (6%) en hotelprostitutie (2%) zijn seksbranches waar tientallen signalen van seksuele uitbuiting zijn geregistreerd. Bij criminele uitbuiting gaan de meeste signalen over drugshandel (39%) of drugssmokkel (27%). Ook diefstal (11%) wordt vaak genoemd. Daarnaast zijn er relatief kleine aantallen van zeer ernstige delicten, variërend van fraude tot doodslag en moord. Ten slotte valt op dat in de typen activiteiten een overlap tussen seksuele en criminele uitbuiting waarneembaar is. Slachtoffers van seksuele uitbuiting worden namelijk ook aangezet tot drugshandel, drugssmokkel en in mindere mate tot ernstige delicten.
Type activiteit van het slachtoffer naar vorm van uitbuiting (seksuele of criminele uitbuiting1) van alle signalen in (regio) Utrecht en (regio) Ede (2015 t/m 20192) Type activiteit slachtoffer Seksuele uitbuiting Criminele uitbuiting N %3 van signalen binnen type N %3 van signalen binnen type Thuisprostitutie 277 42.1 -* Escort 152 23.1 Straatprostitutie 62 9.4 Bordeelprostitutie 44 6.7 Raamprostitutie4 37 5.6 Hotelprostitutie 15 2.3 Andere seksbranches 36 5.5 Drugshandel 27 4.1 65 39.2 Drugssmokkel 18 2.7 44 26.5 Diefstal . 19 11.4 Ernstig delict (fraude, ondermij10 1.5 22 13.3 ning, geweld, moord, doodslag)
Tabel 2.9
*
Cellen met minder dan 10 signalen zijn niet weergegeven, om onthulling te voorkomen. Arbeidsuitbuiting wordt niet gepresenteerd omdat de aantallen per cel te laag zijn om onthulling te voorkomen. 2 De signalen zijn uitgevraagd over de periode van 2015 t/m 2019, maar sommige instanties hebben slechts van een deel van deze periode signalen gedeeld. 3 Dit is het percentage over de signalen waarbij dit gegeven is ingevuld. 4 Zowel in Ede als in Utrecht is in de onderzochte periode geen locatie voor raamprostitutie. Het gaat hier dus om andere raamprostitutiegebieden in politiedistrict Midden- en Oost-Nederland. Noot. De verschillende vormen van uitbuiting kunnen overlappen; een casus kan bijvoorbeeld seksuele en arbeidsuitbuiting bevatten. 1
Bevindingen op basis van politieregistraties Seksuele uitbuiting In de registraties zien we nog vaak dat een situatie van seksuele uitbuiting ontstaat door een loverboy, waarbij een kwetsbaar meisje verliefd wordt op een jongen/man. Hij geeft haar dure cadeaus, zoals geld en parfum en doet grote beloftes over een leuk baantje dat hij kan regelen en hoeveel geld ze daarmee 10
zal verdienen. Omdat het meisje verliefd is op de jongen stapt ze in eerste instantie vrijwillig in de situatie, waarna hij langzaamaan steeds meer over haar grenzen gaat. Naarmate de situatie ontwikkelt, blijken de grote beloftes niet waar te zijn; het leuke baantje blijkt sekswerk te zijn en hij houdt een deel van, of al, het verdiende geld. Het meisje wil de jongen niet teleurstellen en gaat hier soms nog vrijwillig in mee, maar komt steeds meer klem te zitten in de situatie en kan op gegeven niet meer stoppen als zij wil: vrijwillig sekswerk is overgegaan in onvrijwillig sekswerk. Ondertussen zien we vaak dat de uitbuiter verschillende dingen doet om het meisje afhankelijk van hem te maken. Zo isoleert hij het slachtoffer van familie en vrienden en laat haar stoppen met werk/school. Ook beperkt hij steeds meer haar bewegingsvrijheid door haar niet meer alleen ergens heen te laten gaan. In sommige gevallen levert hij drugs aan het meisje, waardoor zij verslaafd raakt of blijft en afhankelijk wordt van de uitbuiter om drugs te verkrijgen. De situatie wordt meestal beëindigd wanneer deze in beeld komt bij instanties. Dit gebeurt slechts zelden door een melding van het slachtoffer zelf. Vaak zijn het mensen in de omgeving van het slachtoffer die de situatie bij instanties melden, bijvoorbeeld een collega sekswerker, buren in verband met overlast, school of ouders.
In enkele gevallen komt de situatie aan het licht doordat fysieke verwondingen worden opgemerkt. Als een uitbuitingssituatie eenmaal in beeld is gekomen, wil het slachtoffer vaak echter nog geen bemoeienis van hulpverleners. Hierbij zijn herhaaldelijke handreikingen om de situatie te beëindigen van belang. Naast het loverboyverhaal zijn er ook signalen van uitbuitingssituaties die minder geleidelijk ontstaan. Hierbij is meteen sprake van dwang, bijvoorbeeld doordat een uitbuiter over expliciete foto’s beschikt en het slachtoffer hiermee chanteert. Ook bij zeer kwetsbare slachtoffers, zoals drugsverslaafden of slachtoffers met een verstandelijke beperking, is er vaak al snel sprake van dwang. Deze slachtoffers willen vaker meteen al uit de situatie komen, maar werken soms alsnog niet mee aan hulpverlening uit angst voor hun uitbuiter. Zij komen bij politiecontroles vaak erg angstig over. Criminele uitbuiting Het beeld van criminele uitbuiting dat naar voren komt uit de signalen is erg divers. Er komt criminele uitbuiting voor gericht op diefstal, mensensmokkel, drugshandel/-smokkel, maar het meest voorkomende profiel is dat van de geldezel/katvanger. Hierbij wordt een kwetsbare persoon (drugsverslaafde, schuldenaar, LVB) gevraagd om een product op zijn/haar naam te zetten dat vervolgens voor criminele doeleinden wordt gebruikt.
Uit de signalen komt naar voren dat dit in Utrecht gaat over een telefoonabonnement, bankrekening of een woning, maar het kan ook gaan over een auto of de gehele identiteit van het slachtoffer. Vaak lijkt het voor het slachtoffer niet zoveel voor te stellen en heeft hij/zij niet door waar die zich in mengt. Deze vorm van criminele uitbuiting komt vaak in beeld bij instanties door een melding van het slachtoffer of iemand uit diens omgeving, of een melding van een oplettende winkel/bankmedewerker. Omdat het een vrij subtiele vorm van uitbuiting is die in veel gevallen weinig direct merkbare gevolgen voor het slachtoffer heeft, is het echter ook goed buiten beeld van instanties te houden. Arbeidsuitbuiting Arbeidsuitbuiting komt het minst vaak voor in de signalen, waardoor we hier minder informatie over hebben. Wel valt het op dat het vaak om niet-Nederlandse slachtoffers gaat, die soms illegaal in Nederland verblijven of in Nederland asiel zoeken. Slachtoffers zijn onder valse voorwendselen naar Nederland gekomen of gesmokkeld en bevinden zich in Nederland in een zeer kwetsbare positie. Dit wordt nog versterkt als zij geen Nederlands of Engels spreken. Signalen die worden opgepikt zijn: geen contract in eigen taal; loon wordt niet (volledig) uitbetaald of is erg laag; huisvesting is slecht en/of op de werkplek; lange werkdagen; en bedreigingen.
Waar vormen van dwang bij seksuele en deels ook bij criminele uitbuiting veelal zijn gericht op sociaal-emotionele manipulatie, gaat het bij arbeidsuitbuiting over minder subtiele vormen van dwang zoals bedreiging met geweld/de dood, gebruik van geweld of vrijheidsontneming. Opvallend is dat ondanks de kwetsbare juridische positie van deze groep, meldingen vaker dan bij de ander vormen van uitbuiting worden gedaan door slachtoffers zelf, met name bij hulpverleningsinstanties. Daarnaast komt arbeidsuitbuiting aan het licht door handhavingscontroles.
11
Gemeentelijke context Ede
3 Gemeentelijke context in Ede
3.1 Inrichting van het veld In het bestuursakkoord 2018-2022 van de gemeente Ede wordt de aanpak van uitbuiting als aandachtpunt genoemd.14 Partijen uit het veiligheids- en zorgdomein werken samen om dit te realiseren, zodat er zowel aandacht is voor de inzet van repressieve instrumenten als voor zorgverlening aan slachtoffers. In 2020 legde de gemeente haar aanpak mensenhandel vast. Signalering De aanpak wat betreft signalering is vastgelegd in een meldroute voor signalen van mensenhandel. Deze meldroute is schematisch weergegeven in figuur 3.1. Als er geen signalen van mensenhandel zijn, wordt een zaak regulier verrijkt binnen het team Ondermijning. Als onderdeel van deze meldroute zijn twee aandachtsfunctionarissen mensenhandel aangesteld. In de meldroute wordt onderscheid gemaakt tussen acute signalen en reguliere signalen. Bij acute signalen is direct handelen nodig en dient de signalerende partij contact op te nemen met de politie/AVIM, de zorgcoördinator mensenhandel van Moviera en de aandachtsfunctionaris mensenhandel van de gemeente. Zij zorgen gezamenlijk dat een volledig beeld ontstaat van de casus, waarna de aandachtsfunctionaris de regie houdt en verdere acties uitzet. Reguliere signalen dienen gemeld te worden bij een aandachtsfunctionaris mensenhandel, die de casus verrijkt en ook hier de regie houdt indien aanvullende acties nodig zijn.
Acties worden uitgezet bij relevante partijen zoals AVIM, politie, het Prostitutie Controle Team (PCT), Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ISZW) of Omgevingsdienst De Vallei (ODDV). Ook kan een casus worden ingebracht bij het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC). Figuur 3.1
Doorverwijzingsstructuur voor signalen van mensenhandel in de gemeente Ede
Bron: Meldroute signalen mensenhandel van de gemeente Ede
In tabel 3.1 is een overzicht weergegeven van de belangrijkste partijen die zich bezighouden met mensenhandel in Ede. Deze partijen werken samen om proactief signalen van uitbuiting op te halen. Zo maakt het Prostitutie Controle Team afspraken met sekswerkers zonder vergunning om te controleren of er mogelijk sprake is van mensenhandel. Ook voert de gemeente in het kader van het Ariadne project15 integrale controles uit op vakantieparken om ondermijnende criminaliteit (en mogelijk voorkomen van uitbuiting) in beeld te brengen en aan te pakken. Hierbij zijn naast de gemeente onder andere de politie, ISZW en ODDV betrokken. Daarnaast maakt de gemeente analyses van sectoren met een verhoogd risico op arbeidsuitbuiting zorgen voor een gerichtere inzet van handhavingsmaatregelen.
14 Ruimte voor Ede. Bestuursakkoord 2018 – 2022 (p.40). Verkregen van: https://www.ede.nl/bestuur-en-organisatie/bestuursak-
koord-2018-2022 15 https://www.ariadneproject.nl/
13
Tabel 3.1 Domein Zorg
Veiligheid
Anders
Partijen die betrokken zijn bij de signalering en bestrijding van mensenhandel in Ede Kerntaak (of één van de kerntaken) Geen kerntaak Moviera Jeugdzorg, begeleid wonen, dagbesteding Sociale wijkteams (Juventum, Pluryn, Pactum, Homerun, LLC, Veilig Thuis De Schakels, Karakter) Centraal orgaan Opvang Asielzoekers (azc Wageningen) VluchtelingenWerk Leger des Heils Punt26 FairWork Particuliere beveiligers (van vakantiepar Openbaar Ministerie (Functioneel Parket en ken) Arrondissementsparket Oost-Nederland) Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ISZW) Prostitutie Controle Team (PCT) Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM) Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Belastingdienst KMar Politie Gemeentelijk Team Ondermijning Gemeentelijk Interventieteam Omgevingsdienst De Vallei (ODDV) Veilig Thuis CoMensha Kamer van Koophandel Onderwijs (Vester, De Toekomst, Dulon, Aeres, ROC) Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Gemeentelijke loketten, gebiedsmakelaars, buurtprofessionals, re-integratieprofessionals, schuldhulpverleners, maatschappelijk werkers Hotelreceptiemedewerkers Medewerkers van uitzendbureaus Restauranteigenaren
Deze tabel is tot stand gekomen in overleg tussen Regioplan, gemeente Ede en de instanties die deelnamen in de klankbordgroep.
Preventie Op het gebied van preventie zet de gemeente Ede in op drie actielijnen. De eerste actielijn is het versterken van weerbaarheid en het vergroten van bewustwording. Er wordt ingezet op digitale weerbaarheid door kinderen van 8 tot 12 jaar het cyberhackspel Hackshield16 te laten spelen. Daarnaast verzorgt het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) weerbaarheidstrainingen voor diverse leeftijden. Tijdens het schrijven van dit rapport is er ook een expositie genaamd Open Je Ogen17 in de stad, die is gericht op het bevorderen van bewustzijn over mensenhandel. Middels berichten op sociale media brengt de gemeente deze tentoonstelling onder de aandacht. De tweede actielijn is het opwerpen van preventieve barrières tegen mensenhandel. Deze barrières zijn met name gericht op het voorkomen van daderschap en recidive. Barrières kunnen bestaan uit bestuurlijke interventies, zoals het aanpassen van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) om beter te kun16 https://joinhackshield.com/ 17 https://www.comensha.nl/open-je-ogen/openyoureyes/
14
nen handhaven (o.a. een vergunningsplicht voor sekswerkers). Daarnaast wordt ingezet op het voorkomen van herhaald daderschap door actieve signalering. Hierbij worden naast de aandachtsfunctionarissen ook Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ISZW) en het Prostitutie Controle Team (PCT) ingezet. Andere partijen die een rol kunnen spelen in de signalering van mensenhandel worden getraind op het herkennen van signalen. Hierbij valt te denken aan handhavers en toezichthouders, adrescontroleurs, medewerkers van publieksbalies, zorgprofessionals en professionals in het sociaal en veiligheidsdomein. De derde actielijn binnen het preventiebeleid van de gemeente Ede is gericht op het bieden van toegankelijke, laagdrempelige en slachtoffergerichte ondersteuning aan slachtoffers van mensenhandel. De gemeente zet hierop in door capaciteit van de zorgcoördinator slachtoffers mensenhandel te subsidiëren, zodat de zorgcoördinator mee kan naar eventuele controles en hierbij slachtoffers kan ondersteunen.
3.2 Aandachtsgebieden Om gericht onderzoek te doen hebben we samen met de gemeente Ede aandachtsgebieden geselecteerd waarvan er bij de gemeente signalen zijn binnengekomen die mogelijk wijzen op mensenhandel. Om zicht te krijgen op seksuele uitbuiting hebben we gekozen om de onderzoeksactiviteiten specifieke te richten op minderjarigen in zorginstellingen. Voor criminele uitbuiting is gekozen voor een wijkgericht aanpak, waarbij Veldhuizen en Ede-Zuid zijn aangemerkt als aandachtsgebieden. Voor arbeidsuitbuiting is gekozen voor een plaats waar veel arbeidsmigranten te vinden zijn, namelijk de Edese vakantieparken. Aandachtsgebied seksuele uitbuiting: minderjarigen in zorginstellingen Samen met de gemeente Ede is besloten om ons te richten op seksuele uitbuiting van minderjarigen die in zorginstellingen verblijven. Het gaat hierbij om instellingen waar jongeren tussen de 12 en 18 jaar verblijven. Deze jongeren zijn vrijwillig of gedwongen uit huis geplaatst vanwege uiteenlopende problematiek (o.a. psychische of gedragsproblemen, lichte verstandelijke beperking (LVB), verstoorde relatie met de ouders). In de meeste gevallen is het een zogeheten driemilieuvoorziening, waarbij aandacht is voor wonen, onderwijs en vrije tijd. Bij deze voorzieningen is 24 uursbegeleiding aanwezig. Voor elke jongere wordt een persoonlijk behandelplan opgesteld door orthopedagogen en therapeuten.
Er zijn zowel open als gesloten groepen bij deze instelling en jongeren gaan wanneer dat mogelijk is in het weekend naar huis. De jongeren in deze instellingen zijn kwetsbaar en beïnvloedbaar, waardoor zij verhoogd risico lopen om uitgebuit te worden uitbuiting. Om hier zicht op te krijgen hebben we vijf individuele gesprekken gevoerd met (zorg)professionals. Zij zijn werkzaam bij Moviera, Leger des Heils, Pluryn, AVIM en de gemeente (voor een lijst met geïnterviewden, zie bijlage 2). In Ede is geen tippelzone of raamprostitutie. De slachtoffers van seksuele uitbuiting in Ede zullen daarom voornamelijk in de onvergunde seksbranche in woningen tewerkgesteld worden. Aandachtsgebied criminele uitbuiting: wijken Ede-Veldhuizen en Ede-Zuid In figuur 3.2 is een kaart van Ede weergegeven met daarop in het donkergroen de wijken Veldhuizen en Ede-Zuid. We hebben groepsgesprekken gevoerd met professionals die actief zijn in deze wijken. Bij de gesprekken waren professionals aanwezig die mogelijk zicht hebben op signalen van seksuele uitbuiting, zoals wijkagenten, jongerenwerkers en hulpverleners (voor een volledige en geanonimiseerde lijst van geïnterviewden, zie bijlage 2).
15
Figuur 3.2
Kaart van Ede met de wijken Ede-Veldhuizen en Ede-Zuid in het donkergroen
Om beter zicht te krijgen op de context van deze wijken gaan we kort in op enkele sociaal-demografische kenmerken. Volgens de Leefbaarometer is de leefbaarheid in deze wijken sinds 2002 toegenomen van ruim voldoende naar goed, maar blijft deze nog iets achter bij de meeste andere wijken.18 Verder is het aandeel koopwoningen in Veldhuizen en Ede-Zuid iets lager dan gemiddeld in Ede (zie tabel 3.2). De arbeidsmarkparticipatie is bijna even hoog als het Edese gemiddelde. Het aandeel WMO-cliënten en bijstand ontvangers is eveneens bijna gelijk aan het Edese gemiddelde. Op basis van de demografische kerncijfers lijken deze wijken redelijk gemiddeld. Tabel 3.2
Sociaal-demografische kenmerken van Ede, Ede-Veldhuizen en Ede-Zuid Leefbaarheid % koopNetto % WMOwoningen arbeidsmarktcliënten participatie Ede Zeer goed 65% 72% 6% Ede-Veldhuizen Goed 54% 66% 7% Ede-Zuid Goed 44% 70% 6%
% bijstand ontvangers 2% 4% 4%
Bronnen: Leefbaarheid: Leefbaarometer 201819; overige kolommen: CBS Kerncijfers wijken en buurten 201920
Aandachtsgebied arbeidsuitbuiting: vakantieparken In Gelderland zijn ongeveer 700 vakantieparken, bijna de helft van alle vakantieparken in Nederland.21 In Ede alleen zijn er al 37 vakantieparken.22 Een klein deel van de vakantieparken slaagt er niet in om toeristen te blijven trekken (ze zijn niet ‘vitaal’). Deze parken zijn kwetsbaar voor bezetting door een ander type gasten dat op zoek is naar een rustige plaats om illegale activiteiten uit te voeren. Naarmate de aanwezigheid van het laatste type gasten toeneemt, wordt een vakantiepark steeds meer het speelveld 18 https://www.leefbaarometer.nl/tabel.php?indicator=Leefbaarheidssituatie&schaal=Wijk&gemeente=GM0228 19 https://www.leefbaarometer.nl/tabel.php?indicator=Leefbaarheidssituatie 20
https://www.cbs.nl/nl-nl/maatwerk/2019/31/kerncijfers-wijken-en-buurten-2019
21 https://www.gelderland.nl/Gemeenten-en-samenwerken/weerbaarheid/Aanpak-vakantieparken-Ariadne-project 22 In 2019, volgens het Ruimtelijk ontwikkelingskader Recreatieparken van de gemeente Ede, zie: https://www.vitalevakantiepar-
ken.nl/Downloads/HandlerDownloadFiles.ashx?idnv=1726368
16
van ondermijnende criminaliteit en nemen de veiligheid en de leefbaarheid af.23 Om deze neerwaartse spiraal te doorbreken zijn er verschillende initiatieven om vakantieparken vitaal te houden. Op de Veluwe (waar 500 van de 700 Gelderse parken liggen) is het programma Vitale vakantieparken opgericht om de Veluwse vakantieparken te ondersteunen bij het vormen van een toekomstplan en het financieel gezond houden van hun bedrijf.24 In Gelderland is tevens het Ariadne project actief. Het Ariadne project is een samenwerkingsverband tussen de provincie Gelderland, Gelderse gemeenten, politie en het OM. In het kader van dit project voeren de betrokken partijen sinds januari van 2019 voor een periode van vier jaar integrale controles uit op vakantieparken in Gelderland. We mochten bij zo’n controle aanwezig zijn en gebruiken dat vakantiepark als casus voor arbeidsuitbuiting. De gemeente heeft tijdens deze controle 90 personen die te lang op het vakantiepark verbleven ingeschreven op het vakantieadres.25 Zij ontvangen een brief met daarin een termijn om een nieuwe woning te vinden. ISZW heeft tijdens de controle enkele serieuze signalen van arbeidsuitbuiting opgevangen en doet hier verder onderzoek naar.
De politie trof tevens personen met een strafblad aan op het park en heeft boetes uitgedeeld voor autorijden zonder rijbewijs.26 Uit de media blijkt dat deze resultaten niet uitzonderlijk zijn en dat ook bij andere controles op Edese vakantieparken een concentratie van ondermijnende activiteiten aangetroffen is.27 Op 19 april 2021 zijn we aanwezig geweest bij een vakantieparkcontrole in Ede om de aanpak te observeren en arbeidsmigranten te interviewen. Hierbij moet wel vermeld worden dat de duidelijkste gevallen van arbeidsuitbuiting niet bij ons terechtkwamen, omdat zij direct doorverwezen worden naar ISZW. Dit was het geval bij één casus van arbeidsuitbuiting en enkele personen die onder het minimumloon verdienden. Omdat de arbeidsmigranten vaak op weg zijn naar hun werk en al lang zijn opgehouden door de andere onderdelen van de controle, hebben zij veel haast. Niet iedereen wil daarom meedoen aan een interview en met de geïnterviewden die wel mee willen doen, is het interview gehaast en maken we tijdens het interview een selectie van de belangrijkste vragen. Het interview werd afgenomen in een aparte tent, waardoor er voldoende privacy was en andere aanwezigen of bijvoorbeeld de parkbeheerder het gesprek niet konden horen.
De vragen die we stellen zijn gebaseerd op de indicatorenlijst van het Nationaal Verwijzingsmechanisme (NVM) 28 en zijn bedoeld om te kijken of de geïnterviewde signalen van arbeidsuitbuiting vertoont.
3.3 Aanpak van mensenhandel In deze paragraaf bespreken we de aanpak van mensenhandel aan de hand van gesprekken met betrokken professionals (zie bijlage 2 voor een overzicht). We bespreken dit voor seksuele en criminele uitbuiting samen, omdat in de aanpak van deze fenomenen veel overlap zit. De aanpak van arbeidsuitbuiting bespreken we apart. Deze beschrijving van de aanpak gaat over de aandachtsgebieden en is gebaseerd op de gesprekken die in deze gebieden hebben plaatsgevonden (zie paragraaf 2.2). Aanpak seksuele uitbuiting en criminele uitbuiting Bij de beschrijving van de aanpak van seksuele en criminele uitbuiting gaan we in op de registratie van signalen en de acties die worden ondernomen. Daarnaast gaan we in op de manier waarop betrokken partijen samenwerken. We eindigen deze paragraaf met een aantal knelpunten die een belemmering kunnen vormen voor het zicht op seksuele en criminele uitbuiting. Signalering en registratie Alle signalen van seksuele en criminele uitbuiting die worden opgevangen door professionals worden door hen in interne systemen geregistreerd en zo concreet mogelijk in kaart gebracht. Ook vermoedens 23 https://www.vitalevakantieparken.nl/Over+ons/Programma+Vitale+Vakantieparken/default.aspx 24 https://www.vitalevakantieparken.nl/Over+ons/doelstelling/default.aspx 25
https://www.ede.nl/nieuws/einde-controledag-recreatieterrein-het-bospark
26 https://www.omroepgelderland.nl/nieuws/6880215/90-mensen-blijken-illegaal-te-wonen-op-Bospark-Ede 27 https://www.edestad.nl/112/misdaad/674306/grote-controle-actie-op-edese-vakantieparken 28
Zie de signalenlijst die wordt gebruikt in het aanmeldingsformulier van CoMensha: https://www.comensha.nl/onze-helpdesk/aanmelden-van-slachtoffers/
17
van uitbuiting worden hierbij geregistreerd; bij ‘kleine’ signalen wordt geprobeerd meer achtergrondinformatie te verzamelen. Een hulpverleningsorganisatie geeft met betrekking tot seksuele uitbuiting bijvoorbeeld aan dat elk contact met externen over vermoedens geregistreerd wordt. Volgens professionals is het bij de registratie van belang om een onderscheid te maken tussen vermoedens en concrete signalen. Regelmatig doen er namelijk onder professionals verhalen de ronde van seksuele of criminele uitbuiting zonder dat duidelijk is waar de signalen vandaan komen. Uitwisseling signalen en informatie Signalen van seksuele en criminele uitbuiting worden doorgegeven aan de politie en vervolgens wordt de casus verrijkt met informatie van de melder, de politie en eventuele andere betrokken professionals. De betreffende persoon wordt bijvoorbeeld opgezocht in politiesystemen of in de BRP. De aandachtsfunctionaris heeft hierbij de regie. Ook bespreken betrokken partijen onderling hun vermoedens van uitbuiting. Dit gebeurt vaak bilateraal, omdat professionals elkaar onderling goed weten te vinden. Een belangrijke afweging voor hulpverleningsorganisaties wat betreft seksuele uitbuiting hierbij is in hoeverre informatie van het vermeende slachtoffer gedeeld kan worden met politie. Hierbij staat het belang van die persoon centraal.
In principe wordt informatie alleen gedeeld in overleg en met toestemming van het slachtoffer. Wanneer een professional zonder medeweten van het slachtoffer contact opneemt met de politie, kan dit namelijk negatieve gevolgen hebben voor de vertrouwensband. Als de uitbuiting echter nog gaande is en er sprake is van een gevaarlijke situatie, wordt zo snel mogelijk de politie ingelicht, ook zonder toestemming van het slachtoffer. Het beëindigen van de uitbuiting heeft op dat moment de eerste prioriteit. Acties Als de politie signalen van seksuele of criminele uitbuiting binnenkrijgt, is een mogelijke vervolgactie dat een wijkagent langsgaat om te posten. Uiteindelijk kunnen politie en gemeente besluiten om een gezamenlijke actie uit te voeren door bijvoorbeeld het betreffende huis binnen te vallen. Het gaat hier vaak om een integrale actie waarbij ook Moviera aanwezig is. Centraal in de aanpak en in de samenwerking van criminele uitbuiting staat de ‘groepsaanpak’ gericht op jongeren. Het gaat hier om de Plusminmeemethode29 die de gemeente samen met de organisatie Straatcontact heeft opgezet. In alle situaties waarin sprake is van groepsgedrag in de openbare ruimte en criminaliteit of overlast opvalt, wordt besproken welke rol alle individuen hebben, en wordt geprobeerd de ‘kopstukken’ in beeld te krijgen. Regelmatig worden casussen gezamenlijk inhoudelijk besproken.
Jongerenwerkers vervullen hierbij een belangrijke rol.30 Zij stellen dat zij vooral gericht zijn op preventie en het opbouwen van duurzame relaties. Hierbij is het van belang om het gesprek aan te gaan met het vermoedelijke slachtoffer, om meer zicht te kunnen krijgen op de mogelijke uitbuitingssituatie. Jongerenwerkers proberen bijvoorbeeld het gesprek aan te gaan met de jongeren wanneer zij ‘op de uitkijk’ staan. Het is echter lastig om een vertrouwensband op te bouwen en dit kost veel tijd.
Jongerenwerker: “Dat criminele uitbuiting er is, zeker weten. Maar om er de vinger op te leggen, dat is lastig. Het begint bij het signaleren, en dat moeten we zo veel mogelijk delen met onze contacten in de wijk. Daar ligt de focus op bij ons.”
Binnen de aanpak mensenhandel van de gemeente is een meldroute voor de signalering van mensenhandel opgenomen. De aandachtsfunctionaris mensenhandel van de gemeente speelt hierbij een belangrijke rol. Wat betreft seksuele uitbuiting komen de meeste signalen via Veilig Thuis Gelderland Midden of via wijkteams binnen bij deze aandachtsfunctionaris. Ook komen signalen binnen via het gemeentelijke Interventieteam en meldpunt Meld Misdaad Anoniem. De zorgcoördinator mensenhandel van Moviera wordt hierbij betrokken en gevraagd mee te denken over mogelijke vervolgstappen. Daar29 https://www.straatcontact.nl/pg-29326-7-95277/pagina/methode_straatcontactnl.html 30
Samen met Bureau Beke is bijvoorbeeld project ‘Rising Stars’ ontwikkeld. Dit project is erop gericht om te voorkomen dat jongeren uit beeld vallen van politie, BOA’s en jeugdwerkers, en om criminaliteit onder deze groep te verlagen.
18
naast is er sprake van een screeningsoverleg met als deelnemende partijen AVIM, de ketenregisseur gemeente Arnhem, zorgcoördinatoren en recentelijk ook Veilig Thuis. Maar volgens respondenten wordt daar vooral casuïstiek uit Arnhem besproken en zijn er nog geen casussen uit Ede besproken. Dit komt doordat deze al besproken worden op het lokale ondermijningsoverleg. Samenwerking Respondenten zijn over het algemeen tevreden over de samenwerking in Ede op het gebied van aanpak van seksuele en criminele uitbuiting. Zij vinden dat de lijnen tussen de betrokken organisaties, waaronder AVIM, jongerenorganisaties, huismeesters, Moviera, RIEC, de plaatselijke politie (wijkagenten), de gemeente en Veilig Thuis, kort zijn. Wanneer bijvoorbeeld de jongerenwerker of woonconsulenten signalen van uitbuiting opvangen, nemen zij direct contact op met de wijkagent om eventuele vervolgstappen te bespreken. Partijen hebben onderling regelmatig contact, bijvoorbeeld over het uitwisselen van vermoedens van criminele of seksuele uitbuiting. Ze bespreken of anderen signalen herkennen en of iets op meerdere plekken speelt. Signalen van uitbuiting worden ook altijd op het lokale ondermijningsoverleg besproken met partners als politie, toezicht, omgevingsdienst, RIEC en adrescontrole. Regelmatig komen organisaties samen in overleggen, om casussen en signalen uit de wijk te bespreken.
Voor criminele uitbuiting zijn de belangrijke betrokken organisaties Veilig Thuis, Iris verslavingszorg, CJG, de gemeente, huismeesters van flatgebouwen of appartementencomplexen, jongerenwerkers en de wijkagent. Voor seksuele uitbuiting zijn daarnaast Moviera, zorginstelling Pluryn, AVIM en het Leger des Heils relevante partijen.
Jongerenwerker: “Alles wat opvalt, deel je zo veel mogelijk om zicht te krijgen en te checken of het herkend wordt door partners.”
Doordat er regelmatig onderling overleg is, is de drempel laag om contact met elkaar op te nemen. Vaak gaat het om telefonisch contact, en worden afspraken per mail vastgelegd. Bij urgente zaken is er daarnaast/daarna ook altijd sprake van face-to-facecontact. De aandachtsfunctionaris mensenhandel heeft hierbij de regie. De wijkagent zegt ook dat sprake is van een nauwe samenwerking met huismeesters. Huismeesters vangen veel op van wat er speelt in (huur)woningen. Hierdoor hebben zij goed zicht op mogelijke signalen. Er komen bij de huismeesters dan ook regelmatig signalen binnen van die groep. Als zij een situatie niet vertrouwen, nemen ze direct contact op met de wijkagent en wordt de situatie gezamenlijk opgepakt; bijvoorbeeld wanneer zij opmerken dat een huis verloedert en de zoon mogelijk criminele activiteiten uitvoert in de woning, terwijl zijn moeder grip op de situatie verliest. Aanpak arbeidsuitbuiting In deze paragraaf beschrijven we de aanpak van arbeidsuitbuiting onder arbeidsmigranten die op vakantieparken verblijven. Dit doen we aan de hand van observaties tijdens een vakantieparkcontrole. Signalering en registraties Om zicht te krijgen op arbeidsuitbuiting in Ede voert de gemeente samen met haar partners handhavingscontroles uit. Met name Omgevingsdienst De Vallei (ODDV) en ISZW zijn hierbij belangrijke partners.
Team Adrescontrole van de gemeente controleert of arbeidsmigranten zijn geregistreerd op het adres waar zij verblijven en team Handhaving controleert onder andere vergunningen van uitzendbureaus. Daarnaast is ODDV verantwoordelijk voor de handhaving van bouwwetgeving, waaronder permanente bewoning van vakantieparken. Zij zijn vaak aanwezig op vakantieparken en controleren gericht arbeidsmigranten, die zij lokaliseren aan de hand van buitenlandse nummerborden en busjes van uitzendbureaus. Dit doen zij om te achterhalen hoe lang arbeidsmigranten op een vakantiepark verblijven en of hun verblijfsduur binnen de vergunningseisen voor vakantieparken past. Ook de politie voert controles uit en voorziet de gemeente en ODDV waar nodig van aanvullende informatie over een casus. ISZW voert ook controles uit en wordt door partijen zoals de politie, gemeente en ODDV betrokken als 19
er arbeidsuitbuiting wordt gesignaleerd. De gemeente en ODDV registreren beiden signalen intern, maar deze blijken niet altijd even makkelijk terug te vinden en niet voor alle medewerkers toegankelijk. Hierdoor bestaat het risico dat als bepaalde medewerkers uit dienst gaan, de signalen niet meer goed terug te vinden zijn. Acties Naast de doorlopende controles door verschillende instanties afzonderlijk, wordt in Ede ook af en toe een integrale vakantieparkcontrole gehouden om het zicht op arbeidsuitbuiting (en andere ondermijnende activiteiten) te verbeteren en hierop ook meteen actie te ondernemen. Het Ariadne project, gemeente Ede, politie, ISZW en de Belastingdienst controleren dan gezamenlijke de bewoners en voertuigen op een vakantiepark. Maatschappelijke opvang nam bij de controle die wij observeerden ook deel om personen te begeleiden naar een andere woning als zij daar behoefte aan hebben. De controle wordt gecoördineerd door het Ariadne project en heeft als doel om te controleren of personen recreatief op het park verblijven. Als personen langer dan 180 dagen achtereenvolgend het recreatiepark als woonhuis gebruiken, wordt het adres aangemerkt als hoofdadres. Een groep die vaak te lang op een vakantiepark verblijft zijn de arbeidsmigranten. De bewoning is dan in strijd met het bestemmingsplan (recreatie) en de bewoner moet de woning verlaten.
Naast permanente bewoning is er tijdens de controle aandacht voor criminele activiteiten en worden openstaande boetes en belastingschulden gevorderd. Hiertoe worden ook identiteitspapieren en nummerborden van auto’s gecontroleerd. De controle is echter niet alleen gericht op het achterhalen of o.a. arbeidsmigranten een overtreding begaan, maar er is ook aandacht voor hun leefomstandigheden en signalen van arbeidsuitbuiting op het gebied van werk en huisvesting. De controle begint om 4:30, zodat ook de personen die al vroeg naar hun werk gaan gecontroleerd kunnen worden. De controlestraat is zo opgebouwd dat de aanwezige partijen zijn opgesteld in tenten langs de centrale toegangsweg. Iedereen die het park verlaat moet zo langs de controleposten. Na de ochtendspits gaan er ook toezichthouders het park op om de personen die nog in hun woning aanwezig zijn te controleren en waar nodig door te sturen naar een controlepost. Bij elke controlepost wordt de persoon doorgestuurd naar de volgende relevante post, totdat deze persoon een controlebewijs ontvangt en het park mag verlaten. Eerst worden de identiteitspapieren gecontroleerd en wordt door een handhaver een korte vragenlijst afgenomen over zaken als het verblijf op het vakantiepark, het woonadres, werk, de financiële situatie en eventueel het voertuig.
Als hieruit blijkt dat de persoon te lang op het vakantiepark verblijft en hier niet is ingeschreven, wordt deze doorgestuurd naar de tent van de gemeente waar zij terplekke worden ingeschreven in de GBA op het adres van het vakantiepark. Zij ontvangen vervolgens een brief op dit adres waarin staat uitgelegd dat het niet toegestaan is om permanent op dit adres te verblijven en waarin is aangegeven op welke termijn zij de woning dienen te verlaten. Als er acute signalen van arbeidsuitbuiting blijken uit de eerste check, wordt de persoon doorverwezen naar de stand van ISZW voor verder onderzoek. Voor indicaties van andere illegale praktijken of achterstallige betalingen zijn de politie en de Belastingdienst aanwezig. In de provincie Gelderland en ook in Ede worden met enige regelmatig dergelijke controles uitgevoerd. Zo proberen de betrokken partijen te voorkomen dat vakantieparken hotspots voor criminele activiteiten worden. Door een gezamenlijke aanpak in te zetten, wordt tevens getracht het waterbedeffect te voorkomen. Als er op alle vakantieparken in de regio controles worden gehouden bij signalen van criminele activiteiten, wordt het moeilijker voor onwelwillende personen om hun criminele activiteiten simpelweg voort te zetten in een vakantiepark in de aangrenzende gemeente.
Door arbeidsmigranten in te schrijven in de gemeente, heeft de gemeente eveneens meer zicht op wie zich in de regio bevindt. Ook al is de inschrijving op het vakantiepark slechts tijdelijk, het biedt de arbeidsmigranten voor die tijd wel een postadres in de gemeente. Dit stelt hen in staat om zaken te regelen zoals het aanvragen van een ID-kaart en maakt ze bereikbaar voor de gemeente. Bovendien kunnen zij op deze manier regiobinding opbouwen, wat hen in staat stelt om aanspraak te maken op opvang als zij op straat belanden. Samenwerking De samenwerking tussen de verschillende partijen verloopt naar eigen zeggen goed. De betrokkenen die wij hebben gesproken zijn blij dat zij gezamenlijk optrekken en de lijnen kort zijn. Dit blijkt ook tijdens de 20
integrale controle: iedereen heeft een duidelijke rol en onder de regie van het Ariadne project wordt goed samengewerkt. Ook buiten de integrale controles om werken handhavers van ODDV die de vakantieparken controleren, de gemeente, politie en ISZW nauw samen. Zij brengen elkaar proactief op de hoogte van signalen van misstanden, waaronder ook arbeidsuitbuiting.
21
Aard van mensenhandel Ede
4 Aard van mensenhandel in Ede
In dit hoofdstuk bespreken we de aard van mensenhandel in Ede. We bespreken dit per type uitbuiting. In paragraaf 4.1 komt de aard van seksuele uitbuiting aan bod, paragraaf 4.2 gaat over de aard van criminele uitbuiting en 4.3 over de aard van arbeidsuitbuiting. Hierbij worden de aandachtsgebieden en bronnen uit paragraaf 2.2 aangehouden. Het is belangrijk om op te merken dat de beschrijvingen in dit hoofdstuk zijn gebaseerd op de ervaringen van professionals die zijn geïnterviewd (zie bijlage 2 voor een overzicht). Hun beschrijvingen berusten vaak op onderbuikgevoelens en zijn daarom niet te kwantificeren of objectiveren.