conceptverslagVBF2023-04-18.doc
Tekst van het document
Griffie Gemeenteraad Utrecht Secretariaat raadscommissie Mens & Samenleving Postadres Postbus 16200 3500 CE Utrecht Telefoon 030 - 286 10 69 Fax 030 - 286 15 18 www.utrecht.nl/gemeenteraad
VERSLAG OPENBARE VERGADERING COMMISSIE VEILIGHEID, BESTUUR EN FINANCIËN D.D. 18 APRIL 2023 [Typ hier]
Datum verslag Locatie Verslag door Vaststelling verslag
10
25 april 2023 Stadhuis, de raadszaal Geertjan Benus (Notutekst) mei 2023
Aanwezigen: Avondvergadering De voorzitters, de heer P. Zwanenberg en de heer R. Peters en van het college de wethouder mevrouw E. Oosters, en voorts de leden: de heer F. Dekkers (GroenLinks), mevrouw B. van der Wilt (D66), de heer R. van der Zweth (PvdA), de heer D. Van Bergen (ChristenUnie), de heer B. van Steeg (CDA), mevrouw E. Kendir (Student & Starter), de heer V. Stevens (Student & Starter), de heer G. Dijkstra (EenUtrecht), mevrouw T. Meerding (VVD), de heer R. Maas (VOLT), en van de Rekenkamer de heer S. van Keulen en van de griffie de commissiegriffier de heer J. Schueler en de commissiesecretaris. Verslag openbare vergadering commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
20
Aanwezigen: ............................................................................................................- 1 1. Opening en mededelingen...................................................................................- 1 2. Vaststellen van de agenda van 26 januari 2023................................................- 1 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen.........................................................- 1 3.1 zichtbaar dragen van religieuze uitingen handhavers – ervaringen in het buitenland ................................................................................................................- 2 4. Ingekomen stukken ...........................................................................................- 3 5. Rekenkamerrapport Horen zien en Samen door...............................................- 3 6. Raadsbrief focus en koers herijking Samen Stad maken..................................- 3 Avondvergadering 18 april 2023
30
1. Opening en mededelingen De voorzitter, de heer Zwanenberg, opent de vergadering omstreeks 19.30 uur en heet iedereen welkom. Mededelingen vanuit de commissie Geen. Mededelingen vanuit het college Geen.
40
2. Vaststellen van de agenda van 18 april 2023 Conform vastgesteld. De punten 5 en 6 worden in samenhang besproken. 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen Pagina 1 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
50
De voorzitter leidt de bespreking in. 3.1 Raadsvoorstel wijziging Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio GR VRU Het voorstel is 60 minuten te reserveren voor een commissiebehandeling. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of dit met de A-status kan worden geagendeerd. Mevrouw Meerding (VVD) stelt voor 30 minuten te reserveren. De heer Van Steeg (CDA) gaat met 30 minuten akkoord. De voorzitter besluit aldus. Hij stelt voor wanneer dit alsnog een A-status krijgt, dat de commissiegriffier te laten weten. 3.2 Raadvoorstel Startdocument Burgerberaad Het voorstel is.120 minuten. De commissie gaat daarmee akkoord.
60
70
80
90
3.3 Agenderingen ter plaatse op basis van de ingekomen raadsbrieven 3.3.1 Het handhavingsdossier Binnenstad De heer Van Steeg (CDA) licht toe dat het hier gaat om een opstapeling van procedures met financiële consequenties voor de gemeente. Er ligt een omvangrijk rapport van Berenschot. Hij stelt voor hierover in debat te gaan: wat is hiervan te leren en hoe is dit de toekomst te voorkomen en wat betekent dit voor de organisatie nu alle aanbevelingen van Berenschot worden overgenomen door het college. Hij agendeert dit voor een commissievergadering samen met de VVD. De volgende partijen sluiten zich aan D66, EenUtrecht. De heer Van Steeg stelt 60 minuten voor om te reserveren voor de bespreking. De commissie gaat daarmee akkoord. 3.3.2 Een commissievergadering over het vuurwerk tijdens oud en nieuw De heer Dekkers (GroenLinks) agendeert samen met de Partij voor de Dieren dit onderwerp voor een commissiebespreking van 60 minuten. Ter vergadering sluiten EenUtrecht en VOLT zich aan. De heer Van der Zweth (PvdA) verneemt desgevraagd dat het onderwerp Burgerberaad in die vergadering hieraan vooraf zal worden besproken. 3.3.3. De toekomst van de wijkplatforms. Mevrouw Van der Wilt (D66) brengt in dat meerdere partijen dit onderwerp willen bespreken. Inmiddels agenderen 10 partijen mee. Dan gaat het over de brief de raad vorige week heeft ontvangen.
Haar fractie wil in gesprek over hoe de uitgangspunten matchen met dit voorstel en hoe er gekeken wordt naar de uitbreiding van de rol van het platform. De heer Dekkers (GroenLinks) wijst erop dat op dit project niet een snelle voortgang zit. Hij vindt het wenselijk dit voor de zomer te bespreken. Hij stelt voor behandeltijd van 45 minuten. De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat zijn fractie bezig is met een initiatiefvoorstel voor de aanpak van onder meer de wijkplatforms. Hij zou dat initiatiefvoorstel kort na de zomer willen voorleggen aan de commissie. Hij zou dit voorafgaand aan de raadsbrief over de contouren medio mei willen bespreken. Hij zou het prettig vinden dit in diezelfde commissievergadering te behandelen. De voorzitter stelt voor nu de tijdspendering af te spreken en na deze vergadering af te spreken waarin dit zal worden behandeld. De heer Van der Zweth (PvdA) stelt voor een reservedagdeel in te plannen na het zomerreces; hij denkt eerder aan 75 minuten dan aan 45. De voorzitter stelt dit voor in samenhang met het voorstel van EenUtrecht. De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt voor de raadsbrief voor de zomer te behandelen. Pagina 2 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
De voorzitter stelt voor 75 minuten.
100
110
120
3.3.4 De Agenda voor de aanpak van mensenhandel De heer Van Bergen (ChristenUnie) zou dit willen agenderen voor een commissievergadering, samen met de fracties van GroenLinks, CDA, VOLT en VVD. Hij stelt voor hiervoor 90 minuten te reserveren. De voorzitter stelt voor gezien de drukte in de agendering 60 minuten. Hij zal nagaan wat de griffie in zijn wijsheid voorstelt en wat de gevolgen daarvan zijn. 3.3.5. Raadsbrief scheidslijnen in Utrecht De heer van der Zweth (PvdA) wil deze raadsbrief agenderen voor een debat in de commissie. Het gaat om de beleving van de bewoners. Hij wil in debat over de wijze waarop ervaringskennis wordt meegenomen in de uitwerking die in Q3 naar de raad komt. Hij agendeert dit mede namens GroenLinks, ChristenUnie en Student & Starter. Hij denkt aan 45 minuten. Mevrouw Van der Wilt (D66) wil meeagenderen, vooral wanneer het voorstel over de kaders van ongelijk investeren naar de raad komt. Zij stelt voor 45 minuten uit te trekken voor de behandeling. De voorzitter zet ook dit onderwerp op de lijst. De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat de uitwerking in Q3 komt. Hij merkt op dat de behandeling na de zomer dan niet goed getimed is. De voorzitter neemt hiervan nota. Het is aan de commissie om hieraan vorm te geven. Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt een tussenstand in de voorraad van agenderingen.
De heer Schueler (commissiegriffier) resumeert dat de commissie inmiddels 15 uur behandelvoorraad heeft voor drie dagdelen voor de zomer (9 uur). De agenda wordt voorbereid door de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter. Dat wordt komende donderdag bepaald voor de 11e mei vergadering. Dan zijn er voor het zomerreces nog twee andere dagdelen. Hij verwacht een eind te komen met de prioritering die de commissie heeft aangegeven. Wanneer er dilemma’s zijn, zullen die voorgelegd worden aan de commissie. 4. Ingekomen stukken Er is een ingekomen stuk: het voorstel is dit stuk ter hand te stellen van het college. De commissie gaat akkoord en daarmee is de lijst vastgesteld.
130
De punten 5 en 6 worden gebundeld besproken 5. Rekenkamerrapport Horen zien en Samen door Wethouder: Oosters, Beleidsterrein: Participatie De Rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar het inwonerparticipatiebeleid van de gemeente Utrecht. Een onderzoek naar de ervaringen met en resultaten van het inwonerparticipatiebeleid van de gemeente Utrecht’
6. Raadsbrief focus en koers herijking Samen Stad maken
140
Wethouder: Oosters, Beleidsterrein: Participatie Geagendeerd door: Gert Dijkstra (EenUtrecht), Ruud Maas (VOLT), Rick van der Zweth (PvdA), Bina Chirino (ChristenUnie), Berdien van der Wilt (D66), Fred Dekkers (GroenLinks) In de raadsbrief ‘Focus en koers Samen stad maken’ d.d. 21 maart jl. geeft de wethouder aan zowel voor ‘participatie’ als voor ‘initiatief’ gezamenlijk het beleid te willen herijken langs een vijftal sporen, inclusief Het daartoe aanpassen van de ‘Participatie- en inspraakverordening’. Tevens wordt een voorstel gedaan om de herijking te doen samen met de stad; vooral middels het organiseren van een reflectiegroep. Agenderende fracties willen graag met elkaar en met de wethouder in gesprek over vooral de volgende vragen: Pagina 3 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
(1) Zijn de genoemde vijf sporen inderdaad een goede basis voor de herijking van ‘Samen stad maken’ of zijn er belangrijke wijzigingen op nodig en/of ontbreken er nog sporen? (2) Wat zijn belangrijke onderdelen waarop de ‘Participatie- en inspraakverordening’ aanpassing behoeft en om welke aanpassing gaat het dan, mede als gevolg van de Omgevingswet? (3) Is het voorstel voor een reflectiegroep passend of vraagt het meedenken van raadsleden en burgers een andere en/of aanvullende aanpak?
150
160
170
180
190
De voorzitter leidt de bespreking in aan de hand van de annotaties bij de agenda (zie hierboven). De commissie heeft hierbij de gelegenheid om het debat te voeren over het raadsvoorstel en de raadsbrief. De bespreking is in twee termijnen. De Rekenkamer De heer Keulen (Rekenkamer) licht het resultaat van het onderzoek toe. Hij schetst de gang hier naar toe. Het college slaat de weg al in naar nieuw beleid. De Rekenkamer heeft dat nieuwe beleid niet onderzocht. Daartoe moet de Rekenkamer zich wel verhouden vanwege de late agendering. De gemeente Utrecht steekt veel energie in inwonersparticipatie. Met het actieprogramma Samen Stad Maken wil zij inwonersparticipatie inclusiever maken, de betrokkenheid bij de stad vergroten, en de kwaliteit van plannen verbeteren. De Rekenkamer constateert dat het de gemeente onvoldoende lukt om deze drie doelen te realiseren. De diversiteit onder de deelnemers neemt niet toe ondanks de pogingen om de inwoners te bereiken. Ook de betrokkenheid van de bewoners is niet vergroot. De inwoners geven aan dat ze niet vernemen welk effect hun inbreng heeft gehad. Het actieprogramma samen stad maken heeft geen concrete doelen. En een duidelijke vertaling ontbreekt naar de gemeentelijke inzet bij het participatietraject. De Rekenkamer is erover verheugd dat het college zijn conclusies onderschrijft en zijn aanbevelingen overneemt.
Hij licht toe hoe zo dicht mogelijk gebleven is bij de beleidscyclus, bij de gemiddelde manier waarop het participatietraject verloopt. Zo wordt herziening naar hij hoopt, gemakkelijker. Hij vraagt nog aandacht voor een aantal aanbevelingen, dat de Rekenkamer in de raadsbrief nog niet uitgewerkt zag: De Rekenkamer beveelt aan om de communicatie voorafgaand aan het participatietraject te verbeteren. Bij de start een analyse maken van een aan de doelgroep gerichte aanpak zodat een inclusieve en diverse vertegenwoordiging van participerende burgers te betrekken is. Tijdens het traject op een transparante manier te werken. Dat is de manier om de betrokkenheid van burgers te vergroten. Dat blijft onduidelijk in de raadsbrief en in de bestuurlijke reactie. Na het traject de terugkoppeling tijdens en na het traject inzichtelijk te laten zijn; wat is gedaan met de wijzigingen? Hoewel het college in zijn bestuurlijke reactie schrijft dat die terugkoppeling zal verbeteren, blijft het voor de Rekenkamer onduidelijk hoe dat zal gebeuren. Ook de raadsbrief gaat er niet echt op in. Breng de inspanningen en resultaten in beeld zodat vooraf te leren is over de mogelijke verbeteringen in participatiemogelijkheden voor nieuwe projecten. Hij mist zowel een bestuurlijke reactie als in de raadsbrief een inhoudelijke reactie op dit punt.
Maak de doelen helder en de taken van het actieprogramma concreter in samenspraak met de raad. Het lijkt de Rekenkamer voorbarig te concluderen dat hiermee de aanbevelingen zijn uitgewerkt omdat nog niet is gereageerd op alle aanbevelingen. Pagina 4 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
200
210
220
230
240
De commissie De heer Van der Zweth (PvdA) benadrukt dat op dit dossier de urgentie groot is. Dat blijkt ook uit het rapport. Wat hem betreft moet de focus liggen op het breder te trekken van mensen in de stad, ook voor wie de overheid verder weg staat. Hij schetst het belang ervan om ook die mensen te bereiken. Hij betreurt het dat het onderzoek niet in wijken als Kanaleneiland en Overvecht is gedaan. Wat hem betreft schrijft het college dat ook terecht. Er zijn juist veel wijken waar participatie en democratie verder weg staan. Had daar dan ook niet een casus gepakt moeten worden? Hij vraagt de reactie van de Rekenkamer. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de inclusiviteit waaraan de PvdA ook hecht, ook een aanbeveling is van de Rekenkamer. Hij vraagt wat de heer Van der Zweth van de reactie van het college vindt op de aanbeveling dat inclusiviteit beter moet en dat ook daar naar gekeken moet worden. De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dat bemoedigend. Het college neemt de aanbevelingen over. Dat betreft ook de manier van werken. Het langs de deuren gaan om mensen te bereiken vindt hij bemoedigend. Hij vervolgt zijn inbreng. Hij loopt de aanbevelingen bij langs en besteedt daarbij aandacht aan: De beïnvloedingsruimte moet aan de voorkant duidelijk zijn. De doelgroepgerichte aanpak - de heer Van Steeg noemde dat inclusief.
Wat zijn fractie betreft is daarvoor een ongelijke investering nodig. Zijn fractie stelt dan dat dat ook ongelijk is toe te passen; de wijkbudgetten zijn nu op aanvraag. Zijn fractie zegt brengt dit actief onder de aandacht in de wijken waar dit niet vanzelf gaat. Hij krijgt graag de toezegging van het college dat op die manier te doen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de PvdA hierin een rol ziet voor lokale sleutelpersonen en organisaties. De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dat absoluut heel goed. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de inzet van lokale sleutelpersonen meer zou moeten en kunnen dan nu gebeurt. Of beoordeelt de PvdA het als voldoende. De heer Van der Zweth (PvdA) bevestigt dat te zeggen. Mevrouw Van der Wilt (D66) begrijpt dat de heer Van der Zweth een toezegging vraagt om in de wijken waar het college met de wijkaanpak aan de gang gaat, ook met buurtbudgetten te werken. Er is in de discussies daarover al een motie aangenomen van die strekking. Heeft de PvdA het idee dat het niet voldoende opgevolgd gaat worden? De heer Van der Zweth (PvdA) beseft met de inbreng van mevrouw Van der Wilt dat dat zo is. Hij heeft het blinde vertrouwen dat dit één op één wordt uitgevoerd. Hij vindt dit een mooi voorbeeld van hoe die doelgerichte aanpak te doen op de beschikbare instrumenten. Hij vervolgt zijn bijdrage.
Met betrekking tot aanbeveling 2 doet hij de suggestie letterlijk met de tekentafel in de wijk te gaan staan bij het maken van ruimtelijke plannen. In spoor 2 van de brief van het college leest hij daarover veel terug. Het is belangrijk ook daar een been bij te zetten. Hij vraagt de wethouder of zij inzichtelijk kan maken hoe de zichtbaarheid te vergroten is en laagdrempelig toegankelijk kan zijn. Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt hoe dit eruit gaat zien. Gaan inwoners dan mee tekenen aan die tekentafel? De heer Van der Zweth (PvdA) licht toe dat dit veel verder gaat dan het participatietraject. Zijn streven is dat ambtenaren een of twee dagen in de week op locatie
Pagina 5 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
250
260
270
280
290
werken en dat mensen op gezette uren daar langs kunnen. Dan kunnen de wijkbewoners ambtenaren spreken die bezig zijn met de plannen. Mevrouw Van der Wilt (D66) begrijpt daaruit dat het niet per se zo is dat inwoners mee gaan tekenen, maar dat ambtenaren fysiek aanwezig zijn en laten zien wat er gebeurt. Het gaat haar erom scherp te krijgen hoe ver de PvdA hierin wil gaan. De heer Van der Zweth (PvdA) noemt als voorbeeld wat Jan Schaefer deed in Amsterdam met billboards met daarop Hier Bouwt Amsterdam. Inwoners kunnen er dan niet omheen en weten dan dat ze met hun vragen bij de gemeente terecht kunnen. Het wel of niet meetekenen is het participatietraject zelf. Die vraag is te stellen wanneer mensen daar binnenlopen. De aanbeveling 4 het gestructureerd terugkoppelen omarmt het college. De PvdA zegt dan doe vaker flyers door de brievenbus. Dat komt het meest direct bij mensen binnen en heeft ook het grootste bereik, ook voor mensen die wat verder weg staan. Met betrekking tot aanbeveling 5 het leren van andere trajecten, vraagt zijn fractie specifiek aandacht voor het goed inzichtelijk maken voor de raad wat er veranderd is als gevolg van participatie. Soms zijn woonlagen er afgehaald als gevolg van participatie en mist de raad die informatie daarover. Zijn fractie vindt het goed dat de brief Samen Stad Maken nu voorligt. Hij vindt het goed dat er nu keuzes gemaakt worden.
Zijn fractie is daarmee tevreden. De uitwerking volgt pas in een brief voor de zomer. Hij roept het college op tempo te blijven maken. Wat zijn fractie betreft, gaat het college morgen aan de slag. Zijn fractie steunt de globale richting. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt naar het politiek oordeel van de PvdA op de reactie van het college op het rekenkamerrapport. De heer Van der Zweth (PvdA) verwijst naar zijn inbreng. De heer Dijkstra (EenUtrecht) zal precieser zijn; hij doelt er op dat in het kort op één plaats de wethouder zegt dat te zien is dat in de afgelopen jaren inwoners soms onvoldoende hebben ervaren dat hun mening en ideeën ertoe doen. Tegelijkertijd leest hij in het Rekenkamerrapport hoge percentages aan mensen die zich niet gezien of gehoord voelen. Hij vraagt of de PvdA van mening is dat het college dit goed gewogen heeft. Of had de PvdA kunnen zeggen erg geschrokken te zijn van deze cijfers en dat dat een omwenteling betekent in wat gedaan moet worden. De heer Van der Zweth (PvdA) begon zijn bijdrage met aan te geven dat het beter moet en dat de urgentie groot is. Hij leest dat ook terug in de reactie van het college. Hij zegt er ook bij dat dat zo ook is opgeschreven in het coalitieakkoord vanwege de urgentie die gevoeld is. Dat was ook de reden waarom de PvdA met een plan kwam: daar moet iets gebeuren.
De PvdA ziet in de brief een goede richting; dit als antwoord op de vraag hoe de PvdA de brief beoordeelt. De heer Dijkstra (EenUtrecht) had verwacht dat het college zich met meer verontrusting zou uitlaten over die resultaten. De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dat het college zich op de juiste manier hiertoe verhoudt. Hij beoordeelt dat positief. Het college geeft zelf ook aan dat niet alles goed gegaan is. Dat is ook de reden waarom het college de aanbevelingen omarmt. Hij leest in de brief serieuze richtingen om dit anders te gaan doen. Dan gaat het ook over de cultuur in de ambtelijke organisatie. Uiteindelijk zal het bestuur zien hoe dit in de praktijk uitwerkt. Mevrouw Meerding (VVD) kent de PvdA als een partij die participatie belangrijk vindt; dat blijkt ook uit het voorstel van de PvdA. Zij vraagt hoe de heer Van der Zweth het belang van meedoen door bewoners ziet ten opzichte van het vooraf Pagina 6 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
300
310
320
330
aangeven van de beïnvloedingsruimte. Zouden de bewoners over alle onderwerpen moeten kunnen meepraten? Of zijn daarvoor strikte kaders? De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat er veel thema's zijn die stadsbreed zijn en waarover de politiek zich moet uitlaten. Meer op wijk- en buurtniveau kunnen bewoners grote besluiten nemen. Wat hem betreft moet het stadsbestuur vooraf duidelijkheid geven over wat de bewoners kunnen beïnvloeden en wat niet. Mevrouw Meerding (VVD) betwijfelt of zij het eens is met dat standpunt. Zij vraagt of Utrechters over een onderwerp als parkeren wel mogen meebeslissen. De heer Van der Zweth (PvdA) loopt niet alle onderwerpen af. De politiek neemt bepaalde besluiten. Dan moet de politiek niet de indruk wekken als staat dat nog ter discussie wanneer dat niet het geval is. Wanneer het wel ter discussie staat, is dat evengoed te zeggen. Vaak zijn valse verwachtingen gewekt met veel frustratie tot gevolg. De heer Dekkers (GroenLinks) gaat eerst in op het Rekenkamerrapport. Hij complimenteert de Rekenkamer met het onderzoek. De conclusies zijn voor een groot deel in lijn met de punten die GroenLinks en ook andere partijen hebben ingebracht. Het beleid en de uitgangspunten voor Samen Stad Maken, vindt hij goed genoeg. Dat neemt niet weg dat de stad het niet goed genoeg doet. Dat kan een stuk beter. Hij richt zich de vraag hoe het een stuk beter te doen.
GroenLinks heeft grote moeite met de aanbevelingen en vooral met het raadsbesluit. De aanbevelingen zijn voor een groot deel bestaand besluit. Ook het raadsbesluit bestaat uit uitgangspunten die al in bestaand beleid staan. De Rekenkamer gebruikt soms net andere formuleringen; die zijn niet altijd beter dan de bestaande. De heer Maas (VOLT) vraagt wat GroenLinks bedoelt met bestaand beleid; gaat het over communicatie voor af in het traject? Of betreft dat de evaluatie achteraf? Gaat het om de transparante begeleiding? Of gaat het om al die elementen waarvan de Rekenkamer zegt dat de gemeente het niet goed gedaan heeft? De heer Dekkers (GroenLinks) doelt op alle punten die de Rekenkamer aanreikt die in het bestaand beleid staan. Waar de Rekenkamer de doelgroepenbenadering noemt, staat in Samen Stad Maken dat er een Participatieplan gemaakt moet worden op een inclusieve stakeholderanalyse. Hij herhaalt zijn inbreng. Hij vindt de formuleringen van de Rekenkamer overbodig en onduidelijk. De heer Maas (VOLT) vraagt of de heer Dekkers nu echt zegt dat de Rekenkamer conclusies formuleert die het college beter heeft geschreven en dat het gaat om staand beleid; en dat na helder, duidelijk en goed onderzoek van de Rekenkamer. De heer Dekkers (GroenLinks) deelt de conclusies voor een belangrijk deel.
Juist het raadsbesluit bestaat uit punten die op een veel betere manier geformuleerd zijn in Samen Stad Maken. Hij heeft dan vragen aan zowel de Rekenkamer als aan het college. Hij legt de vraag voor of het wellicht onduidelijk is om in een raadsvoorstel naar aanleiding van het Rekenkamerrapport het bestaande beleid opnieuw te benoemen, maar net iets anders geformuleerd. Hij zou het slimmer vinden wanneer het raadsvoorstel gericht wordt op datgene wat nog gedaan moet worden om het bestaande beleid uit te voeren. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de Rekenkamer naar het huidige beleid kijkt en constateert dat heel veel inwoners zich niet gehoord voelen en dat ze niet het gevoel hebben echt te kunnen participeren. De heer Dekkers legt de vraag voor wat het stadsbestuur met het rapport moet; hij vraagt of de heer Dekkers zegt niet veel aan het rapport te hebben. Pagina 7 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
340
350
360
370
380
De heer Dekkers (GroenLinks) bevestigt dat de Rekenkamer terechte constateringen doet. Het raadsbesluit richt zich niet op de vraag wat gedaan moet worden om het beter te doen; in plaats van dat te zeggen, herformuleert de Rekenkamer het beleid. Wat hem betreft wekt dat alleen verwarring. Hij begrijpt dat niet van de Rekenkamer. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat het niet aan de Rekenkamer is om het beleid te formuleren, maar juist om te constateren dat op een aantal punten de participatie de mist ingaat en dat de gemeente er onvoldoende in slaagt om de bewoners te betrekken bij wat het stadsbestuur doet. Dat is volgens hem de belangrijkste conclusie dat dit refereert aan de belangrijkste taak van de Rekenkamer. Dat neemt niet weg dat hij de inbreng van de heer Dekkers begrijpt. De heer Dekkers (GroenLinks) is het eens met de heer Van Steeg over de belangrijkste taak en de belangrijkste conclusie. Hij is het ook eens met de conclusie dat het beleid wel goed is maar dat de gemeente het niet goed genoeg doet. Wat hem betreft moet het stadsbestuur zich concentreren op wat gedaan moet worden om het bestaand beleid goed uit te voeren. Hij herhaalt zijn argumenten. Hij vraagt hierop de reflectie van de Rekenkamer en nodigt de Rekenkamer uit om samen met de raad te kijken naar hoe dat raadsvoorstel anders in elkaar te steken.
Mevrouw Van der Wilt (D66) begrijpt de woorden van de heer Dekkers; zij noemt in dit verband de participatieverordening. Daarin staan alle punten die de Rekenkamer oproept tot het beter doen. Dat is destijds nog uitvoerig aangepast door de VVD en D66 in 2019 met een amendement. Zij vraagt of de heer Dekkers dat ook bedoelt. Zij leest daar ga het vooral goed doen. De heer Dekkers (GroenLinks) bevestigt dat te bedoelen; het staat er al in betere bewoordingen; hij roept vooral ertoe op het te gaan doen en te zeggen wat er nodig is om te zorgen dat het goed gedaan wordt. Mevrouw Meerding (VVD) heeft het raadsvoorstel er bijgepakt; zij leest dan dat de participatie in samenspraak met de gemeenteraad concreter gemaakt moet worden zo dat die beter toepasbaar is. Daarbij gaat het niet om een herformulering van bestaand beleid; dan zou het stadsbestuur het wel degelijk anders gaan formuleren. Zij vraagt of de heer Dekkers dat met haar eens is. De heer Dekkers (GroenLinks) antwoordt dat het daarbij gaat om het tweede deel van het raadsvoorstel. Daarover is hij het volstrekt eens met mevrouw Meerding. Het moet vooral concreter gemaakt worden: hoe het te gaan doen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) ondersteunt de inbreng van de heer Dekkers. Dat was in eerste instantie ook zijn teleurstelling. Hij heeft veel waardering voor wat de Rekenkamer heeft geschreven.
Hij vraagt welke politieke conclusie GroenLinks trekt. Wat zegt dit GroenLinks over de manier waarop dit door de gemeente opgepakt kan worden. Waar gaat het fout? De heer Dekkers (GroenLinks) heeft zijn politieke oordeel gegeven; daarvoor had hij het rekenkamerrapport niet nodig. Enkele van die conclusies zijn al eerder getrokken. Hij herhaalt zijn inbreng over een goed beleid zonder het goed te doen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt wat er dan anders gedaan moet worden. Deze vraag stelt hij om een herhaling te voorkomen. De heer Dekkers (GroenLinks) geeft als voorbeeld dat het uitgangspunt is geformuleerd dat een Participatieplan gemaakt moet worden op basis van een inclusieve stakeholderanalyse. Hij ziet veel te weinig Participatieplannen. Hij stelt vooraf af te spreken dat wanneer een Participatieplan gemaakt wordt, die gepubliceerd wordt zowel bij het project als op een gedeelde pagina zodat de plannen er echt zijn. Pagina 8 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
390
400
410
420
430
Bovendien spreekt het stadsbestuur wat hem betreft af bij het maken van die participatieplannen, wijkplatforms, buurtgroepen, sleutelpersonen in de wijk te betrekken. Dat zijn twee concrete voorstellen om er voor te zorgen dat het stadsbestuur die participatieplannen ook daadwerkelijk krijgt. Dat is een essentieel onderdeel van het beleid. Die plannen zijn er nu niet. Hij vraagt de toezegging van de wethouder dat dit ook gedaan gaat worden. Met betrekking tot aanbeveling 1 benadrukt de heer Dekkers dat de deelnemers aan participatietrajecten behoefte hebben aan meer duidelijkheid vooraf. Op dat punt gaat het lang niet altijd goed. Hij ziet wel een ontwikkeling naar verbetering. Die weg moet verder worden ingeslagen. Hij tekent daarbij aan dat het geen garantie voor succes is. Hij is nieuwsgierig naar de concrete verbetervoorstellen van de Rekenkamer en het college. Met betrekking tot de deelconclusie 2 (de doelen inclusie en betrokkenheid worden niet bereikt) zet de heer Dekkers uiteen dat hij vindt dat op basis van dit rapport die conclusie niet breed getrokken kan worden. Op andere processen is te zien dat daarop flink wordt ingezet. Wat hem betreft beveelt de Rekenkamer terecht aan een outreachende manier van werken toe te passen waarbij moeilijk bereikbare doelgroepen actief worden opgezocht en betrokken bij de projecten. Hij geeft aan welke formulering hij beter vindt.
Hij sluit aan op de suggesties die de PvdA heeft gedaan om verder door te werken op inclusiviteit. De heer Van der Zweth (PvdA) noemt Kanaleneiland niet het meest ideale voorbeeld. De heer Dekkers (GroenLinks) bevestigt dat zeker in het begin het op punten niet goed is gegaan. Dat is hersteld en dat beschouwt hij als krachtig. De heer Van Steeg (CDA) vraagt wat het nu precies is; hij beschouwt de inbreng van de heer Dekkers als een ballanceeract op het koord genaamd het gaat heel erg goed maar het moet toch anders. De heer Dekkers (GroenLinks) verwijst naar de brief van het college als het gaat om zaken die anders moeten. Er moet gewerkt worden aan de houding van de ambtenaren. De manieren die werken moeten meer verbreid worden. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of de heer Dekkers met hem deelt dat juist de projecten die niet goed gingen, uitgangspunt zouden moeten zijn voor het veranderen. Hij noemt als voorbeelden van projecten die niet goed gingen: de Maliebaan, het Ledigerf, et cetera. Juist daar is verandering nodig. De heer Dekkers (GroenLinks) gaat niet in op de projecten. Daar was zeker niet het betrekken van andere en meer mensen het grootste probleem. Daar speelden ook andere zaken. Hij vervolgt zijn betoog. Hij leest in het rapport dat niet alle stemmen op een gelijke manier worden gehoord. De heer Dekkers denkt dat het ook niet mogelijk is.
Hij noemt de ontwikkelvisie Overvecht in dit verband; dat had een mix van vormen nodig waarbij de mensen worden opgezocht, en anderzijds gespreksmomenten om op de schuurpunten te kunnen ingaan. Juiste de combinatie van werkvormen maakt de participatieprocessen sterker. Hij vraagt het college of die het eens is met GroenLinks dat het goed en wenselijk is om op grote projecten te werken met een procesgroep om die verschillende vormen van participatie goed op elkaar af te stemmen. De heer Dekkers gaat in op conclusie 3 de resultaten van de participatietraject zichtbaar maken. Hij benadrukt het belang van deze conclusie. De terugkoppeling Pagina 9 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
440
450
460
470
480
van wat er uit de participatie komt, vindt hij vaak te formeel. Die terugkoppeling is interactiever te doen; in een gesprek met betrokkenen. Dan is ook beter na te gaan of de insprekers zich herkennen in de teksten. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of GroenLinks de analyse van zijn fractie deelt dat veel van die terugmeldingen op die participatietrajecten vaak zo rooskleurig en bloemrijk zijn; zijn voorkeur gaat uit naar meer eerlijkheid en ruwheid zodat zichtbaarder wordt waarmee mensen het oneens waren, waar onvrede zat. De heer Dekkers (GroenLinks) denkt dat het heel goed is lastige keuzes en dilemma's scherp te benoemen en ook de voor en tegens helder te benoemen en de conclusies als het gaat om de vraag wat daaraan te doen. Hij antwoordt bevestigend. De evaluaties van projecten kunnen een stuk beter waarbij dan ook de insprekers betrokken worden. Juist lastige onderwerpen vragen om versterking van zeggenschap en vergaande vormen van participatie. Die vragen om een constructief proces. Dat doet niets af aan de randvoorwaarden die vooraf vast moeten staan. Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt of GroenLinks op dezelfde manier kijkt naar het Burgerberaad en de thema's die daar worden besproken.
De heer Dekkers (GroenLinks) bevestigt dat dat één van de gedachten is achter Burgerberaad: een proces waarin geprobeerd wordt mensen met elkaar in gesprek te brengen en niet alleen losse meningen bij elkaar te brengen om daaruit als een deus ex machina conclusies te trekken. Mevrouw Van der Wilt (D66) is blij dat te horen. Zij ziet in dat licht ook uit naar de discussies over Burgerberaad en zij hoopt GroenLinks aan haar zijde te vinden. De heer Dekkers (GroenLinks) heeft altijd gepleit voor Burgerberaad. Die discussie zal spoedig volgen. Mevrouw Meerding (VVD) komt het voor als formuleert de heer Dekkers nu een andere maatstaf dan de heer Van der Zweth. Zij vraagt of over windmolens ook geparticipeerd moet worden. De heer Dekkers (GroenLinks) benadrukt zijn inbreng: vooraf helderheid over wat vaststaat en niet vaststaat, en mensen bij elkaar brengen voor het goede gesprek. In dat opzicht heeft hij dezelfde mening als de heer Van der Zweth. Het participatieproces starten over eigenlijk al genomen besluiten, wijst hij af. Mevrouw Meerding (VVD) is dat laatste eens met de heer Dekkers. Ook zij vindt het belangrijk duidelijke kaders te stellen. Wanneer de heer Dekkers zo opkomt voor participatie in complexe zaken, vindt zij de maatstaf vager worden. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt nadere specificatie van de vraag.
Mevrouw Meerding (VVD) heeft begrepen dat niet alles wat complex is, rijp is voor participatie. De heer Dekkers (GroenLinks) vindt dat een goede samenvatting. Hij herhaalt zijn inbreng en vervolgt zijn betoog. Spoor 4 betreft samenwerking en de lerende organisatie. Hij vindt dat een belangrijk punt. Hij pleit ervoor daarbij veel meer mensen uit de stad te betrekken. Hij krijgt hierop graag een toezegging van de wethouder. Hij maakt zich zorgen over de beschikbare middelen en het voorbehoud dat daarop wordt gemaakt. Samen Stad Maken is niet iets dat alleen te maken heeft met de vakafdelingen. Dit heeft betrekking op het primaire werk van bijna alle ambtenaren en de hele organisatie die tijd en energie steken in het verder ontwikkelen van Samen Stad Maken. Hij vraagt hoe het college waarborgt dat de hele organisatie voldoende tijd en energie steekt in het verder ontwikkelen van Samen Stad Maken
Pagina 10 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
en dat de raad niet steeds belast wordt met de discussie over dat een paar mensen bij Wijken te weinig tijd hebben. 490
500
510
520
530
De voorzitter kondigt een voorzitterwissel aan en schorst voor enkele minuten de vergadering. De voorzitter de heer Peters heropent de vergadering. De heer Dijkstra (EenUtrecht) complimenteert de Rekenkamer met het grondige werk. Hij vond de uitkomst niet verrassend. Hij gaat in op vier punten van de rekenkamerrapportage en op een vijftal vragen over de herijking. Zijn fractie vraagt zich af of de wethouder/het college de urgentie ziet. De reactie van het college komt weinig geruststellend over. Hij noemt de cijfers en noemt ze schrijnend. Hij vraagt de wethouder of zij er ook van geschrokken is. Hij leest dat niet terug in de brief. Hij leest de suggestie in de reactie van het college als hebben de inwoners hun gelijk niet gekregen. Mensen willen vooral gehoord worden of uitgelegd krijgen dat niet mogelijk is wat ze willen. Hij vraagt de reflectie van het college hierop. Hij hoopt dat de wethouder dit gewraakte zinnetje in perspectief kan plaatsen. Mevrouw Van der Wilt (D66) vindt de samenhang tussen de uitspraak ”consensus kan niet” en de cijfers een aanname. Los daarvan is zij benieuwd hoe EenUtrecht hier naar kijkt: consensus is niet altijd het doel van participatie. De heer Dijkstra (EenUtrecht) bevestigt de juistheid daarvan: geen doel op zich aan de voorkant. Wanneer de participatie goed gaat, komen mensen naar elkaar toe en kan er wel degelijk een consensus ontstaan.
Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn. Zijn derde punt betreft de terugrapportage over de participatie op een traject; daarin is onvoldoende te zien wat er afgewogen is, wat afgewezen is, et cetera. Hij pleit voor eerlijke en transparanter terugrapporteren. Hij vraagt de wethouder of zij dit een cruciaal punt vindt om te verbeteren. Hij mist in het advies het belang van een activerende aanpak om moeilijk bereikbare doelgroepen te betrekken in de participatie. Hij vraagt of de wethouder kan aangeven of zij ziet dat sleutelpersonen of een buurtorganisatie daarin cruciaal zijn en dat het belangrijk is die meer in te schakelen dan tot nu toe gebeurt. Zijn verdere inbreng zal hij vanwege tijdgebrek schriftelijk communiceren. Hij mist een drietal sporen bij de herijking. Hij voegt die toe: Het versterken van buurt- en burgerorganisaties als zesde spoor. Het versterken van de lokale democratie op buurtniveau als zevende spoor. Het versterken van de stedelijke democratie als achtste spoor, met Burgerberaad in combinatie met het referendum. In algemene zin vindt hij de sporen te smal geformuleerd. Hij krijgt graag van de wethouder de toezegging dat zij die sporen in breder perspectief gaat zien. Mevrouw Van der Wilt (D66) merkt op dat Burgerberaad al is opgenomen.
Zij vraagt hoe de heer Dijkstra reflecteert in het licht van de basis van het goed doen; de heer Dijkstra voegde haar ambities hieraan toe. Zij vraagt hoe de heer Dijkstra die tot elkaar in verhouding ziet. De heer Dijkstra (EenUtrecht) denkt dat er meer is dan beter doen dan wat het deed. Het lijkt een beetje intern gericht. Hij denkt dat aan de kant van bewoners iets gedaan moet worden. Hij denkt dat het helpt wanneer lokale organisaties sterker worden gemaakt. Daarvan is ook baat te hebben wanneer het stadsbestuur moeilijk bereikbare groepen wil bereiken. Hij doet een klemmend beroep op het college om Pagina 11 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
540
550
560
dit toe te voegen. Mevrouw Van der Wilt (D66) is het eens met het pleidooi te gaan vernieuwen. Zij vreest dat nieuwe frustratie wordt georganiseerd met de inbreng van de heer Dijkstra. De heer Dijkstra (EenUtrecht) denkt van niet. Hij denkt dat het helpt wanneer het stadsbestuur zich afvraagt welke onderdelen, op welke domeinen het lokale belang belangrijker en groter is dan het stedelijke belang; is dat in eigenaarschap te mandateren naar lokale organisaties of naar lokale gemeenschappen? Hij geeft als voorbeeld openbaar groen, waarin de overheid dan kan participeren in wat de burger lokaal doet. Dat helpt enorm in het gevoel van de burger te worden betrokken bij alles wat hem aangaat en zijn leefomgeving. Mevrouw Van der Wilt (D66) concludeert dat EenUtrecht en D66 het op dat punt eens zijn met elkaar. Feitelijk zegt het stadsbestuur al dat meer zelfbeheer mogelijk zou moeten zijn. Zij waarschuwt voor extra toevoegingen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) wil zeker wel de lokale organisaties versterken. Dat voegt hij nadrukkelijk als nieuw toe. De heer Maas (VOLT) hoort Een Utrecht allerlei trajecten toevoegen. Hij noemt één van de conclusies van de Rekenkamer dat het ontbreekt aan doelen waarmee het stadsbestuur de trajecten vaststelt. Het stadsbestuur zou eerst een doelstelling moeten hebben met wat met een traject te bereiken.
Zonder goed geformuleerde doelen is het moeilijk om een traject kiezen. Hij vraagt hoe EenUtrecht dat ziet. De heer Dijkstra (EenUtrecht) sluit zich daarbij aan. Wanneer de lokale organisaties versterkt worden, moet eerst duidelijk zijn met welk doel. Hij zou die handschoen graag met collega's in de raad willen oppakken in de komende periode. De heer Dekkers (GroenLinks) merkt op dat het Rekenkamerrapport alleen over burgerparticipatie gaat. Samen Stad Maken gaat ook over Initiatief. Hij is nadrukkelijk eens met heer Dijkstra dat inclusiviteit niet tegenover het versterken staat van organisaties in de buurt et cetera. Hij vraagt of de heer Dijkstra het met hem eens is dat sommige zaken die hij heeft genoemd al in Samen Stad Maken staan, zoals het versterken van gemeenschappen in de buurt, sleutelpersonen, et cetera. De heer Dijkstra (EenUtrecht) ziet op sommige punten dat andere steden verder gaan dan Utrecht. Het gaat hem niet alleen om woorden. Hij ziet ook een groot verschil in handelen. De heer Dekkers (GroenLinks) en de heer Dijkstra (EenUtrecht) wisselen voorbeelden uit in den lande. Hij is ervan overtuigd dat Utrecht meer kan dan Utrecht nu doet en dat het ook helpt om meer begrip te creëren in de samenleving met wat Utrecht aan participatie organiseert.
570
580
Mevrouw Kendir (Student & Starter) kreeg van het Rekenkamerrapport belangrijke inzichten over de staat van participatie in Utrecht. Zij richt zich in haar bijdrage vooral op constructieve oplossingen. Zij vindt het belangrijk dat de moeilijk bereikbare groepen beter betrokken worden. Wat haar fractie betreft is representativiteit een randvoorwaarde voor participatie. Zij vindt het ook belangrijk dat de stem van de ongevestigde orde, zoals van toekomstige bewoners, gehoord wordt in de participatieprocessen. Zij merkt op dat er weinig representatieve manieren zijn om de mening van de stad te peilen. Daarom geeft zij de wethouder mee bij het ontwikkelen van de plannen ook te kijken naar een G1000. Een systeem waarbij 1000 willekeurige Utrechters worden uitgenodigd om hun mening te geven over een bepaald onderwerp. Dat kan al vanaf 12 jaar. Zij verneemt graag van de wethouder of zij kan toezeggen dit mee te nemen
Pagina 12 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
590
600
610
620
630
in de plannen die nog ontwikkeld gaan worden. Zij is ook benieuwd naar verdere plannen die nog ontwikkeld gaan worden om dit doel te bereiken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat een G1000 in de sfeer verloopt van de Overlegtafel. Met een Burgerberaad gaat de gemeente daarin verder. Hij vreest met de G1000 in de plaats van een Burgerberaad iets kwijt te raken. Hij vraagt of mevrouw Kendir het met hem eens is dat een stap terug voorkomen moet worden. Mevrouw Kendir (Student & Starter) was blij te vernemen dat in Utrecht een Burgerberaad zal komen. Daarvan is ook haar fractie een groot voorstander. Dit punt komt niet in de plaats van een Burgerberaad. De heer Dekkers (GroenLinks) pleit ervoor nu eerst goed te beginnen met het Burgerberaad en daarvan te leren. Hij vraagt of mevrouw Kendir het met hem eens is. Mevrouw Kendir (Student & Starter) ziet ook heil in een G1000. Zij noemt het systeem van loten in dit verband. Zij merkt op dat uit het rapport blijkt dat veel onduidelijkheid bestaat over de daadwerkelijke invloed die inwoners hebben tijdens participatietrajecten. Het voorstel is om voor elk participatietraject een Participatieplan op te stellen. Zij vraagt de wethouder toe te lichten hoe dit verschilt van de huidige situatie en op welke manier dit concreet bijdraagt aan het managen van verwachtingspatronen.
Het rapport stelt voor om in de toekomst meer in te zetten op een combinatie van fysieke en online bijeenkomsten. Een hulpmiddel daarbij is het gebruik van appicipatie. Daarmee kunnen Utrechters gemakkelijk stemmen over voorstellen, kunnen ze ideeën indienen over hun wijk of buurt en kunnen ze ook deelnemen aan participatietrajecten, ook kunnen zij stemmen op polls waarin met één klik is aan te geven welk bestemmingsplan iemand wil, of welke speeltuin iemand naast zijn huis wil. Zij verzoekt de wethouder instrumenten te zoeken. Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt of mevrouw Kendir vooral het bestaande promoot of bedoelt zij dat er iets anders zou moeten komen. Mevrouw Kendir (Student & Starter) is voorstander van DenkMee, maar zij ziet wel nog onbenutte kansen. Zij refereert aan het rapport van de Rekenkamer en vraagt de wethouder naar die onbenutte kansen te kijken. Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt of mevrouw Kendir iets extra's erbij wil of het beter benutten van DenkMee en dat versterken. Mevrouw Kendir (Student & Starter) antwoordt dat het haar gaat om het versterken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat de uitkomsten van een Burgerberaad zich goed lenen om voor te leggen in een referendum en dat dat een enorme winst oplevert. Hij vraagt of Student & Starter daarin mee wil denken. Mevrouw Kendir (Student & Starter) is daarvan minder voorstander.
Bij een referendum is de uitkomst zwart-wit, terwijl bij een Burgerberaad te spreken is over complexe onderwerpen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) doet de suggestie kennis te nemen van internationale voorbeelden waarbij de combinatie referendum en Burgerberaad goed heeft uitgepakt. Mevrouw Kendir (Student & Starter) kent goede voorbeelden uit het buitenland waarbij een Burgerberaad een goed instrument is. Zij houdt vast aan haar voorkeur boven een referendum. Zij verschilt van mening met EenUtrecht. De heer Maas (VOLT) dankt de Rekenkamer voor zijn rapport: helder in de conclusies en aanbevelingen. Wat zijn fractie betreft neemt het college die onverkort over. Pagina 13 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
640
650
660
670
De reactie van het college is wat zijn fractie betreft onnodig defensief op sommige punten. Hij begrijpt dat niet helemaal; iedereen is erop gericht om de participatie in Utrecht te verbeteren. Hij sluit zich graag aan bij de Rekenkamer op het gebied van het maken van doelen voordat er een Participatieplan gemaakt wordt. Wellicht zijn dan vormen van participatie te kiezen die passen bij zaken als inclusiviteit, doelgroepaanpak, et cetera. Mogelijk wordt het dan ook beter om bij de smart geformuleerde doelstellingen evaluatieinstrumenten te kiezen die passen en die informatie opleveren. Hij verneemt graag van de wethouder hoe zij dit ziet en hoe dit als stadsbestuur is vorm te geven. Zijn fractie kan met dit rapport van de Rekenkamer verder. Naar hij hoopt ziet de wethouder dat ook. In de raadsbrief Samen Stad Maken wordt aangegeven dat het college wil luisteren en ontwikkelen. In het te ontwikkelen kompas moeten de richting en de invulling van participatie worden aangegeven. Wat zijn fractie betreft moet het doel duidelijk worden van een dergelijk participatietraject. Hij somt de volgende mogelijke trajecten op: Trajecten die zelfstandig door bewoners ingevuld worden en waarvoor een budget beschikbaar is. Trajecten die samen uitgevoerd worden met bewoners en de gemeente.
Op initiatief van bewoners organiseert de gemeente een traject om samen tot een oplossing voor een geconstateerd probleem te komen. Daarna neemt de raad een besluit. Trajecten waarmee de gemeente samen met bewoners een probleem wil oplossen; het initiatief ligt dan bij de gemeente. De raad neemt een besluit na de bewoners goed gehoord te hebben. Vooraf wordt gecommuniceerd wat hier in het speelveld is. Trajecten waarmee de gemeente besluit zonder participatie van bewoners. Uit deze opsomming zou kunnen voortkomen welk participatietraject wanneer wordt ingezet. Hij ziet graag dat de wethouder daarop een voorschot neemt in haar kompas en dit soort trajecten opneemt als richtingen voor doelstellingen. Daarnaast ziet zijn fractie graag instrumenten ontwikkeld worden waarin de participatie te beoordelen is op zijn bedoeling. Hij mist een visie hierop. Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen die visie te ontwikkelen. Als het gaat om prioriteiten is VOLT er voorstander van om een kader te ontwikkelen om over zaken als doelstellingen, ontwerptrajecten eerst duidelijk te besluiten. Dat heeft prioriteit voor zijn fractie. Pas daarna zijn besluiten te nemen over wat precies wanneer en waarom te kunnen gaan doen. Hij wil voorkomen dat veel instrumenten ontstaan met weinig concrete doelen. Allerlei instrumenten worden nog niet benoemd.
Zijn fractie wil die graag een plek geven en denkt daar graag over mee. Als het gaat om het vervolg maakt zijn fractie zich zorgen. De vraag is of de inclusiviteit in een dergelijk proces gebaat is bij het betrekken van bewoners. Dan gaat het altijd om de gebruikelijke altijd al betrokken bewoners. Hij stelt voor een groep ambtenaren te vormen die de vele internationale voorbeelden uitwerkt en te komen tot een goed voorstel na het raadplegen van een aantal experts. Daarna kan dat met de bewoners gedeeld worden en kan de raad ook daarop reflectie krijgen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) begrijpt dat de heer Maas doelt op de Reflectiegroep. Hij vraagt of VOLT met hem deelt dat de bewoners zich richten op het proces. Dan is
Pagina 14 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
680
690
700
710
hij voor er voorstander van een aantal enthousiaste bewoners mee te nemen in een dergeljke groep. Hij refereert hierbij aan de adviescommissie Controle en Financiën. De heer Maas (VOLT) vindt dat op zich een goed idee. Hij waakt er voor alle bewoners te betrekken van de stad; hij adviseert het college alle groepen bewoners te betrekken en niet alleen die enkele groepen die heel graag mee willen denken en dat ook doen. Die komt het stadsbestuur te spreken. Het stadsbestuur zal later die trajecten delen. Hij stelt voor heel actief op zoek te gaan naar mensen die het stadsbestuur kunnen helpen of nu niet op zoek te gaan en dat later te doen en het dan beter uitvoeren. De heer Dijkstra (EenUtrecht) is het daarmee eens. Hij legt de vraag voor aan welke soort eigenaarschap behoefte is in de stad. Dat is zelfs te organiseren in een burgerberaadachtige setting. Een dergelijke reflectiegroep is puur procesmatig. Komt dat in de richting van de wensen van de fractie van VOLT. De heer Maas (VOLT) is voorstander van het ophalen van informatie uit de stad. Wat hem betreft maakt het stadsbestuur eerst een goed plan voordat gesproken gaat worden met een reflectiegroep. Dan is het gesprek te voeren over dat plan met bewoners. De heer Dekkers (GroenLinks) is heel blij met de suggestie van de reflectiegroep.
Hij vraagt waar VOLT de tegenstelling vandaan haalt tussen inclusiviteit, meer mensen betrekken en in een reflectie groep de mensen die actief zijn in comité’s en in organisaties. Juist die mensen vormen de brug naar de overige mensen die het stadsbestuur wil bereiken. De heer Maas (VOLT) noemt de wijken waar de groepen niet bereikt worden. Hij heeft geen probleem met de wijken waar het goed functioneert. De heer Dekkers (GroenLinks) stelt voor een groep als wijkplatform Overvecht te benutten om de representativiteit te vergroten. Hij vraagt hoe de heer Maas daarover denkt. De heer Maas (VOLT) bevestigt dat het zonde zou zijn wanneer die en dergelijke mogelijkheden niet worden benut. Hij houdt vast aan het maken van plannen in eerste aanleg. De heer Van Steeg (CDA) vraagt waarvoor dat plan bedoeld is: om te voorkomen dat steeds dezelfde mensen meedoen met de participatie? Of zoekt de heer Maas naar vooral een brede groep om dan gezamenlijk tot een plan te komen. Dat laatste heeft de voorkeur van hem. Welke keuze maakt VOLT hierin? De heer Maas (VOLT) zoekt naar een brede groep met experts daaraan toegevoegd om het dan aan de stad voor te leggen. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt over de reflectiegroep of VOLT van mening is dat de raadsleden in de reflectiegroep zouden moeten. De heer Maas (VOLT) vindt dat geen goed idee.
De controlerende taak van de raad zou wel erg ingewikkeld worden.
720
Mevrouw Van der Wilt (D66) bedankt de Rekenkamer voor tijd en energie voor het uitvoeren en opstellen van het advies. Zij focust in haar bijdrage op het college. Wat haar betreft is de Rekenkamer helder over waar het beter kan en moet in Utrecht. De intenties in de beleidsambities zijn mooi, maar de uitvoering hapert. Het wordt onvoldoende duidelijk voor inwoners welke de kaders precies zijn wanneer zij participeren en wat met hun inzicht wordt gedaan en wat niet en welke afwegingen daarbij gemaakt zijn. Die onduidelijkheid heerst niet alleen bij de inwoners maar ook
Pagina 15 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
730
740
750
760
770
regelmatig in deze raad: vaak krijgt de raad onvoldoende terug welke afwegingen gemaakt zijn. Zij vindt het zonde vanwege alle uren die hierin zijn gaan zitten. Wat haar betreft is het geen verloren zaak. Het college wil de aanbevelingen van de Rekenkamer overnemen. Haars inziens heeft het college voldoende tips en aanknopingspunten meegekregen en is het nu vooral tijd voor actie en het goed opvolgen en implementeren van bestaand beleid. Zij sluit zich aan bij de woorden die hierover eerder zijn gesproken vanavond. Zij zal in haar betoog oproepen tot hygiëne, degelijkheid, en investeren in vooral mensen en in contact tussen de ambtenaar en de stad. Wat haar betreft is de stad niet gebaat bij meer regels en processen. De stad is gebaat bij het helder communiceren en het uitvoeren van Samen Stad Maken. Dat is ook tot stand gekomen met heel veel inwoners daarbij betrokken. Het college zegt daarover zelf dat op basis van alle onderzoeken en evaluaties ervan overtuigd te zijn dat meer participatie niet de oplossing is, maar wel vooral bij meer helderheid en de goede uitvoering, zo leest mevrouw Van der Wilt dit stuk. Daarover is zij het eens met het college. Haar fractie gelooft in het voeren van het goede gesprek in participatieprocessen. Zij geeft graag iets mee aan het college in drie punten: Zij vindt het goed dat de gemeente inzet op het keuzekompas.
Het is belangrijk dat dit voor inwoners en de raad helder is en wordt. Zij waarschuwt ervoor niet een heel circus op te tuigen. Zij adviseert het college de suggesties erbij te pakken en de leidraad die er is. Kijk vooral naar onduidelijkheden en daar waar er botsingen zijn. Zij noemt in dit verband de inclusie en de vraag over hoe de verschillende groepen en de verschillende belangen te bereiken in het participatieproces en hoe krijgt de gemeente die verschillende groepen bij elkaar aan tafel. Zij sluit zich in dat opzicht aan bij de woorden van mevrouw Kendir. Zij ziet graag dat de wethouder toezegt dit expliciet mee te nemen in dit kader of in dit keuzecompas. Belangrijker is dat het stadsbestuur iets doet met datgene wat op schrift staat; ook de raad zal zich hieraan moeten houden. Het belangrijkste punt dat de Rekenkamer maakt is dat er wel beleid is, maar dat het uitgevoerd moet worden; dat schaart mevrouw Van der Wilt onder hygiëne. Mevrouw Van der Wilt pleit ervoor om in ieder beleid stuk dat de raad ontvangt expliciet te maken en vastgesteld zodat iedereen weet hoe het stadsbestuur het gaat doen en wat de raad mag terug verwachten in het uiteindelijke stuk. Daardoor zorgt het stadsbestuur ervoor dat zowel voor inwoners als voor ambtenaren als voor raadsleden het niveau van participatie bekend is waarop dan ook is terug te vallen.
Zij vraagt of de wethouder wil en kan toezeggen vooral hierop te focussen in de uitwerking van het Keuzecompas en als minimale uitgangspunt ervoor te zorgen dat in ieder geval voldaan wordt aan de verordening. De heer Maas (VOLT) vraagt hoe het stadsbestuur straks weet dat het goede gekozen is. Hoe ziet D66 dat voor zich? Mevrouw Van der Wilt (D66) merkt op dat dit een vereiste is uitgaande van de participatieverordening dat dit in ieder plan wordt opgenomen en dat de raad daarmee instemt. Dan is het ook een politiek vraagstuk of de participatie vergaand genoeg is of niet. Dat moet wat haar betreft vooraf helder zijn. Dat moet ook vastgesteld worden door de meerderheid zodat tussentijds daarover geen discussie komt. De heer Maas (VOLT) begrijpt hieruit dat wanneer de raad een voorstel krijgt, dat daar een doelstelling bij zit, waaruit bijna automatisch volgt wanneer de doelstelling Pagina 16 van 31
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2023
780
790
800
810
820
aldus vertaald wordt, dat direct gevolgen heeft voor de manier waarop de bewoners uitgenodigd worden te participeren. De heer Maas ziet mevrouw Van der Wilt nonverbaal bevestigen dat dit juist is. Mevrouw Van der Wilt (D66) stipt haar tweede punt aan: de mensen; wat D66 betreft mag meer geïnvesteerd worden in participatievakmanschap. In zowel de analyse van de Rekenkamer als de eigen analyse van de gemeente komt duidelijk naar voren hoe belangrijk het rechtstreekse gesprek tussen inwoners en ambtenaren is. Zij leest ook dat ambtenaren sommige gesprekken niet meer zien zitten omdat de discussies te hoog oplopen en dat het voor hen niet meer veilig voelt. Goede participatie valt of staat wat haar betreft ook met mensen die het proces kunnen begeleiden, durven te begeleiden en ook hun vaardigheden daarin trainen. Dat kost investeren in personeel en dat heeft een visie nodig. Wat haar betreft zet het stadsbestuur veel meer in op participatievakmanschap en ook op de visie hoe dat te organiseren. Het maakt niet uit langs welke weg dit verloopt: inhoudelijke vakafdelingen of een speciaal team. Zij geeft de voorkeur aan de versterking van het vakmanschap in de eigen organisatie. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vindt dit een belangrijk punt.
Hij vraagt of D66 ook ziet dat de versterking van het vakmanschap aan de kant van de ambtenaar niet voldoende zal zijn, omdat die participatiemedewerker mogelijk geen ruimte heeft in het traject van de gemeente; ook in het rekenkamerrapport leest hij dat bewoners vaak ervaren dat de ambtenaren met wie ze te maken hebben, het belang van de projectontwikkelaar vooral dienen. Hun boosheid komt vooral ook doordat de inwoners niet zien dat wordt nagegaan hoe de positie van de inwoners te steunen is. Het gaat zijns inziens ook om de versterking van de positie van de medewerkers. Mevrouw Van der Wilt (D66) ziet dat zeker. Daarom betrof haar eerste punt de kaders. De ambtenaren voeren de opdracht van de raad uit. Daarmee zijn de ambtenaren te helpen om te beseffen waarvoor ze aan de lat staan. Voor de ambtenaar is het lastig dat de raad soms tegenstrijdige signalen geeft of tijdens een proces andere verwachtingen ontwikkelt. Dat vraagt scherpte bij zowel het college als bij de raad om toestemming te geven dit zo te gaan doen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) begrijpt dat D66 dit ziet. Hij vraagt of het sterker maken van de positie een expliciet doel is dat moet worden meegenomen. Mevrouw Van der Wilt (D66) antwoordt dat het stadsbestuur de baas is. De raad zal ervoor moeten zorgen dat de kaders die de ambtenaar meegeeft, duidelijk en helder moeten zijn.
Wanneer dat niet het geval is, gebeurt er iets in de raad en dan is de ambtenaar zeker van het college om het scherper te krijgen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) doet de suggestie de ambtenaar de ruimte te geven om op te komen voor het borgen van goede participatie van de bewoners; dat dat het eerste belang is. Dat in elk traject er iemand moet zijn die dat borgt vanuit de gemeente. Mevrouw Van der Wilt (D66) beaamt dat dat belangrijk is. Zij verwoordde dat met vakmanschap. Misschien wordt vooral gekeken naar de inhoudelijke kennis van ambtenaren. Er zal zeker voor dat deel aandacht moeten zijn. De heer Van Steeg (CDA) hoort mevrouw Van der Wilt spreken over investeren in vakmanschap. Hij vindt dat belangrijk maar hij legt de vraag voor of het ook te maken heeft met kennis van wat er in de wijk speelt. Het gaat ook om mensenwerk. Hij legt de vraag voor of dit bij participatie het eerste uitgangspunt zou moeten zijn. Mevrouw Van der Wilt (D66) vindt dat zeker belangrijk. Dat is het eerste wat de ambtenaar verbindt met de stad. Maar dat is niet per se wat de participatie het beste Pagina 17 van 31