ConceptverslagCommissieVBF2023-02-23.doc
Tekst van het document
Mevrouw Oui Fakir (Bij1) merkt op dat groepen onder het Bollendak met elkaar worden vergeleken. De leefwereld van deze groepen is niet hetzelfde, dus ook kansen, de opvang en hun rechten. Zij vraagt of het CDA bereid is ook daar naar te kijken en dat mee te nemen in de overwegingen over de aanpak. Zij noemt zorg cruciaal in dat verband en ziet dat nu als een gebrek. De heer Van Steeg (CDA) probeert juist de verschillende groepen niet met elkaar te vergelijken. Verschillende groepen vragen om verschillende aanpak. Er is een landelijke aanpak als het gaat om arbeidsmigranten. Als het gaat om overlastgevende asielzoekers is er een afzonderlijke landelijke aanpak. Als het gaat om drugsverslaafden is er vooral een lokale aanpak. Dat moet wat hem betreft bij elkaar komen. Juist alle mensen die daarop actief zijn en die die groepen kennen, moeten elk van elkaar weten wat ze doen. In die zin hebben ze met elkaar te maken. Hij benadrukt het belang dat hij ziet in de landelijke aanpak. Pagina 34 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
1660
1670
1680
1690
1700
Mevrouw Oui Fakir (Bij1) noemt de geshockeerde aanwezige raadsleden van de plannen en de uitspraken die de heer Loef deed in de Raadsinformatiebijeenkomst . Zij ziet dat het CDA diezelfde mening niet deelt; zij vond dat de menselijkheid ontbrak. Zij vraagt hoe het CDA dat ziet. De heer Van Steeg (CDA) deelt mee dat de toon hem niet beviel. De lakmoesproef was het antwoord op de vraag of dit binnen de wet past. Winkeliers hebben dagelijks last van deze groeperingen onder het Bollendak. De aanpak moet wat hem betreft binnen de wet. Mevrouw Fattal (GroenLinks) kan niet anders constateren dat het CDA vindt dat zorg een belangrijk onderdeel is van de aanpak op veiligheid. Dan maakt het wat haar betreft niet meer uit of iemand de juiste papieren heeft. Zij vraagt of het mogelijk veel effectiever is wanneer ook degenen die er geen recht op hebben, zorg geboden wordt. Zij ziet in dat anders het probleem blijft bestaan. De heer Van Steeg (CDA) meent dat te hebben gezegd. Hij kan dat niet los zien van de landelijke aanpak. Als er mensen zijn onder het Bollendak die onder de landelijke aanpak vallen en ook zorg nodig hebben, moet zijns inziens die zorg er zijn. Ook hij gelooft dat een menselijke benadering tot betere resultaten leidt. Hij vindt dat het stadsbestuur niet net moet doen alsof die repressieve landelijke aanpak niet nodig is. Hij benadrukt de noodzaak daarvan.
Het CDA is blij met de analyse en de aanbevelingen van bureau Beke. De aanbevelingen bieden wat zijn fractie betreft belangrijke bouwstenen voor een succesvolle aanpak op langere termijn. In het rapport staat ook dat de Top-X-aanpak moet worden versterkt. Hij heeft uit verschillende kanten gehoord dat er capaciteits- en mogelijk ook financiële problemen zijn. Hij vraagt de burgemeester of daar mogelijkheden zijn om dat te doen met de landelijke coördinator om de Top-X-aanpak verder uit te breiden. Het college heeft tijdelijk de mogelijkheid om rond het Centraal station verblijfsontzeggingen uit te vaardigen. Te zien is dat de overlast zich uitbreidt naar andere locaties. Hij vraagt of de mogelijkheid bestaat om het gebied voor verblijfsontzeggingen uit te breiden. Bijvoorbeeld ook naar onder andere Lombok en de Timorkade. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of het CDA dan géén waterbed effect vreest. Waar eindigen de verblijfsontzeggingen? De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat er al sprake is van een waterbed effect. Dit helpt aan de andere kant ook om mensen duidelijk te maken dat ze in Utrecht niet moeten zijn. Beide is waar maar hij vindt dat dat niet de reden moet zijn om het niet te doen. Hij vervolgt zijn inbreng met in te gaan op het belang van samenwerking met de zorg.
Juist professionals moeten van elkaar weten welke groepen er rondlopen en kennis moeten hebben van de groepen die er zijn en dat met elkaar moeten delen. Daarom was de heer Van Steeg blij met het werkbezoek en de manier waarop daar informatie werd gedeeld. Hij heeft ook minder goede ervaringen zoals met de bed-bad-broodregelingen waarbij instanties langs elkaar heen werkten en dat er andere agenda’s waren. Hij verneemt graag van de burgemeester hoe dat bij elkaar te houden en dat de professionaliteit van die medewerkers centraal blijft staan. Ten slotte gaat hij in op de oplopende aantallen zakkenrollen en winkeldiefstallen; dat is een enorm probleem vooral voor de ondernemers in dat gebied. Is in dat opzicht nog iets extra's te doen, door middel van beveiliging, met bijvoorbeeld een collectieve regeling met het delen van informatie om ook hen het gevoel te geven dat de aanpak er ook is voor hen en dat zij op een veilige manier hun werk kunnen doen. Pagina 35 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
1710
1720
1730
1740
1750
Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt het goed dat vandaag het gesprek gevoerd wordt met de burgemeester en de wethouder MO. De PvdA heeft dit bewust geagendeerd op Zorg én Veiligheid. Dat was ook de insteek van de Raadsinformatiebijeenkomst en de insteek van het werkbezoek. Dat moet wat haar fractie betreft de centrale basis zijn. Zij vindt dat ze dat nog te weinig terughoort. In de afgelopen maanden lag de nadruk te zeer op repressie. Utrecht is trots op de Utrechtse aanpak en de PvdA wil dat graag zo houden. Wat haar fractie betreft is de humane ondergrens met slapen op het Smakkelaarsveld gepasseerd. Wanneer het stadsbestuur dit soort excessen wil oplossen, kan het bestuur mensen niet blijven opjagen. Dan is zorg en aandacht nodig en vooral voor individuen. Zij vindt dat vooral gekeken moet worden naar personen en niet naar groepen. De zorgverleners hebben dat ook gezegd in de Raadsinformatiebijeenkomst. Tijdens de Raadsinformatiebijeenkomst bleek dat bureau-Beke niet gesproken heeft met de personen om wie het gaat. Zij vraagt hoe dit alsnog in beeld te krijgen. Ze krijgt hierop graag de reactie van de burgemeester. Tijdens het werkbezoek zag zij dat een lange adem nodig is voor een persoons gerichte aanpak. (PGA). Zij vraagt of voor de EU-migranten een pilot of een PGAaanpak in het verschiet ligt met het voorliggende plan.
Datzelfde geldt wat haar betreft voor ook de ongedocumenteerden. Zij ziet in Lombok en hoort daarover ook praten op het schoolplein dat een waterbedeffect optreedt waaruit zij afleidt dat repressie niet de juiste maatregel is. Een gebiedsontzegging is voor haar geen juiste oplossing. Zij legt de vraag voor of het wellicht logischer is om stadsbreed te kijken; de problematiek speelt op meerdere plekken: zij noemt het Hieronymusplantsoen, Lucas bolwerk, Mineurslaan. Zij vindt haar ervaring in de Raadsinformatiebijeenkomst verschrikkelijk met de nationaal coördinator overlast. Een dergelijk pilot zou zij niet willen hebben in Utrecht; de PvdA neemt daarvan met klem afstand. Zij hoopt dat het college dat deelt. Zij vraagt of het college wil lobbyen voor meer zorg op landelijk niveau. Wat haar betreft moet er een landelijk coördinator Zorg komen en niet alleen de coördinator overlast. De heer Van Steeg (CDA) vraagt hoe de repressieve aanpak er moet uitzien volgens de PvdA. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt dat de verkeerde aanname. Het kan niet alleen een repressieve aanpak zijn. Het moet wat haar betreft een aanpak zijn van Veiligheid en Zorg. Zij ziet alleen in die combi een structurele oplossing. De heer Van Steeg (CDA) is het daarmee eens. Hij vraagt wederom hoe de repressie die erbij hoort, er uitziet.
Mevrouw Raaijmakers (PvdA) herhaalt haar inbreng over de repressie die in de afgelopen maanden de nadruk kreeg. Om grenzen te accepteren is perspectief nodig. Daarom heeft zij in haar inbreng de nadruk gelegd op perspectief. Zij verneemt ook positieve ervaringen van de professionals die aandacht krijgen ook om hun werk goed te kunnen doen. Het gemeentebestuur heeft de repressie al ingezet; zij zou die repressie niet méér willen. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat dat niet helemaal waar is; als het gaat om de overlastgevende asielzoekers heeft de gemeente Utrecht nog geen repressieve aanpak. Hij herhaalt zijn standpunt met betrekking tot de aanpak die nodig is om tot
Pagina 36 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
1760
1770
1780
1790
1800
een structurele oplossing te komen. Hij vraagt of mevrouw Raaijmakers het daarmee eens is. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) zet uiteen dat dan het stadsbestuur op de landelijke discussie komt. Dan staan PvdA en het CDA daar anders in. Zij spreekt juist vanuit het lokale. Zij zou hier in het lokale een lichtend voorbeeld willen zijn voor het land. Mevrouw Meerding (VVD) vindt de vraag van de heer Van Steeg relevant. Zij merkte dat daarop geen antwoord kwam. De PvdA zegt iets te willen doen aan repressie. De PvdA zegt dat wat tot op heden gedaan is okay is, maar wil niet méér. Zij vraagt of dat betekent dat de aanpak van de overlastgevende asielzoekers niet mogelijk is volgens de PvdA. Ook de VVD ziet repressie als een sluitstuk. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) zet uiteen dat wanneer het stadsbestuur echt aan een oplossing wil werken, bijvoorbeeld terugkeer, zij benadrukt dat terugkeer niet mogelijk is vanaf de straat. Dan zal eerst geïnvesteerd moeten worden in zorg en stabiliteit en in wat iemand beweegt. Daarna is het pas mogelijk iemand tot terugkeer te bewegen. Dat lukt niet bij wijze van spreken met de knuppel vanaf de straat. Zij benadrukt dat een oplossing alleen mogelijk is in een combinatie. Mevrouw Meerding (VVD) hoort mevrouw Raaijmaker alleen spreken over zorg wanneer zij zegt dat het alleen mogelijk is in een combinatie.
Wat is dan die combinatie? Mevrouw Raaijmakers (PvdA) stelt dat het haar duidelijk is dat de VVD en de PvdA van mening verschillen op dit punt. Het gaat om zorg en veiligheid samen. Grenzen stellen en perspectief bieden. Tot slot spreekt zij haar dank uit aan alle professionals. Zij schetst de ervaringen die zij heeft opgedaan dicht bij de praktijk van het werk. Mevrouw Meerding (VVD) noemt overlast, intimidatie, diefstal en soms zelfs steekpartijen die in de afgelopen zomer eerder regel waren dan uitzondering onder het Bollendak bij Utrecht Centraal. In september vroeg de VVD samen met het CDA aandacht voor de situatie op deze locatie. In diezelfde week zijn door de burgemeester acties aangekondigd, naast de tijdelijke extra inzet van politie, toezicht en handhaving het inzetten van gebiedsverboden en het werken met een persoonsgerichte aanpak en een aangewezen verblijfsontzeggingsgebied. Mevrouw Meerding merkt op dat die maatregelen succes hadden. Het werd rustiger onder het Bollendak. Tegelijkertijd is te zien dat het probleem niet volledig is opgelost. Dat blijkt ook uit de analyse van bureau-Beke. Een deel van de overlast bleef en verplaatste zich naar bijvoorbeeld de Timorkade in Lombok. Ook spelen er andere achterliggende problemen die niet zomaar zijn opgelost. Bijvoorbeeld waar het gaat om overlastgevende asielzoekers en overlast van dak- en thuislozen.
Mevrouw Oui Fakir (Bij1) vraagt hoe zij “succesvol” moet opvatten nu er sprake is van een waterbedeffect. Wat haar betreft is het probleem niet opgelost maar verplaatst. Mevrouw Meerding (VVD) licht toe dat het waterbed effect niet volledig is. Een deel van de overlast is wel degelijk weg uit Utrecht en een deel van de overlast is verplaatst. Onder het Bollendak zelf is het nu rustger. Zij ziet dat als een positief effect. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) vraagt of de VVD dit ziet als een aanpak die steeds weer opnieuw over de stad moet worden uitgerold naar elke plek waarheen de mensen zich verplaatsen. Dat laat zien dat het geen structurele oplossing is. Mevrouw Meerding (VVD) was het bruggetje aan het maken naar structurele oplossingen. Zij benadrukt te vrezen niet te ontkomen aan af en toe gerichte acties Pagina 37 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
1810
1820
1830
1840
1850
wanneer er weer een hotspot opduikt. Wat haar betreft komen de agenten daar om het signaal af te geven. Utrecht handhaaft wat haar betreft op overlastsituaties. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met in te gaan op de overlast die wordt ervaren van asielzoekers en dak- en thuislozen. Daarnaast is te zien dat dak en thuislozen zich genoodzaakt zien in het Stationsgebied om buiten de te overnachten onder slechte omstandigheden. In de analyse worden daarvoor lange termijnoplossingen genoemd. Zij noemt die ter bespreking: (1) de overlast gevende asielzoekers. Daarbij gaat het vooral om asielzoekers uit veilige landen die overlast veroorzaken, maar die lastig zijn aan te pakken omdat ze moeilijk zijn te identificeren en geen vaste verblijfplaats hebben. Dat is niet alleen in Utrecht een probleem maar ook landelijk. Het raakt ook zeker aan landelijk beleid. Wat de VVD betreft is actie hierop en samenwerking met het landelijk bestuur vereist. Bureau Beke heeft in de analyse verbeterkansen in beeld gebracht voor de samenwerking tussen landelijk en lokaal en voor de aanpak van overlast en criminaliteit van asielzoekers. De gewenste oplossingen die door frontliners zoals de politie worden genoemd zijn selectie aan de poort in Ter Apel en Budel, gericht hangen aan de Top X, strenger handhaven, afspraken asielprocedure en Europese samenwerking.
Daarnaast geeft de landelijke coördinator ook een aanpak mee, waarbij wordt gerefereerd aan aanhouding als momentum en de procesoptimalisatie. Ook de VVD was niet blij met de woordkeus van de landelijk coördinator in de Raadsinformatiebijeenkomst. De acties zoals die opgenomen zijn in de raadsbrief en zoals in de analyse kan de VVD onderschrijven. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) merkt op dat de oplossingen die Beke geeft allemaal repressief zijn. Hoe ziet de VVD de zorgkant; wat wil de VVD daarin implementeren? Mevrouw Meerding (VVD) refereert aan de antwoorden van de heer Van Steeg. Zij ziet de zorgkant als lokaal geregeld. In de raadsbrief wordt daaraan ook aandacht besteed: een Utrechtse aanpak waarbij zorg en repressie hand in hand gaan. Zij kan zich daarin vinden. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) merkt op dat de zorg en begeleiding voor de verschillende groepen die als overlastgevenden worden bestempeld van mensen die zich onder het Bollendak begeven, voor ongedocumenteerden heel weinig is en dat dat eigenlijk ook kan worden gezien als een van de oorzaken van de criminaliteit; ze worden overal weggestuurd en ze maken nergens aanspraak of kans op. Zij vraagt of de VVD vindt dat ook die groep de juiste zorg en begeleiding moet krijgen zonder daarbij te denken aan rechthebbenden en niet-recht hebbenden.
Mevrouw Meerding (VVD) maakt een onderscheid tussen rechthebbenden en niet rechthebbenden. De groep ongedocumenteerden is daarin een speciale groep. Zij begrijpt het probleem dat daarmee speelt. Dat probleem heeft Bij1 ook vaak aangekaart. Tegelijkertijd speelt voor de VVD het uitgangspunt dat deze mensen niet voor niets onder de groep ongedocumenteerden vallen. Het gaat om mensen die geen verblijfsstatus in Nederland hebben, die in principe niet het recht hebben om hier te zijn. De VVD wil de deur wel op een kier zetten om na te gaan of Utrecht deze mensen eventueel kortdurend kan opvangen zo dat ze niet op straat hoeven te slapen, maar dan wel echt met uitzicht op terugkeer naar het eigen land. De VVD zou geen langdurige opvang voor deze groep willen aanbieden omdat ze niet rechthebbend zijn en de kosten hoog zullen zijn voor de gemeente. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) concludeert daaruit dat mensen alleen gezien worden als financiële kans terwijl deze mensen hier naar toe zijn gekomen om te werken. Ze krijgen daarvoor geen kans. Zij mist de menselijke kijk. Pagina 38 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
1860
1870
1880
1890
1900
Mevrouw Meerding (VVD) maakt een groot onderscheid tussen ongedocumenteerden en mensen met wel een verblijfsstatus. Utrecht kan iedereen opvangen die geen recht hebben om hier een Nederland te zijn, die wel een asielprocedure hebben doorlopen maar waarin is bepaald dat volgens de Nederlandse wetten zij het recht niet hebben om in Nederland te verblijven. De VVD vindt dat een stap te ver gaan. De regels en de procedures zijn er niet voor niets. Om die reden vindt zij dat de gemeente Utrecht deze mensen moet aansporen terug te keren. Mevrouw Fattal (GroenLinks) hoort de VVD meerdere keren zeggen dat gekeken moet worden naar het landelijke om het probleem op te lossen. Zij merkt op dat het vaak moeilijk lukt. Ook daar zijn capaciteitsproblemen. Zij legt de vraag voor aan de VVD of de fractie met haar van mening is dat gewoon zorg geboden moet worden ook aan de mensen die geen recht hebben in Utrecht; dit om het probleem op te lossen. Mevrouw Meerding (VVD) herhaalt haar standpunt. Voor eventueel asiel en opvang zijn hele goede regels en processen in Nederland. Die regels zijn er niet voor niets. Die regels zouden niets waard zijn wanneer gezegd zou worden ze wel op te vangen. Zij concludeert daaruit dat ze terug moeten naar hun eigen land.
Mevrouw Fattal (GroenLinks) begrijpt dat Utrecht blijft wachten op het landelijke ook wanneer het landelijke niets doet en dat Utrecht maar accepteert dat hier overlast plaatsvindt, ook door mensen die geen recht hebben op een verblijfsvergunning. Mevrouw Meerding (VVD) brengt in dat de overlast op meerdere manieren is tegen te gaan. Haar fractie wil daar zeker ook iets aan doen. Daarnaast heeft zij aan de zorgkant de deur op een kier gezet in haar antwoord aan Bij1. Zij refereert daaraan. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) vraagt of de VVD het eens is met haar fractie dat voorkomen beter is dan genezen en dat daardoor ook kosten te besparen zijn doordat de problemen dan niet optreden. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat dat gedeeltelijk geldt, vooral als het gaat om kortdurende opvang. Dit argument gaat niet op wanneer mensen langdurig worden opgevangen. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) spreekt niet zozeer over de opvang; zij spreekt over alle groepen wanneer zij stelt dat de inzet op preventie kosten kan voorkomen. Mevrouw Meerding (VVD) is het daarover eens met mevrouw Dada-Anthonij. Ook de VVD wil op die combinatie inzetten. De voorzitter doet gezien het tijdsverloop een beroep op de commissie na te gaan of de interrupties echt nodig zijn, het kort te houden en te proberen aan te sluiten.
Mevrouw Meerding (VVD) vervolgt haar inbreng met de constatering dat het teveel tijd kost om alle oplossingen uitgebreid te gaan bespreken. De oplossingen die zij heeft genoemd, klinken in de oren van de VVD goed. Het is haar niet helemaal duidelijk wat de burgemeester en het college hierop voorstellen in de raadsbrief. Wanneer zij de raadsbrief goed leest, worden de aanbevelingen van de landelijke coördinator overgenomen, zij het dan met een Utrechtse aanpak. Zij vraagt wat dan gebeurt met de aanbevelingen vanuit de frontliners. Zij vraagt de reactie van het college daarop. Zij gaat vervolgens in op de dak- en thuislozen. Het is belangrijk bij deze groep in te zetten op een combinatie van zorg en veiligheid. Aan hen wordt zorg en opvang aangeboden. Ook worden gebruikersruimten ter beschikking gesteld. Dat is nu al het geval en zij vindt het belangrijk dat het zo blijft en eventueel waar nodig verbetert. Daarnaast moet ook ingezet worden op veiligheid en de VVD vindt het verbod op openlijk harddrugsgebruik interessant. In de analyse wordt nog niet ingegaan op de Pagina 39 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
voor- en nadelen daarvan en ook niet op de handhaafbaarheid. Haar fractie is heel benieuwd wat uit dat onderzoek komt. Bij dezen vraagt zij de burgemeester dit meer toe te lichten. Wat de VVD betreft is het ontzettend belangrijk dat de overlast onder het Bollendak wordt aangepakt, zowel de echte achterliggende problemen als de problemen in het dagelijks leven; het moet wat haar betreft een combinatie zijn van zorg en repressie. De VVD hoopt dat het Bollendak een voorbeeld is voor Utrecht breder gezien. 1910
1920
1930
1940
Mevrouw Dada-Anthonij (D66) hield een zorgelijke en zeer nare nasmaak over aan de Raadsinformatiebijeenkomst met de landelijk coördinator. Zij was gelukkig met het werkbezoek waaruit bleek dat in Utrecht wel degelijk anders en op een meer menselijke manier gekeken wordt naar de aanpak van de problemen onder het Bollendak. Wat haar fractie betreft is een menselijke benadering geen wens, maar een harde eis. Zoals gezegd door de burgemeester blijft de Utrechtse aanpak het uitgangspunt voor de nieuwe aanpak. In haar ogen is voorkomen beter dan genezen. Dat betekent dat preventie van problemen het uitgangspunt moet zijn en repressie echt alleen toegepast wanneer noodzakelijk. De heer Van Steeg (CDA) vraagt wat mevrouw Dada-Anthonij vindt van dat repressie een deel van de aanpak is. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) bevestigt dat er de problemen zijn onder het Bollendak. Ook is helder dat die problemen opgelost moeten worden. Zij proefde in de aanpak van de landelijke coördinator een zeer onmenselijke benadering. Zij kan daarin op geen enkele wijze meegaan. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of D66 die aanpak niet nodig heeft en het zelf oplost. Of zegt D66 dat ook die fractie die aanpak nodig heeft omdat het landelijk beleid is? Mevrouw Dada-Anthonij (D66) is van mening dat Utrecht een aanpak moet vinden waarbij er aansluiting is. Zij wil geen onmenselijke benadering zien in Utrecht.
De heer Van Steeg (CDA) vraagt of hij goed begrijpt dat mevrouw Dada-Anthonij zegt dat die landelijke aanpak nodig is. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) brengt in dat onderlinge afstemming nodig is. Zij staat er niet achter om de landelijke aanpak over te nemen zoals die is. Zij vervolgt haar betoog in haar termijn met de vraag aan het college om een toezegging dat in het Utrechtse beleid geen ruimte is voor een benadering van een beleid zoals voorgesteld door de landelijk coördinator overlast asielzoekers, zoals door hem ingebracht tijdens de Raadsinformatiebijeenkomst. Zij vraagt of het college het eens is met D66 dat preventie het uitgangspunt blijft en dat er een integrale aanpak nodig is vanuit onder andere maatschappelijke opvang, asiel, integratie, en werk en inkomen gezien de complexiteit van de oorzaken van de problemen en de diversiteit van de groep die de problemen heeft veroorzaakt onder het Bollendak. Mevrouw Meerding (VVD) begrijpt dat D66 niet een aanpak wil zoals de landelijk coördinator die voorstelt. Ze kan zich daarbij iets voorstellen gezien diens bewoordingen in de Raadsinformatiebijeenkomst. Zij vraagt hoe D66 aankijkt tegen de analyse die door bureau Beke is gemaakt. Ook daaruit komen aanbevelingen voort. Zij vraagt of D66 die wel kan overnemen.
Mevrouw Dada-Anthonij (D66) merkt op dat in de analyse van dat bureau niet de gesprekken met mensen zelf naar voren zijn gekomen. Er zou nog meer informatie
Pagina 40 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
1950
moeten volgen in de brief. Zij zou die informatie graag eerst willen afwachten. Zij houdt zich vast aan het Utrechtse model. Zij herhaalt haar standpunt. Mevrouw Meerding (VVD) ziet de mogelijkheid om de analyse te scheiden van de toon tijdens de Raadsinformatiebijeenkomst. Zij vraagt of zij goed begrijpt dat D66 nog niet openstaat om de aanbevelingen uit de analyse over te nemen. Maar dat bij verdere concretere informatie in een brief daartoe wel mogelijkheden zijn. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) las vooral een benadering op groepen in de analyse van bureau-Beke. Zij zou graag willen kijken naar de individuen en maatwerkaanpak op hen. Een deel ontbreekt en daarom kan zij niet zeggen waarop is aan te sluiten.
1960
Zij vervolgt haar betoog met de burgemeester te vragen of zij de integraliteit mee kan nemen in het beleid met daarin een splitsing tussen kortetermijnoplossing en duurzame lange termijnoplossingen. Een van de oorzaken van de problemen is de aanzuigende werking uit andere steden en zelfs uit Europese landen. Kan het college met de raad delen of hij anders dan versobering en verharding van beleid mogelijkheden ziet om de aanzuigende werking terug te dringen. Zij sluit zich graag aan bij de inbreng van de PvdA op het waterbed effect. De Utrechtse aanpak en het landelijk beleid liggen behoorlijk uiteen. Zij vraagt naar de mogelijkheden die het college ziet om de verbinding tussen de twee te leggen zonder dat de menselijke maat uit het oog verloren raakt. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt het een lastig gegeven dat D66 ook landelijk aan de knoppen draait en dit nu lokaal inbrengt. Zij vraagt of D66 bereid is om een landelijke lobby in te zetten. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) verwacht dat de PvdA goed weet dat D66 regelmatig met het landelijke contact heeft. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of D66 dit expliciet landelijk inbrengt. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) is luid en duidelijk geweest over wat zij vindt van de aanpak zoals die gepresenteerd is in de Raadsinformatiebijeenkomst door de landelijke coördinator. Zijn benadering is haar zienswijze niet.
Zij vervolgt haar inbreng met te stellen dat uit het rapport van bureau Beke is gebleken dat het niet om een homogene groep gaat, maar om verschillende groepen zoals daklozen, al dan niet verslaafden, jeugd, Europese arbeiders, en vluchtelingen van buiten Europa. Dit vraagt ook niet om een oplossing maar om een pakket aan oplossingen afgestemd op de oorzaken achter de problemen die de diverse groepen veroorzaken. Dit juist omdat D66 het belangrijk vindt aan te stippen dat de groepen bestaan uit individuen. Zij krijgt graag een toezegging dat de raad in de beloofde brief meer inzicht hierin krijgt om zo tot beleid te komen met gerichte, effectieve en duurzame oplossingen.
1970
1980
1990
Mevrouw Fattal (GroenLinks) merkt op dat de overlastgevende doelgroepen worden samengevat als lokale jongeren, lokale dak- en thuislozen, arbeidsmigranten die nergens terecht kunnen en ook mensen met een lage kans op asiel of zelfs mensen zonder papieren. Hulpverleners gaven zelf aan dat ze zicht hadden op de lokale doelgroepen maar niet op de andere en dat ze zich daarover veel zorgen maakten. Het is breder dan alleen deze groep. De aanpak van Utrecht is gericht op hulpverlening en op individuen. Utrecht doet wat het kan, maar overal is capaciteitstekort: in de zorg, in de begeleiding in de opvangplekken, bij de politie en handhaving, niet alleen bij de gemeente maar ook bij het Pagina 41 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2000
2010
2020
2030
2040
Rijk. Utrecht werkt veel samen met het Rijk, ofwel vanwege het doorzetten van een asielprocedure ofwel over te gaan op gedwongen terugkeer. Het gaat niet allemaal soepel. Alle systemen zijn overbelast. Jarenlang is het landelijk afgeschaald in de asielprocedures en in de opvang. Daardoor is het vaak niet mogelijk om verder te gaan met een asielprocedure. En gedwongen terugkeer kan lang duren, of helemaal niet plaatsvinden. Zij vindt het uitsplitsen in doelgroepen bij overlastgevers logisch vanuit het beleidsperspectief. Utrecht moet dit probleem nu eenmaal oplossen. Het is dan handig om na te gaan in hoeverre er overlap is tussen de doelgroepen. Uiteindelijk gaat het om allemaal mensen. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) vraagt of GroenLinks het eens is met het gegeven dat terugkeer van afgewezen asielzoekers de oplossing is en dat daarop moet worden gehandhaafd. Mevrouw Fattal (GroenLinks) antwoordt ontkennend. Zij vervolgt haar inbreng. Zij benadrukt dat het niet helpt agenten af te sturen op mensen met complexe problemen en hen met harde hand aan te pakken. Zij vindt dat meegedacht moet worden met wat mensen nodig hebben om stabiliteit en perspectief te vinden. Dat doet Utrecht, en alleen voor de mensen die daarop recht hebben, die rechtmatig in Nederland verblijven. Zij betreurt dat.
Zij leest dat het college onderzoekt wat te doen is om ook mensen die niet rechtmatig in Nederland verblijven hulp te bieden. Het idee is dat deze mensen er gewoon zijn en dat ondertussen de onderliggende problematiek niet wordt aangepakt. Het college spreekt over het werken aan eervolle terugkeer. Dit moet worden onderzocht, want het is broodnodig. Zij benadrukt dat iedereen recht heeft op hulpverlening. Zij vraagt de burgemeester wat zij overweegt om hulp te bieden aan deze groep. Zij vraagt de burgemeester wat de kosten van de hulpverlening zouden zijn. Worden ook de gesprekken met hen gevoerd voor zover dat mogelijk is? Bureau Beke heeft die gesprekken niet gevoerd. Het gaat dan om het perspectief en om de hulp die mensen nodig hebben. Wat denkt de burgemeester daar zelf over als het gaat om het stoppen van de overlast en dan zonder deze groepen meer te bieden dan andere groepen. Dat zou ook niet helemaal eerlijk zijn. Het liefst ziet GroenLinks dat alle mensen in Utrecht zonder papieren een helpende hand krijgen. Verder kampt de gemeente met complexe meervoudige problematiek van verslaafden. Ze prijst zich gelukkig met dat ook hier de inzet van Utrecht gericht is op hulpverlening. Daarnaast leest zij ook dat er een verbod wordt onderzocht op openlijk drugsgebruik zoals in andere steden. Zij vraagt de burgemeester aan welke soort drugsverbod gedacht wordt.
GroenLinks is daarvan geen voorstander. Maar ze is wel benieuwd naar wat overwogen wordt. Bij de aanpak van overlastgevende arbeidsmigranten wordt in principe ingezet op het terugbegeleiden naar werk, naar het land van herkomst. Ook bij deze groep speelt ontzettend veel: baanonzekerheid, woonplekken, uitsluiting. Ook daarvoor moet wat haar betreft oog zijn in de Utrechtse aanpak. Zij vraagt of de gemeente ook gesprekken voert met werkgevers over dat arbeidsmigranten op straat worden gegooid wanneer zij hun werk verliezen. Is het college bereid de gesprekken te voeren met werkgevers omdat werkgevers verantwoordelijkheid hebben daarin. Zij sluit zich aan bij de PvdA waar het gaat om de PGA. Zij is trots op de Utrechtse inzet op begeleiding en hulp bij overlastgevers. Zij pleit ervoor hen hulp te bieden. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat mevrouw Fattal nadrukkelijk de zorgkant benadrukt voor de arbeidsmigranten en voor de asielzoekers zonder perspectief. Hij Pagina 42 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2050
2060
2070
2080
2090
merkt op dat daarmee het probleem op de lange termijn niet wordt opgelost. Hij herhaalt en benadrukt dat Utrecht de samenwerking met landelijk nodig heeft. Hij hoort haar daarover niet. Mevrouw Fattal (GroenLinks) hoort het CDA en de VVD zoeken bij andere partijen naar steun voor landelijk beleid. De vraag is of Utrecht het Rijk nodig heeft om de problemen op te lossen. Zij beantwoordt die vraag bevestigend. Zij is het alleen niet eens met het landelijk beleid. Haar partij zit niet in het landelijk bestuur. Wanneer zij wel in het landelijk bestuur had gezeten, had zij de oplossing op een andere manier gezocht. Zij noemt enkele beslissingen die genomen zijn op het landelijk niveau, maatregelen waarmee zij het ernstig oneens is. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat dan de vraag overblijft hoe het dan wel moet. Utrecht heeft landelijk nodig, benadrukt en herhaalt hij. Mevrouw Fattal (GroenLinks) antwoordt dat Utrecht het Rijk nodig heeft, niet dit landelijk beleid. In Nederland is haars inziens beter beleid nodig voor alle vreemdelingen. De heer Van Steeg (CDA) gaat ervan uit dat zijn partij en GroenLinks van mening verschillen over wat beter beleid is. Dit zijn moeilijke processen. Dit doet pijn en kan mensen hard raken. Hij vindt het fair wanneer partijen die zeggen dat het zo niet moet, ze dan zeggen hoe het dan wel moet.
Mevrouw Fattal (GroenLinks) herhaalt te zeggen dat Utrecht het Rijk nodig heeft. Zij geeft het CDA gelijk dat het heel pijnlijk is, zeker voor mensen die uitgeprocedeerd zijn, die geen perspectief hebben, die uit veilige landen komen. Zij benadrukt dat heel veel landen die als veilig worden bestempeld niet veilig zijn voor de desbetreffende personen. Mevrouw Meerding (VVD) vraagt zich dan toch af wat mevrouw Fattal dan wel van het Rijk wil. Is dat alleen geld, dat ze vervolgens alleen op een hele andere manier wil uitgeven dan het Rijk voorschrijft. Of wil ze wel degelijk iets van samenwerking met het Rijk? Mevrouw Fattal (GroenLinks) heeft niet gezegd niet samen te willen werken met het Rijk. Zij refereert aan het begin van haar inbreng over dat die samenwerking nodig is. Wat haar betreft moet vooral doorgegaan worden zo snel als mogelijk met het verder gaan met de asielprocedures. Punt is dat dat heel vaak lastig is. Uiteindelijk zijn er ook grenzen aan wat het Rijk Utrecht kan bieden. Daarom pleit zij ervoor dat Utrecht zelf doet wat nodig is. De heer Maas (VOLT) sluit zich aan bij inbreng van GroenLinks. Richting de heer Van Steeg zegt hij niet te geloven dat een vliegtuig naar Rwanda een oplossing biedt voor de problemen in Utrecht. De heer Van Steeg (CDA) bevestigt te willen nagaan waar vluchtelingen zijn op te vangen in de regio.
Hij denkt dat dat een goede oplossing is. Richting de heer Maas merkt hij op dat hij ervan overtuigd is dat Utrecht de samenwerking met landelijk nodig heeft. Hij vindt dat Utrecht daarop moet inzetten. Hij gaat ervan uit dat ook de heer Maas hoopt dat de burgemeester daarop inzet. De heer Maas (VOLT) antwoordt met “vanzelfsprekend”. Ook daar verschillen het CDA en VOLT van aanpak. Ook in dat opzicht sluit hij zich graag aan bij GroenLinks. De heer Van Steeg (CDA) vraagt verduidelijking van wat de samenwerking tussen zorg en de landelijke aanpak in de asielketen precies betekent. Hij vindt dat het recht het belangrijkste uitgangspunt is. Wanneer de aanpak daarbinnen blijft, zijn partijen al een heel eind gevorderd. Hij vraagt naar de reactie daarop van de heer Maas. Pagina 43 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2100
2110
2120
2130
2140
De heer Maas (VOLT) merkt op dat zijn partij een Europese is. Het zal de heer Van Steeg niet verbazen dat hij van mening is dat dit geen landelijk probleem is. Een landelijke aanpak zal hier niet gaan helpen, is zijn overtuiging. Dan is een discussie te voeren over Frontex. Hij zou die graag in deze zaal vermijden. De heer Van Steeg (CDA) begrijpt dat de heer Maas dat niet wil. Hij vindt de reactie van de heer Maas op zijn standpunt wel erg gemakkelijk. De heer Maas (VOLT) was niet van plan de heer Van Steeg persoonlijk aan te spreken op zijn standpunt. Hij biedt zijn excuses aan. De heer Stevens (Student & Starter) merkt op dat veel gezegd is. Hij zal zijn inbreng kort houden. Hij sluit zich graag aan bij zowel de inbreng van D66 als bij die van GroenLinks. Tegelijkertijd vielen hem er aantal zaken op bij het lezen van het rapport van Bureau Beke, vooral als het gaat om de inleiding en de aanleiding voor het onderzoek. Daar wordt bijvoorbeeld genoemd dat het onduidelijk is en niet te achterhalen wie de groep overlastplegers is. Vorig jaar zijn wel delicten gepleegd. De media schetst ondertussen het beeld dat het om een groep veilige landers gaat. Tegelijkertijd wordt in het huidige onderzoek aangegeven dat het onderzoek zich extra focust op deze groep veilige landers en het in kaart brengen daarvan.
Hierdoor ontstond bij hem het gevoel dat richting wordt gegeven voorafgaand aan het onderzoek met een sturing op wat de mogelijke uitkomst kan gaan zijn. Hij zou daarop graag een toelichting willen. Ook de aannames dat iemand zich niet kan of wil identificeren en veilige lander moet zijn, draagt voor hem bij aan deze beeldvorming. Onderzoek hoort niet gebaseerd te zijn op onderbuikgevoelens. Hij mist in de brief ook de koppeling tussen de landelijke en de Utrechtse aanpak; welke punten maken nu echt een Utrechtse aanpak in vergelijking met de landelijke? Tot slot roept hij op niet te vergeten dat hier gesproken wordt over mensen en niet over statistieken. Hij vraagt ervoor te waken de groepen niet over één kam te scheren. Hij sluit zich graag aan bij het punt van de PvdA over de PGA. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) merkt op dat de mensheid momenteel leeft in een wereld met zelf gecreëerde grenzen. In Europa worden die grenzen met man en macht gewelddadig beschermd en bewaakt tegen de binnenkomst van zogenaamde buitenstaanders. Er worden enkel mensen toegelaten die van financiële waarde zijn of wanneer het mogelijk is empathie op te brengen voor hun vluchtachtergrond. Teruggaand naar de jaren 60, merkt zij op dat destijds arbeidsmigranten uit Marokko en Turkije, waaronder haar vader en opa, naar Nederland mochten komen omdat Nederland hen nodig had.
Tegenwoordig worden asielzoekers uit Marokko en Algerije gedehumaniseerd en weggezet als veilige landers. Deze term bestaat in juridisch opzicht niet en is bovendien ook onjuist omdat Algerije geen veilig land is. In de raadsbrieven en in het onderzoek van Bureau Beke worden verschillende groepen die zich onder het Bollendak begeven met elkaar vergeleken. Die vergelijking is niet te maken. Hun leefwerelden zijn enorm verschillend. Waar dak- en thuislozen, lokale jeugd en EU-migranten rechten, kansen en perspectief wordt geboden, is er voor de ongedocumenteerden geen enkel perspectief. Ze kwamen naar Nederland in de hoop te gaan werken en een leven op te bouwen. Na het doorstaan van een levensgevaarlijke traumatische overtocht waarbij zij alles op het spel hebben gezet omdat de wanhoop hen daartoe dreef, komen ze aan in een land waar niemand ze Pagina 44 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2150
2160
2170
2180
2190
wil helpen of wil hebben. Ze lijden onder het idee dat ze nergens mogen zijn en nergens kans op maken, terwijl er veel kwetsbaarheden spelen, zoals verslavingsen psychische problemen, zijn deze mensen overgeleverd aan de straat. Door het gebrek aan opvang en voorzieningen, zijn ze genoodzaakt om veiligheid, steun en hulp binnen de groep te zoeken. Deze analyse is nodig om te begrijpen waarom sommigen van hen in de criminaliteit belanden. Een aanpak die puur repressief is, zoals die onder het Bollendak, vindt mevrouw Oui Fakir daarom geen oplossing, maar het verschuiven van het probleem. Dat is ook gebleken. Zij vindt het belangrijk zorg te bieden en zich als bestuur in te zetten om hun mensonterende omstandigheden te verbeteren. Zij prijst zich gelukkig met plekken als stichting STIL, het Boetehuis en Villa Vrede. Daar kunnen ze terecht voor een warme maaltijd en medische hulp. Toch lopen deze organisaties ook aan tegen beperkingen, want de vrijwilligers zijn geen hulpverleners en ze zijn daarom niet in staat om de bezoekers met psychische- en verslavingsproblemen op te vangen en te begeleiden. Daardoor worden de ongedocumenteerden ook geweerd bij de dagopvang. Utrecht zegt vaak verder te gaan dan wettelijk verwacht wordt van de gemeente. Dat is willekeurig.
Waar is de Utrechtse aanpak voor deze groep? Welke zorg en begeleiding kan Utrecht ze bieden waarop ze zelfstandig een beroep kunnen doen, ook als het gaat om de niet-acute zorg. En dan wat haar betreft niet met de voorwaarde dat wanneer ze in beeld komen er op terugkeer wordt geanticipeerd. Dit vraagt zij de wethouder. Vanuit het Rijk is extra geld beschikbaar gesteld om specifieke EU-migranten beter op te vangen in Utrecht. Door experts is ook aangegeven dat de groep asielzoekers nergens aanspraak op kunnen maken en dat ze gebaat zouden zijn bij de gelijkwaardige opvang. Zij vraagt of de wethouder zich daarvoor wil inzetten en lobbyen. Tot slot merkt zij op dat de heer Loef in de Raadsinformatiebijeenkomst vertelde over de problematische en schokkende plannen die vanuit het rijk zijn opgesteld, zoals: “De overlast gevende asielzoekers zo het leven zuur maken dat ze vrijwillig vertrekken”. Toch leest zij in het onderzoek van bureau Beke dat delen van de plannen van de landelijke coördinator overlast asielzoekers door de gemeente Utrecht wordt overgenomen. Zij vraagt de burgemeester welke onderdelen daaruit worden geïmplementeerd. De heer Van Bergen (ChristenUnie) vindt dat de stad niet gebaat is bij een enkel repressieve aanpak onder het Bollendak. De politie verplaatst dan deze mensen. Zij noemt dat zelf een ineffectieve bezigheid.
Voor zijn fractie is het van belang verder te kijken dan de overlast om zich af te vragen wat er onder zit en na te gaan of het probleem bij de bron is aan te pakken zodat de handhaving stopt met enkel het probleem te verplaatsen. Wat zijn fractie betreft is het belangrijk de mensen te blijven zien achter de statistieken. Hij sluit zich aan bij het betoog van de PvdA vooral als het gaat om zijn oproep om ook naar het Rijk te lobbyen voor een grotere nadruk op zorg. Hij steunt die oproep en is benieuwd naar de mening van het college Mevrouw Raaijmakers (PvdA) dankt de ChristenUnie voor de steun. Zij stelt de vraag aan D66 ook aan de ChristenUnie; of vanuit de ChristenUnie gelobbyd wordt om dit op landelijk niveau te veranderen. De heer Van Bergen (ChristenUnie) antwoordt bevestigend. De ChristenUnie blijft grote nadruk leggen op zorg.
Pagina 45 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2200
2210
2220
2230
2240
De voorzitter schorst voor enkele minuten de vergadering en heropent die. De beantwoording Burgemeester Dijksma begrijpt dat dit debat zich ontspint tot in een nationaal asieldebat. Zij benadrukt daarvan te willen wegblijven. Utrecht loopt als mensenrechtenstad voorop in het helpen en opvangen van mensen die in de verdrukking zitten. Zij heeft een klein beetje inzage vanuit haar rol als voorzitter van de veiligheidsregio en als lid van het veiligheidsberaad in wat er nog op de gemeente Utrecht gaat afkomen in de komende maanden. Zij verwacht dat van heinde en verre, ook uit Oekraïne en uit andere landen, nog veel meer mensen komen dan nu al worden verwacht. Wanneer het stadsbestuur daarvoor draagvlak wil hebben in de stad voor weer nieuwe vormen van opvang, voor het langer laten voortbestaan van opvang, heeft dat bestuur ook nodig om de problemen onder ogen te zien en niet weg te kijken. Zij benadrukt dat die problemen bestaan bij een hele kleine groep. Zij bevestigt dat dat altijd op de Utrechtse manier moet. Zij vond het mooie aan de Raadsinformatiebijeenkomst dat het de overheersende opvatting was niet te mogen spreken over mensen als gelukzoekers. De menselijke waardigheid is altijd belangrijk. Daarover was in deze raad overeenstemming. Zij pleit ervoor dat partijen nagaan waar zij elkaar kunnen vinden in plaats van de verschillen op te zoeken.
Mogelijk kan het college de raad daarbij helpen. Zij vraagt de raad haar een mandaat te geven om te onderhandelen met ook het Rijk. Zij is het eens met heer Van Steeg dat Utrecht het Rijk nodig heeft om een sluitstuk te hebben aan het einde van de keten. Dat is niet per se het beleid. Zij zegt dat richting mevrouw Fattal. De burgemeester ziet ook heel goed wat nodig is aan zorg. Dat gaat altijd hand in hand en kan nooit alleen repressie zijn. Dat betekent dat de hulpverlening meer te weten moet komen wie de personen zijn onder het Bollendak. De veronderstelling dat het een vaste groep is, hulp wil maar niet krijgt, is niet helemaal juist. Het gaat voor een deel ook om een groep rondreizende mensen die in verschillende steden meer doet dan alleen overlast plegen. Utrecht vindt criminaliteit altijd een probleem, om wie het ook gaat. Het komt er wat de burgemeester betreft op neer dat aan de ene kant het gemeentebestuur meer inzicht moet krijgen om wie het gaat. Zij voegt eraan toe: voor zover mensen dat willen. Niet iedereen wil dit. Niet iedereen wil gezien worden en heeft zijn redenen om niet gezien te willen worden. De burgemeester bevestigt richting Bij1 dat er ook een groep zit met hun getraumatiseerde achtergrond van heinde en verre gekomen met een enorme zorgvraag.
De burgemeester zet uiteen dat die nuance betracht moet worden, door niet alleen de groep te benoemen - de burgemeester is het daarover eens. Ook te durven kijken naar het individu. Ze denkt dat dat verstandig is. Niet alleen maatregelen te nemen vanuit repressie maar ook vanuit zorg. Het gemeentebestuur neemt niet alleen maatregelen vanuit repressie. Dat was ook zichtbaar in het werkbezoek. Dat betekent dat de burgemeester het verstandig vindt om in het gesprek met ook de staatssecretaris te benadrukken dat Utrecht het landelijke beleid hand in hand wil laten gaan met zorg. Mevrouw Dada-Anthonij en mevrouw Fattal en mevrouw Raaijmakers en bijna alle anderen hebben dat ook benadrukt. De burgemeester zet uiteen dat er eigenlijk geen beleid is. Er is ook ruimte ook landelijk om op een verstandige manier om te gaan met dit issue. Zij noemt de kerngroep de overlastplegers die ook crimineel gedrag vertonen.
Pagina 46 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2250
2260
2270
2280
2290
Mevrouw Oui Fakir (Bij1) blijft nog even bij de omschrijving van de groep binnen de groep die door Europa rondreist en allerlei criminele dingen doet. Zij vraagt of de burgemeester ook ziet dat er andere sociale problemen aan ten grondslag liggen, of dat dit een stel boeven is die met die intentie naar Europa komt, zoals gezegd door een agent in de Raadsinformatiebijeenkomst. Burgemeester Dijksma bevestigt dat die mensen er ook zijn. Zij vraagt de raad daarin niet naïef te zijn. Dat betekent niet dat elke vreemdeling een boef is wanneer hij problematisch gedrag vertoont. Zij probeert die nuance te zoeken. Er zitten ook getraumatiseerde mensen tussen die verward gedrag vertonen waardoor ze vreselijke dingen doen, bijvoorbeeld mensen aanranden. Dat was recentelijk aan de orde. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) merkt op dat crimineel gedrag en mensen die overlast plegen met elkaar te maken hebben. Zij is daarin niet naief. Zij praat het ook niet goed. Zij kan niet meegaan in het idee dat mensen per definitie slecht zijn en dat die intenties hen drijven om bijvoorbeeld vanuit Noord-Afrika naar Europa te komen om in Europa de boel op stelten te zetten. Burgemeester Dijksma merkt op niet te zeggen dat mensen per definitie slecht zijn. Mensen die slecht gedrag vertonen hebben niet altijd een zorgprobleem. Daarin zit een belangrijke nuance. Het zou de raad helpen wanneer de raad dat erkent.
Daarmee kan het stadsbestuur precieser zijn in het vinden van de oplossing. Zij is het met iedereen eens die zegt zorg en veiligheid hand in hand in balans. De burgemeester zal de raad nooit een voorstel doen waarin die balans ontbreekt. Het college voert dat gesprek ook landelijk. Aan de andere kant heeft zij te maken met een sluitstuk dat grenzen gesteld moeten worden bij crimineel gedrag, zoals de gemeente dat doet voor iedereen. Het is niet uit te leggen wanneer het stadsbestuur dat zou nalaten bij deze groep. Zij benadrukt dat de praktijk ontzettend weerbarstig is. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de burgemeester een duiding geeft aan de samenwerking met landelijk die zij voorstaat. Aan de andere kant merkt hij op dat het bestuur hiermee al een tijdje bezig is. Hij vraagt waar het stadsbestuur nu staat en op welk moment er sprake kan zijn van samenwerking met landelijk die daadwerkelijk het perspectief voor de lange termijn biedt. Burgemeester Dijksma kan dat niet goed voorspellen. Dat heeft te maken met (1) vertrouwen en (2) het zoeken van een meerderheid in de raad. De heer Van Steeg (CDA) valt het op dat de burgemeester zegt dat de Raadsinformatiebijeenkomst geen goed heeft gedaan. Hij vraagt of de toon van de Raadsinformatiebijeenkomst de vertraging veroorzaakt. Dat kan wat hem betreft niet waar zijn.
Hij herhaalt dat Utrecht de landelijke aanpak heel hard nodig heeft. Burgemeester Dijksma antwoordt dat die Raadsinformatiebijeenkomst niet het enige is. Zij onderhandelt ook vanuit haar positie in het Veiligheidsberaad met het kabinet over wat er nog afkomt op de gemeente Utrecht. Het bestuur heeft ongelooflijk veel werk te doen op het hele brede dossier voortdurend in een overtoepende crisismodus. Het college kan ook niet al zijn tijd alleen hieraan besteden. Zij ziet het verschuiven van het probleem niet als iets dat helpt en zij voelt op dit dossier een enorme urgentie. Het is mogelijk om op sommige plekken een gebiedsontzegging uit te vaardigen. Een deel van het probleem zal worden verschoven, niet het gehele probleem. Het college wil het gesprek aangegaan met de raad over de inbreng van mevrouw Meerding en over wat vanuit zorginstellingen bij het college terechtkomt: het openbaar gebruik van harddrugs als een probleem dat ook door bewoners wordt ervaren. Pagina 47 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2300
2310
2320
2330
2340
Het college heeft aandacht voor de groep harddrugsgebruikers om ze naar de desbetreffende voorzieningen te krijgen. Dat is mogelijk niet populair bij de raad maar wel nodig. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de burgemeester urgentie voelt. Gezien de brede ontwikkelingen wordt die urgentie alleen maar groter, denkt hij. Hij vraagt of de burgemeester iets kan zeggen over het moment waarop het haar gaat lukken om de samenwerking met landelijk gestalte te geven. Hoe ziet dan de combinatie tussen repressie en zorg er uit wat haar betreft. Wat is haar uitgangspunt daarbij? Burgemeester Dijksma antwoordt dat haar uitgangspunt is: meer kijken naar personen, en meer te weten te komen zodat beter onderscheid te maken is. De PGA aanpak is ook hier heel belangrijk. Dat moet wat haar betreft onderdeel worden van het verhaal. Wethouder Voortman zal ingaan op het op orde brengen van het zorgaanbod. Het kan zijn dat Utrecht daar extra financiering voor nodig heeft of iets moet doen dat niet altijd binnen de lijntjes past. Wanneer het gaat om de criminele activiteiten zal er een betere relatie moeten komen met de organisatie die daarbij kan helpen. Dat is op dit moment nog niet goed genoeg geregeld. Daarom heeft het college al langer gevraagd, maar dat betekent niet dat de staatssecretaris capaciteit heeft om Utrecht daarin tegemoet te komen. Dat sluitstuk is nodig. Die aanpak is gelaagd.
Dit heeft even tijd nodig om het goed in elkaar te steken al is het niet haar intentie om ver na de zomer hierover bij de raad terug te komen. Zij wil tot een voorstel komen waarover de raad kan zeggen dat wanneer het dan zo moet het dan maar zo moet. Hiermee rondt zij haar beantwoording af. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of zij goed heeft begrepen dat het de burgemeester een voorstel zal doen over wat de Utrechtse inzet zal zijn in de onderhandelingen met het Rijk. Burgemeester Dijksma licht toe dat het college dat gesprek nu voert. Zij wil een voorstel doen als het gaat om de aanpak van deze problematiek onder het Bollendak. De raad kan dan zeggen of de raad daarmee akkoord kan gaan. Zij gebruikt dit debat om daarvoor input op te halen. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) is gecharmeerd van de opmerkingen die de burgemeester zojuist maakte. Zij vraagt de toezegging dat het pilot in Ter Apel in Utrecht niet gevolgd zal worden. Burgemeester Dijksma attendeert op haar gebruik van “het Utrechtse model” in de Raadsinformatiebijeenkomst. Daarmee wil zij markeren dat Utrecht het op zijn manier doet. Die ruimte moet er komen en daarover moet zij in gesprek. Wethouder Voortman beantwoordt fractiegewijs. De fractie van D66 ging in op de aanzuigende werking en wat daaraan te doen is anders dan versoberen.
De wethouder zet uiteen dat het heel moeilijk is om die aanzuigende werking naar Utrecht te voorkomen. De groep om wie het gaat, krijgt in Nederland geen perspectief, wisselt snel van samenstelling en reist door Europa. Voor die groep is geen structurele hulp ook niet in andere steden. Dat betekent dat veel mensen naar Utrecht gaan. In principe is Marokko een veilig land. Dan is er geen reden om de mensen niet terug te sturen. Zij heeft geen andere remedie paraat dan versoberen. Op de vraag van mevrouw Fattal naar de consequenties van het breder maken van de zorg ook voor ongedocumenteerden, antwoordt de wethouder dat het enige dat de gemeente kan doen het ondersteunen is op terugkeer. Het perspectief in Nederland is er niet. Bovendien heeft de gemeente de medewerkers en de middelen Pagina 48 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2350
2360
2370
2380
hiervoor. Wanneer Utrecht als enige wel in brede zin ondersteuning gaat geven, krijgt Utrecht een enorme aanzuigende werking in Europa. Mevrouw Fattal (GroenLinks) merkt op dat in de brief staat dat het college een soort hulp onderzoekt om te bieden. Die hulp betekent dus hulp op terugkeer. Hoe is dat anders dan de inzet die de gemeente sowieso al pleegt? Wethouder Voortman refereert aan de desbetreffende inbreng van de burgemeester, licht toe dat daarvan afwijken een enorme zoektocht is, en dat zij daarop op dit moment geen duidelijk antwoord heeft. Mevrouw Fattal vroeg ook naar overlastgevende arbeidsmigranten en of het college het gesprek voert met werkgevers. Zij noemt in dit verband Barka en het social inclusion team waar met alle EU arbeidsmigranten individueel wordt gesproken. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) vraagt waar de Utrechtse werkwijze is voor deze groep wanneer er alleen begeleiding is voor terugkeer. Zij ziet daarin niet de Utrechtse werkwijze. Wethouder Voortman zet uiteen dat de Utrechtse werkwijze preventie, zorg en streng waar nodig behelst. Wanneer mensen begeleid worden naar terugkeer, is dat ook een vorm van zorg. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) pleit voor het insluiten van mensen in een uitzetcentrum en hen daar zorg te bieden die nodig is. Dan gaan ze ook niet meer zwerven en heeft de rest van Europa geen last van hen.
Hij vraagt hoe het college daarin staat. Hij hoort daarover niets in de Utrechtse aanpak. Wethouder Voortman verwijst naar de inbreng van de burgemeester. In de Raadsinformatiebijeenkomst is gezegd dat dat niet het Utrechtse verhaal is. Zij laat het daarbij. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) herhaalt zijn standpunt. De voorzitter roept ertoe op naar aanleiding van een punt van orde van mevrouw Fattal dit debat niet nog een keer onderling te gaan voeren. Wethouder Voortman vervolgt haar beantwoording met uiteen te zetten dat gehandhaafd wordt op crimineel gedrag. Dan worden mensen ook opgepakt. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) bepleit huisvesting van zowel mensen met crimineel gedrag als mensen zonder verblijfsstatus. Wethouder Voortman vervolgt haar beantwoording met in te gaan op de gestelde vragen. GroenLinks vroeg naar de arbeidsmigranten. Zij zet uiteen dat het sociaal inclusieteam van Barka het gesprek voert met individuele arbeidsmigranten. Dan wordt er ook contact gelegd met bonafide uitzendbureaus en met werkgevers. Dat werkt goed. In 2022 zijn er 83 mensen aan het werk geholpen, en is gesproken met 361 mensen. Dat is de persoonlijke aandacht. Voor het plan van aanpak dakloze EU burgers is rijksfinanciering expliciet bedoeld. Dat biedt op de lange termijn geen structurele oplossing. Daarom wil het college ook kijken wat mogelijk is in preventief opzicht.
Momenteel wordt gewerkt aan een integrale aanpak. Dat wordt ook gedaan met andere portefeuilles: economische zaken en wonen. Richting Bij1 bevestigt de wethouder dat het de taak is om alle groepen op te vangen. Zij vindt een differentiatie heel belangrijk. Wanneer het gaat om kwetsbare ongedocumenteerden, vangt het college die op in de LVV. Als het gaat om EU migranten heeft Utrecht winteropvang en ook korte opvang en terugkeer of werk op korte termijn. Mevrouw Oui Fakir (Bij1) vraagt of de wethouder nu alleen Marokkanen bedoelt wanneer zij spreekt over veilige landers. Pagina 49 van 92
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 23 februari 2023
2390
2400
2410
2420
2430
Wethouder Voortman preciseert dat het gaat om zogenaamde veilige landers. Zij bevestigt dat het vaak gaat om mensen uit Marokko. Zij vervolgt met in te gaan op de vraag welke zorg te bieden is zonder te anticiperen op terugkeer. Dan gaat het over opvang en sociale hulp. Dat zou dan zonder einde zijn. Het gaat vaak om mensen die niet terug willen. Bekend is dat ze geen verblijfsvergunning krijgen. De vraag is dan hoe sociaal het is om de opvang wel te bieden wanneer in de tussentijd niet gewerkt wordt aan perspectief. De wethouder geeft aan dat er geen zicht is op de financiële middelen voor de hulp aan de andere groepen mensen dan die zij heeft genoemd. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of dat betekent dat er geen PGA geboden wordt voor EU-arbeidsmigranten. Wethouder Voortman refereert aan haar eerder gegeven antwoord over de gesprekken die gevoerd worden met 83 mensen die aan het werk geholpen zijn. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) merkt op dat dat niet specifiek PGA is. Zij vraagt of de gemeente Utrecht de PGA gaat toepassen op EU arbeidsmigranten. Wethouder Voortman licht toe dat daarvoor rijksbudget nodig is. En dat budget heeft de gemeente op dit moment niet. Waar mogelijk kijkt het college naar wat het kan doen voor mensen persoonlijk. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) merkt op dat dat niet juist is; de gemeente Utrecht heeft geld van het Rijk. Het plan is er nog niet.
Zij begrijpt uit de beantwoording dat dit er niet in zit. Wethouder Voortman zal ambtelijke ondersteuning hierop vragen. Mevrouw Raaijmakers vroeg of er voor EU arbeidsmigranten en ongedocumenteerden een PGA aanpak komt. Op dit moment is er geen expliciete PGA aanpak opgenomen zoals bij OOV. Wel wordt op maat zorg, begeleiding en begeleding naar werk of naar het land van herkomst geboden. In die zin is er een persoonsgebonden individuele aanpak. Ruimte voor een pilot is afhankelijk van de hoogte van de Rijksfinanciering. Die wordt definitief in de Mei-circulaire. Het college zal nagaan of dit binnen het totaal past. Voor EU migranten staat vrijwillige terugkeer of werk via Barka centraal. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) merkt op dat dit een beetje helderheid schept. Zij vraagt of dit voor het college prioriteit is. Zij doet de suggestie voor deze groep één pilot PGA te starten. Dat geeft ook inhoud voor de lobby met het Rijk als het gaat om de vraag of dit kan werken. Wethouder Voortman antwoordt bevestigend, dat dan de effecten te tonen zijn. Het college wil dat zeker uitzoeken. Wanneer Utrecht daarvoor de ruimte krijgt via de financiering, wil het college dat gaan doen. Dat voorbehoud maakt zij. Vragen zijn gesteld naar wat het college nu doet voor asielzoekers als het gaat om inzet op terugkeer. Het college werkt samen met verschillende organisaties.
Zij noemt in dat verband ION, en Met opgeheven Hoofd van Vluchtelingenwerk en organisaties in de stad met wie het college terugkeer realiseert. Het college is gestart met vrijwillige terugkeer van mensen afkomstig uit Marokko. Het college heeft meer geld van het Rijk nodig als het gaat om intensivering daarvan met zorg. De wethouder bevestigt richting mevrouw Raaijmakers het belang ervan de verschillende groepen te leren kennen. De groep mensen die weinig kans heeft in asiel, is nauwelijks in kaart te brengen. Dat zijn wisselende groepen. Deze groep wil vaak ook niet communiceren met zorgverleners. Dat geeft extra zorg voor lokale dak- en thuislozen. De combinatie van hard en zacht is hard nodig.