Conceptverslag Veiligheid, Bestuur en Financiën 13 juni 2024
Tekst van het document
Griffie Gemeenteraad Utrecht Secretariaat raadscommissie Mens & Samenleving Postadres Postbus 16200 3500 CE Utrecht Telefoon 030 - 286 10 69 Fax 030 - 286 15 18 www.utrecht.nl/gemeenteraad
VERSLAG OPENBARE VERGADERING COMMISSIE VEILIGHEID, BESTUUR EN FINANCIËN D.D. 13 JUNI 2024 [Typ hier]
Datum verslag Locatie Verslag door Vaststelling verslag
10
18 juni 2024 Stadhuis, raadshal Geertjan Benus (Notutekst) september 2024
Aanwezigen: Avondvergadering De voorzitter, de heer R. Peters, en van het college de burgemeester Dijksma en de wethouder mevrouw Streefland, en voorts de leden: mevrouw M. Fattal (GroenLinks), de heer F. Dekkers (GroenLinks), mevrouw V. Dada Anthonij (D66), de heer T. Stam (PvdA), mevrouw T. Westra-van Til (ChristenUnie), mevrouw N. Oul Fakir (BIJ1), de heer S. van Bemmel (Partij voor de Dieren), mevrouw T. Meerding (VVD), mevrouw E. Kolenbrander (Student en Starter), de heer B. van Steeg (CDA), de heer C. Bos (Stadsbelang Utrecht), de heer R. Maas (VOLT), de heer I. Simşek (DENK), en van de griffie de commissiegriffier de heer J. Lok, en de commissiesecretaris. Verslag openbare vergadering commissie VBF d.d. 13 juni 2024
20
30
Aanwezigen:.....................................................................................................................................................- 1 1. Opening en mededelingen ..................................................................................................................- 1 2. Vaststellen agenda van 21 maart 2024 ..........................................................................................- 1 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen .....................................................................................- 2 4. Verslagen .................................................................................................................................................- 2 5. Toezeggingen/moties ...........................................................................................................................- 2 6. Ingekomen stukken ...............................................................................................................................- 2 7 Verslag Adviescommissie Controle en Financiën .......................................................................- 2 8 Raadsvoorstel Van Ombudsloket naar Ombudsman .................................................................- 2 9 Raadsbrief Voortgang aanpak overlast gevende vreemdelingen ..........................................- 3 -
1. Opening en mededelingen De voorzitter, de heer Peters, opent de vergadering om 20.00 uur en heet iedereen welkom. Mededelingen vanuit de commissie Geen Mededelingen van het college Geen
40
2. Vaststellen agenda van 13 juni 2024 De voorzitter deelt mee dat hij in de WhatsApp groep vernam dat de commissie wellicht een A status kan geven aan een onderwerp met de B-status. Hij vraagt toelichting. De heer Stam (PvdA) deelt mee dat een nader inzien het voorstel voor van Ombudsloket naar Ombudsman met de A-status is door te geleiden naar de raad. Pagina 1 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
De voorzitter merkt op dat voor dit onderwerp een reservering is gemaakt voor 45 minuten. Hij merkt op dat dat zonde is van de tijd. Nu zijn onderwerpen doorgeschoven voor behandeling na het zomerreces. Hij vraagt scherpte van de commissie op de agenderingen. Hij concludeert dat dit punt van de agenda is afgehaald. 50
60
70
3. Vaststellen van ingekomen agenderingen Geen ingekomen agenderingen. 3.1 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven 3.1.1 Brief voortgang aanpak agenda 2023 tegen uitbuiting Mevrouw Westra-van Til (ChristenUnie) stelt deze brief voor ter agendering namens haar collega in de fractie de heer Van Bergen. Hij wil onder andere spreken over de samenwerking met maatschappelijke partners voor het signaleren van arbeidsuitbuiting. Dit gaat in samenspraak met D66, VVD en CDA. Mevrouw Oul Fakir (BIJ1) kondigt een alternatieve of aanvullende agendering aan met aandacht te vragen voor ongedocumenteerde mensen; zij merkt op dat deze groep onderbelicht blijft in deze brief. De voorzitter reserveert 60 minuten voor de bespreking in september in de commissie. Mededeling De voorzitter deelt mee dat voor de eerstvolgende commissie VBF na het zomerreces op 19 september de agenda nog niet volledig is gevuld. Hij vraagt de commissie de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter te mandateren om tijdens het reces deze agenda aan te vullen wanneer daaraan behoefte blijkt gedurende het reces. Hij verneemt van de commissie dat zij kan instemmen met deze werkwijze. 4. Verslagen Ter vaststelling Conceptverslag commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën 30 mei 2024. De commissie stelt dit verslag conform vast. 5.
Toezeggingen/aangenomen moties in de raad met daarbij de status d.d. 30 mei 2024
80
Motie en Toezeggingenlijst commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën 13 juni 2024 90 KB Aangenomen moties VBF 13 juni 2024 107 KB
Vragen/opmerkingen? Geen. Hiermee zijn de lijsten vastgesteld. 6. Ingekomen stukken Geen. 7
Verslag Adviescommissie Controle en Financiën
Verslag Adviescommissie Controle en Financiën 18 april 2024
Dit verslag wordt ter kennisgeving aangenomen. 90
8
Raadsvoorstel Van Ombudsloket naar Ombudsman
Portefeuillehouder: De heer Zwanenberg (DB namens de CPR) In december 2022 heeft de raad ingestemd met het instellen van het Utrechts Ombudsloket (UO), om zo een lokale, onafhankelijke en laagdrempelige ombudsfunctie voor alle Utrechters te faciliteren. De gemeentelijke ombudsfunctie is nu nog zo ingericht dat de tweedelijnsklachtenbehandeling bij de Nationale Ombudsman (NO) is Pagina 2 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
belegd. Het voorliggende voorstel maakt de doorontwikkeling naar een volwaardige gemeentelijke ombudsfunctie mogelijk door deze werkzaamheden zelf uit te gaan voeren en het contract met de NO te beëindigen
Dit punt is van de agenda afgehaald. (zie agendapunt 1) 100
9 Raadsbrief Voortgang aanpak overlast gevende vreemdelingen 9.1 Raadsbrief Toegezegde rijksmiddelen t.b.v. aanpak overlastgevende en criminele vreemdelingen Burgemeester, Wethouder Streefland, Beleidsterrein: Openbare Orde en veiligheid, Asiel en Integratie Geagendeerd Tess Meerding (VVD), mede geagendeerd door Victor Paalman (Horizon), Titus Stam (PvdA), Stevie Nolten (Bij1), Mahaar Fattal (GroenLinks), Maarten Koning (D66), David Bosch (UtrechtNu!), Gerth Dijkstra (EenUtrecht), Cees Bos (Stadsbelang Utrecht), Bert van Steeg (CDA). De fracties willen in gesprek over de raadsbrief ‘Voortgang aanpak overlastgevende vreemdelingen’. Specifiek willen ze spreken over de door de burgemeester aangekondigde acties, of deze acties nu voldoende zijn en of er niet meer in samenwerking met de landelijke overheid gedaan zou moeten worden.
110
De voorzitter leidt de bespreking in aan de hand van de annotatie bij de agenda (zie hierboven) De bespreking is in één termijn.
120
130
140
De commissie Mevrouw Meerding (VVD) gaat in op de problemen onder het Bollendak en in Lombok rond de Timorkade. Zij schetst de onveiligheid die aan de orde van de dag was. Anderhalf jaar geleden is besloten in te grijpen. Vandaag staat de commissie stil bij de huidige stand van zaken en blikt zij terug en vooruit. De VVD keek met veel hoop uit naar deze raadsbrief waarbij een plan van aanpak aangekondigd was. De raadsbrief viel haar fractie tegen. Zij ziet veel acties genoemd waarmee zij blij is en waar haar fractie achterstaat. Zij mist ook nog wel een aantal zaken. Zij gaat daarop in. Zij mist de vraag hoe het nu gaat. De raadsbrief is niet duidelijk over de effecten van de aanpak. Gewag wordt gemaakt van minder grote excessen en incidenten. Steeds gaat het over onderlinge conflicten in het geval van geweld. Haar fractie vindt het op zich fijn dat er minder grote excessen zijn, maar verneemt liever dat het echt goed gaat en dat het rustig wordt en veilig wordt. Zij vraagt meer duiding van de burgemeester op de vraag wat de actuele situatie is en op de vraag naar de resultaten van de aanpak. Ziet het bestuur verbetering? Zijn de acties die ingezet zijn daadwerkelijk effectief? Zij mist in de raadsbrief de oplossing van de kern van het probleem en in het verlengde daarvan de samenwerking met het Rijk.
Zij ziet nu maatregelen die overlast tegengaan maar die niet zozeer de kern van het probleem oplossen. Die kern is dat in Utrecht mensen zijn die hier niet mogen zijn en die ook overlast veroorzaken of zelfs crimineel gedrag vertonen. De VVD ziet als oplossing deze mensen naar het land van herkomst terug te begeleiden. Mevrouw Fattal (GroenLinks) las in de brief dat het college positief terugblikt op een hele goede samenwerking met het Rijk; vergeleken met hoe dat was in het verleden. Steeds vaker wordt ingezet op terugkeer. Dit is in de ogen van GroenLinks vooruitgang voor de VVD. Zij vraagt wat de VVD nog meer wil dan de vooruitgang die nu al geboekt is. Mevrouw Meerding (VVD) las dat niet zo direct terug. Misschien heeft zij de brief anders geïnterpreteerd dan mevrouw Fattal. Zij las niet zo terug wat er terecht is gekomen van de beoogde samenwerking met het Rijk. Mevrouw Fattal (GroenLinks) vraagt of de VVD hierin ook een rol van het Rijk ziet in het gegeven dat de samenwerking niet goed gaat. Pagina 3 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
150
160
170
180
190
Mevrouw Meerding (VVD) merkt op niet gezegd te hebben dat de samenwerking niet goed gaat. Zij ziet niet wat het college heeft afgesproken met het Rijk, waar college en Rijk samen optrekken en waar dat effect heeft. Het Rijk heeft ook geld toegezegd voor deze aanpak. Daarover is de raad deze week nog geïnformeerd. Het Rijk laat zien dat hij de samenwerking wil opzoeken. Mevrouw Fattal (GroenLinks) vraagt of de VVD zich ook zorgen maakt om de plannen van het kabinet om zaken stop te zetten zoals de LVV-voorziening; de basis om deze mensen perspectief te geven naast het aangeven van grenzen. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat de LVV hierbuiten staat. Het gaat bij dit onderwerp om criminele veilige landers. Dat zijn niet de mensen die een beroep doen op de LVV. Zij vindt het goed dat er gelobbyd wordt naar het Rijk om deze mensen niet zomaar op straat te laten lopen. Het probleem vandaag zijn de criminele veilige landers. De heer Stam (PvdA) vraagt wat mevrouw Meerding bedoelt met crimineel. Mevrouw Meerding (VVD) licht toe dat dat mensen zijn die een strafbaar feit plegen. De heer Stam (PvdA) merkt op dat iemand die ongedocumenteerd is als een strafbaar feit kan worden ervaren; hij vraagt of dat dan ook crimineel is. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat in principe crimineel; dat is nu niet de groep die zij bedoelt.
Daarom spreekt zij over overlastgevende of criminele vreemdelingen; in de term vreemdelingen zit het ongedocumenteerde. Zij merkt op dat het college die term ook gebruikt. De heer Stam (PvdA) vraagt of mevrouw Meerding ook inziet dat er een nuanceverschil is; dat overlastgevend een heel stap verwijderd is van de term crimineel. Het gaat hier niet om de volledige grootte van de groep van 50 mensen. Mevrouw Meerding (VVD) zet uiteen dat zij verwacht dat van beide iets in de groep aanwezig is; overlastgevend en crimineel. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) vraagt of mevrouw Meerding beseft dat de LVV de mogelijkheid biedt mensen in de gaten te houden, mensen onderdak te geven en voeding waardoor ze zich niet gedwongen voelen te gaan stelen om hun maag te vullen. Mevrouw Meerding (VVD) begrijpt dat mevrouw Dada-Anthonij zegt dat wanneer de LVV gestopt wordt, de groep overlastgevende vreemdelingen groter wordt. Zij houdt dat voor mogelijk. Daarvoor waakt haar fractie ook. Maar dat neemt niet weg dat er al een groep is die helemaal niet in de LVV zit en die wel dit criminele of overlastgevende gedrag vertoont. De VVD is van mening dat tegen die groep opgetreden moet worden en dat de verschillende groepen uit elkaar gehouden moeten worden. Zij vindt het oneerlijk de mensen in de LVV te vergelijken met de groep waarover nu gesproken wordt.
Mevrouw Dada-Anthonij (D66) is het helemaal eens met mevrouw Meerding over dit laatste. Als het gaat om de samenwerking met de overheid, is de Spreidingswet afgeschoten. Dat heeft hierop ook invloed. De LVV dreigt te verdwijnen; dat heeft hierop ook invloed. Zij vraagt hoe dat de dynamiek tussen de gemeente en de overheid kan beïnvloeden in termen van samenwerking. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat een vraag voor de toekomst. Het Hoofdlijnenakkoord ligt er pas net. Dus de aangekondigde bezuinigingen liggen er ook maar net. De gemeente is al anderhalf jaar bezig met de aanpak waarover nu gesproken wordt. Het kan haars inziens niet zo zijn dat de samenwerking met het Rijk niet goed gaat vanwege het Hoofdlijnenakkoord.
Pagina 4 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
200
210
220
Mevrouw Dada-Anthonij (D66) kan zich hierin deels vinden. Het gaat de samenwerking wel beïnvloeden. Het heeft haars inziens ook te maken met de dynamiek tussen het Rijk en de lokale overheden; hoe ze van elkaar op aan kunnen. Zij verwacht dat mevrouw Meerding het met haar eens kan zijn over dat dit invloed gaat hebben op de samenwerking. Mevrouw Meerding (VVD) mag hopen dat het geen invloed heeft op de samenwerking. Zij hoopt dat op dit dossier nog steeds goed samengewerkt kan worden omdat er gedeelde waarden en gedeelde urgenties zijn en dat het college daarmee samen met het Rijk aan de slag kan gaan. Ook zij vindt het niet wenselijk wanneer mensen zomaar ineens allemaal op straat komen met het risico dat dan nog meer overlast ontstaat. Zij maakt zich daarvoor ook hard. Dat staat wat haar betreft los van wat vanavond besproken wordt. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met de vraag hoe mensen weer terug te begeleiden naar het land van herkomst. Anderhalf jaar geleden werd gezegd dat juist gekeken zou worden naar wat gezamenlijk met landelijk was te doen, aangezien deze problematiek niet alleen Utrecht raakt en ook niet alleen door Utrecht kan worden opgelost. Zij ziet dit in de raadsbrief niet goed terug.
Haar fractie zou graag van het college willen horen hoe die samenwerking er uitziet, of er sprake is van een intensieve samenwerking of niet en als die er nog niet is, waarom niet. Wat de VVD betreft blijft dit een van de belangrijkste veiligheidsproblemen in Utrecht op dit moment. Zij hoort van veel Utrechters dat ze zich nog steeds onveilig voelen, vooral bij het Bollendak. Zij vindt het heel belangrijk dat daar de veiligheidsproblemen worden opgelost. Haar fractie zal dit onderwerp nauwlettend blijven volgen en hoopt op de volledige inzet van het college hierop en dat hierop prioriteit blijft liggen. Met het extra geld dat door het Rijk is toegezegd moet dat haars inziens goed komen. De voorzitter deelt mee dat de heer Paalman van Horizon zich moest excuseren.
230
240
De heer Stam (PvdA) vindt het goed te zien dat de overlast bij het Bollendak en bij Lombok is verminderd. De combinatie van goed zichtbare veiligheidinterventies en de wat minder zichtbare sociaal-maatschappelijke waren volgens zijn fractie succesvol. Dit is de crux van de Utrechtse aanpak: grenzen stellen en perspectief bieden. Hij vindt overlastgevende vreemdelingen een brede en stigmatiserende term die soms niet positief werkt in het oplossen van problemen. Mevrouw Meerding (VVD) vraagt hoe de heer Stam het dan zou noemen. Volgens haar dekt de titel wel de lading. De heer Stam (PvdA) zou Overlast bij het Bollendak een goede titel van de brief hebben gevonden. Mevrouw Meerding (VVD) vraagt of de heer Stam het met haar eens is dat hier gesproken wordt over een hele specifieke groep die benoemd wordt om daarop een specifieke aanpak te richten. De heer Stam (PvdA) antwoordt ontkennend. Hij merkt op dat op de desbetreffende locaties zich niet alleen vreemdelingen ophouden. Daar zitten ook statushouders, en er komen mensen die daar rondhangen. De overlast op het Bollendak is veel diverser van aard dan van één bepaalde doelgroep. Het is dan heel gemakkelijk om dat af te schuiven op alleen de vreemdelingen. Daarmee wordt een hele diverse groep als schuldige aangewezen.
Pagina 5 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
250
260
270
280
290
Mevrouw Meerding (VVD) vindt dit een bijzondere kwalificatie: een schuldige aanwijzen. Dit is de terminologie van het college. Blijkbaar doet het college dit volgens de heer Stam. Zij verneemt graag van de burgemeester of het om een diverse groep gaat. In haar beleving gaat het hoofdzakelijk om veilige landers. Zij stelt zich voor dat daar ook nog wel andere mensen bijzitten. Wat haar betreft heeft het stadsbestuur een duidelijke reden om dit op deze manier zo te benoemen. De heer Simşek (DENK) vraagt of de heer Stam een mening heeft over het gegeven dat het college wel spreekt van overlastgevende vreemdelingen, criminele vreemdelingen, et cetera. Misschien was dat het punt dat de heer Stam wilde maken. Hij vraagt wat de heer Stam van de terminologie vindt van het college. De heer Stam (PvdA) begrijpt dat het college gebonden is aan de landelijke terminologieën. Hij is terughoudend met het gebruik van dit soort termen. De heer Simşek (DENK) vraagt of de heer Stam het college oproept om een andere term te gebruiken. Of laat hij die terminologie aan het college over? De fractie van de PvdA heeft daarvoor haar eigen woorden. De heer Stam (PvdA) antwoordt dat zijn punt nog steeds overeind staat dat de overlast op het Bollendak niet alleen afkomstig is van overlastgevende vreemdelingen.
De heer Van Steeg (CDA) is het eens met heer Stam dat de overheid moet uitkijken niet te gaan stigmatiseren. Hij heeft begrepen dat dit wel een hele duidelijke groep is en dat dat ook blijkt uit de brief en uit de antwoorden op de schriftelijke vragen en dat dat juist vraagt om specifieke aanpak en dat het niet helpt om te stellen dat het om een diverse groep gaat. De vraag is dan hoe tot een aanpak te komen die in de praktijk gaat werken. De heer Stam (PvdA) wil daarop verder gaan in zijn betoog; het gaat om veel verschillende culturele achtergronden, en om veel verschillende juridische statussen, wat hem betreft moet samengewerkt worden met veel andere maatschappelijke partners. Hij noemt Noord-Afrikaanse ongedocumenteerden en het meldpunt Perspectief als adres waarmee dan samengewerkt moet worden. De sociaal-maatschappelijke interventies vragen per doelgroep een andere organisatie; de gemeente weet die ook te vinden. Hij vraagt het college in hoeverre die organisaties beter in positie te brengen zijn. Hij denkt daarbij aan Barka bij arbeidsmigranten die ook een hele andere doelgroep zijn dan Noord-Afrikaanse ongedocumenteerden. Geschreven wordt waarop mensen recht hebben; hij vindt dat een te grote juridisering van een praktisch feit. Het gaat om mensen. Met teveel focussen op het juridisch recht, worden de betrokkenen gestigmatiseerd.
Dan werkt de overheid niet aan een oplossing. Juist door ruimte te geven; grenzen te stellen en perspectief te bieden is beter naar een oplossing toe te werken. De heer Van Steeg (CDA) is verbaasd over deze inbreng van de PvdA. Juist de PvdA wijst op de rechten van daklozen. Hij begrijpt dat vanuit het perspectief van de PvdA. Hij krijgt de indruk als wanneer dat niet uitkomt raadsleden niet mogen wijzen op de rechten van mensen. Hij vraagt hierop een toelichting. De heer Stam (PvdA) merkt op dat zijn fractie altijd heeft gezegd dat ook niet-rechthebbenden recht hebben op overnachting in de Koudweerregeling. Het standpunt van de PvdA is dat niemand op straat slaapt. Dat standpunt zal het standpunt van zijn fractie blijven. De heer Van Steeg (CDA) vindt het perspectief van recht een belangrijk perspectief, zeker als het gaat over dakloosheid.
Pagina 6 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
300
310
320
330
De heer Stam (PvdA) is het daarover eens met heer Van Steeg; dan gaat het om een bredere interpretatie dan de smalle interpretatie van niet-rechthebbenden. Hij spreekt over het brede mensenrecht dat niemand op straat slaapt. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat de heer Stam selectief omgaat met zijn eigen definities. Om een oplossing te vinden voor deze problematiek is hij van mening dat de overheid heel precies moet zijn in het aanduiden van de groep waarom het gaat. Nu schetst de heer Stam een verhaal voor een brede groep. Hij voorziet dat op deze wijze niet tot een oplossing gekomen wordt. De heer Stam (PvdA) neemt dit voor lief wanneer de nuance zou liggen in het breder maken van de groep. Mevrouw Meerding (VVD) brengt in het verlengde van de inbreng van de heer Van Steeg in dat wat haar betreft het hier gaat om selectief shoppen. De heer Stam (PvdA) zet uiteen dat de sociaal-maatschappelijke interventies gebouwd worden op vertrouwen. Vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Hij pleit ervoor niet direct voor repressie te kiezen en zet dat in het perspectief van de Utrechtse aanpak. Daarmee kan de gemeente Utrecht op de lange termijn effectiever zijn in het oplossen van overlast. Met een smalle interpretatie van wat niet mag en daarop optreden en vervolgens de ogen sluiten, komt het stadsbestuur niet verder, zijns inziens.
Daarom geeft hij het college zijn complimenten voor de huidige aanpak. Hij is heel blij met de factsheet van het Meldpunt Perspectief. Dit laat zien dat het werkt; mensen keren vrijwillig terug naar het land van herkomst. De heer Van Steeg (CDA) ziet de samenwerking met het Rijk langzaam tot stand komen. Hij vraagt waarop de heer Stam baseert dat het werkt. Uit de antwoorden op de schriftelijke vragen blijkt dat het om twee mensen gaat die terugkeerden naar het land van herkomst. Hij vindt dat daaruit de conclusie niet getrokken kan worden dat het werkt. De heer Stam (PvdA) merkt op dat de partij van de heer Van Steeg ook aanwezig was bij het bezoek aan de LVV. Daarop werd gewezen dat mensen die een tweede kans asielstatusproces ingaan, toch recht blijken te hebben op een asielstatus. Dan is het logisch dat een groter deel van de mensen een asielstatus hebben gekregen en dat twee mensen teruggingen naar het land van herkomst. De heer Van Steeg (CDA) concludeert dat de terugkeer van mensen beperkt is. Hij benadrukt dat het gaat om een hele diverse groep. Hij doet de suggestie juist voor die groep die overlast pleegt een repressieve aanpak te kiezen. Hij merkt op dat wat hem betreft een kleine groep het verziekt voor de grote groep en dat voor die groep de repressieve aanpak de enige oplossing is.
De heer Stam (PvdA) is het eens met heer Van Steeg dat grenzen gesteld moeten worden én perspectief geboden. Bij misstanden is een repressieve aanpak nodig. Soms gaat het om mensen met een trauma, soms hebben ze zwaar medische zorg nodig. Dan zijn die sociaal-maatschappelijke initiatieven nodig. Volgens hem gebruikt de gemeente die succesvol. Ook met alleen repressie waren die mensen niet vrijwillig teruggekeerd. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of de heer Stam het met hem eens is dat die repressieve aanpak in sommige gevallen hard nodig is, ook voor de groep die de heer Stam niet goed omschreven vindt. De heer Stam (PvdA) ontkent niet dat er een veiligheidsaspect zit aan de divers samengestelde groep in het kader van grenzen stellen en perspectief bieden. Hij begon daarmee zijn betoog. Maar hij gaf ook complimenten over het sociaal-maatschappelijke aspect. Pagina 7 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
340
350
360
370
380
Hij legt de vraag voor wat het gemeentebestuur kan doen om de sociaal-maatschappelijke initiatieven in positie te brengen en beter op te treden door meer samen te werken en door naast het optreden tegen overlastgevende elementen een oplossing te bieden voor de lange termijn. Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat heer Stam sprak over dat niet alleen gekeken moet worden naar rechten maar ook naar mensen. Zij stelt dat daarmee de discussie wel heel breed gemaakt wordt. Volgens haar is er niet voor niets een systeem waarbij mensen al of niet een asielstatus krijgen. Zij hoort in het betoog van de heer Stam een oproep om dat los te laten en iedereen een plek te bieden. Zij vindt dat niet werkbaar. De heer Stam (PvdA) antwoordt het niet werkbaar te vinden om mensen op straat te laten slapen. Hij roept de VVD op zijn ogen daarvoor niet te sluiten. Mevrouw Meerding (VVD) vraagt waartoe dan de asielprocedure dient. Zij stelt dat er open grenzen zijn wanneer iedereen een slaapplek krijgt. De heer Stam (PvdA) hoorde zojuist mevrouw Meerding zeggen heel blij te zijn met de LVV, dat de LVV ervoor zorgt dat mensen van de straat blijven en dat het een proces biedt dat enerzijds naar een asielprocedure of anderzijds naar vrijwillige terugkeer kan leiden. Hij schaart dat onder bed, bad en brood. Hij vindt dat de meest effectieve manier om menswaardig met mensen om te gaan.
Hij legt de vraag voor aan mevrouw Meerding wat zij werkelijk wil. Mevrouw Meerding (VVD) ziet het liefst iedereen die niet door de asielprocedure komt terug gaan naar het land van herkomst. De LVV is er om mensen die op straat blijven zwerven op te vangen die mogelijk ook problematiek hebben. In de ideale wereld zou de LVV er niet hoeven te zijn. Zij vindt het ook beter dan dat mensen op straat lopen. Maar zij wil ook niet van de LVV een voorziening maken waardoor iedereen maar mag blijven. Zij herhaalt haar standpunt. De heer Stam (PvdA) merkt op dat er geen terugkeer is met alleen repressieve maatregelen. Hij mist in het betoog van mevrouw Meerding wat er na de veiligheidsmaatregelen komt. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) concludeert uit het betoog van de heer Stam dat een ijzeren voorraad lastige vreemdelingen met allerlei problemen het gevolg is van zijn beleid. Die vreemdelingen kunnen geen kant op. Hij voorziet dat die ijzeren voorraad alleen maar gaat groeien. Of die verspreidt zich over Europa. Hij vraagt naar het feitelijke antwoord van de heer Stam. In zijn beleving is perspectief bieden uitzetten naar het land van herkomst. De heer Stam (PvdA) merkt op dat er een ijzeren voorraad is. Hij pleit voor begeleiding naar vrijwillig vertrek om de ijzeren voorraad te verminderen. Heel veel landen hebben geen uitleveringsverdragen.
Alleen repressiemaatregelen vormen geen werkbare oplossing wanneer het streven is minder mensen op straat te laten zijn. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vindt dat heer Stam de ijzeren voorraad aanvult. De heer Stam (PvdA) vindt perspectief bieden het uitbreiden van netwerken, kennis nemen van wie er zijn in Utrecht en dan zijn er twee mogelijkheden een legale status verwerven of terugkeer naar het land van herkomst. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vindt dat heer Stam hem niet goed hoort. Hij benadrukt dat heel veel mensen niet vrijwillig willen vertrekken. De mensen tekenen een verklaring dat ze willen meewerken maar ze doen het niet. De ijzeren voorraad neemt dan toe. Dat is te zien in heel Europa, in Nederland en ook in Utrecht. De vraag is hoe daarmee om te gaan. Hij pleit voor een uitzetcentrum waar die mensen een verblijf krijgen totdat ze uitgezet worden. Pagina 8 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
390
400
410
420
430
De heer Stam (PvdA) merkt op dat wat de heer Bos wil, niet uitvoerbaar is; hij vindt dat gekeken moet worden naar perspectief bieden om mensen te kunnen uitzetten. Hij herhaalt zijn standpunt. Mevrouw Oul Fakir (BIJ1) vindt dat woorden ertoe doen. Sinds maart is er een nieuwe term bijgekomen: overlastgevende criminele vreemdelingen. Daarbij gaat het niet alleen om de mensen die overlastgevend of crimineel gedrag vertonen, maar ook over mensen die het risico lopen dergelijk gedrag te gaan vertonen. Zij vraagt of de wethouder erkent dat woorden ertoe doen en dat het verwarrend is wanneer gesproken wordt over de omvang van de groep overlast gevende criminele vreemdelingen terwijl het dan ook gaat om mensen die helemaal niet hebben gezorgd voor overlast of crimineel gedrag. Zij vraagt of het college bereid is definitie aan te passen zodat het duidelijk is over wie het gaat. Gezegd wordt dat de aanpak blijkt te werken, zeker nu die geïntensiveerd is. Eerder verschoof de problematiek naar andere delen van de stad, maar volgens de voortgangsbrief is er nu meer rust in het Stationsgebied. Zij vraagt naar de uitleg hiervan. Zijn mensen de stad uitgejaagd of zijn de problemen daadwerkelijk opgelost? Zij vraagt of hierop zicht is. Zij vraagt hierop de reactie van het college.
BIJ1 vindt het problematisch dat de Koudweerregeling wordt benoemd in de brief over de voortgangsaanpak overlastgevende vreemdelingen. De druk op de opvang wordt gebruikt om ongedocumenteerde mensen over één kam te scheren en te criminaliseren. Verder krijgen ongedocumenteerde mensen de schuld van de onrust die ontstaat in de opvang wanneer bezoekers uit verschillende groepen samenkomen, terwijl ongedocumenteerde mensen niet altijd gebruik maken van de Koudweerregeling of na gebruik terugkeren omdat ze daar geen prettige ervaringen hebben. Ze krijgen daar te maken met racisme en discriminatie door andere bezoekers. Zij vraagt of het college daarover ook signalen heeft ontvangen en wat het college gaat doen om ervoor te zorgen dat het voor deze groep veilig is. Gezegd wordt dat er keuzes moeten worden gemaakt. Dat klinkt zorgelijk in de oren van BIJ1; wat betekent dat in de praktijk? Zij legt de vraag voor of ongedocumenteerde mensen in de toekomst worden geweigerd bij de Koudweerregeling. Zij benadrukt dat de Koudweerregeling er is om een menswaardige opvang te bieden omdat het onmenselijk is om mensen op straat te laten slapen, in het bijzonder wanneer het vriest. Zij vraagt of de wethouder kan toezeggen of triage en de aanscherpingen niet zullen leiden tot het weigeren van ongedocumenteerde mensen met de Koudweerregeling met als gevolg dat ze in de vrieskou moeten slapen.
Mevrouw Meerding (VVD) vraagt hoe BIJ1 op overlast reageert in de Koudweerregeling waardoor extra beveiliging moest worden ingezet. Mevrouw Oul Fakir (BIJ1) vindt de eenzijdige belichting problematisch. Zij haalt frases aan uit de brief waarin gesproken wordt over dat deze groep voor veel overlast zorgt en niet met de anderen mengt. Tegelijkertijd krijgt haar fractie signalen dat ongedocumenteerde mensen te maken krijgen met racisme en discriminatie. Zij wil dit niet zwart-wit bekijken. Mevrouw Fattal (GroenLinks) complimenteert de burgemeester en de wethouder en haar team met de aanduiding in de brief dat het een groep is die niet representatief is voor de bredere groep waarover het gaat. Dit is ook dankzij het debat dat hierover is gevoerd. Zij dankt haar collega raadsleden voor die inbreng.
Pagina 9 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
440
450
460
470
480
Zij vindt het pijnlijk voor de stad. Zij vindt het ook pijnlijk dat er een vaste groep mensen is die op verschillende plekken in Utrecht hele ernstige criminaliteit veroorzaakt. Fijn dat voortgang is geboekt, dat er minder incidenten zijn. Maar zij vindt het ook wel pijnlijk dat het een groep mensen is met heel weinig perspectief. Dat maakt dat GroenLinks zich zorgen maakt over de Utrechtse aanpak bij deze groep. Het perspectief wordt steeds minder en daar blijft weinig van over wanneer het enige perspectief de terugkeer naar het land van herkomst is; vaak een land waar mensen bewust gekozen hebben daar niet te zijn. Zij leest in de aanpak dat er steeds meer zicht komt op de groep, dat steeds beter samengewerkt wordt met landelijke instanties als AVIM en de IND. Daardoor is terugkeer steeds vaker een realistische optie. Ook dat vindt zij pijnlijk. Zij vindt het moeilijk te verteren om in dit opzicht afhankelijk te zijn van de landelijke organisaties en een landelijke regering die al rechts en conservatief was en steeds rechtser en conservatiever wordt. Dat betekent dat haar fractie het steeds vaker op de Utrechtse manier zou willen doen maar dat niet kan. Ze maakt zich daarover zorgen. Hoe houdt de gemeente nog oog op en geeft de gemeente perspectief voor humaan opvangbeleid en menselijke omgang ook met deze groep.
De heer Van Steeg (CDA) vraagt of mevrouw Fattal het met hem eens is dat de gemeente de landelijke overheid hard nodig heeft en dat zonder die landelijke overheid juist de mensen voor wie mevrouw Fattal zegt het te doen, tussen wal en schip terecht komen. Mevrouw Fattal (GroenLinks) licht toe dat GroenLinks bepaalde kernwaarden en idealen heeft die gericht zijn op humaan asielbeleid, op waardigheid van de mens, die opkomt voor de rechtsstaat, en de grondrechten. De nationale overheid staat daar steeds minder voor, zeker nu. Zij bevestigt dat de gemeente de landelijke overheid nodig heeft en alle instanties die daarbij komen kijken. Wanneer landelijk niet voor de lange termijn nagedacht wordt over het gegeven dat er steeds meer vreemdelingen vanuit allerlei landen naar Nederland komen, en die daarvoor vaak goede redenen hebben en dat het bestuur hen geen lange termijnperspectief kan bieden, zal de gemeente steeds vaker de brokstukken van falend landelijk beleid moeten opruimen. De heer Van Steeg (CDA) houdt ook zijn hart vast als het gaat om de komende coalitie. De gemeente is altijd de vragende partij, zeker met dit soort onderwerpen. Hij vraagt of mevrouw Fattal met hem deelt dat het van belang is om een morele positie te kiezen tegenover de overheid. Mevrouw Fattal (GroenLinks) heeft geen kritiek geuit op het college als het gaat om de samenwerking met het Rijk.
Zij begrijpt dat de samenwerking belangrijk is en dat die moet blijven bestaan. Zij maakt zich zorgen over de wijze waarop Utrecht kijkt naar dit probleem en hoe het Rijk op een hele andere manier naar dit probleem kijkt. Die twee standpunten komen steeds verder uit elkaar te liggen. Dan wordt het de vraag hoe de gemeente Utrecht zich zelf nog kan blijven in dat probleem; daarover maakt zij zich zorgen. Zij vervolgt haar inbreng met in te gaan op de vragen die haar nog resten. Zij legt de vraag voor waartegen de gemeente Utrecht aanloopt in haar aanpak. Zij vraagt naar de algemene strategie op de langere termijn, gelet op de genoemde kloof; hoe kijkt het gemeentebestuur daarnaar op de langere termijn. Zij vraagt of het plan van aanpak overeenkomt met andere grotere gemeenten die met hetzelfde probleem te maken hebben, in ieder geval de G4 maar ook andere steden. Wanneer het niet
Pagina 10 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
overeenkomt vraagt zij waarom dat het geval is. Zij vraagt of er voldoende capaciteit is voor de extra PGA-casussen.
490
500
510
520
530
Mevrouw Dada-Anthonij (D66) begrijpt dat er maatregelen genomen zijn, dat de problemen enigszins verbeterd zijn maar nog niet opgelost. Bovendien staat de gemeente voor nieuwe aanzienlijke uitdagingen in het licht van de mogelijke afschaffing van de Spreidingswet. Zij staat allereerst stil bij de positieve ontwikkelingen die in de brief genoemd zijn. Mevrouw Meerding (VVD) heeft vernomen in de technische update dat de Spreidingswet voor Utrecht zo uitpakt dat Utrecht veel meer zou moeten doen dan tot nu toe. Dus dat de Spreidingswet eigenlijk problemen oplevert voor Utrecht. Zij vraagt hoe mevrouw Dada Anthonij het afschaffen van de Spreidingswet ziet in relatie tot criminele vreemdelingen. Hoe levert dat voor Utrecht een probleem op? Mevrouw Dada-Anthonij (D66) bevestigt dat de Spreidingswet voor een piek had gezorgd. Zij wil verder kijken naar wat dan in eerste instantie gebeurt. Wanneer iedereen zich zou gaan houden aan de Spreidingswet, was de opvang van asielzoekers evenredig verdeeld geweest; dan werd het probleem niet alleen gedragen door de gemeente Utrecht. In de voortgaande discussie met mevrouw Meerding (VVD) benadrukt mevrouw Dada Anthonij (D66) dat op de langere termijn de lasten evenrediger verdeeld zouden zijn geweest. Nu zit de gemeente zonder de piek in de taakstelling, maar met een instroom die dezelfde blijft, n uiteindelijk ook in Utrecht terecht zal komen.
Wanneer het niet-gestructureerd is, is het ook niet te plannen, is er niet op te anticiperen, zijn daarvoor ook geen voorbereidingen te treffen. Mevrouw Meerding (VVD) concludeert dan dat de Spreidingswet op de korte termijn een oplossing was geweest voor dit probleem, en misschien wel op de lange termijn wanneer andere gemeenten hun verantwoordelijkheid hadden genomen. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) veronderstelt dat dit de dynamiek laat zien tussen de VVD en D66. Zij denkt niet graag alleen aan de korte termijn, maar ook aan de lange termijn. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met stil te staan bij de positieve ontwikkelingen die de brief aanhaalt. Deze aanpak met hand in hand de veiligheid, zorg en perspectief heeft geleid tot minder grote excessen en dissidente rond het Stationsgebied. Zij ziet toch nog significante knelpunten die aandacht nodig hebben. Zij noemt het mobiele karakter van de groep. Dat blijft een grote uitdaging. Dat maakt het moeilijk zicht te houden op deze groep en passende maatregelen te nemen.
Daarom stelt zij de volgende vragen: Wat zijn de concrete resultaten van de inzet van winkelstewards, of wijkboa’s in de overlastgebieden? Hoe is het effect van die maatregelen gemeten? Hoe worden de resultaten en de effectiviteit geëvalueerd van bijvoorbeeld de persoonsgerichte aanpak, het Meldpunt Perspectief en welke succescriteria worden daarbij gehanteerd? Hoe wordt de samenwerking met andere steden vormgegeven als het gaat om bijvoorbeeld de harmonisatie in aanpak en hoe wordt die verder uitgebreid om een nog effectievere aanpak te realiseren? Zij noemt het wegvallen van de Spreidingswet en de eventuele beëindiging van de LVV; zij voorziet dat die beëindiging aanzienlijke gevolgen gaat hebben voor deze huidige situatie. Het stadsbestuur is hard bezig geweest het hoofd te bieden aan de situatie. Deze verandering gaat dat weer overhoop gooien. Al eerder heeft zij gezegd dat landelijk beleid nodig is om tot duurzame oplossingen te komen. Het wegvallen
Pagina 11 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
540
550
560
570
580
van de Spreidingswet en de LVV, het uitblijven van effectief landelijk beleid geeft haar het gevoel dat de gemeente met de kraan open dweilt. Met een hogere instroom en weinig extra maatregelen is een en ander moeilijk in goede banen te leiden als het gaat om de impact op de stad en op haar veiligheid. De situatie rond het Bollendak en rondt de Kop van Lombok waarvoor deze aanpak bedoeld was, is daarvan een schoolvoorbeeld. Om die reden stelt zij de volgende vragen: Hoe zal de gemeente omgaan met een mogelijke toename van vreemdelingen zonder deze Spreidingswet? De heer Van Steeg (CDA) vindt dat mevrouw Dada-Anthonij iets te gemakkelijk wijst op de stappen die landelijk worden gezet. De landelijke vreemdelingenvoorziening is er al jarenlang. Die heeft er niet voor gezorgd dat dit niet is gebeurd hoe kan mevrouw Dada-Anthonij hard maken dat wanneer de LVV wegvalt, dat ervoor zal zorgen dat dit de oorzaak zal blijven van deze problematiek. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) heeft diverse werkbezoeken afgelegd. Er is een technische sessie geweest en daar werd dat ook uitgelegd. Door bijvoorbeeld die LVV blijft zicht op deze groep, wordt deze groep begeleid, en vaak blijkt dat de zogenaamde veilige landers geen veilige landers blijken te zijn nadat ze zijn uitgeprocedeerd. Wanneer ze dan een tweede keer in proces gaan, mogen ze toch blijven.
Ook is er een groep die daar geen recht op heeft. Die wordt dan begeleid in zijn terugkeer. Ergens is er in Afrika een land met een autogarage genaamd Utrecht. Dat is wat die mensen doen, dat is waar de LVV voor staat. Daarom is de LVV zo belangrijk. De heer Van Steeg (CDA) gelooft dat die landelijke vreemdelingenvoorziening daarin een rol kan spelen. Hij vindt het dan ook belangrijk hoe de burgemeester en de wethouder daar naar kijken, ook gericht op de toekomst. Hij gaat ervan uit dat mevrouw Dada-Anthonij niet kan ontkennen dat ondanks het bestaan van de LVV deze problematiek in Utrecht heel groot is geworden. Hij benadrukte dat Utrecht de samenwerking nodig heeft met de landelijke overheid. Alleen wijzen op de maatregelen die nu worden genomen vindt hij wegkijken van de problematiek die nu in Utrecht bestaat. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) heeft al in eerdere debatten gezegd dat gedegen landelijk beleid nodig is. Zij benadrukt de LVV een onderdeel te vinden van de oplossing. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) kent deze verhalen van D66. Hij weet dat de stad Utrecht enigszins succesvol is in de opvang van mensen om ze te begeleiden naar een verblijfsstatus. Maar bij criminele overlastgevende vreemdelingen is er iets anders aan de hand. Zij willen niet meewerken aan een vrijwillig vertrek, zij hebben naar alle waarschijnlijkheid geen recht op een verblijfstatus.
Deze mensen schaart D66 onder de grote stroom aan ongedocumenteerde vreemdelingen die zo mogelijk wel perspectief hebben in Utrecht. Hij legt de vraag voor hoe om te gaan met criminele overlastgevende vreemdelingen die nooit een verblijfsstatus zullen krijgen, die overlast blijven geven zonder hier perspectief te hebben. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) denkt dat in deze discussie heel veel misverstanden bestaan. Zij vindt dat er consequenties verbonden zijn aan misdragingen. Om recidive te voorkomen, moet wat haar betreft ook gekeken worden naar oorzaken. Daarom vindt zij het belangrijk die oorzaken aan te pakken. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vindt dat mevrouw Dada-Anthony generaliseert. In zijn beleving maakt zij geen onderscheid tussen de overlastgevende criminele Pagina 12 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
590
600
610
620
vreemdelingen zonder perspectief in Nederland, en de vreemdeling die zo mogelijk wel perspectief heeft, dan wel gebruik maakt van een vrijwillige vertrekregeling. Dat is een groot verschil. Hij benadrukt te spreken over de eerstgenoemde doelgroep. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) merkt op dat de overlastgevende groep ook een diverse groep is. Zij zal niet wegkijken van mensen die kwade intenties hebben. Trauma's kunnen ook een oorzaak zijn van het gedrag. Of geen eten hebben. Geen dak boven het hoofd, geen perspectief. Dat betekent niet dat zij het gedrag goedkeurt, maar dat betekent wel een verschil in aanpak van hoe met deze mensen om te gaan. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) merkt op dat daarmee de gemeente bezig is. De gemeente vangt mensen op die van goede wil zijn. Hij benadrukt dat de gemeente blijft zitten met een harde kern van criminele vreemdelingen die overlast geven. Hij herhaalt zijn vraag wat met die groep te doen en vraagt daarop een antwoord. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) merkt op dat daarop geen eenduidig antwoord te geven is. Er worden allerlei maatregelen genomen om daarmee om te gaan. Zij benadrukt dat gedegen landelijk beleid nodig is; ook dat is er niet. Juist voor de groep zonder kwade intenties is de LVV hard nodig. Anders wordt de groep die problemen zou veroorzaken alleen maar groter.
Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met de voortzetting van de vragen die zij formuleerde: Wordt er al geanticipeerd op het mogelijk wegvallen van de LVV en de daaropvolgende overbelasting van lokale voorzieningen zoals de KWR-faciliteiten en hoe wordt er over nagedacht die te voorkomen? Welke maatregelen kunnen worden genomen om de veiligheid te waarborgen in het geval van verhoogde concentraties van vreemdelingen die mogelijk overlast geven omdat zij op straat leven? Zij vraagt of er plannen zijn voor de aanvraag van extra financiële middelen of te alloceren om de verhoogde kosten van opvang en ondersteuning te dekken. Hoe gaat het stadsbestuur om met de logistieke uitdaging die gepaard gaat met geconcentreerde populaties vreemdelingen? Tot slot benadrukt zij dat de gedegen effectieve aanpak waarbij preventie van problemen en consequent handelen een lange adem vergt in geval van ongewenst gedrag, van deze toch wel complexe problemen. Zij vindt het van essentieel belang dat het stadsbestuur blijft investeren in samenwerking en in informatiedeling binnen de brede vreemdelingenketen en bovenal roept zij het bestuur op te onthouden dat het te maken heeft met mensen die zich in een situatie bevinden waarin geen van de aanwezigen in deze zaal zou willen zitten.
Mevrouw Meerding (VVD) heeft mevrouw Dada-Anthonij veel horen zeggen over landelijk en het Rijk; zij merkt op dat dit bestuur spreekt over de lokale aanpak. Zij vraagt wat mevrouw Dada-Anthony mist in de lokale aanpak. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) merkt op dat mevrouw Meerding haar eerste vragen heeft gemist. Zij herhaalt de desbetreffende vragen. Mevrouw Meerding (VVD) is ook benieuwd naar het antwoord op de vraag naar de resultaten. Zij vraagt of mevrouw Dada-Anthonij inhoudelijke zaken mist. Of doet het college in haar ogen alles wat het college zou moeten doen. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) denkt dat het college goed op weg is. Zij herhaalt dat dit beleid een lange adem vergt; continue veranderingen in omstandigheden helpen ook niet mee om de juiste knoppen te vinden en er op de juiste wijze aan te draaien om zo effectief mogelijk te zijn.
630 Pagina 13 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
De voorzitter merkt op dat UtrechtNu niet aanwezig is. Ook is EenUtrecht niet aanwezig. Hij geeft het woord aan de daaropvolgende spreker. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat met enige voorzichtigheid over dit thema gesproken moet worden. Het gaat om een complex thema. Hier gaat het om een groep die voor overlast zorgt voor wie zijn inziens een repressieve aanpak hard nodig is.
640
650
660
670
Zijn fractie heeft bijna twee jaar geleden vragen gesteld over het Bollendak; daarna kwam dit thema op de agenda. Het is gelukt financiering te krijgen voor een aantal BOA's. Toch wordt er maar langzaam succes geboekt als er al succes geboekt wordt. Hij vraagt de burgemeester wat het stadsbestuur nog extra kan doen. Wat is nog meer te doen op het gebied van delen van beelden? Dit fenomeen staat niet op zichzelf. Er is een aanpak voor rondtrekkende bendes en daarbij wordt al veel meer gedaan met het delen van beelden; de heer Van Steeg noemt in dit verband het Barrière model. Hij vraagt of er nog stappen te zetten zijn om in repressieve zin veel van deze problematiek te voorkomen. Mevrouw Oul Fakir (BIJ1) vraagt wat de heer Van Steeg bedoelt met het delen van beelden en met welk doel. De heer Van Steeg (CDA) zet uiteen dat tussen ondernemers en de politie beelden gedeeld worden van mensen die vaker criminaliteit hebben gepleegd. Daarvoor zijn protocollen; afspraken op het gebied van privacy. Zo iets kan ook op dit vlak. Hij vraagt de burgemeester hoe vaak er een verblijfsontzegging is uitgedeeld. Zijn gevoel is dat het vrij langzaam gaat. Hoe gaat het in de toekomst verder. Hij vraagt hoe de investering van het geld vorm gaat krijgen en hoe dat gaat helpen om een oplossing te vinden voor deze mensen. Andere grote steden hebben ook een TopX aanpak.
Hij vraagt meer informatie over de samenwerking met andere grote steden, ook als het gaat om het delen van informatie. Daar zit een belangrijk deel van de oplossing: een betere samenwerking tussen de grote steden en met de landelijke overheid. Hij kan zich goed voorstellen dat de landelijke vreemdelingenvoorziening een belangrijk onderdeel kan zijn van een aanpak om oplossingen te vinden voor deze mensen. Hij vindt het dan belangrijk, continuïteit te bieden aan dat desbetreffende deel van de landelijke vreemdelingenvoorziening. Hij doet de suggestie dat deel ook te gebruiken in de discussie met de toekomstige minister om financiering te krijgen voor de vreemdelingenvoorziening zoals die er is in de stad. Hij is benieuwd hoe de wethouder en de burgemeester daar naar kijken. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) weerspreekt dat de problemen zich beperken tot onder het Bollendak. Hij verhaalt over een persoonlijke ervaring in zijn tuin. Hij benadrukt dat de vreemdeling die niet wenst te vertrekken allereerst een crimineel is die bestraft moet worden met gevangenisstraf. Wanneer zij niet kunnen worden opgesloten, moet worden voorkomen dat de overlast de Utrechtse samenleving raakt. Dat is zijns inziens alleen mogelijk door ze af te zonderen van de samenleving en ze geen kans te geven de samenleving te belasten.
Wanneer deze mensen blijven rondlopen in Utrecht, blijft Utrecht te maken krijgen met overlast en wordt de “ijzeren voorraad” groter. Zijn fractie pleit voor een gesloten inrichting waar deze mensen worden opgesloten om erger te voorkomen. Dan kunnen ze behandeld worden en een gepaste oplossing worden gezocht. Pagina 14 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
680
690
700
710
720
Mevrouw Fattal (GroenLinks) vraagt op welke grond Stadsbelang Utrecht mensen wil opsluiten zonder enige reden De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) antwoordt dat ze crimineel zijn en overlast geven. Mevrouw Fattal (GroenLinks) vraagt hoe die inrichting zich verhoudt tot de gewone gevangenissen en de normale strafrechtregels. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) pleit voor een gesloten inrichting waar deze mensen kunnen worden opgenomen om erger te voorkomen. Daar kunnen ze behandeld worden wanneer zij geestelijke problemen hebben of andere problemen en kan een gepaste oplossing worden gezocht. Mevrouw Fattal (GroenLinks) constateert dat Stadsbelang Utrecht iets voorstelt dat onwenselijk en mogelijk ook onmensrechtelijk is. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) begrijpt dat dat de manier is waarop mevrouw Fattal hier naar kijkt. Hij denkt dat het heel menselijk is. Daarbij moet ook gekeken worden naar belangen. Hij spreekt over de Utrechtse samenleving die hiermee wordt geconfronteerd. Geconfronteerd met de effecten van criminele overlastgevende vreemdelingen. Hij concludeert dat mevrouw Fattal liever de samenleving de gevolgen daarvan laat ondervinden, dan dat vreemdelingen worden afgezonderd. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) vraagt op welke manier de heer Bos denkt mensen perspectief te bieden door ze op te sluiten in een gesloten inrichting.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) licht toe dat dat ervoor zorgt dat mensen aan hun problemen kunnen werken; er moeten dan wel therapeuten aanwezig zijn en professionals die kunnen bijdragen aan het wegnemen van de problemen. Het zorgt er ook voor dat mensen een ander perspectief krijgen. Voor hem ligt voor de hand dat ze teruggaan naar het land van herkomst. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) ziet niet in hoe dit gaat helpen mensen te laten terugkeren naar hun land van herkomst. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) riposteert dat dit in ieder geval de samenleving gaat helpen. Hij ziet ook dat Student & Starter liever heeft dat de samenleving belast wordt met criminele overlastgevende vreemdelingen dan dat dat niet het geval is. Mevrouw Oul Fakir (BIJ1) begrijpt hij deze inbreng van de heer Bos dat ook hij inziet dat er sociale problemen ten grondslag kunnen liggen aan crimineel gedrag. Zij vraagt waarom de zorg dan in een gesloten inrichting aangeboden moet worden. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) antwoordt dat (1) dat beter beheersbaar is, (2) omdat ze dan de Utrechtse samenleving niet belasten en (3) hij bevestigt dat er sociale problemen aan ten grondslag liggen, maar ook psychische. In een gesloten inrichting zijn mensen beter te indiceren als het gaat om te kiezen remedies.
Mevrouw Oul Fakir (BIJ1) vraagt of de heer Bos op de hoogte is van het werk van medewerkers van Meldpunt Perspectief, en dat dit werk overeenkomt met het stukje Zorg waarover de heer Bos spreekt. Het komt haar over dat dit werk zeer succesvol is. Het komt haar over als is het voorstel van de heer Bos overbodig, naast dat zij het voorstel onmenselijk vindt. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) licht toe dat hij niet spreekt over ongedocumenteerden; hij spreekt over overlastgevende criminelen vreemdelingen. Hij benadrukt dat dat een subgroep is. De groep ongedocumenteerden is veel groter. Mevrouw Oul Fakir (BIJ1) licht toe juist met deze groep medewerkers van Meldpunt Perspectief contact te hebben. De voorbeelden die zij zojuist noemde gaan daarover. Zij vraagt of de heer Bos met haar deelt dat de aanpak nu voldoende is en dat een gesloten inrichting daar niet nog bij hoeft. Pagina 15 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
730
740
750
760
770
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vindt een gecontroleerde omgeving een veel betere omgeving. De heer Simşek (DENK) vraagt of de gemeente die gesloten inrichting moet instellen. Wie neemt een dergelijke gesloten inrichting in beheer? De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) denkt dat het groter moet dan uitgevoerd door de gemeente. Hij denkt daarbij aan bijvoorbeeld een centrum in Zeist en aan de provincie dan wel dat dit landelijk wordt opgepakt; een centrum waar de mensen afgezonderd kunnen werken aan hun herstel. De heer Simşek (DENK) begrijpt hieruit dat heer Bos de wethouder of de burgemeester op pad stuurt om ofwel vanuit het Rijk ofwel vanuit de provincie een dergelijk centrum in te richten, en dan niet in de gemeente Utrecht maar elders. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) houdt Utrecht voor mogelijk wanneer Utrecht daarvoor ruimte heeft om regionaal of landelijk opvang te realiseren. Zijn inbreng is gericht op een door hem gewenste inzet; hij spreekt geen hoop uit. Hij verwacht wel iets van dit college. Een intensieve lobby zal nodig zijn om dergelijke initiatieven mogelijk te maken. De heer Maas (VOLT) vraagt de heer Bos naar de wettelijke grondslag voor dit plan en hij vraagt de heer Bos naar de financiering. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) heeft hierop zijns inziens al geantwoord.
De heer Stam (PvdA) nodigt de heer Bos uit samen met hem naar Vught gaan; daar is een dergelijke instelling, een gevangenis. Hij verwacht dat de heer Bos dan veel dingen zal zien die hij heeft geschreven. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) neemt hiervan nota. Mevrouw Meerding (VVD) is benieuwd te vernemen hoe de heer Bos zijn voorstel ziet als aanvulling of in plaats van wat landelijk al gedaan wordt. Landelijk heeft ook enige middelen; handhaving en toezicht locaties. Er wordt ook gewerkt aan aanpak. Hoe verhoudt zich dat tot de plannen van de heer Bos; zij doet de suggestie bij landelijk aan te sluiten in de plaats van zelf iets te bedenken. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) verzucht hierop ook antwoord te hebben gegeven. Hij herhaalt zijn inbreng over de provincie en landelijk. Zoals veel andere steden kan Utrecht dit niet alleen. Hij voorziet dat mensen die vallen onder de doelgroep die hij heeft beschreven, dan naar andere plaatsen gaan. Mevrouw Meerding (VVD) herhaalt haar vraag. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) wil wat er is aanscherpen. De huidige aanpak met als inzet op beheersing van het probleem, leidt tot verspreiding van deze mensen over de provincie, over het land, en over Europa. Dat is niet het antwoord. Hij pleit voor echte oplossingen. Momenteel doet de gemeente Utrecht zijns inziens aan symptoombestrijding. Hij vindt dat kwalijk.
Hiermee rondt hij zijn inbreng af. Niet-agenderende partijen De heer Van Bemmel (Partij voor de Dieren) merkt op dat dit een complex thema is. Zijn partij vindt aan de ene kant het van belang dat overlast en criminaliteit te voorkomen. De nadruk ligt op het voorkomen voor zijn fractie. Aan de andere kant vindt hij het van belang niet hele groepen weg te zetten als crimineel of overlastgevend. Hij begrijpt niet dat in de factsheet herkomstlanden en bijbehorende aantallen genoemd worden; hij legt de vraag voor wat daarvan de meerwaarde is. Hij vraagt of het college met zijn fractie eens is dat dit alleen maar stigmatiserend werkt. Hij vraagt de toezegging van het college dit onderscheid in het vervolg niet meer te maken. Pagina 16 van 24
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 13 juni 2024
780
790
Zijn fractie is blij te lezen dat de 660.000 euro die door het Rijk is toegezegd besteed wordt aan het bieden van perspectief en aan een persoonsgerichte aanpak. Hij vraagt of toegezegd kan worden dat het geld daadwerkelijk besteed wordt aan preventieve maatregelen die de betreffende groep ten goede komen en niet besteed zal worden aan meer politie en beveiliging. De heer Maas (VOLT) was erg blij met de datasheet. Zijn partij vindt data van belang, zeker als het gaat om effecten. Hij stelt een vraag over de in de datasheet genoemde procedures. Hij vraagt of de wethouder of de burgemeester daarop iets kan toelichten. Dat daar iets voorkomen had kunnen worden. Voor het overige is zijn fractie tevreden met de aanpak. Dat neemt niet weg dat hij ziet dat er nog veel gebeuren moet. De vragen die zijn fractie had zijn al door zijn collega commissieleden gesteld. Mevrouw Westra-van Til (ChristenUnie) vindt het heel goed dat de SPUK is toegekend en erkenning geeft aan de effectiviteit van het Meldpunt Perspectief Gesproken wordt over het uitrollen van meerdere meldpunten in het land; het gaat om een groep die niet alleen in Utrecht is, maar zich ook elders ophoudt. Zij vraagt of het college daarover nog iets kan zeggen: wat is daarvan de status en hoe kan het college dat perspectief bevorderen?
800
810
820
De voorzitter rondt hiermee de inbreng van de fracties af en schorst de vergadering 5 minuten. Korte schorsing en hervatting van de vergadering De beantwoording Burgemeester Dijksma licht toe wie wat doet in de beantwoording: zij gaat in op het veiligheidsbeeld, de stand van zaken waarover vragen zijn gesteld. Zij zal ingaan op de samenwerking met het Rijk en hoe dat is verlopen. De wethouder zal ingaan op de vragen met betrekking tot de LVV, de Koudweerregeling, het Meldpunt en in de termen van de heer Bos de gesloten inrichting. Zij gaat eerst in op de groep waarover nu gesproken is. Zij hoorde de oproep in de commissie te komen tot nuance. Zij deelt dat als uitgangspunt. Zij bevestigt dat het over een relatief kleine groep mensen gaat die crimineel gedrag vertoont en overlast veroorzaakt. Nee, heel veel van de mensen die als ongedocumenteerden rondlopen vertonen geen crimineel gedrag. Zij doet een beroep op de commissie die twee zaken vast te houden en groepen niet groter te maken dan ze zijn of problemen groter te maken dan ze zijn. Andersom vraagt de burgemeester de commissie wel realiteitszin te tonen. Het type criminaliteit en overlast is ernstig. Wanneer het gaat over straatintimidatie zegt iedereen “dit pikken we niet, het college moet daaraan paal en perk stellen, dit moet nu stoppen”.
Het kan niet zijn dat het gedrag vergoelijkt wordt omdat het gaat om een kwetsbare groep mensen. Zij waakt ervoor niet de verkeerde discussie te gaan voeren. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) is het ermee eens het gedrag niet te vergoelijken. Wat haar betreft moet de oorzaak van het gedrag wel goed in het oog gehouden worden. Zij bevestigt dat er mensen zijn met kwade intenties. Daarvan moet het bestuur niet wegkijken. Maar wanneer het gedrag voortkomt vanuit psychische of