CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte 11 mei 2023.docx

Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (2022-2026) 8 juni 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen25.518 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

ongelukken. Het gaat hem om averechts gedrag dat ontstaat door ergernis, het moeten zoeken van een alternatieve route en dingen doen die niet horen waardoor er gevaarlijke situaties ontstaan. Hij vraagt de wethouder om alternatieven en reflectie. 5

De voorzitter schorst de vergadering voor enkele minuten. De voorzitter heropent de vergadering.

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk heeft een somber gemoed vanwege de ongevallen van de afgelopen tijd. Dit is ongekend voor Utrecht en hartverscheurend, omdat er kinderen bij betrokken waren. Zij heeft een gevoel van onmacht en vindt het verschrikkelijk voor de betrokkenen. Zij heeft echt haar hoofd gebroken over wat hier nu precies gebeurd is. Sinds de coronacrisis is er in Nederland en Utrecht iets aan de hand waar men moeilijk de vinger op kan leggen en ze vraagt zich af wat men kan leren van deze situatie. De cijfers van ernstige ongevallen zijn de laatste vijf jaren omlaaggegaan en zij constateert dat ernstige ongevallen bijna altijd gebeuren op wegen waar 50 of 70 km/h mag worden gelegen gereden. Snelheid heeft hier dus wel degelijk iets mee te maken. Bij ernstige ongelukken gaat het overigens altijd om snelheid en massa. Zij wijst erop dat er in 2014 nog 706 gewonden waren in het verkeer en dat dit er in 2019 nog maar 410 waren. De aantallen zijn dus lager geworden. De gemeente weegt meldingen en het systematisch risico al mee. Er is een lijst met 15 toplocaties waar de Biltse Rading overigens op voorkomt. Ook daarover zijn meldingen ontvangen, maar over de andere twee locaties zijn eerder niet veel meldingen binnengekomen. Er wordt onafhankelijk onderzoek gedaan op verzoek van de bewoners en er volgt ook nog een politieonderzoek.

Bij de Vleutenseweg vinden komende week gesprekken plaats met bewoners en dit gebeurt ook bij de Biltse Rading. In Overvecht zullen mensen geschouwd worden en bij alle drie de plekken wordt bekeken welke maatregelen er genomen kunnen worden. Met betrekking tot de systematiek brengt de gemeente de meldingen in kaart. Jaarlijks worden er 3000-4000 meldingen ontvangen en deze worden allemaal in behandeling genomen en iedereen krijgt antwoord. De meldingsbereidheid verschilt per plek, maar het is ook belangrijk dat er daarnaast gebruik gemaakt wordt van objectieve systemen. Met name oversteekplekken op 50 en 70 km/h wegen zullen in kaart worden gebracht en daarbij zal naar de risico’s worden gekeken. Op een vraag van de heer De Pagter (VVD) hoe vaak een en ander wordt teruggekoppeld aan de raad antwoordt zij dat er twee keer per jaar een voortgangsrapportage gegeven wordt, maar wellicht komt er ook nog een aparte brief. De volgende voortgangsrapportage zal voor de zomer van 2023 komen. Het college vindt vooral de aanpak van de snelheid belangrijk. Gedrag beïnvloeden is notoir ingewikkeld, want ook campagnes voor gedragsverandering zijn lastig. De combinatie van hulpdiensten en drempels en bussen noemt zij een uitdaging en daar zal expliciet onderzoek naar worden gedaan.

Op een vraag van mevrouw Zwinkels (CDA) of er wellicht nog gesproken kan worden met de concessiehouder over het aanpassen van de rijtijden zegt zij dat ze daar nog op terugkomt. Er worden wel gesprekken gevoerd met de busmaatschappijen en dan is het een kwestie van geven en nemen. Drempels zijn voor bussen overigens erg ingewikkeld en oncomfortabel voor de reizigers. Op een vraag van de heer Dekkers (GL) of er aandacht is voor verlaging van de snelheid bij oversteeksituaties als er gesproken wordt met OV-uitvoerders, durft zij niet te zeggen, maar dit lijkt wel ingewikkeld. Zij noemt de bijna-ongevallen lastig, maar deze worden wel meegenomen bij de meldingen. Af en toe wordt er ook geschouwd of worden er camera’s opgehangen en dat helpt echt, want dan kunnen de experts ook meekijken. Bij herinrichting is verkeersveiligheid een randvoorwaarde en eventueel wordt dit ook extern getoetst. Met betrekking tot data zegt zij dat de politie niet alles monitort. Daarom moeten alle gegevens bij elkaar worden gesprokkeld en deze komen ook vaak vanuit verzekeraars en zorgaanbieders. Daarbij speelt privacy ook nog een belangrijke rol. Daarnaast speelt ook nog dat de cijfers van de laatste jaren niet goed zijn doorgekomen vanwege ICT-problemen, maar waarschijnlijk komt er nog een herstelactie over 2021.

Op een vraag van de heer Van den Enk (Student&Starter) of het mogelijk is dat de gegevens zowel bij elkaar worden gesprokkeld als dat er een loket wordt geopend om deze binnen te krijgen, zegt de wethouder dat dit al mogelijk is via diverse kanalen. Zij denkt niet dat nog een apart meldpunt opzetten zinvol is. Wel vindt ze het belangrijk dat alle data op een rij worden gezet, zodat er een goed beeld ontstaat. Zij wijst erop dat de drukste plekken in Utrecht niet altijd de gevaarlijkste zijn en dat het niet zeker is dat elektrische fietsen tot meer ongelukken hebben geleid, omdat er nu eenmaal ook steeds meer elektrische fietsen rijden. Zij meldt de VVD dat het goed gaat met de pilot met de boa’s. Dat wordt ook bij het Rijk zo ervaren, maar justitie en OM zijn heel huiverig om bevoegdheden te delen, maar het college zet daar wel op in. Met Pagina 30 van 36

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

betrekking tot de flex-flitspalen zijn de locaties Stadsbaan en Vleutensebaan doorgegeven en de Proostwetering, Atoomweg en ’t Goyplein voor de vaste flitspalen. Ze wijst er overigens wel op dat het OM hierop heel kritisch is vanwege de hoeveelheid werk en dat de gemeente een en ander moet onderbouwen. De gemeente gaat overigens niet zelf over de handhaving; het OM weegt dat. Zij wijst erop dat op de singels geen drempels kunnen worden aangelegd vanwege overlast van de trillingen. Op fietspaden rijden tegenwoordig veel verschillende soorten fietsen. Het college vindt het belangrijk dat de snelheid op de fietspaden naar beneden gaat en daar wordt echt een discussie over gevoerd. De gemeente kan echter zelf geen regels stellen, omdat deze er niet over gaat, maar bepleit wel veel mogelijkheden. Geprobeerd is om het gedrag te beïnvloeden door feedback, belijning, maar de gouden formule is nog niet gevonden. Op een vraag van mevrouw Zwinkels (CDA) wanneer de raad weer wordt geïnformeerd over de regels en de toestemmingen vanuit het Rijk, antwoordt zij dat dat in de volgende voortgangsrapportage zal gebeuren en vervolgens kan de raad daar het gesprek over voeren.

Op een vraag van de heer De Pagter (VVD) of er zoveel mogelijk fietsers naar de rijbaan kunnen worden verplaatst en hoe de gemeente omgaat met opgevoerde e-bikes die op het fietspad rijden, zegt de wethouder dat dat lastig te controleren is. In de Tweede Kamer is hierover wel een motie aangenomen, maar dat ligt heel ingewikkeld. Het probleem speelt echter wel degelijk. Met betrekking tot bezorgdiensten kan er alleen gesproken worden met werkgevers met als doel het gedrag aanpassen en het personeel cursussen geven. Bij de inrichting van de weg wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de snelheid en ook wordt het netwerk zo groot mogelijk gemaakt, zodat er snelle en langzame routes mogelijk zijn. Het neerleggen van asfalt of klinkers als snelheidsbeperking is niet echt doorslaggevend, omdat dit slechts 2 à 3 km/h scheelt. Met betrekking tot jongeren en brommers zegt zij dat er bovengemiddeld veel slachtoffers in deze categorie vallen. Bijna alle scholen in Utrecht doen mee aan het verkeersexamen en Utrecht doet mee met landelijke campagnes over het gebruik van mobiele telefoons, alcohol en drugs in het verkeer, maar jongeren zijn neurologisch gezien nog niet helemaal klaar en kunnen daardoor slecht risico’s inschatten.

In wijken waar in het verleden de auto centraal stond, wordt veel gedaan aan herinrichting en het vervangen van de riolering en in Overvecht staat de verkeersveiligheid op nummer 1. Met betrekking tot de schoolstraten zegt zij dat, als de pilot goed gaat, deze zal worden uitgebreid. Op een vraag van de heer De Koning (D66) of die uitrol al klaarstaat, zegt zij dat er twee begrippen zijn, namelijk schoolstraten en schoolzones. Als het gaat om schoolstraten dan nemen de scholen zelf initiatieven. De gemeente zorgt voor de schoolzones en dat zijn er 3-5 per jaar. Zij vindt dat de voetgangers een goede plek in het verkeer moeten krijgen en dat gebeurt ook bij herinrichting. Men is nu bezig met een voetgangersprogramma waarbij de grote knelpunten worden bekeken, de normen worden geformuleerd en er een voetgangersnetwerk wordt aangelegd. Vanwege de verkeersveiligheid zal allereerst gekeken worden naar de drukste wegen. Op een vraag van mevrouw Assen (PvdA) of dat een geld- of een capaciteitskwestie is, antwoordt zij dat het om beide gaat, maar bij herinrichting moet alles op orde zijn. Bij bestaande situaties waar geen projecten zijn, is dat echter wel ingewikkeld. Met betrekking tot de oproep van de heer Dekker over zebra’s en schijnveiligheid zegt zij dat dat een ingewikkelde vraag is en dat zij die schriftelijk zal beantwoorden.

Op een vraag van de heer Dekkers (GL) of er sprake is van normvervaging als bepaalde maatregelen niet getroffen worden, zegt zij van mening te zijn dat dat niet zo is. Als iets meer onveiligheid en dus slachtoffers oplevert, neemt zij dat niet over; zij zal deze vraag nog schriftelijk beantwoorden. Met betrekking tot het laaghangend fruit zegt zij dat het meeste al geplukt is, maar wellicht kan er nog wel in Rijnsweerd gekeken worden wat daar nog mogelijk is. In Hoograven ligt de snelheid net iets te hoog, maar daar staat onderhoud in de planning en dan kan dit meegenomen worden. Met betrekking tot de woonerven wordt bij herinrichting steeds afgewogen of zaken kunnen of niet. Zij zal de vraag over het loket meenemen en een snelheidsverlaging van 70 naar 50 km/h in de buurt van de Biltse Rading ligt al op tafel. Zij wijst erop dat een lage snelheid altijd veiliger is dan een hoge snelheid. M.b.t. de norm van de wijkontsluitingswegen zal in juni door het ministerie worden gepubliceerd. Als veilige ontsluitingswegen in Utrecht zijn de Kanaalstraat, de Amsterdamsestraatweg en de singels naar boven gekomen. Zij zou graag zien dat er op de singels de snelheid van 50 naar 30 km/h teruggaat, omdat dat de veiligheid ten goede komt.

Met betrekking tot onderzoek naar de verkeersveiligheid op ‘t Goylaan zegt zij dat daar eigenlijk camerabeelden nodig zijn om er de vinger op te kunnen leggen. Zij vermoedt dat een fietspad waarop in twee richtingen wordt gereden lastig is voor automobilisten. Met betrekking tot Lage Weide zegt zij dat de gemeente daar een financiële impuls wil geven en wellicht kan ze hierover in de volgende vergadering al meer zeggen. Zij verzoekt mevrouw Zwinkels (CDA) om observaties aan te leveren over het stationsgebied, zodat zij die kan meenemen. Pagina 31 van 36

De voorzitter vraagt of er nog gemiste vragen zijn. 5

De heer Dekkers (GL) mist nog het antwoord op zijn vraag over het standaardinstrument dat in de brief genoemd werd. Wethouder Van Hooijdonk zegt dat de gemeente in de standaard aanpak ook de bewoners wil bevragen.

10

15

De heer De Pagter (VVD) mist het antwoord op zijn vraag of mobiele flitspalen ook door de gemeente zelf aangeschaft kunnen worden. Wethouder Van Hooijdonk zegt dat dit aan het OM gevraagd kan worden. Zij neemt dit mee in de gesprekken en komt erop terug in de volgende voortgangsrapportage. De voorzitter vraagt of dit punt in de raad dient te worden geagendeerd. Mevrouw Assen (PvdA) wil dat nog met haar fractie overleggen.

20

De voorzitter schorst de vergadering voor enkele minuten. De voorzitter heropent de vergadering.

25

30

35

40

45

50

55

9. Raadsbrief Verblijfsplekken voor jongeren De voorzitter geeft een toelichting op het agendapunt. Mevrouw Stylianou (D66) heeft van diverse kanten al gehoord dat jongeren graag ontmoetingsplekken willen hebben. Zij sprak onlangs een meisje bij het station dat al twee keer was weggestuurd en aangaf het gevoel te krijgen dat zij er niet mag zijn. Zij vindt het pijnlijk om te constateren dat jongeren kennelijk dat gevoel hebben. Na de coronacrisis is de eenzaamheid onder jongeren gestegen en daarom denkt zij dat dergelijke locaties broodnodig zijn. Ze vindt het jammer dat beleid op dat gebied ontbreekt of erg versnipperd is en daarom vraagt zij om een duidelijke uitspraak van de raad, zodat het college steun krijgt om het aantal ontmoetingsplekken uit te breiden. Zij denkt dat er twee mogelijkheden zijn, namelijk plekken realiseren in bestaande wijken en plekken realiseren in nieuwe wijken. Zij verwijst naar de beleidsnota ‘Geef jeugd de ruimte’ uit 2009 en roept op een en ander niet te laten ondersneeuwen bij nieuwe wijken. Zij vraagt de wethouder of aanvragen op dat gebied gestimuleerd kunnen worden en of een en ander gecentraliseerd kan worden. Ook zou ze graag zien dat aanvragen alleen om zwaarwegende redenen niet door kunnen gaan.

Op een vraag van mevrouw Assen (PvdA) welke dat dan zijn, zegt zij dat iets niet moet worden afgewezen, omdat bewoners bang zijn dat er overlast ontstaat. Op een vraag van mevrouw Zwinkels (CDA) hoe het zit met overlast en waarom het meisje werd weggestuurd, zegt zij dat het gesprek heel belangrijk is om problemen weg te nemen. Zij vraagt de wethouder of dit bekender kan worden, zodat er meer aanvragen komen en of er een programma jongeren kan komen en ze wil van de raad weten hoe deze dit ziet. Zij denkt dat het belangrijk is dat duidelijk wordt welke afdeling binnen de gemeente verantwoordelijk is voor het proactief aanleggen van jongerenontmoetingsplekken, dat aanvragen voor jongerenontmoetingsplekken meer gestimuleerd moeten worden en, als de norm niet gehaald wordt, dat wordt voorgelegd aan de raad. Op een vraag van de heer Van den Enk (Student&Starter) of er ook culturele jongerenontmoetingsplekken kunnen komen, zegt zij dat een tof idee te vinden. Zij vraagt de wethouder naar de status van een jongerenontmoetingsplek in het Archeologiepark. Mevrouw Assen (PvdA) vraagt welke plek jongeren in de stad verdienen en hoe ervoor wordt gezorgd dat jongeren zich welkom voelen in de stad. Zij realiseert zich dat een buurt niet altijd op een plek voor jongeren zit te wachten en zij vindt dat er ook plekken binnen moeten komen.

Zij verzoekt de wethouder een en ander onder de aandacht te brengen van de jeugd. Ze vraagt wie hier nu eigenlijk op stuurt en zij denkt dat jongeren zitten te springen om een plek. Zij wijst op de Geuzenwijk waar eerder een plek was die weer is weggehaald. De overlast is toegenomen en zij vraagt of er inspraak van jongeren kan komen en of er buiten de gebaande paden om kan worden Pagina 32 van 36

gedacht. Zij verzoekt de wethouder een integrale visie op te stellen op jongeren en hoe zij binnen en buiten een plek kunnen krijgen in de stad. 5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer De Pagter (VVD) vindt investeren in plekken voor jongeren belangrijk. Het afgelopen jaar is er wel een inhaalslag gemaakt in Leidsche Rijn en Vleuterweide en het is hem opgevallen dat omwonenden vaak heel kritisch daar tegenover staan. Hij vraagt wat het college doet om met jongeren in gesprek te gaan en te zorgen dat die plekken er komen. Hij vindt wel dat, als die plekken er eenmaal zijn, de gemeente ook contact moet houden met de jongeren. De heer Van den Enk (Student&Starter) vindt het belangrijk dat jongeren elkaar in de openbare ruimte kunnen ontmoeten en kunnen sporten. Hij vraagt of de wethouder het belang van een jongerenontmoetingsplek in de openbare ruimte erkent en hoe deze weet dat er jongerenontmoetingsplekken verdwijnen. Hij roept op ook na te denken over de mogelijkheden die Utrecht op dat gebied heeft, want momenteel is er te weinig ruimte voor jongeren. Hij vraagt naar de visie van de wethouder, wat jongeren zelf van deze plekken vinden en hoe de wethouder in het participatietraject een plek wil geven aan jongeren. Het feit dat bewoners bang zijn voor overlast noemt hij een spanningsveld en dit werkt niet goed voor de ontwikkeling van de omgeving. Daarom roept hij op om de mensen bij elkaar te zetten, zodat er meer begrip komt voor elkaar.

Hij zou graag zien dat er een goede definitie komt van een jongerenontmoetingsplek en vraagt de wethouder of hij het met hem eens is dat bushokjes geen geschikte jongerenontmoetingsplek zijn, ook niet als ze als zodanig bestempeld worden. Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt jongerenontmoetingsplekken heel belangrijk en zegt dat het gevaar van overlast niet overdreven moet worden. Met betrekking tot de brief van het college, die nogal versnipperd was, zegt zij dat zij liever een integraal overzicht zou willen hebben. Zij vraagt de wethouder ook hoe het financieel zit en roept op om te gaan samenwerken met de stichting JOU en met scholen en jongeren. Zij wil het graag laagdrempelig houden. Ze doet de suggestie om een jongerenraad op te richten en vraagt wat het college daarvan vindt. Op een vraag van mevrouw Stylianou (D66) of zij een jeugdpanel bedoelt, zegt zij te denken aan een apart gremium. Het valt haar op dat er wel basketbalveldjes zijn, maar dat deze vaak slecht onderhouden worden; wellicht kan met jongeren worden overlegd of de kwaliteit daarvan verbeterd moet worden. Op een vraag van de heer Van den Enk (Student&Starter) of er een verbinding gemaakt kan worden met het democratieprogramma, zegt zij dat op zich een goede suggestie te vinden, maar op die manier bereik je slechts een beperkte groep. Het is beter dat de gemeente zelf naar buiten gaat.

Mevrouw Passier (VOLT) vindt buiten spelen en buiten elkaar ontmoeten heel belangrijk voor jongeren en hun ontwikkeling. Daar moet dan ook wel ruimte voor zijn en het is fijn dat de gemeente hierin een rol wil spelen. Ze is blij met de gedane oproepen en roept op het gesprek daarover te blijven voeren. Zij vraagt hoe ervoor gezorgd kan worden dat de hele groep jongeren wordt meegenomen en niet alleen kwetsbare jongeren die via de stichting JOU bereikt worden. Zij vraagt ook of er plekken voor jonge kinderen komen en of de overlast in kaart wordt gebracht, wat daarvan de conclusies zijn en hoe deze meegenomen kunnen worden bij de ontwikkeling van nieuwe locaties. Zij vindt het belangrijk dat sport voor iedereen bereikbaar is en ze is blij met de doelen die opgesteld zijn en met het participatietraject. Zij vraagt de wethouder wat een ideale ontmoetingsplek nu echt nodig heeft, hoe ervoor kan worden gezorgd dat de locaties voor alle jongeren bereikbaar zijn en of er gekeken wordt naar inclusiviteit van de locaties, zodat deze bijvoorbeeld per rolstoel bereikbaar zijn. Mevrouw Hornsveld (GL) citeert enkele uitspraken van Socrates van vele honderden jaren geleden. Haar fractie roept op jongeren te steunen en wijst erop dat er wel verschillen per buurt zijn.

De straat speelt een belangrijke rol bij de ontwikkeling van jongeren en haar fractie heeft in de afgelopen vier jaar meer aandacht gevraagd voor een plek voor jongeren in de Geuzenbuurt en de Betonwijk. Ze vindt het jammer dat er geen mensen te vinden zijn die in samenwerking met JOU zich willen inzetten voor jongerenontmoetingsplekken en vraagt de wethouder hoe dat komt. Zij vindt het belangrijk dat er in de stad plek gemaakt wordt voor jongeren en zegt dat dat vanaf de tekentafel meegenomen moet worden. Het valt haar op dat er in Utrecht meer parkeerruimte is dan jongerenontmoetingsplekken, maar destijds is toegezegd dat er meer ruimte zou komen voor kinderen en jongeren. Zij wijst op een amendement over de speelvisie dat eerder is aangenomen Pagina 33 van 36

en vraagt hoe het staat met de 5%. Zij wijst nog op het taalgebruik in de raadsbrief en verzoekt om voortaan in plaats van over stakeholders, te praten over betrokkenen of belanghebbenden. 5

Mevrouw Alblas (CU) benadrukt dat zij rolstoeltoegankelijkheid erg belangrijk vindt. De voorzitter schorst de vergadering voor enkele minuten. De voorzitter heropent de vergadering.

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Wethouder De Vries bedankt de raadsleden voor de agendering en vindt dit een goed voorbeeld van de beoogde rol van een commissie. Het is goed dat in de commissie het gesprek met elkaar wordt gevoerd en dat bekeken wordt welke winst er te behalen valt. Op de vraag hoe men omgaat met jongeren in de stad denkt hij dat er eerst een pedagogische visie nodig is. Het is belangrijk dat samen met bewoners wordt bekeken wat de jongeren van Utrecht doen. In het verleden heeft hij vaak gezien dat er vrees was voor overlast. Hij denkt dat veiligheid belangrijk is voor de verblijfsplekken en misschien kan er vanuit de jeugd en de openbare ruimte gekeken worden hoe een en ander kan worden gefaciliteerd. Het is belangrijk dat jongeren in hun eigen wijk erbij worden betrokken en daarom roept hij op om samen met jongeren, jongerenwerkers en bewoners het pedagogisch pad te bewandelen en te bekijken hoe men een en ander voor zich ziet. Hij zou graag per wijk een beeld willen hebben om vervolgens te kunnen bekijken hoe een en ander wordt uitgevoerd en hij wil dat graag grondig doen. Op een vraag van mevrouw Assen (PvdA) wat de definitie van de jongerenontmoetingsplekken is en of het alleen daarom gaat zegt hij dat er al wel verblijfplekken voor jongeren in de stad zijn, maar als het specifiek gaat over een jongeren ontmoetingsplek, dan is er onduidelijkheid.

Op een vraag van mevrouw Assen (PvdA) of er ook gekeken wordt naar plekken binnen zegt de wethouder dat de jongerenontmoetingsplek een plek buiten is. Er is al beleid gemaakt voor plekken binnen en daarin staat dat binnen 1000 m er een plek voor jongeren moet zijn. Hij stelt voor om in Q2 van 2024 de raad per brief te informeren om daarna een volgende stap te zetten. De financiering is overigens heel belangrijk; er is geen pot met geld, maar een aantal van deze plekken wordt wel gefinancierd. Ook moet over verschillende manieren worden nagedacht. Op een vraag van mevrouw Hornsveld (GL) of de wethouder het over sportcabines heeft, omdat daar goede ervaringen mee zijn, zegt hij dat het goed is om die ook mee te nemen, maar dat hij graag samen met jongeren wil nadenken over een invulling. Op een vraag van mevrouw Stylianou (D66) of het gaat om plekken uit de speelnorm of om nieuwe plekken zegt hij dat het niet over de bestaande norm gaat, maar om een aantal plekken in de buitenruimte waarover hij samen met jongeren wil nadenken. Op een vraag van mevrouw Assen (PvdA) of plekken voor binnen gerealiseerd kunnen worden in bestaande buurthuizen zegt de wethouder dat er over locaties gesproken kan worden.

Op een vraag van mevrouw Assen (PvdA) om integraliteit bij binnen- en buitenplekken zegt de wethouder dat het gaat om een drietrapsraket waarbij eerst visie, vervolgens realiteit en vervolgens haalbaarheid worden meegenomen. Wethouder Schilderman zegt dat de openbare ruimte van iedereen is en dat de speelvisie vorig jaar is vastgesteld. Daarin staat echter geen norm voor jongerenontmoetingsplekken. De sportcontainers zijn onderdeel van de visie speelruimte. Met het coalitieakkoord is er geld vrijgekomen voor spelen en sporten in de openbare ruimte en dat is de norm. Op een vraag van mevrouw Stylianou (D66) of jongeren ook betrokken worden bij speelscans, antwoordt de wethouder bevestigend en zij verwijst naar de visie. Op dit moment zijn er 30 jongerenontmoetingsplekken en zij zou het een goede zaak vinden als er ook een jongerenontmoetingsplek komt in het Archeologiepark. Daarover kan wellicht in de buurt al gesproken worden. Daarnaast zullen er extra beheermaatregelen komen en een evaluatie. Met betrekking tot de financiering zegt zij dat daar in het coalitieakkoord geld voor is vrijgemaakt. De realisatie van jongerenontmoetingsplekken gebeurt vaak vanuit verschillende budgetten. Wethouder De Vries zegt dat er al vragen zijn gesteld over de Geuzenwijk.

Partners en vrijwilligers organiseren daar wekelijks activiteiten voor jongeren en het aantal jongeren in het COB-gebouw is toegenomen. Men is ook bezig met vernieuwingen aan het Zwarte Plein en daar kan wellicht ook een jongerenontmoetingsplek worden gecreëerd. Op een vraag van mevrouw Assen (PvdA) of er op het Zwarte Plein verschillende varianten gerealiseerd zouden kunnen worden, zegt de wethouder dit mee te zullen nemen. Over het oprichten van een jongerenraad zegt hij dat praten met jongeren in hun eigen wijk juist heel belangrijk is. Er is in Utrecht al een stedelijk panel genaamd Young Minds, dat actief meedenkt over stedelijke vraagstukken. Wellicht Pagina 34 van 36

5

10

15

kan deze groep hierbij betrokken worden. Op een opmerking van mevrouw Zwinkels (CDA) dat zij hoopt dat het idee van een jongerenraad niet te snel overboord wordt gegooid en de vraag of wethouder kan toezeggen dat deze groep hierbij betrokken wordt, zegt de wethouder van mening te zijn dat er niet te veel organen bij betrokken moeten worden. Hij zegt toe dat Young Minds erbij zal worden betrokken en dat het proces in de wijk met de jongeren zelf zal worden gedaan. Op een vraag van mevrouw Stylianou (D66) wat er nodig is om het beleid uit 2009 te updaten en of de raad op de hoogte gehouden kan worden van de aanvragen die er binnen komen voor jongerenontmoetingsplekken, zegt de wethouder dit aan zijn toezegging voor Q2 2024 te zullen koppelen. Hij zal dan met een brief komen. Op een vraag van mevrouw Zwinkels (CDA) of het initiatieffonds onder de aandacht kan worden gebracht, zegt hij dat het initiatieffonds voor diverse zaken gebruikt kan worden en dat dit er een van is. Op een vraag van de heer De Pagter (VVD) wat er in Vleuterweide met de bewoners gebeurt, zegt de wethouder dat op al die locaties een participatieproces loopt en dat de wijkwethouder daar een rol in kan krijgen. Mevrouw Hornsveld (GL) vraagt nog hoe het staat met 5% van de openbare ruimte voor jeugd en jongeren. Wethouder Schilderman zal hierop voor de zomer van 2023 nog reageren.

20

Mevrouw Assen (PvdA) wil graag meer duidelijkheid en vindt Q2 2024 wel erg laat voor een reactie. Zij vraagt of er in de tussentijd gekeken kan worden naar laaghangend fruit om die kansen te benutten.

25

Wethouder De Vries zegt dat de drietrapsraket belangrijk is voor het proces, maar dat laaghangend fruit meteen meegepakt kan worden.

30

De voorzitter constateert dat er twee toezeggingen zijn gedaan, namelijk dat de wethouder de raad zal informeren per brief over de jongerenontmoetingsplekken in de wijken. Dit gebeurt in Q2 van 2024. Verder zal de raad een brief ontvangen over de 5%. Dit zal gebeuren voor het zomerreces van 2023. De voorzitter vraagt hoe de raad dit punt in de raadsvergadering wil bespreken. De fracties van D66, CDA en PvdA overwegen een motie.

35

Mevrouw Zwinkels (CDA) moet eraan wennen dat het in deze commissie over jeugd gaat. Wethouder Schilderman zegt dat, als het om realisatie gaat, dit hoort bij de openbare ruimte, maar als het om de doelstelling gaat, dit onder jeugd valt.

40

De voorzitter sluit de vergadering om 23.15 uur en wenst de aanwezigen wel thuis.

Pagina 35 van 36

LIJST VAN TOEZEGGINGEN 5

10

Wethouders Schilderman en De Vries zeggen, m.b.t. agendapunt 9, het volgende toe: De voorzitter constateert dat er twee toezeggingen zijn gedaan, namelijk dat de wethouder de raad zal informeren per brief over de jongerenontmoetingsplekken in de wijken. Dit gebeurt in Q2 van 2024. Verder zal de raad een brief ontvangen over de 5%. Dit zal gebeuren voor het zomerreces van 2023.

Pagina 36 van 36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=5a6a45d1-162b-4a4f-b3b5-9748b61e31e2