CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag commissie VOWE 14 maart 2024

Commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie (2022-2026) 11 april 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen35.349 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Verslag openbare ochtendvergadering commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie 5

10

15

20

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

14 maart 2024 Raadzaal, Stadhuis mevr. S. Donkers (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

Dhr. E. Eerenberg (Wethouder), mevr. S. Schilderman (wethouder), dhr. R. van der Zweth (voorzitter), mevr. W. Kok (commissiegriffier), mevr. Y. Hessel (Utrecht Solidair), dhr. R. van den Hoek (UtrechtNu!), mevr. A Sasbrink (PvdD), dhr. H. Stellinga (CDA), mevr. A. Oudejans (Student&Starter), mevr. M. Fattal (GroenLinks), mevr. M. Vermeulen (GroenLinks), mevr. J. Kleinrensink (GroenLinks), dhr. C. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht), mevr. M. Al-Saqaff (VVD), mevr. I. Raaijmakers (PvdA), mevr. R. Leener (PvdA), mevr. N. Stylianou (D66), mevr. B. van der Wilt (D66), dhr. M. Talhaoui (PvdA), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), dhr. L. van Straalen (ChristenUnie), mevr. L. Bode (Volt), dhr. R. Peters (D66). dhr. V. Paalman (Horizon), mevr. M-L. Beekmans (Bij1), dhr. J. Otto (EenUtrecht!)

Verslag openbare vergadering commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie 25

30

35

1. Opening en mededelingen ............................................................................................................2 2. Vaststellen van de agenda van 14 maart 2024 .............................................................................2 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen. ...................................................................................2 3.1 Raadsvoorstel Beleidsnota Werk en Re-integratieverordening. ..............................................2 3.2 Raadsvoorstel Uitgangspuntennotitie Beleidsnota Omgevingsvisie Lage Weide ...................2 3.3 Raadsvoorstel Beleidsnota gezondheid ‘Samen gezondheidsverschillen verkleinen 20242027’ ..............................................................................................................................................3 3.4 Raadsvoorstel Utrechtse Onderwijsagenda 2024-2027 ..........................................................3 3.5 Informatieve bijeenkomst Beleidsnota werklocaties ................................................................3 3.6 Agenderingen ter plaatsen op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven ..............................3 4. Verslagen ......................................................................................................................................6 5.

Toezeggingen/Moties ....................................................................................................................6 6. Ingekomen stukken .......................................................................................................................6 7. Raadsvoorstel Wijziging Ontwikkelingskader Detailhandel 2012, APV Utrecht 2010, standplaatsen en legesverordening gemeente Utrecht 2024 en raadsbrief voortgang standplaatsenbeleid. .........................................................................................................................6 Pagina 1 van 60

1. Opening en mededelingen 5

10

15

De voorzitter opent de vergadering om 10.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom. Wethouder Eerenberg doet de mededelingen dat eenieder zojuist een Raadsbrief heeft ontvangen over het voorbereidingsbesluit tabak en hierover heeft hij vorige week in de commissie ROG ook al een mededeling gedaan. In de brief wordt aangegeven dat het college voornemens is dit besluit in te trekken omdat er geen zicht meer is op wetgeving die hierbij aansluit. Het voorbereidingsbesluit ligt bij de commissie ROG maar het doel ligt bij deze commissie vandaar dat de wethouder het hier ook deelt. De wethouder laat het aan de commissie hoe en waar zij het verder willen bespreken. De voorzitter vraagt wethouder Eerenberg nog even te blijven omdat er bij de toezeggingen nog een vraag is voor hem. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt de Raadsbrief te agenderen en of dat dan in deze commissie kan. De voorzitter deelt mede dat dit bij punt drie meegenomen kan worden.

20

2. Vaststellen van de agenda van 14 maart 2024 De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

3. Vaststellen van ingekomen agenderingen. 25

30

De voorzitter geeft aan dat het een puzzel gaat worden omdat er meer zaken zijn om te agenderen dan dat er tijd is. De voorzitter wil alle agenderingen langslopen en dan aan het einde gaan bepalen voor welke datum het op de agenda komt. 3.1 Raadsvoorstel Beleidsnota Werk en Re-integratieverordening. Het voorstel om dit punt voor honderdtwintig minuten op de agenda te zetten is akkoord. De voorzitter inventariseert de behoefte voor een RIB of een technische sessie.

35

40

Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) wil graag een RIB en heeft hiervoor gisteren al een mail gestuurd met het voorstel waarbij de partijen PvdA, VVD en D66 bij aan willen sluiten. De voorzitter verzoekt GroenLinks binnen twee dagen met een tekstvoorstel te komen en nog verder te inventariseren welke partijen er mee willen doen en hij verzoekt dit bij de griffier aan te leveren. 3.2 Raadsvoorstel Uitgangspuntennotitie Beleidsnota Omgevingsvisie Lage Weide

45

50

Het voorstel vanuit de voorzitter is om dit punt voor negentig minuten te agenderen. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vindt de negentig minuten prima en zij geeft daarbij aan graag ook nog een RIB te willen organiseren. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) wil aansluiten bij de RIB en vindt dan zestig minuten voldoende. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vindt zestig minuten te krap wanneer er ook al een aantal partijen een inbreng willen doen. Zij adviseert om niet te krap te plannen. Pagina 2 van 60

De voorzitter krijgt akkoord voor vijfenzeventig minuten. De partijen CDA, D66, PvdA, VVD en ChristenUnie willen mee agenderen en zij dragen de verantwoordelijkheid voor het organiseren. De commissie steunt de behoefte aan een RIB. De VVD neemt het initiatief hierin. 5

3.3 Raadsvoorstel Beleidsnota gezondheid ‘Samen gezondheidsverschillen verkleinen 2024-2027’ Het voorstel om dit punt voor honderdtwintig minuten te agenderen is akkoord.

10

15

20

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) heeft een technische vraag over wat er in de agenda staat. Er staat bij omgewisseld in verband met digitale toegankelijkheid en daarvan snapt zij niet wat bedoeld wordt. De voorzitter geeft aan dat dit er niet in had moeten staan. Verder biedt het college een technische sessie aan en de voorzitter concludeert dat daar behoefte aan is. Deze zal ook worden ingepland en zou gecombineerd kunnen worden met een toelichting op het Raadsbesluit over het rekenkamerrapport over het beleid ter attentie van mentale gezondheid; deze wordt uiterlijk een week voor de volgende vergadering toegestuurd. 3.4 Raadsvoorstel Utrechtse Onderwijsagenda 2024-2027 Het voorstel voor een spoedige behandeling van dit punt voor honderdtwintig minuten is akkoord.

25

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt negentig minuten voor omdat er al eerder over gesproken is. De voorzitter ziet geen steun voor dit voorstel en besluit dat er akkoord is voor honderdtwintig minuten.

30

3.5 Informatieve bijeenkomst Beleidsnota werklocaties Het college biedt een informatieve bijeenkomst aan die in het vierde kwartaal naar de raad gaat. Het doel is om te duiden om welke locaties het gaat en wat de aanpak is.

35

Mevrouw Bode (Volt) stelt voor dit in te plannen wanneer de stukken voorliggen.

40

Wethouder Schilderman heeft dit voorgesteld omdat er de komende tijd steeds meer onderwerpen komen die gaan over bedrijventerreinen en werklocaties waar de afgelopen tijd minder over gesproken is. De wethouder stelt voor dat ook de bijeenkomst over Lage weide kan worden uitgebreid met meer algemene informatie over bedrijventerreinen. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt hoeveel minuten er voor de RIB nog over zijn want zestig minuten en dan nog aanvullen met dit onderwerp wordt dan wel krap.

45

De voorzitter kan dit nog niet beoordelen omdat de tijden van de RIB-en nog niet duidelijk is. De voorzitter inventariseert en komt tot de conclusie dat er geen behoefte is voor een losse sessie. 3.6 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven

50

De raadsinformatiebijeenkomst Huisartsenzorg Kanaleneiland.

55

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) geeft aan dat er al veel vragen zijn gesteld en dat er ook al acties zijn ondernomen. Aangezien zij zich nog zorgen maken over de toekomst wil de PvdA graag een RIB organiseren met bewoners en andere betrokken partijen om het gesprek aan te gaan. Dit verzoek wordt mede namens Volt, Horizon, CDA, VVD, GroenLinks en D66 geïnitieerd. De voorzitter concludeert dat dit voldoende partijen zijn en dat deze op de agenda komt.

Pagina 3 van 60

Het Commissiedebat tekorten in de kraamzorg.

5

Mevrouw Leever (PvdA) verduidelijkt dat ook hier al schriftelijke vragen zijn gesteld en dit heeft aangezet tot de behoefte nog verder te bespreken. Het verzoek zit al bij iedereen in de mailbox en het is mede namens GroenLinks, VVD en D66. De voorzitter doet een voorstel om dit voor vijfenveertig minuten op de agenda te zetten en dat is akkoord.

10

De Raadsbrief over het Voorbereidingsbesluit Tabakszaken. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) is van mening dat deze brief de gezondheid raakt en vindt het derhalve van belang de brief in deze commissie kort te agenderen.

15

20

De voorzitter vindt dit wel een dilemma omdat er in dit geval ook voor ROG wordt bepaald dat het bij hen niet meer op de agenda komt. Wanneer er besloten wordt het hier te agenderen gaat de voorzitter ervan uit dat de woordvoerders van ROG het daar ook mee eens zijn. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat dit niet zomaar afgesproken kan worden en dat dit met ROG besproken moet worden omdat er in die commissie ook al voornemens zijn het verder te bespreken. De heer Stellinga (CDA) is het eens met mevrouw Al-Saqaff tevens voorzitter van ROG.

25

30

35

40

45

De voorzitter geeft aan dat ROG net geweest is en dat het daar nog even kan duren voor het geagendeerd wordt. Aan de andere kant kan het in deze commissie geagendeerd worden en dan moeten de woordvoerders van ROG uitgenodigd worden hieraan te sluiten. Mevrouw Sasbrink (PvdD) is het eens met het laatste voorstel van de voorzitter. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) geeft aan dat hij via de app heeft begrepen dat UtrechtNu! ook wil aansluiten. De voorzitter doet het voorstel hier te agenderen en dat dit wordt kortgesloten met ROG. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) verduidelijkt dat de wethouder vorige week bij ROG de melding gedaan heeft en die commissie daarbij als voorkeurcommissie is gekozen en zij wil het tegenovergestelde voorstellen. De voorzitter geeft aan dat de wethouder ook hier heeft gedeeld zodra dit mogelijk was. De wethouder is van mening dat het beide commissies raakt daarbij heeft de wethouder ook aangegeven dat het aan de commissie is om te bepalen waar het besproken wordt. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) benoemt dat er bij ROG waarschijnlijk meer plaats is op de agenda en dat het vanuit dat oogpunt beter daar op de agenda past. De voorzitter kijkt even naar mevrouw Al-Saqaff om bevestigd te krijgen dat dit niet meer het geval is.

50

55

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan dat de volgende vergadering ook helemaal vol zit maar dat er bij de vergadering van mei wel weer ruimte is. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het logischer dat, nu de ruimtelijke route dood lijkt te lopen, het weer meer over de inhoud gaat. In het kader van volksgezondheid is het dan logischer het in deze commissie te bespreken. De voorzitter gaat met ROG contact opnemen wat logisch is en vraagt de heer De Graaf een agendering voor te bereiden en contact te leggen met de woordvoerders. De agendering wordt dan via de app besproken en zal dan een plaats krijgen op een van de agenda’s. De partijen die Pagina 4 van 60

mee willen agenderen zijn Student&Starter, CDA, PvdD, GroenLinks, PvdA, Volt, Utrecht Solidair en D66. 5

10

De heer Otto (EenUtrecht!) wil nog een agenderingsvoorstel doen om “ondernemers centraal” te agenderen voor de volgende VOWE-vergadering of mogelijk de vergadering daarop. Dit gezien het feit dat er nog een laatste document komt in het eerste kwartaal. De voorzitter stelt voor dit bij de volgende vergadering in de agenderingen mee te nemen omdat dan ook de stukken zijn ontvangen. Het verzoek is een agendering te schrijven voor de volgende VOWE-vergadering. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het niet terecht dat het Voorbereidingsbesluit Tabak niet kan worden meegenomen in de puzzel.

15

20

25

30

De voorzitter wil dit eerst met ROG kijken. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt voor het wel mee te nemen en wanneer er besloten wordt het toch in ROG te bespreken kan er een punt dat verschoven wordt naar voren gehaald worden. De voorzitter bespreekt per datum de punten die erop staan en welke doorgeschoven kunnen worden, dit zorgt voor het volgende schema: Dinsdag 2 april Raadinformatie Bijeenkomst. • RIB Beleidsnota werk en re-integratie blijft staan voor zestig minuten. • RIB Huisartsenzorg Kanaleneiland wordt verschoven naar 14 mei. • RIB Lage Weide blijft staan voor negentig minuten inclusief ambtelijke toelichting over werklocaties. • Technische sessie Beleidsnota Gezondheid wordt voor de RIB-en gepland om 18:30 uur voor zestig minuten Mevrouw Raaijmakers (PvdA) merkt op dat er wel ook ruimte moet blijven voor eigen agenderingen gezien het feit dat Raadsvoorstellen steeds voorrang krijgen.

35

Donderdag 11 april de commissievergadering. Mevrouw Leever (PvdA) geeft aan dat het debat over kraamzorg eraf mag en naar mei mag.

40

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) doet het voorstel het agendapunt over passend onderwijs en thuiszitters ook later te bespreken en dat het ook korter kan naar zestig minuten. De voorzitter geeft aan dit agendapunt met zestig minuten precies past.

45

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of de twee onderwijspunten kunnen worden samengevoegd. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) bemerkt dat dit niet het geval is omdat het veel meer gaat over de kernpartner aanpak. Mevrouw Vermeulen wil het dan liever verplaatsen.

50

De voorzitter stelt vast dat dit punt wordt verplaatst naar mei. De voorzitter concludeert dat hiermee de agenderingen zijn vastgesteld zij het dat het agendapunt over tabak niet is meegenomen. De voorzitter stelt voor de Beleidsnota Gezondheid naar mei te schuiven op het moment dat tabak op de agenda komt.

55

De heer Otto (EenUtrecht!) wil nog als agendeerders opgenomen worden voor werk en reintegratie.

60

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt nog wanneer de locatieprofielen voor evenementen komen want deze zouden in het eerste kwartaal komen. Pagina 5 van 60

De voorzitter geeft aan dat de wethouder hier later op terug komt.

4. Verslagen 5

Het conceptverslag commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie van 8 februari en het geheime conceptverslag van de commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie van 8 februari worden zonder wijzigingen vastgesteld.

5. Toezeggingen/Moties 10

15

20

25

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) wil graag weten wanneer de toezegging over de verleningsoptie aanbesteding leerlingenvervoer komt, deze was toegezegd voor het eerste kwartaal maar is nog niet ontvangen. Wethouder Eerenberg deelt mee dat er op dit moment bijna een conclusie is en deze zal vanavond worden aangeleverd. Mevrouw Van der Wilt (D66) concludeert dat de toezegging schoollunch samen met de motie “it takes a city” steeds van de lijst afvalt en ze vraagt of de toezegging terug op de lijst kan. De motie “VE vanaf twee” staat op de lijst als zijnde afgedaan maar ze heeft begrepen dat deze in het derde kwartaal nog komt en ze vraagt of dit ook kan worden aangepast. Wethouder Eerenberg merkt op dat het eerste een kwestie is van het punt terug op de lijst zetten en over het tweede moet hij even op terug komen omdat er een reden was dat deze is afgevoerd. Hier moet verkend worden wat er meegedaan moet worden en wat er nog van het college verlangd wordt. Lijst van moties en toezeggingen wordt met de genoemde wijzigingen vastgesteld.

6. Ingekomen stukken 30

35

Er zijn geen ingekomen stukken Schorsing twee minuten

7. Raadsvoorstel Wijziging Ontwikkelingskader Detailhandel 2012, APV Utrecht 2010, standplaatsen en legesverordening gemeente Utrecht 2024 en raadsbrief voortgang standplaatsenbeleid. De voorzitter probeert de fracties te houden aan de tijd en benadrukt dat het debat al een keer eerder heeft plaatsgevonden.

40

45

50

Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen. Mededelingen De commissieleden hebben geen mededelingen. Eerste termijn Mevrouw Bode (Volt) dankt eenieder die tijd heeft gestoken in het Raadsvoorstel; zij gaat er tevens vanuit dat zij dit zo goed mogelijk hebben gedaan. Utrecht loopt voorop wat betreft dit beleid aangezien er in andere steden nog vergunningen voor onbepaalde tijd worden gegeven. Pagina 6 van 60

5

10

15

Volt kan zich in de kern vinden in het voorstel maar heeft drie punten voor verbetering. Allereerst zijn standplaatsen niet bestemd in het omgevingsplan en de wethouder wordt gevraagd of het mogelijk is dat zij een vergunning kunnen aanvragen wanneer zij een vaste kiosk worden. Hierdoor worden het vaste plekken en vallen zij buiten het standplaatsbeleid. Het tweede punt gaat over de oliebollenkramen. De ingang van het nieuwe beleid na de zomer raakt de oliebollenverkopers. Mevrouw Bode vraagt de wethouder of er een mogelijkheid is om ervoor te zorgen dat zij ook nog twee seizoenen onder de huidige regeling vallen. De derde is dat wagens niet mogen blijven staan op de dagen dat zij geen vergunning hebben. Dit zorgt voor extra vervoersbewegingen die duur zijn en er moet stalling worden geregeld. De wagens op de plek laten staan zonder er een vergunning voor te hebben vindt Volt ook oneerlijk. De wethouder wordt gevraagd of de wagens in dit geval kunnen blijven staan tegen een kleinere vergoeding. De heer Peters (D66) snapt de vraag maar stelt dat dit ook voor problemen zorgt in het kader van de verkeersveiligheid en hulpverlening en hij vraagt of Volt dan nog steeds vindt dat ze moeten blijven staan. Mevrouw Bode (Volt) zegt dat ze ook op andere dagen daar staan dus dat dit geen extra probleem zou moeten zijn.

Terwijl het verplaatsen van deze grote wagens mogelijk wel voor extra problemen kan zorgen.

20 Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt wat Volt vindt van de selectiecriteria en of het duidelijk is waar je op kunt sturen. 25

Mevrouw Bode (Volt) heeft begrepen dat de ondernemer iets in moet vullen maar er is verder niet uitgelegd hoe dit berekend wordt. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt of Volt ook vindt dat dit beter uitgewerkt moet worden zodat de raad daar een betere beslissing over kan nemen.

30

35

Mevrouw Bode (Volt) moet daar over nadenken omdat het ook nieuw is en een systeem dat nog geleerd moet worden. Tegelijkertijd is er ook de wens een gelijk speelveld te creëren. De heer Stellinga (CDA) heeft een punt van orde en wil benoemen dat het debat niet overgedaan wordt maar dat er nieuw beleid is; dat vraagt om een nieuw debat en daar mag gewoon de tijd voor genomen worden. De voorzitter is het hiermee eens en heeft hetzelfde bedoeld.

40

45

50

De heer Stellinga (CDA) deelt mee dat het nieuwe standplaatsenbeleid vorige jaar heeft geleid tot onzekerheid en onrust. De wrevel is nog niet weg bij het CDA en zij willen een algemene toezegging van de wethouder dat dit nooit meer voor komt. Het CDA ziet ook dat er positieve punten zijn behaald en ziet dat er zichtbaar is getracht de huidige situatie te behouden met de toegepaste branchering. Het onzalige idee van loting waar het CDA zich vorig jaar tegen heeft verzet is gelukkig van tafel. Wel constateert het CDA dat bij een gelijk aantal punten er nog selectie mogelijk is en zij zien dit liever op een andere manier. Het CDA is blij dat er nu geselecteerd wordt maar zij zetten wel vraagtekens bij de selectiecriteria. Het CDA blijft van mening dat kwaliteit goed objectief weerbaar is, getuige de mails die uit de wijken ontvangen zijn. Hieruit blijkt namelijk duidelijk dat de standplaatshouders kwaliteit leveren. Het CDA is niet tegen het selectiecriterium van binding met de wijk maar zij vragen zich wel af hoe zich dit verhoudt tot de tabel met selectiecriteria die de raad vorig jaar ontvangen heeft. Daarin werd het criterium afgewezen door het college en aangemerkt als zijnde in strijd met de dienstenrichtlijn. De heer Stellinga vraagt de wethouder waarom het nu dan wel een criterium is en of dit een louter politieke keuze is om akkoord te gaan met het juridische risico.

Pagina 7 van 60

Mevrouw Fattal (GroenLinks) vraagt of het CDA zich bewust is van het feit dat de raad een aangenomen motie uitvoert op dit moment en het dus een politieke keuze is. 5

De heer Stellinga (CDA) stelt de vraag terug welke motie er uitgevoerd wordt. Mevrouw Fattal (GroenLinks) zoekt dit verder uit.

10

15

De heer Stellinga (CDA) geeft aan dat de dienstenrichtlijn zegt dat een lidstaat een dienstverrichter met een bijzondere nationale of lokale sociale band geen voordeel mag toekennen. Nu wordt er aangegeven dat het toekennen wel kan omdat het naar de toekomst is en het niet kan worden getoetst op bewezen ervaringen. Daarentegen kunnen ondernemers wel hun ervaring inzetten om een toekomstplan te onderbouwen. Het CDA vraagt zich af of zij daarmee niet indirect voordeel hebben ten opzichte van toetreders. Daarnaast vraagt het CDA zich af of dit juridisch haalbaar is. De heer Peters (D66) vraagt of het CDA vindt dat de juridische haalbaarheid voorop moet staan.

20

25

De heer Stellinga (CDA) zal nooit vragen de wet te overtreden maar zij willen binnen de juridische mogelijkheden een optimum bereiken qua selectiecriteria. Het CDA vreest dat het beleid te veel wordt dichtgeregeld en dat er geen manoeuvreerruimte meer bestaat. De selectiecriteria duurzaamheid en binding met de wijk worden gebruikt om de huidige standplaatshouders tegemoet te komen en dat is goed. De hoeveelheid beleidsvrijheid welke bij de politiek ligt vindt het CDA ook een vraag die moet worden beantwoord. Het CDA is van mening dat alles wat je dicht regelt ervoor zorgt dat je later geen maatwerk kunt leveren en de heer Stellinga wil hierop een reactie van de wethouder. De heer Peters (D66) vraagt of het CDA vindt dat binding met de wijk een belangrijker criterium moet zijn dan duurzaamheid in gelijke gevallen.

30 De heer Stellinga (CDA) is het daar niet per definitie mee eens. Wat het CDA vindt is dat er te veel aan de voorkant wordt bepaald waardoor maatwerk niet mogelijk is op een individueel kavel. De heer Peters (D66) vraagt hoe dat maatwerk eruitziet. 35 De heer Stellinga (CDA) is van mening dat je dit in de raad niet kunt regelen en dat dit per individueel geval moet worden uitgewerkt. 40

45

De heer Talhaoui (PvdA) geeft aan dat zij juist blij zijn met de binding van de wijk bovenaan de rangorde staat en hij vraagt of het CDA niet bang is voor willekeur wanneer er maatwerk mogelijk is. De heer Stellinga (CDA) vindt dat maatwerk en willekeur twee verschillende dingen zijn. Wat het CDA wil zeggen is dat het niet kapot geregeld moet worden zodat er in individuele gevallen recht gedaan kan worden aan de ondernemers. De heer Talhaoui (PvdA) begrijpt niet waarom het CDA vraagt om minder duidelijkheid.

50

De heer Stellinga (CDA) zegt niet dat zij minder duidelijkheid willen maar zij willen niet dat het kapot geregeld wordt. De heer Talhaoui (PvdA) vraagt wat het CDA dan zou weghalen. Pagina 8 van 60

5

De heer Stellinga (CDA) zou de rangorde tussen de criteria loslaten en kijken naar andere criteria maar dat is niet meer mogelijk. De criteria kwaliteit was ingediend als een motie en die heeft het niet gehaald en het CDA is nog steeds van mening dat er ook andere criteria onderzocht hadden moeten worden. Uit het onderzoek van het ministerie blijkt dat de terugverdientijd van negen tot twaalf jaar reëel is dus is de termijn van twaalf jaar voor de vergunningen uitlegbaar. In Utrecht worden de standplaatshouders echter gevraagd extra investeringen te doen in het kader van verduurzaming en het keurmerk “erkend leerbedrijf”. Tegenover deze investeringen vindt het CDA het uitlegbaar dat er een langere termijn voor de vergunning wordt afgesproken en zij gaan hiervoor een amendement indienen. Het CDA vaagt daarbij om een reactie van de wethouder.

10 De heer Peters (D66) vraagt als check nogmaals aan het CDA of het binnen de juridische kaders haalbaar moet zijn. 15

De heer Stellinga (CDA) denkt dat dit kan wanneer er extra investeringen worden gevraagd. De terugverdientijd wordt met deze extra investeringen dan ook langer. De heer Peters (D66) kan die lijn politiek gezien volgen maar hij kan de juridische onderbouwing niet nagaan en die is belangrijk bij het amendement.

20

De heer Stellinga (CDA) is van mening dat de gemeente Utrecht nogal een extra stap vraagt van de ondernemer en dan kan het verklaarbaar zijn dat je ook een langere termijn instelt. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) kan het CDA volgen en vraagt wat dan die langere termijn is.

25

30

De heer Stellinga (CDA) gaat daarover graag in overleg met de wethouder als ook met de ChristenUnie. Het verschilt per ondernemer hoeveel er geïnvesteerd wordt en het CDA vraagt of er mogelijkheden zijn om de twaalf jaar als standaard in te stellen en dat er bij hogere investeringen een langere termijn kan worden gehanteerd. Het CDA vindt dat kosten voor extra regels en handhaving als gevolg van opgesteld beleid door de gemeente niet doorberekend kunnen worden. Het CDA ziet ook graag een cijfermatige onderbouwing van het percentage waarmee de huur omhooggaat. De voorzitter licht toe dat de laatste vraag ook ambtelijk uitgevraagd kan worden.

35

40

45

50

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat er nu geen standplaatshouders op de tribune zitten omdat ze zijn moegestreden. De standplaatshouders hebben alle tijd in de onderneming gestopt. De VVD heeft zich hard gemaakt zo goed mogelijk naar de belangen van de standplaatshouders te kijken en zo is het gelukt dat loting niet meer de selectiemanier is. Ook ziet de VVD dat het voorstel over branchering terugkomt in het Raadsvoorstel omdat er dan zoveel mogelijk vastgehouden wordt aan de oude situatie. De VVD is nooit een voorstander van selectiecriteria geweest maar zij hebben daarbij aangegeven dat zij juist binding met de wijk erg belangrijk vinden. De VVD heeft een aantal kanttekeningen bij hoe het proces er nu uit ziet. Bij de aanvraag moeten standplaatshouder gelijk aangeven hoe ze voldoen aan de criteria duurzaamheid en binding met de wijk waarbij direct tekst en uitleg gevraagd wordt. De VVD vindt dit erg veel gevraagd omdat dit voor een grote administratieve last zorgt. Het is nu strijden om een plek in Utrecht en de ondernemer moet hierbij beschermd worden. De VVD stelt voor dat iedereen zich inschrijft voor een locatie en dat er door middel van een kleine checklist vragen beantwoord worden. Wanneer er meerdere zich aanmelden voor een locatie wordt er pas een nadere toelichting gevraagd en kan er een selectie gemaakt worden.

De VVD vraagt een reactie van de wethouder hierop. Pagina 9 van 60

Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of de VVD wil dat er alleen wanneer er meerdere aanmeldingen zijn wordt gekeken naar de criteria en of dit dan inhoudt dat er niet aan duurzaamheid of wijkbinding gewerkt wordt wanneer er maar een aanmelding wordt gedaan. 5

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) snapt de vraag maar geeft daarbij aan dat er al kaders zijn over het gebruik van de openbare ruimte en dat er nu extra zaken worden vragen. De VVD vindt dat er te veel gevraagd wordt.

10

Mevrouw Sasbrink (PvdD) vindt dat het niet alleen gaat om een mooi verhaal schrijven maar dat er ook zichtbaar wordt wat het plan is en hoe ze dat gaan doen.

15

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan dat de vergunning in hun ogen gewoon verlengd hadden kunnen worden en waren zij doorgegaan met al het goede. De situatie nu is dat er gestreden moet worden voor een plek en er ook nog eens extra werk gevraagd wordt, dat wil de VVD zoveel mogelijk beperken.

20

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) heeft begrepen in de RIB dat er een commissie komt die de selectiecriteria gaat beoordelen en bij meerdere inschrijvingen voor een locatie een selectie gaat maken. De heer Nyqvist vraagt wat er gebeurt als deze commissie nee zegt en de aanvrager het niet eens is met dat besluit. De voorzitter vraagt of dit een vraag is voor mevrouw Al-Saqaff.

25

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan de vraag niet te kunnen beantwoorden maar dat zij zich ook afvraagt hoe die commissie eruit moet gaan zien en dat de raad bij de samenstelling betrokken moet worden.

30

De heer Peters (D66) merkt op dat er een aantal keren gezegd is dat er gestreden moet worden voor een plek en hij vraagt of dit niet een verkeerd beeld is. De heer Peters vindt het niet heel gek wat er gevraagd wordt, er wordt aan meerdere ondernemers en bewoners gevraagd om aan bepaalde criteria te voldoen. De VVD wordt gevraagd of zij niet een verkeerd beeld neerzetten richting de standplaatshouder en of zij daarmee het wantrouwen niet voeden.

35

40

45

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vindt het sowieso een strijd omdat ze de plek niet kunnen houden en de mogelijkheid bestaat dat iemand anders de plek kan krijgen. Om de plek te behouden zullen ondernemers in de antwoorden op de selectiecriteria flinke dingen gaan beweren. Het jaagt de ondernemers op kosten en investeringen die ze anders niet hadden gedaan. De heer Peters (D66) vindt het gewoon een procedure die gevolgd wordt zoals ook bij de aanvraag van subsidies. De VVD wordt gevraagd waarom er een uitzondering moet worden gemaakt. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan dat er in de andere gevallen niet om extra investeringen wordt gevraagd. De VVD wil waarschuwen voor de gevolgen voor de standplaatshouders op wat er gevraagd wordt door de gemeente. De heer Peters (D66) is het eens dat het zo makkelijk mogelijk gemaakt moet worden en dat er geen gouden bergen worden beloofd.

50

De heer Stellinga (CDA) vraagt of de VVD de mening deelt over de juridische haalbaarheid van het selectiecriterium binding met de wijk. Pagina 10 van 60

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat binding met de wijk helpt en zij hebben wel degelijk vragen over de objectiviteit over het wegen van het verminderen van verpakkingsmateriaal. 5

De heer Stellinga (CDA) benadrukt dat het ging over het criterium binding met de wijk en of dat juridisch haalbaar is. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat objectiviteit geldt voor elk criterium. De heer Stellinga (CDA) concludeert dat het antwoord ja is.

10

15

20

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vindt het aantonen van hoe je voldoet aan de criteria een black box wat haar betreft. Het risico op het beloven van gouden bergen en het naar de mond praten van ambtenaren is nu best groot waardoor zij mogelijk ook meer kosten gaan maken en de standplaatshouders moeten daarin beschermd worden. Het moet duidelijk worden waarop gescoord kan worden, dit is op dit moment geheel niet duidelijk. De VVD vraagt een reactie van de wethouder om aan te geven wat en hoeveel punten een criterium oplevert. De VVD sluit zich deels aan bij het CDA over de termijn van twaalf jaar en vraagt zich daarbij af of daar extra investeringen voor verduurzaming in zijn meegenomen. Verder is de VVD benieuwd naar het amendement. De VVD wil ook dat er na een jaar gekeken wordt naar hoeveel mensen er naast de boot zijn gevallen en of er behoefte is aan extra standplaatsen en hierop wil de VVD een toezegging van de wethouder dit inzichtelijk te maken. Wanneer het college het voorstel van de VVD volgt kan het percentage van de huurverhoging flink omlaag. De VVD hoopt een passende oplossing voor de standplaatshouders waarbij rekening gehouden wordt met de druk die hen door de gemeente wordt opgelegd.

25

30

35

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) was teleurgesteld na de vorige vergadering. Wat de heer Nyqvist mist is de benadering van de groep die in de problemen zit. Stadsbelang Utrecht vindt dat het gaat om politieke moed om een beslissing te nemen die in het belang is van de standplaatshouders. Aangegeven wordt dat binding met de wijk bepalend is en er wordt een commissie opgesteld welke nog onduidelijk is hoe die in elkaar zit. Deze commissie moet vervolgens gaan beslissen over de criteria. Tevens is het niet duidelijk wat er gaat gebeuren als iemand het niet eens is met de beslissing van deze commissie. Juridisch gezien is het criterium binding met de wijk niet haalbaar. Stadsbelang Utrecht heeft de voorkeur voor de economische benadering in plaats van vast te houden aan de Dienstenwet en daar het maximum van vasthouden. De vergunningen kunnen dan uitgegeven worden voor onbepaalde tijd en wanneer er een plek vrijkomt kan er opnieuw naar de invulling gekeken worden. De heer Stellinga (CDA) vraagt of Stadsbelang Utrecht zich realiseert dat met het afschaffen van het maximum er overal standplaatsen kunnen verschijnen.

40 De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) bedoelde ermee te zeggen dat je de mensen die een vergunning hebben automatisch verlengd moeten worden en dat je daarna een bepaalde periode kunt openstellen voor nieuwe inschrijving. 45

De heer Stellinga (CDA) vindt dat je een maximum moet stellen en wil weten wat Stadsbelang Utrecht hiervan vindt. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vindt dat de heer Stellinga hem niet goed begrijpt want het wordt geen rommel.

50 De heer Stellinga (CDA) gaat hier niet in mee maar heeft het wel goed begrepen. Pagina 11 van 60

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) wil hun voorstel nog een keer voorleggen en zij zullen in de raadsvergadering met een motie komen. Nieuwe gegadigden kunnen zich melden zonder voorwaarden en commissies. 5

10

15

De heer Peters (D66) concludeert dat het voorstel vorig jaar veel stof heeft doen opwaaien. D66 was kritisch op dit voorstel maar mede door de sturing ligt er nu een nieuw en meer gebalanceerd voorstel dat rekening houdt met de standplaatshouders. D66 is wel van mening dat je niet iedereen tevreden kunt stellen. D66 ziet wel dat het college heeft gedaan wat mogelijk was. Nieuwe ondernemers krijgen ook een kans en dat is ook belangrijk. D66 hoopt dat iedereen zijn oude plek terugkrijgt en de vrijgekomen plaatsen ruimte bieden voor nieuwe ondernemers. Tijdens de RIB zijn er nog wel zorgen gehoord en de heer Peters vraagt dan ook welke inspanningen het college gaat doen om deze weg te halen. D66 beschrijft de mogelijkheid dat er na de eerste inschrijfronde plekken over blijven waar niet op ingeschreven wordt en wenst een toezegging dat er na een eerste selectieronde wordt gestart met een nieuwe procedure voor het verdelen van de overgebleven plekken. Het proces dat vorige week is uitgelegd in een technische briefing zag er op papier goed uit maar vaak blijkt dat papier en werkelijkheid nogal van elkaar verschillen. D66 vraagt de wethouder om een toezegging dat er de maanden voorafgaand aan de invoering van de selectieprocedure geoefend wordt met het selectiesysteem zodat er verschillende scenario’s in meegenomen kunnen worden.

20 Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt of D66 het eens is dat het niet duidelijk is wat en hoe er gescoord kan worden. De heer Peters (D66) is ook benieuwd naar het antwoord. 25 Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt wat D66 vindt van het voorstel van de VVD om de ondernemers zo min mogelijk administratieve last te bezorgen. 30

35

De heer Peters (D66) vindt juridische haalbaarheid het belangrijkste en dat er gezorgd wordt dat je iedereen gelijktrekt in de procedure. Het doel van het selectiecriterium duurzaamheid is dat er door ondernemers wordt nagedacht over duurzaamheid en dat moet voor iedereen gelijk zijn. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat een selectiecriterium dan twee doelen heeft want het is ook bedoeld om te kunnen selecteren bij meerdere inschrijvingen op een plek en de vraag aan de heer Peters was wat hij vindt van dit voorstel. De heer Peters (D66) wil hier niet over een jaar weer zitten omdat een rechter het heeft afgekeurd.

40

45

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt D66 of zij denken dat er chaos ontstaat als bij de rechter blijkt dat de juridische onderbouwing niet deugt en er schadevergoedingen uitbetaald moeten gaan worden. De heer Peters (D66) denkt dat er chaos kan ontstaan wanneer er een ondeugdelijk voorstel komt. De heer Peters is van mening dat er getracht is het risico zo klein mogelijk te houden. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vindt dat D66 eigenlijk zegt dat het voorstel nog niet helemaal deugt omdat de consequenties nog niet helemaal duidelijk zijn. Tegelijkertijd is D66 bang dat er over een jaar blijkt dat het niet juiste was met alle consequenties van dien.

50 De heer Peters (D66) ziet ook dat er een team van juristen mee bezig is geweest om het haalbaar te maken. De heer Peters concludeert dat de heer Nyqvist hier politiek gezien een andere mening heeft. Pagina 12 van 60

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) heeft het niet over politieke afweging. De heer Nyqvist probeert juist aan te geven dat er juridisch gezien geen goede afweging heeft plaatsgevonden om op die manier een goed advies aan de commissie en de raad voor te leggen. 5 De heer Peters (D66) is van mening dat dit wel is gedaan en dat daar politiek gezien hun mening in verschilt. 10

De heer Stellinga (CDA) vraagt of D66 het eens is met het CDA dat de andere keuzes niet goed genoeg zijn uitgewerkt. De heer Peters (D66) is van mening dat dit het voorstel is dat tot stand gekomen is door middel van de richtlijnen die vorige jaar gegeven zijn. De andere criteria hebben het toen niet gehaald en zijn derhalve niet uitgewerkt.

15 De heer Stellinga (CDA) vindt het jammer dat er niet naar argumenten geluisterd wordt maar dat het gaat om een meerderheid. Het ging hier om een meerderheid in de commissie echter is de commissie bedoeld voor het debat en niet voor het vormen van meerderheden. Het CDA is van mening dat je door enkel de meerderheid verder uit te werken er geen optimum wordt bereikt. 20 De heer Peters (D66) vindt dat het wel de bedoeling is dat er in de commissie overeenstemming wordt bereikt over de punten die verder uitgewerkt dienen te worden. Het is niet mogelijk dat elk criterium wordt onderzocht en volgens D66 heeft die afweging vorig jaar plaatsgevonden en helaas zat kwaliteit daar niet bij. 25 De heer Stellinga (CDA) geeft aan dat kwaliteit niet het enige criterium is dat verder onderzocht kan worden maar wel waar het CDA op gewezen heeft. Verder zijn er geen grote hoeveelheden mensen nodig om een criterium verder uit te werken. het CDA vraagt of er een optimaal resultaat is bereikt wanneer andere criteria niet zijn uitgewerkt. 30

35

40

45

De heer Peters (D66) is van mening dat er een zo optimaal mogelijk resultaat is behaald. D66 vindt het stimuleren van ondernemerschap belangrijk doordat dit kan door ruimte te bieden aan ondernemers om hun standplaats zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Een ondernemer met een horecavoorziening moet ook de mogelijkheid hebben om een picknicktafel bij te plaatsen zodat de consumpties ook rustig genuttigd kunnen worden. D66 vraagt hierop om een toezegging van de wethouder en wanneer zij dit niet kan zullen zij met een motie komen. Tot slot is D66 ook benieuwd of de vergunningstijd langer kan binnen de juridische kaders. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vindt dit een meer evenwichtig voorstel ten opzichte van vorig jaar. De PvdD is blij dat duurzaamheid en wijkbinding zijn opgenomen en ook is het goed dat de klimaatcrisis is opgenomen. De PvdD maakt zich wel zorgen over hoe stevig de klimaatcrisis in het voorstel staat en vraagt de wethouder te bevestigen dat de voorgenomen maatregelen ook worden opgenomen in de vergunning als wanneer er maar één aanvraag voor een kavel is. De criteria zijn volgens de PvdD ook te globaal geformuleerd wat zorgen oproept. Het is niet duidelijk wat men wil bereiken met de criteria en of dit ook gaat leiden tot verduurzaamheidsmaatregelen.

De PvdD wil dat dit meetbaarder wordt en meer moet worden uitgesplitst in hoeveel punten een bepaalde verduurzaamheidsmaatregel oplevert. De PvdD vraagt een reactie van de wethouder hierop en wat de reden is dat dit niet is uitgewerkt. Dit kan een amendement worden als dit niet concreter wordt.

50 Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt wat er dan in het amendement staat. Pagina 13 van 60

Mevrouw Sasbrink (PvdD) zegt dan met voorstellen te komen in het amendement met welke criteria welke moet punten scoren, bijvoorbeeld een bepaald aantal punten voor meewerken met de eiwittransitie en een bepaald aantal punten voor energiebesparing. 5

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt of zij ook een strekt ter vervanging wil zodat de wethouder de mogelijkheid krijgt om hierover met de brancheorganisatie over in gesprek te gaan. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vindt het een goed idee maar wil daarbij dat er ook gekeken wordt naar het eigen beleid.

10 De heer Talhaoui (PvdA) heeft ook zorgen over de uitwerking van de criteria. De heer Talhaoui vraagt of de PvdD het wel eens is met de eis van de PvdA dat de ondernemer wel de ruimte moet krijgen om de verduurzaming over de jaren heen in te zetten. 15

20

25

30

35

Mevrouw Sasbrink (PvdD) geeft aan dat er in de aanvraag kan worden aangegeven wat haalbaar is en zij willen de ondernemer stimuleren dit zo snel mogelijk te doen. Het lijkt erop de punt 2b en 2c een collegebevoegdheid zijn en dat de raad enkel bij het verwijderen van een standplaats wensen en bedenkingen kan meegeven. De wethouder wordt om een toezegging gevraagd om ook bij een toevoegen van nieuwe standplaatsen de raad de mogelijkheid te bieden om wensen en bedenkingen te uiten. De heer Talhaoui (PvdA) vindt het fijn dat de onzekerheid is gehoord door de raad en het college. Belangrijk voor de PvdA is dat er niet geloot wordt en dat er extra tijd komt om investeringen terug te verdienen. Het zou voor de PvdA ook mooi zijn als veel ondernemers terug kunnen naar hun eigen plaats. De duur van de vergunningen is in lijn met het advies van het ministerie van Economische Zaken, echter zien zij ook dat er vragen ontstaan zijn over deze twaalf jaar. Voor sommigen is dit niet voldoende om de investeringen terug te verdienen en PvdA vraagt dan ook dit op te hogen naar vijftien jaar. De PvdA hoopt dat door de invoering van de branchering alle standplaatshouders op hun bestaande plek mogen blijven staan. PvdA steunt de huidige branchering zoals deze er nu staat.

De PvdA wilde selectiecriteria maar is van mening dat deze inderdaad nog nader uitgewerkt moeten worden omdat deze te onduidelijk zijn. De wethouder wordt gevraagd hierop te reageren en meer richting geven. De PvdA ziet nog niet hoe een beoordelingscommissie goed kan toetsen op de bestendigheid van de ingediende plannen. Dit wordt nog lastiger zonder branchedeskundige. PvdA vraagt de wethouder hen geruststellen dat er verschillende commissies komen per criteria. De PvdA is verder van mening dat de meest kwetsbare ondernemers hulp nodig hebben en zij vragen of er hulp aangeboden kan worden Tevens vraagt de PvdA welke hulplijnen er nog meer ingezet kunnen worden zoals Ondernemers Centraal. Ook de PvdA zou het formulier makkelijker willen zien door alleen maar gesloten vragen te stellen zoals de VVD ook al voorstelde.

40 De heer Peters (D66) vraagt of de gemeente dan moet helpen bij het invullen van het selectieformulier dat door de gemeente zelf is opgesteld en of dit mogelijk bij Ondernemer Centraal neergelegd kan worden. 45

50

De heer Talhaoui (PvdA) is van mening dat de gemeente zelf niet moet helpen bij het invullen maar dat Ondernemers Centraal iets verder van de gemeente afstaat, mogelijk dat er ook nog andere partijen zijn die kunnen helpen. De heer Peters (D66) wil terughoudend zijn in Ondernemer Centraal omdat dit toch wel onderdeel van de gemeente is. De heer Talhaoui (PvdA) is het daar deels mee eens omdat er wel meer afstand is. Pagina 14 van 60

5

10

15

20

25

30

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) is van mening dat het nu niet zeker is of standplaatshouder hun activiteiten kunnen voorzetten. ChristenUnie vindt standplaatshouders belangrijk voor de stad omdat zij de buurten levendig houden en zorgen voor een gevarieerd aanbod. Het college heeft geprobeerd zoveel mogelijk rekening te houden met de huidige standplaatshouders en dat maakt het voorstel al veel beter. Het onderzoek over de terugverdientijd is achterhaald zoals ook andere fracties al hebben aangegeven en ChristenUnie is van mening dat dit naar vijftien jaar kan. ChristenUnie wil weten van de wethouder of het voor een standplaatshouder mogelijk is uitbreiding te vragen aangezien er bij de aanvraag van de vergunning wordt uitgegaan van de huidige situatie. ChristenUnie vraagt een reactie van de wethouder op hoe er getoetst wordt door de selectiecommissie want een soort scoreformulier hebben zij nog niet gezien. ChristenUnie is benieuwd of de samenstelling van deze commissies ook wisselen per wijk. Daarna zal er ook gecontroleerd moet worden maar het is ook nog niet duidelijk hoe de handhaving eruit gaat zien en op welk moment er in het uiterste geval besloten wordt dat een vergunning wordt ingetrokken. ChristenUnie heeft eerder al om een duidelijke en heldere informatievoorziening verzocht en daarbij is een informatieavond beloofd.

Echter moeten de standplaatshouders hiervoor weer naar de gemeente komen. De ChristenUnie vraagt de wethouder of hier ook de overheid naar de ondernemer toe kan komen om onduidelijkheden te bespreken. Tot slot wordt de wethouder gevraagd wat er geleerd is en hoe dit in de toekomst voorkomen wordt bij vergelijkbare situaties. De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) geeft aan dat hun zorgen niet geheel zijn weggenomen maar dat het voorstel wel is verbeterd. UtrechtNu! ziet graag dat de standplaatshouders op hun locatie kunnen blijven. De Europese dienstenregeling spreekt van een bepaalde termijn of passende duur, echter is er nog niet duidelijk gemaakt hoe het begrip passende duur moet worden geïnterpreteerd door het Europese Hof van Justitie. Volgens UtrechtNu! en de branchevereniging is de termijn van twaalf jaar achterhaald met de gevraagde investeringen die bijdragen tot lagere emissie. UtrechtNu! vindt dat dit moet worden meegenomen in de terugverdientijd. Een ondernemer kan niet de gehele nettowinst gebruiken voor afschrijvingen. UtrechtNu! vindt een looptijd van vijftien tot twintig jaar gewenst en zij zien dan het liefst twintig jaar. Wanneer de wethouder deze looptijd niet overneemt zal een motie worden ingediend. Voor het mobiel maken van kiosken moeten extra kosten gemaakt worden om zo onder deze regeling te kunnen vallen.

UtrechtNu! vindt het praktischer deze pas mobiel te maken op het moment dat deze moet worden vervangen. UtrechtNu! vraagt of de wethouder bereid is om de kiosken een omgevingsvergunning te verlenen tot deze stopt of tot het moment dat de constructie vervangen dient te worden. Wanneer zij dit niet kan dan zullen zij ook hier een motie over indienen.

35 De heer Peters (D66) vraagt hoe UtrechtNu! naar de voorgestelde moties kijkt wanneer deze juridisch niet haalbaar zijn. De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) gaat dan in beraad met de fractie hoe daarmee om te gaan. 40 De heer Peters (D66) vraagt of de juridische haalbaarheid ook een belangrijk principe is.

45

50

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) zal net als het CDA niet vragen om buiten de juridisch kaders iets te organiseren. UtrechtNu! geeft aan dat er een oliebollenkraam in Lunetten is die geen vergunning voor zeven dagen heeft. UtrechtNu! vraagt de vergunning voor deze ene wagen gelijk te trekken zodat deze wagen niet steeds verplaatst hoeft te worden. Verder wil UtrechtNu! net als ChristenUnie weten of er mogelijkheden zijn om de vergunningen uit te breiden. Dat het verleden niet mag worden meegenomen bij de hernieuwde aanvraag vindt UtrechtNu! ook erg vreemd. Dit terwijl de ondernemers door de jaren heen een band hebben opgebouwd met de buurt. UtrechtNu! vraagt aan de wethouder hoe er wordt omgegaan wanneer achteraf blijkt dat beloften niet worden waargemaakt. Verder wil UtrechtNu! weten hoe de wethouder omgaat met ondernemers die gedupeerd worden doordat zo’n belofte door de ondernemer, die de locatie toegewezen heeft gekregen, niet wordt waargemaakt. De wethouder wordt ook gevraagd hoe zij voorkomt dat Pagina 15 van 60

5

ondernemers te maken krijgen met administratieve lasten die niet gelijkliggen met andere steden en of de wethouder bereid is om dit in het stedelijk overleg te bespreken en gelijk te trekken. Als laatste gaan de leges 590 euro bedragen, de wethouder wordt gevraagd hoe zich dat verhoudt tot steden als Rotterdam en Amsterdam waar deze vele malen lager zijn en of zij bereid is deze te verlagen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) geeft aan dat de leges nu al niet kostendekkend zijn en hij wil van UtrechtNu! weten of zij dan willen dat het tekort nog groter wordt.

10

15

20

25

30

35

40

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) vindt het belangrijk dat de kosten zo laag mogelijk zijn voor de ondernemers. De wethouder zou ook eens bij de andere grote steden kunnen nagaan hoe zij dat dan doen. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) geeft aan dat de tribune nu leeg is omdat negentig procent van de standplaatshouders weet dat ze gaan verdwijnen. Velen voelen zich benadeeld door de gemeente. Mevrouw Bode (Volt) vindt het een stevig uitspraak en vraagt waaruit wordt opgemaakt dat negentig procent gaat verdwijnen. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) gaat dit zo dadelijk verder uitleggen. Utrecht Solidair vindt dat dit nieuwe plan geen beleid is. Binding met de wijk is bijvoorbeeld wel belangrijk maar je mag het niet gebruiken en zij vindt het heel amateuristisch. Het voelt alsof degene die het leukste verhaal kan schrijven het plekje gaat krijgen en dan snapt zij dat de standplaatshouders er weinig vertrouwen in hebben. Een reden waarom de standplaatshouder van mening zijn dat er negentig procent gaat verdwijnen heeft met de mobiliteit en de omgevingsvergunning te maken. Mevrouw Hessel geeft een voorbeeld van een ondernemer die hulp zou krijgen van de gemeente bij de aanvraag van een omgevingsvergunning. Vervolgens kreeg de betreffende standplaatshouder geen vergunning vanwege het feit dat er dan een precedent geschept zou worden.

De standplaatshouder had hierdoor het gevoel dat hem “een poot uitgedraaid werd”. Mevrouw Hessel heeft ook de betrokkenen bij de gemeente gesproken en hen gewezen op de gevolgen. De voorzitter verzoekt mevrouw Hessel geen functies te benoemen maar het op het contact met de gemeente te houden. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) geeft aan dat er hierdoor verschillende geruchten zijn rondgegaan en dat er daarom ook geen omgevingsvergunningen zijn aangevraagd. Hierna kwam het voorstel waarbij de kiosken moesten worden afgebroken en een verrijdbare wagen moest worden, voor de kiosken is het dan al einde verhaal. Op het ene moment werd er gezegd dat er een omgevingsvergunning kon worden aangevraagd voor een kiosk en vervolgens werd dit weer ingetrokken wat maakt dat de communicatie vanuit de gemeente niet goed is. Mevrouw Hessel vindt dat iedereen zich hier wel bewust van moet zijn.

45

De heer Peters (D66) complimenteert mevrouw Hessel met de wijze waarop zij dit duidelijk weet te maken over wat er speelt. Tegelijkertijd brengt zij ook heel goed het wantrouwen van de ondernemers over. De heer Peters vraagt of het ook niet goed is de rol te pakken om het wantrouwen bij de ondernemers te verkleinen.

50

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) brengt alleen maar over wat er speelt aan de raad en zij hadden zelf een positievere bijdrage kunnen doen en mevrouw Hessel is van mening dat daarvoor verschillende mogelijkheden zijn geweest de afgelopen jaren.

55

De heer Peters (D66) wil kijken om nu een zo goed mogelijk beleid neer te zetten en hij wil dan aan mevrouw Hessel vragen dit positiever in te steken. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) wil het terugsturen naar de ambtenaren zodat er een meer objectief beleid wordt gevormd. Mevrouw Hessel vindt het gemeente onwaardig om ondernemers te vragen op te schrijven wat zij gaan doen aan verduurzaming en buurtbinding. Pagina 16 van 60

De heer Peters (D66) vraagt wat Utrecht Solidair voorstelt als beleid dat ook nog eens juridisch haalbaar is. 5

10

15

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vindt dat beleid objectief moet zijn en dat het inzichtelijk moet zijn welke motivaties er zijn opgeschreven en hoe deze beoordeeld zijn door de commissie. Deze commissie is het overigens ook nog erg onduidelijk voor Utrecht Solidair. De ondernemers hebben nog steeds het gevoel dat het een loting is dus moeten er duidelijker criteria zijn. Voor de bestaande ondernemers moeten de passages eruit gehaald worden waarin gesteld wordt dat de wagen mobiel moet worden en dat de wagen weg moet op dagen dat er geen vergunning is. Dit zijn de grootste reden waarom negentig procent van de ondernemers het gevoel heeft benadeeld te worden omdat dit enorm hoge investeringen vraagt. Mevrouw Hessel heeft ook nog van iemand van de gemeente gehoord dat de ondernemers dit in 2013 al wisten. In een stuk bleek inderdaad een klein regeltje te staan waarin gesteld werd dat er in de toekomst mogelijk gevraagd werd om de wagen mobiel te maken. Mevrouw Hessel doet een beroep op de commissie om deze hardwerkende ondernemers niet in de steek te laten. Mevrouw Bode (Volt) heeft nog geen helder antwoord waarop de negentig procent is gebaseerd.

20

25

30

35

40

45

50

55

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) geeft aan dat het een enorme investering is om een omgevingsvergunning aan te vragen voor een kiosk waarbij dan ook nog moet blijken of je deze vergunning krijgt. Daarnaast is het mobiel maken van de wagen het grootste probleem omdat de wagens niet verplaatst kunnen worden aangezien deze nog nooit verplaatst zijn in 30 jaar. Hierdoor zijn de standplaatshouder verplicht een nieuwe wagen te kopen en dit vraagt een grote investering. Mevrouw Bode (Volt) vraagt hoe Utrecht Solidair kijkt naar de door hen ingediende punten over coulance of uitbreiding van de vergunning. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) kijkt hier heel positief naar en steunt ook de motie van Volt. De heer Paalman (Horizon) benadrukt nogmaals dat het onderwerp speelt in de stad. De realiteit is dat de gemeente Utrecht zich te houden heeft aan Europese wetgeving. Horizon wil hier een Utrechtse invulling voor vinden en zij zijn dan ook blij dat binding met de wijk is opgenomen in de criteria. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of Horizon zich ervan bewust is dat het geen criterium is omdat ze de toekomst moeten schetsen en daarvoor zich niet mogen beroepen op het verleden. De heer Paalman (Horizon) komt hier zo op in zijn betoog.

Horizon vindt het onduidelijk waarop geselecteerd wordt en hoe er aangetoond moet worden dat je binding hebt met de wijk en hoe dit gemeten en gehandhaafd wordt. Horizon vraagt een concreet antwoord met voorbeelden van de wethouder hierop. Horizon wil voorkomen dat het een schrijfwedstrijd wordt zodat degene met het mooiste verhaal de vergunning krijgt. Verder wil Horizon een toezegging van de wethouder dat er een loket of informatienummer beschikbaar komt waar de ondernemers informatie kunnen ophalen. Hierdoor kunnen ook de geliefde ondernemers hun plaats behouden en wordt er voorkomen dat de grote jongens met professionele teams de kleine ondernemers wegdrukken. Horizon wil ook duidelijkheid over de selectiecommissie en dat er per wijk een aparte commissie komt met iemand uit de wijk die dan kan oordelen over de binding met de wijk. Bij de aanvraag wordt geen rekening gehouden met het verleden, dit vindt Horizon lastig te rijmen met de binding van de wijk en zij vragen de wethouder of er toch iets gemaakt kan worden dat ondernemers die mee kunnen nemen. Voor de vergunningsduur stelt Horizon ook vijftien jaar voor om ondernemers de mogelijkheid te bieden de investering terug te verdienen. Tot slot vindt Horizon het openstellen van de plek voor nieuwe gegadigden geen slechte zaak maar dit moet wel op een manier die juist en duidelijk is.

Mevrouw Fattal (GroenLinks) vindt dat er een zware keuze gemaakt moet worden waar ook wel eens door de zure appel heen gebeten moet worden. De nationale wetgeving heeft ook als doel om gelijkheid en eerlijkheid te creëren. GroenLinks wil een systeem met zekerheid voor ondernemers en steunt het voorstel dat voorligt en sluit zich aan bij de vraag van de PvdD over de Pagina 17 van 60

duurzaamheidseisen. GroenLinks heeft ook vragen over de termijn maar geeft aan dat twintig jaar echt te lang is. 5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

Mevrouw Oudejans (Student&Starter) ziet de intentie om de huidige situatie zoveel mogelijk te behouden en is blij te zien dat binding met de wijk en duurzaamheid wordt meegenomen. Student&Starter is ook van mening dat de scoring van de criteria niet duidelijk is en vraagt de wethouder om met een duidelijk voorstel te komen waarin de sub-criteria verder worden uitgewerkt. Student&Starter vindt het belangrijk dat er ruimte wordt geboden voor vragen van ondernemers en vraagt de wethouder hoe hij dit gaat invullen. De terugverdientijd is niet altijd haalbaar en Student&Starter vraagt zich af hoe de wethouder reageert op het feit dat twaalf jaar niet haalbaar is. Student&Starter wil kijken wat wel haalbaar is en hoe dit wel juridisch ook past. De heer Otto (EenUtrecht!) merkt op dat er zeker een verschil is met vorig jaar en is blij met een aantal voorstellen maar er is nog werk te doen. EenUtrecht! is blij met een aantal voorstellen die in de commissie zijn gedaan en met de inzet die het college al heeft gedaan. EenUtrecht! is blij dat het loten voorbij is en dat er een commissie komt maar ook de mogelijkheid voor de ondernemers om iets te kunnen zeggen over de binding met de wijk. EenUtrecht! vraagt aan de wethouder terug te kijken op de afgelopen perioden en of er nog lessons learned zijn.

Schorsing voor tien minuten Wethouder Schilderman dankt de commissie voor de uitgebreide bespreking en daaruit blijkt het echt een worsteling is en dat er veel waarde gehecht wordt aan de standplaatshouders omdat deze bij de stad horen. Om deze reden snapt de wethouder ook goed dat het beleid voor veel onrust heeft gezorgd en dat het beleid veel betekent. Sinds het vorige debat is er met de ondernemers, CVH en ASRA-advies gekeken hoe er een goed mogelijke invulling gegeven kon worden. De basis voor het voorstel is dat de huidige situatie zoveel als mogelijk behouden blijft. Dit betekent dat alle locaties beschikbaar komen onder dezelfde voorwaarden als ze momenteel zijn, en dat er veertien nieuwe locaties worden toegevoegd. Door het criterium binding met de wijk heeft het college getracht waarde toe te voegen aan het aspect. Ook is er gekeken voor een zo lang mogelijke termijn om de investering terug te verdienen. De wethouder snapt ook dat hiermee niet alle zorgen weg zijn en dat deze er ook nog wel even zullen blijven. Het maximale wordt gedaan en het herstellen van vertrouwen heeft de volledige aandacht. De wethouder heeft dinsdag een brief gestuurd met de uitleg over waarom er geen sprake is van het gebruiksovergangsrecht en dat heeft er mee te maken dat standplaatsen altijd al mobiel moesten zijn. In 2013 is hier ook al overgesproken.

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) merkt op dat dit inderdaad ergens stond maar dat de wagens toch al 30 jaar op dezelfde plek staan en zij vraagt of de wethouder denkt dat de standplaatshouders dit ook gelezen hebben. Wethouder Schilderman ziet dat niet iedereen dat heeft opgepakt en aan de andere kant staat het er wel uitgebreid in en is het ook uitgebreid besproken. Tevens zijn er ook wagens waar eerst wielen onderzaten die er onderuit gehaald zijn. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of de wethouder weet dat het in alle stukken vanaf begin 2000 tot 2013 maar heel minimaal is benoemd dat ze mobiel moesten zijn. Wethouder Schilderman verwijst naar de brief van dinsdag waar alle communicatie is bijgevoegd. De wethouder geeft aan dat er vorig jaar al uitgebreid gesproken is over de gedoogperiode. De periode wordt op verschillende manieren opgevat door de ondernemers omdat het aan de ene kant een verlenging is en aan de andere kant een langere periode van onzekerheid. De gedoogperiode moet ook onderbouwd worden om tot nieuw beleid te komen. Op dit moment is de ruimte op, is de uiterste datum bereikt. Dit is inderdaad niet ideaal voor degene in het winterseizoen vergund zijn, ten opzichte van het moment van duidelijkheid krijgen ze allemaal nog een jaar. De optie om de dagen dat ze mogen blijven staan uit te breiden raakt hier het beleid ten opzichte van mobiliteit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=1524b049-dcc8-41ea-8e5e-c0e2eec64363