Conceptverslag commissie VOWE 12 september 2024
Tekst van het document
Pagina 19 van 35
Mw. Bode (Volt) zegt dat de motie juist oproept om te compenseren voor 64 tot 68 procent en vindt een verhoging van dertig euro dan te weinig. 5
Wethouder Voortman zegt dat je op een ander percentage uitkomt als je 105 euro aan parkeerkosten kunt besteden. Mw. Bode (Volt) zegt dat dat geld dan ten kosten gaat van andere doelen waaraan het uitgegeven zou worden.
10
15
20
Wethouder Voortman zegt dat er ook mensen zijn die nu niet aan de besteding van hun hele Upastegoed toekomen. Die kunnen dat hieraan besteden. Iedereen is vrij om te beslissen waaraan hij de U-pas wil besteden. Zij vervolgt haar beantwoording. Wat betreft de koppeling tussen het systeem voor de U-pas en de parkeervergunningen, die kan pas plaatsvinden als de huidige vergunningen aan het nieuwe systeem zijn gekoppeld. Dat zal in de loop van 2025 zijn. Het college onderzoekt de mogelijkheden voor deelmobiliteit. De resultaten daarvan worden in het vierde kwartaal verwacht en zullen per brief met de raad gedeeld worden. De PvdA vroeg of de wethouder eerder aan de raad kon rapporteren en hoeveel budget er aan parkeervergunningen wordt besteed. Zodra er meer bekend is, zal de wethouder die informatie delen met de raad. Dhr. Van der Graaf (CU) vraagt wat er nog in de weg staat om de U-pas ook voor deelmobiliteit in te zetten. Wethouder Voortman zegt dat dit nu onderzocht wordt.
25
30
35
Dhr. Van der Graaf (CU) vraagt of het ook gaat gebeuren, als blijkt dat het technisch kan en iedereen het wil. Wethouder Voortman beaamt dit en vervolgt haar beantwoording. Op de vraag van het CDA antwoordt zij dat dit juridisch mag en niet als een vorm van kwijtschelding wordt gezien. Op de vraag van de VVD antwoordt zij dat het budget bestemd was voor mobiliteitsdoeleinden, maar dat de directe koppeling met het vergunningensysteem nog even duurt. Zij zegt dat dit geen inkomenspolitiek is omdat de gemeente alle U-pashouders een vrij besteedbaar extra budget geeft en dat valt onder armoedebeleid. In verband met het referendum acht het college 1 november haalbaar. Mw. Al-Saqaff (VVD) vraagt waarom dit parkeerbudget niet in 2025 op de U-pas wordt gezet wanneer die systemen gekoppeld zijn.
40
Wethouder Voortman zegt dat het jaar voor de U-pas van 1 juli tot 1 juli loopt en wil daarom niet tot 1 juli wachten. Het college wil dat de mensen het geld meteen kunnen besteden zodra de koppeling een feit is. Zij vervolgt haar beantwoording. In reactie op de vraag van de PvdD zegt de wethouder dat er bewust is gekozen voor een gevarieerd aanbod op de U-pas.
45
Dhr. Van Bemmel (PvdD) vraagt of de wethouder het met zijn fractie eens is dat er nu te veel focus ligt op wat de mensen willen en er te weinig wordt gekeken naar het dierenleed.
50
Wethouder Voortman vindt niet dat een dierentuin dierenleed veroorzaakt. Het college vindt de wensen van de pashouders heel belangrijk. Op de vraag van Stadsbelang Utrecht antwoordt de wethouder dat de U-pas een subsidie is en dat dat met deze verordening ook officieel wordt vastgelegd. Mw. Al-Saqaff (VVD) vraagt waarom het budget niet later op de U-pas wordt gezet.
55
60
Wethouder Voortman moet even overleggen. De voorzitter vraagt intussen of er nog gemiste vragen zijn. Dhr. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) had gevraagd om een cijfermatige onderbouwing met betrekking tot de gelden die bij de gemeente terechtkomen en worden uitgegeven en wat dat aan liquiditeit inhoudt. Pagina 20 van 35
Dhr. Talhaoui (PvdA) is benieuwd of en hoe de koppeling tijdig gecommuniceerd gaat worden naar de bewoners. 5
10
15
20
25
30
Wethouder Voortman zegt in antwoordt op de interruptie van de VVD dat zij zich vergiste met wat zij over het jaar voor de U-pas zei. De motie droeg op om budget beschikbaar te stellen zodra het betaald parkeren zou worden uitgerold. Mw. Al-Saqaff (VVD) vraagt of het dan wel of niet voor betaald parkeren ingezet kan worden. Wethouder Voortman zegt dat het betaald parkeren in Utrecht vanaf 1 november verder wordt uitgebreid en dat het budget vanaf dat moment daaraan besteed kan worden. Wat betreft de vraag van Stadsbelang Utrecht naar de liquiditeitspositie van de gemeente, zegt de wethouder dat er rekening mee is gehouden dat het budget niet door iedereen volledig wordt benut. Op de vraag van de PvdA antwoordt de wethouder dat de mensen via het U-pasbureau goed op de hoogte worden gehouden. Dhr. Talhaoui (PvdA) vraagt of in de campagne ‘Weet waar je recht op hebt’ ook de parkeervergunning voor U-pashouders kan worden meegenomen. Wethouder Voortman vindt dit een zinnige suggestie. De voorzitter gaat over op de tweede termijn en stelt vast dat dit raadsvoorstel als B-punt naar de raad wordt doorgeleid. Dhr. Van Bemmel (PvdD) overweegt een amendement met betrekking tot organisaties die levende dieren gebruiken. Mw. Al-Saqaff (VVD) overweegt een motie over het koppelen van de systemen aan de U-pas, en stelt voor om het budget er nog niet op te zetten. Mw.
Bode (Volt) komt met een amendement of een motie aangaande het budget.
35
40
45
50
De voorzitter concludeert dat er één toezegging is: De wethouder heeft toegezegd dat het college de raad in Q4 2024 zal informeren over de resultaten van het onderzoek naar het toevoegen van deelmobiliteit aan de U-pas. Dhr. Talhaoui (PvdA) zegt dat er volgens hem ook een toezegging was dat de rapportage over het gebruik van de U-pas indien mogelijk eerder kan komen. Wethouder Voortman weet niet of dat telt als een toezegging, omdat zij niet weet of het eerder zou kunnen. De commissiegriffier W. Kok zegt dat dit wel gezegd is maar dat het niet als toezegging in de lijst wordt opgenomen omdat er geen concrete datum aan is verbonden. De voorzitter stelt vast dat het raadsvoorstel als B-punt naar de raad wordt doorgeleid en dat een kwartier genoeg moet zijn. Betaald parkeren wordt per 1 november uitgebreid. Daarvoor moet er op 26 september een raadsbesluit worden genomen. Aan het dagelijks bestuur zal worden doorgegeven om dit voor 26 september te agenderen. De voorzitter schorst de vergadering voor vijf minuten.
Lijst van toezeggingen 55
De voorzitter concludeert dat wethouder Voortman de volgende toezegging heeft gedaan: • De wethouder heeft toegezegd dat het college de raad in Q4 2024 zal informeren over de resultaten van het onderzoek naar het toevoegen van deelmobiliteit aan de U-pas. Pagina 21 van 35
9. Debat agendapunt 9: Schriftelijke vragen Vergunningen en Agent of change 5
10
15
De voorzitter hervat de vergadering met het debat over agendapunt 9 en geeft het woord aan de fractie van Student & Starter. Mw. Oudejans (Student & Starter) zegt dat dit haar laatste commissie is. Zij heeft zich de afgelopen tien jaar hard ingezet voor de levendigheid in de stad. Die wil Student & Starter graag behouden en stimuleren. Hoe kunnen beginnende ondernemers ondersteund worden om in de stad iets nieuws te beginnen? Welke mogelijkheden ziet de wethouder om het speelveld voor nachtcultuur te vergroten met additionele horeca? Vergunningen kunnen binnen een bestemmingsplan worden uitgebreid. Juist bij vernieuwing van de wijk ziet Student & Starter kansen voor nieuwe horeca. Ziet de wethouder mogelijkheden om het verlenen van een omgevingsvergunning te vergemakkelijken, bijvoorbeeld door het verbreden van het ruimtelijk toetsingskader? De voorzitter geeft het woord aan D66.
20
25
Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat zijn fractie op dit onderwerp al enige aandacht in de media heeft gekregen. D66 zou het voor mensen onmogelijk willen maken om te klagen. Dat is niet waar. Wel zou D66 willen dat er voor een meer rechtvaardige afweging meer rekening wordt gehouden met de positie van uitbaters. Wie boven een kroeg of een nachtclub gaat wonen, weet dat dit met overlast gepaard kan gaan. De heer Van Vliet vraagt de wethouder of zij het met D66 eens is dat er een zekere onrechtvaardigheid in schuilt als zo iemand dan toch gaat klagen. Dhr. Van der Graaf (CU) vraagt wat de normale overlast is die bij horeca hoort.
30
Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat de meeste klachten gaan over de straatoverlast, mensen die na een horecabezoek buiten nog staan te praten. Dhr. Van der Graaf (CU) vraagt of je daarover wel nog steeds melding kunt doen bij de gemeente en of er dan ook nog opvolging is.
35
40
45
50
55
Dhr. Van Vliet (D66) antwoordt bevestigend op het eerste deel van de vraag. Op het tweede deel zal hij zo terugkomen. Mw. Al-Saqaff (VVD) vraagt wat de heer Van Vliet bedoelt met ‘iemand die zijn zin doordrijft’. Dat betekent dan toch dat er wordt gehandhaafd op ongeoorloofde overlast. Dhr. Van Vliet (D66) antwoordt dat het gaat om ervaren overlast die voortkomt uit de normale bedrijfsvoering en waarbij een klacht kan leiden tot intrekking van de vergunning of sluiting. Mw. Al-Saqaff (VVD) zegt dat er wettelijke normen worden overschreden als een rechter daartoe zou besluiten. Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat het vooral gaat om straatoverlast, waarvoor de gemeente normen kan stellen en die lokaal aangepakt kan worden. De onrechtvaardigheid zit er volgens hem in dat mensen gaan klagen die willens en wetens boven een horecagelegenheid zijn gaan wonen. Mw. Al-Saqaff (VVD) zegt dat dit mensen er toch niet van kan en mag weerhouden om te klagen en dat de handhaving daar toch naar moet gaan kijken. Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat de handhaving niet mee kan nemen dat iemand daar willens en wetens is gaan wonen omdat dat niet verankerd is in de regelgeving. Dhr. Van Heuven (PvdD) vraagt of het dan onrechtmatig is om te klagen. Wat als je boven een kroeg gaat wonen die van opzet of aard verandert? Pagina 22 van 35
Dhr. Van Vliet (D66) zegt hij dat hij juist de onrechtvaardigheid van de door hem gegeven casus aan de orde wil stellen. 5
Dhr. Van Heuven (PvdD) is het hier echt niet mee eens. Volgens hem ligt de verantwoordelijkheid voor de overlast bij de uitbater. Als er overlast is, moet die zijn publiek daarop aanspreken. Dhr. Van Vliet (D66) erkent dat de uitbaters hierin ook een verantwoordelijkheid hebben.
10
15
20
Dhr. Van Heuven (PvdD) zegt dat het probleem toch echt bij de uitbater ligt wanneer een klacht gehonoreerd wordt. Dhr. Van Vliet (D66) vindt dat de handhaving dan ook mee moet wegen dat iemand willens en wetens boven een kroeg is gaan wonen. Dhr. Otto (EenUtrecht) vraagt of D66 een juridisch onderscheid maakt tussen horeca die zich vestigt waar al bewoners zijn en mensen die zich vestigen waar al horeca is. Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat het er D66 vooral om gaat dat de handhaving mee kan nemen dat iemand willens en wetens boven een kroeg is gaan wonen. Dhr. Otto (EenUtrecht) zegt dat er wel van rechtswege gehandhaafd moet kunnen worden. Anders wordt de handhaving tamelijk arbitrair.
25
30
35
40
Dhr. Van Vliet (D66) vindt dit meer een juridisch-technische vraag. Het maakt hem niet zozeer uit hoe het wordt geregeld als het maar georganiseerd wordt. Dhr. Otto (EenUtrecht) vraagt aan D66 of dat dan niet vastgelegd moet worden, want je kunt van een handhaver niet verwachten dat hij gaat vragen of de kroeg er al was toen iemand er kwam wonen. Dhr. Van Vliet (D66) lijkt dat juist een uitstekende vraag. Hij vervolgt zijn inbreng. Volgens hem moet eerst het uitgangspunt duidelijk vastgesteld worden, dat de situatie onrechtvaardig is. Hij vraagt om een reactie van het college. Dhr. Van der Graaf (CU) vraagt of het ook andersom werkt: als mensen ergens al wonen en er nieuwe horeca komt. Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat in dat geval de door hem geschetste casus niet opgaat. Als de gemeente kiest voor meer horeca in een wijk, dan maakt zij daarbij een bepaalde afweging. Dhr. Van der Graaf (CU) zegt dat dit het voorstel juist zo ingewikkeld maakt.
45
Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat de nachtcultuur onder druk staat en is op zoek naar mogelijkheden om de balans tussen klager en uitbater te verbeteren. Dhr. Van der Graaf (CU) zegt dat er een nachtvisie is vastgesteld. Maar misschien zijn er dingen die niet werken, en is dit daar een van.
50
55
Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat je niet weet of iets negatief uitpakt als je het niet eerst probeert. Hij vervolgt zijn inbreng. Hij wil samen met de raad en de uitbaters verhalen gaan verzamelen, bijvoorbeeld in de vorm van een RIB, en op basis daarvan gaan kijken wat de problematiek is en hoe de regelgeving rechtvaardiger gemaakt kan worden. D66 wil graag een reactie van het college op twee varianten van het agent of change-principe: 1) bij nieuwbouw in de buurt van horeca ligt de verantwoordelijkheid om overlast te voorkomen bij de projectontwikkelaar, en 2) de eerder geschetste situatie waarbij in de handhaving wordt meegenomen dat iemand willens en wetens bij nachtcultuur is gaan wonen. D66 sluit zich verder aan bij de vragen over vergunningen van Student & Starter.
Pagina 23 van 35
Dhr. Van Heuven (PvdD) vraagt of D66 zich ervan bewust is dat de tweede variant veel verder gaat dan het agent of change-principe. 5
Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat dit een kwestie van implementatie is. Als een nieuwe bewoner willens en wetens boven horeca gaat wonen, dan is de eventuele overlast zijn probleem. De voorzitter geeft het woord aan UtrechtNu!
10
15
20
25
30
Dhr. Van den Hoek (UtrechtNu!) zou graag willen dat de wethouder een onderzoek opstart naar de relatie tussen horeca en de omgeving en daar de branchevereniging bij betrekt. Die gaf aan dat zij niet betrokken was bij de nachtvisie en de agent of change-afweging. Volgens UtrechtNu! is het belangrijk dat dit wordt meegenomen in de vergunning bij gebiedsontwikkeling en de nachtcultuur en dat het nachtleven niet alleen wordt gezien als overlast maar ook als een verrijking. UtrechtNu! gaat ook in op de beantwoording op Schriftelijke Vragen nummer 52 (met name de vragen 9 en 10). De Koninklijke Horeca Nederland gaf aan dat zij het vergunningsproces bewerkelijk, kostbaar en soms zelf onbegrijpelijk vond. Daarom worden vergunningen soms teruggegeven of zelfs niet eens meer aangevraagd. De gemeente is hierover niet in gesprek gegaan met deze organisaties. Ook is er ondanks herhaald verzoek een jaar lang geen contact geweest met de wethouder Economische Zaken. Kan de wethouder aangeven waarom dat zo is en waarom van deze waardevolle bron geen gebruik wordt gemaakt? Kan de wethouder toezeggen dat zij met de branchevereniging in gesprek gaat over de voorstellen met betrekking tot vergunningsprocedures en de agents of change? De voorzitter geeft het woord aan de VVD. Mw.
Al-Saqaff (VVD) zegt dat de raad en het college samen geluidsnormen vaststellen en dat daarop dan ook gehandhaafd moet worden. De VVD vindt dat er over overlast een gesprek gevoerd moet worden. Zij is benieuwd wat er uit de Amsterdamse proef komt. Een apart onderzoek voor Utrecht acht de fractie niet nodig. Agent of change kost ook geld dat volgens de VVD beter aan iets anders besteed zou kunnen worden. Mw. Oudejans (Student & Starter) vraagt hoe dit principe geld gaat kosten.
35
Mw. Al-Saqaff (VVD) antwoordt dat het geld gaat kosten om nieuw beleid te maken en als je extra handhavers wilt gaan inzetten. Mw. Oudejans (Student & Starter) zegt dat het agent of change-principe niet betekent dat er extra handhaving nodig is.
40
Mw. Al-Saqaff (VVD) zegt dat dit extra tijd kost en tijd kost nu eenmaal geld. Dhr. Van Vliet (D66) vraagt of de VVD het met hem eens is dat er een onrechtvaardigheid zit in de door hem geschetste casus.
45
Mw. Al-Saqaff (VVD) snapt dat het vervelend is als nieuwe mensen klagen maar vindt dat niet meer dan normaal. De voorzitter geeft het woord aan Volt.
50
Mw. B. Nederhand (Volt) ziet graag dat Utrecht het agent of change-principe gaat hanteren om bestaande culturele locaties te beschermen tegen geluidsoverlast en klachten van eventuele nieuwe bewoners. Zo komt er een evenwicht tussen stedelijke ontwikkeling en culturele diversiteit. De fractie roept de gemeente op om ook samenwerking met Berlijn en Toronto te zoeken.
55
Dhr. Van Heuven (PvdD) vraagt of mevrouw Nederhand had gezien dat het klagen in Toronto geen onderdeel is van agents of change.
60
Mw. B. Nederhand (Volt) heeft dat inderdaad gezien en neemt aan dat agents of change daar zijn redenen voor heeft. Pagina 24 van 35
Dhr. Van Heuven (PvdD) zegt dat Volt voor de optie van D66 kiest als zij Toronto volgt. Mw. B. Nederhand (Volt) begrijpt de vergelijking niet helemaal. 5
10
Dhr. Van Heuven (PvdD) zegt dat het eerste scenario is dat nieuwe bewoners geïnformeerd worden dat er een club is, terwijl zij in het tweede scenario actief ontmoedigd worden om daarover te klagen. Hij is benieuwd wat de voorkeur van mevrouw Nederhand is als zij Toronto wil volgen. Mw. B. Nederhand (Volt) kiest niet duidelijk voor een van de twee scenario’s. De fractie wil agents of change in zijn geheel volgen. Dhr. Van Heuven (PvdD) adviseert Volt om dan te lezen wat er in Toronto wordt gedaan. Daarin staat niets over hoe Toronto klagen actief tegengaat.
15
20
Mw. B. Nederhand (Volt) zal dit meenemen in de overweging. Zij zegt nergens dat je dan niet meer mag klagen. Zij vervolgt haar inbreng. Volt moedigt aan om het agent of change-principe toe te passen mits dit duurzaamheid en innovatieve maatregelen ondersteunt. De fractie vindt goede samenwerking en actieve betrokkenheid van jongeren, andere gebruikers en culturele ondernemers belangrijk en wil dit stimuleren. Zij vraagt of de wethouders en het college deze analyse delen en hierover in gesprek wil met andere steden. De voorzitter geeft het woord aan de CU.
25
Dhr. Van der Graaf (CU) zegt dat uitbreiding van de horeca altijd extra overlast met zich meebrengt. De fractie is kritisch op de snelheid waarmee exploitatievergunningen nu soms worden verleend, zeker in woonwijken. Kan de wethouder aangeven hoe de leefbaarheid in de wijken wordt meegewogen in het verstrekken van vergunningen?
30
Dhr. Van den Hoek (UtrechtNu!) merkt op dat de horeca juist niet het gevoel heeft dat vergunningen snel worden afgegeven. Hij vraagt of de CU zich ervan bewust is hoe lang de vergunningsprocedure duurt.
35
40
45
50
Dhr. Van der Graaf (CU) zegt dat nutteloze drempels weggenomen moeten worden, maar dat er ook belangrijke voorwaarden zijn om misstanden te voorkomen. Dhr. Van den Hoek (UtrechtNu!) merkt op dat er in de binnenstad jarenlang belcirkels zijn geweest om klachten in te dienen. Dhr. Van der Graaf (CU) vindt dat voorwaarden die bijdragen aan de leefbaarheid in de wijk ook de ruimte moeten krijgen bij het aanvragen van vergunningen. Hij vervolgt zijn inbreng. De CU ziet dat de toepassing van het agent of change-principe kan leiden tot een precedent waarbij het gevestigde bedrijf altijd de doorslag geeft bij vergunningsaanvragen of klachten. De CU wil het college oproepen om de belangen van bewoners even zwaar te laten wegen als die van de uitbaters. Iedereen moet dezelfde rechten en plichten hebben. Kan de wethouder dit toezeggen? Dhr. Van den Hoek (UtrechtNu!) zegt dat organisaties en personen nu vaak klagen over geluidsoverlast terwijl zij helemaal niet in de betreffende buurt gevestigd zijn en dus geen belanghebbenden zijn. Dhr. Van der Graaf (CU) heeft de indruk dat de gemeente dit op de juiste manier weet te filteren en te vertalen. De voorzitter geeft het woord aan GroenLinks.
55
60
Mw. Fattal (GroenLinks) ziet weinig noodzaak om te wijzigen wat er ligt. De fractie hecht veel waarde aan de levendigheid in de stad en aan de nachtcultuur, maar ziet ook dat veel bewoners in de stad overlast ervaren. Zij vindt verruiming dan ook ingewikkeld. Volgens GroenLinks zou agent of change moeten gaan over nieuwe wijken en nieuwe horeca en zou daarbij gegarandeerd moeten worden dat bewoners daar niet te veel overlast van krijgen. In de binnenstad zou het volgens de fractie niet kunnen worden toegepast. Pagina 25 van 35
De voorzitter geeft het woord aan EenUtrecht. 5
Dhr. Otto (EenUtrecht) zegt dat Utrecht niet zonder horeca kan en de horeca ook niet zonder Utrecht. Hij pleit voor draagvlakmetingen onder bewoners. Naar aanleiding van het agent of change-principe vraagt hij of er scherpe criteria voor overlast zijn. Is daar goed naar gekeken? De voorzitter geeft het woord aan de PvdD.
10
Dhr. Van Heuven (PvdD) merkt op dat er geen eenduidigheid is over wat er precies onder agent of change wordt verstaan. Niet mogen klagen over overlast als je naast een café gaat wonen, maakt volgens hem echt geen deel uit van dat concept. Het is onrechtvaardig als een inwoner het recht om te klagen wordt ontzegd.
15
Dhr. Van Vliet (D66) vraagt wie in deze commissie het voorstel heeft gedaan om het onmogelijk te maken om te klagen.
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Dhr. Van Heuven (PvdD) erkent dat het niet onmogelijk is gemaakt, maar dat het wel belemmerd wordt. Hoe legt het college agent of change uit en kan zij dit omschrijven als iets wat voor iedereen begrijpelijk is? Dhr. Talhaoui (PvdA) wil hierop kort reageren. Hij kan zich aansluiten bij wat GroenLinks in verband met dit concept heeft gezegd met betrekking tot gebiedsontwikkeling en nieuwe wijken, maar hij begrijpt ook dat diverse partijen zoeken naar een plek voor de Utrechtse nachtcultuur. De voorzitter schorst de vergadering voor vijf minuten en geeft daarna het woord aan de wethouders. Wethouder Oosters wil cultuur in de nachtcultuur stimuleren. De gemeente Utrecht wil hierin ook andere steden dan Amsterdam en Antwerpen volgen. Zij gaat geen groot onderzoek toezeggen maar gaat wel kijken wat de best practices zijn, ook in die andere steden, en wat Utrecht daarvan op het gebied van nachtcultuur zou kunnen leren. In Q1 2025 komt er een brief van het college met een update omtrent de nachtvisie en nachtcultuur. Wethouder Schilderman zegt over het toestaan van additionele horeca dat dit moet gaan over iets wat ondersteunend is aan de hoofdfuncties, omdat het anders niet additioneel is. Op de vraag of het mogelijk is om het verkrijgen van een omgevingsvergunning te vergemakkelijken antwoordt de wethouder dat het kader daarvoor het ontwikkelkader Utrecht is.
Daarin is een passende balans gezocht en volgens het college ook gevonden tussen ieders belangen. Mw. Oudejans (Student & Starter) zegt over additionele horeca dat het daarbij inderdaad gaat om een ondergeschikte functie. Het uitbreiden van de openingstijden lijkt wel een mogelijkheid. Hoe kijkt de wethouder daarnaar? Wethouder Schilderman zegt dat zo’n verruiming op gespannen voet staat met het feit dat in de regelgeving over ‘ondersteunend’ wordt gesproken. Zij vervolgt met het beantwoorden van de vraag van D66 over onrechtvaardigheid in de klachten en zegt dat het iedereen vrij staat om een melding te sturen als er hinder wordt ervaren. Het toezicht kijkt vervolgens of er aan de wet- en regelgeving wordt voldaan. Als de overlast daarmee in strijd is, is de melding gegrond en kan de uitbater gevraagd worden om iets aan te passen. In de handhaving kan niet worden meegenomen of iemand al dan niet in de nabijheid woont. Dhr. Van den Hoek (UtrechtNu!) vraagt hoe er met veelklagers om wordt gegaan. Wordt daar een selectie in gemaakt? Wethouder Schilderman antwoordt dat er pas handhaving plaatsvindt bij overtreding van een regel en niet bij iedere melding. Een melding over belanghebbendheid kan wel worden meegenomen. Zij vervolgt haar beantwoording. Agents of change gaat gedeeltelijk ook over de rol van een projectontwikkelaar.
Die moet bewoners informeren over de aanwezige horeca. Vaak wordt horeca ook gezien als een voordeel. Naar aanleiding van de vraag over het contact met de Pagina 26 van 35
5
10
15
20
25
Koninklijke Horeca zegt de wethouder dat ze die afgelopen jaar nog heeft gezien en dat er ook samengewerkt wordt met CMU. Op een vraag van de CU antwoordt de wethouder dat het niet mogelijk is om in de horecavergunning meer voorwaarden op te nemen die de binding met de buurt bevorderen. De meeste ondernemers hebben liever geen klachten van omwonenden. Dhr. Van den Hoek (UtrechtNu!) zegt dat de horeca suggesties heeft gedaan hoe vergunningen anders ingericht kunnen worden, maar dat de gemeente geen gebruik maakt van hun kennis en kunde. Wethouder Schilderman herkent dit niet. Wensen om processen makkelijker te maken die in strijd zijn met wet en regelgeving kunnen niet worden meegenomen. Het college gaat wel opnieuw kijken of er zaken zijn waarmee de gemeente wel aan de slag kan. De voorzitter stelt vast dat er verder geen vragen zijn en dat er één toezegging is gedaan, namelijk dat het college de raad in Q1 2025 terugkoppeling zal geven op het agent of changeprincipe in de voortgangsbrief nachtvisie en nachtcultuur. Dhr. Van Vliet (D66) zegt dat de raad meer verhalen moet verzamelen. Daartoe zal hij met een voorstel voor een RIB komen. Dhr. Van der Graaf (CU) zou graag de leefbaarheid een plek willen geven, maar de wethouder heeft gezegd dat daar geen juridische mogelijkheden voor zijn. De fractie gaat kijken of daar andere mogelijkheden voor zijn.
De voorzitter concludeert dat er geen verdere behandeling nodig is en schorst de vergadering voor vijf minuten.
Lijst van toezeggingen 30
35
De voorzitter concludeert dat wethouder Schilderman de volgende toezegging heeft gedaan: het college zal de raad in Q1 2025 terugkoppeling geven op het agent of change-principe in de voortgangsbrief nachtvisie en nachtcultuur.
10. Debat raadsvoorstel Wijziging gemeenschappelijke regeling GGDrU De voorzitter heropent de vergadering voor agendapunt 9, raadsvoorstel Wijziging gemeenschappelijke regeling GGDrU, en geeft het woord aan de fractie van de PvdA.
40
45
50
55
Mw. H. Assen (PvdA) is blij dat er stappen worden gezet om ervoor te zorgen dat er voor alle inwoners van Kanaleneiland goede en toegankelijke huisartsenzorg blijft. Het kan niet zo zijn dat inwoners van Kanaleneiland niet meer dichtbij naar hun huisarts kunnen. Het is bekend dat kwetsbare mensen korter leven en minder gezond zijn. Gemiddeld leef je met een vaste huisarts juist langer. Continuïteit en zekerheid bieden is dus geen luxe maar broodnodig en effectief om duurdere zorg te voorkomen. Genoeg reden dus om het droomplan van het gezondheidscentrum waar te maken. Dat kan niet door één partij worden opgelost. De PvdA is blij dat het is gelukt om alle partijen samen aan tafel te brengen. Dat was een van de aanbevelingen in de handreiking huisvesting huisartsen. Maar hoe worden de andere aanbevelingen opgevolgd, zoals de subsidie die voor huisvesting aangevraagd kan worden? De fractie vraagt de wethouder welke risico’s zij ziet en welke stappen er al gezet zijn in de richting van de NZa, het ministerie en de Tweede Kamer. Wat is de stand van zaken rond de laatste inventarisatie van geschikte panden in de omgeving en het eigen vastgoed? Hierbij moet een integrale afweging gemaakt worden. Zorg en welzijn zijn benoemd in de Utrechtse barcode.
Is dit voldoende concreet gemaakt wat betreft de eerstelijnszorg? Het gaat niet alleen om het gezondheidscentrum maar ook om de Marco Pololaan, waar diverse huisartsenpraktijken verloren dreigen te gaan. In dat geval zouden er vijfduizend patiënten op straat staan. De fractie vraagt daarom hoe die wordt meegenomen in een Pagina 27 van 35
oplossing voor het gezondheidscentrum. In het droomplan voor Kanaleneiland moeten alle patiënten van zowel het gezondheidscentrum als de Marco Pololaan behouden blijven. 5
Mw. Stylianou (D66) zegt dat als het droomplan uitgevoerd kan worden, er wel minder betaalbare of kleinere woonruimte zal zijn. Is dat voor de PvdA bespreekbaar? Mw. H. Assen (PvdA) zegt dat de PvdA overal voor openstaat. De ambitie is om te kijken of het allebei kan.
10
15
20
25
30
35
40
De voorzitter geeft het woord aan Volt. Dhr. P. Jansen (Volt) wijst op het grote belang van een goed functionerende eerstelijns gezondheidszorg, met name in Kanaleneiland. Het is al lang bekend dat de situatie van het gezondheidscentrum in Kanaleneiland daar kritiek is, maar er is nog steeds geen uitzicht op een oplossing. Het haalbaarheidsonderzoek dat de gemeente heeft laten uitvoeren stelt dat er wel mogelijkheden zijn maar nog niets is concreet. De gemeente beperkt zich tot een rol als procesbegeleider en legt de verantwoordelijkheid voor het huisvestingsvraagstuk bij het gezondheidscentrum. Volt wil meer daadkracht vanuit het college. Gezond stedelijk leven moet voor iedereen mogelijk gemaakt worden. Is het college het hiermee eens en waarom handelt de gemeente hier dan niet naar? Wat weerhoudt de gemeente ervan om de mogelijkheden van haar eigen vastgoed te benutten? Wordt de zorgverzekeraar wel aangesproken op zijn zorgplicht? Is de gemeente wel voldoende scherp richting de projectontwikkelaar? Mw. Ramaker (VVD) zegt dat het niet aan de gemeente is om haar eigen vastgoed hiervoor aan te spreken. Dhr. P. Jansen (Volt) zegt dat de gemeente dit zelf al heeft aangegeven. Dit is een van de best practices die door Nederlandse gemeenten wordt genoemd bij het oplossen van huisvestingsproblemen in de eerstelijnszorg. Mw. Ramaker (VVD) zegt dat het niet wettelijk verplicht is.
Zij vraagt wat Volt belangrijker vindt: woningen, huisartsenzorg, sport of cultuur? Dhr. P. Jansen (Volt) zegt dat de gemeente een barcode heeft opgesteld voor voorzieningen per duizend woningen. Een wijk met alleen maar woningen zonder voorzieningen is geen gezonde wijk. Hierin moeten ook politieke keuzen worden gemaakt. Mw. Ramaker (VVD) zegt dat die keuzen in de omgevingsvisie en het bestemmingsplan gemaakt zijn. Zij vraagt wat de bewoners van Kanaleneiland aan deze bijdrage van Volt hebben. Dhr. P. Jansen (Volt) zegt dat een goed functionerend gezondheidscentrum in Kanaleneiland absoluut noodzakelijk is. Daarom moet men met elkaar zoeken naar oplossingen.
45
Mw. Assen (PvdA) is het niet met Volt eens dat de gemeente niet thuis geeft, al heeft zij misschien wel pas recenter een meer actieve rol genomen. Hoe ziet Volt dat?
50
Dhr. P. Jansen (Volt) zegt dat hij hier in het vervolg van zijn betoog op terugkomt en vraagt welke stappen het college nu zet om de best practices voor zorgverzekeraars en gemeenten voor het gezondheidscentrum te concretiseren en zo de regie te nemen op dit dossier. Dat is de rol die Volt voor de gemeente ziet. Wil het college toezeggen om op korte termijn een dergelijk plan uit te werken? Het college moet stakeholders en projectontwikkelaars zo ver zien te krijgen dat zij hieraan meewerken.
55
Mw. Assen (PvdA) ziet dat de gemeente wel de regie neemt, maar zij kan dit niet afdwingen bij de andere partijen. Zij vraagt of Volt dit erkent.
60
Dhr. P. Jansen (Volt) denkt dat er diverse instrumenten beschikbaar zijn om de partijen in dezen in beweging te krijgen. Zo heeft de zorgverzekeraar heeft een zorgplicht, en heeft de projectontwikkelaar te maken met een omgevingsplan of een bouwvergunning. Tot nu toe heeft de gemeente zich beperkt tot een rol als procesbegeleider. Pagina 28 van 35
Mw. Assen (PvdA) wijst ook op de landelijke partijen die hierbij betrokken zijn. Dat bijvoorbeeld de basistarieven niet toereikend zijn, is niet iets wat de gemeente op kan lossen. 5
10
Dhr. P. Jansen (Volt) beaamt dat de gemeente de NZa niet tot ander beleid kan dwingen, maar zij kan wel met de zorgverzekeraar in gesprek gaan over additionele financiering. Dat is precies het soort taken dat Volt van de gemeente verwacht. De heer Jansen vervolgt zijn inbreng. Zijn fractie gaat uit van de politieke wil bij het college om dit probleem op te lossen. Voor een gezond en vitaal Kanaleneiland is dat essentieel. De voorzitter geeft het woord aan GroenLinks.
15
Mw. Vermeulen (GroenLinks) deelt de droom van huisartsen van één locatie waar verschillende zorgpartijen bij elkaar in een gebouw zitten. Juist in Kanaleneiland is dit extra waardevol. Op dit moment lopen er gesprekken tussen de gemeente, huisartsenzorg Kanaleneiland en zorgverzekeraars, maar dit is geen structureel overleg. GroenLinks vraagt het college toe te zeggen dat er structureel een taskforce huisartsenzorg komt.
20
Mw. Stylianou (D66) vraagt waar zo’n structurele taskforce ten koste van moet gaan. Er is heel weinig geld beschikbaar. Mw. Vermeulen (GroenLinks) zegt dat de huisartsenzorg echt wel een prioriteit is.
25
30
35
40
45
50
55
60
Mw. Stylianou (D66) herhaalt haar vraag. Mw. Vermeulen (GroenLinks) zegt dat hierin een goede afweging moet worden gemaakt. Mw. Stylianou (D66) vraagt of die taskforce dan voor elke huisartsenpraktijk in Utrecht huisvesting moet gaan regelen. Wat is het doel ervan? Mw. Vermeulen (GroenLinks) zegt dat het vooral om faciliteren en meedenken gaat. Mw. Assen (PvdA) vraagt ook wat zo’n taskforce precies moet doen. Moet die met alle huisartsen in gesprek, ongeacht wat nu hun huisvestingsstatus is? Mw. Vermeulen (GroenLinks) ziet het meer als een vervolg op wat er nu al is. Door de situatie in Kanaleneiland zijn er verschillende partijen bij elkaar gekomen en wordt er samengewerkt tussen het ruimtelijke en het sociale domein. Mw. Assen (PvdA) zou graag zien dat ruimtelijk en sociaal elkaar structureel vinden in een integrale aanpak en dat dat niet afhangt van een taskforce. Mw. Vermeulen (GroenLinks) is het hier helemaal mee eens. Zij zal straks met een voorstel komen om dat verder in te vullen. In andere steden zie je voorbeelden van hoe gemeenten meer invloed proberen te krijgen op wijkvoorzieningen zoals huisartsenzorg, bijvoorbeeld door een buurtcentrum als centrale plek voor zorgcultuur en welzijn in te richten. GroenLinks zou dit ook graag in Kanaleneiland zien en vraagt wat ervoor nodig is om hierin stappen te kunnen zetten.
Hoe kan de gemeente meer sturen op gebiedsontwikkeling om maatschappelijke voorzieningen zoals huisartsenzorg te realiseren of bij herontwikkeling te behouden? En moet hierbij meer specifiek of juist meer integraal gestuurd worden? GroenLinks is een voorstander van een integrale strategie. Dhr. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt of er niet al op deze specifieke problemen is gefocust. In welke situatie verkeren wij op dit moment? Mw. Vermeulen (GroenLinks) begrijpt de vraag niet helemaal. Dhr. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt of GroenLinks een bepaald beeld heeft van wat er leeft bij de huisartsen in Kanaleneiland. Het moet toch duidelijk zijn waarom die vertrekken. Is er dan niets bekend, en wie weet het dan wel? Pagina 29 van 35
5
Mw. Vermeulen (GroenLinks) zegt dat het heel lastig is om een plek te krijgen op basis van de bedragen die nu door ontwikkelaars voor huisvesting gevraagd worden. Tegelijk vindt de gemeente zulke maatschappelijke voorzieningen essentieel en wil zij daar ook op sturen. GroenLinks vindt dat de combinatie tussen het ruimtelijke en het sociale domein in Utrecht beter kan.
10
Dhr. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) zegt dat dan op een rijtje gezet moet worden wat de gemeente er wel of niet voor over heeft om invulling te geven aan de oplossing. Hij wil weten wat GroenLinks aan het college wil vragen om tot een definitieve oplossing van een zeer urgent probleem te komen.
15
Mw. Vermeulen (GroenLinks) erkent de urgentie van het probleem. Daarom wil GroenLinks dat de gemeente hier meer de regie gaat voeren. De fractie vraagt een toezegging om tot een integrale strategie voor Utrecht te komen. Dit sluit aan op een toezegging in een rapport uit 2022 van de landelijke huisartsenvereniging dat dit voor Utrecht verder uitgewerkt zou worden. GroenLinks zou graag van de wethouder horen wat hier momenteel de stand van zaken is.
20
Mw. Stylianou (D66) is het met GroenLinks dat er een betere connectie tussen het ruimtelijke en het sociale domein moet zijn. Toch is er nog geen 2500 vierkante meter voor het droomplan gevonden. Hoe staat GroenLinks dan tegenover minder eisen op het gebied van wonen?
25
30
Mw. Vermeulen (GroenLinks) denkt dat dit niet een of-of situatie is, maar dat het ook een win-win situatie zou kunnen zijn. Mw. Stylianou (D66) vraagt of dat dan geldt voor zowel eigen vastgoed met functievermenging als voor ontwikkelaars die ook in commerciële functies moeten voorzien. Mw. Vermeulen (GroenLinks) denkt dat kinderopvang daar ook heel goed bij zou kunnen. De voorzitter geeft het woord aan de VVD.
35
Mw. Ramaker (VVD) ziet bij de beantwoording van schriftelijke vragen dat de projectontwikkelaar met twee huisartsen aan de Marco Pololaan een principeovereenkomst heeft getekend. Zij ziet aan de Marco Pololaan een oud gebouw en een ongezonde omgeving. De VVD vindt dat er meer aandacht aan de omgeving moet worden besteed. Zij vraagt of de school daar gesloopt gaat worden en of de fysieke toegankelijkheid en het huidige onderkomen opgeknapt kunnen worden.
40
Dhr. Jansen (Volt) heeft de indruk dat er wel al een plan ligt voor een gezondheidscentrum aan de Marco Pololaan. Volgens hem gaat het hier om een ander gezondheidscentrum in dezelfde wijk dat op omvallen staat. Wat moet er volgens de VVD op dat dossier gebeuren? Mw. Ramaker (VVD) vraagt of Volt het gezondheidscentrum in het winkelcentrum bedoelt.
45
Dhr. Jansen (Volt) beaamt dit. Mw. Ramaker (VVD) zegt dat de VVD het breder heeft getrokken, naar de huisartsenzorg in Kanaleneiland. Zij vindt dat de omgeving van een huisartsenpraktijk uitnodigend moet zijn.
50
55
Dhr. Jansen (Volt) vraagt of de VVD het er niet mee eens is dat bij beide gezondheidscentra in Kanaleneiland de continuïteit behouden moet blijven. Mw. Ramaker (VVD) zegt dat zij ervoor heeft gekozen om zich in haar inbreng op de leefomgeving te concentreren. Mw. Assen (PvdA) deelt het belang van de leefomgeving, maar gaat het hier om een urgenter probleem.
Pagina 30 van 35
Mw. Ramaker (VVD) heeft aangegeven dat er met een projectontwikkelaar een principeovereenkomst is voor huisvesting van twee huisartsen. Zij vraagt zich af wat er tussen nu en de nieuwbouw gaat gebeuren. Hoe worden de patiënten ontvangen? 5
10
Mw. Assen (PvdA) zegt dat dit over een deel van de bewoners van Kanaleneiland gaat, maar dat het andere deel buiten beschouwing blijft. Zij wil alleen even toetsen of deze focus niet betekent dat dat voor de VVD geen issue is. Mw. Ramaker (VVD) vindt dit heel goed geformuleerd. Dhr. Mulderij (CDA) blijft zich erover verbazen waarom de VVD niets zegt over het droomplan en de urgentie.
15
De voorzitter merkt op dat dit weer dezelfde vraag is en roept de raadsleden op om niet steeds dezelfde vragen te stellen. Hij geeft het woord aan D66.
20
Mw. Stylianou (D66) zegt dat er voor het droomplan op korte termijn geen locatie is en vraagt of er tijdelijke locaties in beeld zijn. D66 is enthousiast over functievermenging op de reeds door GroenLinks genoemde locaties. Zij noemt het voorbeeld van IBB waar door de keuze voor kleinere appartementen 70 woningen meer zijn toegevoegd. Is de wethouder bereid om dat te verkennen of is dat al gebeurd? Kan er ook in dit geval met de eisen gespeeld worden? Wat is er nodig om het droomplan te kunnen realiseren?
25
Mw. Assen (PvdA) vraagt hoe D66 ertoe komt tot de analyse dat het loslaten van de eisen die aan betaalbare woningen gesteld worden een onderdeel is van dit probleem.
30
35
Mw. Stylianou (D66) heeft bij herinrichting gezien dat woningbouwprojecten niet rondkomen vanwege te zware eisen en vraagt zich af of het daar bij de herontwikkeling van het winkelcentrum ook op vastloopt, bijvoorbeeld bij de zoektocht naar een locatie van 2500 vierkante meter. Mw. Assen (PvdA) is dit geen onderdeel van het probleem. Zij krijgt de indruk dat D66 hier haar woonagenda wil pushen. Mw. Stylianou (D66) zou deze vraag ook aan de wethouder willen stellen. Volgens haar liggen hier wel kansen. Mw. Assen (PvdA) zegt dat je de eisen voor betaalbare woningen niet moet loslaten omwille van een gezondheidscentrum.
40
Mw. Stylianou (D66) zegt dat er ergens een weging zal moeten worden gemaakt. Zij vervolgt haar inbreng. D66 is blij met de actieve rol die de gemeente hierin heeft, maar vindt het ook wel spannend vanwege de toenemende vraag naar gezondheidszorg. Wat betekent dit voor de ambtelijke capaciteit?
45
De voorzitter geeft het woord aan de CU.
50
Dhr. Van Bergen (CU) zegt dat de huisarts de eerste schakel in de zorgketen is. Daarom is het belangrijk dat dit juist in de wijken waar de afstand tot de zorg groter is goed georganiseerd is. De CU ziet ook dat de druk op de zorg steeds meer toeneemt. Opgezegde huurcontracten en droomplannen die niet rondkomen dragen daar niet aan bij. De fractie sluit zich aan bij de vragen van de PvdA. In de toekomst gaat de huisartsenzorg in Utrecht nog een groter probleem worden. Deels moet de oplossing gezocht worden in de landelijke politiek maar deels ook lokaal.
55
60
De voorzitter geeft het woord aan Student & Starter. Mw. Van Tuijl (Student & Starter) zegt dat de huisartsenzorg onder druk staat vanwege het gebrek aan geschikte locaties. De fractie vraagt ook of tijdelijke locaties een oplossing zouden kunnen zijn. Zij is benieuwd naar de stand van zaken rondom het droomplan en de rol van de gemeente. De gemeente heeft een actieve rol door bij het gezondheidscentrum in Kanaleneiland een stuurgroep op te richten en een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren. Uit de RIB komt naar Pagina 31 van 35
voren dat er in het bestemmingsplan regie op de vierkante meters voor gezondheidscentra genomen moet worden. Student & Starter sluit ook aan bij het punt van GroenLinks over betere samenwerking tussen het ruimtelijke en het sociale domein. 5
10
15
20
De voorzitter geeft het woord aan EenUtrecht. Dhr. Otto (EenUtrecht) vraagt of het een realistisch scenario is dat er straks misschien vier- tot vijfduizend mensen zonder huisarts komen te zitten. Zouden die mensen in nabije wijken opgevangen kunnen worden? En zit de gemeente dan niet met een moreel dilemma? De voorzitter geeft het woord aan DENK. Dhr. Skori (DENK) zegt dat in Utrecht gemiddeld 75 procent van de inwoners een goede gezondheid heeft. In Kanaleneiland is dat 60 procent. Als een deel van Kanaleneiland nu ook nog zonder huisarts komt te zitten, komt hier nog een klap bovenop. DENK vraagt wat precies de reden is waarom de eigenaar van het pand de huisartsen eruit wil zetten. Kan de wethouder toezeggen met hem in gesprek te gaan? Als hier een winstoogmerk speelt, zou de gemeente het bedrag van de extra winst misschien kunnen bijpassen. DENK hoort graag op welke manieren het college wil ingrijpen om ervoor te zorgen dat er geen inwoners van Kanaleneiland zonder huisarts komen te zitten. De voorzitter geeft het woord aan het CDA.
25
30
35
40
45
50
55
60
Dhr. Mulderij (CDA) vindt het ook belangrijk dat de continuïteit van de huisartsenzorg op Kanaleneiland behouden blijft. Het haalbaarheidsonderzoek roept bij het CDA een aantal vragen op over de rol van de gemeente. Een aantal respondenten zou graag een meer proactieve sturing van de kant van de gemeente zien. Ook stond in dat rapport dat niemand de regie heeft en dat iedereen op elkaar wacht. Sterkzorg drong aan op de vorming van een integrale kerngroep. Er bleek behoefte aan een wijkregisseur sociaal met een mandaat om te handelen en ook aan een vaste contactpersoon bij de gemeente met wie het GZK kon optrekken in de zoektocht naar een geschikte locatie. Na een schorsing van tien minuten geeft de voorzitter het woord aan wethouder Voortman die vandaag wethouder Eerenberg vervangt. Wethouder Voortman vindt dit een belangrijk en urgent debat. De huisvestingsproblemen voor huisartsen komen door een combinatie van stijgende vastgoedprijzen, concurrentie om ruimte door binnenstedelijke verdichting en ook een toenemende vraag naar eerstelijnszorg als gevolg van de bevolkingsgroei. Ook zijn beschikbare panden niet altijd geschikt voor huisartsenzorg. Er is niet één partij verantwoordelijk voor de oplossing: zo is de huisarts eindverantwoordelijk voor zijn huisvesting en is de zorgverzekeraar verantwoordelijk voor de continuïteit van de zorg.
De wethouder ziet de rol van de gemeente op twee sporen. Op de lange termijn maakt het college een quick scan met de koepels van de huisartsen om in beeld te brengen wat de impact van de groei van de stad op de zorgbehoefte in de toekomst is. Anderzijds gaat het college ook met de zorgverzekeraar in gesprek over de vergoeding van huisvestingskosten voor huisartsen. Het college neemt ook een faciliterende rol op zich, zoals het nu ook al doet bij het gezondheidscentrum Kanaleneiland. De wethouder gaat ook de informatievoorziening rond gebiedsontwikkeling beter organiseren, zodat voor huisartsen duidelijk is waar ze terecht kunnen met hun vragen. Mw. Assen (PvdA) is blij dat de wethouder in gesprek wil gaan met de zorgverzekeraar over de tarieven, maar vraagt wel wat zij zich daarbij moet voorstellen. Wethouder Voortman zegt dat de gemeente niet over de tarieven gaat, maar dat zij deze geluiden wel onder de aandacht kan brengen. Zij vervolgt haar beantwoording. De PvdA vroeg hoe de aanbevelingen uit het rapport worden opgevolgd. In Utrecht is tot nu toe niet overwogen om ook subsidie te verlenen. Het aanvragen van huursubsidie lijkt juridisch mogelijk maar daar zitten ook risico’s en nadelen aan. Dan zou de gemeente de rol van de zorgverzekeraar op het gebied van zorgcontinuïteit overnemen en dat zou een aanzuigende werking kunnen hebben.
Ook is er het risico dat dit voor de gemeente een langdurige structurele Pagina 32 van 35
5
kostenpost zou worden. Het kan ook ongewenste verschillen tussen gemeenten opleveren. Het college is wel bereid om dit te onderzoeken. De wethouder zegt toe dat zij hier in Q1 2025 op terug zal komen. Toezegging 123 staat ook nog open, waarin het college inzichtelijk maakt wat in Utrecht het probleem is en wat de zorgbehoefte op langere termijn zal zijn. Er is nu een aantal casussen maar de stedelijke opgave is nu nog onvoldoende in beeld. Mw. Assen (PvdA) merkt op dat er volgens de wethouder verschillen in vastgoedprijzen per gemeente kunnen ontstaan, maar die verschillen zijn er toch al.
10
15
20
Wethouder Voortman beaamt dit. Zij herhaalt haar toezegging dat het college dit gaat onderzoeken. Op de vraag wat de kansen en de risico’s zijn antwoordt de wethouder dat het college op dit moment mogelijkheden in de nieuwbouwontwikkeling in het gebied, winkelcentrum Nova, onderzoekt, alsook kansen in het eigen vastgoed. De wethouder zegt dat bij private mogelijkheden de ruimte wel beschikbaar moet zijn en dat de gemeente een ontwikkelaar of eigenaar niet kan verplichten om een bepaalde ruimte aan te bieden. In de plannen van de huidige ontwikkelaar van het winkelcentrum is een nieuw gezondheidscentrum opgenomen. Een vraag is ook of de huurprijzen aansluiten bij wat het gezondheidscentrum kan betalen. Mw. Assen (PvdA) vraagt welke opties er zijn met betrekking tot tarieven bij het eigen vastgoed.
55
Wethouder Voortman zegt dat het sowieso de vraag is of de gemeente eigen vastgoed heeft. Een andere vraag is waarom zij hier wel een lager tarief zou rekenen en elders niet. Zij vervolgt haar beantwoording. Wat betreft de stappen in de richting van de NZa en de Tweede Kamer zegt de wethouder dat de gemeente daar zelf niet lobbyt. Zij kan wel contacten met VWS en de VNG benutten om deze geluiden door te geven. In al het eigen vastgoed zitten nu huurders die vanuit het gemeentelijk beleid worden gehuisvest. Huisvesting en de financiering daarvan zijn onder andere vastgelegd in het MPR groeikader. De financiële afwegingen worden elk jaar door de raad bij de begrotingsbehandeling gemaakt. In dit geval gaat het ook nog om bestaande gebouwen met meerjarige huurovereenkomsten. Als er gekozen moet worden tussen verschillende maatschappelijke huurders en er te weinig gemeentelijke gebouwen zijn, dan zal het college dit aan de raad voorleggen. In het koersdocument Leefbare Stad en Maatschappelijke Voorzieningen staan normen over hoeveel vierkante meters huisarts of gezondheidscentrum per inwoner nodig zijn. De locatie Marco Pololaan valt buiten het zoekgebied, ook omdat het gezondheidscentrum heeft een grotere locatie nodig heeft.
De visie Gezond Stedelijk Leven is een handelingsperspectief voor een korte termijnoplossing waarin de gemeente een rol pakt binnen de integrale verantwoordelijkheden in Kanaleneiland. Afhankelijk van de quick scan kan het college gericht bepalen waarop de gemeente op langere termijn kan en moet inzetten. Momenteel is er in Kanaleneiland geen eigen vastgoed met voldoende ruimte voor de huisvesting van het gezondheidscentrum. Het college werkt goed samen met de zorgverzekeraar maar vindt dat die zich ook moet committeren aan de inzet van middelen. Wat betreft het plan van aanpak op korte termijn zegt de wethouder dat nu al integraal wordt samengewerkt met verschillende organisaties, onder andere met de koepels van de huisartsen. Voor de uitwerking van een taskforce heeft de wethouder tijd nodig, ook om te bepalen welke capaciteit dit van de organisatie vraagt. Tevens moet er worden gekeken naar de ervaringen van andere gemeenten. Door integraal samen te werken richt de gemeente zich al op een centrale plek voor meerdere functies. De wethouder vindt integrale voorzieningen een mooi idee, maar dat brengt wel hoge kosten met zich mee en het is moeilijk om er voldoende ruimte voor te vinden.
Wat betreft het omgevingspunt van de VVD zegt de wethouder dat meldingen met betrekking tot het beheer van de openbare ruimte worden opgepakt, maar dat er structureel budget vrijgemaakt zou moeten worden. De herinrichting van de openbare ruimte in Kanaleneiland moet een positieve bijdrage leveren aan een gezonde leefomgeving. De bouw aan de Marco Pololaan zal begin 2025 starten. Daarbij wordt de groenstructuur versterkt en opgewaardeerd, wordt de openbare ruimte ingericht en is er ook ruimte gereserveerd voor de ondergrondse afvalinzameling. Het geheel moet toegankelijk zijn volgens het VN-verdrag handicap. Er zijn ook stappen gezet voor reparaties en onderhoud aan het gebouw.
60
Mw. Assen (PvdA) merkt op dat de ruimte bij de Marco Pololaan niet meer wordt ervaren als geschikt voor een huisartsenpraktijk. Zij vraagt wat er gedaan kan worden om ervoor te zorgen dat huisartsen daar fatsoenlijk kunnen blijven werken en patiënten daar fatsoenlijk kunnen blijven komen.
25
30
35
40
45
50
Pagina 33 van 35
Wethouder Voortman vraagt of het dan om rommel gaat. 5
10
15
Mw. Assen (PvdA) zegt dat het om het gebouw zelf gaat, waar niet meer goed gewerkt kan worden. Wethouder Voortman wil daar straks op terugkomen en vervolgt haar beantwoording. Op de vraag van D66 antwoordt zij dat er geen tijdelijke locatie beschikbaar is. Zij denkt niet dat het verlagen van de eisen zou helpen, gezien de grote ruimtebehoefte bij het gezondheidscentrum. Wat betreft de bredere vraag naar de toekomst zegt de wethouder dat de gemeente met de huisartsenkoepels samenwerkt aan de scan van de zorgbehoefte, omdat zij ook moet weten waar zich op de langere termijn continuïteitsproblemen voordoen. Op de vraag van EenUtrecht antwoordt zij dat het niet realistisch is om alle bewoners van Kanaleneiland bij huisartsen in omringende wijken onder te brengen als er geen alternatieve huisvesting wordt gevonden. Dhr. Otto (EenUtrecht) vraagt waar die patiënten dan heen moeten. Wethouder Voortman weet dat ook niet.
20
25
30
Dhr. Otto (EenUtrecht) vindt het geen optie dat mensen geen huisarts hebben en vraagt of er echt geen andere mogelijkheden zijn. Wethouder Voortman ziet de urgentie maar vindt het ook belangrijk dat alle partijen hierin hun verantwoordelijkheid nemen. De gemeente gaat niet hun verantwoordelijkheden op zich nemen. Op de vraag van DENK antwoordt de wethouder dat de eigenaar van het pand de huisartsen eruit heeft gezet omdat hij andere gegadigden voor de ruimte had. In de gebiedsontwikkeling is voorzien in een nieuw gezondheidscentrum op een andere plek in het winkelcentrum. De gemeente blijft meedenken om patiënten elders onder te brengen. Op de vraag van de PvdA wat de gemeente gaat doen om het huidige pand veilig te houden antwoordt de wethouder dat het college in gesprek gaat met de eigenaar omdat hij hier ook een verantwoordelijkheid heeft. De voorzitter vraagt of er nog onbeantwoorde vragen zijn.
35
Mw. Vermeulen (GroenLinks) vraagt of er ook een stappenplan gemaakt gaat worden voor een integrale strategie voor het ruimtelijke en sociale domein in Utrecht. Wethouder Voortman heeft gezegd dat zij een structurele taskforce wil uitwerken. Daarmee zou vervolgens een strategie uitgewerkt kunnen worden.
40
Dhr. Mulderij (CDA) vraagt of er al gewerkt is aan een meer proactieve rol voor de gemeente.
45
Wethouder Voortman zegt dat zij hiermee is begonnen in haar beantwoording. Zij ziet een rol voor de gemeente bij het in beeld brengen van de groeiende zorgbehoefte in de stad. Verder ziet zij voor de gemeente een faciliterende rol bij de problematiek in Kanaleneiland. Ook bij een taskforce zou de gemeente een actieve rol kunnen spelen. Mw. Assen (PvdA) vraagt of de wethouder wel al kan toezeggen dat er naar vastgoed en ruimtelijke ontwikkelingen elders in de stad gekeken gaat worden.
50
55
60
Wethouder Voortman zegt dat dit bij nieuwbouw makkelijk is, maar niet bij bestaande bouw. Daarvoor is de quick scan nodig. Mw. Assen (PvdA) beseft dat dit niet alleen bij de gemeente ligt. Kan er binnen een paar maanden weer een update gegeven worden? Wethouder Voortman zal hier in Q1 2025 op terugkomen. De voorzitter stelt vast dat er twee toezeggingen zijn, met betrekking tot de huursubsidie en een update over de zorg in Kanaleneiland. Hier zal het college in Q1 2025 op terugkomen. Pagina 34 van 35
Wethouder Voortman zegt dat als er eerder meer te melden is, zij dat ook eerder zal doen.
5
10
De voorzitter vraagt de commissie of zij dit binnenkort op de agenda van de gemeenteraad wil zetten. Mw. Assen (PvdA) wil die optie openhouden. Zij wil nog even met collega’s overleggen of de raad nog iets gaat agenderen. De voorzitter zegt dat er dan voor woensdag een agendering bij het dagelijks bestuur moet zijn. Hij bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en de wethouder voor haar beantwoording en sluit de vergadering om 17.15 u.
Lijst van toezeggingen 15
20
De voorzitter concludeert dat wethouder Voortman de volgende toezeggingen heeft gedaan: • De resultaten van het onderzoek naar het toevoegen van deelmobiliteit aan de U-pas worden in Q4 2024 verwacht. Het college informeert de raad hierover. • - In de voortgangsbrief nachtvisie/nachtcultuur van Q1 2025 koppelt het college terug over de 1e bevindingen van de verkenning van toepassing van het agent of change principe in de nachtcultuur. • - Het college kijkt of er mogelijkheden zijn voor huursubsidie voor huisartsen en komt hier in Q1 2025 bij de raad op terug. Het college geeft hierin ook een stand van zaken van de huisartsenzorg in Kanaleneiland. Als er eerder meer te melden is dan doet het college dit.
Pagina 35 van 35