CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag commissie VOWE 11 april 2024

Commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie (2022-2026) 23 mei 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen31.391 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Verslag openbare ochtendvergadering commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie 5

10

15

20

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

11 april 2024 Raadzaal, Stadhuishal mw. S. Donkers (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

De voorzitter, dhr. R. van der Zweth, de wethouder, dhr. E. Eerenberg, de commissiegriffier W. Kok, de leden, dhr. D-J van Vliet (D66), mw. V. Dada-Anthonij (D66), mw. B. Nederhand (Volt), mw. I. Raaijmakers (PvdA), dhr. C. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht), dhr. D. van Bergen (ChristenUnie), dhr. F. Dekkers (GroenLinks), mw. J. Kleinrensink (GroenLinks), mw. M. Fattal (GroenLinks), mw. M. Vermeulen (GroenLinks), mw. M. Ramaker (VVD), dhr. Otto (EenUtrecht), mw. M. Al-Saqaff (VVD), mw. N. Stylianou (D66), mw. A. Oudejans (Student&Starter), mw. A. Sasbrink (PvdD), mw. M. Oul Fakir (BIJ1), mw. E. Kolenbrander (Student&Starter), dhr. I. Şimşek (DENK)

Afwezigen

Er zijn geen afwezigen gemeld.

Verslag openbare vergadering commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie 25

30

35

1. Opening en mededelingen ............................................................................................................2 2. Vaststellen van de agenda van de commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie 11 april 2024 .....................................................................................................................................2 3. Vaststellen van ingekomen agenderingen ....................................................................................2 3.1 Raadsvoorstel Beleidsnota Locatiebeleid evenementen en wijzigingen APV-gemeente Utrecht 2010, locatieprofielen evenementen .................................................................................2 3.2 Raadsvoorstel Beleidsnota Bibliotheek 2024-2034 .................................................................2 3.3 Raadsvoorstel ontwerpbegroting 2025 GGDrU .......................................................................2 3.4 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven ................................3 4. Verslagen ......................................................................................................................................5 5. Toezeggingen/Moties ....................................................................................................................5 6.

Lijst van ingekomen stukken .........................................................................................................6 7. Raadsvoorstel Utrechtse Onderwijsagenda 2024-2027 ................................................................6

Pagina 1 van 54

1. Opening en mededelingen 5

10

De voorzitter opent de vergadering om 10.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom. Wethouder Eerenberg is jarig vandaag en heeft een traktatie gemaakt die hij aan iedereen uitdeelt tijdens een korte schorsing Wethouder Eerenberg deelt namens wethouder Oosters mee dat er een paragraaf over de beslistermijnen was wegegevallen bij de het Raadsvoorstel over de locatieprofielen. Dit is alsnog toegevoegd en ze biedt hier ook een technische sessie over aan.

2. Vaststellen van de agenda van de commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie 11 april 2024 De Agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

15

3. Vaststellen van ingekomen agenderingen 3.1 Raadsvoorstel Beleidsnota Locatiebeleid evenementen en wijzigingen APV-gemeente Utrecht 2010, locatieprofielen evenementen

20

25

30

De voorzitter geeft aan eerst alle punten af te gaan en aan het einde te kijken naar de invulling van de puzzel. De voorzitter is bang dat ze de puzzel niet eens gelegd krijgen. Het voorstel om dit punt voor 120 minuten te agenderen is akkoord. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vindt de tijd te kort en zij stelt voor om het voor 180 minuten te agenderen. Daarbij geeft ze aan dat zij het voornamelijk over groen gaan hebben en zij zou de wethouder groen dan ook graag willen uitnodigen. De voorzitter benadrukt dat hij zo dadelijk de vraag moet gaan stellen welke zaken er geschrapt moeten gaan worden en of de veegcommissie benut moet gaan worden. Hij inventariseert de stemmen en concludeert dat de commissie instemt met 120 minuten. Op 14 mei komt er een RIB en de voorzitter stelt voor om of een RIB voor 60 minuten te plannen inclusief een technische sessie of dat er een RIB voor 90 minuten gepland wordt zonder technische sessie. De heer Van Vliet (D66) heeft de voorkeur voor 90 90 minuten zonder technische sessie.

35

40

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) benadrukt dat er in het begin wel ambtenaren komen die een stuk toelichting geven. De voorzitter concludeert dat het voorstel akkoord is om de RIB voor 90 90minuten in te plannen zonder de technische bijeenkomst. 3.2 Raadsvoorstel Beleidsnota Bibliotheek 2024-2034

45

De voorzitter concludeert dat deze voor 60 minuten op de agenda komt zonder RIB of technische sessie. 3.3 Raadsvoorstel ontwerpbegroting 2025 GGDrU

50

De voorzitter stelt voor om dit punt voor 60 60 minuten te agenderen maar geeft daarbij aan dat dit vaak ook korter kan. Het stuk wordt kort van tevoren aangeleverd in verband met fatale termijnen. Mevrouw Ramaker (VVD) heeft geen idee of het korter kan dat hangt af van hoe spannend het allemaal is en hij kijkt hiervoor naar de wethouder. Pagina 2 van 54

Wethouder Eerenberg de insteek is om een beleidsarme begroting aan te bieden. 5

Mevrouw Ramaker (VVD) stelt voor dat het wel in 30 minuten kan, hiermee is iedereen akkoord. 3.4 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven

10

De heer Van Bergen (ChristenUnie) wil de laatste brief uit de commissie Sorgdrager en de toekomst van sekswerk in Utrecht agenderen voor150 minuten. De ChristenUnie doet dit samen met GroenLinks, D66, VVD, CDA, PvdA, PvdD, Volt en Student&Starter. Het gaat om een commissie agendering zonder RIB. De voorzitter inventariseert of er nog partijen anders over denken.

15

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) wil 120 minuten voorstellen. De heer Van Bergen (ChristenUnie) begrijpt dat het een puzzel is maar het is volgens hem ook een onderwerp dat zij allen erg belangrijk vinden. Hij blijft dan ook bij 150 minuten.

20

De voorzitter geeft aan dat hier al eerder drie uur over gedebatteerd is. Hij concludeert dat er een meerderheid is voor 120 minuten. De heer Şimşek (DENK) sluit zich ook aan bij de agendering

25

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) wil naar aanleiding van het debat over leerlingenvervoer een RIB agenderen over speciaal en passend onderwijs. Zij moet nog wel een agenderingstekst maken en ze heeft ook niet meer helemaal helder welke partijen mee willen agenderen. Het voorstel is een RIB voor 60 60 minuten.

30

Mevrouw Nederhand (Volt) vraagt wat het doel is van de RIB, dit is niet geheel duidelijk.

35

40

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) het gaat over de problemen die er spelen binnen speciaal onderwijs en er ligt heel veel druk bij de scholen en dat leidt tegelijkertijd tot heel veel druk bij het samenwerkingsverband om kinderen op regulier onderwijs te houden. De voorzitter geeft aan dat er op 14 mei al de doorgeschoven RIB over de huisartsenzorg Kanaleneiland stond en de zojuist geplande RIB locatiebeleid. Dit houdt in dat de avond van 14 mei vol is. De voorzitter geeft aan dat er nog een moment is op 11 juni maar dat deze ook ingezet kan worden als een extra dagdeel. Hij wil eerst de puzzel voor de commissie agenderingen bekijken en daarna kijken hoe de RIB-avonden gepland worden. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) is van mening dat ook de RIB over speciaal en passend onderwijs samenhangt met een commissie agendering.

45

50

55

60

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) beaamt dat deze hier deels mee samenhangt. Het gaat ook wel wat verder. De voorzitter legt eerst de puzzel voor de commissie en daarna de puzzel voor de RIB. Hij inventariseert welke partijen er mee willen agenderen met de RIB van GroenLinks. De heer Van Steeg (CDA) wil mee agenderen maar geeft daarbij aan dat het geen haast heeft. De voorzitter concludeert dat ChristenUnie, PvdA, GroenLinks, CDA en VVD mee willen agenderen voor de RIB over speciaal onderwijs. De heer Otto (EenUtrecht) wil met GroenLinks, PvdA, Utrecht Solidair, ChristenUnie en Stadsbelang Utrecht stadgeldbeheer agenderen voor 60 60 of 90 90 minuten. De voorzitter geeft aan dat mee-agendeerders het ook altijd later nog mogen melden. Pagina 3 van 54

De heer Van Steeg (CDA) vindt het fijn aan te geven mee te willen agenderen.

5

De heer Otto (EenUtrecht) vraagt de wethouder of hij uiterlijk een week van tevoren de technische vragen kan beantwoorden. Hij heeft ook begrepen dat de VVD en het CDA ook graag meeagenderen. De voorzitter stelt voor gezien de tijd om het voor 60 60 minuten te agenderen.

10

15

De heer Otto (EenUtrecht) geeft aan dat het wel wat oproept en wil graag 90 90 minuten. De voorzitter concludeert dat een meerderheid voor 90 minuten stemt. De heer Otto (EenUtrecht) wil ook nog graag ondernemers centraal agenderen omdat hij bang is dat het gaat verdwijnen en hij wil weten wie er mee wil agenderen.

20

De voorzitter stelt vast dat DENK en het CDA mee willen agenderen en stelt daarom voor om het voor dertig minuten te agenderen. De voorzitter geeft aan dat het college afgelopen dinsdag een Raadsvoorstel heeft gestuurd over de herbenoeming ledenraad SPO en NUOVO. In de brief is gevraagd om zo spoedig mogelijk een besluit te nemen zodat iedereen zitting kan nemen in de Raad van Toezicht. Het voorstel van de voorzitter is dit als A punt naar de raad door te geleiden.

25

Mevrouw Nederhand (Volt) benadrukt dat het college heeft aangegeven dit drie maanden van tevoren te communiceren. Wat er nu speelt is dat de termijn van een van de leden op 23 april afloopt en dat de volgende raad op 25 april is. Dit vindt Volt wel zonde maar verder mag het als A punt naar de raad.

30

De voorzitter concludeert dat dit doorgaat als A punt. Dan is de voorzitter aangekomen bij de puzzel van de commissievergadering. Voor de vergadering is 495 minuten beschikbaar en op dit moment staat er voor 585 minuten aan agenderingen om in te plannen wat inhoudt dat er 90 minuten van de agenda af moet. De opties zijn om op 13 juni de veegcommissie te gebruiken daarbij geeft de voorzitter aan dat dit nog ver weg is en de kans dat er nog meer zaken naar deze datum moeten schuiven heel groot is. De andere optie is om de RIB van 11 juni als extra dagdeel te gebruiken.

35

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) wil passend onderwijs graag samen met de RIB houden en als dit later wordt is dat ook geen probleem.

40

De voorzitter bevestigt dat dit er dan af gaat maar dit agendapunt is maar 60 minuten. Dit houdt in dat er nog dertig minuten verschoven moet worden en dat is precies het debat van ondernemers centraal. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) benadrukt dat de gehele dag nu precies vol is gepland en dat de kans bestaat als er uitgelopen wordt. Haar voorstel is dan ook om een groter debat door te schuiven.

45

50

55

De voorzitter stelt voor om ondernemers centraal eraf te halen en te kijken of het punt van de GGD korter kan. De heer Otto (EenUtrecht) begreep dat ondernemers centraal ook afhangt van wat er in de voorjaarsnota gebeurt. Hij vindt het wel goed om voor die tijd hierover gesproken te hebben. De voorzitter stelt nog voor om de te korten kraamzorg eraf te halen. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) wil dit echt voor de zomer bespreken dus het kan nog een keer verschoven worden naar 13 juni. Mevrouw Raaijmakers geeft nog aan dat het ook bij de voorjaarsnotacommissie besproken worden Mevrouw Stylianou (D66) wil dit ook voor de zomer bespreken omdat er al families zijn die geen kraamzorg kunnen krijgen.

Pagina 4 van 54

De voorzitter stelt voor over drie zaken te stemmen te beginnen met GGD of deze in minder dan dertig minuten kan daarna ondernemers centraal en als laatste de kraamzorg. 5

10

De heer Otto (EenUtrecht) stelt voor om ondernemers centraal naar een reserve moment te zetten. De voorzitter bevestigt dat de veegcommissie voor de voorjaarsnota ligt. De voorzitter concludeert dat er een meerderheid voor vijftien minuten is voor de GGD. Voor het voorstel om ondernemers centraal naar een ander moment te verplaatsen is ook meerderheid vóór. Hiermee is de agenda dan tot het randje gevuld. Voor het laatste voorstel om kraamzorg te verzetten is geen meerderheid, daarmee concludeert de voorzitter dat deze erop blijft. De heer Otto (EenUtrecht) vraagt of ondernemers centraal nu naar de veegraad gaat.

15

20

25

De voorzitter geeft aan dat de veegcommissie van 13 juni 180 minuten is. Ondernemers centraal gaat hiernaar toe met een meerderheid van stemmen. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) verzoekt het meest grote debat aan het einde van de vergadering te plannen zodat niet de hele agenda moet worden omgegooid wanneer er uitgelopen wordt. De heer Van Bergen (ChristenUnie) wil juist het tegenovergesteld voorstellen omdat je dan al vroeg op de dag weet waar je aan toe bent. Mevrouw Sasbrink (PvdD) stelt voor om de locatieprofielen niet aan het einde te zetten omdat de raad dan op 6 juni het een en ander in werking kan zetten. De voorzitter geeft aan dat dit meegewogen wordt in de gebruikelijke puzzel

30

35

Mevrouw Ramaker (VVD) hoopt dat de beschikbaarheid van het college dan ook meegewogen wordt omdat dit andersom ook geldt. De voorzitter benadrukt dat het complexer is en dat de wethouder mogelijk ook bij de andere commissie wordt verwacht. Hij is persoonlijk van mening dat degene die het debat laten uitlopen er zelf last van mogen hebben. De agenderingen voor de RIB van passend onderwijs kan ook op een later moment en die gaat dan naar 11 juni. De voorzitter vraagt of de leden de burgemeester verwachten bij het punt over sekswerk. De heer Şimşek (DENK) wil dat de burgemeester erbij aanwezig is.

40

45

De heer Van Vliet (D66) verzoekt de leden om voldoende vragen voor de burgemeester voor te bereiden zodat zij niet voor heel weinig vragen aansluit. De heer Otto (EenUtrecht) geeft aan dat bij de agendering stadsgeldbeheer een week van tevoren de antwoorden op de technische vragen verwacht mogen worden van de wethouder. De voorzitter controleert bij de wethouder of dit klopt en deze geeft aan dat hij erop terugkomt wanneer dit niet zo is.

4. Verslagen 50

Het conceptverslag van de commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie van 14 maart 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld.

5. Toezeggingen/Moties 55

De voorzitter geeft aan dat er veel moties en toezeggingen niet ingevuld zijn.

Pagina 5 van 54

Mevrouw Nederhand (Volt) merkt op de er een raadsbrief gezondheidszorg was binnengekomen en dat volgens de beantwoording aan de motie was voldaan. Gezien het feit dat de Raadsbrief nog niet terugkomt in de PenC-cyclus wil Volt niet dat de motie van de lijst af gaat. 5

10

De heer Van Steeg (CDA) meldt hetzelfde over motie 232 en de uitvoering van de raadstoets, deze lijkt niet terug in te komen in de PenC-cyclus en dat is wel expliciet de aanbeveling. Het CDA wil dan ook niet dat deze van de lijst af gaat. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt naar de stand van zaken van motie 123 en 510 die beiden over huisartsenzorg gaan. De voorzitter geeft aan dat het gewenst is dat leden van het college hierover van tevoren getipt worden zodat zij zich op het antwoord kunnen voorbereiden.

15

20

25

30

35

Mevrouw Ramaker (VVD) heeft een toezegging voor een technische sessie voor onderwijshuisvesting en de VVD zou die graag nog voor de zomer gepland hebben. De voorzitter merkt op dat het goed is dat het nog eens aangehaald wordt en het college gaat met een voorstel komen. Wethouder Eerenberg geeft aan dat wat de toezegging over stadsgeldbeheer betreft dat deze niet is toegezegd maar geclassificeerd is als een logisch verzoek. Dit houdt in dat er alles aangedaan wordt om het binnen de tijdslijn in te leveren. Voor volksgezondheid is er een combinatiebrief onderweg waar onder andere de punten over huisartsenzorg worden opgenomen. De technische sessie kan altijd op elk moment gepland worden. De wethouder roept wel op om te kijken naar hoeveel animo ervoor is. De voorzitter inventariseert hoeveel animo er is voor de technische sessie en hij krijgt daarop reactie van CDA, PvdA, Volt, PvdD, VVD en GroenLinks. Mevrouw Ramaker (VVD) zegt dat zij in de beantwoording te horen kreeg dat er een voortgangsrapportage aan kwam Ze vraagt of de wethouder kan aangeven wanneer die er is en dan kan er gekeken worden of de technische sessie daarvoor kan. Wethouder Eerenberg stelt voor met mevrouw Ramaker contact op te nemen om een dagdeel te plannen.

6. Lijst van ingekomen stukken 40

Er zijn geen ingekomen stukken. De voorzitter schorst kort de vergadering voor een woordvoerderswissel.

7. Raadsvoorstel Utrechtse Onderwijsagenda 2024-2027 45

50

55

De voorzitter vertelt dat het college met dit voorstel de raad vraagt om in te stemmen met de inhoudelijke lijn van de Utrechtse Onderwijs Agenda (UOA) 2024-2026. De UOA is een overleg van de gemeente en besturen van het primair, voortgezet en speciaal onderwijs, het MBO, voorschoolse educatie, lerarenopleidingen en samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Samen hebben zij deze meerjarige agenda ontwikkeld. De UOA 2024-2026 vertaalt gezamenlijke ambities naar haalbare doelstellingen en heeft kenmerken van een beleidsnota. Omdat dit zo wezenlijk en kaderstellend is voor de koers van alle onderwijspartners en de gemeente, hecht het college aan een raadsbesluit hierover. Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen. Mededelingen Pagina 6 van 54

De commissieleden hebben geen mededelingen.

5

10

15

20

25

30

35

40

45

Eerste termijn Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) ziet veel verbetering en is blij met de vele inzet die is gedaan. GroenLinks is blij dat er veel input is meegenomen zoals ook de bijdrage van GroenLinks zelf over de inclusieve huisvesting, kansengelijkheid tegengaan en het werken aan een inclusieve maatschappij. Een inclusieve maatschappij is voor GroenLinks een maatschappij waarbij jongeren en kinderen de kans krijgen van elkaar te leren. GroenLinks leest over kansengelijkheid en segregaties maar GroenLinks is benieuwd of de wethouder al kan aangeven waar de werkplaatsen gaan komen en of daarbij ook naar kantelwijken gekeken wordt zoals Leidsche Rijn. Bij kansengelijkheid mist GroenLinks een integrale aanpak bij het vso en de praktijkopleiding om segregatie tegen te gaan met concrete meetbare doelstellingen. Hierop wil ze een reactie van de wethouder. Het volgende punt is samen opgroeien en vreedzame school en dit is volgens GroenLinks dan ook terecht genoemd. Utrecht mensenrechtenstad geeft een mooi kader dat vertrouwen biedt aan leerlingen daarbij heeft wethouder Voortman de toezegging gedaan dit mee te nemen. Dit ontbreekt en GroenLinks wil de toezegging van de wethouder dat dit alsnog wordt toegevoegd.

Het valt GroenLinks op dat er weinig aandacht is voor rekenen en zij willen weten waarom dit minder terugkomt in de onderwijsagenda en wat de plannen zijn om hier meer focus op aan te brengen. Het citaat alle kinderen maximaal ontwikkelen en kansen bieden vindt mevrouw Vermeulen erg mooi, echter is het nog niet duidelijk wat Utrecht wil met het nul tot achttien onderwijs. GroenLinks wil dat de wethouder dit verder uit gaat werken. GroenLinks vraagt ook waarom de wethouder niet inzet op een brede vo-school voor alle kinderen, die de zeven niveaus aanbieden. GroenLinks vraagt de wethouder om in gesprek te gaan met de schoolbesturen en daarbij aandacht te vragen voor brede brugklassen. De vorige keer zijn er veel vragen gesteld over participatie maar GroenLinks ziet niet terug dat er met leerkrachten en oudergesprekken zijn gevoerd en wil hierop een reactie van de wethouder. GroenLinks ziet verder weinig aandacht voor voortgezet speciaal onderwijs en het jonge kind en vraagt de wethouder of dit een bewuste keuze is of dat dit nog terugkomt in de uitvoeringsagenda’s. Mevrouw Nederhand (Volt) is benieuwd naar wat mevrouw Vermeulen bedoelt met aandacht voor het jonge kind. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) legt uit dat zij bedoelt dat er weinig aandacht voor de voorschool terugkomt.

GroenLinks ziet ook ambities waarbij het niet helemaal duidelijk is wat de plannen zijn en ook de financiële paragraaf is nog redelijk open. GroenLinks vraagt de wethouder dit nader uit te werken waarin zij dit kunnen terugzien. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) dankt iedereen die meegewerkt heeft aan de invulling van deze onderwijsagenda. D66 vindt het een mooie basis voor de toekomst. D66 vindt het goed om te zien dat er veel aandacht is voor het sociaal welzijn van de jeugd. Wat D66 betreft zijn de rijke schooldag en de schoollunch niet alleen belangrijk voor de cognitieve ontwikkeling maar ook voor de emotionele ontwikkeling. Een goed gevulde maag is belangrijk om bijvoorbeeld goed te kunnen sporten en voor het emotionele welzijn. Helaas komt de schoollunch niet terug in de UOA terwijl dit wel was toegezegd. D66 vraagt om een toezegging van de wethouder om beide toch een plek te geven in de UOA. D66 vindt het goed dat hiërarchie niet langer wordt benadrukt maar vraagt daarbij aandacht voor een gedifferentieerde aanpak per leerling om de cognitieve en sociaal emotionele ontwikkeling in goede banen te leiden. D66 vraagt hoe de wethouder dit ziet en of hij kan aangeven hoe de ontwikkeling van leerlingen kan worden gewaarborgd door middel van maatwerk.

50 Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt wat er bedoeld wordt met een gedifferentieerd aanpak.

Pagina 7 van 54

5

Mevrouw Dada-Anthonij (D66) legt uit dat het soms kan doorslaan wanneer er een nieuwe beweging wordt in gezet. Zij wil dat er oog gehouden wordt voor kinderen van verschillende niveaus. D66 vindt het onderwerp segregatie bij uitstek geschikt om op te nemen in de UOA en dat is ook gedaan maar wat opvalt is dat dit alleen het po betreft terwijl dat segregatie ook plaatsvindt op het vo. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt aan mevrouw Dada-Anthonij of zij vindt dat deze UOA ook daadwerkelijk een integrale aanpak biedt tegen segregatie.

10

15

20

Mevrouw Dada-Anthonij (D66) legt uit hier nader in de inbreng op terug te komen. D66 is zich ook bewust van het feit dat de zes score als criterium wellicht niet voldoende is om zoveel mogelijk kinderen een eerlijke kans te geven. Op scholen in buurten met een hoge zes score zijn er situaties die om een ongelijke investering vragen. Deze scholen kampen met uitdagingen waar zij hulp bij nodig hebben. Hier moet volgens D66 voorkomen worden dat problemen escaleren en de kinderen daar de dupe van zijn. Mevrouw Dada-Anthonij vraagt om een toezegging van de wethouder hier in de UOA expliciet aandacht aan te besteden. Daarbij vraagt zij op de hoogte gehouden te willen worden over de vormgeving en het effect. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt of mevrouw Dada-Anthonij het eens is dat dit al in een motie is ingediend. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) ontkent dat het dezelfde boodschap is omdat zij expliciet willen dat dit een plek krijgt in de UOA. Ze steunde de motie wel.

25

30

35

40

45

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) benadrukt dat er in de motie juist gevraagd werd om het in de uitvoering mee te nemen. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) geeft aan de motie dan zeker te steunen maar dat ze het nog niet terugzien. D66 vindt ook de toezegging over de koppeling van mbo, hbo en wo niet terug en vraagt of de wethouder dit nog gaat verwerken in de UOA. D66 vindt het verder een mooi document geworden en zij kijken uit naar de uitvoering. Een laatste vraag aan de wethouder is hoe de raad op de hoogte gehouden wordt over de uitvoering en de effecten daarvan. De voorzitter wil benadrukken dat er al een uitgebreid debat heeft plaatsgevonden en dat er op de herhalingen gelet kan worden. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vindt het goed dat de UOA is ontwikkeld met vele partijen maar zij missen wel hoe de ouders concreet hebben deelgenomen. Het kind centraal stellen is een goed idee en de uitwerking daarvan is wat de VVD betreft goed. Dankt de wethouder voor het feit dat de rol van de ouders scherper verankerd is in de UOA omdat zij primaire de verantwoording dragen voor hun kind. De VVD vindt het een gemiste kans dat het bedrijfsleven als partner in het netwerk niet is opgenomen in de UOA. Het bedrijfsleven zou meer betrokken worden en de VVD wil dan ook een toezegging dat het er echt in komt en dat zij worden toegelaten tot de partners om mee te praten.

Het bedrijfsleven biedt inzicht in de banen van de toekomst en zij kunnen de leerlingen praktijklessen geven. De VVD wil een reflectie waarom het er nog niet in staat. De VVD zou ook willen weten waar scholen meer geld aan uit zouden willen geven omdat de VVD niet kan geloven dat het solidariteitsfonds nu op één staat. De VVD wil weten waarom daarvoor is gekozen en waarom het erin staat. Wat de VVD betreft worden de kansen van kinderen vergroot door in te zetten op de basisvaardigheden.

50 Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt hoezo de VVD het zich niet voor kan stellen dat de mensen in Utrecht niet solidair zouden willen zijn. Pagina 8 van 54

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) benadrukt dat dit niet is wat ze heeft gezegd. Wat gezegd heeft is dat zij zich niet kan voorstellen dat van alle dingen die er moeten gebeuren op onderwijsvlak dat het solidariteitsfonds de hoogste prioriteit heeft. 5

10

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) zegt dat er in de RIB is aangegeven dat de ouderbijdrage een belangrijke drempel is om voor een bepaalde school te kiezen in het kader van het tegengaan van segregatie. De VVD wordt gevraagd of zij het wel goed vinden om daar budget op in te zetten. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat de bijdrage ook anders ingezet had kunnen worden. Op scholen zonder problemen met de ouderbijdrage had het gewoon kunnen blijven zoals het is en daar waar het niet goed gaat kan er gekeken worden naar een gerichte oplossing.

15

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) geeft aan dat zij met een win-win oplossing probeert te komen omdat het solidariteitsfonds juist mogelijkheden biedt om samen te werken met het bedrijfsleven. Mevrouw Raaijmakers vraagt of de VVD daar kansen in ziet.

20

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat het afpakken is waarbij iedereen maar een beetje krijgt en zij zien liever gerichte oplossingen. De VVD had de keuze gemaakt voor de basisvaardigheid omdat die ten alle tijden op orde moet zijn. De VVD sluit aan bij het punt van GroenLinks over rekenen omdat daar al een dalende trend te zien is en dat baart hen zorgen. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of de VVD heeft gezien dat het meest geld naar de basisvaardigheden gaat.

25

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) legt uit dat de dalende trend laat zien dat het blijkbaar nog niet goed genoeg is.

30

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) begrijpt de kritiek niet omdat toch een grootdeel van de financiële middelen van het solidariteitsfonds ervoor zorgt dat kinderen naar school kunnen hiernaar toe gaat.

35

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat de ouderbijdrage door ouders betaald wordt omdat het ten goede van het eigen kind komt. Het betekent niet dat geld dat in het solidariteitsfond wordt gestopt ook naar het eigen kind gaat. Het solidariteitsfonds staat volgens mevrouw Al-Saqaff los van de basisvaardigheden. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt het gaat om publiekbelang en dat het goed is dat publiekgeld ten goede komt aan alle kinderen.

40

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) ziet niet waar het schuurt omdat een ouderbijdrage geen publiekgeld is maar de ouder doet dit voor zijn eigen kind. Verder worden er drie buurt geselecteerd waar gezamenlijk op ingezet wordt. De VVD wil weten welke buurten dat zijn en zij willen een toezegging van de wethouder dat de raad hier een kaderstellend rol in krijgt.

45

Mevrouw Nederhand (Volt) is nieuwsgierig wat selectie op ambitie is. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan dat de ambitie een van de selectiecriteria is en dat dit niet het kritieke punt is voor de VVD maar zij willen weten welke buurten het zijn.

50

De heer Van Steeg (CDA) vraagt of de VVD de mening deelt dat die criteria heel breed zijn beschreven en dat het nog alle kanten op gaat. Het CDA is van mening dat er gestuurd zou moeten worden op de uitganspunten en daar een keuze in maken. Pagina 9 van 54

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) wil vooral weten welke wijken het zijn en wat daar dan gedaan wordt en ook daar wil de VVD een kaderstellend rol in voor de raad. 5

De heer Van Steeg (CDA) geeft aan dat je met de huidige criteria nog alle kanten uit kunt en het CDA zou het logisch vinden om de basisvaardigheden te kiezen als uitganspunt en hij wil weten hoe de VVD daar tegenaan kijkt. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat de basisvaardigheden een logisch uitgangspunt zouden zijn.

10 Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt of de VVD op de hoogte is van de suggestie die gedaan is voor Kanaleneiland. 15

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vindt het fijn dat er een suggestie wordt gedaan maar daarin is nog niet duidelijk wat er wordt gedaan. De keuze moet vanuit de raad komen volgens de VVD omdat er ook gemeentelijk geld naar toe gaat. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt of de VVD de mening deelt dat er ook naar kantelwijken gekeken moet worden zoals Leidsche Rijn.

20

25

30

35

40

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan van alles te kunnen delen maar zij wil gewoon het debat voeren over wat er gedaan wordt en in welke wijk. Als laatste punt wil de VVD weten waar de geldboom staat om alle professionals een abonnent voor de bibliotheek aan te kunnen bieden. De VVD wil aangeven dat zij blij zijn met wat er ligt en zij zijn blij met de agenda en dankt iedereen dat het zo vormgegeven is. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) spreekt veel dank uit naar iedereen die heeft meegewerkt aan de UOA. In grote lijnen kan de PvdA zich vinden in de ambities zoals gelijke kansen, doorgaande ontwikkellijnen en voldoende en goed personeel. De fractie van de PvdA ziet uit naar de uitwerking van de jaarplannen zodat de doelen omgezet kunnen worden naar concrete doelen die er weer voor zorgen dat het inzichtelijk wordt voor de raad bij de midterm review. De PvdA is van mening dat de dalende trend van basisvaardigheden gekeerd moet worden. Wat de PvdA mee wil geven is dat er meer data gebruikt moet worden en dat op basis daarvan de doelen moeten worden geformuleerd voor zowel po, vo als mbo. De PvdA wil dit terugzien in de jaarplannen omdat er op alle niveaus steeds minder kinderen de fundamentele referentieniveaus halen. De PvdA kan zich aan sluiten bij de VVD en GroenLinks dat er ook aandacht voor rekenen moet zijn.

De heer Van Bergen (ChristenUnie) geeft aan dat er tijdens een hoorzittingen in de Tweede Kamer naar voren kwam dat het dalende niveau komt door extra programma’s. Daarbij werd aangegeven dat er gestopt moest worden met moestuintjes en schoolzwemmen. De heer Van Bergen wil van de PvdA weten hoe zij daarop reflecteren.

45

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) bevestigt dit ook gehoord te hebben maar zij vindt het niet makkelijk te scheiden omdat de UOA ook begint met mentaal welbevinden. De PvdA vindt het ook belangrijk dat kinderen goed in hun vel zitten omdat dit ook nodig is om tot leren te komen. Zij vindt dan ook dat die activiteiten niet weggesneden kunnen worden en dat er enkel nog op basisvaardigheden wordt gefocust.

50

De heer Van Bergen (ChristenUnie) wil er niet voor pleiten dat alles weg moet maar hij zou het primaat meer bij de docenten willen leggen en hij vraagt hoe mevrouw Vermeulen daar tegenaan kijkt. Pagina 10 van 54

5

10

15

20

25

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) is van mening dat een docent ook moet worden versterkt met een goed schoolbestuur of politieke aandacht. De PvdA wil weten hoe de stad ervoor staat op dit moment omdat er onlangs een onvoldoende oordeel van Trajectum is afgegeven. De PvdA wil weten of de wethouder hier zicht op heeft en of deze ook worden besproken in de UOA. De PvdA wil dat de lat even hoog ligt op alle scholen omdat hoge verwachtingen belangrijk zijn voor het realiseren van gelijke kansen. De PvdA benadrukt dat er ook meer gebruik gemaakt moet worden van kennisdeling en daarbij wordt ontwikkelkracht niet benoemd. Wat betreft segregatie vindt de PvdA dat de integrale aanpak onvoldoende wordt benoemd. Bij het punt over brede scholengemeenschap sluit mevrouw Vermeulen zich aan bij GroenLinks. Gisteren is mevrouw Vermeulen positief verrast over het nieuws wat betreft de ouderbijdrage maar zij heeft daarbij nog wel de vraag hoe zit het met voortgezet onderwijs. De PvdA mist nog de samenwerking met het buitenschoolse aanbod en daarvan willen zij weten hoe het staat met de informele zorg. Het stadsnetwerk gelijke kansen stond in de vorige agenda nog centraal maar is er nu uit verdwenen, mevrouw Raaijmakers vraagt of de wethouder hier iets over kan zeggen.

Tot slotte kan de PvdA zich aansluiten bij GroenLinks en de VVD over hoe ouders en onderwijs professionals bij de uitwerking betrokken worden. De heer Van Steeg (CDA) vindt het goed dat er nog een keer wordt stil gestaan bij de onderwijsagenda en het CDA is blij met de meer concrete uitwerking en vindt het een belangrijke stap vooruit. Het CDA ziet ook dat de agenda maar beperkt invloed heeft omdat er ook maar beperkt geld beschikbaar is. Wat betreft het CDA worden de basisvaardigheden het uitgangspunt voor het kiezen van de drie buurtscholen omdat dit nu nog heel breed is. Volgende het CDA kom je dan tot een meer effectievere keuze. Het CDA vraagt zich af of het solidariteitsfonds wel de juiste oplossing is omdat het om een vrijwillige bijdrage is. Hij vraagt de wethouder hierop te reflecteren waarom deze keuze is gemaakt en voor het CDA zou dit gewoon bij de scholen zelf moeten liggen. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt of het CDA ziet dat de schoolbesturen zelf tot deze oplossing zijn gekomen.

30

35

40

45

50

De heer Van Steeg (CDA) ziet dat het op sommige scholen lastig is. Hij vraagt zich wel af wat het effect is op de vrijwillige bijdrage en of dat voldoende is meegenomen. Hij vindt het wel goed dat het gezamenlijk gebeurt. Meneer Van Steeg kan zich aansluiten bij wat er gezegd is over het betrekken van professionals en wil daarvan ook weten hoe dit nu is gegaan. Wat de basisvaardigheden betreft sluit hij ook aan bij de andere partijen en zeker bij de wens om rekenonderwijs mee te nemen. Voor taal is er wel een hele duidelijke ambitie maar voor rekenen ontbreekt deze en hij vraagt wat daar nog meer gedaan kan worden. Digitaal burgerschapsonderwijs moet wat het CDA betreft ook meer worden meegenomen. Voor het CDA is belangrijk dat ouderbetrokkenheid binnen een school een rol speelt. Het staat voor het CDA niet duidelijk genoeg beschreven hoe dit verbeterd wordt. De koppeling met de bibliotheek is voor de heer Van Steeg ook heel belangrijk en daarbij vraagt hij hoe het zit voor de lange termijn omdat er nu alleen maar staat dat de financiering voor één jaar is. Hij mist de financiële onderbouwing voor het onderwerp leesvaardigheid voor de lange termijn. Mevrouw Nederhand (Volt) heeft als eerste een principiële vraag vanuit de fractie omdat het voor hen niet duidelijk is waarom het een goed idee is om eerst tien beleidsnota’s te bespreken en daarna pas een visie.

Volt vindt dat de raad hiermee wordt achtergesteld in de controlerende functie en dat het tegen de gemaakte afspraken ingaat. Het voelt voor Volt als tekenen bij het kruisje. Volt heeft diep respect voor de ambtenaren die aan de UOA gewerkt hebben echter had het college, de wethouder en de directie deze nota tegen moeten houden en de mankrachten moeten gebruiken voor het naar voren halen van een visiestuk. Pagina 11 van 54

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of Volt ook ziet dat dat de raad ook afhankelijk van partners in het veld en dat het ook geven en nemen is en er niet stug aan werkwijze moet worden vastgehouden. 5

10

Mevrouw Nederhand (Volt) is van mening dat er ook met alle partner ingezet kan worden op het maken van een visiestuk. Nu worden er afspraken gemaakt die niet uitkomen en Volt vraagt zich af wat die afspraken dan waard zijn. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) is van mening dat het vasthouden aan het eerst opstellen van een visie ook alleen maar vertraagd. Mevrouw Raaijmakers vraagt waarom Volt hiervan af wil wijken. Mevrouw Nederhand (Volt) is van mening dat het stuk dan niet onder de sociale visie zou moeten vallen om het zo onder de beleidsnota’s te krijgen.

15

20

25

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt het te ver gaan om te zeggen dat het nooit naar de raad had mogen komen. Mevrouw Raaijmakers zou iets aan flexibiliteit wel fijn vinden. Mevrouw Nederhand (Volt) hoort dan graag het geluid vanuit het college dat zij zich niet aan de afspraken kan houden omdat dit bijvoorbeeld voorrang heeft. Hierop wil Volt ook een reflectie van het college. Volt is het grotendeels eens met de UOA en staan ook zeker achter de ambities van de stad. Volt wil het onderwijzend personeel echter niet overvragen met ambities. Volt benadrukt het punt van D66 over de ongelijke investering in gelijk kansen. Volt vraagt zich af of het onderwijs nog wel in balans is omdat een meer diverse groep om een andere aanpak vraagt dan een meer homogene groep. De wethouder wordt om een toezegging gevraagd om in gesprek te blijven met scholen en toezicht te houden op. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt waarom Volt nu wel een oproep voor brede scholen doet terwijl de motie toentertijd niet is gesteund.

30

Mevrouw Nederhand (Volt) legt uit dat de motie geen duidelijk onderscheid bood met het beleid dat er al gevoerd werd. Volt ziet het nu ook meer als een aanmoediging van de wethouder. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) concludeert een verschil van mening te hebben omdat zij het verschil niet zo duidelijk ziet.

35

40

45

50

Mevrouw Nederhand (Volt) vraagt de wethouder of er ruimte gemaakt kan worden voor duurzaamheid bij de huisvesting. Wat betreft het selectiepunt selecteren op basis van ambitie wil Volt een duidelijkere uitleg wat dit inhoudt en hoe dit wordt ingevuld. Volt vraagt zich ook af hoe de doelstelling samen opgroeien wordt gecontroleerd en of hierover gesprekken met de docenten zijn geweest. Het belang van de pedagogische driehoek is enorm groot en er komen signalen dat er tussen de relatie van ouders en school een verharding plaatsvindt. Dit kan als vervelend worden ervaren voor docenten en het verhoogd de werkdruk. Volt vraagt de wethouder of hier middelen voor beschikbaar zijn en of hij bereid is hiernaar te gaan kijken. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) herkent de vraag en vraagt of Volt ook suggesties heeft over wat er met de middelen gedaan moet worden. Mevrouw Nederhand (Volt) heeft nagedacht om hier een onderzoek over te toen samen met bijvoorbeeld de universiteit omdat zij werken aan een meetinstrument. Volt steunt de VVD in het punt over de ouderbijdrage. Wat betreft de havo-kansklas daar zou Volt graag een andere term voor zien gezien de gelijke kansen. Volt ziet dat er acties gepland staan en dat er ook budgetten aan gekoppeld zijn en daar zijn zij het volledig mee eens maar er moet ook resultaat geboekt worden.

Volt ziet graag meetbare resultaten terug en vraagt de wethouder wanneer hij vindt dat Pagina 12 van 54

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

alle vijf de acties succesvol zijn. De wethouder wordt gevraagd hierop terug te komen in de kwartaalbrieven. Verder is Volt het eens met het CDA over digitale vaardigheden. In het raadsvoorstel worden vier fasen genoemd en daarvan wil Volt weten wat de tijdsverwachting is tot erbij uitvoeren en monitoren is aangekomen. De Volt fractie is bang dat er zaken dubbel gedaan worden en zij vragen de wethouder deze angst weg te nemen. Volt vindt de ambities positief en er is aan elke ambitie in financiële paragraaf gekoppeld wat Volt erg positief vindt. Wat betreft de participatie heeft mevrouw Nederhand een ambtelijke uitvraag gedaan en het antwoord daarop was voldoen en dat is echt super wat haar betreft. De voorzitter benadrukt dat er heel veel vragen gesteld worden waaronder ook technische vragen. Het college kan deze vragen nooit allemaal goed beantwoorden in de tijd die zij daarvoor krijgen. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) kent het onderwijswereldje al vele jaren. Het is altijd een gevecht tussen de belangenposities van de verschillende partijen. Het compromis is steeds verschoven naar een grotere belasting van de onderwijssector en dat betekent dat er meer druk komt op de financiële stromen en die horen niet gevoerd te worden op het onderwerp onderwijs.

Een vrijwillige bijdrage toedelen aan iedereen in de hoop dat iedereen blijft bijdragen heeft als gevolg dat de inkomstenstroom minder gaat worden. De consequenties kunnen negatief uitvallen en hij vraagt zich af waarom het niet gericht kan blijven op de eigen school waarmee mensen verbonden zijn. De school wil zelf ook vaak niet achterblijven en zullen daar zelf in de meeste gevallen ook alles aan doen om dit haalbaar te maken. Inhoudelijk vindt de heer Nyqvist dat er niet veel veranderd is en hij is van mening dat het nog steeds gaat over de posities en de krachtvelden met als gevolg dat er over een paar jaar weer een nieuwe beleidsnota ligt. Wat de heer Nyqvist betreft is er in de nota enkel sprake van een verschuiving van bepaalde onderdelen. De heer Nyqvist wil dat er concreet iets gedaan gaat worden door de scholen en dat de gemeente daar de financiële middelen voor ter beschikking moet stellen zonder steeds de mensen het leven zuur te maken. De hier Nyqvist roept op om te komen tot een gezonde oplossing en hij hoopt ook dat die gevonden wordt. De heer Nyqvist wist dat de wethouder jarig was vandaag en hij overhandigt hem een van zijn boeken. De heer Van Bergen (ChristenUnie) heeft een korte bijdrage. Hij dankt de partners voor de aanhoudende moeite die in dit document is gestoken.

ChristenUnie vindt het een ambitieus plan en fijn dat er aandacht is gegeven voor de doorlopende leerlijn. Voor iedere leerling is de leerlijn uniek en hij sluit zich aan bij de vragen van GroenLinks hierover. Verder sluit ChristenUnie zich aan bij de vragen over de basisvaardigheden. ChristenUnie is blij met de solidariteit op het gebied van de ouderbijdrage. De heer Şimşek (DENK) is blij met de ambities waar zij zich in kunnen herkennen maar er ontbreken ook een aantal zaken wat DENK betreft. DENK vindt het vreemd dat er in het kader van het wegnemen van kansengelijkheid er niets genoemd staat over onder advisering voor kinderen met een migratieachtergrond. De heer Şimşek is benieuwd of de wethouder kan aangeven wat de resultaten zijn met betrekking tot het systeem kansrijk adviseren voor de onder advisering. DENK stelt ook voor om extra maatregelen te treffen om onder advisering tegen te gaan. Onlangs is er een motie in de Tweede Kamer aangenomen om de mogelijkheden te verkennen om een second opinion aan te kunnen vragen voor schooladviezen. De wethouder wordt gevraagd of hij de motie kent en wat voor Utrecht de mogelijkheden hierin zijn. In de UOA wordt uitgebreid aandacht besteed aan het inclusief bouwen en het feit dat ruimten multifunctioneel inzetbaar moet zijn.

In dit kader kan DENK niet begrijpen dat er geen aandacht is voor leerlingen die het gebed willen verrichten. Hij roept de wethouder dan ook op om in de UOA mee te nemen dat het voor alle leerlingen mogelijkheden moeten zijn voor het gebed of andere spirituele activiteiten. Pagina 13 van 54

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan dat er al gesproken is over stilteruimte en zij vraag of deze niet goed zijn voor DENK om een gebed uit te voeren. 5

De heer Şimşek (DENK) heeft de wens dat dit ook eens realiteit wordt en daar wil DENK meer aandacht voor zien. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) is van mening dat het aan de school zelf is of zij een dergelijke ruimte ter beschikking stellen. Ze vraagt of de heer Şimşek het eens is dat het niet opgelegd kan worden.

10

De heer Şimşek (DENK) vindt dat het normstellend moet worden. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt wat DENK nog meer wil omdat het niet aan het college is en door de partners is er al aangegeven dat er gekeken gaat worden naar inclusief bouwen en dat er naar de stilteruimtes gekeken gaat worden.

15 De heer Şimşek (DENK) benadrukt dat zij willen dat het voor alle leerlingen in Utrecht mogelijk wordt en dat zij daarvoor staan. 20

25

30

Mevrouw Nederhand (Volt) vraagt zich af of DENK vertrouwen heeft in het personeel om dat zij kunnen voldoen aan de behoefte van de leerlingen. Op sociaal cognitief vlak als ook op spiritueel vlak. De heer Şimşek (DENK) geeft aan dat het op heel veel scholen goed gaat maar nog niet op elke school. DENK vindt het in het kader van de samenhorigheid ook belangrijk dat het Ramadanfeest en het Offerfeest vieren als een vaste feestdag gezien wordt. De heer Şimşek wil een toezegging van de wethouder dit op te nemen in de onderwijsagenda. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) vindt dit best gaan omdat dat de school daar ook iets over te zeggen heeft. Mevrouw Dada-Anthonij stelt voor op de scholen te vertrouwen dat zij op basis van de populatie de juiste keuze maakt. Zij vraagt hoe DENK daarnaar kijkt. De heer Şimşek (DENK) is van mening dat er dan beter geen debat gevoerd kan worden en alles aan de scholen overgelaten kan worden.

35

40

Mevrouw Dada-Anthonij (D66) vraagt of DENK niet het vertrouwen heeft dat zij deze keuzes kunnen maken. De heer Şimşek (DENK) benadrukt dat het niet gaat om vertrouwen maar dat er een aantal punten zijn die zij verder uitgewerkt willen zien. Daarbij hoort hij graag van de wethouder wat hij hiervan vindt. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt wat het hanteren van feestdagen betekent. Aan het thema Suikerfeest wordt al aandacht besteed maar of je vrij bent op deze dag is bij wet bepaald. De vraag wordt gesteld wat de heer Şimşek daarvan vindt.

45 De heer Şimşek (DENK) geeft aan dat scholen daar wel ruimte in hebben. Hij zou het mooi vinden dat er op scholen met veel kinderen die daar behoefte aan hebben dit wordt meegenomen 50

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan dat je ook verlof kunt aanvragen voor een feestdag. Ze vraagt de heer Şimşek waarom er dan nog meer aandacht gegeven moet worden aan deze feestdag. Pagina 14 van 54

De heer Şimşek (DENK) vindt het een goed uitgangspunt om dit mee te nemen op scholen waar veel kinderen zitten die daar behoefte aan hebben. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) vraagt welke feestdag dan komt te vervallen. 5 De heer Şimşek (DENK) benadrukt dat scholen wel degelijk zelf de ruimte hebben om vrije dagen in te zetten. Tot slot zijn er veel punten waar zij bij aan kunnen sluiten zoals het punt over de rekenvaardigheden en het punt van de PvdA over de basisvaardigheden en het punt van D66 over de rijke schooldag en de schoollunches en rekenvaardigheden. 10

15

20

25

30

Mevrouw Kolenbrander (Student&Starter) wil ook iedereen die aan het plan heeft meegewerkt bedanken. Student&Starter staat positief tegenover het actief betrekken van ouders omdat dit bijdraagt aan de ontwikkeling van het kind en de leerresultaten. Student&Starter vindt het een mooie interactie waarin het kind zich gehoord voelt en de ouder de focus heeft op de ontwikkeling van het kind. Student&Starter vindt dat er ook oog gehouden moet worden voor kinderen waarbij de ouders niet deelnemen aan initiatieven doordat deze bijvoorbeeld gescheiden zijn of kampen met laag geletterdheid of om welke andere reden dan ook niet betrokken kunnen zijn. Juist deze ouders zijn moeilijk te bereiken en daarbij is het essentieel om op deze kinderen te blijven letten. Student&Starter vraagt of de wethouder in de UOA ook aandacht kan opnemen voor kinderen zonder actief betrokken ouders. Mevrouw Sasbrink (PvdD) heeft waardering voor de nota en ook PvdD steunt de lijn in het tegen gaan van segregatie en dat de Utrechtse kinderen zich zo goed mogelijk kunnen ontwikkelen. De PvdD heeft vorig jaar ook al aangegeven dat er teruglopend animo is voor het vergroenen van schoolpleinen. De PvdD roept de wethouder op om met scholen in gesprek te gaan en vraagt hoe hiermee is omgegaan.

In het algemeen gaat de nota die nu voorligt over dubbelgebruik van de ruimte of dat de hele wijk ervan moet kunnen profiteren. PvdD vraagt de wethouder waarom die kans niet is gegrepen om ook buitenruimte concreet te benoemen in de nota. De heer Otto (EenUtrecht) is benieuwd naar de verdere uitwerking van het solidariteitsfonds en hij sluit zich aan bij het CDA over de ouderparticipatie. De heer Otto vraagt de wethouder of deze paragraaf nog verder wordt uitgewerkt. De voorzitter schorst de vergadering voor 15 minuten

35

40

45

50

Wethouder Eerenberg geeft aan dat er meer partijen een rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van de UOA en het is een agenda die niet over onderwijs gaat maar over de kinderen. De raad heeft het college terug naar de tekentafel gestuurd omdat het teveel een visiedocument was. Het college heeft er werk van gemaakt samen met een aantal partijen. Hiervoor zijn werksessies geweest maar ook persoonlijke gesprekken gevoerd en is er hard gewerkt. Ze hebben ook heel veel zaken interactief gedaan door met ouders, leerlingen, scholen, medezeggenschapsraden en het ALV te praten. De wethouder is van mening dat het er beter van is geworden omdat het meer is gaan leven en er meer energie is ontstaan. De wethouder dankt de commissie voor het feit dat zij extra tijd in de UOA hebben kunnen steken. Op de vraag van Volt of er dan niet eerst een visiedocument had moeten zijn moet de wethouder daarbij aangeven dat zij eigenlijk gelijk want dit past niet in de Utrechtse beleidsstandaard. Gezien de vele complimenten kan er geconcludeerd worden dat het malletje misschien niet helemaal het juiste is. De wethouder legt uit dat eigenlijk de eerste twee stappen ineen zijn gestopt. Nu komt de stap naar de uitvoeringsprogramma’s toe. Mevrouw Nederhand (Volt) vraagt waarom er dan nog een visie komt. Wethouder Eerenberg geeft aan dat die hierin zit en er dus geen aparte visie meer komt. Pagina 15 van 54

Mevrouw Nederhand (Volt) vraagt of het klopt dat dit gekoppeld is aan de sociale visie Utrecht 2040. 5

10

15

Wethouder Eerenberg legt uit dat het is gekoppeld aan de koers van de sociale visie. Breed in het sociaal domein wordt nog gedacht om hoe er nog een verbinding gelegd kan worden over het hele sociale domein. De wethouder geeft ook aan dat hij halverwege de raadsperiode zit en dat hij ook graag de focus op doen wil gaan leggen. Hij dankt de raad nogmaals voor de aanmoediging. In dit debat komen er veel suggesties om dingen toe te voegen aan de UOA en de wethouder wil voorstellen om niet weer een nieuwe UOA te maken. Hij zou het zelf heel mooi vinden wanneer er een onderwijsjaarplan gemaakt wordt van september tot september waarin geschetst wordt wat er het komende jaar gedaan wordt. In het derde kwartaal ontvangt de raad het eerste jaarplan met daarin een groot deel van de nu gestelde vragen verder uitgewerkt. Zoals bijvoorbeeld Utrecht mensenrechtenstad wat niet nadrukkelijk is benoemd maar er staan wel heel veel zaken beschreven die met mensenrechten te maken hebben. Ook rekenen staat niet letterlijk in de UOA maar de basisvaardigheden staan er wel in bijvoorbeeld. De scholen gaan zeker ook heel hard werken aan het rekenen. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) benadrukt dat deze toezegging al gedaan was door wethouder Voortman en dat zij dan ook verwacht dat het erin komt.

20

25

30

35

40

Wethouder Eerenberg geeft aan dat wat betreft Utrecht mensenrechten stad dat daar al veel over in staat, misschien niet letterlijk maar wel uitgewerkt in delen. De wethouder wil de focus leggen op het schrijven van een jaarplan en niet weer op het aanpassen van de UOA en daarmee door naar de uitvoering. Over segregatie staat al veel over de UOA als ook het belang ervan. De werkplaats is geland in het plan maar waar is nog niet duidelijk of in welke vorm. Het is logisch dat dit een plek wordt waar bijvoorbeeld de basisvaardigheden sterker ontwikkeld moeten worden of de sociale cohesie minder dan gemiddeld aanwezig is of misschien wel een buurt waar meer beroep wordt gedaan op zorg en ondersteuning. Het is ook nog niet duidelijk of dit een school gaat zijn die dit gaat dragen of een ander instituut. De wethouder vindt Leidsche Rijn ook een mooie suggestie omdat deze wijk op een kantelpunt staat. Het kerndoel van deze agenda is segregaties tegengaan en daarvoor wordt er elke twee jaar een monitor uitgebracht. Dit is het meetinstrument en daarin moet je kunnen zien of de segregatie afneemt. Bij segregatie spelen wel heel veel factoren een rol dus er is niet maar één knop waar aangedraaid kan worden. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of de segregatiemonitor ook naar het vo wordt uitgebreid. Wethouder Eerenberg geeft aan dat die eraan komt.

Wat betreft de vraag of er nog een apart beleid moet komen om segregatie tegen te gaan daarvan wil de wethouder even het traject laten en in actie gaan. De aanpak van segregatie focust op toegang tot onderwijs, ontmoeten, burgerschap en huisvesting. De wethouder geeft aan dat er geen segregatiemonitor op het vo komt omdat het nog niet duidelijk is hoe dit gedaan moet worden. In het vo is het ingewikkelder dan in po. In het po is de segregatiemonitor wijkgebonden en valt er heel veel uit de populatie op te maken. Bij de vo-scholen is het ingewikkelde omdat er veel meer mensen van buiten de wijk komen. Bij het vo wordt er ook gekozen voor een type onderwijs en wat al segregatie is.

45 Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of de wethouder kan kijken hoe dit in beeld gebracht kan worden omdat er zeker wel gemeenten zijn die dit doen. 50

Wethouder Eerenberg benadrukt dat het zeker geen onwil is en staat open voor voorbeelden want dan gaan ze dit zeker oppakken in combinatie met wetenschappers. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) deelt mee dat Oberon tijdens de RIB aan heeft gegeven met een landelijk onderzoek bezig te zijn en daar zou dan eens naar gevraagd kunnen worden. Pagina 16 van 54

5

10

Wethouder Eerenberg wil afspreken zich hier verder in te verdiepen bij andere gemeenten en wat dit daadwerkelijk zegt over segregatie en dat hij hier in een kwartaalbrief op terugkomt. De basisvaardigheden bestaan uit reken, taal, burgerschap en digitale vaardigheden. De scholen gaan hier ook echt wel iets aan doen daar hebben ze de UOA niet voor nodig. De reden dat taal is uitgelicht is omdat Utrecht City of Literature is en vandaar ook de link met de bibliotheek. Lezen is het portaal naar meer dan alleen het lezen van een boek. Leesplezier is een ander aspect dat achteruit holt en vandaar dat daar de focus op ligt. Dit wil niet zeggen dat de andere basisvaardigheden niet aanbod komen. Bij de nul-achttien scholen gaat het om meer dan alleen een gebouw maar het gaat veel meer over de doorlopende leerlijnen creëren, over integrale kindcentra, zorgen voor een betere overdracht tussen po en vo, gelijk pedagogisch leerklimaat. Dit zijn allemaal zaken die de wethouder in het jaarplan wil laten terugkomen. Op dit moment worden er al nul-achttien gemeenschappen gemaakt om zoveel mogelijk vanuit een visie te gaan werken en dit helpt bij de kwaliteit van onderwijs.

15 Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt wanneer zij hier meer informatie over ontvangen.

20

25

30

Wethouder Eerenberg geeft aan dat dit in het jaarplan komt. De wethouder geeft aan dat het nog niet duidelijk is of de nul-achttien school ook als fysiek gebouw er gaat komen. Hij stelt voor om gewoon te gaan beginnen maar hij wil voor nu nog waken voor ingewikkelde discussie over hoe die school eruit moet zien en waar die moet komen staan. De wethouder is de mening dat het gewoon moet gaan ontstaan en dat er dan vanzelf een goede landingsplaats gevonden wordt net als bij Academy 10. Bij de buurtschool is de intentie om de schoolkeuze, voor wijken waar de schoolkeuze heel bepalend is voor de verder toekomst, licht te sturen door daar een hele goede school te realiseren. Hiermee worden de vriendjes en vriendinnetjes bij elkaar gehouden en is er minder concurrentie gevoel. Dit moet gedaan worden in wijken waar het nodig is en dat hoeven niet alleen wijken met een lage zes score te zijn maar dat kan ook een kantelpuntwijk zijn. In het jaarplan wordt deze selectie verder uitgewerkt. Waar de wethouder dan ook rekening meegaat houden is dat het op deze buurtscholen dan ook goed geregeld moet zijn voor religieus onderwijs zodat dit aangeboden wordt voor welke religie dan ook. De heer Van Steeg (CDA) wil weten waarop de keuzes gebaseerd zijn en of dit verder wordt uitgewerkt in de nota.

35

Wethouder Eerenberg heeft dit net genoemd en dat heeft voor een deel met de mobiliteit van leerlingen te maken en vaak ligt dit lager in wijken met een lage zes score maar het kan ook een kantelpunt wijk zijn als criterium als derde zou het ook een wijk kunnen zijn waarbij net een verkeerde beweging tussen de verschillende scholen ziet. Dit komt verder uitgewerkt in het jaarplan.

40 De heer Van Steeg (CDA) vraagt nog de bevestiging dat de uitgewerkte criteria in het jaarplan komen. 45

50

Wethouder Eerenberg bevestigt dit. Over de kwaliteit kan heel veel gezegd worden. De inspectie houdt hier toezicht op en stelt heel veel eisen aan de kwaliteit. De wethouder wil zich niet te veel bemoeien met het proces hiervan maar hij wil wel extra ondersteuning bieden op scholen waar dat nodig is. Er zit al een hoge mate van solidariteit tussen schoolbesturen om elkaar te ondersteunen. De wethouder wil geen eigen opvatting creëren over kwaliteit maar de focus leggen op ondersteuning, samenwerken en lerend te ontwikkelen. De docenten zijn nauw betrokken geweest bij de ontwikkeling van het plan en ook via Utrecht leert wordt er ingezet op meer docenten, docenten behouden en het verder ontwikkelen van docenten. Deze ruimte tot ontwikkeling is van groot belang omdat de ontwikkeling van docenten vaak bepalend is of zij in het vak blijven. Burgerschapsonderwijs is onderdeel van de basisvaardigheden en dat gaat verder Pagina 17 van 54

5

10

15

20

25

30

35

40

uitgewerkt worden in het jaarplan. Utrecht heeft met het programma Vreedzaam haar eigen methode ontwikkeld waar heel veel docenten en scholen mee werken. De wethouder heeft zelf ook de cursus gedaan om vreedzaam docent te worden. Praktijkonderwijs heeft inderdaad te weinig aandacht gekregen in de UOA maar voor heel veel zaken geldt dat dit ook voor hen van toepassing is. De wethouder vindt de opdracht heel mooi om het jaarplan te beginnen met wat het betekent voor het speciaal en praktijkonderwijs. De UOA heeft wel al aandacht voor het jonge kind omdat er veel over primair onderwijs in zit en ook over kinderopvang. De tabel van de financiën geeft weer hoe het in hoofdlijnen gaat. In de projectplannen wordt dit gericht verder uitgewerkt en de projectplannen komen weer terug in het jaarplan. Hiervoor mag verwacht worden dat er meer detail in gaat komen. De wethouder kan daarbij niet de gehele begroting laten zien maar enkel het deel wat de gemeente gaat doen omdat het andere deel van de begroting uit het onderwijs zelf komt. De wethouder heeft geprobeerd om meetbare ambities te formuleren maar het blijft ook werken aan de toekomst van kinderen en daar is niet alles meetbaar. De rijke schooldag staat er inderdaad niet concreet in en dat heeft te maken met het feit focus meer op dat de schoollunch heeft gelegen.

Een andere reden dat er minder focus is geweest heeft ermee te maken dat deze in 2025 eindigt. Vanuit het Rijk was dit een incidentele impuls maar dit eindigt ook wel weer. Op het moment dat het jaarplan er is dan is er ook meer zicht op wat het kabinet hiermee gaat doen en aan de hand daarvan kan er bepaald worden waar Utrecht mee doorgaat. De rijke school gaat ook over huisvesting en daar kan de raad binnenkort een contourenbrief over verwachten met daarin de dillema’s en hoe de gebouwen worden ingericht. Ongelijk investeren voor gelijke kansen daarover is de wethouder het eens dat de gemiddelde school daar soms het slachtoffer van is. Daarover is een motie ingediend door GroenLinks en daarover is het college zich nu aan het beraden. Voor de gemeente geeft dit wel als dilemma dat er gekeken moet worden naar hoe de eigen middelen ingezet gaan worden. Wanneer er meer geld gaat naar de brede scholen houdt dat in dat er meer geld naar onderwijs moet maar dat is niet het perspectief. Of er moet worden geprioriteerd. Heel veel regelingen van het Rijk hebben dezelfde verdeling en kunnen wat de wethouder betreft meer gericht worden op de gemiddelde school. De wethouder is bezig om te kijken hoe de kennis vanuit hbo, mbo en wo gebruikt kan worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=b7988ac4-2831-423a-b36d-efaa9409a8c8