CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag commissie VOWE 10 oktober 2024

Commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie (2022-2026) 28 november 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen26.929 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

5

Verslag openbare ochtendvergadering commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie

10

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

10 oktober 2024 Stadhuisbrug 1, Utrecht C. de Bouter (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

20

De voorzitter dhr. F. Dekkers, de wethouders dhr. E. Eerenberg en mw. E. Oosters, de commissiegriffier mw. W. Kok, de leden mw. M. Al-Saqaff (VVD), mw. H. Assen (PvdA), dhr. S. van Bemmel (PvdD), dhr. D. van Bergen (CU), dhr. J. van den Broek (CDA), mw. V. Dada- Anthonij (D66), mw. E. Dolmans (D66), dhr. P. Jansen (VOLT), dhr. R. Maas (VOLT). mw. J. van Meerveld (Student & Starter), dhr. J. Mulderij (CDA), dhr. C. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht), dhr. J. Otto (EenUtrecht), mw. I. Raaijmakers (PvdA), mw. M. Ramaker (VVD), dhr. B. van Steeg (CDA), mw. N. Stylianou (D66), dhr. M. Sungur (DENK), mw. M. Vermeulen (GL), mw. L. de Vries (PvdD)

25

Verslag van de openbare ochtendvergadering commissie Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie

15

1. 2. 3. 30

35

Opening ......................................................................................................................................2 Vaststellen van de agenda van 8 februari 2024 .........................................................................2 Vaststellen van ingekomen agenderingen .................................................................................3 3.1 Raadsvoorstel Verordening individuele inkomenstoeslag ......................................................3 3.2 Vaststellen programma werkbezoek Antwerpen ....................................................................3 3.3. Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven ..............................3 4. Verslagen ...................................................................................................................................4 5. Toezeggingen/Moties .................................................................................................................4 6. Ingekomen stukken ....................................................................................................................5 7. Raadsvoorstel Zienswijze Begrotingswijziging GGDrU 2024-1 .................................................5 8.

Leefbaarheid Utrecht Science Park ...........................................................................................8 Pagina 1 van 39

9. Raadsvoorstel Vaststellen Verordening Leerlingenvervoer; wijziging Beleidsregel bekostiging leerlingenvervoer .........................................................................................................22 10. Veiligheid onder de Utrechtse jeugd in de stad en op school ................................................38 5

10

15

20

25

1.

De voorzitter opent de vergadering om 10.00 uur en heet de aanwezigen en de mensen die thuis kijken welkom. Hij vraagt of er commissieleden zijn met een mededeling. De heer Maas (VOLT) complimenteert wethouder Eerenberg met zijn kledingkeuze. Wethouder Eerenberg stelt de commissie gerust, hij maakt geen transfer naar FC Utrecht. Hij heeft dit shirt aan omdat de Week van de Mentale Gezondheid is. Over dat onderwerp is vaak in deze commissie gesproken. Het is gelukt FC Utrecht aan de campagne te verbinden. FC Utrecht heeft voor vandaag een bijeenkomst in Galgewaard georganiseerd voor allerlei studenten die aan hun eigen gezondheid gaan werken. FC Utrecht gaat dat de rest van het jaar elke maand herhalen. Om dat kracht bij te zetten heeft de club een speciaal shirt laten maken om het gesprek over mentale gezondheid te openen. Achterop staat “Team Uterech”. Spreker heeft beloofd dit shirt aan te houden en dit aan de commissie te vertellen. Hij trekt nu zijn wethouderskleding weer aan.

2. 30

35

40

45

Opening

Vaststellen van de agenda van 8 februari 2024

De voorzitter begint met het verzoek van de agenderende fracties om het debat over veiligheid onder de Utrechtse jeugd in de stad en op school uit te stellen tot een volgende vergadering. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) brengt naar voren dat tijdens de vorige week gehouden RIB (raadsinformatiebijeenkomst) bleek dat de agenderende fracties een tweede gesprek willen voeren met de daarbij aanwezige partijen en ook nog met andere partijen willen spreken. Dat wordt vermoedelijk een informeel gesprek. Daarom vragen de agenderende fracties uitstel van behandeling in de commissie zodat zij echt een beeld kunnen krijgen van wat de gemeente kan doen. De voorzitter ziet dat zij dit verzoek doet namens twaalf fracties. Hij ziet dat de commissie het ermee eens is en vraagt of mevrouw Dada-Anthony het punt wil agenderen voor de commissievergadering van 28 november 2024. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) antwoordt dat nog wordt overlegd wanneer het tweede gesprek zal plaatsvinden. Daarom is het nu te vroeg om vast te stellen of deze fracties die vergadering daarvoor willen gebruiken. Zij vermoedt dat het iets later kan worden

50

De voorzitter concludeert dat het dan voor later wordt geagendeerd. De fracties moeten er wel mee rekening houden dat de resttijden van vandaag doorgaan naar een volgende behandeling. Hij raadt aan zuinig op de tijd te zijn. Volgens de planning zou de commissie vandaag rond 15.00 uur klaar kunnen zijn. Hij zou dat wel fijn vinden omdat er dan een feestelijke bijeenkomst is waar hij graag bij wil zijn. Hij concludeert dat de agenda is vastgesteld.

55

De heer Otto (EenUtrecht) geeft in aansluiting hierop aan dat EenUtrecht schriftelijke vragen wil stellen over het pesten op school. Zijn collega Gert Dijkstra is daarmee bezig. Zijn fractie is benieuwd naar wat er uit de vervolgsessie komt. Afhankelijk van wat daaruit komt doet zijn fractie begin 2025 mogelijk iets met pesten op school en sociale onveiligheid. Pagina 2 van 39

De voorzitter bedankt voor deze vooraankondiging.

3. 5

Vaststellen van ingekomen agenderingen

3.1 Raadsvoorstel Verordening individuele inkomenstoeslag De voorzitter deelt mee dat er een voorstel is voor behandeling in zestig minuten.

10

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt dat wel veel tijd. Het is eigenlijk een uitwerking van wat de commissie in het voorjaar heeft besloten. Zij verwacht dat haar fractie geen inbreng zal hebben. Mevrouw Dada-Anthonij (D66) sluit zich hierbij aan.

15

Mevrouw Raaijmakers (PvdA stelt voor hiervoor dertig minuten uit te trekken. De voorzitter stelt vast dat hiervoor dertig minuten worden uitgetrokken.

20 3.2 Vaststellen programma werkbezoek Antwerpen

25

De voorzitter wijst erop dat de commissie op vrijdag 29 november 2024 naar Antwerpen gaat voor een werkbezoek over sekswerkbeleid. Het programma wordt vastgesteld. De commissie heeft eerder besloten dat de pers mee kan, dat delen van het programma besloten zijn en dat dit wordt afgestemd met partijen in Antwerpen. Dat is gebeurd, een aantal onderdelen is besloten. Bij andere onderdelen kan onder voorwaarden een journalist meekomen. Zoals bekend heeft de journalist aangegeven niet mee te gaan.

30

De heer Maas (VOLT) deelt mee dat er nog een voorstel is om aan het einde van het programma een onderdeel toe te voegen, een bijeenkomst met de Antwerpse organisatie ‘Sherwood’. Door een misverstand is daarover wat gedoe geweest. Antwerpen wil dat niet zelf organiseren. Dat zal Utrecht dus moeten doen. Het is vlak bij het Schipperskwartier, dus qua tijd moet het kunnen.

35

De voorzitter vraagt of de commissie ermee instemt om dit in eigen organisatie toe te voegen aan het programma. Hij ziet dat er geen bezwaren zijn. Dit is dus toegevoegd.

40

De heer Maas (VOLT) merkt nog op dat de CU heeft aangeboden om de organisatie van dat deel op zich te nemen. 3.3. Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven

45

50

55

De voorzitter vraagt de leden kort en duidelijk aan te geven waarom zij iets willen agenderen en wat hun politieke punt daarbij is. Het eerste punt dat is aangekondigd is een debat over zorgkosten voor minima. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) wijst erop dat per 1 januari 2025 de U-polis en de Regeling tegemoetkoming zorgkosten stoppen. De agenderende fracties willen graag een gesprek over hoe alle huidige U-polis gebruikers bereikt kunnen worden en naar goede alternatieven kunnen worden begeleid, zodat straks iedereen adequaat verzekerd is. Zij willen het ook hebben over hoe betalingsachterstanden worden voorkomen omdat zij daarover uit de stad zorgelijke geluiden horen. Ook willen zij weten hoe de bijzondere bijstand wordt ingericht om hoge zorgkosten op te vangen. Tenslotte is er de vraag hoe de raad dit straks gaat monitoren. Daarover zal het debat gaan. Haar voorstel komt mede van GL, DENK en VOLT. De heer Otto (EenUtrecht) geeft aan zich daarbij aan te willen sluiten.

Pagina 3 van 39

De voorzitter ziet dat ook de CU zich hierbij aansluit. Verder ziet hij dat Student & Starter zich wil aansluiten bij de agendering. Hiermee is er voldoende steun voor agendering op 28 november 2024. 5

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) denkt aan zestig minuten. Dat lijkt de voorzitter een goed idee. Hij concludeert dat de commissie het zo vaststelt.

10

15

20

25

De heer Otto (EenUtrecht) heeft nog een agendering. Zijn fractie ziet in de binnengekomen raadsbrief over de stand van zaken inbesteding kwetsbare Utrechters elementen waarover zijn fractie zich zorgen maakt of dat wel goed gaat. Als voorbeeld noemt hij het helpen van mensen met een DigiD, bij Stadsgeldbeheer kan dat wel, maar bij de gemeente niet. Er wordt nog gekeken naar een oplossing. Zijn fractie vindt dat zorgelijk en wil dit graag in de commissie bespreken, als anderen die urgentie ook voelen. De voorzitter merkt op dat dit in de commissie is besproken. Hij vraagt of behandeling in de commissie het beste middel is om dit te bespreken of dat er misschien andere middelen zijn. De heer Otto (EenUtrecht) geeft aan dat zijn fractie zich zorgen maakt over een aantal dingen die als losse eindjes kunnen worden gezien en dat wil EenUtrecht nu juist niet. Spreker kan zich voorstellen dat andere fracties zich ook zorgen maken. De voorzitter vraagt of er fracties zijn die mee willen agenderen en vervolgens of er steun is om dit op de agenda te zetten. Hij ziet dat CDA en VOLT mee willen agenderen, dat zijn drie fracties. Hij ziet dat er voldoende fracties voor zijn om dit op de agenda te zetten. De heer Van Bergen (CU) steunt dit in principe, mits er voldoende ruimte is in de agenda. Daar heeft hij op dit moment geen beeld van.

30

De voorzitter vraagt of dit in dertig minuten kan worden besproken. De heer Otto (EenUtrecht) denkt dat, als het bij deze fracties blijft, het in een half uur moet kunnen. Er is nog wel ruimte in de agenda.

35

40

45

50

55

De voorzitter beaamt dat er ruimte is, maar wijst erop dat, als tijd wordt gepland, die ook wordt volgemaakt. Dat is ook zonde. Hij stelt vast dat de commissie instemt met dertig minuten. Hij ziet dat verder niemand iets wil agenderen.

4.

Verslagen

De voorzitter meldt dat er geen tekstuele opmerkingen zijn over het verslag van de vergadering van 12 september 2024 en over het geheime verslag van de besloten vergadering op 12 september 2024. Hij concludeert dat de commissie instemt met het vaststellen van de verslagen.

5.

Toezeggingen/Moties

Mevrouw Stylianou (D66) heeft een vraag over de motie inzake het FTIR-apparaat, motie nr. 58. Die motie is in februari 2024 aangenomen en er staat dat dat apparaat pas begin 2025 wordt aangeschaft. Waarom duurt dat een jaar? Mevrouw Ramaker (VVD) kan motie 402 over het gezondheidscentrum Marco Pololaan niet in deze lijst terugvinden. Die is in de laatste raadsvergadering aangenomen. Zij is benieuwd waar die dan wel te vinden is. Volgens de voorzitter is dit onderwerp in deze commissie besproken. Die motie hoort dus in deze commissie. Dit zal aangevuld worden. Pagina 4 van 39

5

Wethouder Eerenberg antwoordt op de vraag waarom het zo lang duurt voordat motie 58 wordt uitgevoerd. Dat komt doordat de gemeente dat apparaat via een subsidie moet verstrekken. De derde partij moet daar een subsidie voor aanvragen en daarvoor moeten de interne gemeentelijke procedures worden doorlopen en dat kost tijd. Het is niet altijd zijn hobby dit te moeten constateren, maar het is helaas de realiteit. De voorzitter deelt mee dat de motie over Kanaleneiland (Marco Pololaan) wordt toegevoegd. Daarmee wordt de lijst vastgesteld.

10

6.

Ingekomen stukken

De voorzitter deelt mee dat er niets op de lijst van ingekomen stukken staat.

15

20

25

30

35

40

45

7. Raadsvoorstel Zienswijze Begrotingswijziging GGDrU 2024-1 De voorzitter zet uiteen dat de gemeenteraad een zienswijze kan indienen op de (ontwerp) begrotingswijziging 2024-1 van de GGD van de regio Utrecht. Het college heeft een conceptbrief opgesteld waarin staat dat de raad geen opmerkingen heeft over de wijziging. Het college stelt voor deze brief vast te stellen. De commissie bespreekt dit voorstel in dertig minuten en in twee termijnen. Mevrouw Stylianou (D66) heeft geen opmerkingen over de zienswijze, maar wel over de inhoud van het stuk. Daarin wordt aangegeven dat er een volumestijging van 107.000 euro is in de forensische zorg. Dat zijn kosten die de gemeente moet betalen, maar in een van de rapporten stond ook dat dit een stijgende trend is. Dat betekent dat de kosten in de komende jaren zullen blijven toenemen. Zij heeft aan de ambtenaren de vraag gesteld of er hier een link is te maken met de forensische zorg aan deze kant, maar ook aan de voorkant met het veiligheidsbeleid van de gemeente en het preventieve element. Gesteld dat er veel meer gevallen van femicide zijn geweest waarvan de gemeente de kosten hier draagt, dan zou dat misschien een indicatie zijn voor investeringen aan de voorkant in preventie. Als die data er zijn, dan is het mooi om dat mee te nemen voor de volgende keren. Zij investeert het geld namelijk liever in levende mensen dan andersom.

In deze begroting is ook de seksuele gezondheidszorg opgenomen. Zij weet niet of het helemaal past, maar zij zal hiervan ook een punt maken bij het PGB. Landelijk is er natuurlijk besloten dat er een korting komt op de seksuele gezondheidsregeling. Daar staat zij niet achter, maar zij hoopt wel dat, ook al gaat het geld dat de gemeente uit de landelijke regeling krijgt omlaag, er toch een eerlijke verdeling blijft bestaan voor Utrecht omdat deze gemeente achterloopt bij de andere vier grote steden. Misschien kan de wethouder reageren. De heer Jansen (VOLT) brengt naar voren dat zijn fractie op zich geen inhoudelijke opmerkingen heeft over de begroting. Het is een afgewogen en goed onderbouwd voorstel. Hij heeft echter wel een kritische kanttekening bij de manier waarop de GGD Utrecht haar dienstverlening invult met al het geld dat zij ter beschikking krijgt. Het gaat specifiek om de COVID-vaccinatie. Zijn fractie ziet dat er in deze grote stad maar één locatie is, in Overvecht, voor COVID-vaccinatie. Ook hoort zijn fractie dat het voor de doelgroep waarvoor die vaccinatie het belangrijkst is, oudere mensen met een zwakke gezondheid, wel veel tijd en moeite kost om daar te komen. VOLT maakt zich zorgen over de drempel die dit oplevert. Hij roept het college expliciet op om hierover het gesprek aan te gaan met de GGD Utrecht.

50

Mevrouw Vermeulen (GL) vraagt of de heer Jansen zich ervan bewust is dat haar fractie een paar weken geleden hierover vragen heeft gesteld bij de mondelinge vragen aan de wethouder.

55

De heer Jansen (VOLT) is zich ervan bewust dat daarover vragen zijn gesteld. Maar die gingen specifiek over het doorverwijzen van Utrechtse burgers naar vaccinatielocaties in Houten en Zeist. Zijn fractie ziet dat er in de stad Utrecht maar één locatie is waarvan de bereikbaarheid discutabel is. VOLT meent dat voor een goede publieke gezondheid goede toegankelijkheid heel belangrijk Pagina 5 van 39

5

is. Dit is ook de Week van de Toegankelijkheid en hij grijpt dit aan om een stap te zetten om de toegankelijkheid van de COVID-vaccinatielocaties te verbeteren. In kleinere gemeenten lukt het om één en soms zelfs verscheidene locaties in te richten. Dat zou ook in de stad Utrecht moeten kunnen. Daarom dringt hij eropaan om dat gesprek met de GGD Utrecht aan te gaan en ervoor te zorgen dat deze situatie verbetert.

10

De heer Mulderij (CDA) brengt naar voren dat het CDA zich nogal zorgen maakt over de vaccinatiegraad. Er is 200.000 euro uitgetrokken voor pilots om de vaccinatiegraad te verhogen. Hij is benieuwd naar de resultaten en vraagt wanneer de commissie een voorstel kan verwachten voor de besteding van de overige 300.000 euro.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Mevrouw Ramaker (VVD) deelt mee dat de VVD instemt met de zienswijze, maar wel een vraagt heeft over de dekking van de gestegen kosten voor de indexatie en de forensische zorg. Zij vraagt hoe dit zit omdat in het raadsvoorstel heel expliciet wordt vermeld dit te dekken in de Voorjaarsnota 2025. Moet de commissie daar de drie keer O (onvoorzien, onvermijdelijk en onoplosbaar) in zien? Zij vraagt verder hoe het dan zit met die maatwerkafspraken, daar is wel dekking voor. Zij vraagt een toelichting over dit verschil. Wethouder Eerenberg is het eens met iedereen die zegt dat dit op zichzelf een keurige en niet erg spannende begrotingswijziging is voor het lopende jaar. De volgende stukken van de GGD zullen wel wat spannender zijn. Die staan ook in het licht van het bekende ‘ravijnjaar’ en iedereen vraagt zich af hoeveel minder verbonden partijen dan moeten uitgeven. Op die vraag is er nog geen antwoord, maar de commissie kan zich daar mentaal op voorbereiden. D66 en VVD hebben vragen gesteld over de forensische zorg. Het klopt, dat is drie keer O. Het klinkt heel plastisch, maar op het moment dat iemand is overleden en er zorgen zijn, moet er gewoon onderzoek zijn. Als er meer gevallen zijn dan begroot, dan moet de gemeente die kosten gewoon dragen. De vraag van D66 welk gedeelte daarvan voorkomen zou kunnen worden door preventieve maatregelen is een interessante vraag.

Spreker heeft nu niet het antwoord daarop, maar er zal nader onderzoek naar worden gedaan. De raad krijgt altijd een toelichting van het college op de GGD-stukken. Hij stelt voor dat de volgende keer dat de GGD de raad iets toestuurt voor besluitvorming, in de toelichting van het college daarbij ook het antwoord op de vraag zit of er iets meer een trend in die overlijdensgevallen te zien is en of de gemeente daar wel of niet op zou kunnen sturen. Mevrouw Ramaker (VVD) lijkt het dat forensische zorg in een stedelijk gebied anders is dan in een landelijk gebied. Hoe ziet de wethouder dat bij deze regionale GGD? Wethouder Eerenberg meent dat dan moet worden gekeken naar hoe er afgerekend wordt. Wordt dat gedaan per geleverde dienst in de forensische zorg of draagt deze gemeente haar deel bij aan het hebben van forensische zorg in de regio? Voordat hij een precies antwoord op deze vraagt geeft, lijkt het hem goed om hier meer technisch in te duiken. Het zou namelijk zomaar kunnen dat pro rata bijdragen aan de beschikbaarheid van deze voorzieningen in de regio voor deze gemeente voordeliger is dan betalen per geleverde dienst. Maar dit moet technisch worden uitgezocht. Zonder het antwoord op die vraag te kennen vindt hij het belangrijk om deze voorziening van uitstekende kwaliteit in de regio te hebben.

Vaak zijn het schrijnende gevallen waarbij de nabestaanden veelal geholpen worden door goede forensische zorg. Het is het waard om daarin te investeren. Het is geen erg aantrekkelijk vak, als de GGD een goede werkgever is, dan helpt dat daarbij. Hij zal dit ook in die brief opnemen, met alle respect voor het onderwerp. Wat de reflectie op de seksuele gezondheid betreft is hij wat negatiever geworden. Op basis van de door hem in de afgelopen jaren gevoerde gesprekken dacht hij dat er enig licht aan het einde van de tunnel was. Maar nu is er een nieuwe situatie en dat betekent dat de gemeente nog steeds het gesprek moet voeren over het achterblijven van de middelen voor de GGD-regio Utrecht. Als er geen extra middelen komen voor de seksuele gezondheid, is de enige manier om een groter aandeel te krijgen, de bereidheid van de andere grote GGD-en vrijwillig geld in te leveren. De commissieleden kunnen zich voorstellen wat hun collega’s in Amsterdam dan aan hun wethouder vragen. Zij zullen ongetwijfeld niet voorstellen wat geld aan Utrecht te geven. Zolang dit een herverdelingsprobleem is, ziet spreker weinig heil in een oplossing. Een minister of een staatssecretaris moet dwingen om te komen tot een herverdeling. Hij heeft daarover nog geen uitspraken gehoord van het nieuwe kabinet. Of er moet extra geld komen voor deze taak zodat andere gemeenten niet benadeeld worden.

Maar helaas ziet hij een kabinet dat hierin geen extra Pagina 6 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

geld, maar juist minder geld wil stoppen. Vele commissieleden hebben ook Tweede Kamerleden. Hij roept hen op om deze lobby te steunen door hun Kamerleden te inspireren hierover vaak vragen te stellen. VOLT heeft gesproken over de COVID-vaccinatie. Daarover zijn er inderdaad mondelinge vragen geweest. Langs drie routes kunnen mensen in Utrecht de COVID-vaccinatie krijgen. Er is de grote locatie op de Einsteindreef. De gemeente gaat met een aantal huisartsen samenwerken om mensen bij de griepprik meteen de COVID-vaccinatie te geven. Voor de meeste patiënten lijkt hem dat een heel fijne route, zij hoeven dan niet naar twee verschillende plekken. Het college probeert dat ook te doen in de wijken waar de vaccinatiegraad het laagst is. Dat is ook ongelijk investeren voor gelijke kansen. Tenslotte is er ook een telefoonnummer dat op de brief van het RIVM staat. Mensen kunnen naar dat nummer bellen, als zij de Einsteindreef niet kunnen bereiken. Dan komt de GGD regio Utrecht aan huis prikken. Wat betreft het verschil tussen de gemeente Utrecht en andere gemeenten erkent hij dat er hier maar één locatie is, maar die is wel lang open, een aantal maanden, en heeft ook lange openingstijden. Er zijn ook gemeenten die misschien wel een locatie hebben, maar die in drie maanden bijvoorbeeld maar zes dagen open is.

Dit komt doordat de GGD-regio Utrecht hiervoor een Rijksbijdrage krijgt die wat kleiner is dan in de afgelopen jaren. Het is ook de tering naar de nering zetten. Naar aanleiding van de mondelinge vragen heeft de GGD aan het college gevraagd of het een extra locatie wil en of de gemeente die zelf wil financieren. Dat is een dure hobby, er moeten een locatie, medewerkers en verkeersregelaars voor komen. Spreker heeft de middelen daar niet voor en heeft dus nee gezegd. De heer Jansen (VOLT) merkt op dat alle zaken die de wethouder noemt helpen. Zij zijn ook bekend. Maar de mensen waar het om gaat worstelen hier nog steeds mee. Hij doet nogmaals de oproep om echt goed te kijken of er binnen de beschikbare middelen mogelijkheden zijn om de geografische locatie uit te breiden. Voor sommige mensen is het toch lastig om naar Overvecht te moeten. Spreker vraagt om creativiteit om binnen het budget tot een oplossing te komen. Wethouder Eerenberg denkt dat het college best creatief is geweest. De Einsteindreef is overigens ook niet de meest onbereikbare plek van Utrecht. Dat huisartsen gaan prikken is best een creatieve oplossing. Dat doet de GGD in een aantal gemeenten niet, de stad mag hier blij mee zijn. Dat iemand een telefoonnummer kan bellen en dat dan, als het anders niet lukt, iemand thuis kan komen prikken is ook best creatief.

Een grootschalige tweede locatie is met het huren van een hal en het bemensen van die locatie echt een grote kostenpost. De GGD heeft de middelen niet meer omdat het Rijk hier wat zuiniger is geworden. Ook voor de gemeente zijn de tijden veranderd: vroeger werd gezegd dat het altijd kan bij de gemeente Utrecht, nu kijkt de gemeente tegen megabezuinigingen aan. Hij kan het niet meer. Als de raad zegt dat het moet, dan moeten raad en college aan herprioritering doen. Het gaat om heel grote bedragen. Het college is best creatief geweest. Het CDA vraagt naar het verhogen van de vaccinatiegraad. Het CDA heeft gelijk wat betreft de 200.000 euro. Het is aan de GGD om te beslissen hoe de overige 300.000 euro van de GGD besteed zal worden. Hij komt daarop terug in de raadsbrief bij de volgende GGD-stukken. Dan is het ook aan de GGD om met een voorstel te komen. Spreker is overigens bezig om met zijn G4-collega’s een brief te schrijven aan het kabinet om er nogmaals op te wijzen dat het achteruitgaat, dat het in wijken met een lagere Z-score harder achteruitgaat, dat er dus iets aan die wijken moet worden gedaan en dat het Rijk middelen aan de gemeenten moet geven om daar wat aan te doen. Die brief gaat binnenkort uit naar staatssecretaris Karremans. De vraag van de VVD over forensische zorg heeft hij beantwoord. De VVD vroeg ook hoe het maatwerk functioneert.

Maatwerk werkt echt anders. Dat zijn de dingen die de gemeente bij de GGD besteld heeft en die specifiek alleen voor de gemeente bestemd zijn. Bijvoorbeeld de transzorgkliniek is er alleen in Utrecht, al komt overigens de helft van de klanten van buiten Utrecht. De gemeente Utrecht maakt daarover een aparte afspraak. Mevrouw Ramaker (VVD) merkt op dat er ook op maatwerk WMO-toezicht is. Er komt een uitvoeringsprogramma van WMO-toezicht. Betekent dat dan dat de maatwerkafspraken met de GGD open worden gegooid? Wethouder Eerenberg durft dat nu niet te zeggen. Hij denkt dat het goed is om die vraag ook aan zijn collega Voortman te stellen op basis van het WMO-programma. De gemeente koopt in feite bij de GGD in. Dat is een trouwe leverancier die zich schikt naar de opdrachtgever.

Pagina 7 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De voorzitter stelt vast dat er geen vragen zijn die niet beantwoord zijn en gaat over tot de tweede termijn. Hij vraagt of de leden naar aanleiding van de reactie van de wethouder nog punten willen inbrengen. Voorts vraagt hij hen aan te geven of zij nog onderwerpen willen inbrengen in de raad of dat dit als A-punt naar de raad kan. Wat mevrouw Stylianou (D66) betreft kan het als A-punt naar de raad. De voorzitter ziet instemmend knikkende gezichten en maakt hieruit ook op dat er geen leden zijn die nog iets willen inbrengen in de tweede termijn. Dit onderwerp gaat dus als A-punt naar de volgende raadsvergadering. Hij vraagt de commissiegriffier de toezeggingen weer te geven. Mevrouw Kok deelt mee dat de wethouder heeft aangegeven dat het college in het volgende raadsstuk over de GGDrU een duiding meeneemt op forensische zorg, op de toenemende trend in het aantal uit te voeren verrichtingen met bijbehorende stijgende kosten en op de vaccinatiegraad. De voorzitter schorst vergadering om 10. 32 uur voor de wisseling van de wethouders en heropent deze om 10.36 uur.

8.

Leefbaarheid Utrecht Science Park

De voorzitter verwelkomt mevrouw Van Meerveld die haar eerste inbreng in deze commissie levert. Dit agendapunt gaat over de leefbaarheid op het Utrecht Science Park. De fracties GL, Student & Starter, PvdA, D66, VVD, CU en CDA willen een debat over het zo leefbaar mogelijk houden van het Utrecht Sciencepark met oog voor het welzijn van de bewoners en met meer aandacht voor mentaal welzijn en ontmoetingsplekken. De commissie heeft voor dit debat 75 minuten in één termijn. Mevrouw Vermeulen (GL) komt al 25 jaar op het Science Park. Zij is een vaste bezoeker en zij heeft de afgelopen tijd met veel bewoners gesproken. Zij heeft enkele citaten: “Na corona heeft de sociale infrastructuur een knauw gekregen”’ en “het Science Park is ingericht om te studeren en niet om er te wonen”. Het Science Park is geen fijne plek om te wonen en dat terwijl er nu bijna 4000 mensen wonen en dat aantal in de komende jaren stijgt naar 7500. Cijfers over de mentale gezondheid van de bewoners zijn zorgwekkend en de doorloopsnelheid van de bewoners is hoog. Een aantal fracties heeft dit thema geagendeerd om te kijken wat er verbeterd kan worden vanuit de gemeente, maar ook samen met andere betrokkenen, b.v. de universiteit. De fracties vragen aandacht voor vier thema’s: meer actie mentaal welzijn, gemeenschapsvorming, voorzieningen en samenwerkingsafspraken.

Uit onderzoek van het RIVM blijkt dat het met het mentaal welzijn slecht is gesteld, eenzaamheid en stress zijn grote boosdoeners. Volgens bewoners heeft dit verschillende oorzaken: zelfstadige eenheden, kleine sociale activiteiten, corona en bouwwerkzaamheden. Heeft het college dit in beeld? Kan de wethouder toezeggen dit te monitoren in het kader van het beleid mentale gezondheid en de raad actief te informeren, sowieso gedurende de bouwwerkzaamheden? Wanneer bewoners hulp zoeken kunnen zij inmiddels op het Science Park terecht bij het buurtteam. Dat is een onderdeel van wijkbureau Oost. Maar helaas horen de fracties dat bewoners het buurtteam niet goed kunnen vinden en niet weten wat het buurtteam voor hen kan betekenen. Wat doet het college om de vindbaarheid van het buurtteam te verbeteren en tot laagdrempeliger dienstverlening te komen, ook voor internationale studenten? Kan het college de zorgen over het voortbestaan van het buurtteam wegnemen? Het tweede punt is de sociale cohesie en de ontmoetingsplekken. Door corona hebben sociale structuren een flinke knauw gekregen en er is behoefte om activiteiten te organiseren, maar bewoners lopen tegen drempels aan van vergunningen, beveiliging en het ontbreken van geschikte locaties.

Kunnen het college en het wijkbureau samen met de universiteit duidelijk maken wat waar wel zou kunnen en zou die ruimte gewoon beschikbaar kunnen worden gesteld? Er staat immers veel leeg. Er zou ook moeten worden gekeken naar het verdwijnen van drempels om dingen te kunnen organiseren. Zij denkt aan pop up ontmoetingsplekken of culturele broedplaatsen in leegstaande panden. Hoe ziet de wethouder dit en kan zij toezeggen dat er hierover afspraken komen met de universiteit? Onlangs werd een plan van de universiteit gepresenteerd voor de herontwikkeling van het Van Unnikgebouw tot een ontmoetings- en recreatieplek voor studenten en medewerkers. Pagina 8 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Er werd echter helemaal niets gezegd over bewoners. Dit roept het beeld op dat de universiteit het Science Park vooral ziet als een werk- en studieplek en niet als een woonbuurt. Herkent het college dit en is bij het college bekend hoe bewoners worden betrokken bij dit project en of zij in de avond en in het weekend toegang hebben? Tijdens de Utrecht Science Week, vorige week, presenteerden studenten ideeën om gemeenschapsvormen in het gebied te bevorderen, b.v. een community board. Hoe kan de gemeente ervoor zorgen dat deze ideeën werkelijk worden uitgevoerd? In het begin van haar raadsperiode werd de omgevingsvisie Utrecht Science Park vastgesteld. Daarbij werden mooie plannen gemaakt met een park en studentenwoningen. Er zouden ook meer plekken komen voor sociale ontmoetingen en culturele broedplaatsen. Maar nu is het een grote bouwput met geluidhinder, bouwverkeer en juist minder voorzieningen. Wat gaat de wethouder in de tussentijd voor de bewoners doen? Hoe zorgt de gemeente ervoor dat het gebied aansluit bij de behoeften? Nu hoort zij dat ideeën die worden ontwikkeld op de tekentafel niet altijd aansluiten bij die behoeften. Kan placemaking misschien een rol spelen om het eigen karakter van Utrecht Science Park verder te ontwikkelen? Hoe worden de bewoners geïnformeerd over hoe het staat met de plannen voor b.v.

het park, de supermarkt, de culturele broedplaatsen en het autoverkeer? Misschien worden de bewoners zelfs geïnformeerd over de door de raad gevraagde toezegging dat bewoners de faciliteiten van de internationale school kunnen gebruiken. Wat de samenwerkingsafspraken betreft vraagt spreekster tenslotte of de wethouder kan toezeggen dat er een convenant komt met de universiteit en de bewoners waarmee zij actief de verantwoordelijkheid nemen voor de leefbaarheid voor de bewoners van het Utrecht Science Park. Er is al eens gesproken over een samenwerkingsovereenkomst. Haar fractie wil dat hierin de volgende punten worden meegenomen: het actief informeren van bewoners, het mogelijk maken van creatieve en sociale ontmoetingsplekken, het maken van afspraken over het eenvoudiger kunnen organiseren van evenementen en aandacht voor het welzijn. Ook moet worden afgesproken om dat samen met de bewoners te doen. Mevrouw Van Meerveld (Student & Starter) stelt dat het Utrecht Science Park (USP) wordt neergezet als de plek voor studie, innovatie en wonen. Maar in werkelijkheid voelt het meer als een afgelegen buitenwijk dan als een levendige hotspot. Het is een plek om te komen en niet om te wonen. Bewoners van de campus ervaren dagelijks uitdagingen. Er is slechts één kleine supermarkt en er zijn nauwelijks plekken om ’s avonds iets te drinken.

Wie in het weekend weg wil moet goed plannen door het beperkte OV, de sportmogelijkheden barsten uit hun voegen en ondertussen voelen veel bewoners zich geïsoleerd en eenzaam. Niet alleen maakt haar fractie zich hier al jaren hard voor, maar ook staat in het coalitieakkoord dat het Utrecht Science Park moet worden ontwikkeld tot een volwaardige wijk met bijbehorende voorzieningen. Als de gemeente hier serieus werk van wil maken, is er echt verandering nodig. Dat is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente en universiteit. Ondanks ingediende vragen en moties blijft een volwaardige supermarkt uit. Dit verbaast haar fractie omdat er al heel lang een onderzoek loopt bij de universiteit om te kijken of een uitbreiding van de supermarkt mogelijk is. Haar fractie vraagt dan ook of de wethouder kan vertellen wanneer de bewoners eindelijk kunnen rekenen op de vergroting van de supermarkt waar zij al zo lang op wachten. Het OV van het USP schiet ook te kort. Overdag zijn bus en tram overvol en ’s avonds en in het weekend rijden zij maar tot ongeveer 1.00 uur. Dit sluit niet aan bij de behoeften van de bewoners. Dat zijn vaak studenten die laat terugkeren van verenigingen of van het uitgaan. Iemand kan dan zeggen dat zij maar op de fiets moeten stappen, maar fietsen naar het USP in het donker voelt onveilig door incidenten rondom het Science Park en het weinige licht.

Student & Starter vraagt dan ook aan de wethouder wat zij op korte termijn kan doen om de bereikbaarheid van het USP per fiets en OV te verbeteren en de veiligheid te vergroten. Het probleem op De Uithof gaat verder dan alleen het ontbreken van een supermarkt of de bereikbaarheid. Buiten werktijd voelen bewoners zich vaak ongewenst door het gebrek aan ontmoetingsplekken en de afwezigheid van beveiliging die hen aanspreekt. De beperkte sociale interactie versterkt gevoelens van eenzaamheid. Haar fractie ziet de oplossing in het stimuleren van terrassen voor de horeca en het versterken van de buurtteams door ze zichtbaarder en beter bekend te maken. Ook is het belangrijk om bewonersinitiatieven, zoals filmavonden, actief te ondersteunen om meer verbinding te creëren. De bewoners hebben volop ideeën die door het Initiatievenfonds kunnen worden ondersteund. Het is echter van belang dat bekend is dat dergelijke fondsen beschikbaar zijn. Haar fractie vraagt de wethouder wat verhindert dat zulke initiatieven mogelijk worden gemaakt en of zij zich hard wil maken om dit soort initiatieven toe te laten. Wat maakt dat verruiming van de horecagelegenheden en terrassen zo ontzettend moeilijk gaat, ondanks goede initiatieven? Zijn de bewoners ermee bekend dat dit Initiatievenfonds mogelijke bewonersinitiatieven extra kan ondersteunen? Sporten biedt net als Pagina 9 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

horeca en sociale activiteit een kans op ontmoeting. Helaas lopen de sportmogelijkheden vol, er zijn wachttijden bij verenigingen van soms meer dan twee jaar. Dit beperkt de toegankelijkheid en gaat tegen het coalitieakkoord in. De universiteit geeft tegelijkertijd aan dat het steeds lastiger is om landelijk beleid onmiddellijk te verdelen. Student & Starter vraagt dan ook welke inspanning de wethouder bereid is te doen om toch zoveel mogelijk studenten te kunnen laten sporten. Tenslotte wijst zij er namens haar fractie op dat niet mag worden vergeten dat het om mensen gaat die op het USP wonen. Zij verdienen ook een fijne plek om te leven en zich te ontwikkelen. Neem de verantwoordelijkheid voor hen allemaal en maak het een plek ook om te wonen en niet alleen om te komen.! De voorzitter merkt op dat inmiddels veel onderwerpen zijn aangesneden. Het misstaat leden niet om zich aan te sluiten bij een vorige spreker. De heer Stam (PvdA) brengt naar voren dat het al vaker is gezegd en dat de bewoners het zelf ook aangeven: De Uithof is een plek om te komen en niet om te wonen. Het is een plek waar een op de vijf bewoners eenzaamheid ervaart. Het is een plek waar het in het weekend donker en stil is en het is een plek waar iemand anoniem wordt. Dat staat ver af van de visies die De Uithof zelf uitstraalt als een plek van ontmoeting en samenwerking.

De gemeente straalt die visie uit in de in 2022 vastgestelde omgevingsvisie. Dat is het pijnlijke. Veel van de faciliteiten die genoemd zijn, zoals sport en een supermarkt, komen immers heel vaak terug in de omgevingsvisie. De raad heeft bijvoorbeeld erin geamendeerd dat er een ‘full service’ supermarkt moet komen op De Uithof. In 2023 werd toegezegd dat dat in 2024 of 2026 zou gebeuren. Nu is het bijna eind 2024 en de raad heeft nog niet eens het onderzoek van de universiteit over De Uithof gezien waaruit blijkt of het wel of niet kan. Hij heeft het gevoel dat elke keer dat de raad iets wil op De Uithof dat wordt getraineerd en dat er wordt gewacht. Iedere keer worden beloften gedaan aan de bewoners die telkens niet waar worden gemaakt. Spreker vraagt dus aan de wethouder hoe het zit met dat onderzoek en wanneer de gemeente actie onderneemt om die faciliteit te realiseren. Ook op het sporten heeft de raad heel veel ingezet. De raad heeft daarover allerlei moties en amendementen aangenomen. Volgens hem is dat ook een stille dood gestorven. Hoe staat het nu eigenlijk met de herontwikkeling van Olympos? Kan de gemeente daar nog ‘quick wins’ maken? Eigenlijk is er een rode lijn die de raad wel vaker ziet: de gemeente heeft veel ambities op De Uithof en de realisatie blijft achter.

Er wordt gekeken naar realisatie pas in 2040 en dat vindt spreker niet acceptabel voor de 3500 bewoners van De Uithof die er nu al zijn. Hij vraagt dus aan de wethouder wat de gemeente kan doen om de bestaande horecafaciliteiten bij de hogeschool, de Cambridgebar, de ruimte te geven om een horecavoorziening te bieden aan de bewoners die er nu al zijn. Zij zouden wat langer open mogen blijven en zouden voor een terras kunnen zorgen. Het zou niet zo moeten zijn dat die horeca meteen dicht moet en dat de bewoners dan in het donker langs fietspaden zonder licht naar de stad moeten en terug moeten waarbij de sociale veiligheid ook nog gebrekkig is. In die zin kan hij zich ook aansluiten bij de voorgaande betogen. Voor de gemeente ligt er een enorme opgave op De Uithof en naarmate de buurt gaat groeien moeten daar goede faciliteiten zijn. Dat is een goede voorwaarde om de mentale gezondheid beter te maken. Mevrouw Dolmans (D66) ging, toen zij studeerde op het Utrecht Science Park, na college vaak een drankje drinken in de binnenstad. Langer dan noodzakelijk wilde zij namelijk niet op het USP blijven. Dit is helaas een onderwerp dat al langer speelt, maar ook in de afgelopen tijd ontving haar fractie signalen van ongelukkige bewoners op het USP omdat zij op hun sfeerloze campus vergeten lijken te worden.

Er is veel te bespreken, maar naar aanleiding van gesprekken met bewoners, studenten en het buurtteam wil zij er graag twee thema’s uitlichten. Het eerste thema is het aanbieden van laagdrempelige psychische hulp. In 2022 is de motie Student op spreekuur door het college overgenomen waarna het buurtteam op het USP is gestart met een spreekuur verscheidene keren per week. Intussen is helaas besloten dat het buurtteam op het USP op 1 januari 2025 wordt weggehaald. Dit is een voorbeeld waarin het ongelijk investeren voor gelijke kansen niet goed uitpakt. Studenten worden niet als kwetsbare doelgroep gezien, terwijl uit cijfers over mentale gezondheid blijkt dat zij dit wel zijn. Deze studenten wisten ook vaak het buurtteam niet te vinden waardoor het vertekende beeld is ontstaan dat zij dit niet nodig zouden hebben. D66 ziet daarom graag dat de beslissing om het buurtteam weg te halen wordt teruggedraaid en vraagt om een actieve inzet van de gemeente om het buurtteam meer bekendheid te geven onder studenten. Erkent de wethouder de urgentie hiervan? Welke kansen ziet zij om dit in gang te zetten? Haar tweede thema is de sfeer op het USP. Haar fractie ziet graag dat deze troosteloze plek wordt getransformeerd in een volwaardige elfde wijk van Utrecht. Vorige week woensdag Pagina 10 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

hoorde haar fractie bij de studentenstadraad van Vidius geweldige ideeën over kerstverlichting, schaatsen, terrassen, groen en de nodige sportfaciliteiten. D66 ziet kwetsbare buurten die extra hulp krijgen met een buurtagenda. Waarom is dat niet mogelijk op het USP? Het lijkt haar fractie een goed idee om vanuit de gemeente te helpen bij het inzetten van het Initiatievenfonds op het USP om zo de mooie ideeën die er wel zijn mogelijk te maken. Ziet de wethouder kansen voor een campagne of extra hulp bij het inzetten van het Initiatievenfonds op het USP? De heer Stam (PvdA) moest even kauwen op de opmerking over kwetsbare wijken. Volgens hem is De Uithof niet per se een kwetsbare wijk. De bewoners zijn zelf niet kwetsbaar, maar de universiteit en de hogeschool blokkeren kansen. Het is vooral een ruimteprobleem. Als de studenten de ruimte wordt gegeven, kunnen zij dit gebied opbouwen. Is mevrouw Dolmans dat met hem eens? Mevrouw Dolmans (D66) begrijpt enerzijds wat de heer Stam zegt. Anderzijds is het zo dat de studenten heel veel problemen hebben met hun mentale gezondheid. In die zin zijn zij wel kwetsbaar. Er zijn natuurlijk allerlei verschillende soorten studenten. Met alles wat er bijkomt, zoals langstudeer-boete en studieschuld, kunnen zij volgens haar wel kwetsbaar worden genoemd. De heer Stam (PvdA) vraagt zich af hoe de gemeente die studenten dan kan helpen.

Volgens hem gaat het dan echt om het creëren van die gezamenlijke ruimte, maar een buurtagenda voor kwetsbare wijken gaat echt over ondermijning, criminaliteit en gezondheidsachterstand. Dat is hier niet het geval. Hier is het punt vooral dat de basis op orde moet zijn. Daarover moet het gesprek worden gevoerd met de universiteit en de hogeschool. Mevrouw Dolmans (D66) kan dat helemaal onderschrijven. Zij noemde de buurtagenda als voorbeeld, maar wat zij aan de wethouder vraagt is hulp bij het inzetten van het Initiatievenfonds. Spreekster wil de wethouder ook aanspreken op haar verantwoordelijkheid voor de Utrechtse student die op dit moment niet wordt gezien als een volwaardig inwoner van Utrecht. In plaats van naar de universiteit te wijzen moet de gemeente haar verantwoordelijkheid nemen en keer op keer in gesprek treden met de universiteit om de leefbaarheid op het USP te verhogen. Haar fractie heeft dit al eerder gevraagd met de motie Levendig en leefbaar USP. Zij hoort graag van de wethouder hoe het staat met de uitvoering van deze motie. Kan de wethouder ook toezeggen om er een prioriteit van te maken om in samenwerking van het USP een bruisende leefomgeving te maken? Raad en college moeten niet vergeten dat hier Utrechters wonen die net als alle andere Utrechters recht hebben op een plek waar zij zich veilig en fijn voelen.

De voorzitter deelt mee dat de woordvoerder van de VVD er nog niet is. Hij heeft begrepen dat die wel komt. Hij gaat nu door met de CU. De heer Van Bergen (CU) merkt op dat het onderwerp van vandaag, de leefbaarheid op het Utrecht Science park, alle commissieleden raakt. Hoewel het Science Park een plek is van kennis en innovatie, is het ook een plek waar veel mensen onprettig wonen. Dat is zorgelijk. De gemeente heeft uitgebreid aandacht voor leefbare wijken, maar lijkt De Uithof hierbij over te slaan. Het probleem lijkt groter en misschien fundamenteler te zijn dan een verzameling losse problemen. Een onderliggend probleem is dat veel grond op het Science Park eigendom is van de Universiteit Utrecht en niet van de gemeente. Maar de gemeente heeft wel de verantwoordelijkheid voor de leefbaarheid van deze wijk. De vraag is hoe de gemeente omgaat met deze spagaat. Wat kan de gemeente doen, wanneer niet alleen de zeggenschap over de grond, maar ook, nog belangrijker, de zeggenschap over wat er wel en niet in de openbare ruimte kan plaatsvinden bij een andere partij ligt? Welke instrumenten heeft het college om hierop te sturen? Er zijn samenwerkingsafspraken en er is een omgevingsvisie, maar is dit genoeg, als het niet eens lukt een pakketpunt in te richten? Dan zijn er de kleinere, maar niet minder belangrijke problemen.

De concrete, dagelijkse problemen waar de bewoners tegenaan lopen zijn al veel voorbijgekomen: een postpakket-afhaalpunt, een fatsoenlijke horeca die voor iedereen toegankelijk is, een fijne openbare ruimte, een volwaardige supermarkt en een huisarts die bereikbaar is. Het zijn heel normale zaken die iemand mag verwachten van een wijk in Utrecht. Wat de supermarkt betreft sluit hij zich aan bij de vragen van de PvdA. Hoe zit het met de resultaten van het aangevraagde onderzoek? Het kan toch niet zo zijn dat de gemeente alleen maar afwacht en naar de universiteit wijst? De bewoners van dit gebied hebben recht op Pagina 11 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

fatsoenlijke voorzieningen, net als bewoners van iedere andere wijk in Utrecht. Waarom pakt de gemeente hier niet steviger de regie? Waarom wacht zij op de plannen van de universiteit, terwijl zij de verantwoordelijkheid heeft om zelf in te grijpen, als dat nodig is? De CU roept het college op om niet alleen naar de lange termijn te kijken, maar ook om nu te handelen. Neem de regie, trek samen op met de universiteit en zorg ervoor dat het USP een fijne plek is om te wonen, te werken, te studeren en te leven! De heer Mulderij (CDA) wijst erop dat in een eerder door het college overgenomen motie het college wordt opgeroepen de noodzaak van horeca, cultuur, broedplaatsen en detailhandel blijvend te onderstrepen naar partners. Hij vraagt of daar al enig resultaat is geboekt, maar denkt van niet. Na twintig jaar soebatten is er nog steeds geen volwaardige supermarkt en er zijn nauwelijks plekken om elkaar te ontmoeten. Na de sluiting van The Basket is er nog maar één horecagelegenheid met niet erg studentvriendelijke prijzen en die sluit om 21.00 uur. Misschien zou de commissie een keer een excursie kunnen maken naar Il Caffè op de campus Uilenstede in Amstelveen. Als er zoiets was, zou het al een stuk beter zijn. Er zijn nauwelijks culturele activiteiten sinds Parnassos zich heeft teruggetrokken. Sinds de sluiting van de Primera is er ook geen pakketpunt meer.

Dat leidt ertoe dat er allerlei pakjes bij flats liggen die worden vertrapt. Dat is echt heel vervelend. Het buurtteam lijkt na anderhalf jaar weer te verdwijnen. Dan is er het probleem van de veiligheid van de fietsroutes van en naar het USP. Vidius heeft twee jaar geleden een enquête gehouden onder fietsers. 50% van de vrouwen en 20% van de mannen voelt zich in het donker onveilig. Hij kan even niet bij het percentage voor anderen komen. Een betere verlichting kan hierbij helpen. Het CDA roept het college op hier werk van te maken. Verder is er nog geen enkele duidelijkheid over de toekomst van Olympos. Spreker kan niet genoeg benadrukken hoe belangrijk sport en sportverenigingen zijn voor de leefbaarheid van een wijk, dus ook voor De Uithof, als hij deze naam nog een keer mag gebruiken, hij mist die. (Dit is een klein protest.) De zienswijze schetst prachtige vergezichten met ontmoetingspleinen, met plintbebouwing, met horeca, leisure, fitness en kunst. Het is een schitterend vooruitzicht, maar daarmee zijn de huidige bewoners, waaronder de niet-studenten, niet geholpen. Dat gaat heel lang duren. Wonen is meer dan een kamer met een bed en een tafel. Iedereen wil een fijne woonomgeving met voldoende voorzieningen en iedereen wil veilig zijn huis kunnen bereiken, ook de bewoners van het USP.

Het CDA roept het college op om met de partners te gaan overleggen om plannen te maken om op korte termijn de leefbaarheid in het USP te verbeteren, op weg naar een wijk op mensenmaat. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) wil graag als laatste het woord voeren. De heer Otto (EenUtrecht) kwam in 1992 als klein jongetje naar Utrecht en voetbalde op het sportcomplex dat toen nog de Rollebol heette. Het was toen geen wijk, het was een gebied en dat is het nog steeds. Een wijk heeft een ziel en een identiteit. Daar is hier geen sprake van, maar hij begrijpt dat het college toewerkt naar een wijk. Hij vraagt het college of er een soort routekaart of stappenplan is waaruit iemand kan merken dat daarnaartoe wordt gewerkt. Hij krijgt de indruk dat daarvan geen sprake is. Er moet een dag komen waarop iedereen vindt dat dit gewoon een wijk is. Spreker is zelf in zijn studententijd kwetsbaar geweest, op zoek naar identiteit. Hij is naar een studentenpsycholoog geweest,. Dat kon niet op De Uithof en dat kan volgens hem nog steeds niet. Hij deelt de mening van zijn collega van de PvdA niet dat het geen kwetsbare wijk zou zijn. Hij denkt dat een wijk met 7500 studenten per definitie kwetsbaar is. Vele commissieleden hebben misschien gestudeerd en weten nog hoe het was in die tijd. Hij vraagt dus aan de wethouder of zij kan zeggen hoe zij de wijk definieert.

Zou zij De Uithof (of het USP) wel of niet zien als een kwetsbare wijk? De heer Van Bergen (CU) merkt op dat het nu al een paar keer gaat over kwetsbare wijken. Hij stond op het punt zich aan te sluiten bij het standpunt van de PvdA. Hij vraagt de heer Otto of deze de mening deelt dat, hoewel er grote risico’s zijn, de wijk niet kwetsbaar is in de zin van de kwetsbaarheid van b.v. Overvecht of Kanaleneiland waar er heel andere risico’s zijn. De heer Otto (EenUtrecht) denkt dan het ‘en-en’ is. Voor een deel zullen hier niet dezelfde problemen spelen, hoewel hij denkt dat armoede relatief is. Maar als het gaat om mentale kwetsbaarheid, is er overlap. Het is natuurlijk geen Kanaleneiland, Overvecht en geen deel van Zuilen of van Leidsche Rijn. Maar toch is het goed het erover te hebben of die mentale Pagina 12 van 39

kwetsbaarheid mag worden benoemd. Hij denkt dat studenten het heel fijn vinden, als het gewoon open besproken kan worden. 5

10

15

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) geeft aan dat Stadsbelang Utrecht worstelt met het feit dat er allerlei beschouwingen worden gegeven over hoe mooi het in de toekomst kan zijn en wat voor een geweldige wijk het kan worden. Maar daar heeft op dit moment niemand iets aan. De voorzitter vraagt of dit de inbreng van Stadsbelang Utrecht is of een interruptie op het betoog van de heer Otto. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) wacht al lang tot hij het woord krijgt. Nu heeft hij het en nu vraagt de voorzitter of hij het wel of niet terecht heeft. Wat is het nu? De voorzitter kreeg de indruk dat dit de inbreng van de heer Nyqvist was. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vindt het best, als de voorzitter het een interruptie vindt, maar dan gaat hij wel door.

20

De voorzitter brengt naar voren dat de heer Nyqvist zijn interruptie mag plegen, graag met een korte inleiding.

25

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) begrijpt dat hij het woord heeft. Hij zei al dat het een pragmatisch probleem is en dat vraagt om een pragmatische aanpak. Als iedereen, of het nu de universiteit of de gemeente is, zich steeds verschuilt achter de positie die hij heeft in dit krachtenveld, gebeurt er niets. Hij heeft een vraag aan het college.

30

De voorzitter stelt dat de heer Nyqvist nu echt bezig is met zijn inbreng. Die inbreng gaat uit zijn eigen tijd. De heer Nyqvist heeft een interruptie aangekondigd en die gaat uit de tijd voor diversen. Als hij een vraag heeft aan de heer Otto, vraagt spreker die nu te stellen. Voor zijn inbreng krijgt de heer Nyqvist dadelijk het woord.

35

40

45

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) interrumpeert omdat de opmerkingen die hij maakt aanhaken bij onderdelen van de betogen van verschillende fracties, of die nu van de PvdA of van de CU zijn. Die betogen wijzen erop dat het op dit moment niet gebeurt zoals het zou moeten gebeuren, dat er moet worden ingegrepen en dat de bestaande verbanden zouden moeten worden verbroken. Dat is een interruptie waarin hij erop wijst dat dat in wezen niet gebeurt. Spreker verwacht van het college dat het een andere aanpak kiest waarin betrokkenen niet die grote gehelen voor zich zien, maar de onderdelen eruit lichten en met contacten en onderhandelingen nieuwe afspraken maken. Het spijt de voorzitter, maar de heer Nyqvist houdt nu weer een betoog in plaats van dat hij een vraag aan de heer Otto stelt. Hij vraagt iets aan het college. Spreker excuseert zich, maar hij vindt het moeilijk om dat als een interruptie te zien. De heer Nyqvist mag een korte vraag aan de heer Otto stellen. Dadelijk krijgt hij de kans voor zijn inbreng. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt niet om excuses. Hij vraagt de voorzitter wat hij nu doet: is hij bezig met zijn inbreng of interrumpeert hij?

50

De voorzitter had de indruk dat de heer Nyqvist zijn inbreng leverde en niet de heer Otto interrumpeerde. Voor een interruptie was het wel een heel lange interruptie. Het is helaas de taak van de voorzitter om hem daarop te wijzen.

55

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) begrijpt dat de taak van de voorzitter zo wordt gezien, maar vindt dat een interruptie best inhoudelijke argumenten kan hebben om in te gaan op de argumenten van andere mensen. Anders is een interruptie niets waard. Hij wacht op zijn beurt om zijn inhoudelijke inbreng te leveren.

60

Mevrouw De Vries (PvdD) wijst erop dat nog niet alle bewoners van het USP zijn genoemd. Zij vraagt aandacht voor de dieren die ook bewoners zijn van dit gebied. Het leefbaar maken van de omgeving voor studenten is natuurlijk erg belangrijk. Haar fractie sluit zich bij de opmerkingen Pagina 13 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

daarover aan. De PvdD erkent dat het gebied achterlijk kan voelen als plek om te wonen en steunt ook de oproep om de supermarktsituatie eindelijk aan te pakken. Ook ziet haar fractie graag een betere beschikbaarheid van het OV. Zij is benieuwd wat de wethouder daarvan vindt. Tegelijk wil haar fractie benadrukken dat er ook voor dieren aandacht moet zijn en voor behoud en versterking van de natuur en van de diversiteit in dit gebied. Dat is ook een onderdeel van de leefbaarheid van een gebied. Bovendien heeft een groene omgeving een heel positieve impact op mentaal welzijn. De PvdD ziet ook graag dat het stenige terrein rond de bebouwing een vergroeningsslag gaat maken. Dat maakt de omgeving leefbaar, niet alleen voor mensen, maar voor iedereen. Hoe ziet de wethouder dat? Kan zij dat meenemen naar de gesprekken met de universiteit? De voorzitter geeft de heer Nyqvist het woord die graag om zijn inbreng wil vervolgen. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) is de voorzitter hartelijk dankbaar. Hij wilde gewoon stellen dat Stadsbelang Utrecht vooral kijkt naar de pragmatische aanpak die mogelijk is en niet naar het geheel en de toekomst, maar naar nu. Het moet toch mogelijk zijn dat een lid van het college of het college zelf onderhandelt met welke grootgrutter in Nederland dan ook over de uitbreiding van de supermarkt.

De gemeente heeft een machtspositie, die hebben de supermarktbedrijven ook. Hetzelfde geldt voor de bouwontwikkeling en het zich verschuilen van partijen achter processen die moeten komen om vooral nu geen verplichtingen aan te gaan. Daar zit het college dan bovenop en dan vraagt het college aan de betreffende vak-wethouder om bilateraal de deal te sluiten om de zaak op gang te brengen. Dat gebeurt nu niet omdat iedereen zegt dat de ander het eerst aan zet is. Dat is niet zo: zij zijn aan zet en de gemeente is aan zet. De mensen en de studenten moeten daarvan profiteren. Zijn fractie stelt elke keer weer in alle ergernis vast dat iedereen prachtige beschouwingen heeft over het jaar 2050. Het gaat om nu en dat betekent dat het college nu handelend moet optreden en zijn verantwoordelijkheid moet nemen ten opzichte van die partijen die denken er met een dubbeltje vanaf te komen. De heer Jansen (VOLT) houdt het kort, veel is al gezegd. De zorgen die anderen uiten herkent zijn fractie en zij deelt die zorgen. Hij spreekt zijn steun uit voor twee punten die zijn gemaakt: de rol van de gemeente ten opzichte van de beheerder van het terrein, de universiteit. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeente naar de bewoners toe om die in te vullen. Een ander punt is dat er weidse vergezichten zijn over dat het ooit op het USP goed gaat komen door alle ontwikkelingen in gang te zetten.

Maar hier en nu is er ook veel actie nodig. Dat hangt ook samen met het eerste punt dat hij maakt. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) excuseert zich voor haar late komst. Het klinkt heel cool, als iemand zegt dat hij op het Utrecht Science Park zit, maar het is niet zo cool. Het is een spookstad in de avond en het is lastig elkaar tegen te komen. De VVD ziet graag meer horecagelegenheden die op elkaar aansluiten. Haar fractie heeft ook gehoord dat de ene sluit en dat de andere pas een uur later begint. Meer horeca kan dat ondervangen. Nu kan iemand niet van de horeca genieten, dus rijdt hij op zijn fiets naar de binnenstad en denkt hij dat hij een prettig tochtje maakt. Maar dat tochtje is niet zo prettig omdat er geen goede verlichting is en omdat hij zich eerder onveilig voelt. Dan blijft iemand en denkt hij wel thuis te eten of iets te drinken en gaat hij naar de supermarkt. Maar de supermarkt waar de raad al zolang om vraagt is er ook nog niet. Spreekster wil graag horen wat het perspectief is, de ene supermarkt die er nu is moet toch niet het eindperspectief zijn? Als iemand ziet dat dat allemaal niet lukt, besluit hij maar met een aantal vrienden of collega’s te gaan zitten in een universiteitslokaal om met elkaar in gesprek te gaan. Maar dat gaat ook niet zo gemakkelijk. Hoe gaan dan de gesprekken met de universiteit? Er zijn zoveel lokalen beschikbaar.

Die zijn van de universiteit, maar er moet toch iets te regelen zijn? Zij vraagt om inzet van het college daarop. Dit alles kan bijdragen aan levendigheid en verbinding. Er is vanuit het college een campagne geweest over mentale gezondheid. Van de bewoners kreeg haar fractie te horen dat er niet echt een gebrek aan kennis over mentale gezondheid is, maar wel een gebrek aan echte hulp. Wat is nu uiteindelijk het effect geweest van die campagne over mentale gezondheid? Zij sluit af met een mooie quote: “Je wilt wonen op het Utrecht Science park. Daar ligt de focus op en niet op komen en gaan”. Mevrouw Dolmans (D66) hoort dat de VVD meer horeca wil, dat is heel mooi, D66 wil dat ook. Maar het verhaal is dat de universiteit het niet allemaal fikst. Hoe ziet de VVD dit concreet voor zich? Pagina 14 van 39

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

Mevrouw Al-Saqaff (VVD) meent dat het lastige is dat het terrein uiteindelijk van de universiteit is. Maar zij denkt dat de universiteit uiteindelijk het beste wil voor de bewoners van het USP. Daarover kan de gemeente in gesprek gaan met de universiteit. Misschien kan het college ook in gesprek gaan over welke ondernemers daar wel of niet bij passen. Mevrouw Dolmans (D66) vraagt of dat dan ook een concrete oproep aan de wethouder is. Mevrouw Al-Saqaff (VVD) geeft aan dat, als de wethouder het niet zo begrepen heeft, het antwoord ja is. De voorzitter schorst de vergadering om 11.12 uur en heropent deze om 11.17 uur. Wethouder Oosters dankt de commissie voor het debat. Zij ziet het ook als een compliment aan de studenten en de bewoners van De Uithof dat de commissie zoveel tijd en aandacht aan dit thema besteedt. Er is veel te winnen en dat is in allerlei mooie quotes samengevat: “Een plek om te komen en niet om te wonen”, “Een huis is meer dan een kamer en een bed”, “Het is nog steeds een gebied en geen wijk”. Dat is precies de zoektocht van raad en college. Het doel is nog niet bereikt, als er een paar flats worden gebouwd en daar mensen in worden gestopt. Dan is het nog niet per se een buurt. In het bredere beleid van de gemeente spelen juist die gemeenschapszin, het naar elkaar omkijken en het voor elkaar zorgen een steeds grotere rol.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=1866dab1-9a8f-4b86-ae9f-c37800366558