CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag Commissie MGOR 21 maart 2024

Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (2022-2026) 18 april 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen22.136 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Verslag openbare ochtendvergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte 5

10

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

21 maart 2024 Raadzaal, stadhuis Mevr. S. Donkers (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

15

Mevr. M. Friele (commissiegriffier), dhr. G. te Hoonte (voorzitter), mevr. L. van Hooijdonk (wethouder), mevr. R. Streefland (wethouder), dhr. D. Bosch (UtrechtNu!), dhr. M. de Pagter (VVD), dhr. C. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht), mevr. K. Steinhart (Stadsbelang Utrecht), dhr. V. Paalman (Horizon), mevr. A. Sasbrink (PvdD), mevr. T. O’Connor (EenUtrecht!), dhr. R. van den Enk (Student&Starter), dhr. F. Dekkers (GroenLinks), commissielid M. Minnaert (Bij1), dhr. M. Talhaoui (PvdA), dhr. J. Vasters (D66), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), dhr. B. van Steeg (CDA), dhr. C. Bos (Stadsbelang Utrecht), dhr. M. Usta (DENK), mevr. J. Zwinkels (CDA), mevr. B. Nederhand (Volt), mevr. R. Heijne (GroenLinks), mevr. K. Alblas (ChristenUnie), mevr. N. Stylianou (D66), mevr. X. Minnaert (PvdD), dhr. J. Cornielje (PvdA),

20

Afwezigen

Er zijn geen afwezigen gemeld.

Verslag openbare vergadering commissie Stad & Ruimte 25

30

............................................................................................................1 1. Opening en mededelingen ............................................................................................................2 2. Vaststellen agenda 21 maart 2024 ...............................................................................................2 3. Vaststellen ingekomen agenderingen ...........................................................................................2 3.1 Initiatiefvoorstel Utrecht Bijenhoofdstad van Europa ...............................................................2 3.2 Voortgangsrapportage programma Mobiliteit en voortgangsprogramma verkeersveiligheid ..2 3.3 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven ................................3 4. Verslagen ......................................................................................................................................3 5. Toezeggingen/moties ....................................................................................................................3 6. Ingekomen stukken .......................................................................................................................3 7.

Raadsvoorstel Wijzigingen van de verordening Parkeerbelasting 2024 .......................................3 Lijst van toezeggingen ....................................................................................................................16

35

Pagina 1 van 35

1. Opening en mededelingen

De voorzitter opent de vergadering om 10.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom. 5

10

15

Commissielid Minnaert (Bij1) deelt mee dat zij mede agenderend zijn op het Alternatief tracébesluit Ring Utrecht maar zij zullen niet aanwezig zijn. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat iedereen zojuist een brief heeft ontvangen over de MIRT verkenning en het onderzoek met het aanbod voor een technische sessie. Verder staan er bijeenkomsten in waarbij iedereen welkom is. Vorige week is er ook een uitnodiging verstuurd voor een werkbezoek naar Groningen. Dit zijn onderwerpen die het openbaar vervoer raken. Het werkbezoek vindt plaats op 10 april samen met de provincie Utrecht en tot komend weekend kan er worden aangemeld.

2. Vaststellen agenda 21 maart 2024 De voorzitter geeft aan dat er voor agendapunt 7 verder gegaan wordt met de oude spreektijd. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

20

3. Vaststellen ingekomen agenderingen 3.1 Initiatiefvoorstel Utrecht Bijenhoofdstad van Europa

25

30

35

40

45

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) presenteert graag het initiatiefvoorstel Utrecht Bijenhoofdstad van Europa. De reden hiervoor is dat ecocide en biodiversiteit leiden tot een onleefbare wereld en daar is de gemeente ook debet aan. Nog steeds worden er zware pesticiden gebruikt en de natuur krijgt geen kans om te komen tot betere biodiversiteit. Ook Utrecht maakt zich schuldig aan ecocide. Om dit een halt toe te roepen is het goed om nationaal en internationaal te opereren. Utrecht moet ook de hand in eigen boezem steken met aandacht voor gebiedsinrichting, verbinding, voor groen en water, met aandacht voor bewustwording en gedragsverandering. Stadsbelang Utrecht vindt dat Utrecht er alles aan moet doen om biodiversiteit op 1 te zetten. Alles begint bij de bij en zonder de wilde bij is er geen bevruchting van bomen en planten en is de biodiversiteit in gevaar. Stadsbelang Utrecht doet een aantal inhoudelijk voorstellen met een gering financieel beslag om dit te stoppen. Utrecht moet Bijenhoofstad worden en blijven. Laat dit een startpunt zijn voor andere initiatieven om samen te werken aan een stad met meer insecten, vruchtdragende bomen, struiken en grassen. Daarom het initiatief van Stadsbelang Utrecht om Utrecht Bijenhoofdstad van Europa te maken. De voorzitter constateert dat er geen technische vragen zijn en stelt voor het voor 30 minuten te agenderen.

Er blijkt geen behoefte te zijn aan een technische sessie. Mevrouw Sasbrink (PvdD) wil ook graag een bijdrage doen en zij vindt 30 minuten erg weinig. Mevrouw Sasbrink stelt 60 minuten voor. De voorzitter concludeert dat 60 minuten akkoord wordt bevonden. 3.2 Voortgangsrapportage programma Mobiliteit en voortgangsprogramma verkeersveiligheid

50

55

De voorzitter stelt voor om dit punt voor 120 minuten te agenderen en dit is akkoord De heer De Pagter (VVD) gaat akkoord met de tijd en stelt een combinatiebehandeling voor met de brief die gisteren is verstuurd over de Rotterdamse AZO-aanpak. De voorzitter concludeert dat iedereen hiermee akkoord is en dat de spreektijd ook nog voldoende is. Pagina 2 van 35

3.3 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven

5

De voorzitter concludeert dat er geen andere punten zijn die geagendeerd moeten worden. Daarbij geeft de voorzitter aan dat er dan voldoende ruimte is op de volgende agenda en dat er geen noodzaak bestaat om tot laat vanavond door te gaan.

4. Verslagen Het conceptverslag van de MGOR-vergadering van 15 februari 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld. 10

5. Toezeggingen/moties De lijst met toezeggingen en moties wordt ongewijzigd vastgesteld.

15

Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt naar de uitvoering van motie 173 uit de lijst van 2022. De commissie zou in het vierde kwartaal van het afgelopen jaar geïnformeerd worden over hoe de inkopen groen en het groenonderhoud inheems en lokaal gedaan kunnen worden. Hierover is nog geen terugkoppeling geweest. De voorzitter geeft aan dat de wethouder hier later op terug komt.

20

6. Ingekomen stukken Er zijn geen ingekomen stukken. Schorsing van twee minuten.

25

30

7. Raadsvoorstel Wijzigingen van de verordening Parkeerbelasting 2024 De voorzitter deelt mee dat de behandeling van dit Raadsvoorstel een vervolg is op de behandeling in de commissievergadering van 15 februari 2024. Er wordt gestart met de beantwoording van vragen uit de eerste termijn door het college. Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen.

35

Mededelingen De commissieleden hebben geen mededelingen. Eerste termijn.

40

45

50

Wethouder Van Hooijdonk schetst een globale indeling van de beantwoording en begint met het feit dat niemand belasting betalen leuk vindt. Toch vindt het college dat het nuttig is om betaald parkeren in te voeren in de stad. Betaald parkeren werd voorheen enkel ingezet in geval van overlast en dat blijft ook belangrijk. In het Mobiliteitsplan is ook aangeven dat het belangrijk is dat de stad bereikbaar blijft en dat de mobiliteitstransitie wordt gestimuleerd. Het klopt dat betaald parkeren een van de krachtigste instrumenten is. Met de groei van de stad komen er nog dertigduizend auto’s bij en die zoeken een plek om stil te staan 23 uur per dag. Het doel is ook om de ruimte her te verdelen. Het college vindt het dan ook goed om te kijken hoe de ruimte voor auto’s beter besteed kan worden. Op dit moment telt de gemeente 159.000 parkeerplaatsen wat staat voor tweehonderd hectare oftewel vierhonderd voetbalvelden. Het levert daarnaast ook middelen voor de stad op. Er is gezocht naar een zachte landing en vandaar dat er gekozen is voor het stapsgewijs invoeren. Daarnaast is er gekozen voor een korte venstertijd zodat er nog heel veel momenten zijn waarop parkeren gratis is. Ook wordt er gekeken naar een Pagina 3 van 35

5

10

tegemoetkoming voor lage inkomens en zorgprofessionals. Al een groot deel van de stad kent betaald parkeren al met hogere tarieven en langere venstertijden en daar gaat het gewoon goed. Een derde van de inwoners van de stad heeft geen auto. Heel lang was het gebruik in absolute termen stabiel terwijl het aantal auto’s steeg. Afgelopen jaar is het autobezit relatief gezien gedaald en absoluut gezien stabiel gebleven, deze cijfers worden binnenkort gedeeld in de monitor. De heer De Pagter (VVD) komt terug op wat de wethouder zei over het invoeren van betaald parkeren bij parkeeroverlast en dat er ook andere doelen zijn. In het eigen juridisch advies staat dat parkeerregeling het hoofddoel moet zijn en hij vraagt of de wethouder dit erkent. Wethouder Van Hooijdonk verduidelijkt dat dit ook gaat over ruimtelijke schaarste en bereikbaarheid en niet alleen over overlast.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer De Pagter (VVD) wijst de wethouder erop het juridische advies nog eens te lezen omdat daar echt in staat dat overlast het hoofddoel moet zijn. Wethouder Van Hooijdonk geeft nogmaals aan dat het ook echt gaat over de besteding van ruimte in de stad. Daar is wettelijke grond voor en deze wordt hier benut. De heer De Pagter (VVD) benadruk dat er staat ‘ook’ en dat er dus per wijk aangetoond moet worden dat er sprake is van overlast. Wethouder Van Hooijdonk leest het anders. Waar veel aandacht voor is gevraagd is de mobiliteitstransitie. In het debat denken veel mensen aan het OV als alternatief voor de auto maar dat is niet het dominantste alternatief. In Utrecht is dat veel eerder de fiets en op termijn ook deelmobiliteit. Het OV is een deel van het pallet maar niet het exclusieve alternatief. De bereikbaarheid van Utrecht is al goed. Veel voorzieningen zijn ook dichtbij wat voortkomt uit de 10-minuten stad. De bereikbaarheidtoets is een goed initiatief geweest om zo de bereikbaarheid inzichtelijk te maken. Volt vroeg om extra informatie over de betrouwbaarheid van het OV, toegankelijkheid van haltes en dit wordt allemaal onderdeel van de mobiliteitstoets. Veel van dit soort informatie is ook al opgenomen in de monitor. Zaken als de kosten voor vervoer of de economische impact zijn moeilijk vast te pakken en voor iedereen verschillend.

De wethouder vindt het goed om met elkaar te kijken naar verbeteringen van de monitor en data te verzamelen rondom het betaald parkeren. De heer Van Steeg (CDA) merkt ook op dat er een breed draagvlak is voor parkeerregulering en die mening deelt het CDA. De vraag aan de wethouder die niet duidelijk is, is waarom er betaald parkeren moet worden ingevoerd in de hele stad. Wethouder Van Hooijdonk had gehoopt dat dit inmiddels wel duidelijk was met de inleiding. Het doel is om ruimte te scheppen en te herverdelen en er is van alles genoemd over het stimuleren om alternatieven te gebruiken. Ook later vanmiddag in het debat over de Ring zal blijken dat het een stevige knop is om aan te draaien. De heer Van Steeg (CDA) is van mening dat dit debat al jaren gevoerd wordt maar dat er nu een keuze gemaakt wordt om betaald parkeren in te voeren voor de hele stad. Dit gebeurt ook in wijken waar geen parkeerdruk gevoeld wordt. Gevraagd wordt wat de argumentatie is om nu betaald parkeren in te voeren. Wethouder Van Hooijdonk benadrukt dat die argumenten al genoemd zijn want als de stad door blijft groeien dan loopt het vast op de weg en in de ruimte. De heer Van Steeg (CDA) constateert dat de wethouder een ander standpunt heeft dan ze in het verleden had. De parkeerdruk moet de cruciale onderbouwing zijn en die ontbreekt.

Wethouder Van Hooijdonk vindt dat dit een van de argumenten is en dat er ook nog andere argumenten zijn die ook al in het mobiliteitsplan staan en in de parkeervisie. Het is nog niet eerder op deze schaal gedaan en er wordt nu een extra stap gezet. Pagina 4 van 35

5

10

15

20

25

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vindt het woord bereikbaarheid een algemeen begrip en dat verdient verdere inkleuring om exacte te weten wat er bedoeld wordt. De heer Nyqvist wil weten welke consequenties er zijn voor het deel van de stad dat niet bereikt kan worden met andere middelen. Wethouder Van Hooijdonk vindt het ook goed dat bereikbaarheid op verschillende manieren wordt ingevuld. Een privéauto vergt bij uitstek de meeste ruimte wanneer er naar vervoermiddelen wordt gekeken. Gelukkig worden er in de stad al veel deelauto’s gebruikt. Die beweging wil de wethouder doorzetten omdat de stad anders vastloopt. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) geeft aan dat hij niet heeft aangegeven om welk vervoermiddel het gaat. Meneer Nyqvist heeft proberen aan te geven dat het ene vervoersmiddel beter past dan het andere in een bepaalde wijk. De heer Nyqvist noemt een voorbeeld waarbij het levensgevaarlijk is om van de Meern naar het centrum te fietsen. Het gaat hier niet alleen om objectiviteit maar ook de subjectieve zaken zijn belangrijk. De wethouder wordt gevraagd waar het gevoel ligt bij het hebben van mogelijkheden. De mensen die daar wonen moeten betrokken worden bij de beslissingen maar dat kan niet want de draagvlakmeting is verdwenen. Het juridische verhaal is volgens de heer Nyqvist niet juist.

Hij doet een oproep aan de wethouder om terug te keren naar wat afgesproken is. Wethouder Van Hooijdonk is van mening dat de stad vraagt om het scheppen van mogelijkheden zodat inwoners zich kunnen verplaatsen. De draagvlakmeting gaat over parkeeroverlast en daar kan aangegeven worden wat mensen willen. Het college wil ook de mensen stimuleren bewuste keuzes te maken die nodig zijn om de stad draaiende te houden. De heer Talhaoui (PvdA) hoort de wethouder zeggen dat het OV geen goed alternatief en daar is hij het wel mee eens. De heer Talhaoui vraagt de wethouder of dit mogelijk ook te maken heeft met de prijzen van het OV.

30

Wethouder Van Hooijdonk vindt dat het te vast zit in het hoofd van mensen dat het OV het alternatief is voor de auto. Bij een fiets heb je meer vrijheid en bepaal je zelf wanneer je vertrekt. Het OV is vooral heel goed voor bepaalde trajecten. De fiets is voor meer mensen intuïtiever alternatief dan het OV.

35

De voorzitter vraagt of er concreter antwoord gegeven kan worden omdat het anders een hele lange dag gaat worden.

40

De heer Talhaoui (PvdA) heeft een vervolgvraag voor de wethouder, hij vraagt of de wethouder het eens is dat wanneer het OV aantrekkelijker wordt gemaakt dat wel helpt. De heer Talhaoui is namelijk van mening dat niet alles met de fiets gedaan kan worden. Wethouder Van Hooijdonk is het daarmee eens maar voor het gevoel zit het OV-gebruik binnen de stad op tien procent en de fiets op meer dan vijftig procent.

45

50

55

De heer Talhaoui (PvdA) vindt dat het percentage klein is omdat het niet aantrekkelijk en duur is. De heer Usta (DENK) vraagt of de alternatieven niet moeten worden verheerlijkt zodat mensen de mogelijkheid hebben een eigen keuze te maken in plaats van gedwongen keuzes te moeten maken. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat de samenvatting niet klopt want de stad is wel goed bereikbaar. Wat de wethouder wil doen is een prikkel toevoegen om een andere keuze te maken want alle keuzes blijven wel mogelijk. Het verbeteren van de alternatieven is juist veel minder effectief. De heer Usta (DENK) vindt het ook niet helemaal duidelijk voor wie de bereikbaarheid bedoeld is en hij vraagt de wethouder specifieker te zijn.

Pagina 5 van 35

Wethouder Van Hooijdonk benoemt dat de bereikbaarheid geldt voor iedereen en alle vormen van vervoer. Hoe meer mensen er gestimuleerd worden om de fiets te nemen hoe meer ruimte er komt voor mensen die echt geen ander alternatief hebben dan de auto. 5

De heer Usta (DENK) vraagt of het niet kortzichtig is te denken dat iedereen op de fiets kan. Een gezin kan geen grote afstanden afleggen op de fiets.

10

Wethouder Van Hooijdonk is niet in de veronderstelling dat honderd procent van de verplaatsingen met de fiets gaan plaatsvinden, dit kan wel gestimuleerd worden. De wethouder vindt het jammer dat er altijd argumenten worden aangedragen die gaan over het verplaatsen van kasten en gezinnen.

15

De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt het zeer kleinerend van de wethouder om te zeggen dat het weer over kasten gaat. Het gaat hier om mensen die een keuze willen maken om met de auto te gaan. Alles wat de wethouder heeft benoemd over de fiets geldt ook voor de auto. Het is onmogelijk dat iedereen op de fiets gaat en hij vraagt de wethouder deze utopie toe te geven.

20

Wethouder Van Hooijdonk is van mening dat ze al heel duidelijk heeft aangegeven dat het niet de bedoeling is iedereen op de fiets te krijgen. Om het absolute autogebruik gelijk te houden moet er iets gebeuren in relatieve zin. Met een groeiende stad en meer bezoekers neemt het aantal auto’s toe. De modelshift wordt in positieve zin beïnvloed door een prikkel in te bouwen.

25

De heer De Pagter (VVD) komt terug op de goede bereikbaarheid van de stad. In Veldhuizen zijn veel bushaltes op meer dan een halve kilometer afstand en de heer De Pagter is van mening dat daar geen enkel alternatief voor handen is. De heer De Pagter vraagt de wethouder waar de mensen mee geprikkeld worden behalve dan dat ze de mensen steekt met honderden euro’s extra belasting.

30

35

40

Wethouder Van Hooijdonk zegt dat er geen sprake is van honderden euro’s. Binnen de wijk kunnen heel veel plaatsen op de fiets bereikt worden en mensen kunnen nadenken of een tweede auto wel noodzakelijk is en zo ja dan betaal je ervoor. Dit is niet anders dan wanneer je een oprit hebt of een plek in een inpandige parkeergarage daar betaal je ook voor. Ook in Vleuten de Meern zijn er alternatieven. De heer Dekkers (GroenLinks) vindt dat het klopt dat er andere alternatieven zijn. Het OV is sterk op dikke lijnen geeft de wethouder aan. De heer Dekkers benadrukt dat ook de dunnere en dieper in de wijk komende lijnen belangrijk blijven en vraagt of de wethouder deze mening deelt. Wethouder Van Hooijdonk is het daar zeker mee eens voor doelgroepen die dat nodig hebben. Het is moeilijk om het OV concurrerend en dichtbij bij de mensen te krijgen. De heer Van Steeg (CDA) vraagt wat het precieze effect is op de autogebruiker en dan met name naar de uitbreiding naar alle gebieden in de stad.

45

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat dit geen exacte wetenschap is. Dit wordt ingeschat op vijf procent en dat is best veel, dit wordt met ander maatregelen niet bereikt. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of de wethouder zich realiseert dat voorspellingen vaak niet uitkomen. Wethouder Van Hooijdonk deelt dit niet. De automobiliteit binnen de Ring is gelijk gebleven, terwijl het aantal bestemmingen en mensen wel is toegenomen. Dit is ook wat er uit de voorspellingen komt. Het permanente effect van corona is nog in afwachting De heer Van Steeg (CDA) vindt het verstandiger het mobiliteitsplan eerst te evalueren alvorens er zo’n grote stap gezet gaat worden. De heer Van Steeg vraagt of de wethouder daartoe bereid is. Wethouder Van Hooijdonk zegt dat ze daartoe niet bereid is omdat ze weten dat het een krachtig instrument is. Het voorstel is ook in lijn met het beleid dat gemaakt is. De monitor zal worden benut en deze zal explicieter gemaakt worden zodat er gekeken kan worden naar waar er Pagina 6 van 35

5

10

15

20

verbeteringen mogelijk zijn. In het vierde kwartaal verwacht de wethouder een opzet te hebben voor de bereikbaarheidstoets. De toets is niet zwart wit maar het is de bedoeling dat verbeteringen worden opgespoord. De wethouder heeft ook gezegd dat er rekening gehouden kan worden met de volgorde van de buurten. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of hij het goed begrijpt dat er dingen uit kunnen komen die kunnen worden aangepakt en die de volgorde kunnen bepalen. Wethouder Van Hooijdonk dit klopt beide helemaal. De zaken die daar uitkomen kunnen aan de ene kant snel door de gemeente zelf opgepakt worden. Aan de andere kant zullen er zaken zijn die lastiger zijn om aan te pakken. De lijnvoering veranderen bijvoorbeeld zal moeilijk zijn. Van de korting op U-pas weet de wethouder dat de provincie dit aan het evalueren is. De gemeente denkt hierin mee omdat de administratieve lasten erg hoog waren. Hier wil de gemeente bij helpen en daar zijn zij over in gesprek met de provincie. In het derde kwartaal kan er een uitvoeringsprogramma geleverd worden waar de monitoring onderdeel van is. Zaken als de ontwikkeling van het autobezit, het gebruik deelvervoer en de parkeerdruk kunnen hier onderdeel van zijn. Wanneer er minder zware keuzes gemaakt worden zijn ook de effecten minder zwaar. In de jaarlijkse monitor worden deze inzichten opgenomen.

Door de opgeheven plekken komt meer ruimte om te verblijven en komt er meer groen voor terug. Dit volgt ook nog later vandaag in het debat bij een ander agendapunt. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt de wethouder om toe te zeggen in de monitor op te nemen hoe de effecten op de ruimte bijdragen aan dit besluit.

25

30

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat het gesprek later vanmiddag ook over monitoring gaat en dat het effect niet direct meetbaar is. De wethouder legt uit dat het vandaag invoeren van betaald parkeren niet morgen al effect heeft op de ruimte. De wethouder gaat verder over het waterbedeffect. Het college heeft getracht zoveel mogelijk in te schatten waar de parkeerbeweging zich heen beweegt. Hiervoor is ook ruimte ingebouwd om bij te kunnen sturen wanneer de parkeerdruk zich net anders manifesteert dan voorspeld. Het is een combinatie van vooruit werken om de overlast voor te zijn en flexibel houden om bij te kunnen sturen. Dit is ook de reden dat er gekozen is voor aaneengesloten gebieden om het waterbedeffect zoveel mogelijk tegen te gaan maar dit kan nooit helemaal voorkomen worden.

35

De heer Talhaoui (PvdA) vraagt nog of hij het goed begrijpt dat de wethouder bij de provincie gaat pleiten voor de U-pas.

40

Wethouder Van Hooijdonk zegt dat ze zover nog niet zijn. De gemeente is in gesprek met de provincie en zij beraden zich op een vervolg. Een van de uitdagingen is om de uitvoering zo simpel mogelijk te houden. Door het vele werk aan administratie ging hier het meeste geld naar toe en niet naar de korting. De gemeente heeft aangegeven mee te willen kijken met het verlagen van die administratieve lasten.

45

De heer Talhaoui (PvdA) concludeert dat er dan niet per se de laagste inkomens in meegenomen worden. Hij vraagt of deze groep hier wel in meegenomen kan worden.

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk legt uit dat de proef ging over ouderen met een laag inkomen. Nu wordt er nagedacht over een vervolg. Vorig jaar zijn er drie moties ingediend over wie er allemaal voor korting in aanmerking zou moeten komen. De wethouder heeft toen aangegeven dat de prioriteitsvolgorde moest zijn eerst lage inkomens, dan bij de ouderen met een belemmering en als laatste de jongeren. Het inkomensperspectief heeft prioriteit voor de gemeente. De gemeente is ook in gesprek met buurgemeenten over het meten van effecten en het monitoren maar ook over kennis en ervaring. De wethouder denkt in tegenstelling tot DENK dat het voorstel hanteerbaar is en dat invoeren een goed idee is. De vraag of de hele stad in een keer kon worden ingevoerd is niet hanteerbaar. Dit heeft ermee te maken dat er veel vergunningen bij moeten komen en deze kunnen niet tegelijkertijd verwerkt worden. Ook op het gebied van communicatie en administratie is dit in onmogelijk. D66 en ChristenUnie vroegen om extra aandacht te besteden aan informatie en communicatie en dat gaat de wethouder meenemen in het uitvoeringsprogramma. De wethouder wil de verwachtingen wel temperen dat dit niet gaat helpen in de verwachting. Ook de verwachting qua inspraak wil de wethouder temperen, er zou nog Pagina 7 van 35

5

gesproken kunnen worden over de parkeerrayons maar over heel veel andere zaken niet omdat het tempo dan in gevaar komt. Het gaat ook over gelijke gevallen, gelijke behandeling en de overzichtelijkheid voor gebruikers. In Werksporen en Schepenbuurt is er al gesproken met bewoners en daarbij is opgemerkt dat het niet motiverend is wanneer mensen allerlei voorstellen doen die je vervolgens niet kunt honoreren. De vraag over Kanaleneiland van de heer de Pagter gaat over een Raadsbesluit uit 2021 waarbij de aangrenzende wijk gevraagd zou worden of zij gelijktijdig ook betaald parkeren zouden willen invoeren. Dit voorstel komt nu wel in een ander licht te staan omdat de wijken allemaal aan de beurt komen.

10

De heer De Pagter (VVD) benadrukt dat de vraag was of eraan gewerkt was de afgelopen jaren omdat het besluit wel al was genomen. Wethouder Van Hooijdonk zegt dat Kanaleneiland op de rol staat voor 2025.

15

20

25

30

35

40

45

De heer De Pagter (VVD) legt uit dat er eind 2021 is besloten in de aangrenzende wijken te werken aan het draagvlak. Hij vraagt de wethouder of er dan wel aan gewerkt is de afgelopen jaren. Wethouder Van Hooijdonk zegt dat ze er in Kanaleneiland nog niet aan toe waren het in te voeren en dus had het geen zin te inventariseren bij aangrenzende wijken. Nu is het niet meer logisch om te vragen of ze vrijwillig betaald parkeren willen invoeren wanneer ze het later toch opgelegd krijgen. De wethouder antwoordt nog op de vraag van de PvdA dat er is geen andere timing is voor Kanaleneiland-Noord en Kanaleneiland-Zuid. Bij de besluitvorming in blokken zullen ook de financiële effecten inzichtelijk gemaakt worden zoals gevraagd door mevrouw Passier. De vraag om in het Raadsvoorstel ook de evaluatie, ook effecten meenemen vindt de wethouder een goed idee. De verwachting is wel dat er bij het volgende Raadsvoorstel nog niet veel nieuws te melden is, dat zal bij het derde Raadsvoorstel anders zijn omdat er dan al veel delen van de stad omgezet zijn. Om de besluitvorming over blok 2 en 3 te schrappen is niet zinnig en daar kan een amendement voor ingediend worden. Wat betreft de venstertijden is het college bevoegd en is het ondenkbaar dat stedelijk venstertijden beleid wordt gewijzigd zonder de raad te betrekken.

Aan de hand van het recente voorbeeld bij Werkspoor durft de wethouder te zeggen dat het college helemaal geen bevoegdheid meer heeft. Het zijn twee verschillende dingen of je de venstertijden in een gebied aanpast of het hele beleid aanpast. Voor het aanpassen van gebieden stelt de wethouder voor een lichtere procedure te ontwikkelen. Wanneer het college van mening is een venstertijd te wijzigen zal dit worden opgenomen in het MPB in het voorjaar of de verordening in het najaar. Hierdoor zijn er twee logische momenten om er over te spreken. De heer Talhaoui (PvdA) kan zich vinden in dit voorstel. De Talhaoui vraagt de wethouder wel op basis waarvan de venstertijden zouden kunnen worden aangepast. Wethouder Van Hooijdonk heeft daar geen eensluidend antwoord op. Een voorbeeld zou kunnen zijn dat de venstertijd kan worden aangepast om de overlast tegen te gaan. Bij Werkspoor werd een regime van de woonwijk ook voor een bedrijventerrein toegepast, daarbij werd aangegeven dat zij dit lastig vonden omdat een aantal bedrijven daar op zaterdag last van hadden. Daar moet je kijken naar wat de mogelijkheden zijn om mee te bewegen. De heer Talhaoui (PvdA) vraagt of het dan een basisregel is dat het bij verkeersdrukte wel wordt toegepast en bij kleine uitzonderingen niet.

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat de stelregel moet zijn dat een gebied kan veranderen. Vandaar het voorstel om dit twee keer per jaar te melden. De andere variant is het beleid veranderen maar dat is sowieso een raadsbevoegdheid. Wanneer er in de maatschappij iets ontstaat waardoor het betaald parkeren steeds normaler wordt zou het logischer kunnen zijn om de venstertijden aan te passen. De wethouder benadrukt dat dit nu niet aan de orde is maar dat het iets voor de verre toekomst zou kunnen zijn. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt wat er verstaan wordt onder de “wij” die de wethouder steeds benoemd. Het is niet duidelijk of daarmee de raad of een commissie of de bewoners worden bedoeld. Pagina 8 van 35

Wethouder Van Hooijdonk weet niet precies om welke “wij” het hier gaat maar over het algemeen wordt dan de gemeente bedoeld, dit zijn dan weer de medewerkers op het stadkantoor. 5

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) stelt dus dat met “wij” iedereen in de gemeenteraad wordt bedoeld en dat iedereen daarbuiten niet meetelt. Wethouder Van Hooijdonk vindt dat Stadsbelang Utrecht algemene vragen uit het betoog haalt. De wethouder legt uit dat dit het parlement van de stad is en dat daar besluiten genomen worden.

10

De voorzitter geeft aan dat wij te algemeen is en dat een uitleg concreter mag

15

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) begrijpt dat wanneer er in de ogen van de democratie er een besluit is genomen dat dan de rest niet meer telt. De problemen die niet worden besproken of worden weggelaten uit het raadsbesluit tellen niet meer mee en dat is geen democratie volgens de heer Nyqvist.

20

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat er een voorstel ligt zoals alle andere voorstellen. Het werkt zo dat de raad beslist en daarbij worden belangen gewogen en de wethouder voert dit uit samen met de medewerkers. De voorzitter vraagt scherper te zijn in de vragen en de antwoorden zodat het tempo opgevoerd kan worden.

25

Wethouder Van Hooijdonk gaat verder over de bevoegdheden van het college en de raad met betrekking tot de venstertijden. Wat betreft het toepassen van maatwerk bij de venstertijden wil de wethouder oppassen omdat je overzicht wilt behouden en gelijke gevallen gelijk wilt behandelen. Wanneer er echt nieuwe dingen aan de hand zijn wil je dit uiteraard passend maken.

30

De heer Talhaoui (PvdA) leest dat er op termijn gestreefd wordt naar venstertijden over de hele dag. De heer Talhaoui beluistert juist iets anders van de wethouder en hij vraagt om een reflectie.

35

40

45

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat wanneer je een prikkel wilt stimuleren het logische zou zijn dat het betaald parkeren voor meer uren gaat gelden. Hier is nu niet voor gekozen om het beter accepteerbaar te krijgen maar daardoor is het effect nu ook minder. Wanneer klimaatplannen duidelijker zijn zou je de venstertijden aan kunnen passen om een groter effect te bereiken. De wethouder vindt het onlogisch om voor altijd deze venstertijden te behouden. De heer Talhaoui (PvdA) streeft naar het behalen van doelen en niet naar het verruimen van de venstertijden. Wanneer de doelen behaald worden met deze venstertijden dan is het wat hen betreft goed en klopt deze zin niet. De PvdA vraagt of de wethouder hier iets mee kan doen. Wethouder Van Hooijdonk doet daar niets mee. Het antwoord op de vraag van mevrouw Sasbrink aansluitend op dit onderwerp is dan ook dat het niet duidelijk is wanneer die venstertijden verruimd worden. Het is niet duidelijk hoe alternatieven of discussies zich ontwikkelen. Wat betreft de hervorming van het MPB en het effect op de communicatie over de invoering van betaald parkeren, zullen er altijd cyclusmomenten blijven en Raadsbesluiten bij horen. Wat de wethouder betreft blijft zij deze momenten gebruiken om de volgorde van de gebieden en de eventuele wijzigingen in venstertijden te communiceren.

De besluitvorming over de vergunning en de tarieven worden door de raad vastgesteld in de parkeerverordening en het college stelt vast waar de doelgroep aan moet voldoen. Opbrengsten in de buurt zelf investeren is heel moeilijk omdat de opbrengst in de wijk laag is. Hierdoor krijg je een disbalans en vallen er gaten in de begroting, dit wordt door de wethouder ontraden. De vraag om de tarieven voor nieuwe gebieden te verlagen is begrijpelijk maar de redenatie vanuit de wethouder is dat er een groot deel van de dag gratis geparkeerd kan worden. De vraag over doelgroepen is belangrijk maar kent ook dilemma’s. De vraag is waar normaal beleid ophoudt en hoe je het overzichtelijk houdt. Het college werkt toe naar het normaliseren van parkeerkosten, ook voor werkgevers. De wethouder wil waarschuwen voor maatwerk want als dit te groot wordt moet het beleid worden aangepast. De gemeente is in gesprek met zorginstellingen, politie, woningcorporaties, onderwijsinstellingen, Sport Utrecht, gezondheidscentra en meerdere ondernemers van de woonboulevard. De gemeente gaat ook zeker in gesprek met werkgevers om de last op zich te Pagina 9 van 35

5

10

15

20

nemen. Het overzicht van vergunningen die er al zijn of nog worden ontwikkeld kan in het derde kwartaal verwacht worden. Wat betreft de vitale beroepen is het ook de vraag waar de grens ligt. Dit is ook wel een ingewikkeld debat maar de vraag kan ook zijn waarom de parkeerkosten niet onder de reiskosten vallen. Voor de ambulante functies wordt er echt gekeken om het zo makkelijk en laagdrempelig mogelijk te maken. Bij het onderwijs is het college bezig met een specifiek arrangement en voor de andere sectoren komt de wethouder met inzichten in het arbeidsmarktbeleid en daaruit zal moeten blijken of dit ook tot nieuw parkeerbeleid moet leiden. De politie had een dringend betoog gedaan tijdens de RIB. Wat de wethouder ziet is dat de werknemers er meer moeite mee hebben en dat de werkgevers vaak wel open staan om mee te werken. De wethouder is in gesprek met de politie. Er zijn al bureaus die binnen het betaald parkeren gebied vallen en daar lukt het al. Voor de andere vestigingen moet er gekeken worden naar de mogelijkheden zoals zakelijke vergunningen in de openbare ruimte, commerciële plekken in garages en plekken op eigen terrein. Met deze middelen is het bij de vier bestaande bureaus gelukt. Voor de andere vier vestigingen moet gekeken worden naar goede arrangementen en hierop zal de wethouder het derde kwartaal terugkomen.

De heer Vasters (D66) begrijpt dat er al een aantal gesprekken zijn geweest met de bureaus. Hij vraagt of de wethouder aan kan geven of er al een oplossing in zicht is of dat er nog drempels zijn die moeten worden weggenomen.

25

Wethouder Van Hooijdonk weet niet of er sprake is van één oplossing omdat de vier bureaus allemaal een andere ligging hebben en het vier verschillende situaties zijn. De wethouder had niet het gevoel dat de korpsen zenuwachtig werden van de invoering van betaald parkeren. De wethouder wil verder kijken hoe op de overige vier plekken de bestaande ingrediënten ook kunnen worden ingezet.

30

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het fijn dat er naar een oplossing gekeken wordt. Hij geeft aan dat er naast deze vier bureaus er nog meer zijn die later gaan volgen. Hij vraagt de wethouder of de commissie tegen die tijd geïnformeerd kan worden wat er voor de andere bureaus gedaan kan worden.

35

Wethouder Van Hooijdonk stelt voor om in het uitvoeringsprogramma dat er in het derde kwartaal komt een werkwijze op te nemen over hoe om te gaan met werkgevers in het gebied. De mogelijkheden zijn niet oneindig en voor de politie geldt dit wel in het bijzonder vanwege de werktijden. De heer Usta (DENK) geeft aan dat er ook zorgaanbieders zijn die niet voorkomen in het lijstje en hij vraagt of zij hier ook een beroep op kunnen doen.

40

Wethouder Van Hooijdonk legt uit dat het dan om twee categorieën kan gaan. Dat is aan de ene kant de mantelzorg en daarvoor is er een mantelzorgvergunning. De ander categorie zou kunnen zijn de professionals in een branche die de gemeente nog niet kent, de intentie is om de zorgvergunning uit te breiden en daar alle ambulante zorg in mee te nemen.

45

De heer Van Steeg (CDA) concludeert dat er maatwerk geleverd wordt voor politie en hij vraagt of de wethouder de mening deelt dat er voor alle groepen een specifieke vraag geldt. De heer Van Steeg vraagt hoe de wethouder hier een oplossing voor gaat bieden.

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk komt er nog op terug. Zij benadrukt dat het geen maatwerk is met andere regels maar dat er gekeken wordt hoe de huidige voorzieningen zoals de zakelijke vergunning, parkeren op eigen terrein enzovoorts kunnen worden ingezet. Bij de politie is het aantal vestigingen te overzien, voor hen vindt de gemeente het ook echt belangrijk omdat zij met onregelmatige werktijden zitten. Dit is de reden dat er voor deze vier bureaus gekeken wordt of ze eruit kunnen komen. De heer Van Steeg (CDA) concludeert dat maatwerk nodig is en dat wordt ook aan scholen aangeboden. De heer Van Steeg vraagt waar dan het onderscheid ligt. Wethouder Van Hooijdonk benadrukt dat het geen maatwerk is. De wethouder is van mening dat er enkel naar de bestaande middelen wordt gekeken en hoe die kunnen worden ingezet. Voor Pagina 10 van 35

scholen wordt er wel een andere vergunning gemaakt met andere voorwaarden omdat het daar over grotere aantallen en meer vestigingen gaat. 5

10

15

De heer Van Steeg (CDA) wil dan toch weten waarom er wel maatwerk voor scholen geleverd kan worden en voor andere groepen niet. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het zo is afgesproken. De wethouder wil nog even aangeven dat de Boa’s ook in het stadsgebied zitten en dus al langer met betaald parkeren te maken hebben. De wethouder is van mening dat het voor sportvoorzieningen beheersbaar zou moeten zijn. De betreffende venstertijden zijn niet de spitsuren voor de sportvoorzieningen en zij hebben ook vaak een buurtfunctie waarbij zij op andere manieren bereikbaar zijn. De wethouder gaat hiervoor dan ook geen andere voorzieningen maken. In de parkeermodules is al aangekondigd dat er wordt nagedacht over een nieuwe zakelijke vergunning die meer gericht is op een urentegoed, een soort van strippenkaart. Dit is aantrekkelijk wanneer er veel gebieden zijn met een korte venstertijd. Dit zou ook voor sportverenigingen een oplossing kunnen zijn zodat deze gericht kan worden ingezet voor vrijwilligers. Schorsing vijf minuten

20

De heer Vasters (D66) vraagt of er voorwaarden aan de strippenkaart zitten en dat het een algemeen product is wat iedereen kan aanvragen.

25

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat het nog in een heel vroeg stadium zit en nog geheel ontwikkeld moet worden. De gedachte is dat het een zakelijk vergunning wordt waar de sportverenigingen ook toe behoren en dat het geen 24/7 vergunning is maar ingezet kan worden als een soort urentegoed.

30

35

De heer Vasters (D66) begrijpt het antwoord en hij vraagt ter bevestiging nog dat het dus geen voorwaarde hoeft te zijn dat het gaat om een gebied met hoge parkeerdruk. Wethouder Van Hooijdonk bevestigt dit. Het is vanuit de gedachte dat het ook voor bezoekersplekken van een bedrijf ingezet kan worden zodat het bedrijf betaalt voor de bezoekers. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt om een toezegging aan de wethouder over wanneer zij het voorstel kunnen verwachten. Wethouder Van Hooijdonk geeft een overzicht in het derde kwartaal maar dan is het niet helemaal zeker dat de vergunning dan ook al helemaal is uitgewerkt.

40

45

50

55

De heer Talhaoui (PvdA) vraagt of deze vergunning ook geldt voor bouwbedrijven die ergens twee weken een klus komen doen en of dat daar dan een andere vergunning voor is. Wethouder Van Hooijdonk legt uit dat het nu gebruikelijk is dat aannemers gewoon parkeergeld betalen voor de uren dat ze parkeren en dat zij dit doorberekenen aan de klant. Het wordt een vergunning voor een gevestigde partij binnen het gebied. De wethouder komt hier later nog op terug omdat daar ook een vraag over gesteld was. De tegemoetkoming voor lage inkomens wordt in het tweede kwartaal duidelijk en ook hoe het uitgevoerd kan worden. Dan kan er ook gezegd worden hoe het gaat in de verordening van de U-pas. Een evaluatie van deze tegemoetkoming vindt de wethouder ook verstandig. Dit zal gedaan worden in het kader van de U-pas om te zien hoe de tegoeden worden benut. De wethouder geeft nogmaals aan dat er een grens is aan maatwerk en zij heeft al eerder gezegd dat er een type vergunning bijkomt. Uiteraard kan er altijd blijken dat de gereedschapskist niet over de juiste middelen beschikt waardoor er iets moet worden aangepast of gekeken moet worden naar andere oplossingen. De wethouder roept op om niet te veel te willen regelen wat betreft het bouwen. De wethouder heeft in de bestaande gebieden niet gehoord dat het betaald parkeren problematisch is bij bouwen of renoveren.

In de nieuwe gebieden zijn de venstertijden kleiner dus wordt het probleem ook kleiner. De kosten worden vaak ook doorbelast door de aannemer.

Pagina 11 van 35

De heer Vasters (D66) begrijpt het punt over het toevoegen van complexiteit. De heer Vasters is van mening dat er wel problemen zitten bij verbouwingen waardoor mensen niet gaan renoveren. De kosten kunnen aardig oplopen wanneer een aannemer de parkeerkosten gaat doorberekenen. 5

10

15

20

25

Wethouder Van Hooijdonk benadrukt dat er via allerlei kanalen meldingen over betaald parkeren binnenkomen en dat dit opgemerkt wordt als dit zou spelen. Tot nu toe is hier nog niets over gehoord. Hier zijn ook andere formules voor te bedenken, door bijvoorbeeld te werken met bezoekerskaarten of te laden en lossen en dan de bus ergens anders neer te zetten. Voor meerpersoonshuishoudens zijn er overgangsregelingen waarbij bestaande auto’s binnen een gebied zoveel mogelijk vergund wordt en dat kan alleen bij voldoende ruimte. De aanvraag hiervoor kan wel alleen tijdens de overgangsregeling. De tarieven voor de derde en vierde auto zijn hetzelfde als de tweede vergunning. In de praktijk zijn er niet veel derde en vierde vergunningen. De wethouder is het eens met de heer Van den Enk over de verplichte afname van plekken bij huurwoningen. Het lastige is wel dat er achteraf niets meer gewijzigd kan worden omdat dit dan een privaatrechtelijke regeling is. Dit wordt aan de voorkant geregeld via de omgevingsvergunning tijdens de bouw. Een SUV is geen aparte categorie auto bij de RDW. Er zouden richtlijnen kunnen worden afgesproken over gewicht of afmetingen maar dan gaat dit waarschijnlijk ook voor busjes gelden. De wethouder stelt voor dit niet te doen ook omdat het erg ingewikkeld is in de uitvoering.

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) geeft aan dat er steden in Europa zijn waar dit wel lukt. Hij vraagt of de wethouder weet waar de wetgeving verschilt en of de wethouder anders bereid is dit uit te zoeken. Wethouder Van Hooijdonk benadrukt dat er geen wettelijke grondslag is. De wethouder vraagt zich af of hier de energie op gericht moet worden gezien de wetgeving en de administratie die erbij komen. Daarnaast is het de vraag hoeveel gaat het helpen.

30

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) snapt de afweging goed. Tegelijkertijd gaat het ook om de veiligheid en de leefbaarheid in de stad en zij gaan kijken of zij richting de raad hier nog iets mee kunnen.

35

Wethouder Van Hooijdonk haalt als laatste aan dat zij het eens is met het feit dat de administratie op orde moet zijn. De wethouder geeft aan dat er goede stappen gezet worden maar dat ze nog niet klaar zijn. Het duurt nog even voor het stabiel is en het bestaande is verwerkt. De wethouder is het eens dat het goed is hier scherp op te blijven omdat het niet de eerste keer zal zijn dat een besluit vanuit de raad in de uitvoering voor problemen zorgt. Gemiste antwoorden

40

45

De heer De Pagter (VVD) had een vraag gesteld over de prioritering van de gebieden dat draagvlak daar geen factor lijkt. De vraag aan de wethouder was waarom dat niet zo was en of draagvlak niet van belang is. Wethouder Van Hooijdonk benadrukt dat nu de essentie is dat het overal ingevoerd wordt omdat het niet meer alleen gebaseerd is op overlast. Zodra het stadsbreed een afweging wordt dan is raadpleging niet meer nodig. Tweede termijn

50

55

De heer Bosch (UtrechtNu!) geeft aan met amendementen en moties te komen en gaat daarvoor optrekken met andere partijen. De heer Dekkers (GroenLinks) wil nog zeggen dat het advies van het AKD heel duidelijk is geweest over het feit dat het breder is dan het terugbrengen van de overlast. Het advies ging er juist over dat het eigen beleid gevolgd moet worden. Betaald parkeren is echt een effectief middel, zo blijkt uit het onderzoek dat de combinatiemaatregel van de werkgevers met parkeerplaatsen echt twintig procent effectiever zijn. Pagina 12 van 35

De heer Van Steeg (CDA) vraagt of de heer Dekkers vindt dat de wethouder de juiste antwoorden heeft gegeven in de onderbouwing waarom er voor de hele stad betaald parkeren wordt ingevoerd. 5

De heer Dekkers (GroenLinks) is hiervan overtuigd. Hij vindt het tegengaan van woonwerkverkeer ook een belangrijk onderdeel van de mobiliteitstransitie. Juist op dat punt blijkt dat de werkgeversaanpak in combinatie met betaald parkeren een heel effectief middel is en dat blijkt ook zeker in wijken waar geen parkeeroverlast is.

10

De heer Van Steeg (CDA) benadrukt dat de vraag was of er voldoende onderbouwd is dat er voor de hele stad betaald parkeren wordt ingevoerd.

15

20

25

30

De heer Dekkers (GroenLinks) geeft aan dat die mobiliteitstransitie niet alleen speelt in de wijken met parkeeroverlast maar dat dit voor de hele stad geldt. Daarom vindt GroenLinks het een slimme keuze. De heer Van Steeg (CDA) stelt dat daarmee het argument is dat elke auto minder in de stad goed is. Voor de heer Van Steeg zou er meer gekeken moeten worden of betaald parkeren ook echt een helpend middel is en hij mist hier de onderbouwing over. De heer Dekkers (GroenLinks) is van mening dat de onderbouwing van de effectiviteit wel beschreven is en ook de onderbouwing dat het actueel is. Het beleid in de parkeernota en het mobiliteitsplan is gericht op het verminderen van geparkeerde auto’s en dit wordt hier nu uitgewerkt. De heer Usta (DENK) vraagt wat de heer Dekkers bedoelt met effectief. De heer Dekkers (GroenLinks) legt uit dat het helpt in de mobiliteitstransitie. Dit is een bewezen effectief middel en hij benadrukt dat er altijd mensen zullen zijn die een auto nodig hebben. De heer Usta (DENK) concludeert dat de heer Dekkers voor het gedwongen afstand doen is van mobiliteit terwijl alternatieven nog niet toereikend zijn.

35

De heer Dekkers (GroenLinks) vindt dit misplaatst omdat er geen enkele sprake is van gedwongen afstand doen van mobiliteit. Volgens hem zullen er altijd mogelijkheden blijven maar wordt het alternatief gestimuleerd met een geldprikkel.

40

De heer De Pagter (VVD) verbaast zich over de uitspraken van de heer Dekkers over het onderzoek. De conclusie in het rapport is dat het lijkt toegestaan zolang het hoofddoel van de invoering parkeeroverlast blijft. De heer De Pagter vraagt of de heer Dekkers dat ook zo heeft gelezen.

45

50

55

60

De heer Dekkers (GroenLinks) geeft aan dat het om parkeerregulering gaat en dat het begrip parkeerregulering breed opgevat kan worden. Minder ruimte voor stilstaande auto's is parkeerregulering en daarom is betaald parkeren een toegestaan middel om in te voeren. De buurtpuzzel vindt de heer Dekker interessant en hij stelt voor de puzzel te koppelen aan het invoeren van betaald parkeren zoals nu gedaan wordt in het Rivierengebied. Hierop wil de heer Dekkers een reactie van de wethouder. Tot slot is de heer Dekkers van mening dat SUV’s wel degelijk een probleem zijn ook bij parkeren met twee wielen op de stoep. Hij begrijpt de problematiek van de uitvoerbaarheid. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) benadrukt dat voor hen de bereikbaarheidtoets erg belangrijk is en zal dit kritisch blijven volgen. Hij vindt het fijn dat de doelgroep politie duidelijk gekaderd is en vindt het ook fijn dat daar iets meegedaan wordt. De ChristenUnie heeft nog wel zorgen over de uitvoerbaarheid als het gaat om ICT. Hij wil van de wethouder weten wat hieraan gedaan wordt. De heer De Pagter (VVD) blijft tegen het plan van invoeren van betaald parkeren in de hele stad. Hierover moeten buurten zelf kunnen beslissen wanneer er overlast is en begrijpt de prikkel om voor een alternatief te kiezen maar die is er niet altijd in alle wijken. De VVD vindt het een steek Pagina 13 van 35

van honderden euro’s want dat is het ook echt en zij zullen dan ook tegenstemmen. Hij roept verder de andere partijen op bij een akkoord voor dit plan zich te richten op de verkiezingen van 2026. 5

10

15

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of de VVD het eens is dat het om een beperkte groep gaat met twee auto’s. Voor de groep die twee auto’s kan betalen gaat het inderdaad om honderden euro’s. De heer De Pagter (VVD) benadrukt dat het ook gaat om een grote groep in Veldhuizen waarbij een verpleegkundige en een politieagent beide een auto moeten hebben. Dit zijn echt niet allemaal rijke mensen maar bij deze groep drukt het wel heel erg op de lasten wanneer zij 560 euro per jaar extra moeten betalen voor alleen nog maar de vergunning. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt dit niet waar. De heer De Pagter (VVD) wil hier echt een punt van maken dat er in de parkeerverordening staat dat de eerste auto 160 euro kost dat er voor de tweede auto 400 euro betaald moet worden.

20

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) heeft een andere som en andere inbreng in het debat. Door de ChristenUnie is er gekeken naar de doelgroepen en daarvoor zijn allerlei voorstellen voor gedaan. Zo moet volgens de heer Van der Graaf een voorstel gewogen worden en niet in een frame gestopt worden.

25

De heer De Pagter (VVD) is van mening dat het geen frame is maar het zijn feiten die in het voorstel staan.

30

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of de heer de Pagter het eens dat het om meer bedragen gaat dan alleen voor de vergunning omdat er ook bij het boodschappen doen voor parkeren betaald moet worden en dat het zeker geen frame is maar dat deze bedragen ook nog betaald moeten worden. De heer De Pagter (VVD) is het hier zeker mee eens is.

35

40

45

50

55

60

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vindt het een ordinaire belastingverhoging. De bedragen die hij zelf betaalt in de binnenstad zijn al boven de 500 euro dus daar is verder geen bewijsvoering voor nodig. Voor hemzelf is dat geen probleem maar hij is wel van mening dat er mensen zijn waarvoor die lastenverhoging een bestaan onmogelijk maken. Volgens hem wordt er te weinig aandacht besteed aan mensen die op het randje leven. Wat de heer Nyqvist mist is het toestaan om faciliteiten te creëren waardoor mensen met deze flauwekul niets te maken hoeven hebben. Wanneer er uitzondering op uitzondering gemaakt moet gaan worden zoals de heer Dekkers aangeeft dan is de heer Nyqvist van mening dat een besluit niet moet worden uitgevoerd. Hij beseft zich dat op termijn de stad bezaaid zal zijn met parkeerverordeningen. De heer Nyqvist wil dat de bewoners daar zelf over kunnen beslissen door middel van een goede draagvlakmeting en een goede discussie kunnen voeren over hoe en wanneer het gebeurt. De heer Dekkers (GroenLinks) wil benadrukken dat hij niet heeft aangegeven dat er uitzondering op uitzondering moet worden gemaakt. De heer Dekkers deelt de mening van de wethouder dat uitzonderingen alleen maar een verstoring op het proces zijn. De heer Vasters (D66) vindt dat het parkeerbeleid past in de ambitie om tot een duurzaam mobiliteitssysteem te komen.

Daarom moeten de effecten goed in kaart gebracht worden en moet men bereid zijn aanpassingen te doen zoals het invoeren van betaald parkeren enkel in de wijken waar parkeerdruk wordt gevoeld. D66 is blij met de toezegging over het meten van de indicatoren. D66 wil een amendement indienen om goed te meten of het inderdaad bijdraagt aan de doelstellingen. Bij de invoering in blok 2 is er waarschijnlijk nog niet bekend wat het effect is geweest van blok1. De heer Vasters wil vragen of het mogelijk is de effecten van blok 2 wel mee te nemen in de beslissingen over blok 3. Wanneer blijkt dat het beperkte effecten oplevert dan willen zij vragen de plannen uit te stellen of misschien zelfs af te stellen en wanneer het wel effect heeft juist versneld in te voeren. Pagina 14 van 35

De heer Van Steeg (CDA) vraagt aan de heer Vasters of het voorstel dan is dat er volgende week nog geen keuze gemaakt wordt om blok 3 in te voeren of zegt het amendement dat het wel ingevoerd wordt in blok 3 maar dat er nog naar gekeken kan worden. 5

De heer Vasters (D66) staat achter de verordening en staat achter het plan van de invoering in blokken. Met het amendement wil hij vragen om een pas op de plaats te maken om in de volgende raadsperiode te kijken naar de effecten. Het besluit over blok 3 wordt uiteindelijk pas over een paar jaar genomen en ruim daarvoor moet er gekeken worden wat er gebeurd is.

10

De heer Van Steeg (CDA) vindt het eerlijker naar de stad toe om voor blok 3 dan nu nog geen keuze te maken en dit pas later te beslissen.

15

De heer Vasters (D66) wil wel vasthouden aan het huidige plan want dat is hoe er op dit moment naar de situatie gekeken wordt. Het uitgangspunt is dat de doelstellingen met het invoeren van betaald parkeren wel gehaald worden. De heer Vasters is van mening dat het beter kan worden teruggedraaid omdat het dan als een meevaller wordt gezien.

20

25

De heer Van Steeg (CDA) vindt dit niet eerlijk. Wanneer het belangrijk is dat er eerst naar de effecten wordt gekeken dan moet er op dit moment nog geen keuze gemaakt worden. De heer Vasters (D66) concludeert van mening te verschillen met de heer Van Steeg. De voorzitter vindt het fijn dat er ook debat is in de tweede termijn maar hij wil wel iedereen oproepen om na te denken of alle drie de interrupties nodig zijn.

30

De heer Vasters (D66) overweegt een tweede voorstel over woningeigenaren en de kosten bij een renovatie of verbouwing. De heer Vasters vraagt de wethouder of zij kan toezeggen of de zogenaamde strippenkaart ook ingezet kan worden in verschillende rayons omdat dit mogelijk ook een oplossing is voor klusbedrijven. Ten slotte wil D66 aangeven graag mee te denken over de oplossingen voor specifieke doelgroepen.

35

De heer Usta (DENK) vindt het een slecht plan. Hij is van mening dat voorstanders willens en wetens dit destructieve plan doorvoeren met ongeloofwaardige en tegenstrijdige onderbouwingen wat mensen hard zal raken. DENK geeft aan tegen te stemmen en zal ook met moties komen over het breder inzetten van de vergunningen.

40

45

50

55

De heer Van Steeg (CDA) is van mening dat onvoldoende duidelijk is geworden waar de noodzaak in zit om betaald parkeren in de hele stad in te voeren. Daarmee stelt de heer Van Steeg vast dat het voorstel een melkkoe is geworden en zullen zij voorstellen om beter naar de blokken te kijken en dit niet in te voeren. Voor de heer Van Steeg was er ook nog te weinig antwoord op de vraag over de sportverenigingen en ook dit dient beter bekeken te worden. Wethouder Van Hooijdonk wat betreft het koppelen van de buurtpuzzel aan het invoeren van betaald parkeren, dat wil de wethouder zeker meenemen. Daarbij geeft de wethouder aan dat het volgtijdelijk vaak ook beter werkt. De wethouder ziet het groter worden van auto’s ook echt als een probleem maar de vraag is of dit met gedifferentieerde tarieven geregeld moet worden in het beleid. De uitvoerbaarheid zit op meerdere vlakken en hoe meer verschillende vergunningen er zijn, hoe meer de mensen in de uitvoering na moeten denken en hoe groter de kans is dat er fouten gemaakt worden. Wat nu ingewikkeld is aan het ICT-systeem is dat er twee dingen tegelijk gedaan worden. Tegelijkertijd wordt het systeem vervangen en daarnaast zijn er nieuwe ambities. Dit moet beheersbaar gehouden worden. Het urentegoed is bedoeld als alternatief voor de zakelijke vergunning maar is wel tegen dezelfde voorwaarden waarbij je in het rayon gevestigd moet zijn.

De voorzitter inventariseert wat de vervolgstappen zijn. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) gaat kijken naar de SUV’s, de zorg over de uitvoering en de doelgroepen.

Pagina 15 van 35

Mevrouw Nederhand (Volt) geeft aan een collega te vervangen en zij denkt dat zij met een motie gaan komen over het feit dat er eerst goede alternatieven moeten zijn alvorens parkeerbelasting wordt ingevoerd. 5

10

15

20

De heer De Pagter (VVD) heeft dat in zijn bijdrage al meegedeeld welke amendementen en moties er vanuit hen worden ingediend. De voorzitter concludeert dat het debat daarmee beëindigd is en de voorzitter stelt voor het te agenderen voor de raad voor zestig minuten, dit is akkoord. De heer Talhaoui (PvdA) heeft nog een gemiste toezegging over de terugkoppeling van het gesprek met de provincie. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat dit een lopende actie is en al eerder is toegezegd. De heer Talhaoui (PvdA) vraagt wanneer dit te verwachten is. Wethouder Van Hooijdonk kan hier geen termijn aan koppelen omdat zij zelf hier geen grip op heeft, dit is aan de provincie. De wethouder benadrukt dat het punt op de volgende raadsbehandeling moet staan om in Voordorp op tijd aan de slag te kunnen gaan. De voorzitter geeft het verzoek door aan het DB. Daarmee beëindigt de voorzitter het debat en spreekt uit dat de voorbereidingen getroffen gaan worden voor de geheime vergadering.

25

30

Schorsing tweeëneenhalve minuut. Toezegging Wethouder Van Hooijdonk • De wethouder komt in het derde kwartaal met een overzicht van de gereedschapskist die hoort bij betaald parkeren met daarin alle beschikbare bestaande vergunningen en producten die er nog aankomen. • De wethouder gaat in het derde kwartaal met het uitvoeringsprogramma komen, waar onder andere dingen in staan over communicatie naar werkgevers. • De wethouder komt in het vierde kwartaal met de bereikbaarheidstoets.

35

Lijst van toezeggingen 40

Wethouder Van Hooijdonk • De wethouder komt in het derde kwartaal met een overzicht van de gereedschapskist die hoort bij betaald parkeren met daarin alle beschikbare bestaande vergunningen en producten die er nog aankomen. • De wethouder gaat in het derde kwartaal met het uitvoeringsprogramma komen, waar onder andere dingen in staan over communicatie naar werkgevers. • De wethouder komt in het vierde kwartaal met de bereikbaarheidstoets.

45

50

Pagina 16 van 35

Verslag openbare middagvergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte 5

10

15

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

21 maart 2024 Raadzaal, stadhuis Mevr. S. Donkers (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

Mevr. M. Friele (commissiegriffier), dhr. H. Stellinga (voorzitter), mevr. L. van Hooijdonk (wethouder), dhr. D. Bosch (UtrechtNu!), dhr. F. Dekkers (GroenLinks), dhr. M. Talhaoui (PvdA), mevr. B. Nederhand (Volt), mevr. A. Sasbrink (PvdD), mevr. T. O’Connor (EenUtrecht), dhr. M. de Pagter (VVD), dhr. J. Vasters (D66), mevr. J. Zwinkels (CDA), dhr. R. van den Enk (Student&Starter), dhr. C. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht), dhr. G. te Hoonte (VVD), dhr. B. van Steeg (CDA), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), dhr. J. Cornielje (PvdA), mevr. M. Vermeulen (GroenLinks), dhr. M. Koning (D66).

Afwezigen

Er zijn geen afwezigen gemeld. 20

25

Verslag openbare vergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte 9. Raadsbrief Alternatief tracébesluit Ring Utrecht Lijst van toezeggingen

17 35

De voorzitter heropent de vergadering om 14.03 uur en geeft aan dat de wethouder nog een procedurele mededeling heeft. 30

35

Schorsing vanwege een technische storing Wethouder Van Hooijdonk wil nog even terugkomen op toezegging 148 waar de PvdD om had gevraagd. Deze wordt uiterlijk volgende week aangeboden in het uitvoeringsprogramma Maatschappelijk en Verantwoord Opdrachtgeven en Inkoop. Een van de onderdelen daarin is het inheemse en lokale groen.

9. Raadsbrief Alternatief tracébesluit Ring Utrecht De voorzitter geeft aan dat UtrechtNu!, GroenLinks, D66, VVD, PvdA, CDA, PvdD, Student&Starter, ChristenUnie, DENK, BIJ1, EenUtrecht, Stadsbelang Utrecht, Horizon het punt hebben geagendeerd. BIJ1 heeft aangegeven er niet bij te kunnen zijn. Pagina 17 van 35

5

10

De agenderende fracties verzoeken een debat op de agenda te zetten over de alternatieven voor het Tracébesluit Ring Utrecht, zoals recent gepresenteerd door de wethouder Mobiliteit. Zij willen een grondige bespreking van deze alternatieven en hun haalbaarheid. In het licht van deze presentatie en de ontvangen documentatie zijn zij van mening dat een gedetailleerde discussie noodzakelijk is. Dit om te waarborgen dat alle voorgestelde alternatieven grondig worden geëvalueerd op hun haalbaarheid. Mededelingen De wethouders De wethouders hebben geen mededelingen. De commissieleden De commissieleden hebben geen mededelingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=ccd8d376-1a2a-4fbf-b66c-3aa521bfb5c2