Concept Verslag commissie Stad en Ruimte, 2020-12-10.pdf
Tekst van het document
Als een van de oplossingen een nieuwe centrale stalling zou zijn wordt gevraagd waar die stalling dan zou moeten komen. De PvdD zou graag horen dat als er een deelstalling komt, daar geen groen voor hoeft te wijken. deelmobiliteit kan duur zijn en soms wordt er uitsluitend met abonnementen gewerkt. De fractie wil dat er scherp gewogen wordt op het criterium kosten bij de puntentelling voor vergunningverlening als er sprake is van gelijke casussen. Daarnaast zou eenmalig gebruik mogelijk en betaalbaar moeten zijn. De wethouder wordt om een reactie gevraagd. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of het een goed idee zou zijn om naast op kosten, ook op toegankelijkheid te wegen.
30 De heer Van Heuven (PvdD) vindt dat een goed idee en is benieuwd wat de wethouder daarvan vindt. 35
40
Mevrouw Schilderman (D66) vraagt of de PvdD bedoelt dat er op kosten gewogen moet worden als er meerdere aanbieders zijn of dat alleen partijen met lage kosten een vergunning mogen krijgen. D66 meent dat iedere start die aan deelmobiliteit gegeven kan worden, winst is. De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt te hebben gerefereerd aan de weging in de bijlagen, dus als er meer aanbieders zijn. Als er maar één partij intekent kun je niet wegen maar de PvdD zou geen duur systeem willen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) voegt toe dat wat de ChristenUnie betreft niet iedere start een goede start is. Als er een duur en ontoegankelijk systeem komt dan is het zonde de schaarse openbare ruimte in Utrecht daar voor te gebruiken.
45 Mevrouw Schilderman (D66) meent dat er voorwaarden zijn gemaakt om de schaarse ruimte in de binnenstad te ontzien. De wethouder wordt gevraagd om de vraag van de PvdD te interpreteren als er meerder aanbieders zijn. Er zijn momenteel weinig aanbieders en D66 vindt het belangrijk een start te maken. 50 De heer Van Heuven (PvdD) begrijpt de zorgen van D66, maar meent ook dat als er een aanbieder komt met hoge prijzen, de inwoners van Utrecht niet geïnteresseerd zijn. Als er maar één aanbieder is kun je deze niet uitsluiten maar de fractie vindt het niet wenselijk als het een systeem wordt voor de rijken. 55
60
De heer Gaillard (Stadsbelang Utrecht) meent dat het raadsvoorstel lijkt op gedwongen winkelnering. Eerst maakt het college het de Utrechter vrijwel onmogelijk om geen gebruik te maken van deelmobiliteit. Auto-eigenaars worden immers de stad uitgejaagd met steeds strengere milieuzones, oplopende parkeertarieven en afnemende beschikbare parkeerplaatsen. De Utrechter moet dus wel gebruik maken van deelmobiliteit om op het werk of bij vrienden te komen. Pagina 19 van 32
5
10
De Utrechter kan vervolgens slechts kiezen uit een kleine selectie aanbieders die een vergunning hebben gekregen. De Utrechter krijgt daarmee de verplichting om aankopen bij een bepaalde leverancier te doen. Stadsbelang Utrecht vindt dit kwalijk omdat de Utrechter keuzevrijheid wordt ontnomen en vanwege de economische consequenties. Minder aanbieders betekent minder concurrentie en daarmee een slechtere service. Gevraagd wordt of het college het met Stadsbelang Utrecht eens is dat het tarief en andere drempels ervoor kan zorgen dat bedrijven die al relatief succesvol zijn gemakkelijker een business case kunnen uitwerken en dat kleine nieuwkomers en dat dat onwenselijk is. Het college stelt vis deze maatregel overlast te willen voorkomen. Gevraagd wordt waarom overlast door deelmobiliteit niet op dezelfde manier als andere verkeersoverlast worden bestreden, door te handhaven op de regels die voor alle voertuigen gelden. Stadsbelang Utrecht komt op voor de auto-eigenaren in Utrecht maar is er ook voor mensen die vrijwillig van deelmobiliteit gebruik willen maken. Het is dan belangrijk dat ze het best mogelijke aanbod krijgen en door deze maatregel zal het aanbod juist verslechteren.
15 De heer Bosch (PVV) vraagt of Stadsbelang Utrecht ook voor deelmobiliteit een taartenmodel wil. De heer Gaillard (Stadsbelang Utrecht) antwoordt dat deelmobiliteit ook van het taartenmodel gebruik zou kunnen maken. 20
25
30
35
40
45
De heer Koppelaar (Student&Starter) meent dat er een prima voorstel ligt. Het helpt om de verrommeling tegen te gaan. Een wildgroei van fietsen en steppen zoals in andere steden is ongewenst. Student&Starter sluit aan bij de ChristenUnie dat de verantwoordelijkheid daarvoor bij de aanbieders ligt. Dit wordt vaak met geofencing bepaald waar een fiets wel of niet gestald kan worden en dit kan op gespannen voet staan met de privacy. Het raadsvoorstel kan een mooie stap zijn richting een integraal MaaS-systeem en daar is Student&Starter groot voorstander van. De heer Van Steeg (CDA) heeft waardering voor het voorstel, het is goed dat er over deelmobiliteit wordt nagedacht. Daarnaast is het goed dat geprobeerd wordt dit via de APV te reguleren. Ook het CDA ziet veel drempels om deelmobiliteit tot een succes te maken, er zijn veel regels en dat maakt het lastig maakt om succesvol te ondernemen. De wethouder wordt gevraagd of het voorstel nog aansluit op de wensen van de bewoners op het gebied van mobiliteit. Er wordt veel geëxperimenteerd met deelmobiliteit. Gevraagd wordt wat de lessen zijn die van ervaringen uit andere steden zijn geleerd en hoe deze terugkomen in het voorliggende voorstel. Er is met 40 ondernemers gesproken over dit plan en gevraagd wordt hoe het plan aansluit op de uitkomsten van die gesprekken.
Er zal na een jaar geëvalueerd worden en gevraagd wordt wat de voorwaarden voor succes zijn, wanneer hat als succes wordt gezien en hoe de evaluatie er uit gaat zien. Ook wordt gevraagd wat de verwachtingen zijn met betrekking tot de kosten op de langere termijn. De heer Schipper (SP) heeft met belangstelling geluisterd naar de bijdragen van D66, GroenLinks en VVD en geeft aan dat al zijn vragen al zijn gesteld. De fractie ziet de noodzaak van regulering en is niet bang dat er geen aanbieders zullen komen. De SP staat in beginsel positief ten opzichte van het voorstel. De heer Bosch (PVV) geeft aan dat alle opmerkingen gemaakt en alle vragen gesteld zijn en ziet de beantwoording tegemoet.
50
55
60
De heer Işik (PvdA) aan bij de vragen die zijn gesteld over de privacy. De fractie kan zich vinden in de uitgangspunten en wil geen wildgroei van particuliere aanbieders. Het is daarom goed dat het college gaat reguleren. In beslispunt 1 worden auto’s uitgezonderd en gevraagd wordt welke voertuigen er wel onder vallen. De suggestie wordt gedaan om een lijstje op te nemen met alle voertuigen die wel onder het voorstel vallen. De fractie vindt verrommeling onwenselijk en vraagt of het een idee is om locatie als beoordelingscriterium mee te nemen bij de vergunningsaanvraag. De voorzitter schorst om 20.44 uur. De voorzitter heropent om 21.00 uur. Pagina 20 van 32
5
10
15
20
25
30
35
40
Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat het college de vruchten wil plukken van de mogelijkheden van deelmobiliteit en de nadelen ervan zoveel mogelijk wil minimaliseren. Er is gevraagd of dit raadsvoorstel wel nodig is. Utrecht heeft tot nu toe de scooters van zich af weten te houden. Vooral aanbieders van deelscooters kloppen aan de deur. Afgelopen zomer heeft het college een brief geschreven om aan te kondigen dat er wat het college betreft een vergunningssysteem komt en die aankondiging heeft een preventieve werking gehad. Al veel eerder is er een pilot aangegaan met Donkey Republic. Toen is ook een selectie gedaan om een aanbieder te vinden en dat heeft andere aanbieders buiten de deur te houden. Er zijn dus redenen voor dat de aanbieders in Utrecht nog niet zijn begonnen. Hier is met de pilot en de aankondiging van een vergunningssysteem op gestuurd en als het voorstel niet zou worden aangenomen is niet zeker of de huidige, rustige situatie zo blijft. Richting Stadsbelang Utrecht merkt de wethouder dat dit een beter manier van sturen is dan alleen maar handhaven omdat je dan alleen maar voertuigen kunt opruimen. Met alleen handhaven kun je niet sturen op het klantgerichter maken van het aanbod. Er zijn veel vragen gesteld over maatvoering en waarom bepaalde keuzes zijn gemaakt.
De lessen die zijn geleerd van de ervaringen van andere steden en van de marktconsultatie zijn verwerkt in het raadsvoorstel. De andere G4-steden hebben allemaal al een vergunningssysteem en daar heeft het college haar voordeel mee gedaan. Ook uit de marktconsultatie is waardevolle informatie gekomen over bijvoorbeeld hoeveel aanbieders toe te staan, aantallen voertuigen en de duur van de vergunningsperiode. Vanuit de markt komt de oproep tot een klein aantal aanbieders zodat de aanbieders meer zekerheid hebben met betrekking tot hun investeringen en de aanbieders willen het liefst een lange vergunningsperiode. Het college heeft gekozen voor een iets kortere periode vanwege de wendbaarheid, de innovatie en de markt die nog in beweging is. Er is wel voor gekozen het aantal aanbieders te beperken zodat zij over hun schroom om te investeren heen kunnen stappen. Het is nu nog moeilijk om zwarte cijfers te kunnen schrijven in deze markt en zo wordt een veilige setting geboden voor de aanbieders zodat zij durven investeren. Het college heeft dus geprobeerd om een gespreid bedje te maken voor de aanbieders maar ook vanuit het publieke belang voldoende flexibiliteit te houden. Zittende partijen worden niet bevoordeeld ten opzichte van de kleinere partijen. Geprobeerd is om de drempel zo laag mogelijk te houden met lage legetarieven en geen eisen.
Er werd gevraagd wat er gebeurt als er mengvormen komen. Het college kan niet in de toekomst kijken maar ziet wel dat de markt in beweging is. Daarom is ook gekozen voor een beperkte vergunningsperiode. Kleine aanpassingen kunnen tijdens deze periode worden gedaan en grote veranderingen aan het systeem kunnen na afloop van een vergunningsperiode worden gedaan. Het systeem biedt veel flexibiliteit maar het is denkbaar dat na een vergunningsperiode het stelsel moet worden aangepast omdat er nieuwe ontwikkelingen zijn. Het is nog niet gemakkelijk om deelmobiliteit rendabel te maken en daarom worden de aanbieders gevraagd een ‘ingroei plan van aanpak’ te maken.
45
Mevrouw Schilderman (D66) vraagt wat er gebeurt als zich een nieuwe vorm meldt die nog niet in het vergunningsstelsel staat.
50
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dat afhangt van de vorm. Bijvoorbeeld een nieuwe bakfiets kan vergund worden. Het college kan afwegen welke nieuwe vormen van deelvervoer onder het systeem vallen. Het wordt ingewikkeld als het in het conceptuele een mengvorm is die niet in het stelsel past, dan zal het kader moeten worden aangepast. Het college ziet nu in de markt geen vormen die niet in het stelsel past.
55
Er wordt een ingroeimodel aan de aanbieders gevraagd om te ontdekken waar de vraag van de gebruikers zit. Het college wil een balans tussen een goed aanbod en niet de hele openbare ruimte vol zetten. De ambitie is om uit te groeien naar een stadsbreed systeem maar dat zal er niet vanaf het begin zijn. De verwachting is dat deelmobiliteit zal beginnen in de wijken waar veel reizigers zijn die van deelmobiliteit gebruik willen maken waardoor het systeem zich kan ontwikkelen.
60 Pagina 21 van 32
Een centrale stalling is niet aan de orde, er zal zoveel mogelijk gebruik worden gemaakt van bestaande plekken waar ook voertuigen staan die niet gedeeld worden. 5
Het moeten in dit systeem vervoersvormen zijn die in een MaaS-app gebruikt kunnen worden. De pilot is Leidsche Rijn is de MaaS-app en de nieuwe aanbieders passen daar prima in. De APIstandaard is hierbij belangrijk en hier kan op een MaaS-platform gebruik van worden gemaakt.
10
Met betrekking tot klontering heeft het college in de uitvraag geprobeerd te voorzien dat de openbare ruimte begaanbaar blijft. Een van de vragen in het plan van aanpak is dan ook hoe de aanbieder het aanbod voldoende gaat spreiden.
15
De pilot met Donkey Republic was bedoeld om te leren. Er zijn toen enquêtes gedaan om de voorkeuren van bewoners uit te vragen. In het nieuwe systeem zullen aanbieders ook mee moeten doen aan het enquêteren van gebruikers. De aanbieders zullen dit zelf ook doen omdat zij een klantgericht aanbod zullen willen doen. De heer De Pagter (VVD) stelt dat het massaal parkeren bij de Haarrijnseplas met dit systeem niet voorkomen kan worden.
20
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat gebruikers daar wel zullen kunnen parkeren maar de aanbieder wordt gevraagd hoe ervoor gezorgd wordt dat overlast door samenklontering niet plaatsvindt en dat hun voertuigen verspreid blijven. Ook is gezegd dat de gemeente met aanbieders in gesprek kan gaan als er een probleem is met betrekking tot bijvoorbeeld verklontering of verkeerd geparkeerde voertuigen.
25 De heer Bosch (PVV) voegt toe dat het via geotagging mogelijk is om in een bepaald gebied een rit af te sluiten. 30
Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat ook in het voorstel staat dat bijvoorbeeld het voetgangersgebied uitgesloten kan worden en gaandeweg kunnen ook andere locaties worden gekozen. De heer De Pagter (VVD) merkt op dat het niet gaat om het afsluiten van een rit maar om het massaal parkeren op een plek.
35 Wethouder Van Hooijdonk stelt dat de aanbieder kan worden gevraagd om daar daarna dan iets aan te doen. Er zijn dus verschillende knoppen om aan te draaien. 40
45
De ChristenUnie vroeg of een non profit aanbieder tussen de mazen kan gaan. Dat is niet het geval omdat het gaat om de activiteit die tegen betaling wordt aangeboden. Het is niet waarschijnlijk dat een aanbieders deelmobiliteit gratis gaat aanbieden. Auto’s zijn niet in het stelsel opgenomen omdat de verschillende vormen van deelmobiliteit zich in verschillende stadia bevinden. Utrecht is begonnen met deelauto’s en deze leveren weinig overlast op. De markten die er nu wel aan toe zijn worden wel opgenomen, zoals (elektrische) fietsen en scooters. Voor de bakfiets was al een pilot in voorbereiding. Hier is een selectie voor gedaan en een aanbieder voor gevonden. Dit liep in de tijd net verkeerd met dit vergunningssysteem. Er gaat nu met de aanbieder geoefend worden en als het er goed uitziet zal het in het vergunningsstelsel worden opgenomen.
50 Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat het nu lijkt alsof er eerst een pilot moet worden gedaan voordat je een vergunning kunt krijgen. 55
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dat niet het geval is en dat de scooters bijvoorbeeld wel direct in het vergunningssysteem kunnen komen. De pilot met de bakfiets liep in de tijd niet synchroon met het vergunningsstelsel. De selectie van een aanbieder is nu gedaan en de bakfietsen komen begin 2021 op straat. Als de bakfietsen in het stelsel waren opgenomen zou de partij die nu in de pilot geïnvesteerd heeft niet de garantie hebben dat hij uiteindelijk ook de aanbieder zou worden.
60 Pagina 22 van 32
Mevrouw Schilderman (D66) vraagt of als je een pilot hebt gedaan je dan ook verzekerd bent van een vergunning. 5
10
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dat niet het geval is. Donkey Republic is nu ook niet verzekerd van een vergunning. Er is net met een aanbieder het traject zoals met Donkey Republic ingegaan om te oefenen. De wens is om op 1 maart het vergunningssysteem in te laten gaan en deze pilot loopt in de tijd niet gelijk daarmee. Het college wil nu met deze aanbieder onderzoeken of het project met de bakfietsen werkt en als dat het geval is, is net zoals met Donkey Republic die ook allerlei verbeterpunten heeft meegekregen, duidelijk hoe dit in het vergunningssysteem kan worden opgenomen. Een pilot is dus geen verplichting voor vervoersvormen om in het stelsel te worden opgenomen. Fossiele deelmobiliteit wordt niet voorzien door het college, alle vormen zijn elektrisch of actief.
15
20
De heer Van Heuven (PvdD) geeft aan dat in het raadsvoorstel wordt benoemd dat er voorrang wordt gegeven aan elektrisch boven fossiel. De PvdD wil fossiel geheel uitsluiten. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat fossiel niet wordt voorzien. Er worden vergunningen gegeven voor elektrische fietsen en bromfietsen en actieve mobiliteit en er is een pilot voor elektrische bakfietsen. Daarmee wordt voorrang gegeven aan elektrisch. De heer Van Heuven (PvdD) stelt dat het college elektrisch wellicht niet voorziet maar de PvdD wil de garantie dat dat niet gaat gebeuren. De fractie wil geen fossiele deelmobiliteit faciliteren.
25
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat er nu geen fossiele voorstellen worden gedaan. Het is denkbaar dat er wordt nagedacht over dat deelauto’s alleen elektrisch zouden moeten zijn maar dat ligt nu niet voor. Daarnaast is Co2-neutraal zijn ook een eis, daar zal de PvdD ook blij mee zijn.
30
Er is gevraagd naar laadpalen. Bij de elektrische bakfietsen is nu ook te zien dat aanbieders gebruik maken van verwisselbare accu's. Het college heeft de indruk dat de aanbieders zelf niet vragen om laadpalen.
35
Er is geen PIA gedaan maar er is wel gekeken of het delen van data AVG-proof is. En dat is het geval omdat de gemeente uitsluitend de beschikking heeft over vervoersgegevens en niet over persoonsgegevens. Mevrouw Schilderman (D66) vraagt of de wethouder bereid is alsnog een PIA uit te voeren.
40
45
50
55
60
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het college haast wil maken met het voorstel om te voorkomen dat zich allerlei aanbieders aandienen omdat er nu geen enkel verbod is. Ze vreest dat een PIA te lang zal duren. Het college meent dat de privacy goed getoetst is. Er worden alleen leges betaald als een vergunning wordt afgegeven. In het raadsvoorstel staat ook dat het niet helemaal kostendekkend is. Het college voorziet dat het stelsel blijvende aandacht vergt en dat de gemeente na de vergunningverlening actief in de dialoog moet blijven met de aanbieders om de goede balans op straat te bereiken en het goede aanbod voor de bewoners te garanderen. De heer Weistra (GroenLinks) vraagt wat er gebeurt als het storm loopt met de vergunningaanvragen en of de gemeente er niet arm van wordt als er veel afgewezen wordt. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het college na de marktconsultatie en de gesprekken met andere steden het idee heeft de markt best goed te kennen en een goed heeft van welke partijen gaan reageren. Het college heeft dus niet het idee dat de gemeente arm zal worden van deze keus. Met betrekking tot de betaalbaarheid voor de gebruikers merkt de wethouder op dat er eisen zijn gesteld aan de tariefstructuren. Er is geen selectiemechanisme dat de goedkoopste de meeste punten krijgt.
De business case is niet erg ruim en in andere steden is te zien dat de tarieven Pagina 23 van 32
5
10
15
20
25
elkaar niet veel ontlopen. Enerzijds wil je je niet uit de markt prijzen richting de gebruiker en anderzijds kunnen er ook geen bodemtarieven worden geboden omdat je de business case dan nooit rond krijgt. Met betrekking tot de U-pas en vervoersarmoede geeft de wethouder aan dat er met aanbieders afgesproken kan worden dat zij acties doen voor speciale doelgroepen. Dit gebeurt bijvoorbeeld ook in Amsterdam. Aanbieders moeten goed herkenbaar zijn en een klachtenlijn of website hebben. De aanbieders moeten daar ook voorstellen voor doen. Klachten kunnen ook binnenkomen bij het klantcontactcentrum van de gemeente, hier is tijdens de proef met Donkey Republic ook ervaring mee opgedaan. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat de verantwoordelijkheid met betrekking tot klachtenafhandeling bij de aanbieder ligt. Als de gemeente ook klachten bij de gemeente laat binnenkomen lijkt het voor de inwoners misschien alsof de verantwoordelijkheid ook bij de gemeente ligt. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de bedoeling is dat de klachten binnenkomen bij de aanbieders maar er zullen ook klachten binnenkomen bij de gemeente. De aanbieder zal een goede procedure moeten hebben voor de klachten die via de gemeente binnenkomen. Het staat vast dat klachtenafhandeling de verantwoordelijkheid van de aanbieder is en het doel van het stelsel is juist om overlast tegen te gaan.
De gemeente heeft hier goede ervaringen mee opgedaan met Donkey Republic. Het college heeft al een afrondende brief over de proef met Donkey Republic naar de raad gestuurd. Het vervolg van dit proces is dat als het raadsvoorstel wordt aangenomen, het college aan de slag gaat met aanbieders. Het college verwacht in Q2 van 2021 de resultaten daarvan aan de raad te kunnen mededelen.
30 Er is opgenomen dat het verzamelen van gegevens van gebruikers twee keer per jaar moet gebeuren en dit kan worden opgenomen in de Utrecht Monitor. 35
40
45
Succes wordt afgemeten aan het gegeven of het de aanbieders lukt om hun eigen plan van aanpak waar te maken maar het college is ook geïnteresseerd of het de aanbieders lukt om er een rendabele business case van te maken. Uiteindelijk gaat het om een aantrekkelijk aanbod waar gebruik van wordt gemaakt dat ook wat oplevert voor de openbare ruimte. Succes is dus positief gebruik en minimale overlast in de openbare ruimte. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of in de evaluatie ook naar de mening van bewoners wordt gevraagd. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat is voorgeschreven dat ook de gemeente, via de aanbieder, vragen mag stellen aan gebruikers. Daarnaast kan de gemeente enquêtes doen bij bewoners die niet per se gebruikers zijn, dit is bij de proef met Donkey Republic ook gedaan. Gemiste antwoorden De heer Işik (PvdA) geeft aan dat de wethouder niet in is gegaan op zijn inbreng.
50
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat ze ingegaan is op waarom de auto’s niet zijn opgenomen en op de locaties.
55
De heer Işik (PvdA) vraagt of locatie als indicator wordt meegenomen in de vergunningaanvraag en of er een lijst aangeleverd kan worden welke voertuigen wel en welke niet onder het stelsel vallen.
60
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat scooters, elektrische fietsen en gewone fietsen onder het stelsel vallen. De gemeente schrijft geen locaties voor maar kan wel aangeven waar het niet aangeboden mag worden zoals in voetgangersgebieden. Er wordt wel gekeken naar het plan van aanpak en hoe aanbieders willen beginnen en vervolgens opschalen. Pagina 24 van 32
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt naar het U-pas budget. 5
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit met Donkey Republic is geprobeerd en dat dit niet gelukt is. Het college zal aansturen op acties met goede aanbiedingen. Nog niet duidelijk is of dit via de U-pas gaat. De heer De Pagter (VVD) vraagt hoe de app vorm gaat krijgen en hoe de marktpartijen hebben gereageerd op het moeten delen van data.
10 Wethouder Van Hooijdonk antwoordt niet te weten wat er op dat punt uit de marktconsultatie is gekomen. De app is er al in de vorm van het Gaiyo-platform. Enerzijds zullen er aanbieders komen en anderzijds platformen die het aanbod aanbieden. Er is al Gaiyo maar er zijn ook andere platformen. Dat is de reden waarom de API-standaard zo belangrijk is. 15
20
25
Tweede termijn Mevrouw Schilderman (D66) begrijpt de vertraging met betrekking tot de bakfietsen niet en hoopt dat de wethouder dit nog een keer kan uitleggen. Er wordt een amendement op dit punt overwogen. De wethouder wordt opgeroepen om alsnog een PIA uit te voeren terwijl het plan al wordt uitgevoerd. Tijdens de uitvoering zouden nog ingrepen gedaan kunnen worden om de privacy te verbeteren. Ze heeft begrepen dat er vanuit de aanbieders niet veel vraag is naar laadpalen, maar in het voorstel staat dat laadpalen zijn verboden. Dat deelt zij niet, het kan een kans zijn om meer laadplekken te hebben voor elektrische fietsen en ze zou graag een wijziging zien op dit gebied in het voorstel. Afhankelijk van de beantwoording door de wethouder is dit punt nu een B-punt. De heer De Pagter (VVD) blijft over met de vraag over de marktpartijen en het delen van data. De fractie is verder tevreden over de beantwoording en het stuk kan als kort B-punt door naar de raad.
30 De heer Van Heuven (PvdD) gaat niets indienen.
35
40
Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat voor de bakfietsen een partij is gecontracteerd. Als er nu niet verder wordt gegaan met deze partij omdat er een vergunningssysteem wordt gestart zal deze partij afgekocht moeten worden. Dat levert dus kosten op, de twee procedures zitten elkaar qua tijd nu eenmaal in de weg. Er zullen dus wel bakfietsen komen. Mevrouw Schilderman (D66) geeft aan dat het doel inderdaad is dat er bakfietsen komen. Het lijkt vreemd om, nu een vergunningssysteem wordt gestart deze partij daar buiten te houden. Gevraagd wordt of gecontroleerd kan worden of de aanbieder van bakfietsen aan de voorwaarden voldoet om vervolgens alsnog een vergunning te verlenen. Wethouder Van Hooijdonk ziet geen mogelijkheid om deze partij in het vergunningssysteem op te nemen omdat hij op een andere manier geselecteerd is.
45 Mevrouw Schilderman (D66) zal een ambtenaar vragen om op dit punt meer uitleg te geven.
50
Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat uitgezocht moet worden of er parallel een PIA uitgevoerd kan worden, dat kan een interessante les zijn. Hier zal het college voor de raadsbehandeling op terug komen. Het college heeft wel het beeld dat alles goed is uitgezocht. Het delen van dat voldoet aan de gestandaardiseerde uitspraken en de marktpartijen zijn hier in andere steden ook aan gewend.
55
60
De voorzitter stelt vast dat het voorstel als B-punt doorgaat naar de raad. Er wordt een half uur behandeltijd gereserveerd. Toezegging Wethouder Van Hooijdonk zegt toe, met betrekking tot agendapunt 8. Raadsvoorstel Wijziging APV en legesverordening en collegevoorstel Nadere regel ten behoeve van vergunningplicht Pagina 25 van 32
commercieel aanbieden voertuigen, de raad in Q2 2021 te informeren over de uitkomsten van de selectie van de aanbieders voor deelmobiliteit. De voorzitter schorst de vergadering om 21.55 uur. 5
9. Raadsvoorstel Aanpassen voorwaarde opheffen parkeerplaatsen binnenstad De voorzitter heropent de vergadering om 22.00 uur.
10
In het coalitieakkoord ‘Utrecht: Ruimte voor iedereen’ is de ambitie opgenomen voor een autoluwe binnenstad met concreet het voornemen om stapsgewijs het aantal parkeerplaatsen aan de Oudegracht en op het Janskerkhof te verminderen. Met dit raadsvoorstel wordt het opheffen van de eerste 40 parkeerplaatsen mogelijk gemaakt door het opheffen/laten vervallen van een voorwaarde uit de bestaande regeling ‘Meer allure voor de binnenstad’ uit 2016.
15
20
25
30
Eerste termijn De heer De Pagter (VVD) is blij dit punt te hebben geagendeerd voor een raadsinformatiebijeenkomst. Er waren veel bewoners aanwezig en het was goed om hun inbreng te horen. Bewoners in de binnenstad hebben hun auto nodig voor hun werk, het gezin of mantelzorg en ondernemers in de binnenstad hebben veel klandizie van mensen die met de auto naar de stad komen. Daarom is het belangrijk bewoners en ondernemers te betrekken als er parkeerplaatsen worden opgeheven. Dit voorstel doet juist het omgekeerde. De één op één-eis wordt in het raadsvoorstel losgelaten waardoor er in één keer tientallen plekken zouden verdwijnen. De afgelopen jaren zijn er al 70 van de maximaal 100 plekken verdwenen doordat bewoners zelf kozen voor een garageplek en de VVD roept het college op om dat even zo te laten. Het duurt nog maar een paar maanden voordat de laatste plekken zijn verdwenen maar dan ligt het initiatief wel bij de bewoners. Op het huidige systeem is er al kritiek van bewoners, zij merken dat het steeds moeilijker wordt om een parkeerplaats te vinden en het college wordt gevraagd dit niet erger te maken, de bewoners de tijd te geven en dit voorstel in te trekken. Voor de toekomst stelt de fractie voor om veel goedkopere tarieven te hanteren voor bewoners voor parkeren in parkeergarages zodat dit wel interessant wordt voor bewoners.
Betaalbaar parkeren op straat moet ook mogelijk blijven. De wethouder wordt gevraagd of zij bereid is het raadsvoorstel in te trekken.
35
40
45
De heer Bosch (PVV) geeft aan dat bij het opheffen van parkeerplaatsen de PVV altijd op haar hoede is. En dat is niet voor niets gebleken bij de raadsinformatiebijeenkomst. Bewoners ervaren een enorme parkeerdruk en moeten vaak lang rondrijden om een parkeerplaats te vinden. In de raadsbrief schrijft het college dat de afname van autobezit een en ander mogelijk heeft gemaakt. De bewoners kennen echter vrijwel niemand die zijn of haar auto bewust heeft weggedaan. De cijfers laten dat ook niet zien. De bewoners ervaren wel dat de deelauto’s en laadpalen nauwelijks gebruikt worden. Er zijn veel mensen die hun auto nodig hebben en niet met een deelauto uit de voeten kunnen. In een leefbare stad kunnen mensen die afhankelijk zijn van een auto ook in de binnenstad blijven wonen. Veel parkeerplaatsen worden geblokkeerd of bezet door huifkarren, containers en fietsen. Ook op dat gebied is handhaving weer de sleutel maar de gemeente geeft daar geen prioriteit aan. Een ondernemer bracht in de raadsinformatiebijeenkomst het idee van kort parkeren in een deel van de straten in de binnenstad naar voren. Veel andere steden kennen dit systeem ook. Gevraagd wordt hoe de wethouder hier tegenaan kijkt. De PVV is tegen dit voorstel en overweegt een motie of amendement.
50
55
De heer Van Steeg (CDA) geeft aan dat de fractie begrip heeft voor de wens van het college om de binnenstad autoluw te maken. Vrijwilligheid is voor het CDA wel een belangrijk punt en de fractie wil de huidige regeling dan ook behouden. Bewoners en ondernemers moeten verleid worden om zelf de keuze te maken om een andere parkeerplek te kiezen en dit moet niet op basis van dwang worden opgelegd. Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst werd duidelijk tot welke weerstand dit leidt bij bewoners en ondernemers. In dit kader speelt de parkeergarage Springweg een belangrijke rol. Pagina 26 van 32
5
De heer Koppelaar (Student&Starter) vindt het bijzonder dat er gesproken wordt over dwang omdat daar in dit voorstel geen sprake van is en de heer Van Steeg wordt gevraagd wat hij daarmee bedoelt. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat nu de mogelijkheid bestaat om zelf een parkeerplaats op te geven en dat daar aan vast gehouden moet worden om draagvlak te houden. De eigen keuze moet het uitgangspunt zijn. De heer Weistra (GroenLinks) stelt dat dit geen antwoord is en vraagt waar het CDA dwang ziet in het voorstel.
10 De heer Van Steeg (CDA) stelt al geantwoord te hebben. De huidige regeling laat de bewoners de keuze om een andere plek te kiezen en dat verandert met het voorliggende raadsvoorstel. 15
20
De heer De Pagter (VVD) vraagt of GroenLinks en Student&Starter wel hebben opgelet bij de raadsinformatiebijeenkomst. De bewoners ervaren het voorstel als dwang wat ertoe leidt dat ze nog veel langer moeten zoeken naar een parkeerplaats. De bewoners willen hierbij betrokken worden. De heer Weistra (GroenLinks) merkt op dat dwang nu wordt teruggebracht naar iets langer zoeken naar een parkeerplaats. De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat het niet gaat om even iets langer zoeken.
25
De heer Işik (PvdA) vraagt aan de VVD wat bedoeld wordt met het betrekken van bewoners en of dat luisteren is, of instemmen in de standpunten van de bewoners. De heer De Pagter (VVD) antwoordt dat betrekken betekent dat je mensen mee laat denken over dit onderwerp. Nu kan dat nog door een parkeerplaats op straat in te ruilen voor een garageparkeerplaats.
30 De heer Bosch (PVV) geeft aan dat dwang zit in het gegeven dat plekken worden weggehaald, dat je niet vrijwillig de keuze maakt, dat je gedwongen wordt om langer rond te rijden voor een parkeerplaats, gedwongen wordt om een duurdere garageparkeerplaats te nemen of gedwongen wordt om de auto in Nieuwegein te parkeren. 35 De heer Koppelaar (Student&Starter) stelt dat het met het nieuwe voorstel de bewoner zelf blijft die ervoor kiest zijn parkeerplaats op te geven. 40
De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat dit voorstel het één op één-beleid juist uit het huidige beleid haalt.
45
De heer Van Steeg (CDA) vervolgt en geeft aan dat de Springweggarage een belangrijke rol kan spelen als ervoor wordt gekozen het initiatief bij de bewoners te laten. De opbrengsten van de parkeergelden zijn door Corona lager en dat zou een reden kunnen zijn om de situatie te laten zoals die nu is.
50
55
Mevrouw Schilderman (D66) geeft aan dat D66 een groot voorstander is van het opheffen van meer parkeerplekken in het drukke centrum en aan de grachten. Het is daarom ook jammer dat dit voorstel zo lang op zich heeft laten wachten. Dat is een gemiste kans voor de meeste mensen in het centrum die lopen of fietsen. Utrecht heeft de laatste tijd kunnen oefenen met het weghalen van parkeerplaatsen aan de Oude Gracht. Dat ging op sommige plekken maar er zijn ook verbeterpunten en het zou goed zijn om met dit voorstel na te denken over hoe het opheffen van parkeerplaatsen nog beter kan. Punten die op dit gebied genoemd zijn gingen over laden en lossen en kort parkeren. Gevraagd wordt waarom deze punten geen integraal onderdeel zijn van dit plan om zo tegemoet te komen aan het nadeel van het weghalen van parkeerplaatsen en of de wethouder bereid is alsnog maatregelen te nemen. De Springweggarage is een prima alternatief voor mensen die tot op heden hun auto op straat parkeren. Gevraagd wordt hoe het college tot de conclusie komt dat er voldoende alternatieven zijn en welke rol de Springweggarage daar in speelt.
60 Pagina 27 van 32
De heer Bosch (PVV) stelt dat als je aan het Janskerkhof woont de Springweggarage geen alternatief is. 5
10
15
20
25
Mevrouw Schilderman (D66) meent dat de garage Paardenveld in dat geval een goed alternatief is. Als er een markt is op het Janskerkhof wordt duidelijk dat er geen noodzaak is dat daar parkeerplaatsen zijn. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) geeft aan dat de ChristenUnie al langer pleit voor het autovrij maken van delen van de binnenstad. Op deze manier kan de stad voor iedereen bereikbaar blijven. De fractie vindt het belangrijk dat in de communicatie goed wordt laten zien wat de inwoners van Utrecht op de Oude Gracht terugkrijgen voor het opheffen van de parkeerplaatsen. Gevraagd wordt op welke manier de ruim 1.000 vierkante meter vrijgekomen ruimte benut en teruggegeven aan de stad gaat worden. ook wordt gevraagd of de herinrichting van de Oude Gracht ook aan dit plan gekoppeld is, welke ideeën er zijn en hoe de raad hier over geïnformeerd wordt. Als de herinrichting nog even op zich laat wachten zouden tijdelijke initiatieven van bewoners ruimte moeten krijgen. Gevraagd wordt welk tempo het college wil aanhouden voor de 40 parkeerplaatsen. De heer Weistra (GroenLinks) vindt het een goed plan en is benieuwd naar de vervolgstappen. Het opheffen van parkeerplaatsen aan de Oude Gracht en op het Janskerkhof is een belangrijke wens van GroenLinks. De heer Van Heuven (PvdD) vindt het een goed voorstel, voor de PvdD kan het niet snel genoeg gaan.
Dat er eerst 60 en daarna 40 parkeerplaatsen komen te vervallen vindt de fractie nog wat karig. De PvdD spoort het college aan om met de volgende 100 en liefst ook resterende 270 plekken aan de slag te gaan. Bij het opheffen van parkeerplaatsen zou het college zoveel mogelijk moeten kiezen voor vergroening en fietsparkeren, en het liefst in die volgorde. De wethouder wordt gevraagd dit toe te zeggen.
30 De heer Bosch (PVV) vraagt of de PvdD alle parkeerplaatsen wil opheffen.
35
De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt zich voor te kunnen stellen dat alle straatparkeerplekken verdwijnen en zeker op doorgaande wegen en in krappe stegen. Hij is zelf in de binnenstad gaan wonen omdat hij daar geen auto nodig heeft. De heer Bosch (PVV) vraagt of de PvdD afstand neemt van het eerdere standpunt om meer evenementen en levendigheid in de binnenstad te krijgen.
40
45
De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat er met de vrijgekomen ruimte veel gedaan kan worden om de binnenstad te verlevendigen, bijvoorbeeld door vergroening. De heer Schipper (SP) stelt dat dit plan in het coalitieakkoord staat en vraagt zich af waar de raad aan begint deze avond. In 2016 was de SP akkoord met het plan Meer allure in de binnenstad. Voorwaarden voor het opheffen van parkeerplaatsen was de vrijwillige basis en draagvlak. Het college wil de eerste voorwaarde nu opgeven. De bewoners in de binnenstad vinden een parkeergarage geen alternatief vanwege de loopafstand. Draagvlak voor de herinrichting in de buurt en goede alternatieven voor de opgeheven plekken zijn voorwaarden voor de SP en de fractie kan het voorstel dan ook niet steunen.
50
55
De heer Koppelaar (Student&Starter) stelt dat het met dit raadsvoorstel een stuk gemakkelijker wordt om parkeerplaatsen in de binnenstad op te heffen. Student&Starter is voorstander van een zo autovrij mogelijke binnenstad omdat dit de binnenstad mooier, gezelliger en leefbaarder maakt. Het voorstel betekent dat een eis voor het opheffen van parkeerplaatsen wordt losgelaten. De fractie kan zich daar in vinden maar wil de wethouder ook aanmoedigen om nog steviger door te pakken. Door de grote kloof tussen straatparkeren en een garageabonnement kiezen weinig mensen voor de overstap en Student&Starter wil zien dat garageparkeren meer gestimuleerd wordt. Gevraagd wordt welke mogelijkheden die wethouder hiertoe ziet.
Pagina 28 van 32
De heer De Pagter (VVD) vraagt of hij Student&Starter aan zijn zijde vindt als de tarieven voor garageparkeren voor bewoners omlaag gaan. 5
De heer Koppelaar (Student&Starter) weet niet of dat de oplossing is, er zijn ook andere manieren om het aantrekkelijker te maken Zo wordt afstand als een probleem ervaren en dan zouden deelfietsen een oplossing kunnen bieden. De heer Bosch (PVV) vraagt of het ook een idee is om in de parkeergarage hangmatten op te hangen zodat mensen kunnen uitrusten als ze daar aankomen.
10 De heer Koppelaar (Student&Starter) antwoordt te kijken naar hoe het CDA hier over denkt aangezien dit hun paradepaardje is. Student&Starter staat open voor alles om garageparkeren aantrekkelijker te maken. 15
20
De heer Van Steeg (CDA) vraagt of Student&Starter tegenstander is van het slopen van parkeergarages in de toekomst. De heer Koppelaar (Student&Starter) antwoordt dat er voorwaarden hangen aan de keus om een garage wel of niet te slopen en het debat hierover gaat nog gevoerd worden. Bewoners kunnen ook op andere manieren worden gestimuleerd hun vergunning op te geven. Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst deed een bewoner de suggestie om korting of een tegoedbon te geven voor het gebruik van deelauto’s. De wethouder wordt gevraagd hierop te reflecteren. Het is interessant om te kijken naar een gratis proefrit voor bewoners. De fractie denkt dat veel mensen niet kiezen voor deelauto’s omdat ze niet bekend zijn met het systeem.
25
30
De heer Işik (PvdA) kan zich vinden in de uitgangspunten van het voorstel. Gevraagd wordt hoe het college omgaat met het verlies aan parkeerinkomsten door het opheffen van 40 parkeerplaatsen. De kosten voor het parkeren in een garage zijn hoger. Gevraagd wordt hoe het college het verschil met het bewonersparkeren gaat wegwerken. De fractie wil de toezegging dat als de 40 plaatsen worden opgeheven de bewoners meer zeggenschap krijgen over de inrichting van de vrijgekomen ruimte. Als om bijvoorbeeld medische redenen de afstand voor bewoners te groot is, dan moet het college daar een oplossing voor vinden.
35
40
45
50
55
De heer Gaillard (Stadsbelang Utrecht) stelt dat Stadsbelang Utrecht wil dat iedere Utrechter als het kan voor zijn woning een parkeerplaats heeft. Tegelijkertijd is het goed als het verkeer in de binnenstad afneemt. De fractie heeft geen principieel bezwaar tegen het opheffen van parkeerplaatsen zolang bewoners van de binnenstad hun auto kwijt kunnen. Met het vrijkomen van parkeerplaatsen in de Springweggarage en andere garages in de toekomst hoopt de fractie dat deze maatregel met positieve consequenties kan worden uitgevoerd. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat in de laatste 10 jaar het autovrij zijn van huishoudens in de binnenstad van 39% naar 62% is gestegen. Dat verklaart waarom dit voorstel zacht kan landen. Er worden ongeveer 200 vergunningen per jaar ingeleverd en 150 uitgegeven, zonder dat de wachtlijst langer wordt. Mensen merken het opheffen van de parkeerplaatsen natuurlijk wel, ze zullen soms wat verder van huis staan dan gewild, maar zachter kan de landing niet zijn. Er is begrip voor dat mensen die een auto hebben en deze ook nodig hebben het misschien anders zouden willen zien, maar het college denkt dat het een redelijk voorstel zijn. De wethouder is het eens met de oproep om meer vaart te maken maar het opheffen van parkeerplaatsen leidt ook tot inkomstenderving en dit voorstel is bedoeld om een haalbare start te maken.
Als het college dit voorstel niet zou doen, zouden de parkeerplaatsen ook verdwijnen, alleen iets langzamer. De wethouder houdt het voorstel dan ook op tafel. Het college denkt dat er voldoende alternatieven zijn, verschillende garages hebben nog ruimte beschikbaar. In het voorstel van de Springweggarage zit ook de landing dat er ruimte elders beschikbaar is voor bewonersplekken.
Pagina 29 van 32
Het is mogelijk om bewoners op andere manieren te stimuleren hun plek op te geven. Een deeltegoed voor deelauto’s zit al in de pijplijn en er is al een spijtoptantenregeling om de verliesaversie tegen te gaan. 5
Voor bezoekers is het al goedkoper om te parkeren in de garage ten opzichte van de straat. Voor bewoners is dat niet het geval en het college probeert deze twee dichter bij elkaar te brengen. Het straatparkeren kan duurder gemaakt worden en er kan korting gegeven worden op de tarieven voor de belanghebbendengarages. Het verschil wordt daardoor kleiner. Daarnaast biedt een garage andere voordelen zoals het niet hoeven zoeken naar een parkeerplaats.
10 De heer Işik (PvdA) vraagt of het college het verschil in de tarieven helemaal wil wegwerken voor de bewoners die vrijwillig een parkeerplaats afstaan. 15
20
Wethouder Van Hooijdonk vindt het moeilijk te verantwoorden om dat in een keer te doen. Als de tarieven voor een garage net zo laag worden als die van straatparkeren wordt er in feite subsidie gegeven voor het parkeren van een auto omdat het dan niet meer kostendekkend is. Het verhogen van het straatparkeren naar het tarief van een garage is een heel forse verhoging. Hier zijn al stappen in gezet maar het is niet fair om dat in één jaar te doen, dit is een gradueel proces. De heer Işik (PvdA) vraagt of de wethouder bereid is om het verschil eenmalig voor één jaar weg te werken om mensen zo te laten wennen. Wethouder Van Hooijdonk stelt net aangegeven te hebben waarom dat niet verstandig is.
25
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of de wethouder mee wil nemen dat sommige bewoners wellicht te verleiden zijn om te parkeren in een ander rayon, buiten de singel.
30
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat hier onderzoek naar is gedaan. Het is moeilijk te verkopen aan de andere rayons omdat de parkeerdruk daar ook hoog is. De gemeente biedt wel het parkeren in de P&R aan, dat kost 10% van de kosten voor de binnenstadgarage. Er is begrip voor dat niet iedereen hiertoe bereid is, maar het aanbod is er wel.
35
Het college heeft een aantal zaken in de pen met betrekking tot het parkeerbeleid. Bij de modules over parkeren en toegankelijkheid en over parkeren in de openbare ruimte wordt nagedacht over parkeren in de binnenstad en hoe er tot verbetering gekomen kan worden met betrekking tot o.a. laden en lossen, gehandicaptenparkeerplaatsen en parkeerregimes. Blauwe zones zitten niet in de instrumentenkist maar er wordt wel nagedacht over het beter beschikbaar maken van plekken voor doelgroepen.
40
45
50
55
Mevrouw Schilderman (D66) verwijst naar de modules en stelt dat er veel losse voorstellen zijn. Gevraagd wordt of er één overkoepelend voorstel voor parkeren komt. Een bundeling of een overzichtsmemo zou op prijs gesteld worden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat eerder al op een rij is gezet welke modules de raad nog gaat ontvangen. Het eerste deel is de Parkeervisie, de Normen en Betaald parkeren en het tweede deel is Parkeren op afstand, Toegankelijkheid en de Openbare ruimte. Binnenkort ontvangt de raad het eerste deel. Er is wat budget voor herinrichting voor de 40 parkeerplaatsen. Er is geen budget voor het grootschalig herinrichten van het Janskerkhof. De gedachte is om aan de kant van de Drift een aantal parkeerplaatsen om te zetten in fietsparkeren. Herinrichting zal in overleg met bewoners worden gedaan. Het college denkt aan fietsparkeren, vergroening en verblijven maar wil hier geen rangorde in aanbrengen, dat zal situationeel zijn. Er zal in elk geval met de omgeving gecommuniceerd worden over het opheffen van de plekken en de herinrichting maar de hoop is ook dat de Utrechters zien dat de stad verandert. De heer De Pagter (VVD) vraagt of de wethouder bereid is om de raad te informeren over welke 40 plekken gaan verdwijnen.
Pagina 30 van 32
5
10
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het college vooral denkt aan het Janskerkhof aan de kant van de Drift ten gunste van fietsparkeren, het noordelijke deel van de Oude Gracht ten gunste van fietsparkeren en vergroening en wellicht verspreid over de binnenstad nog wat plekken. Als hier meer zekerheid over is kan dit precies op schrift worden gesteld en de raad zal hier in de eerste helft van 2021 over geïnformeerd worden. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of het college ook de winst richting de stad wil communiceren. Niet alleen bewoners maken gebruik van de Oude Gracht. Wethouder Van Hooijdonk stelt voor om met bordjes te werken voor mensen die willen reageren, zoals ook met de stoplichten is gedaan. Dan wordt er meteen gecommuniceerd dat er wat gaat veranderen en zo kunnen naast bewoners ook gebruikers betrokken worden. De heer Işik (PvdA) vindt het teleurstellend dat het college nu al benoemt hoe de herinrichting eruit gaat zien terwijl dat samen met de bewoners besproken zou moeten worden.
15 Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat nog niet alles uitgekristalliseerd is en dat er ook een stedelijk belang is. Zo is er een tekort aan fietsparkeerplekken. Daarnaast zal er ook overleg zijn met bewoners en is er al contact geweest met stakeholders. 20
25
De heer Van Heuven (PvdD) vraagt of in de brief die is toegezegd ook kan worden opgenomen welke bestemming de vrijgekomen plekken krijgen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de dat zal doen. Met betrekking tot het tempo meent de wethouder dat het selecteren van de plekken, de overleggen en het herinrichten in 2021 plaats zal kunnen vinden. Gemiste antwoorden Er zijn geen gemiste antwoorden.
30
35
Tweede termijn De heer Koppelaar (Student&Starter) vraagt naar de termijn met betrekking tot het tegoed voor deelmobiliteit. Het raadsvoorstel mag van Student&Starter als A-punt door. De heer De Pagter (VVD) geeft aan, mogelijk samen met de PVV een motie in te gaan dienen over draagvlak in de buurt. Het stuk zal dus een B-punt zijn. De heer Bosch (PVV) Sluit aan bij de VVD.
40
De heer Işik (PvdA) overweegt een motie over de betrokkenheid van bewoners bij de herinrichting. Er is begrip voor de stedelijke opdrachten maar de bewoners moeten de ruimte hebben om te bepalen wat het beste is voor de eigen buurt. De heer Schipper (SP) ziet overlap tussen de wensen van de PvdA en de VVD en biedt zijn hulp aan bij het stroomlijnen van het proces.
45 De voorzitter stelt vast dat het punt doorgaat als B-punt naar de raad en er wordt een half uur behandeltijd gereserveerd. 50
Toezegging Wethouder Van Hooijdonk zegt toe, met betrekking tot agendapunt 9. Raadsvoorstel Aanpassen voorwaarde opheffen parkeerplaatsen binnenstad, de raad in de eerste helft van 2021 te informeren over de locaties van de 40 parkeerplaatsen die zullen gaan verdwijnen.
55
Mevrouw Schilderman (D66) vraagt tijdens welke raadsvergadering dit punt zal worden besproken. De heer Bosch (PVV) antwoordt dat het tijdens de raad van 17 december zal worden besproken. De voorzitter dankt alle aanwezigen en sluit om de vergadering om 22.58 uur.
60 Pagina 31 van 32
LIJST VAN TOEZEGGINGEN Wethouder Van Hooijdonk 5 Wethouder Van Hooijdonk zegt toe, met betrekking tot agendapunt 8. Raadsvoorstel Wijziging APV en legesverordening en collegevoorstel Nadere regel ten behoeve van vergunningplicht commercieel aanbieden voertuigen, de raad in Q2 2021 te informeren over de uitkomsten van de selectie van de aanbieders voor deelmobiliteit. 10 Wethouder Van Hooijdonk zegt toe, met betrekking tot agendapunt 9. Raadsvoorstel Aanpassen voorwaarde opheffen parkeerplaatsen binnenstad, de raad in de eerste helft van 2021 te informeren over de locaties van de 40 parkeerplaatsen die zullen gaan verdwijnen.
Pagina 32 van 32