Chw bestemmingsplan Thomas à Kempisplantsoen
Tekst van het document
Utrecht
In bovenstaande tabel (zie hiervoor ook bijlage 1) is te zien dat de parkeereis zonder gebruik te maken van afwijkingsmogelijkheden afgerond uitkomt op 242 parkeerplaatsen. Dit zijn 237 parkeerplaatsen voor de woningen en 5 parkeerplaatsen voor de overige functies in de gebouwen. Parkeereis bestaande functies: rechtens verkregen niveau Bij het plan is rekening gehouden met het rechtens verkregen niveau (dit is de parkeereis van de huidige functies). Op basis van de huidige functies is sprake van een parkeereis van 126 parkeerplaatsen. In het plangebied worden ten opzichte van de bestaande situatie 79 parkeerplaatsen verwijderd. Hiermee zijn er nog 47 parkeerplaatsen beschikbaar op basis van het rechtens verkregen niveau. Dit aantal mag worden afgetrokken van het totale aantal te realiseren parkeerplaatsen voor bezoekers, waardoor de uiteindelijke parkeereis lager uitvalt. Mogelijkheden om af te wijken van de parkeereis Op basis van artikel 7 van de Beleidsregel parkeernormen auto 2021 is het mogelijk om de parkeereis te reduceren door bijvoorbeeld extra fietsparkeerplekken (lid 1 sub b) en door deelautoplekken met deelauto's (lid 1 sub c) te realiseren. Extra fietsparkeerplekken Bij het realiseren van extra fietsparkeerplekken geldt dat 1 autoparkeerplaats wordt vervangen door 1,5 fietsparkeerplek of 1 plek voor bijzondere voertuigen zoals een bakfiets.
In B1 gebied mag maximaal 15% van de parkeereis worden omgezet in extra fietsparkeerplekken. Voor de ontwikkeling aan het Thomas à Kempisplantsoen wordt 15% van de parkeereis omgezet in extra fietsparkeerplekken en dit komt overeen met 29 autoparkeerplaatsen. Vanwege de ligging van het Thomas à Kempisplantsoen is het gebruik van de fiets meer vanzelfsprekend. Daarnaast wordt fietsgebruik binnen het plangebied extra gestimuleerd. De extra fietsparkeerplekken moeten in een stallingsmogelijkheid onder de bouwblokken worden gerealiseerd. Deelautoplekken met deelauto's en deelmobiliteit Bij het realiseren van deelautoplekken met deelauto's geldt dat 4 (reguliere) autoparkeerplaatsen worden vervangen door 1 autodeelplek. In B1 gebied mag 25% tot 50% van de parkeereis van de bewoners worden omgezet in deelautoplekken met deelauto's. bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Thomas à Kempisplantsoen" (vastgesteld)
95
Hiervoor wordt voor 27% van de parkeereis gebruik gemaakt en dit aantal autoparkeerplaatsen mag van de parkeereis worden afgetrokken. Dit houdt in dat er 11 parkeerplaatsen worden toegevoegd aan het totaal, waardoor er 34 worden 'opgeheven' door gebruik te maken van deze reductiemogelijkheid. De deelauto plekken worden in lijn met artikel 12 lid 2 van de beleidsregel in de openbare ruimte gerealiseerd binnen 250 meter van de hoofdingangen. Het plangebied is aangewezen als maatwerklocatie. Op grond van artikel 8 lid 2 sub c van de Beleidsregel parkeernomen auto 2021 is het uitgangspunt bij maatwerklocaties dat er een eigen mobiliteitsconcept wordt ontwikkeld. Dit mobiliteitsconcept moet toekomstvast worden georganiseerd en langjarig worden gefinancierd. Aanvullend op de bovengenoemde afwijkingsmogelijkheden die de Beleidsregel parkeernormen auto 2021 al biedt en die voor deze ontwikkeling worden toegepast bestaat het eigen mobiliteitsconcept van de ontwikkeling aan het Thomas à Kempisplantsoen uit het vervangen van een deel van de deelautoplekken met deelauto's voor deelmobiliteit in de vorm van elektrische (bak)fietsen. Van de deelautoplekken voor deelauto's worden 5 parkeerplaatsen ingezet voor elektrische deelfietsen. Voor elektrische deelfietsen gelden andere eisen qua inrijdbaarheid en de grootte van de parkeervakken.
Er moet hiervoor een plek worden aangewezen die goed bereikbaar is vanaf de weg, maar deze plek hoeft per elektrische deelfiets niet de grootte van een 'regulier' autoparkeervak te hebben. In de berekening wordt wel uitgegaan van parkeerplaatsen, maar in de praktische uitvoering zal dit dus anders worden vormgegeven. Realiseren parkeereis, die overblijft na afwijkingen Op maaiveld niveau van het noordelijke bouwblok wordt een parkeergarage gerealiseerd voor 64 motorvoertuigen (de parkeergarage wordt voorzien van een binnentuin). Deze zullen allemaal worden toegewezen aan bewoners van de twee bouwblokken. Aangezien de totale parkeereis (na aftrek van de afwijkingen en het rechtens verkregen niveau) uitkomt op 133 parkeerplaatsen, betekent dit dat er nog 69 parkeerplaatsen nodig zijn om te kunnen voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Artikel 10 lid 1 van de beleidsregel schrijft voor dat parkeerplaatsen voor de auto op eigen terrein worden gerealiseerd. Op grond van artikel 7 lid 1 sub f van de beleidsregel, kan hier van af worden geweken voor 50-100% van de parkeereis. Omdat het Thomas à Kempisplantsoen solitair is gelegen, is het realiseren van een deel van de parkeerbehoefte in de openbare ruimte akkoord bevonden.
Aangezien er maximaal ruimte is voor 60 autoparkeerplaatsen in de openbare ruimte (dit is inclusief de 6 parkeerplaatsen voor deelauto's), zijn er 4 autoparkeerplaatsen niet te realiseren in de openbare ruimte. Deze worden opgelost via dubbelgebruik (artikel 7 lid 1 sub h van de Beleidsregel parkeernormen auto 2021). Omdat een deel van de autoparkeerplaatsen in de openbare ruimte ook door bewoners kunnen worden gebruikt, worden deze plaatsen bijvoorbeeld over het algemeen minder bezet tijdens kantooruren. Hierdoor zijn er meer parkeerplaatsen beschikbaar voor bezoekers en wordt het tekort aan parkeerplaatsen opgelost. Aangezien er bewoners in de openbare ruimte moeten parkeren moeten er parkeervergunningen worden afgegeven. Op grond van artikel 21 lid 2 van de beleidsregel is dit mogelijk. Vanwege de geïsoleerde ligging van het Thomas à Kempisplantsoen is niet de verwachting dat hier veel bewoners uit Nieuw-Engeland zullen parkeren en daarom wordt van deze afwijkingsmogelijkheid gebruik gemaakt. Er worden 29 parkeervergunningen uitgegeven. Er kunnen meerdere (aangewezen) adressen in aanmerking komen voor een parkeervergunning. De deelautoplekken worden langs het Thomas à Kempisplantsoen (binnen de openbare ruimte van het plangebied) gerealiseerd.
Zoals hiervoor benoemd hoeven de overige 5 plekken voor elektrische deelfietsen geen grootte te hebben van een autoparkeerplaats en dus worden deze niet meegenomen in het totaal. Een deel van de openbare ruimte zal dus ingezet worden voor autoparkeerplaatsen voor bewoners en bezoekers, deelautoparkeerplaatsen en parkeerplaatsen voor elektrische deelfietsen.
De te realiseren parkeerplaatsen
Mobiliteitsbeheerplan Bij een aanvraag om omgevingsvergunning moet de aanvrager een mobiliteitsplan indienen (artikel 9 6 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Thomas à Kempisplantsoen" (vastgesteld)
Utrecht
14 lid 3 van de Beleidsregel parkeernormen auto 2021), waarin het mobiliteitsplan wordt beschreven. Hier zal ook ingegaan worden op onder andere de deelauto's, elektrische deelfietsen en extra fietsparkeerplekken. Fietsparkeren Voor de ontwikkeling geldt ook een bepaalde fietsparkeereis. Deze fietsparkeereis is vastgesteld aan de hand van het Bouwbesluit 2012. Voor beide bouwblokken is apart gekeken naar de fietsparkeereis. In het noordgebouw komt het er op neer dat hier een fietsparkeereis ligt van 394 fietsparkeerplaatsen. Voor het zuidgebouw geldt een fietsparkeereis van 577 plekken. Dit komt door het hogere aantal woningen in het zuidelijk bouwblok. In deze aantallen zijn niet de fietsparkeerplekken meegenomen die moeten worden gerealiseerd door opheffing van autoparkeerplaatsen. De toegankelijkheid van de fietsparkeergarages moet voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit 2012. Voor iedere woning moeten minimaal twee fietsparkeerplekken op vloerniveau aanwezig zijn, omdat er gebruik wordt gemaakt van hoog/laag stallingen. Voor de overige niet-woon functies kan er ook gebruik gemaakt worden van de fietsparkeergarages. Daarnaast worden in de openbare ruimte ter hoogte van deze voorzieningen fietsenrekken geplaatst om verrommeling van de openbare ruimte te voorkomen. Deze worden op goed bereikbare locaties gesitueerd. 4.2.3
Verkeersgeneratie
Het is van belang dat de bestaande wegen de extra verkeersgeneratie die de nieuwe ontwikkeling met zich meebrengt kunnen blijven afwikkelen. De Westelijke Stadsboulevard is in ontwikkeling. De kern van dat project is het inrichten van de stedelijke verbindingswegen naar 2x1 rijbanen, met een groene strook in het midden van de weg. Aangezien hiermee de capaciteit van de wegen naar beneden gaat, is er uitgebreid onderzoek gedaan of dit allemaal mogelijk is. Het Thomas à Kempisplantsoen is hierin ook meegenomen. Voor de realisatie van de Westelijke Stadsboulevard is voor de ontwikkeling aan het Thomas à Kempisplantsoen als maatgevend criterium 55 motorvoertuigen in de avondspits meegegeven. Bij de nieuwbouwontwikkeling van het Thomas à Kempisplantsoen worden maximaal 349 woningen, een aantal aanvullende functies en 124 parkeerplaatsen in totaal gerealiseerd. Aan de hand hiervan is de bestaande en toekomstige verkeersgeneratie berekend met hulp van kencijfers van het CROW (hierbij verwijzen wij naar onderstaande tabellen). Hieruit blijkt dat de totale in de toekomstige verkeersgeneratie per etmaal uitkomt op circa 606 motorvoertuigen. De bestaande totale verkeersgeneratie bedraagt ongeveer 421 motorvoertuigen per etmaal. Het verschil tussen de bestaande en toekomstige situatie bedraagt dus circa 185 motorvoertuigen per etmaal.
Het maatgevende moment, de avondspits, genereert in de toekomstige situatie ongeveer 55 motorvoertuigen (in de bestaande situatie bestaat de avondspits uit circa 39 motorvoertuigen). Deze aantallen zijn op gemiddeldes gebaseerd en zullen in werkelijkheid altijd iets afwijken. Het geeft echter een goede indicatie van de ritten van- en naar het Thomas à Kempisplantsoen en worden daardoor als acceptabel beschouwd. Bestaande situatie: verkeer totaal (mvt/etm) 421
ochtendspits (mvt) 29
avondspits (mvt) 39
ochtendspits (mvt) 42
avondspits (mvt) 55
Toekomstige situatie: verkeer totaal (mvt/etm) 606
4.2.4
Openbare ruimte en groen
Alle onbebouwde ruimte buiten de footprint van de gebouwen wordt na realisatie openbare ruimte. In de openbare ruimte zijn geen overgangen of verschillen zichtbaar, aangezien het gebied één geheel vormt. Bij de materialisering vormt de 'Domstad kwaliteit' het uitgangspunt, met de mogelijkheid om op specifieke plekken een hogere kwaliteit toe te passen. De afvalinzameling gebeurt door de plaatsing van ondergrondse containers aan de noordzijde van de ontwikkeling. Daarnaast wordt er nog een locatie gezocht aan de ventweg Thomas à Kempisweg. De afvalcontainers moeten binnen 125 meter vanaf de hoofdentrees bereikbaar zijn. bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Thomas à Kempisplantsoen" (vastgesteld)
97
4.3
Conclusie
Met dit plan worden de woningen aan het Thomas à Kempisplantsoen beter aan de woongebieden in de directe omgeving gehecht. Er ontstaat verder een groene omgeving dat een tegenwicht kan vormen aan de grote schaal van de verkeersinfrastructuur rondom. Het vormt een schakel tussen de stad aan de oostzijde van het Amsterdam-Rijnkanaal en Leidsche Rijn. Daarnaast worden er sociale huurwoningen en middenhuur woningen toegevoegd, waar veel vraag naar is.
9 8 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Thomas à Kempisplantsoen" (vastgesteld)