CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht.pdf

Gemeenteraad 1 december 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Chw bestemmingsplan kookgasvrij Overvecht33.888 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bestemmingsplan

Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht Vastgesteld, datum volgt na vaststelling

Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1

Inleiding

7

1.1

Aanleiding en doelstelling

7

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

7

1.3

Geldende plannen

8

1.4

Bestemmingsplanmethodiek

8

1.5

Leeswijzer

8

Hoofdstuk 2

Relevant beleidskader

9

2.1

Rijksbeleid

2.2

Provinciaal en regionaal beleid

10

2.3

Gemeentelijk

beleid warmtetransitie

10

2.4

Gemeentelijk

beleid Overvecht Noord aardgasvrij

11

2.5

Conclusie

Hoofdstuk 3

9

12

Relevant juridisch kader

13

3.1

Toepassing Crisis- en herstelwet

13

3.2

Bevoegdheid

14

Hoofdstuk 4

gemeente Utrecht

Planbeschrijving

17

4.1

Vervanging gasdistributienet

4.2

Project Chw Overvecht-Noord:

huurwoningen Mitros

17

4.3

Project Chw Overvecht-Noord:

omvang plangebied

18

4.4

Project Chw Overvecht-Noord:

werkzaamheden

19

Hoofdstuk 5

Overvecht-Noord

17

Mitros

Uitvoerbaarheid

21

5.1

Maatschappelijke

5.2

Financiele uitvoerbaarheid

22

5.3

Technische uitvoerbaarheid

24

5.4

Overleg

25

Hoofdstuk 6

uitvoerbaarheid

Juridische plantoelichting

21

27

6.1

Inleiding

27

6.2

Planvorm

27

6.3

Opbouw regels

6.4

Artikelsgewijze

6.5

Juridische

27 toelichting

toelichting

planregels

27 28

Bijlagen toelichting

37

Bijlage 1

Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet Tranche 22

39

Hoofdstuk 1

Inleidende regels

78

Artikel 1

Begrippen

78

Hoofdstuk 2

Gebiedsaanduiding

80

Artikel 2

Specifieke gebiedsaanduiding

80

Hoofdstuk 3

Algemene regels

81

Artikel 3

Werking van dit bestemmingsplan

81

Hoofdstuk 4

Slotregels

82

2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Artikel 4

Slotregel

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

82

3

4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Toelichting

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

5

6 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding en doelstelling

De gemeente Utrecht heeft de ambitie om de wijk Overvecht-Noord voor 2030 aardgasvrij te maken. Stedin moet in Overvecht-Noord het verouderde gastransportnet, dat voor een aanzienlijk deel bestaat uit enkel kookgasaansluitingen, vervangen. Op grond van de Crisis-en herstelwet (hierna: Chw) heeft het Rijk een bevoegdheid toegekend aan de gemeente Utrecht om in een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte voor Overvecht-Noord gebieden aan te wijzen, waarbinnen het verboden is te beschikken over een kookgasaansluiting vanaf een in dat bestemmingsplan gestelde datum. Deze inzet van de Chw is erop gericht om te voorkomen dat het verouderde gastransportnet in het aangewezen (plan-)gebied in zijn geheel wordt vervangen door een nieuw gastransportnet. Hiermee samenhangend kan de toepassing van het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte als een 'juridische stok achter de deur' worden beschouwd om alle bewoners in het aangewezen (plan)gebied op vrijwillige basis de overstap te laten maken naar elektrisch koken. Woningcorporatie Mitros heeft in overleg met de gemeente en netbeheerder Stedin een aantal van haar in Overvecht-Noord gelegen woningen geselecteerd als plangebied voor de inzet van de Chw.

Het door de gemeente opgestelde bestemmingsplan met verbrede reikwijdte opgesteld maakt het met inachtneming van bepaalde voorwaarden - juridisch mogelijk om in dit deel van Overvecht-Noord het gastransport te verbieden en daardoor de overgang naar elektrisch koken mogelijk te maken. Dit bestemmingsplan wordt hierna aangeduid als 'Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht'.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het plangebied, dat door de gemeente Utrecht in het 'Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht' is aangewezen, is gelegen in de Utrechtse wijk Overvecht en omvat 10 bouwblokken met in het totaal circa 320 woningen. Deze woningen zijn huurwoningen in eigendom van de woningcorporatie Mitros. Het plangebied ligt globaal ten zuidwesten van Park de Gagel, ten zuidoosten van de Japuradreef, ten noordoosten van de Costa Ricadreef en ten noordwesten van de Panamadreef. Hieronder is het plangebied (Afbeelding 1) aangeven waarbij de rode bouwblokken het daadwerkelijke plangebied betreffen.

Afbeelding 1 Situering van het plangebied bestaande uit 10 bouwblokken bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

7

1.3

Geldende plannen

Het Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht gaat een aanvulling vormen op de reeds geldende bestemmingsplannen in het plangebied. De geldende bestemmingsplannen in het plangebied zijn de volgende bestemmingsplannen.

Bestemmingsplan Vastgesteld door Raad Bestemmingsplan 21 juni 2012 Overvecht-Noordelijke stadsrand CHW Algemene regels over 30 november 2017 bouwen en gebruik

Onherroepelijk

In het najaar van 2022 wordt naar verwachting het Chw bestemmingsplan Algemene regels Utrecht vastgesteld. Het Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht gaat, na vaststelling door de gemeenteraad, ook een aanvulling vormen op dit Chw bestemmingsplan Algemene regels Utrecht.

1.4

Bestemmingsplanmethodiek

Het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (hierna: Bu Chw) is met ingang van 28 oktober 2016 gewijzigd. Sinds die datum beschikt de gemeente Utrecht juridisch gezien over één bestemmingsplan voor het hele grondgebied, verder 'het bestemmingsplan van Utrecht' genoemd. Dat bestemmingsplan kan in zijn geheel of gedeeltelijk gewijzigd worden. De gemeente Utrecht is opgenomen in artikel 7g van het Bu Chw. Daardoor mag de gemeente de experimenteerbepalingen uit artikel 7g van dat besluit gebruiken. Op grond van artikel 7c van het Bu Chw kunnen onder andere regels in het bestemmingsplan worden opgenomen over het behouden of maken van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. In de vakliteratuur spreekt men van 'een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte'. Met 'verbreed' wordt dan bedoeld: niet alleen 'een goede ruimtelijke ordening' (bestemmingsplan), maar ook andere aspecten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet, die vanaf 2021 gaat gelden), waaronder bijvoorbeeld gezondheid en duurzaamheidsaspecten. Dit bestemmingsplan betreft een zogenaamde partiële paraplu herziening. Dat betekent dat de onderliggende bestemmingsplannen slechts op onderdelen worden gewijzigd. In dit geval wordt een planologisch-juridische regeling opgenomen om een kookgasaansluiting voor de in het plangebied gelegen woningen te verbieden.

Vanaf 1 januari 2024 is het verboden om te beschikken over een kookgasaansluiting. Voor deze datum worden alle woningen in het plangebied voorzien van een elektrische kookplaat. De verwarming van de woningen gaat via een warmtenet en daarvoor is geen gasaansluiting in gebruik.

1.5

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 bevat de beschrijving van de relevante beleidskaders. In dit verband wordt vooral ingegaan op het nationale en het gemeentelijke beleidskader voor het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. In aansluiting op dit beleidskader wordt in hoofdstuk 3 het relevante juridisch kader in het kort uiteengezet, waarbij de toepassing van de reikwijdte van de Chw voor het project Chw Overvecht Noord centraal staat. Hoofdstuk 4 gaat over de planbeschrijving. In dit hoofdstuk wordt het plangebied voor het experiment Chw Overvecht Noord, dat betrekking heeft op een afgebakend project van woningcorporatie Mitros, inhoudelijk beschreven. In hoofdstuk 5 komt de uitvoerbaarheid en de haalbaarheid van het project Chw Overvecht Noord aan bod. Het gaat in dit verband om een toelichting op de maatschappelijke, financiële en technische uitvoerbaarheid. Ten slotte bevat hoofdstuk 6 een juridische toelichting op de planregels. In Bijlage 1 bij de toelichting is het Bu Chw Tranche 22 opgenomen. In dit besluit is specifiek voor de Utrechtse wijk Overvecht opgenomen dat de gemeente Utrecht hiervoor een nieuw bestemmingsplan mag vaststellen om een deel van de woningen in deze wijk verplicht gasloos te maken.

8 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 2 2.1

Rijksbeleid

2.1.1

Nationaal Klimaatakkoord

Relevant beleidskader

In 2015 zijn in Parijs internationale afspraken gemaakt om de C O2-uitstoot terug te dringen. Nederland heeft haar inspanning vastgelegd in een nationaal Klimaatakkoord dat in juni 2019 is gepresenteerd. Hierin hebben meer dan 100 partijen afspraken vastgelegd over het verlagen van de CO2-uitstoot. Het plan is dat in Nederland in 2030 de uitstoot met 49% is verminderd ten opzichte van 1990. Op hoofdlijnen is de EU nu tot een akkoord gekomen voor een hoger 2030-doel: ten minste een reductie van 55% ten opzichte van 1990. Dit betekent dat waarschijnlijk de opgave tot 2030 groter wordt. Eén van de afspraken in het Klimaatakkoord is dat de gebouwde omgeving in Nederland in 2050 volledig C O2-vrij is. In 2050 gebruiken we daarom geen aardgas meer in onze gebouwen. Het is nodig dat we hiervoor een omslag maken: meer dan 7 miljoen woningen en 1 miljoen andere gebouwen (fabrieken, kantoren, scholen en bijvoorbeeld opslagruimtes) moeten duurzamer worden en voor hun verwarming en koken geen aardgas meer gebruiken. In het Klimaatakkoord is een hele reeks afspraken gemaakt voor een C O2-vrije verwarming van gebouwen, waarbij wordt uitgegaan van een wijkgerichte aanpak, die gericht is op het wijk-voor-wijk verduurzamen van de gebouwde omgeving. Zo kunnen zowel de bewoners als de gebouweigenaren (zoals kantoren en ziekenhuizen) betrokken worden bij de verduurzaming van de wijk.

Ook is de wijk de makkelijkste schaal om stap voor stap en op natuurlijke momenten een alternatief voor aardgas toe te passen en de kosten te beperken. In het Klimaatakkoord is een (stapsgewijze) aanpak afgesproken voor de verduurzaming van 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen in 2030, waarbij naast het aardgasvrij maken van wijken ook isolatie en andere CO2-besparende maatregelen nadrukkelijk deel uitmaken van de wijkgerichte aanpak. Ook isolatie en de hybride warmtepomp kunnen kosteneffectieve maatregelen zijn om als tussenstap naar volledig aardgasvrij al veel C O2-reductie te realiseren. Ook met deze tussenstappen kan dus het doel van 1,5 miljoen te verduurzamen woningen en de 3,4 Mton C O2 reductie in 2030 gehaald worden. De gemeente heeft de regie over de wijkgerichte aanpak. Gemeenten hebben voor eind 2021 een Transitievisie Warmte (TVW) en een Regionale Energiestrategie (RES) moeten opstellen. 2.1.2

Interbestuurlijk Programma Aardgasvrije Wijken (PAW)

In 2018 is gestart met het interbestuurlijke Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Interprovinciaal Overleg en de Unie van Waterschappen. In het PAW wordt in de gemeentelijke proeftuinen ervaring opgedaan met de wijkgerichte aanpak en de verschillende technieken en werkwijzen die daarbij ingezet kunnen worden. Belangrijke aandachtspunten zijn initiatief, participatie en draagvlak van bewoners en hoe deze aanpakken naar de toekomst toe opgeschaald kunnen worden en verbonden kunnen worden met andere fysieke en sociale opgaven in de wijk. Via het Kennis en Leerprogramma aardgasvrije wijken (onder regie van VNG) worden de proeftuinen ondersteund en de geleerde lessen gedeeld met alle gemeenten. Waar zich in lokale uitvoering knelpunten voordoen worden deze geagendeerd en waar mogelijk opgelost. In 2018 zijn in het kader van de eerste tranche 27 proeftuinen aangewezen. 2.1.3

Coalitieakkoord 'Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst'

Eind 2021 hebben VVD, D66, CDA en ChristenUnie een nieuw coalitieakkoord gesloten. Dit akkoord is op 15 december 2021 gepresenteerd en bevat de plannen voor de komende kabinetsperiode, waaronder de plannen voor verduurzaming van de gebouwde omgeving. De aanpak van het kabinet Rutte IV is gericht op een slim en pragmatisch huizen en bedrijven te verduurzamen. In dit verband worden de volgende concrete maatregelen genoemd. Het op basis van een programmatische aanpak - met een langjarig Nationaal Isolatieprogramma mét commitment en middelen tot ten minste 2030 - woningen sneller, slimmer en socialer isoleren. Het met normering en positieve prikkels bevorderen dat verhuurders huurwoningen met slechte bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

9

isolatie verduurzamen. Woningen met slechte isolatie mogen op termijn niet meer worden verhuurd. Ook wordt het voor VvE's en woningeigenaren makkelijker gemaakt om te verduurzamen. Het Warmtefonds wordt hiervoor ingezet en het mkb krijgt er toegang toe. De hybride warmtepomp is op korte termijn voor de meeste woningen een goede warmteoplossing. Via normering krijgen leveranciers de verantwoordelijkheid om steeds meer (hybride) warmtepompen te installeren, in combinatie met een subsidie voor de meerkosten die huishoudens moeten maken. Op wijkniveau wordt, waar dat kosteneffectief kan, ingezet op de realisatie van duurzame warmtenetten. De onrendabele top van collectieve warmteprojecten zal deels worden gefinancierd uit een nationale subsidieregeling, zodat dit voor huishoudens betaalbaar blijft. Er komt een bijmengverplichting voor groen gas in het gasnet. De aanpak van de gebouwde omgeving van het kabinet Rutte IV moet ertoe bijdragen dat de in het Klimaatakkoord afgesproken doelstellingen voor de gebouwde omgeving, zoals wijkgerichte aanpak om de gebouwde omgeving aardgasvrij te maken, worden gehaald.

2.2

Provinciaal en regionaal beleid

De RES van de regio U16 (RES U16) is een van de dertig Regionale Energie Strategieën, die in de afgelopen jaren in Nederland zijn opgesteld. De RES U16 is een samenwerkingsverband van 21 overheden, waaronder de gemeente Utrecht, en netbeheerder Stedin, en draagt bij aan het behalen van de landelijke doelstellingen van het Klimaatakkoord. Concreet betekent dit dat de regio U16 bijdraagt aan de landelijke doelstelling van 35 TWh elektriciteit op land met zonne- en windenergie in 2030. En dat binnen de regio U16 wordt afgesproken hoe bovengemeentelijke warmtebronnen worden ontwikkeld en gebruikt voor het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Het warmtehoofdstuk binnen de RES noemen we de Regionale Structuur Warmte (RSW). De overstap naar duurzame warmte vindt met name plaats op lokaal niveau. De RSW gaat in op de regionale aspecten van de warmtetransitie en richt zich onder andere op warmtebronnen die de potentie hebben om in meerdere gemeenten warmte te leveren, zogenaamde bovengemeentelijke warmtebronnen. Hoe gemeenten regie gaan voeren op de warmtetransitie is onderdeel van de gemeentelijke transitievisies warmte (TVW's). Ook het onderzoek naar de lokale inzet van warmtebronnen vindt plaats in de gemeentelijke TVW's, evenals het tempo dat zij hanteren en welke warmteoplossingen per wijk, buurt of gebied het meest voor de hand liggen.

In het vervolgproces wordt de RSW gevoed met informatie uit de TVW's. Daaruit blijkt of meerdere gemeenten naar eenzelfde bron kijken of welke gemeenten mogelijk een tekort hebben aan duurzame warmte, waardoor naar oplossingen buiten die gemeenten moet worden gekeken. De gemeenteraden, Provinciale Staten en de algemeen besturen van de waterschappen hebben eind 2021 besloten over de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 van de energieregio Utrecht. 15 gemeenten, 4 waterschappen, en de provincie stelden de RES 1.0 vast. De RES is vervolgens aangeboden aan het Nationaal Programma RES voor een doorrekening en advies door het Planbureau voor de Leefomgeving. De voorgestelde ontwikkeling past binnen het geldende provinciale en regionale beleid.

2.3

Gemeentelijk beleid warmtetransitie

2.3.1

Transitievisie Warmte (2021)

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat alle gemeentes een Transitievisie Warmte opstellen die het veranderingstraject naar een C O2-vrije gebouwde omgeving voor de bestaande gebouwen in kaart brengt. In de Transitievisie Warmte staat hoe de gemeente een aardgasvrije stad gaat maken en welke planning daarvoor wordt gehanteerd. De gemeente Utrecht heeft in 2021 de Transitievisie Warmte in twee delen vastgesteld en gepubliceerd. Transitievisie Warmte deel I omvat een analyse naar duurzame alternatieven voor aardgas voor de verwarming van de gebouwde omgeving in Utrecht. In dit verband is in het bijzonder een onderzoek uitgevoerd naar de laagst maatschappelijke kosten van een alternatieve duurzame warmtevoorziening. In aansluiting hierop wordt ingegaan op de verwachte toekomstige (aanpassing en/of uitbreiding van de) energie-intrastructuur voor warmte. Tevens wordt in de Transitievisie Warmte deel 1 het volgende aangegeven:

Criteria voor het bepalen van de volgorde van buurten waarin we starten met het opstellen van Wijkuitvoeringsplannen. Dit is het plan waarin samen met alle belanghebbenden in de wijk de definitieve keuze wordt gemaakt voor de warmteoplossing(en) in een buurt. 1 0 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Hoe de gemeente met het gewenste isolatieniveau en de verwachte infrastructuur ervaring willen opdoen in projecten van initiatiefnemers uit de markt en uit de samenleving. En hoe we afspraken maken op welke manier publieke waarden bij collectieve warmtenetten worden ingevuld. Met deze visie en strategie biedt de gemeente Utrecht bewoners, bedrijven en vastgoedeigenaren helderheid over (1) de aanpassing van hun gebouw(en) en (2) de verwachte warmte-infrastructuur voor hun buurt. Deel II van de Transitievisie Warmte geeft aan wanneer en in welke buurten de gemeente Utrecht gaat beginnen met het gebiedsgericht aardgasvrij maken van gebouwen. In deze buurten begint de gemeente met de gebiedsaanpak. De gemeente stelt samen met bewoners en overige betrokkenen een Wijkuitvoeringsplan op. Daarin wordt de definitieve keuze voor een warmte-oplossing vastgelegd en bepalen we hoe we de transitie in de buurt gaan uitvoeren. Wijkuitvoeringsplannen kunnen pas worden vastgesteld als de randvoorwaarden rond onder andere betaalbaarheid en wettelijke verankering, voldoende door het Rijk zijn ingevuld. 2.3.2 Coalitieakkoord 2022 - 2026 'Investeren in Utrecht: kiezen voor gelijke kansen, betaalbaar wonen en klimaat' In maart 2022 hebben nieuwe gemeenteraadsverkiezingen plaatsgevonden.

Op 1 juni 2022 heeft de nieuw gevormde coalitie het coalitieakkoord 'Investeren in Utrecht: kiezen voor gelijke kansen, betaalbaar wonen en klimaat' gepresenteerd. Dit coalitieakkoord richt zich op de aanpak van drie belangrijke onderwerpen in de periode 2022-2026: de groeiende ongelijkheid in de stad Utrecht, de grote woningnood en de klimaatcrisis. Wat betreft de klimaatcrisis wordt in het coalitieakkoord aangegeven dat er wereldwijd een klimaatcrisis gaande is en de urgentie om maatregelen te nemen alleen maar toeneemt om de aarde leefbaar te houden voor de generaties. De nieuwe coalitie voelt de verantwoordelijkheid om het onderste uit de kan te halen en een maximale bijdrage te leveren samen met Utrechters, corporaties en maatschappelijk partners. Een klimaatvriendelijk Utrecht wordt door de nieuwe coalitie als een kans gezien op toekomstbestendige banen, comfortabel en betaalbaar wonen, zeggenschap over ons eigen energiesysteem, innovatie en lokale bedrijvigheid. Klimaatbeleid is volgens de nieuwe coalitie meer dan energietransitie. Van de energievisie die al in de planning stond wil de nieuwe coalitie een klimaatvisie.

Als het gaat om de ambities ten aanzien van de verduurzaming van de gebouwde omgeving bevat het nieuwe coalitieakkoord de volgende punten: Voor de 40.000 gasaansluitingen die genoemd zijn in ons warmteplan (transitievisie warmte) om over te gaan op een duurzaam alternatief maken we de komende vier jaar wijkuitvoeringsplannen en gaan we aan de slag met de uitvoering hiervan. Voorwaarden zijn onder meer dat het alternatief voor bewoners betaalbaar is en dat er zicht is op duurzame warmte. De gemeente gaat actief aan de slag met aquathermie en geothermie. In 2025 maken we een volgend warmteplan (transitievisie warmte) waarin we vooruitkijken naar 2035. De gemeente staat open voor een actievere rol van de gemeente in het bedrijf Stedin en in het warmtesysteem van Eneco.

2.4

Gemeentelijk beleid Overvecht Noord aardgasvrij

De gemeente Utrecht heeft de ambitie om de wijk Overvecht-Noord voor 2030 aardgasvrij te maken; de wijk is daartoe in 2018 – in het kader van het interbestuurlijke Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) – aangemerkt als aardgasvrije proeftuin. Overvecht-Noord telt ongeveer 8000 woningen. Meer dan de helft, ongeveer 4400 woningen, heeft een gasaansluiting die alleen gebruikt wordt om te koken. Hiervan is 90% in bezit van de woningcorporaties Mitros, Bo-ex en Portaal. De 4400 'kookgaswoningen' hebben al een warmtenetaansluiting en kunnen volledig aardgasvrij worden als het gasfornuis vervangen wordt door een elektrische kookplaat. De gemeente kan dus relatief eenvoudig meer dan de helft van de woningen in deze wijk aardgasvrij maken. Dit helpt bij het behalen van de ambitie om deze wijk voor 2030 aardgasvrij te maken. Daarnaast kan de gemeente, als we dit vóór 2024 realiseren, ook voorkomen dat netbeheerder Stedin een aantal kilometers verouderde gasleidingen moet vervangen. Stedin moet in Overvecht-Noord in totaal 20 km verouderd gasnet vervangen; 6,5 km daarvan wordt alleen gebruikt voor het kookgas. De maatschappelijke kosten voor het vervangen van juist die 'kookgasleidingen' vindt de gemeente onwenselijk, niet alleen omdat ze enkel voor koken gebruikt worden, maar ook omdat die leidingen volgens planning per 2030 niet meer gebruikt worden.

Daarmee zou het een desinvestering van maatschappelijke middelen zijn op de langere termijn. Daar bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

11

komt bij dat in relatief korte tijd tweemaal werkzaamheden op die plekken uitgevoerd moeten worden. Dit inzicht leidde ertoe dat Stedin, de drie betrokken woningcorporaties en de gemeente Utrecht een samenwerking zijn aangegaan, met als doel de 4400 'kookgaswoningen' te laten overstappen op elektrisch koken. Uitgangspunt van deze samenwerking is het organiseren van een aantrekkelijk alternatief (elektrisch koken), dat we de bewoners van deze woningen met een kookgasaansluiting kunnen aanbieden. Lokale stakeholders en bewoners uit de wijk zijn nauw betrokken bij dit traject. De betrokken partners hebben daarbij vooraf enkele randvoorwaarden gesteld: Bewoners gaan er financieel niet op achteruit als gevolg van deze overstap op elektrisch koken. Bewoners worden, indien gewenst, volledig ontzorgd bij dit proces. Het doel van de gemeente is dat er op deze manier een dusdanig aantrekkelijk aanbod ontstaat voor de huurders, dat een ruime meerderheid van de huurders bereid is om elektrisch te gaan koken en op deze manier ook een bijdrage te leveren aan de energietransitie.

2.5

Conclusie

De voorgestelde ontwikkeling in het plangebied voor het Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht is een ontwikkeling die past binnen het rijksbeleid, binnen provinciaal en regionaal beleid en past ook binnen het gemeentelijk beleid.

1 2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 3 kader

Relevant juridisch

3.1

Toepassing Crisis- en herstelwet

3.1.1

Afwijking Gaswet

Op grond van de huidige Gaswet dan wel Wet ruimtelijke ordening is het niet mogelijk om als gemeente te besluiten dat het beschikken over een gasaansluiting niet langer is toegestaan, terwijl dit wel noodzakelijk is om te voorkomen dat de gasinfrastructuur in het gebied alsnog moet worden vernieuwd. Echter, de Crisis- en herstelwet (hierna: Chw) biedt de mogelijkheid om ten behoeve van experimenten af te wijken van de Gaswet om een duurzame ontwikkeling in de fysieke leefomgeving te bevorderen. Deze mogelijkheid is ontstaan, doordat een in de Tweede Kamer aangenomen amendement de Gaswet heeft toegevoegd aan de lijst van wetten waarvan op grond van artikel 2.4 Chw mag worden afgeweken voor experimenten. Het gaat hierbij om het amendement van de leden Dik-Faber en Van Eijs, Tweede Kamer, vergaderjaar 2018-2019, 35 013, nr. 8. De toelichting van dit amendement gaat expliciet in op de reikwijdte van de bevoegdheid van gemeenten in het kader van deze experimenten. "….. Het is belangrijk dat voortvarend werk wordt gemaakt van de afbouw van de afhankelijkheid van aardgas in de gebouwde omgeving waarin de gemeente de regie krijgt. Gemeenten willen de bevoegdheid om in het bestemmingsplan verbrede reikwijdte per wijk of gebied een datum op te nemen waarop de gasaansluitingen van bestaande gebouwen afgekoppeld (kunnen) worden en daarmee de wijk of het gebied aardgasvrij wordt.

Op die manier kan worden geëxperimenteerd aan de hand van concrete voorbeelden. Vooruitlopend op het wijzigingsspoor energie kan tevens de verhouding tussen het energierecht (motief marktordening) en het omgevingsrecht (motief beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving) nader worden verduidelijkt en ingevuld. Het gaat daarbij om de verankering van gemeentelijke bevoegdheden in bestemmingsplannen verbrede reikwijdte en niet om de beheerstaken van netbeheerders. Verdere invulling van de experimenteerruimte vindt op basis van artikel 2.4 in een AMvB plaats, waarbij het wenselijk is om de AMvB op korte termijn op te stellen en in ieder geval gemeenten en netbeheerders te betrekken bij de uitwerking."

3.1.2

Aanvraag gemeente Utrecht

Zoals is aangegeven in paragraaf 2.4 heeft de gemeente Utrecht de ambitie om de wijk Overvecht-Noord voor 2030 aardgasvrij te maken. Hoewel de gemeente er - in samenwerking met netbeheerder Stedin en de drie betrokken woningcorporaties - naar streeft om middels een dusdanig aantrekkelijk aanbod zoveel mogelijk bewoners er toe te bewegen vrijwillig de overstap te maken naar elektrisch koken, houdt de gemeente er rekening mee dat een aantal bewoners niet zal ingaan op dit aanbod en dus wil vasthouden aan koken op gas via de bestaande gasaansluiting. Om te voorkomen dat Stedin ten behoeve van deze bewoners de gasleidingen moet vervangen, terwijl er in de vorm van elektrisch koken een duurzaam alternatief voorhanden is, heeft de gemeente bij brief van 5 november 2019 de aardgasvrije proeftuin Overvecht-Noord in het kader van de Crisis- en Herstelwet als experiment aangemeld c.q. aangevraagd bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. Deze aanmelding c.q. aanvraag is er op gericht dat de gemeente een bevoegdheid krijgt om in de aardgasvrij proeftuin Overvecht-Noord - in afwijking van de Gaswet en onder bepaalde voorwaarden - de kookgasaansluiting te beëindigen.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties heeft de gemeente Utrecht bij brief van 15 juni 2020 in de gelegenheid gesteld om aan de hand van een aantal vragen haar aanvraag project Chw Overvecht-Noord nader toe te lichten. Bij brief van 8 september 2020 haar aanvraag uitgebreid toegelicht. In de toelichting op de aanvraag geeft de gemeente het volgende aan: bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

13

"We beschouwen dit traject als een leerproces. Het is voor een deel pionieren en antwoorden vinden op nieuwe vraagstukken. Niet alleen draagt dit bij aan onze lokale ambitie aardgasvrij binnen deze proeftuin en de stad Utrecht. Het kan óók helpen bij het landelijke vraagstuk hoe de vraag naar en het gebruik van gas teruggedrongen kan worden, wat daarbij belangrijk is voor bewoners, en hoe een verbod op het leveren van gas zou uitpakken. Dit project biedt dus een kans om op behapbare schaal belangrijke inzichten te krijgen die helpen bij een landelijk vraagstuk waar alle gemeenten en het rijk voordeel van kunnen hebben. Wij beseffen dat dit project een breder doel dient en nemen graag onze verantwoordelijkheid hierin. U kunt ons helpen door met ons te erkennen dat het hier gaat om leren en kennis vergaren / verspreiden. Dat we niet van tevoren alle stappen en uitkomsten al kunnen voorspellen, maar dat dit leerproces op zichzelf voldoende relevant is om aan te gaan. U helpt ons door ons bevoegdheden te verlenen waarmee we ook daadwerkelijk die leerervaring kunnen opdoen". 3.1.3

Randvoorwaarden gemeente Utrecht

Het door de gemeente Utrecht aangemelde project Chw Overvecht-Noord is als onderdeel van eenentwintigste tranche van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (hierna: Bu Chw) op grond van artikel 5.2a van de Chw door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties bij brieven van 7 februari 2020 voorgelegd aan beide Kamers der Staten-Generaal (Kenmerk: 2020-0000057787 resp. 2020-0000057789). De eenentwintigste tranche van het Bu Chw is op 7 februari 2020 gepubliceerd in de Staatscourant (Stcrt. 2020, 7147). Naar aanleiding van deze voorpublicatie zijn ten aanzien van het experiment Chw voor Overvecht-Noord geen zienswijzen ontvangen. De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken van de Tweede Kamer heeft op 21 februari 2020 een aantal schriftelijke vragen en opmerkingen voorgelegd aan de Minister van Binnenlandse Zaken en koninkrijkrelaties. Deze vragen zijn naar aanleiding van de aangenomen motie Koerhuis/Krol aangehouden. Uit de motie Koerhuis/Krol blijkt dat de Tweede Kamer zorgen had over de gevolgen van het experiment voor bewoners en over de handhaving. Naar aanleiding hiervan is er veelvuldig overleg geweest tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelatie en de gemeente Utrecht.

De zorgen in de Tweede Kamer hebben ertoe geleid dat de gemeente heeft toegezegd dat extra waarborgen te zullen hanteren bij de uitvoering van het project Chw Overvecht-Noord. Bij brief van 8 september 2020 heeft de gemeente laten weten alleen gebruik te zullen maken van de bevoegdheden die de gemeente krijgt op basis van het Bu Chw voor het project Chw Overvecht-Noord als: het beëindigen van kookgasaansluitingen daadwerkelijk leidt tot het voorkomen van vervanging van gasdistributieleidingen die uitsluitend worden gebruikt voor kookgas. een ruime meerderheid van de huishoudens aan de betreffende afsluitbare gasdistributieleiding vrijwillig op het aanbod ingaan. de bewoners geen kosten als gevolg van deze overstap maken. de onafhankelijke partijen die de belangen van huurders en woningeigenaren vertegenwoordigen positief adviseren over het aanbod en de gestelde randvoorwaarden. de bewoner (indien gewenst) volledig ontzorgt wordt bij de overstap. Bij kamerbrief van 21 december 2020 (Kamerstukken II, 2020/21, 32 127, nr. 242) zijn de vragen van de Tweede Kamer beantwoord op basis van de antwoorden en toezegging van de gemeente. De brief van de gemeente d.d. 8 september 2020 is separaat bijgevoegd. De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken heeft de antwoorden en toezegging van de gemeente voor kennisgeving aangenomen. De hierboven gestelde randvoorwaarden c.q.

waarborgen, zoals deze zijn uitgewerkt in de brief van de gemeente d.d. 8 september 2020, komen in relatie tot de uitvoerbaarheid van onderhaving Chw bestemmingsplan nader aan de orde. Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 5 van de toelichting.

3.2

Bevoegdheid gemeente Utrecht

Na parlementaire behandeling, zoals hiervoor is beschreven, is het door de gemeente Utrecht aangemelde project Chw Overvecht-Noord opgenomen in de tweeëntwintigste tranche van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet. Artikel I, onderdeel E, heeft betrekking op het opnemen van het experiment Chw voor Overvecht-Noord. Het hiervoor op 1 december 2021 genomen besluit is op 10 december 2021 in werking getreden. Ten gevolge van deze inwerkingtreding beschikt de gemeente over de bevoegdheid - om binnen bepaalde juridische voorwaarden - in het plangebied Overvecht-Noord kookgasafsluitingen te 1 4 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

beëindigen op grond van een bestemmingsplan verbrede reikwijdte. Deze bevoegdheid en voorwaarden zijn expliciet neergelegd in artikel 7ag van het Bu Chw. De tweeëntwintigste tranche van het Bu Chw, artikel I, onderdeel E, voorziet in de invoeging van artikel 7ag. Artikel 7ag wordt in de Nota van toelichting nader toegelicht. Wat betreft de doelstelling van het experiment bevat deze toelichting de volgende beschrijving: "Dit innovatieve experiment maakt het voor de gemeente Utrecht mogelijk om invulling te geven aan het gemeentelijk duurzaamheidsbeleid door een natuurlijk vervangingsmoment van bestaande gasleidingen te benutten. Het grootste potentieel voor verduurzaming in Overvecht-Noord bestaat bij woningen en bedrijven waar aardgas wordt gebruikt voor verwarming van de gebouwen. Het beëindigen van de kookgasaansluitingen in het plangebied levert een relatief kleine bijdrage aan de CO2-reductie in het gebied, maar is een belangrijke stap in de energietransitie in het gebied. Met dit experiment kan onder meer ervaring worden opgedaan met het ontzorgen van bewoners. Deze ervaringen kunnen vervolgens worden benut bij de verdere energietransitie in het gebied, overige gebieden in Utrecht en de rest van Nederland."

Artikel 7ag Bu Chw Artikel 7ag Bu Chw omvat naast een omschrijving van de gemeentelijke bevoegdheid onder meer ook een omschrijving van de juridische voorwaarden waaraan voldaan moet worden door de gemeente Utrecht. De reikwijdte van de gemeentelijke bevoegdheid en de geldende voorwaarden worden in het kader van de juridische plantoelichting (hoofdstuk 6 van de toelichting) nader beschreven.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

15

1 6 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 4

Planbeschrijving

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de reden van de ruimtelijk ingreep, het experiment Chw Overvecht Noord, het plangebied en de geplande werkzaamheden van corporatie Mitros.

4.1

Vervanging gasdistributienet Overvecht-Noord

Stedin, regionaal netbeheerder voor elektriciteit en gas, verzorgt in de gemeente Utrecht de gasdistributie. In het verleden zijn grijs gietijzeren en asbestcement leidingen toegepast als hoofdleidingen in het gasdistributienet. In de loop van de jaren zijn kunststof materialen beschikbaar gekomen die worden gebruikt voor de aanleg en vervanging van gasleidingen. Sinds 2009 loopt een grootschalig gassaneringsprogramma om de verouderde grijs gietijzeren en asbestcement gasleidingen te vervangen. Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) houdt toezicht op de regionale gasnetten. Bij het toezicht ligt de nadruk op de veiligheid van het netwerk, de gasmeter en de gaskwaliteit. Op 27 januari 2019 heeft een gasexplosie plaatsgevonden in Den Haag. Naar aanleiding hiervan heeft de SodM onderzoek laten doen naar de gasexplosie. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat een scheur in een grijs gietijzeren gasleiding de oorzaak van de explosie is geweest. Deze brosse leidingen vormen een risico en moeten hierdoor vervangen worden. Het was initieel afgesproken dat gasdistributieleidingen uiterlijk in 2032 vervangen moeten zijn. In juni 2019 heeft de SodM gevraagd of de saneringsopgave versneld kan worden. Op dat moment lag er in de gemeente Utrecht nog 84 km gasleidingen die nog vervangen moesten worden. Ook het vervangen van deze leidingen moet dus versneld gebeuren.

Naar aanleiding van het verzoek van SodM om de vervangingsopgave extra te versnellen heeft Stedin onderzoek gedaan naar mogelijkheden om zoveel mogelijk te versnellen. In een brief van 17 september 2019 (met kenmerk: Kf/U/09/2019 ) vraagt netbeheerder Stedin het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht om voor zover mogelijk prioriteit te geven aan de vervangingsopgaven. Stedin heeft een meerjarige vervangingsprogramma opgesteld waarbij uiterlijk in 2028 alle brosse gasleidingen vervangen moeten zijn. Overvecht-Noord is in de planning van Stedin eerder al aan de buurt. De gasleiding hier moeten uiterlijk voor 1 januari 2024 vervangen zijn. Dit gebeurt in 3 fases in de periode tussen 2021 en 2024. Te beginnen waar dit de meeste prioriteit heeft. De gefaseerde uitvoering maakt het voor de gemeente mogelijk om haar verduurzamingsopgave en de wens om de gasleidingen niet te hoeven vervangen mogelijk. Iedere fase omvat ongeveer 1/3 van Overvecht-Noord. Deze omvang past in het streven om de uitvoering van de vervangingsopgave voor 1 januari 2024 af te ronden. Wanneer alle woningen in de wijk Overvecht-Noord uiterlijk voor 1 januari 2024 van het gasdistributienet zijn afgesloten , dan wordt het gasdistributienet mogelijk niet direct verwijderd.

Afsluiting van het gasdistributienet betekent dat er geen druk meer op de gasdistributieleidingen staat en er geen aardgas meer doorheen stroomt. Om overlast voor de bewoners te beperken wordt de daadwerkelijke verwijdering van het gasdistributienet voor zover mogelijk afgestemd op andere infrastructurele vervangingsopgaven in de wijk. Denk bijvoorbeeld aan vervanging van de riolering, wegen en/of waterleidingen.

4.2

Project Chw Overvecht-Noord: huurwoningen Mitros

Stedin heeft Overvecht-Noord opgesplitst in 3 fases waarbinnen de brosse gasdistributieleidingen vervangen moeten gaan worden. Om op 1 januari 2024 klaar te zijn met de vervangingsopgave is Stedin reeds gestart met het vervangen van het gasdistributienet in bepaalde delen van Overvecht-Noord. Fase 2 is momenteel in uitvoering en wordt naar verwachting eind 2022 afgerond waarna fase 3 in begin 2023 start. In fase 3 waar het gasdistributienet nog niet vervangen is, is de gemeente Utrecht samen met de woningbouwcorporaties opzoek gegaan naar woningen, die aangesloten zijn op het warmtenet, maar voor het koken op gas een gasaansluiting hebben. Stedin is gevraagd om te analyseren welke woningen in Overvecht-Noord aardgasvrij dienen gemaakt te worden, zodat het resulteert in het kunnen verwijderen van een maximaal aantal meters gasdistributieleidingen. Een aantal wooncomplexen van woningbouwcorporatie Mitros zijn daarbij naar voren gekomen als meest kansrijk om hier aan bij te dragen. In het bestuurlijk overleg, waarin de gemeente Utrecht, Stedin en Mitros gezamenlijk optrekken, is begin 2022 besloten deze wooncomplexen van Mitros als plangebied aan te wijzen voor het Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht. . Het project Chw Overvecht-Noord omvat in het bijzonder 34 portieken in 10 bouwvolumes in een aaneengesloten gebied.

Dit zijn portiekwoningen met een lift en 10 woningen per portiek. Deze ca. bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

17

320 woningen zijn van het type 3½ hoog (4 woonlagen). Van dit type woningen heeft Mitros er totaal circa 830 in Overvecht-Noord. Allen worden verhuurd in de sociale huur. De woningen zijn gebouwd tussen 1960 en 1970 en hebben stadsverwarming. Er wordt uitsluitend voor koken nog aardgas gebruikt in deze woningen. Tussen 2012 en 2018 is er groot onderhoud uitgevoerd waarbij de meterkasten zijn gemoderniseerd, de woningen extra zijn geïsoleerd en bij een gedeelte van de woningen reeds de infrastructuur voor elektrisch koken is gerealiseerd. De woningen hebben energielabel A/B. In het projectgebied is uitsluitend eigendom van Mitros aanwezig en is geen sprake van zogenaamd 'gespikkeld particulier eigendom' wat in andere delen wel het geval is. Zo kan gericht samengewerkt worden met Mitros en Stedin aan een passend aanbod voor de bewoners om de overstap naar elektrisch koken te versnellen. Deze woningen zijn na het aansluiten en in gebruik nemen van een inductiekookplaat volledig aardgasvrij. Hierdoor zijn bewoners onder andere geen vastrecht meer verschuldigd en dus besparen zij op de maandelijkse energielasten. Hoewel het mogelijk is dat alle bewoners binnen een redelijke termijn vrijwillig overgaan naar elektrisch koken, is niet uit te sluiten dat één of meerdere bewoners in het plangebied deze overstap niet willen maken.

Om deze reden is door alle bestuurlijk overleg-partijen de mogelijkheid verkend om de hiervoor bedoelde Mitros-woningen als plangebied aan te wijzen in een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte waarbinnen het verboden is na 1 januari 2024 te beschikken over een kookgasaansluiting. Artikel 7ag Bu Chw 22ste tranche dient voor deze aanwijzing als juridische grondslag. In hoofdstuk 6, paragraaf 6.5, wordt nader ingegaan op deze juridische grondslag. In de uitvoering van de 3 e fase wordt rekening gehouden met het projectgebied van Mitros door dit gebied als laatste te vervangen. Het hierboven omschreven project heeft een lange doorlooptijd, niet alleen omdat er een bestemmingsplanprocedure doorlopen moet worden, maar ook om de bewoners goed te kunnen informeren en het ontzorgingstraject onder de aandacht te brengen. Het communicatietraject en het ontzorgingstraject is in juni 2022 gestart. Bewoners zijn in juni 2022 geïnformeerd over de procedure, de verwachte planning en de rechtsbescherming ten aanzien van het Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht. Om de bewoners voldoende tijd te geven om goed na te denken over de mogelijkheden is vanuit Stedin meegedacht om meer tijd te creëren voor de uitvoerbaarheid van het project. Dat is gedaan door de vervanging van het gasdistributienet in dit gebied als laatste, van fase 3 aan te pakken.

Hierbij is de datum van 1 januari 2024 belangrijk om twee redenen. Enerzijds is 1 januari 2024 de uiterlijke datum waarop het gasdistributienet in dit gebied om eerder genoemde veiligheidsredenen vervangen of afgesloten moet zijn. Anderzijds, omdat de uiterste datum is voor bewoners, die niet uit eigen beweging gebruik willen maken van het aanbod van Mitros, na deze datum afgesloten gaan worden van aardgas. De bewoners, die in het kader van het ontzorgingstraject vrijwillig zijn ingegaan op het aanbod van Mitros, gaan begin 2023 over naar elektrisch koken. Van de bewoners, die niet voor 1 januari 2024 gebruik hebben gemaakt van dit aanbod, zal vanaf deze datum hun kookgasaansluiting worden beëindigd om op deze wijze de overstap naar elektrisch koken af te dwingen. Wel zal in dit geval aan een aantal voorwaarden moeten worden voldaan, die in paragraaf 5.1.2 nader worden toegelicht. Stedin kan vervanging van het gasdistributienet binnen het projectgebied niet verder uitstellen, omdat er met verwijzing naar paragraaf 4.1 een prioritering gemaakt is aan de hand van de kwaliteit- en risicoanalyse van Stedin, dit op verzoek van de SodM. Daarnaast zijn er in andere gebieden in Utrecht vergelijkbare gasdistributieleidingen die aan vervanging toe zijn en die na 1 januari 2024 aan de beurt zijn om vervangen te worden.

4.3

Project Chw Overvecht-Noord: omvang plangebied

Het door de gemeente Utrecht in het Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht aangewezen plangebied valt binnen de reikwijdte van het plangebied, zoals dat is opgenomen is artikel 7ag Bu Chw 22ste tranche. Het plangebied voor het project Chw Overvecht-Noord, zoals aangewezen in dit bestemmingsplan, is door de reeds uitgevoerde onderdelen van de vervangingsopgave van Stedin sterk verkleind ten opzichte van het plangebied dat hoort bij artikel 7ag Bu Chw 22ste tranche. De gefaseerde vervanging van Stedin maakt het mogelijk om uitsluitend naar een project in de laatste fase van Overvecht-Noord te kijken. In het hele gebied van fase 3 is vooralsnog veel zogenaamd 'gespikkeld eigendom' aanwezig van zowel woningbouwcorporaties, particulier eigendom, bedrijven en maatschappelijk voorzieningen. Hierdoor is het niet mogelijk de gehele fase 3 aan te wijzen als plangebied. Zoals eerder gemotiveerd, is betaalbaarheid voor de diverse doelgroepen vooralsnog tot op het heden niet geregeld waardoor elektrisch koken voor bepaalde doelgroepen een financiële drempel blijft. Daarnaast hebben de diverse vastgoedobjecten verschillende natuurlijke momenten om over te stappen op inductie. Voor eigenaren die onlangs nog een nieuwe keuken gekocht hebben is overstappen op inductie binnen een tijdspad van twee jaar niet haalbaar.

Hierdoor is gekeken naar een aaneengesloten gebied waar diversiteit aan eigendommen en financiële haalbaarheid gewaarborgd is. 1 8 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Het plangebied, zoals dat is bepaald op de bij dit bestemmingsplan behorende verbeelding, is voor uitvoering van het project Chw Overvecht-Noord voldoende groot om vervanging van het gasdistributienet te voorkomen. Mitros heeft zich als eigenaar van de betreffende woningen gecommitteerd om elektrisch koken voor haar huurder in het plangebied volledig kostenneutraal te laten verlopen. De uitvoering van de benodigde werkzaamheden door Mitros en Stedin wordt mede bepaald door het proces en doorlooptijd die nodig is om het Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht bestemmingsplan met verbrede te formaliseren. Ook het communicatietraject met de huurders en de draagvlakmeting onder de huurders heeft tijd nodig. De uitvoering zal naar verwachting in 2023 plaatsvinden. Mitros heeft als eigenaar van de woningen voldoende tijd om de nodige voorbereidingen te treffen en om de daadwerkelijk uitvoering binnen een korte periode te laten plaatsvinden. Ook Stedin heeft naar verwachting voldoende tijd om het gasdistributienet in het plangebied voor het project Chw Overvecht-Noord af te sluiten en eventueel ook al te verwijderen. Als de planning van de uitvoering van de benodigde werkzaamheden meer vertraging oploopt is er een risico dat het gasdistributienet van Stedin ook voor de woningen van Mitros alsnog vervangen moet worden.

Uiterlijk 1 januari 2024 is het betreffende deel van het gasdistributienet van Stedin vernieuwd of er wordt geen gas meer getransporteerd door de gasdistributieleidingen. De laatste optie wordt door alle betrokken partijen nagestreefd.

4.4

Project Chw Overvecht-Noord: werkzaamheden Mitros

De gemeente Utrecht, Stedin, Mitros en de andere corporaties in Overvecht-Noord hebben ten behoeve van het project Chw Overvecht-Noord, zoals hiervoor beschreven, gezamenlijk een pilot gedaan eind 2021 om vergaande inzichten te krijgen in datgene wat nodig is om woningen die op stadsverwarming aangesloten zijn en uitsluitend 'kookgas' gebruiken, aardgasvrij te maken. In samenwerking met lokale marktpartijen die gezamenlijk Project-O hebben gevormd is de pilot uitgevoerd. Hier zijn 40 corporatiewoningen voorzien van elektrische kooktoestellen en zijn de bewoners volledig ontzorgt. 19 Mitros woningen zijn in de pilot aardgasvrij gemaakt. Tijdens de pilot is er veel technische en procesmatige inzichten verkregen dit ingezet kan worden bij het uitvoeren van de woningen hier. Mitros heeft aangegeven zich maximaal in te zetten om haar huurders in het plangebied voor het project Chw Overvecht-Noord volledig te ontzorgen. Er zijn zowel diverse technische werkzaamheden aan de woning als administratieve werkzaamheden, die gedaan moeten worden voordat woningen aardgasvrij zijn en de voordelen van een aardgasvrij-woning benut kunnen worden. Mitros verzorgt beide soorten werkzaamheden aan de woningen. De ingreep om elektrisch koken technisch mogelijk te maken beperkt zich tot de meterkast en de keuken van de woning. De woningen hebben twee keukenopstellingen.

In beide gevallen is de afstand van de meterkast tot aan de woning beperkt om een aansluiting in de keuken te krijgen. Aanpassing in de meterkast Er vindt een aanpassing aan de individuele meterkast van de woningen plaats. De meterkast wordt uitgebreid met een extra groep waarop de inductiekookplaat wordt aangesloten en verzwaard om meer vermogen mogelijk te maken. De kabel vanuit de meterkast verloopt naar de plek van de keuken. Vervolgens wordt de infrastructuur van de woning licht uitgebreid met een extra Perilex-wandcontactdoos in de keuken ter plaatse van de opstelplaats van de inductiekookplaat. Aanpassingen in de keuken In de keuken komt een Perilex-wandcontactdoos. Dat is een krachtstroomaansluiting waar de nieuwe kooktoestel op wordt aangesloten. De huurders krijgen een nieuwe kooktoestel die voor hen wordt geïnstalleerd, getest, aangesloten en gebruiksklaar opgeleverd. De nieuwe kooktoestel gebruikt in plaat van aardgas elektriciteit om op te kunnen koken. De oude gaskooktoestel wordt als gewenst afgevoerd door Mitros. Verwijderen van de bestaande gasaansluiting Nadat de nieuwe kooktoestel operationeel is en klaar voor gebruik. Wordt de bestaande gasaansluiting verwijderd. Hiervoor trekt Mitros samen op met Stedin die de gasaansluiting mag verwijderen.

Stedin is eigenaar van de gasmeter en transportleiding in de portieken die verwijderd moeten worden om woningen aardgasvrij te maken. Hierna zijn de bewoners geen vastrecht meer verschuldigd en hebben ze een besparing. Wel moeten de bewoners zelf hun energiecontract voor aardgas opzeggen, hiervoor is er ondersteuning vanuit Mitros, voor zover nodig. Mitros streeft ernaar om de werkzaamheden zoveel mogelijk te combineren en geschakeld te laten uitvoeren. Gemiddeld gezien duurt het een halve dag per woning om alle voorzieningen te treffen.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

19

2 0 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

Hoofdstuk 5

Uitvoerbaarheid

5.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

5.1.1

Ontzorgtraject

Overvecht-Noord is uiterlijk in 2030 aardgasvrij. Daar is deze wijk uiterst geschikt voor, omdat er al voor een overgroot deel aangesloten is op een warmtenet. Overvecht-Noord is ook een pilotwijk waar met diverse instrumenten kennis en ervaring wordt opgedaan om versnelling in andere wijken in Utrecht en de rest van Nederland mogelijk te maken. Een pilotwijk heeft als voordeel dat ook meer middelen is beschikbaar gesteld om overstap naar aardgasvrij mogelijk te maken. Onderdeel hiervan voor de bewoners van dit projectgebied is dat het kostenneutraal verloopt en volledig ontzorgt worden. Bewoners van dit projectgebied dragen door mee te doen bij aan de Europese, landelijke en lokale doelstellingen. Gebruik van fossiele brandstoffen te minimaliseren en daar waar mogelijk duurzame, hernieuwbare energiebronnen te gebruiken. Aardgas is een fossiele brandstof die niet hernieuwbaar is, Nederland kiest ervoor om aardgas zo snel mogelijk uit te faseren en alternatieven daarvoor in te zetten. De transitie van aardgas naar alternatieven betekend ook dat slimme keuzes gemaakt moeten worden. Voor Overvecht-Noord is het een gegeven dat uiterlijk 2030 het gasdistributienet verwijderd gaat worden. Het is hierdoor wijs om daar waar mogelijk het gasdistributienet niet te vervangen.

De netbeheerders, waaronder Stedin, staan de komende jaren voor een enorme opgave, waarbij de energie-infrastructuur gemoderniseerd moet worden. De gedeeltelijke elektrificatie van de samenleving zorgt voor enorme capaciteitstekorten op het net. Maar ook gebrek aan investeringskapitaal bij de netbeheerders. Stijgende vastrecht voor de klanten van de netbeheerders is hier een gevolg van. Hierdoor is het wijs om daar waar mogelijk onnodige investeringen te voorkomen. Zoals het vervangen van een gasnetwerk die binnen een fractie van het levensduur weer onklaar gemaakt moet worden en op termijn weer verwijderd moet worden. De kosten en implicaties van straten die binnen een korte periode meerdere keren open moeten is hoog op de wijk en de bewoners van de wijk. In het geval van dit project van Mitros, worden diverse doelstellingen bereikt. Daarnaast is er ook een groot voordeel voor de bewoners van het projectgebied. Zei dragen niet alleen bij aan de doelstellingen, maar hebben zelf ook een voordeel hierbij. Koken op inductie heeft veel voordelen op het binnenklimaat van een woning. In plaats van openvuur waarbij risico's zijn voor onvolledige verbranding, kooktoestellen die aan blijven en het vrijkomen van o.a. fijnstof, hebben inductiekookplaten deze nadelen niet, en zijn ze na wat oefenen veel beter te regelen dan koken op aardgas.

Bewoners besparen daarnaast ook nog op de kosten. Bewoners van het projectgebied gebruiken aardgas uitsluitend om te koken. Het vastrecht die hiuurders aan de netbeheerder en energieleverancier betalen omdat zij een aansluiting hebben weegt niet op tegen het gebruik dat er tegenover staat. De besparing van ongeveer €180,- tot met € 300,- per jaar is ook hard nodig in tijden waarbij kosten voor energie sterk zijn gestegen. De verwachting is dat in 2023 bewoners door het vanwege de hoge energieprijzen onlangs ingestelde prijsplafond een lagere besparing hebben van ongeveer €150,-. In paragraaf 5.2 wordt de financiële uitvoerbaarheid van het project nader toegelicht.

bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

21

5.1.2

Randvoorwaarden gemeente Utrecht

Zoals eerder aangeven onder hoofdstuk 3, paragraaf 3.1.3, heeft de gemeente heeft vijf randvoorwaarden opgesteld om de Crisis- en herstelwet als instrument in te kunnen zetten. Namelijk, (1) bewoners gaan er financieel niet op achteruit als gevolg van deze overstap op elektrisch koken. (2) Bewoners worden, indien gewenst, volledig ontzorgd bij dit proces. (3) Het beëindigen van kookgasaansluiting leidt tot het voorkomen van vervanging van gasleidingen die uitsluitend gebruikt worden voor kookgas. (4) Onafhankelijke partij(en) die de belangen van huurders vertegenwoordigen positief adviseren over het aanbod, en (5) ruim een meerderheid van de bewoners van het projectgebied moeten instemmen om met het project mee te doen en gebruik maken van het aanbod van Mitros. Ruim een meerderheid is hierin gedefinieerd als 70% of meer van de ca. 320 woningen van het projectgebied die instemmen met het aanbod van Mitros om mee te doen. 70% is een ruimte meerderheid en is gekozen omdat Mitros bij andere, vergelijkbare renovatie projecten dit percentage gebruikt als drempelwaarde. Door voor een ruime meerderheid te kiezen, waarborgt de gemeente en Mitros dat het plan op voldoende draagvlak kan rekenen bij de bewoners. Daarnaast geeft het voldoende aanleiding om gebruik te maken van de bevoegdheid om ook bij de overige bewoners elektrisch koken te implementeren.

Hierdoor wordt ook voorkomen dat voor een kleine deel van de bewoners een gasnetwerk vervangen hoeft te worden. Hierin wegen de maatschappelijke belang zwaarder dan die van minderheid in het gebied. Op basis hiervan heeft de woningbouwcorporatie Mitros een aanbod ontwikkeld voor haar huurders. Het aanbod bestaat uit een ontzorgingstraject waarbij Mitros naast alle woning gebonden aanpassingen ook de administratieve taken op zich neemt. De bewoners worden begeleid naar de nieuwe manier van koken en krijgen daarvoor de voorzieningen die het mogelijk maken. De begeleiding en informatievoorziening vindt primair plaats via brieven, omdat de bewoners op eigen gelegen en tempo de brieven kunnen doornemen. Aanvullend bied Mitros de mogelijkheid om inhoudelijk de brief met hen door te spreken en vragen te beantwoorden. Dat kan in persoon bij de bewoners thuis, bij Mitros op kantoor of via de telefoon en e-mail. Naast informeren zijn ook diverse andere activiteiten onderdeel van het ontzorgtraject voor de bewoners. Zo is in het plangebied een modelwoning met een elektrisch kooktoestel geïnstalleerd. In dezelfde modelwoning worden ook activiteiten, zoals een kookcursus met instructies gegeven. Bewoners krijgen ook een kookboekje ter inspiratie en waarin instructies zijn opgenomen.

Op deze wijze is geprobeerd om de bewoners in het plangebied zoveel mogelijk inzicht te geven in de positieve effecten van elektrisch koken, zodat zij wat betreft de mogelijke overstap naar elektrisch koken een bewuste keuze kunnen maken. In september 2022 is door woningcorporatie Mitros een draagvlakmeting uitgevoerd, waarbij aan de bewoners in het plangebied afzonderlijk de vraag is voorgelegd of zij al dan niet instemmen met het aan hen voorgelegde (vrijwillige) aanbod Het ontzorgtraject is vanuit maatschappelijk perspectief uitvoerbaar en is op gericht dat een ruime meerderheid, ten minste 70%, van de huurders de overstap maakt naar elektrisch koken. De bewoners in het plangebied voor het project Chw Overvecht-Noord worden gevraagd zitting te nemen in een klankboardgroep waar ze onder anderen mee mogen denken over het aanbod, communicatie en participatie. Maar ook om de belangen van huurders van het projectgebied te vertegenwoordigen.

5.2

Financiele uitvoerbaarheid

Zowel gemeente Utrecht, netbeheerder Stedin als woningbouwcorporatie Mitros maken kosten om het project Chw Overvecht-Noord mogelijk te maken. Voor de gemeente en de netbeheerder bestaan deze kosten voornamelijk uit het beschikbaar stellen van capaciteit om het project mede mogelijk te maken. Wat betreft de uitvoering van het project Chw Overvecht-Noord en het ontwikkelen van een aanbod richting huurders en de bijbehorende kosten hiervan, liggen deze uitvoeringskosten bij woningbouwcorporatie Mitros.

Inzicht in de kosten De kosten om elektrisch te koken zijn op te splitsen in twee groepen. Er zijn gebouw gebonden aanpassingen die koken op elektriciteit mogelijk maken en het kooktoestel zelf dat het daadwerkelijk koken mogelijk maakt. In de verdeling van de kosten in een normale situatie zijn de gebouw gebonden aanpassingen voor de rekening voor de verhuurder. De kosten voor een kooktoestel zijn dan voor de gebruiker/huurder. In dit geval worden alle kosten door Mitros betaald. Op basis van de pilot die gedraaid is, zijn er inzichten verkregen in wat de kosten zijn voor de 2 2 bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kookgasvrij Overvecht" (vastgesteld)

Utrecht

aanpassingen die gedaan moeten worden. De prijzen zijn geïndexeerd omdat zowel de tarieven van de installateurs als de prijzen van kooktoestellen sterk zijn gestegen de afgelopen periode. Verwachting is dat de prijzen de komende periode verder zullen stijgen. De onderstaande prijzen zijn dan ook indicatief om een inzicht te geven uit welke onderdelen de benodigde investering is opgebouwd.

Nuts kosten Nuts kosten bestaan uit afsluiten gasmeter, verwijderen gasaansluiting, meterwissel verzwaren van de aansluiting en zekeringswissel voor de zwaardere aansluiting. Voor de eerste twee handeling zijn er tijdelijk geen kosten mee gemoeid. Sinds 1 maart 2021 is er een nieuwe tijdelijke regeling waarbij voor het afsluiten en verwijderen van de gasaansluiting door de netbeheerder geen kosten in rekening gebracht mag worden. Voor de meterwissel zijn de kosten € 67,76 en de zekerwissel € 235,72. In totaal wordt € 303,48 in de btw aan nutskosten gemaakt. Deze kosten zijn specifiek omdat Stedin werkt met vaste prijzen voor standaard aanpassingen in de meterkast. Stedin beperkt zich tot de aanpassingen aan het gedeelte waar zij eigenaar van zijn.

Kosten gebouw gebonden aanpassingen De aanpassingen, die in de meterkast nodig zijn aan het gedeelte van de bewoners wordt door de installateurs van Mitros uitgevoerd. De aanpassingen die gemaakt moeten worden om een nieuwe groepenkast aan te maken door de installateur zijn ongeveer € 600,- incl. btw. De huidige infrastructuur moet worden uitgebreid met een krachtstroomaansluiting in de keuken en een perilex-aansluiting. De kosten hiervan zijn ongeveer € 700,- incl. btw. Inclusief overige kosten van de installateur van ongeveer € 150,- incl. btw, is de totale investering aan gebouw gebonden aanpassingen ongeveer € 1450,- incl. btw.

Kosten kooktoestel en pannenset Er zijn divers mogelijkheden aan kooktoestellen beschikbaar. Er zijn 3 type kooktoestellen. Inbouwkookplaat, opbouwkookplaat en een inductie kookfornuis. Uitgaande van de pilot zijn merendeel van de kooktoestellen in de huidige situatie een fornuis op gas met als tweede inbouwkookplaten. Het aanbod van Mitros zal vergelijkbaar zijn met het huidige kooktoestel. De bewoner kan kiezen wat hij/zij wil. De prijzen van de kooktoestellen variëren tussen de € 500,- en € 1200,- afhankelijk van het type. Zo zijn de inbouw en opbouw kooktoestellen ongeveer tussen de € 600,- - € 900,- incl. btw per stuk. Inductie fornuizen van vergelijkbare kwaliteit zijn door hun combinatie van oven en kookplaat duurder. De kosten hiervan liggen ongeveer tussen € 800,- - € 1.200. Om op inductie te kunnen koken zijn soms nieuwe pannen nodig die op inductie werken. Mogelijk hebben bewoners al pannen die multifunctioneel zijn en ook op inductie kunnen koken. Naast een inductie kooktoestel krijgen de bewoners allemaal een pannenset die op inductie werkt. Het zijn pannen die vergelijkbaar zijn aan de in de pilot ook zijn gebruikt. De kosten van de pannenset zijn ongeveer € 100,- incl. btw. In totaal zijn de kosten om de woningen aan te passen en op inductie te laten koken ongeveer € 2.700,- incl. btw per woning. Het aanbod voor de bewoners is volledig kostenneutraal.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=51c91846-0924-43d9-85a9-f3294f4f559c