Bureau Steenhuis Cultuurhistorische Verkenning Maliebaan, 2009.pdf
Tekst van het document
Maliebaan - Utrecht
Cultuurhistorische verkenning en analyse
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
1
Berekuil
Biltstraat
Dom
Na
ch
Het beschermd stadsgezicht van Utrecht omvat sinds 1975 de middeleeuwse binnenstad met haar singels. In het kader van het landelijke Monumenten Inventarisatieproject van jongere bouwkunst en stedenbouw (1850 tot 1940) zijn de Maliebaan, het Wilhelminapark en de directe omgeving van deze laatste voorgesteld als beschermd gezicht Utrecht-Oost. De procedure loopt sinds september 2005. Na de aanwijzing zal er door de gemeente een beschermend bestemmingsplan worden vastgesteld.
2
Maliebaan - Utrecht
Ma
lie
sin
teg
aa
lst
raa
t
ge
l
Bu
rg. R
eig
ers
Situatie Maliebaan
tra
at
Voorgesteld beschermd gezicht Oost Beschermd stadsgezicht
Station Maliebaan
Wilhelminapark
Rijksmonument Openbaar groen Bomen Spoorgebied Wanden Maliebaan Bebouwing Maliebaan
N
Water
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
inhoud
Verantwoording
4
Maliebaan in buiten- en binnenland In buitenland In Nederland Ontwikkeling Maliebaan
6 8 10 12
Maliebaan analyse Verkeer Groen Wanden Maliebaan Profiel Maliebaan Erven Maliebaan
14 16 18 20 26 28
Aanbevelingen Kwaliteiten Aandachtspunten
30 30 32
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Ruimtelijke ontwikkeling 34 Voor 1636: Kloostergronden 36 1636-1768: Maliebaan als ontspanningslandschap 40 1768-1813: Maliebaan tijdelijk in verval 46 1813-1861: Maliebaan aangesloten op wandeling van Zocher 52 1861-1920: Maliebaan als verkeersweg 64 1920-2009: Maliebaan op de tekentafel 76 Noten en bronnen
90
Colofon
92
3
Verantwoording De Utrechtse Maliebaan is bijna vier eeuwen oud. Al die tijd heeft de baan zijn unieke karakter behouden. Terwijl de stad om deze 750 meter lange parkway heen groeide, werden tuinhuizen patriciërswoningen en veranderden koetsen in auto’s. De Maliebaan is naast een belangrijke verkeersader een cultuurhistorisch ankerpunt in de oostelijke stadsrand van Utrecht. De oorsprong is fascinerend: om studenten te lokken legde de stad Utrecht in 1636 een paille-maillebaan aan, waar het paille-maillespel (een soort cricket) gespeeld kon worden. Dit studenten-ontspanningscircuit lag temidden van voormalige kloostergronden en was via een speciaal poortje in de stadsmuur vanaf het Lepelenburg toegankelijk. Met 1800 bomen, vier rijen aan elke kant, vormde de Maliebaan een lineair stedelijk park. Maliebanen zijn geen exclusief Utrechts fenomeen: op meerdere plekken in Nederland, Europa, en zelfs in Amerika, werden ze aangelegd. De Maliebaan van Hamburg lijkt wat gaafheid en gebruik betreft nog het meest op de Utrechtse.
4
Maliebaan - Utrecht
Welstandsnota Utrecht: De Schoonheid van Utrecht - juni 2004
Oudwijk - Buiten Wittevrouwen, Wilhelminapark - Rijnsweerd Legenda Beleidskaart Niveau’s
Aanduidingen
Open
Ontwikkelingsgebieden
Respect
Grens van het gebied
Behoud
Spoorlijn
Stimulans
Rijks- en gemeentelijke monumenten
Ligging in de stad
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
De baan in het weiland ontwikkelde zich in de loop der eeuwen tot een voornaam woon- en werkgebied. Maar ook toen het paille-maille spel al lang in onbruik was geraakt en de statige Utrechtse families hier woonden, zo rond 1920, bleef de baan als ontspanningsboulevard in gebruik. De Maliebaan was een stedelijk manifestatieterrein en een vast onderdeel van protestmarsen, rouwstoeten, katholieke arbeidersoptochten en theaterbezoekers. Langs de Maliebaan staan statige panden met bijzondere functies. Er wordt gewerkt, gewoond en naar school gegaan. In het midden van de baan ligt een openbare wandelwereld, achter de bebouwing ligt een groene private zone, met restanten van tuinhuizen, abrupt onderbroken straten (Tulpstraat) en nooit voltooide ontwikkelingen. In deze cultuurhistorische verkenning en analyse zijn vier eeuwen ontwikkeling in beeld gebracht. Aan de hand van historische kaarten en ontwerpen (uitgevoerd en niet uitgevoerd) wordt de functionele
en ruimtelijke ontwikkeling van de Maliebaan geduid en wordt de betekenis van deze structuur in beeld gebracht. Tijdens het onderzoek vonden we bijzondere bronnen, die niet alleen de Maliebaan, maar dit stuk stad meer contour en reliëf geven. Zoals de in schoonschrift geschreven ‘Toestand der bomen’ uit 1830, of het Onteigeningsboek met kaarten van de terreinen langs de Oosterspoorlijn. Vanaf het begin van de 20e eeuw onthullen de archieven een lange reeks aan plannen voor de Maliebaan. Ingehuurde ontwerpers als Berlage, Feuchtinger, Schaechterle en Kuiper maakten de Maliebaan tot onderdeel van hún visie op de stad. Maar vrijwel alle plannen strandden bij B. en W. De Maliebaan lijkt wel te lijden aan ‘the advantage of lagging behind’: het wachten op beslissingen over verkeerspleinen met fly-overs of demping van de singels duurde zo lang, dat het maatschappelijke tij keerde en de Maliebaan vanaf de jaren zeventig in het vizier kwam van erfgoedliefhebbers.
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Dit rapport vormt de eerste stap naar kwaliteitsverbetering voor de Maliebaan. De recente zorgen over de toestand van de bomen blijkt van terugkerende aard. Toen de Maliebaan in 1918 als terrein voor de Jaarbeurs werd gebruikt, werden ten behoeve van de beurskramen takken van de bomen gezaagd en gasleidingen tussen de wortels doorgegraven. Raadslid Van Bolhuis stelde vragen, en hem werd op het hart gedrukt dat het snoeien en graven gebeurde door ‘bekwame plantsoenarbeiders.’ Deze studie is bedoeld als bouwsteen voor een visie en een beheersplan. Het onderzoekt de wonderlijke spankracht die deze structuur in vier eeuwen tijd heeft weten te behouden en brengt de kwaliteiten en aandachtspunten in beeld. De Maliebaan ligt er redelijk goed bij, er is geen acute grote ontwikkelingsdruk, maar er is wel een continue stroom van kleine claims op de ruimte: een doorsteek voor fietsers, een zebrapad voor de school, het tegengaan van keren op de baan, bouwprojecten op de erven, parkeren van auto’s en fietsen, het
plaatsen van fietsenklemmen. Er is een visie en beheersplan nodig, een handboek waarin de unieke betekenis van de Maliebaan duurzaam wordt verankerd. Dit rapport is daar de aanzet toe. Marinke Steenhuis In opdracht van de gemeente Utrecht, Stedenbouw & Monumenten, Bettina van Santen (adviseur architectuurhistorie) Projectteam: drs Chawwah Six, drs Paula Klaver, ir Johanna van Doorn en dr Marinke Steenhuis Schiedam, Steenhuis stedenbouw/landschap, juni 2009 www.steenhuis-onderzoek.nl
5
d e i n
6
M a l i e b aan
b u i t e n -
Maliebaan - Utrecht
e n
b i nn e n l an d
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
7
Over de hele wereld zijn maliebanen te vinden. Het zijn stucturen die op de dag van vadaag opvallen in het stedelijk weefsel. Sommige zijn net zoals de Utrechtse Maliebaan nog heel gaaf, herkenbaar en monumentaal (Hamburg, Londen, Washington, Den Haag). Anderen zijn minder opvallend en zijn alleen nog herkenbaar in hun straatbenaming als Maliebaan (Breda, Leiden) of zijn zelfs hun monumentale en groene karakter kwijt (Amsterdam).
Duitsland, Hamburg, Palmaille Aanleg
1638
malige maliebaan ook geschikt als lijnbaan
Bebouwing
Representatieve patriciërs
voor touwslagers. In 1717 herstelde de Ober-
woningen
präsident de stad de baan tot een openbare
Functie
Verkeersweg
wandelpromenade door de herplant van rijen
Breedte
ca 40 m
lindenbomen en de aanleg van wegen buiten
Lengte
650 m
de bomenrijen. Net als in Utrecht ontwikkelde de Palmaille zich vanaf de achttiende eeuw
8
Maliebaan - Utrecht
Niet alleen studenten speelden het maliespel,
tot een chique woonmilieu en werden in de
het was ook geliefd in adellijke kringen.
negentiende eeuw de meeste patriciërswo-
Landsherr Graf Otto legde in 1638 een ma-
ningen gebouwd die de baan nog steeds haar
liebaan, de Palmaille, aan op de noordelijke
voorname karakter geven. In tegenstelling
oever van de Elbe. Eind zeventiende eeuw
tot de Maliebaan wordt het autoverkeer over
raakte de baan al in verval en werd het voor
ventwegen tussen de bomen en de bebou-
andere doeleinden gebruikt. Vanwege het
wing geleid en is de middenbaan vrij voor
kaarsrechte tracé en de lengte bleek de voor-
wandelaars en fietsers.
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Engeland, Londen, The Mall
Verenigde Staten, Washington, The National Mall
Aanleg
1661
Aanleg
1791
L’Enfant (1754-1825) maakte in opdracht van
Bebouwing
Geen, achtergevels Carlton
Oorspronkelijk werd het maliespel in Londen
Bebouwing
United States Capitol, insti-
president George Washington een plan voor
House Terrace
sinds het begin van de zeventiende eeuw
tuten en musea
Washington. Centraal in het ontwerp voor de
Functie
Toegangsweg Buckingham
gespeeld op de Pall Mall bij het Saint James
Functie
Monumentaal park
hoofdstad stond een ‘public walk’, de National
Palace
Square, later bekend van de vele herenclubs
Breedte
ca 180 m
Mall, tussen Capitol Hill met de regeringszetel
Breedte
ca 60 m
als Athenaeum, de Travellers’ Club en de
Lengte
ca 1300 m
en de rivier Potomac. Ondanks de monumen-
Lengte
ca 1000 m
Reform Club. Volgens de overlevering produ-
tale plannen van L’Enfant was de Mall een
ceerden koetsen, die de baan als verkeers-
In Europa was het maliespel al een tijd in
eeuw lang niet ingericht, maar een ruig park
weg gebruikten, te veel stof, waarop de baan
onbruik toen in de Verenigde Staten, in de
waar koeien graasden. Pas in de twintigste
in 1661 werd verplaatst in zuidelijke richting.
nieuwe hoofdstad Washington in 1791 een
eeuw werd de National Mall uitgevoerd zoals
De nieuwe baan lag toen op de plaats van
National Mall werd aangelegd. De naam refe-
L’Enfant het had bedacht: een monumentale
de huidige Mall, nu een verkeersverbinding
reert alleen aan de uiterlijke verschijningsvorm
rechte wandeling met aan weerszijden in-
tussen Trafalgar Square en Buckingham
van de Europese maliebanen: een monu-
drukwekkende gebouwen voor instituten en
Palace. Beide namen herinneren nog aan het
mentale, brede en kaarsrechte laan. De van
musea.
maliespel.
oorsprong Franse architect Pierre Charles
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
9
Amsterdam,Watergraafsmeer, ter hoogte van Jennerstraat
Den Haag, Malieveld
woningbouw verdwenen alle sporen van de
Aanleg
1606
Beide structuren zijn nog herkenbaar in het
maliebaan die evenwijdig aan de Kruislaan,
Bebouwing
Geen
huidige Den Haag: de maliebaan als een
ter hoogte van de huidige Jennerstraat lag.
Functie
Onderdeel van Malie-
fraaie bomenlaan (Boorstraat) parallel aan de
De droogmakerij Watergraafsmeer was een
veld
Zuid-Hollandlaan en de exercitieterreinen als
geliefde bestemming voor rijke Amsterdam-
Breedte
200 m
het Malieveld.
mers. In de voormalige polder bouwden zij
Lengte
500 m
hun lusthoven. Ter ontspanning werd halver-
In 1606 werd in Den Haag de westkant
wege de zeventiende eeuw een maliebaan
van het Haagsche Bosch ingericht als een
aangelegd, goed passend binnen het ortho-
zeventiende-eeuws sportcomplex, compleet
gonale grid van de polder. Anderhalve eeuw
met exercitieterreinen en een maliebaan. Een
later was het spel niet meer in trek en werd de
eeuw later breidde de stad uit richting het
baan afgebroken. Tot begin twintigste eeuw
oosten met de verplaatsing van de Prinsesse-
waren de contouren van de baan nog her-
gracht. Hierdoor werd de maliebaan een stuk
kenbaar in het landschap. Met de naoorlogse
ingekort en de exercitieterreinen verkleind.
Aanleg
Omstreeks 1650
Contouren zijn niet meer herkenbaar
10
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Breda, Speelhuislaan
Leiden, Maliebaan Aanleg
1637
1637 een nieuwe maliebaan aangelegd buiten
Aanleg
1620
een kaarsrechte laan aangelegd, beplant met
Bebouwing
universiteits bibliotheek
de Wittepoort, langs de zojuist gegraven
Bebouwing
Vooroorlogse Midden-
iepen, waar ook het maliespel kon worden be-
standswoningen
oefend. Net als het maliespel raakte ook het
Leiden
Haagsche Vaart. De rechte vaart was uiter-
Functie
straat
mate geschikt voor de aanleg van een malie-
Functie
Verkeersweg
speelhuis in verval, dat zelfs gesloopt werd in
ca 40 m
1824. De laan naar het speelhuis, de Speel-
ca 850 m
huislaan, bestaat nog steeds. In tegenstelling
Breedte
onbekend
baan. Net als andere maliebanen raakte ook
Breedte
Lengte
400m
die in Leiden aan het einde van de achttiende
Lengte
tot de Utrechtse Maliebaan ontwikkelde de
eeuw in verval. Omdat het grondgebied nog steeds van de universiteit was, legde deze in
In 1609 koos één van de prinsen van Oranje,
baan in Breda zich niet tot een chique woon-
den met een maliebaan. Al vroeg in de zeven-
1815 een tuin voor ‘Landhuishoudkunde’ aan
Filips Willem van Oranje (1554-1618), Breda
en werkmilieu, maar tot een doorgaande route
tiende eeuw lag er een baan buiten de Rijns-
op het terrein. Inmiddels is op het terrein de
als nieuwe domicilie. Zijn halfbroer volgde en
met middenstandswoningen.
burgerpoort. De maliebaan was hier echter
universiteitsbibliotheek gebouwd en is van
kocht enkele jaren later grond voor de aanleg
een obstakel voor de aanleg en verbetering
zowel de maliebaan als van de tuin niets meer
van een lusthof ten noorden van de stad,
van de vestingwerken. Na een zwerftocht
te herkennen.
waarop een zogenaamd ‘speelhuis’ werd ge-
Leiden was één van de eerste universiteitsste-
langs mogelijke locaties werd uiteindelijk in
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
bouwd. Tussen zijn lusthof en de stad werd
11
Ontwikkeling maliebaan Biltstraat Herberg ‘t Boompje
Biltstraat
n aa eb ali M
sin
Maliebaan 1813 - 1861
Oudwijk Oudwijk
Wegen (1860)
ge
l
g Maliebru
Maliebaan 1636 - 1768
Maliehuis
Lepelenburg
Maliebaan Hoornwerk
n
aa
ieb
al
M
ingel
Herberg ‘t Gulden Vlies (Maliehuis)
lie
n
aa
ieb
al
M
Malies
Ma
Hogeland
Oorsprong
Biltstraat
Tuinderswoningen en theekoepels Hoveniersgrond
Kavels (1860)
Ma
lie
Maliebaan 1768 - 1813 Schans (1787 - 1795)
sin
Bebouwing (1860)
ge
Nieuwe Baan (1853)
l Maliehuis
Maliebaan (1768 -1787)
‘Groene wandeling’ J.D. Zocher (1829 - 1842)
Tuinen Maliebaan
Hoveniersgrond
Hoveniersgrond
Pachtgrond
Pachtgronden
Pachtgrond
Bomen
Bomen
Bomen
Bebouwing
N
Water
Tuinderswoningen en theekoepels
Tuinderswoningen en theekoepels
Bebouwing
Bebouwing
Water
N
N
Water
1636-1768
1768-1813
1813-1861
Profiel: aan weerszijden 4 bomenrijen,linden en iepen Inrichting: maliepalen aan begin en einde, omheining aan lange kanten Kop: Maliebaan begon halverwege het bolwerk Lepelenburg Einde: Maliebaan eindigde bij oude Vechtloop (huidige Museumlaan) Bebouwing: theekoepels, priëlen, tuinhuizen en hovenierswoningen Grondgebruik: hoveniersgrond Programma: aanleg Maliebaan voor maliespel / paille maille
Profiel: aan weerszijden 4 bomenrijen, middenbaan verhard in 1812 Inrichting: omheining verwijderd, meer ruimte op mid- denbaan Kop: Maliebaan begon halverwege het bolwerk Lepelenburg Einde: tijdelijke verbinding met Biltstraat 1768-1787 Bebouwing: theekoepels, priëlen, tuinhuizen en hovenierswoningen Grondgebruik: hoveniersgrond en tuinen als lusthoven Programma: maliespel in onbruik, exercitieterrein Franse leger
Profiel: ventwegen, trottoirs en buitenste rij bomen gerooid Inrichting: voorzieningen: waterputten, straatverlichting Kop: terugleggen kop tot hoogte Maliehuis, aanleg van plantsoen Einde: aanleg Nieuwe Baan tussen buitenplaatsen Hogeland en Oorsprong Bebouwing: herenhuizen en stadsvilla’s vervingen langzaam de theekoepels en tuinhuizen Grondgebruik: tuinen als lusthoven Programma: lustlandschap voor wandelaars en ruiters, terrein voor harddraverijen
Chronologie
Chronologie
Chronologie
1636 aanleg Maliebaan 1659 uitdunnen bomenbestand 1693 buitenpaden (huidige ventwegen) geschikt voor koetsen 1730 vaststelling dubbele rooilijn
12
Maliebaan - Utrecht
1768 verbinding met Biltstraat gemaakt 1787 verbinding met Biltstraat opgeheven voor verdedigingswerken 1812 middenbaan verhard
1824 aanleg buitenplaatsen Hogeland en Oorsprong 1829 Plan Zocher voor voormalige vestinggronden 1848 opheffing tolgelden bij Maliebrug 1853 aanleg Nieuwe Baan 1861 aanleg ventwegen en trottoirs, buitenste rij bomen gerooid, aanleg plantsoen op de kop Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Oorsprong
Oorsprong
Hogeland
Hogelandpark
Ve rb
red
M al
ieb
aa
n
Biltstraat
ing
Na
Maliebaan 1861-1920
ch
teg
aa
lst
Oudwijk
raa
t
Jaarmarkt (1917 - 1919) Verbreding Nachtegaalstraat (1906 - 1913) en verbreding Maliebrug
Maliebaan 1920 - 2009
Tram ( vanaf 1904) Ma
Bebouwing Maliebaan na 1920
Nieuwe bebouwing (1895) lies
ing
el Maliehuis
Uitbreidingen (vanaf 1895)
Autoweg (?)
Paardentram (1892 - 1907)
Ventweg (?)
Fietspad Maliebaan (1887) Verbreding Maliebrug
Maliebaan (1920)
Maliebaan (na 1860)
Maliehuis
Theekoepels (1879)
Wilhelminapark aanleg: 1898 - 1914 Station Maliebaan
Bebouwing (1920)
Bebouwing Maliebaan (1879)
Tram (1904 - 1938)
Station Maliebaan (1874)
Oosterspoorlijn
Oosterspoorlijn (1874)
Tuin Groen
Tuinen Groen
N
Water
N
Water
1861-1920
1920-Heden
Profiel: ventwegen, trottoirs en drie bomenrijen aan weerszijden Inrichting: verkeersstromen gescheiden Kop: aanleg Van Oldenbarneveltlaan, toegangsweg naar Maliebaanstation Einde: Nieuwe Baan doorsneden door de Oosterspoorlijn, spoorwegovergang Bebouwing : herenhuizen en stadsvilla’s Grondgebruik: tuinen als lusthoven Programma: nieuwe verkeersstromen als fiets, auto en tram; ruimte voor parades, optochten en de jaarbeurs
Profiel: ventwegen, trottoirs en drie bomenrijen aan weerszijden Inrichting: strikte scheiding verkeersstromen; eenrichtingsverkeer op ventwegen Kop: eenrichtingsverkeer rond plantsoen Einde: aanleg van rotonde Bebouwing: herenhuizen en stadsvilla’s, nauwelijks nog nieuwbouw Grondgebruik: achtererven als parkeerterrein voor kantoren Programma: bebouwing in gebruik als kantoorruimte, woonfunctie steeds minder
Chronologie
Chronologie
1874 aanleg Oosterspoorlijn en opening Maliebaanstation 1887-1918 aanleg Emmalaan en Wilhelminapark
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
1933 eenrichtingsverkeer rond plantsoen aan kop 1934 aanleg rotonde aan einde 1955 eenrichtingsverkeer op ventwegen 1975 Beschermd stadsgezicht voor binnenstad en omwalling
13
M a l i ana
14
Maliebaan - Utrecht
e b aan l y s e
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
15
verkeer De Maliebaan is onderdeel van de de hoofdstructuur van de stad Utrecht. Het is een belangrijke verbinding tussen het centrum van Utrecht met de snelweg A27. Het verkeer afkomstig van de snelweg rijdt via de Biltstraat, de Museumlaan en de Maliebaan de stad in. Sinds de Bilstraat eenrichtingsverkeersweg is geworden (1999) voor auto- en busverkeer, verlaten de auto’s de stad via de Maliebaan. De kruising Nachtegaalstraat - Burgermeester Reigerstraat is een druk kruispunt, waarbij rekening wordt gehouden met fiets- en autoverkeer uit de Maliebaan (ventwegen en middenbaan), Nachtegaalstraat en Burgermeester Reigerstraat. Tevens zijn de Nachtegaalstraat en de Burgermeester Reigerstraat bestemd voor bovenwijksverkeer, wat wil zeggen dat het openbaar vervoer veelvuldig gebruik maakt van deze straten.
De groenstroken in de Maliebaan worden voornamelijk gebruikt als wandelpromenades. Aan de ventwegen bevinden zich ook voetpaden die toegang dienen tot de bebouwing en de erven aan de Maliebaan. Voor voetgangers zijn op de groenstroken verschillende oversteekplaatsen zonder zebrapad aanwezig.
Het kruispunt Maliebaan, Nachtegaalstraat en Bur-
structuur van de stad Utrecht
germeester Reigerstraat
De kop (Malieblad) en het einde van de Maliebaan
Het profiel van de ventwegen bestaat uit gebouw,
bestaan elk uit een rontonde. Het Malieblad is een
voetpad, ventweg, parkeerplek en groenstrook.
Het spoorwegtracé Utrecht- Hilversum- Amersfoort wordt gebruikt voor het vervoer van goederen. Daarnaast maakt het spoorwegtracé onderdeel van het Spoorwegmuseum en rijdt de recreatietrein af en toe op het spoor.
Fietsen vindt plaats op de ventwegen, die eenrichtingsverkeer zijn. De enige plekken om van de ene kant naar de andere kant van de Maliebaan te komen voor fiets- en autoverkeer zijn op de kop, de staart en de kruising. Het gebeurt vaak dat fietsers tegen het verkeer in rijden op de ventwegen en dat kan tot gevaarlijke situaties leiden.
16
De middenbaan is onderdeel van de verkeershoofd-
Maliebaan - Utrecht
groter plantsoen dat als rotonde dient.
De groenstrook aan weerszijden van de middenbaan
Op het spoorwegtracé rijdt de goederentrein en soms
fungeert als wandelgebeid.
de recreatietrein van het Spoorwegmuseum.
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Biltstraat naar Berekuil >
Emmalaan
t
a ra
lst
aa
g te
ch
Na
ies al
M l
ge
in
Verkeer Maliebaan 2009 Hoofdweg Secundaire weg Ventwegen Maliebaan
eig .R rg Bu
Fietspad Maliebaan Voetgangerspad Maliebaan
t
aa str
er
Bomen Oosterspoorlijn
N
Bebouwing
Station Maliebaan Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Wilhelminapark
17
groen De groenstructuur van de Maliebaan bestaat uit twee groenstroken aan weerzijden van de middenbaan van de Maliebaan. Deze groenstroken zijn elk voorzien van drie rijen bomen. De vormgeving van de plaatsing van de bomen is afkomstig van de eeuwenoude structuur van de Maliebaan toen het nog een paille-maille speelveld was. De beplanting bestaat voornamelijk uit iepen en linden. Onzeker is nog van wanneer deze bomen stammen, maar deze zijn gelijkmatig beplant over de jaren.
De Maliebaan is in Utrecht een gave en
De bomenstructuurvan de Maliebaan stamt
unieke structuur.
nog uit de tijd dat de Maliebaan een speelveld was.
Het groen van de Maliebaan vormt een schakel tussen het groen aan de singels en het Hogelandpark en Oorsprongpark, de Emmalaan en het WIlhelminapark. Daarnaast is het groen van de Maliebaan een gave en unieke structuur in Utrecht, maar ook in Nederland en buitenland (zie hoofdstuk Maliebaan in context op paginas 84 t/m 89).
18
Maliebaan - Utrecht
De Maliebaan sluit aan de zuid-oostzijde met
Aan de noord-west zijde sluit de Maliebaan aan
het groen van de singels aan het Lepelenburg.
met het Hogelandpark en de Oorsprongpark.
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Oorsprong Hogelandsepark
an ba e i l Ma
Lepelenburg Groen Maliebaan Openbaar groen Collectief groen Bomen Wanden Maliebaan Spoorgebied
N
Water
Wilhelminapark Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
19
Wanden De wanden van de Maliebaan bestaan gedeeltelijk uit patricierspanden en uit pandsgewijze blokken. Aan de stadszijde, ten noord-westen van de Maliebaan, is de bebouwing chiquer en groter. De panden zijn grotendeels vrijstaand en de architectuur is rijker aan details (erkers, dakkappelen, risalieten, enz.). Aan de andere kant van de Maliebaan, de zuid-oost zijde bestaat de wand uit kleinere erven. Hoe meer naar het noord-westen toe hoe kleiner de erven zijn. De korrel grotte van de bebouwing is aan deze kant van de baan ook kleiner. De spaties tussen de bebouwing zijn nauw en vaak gesloten door een muur met een deur.
Vrijstaande patricierspanden aan de Malie-
Pandsgewijze stroken bebouwing aan de Ma-
baan.
liebaan.
De spaties tussen de bebouwing geven soms
De inrichting van de spaties tussen bebouwing
doorzichten naar de erven toe.
gebeurt vaak met hekken in verschillende vor-
Vanaf de Maliebaan zijn op sommige plekken doorzichten naar de erven aanwezig. Deze spaties zijn vaak voorzien van een hek in zowel traditioneel als modern vormentaal.
mentalen.
20
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Biltstraat
t
aa str
al
ga te ch
Na
l
ge
in
ies
al
M Wanden Maliebaan
.R rg Bu
Wanden Maliebaan
t
Station Maliebaan
aa str er
eig
Doorkijken vanuit Maliebaan Bomen Oosterspoorlijn Bebouwing omgeving
Wilhelminapark Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
N
21
Beschermd stadsgezicht
2-6
22
Rijksmonument
Rijksmonument
42
44 -48
Maliebaan - Utrecht
8
Maliesingel
Rijksmonumenten zijn: Maliebaan 8, 10, 12, 14-14D, 16 (Maliebaanstation), 18, 20, 22, 24, 26, 40, 42, 44, 46, 48, 58, 60, 62, 64, 66, 68, 70, 70A, 74, 76, 78, 80, 80BS, 82, 84, 86, 88, 90, 92, 94, 96, 98, 100, 102, 108.
10
Maliebaan
Rijksmonumenten
50 -52
Rijksmonument
Rijksmonument
Rijksmonument
N
54 - 56
58 - 60
62 - 64
Rijksmonumenten
66
68
70
70A
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Wanden Maliebaan noord-west
Rijksmonumenten
12
14
Rijksmonumenten
72
74
76 - 78
Rijksmonumenten
16
18
Rijksmonumenten
78A - 84A
Rijksmonument
Rijksmonumenten
20 -26
28 -30
Rijksmonumenten
86 -94
32
Rijksmonumenten
96 -102
34
36
38
40
Rijksmonument
104
106
108 Oorsprong
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
23
Rijksmonumenten
N
145 - 127
125 - 113
111 - 103
Rijksmonumenten zijn: Maliebaan 3, 5, 7, 13, 21, 27, 31, 55, 57, 59, 71, 71M, 73, 73E, 75, 77, 77C, 81, 83, 85, 89, 91, 93, 95, 97, 99, 113, 113BS, 115, 115BS.
Rijksmonument
63
61
59 - 55
Rijksmonument
53 - 51
49
47
45
43
41
39 - 37
35
33 - 31
Rijksmonument
29 - 27
Maliebaan
24
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Wanden Maliebaan zuid-oost
Rijksmonumenten
99
97 95
Rijksmonument Rijksmonumenten
93 91
89
87 85 83
Rijksmonument
Rijksmonument
81
81A
79
77
Rijksmonumenten
75 - 73
71
69
67
65
Beschermd stadsgezicht
Rijksmonumenten
25 - 23
21
Rijksmonument
17 - 15
13 - 1 Maliesingel
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
25
Profiel Maliebaan voor 1860
Tuinderswoningen
Toegangsweg voor koetsen
Wandelgebied
Middenbaan
Vier bomen rijen
Wandelgebied
Toegangsweg
Tuinen en boom-
Vier bomen rijen
voor koetsen
gaarden >
geen trottoir
geen trottoir
Profiel Maliebaan na 1860
Herenhuizen Trottoir
Ventweg
Dubbele rooilijn
Fietspad Voetpad Drie bomen rijen
Middenbaan
Voetpad
Ventweg
Trottoir
Theekoepels
Drie bomen rijen
gebouwen
26
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Profiel Maliebaan
Profiel Maliebaan 2009
Voetpad
Ventweg
Parkeren
Voetpad
Voetpad
Middenbaan
Voetpad
Voetpad
gebouwen
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Ventweg
Voetpad Patricierspanden
Patricierspanden Dubbele rooilijn
Parkeren
Drie bomen rijen
Drie bomen rijen
Dubbele rooilijn gebouwen
27
erven De erven aan de noordoostzijde van de Maliebaan liepen oorspronkelijk tot aan de Monseigneur van Weteringstraat. Dit is nog aan het erf van de Aartsbisdom te zien. De andere erven zijn in de loop van de tijd kleiner geworden. De woonfunctie van de Maliebaan is na de Tweede Wereldoorlog langzamerhand verzakelijkt. Veel panden zijn nu in gebruik als kantoren voor kleine en middel grote bedrijven en instellingen (banken, verzekeringsbedrijven, advocatenkantoren, welzijnsinstellingen en instituten). Veel erven achter deze kantoorpanden hebben hun groeninrichting verloren en fungeren als verhard parkeerterrein. Op de erven zijn tuinhuisjes, koetshuizen en stallen te vinden uit vroegere perioden, rudimenten van de ‘service’ zone die tot diep achterin de erven aanwezig is. Daarnaast is ook recente bebouwing te vinden. De bebouwingstypologie op de erven bestaat uit drie soorten: gebouwen haaks op de wanden van de Maliebaan, losse gebouwtjes en gebouwen evenwijdig aan de wanden van de Maliebaan (vooral aan de kant van de Oosterpoorlijn).
Het groen van de erven heeft door de kantoor-
Naast uitbreidingen staat er ook losse
functies plek moeten maken voor parkeerter-
bebouwing op de erven.
reinen en uitbreidingen van de kantoren.
In de erven zijn tuinhuisjes, koetshuizen en
Aan het begin van de Maliebaan, op de 1ste
stallen te vinden uit de 19de eeuw.
korte Baansteeg en de 2de Korte Baansteeg is bebouwing haaks op de wanden van de Maliebaan te vinden.
Langs de groenstroken van de Maliebaan wordt sinds de jaren ‘60 geparkeerd.
28
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
an ba e i l Ma
Erven Maliebaan 2009 Parkeren Tuinen Openbaar groen Bomen Wanden Maliebaan Spoorgebied
N
Water
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
29
Maliebaan als geheel
Gave structuur in de stad
Weinig doorsnijdingen, één zichtlijn
Wanden
Kruispunt Nachtegaalstraat- Burgermeester
Dubbele rooilijn bebouwing: erkers en uitbou-
Reigersstraat
wen als rudiment van de vroegere tuinhuizen
Profiel Maliebaan: erf - gebouw - stoep -
Spaties tussen de bebouwing
Bouwhoogtes
Chiquere bebouwing stadszijde Maliebaan
Erkers /risalieten/details
Kleinere percelen spoorzijde Maliebaan
ventweg - parkeren - voetpaden in het groen - verkeersbaan - voetpaden in het groen - parkeren - ventweg - stoep - gebouw - erf spoor
Gave groenstructuur als schakel tussen de singel, het Hogelandpark en het WIlhelminapark
30
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Gemengde functies
Woonhuizen
Erven
Zichtlijn op erven
Kwaliteiten De Maliebaan is een eeuwenoude structuur die er uitstekend bij ligt in vergelijking met andere maliebanen in zowel binnen en buitenland. Het is een unike structuur die zich kermerkt door een aantal elementen. Deze ruimtelijke karakteristieken zijn kwaliteiten die voor toekomstige interventies behouden en versterkt dienen te worden. Kwaliteiten Maliebaan
Scholen en openbare functies
Groene erven
c. Functies Maliebaan • menging van functies: wonen en werken d. Erven • zichtlijnen • groene erven • ‘service’ zone op de erven, stallen en koetshuizen tot diep achter de erven (Fentener van Vlissingen in Tulpstraat)
a. Maliebaan als geheel • nog een hele gave structuur in de stad • weinig doorsnijdingen • een duidelijke zichtlijn • groene structuur als schakel tussen singel, Hogelandpark en Wilhelminapark • profiel Maliebaan b. Wanden • verschil stadszijde en spoorzijde (chiquere bebouwing stadszijde, kleinere erven spoorzijde) • dubbele rooilijnen bebouwing • spaties tussen de bebouwing • bouwhoogtes • erkers/risalieten/details
Kantoren
‘Service’ zone op de erven, stallen en koetshuizen tot diep achterop de erven
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
31
Maliebaan als geheel
Verhouding Functies
Wanden
Erven
Verdichting van de erven met verschillende bebouwingstypologieën: losse gebouwen en Restauratie/renovatie wanden binnen de vor-
gebouwen haaks en evenwijdig aan de be-
mentaal bebouwing Maliebaan
staande gebouwen van de Maliebaan
Heftigheid Piekenkermis
Verdichting zichtlijn naar erven
Verstening erven
Sleetse inrichting wandelzones in groene
Kwaliteit bomen en gaafheid groenstructuur
Inrichting spaties tussen bebouwing
Parkeren in erven
stroken
goed in de gaten houden
Kop: verkeerskooppunt neemt veel ruimte in
Verzakelijking Maliebaan beperken
en is niet overzichtelijk
uit www. maliebaanfestival.nl
Einde: aansluiting Biltstraat - Maliebaan kan beter
32
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Aandachtspunten: fysiek en procedureel 1. Fysieke aandachtspunten: In de Maliebaan is er geen acute grote ontwikkelingsdruk, maar wel een continue stroom van kleine claims op de ruimte: doorsteek maken voor fietsers, een zebrapad voor de school, het keren op de baan tegengaan dmv evt. voethekjes, bouwprojecten op de erven, parkeren van auto’s en fietsen, het plaatsen van evt. fietsenklemmen. Er is een visie en beheersplan nodig, die ervoor moeten zorgen dat de uniekheid en gaafheid van de Maliebaan niet verloren door de kleine claims. Aandachtspunten voor de Maliebaan zijn: a. Maliebaan als geheel • kop en staart (aansluitingen op de stad) kunnen beter, kop en staart zijn nooit goed geweest • sleetse inrichting wandelzones op de Maliebaan. • kwaliteit van de bomen in de gaten houden. Tegelijkertijd aanplanten wanneer nodig. • type bestrating in de openbare ruimte van de Maliebaan en de erven b. Wanden • restauratie/renovatie in passende vormentaal (zie kwaliteiten). • hekken en schuttingen aan wanden Maliebaan in passende vormentaal
• let op de spaties en zichtlijnen tussen de wanden van de Maliebaan c. Verhouding functies • verzakelijking Maliebaan terugdringen • Piekenkermis. De grootschaligheid van dit evenement is te heftig voor de groenstructuur van de Maliebaan (voorval kap van 180 jaar oude rode beuk in oktober 2007). Aanbeveling of dit evenement kleinschaliger kan. d. Erven • verdichting en verstening van de erven • bebouwingstypologie op de erven: haaks op de wanden, losse objecten, evenwijdig aan wanden • parkeren in erven 2. Procedurele aandachtspunten: Het Bestemmingsplan, waarin de Maliebaan is opgenomen, maakt onderdeel van het plangebied stadsvernieuwing Buiten Wittevrouwen afkomstig uit 1992. Het plan strekt tot behoud, herstel, verbetering, herindeling of sanering van het gebied ten oosten van de binnenstad en de singels. Voor de Maliebaan gelden als voornaamste drie zaken. Ten eerste de handhaving van de zeer karakteristieke bebouwing die de grootste prioriteit verdient. Het
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
opnemen van de Maliebaan in het gebied van beschermd stadsgezicht wordt sterk bevorderd. De voorschrijdende verzakelijking dient te worden gestopt om zo de de grote parkeeroverlast terug te dringen. Om deze drie hoofdzaken te bereiken dienen in het document een aantal zaken beter geregeld te worden, zoals het bouwen van bouwwerken bestemd voor bedrijfsdoeleinden op erven en het gebruik van erven voor parkeren. Bij herziening van de bestemmingsplan de volgende punten meenemen: a. Aanvullingen op het bestemmingsplan: • Vrijstelling van B&W voor het bebouwen van de erf tot maximaal 70% en met een maximum van 32m, zou uit bestemmingsplan moeten worden gehaald om zo te voorkomen dat de erven helemaal verstenen en verdichten. • 40 % van de gronden mag door B&W gewijzigd worden in de bestemming parkeerdoeleinden. Dit zou aangevuld kunnen worden met een mogelijkheid van een zonering beschrijving. Dit betekent bebouwing achter een strook van xx meter. • In het bestemmingsplan ontbreekt een bepaling over de gewenste richting van eventuele uitbreidingen op de
erven. • Er ontbreekt een bepaling over opstelplaatsen voor vuilcontainers, verlichting, parkeren. Deze elementen zorgen voor een verrommeling van het monumentale straatbeeld van de Maliebaan. • De gebieden die in het bestemmingsplan aangeduid zijn als Tuin zijn de gebieden die als spaties dienen tussen de bebouwing. Er ontbreekt in het plan een verwijzing naar de vormentaal van de inrichting /bouwwerken van deze spaties (de hoogte van maximaal een meter wordt wel vermeld). b. Andere aanbevelingen: • Één loket maken, net als bij het Zocherplantsoen. Dit betekent een parkbeheerder die alle wensen en klachten behartigt en uitwerkt volgens een vaste coherente aanpak. • Mogelijkheid maken van (semi-) openbare tuinen. Creatieve omgang met de kantoortuinen zou een oplossing zijn: bij Staff Planning is een afspraak met de buurman die in het weekend de tuin gebruikt en onderhoudt.
33
R u i m t e l i j k e o n t w i k k e l i n g
34
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
35
Vestingstad Utrecht, ommuurd en omgeven door een vestinggracht, op een kaart van Jacob van Deventer, 1569. Aan de oostkant van de stad lagen de Biltstraat met bebouwing en het klooster Oudwijk. [Renes 2005]
36
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Voor 1636 - Kloostergronden
Het klooster Oudwijk met omliggende terreinen, rond 1570. [HUA]
Oostflank Utrecht Aan het einde van de Middeleeuwen, omstreeks 1540, versterkte de ommuurde en omsingelde stad Utrecht haar verdedigingswerken door de aanleg van vier bastions, één in het noorden en drie in het zuiden. Nadat Willem van Oranje in opstand was gekomen tegen de hertog van Alva in 1568, raakte ook de stad Utrecht betrokken bij de Tachtigjarige Oorlog. De stad besloot daarom in 1577 de vestingbouwer Adriaen Anthonisz de vestingwerken te laten uitbreiden met vijf bolwerken: Begijnebolwerk, Wolvenburg, Lucasbolwerk, Lepelenburg en Mariabolwerk.1 Van deze bolwerken zijn de eerste vier nog herkenbaar in de huidige stad en is het Mariabolwerk aan de westflank verdwenen. De enige stadspoort aan de oostkant van de stad, de Wittevrouwenpoort, gaf toegang tot de Biltsestraat, een kaarsrechte weg richting De Bilt. Aan deze straat, buiten de stadspoort, verrees de bebouwing horend bij de landerijen ten oosten van de stad. Sinds de Middeleeuwen was Utrecht een belangrijke stad voor de RoomsKatholieke Kerk, omdat hier de aarts-
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
bisschop zijn zetel had. Hierdoor vestigden zich een groot aantal kloosters in en rondom de stad. Tijdens de Reformatie kreeg Utrecht liefst drie beeldenstormen te verduren, in 1566, 1579 en 1580. Uiteindelijk werd de Rooms-Katholieke Kerk door het stadsbestuur verboden in 1580, nadat een jaar eerder de Unie van Utrecht was gevormd, waarin de noordelijke, protestantse gewesten zich hadden verbonden. De kloosters, inclusief het bezit aan gebouwen en grond, kwamen in bezit van de stad en van de Ridderschap, de politieke vertegenwoordiging van de adel. De kloostergebouwen werden veelal gesloopt om ruimte te maken voor woningbouw binnen de vesting of herbestemd als opslagruimte, kazerne en later als universiteitsgebouw. Aan de oostkant van de stad, bereikbaar via een zijstraat aan de Biltsestraat, was in de twaalfde eeuw het Benedictinessenklooster Oudwijk gesticht. 2 Ook dit klooster werd opgeheven tijdens de Reformatie, maar de ouders van de meestal adellijke Benedictinessen wisten de oorspronkelijke sloopplannen voor het klooster te beperken tot het afbreken van de
37
Een plan uit 1629 voor de uitbreiding van de vestingwerken. Aan de oostflank van de stad waren een verdedigingswerk aan de Biltstraat en een Hoornwerk ten zuiden van het Lepelenburg getekend. [Renes 2005]
38
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Na de Reformatie werd een deel van de gebouwen van het klooster Oudwijk gesloopt en het overgebleven deel verkocht als landgoed. [HUA]
kerktorens.3 Uiteindelijk werden het kloosterterrein verkocht als landgoed en de landerijen verpacht. De door afzetting van slib vruchtbare terreinen waren onder andere in gebruik als boomgaard, tuinderij of moestuin. Hoewel het gebouw diverse keren ingrijpend verbouwd is en het grondeigendom sterk verkleind is, herinnert het landhuis Oudwijk aan de Oudwijkerlaan nog steeds aan het opgeheven klooster.
Het voormalige klooster als landgoed Oudwijk, rond 1860. [HUA]
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
39
Plattegrond van Utrecht in 1649, met het zuid-
De Maliebaan kort na de aanleg in 1637. De
westelijke deel van de Maliebaan. Duidelijk
baan werd aan beide kanten afgesloten met
zichtbaar zijn de bomenrijen aan weerzijden
een hek en aan weerzijden stonden vier rijen
van de baan en de verkaveling van de wei-
bomen. Op de voorgrond zijn de Maliebrug
landen daarachter. Uit het Toonneel der
van het bolwerk Lepelenburg over de singel
Steden, uitgegeven door Blaeu in 1649-1652.
en de herberg Het Gulden Vlies zichtbaar.
[RUG]
Ets door Hendrik de Winter uit 1645, gemaakt in opdracht van de Vroedschap van Utrecht. [Renes 2005]
40
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
1636-1768 : Maliebaan als ontspanningslandschap
Het maliespel zoals afgebeeld in een boek over oude Engelse sporten. Een bal werd met een lange stok met een houten kop en fluwelen handvat in zo weinig mogelijk slagen van het begin- naar het eindpunt geslagen. [Ditchfield 1891]
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Oostflank Utrecht Na de aanleg van de vijf bolwerken lag de ruimtelijke ontwikkeling van Utrecht nagenoeg stil. Er was nog genoeg ruimte in de stad uit te breiden, mede dankzij de vrijgekomen kloostergronden, zodat uitbreidingen buiten de vesting niet nodig waren. Toch waren er in de jaren zestig van de zeventiende eeuw grootse, utopische plannen om Utrecht uit te breiden. De aanzet hiertoe gaf de ambitieuze burgemeester Hendrick Moreelse met zijn plan in 1664. Zijn plan richtte zich op de westkant van de stad, waar hij een strikt orthogonaal stratenpatroon toepaste. Om zijn nieuwe stad kwam een nieuwe vestinggracht, waarin de bolwerken Wolvenburg, Lucasbolwerk en Lepelenburg werden opgenomen. Aan de ligging en het profiel van de Maliebaan wijzigde Moreelse niets, zodat de baan behouden bleef als een sportterrein buiten de stad. In andere plannen, van onder andere de landmeter Hugo Ruysch en van schrijver Everard Meyster, bleek de Maliebaan wel een obstakel. Zowel Ruysch als Meyster wilden Utrecht
aan alle kanten evenveel uitbreiden, zodat er een nieuwe gordel van vestingwerken concentrisch om de hele stad nodig zou zijn. In zijn plan negeerde Ruysch de Maliebaan en tekende hij de nieuwe vestinggracht dwars over de baan – en over de Biltstraat – heen. Meyster werkte zijn plannen beter uit. In zijn plan zijn de uitbreidingen verkaveld volgens een strak grid dat aan de oostkant is gebaseerd op de rechte Biltstraat. De diagonaal op deze straat gelegen Maliebaan detoneerde in dit stratenpatroon en daarom verlegde Meyster de baan naar een halve maan-vormige restruimte, ingericht als park. Uiteindelijk werden geen van de plannen uitgevoerd. De bevolking van Utrecht nam slechts geleidelijk toe, waarvoor woonruimte nog binnen de singels gebouwd kon worden.4 Maliebaan Ruimtelijk In maart 1636 werd de Illustre School in Utrecht geïnaugureerd tot de universiteit van Utrecht. Om de studenten enige ontspanning en vertier te bieden besloot de Vroedschap in 1637
41
tot de aanleg van een maliebaan: ‘goetgevonden tot cieraet van deselve hare Stadt, alsmede tot exercitie ende vermaeck van hare inwoonders ende die geene, dewelcke de academie alhier frequenteren te doen maecken den Maillebaen’.5 Op een maliebaan werd het maliespel gespeeld, ook bekend als paille maille. Hierbij was het de bedoeling dat in een beperkt aantal slagen met een maille – een houten stok met fluwelen handvat en een houten kop – een bal van de ene naar de andere kant van een lange baan – maliebaan – gespeeld werd. Het van oorsprong Franse spel werd internationaal door studenten gespeeld, zodat er ook in andere landen maliebanen liggen. Meer over de Maliebaan in zowel Nederlandse als internationale context komt later in het rapport aan de orde. De Utrechtse maliebaan werd aangelegd in het Oudwijkerveld, het gebied rondom het voormalige klooster Oudwijk. Waarschijnlijk werd voor dit gebied gekozen omdat in de omwalling bij het Lepelenburg al een poortje bevond dat toegang gaf aan een herberg buiten de vesting, waar leden van het Gulden Vlies vergaderden. Deze herberg kreeg na 1637 de functie van maliehuis, waar de beheerder van de baan, de maliemeester, woonde.
42
De maliemeester hield toezicht op de baan, wat betekende dat hij de spelmaterialen verhuurde en de baan onderhield. Het Oudwijkerveld was overwegend verkaveld van zuidwest naar noordoost, wat de ligging van de baan ten opzichte van de stad verklaard.6 Het startpunt van de baan lag net buiten de singel, tussen het bolwerk Lepelenburg en het hoornwerk en het eindpunt bij een oude Vechtloop nabij het landgoed Oudwijk. Zowel het start- als eindpunt werden gemarkeerd door palen en het speelveld zelf werd aan de lange kanten omheind. De totale lengte bedroeg 740 meter. Aan weerszijden van de baan, achter de omheining, werden twee maal vier rijen bomen aangeplant, in totaal 1200 linden en 600 iepen. Ruim twintig jaar later, in 1659, had de Maliebaan zo’n dicht bladerdak dat de boombeplanting sterk werd uitgedund door om de andere boom te rooien. Gaandeweg de werd de buiten de singels gelegen Maliebaan ook aantrekkelijk als wandel- en ruitergebied en ontwikkelde het gebied rondom de Maliebaan zich als een lustlandschap met de voor die tijd gebruikelijke theekoepels, priëlen en tuinhuizen. Ook de chique burgers verpoosden zich eind zeventiende eeuw aan de Maliebaan,
Maliebaan - Utrecht
De Maliebaan in 1697. De ruimtelijke opzet van de Maliebaan was zestig jaar na de aanleg niet gewijzigd. Ets van Casper Specht naar een tekening van Jan van Vianen. [HUA]
Ontwerp voor het buitenhuis Bellevue aan de Maliebaan, 1768. Waarschijnlijk werd deze tekening gebruikt om toestemming voor de bouw te vragen. [HUA]
De Franse koning Lodewijk XIV voor de poorten van Utrecht in 1672. Schets voor een wandtapijt uit de serie L’Histoire du Roy door het atelier van Charles le Brun, 1690. [Louvre] Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Plan voor de uitbreiding van Utrecht, door burgemeester Hendrick Moreelse, 1664. Moreelse concentreerde de uitbreiding aan de westkant en nam de bolwerken aan de oostkant op in een nieuwe gordel van verdedigingswerken. [Renes 2005]
Plan voor de uitbreiding van Utrecht, door Hugo Ruysch, 1666. Ruysch breidde Utrecht aan alle kanten uit, zodat een nieuwe vestinggordel nodig was. Hierin vormde de Maliebaan duidelijk een obstakel. [Renes 2005]
Plan voor de uitbreiding van Utrecht door Everard Meyster, 1667. Net als Ruysch ontwierp Meyster een nieuwe ring van verdedigingswerken. De Maliebaan vormde ook hier een hindernis in het strakke grid, maar
maar gaven de voorkeur aan een ritje per koets boven een wandeling te voet. Om hieraan tegemoet te komen werd in 1693 besloten paden aan de buitenkant van de bomenrijen geschikt te maken voor koetsen. Later, in de achttiende eeuw, groeiden de terreinen rond de theekoepels uit tot kleine buitenplaatsen met hovenierswoningen, maar nog steeds gericht op recreatie en niet op permanente bewoning. Voor een goed uitzicht op de baan werden de tuinhuizen uitgebouwd met erkers. Om te voorkomen dat de erkers steeds groter zouden worden, stelde de Raad in 1730 twee rooilijnen vast. Een rooilijn op een afstand van 28 voet van de buitenste bomenrij voor de tuinhuizen en een rooilijn op een afstand van 24 voet voor de erkers aan de tuinhuizen. Dit besluit tot twee rooilijnen is nog steeds af te lezen aan de onregelmatige gevelwand van de Maliebaan. 7 Behalve voor ontspanning, bleek de Maliebaan enkele decennia na de aanleg ook geschikt voor politieke doeleinden; de Franse Zonnekoning Lodewijk XIV liet zich in 1672 toejuichen door een menigte Frans gezinde Utrechtenaren.8
Programmatisch De Maliebaan werd oorspronkelijk aangelegd als een sportterrein voor studenten, maar werd door de chique burgerij als ontspanningslandschap buiten de singels, om te wandelen en te flaneren in een koets. Net als aan de Vecht, ver buiten Utrecht, bouwden zij een lustlandschap, maar dan dicht bij huis. Aan de baan verrezen eerst bescheiden theekoepels en priëlen, die in de achttiende eeuw uitgroeiden tot grote tuinhuizen.
Meyster verplaatste de baan in noord-zuid-richting. [Renes 2005].
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
43
Kop Oorspronkelijk lag de kop van de Maliebaan een stuk verder naar voren dan in de huidige tijd. Het is niet precies te reconstrueren waar de ban precies begon, maar waarschijnlijk was het halverwege het plantsoen op het Malieblad. De boombeplanting in vier rijen aan weerszijden van de baan sloot aan op de boombeplanting op de oevers van de vestinggrachten, zodat de Maliebaan functioneerde als een groene zijtak van de vesting.
M
al
ieb
aa
n
Biltstraat
Ma
Herberg ‘t Gulden Vlies (Maliehuis)
lie
sin
ge
l
ug
Maliebr
Maliebaan 1636 - 1768 Maliebaan Hoornwerk
Tuinderswoningen en theekoepels
Kruispunt Al voor de aanleg van de Maliebaan in 1637 liep er van de vestinggracht ter hoogte van het Lucasbolwerk een pad richting het landgoed Oudwijk. Dit pad was de basis voor de huidige Nachtegaalstraat en Burgemeester Reigerstraat. Het doorgaande pad werd doorsneden door de aanleg van de Maliebaan. In de zeventiende en achttiende eeuw waren de paden aan weerszijden van de Maliebaan slechts zijstraten, die toegang gaven tot verder gelegen tuinderijen en buitenplaatsen.
Hoveniersgrond Pachtgronden Bomen Bebouwing Water
44
Maliebaan - Utrecht
N
Eind De Maliebaan eindigde oorspronkelijk op een oude Vechtloop, iets ten zuiden van de Biltstraat. Net als aan de kop
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
van de baan kwam ook aan het einde een herberg. Aan de Biltstraat, dus voorbij het einde van de baan werd herberg ’t Boompje werd waarschijnlijk gelijk met de aanleg van de Maliebaan gebouwd.
Portret van Rene Descartes (1596-1650) door Frans Hals, 1649. [Louvre]
Pieter Langendijk (1683-1756) schrijver van het blijspel Het Wederzijds Huwelijksbedrog (1714). Ets van C. Pronk en J. Houbraken, 1751. [DBNL]
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Beroemde Maliebaners Rene Descartes (1596-1650) De Franse filosoof Rene Descartes gaf in 1636 aan de net opgerichte Universiteit van Utrecht colleges in de filosofie en woonde daarom bijna een jaar in Utrecht. Volgens de overlevering schreef hij hier zijn ‘Discours de la Méthode’, dat later in Leiden werd uitgegeven. 9 Hij betrok een tuinhuis aan de Maliebaan, waar toen nog nauwelijks bebouwing stond. Het tuinhuis bestaat niet meer, maar lag waarschijnlijk ter hoogte van de huidige nummers 36 en 38. Het Wederzijds Huwelijksbedrog (1714) Pieter Langedijk (1683-1756) schreef in 1714 het blijspel Het Wederzijds Huwelijksbedrog dat zich grotendeels op de Maliebaan afspeelt. Het stuk gaat over een berooide edelman Lodewijk die verliefd wordt op de jongedame Charlotte, vooral omdat ze rijk lijkt te zijn. Beide partijen doen zich beter voor dan ze werkelijk zijn, wat grote consternatie oplevert.
45
Op deze kaart van D. Kuyper uit 1784 wordt
Links het Maliepoortje en de Maliebrug over
duidelijk hoe de Maliebaan is verbonden met
de singel en rechts de entree naar de Malie-
de Biltstraat. Het profiel van de baan met de
baan. Schilderij van een anonieme schilder
bomenrijen werd doorgezet. [Renes 2005]
omstreeks 1770.[CM]
46
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
1768-1813 - Maliebaan tijdelijk in verval Oostflank Utrecht Door de economische en politieke onrust in de Republiek was er aan het einde van de achttiende eeuw weinig aandacht voor de uitbreiding of verfraaiing van de stad. Utrecht werd in staat van oorlog gebracht met extra versterkingen. De nadruk lag hierbij op de verdediging aan de oost- en zuidzijde van de stad, omdat de dreiging van buiten de Republiek kwam. De kaart van 1787 laat verdedigingswerken zien aan de Ridderschapsvaart, op de Biltstraat, bij de Gildbrug en aan het einde van de Maliebaan. Daarnaast versterkten de inundatievelden aan de oostkant van de stad, tussen de Ridderschapsvaart en De Bilt, de verdedigingswerken van de stad. Tijdens de Franse Tijd onderging Utrecht grote veranderingen, vooral bestuurlijk. Dit had echter geen ingrijpende gevolgen voor de ruimtelijke inrichting van oostelijk Utrecht.
De verbinding met de Biltstraat is opgeheven vanwege de aanleg van versterkingen voor de verdediging van Utrecht. De lijnen geven het schootsveld van de schans op de Biltstraat aan. Kaart uit 1787. [HUA] Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Maliebaan Ruimtelijk Tot 1768 liep de Maliebaan dood op een kleine zijarm van de Vecht. In het-
zelfde jaar kocht het stadsbestuur terreinen van de buitenplaats Hogeland en van het gerecht Bleyenburg, zodat de Maliebaan verlengd kon worden tot aan herberg ’t Boompje, aan de Biltstraat. Een jaar later kwam er een verbinding tussen de baan en de Biltstraat, waarvoor een brug over de Vechtloop werd gebouwd. 10 Deze verbinding van de Maliebaan met de Biltstraat was slechts van korte duur. Sinds 1780 verkeerde de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden in een economische en politieke crisis. Er was onrust in zowel de buitenlandse politiek door een oorlog met de Engelsen (1780-1784) als in de binnenlandse politiek door de strijd tussen de patriotten en prinsgezinden. Dit had ook gevolgen voor de Maliebaan. Op kaarten uit 1787 is de verbinding met de Biltstraat alweer opgeheven om plaats te maken voor een schans, een kleine vooruit geschoven versterking. Tijdens deze roerige periode raakte het paille maille in onbruik. Daarbij onttakelden de Utrechtse burgers de Maliebaan op zoek naar goedkoop
47
Jonas Zeuner (1727-1814) maakte vier schilderijen van de
De Maliebaan vanaf de Biltstraat, met rechts tussen de
De Biltstraat met links herberg ’t Boompje, daarachter be-
Maliebaan, omstreeks 1784. Het begin van de Maliebaan
bomen de Domtoren. [CM]
vindt zich het eindpunt van de Maliebaan. [CM]
met links herberg Het Gulden Vlies. [CM]
Het begin van de Maliebaan met links het Maliehuis, 2009.
De Maliebaan vanaf de rotonde nabij de Oorsprongpark, 2009.
48
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
De Maliebaan met Franse militairen, omstreeks 1800. Tekening uit het schetsboek van één van de broers G.Th.F. of F.H.J. van Utenhove. [HUA]
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
brandhout, zodat de baan onbespeelbaar werd voor paille maille. Met de komst van de Fransen in 1795 kreeg de Maliebaan een nieuwe functie. De brede baan bleek bijzonder geschikt als exercitieterrein voor het Franse leger onder leiding van maarschalk Ourdinot.11 Hiervoor werden alle hekken, waarvan het grootste deel al verdwenen was, verwijderd en de wandelpaden tussen de bomen verbreed tot ventwegen. Het hoogtepunt in deze periode was ongetwijfeld het bezoek van Napoleon Bonaparte in 1811. De keizer van Frankrijk, waarbij de Republiek ingelijfd was, kondigde slechts een week te voren aan Utrecht te bezoeken. Met grote haast werd de stad klaargemaakt voor het keizerlijk bezoek. Op de Maliebaan hielden vier regimenten infanterie en de burgerschutterij een wapenschouw voor Napoleon. Hiervoor werden een aantal bomen op de baan geveld.12 De verbreding van het profiel voor het exerceren en de wapenschouw gaf niet alleen ruimte aan het Franse leger, maar ook voor de aangrenzende percelen met tuinhuizen, zomerverblijven en dergelijke.
Programmatisch Aan het einde van de achttiende eeuw werd paille maille nog nauwelijks gespeeld en was de Maliebaan vooral in gebruik als gebied om te wandelen of om paard te rijden. In 1790 probeerde een oud-burgemeester de baan officieel te bestemmen voor een nieuwe functie als een paardenrenbaan, waarvoor de baan toch al regelmatig gebruikt werd, maar de stad wees dit voorstel af. 13 Wel werd enkele jaren later, in 1796, bepaald dat paarden alleen nog op de middenbaan mogen rijden en niet meer tussen de bomen of op de ventwegen. 14 Uiteindelijk werd de functie van maliemeester in 1812 officieel opgeheven en daarna de middenbaan verhard tot rijweg. 15
49
Biltstraat Herberg ‘t Boompje
n
aa
b lie
a
M
Malies ingel
Oudwijk
Maliehuis
Lepelenburg
Maliebaan 1768 - 1813 Schans (1787 - 1795) Maliebaan (1768 -1787) Tuinen Maliebaan Hoveniersgrond Pachtgrond Bomen Tuinderswoningen en theekoepels Bebouwing
N
Water
50
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Kop De kop van de Maliebaan bleef in deze periode ongewijzigd. Kruispunt De paden aan weerszijden van de Maliebaan, ter hoogte van het huidige kruispunt met de Nachtegaalstraat/ Burgemeester Reigerstraat, bleven in deze periode ongewijzigd. Eind De Maliebaan werd in de periode 1768-1787 kortstondig verbonden met de Biltstraat. Vanwege de versterking van de oostflank van Utrecht werd deze verbinding opgeheven.
Beroemde Maliebaners Napoleon Bonaparte (1769-1821) De Corsicaan Napoleon Bonaparte wist met zijn legers Frankrijk uit te breiden tot een keizerrijk op Europese schaal, waarbij ook De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd ingelijfd. In 1811 bracht Napoleon een bezoek aan Utrecht waar verschillende legeronderdelen een wapenschouw hielden op de Maliebaan.
Hieronymus van Alphen (1746-1803) Hiernonymus van Alphen (1746-1803) woonde in Oudwijk en hij kocht er terrein bij, zodat zijn bezit tot aan de Maliebaan liep. 1786: huis in Oudwijkerveld, tot aan Maliebaan 1789 pensionaris geworden in Leiden, verkocht zijn huis: ‘een hoff of plaisiertuyn groot circa eene morgen met een huysinge, coepel en hovenierswoning strekkende voor van de Maliebaan tot aan ’t warmoezeniersland van de buitenplaats Oudwijk.’
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
51
De Maliebaan was door het profiel en de lengte ook geschikt voor harddraverijen. Deze wedstrijden werden gehouden omstreeks 1826-1829. Litho van J.P. Houtman naar een tekening van W. Hoevenaar. [HUA]
< De Maliebaan in 1821. De verbinding met de Biltstraat was opgeheven en de voornamelijk achttiende eeuwse bebouwing was geconcentreerd aan de kant van de stad. [www.watwaswaar.nl]
52
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
1813-1861 - Maliebaan aangesloten op wandeling van Zocher
Begin van de Maliebaan met links het Maliehuis, 1830. Tekening uit G. Westendorp. [HUA]
De buitenplaats De Oorsprong omstreeks 1828. De tekening is gebaseerd op een prent van J.P. Houtman voor een publicatie over buitenplaatsen uit 1829. [HUA] Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Oostflank Utrecht Na de aftocht van de Fransen en de oprichting van het Koninkrijk der Nederlanden besloot de nieuwe koning Willem I een solide verdedigingslinie aan de leggen, die de belangrijkste steden in de nieuwe staat zou beschermen. De Nieuwe Hollandse Waterlinie verdedigde westelijk Nederland van de Zuiderzee tot aan de Biesbosch. Het belangrijkste wapen was het onder water zetten van terreinen, het zogenaamde inunderen. De linie veranderde in aaneenschakeling van gebieden onder een laag water met een diepte van nog geen halve meter. Dit water was te diep voor mensen, paarden en militaire voertuigen, maar te ondiep voor boten. Daarbij waren greppels onzichtbaar onder het water, wat het doorwaden zeer verraderlijk maakte. In tegenstelling tot de meer westelijk gelegen oude Hollandse Waterlinie was Utrecht opgenomen in de linie. Dit maakte de vestingwerken rond de stad overbodig. Voor de ambitieuze burgemeester H.M.A.J. van Asch van Wijk gaf dit in 1827 aanleiding tot de oprichting van een Commissie tot Uitbrei-
ding en Verfraaiing der Stad Utrecht. De commissie besloot een prijsvraag uit te schrijven voor een nieuwe inrichting van de vrijgekomen vestinggronden. De burgemeester had echter al onderhands contact gehad met de vermaarde tuinarchitect J.D. Zocher (1791-1870), zodat deze nog voor het uitschrijven van de prijsvraag al de opdracht kreeg. In 1829 presenteerde Zocher zijn ontwerp: de oostelijke vestinggronden, met de vier bolwerken Begijnebolwerk, Wolvenburg, Lucasbolwerk, Lepelenburg, transformeerde hij tot een zogenaamde ‘wandeling’, een groene strook met kronkelende paden, waterpartijen, bloemperken, heestergroepen en bomenlanen. In zijn toelichting nam Zocher de wandelaar vanaf het Lucasbolwerk aan de hand: ‘Gaan wij nu langs den oever voort, het water aan de linkerhand en verder in het verschiet aangenaam kronkelend; ter regterzijde de beplanting met afwisseling van verschillende groepen hout, en alleen staande boomen, tot aan de Botanische Tuin [huidige binnentuin van Centraal Museum].’16 Aan de noord- en westkant van Utrecht maakte Zocher een stadsuitbreiding
53
met zowel woningen als bedrijfsgebouwen. Eigenlijk ontwierp hij een compleet nieuw stadgezicht voor alle kanten van de stad. De uitvoering van het plan begon met de sloop van de stadsmuur rond het Begijnebolwerk in 1830 en de aanleg van een park op de oude stadswallen. Deze aanleg vorderde langzaam van de Wittevrouwenpoort richting het zuiden. In 1842 werd het plantsoen bij de Tolsteegpoort voltooid. Zocher bleef tot 1861 bezig met de uitvoering van zijn plannen, maar de stadsuitbreidingen met bebouwing werden nooit uitgevoerd.17 Maliebaan Ruimtelijk In zijn plan voor Utrecht sloot Zocher de Maliebaan aan op de ‘wandeling’ die hij ontwierp op de oostelijke vestinggronden. Dit ging echter niet eenvoudig, zoals hij schreef in zijn toelichting: ‘Alleen merk ik hier nog aan dat de Maliepoort hinderlijk was om de wandeling te bevorderen, alsook dat het water tusschen het bolwerk Lepelenburg en de stad noodzakelijk gedempt moest worden.’18 Ondanks deze hindernissen wist Zocher de Maliepoort op te nemen in het ontwerp door de Maliebrug als verbindend element tussen de ‘wan-
54
Het plan van J.D. Zocher voor de vrijgekomen vestinggronden en de uitbreiding van de stad. De tekening wordt omlijst door de nieuw ontworpen stadsgezichten. [Renes 2005]
Maliebaan - Utrecht
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
Stadsplattegrond van Utrecht, 1838. De plannen van Zocher voor de vestinggronden zijn grotendeels voltooid. De parken op de vestinggronden vormen een geheel van wandelroutes. [Renes 2005]
Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric
deling’ en de Maliebaan en singel te beschouwen. Op de plek van het voormalige hoornwerk was in het plan een ovaal gebied opgenomen. Waarschijnlijk hield Zocher hier rekening met een bestaande buitenplaats in de as van de Malieburg. De gebogen rooilijn aan de singel kopieerde hij aan de oostkant, zodat een ovaal perceel ontstond. De aansluiting van de Maliebaan op de singel gaf hij vorm met twee ronde plantsoenen, verschillend van afmetingen, in de as van de baan. Slechts een deel van zijn plan voor de aansluiting van het bolwerk Lepelenburg met de Maliebaan werd uitgevoerd. Een stenen boogbrug verving vanaf 1833 de oorspronkelijke houten Maliebrug en een tolhuis (‘barrière’) kwam in de plaats van de Maliepoort in de omwalling. 19 Het Lepelenburg werd echter niet ingericht, net als de ruimte tussen de singel en de kop van de Maliebaan. Toen in 1848 de tol bij de Maliebrug werd opgeheven en vrij verkeer mogelijk werd, nam de bouw van permanente woningen aan de Maliebaan sterk toe. 20 Dit leidde tot een vraagstuk waar Zocher geen rekening mee had gehouden in zijn ontwerp uit 1829. De nieuwe bewoners van de Maliebaan vroegen om een betere bereikbaarheid van hun woningen per koets.