Bijlage bij raadsbrief Rapportage Evaluatie Maatregelen tegen harddrugsgerelateerde overlast Utrecht 7-11-2024
Tekst van het document
Onderzoeksrapport November 2024
OVERLAST RONDOM LUCASBOLWERK, HIERONYMUSPLANTSOEN EN LEPELENBURG Een onderzoek naar harddrugsgebruikende overlastplegers, aard van door hen gepleegde overlast en maatregelen daartegen
Jos Kuppens Juno van Esseveldt Henk Ferwerda
Auteurs:
Jos Kuppens Juno van Esseveldt Henk Ferwerda In opdracht van:
Gemeente Utrecht
© 2024, Bureau Beke Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteurs. No part of this publication may be reproduced in any form by print, photo print or other means without written permission from the authors.
Inhoudsopgave Hoofdlijnen van het onderzoek
5
1
Achtergrond
12
1.1 1.2 1.3
Onderzoeksdoel en -vragen Uitgevoerde onderzoeksactiviteiten Leeswijzer
13 14 17
2
Aard van en ontwikkeling in overlast
18
2.1 2.2
2.3 2.4
Bevindingen vanuit de data Bevindingen uit de vragenlijst 2.2.1 Door respondenten ervaren overlast 2.2.2 Door respondenten ervaren criminaliteit Bevindingen vanuit interviews Een samenvattende blik op de bevindingen
18 20 20 21 23 24
3
Achtergrond van de overlastgevers
26
3.1
3.2 3.3
Bevindingen vanuit de data 3.1.1 Achtergrond van de overlastgevers vanuit politiedata 3.1.2 Achtergrond van de overlastgevers vanuit VTH-data 3.1.3 Achtergrond van de overlastgevers vanuit PGAx Bevindingen vanuit interviews Een samenvattende blik op de bevindingen
26 26 26 27 28 30
4
Aard van de ingezette maatregelen
32
4.1
4.2 4.3 4.4
Bevindingen vanuit de data 4.1.1 Bevindingen vanuit de politiedata: bekeuringen 4.1.2 Bevindingen vanuit de VTH-data: bekeuringen 4.1.3 Bevindingen vanuit de VTH-data: verblijfsontzeggingen Bevindingen vanuit de vragenlijst Bevindingen vanuit interviews Een samenvattende blik op de bevindingen
32 32 34 36 36 37 41
5
Effect van de maatregelen
43
5.1 5.2
Bevindingen vanuit de data Bevindingen vanuit de vragenlijst 5.2.1 Effect van de maatregelen tegen de overlast 5.2.2 Effect van de maatregelen tegen de criminaliteit 5.2.3 Effect van de maatregelen op de situatie in de woonbuurt van omwonenden/ondernemers 5.2.4 Effect van de maatregelen op het veiligheidsgevoel van omwonenden/ondernemers
43 44 44 45 46 47
5.3 5.4
Bevindingen vanuit de interviews Een samenvattende blik op de bevindingen
48 51
Bijlagen
Bijlage 1: Vragenlijst omwonenden Bijlage 2: Achtergrondkenmerken respondenten vragenlijst Bijlage 3: Resultaten verdiepende analyses op deelgebiedniveau
53 60 63
Hoofdlijnen van het onderzoek In dit hoofdstuk wordt in samenvattende zin teruggeblikt op (de invulling van) het onderzoek en volgen de belangrijkste bevindingen die te relateren zijn aan de hoofd- en deelvragen. In deze hoofdlijnen staat de essentie van het onderzoek; de resterende hoofdstukken zijn bestemd voor de lezer die enige verdieping achter de bevindingen zoekt. Achtergrond van het onderzoek Sinds de zomer van 2022 heeft de gemeente Utrecht maatregelen getroffen tegen de aanhoudende overlast in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg in Utrecht, in dit onderzoek soms aangeduid als ‘omgeving Lucasbolwerk’. Er was sprake van overlast en (gewelds)misdrijven door harddrugsgebruikers. Dit heeft uiteindelijk geleid tot een pakket van tien maatregelen, met als sluitstuk de APV harddrugsverbod vanaf 1 augustus 2023. Deze APV loopt tot 1 februari 2025, is geldig voor de gehele stad, maar heeft een handhavingsfocus op locaties met structurele overlast (bijvoorbeeld Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg). Aan Bureau Beke is gevraagd om deze APV, maar ook de overige maatregelen te evalueren. In totaal gaat het om een pakket van tien maatregelen, die volgens de gemeente Utrecht niet los van elkaar worden ingezet, maar juist in combinatie elkaar versterken.
Hoofdvraag van het onderzoek De hoofdvraag in het onderzoek luidt: Wat zijn de effecten van de maatregelen op openlijk harddrugsgebruik op de mate van overlast en criminaliteit, op de ervaringen van betrokkenen en op de toegang tot zorg voor gebruikers? Deze hoofdvraag wordt uiteindelijk beantwoord, mede aan de hand van drie deelvragen. Onderzoeksactiviteiten Om invulling te geven aan deze evaluatie zijn data vanuit diverse organisaties geanalyseerd, namelijk incidenten en bekeuringen van de politie en van de afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH). Daarnaast is informatie over harddrugsgebruikende overlastgevers in de zogenaamde PGAx geanalyseerd.1 Verder is een vragenlijst onder 900 adressen van zowel omwonenden als ondernemers in omgeving Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg uitgezet en zijn interviews met 24 personen (zowel omwonenden, ondernemers, belangenorganisaties als professionals) uitgevoerd. Ten slotte is een bijeenkomst van de Klankbordgroep Lucasbolwerk bijgewoond en zijn korte gesprekken met elf personen uit de doelgroep van harddrugsgebruikers gevoerd, zowel bij De Stek als in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg.
1. Bron: www.pgax.nl/oplossingen/pgax-voor-zorg-en-veiligheidshuizen/PGAx voor Zorg- en Veiligheidshuizen: ‘PGAx is een moderne gebruiksvriendelijke applicatie, die voldoet aan landelijke standaarden. PGAx ondersteunt de aanpak van alle complexe zorg- en veiligheidsproblemen waar zorg- en veiligheidshuizen zich vandaag de dag mee bezig houden’.
5
Belangrijk om te vermelden is dat het dus multibronnenonderzoek betreft. Daarbij hebben alle bronnen een gelijke inbreng in het beantwoorden van de onderzoeksvragen gehad; bewust is er door de onderzoekers niet voor gekozen om op voorhand bepaalde bronnen belangrijker te achten dan andere. Beantwoording van de deelvragen Voordat we toekomen aan het beantwoorden van de hoofdvraag, gaan we ter inleiding eerst in op de deelvragen. Belangrijk daarbij om te vermelden is dat de hoofd- en deelvragen uitgaan van de inzet van alle tien de maatregelen, waarbij de APV harddrugsverbod daar waar mogelijk extra uitgelicht wordt. ▪
Hoe was de situatie bij de start van de maatregelen (o.a. de mate van overlast en criminaliteit, de overlastlocaties, het aantal gebruikers in beeld, het aantal gebruikers dat in zorg zat, het gevoel van veiligheid bij omwonenden en omliggende bedrijven)?
Er wordt vanuit de verschillende bronnen een behoorlijk uniform beeld geschetst over de overlastsituatie rondom Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg. Vanuit de interviews en de vragenlijstresultaten komt bijvoorbeeld naar voren dat de overlast- en criminaliteitssituatie de afgelopen jaren is toegenomen, maar dat er juist in het laatste jaar, na introductie van de APV harddrugsverbod, verbetering te zien is. Voorbeelden van de stijging van incidenten tot augustus 2023 zijn drank- en drugsgebruik, agressie binnen de doelgroep en tegen omwonenden, (brom)fietsdiefstal, rommel op straat, slapen in hangen/portieken, wildplassen en -poepen en graffiti. Dit beeld wordt vanuit de politiecijfers bevestigd, want daarin is een duidelijke stijgende trend in de afgelopen vijf jaar te zien voor wat betreft alcohol- en drugsgerelateerde overlast. Ook overlast door verwarde of overspannen personen en het niet voldoen aan bevel of verordening stijgen door. Wel is een interessante ontwikkeling voor de periode 1 augustus 2023 tot en met 31 juli 2024, het eerste jaar van de APV harddrugsverbod, te zien. Na de piek in aantallen incidenten voor de vijf meest voorkomende incidentsoorten in augustus 2023 daalt het aantal incidenten, na introductie van de APV harddrugsverbod, sterk.
Er treden overigens wel verschillen op in de mate waarin bewoners van Lucasbolwerk enerzijds en Hieronymusplantsoen/Lepelenburg anderzijds in het afgelopen jaar slachtoffer/getuige zijn geweest van criminaliteit. Voor de volgende vormen van criminaliteit geven de surveyrespondenten van deelgebied Hieronymusplantsoen/Lepelenburg aan dat ze het afgelopen jaar vaker dan de bewoners van Lucasbolwerk slachtoffer/getuige zijn geweest: bedreiging/intimidatie, straatroof, drugsgebruik, drugshandel, inbraak (in woning, auto, bedrijfspand et cetera) en (brom)fietsdiefstal. Wat betreft de overlastlocaties binnen omgeving Lucasbolwerk staan ons de politie en VTH-data over de uitgeschreven bekeuringen vanwege de overtreding van de APV harddrugsverbod ter beschikking. Hieruit blijkt dat dergelijke bekeuringen in Utrecht in het afgelopen jaar in ongeveer 54 (bekeuringen politie) en 51 (bekeuringen boa’s) procent van de gevallen in de omgeving van Hieronymusplantsoen, Lepelenburg en Lucasbolwerk worden uitgeschreven. Om een beeld te schetsen van het aantal harddrugsgebruikers dat in beeld is, biedt PGAx naar onze mening de meest betrouwbare resultaten. Uit dat systeem blijkt dat er in
6
bepaalde maanden in het najaar van 2023 120 harddrugsgebruikende overlastgevers bekend waren. Per 1 augustus 2024 resteren er daar nog 54 van. Deze aantallen komen grofweg overeen met wat respondenten aangeven, deels ook omdat zij kennis hebben van PGAx. Bij enkele geïnterviewden is deze reductie in aantallen teruggelegd; dit levert het beeld op dat met name de dagelijkse toeloop van gebruikers van buiten de stad afnam. De aan ons aangeleverde PGAx-data geven jammer genoeg geen indicatie voor het aantal mensen dat richting de zorg is toe- of terugggeleid. Wel geven enkele geïnterviewden aan dat op dit vlak veel initiatieven zijn ontplooid, zoals de buitengebruikersruimte van De Stek en de activiteiten van het Eropaf-team. Vanuit het Eropaf-team wordt er actief toegeleid (bijvoorbeeld naar De Stek) of teruggeleid naar zorg (bijvoorbeeld naar een hostel of andere zorgvoorziening, als mensen een aantal dagen uit beeld zijn). Ook worden mensen naar medische spreekuren gebracht, wordt gezorgd dat mensen hun afspraken niet vergeten of daar naartoe gebracht. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat ‘toeleiden naar zorg’ niet automatisch betekent dat de doelgroep in zorg blijft en geen overlast in het openbare gebied meer pleegt. Het gevoel van veiligheid bij omwonenden en ondernemers is via de vragenlijst voorgelegd.
Men geeft het veiligheidsgevoel, op een schaal van 1 (zeer onveilig) tot 10 (zeer veilig), een 5,9. Dit cijfer staat tamelijk op zichzelf, omdat er geen referentie in tijd (bijvoorbeeld een eerdere meting) of plaats (bijvoorbeeld een ander gebied in Utrecht) is. Wel is aan de respondenten nog gevraagd welke maatregelen hun gevoel van veiligheid zouden laten toenemen. Extra toezicht door politie en boa’s, inzet van het Eropaf-team, het opleggen van een verblijfsontzegging en cameratoezicht worden dan het meest genoemd. Juist het uitschrijven van boetes (voor drugsgebruik en andere overlast) scoort op deze vraag het laagst. ▪
Welke middelen zijn ingezet? Denk hierbij aan de ontwikkeling in a) het aantal bekeuringen, b) het aantal verblijfsontzeggingen, c) het aantal gebruikers toegeleid naar zorg, d) het aantal bekeuringen dat betaald wordt en e) het aantal persoonsgerichte aanpakken.
Uit de door ons ontvangen politie- en VTH-data is te herleiden dat het aantal in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg geschreven bekeuringen fluctueert, zowel naar overlastsoort als tussen de politie en VTH. Het aantal door de politie geschreven bekeuringen in het laatste onderzoeksjaar, 1 augustus 2023 tot en met 31 juli 2024, neemt zowel toe als af. Het niet voldoen aan de identificatieplicht neemt sterk toe, terwijl bekeuringen voor openbare dronkenschap, hinderlijk gedrag, wildplassen en verboden drankgebruik (sterk) dalen. De bekeuringen die door de politie na overtreding van de APV harddrugsverbod zijn geschreven zijn het meest (21 stuks) in de maand augustus 2023 geschreven, waarna dit in de navolgende maanden daalde richting 1 tot 10 stuks. Het beeld van de door boa’s uitgeschreven bekeuringen in het laatste onderzoeksjaar volgt het politiebeeld voor wat betreft minder bekeuringen voor wildplassen/-poepen en hinderlijk gedrag. Wel is er in vergelijking met de politie verschil te zien bij het door de boa’s schrijven van bekeuringen vanwege drugsoverlast. In tegenstelling tot het afnemende beeld bij de politie neemt dit juist sterk toe richting juni en juli 2024. Redenen hiervoor waren dat de politie minder harddrugsgebruikers signaleerde en de boa’s juist
7
de APV-procedure beter leerden kennen en hun handhavende werk uitbreidden richting Lepelenburg. Het aantal door boa’s opgelegde verblijfsontzeggingen wordt niet vanaf augustus 2023, maar vanaf januari 2024 opgestart en loopt op tot 11 per maand. Wat betreft het aantal persoonsgerichte aanpakken en het aantal gebruikers dat naar zorg is toegeleid biedt het systeem PGAx enig inzicht: Figuur 1: aantal in PGAx geregistreerde overlastgevende harddrugsgebruikers in de binnenstad van Utrecht, naar in- en uitstroom (in n) 120 100 80 60 40 20 0 Aug '23 Sep '23 Okt '23Nov '23Dec '23 Jan '24 Feb '24 Mrt '24 Apr '24 Mei '24 Jun '24 Jul '24 Ingestroomd
Uitgestroomd
In augustus 2023 werd dus begonnen met 120 in PGAx ingeschreven harddrugsgebruikende overlastgevers, waarna een substantieel deel uitstroomde. De redenen die door de beheerder van het systeem zijn aangegeven zijn divers: niet meer in beeld van politie/ handhaving (bijvoorbeeld vanwege langdurige (maatregelen in) detentie, verblijf buiten Utrecht of terugkeer naar de woongemeente of naar het land van herkomst), de overlast blijft beperkt of iemand zit in zorg. Deze nadere onderverdeling in criteria hebben we niet op de persoon ontvangen, dus vanuit de PGAx-data blijft onduidelijk hoeveel overlastgevende harddrugsgebruikers daadwerkelijk richting de zorg zijn doorgestroomd. Ten slotte is over het aantal bekeuringen dat betaald wordt is geen informatie ontvangen; dit is ook niet uit de systemen van politie en VTH te halen. ▪
Hoe ervaren verschillende betrokkenen het verbod op harddrugsgebruik? Wat is volgens hen het effect van dit verbod op: -
de overlast en criminaliteit? verplaatsing van de overlast en criminaliteit? gevoelens van onbehagen en onveiligheid bij omwonenden en omliggende bedrijven? de (samenstelling van) gebruikers? toestroom van buiten Utrecht? toeleiding naar zorg? andere maatregelen binnen de aanpak? risico’s op meer schulden van de doelgroep? het criminaliseren van de doelgroep?
8
Uit de vragenlijst komt naar voren dat omwonenden en ondernemers het effect van de boete na harddrugsgebruik op zowel overlast als criminaliteit in de omgeving erg laag inschatten; ruim driekwart van de respondenten geeft aan dat dit geen effect heeft. Meerdere professionals zien vooral meerwaarde in deze boete in vaste combinatie met het opleggen van een verblijfsontzegging, minder als een op zichzelf staand effectief middel. Dit punt houdt ook verband met het criminaliseren van de doelgroep; een aantal professionals geeft aan dat de grens van vooral het uitschrijven van boetes wel bereikt is, ook omdat het aantal harddrugsgebruikende overlastgevers is afgenomen. Door de maatregelen lijkt het er volgens geïnterviewden op dat er nog sprake is van een bepaalde ‘harde kern’ die toch niet uit Utrecht zal verdwijnen. Het blijven uitschrijven van boetes kan dan juist een contraproductief effect hebben, omdat de doelgroep dan gefrustreerd kan raken richting de politie/boa’s. Daarom achten juist de politie en de boa’s het van belang dat zij, naast het Eropaf-team, ook kunnen toeleiden naar gebruikersruimtes. Door een aantal professionals is gewezen op een mogelijk bij-effect van de maatregelen, namelijk verplaatsing van doelgroep naar andere gebieden. In dit kader is ook een aantal plekken genoemd.
Ook zou er volgens professionals sprake zijn van meer en kleinere subgroepen die zich naar elders binnen Utrecht verplaatsen. De maatregelen leiden dus met andere woorden tot ‘verdunning’ van de doelgroep over een groter gebied. Als we kijken naar de andere maatregelen, dan wordt door een meerderheid van de omwonenden en ondernemers vooral het effect van toezicht door politie, boa’s en camera’s benadrukt als het gaat om het bestrijden van overlast en criminaliteit. Ook de verblijfsontzegging kan rekenen op ongeveer de helft van de respondenten die dit een effectieve maatregel vinden, net zoals het Eropaf-team. Minder dan de helft van de omwonenden/ondernemers vinden de activiteiten rondom De Stek en de hostels effectief. Alleen is bijna de helft van de omwonenden en ondernemers van mening dat de maatregelen niet hebben geleid tot een verbetering van de woonbuurtsituatie; een kwart is van mening dat het slechter is geworden en een kwart vindt dat de situatie beter is. In de vragenlijst geven omwonenden en ondernemers aan dat het veiligheidsgevoel vooral zal toenemen als er extra toezicht door politie en boa’s uitgevoerd wordt.
De geïnterviewden (omwonenden, ondernemers en professionals) zijn wat de effecten van de individuele maatregelen betreft vooral eensluidend positief over het toezicht door de politie, het opleggen van een verblijfsontzegging en de inzet van het Eropaf-team. De meningen over de effecten verschillen wat betreft het toezicht door boa’s, het uitschrijven van een boete na harddrugsgebruik, cameratoezicht en de soepelere toegangseisen bij De Stek. Het aanbieden van activiteiten bij De Stek en het met meerdere mensen op een hostelkamer drugs gebruiken wordt als weinig effectief voor de aanpak van de overlastgevers in omgeving Lucasbolwerk gezien. Niettemin willen de door ons geïnterviewde omwonenden niet dat de momenteel ingezette maatregelen verdwijnen. Wat betreft de risico’s op meer schulden van de doelgroep door boetes: uit de elf gesprekken met de doelgroep zelf blijkt dat zij zich daar niet heel druk om maken. De mensen die daar een uitspraak over deden namen aan dat daar toch een betalingsregeling voor zou komen vanwege te weinig inkomen. Wel maakt een aantal professionals zich juist zorgen over dit uitschrijven van boetes, met name voor overlastgevers die nog in een huis wonen en mogelijk door de financiële problemen vanwege de boetes hun huis uitgezet worden.
9
Wat betreft de (samenstelling van) gebruikers, de toestroom van buiten Utrecht en de toeleiding naar zorg geeft PGAx de nodige relevante informatie. Als puur gekeken wordt naar de aantallen geregistreerde overlastgevers in omgeving Lucasbolwerk in PGAx lijkt er sprake van een effect. De aantallen zijn van maximaal 120 personen in een maand gereduceerd tot 54 personen. De verschillen tussen de totale groep harddrugsgebruikende overlastgevers in PGAx en de groep die nog per 1 augustus 2024 daarin staat geregistreerd levert wat woonplaats betreft een interessante bevinding op. De analyse wijst namelijk uit dat met name overlastgevers van buiten Utrecht en overlastgevers met onbekende woonplaats uit PGAx zijn gestroomd. Zoals al eerder aangegeven is uit deze data niet te herleiden wat de reden hiervoor is, maar wijzen de geïnterviewden vooral op de invoering van de APV harddrugsverbod en de extra inzet hierop door de partners die de overige maatregelen uitvoeren. Beantwoording van de hoofdvraag Hoofdvraag: Wat zijn de effecten van de maatregelen tegen openlijk harddrugsgebruik op de mate van overlast en criminaliteit, op de ervaringen van betrokkenen en op de toegang tot zorg voor gebruikers? Wat uit het onderzoek geconcludeerd kan worden, is dat juist de combinatie van de tien maatregelen effect heeft op overlastreductie in het gebied.
De APV harddrugsverbod, als sluitstuk van het pakket aan maatregelen, heeft daarnaast vanaf 1 augustus 2023 een extra impuls gegeven. De APV harddrugsverbod is met andere woorden te zien als een plus op de rest van het maatregelenpakket. Met de APV kregen handhavers namelijk nog meer instrumentarium in handen tijdens hun toezichtsactiviteiten en werd het signaal richting de doelgroep gegeven dat het niet meer toegestaan is om in Utrecht in de openbare ruimte te gebruiken. Deels uit dit effect zich door een daling van de geregistreerde harddrugsgebruikende overlastgevers in PGAx, deels door een daling in het aantal geregistreerde incidenten in het afgelopen jaar. Waar voor gewaakt moet worden, is te veel focus op het tellen van incidenten, en wel vanwege twee redenen. Ten eerste is niet met zekerheid te stellen dat alle incidenten toe te wijzen zijn naar de doelgroep. En ten tweede is niet uit te sluiten dat alleen al het extra toezicht door politie en boa’s tot meer incidentregistratie en bekeuringen zal leiden. Uit de met omwonenden gevoerde gesprekken en het groepsgesprek met de Klankbordgroep Lucasbolwerk blijkt dat er een jaar geleden sprake was van veel harddrugsgerelateerde overlast en criminaliteit rondom Lucasbolwerk, maar dat de overlast minder is geworden.
Ter nuancering van dit positieve beeld wordt wel aangegeven dat een deel van de overlast is verplaatst park Lepelenburg. Dit beeld wordt bevestigd door een nadere analyse in de survey: beduidend meer respondenten in deelgebied Lucasbolwerk (52 procent, tegen 19 procent voor respondenten in deelgebied Hieronymusplantsoen/Lepelenburg) zijn van mening dat de situatie in de woonbuurt na inzet van de maatregelen verbeterd is. Overigens worden zeker niet alle maatregelen op hetzelfde niveau ingeschat als het gaat om het reduceren van overlast en criminaliteit in omgeving Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg. Vooral toezicht in brede zin (dus door politie, boa’s, camera’s, maar in dit verlengde ook door het Eropaf-team) wordt in het licht van de effecten
10
op overlast- en criminaliteitsreductie hoog gewaardeerd door alle betrokkenen. Wel geeft nagenoeg iedere respondent aan dat het huidige maatregelenpakket in stand zou moeten blijven omdat de maatregelen elkaar onderling versterken. Een laatste punt van aandacht is het toe- of terugleiden van de doelgroep richting zorg. Eerder gaven wij al aan dat dit in verschillende hoedanigheden kan plaatsvinden en dat op dit vlak veel initiatieven zijn ontplooid, zoals de buitengebruikersruimte van De Stek en de al hiervoor beschreven activiteiten van het Eropaf-team. Bij De Stek is sinds 1 augustus 2023 een toename in aantallen bezoekers en locatiebezoeken, maar onduidelijk is of dit verband houdt met de maatregelen in omgeving Lucasbolwerk. Tegelijkertijd moet ‘toeleiden naar zorg’ gerelativeerd worden, omdat dit niet altijd betekent dat iemand permanent in zorg zit; een deel van de doelgroep zal dit ook weigeren. Wat nu nog aan doelgroep resteert in het gebied lijkt voor een groter deel de nodige binding te hebben met Utrecht, dus zal waarschijnlijk niet uit deze stad vertrekken. Ook lijken de maatregelen voor de eerdergenoemde ‘verdunning’ van doelgroep over de stad te zorgen, waardoor de mogelijke overlast enigszins verdeeld wordt over meerdere gebieden en het voor veldwerkers gemakkelijker is om contact te leggen en houden.
Immers, gezien het grootsteedse karakter van Utrecht zal deze vorm van overlast nooit helemaal verdwijnen. Nu de groep tamelijk sterk is gereduceerd en verspreid, lijkt het daarom tijd om hen deels te beschouwen als kwetsbare, zieke mensen die zoveel mogelijk toegeleid moeten worden naar zorg en ondersteuning.
11
1 Achtergrond Sinds de zomer van 2022 heeft de gemeente maatregelen getroffen tegen de aanhoudende overlast in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg in Utrecht, in dit onderzoek soms aangeduid als ‘omgeving Lucasbolwerk. Dit bleek noodzakelijk, omdat er behalve overlast ook sprake was van ernstige misdrijven, zoals geweld. Ook hebben ondernemers last van bedelaars op hun terrassen en bedreigingen naar het personeel. Daarnaast noemen bewoners de intimiderende houding van gebruikers en het lastigvallen van voorbijgangers. Verder is er sprake van overlast door vervuiling in het park.2 Vanwege de overlast is een aantal repressieve en zorgmaatregelen ingezet, zoals meer toezicht, gebiedsverboden en meer hulpverleners. Toch waren de problemen rondom omgeving Lucasbolwerk niet volledig weg. Mede daarom heeft de Utrechtse raad in juni 2023 ingestemd met het raadsvoorstel om aan de APV een verbod op openlijk harddrugsgebruik toe te voegen voor gedurende maximaal anderhalf jaar. Het zogenaamde ‘APV harddrugsverbod’ is ingegaan op 1 augustus 2023, loopt tot 1 februari 2025 en is geldig voor de gehele stad, met een focus op de omgeving van Lucasbolwerk. Uiteindelijk is deze focus ook uitgebreid naar Hieronymusplantsoen en Lepelenburg.
In een raadsdebat over deze maatregel zijn twijfels geuit over de effectiviteit van de nieuwe APV-maatregel op het gebied van veiligheid en zorg. Ook zijn er zorgen geuit dat drugsgebruik door deze maatregel wordt gecriminaliseerd en dat harddrugsgebruikers door deze maatregel in de problemen komen (onder andere meer schulden, risico’s voor het verliezen van de woning door thuisgebruik). Met de raad is daarom afgesproken om het verbod na een jaar te evalueren, waarbij het de bedoeling is om:3 “De effecten van de wijziging in de APV nl: Artikel 2:45a Verbod openlijk harddrugsgebruik gedurende 1 jaar te evalueren met nader te formuleren indicatoren over de afname overlast, de toegang tot zorg, het aantal dwangsommen dat verslaafden is opgelegd en afnemende gevoelens van onbehagen en onveiligheid bij omwonenden en omliggende bedrijven, en bij de evaluatie ook (onafhankelijke) veldwerkers en belangenorganisaties van drugsverslaafden een actieve rol te geven.”
Eerder is door Krosse et al. (2023) onderzoek verricht naar de situatie voorafgaand aan de invoering van de APV harddrugsverbod. Hiervoor voerden zijn in juli en augustus 2023 interviews onder verschillende doelgroepen (professionals, ondernemers/werkers rondom het Lucasbolwerk, bewoners (omwonenden), belangenorganisaties en de doelgroep zelf) uitgevoerd.4 Onderhavige evaluatie is te beschouwen als een onderzoek naar de effecten van het maatregelenpakket een jaar na invoering van alle maatregelen. 2. Bron: Krosse, C. de, Van Straaten, G. en Conradie, M. (2023). Onderzoek overlast en veiligheid Lucasbolwerk voor 1-8-2023. Amsterdam: I&O Research. 3. Bron: uitvraag voor onderzoek van de gemeente Utrecht. 4. Krosse, C. de, Straaten, G. van en Conradie, M. (2023). Onderzoek overlast en veiligheid Lucasbolwerk voor 1-8-2023. Enschede: I&O Research.
12
1.1 Onderzoeksdoel en -vragen Het doel van de evaluatie is om de effectiviteit van verschillende maatregelen te kunnen volgen. Het gaat dan om de volgende tien maatregelen: ▪
Extra toezicht door politie in de omgeving
▪
Extra toezicht door boa’s in de omgeving
▪
Cameratoezicht
▪
Het opleggen van een verblijfsontzegging (vbo)
▪
Het uitschrijven van een boete na harddrugsgebruik
▪
Het uitschrijven van een boete na andere overlast dan harddrugsgebruik (bijvoorbeeld hangen, wildplassen of alcoholgebruik)
▪
Inzet van hulpverleners vanuit de zorg (via het ‘Eropaf-team’)
▪
Meer soepele toegangseisen bij gebruikersruimte De Stek
▪
Aanbieden activiteiten bij gebruikersruimte De Stek
▪
Afspraken met hostels (met meerdere personen op één kamer drugs mogen gebruiken)
Belangrijk om te vermelden is dat het volgens de gemeente Utrecht niet gaat om maatregelen die los van elkaar worden ingezet, maar dat het juist een pakket aan maatregelen is die elkaar versterken. Daarmee is het op voorhand ook relevant om te vermelden dat de maatregelen uiteindelijk niet apart van elkaar op effectiviteit beoordeeld worden, hoewel respondenten wel op afzonderlijke maatregelen zijn bevraagd. Omdat het in het onderzoek niet alleen de evaluatie van de maatregel APV harddrugsverbod betreft, is de hoofdvraag ook breder geformuleerd:
Hoofdvraag: Wat zijn de effecten van de maatregelen tegen openlijk harddrugsgebruik op de mate van overlast en criminaliteit, op de ervaringen van betrokkenen5 en op de toegang tot zorg voor gebruikers?
Deelvragen: ▪
Hoe was de situatie bij de start van de maatregel (o.a. de mate van overlast en criminaliteit, de overlastlocaties, aantal gebruikers in beeld, aantal gebruikers dat in zorg zat, het gevoel van veiligheid bij omwonenden en omliggende bedrijven)?
▪
Welke middelen zijn ingezet? Denk hierbij aan de ontwikkeling in a) het aantal bekeuringen, b) het aantal verblijfsontzeggingen, c) het aantal gebruikers toegeleid naar zorg, d) het aantal bekeuringen dat betaald wordt en e) het aantal persoonsgerichte aanpakken.
5. Professionals, bewoners en ondernemers, belangenorganisaties en gebruikers.
13
▪
Hoe ervaren verschillende betrokkenen het verbod op harddrugsgebruik? Wat is volgens hen het effect van dit verbod op: -
de overlast en criminaliteit? verplaatsing van de overlast en criminaliteit? gevoelens van onbehagen en onveiligheid bij omwonenden en omliggende bedrijven? de (samenstelling van) gebruikers? toestroom van buiten Utrecht? toeleiding naar zorg? andere maatregelen binnen de aanpak? risico’s op meer schulden? het criminaliseren van de doelgroep?
1.2 Uitgevoerde onderzoeksactiviteiten De opdrachtgever wenst een onderzoek via de volgende drie lijnen: 1. Helder overzicht geven van de uitgangssituatie van augustus 2023, aan de hand van het rapport van I&O Research (kwalitatief onderzoek) en een cijfermatige analyse van registratiedata. 2. Cijfermatige analyse van de effecten van het APV harddrugsverbod over de periode 1 augustus 2023 t/m 1 juni 2024, waarbij een ontwikkeling in kaart wordt gebracht en een vergelijking wordt gemaakt met de uitgangssituatie.6 3. Kwalitatief onderzoek aan de hand van interviews met betrokkenen rondom het APV harddrugsverbod, zoals omwonenden en bedrijven rond de overlastlocaties, professionals, belangenorganisaties en drugsgebruikers, waarbij een vergelijking wordt gemaakt met de uitgangssituatie. Om invulling te geven aan deze wensen zijn door Bureau Beke de volgende onderzoeksactiviteiten uitgevoerd:
Onderzoeksactiviteit 1: verzamelen en analyseren kwalitatieve data De kwalitatieve rapportage van I&O Research is op de volgende thema’s gerubriceerd: ▪ Vormen van benoemde overlast ▪
Vormen van benoemde criminaliteit
▪
Inventarisatie van door respondenten genoemde maatregelen
▪
Inventarisatie van verwachtingen rondom het APV harddrugsverbod
6. In de uitvraag van de gemeente Utrecht wordt in de globale planning genoemd dat het aanleveren van datamateriaal tot en met de maand juli 2024 plaatsvindt. Wij gaan dus uit van de periode 1 augustus 2023 tot en met 31 juli 2024.
14
Dit alles is gedaan om een kader vast te stellen voor de onderzoeksactiviteiten die hierna volgen. Het gaat dan met name om een eerste indicatie te hebben van de overlast die door omwonenden en professionals ervaren worden en wat zij toentertijd vonden van de effectiviteit van ingezette maatregelen. Vanwege de sterk kwalitatieve aard van dit onderzoek zijn de bevindingen hieruit voornamelijk gebruikt bij het samenstellen van de enquête onder omwonenden en de interviewvragen voor omwonenden en professionals (zie verder).
Onderzoeksactiviteit 2: vragenlijst onder omwonenden en ondernemers Om ook vanuit omwonendenperspectief te weten te komen of de maatregelen effect heeft, is aan burgers en ondernemers een online vragenlijst voorgelegd. Hiervoor zijn in totaal ruim 900 adressen in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg twee keer aangeschreven.7 In totaal hebben we van 314 respondenten een reactie ontvangen.8 In de vragenlijst zijn onder andere de volgende thema’s aan bod gekomen: ▪ Eigen ervaringen met overlast en criminaliteit, veroorzaakt door harddrugsgebruikers ▪
Mening over het effect van de ingezette maatregelen
▪
Effect op het veiligheidsgevoel sinds de invoering van verschillende maatregelen
De vragen zijn afgestemd met de bevindingen uit het onderzoek van I&O Research. Via de brief was het voor omwonenden en ondernemers mogelijk om de vragen op smartphone, tablet of computer in te vullen.
Onderzoeksactiviteit 3: analyse van politie- en boa-registratie Om een goed beeld te schetsen van de ontwikkeling in (harddrugsgerelateerde) overlast en criminaliteit, is ten eerste rondom Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg een analyse op politieregistraties uitgevoerd, met data uit het bedrijfsprocessensysteem BVH. Daarin is bijvoorbeeld gekeken naar de ontwikkeling in de volgende geregistreerde incidenten: ▪
Overlast van verward of overspannen persoon
▪
Overlast in verband met alcohol of drugs
▪
Overlast van zwervers
▪
Overige (Eenvoudige) Diefstal
▪
Mishandeling
▪
Drugshandel
7. Zie bijlage 1, de vragenlijst, voor een overzicht van de straten die in het onderzoek zijn meegenomen. Om de respons zo hoog mogelijk te krijgen, is na ongeveer twee weken een reminderbrief verzonden. 8. Een responspercentage op adres kan niet vastgesteld worden, omdat het mogelijk was dat meerdere bewoners per adres de vragenlijst konden invullen. Zie bijlage 2 voor de achtergrondkenmerken van de respondenten.
15
Ook hiervoor heeft het onderzoek van I&O Research input geleverd, omdat daarin gesproken wordt over de volgende overlast- en criminaliteitsvormen: ‘De meeste geïnterviewden zagen het afgelopen jaar een toename in agressie, wat zich uitte in onderlinge vechtpartijen, geweldsincidenten en het lastigvallen van voorbijgangers. Ook ervaren ze vervuiling in en rond het park, zoals ontlasting, afval en opengetrokken vuilniszakken.’ Om een gedegen overzicht te geven, zijn data opgevraagd over de periode 1 augustus 2019 tot en met 31 juli 2024. Dit biedt namelijk goed zicht op de langetermijnontwikkelingen voor wat betreft overlast en criminaliteit in het verblijfsontzeggingsgebied. Bewust is voor deze jaarperiode gekozen, omdat 1 augustus 2023 de referentiedatum is waarop de APV harddrugsverbod inging en het wenselijk is om vanuit die datum jaaroverzichten te krijgen. Zowel bij de politie als bij de afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) van de gemeente Utrecht zijn registraties van bekeuringen opgevraagd. Het gaat dan om allerhande bekeuringen, zoals voor openbare dronkenschap, alcoholverbod, bedelen en drugsoverlast. Voor zover vanwege de privacyregels mogelijk was, hebben de politie en de afdeling VTH informatie over de achtergrond van bekeurde personen in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg aangeleverd.
Concreet houdt dit in dat we zicht kunnen verschaffen op de woonplaats van deze mensen, opgedeeld naar Utrecht, buiten Utrecht en onbekend/zonder vaste woon- of verblijfplaats.
Onderzoeksactiviteit 4: analyse van PGAx-data Voor het onderzoek stonden ook de data in het systeem PGAx ter beschikking. Aan vertegenwoordigers van de gemeente Utrecht is gevraagd hoe dit systeem in het licht van de harddrugsgebruikende overlastgevers is ingezet. Deze mensen worden in het kader van de zogenaamde ‘Groepsaanpak Binnenstad’ toegevoegd aan de groepsaanpak in PGAx wanneer zij meerdere malen zijn gezien/bekeurd/ aangehouden op een overlastlocatie. De informatie vanuit veiligheids- en zorgpartners wordt hiervoor ‘over elkaar gelegd’, door middel van triage. De lijst is fluïde van samenstelling; wanneer iemand door inzet van interventies een periode niet meer gezien wordt in verband met overlast of criminaliteit kan deze van de lijst af. Dat eerste gebeurt bijvoorbeeld wanneer er helderheid is over een langdurig zorgtraject waar iemand in zit, iemand is teruggeleid naar gemeente van herkomst (en daar in beeld is) of langere tijd in detentie of in een maatregel komt (zoals TBS of ISD). Met name mensen op de lijst van buiten Utrecht worden (na duidelijkheid over deze interventies) sneller afgesloten. Daarnaast is het de bedoeling om de groep lokale verslaafden/gebruikers langer te monitoren, ook omdat de gemeente Utrecht verantwoordelijk is voor het traject.9 Deze data geven zicht op onder andere het volgende: ▪
Aantal harddrugsgebruikende overlastgevers dat maandelijks in de registratie instroomt en uitstroomt
▪
Aantal personen dat actief wordt opgepakt in de aanpak
9. Bron: www.pgax.nl/oplossingen/pgax-voor-zorg-en-veiligheidshuizen/PGAx voor Zorg- en Veiligheidshuizen: ‘PGAx is een moderne gebruiksvriendelijke applicatie, die voldoet aan landelijke standaarden. PGAx ondersteunt de aanpak van alle complexe zorg- en veiligheidsproblemen waar zorg- en veiligheidshuizen zich vandaag de dag mee bezig houden’.
16
Onderzoeksactiviteit 5: interviews met betrokkenen Om zicht te krijgen op de ontwikkelingen in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg is met zowel professioneel betrokkenen als omwonenden/ondernemers gesproken. Bij de professionals gaat het onder andere om medewerkers van de gemeente, van politie, van zorgpartijen10 en belangenorganisaties. In totaal is met 24 professionals, omwonenden en vertegenwoordigers van belangenorganisaties gesproken. Daarnaast is een bijeenkomst van de Klankbordgroep Lucasbolwerk bijgewoond, waarbij naast een vertegenwoordiging van politie, gemeente en het Eropaf-team een aantal ondernemers en een zorgprofessional aanwezig waren. Verder zijn korte gesprekken met elf personen uit de doelgroep van harddrugsgebruikers zelf gesproken, zowel bij De Stek als in de buurt van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg. Voor zover mogelijk, zijn aan hen vragen gesteld over hun mening over de maatregelen en hun ideeën om overlast in het gebied zoveel mogelijk te voorkomen. Lang niet altijd bleek het mogelijk om alle vragen te stellen die we wilden, vanwege achterdocht dan wel irritatie jegens de onderzoeker. 1.3 Leeswijzer In de volgende hoofdstukken worden verschillende thema’s beschreven. Deze staan hieronder per hoofdstuk opgesomd.
In ieder hoofdstuk zal, voor zover de onderzoeksactiviteiten hier zicht op geven, informatie vanuit a) de registraties, b) het vragenlijstonderzoek en c) de interviews verwerkt worden. Het rapport kent de volgende hoofdstukindeling: Hoofdstuk
Thema
2
Aard van en ontwikkeling in overlast en criminaliteit in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg
3
Achtergrond van de overlastgevers rondom Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg
4
Aard ingezette maatregelen tegen overlast en criminaliteit in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg
5
Effect van de maatregelen tegen overlast en criminaliteit in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg
10. Bijvoorbeeld het Eropaf-team, Veldwerk Jellinek, Leger des Heils, De Tussenvoorziening en Altrecht. Omdat niet alle respondenten instemden met het opnemen van hun naam in een respondentenlijst, is deze niet opgenomen in de rapportage.
17
2 Aard van en ontwikkeling in overlast In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de soorten overlast rondom Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg door de jaren heen. Dit gebeurt aan de hand van data, de bevindingen uit de vragenlijst onder omwonenden en ondernemers en uit de interviews. 2.1 Bevindingen vanuit de data Vanuit de regionale eenheid Midden-Nederland van de politie zijn er gegevens ontvangen die betrekking hebben op overlast- en criminaliteitsvormen. Deze data hebben betrekking op de periode 2019 tot en met juli 2024. Omdat de APV per 1 augustus 2023 is ingegaan gaan we uit van jaren die van augustus tot en met juli lopen. We spreken dus van jaar 1 tot en met 5, die als volgt vorm hebben gekregen: Tabel 2.1: jaarindeling van de geregistreerde politie-incidenten Jaar 1
Augustus 2019 tot en met juli 2020
Jaar 2
Augustus 2020 tot en met juli 2021
Jaar 3
Augustus 2021 tot en met juli 2022
Jaar 4
Augustus 2022 tot en met juli 2023
Jaar 5
Augustus 2023 tot en met juli 2024
Een eerste blik op de incidenten laat zien dat de incidenten in het onderzoeksgebied voornamelijk overlastincidenten betreffen. Overlast i.v.m. alcohol of drugs komt het meeste voor op Lucasbolwerk zelf. Vanaf jaar 2 stijgt het aantal incidentregistraties en dit aantal blijft doorstijgen, juist ook in het jaar dat de maatregelen getroffen zijn. Ongeveer een derde van de incidentregistraties (30%) op Lucasbolwerk betreft overlast i.v.m. alcohol of drugs. Overlast door verward of overspannen persoon en het niet voldoen aan bevel of verordening stijgen ook door, maar op een getalsmatig lager niveau. Onduidelijk is in hoeverre de geregistreerde incidenten in dit gebied toe te wijzen zijn aan de harddrugsgebruikende overlastgevers. Overlast i.v.m. alcohol of drugs kan bijvoorbeeld ook vanuit de horeca komen of van burgers die zonnebaden op het grasveld van Lepelenburg. Andere overlastvormen zijn duidelijker toe te wijzen naar de doelgroep, bijvoorbeeld overlast van zwervers. Ook andere vormen van overlast blijven de laatste jaren duidelijk aanwezig; slechts voor enkele overlastsoorten is een (geringe) daling in het laatste jaar te bespeuren. Het gaat dan om mishandeling en overlast van zwervers.
18
Tabel 2.2: door de politie geregistreerde incidenten in het overlastgebied (in n) Jaar 1
Jaar 2
Jaar 3
Jaar 4
Jaar 5
Totaal
Overlast i.v.m. alcohol of drugs
150
101
241
249
384
1125
Mishandeling
155
72
160
199
165
751
Overlast zwervers
61
100
158
190
184
693
Overlast door verward of overspannen persoon
47
55
44
44
67
257
Niet voldoen aan bevel of verordening
8
2
10
71
96
187
Ongeval/onwel persoon
25
20
30
41
34
150
Vernieling cq. zaakbeschadiging
29
18
23
27
29
126
Melding overlast jeugd
26
40
24
19
9
118
Drugshandel
3
2
18
21
35
79
Zakkenrollerij
11
5
12
14
9
51
Belediging
8
4
15
15
9
51
Bedreiging
9
8
7
6
4
34
Valse identiteit opgeven
7
0
4
17
2
30
Openlijk geweld (persoon)
5
1
6
9
4
25
Wederspannigheid (verzet)
3
2
2
5
1
13
Overige delicten openbare orde
2
2
1
3
3
11
Straatroof
1
0
3
1
0
5
Overige misdrijven tegen het openbaar gezag
0
0
1
1
2
4
Totaal
550
432
759
932
1037
3710
Bron: BVH
De vijf meest voorkomende incidentregistraties zijn samen goed voor 81 procent van de overlastincidenten. Figuur 2.1 laat zien hoe deze vijf incidentregistraties zich in de afgelopen vijf jaar hebben ontwikkeld. In dit figuur vallen met name de zomers van 2022 en 2023 op. In de zomer van 2022 doet zich een eerste piek van overlast i.v.m. alcohol of drugs en overlast van zwervers voor. In de zomer van 2023 is er een tweede piek zichtbaar, dit keer (ook) voor overlast i.v.m. alcohol of drugs, maar ook voor het niet voldoen aan een bevel of verordening. In totaal blijkt dus sprake van een toename in aantallen geregistreerde incidenten in het overlastgebied door de jaren heen. Dit is grotendeels te verklaren door de extra aandacht en daarmee gepaard gaande registratie van politie en boa’s.
19
Figuur 2.1: de vijf meest voorkomende overlastincidenten in het overlastgebied naar maand (in n) 70 60 50 40 30 20 10 mei-24
feb-24
nov-23
aug-23
mei-23
feb-23
nov-22
aug-22
mei-22
feb-22
nov-21
aug-21
mei-21
feb-21
nov-20
aug-20
mei-20
feb-20
nov-19
aug-19
0
Overlast i.v.m. alcohol of drugs Mishandeling Overlast zwervers Overlast door verward of overspannen persoon
Niet voldoen aan bevel of verordening Bron: BVH
2.2 Bevindingen vanuit de vragenlijst De bevindingen uit de vragenlijst zijn voor dit hoofdstuk op te delen in overlastervaringen en ervaringen met criminaliteit. Deze worden afzonderlijk beschreven. 2.2.1
Door respondenten ervaren overlast
Aan de omwonenden en ondernemers is gevraagd in welke mate zij overlast hebben ervaren van bepaalde overlastvormen in het afgelopen jaar.11 Omwonenden en ondernemers ervaren de meeste overlast in verband met drugs. Ook rommel op de straat/zwerfafval zorgt volgens de respondenten voor overlast.
11. Aan de respondenten is gevraagd om ongeveer een jaar terug te kijken. Dat is van mei 2023 tot en met het moment van het invullen van de vragenlijst.
20
Figuur 2.2: door omwonenden/ondernemers ervaren overlast (in %)
Overlast in verband met drugs
33%
59%
Rommel op straat/zwerfafval
36%
54%
Overlast in verband met alcohol
43%
Geluidsoverlast op straat
43%
52%
26%
Slapen/hangen in portieken door de doelgroep
37%
39%
Overlast door wildplassen/-poepen
36%
36%
Overlast door bedelen
44%
Andere vorm van overlast
25%
Overlast door prostitutie
11% 2%
Matige overlast
23% 29%
Veel overlast
Andere vormen van overlast die respondenten noemen zijn het onveilig gevoel dat wordt veroorzaakt door harddrugsgebruikers, aangesproken of nageroepen worden en het ‘hangen’ door groepen.
Verdiepende analyses In nadere analyses is onderzocht of er significante verschillen optreden tussen achtergrondkenmerken van respondenten op items. Er is gekeken naar het geslacht, de leeftijd, het deelgebied waarin respondenten wonen12 en of het om omwonenden of ondernemers gaat. Onder het kopje ‘verdiepende analyses’ worden significante resultaten toegelicht, mochten die er zijn.
2.2.2
Door respondenten ervaren criminaliteit
Wat betreft de door omwonenden en ondernemers ervaren criminaliteit die door harddrugsgebruikers wordt veroorzaakt zijn er vier criminaliteitsvormen die erbovenuit steken: openbare dronkenschap, drugsgebruik, drugshandel en ruzie. Van deze criminaliteitsvormen is het gros van de respondenten getuige geweest in het afgelopen jaar. Respondenten zijn het vaakst slachtoffer geworden van bedreiging/intimidatie (22%), (brom)fietsdiefstal (17%) en graffiti op eigen woning (12%).
12. De aan de vragenlijst deelnemende straten zijn opgedeeld in ‘deelgebied Lucasbolwerk’ en ‘deelgebied Hieronumusplantsoen/Lepelenburg’. Zie bijlage 2 voor een indeling van de straten per deelgebied.
21
Figuur 2.3: door omwonenden/ondernemers ervaren criminaliteit (in %)
Openbare dronkenschap Drugsgebruik
1%
Drugshandel
1%
Ruzie
3%
Bedreiging/intimidatie 6%
Mishandeling/geweld/vechtpartij
3%
(Brom)fietsdiefstal Graffiti in de omgeving Inbraak (in woning, auto, bedrijfspand et cetera) Zedendelict (seksuele intimidatie, aanranding,…
(Winkel)diefstal Rijden onder invloed Straatroof Vernieling van uw eigen woning Steekpartij Anders
Zakkenrollerij/Tassenrollerij
Getuige van geweest
87% 83% 81% 22%
Vernieling in de omgeving
Graffiti op eigen woning
85%
5%
44% 52% 50%
30% 17% 23% 11% 8% 10% 10% 6% 3% 12% 12% 3% 14% 0% 10% 3% 5% 6% 10% 0% 3% 6% 6% 1%
Slachtoffer van geworden
Andere vormen van criminaliteit die worden genoemd zijn onder andere vernielingen aan de auto, dierenmishandeling en seksuele handelingen bij een harddrugsgebruiker.
Verdiepende analyses Er treden voor wat betreft de twee deelgebieden (Lucasbolwerk enerzijds en Hieronymusplantsoen/ Lepelenburg anderzijds) verschillen op in de mate waarin men slachtoffer/getuige was van criminaliteit. Voor de volgende vormen van criminaliteit geven respondenten van deelgebied Hieronymusplantsoen/ Lepelenburg aan dat ze het afgelopen jaar vaker slachtoffer/getuige zijn geweest: bedreiging/intimidatie, straatroof, drugsgebruik, drugshandel, inbraak (in woning, auto, bedrijfspand et cetera) en (brom)fietsdiefstal.13
13. Zie voor de significante percentageverschillen in slachtofferschap/getuigenis per deelgebied bijlage 3.
22
2.3 Bevindingen vanuit interviews Een aantal respondenten woont/werkt al langer in de buurt van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg en kan zowel een actueel als een historisch beeld schetsen van de overlast. Vanuit historisch perspectief kijken de omwonenden/ondernemers ongeveer vijftien jaar terug, toen er rondom Lucabolwerk ook sprake was van overlastgevende drugsgebruikers. Dat speelde zich toen voornamelijk rondom het Zocherpark (Lepelenburg) af. Door verschillende maatregelen nam de overlast daar toentertijd af. In november 2022 heeft een aantal omwonenden een pamflet geschreven over de toegenomen overlast rondom Lucasbolwerk.14 Hierin worden, samengevat, de volgende overlastvormen genoemd: ▪
Intimiderend gedrag, (passief) agressief gedrag en ruzie onderling en naar voorbijgangers/omwonenden, waaronder ook verbale agressie en bedreiging;
▪
Bedreiging met messen en pepperspray;
▪
Harddrugsgebruik;
▪
Achterlaten van (harddrugs)afval, wildpoepen en wildplassen;
▪
Bedelen, prostitutie en (fiets)diefstal.
De opsomming hierboven is niet uitputtend, maar wijst volgens omwonenden op de ‘vrijstaat’ die rondom Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg werd gecreëerd door de harddrugsgebruikers. Ook andere omwonenden/ ondernemers wijzen op de sterke toename in overlast, vooral sinds de coronacrisis: ‘sinds corona werd het hier een hangout voor de doelgroep; het werd hun plek, wat vervolgens leidde tot steeds meer mensen die van buiten kwamen’. Ander omwonenden/ondernemers noemen ook nog overlastvormen zoals illegale bewoning in tenten, geluidsoverlast, rondslingerende weesfietsen en het lastig vallen van terraspubliek. Meer in brede zin zijn respondenten zich er bewust van dat ze in een grote stad wonen en dat dit een bepaalde mate van overlast met zich mee brengt. Toch wijst een respondent op de uitzonderlijke situatie van de afgelopen jaren: ‘Er was altijd al constante problematiek in de buurt: vuil, herrie, overlast, poepen, gebruiken en prostitueren. We hebben altijd wel enige overlast gehad van dak- en thuislozen, bedelaars, gebruikers. Men noemt het grootstedelijke problemen, maar nu was het te geconcentreerd. Twee jaar gelden werd de gebruikersgroep steeds groter en kwamen er naast gebruikers ook dealers. Er ontstond een soort supermarkt, heel veel traffic voor de deur. Ze bedelen, ze lopen over terrassen van horecagelegenheden, bedreigen burgers en horecapersoneel.
Er waren ook personen die de confrontatie opzochten, ze kwamen horeca om op het toilet te gebruiken. De piek was tot anderhalf jaar geleden, met het hoogtepunt in de zomer van 2023’. Een klein aantal respondenten geeft nog specifiek aan dat overlast voor een deel ook terug te voeren is op de handelswijze van de dealers. Die zouden drugs van slechte kwaliteit en in kleine hoeveelheden verkopen. Dit zou leiden tot meer afhankelijkheid van kwetsbare drugsverslaafden enerzijds en meer aanwezigheid en agressie/overheersing van dealers anderzijds. 14. In het pamflet ‘Grenzen realiseren door perspectief te bieden’ worden geen auteurs genoemd.
23
Uit de met omwonenden gevoerde gesprekken en het groepsgesprek met de Klankbordgroep Lucasbolwerk blijkt dat er een jaar geleden sprake was van veel harddrugsgerelateerde overlast en criminaliteit rondom Lucasbolwerk, maar dat de overlast minder is geworden. Ter nuancering van dit positieve beeld wordt wel aangegeven dat een deel van de overlast is verplaatst park Lepelenburg. 2.4 Een samenvattende blik op de bevindingen Wanneer we alle bevindingen in dit hoofdstuk overzien, dan is puntsgewijs het volgende beeld op te tekenen: ▪
In getalsmatige zin is vanuit de politiecijfers een duidelijke stijgende trend in de afgelopen vijf jaar te zien voor wat betreft alcohol- en drugsgerelateerde overlast in het onderzoeksgebied. Dit kan ook het gevolg zijn van het extra toezicht door politie en boa’s. Overlast door verward of overspannen persoon, het niet voldoen aan bevel of verordening en drugsoverlast stijgen ook door, maar op een getalsmatig lager niveau. Ook andere vormen van overlast blijven de laatste jaren manifest aanwezig; slechts voor enkele overlastsoorten is een (geringe) daling in het laatste jaar te bespeuren. Het gaat dan om mishandeling en overlast van zwervers. Een kanttekening is hier wel op zijn plaats, omdat onduidelijk is in hoeverre deze incidenten allemaal toe te wijzen zijn aan de harddrugsgebruikende overlastgevers in het onderzoeksgebied.
▪
Een nuancering op de door de politie geregistreerde incidenten kan gemaakt worden als gekeken wordt naar de periode 1 augustus 2023 tot en met 31 juli 2024. Na de piek in aantallen incidenten voor de vijf meest voorkomende incidentsoorten in augustus 2023 daalt het aantal incidenten betrekkelijk sterk. Desondanks lijkt er sprake van een ‘zomerpiek’ in 2022 en 2023 en is het de vraag hoe deze overlastincidenten zich in augustus 2024 hebben ontwikkeld.
▪
Op grond van de vragenlijst worden door omwonenden en ondernemers, in volgorde van meest voorkomende eigen ervaringen, vooral drugsoverlast, rommel op straat, alcoholoverlast, geluidsoverlast, slapen/hangen in portieken, wildplassen en -poepen en bedelen genoemd. Van deze vormen heeft minimaal twee derde van de respondenten matige tot veel overlast.
▪
Zeer veel respondenten, minimaal 80 procent, zijn getuige geweest van drank- en drugsgebruik door de doelgroep en van door hen veroorzaakte ruzie. Ook mishandeling, vernieling en bedreiging/intimidatie wordt in dit kader regelmatig genoemd. Als het gaat om respondenten die slachtoffer van criminaliteit zijn geworden, dan gaat het vooral om bedreiging/intimidatie door de doelgroep, (brom)fietsdiefstal, graffiti op de eigen woning en in de omgeving en inbraak.
▪
Het beeld dat voor respondenten geschetst is, komt grofweg overeen met het beeld dat door de geïnterviewden geschetst wordt voor wat betreft door de harddrugsgebruikers veroorzaakte overlast en criminaliteit. Wel geven geïnterviewden aan dat met name dealers agressief gedrag vertonen.
24
▪
Uit de met omwonenden gevoerde gesprekken en het groepsgesprek met de Klankbordgroep Lucasbolwerk blijkt dat er een jaar geleden sprake was van veel harddrugsgerelateerde overlast en criminaliteit rondom Lucasbolwerk, maar dat de overlast minder is geworden. Ter nuancering van dit positieve beeld wordt wel aangegeven dat een deel van de overlast is verplaatst park Lepelenburg.
25
3 Achtergrond van de overlastgevers 3.1 Bevindingen vanuit de data Om inzicht te verschaffen in de achtergrond van de overlastgevende harddrugsgebruikers, staan registraties van politie, VTH en PGAx ter beschikking. 3.1.1
Achtergrond van de overlastgevers vanuit politiedata
Vanuit de 84 bekeuringregistraties van de politie voor het overtreden van de APV harddrugsverbod is de woonplaats van de bekeurden te herleiden. De personen die voor deze bekeuringen van de politie geregistreerd zijn, waren meestal woonachtig in Utrecht. Bij ruim de helft van de 84 bekeuringen (n=46) is dit het geval. Hierbij gaat het om 34 unieke personen. Er zijn dus personen die meer dan één keer een bekeuring hebben gekregen wegens drugsoverlast. In twintig bekeuringen is de woonsituatie van het subject onbekend. Hieronder een overzicht van de woonplaats van de bekeurde personen. Tabel 3.1: woonplaats van de personen die zijn bekeurd vanwege overtreding van de APV harddrugsverbod (in n) Woonplaats bekeurd persoon
Aantal bekeurde personen
Aantal bekeuringen
Utrecht
34
46
Onbekend
Onbekend
20
Zonder vaste woon- of verblijfplaats
2
3
Buiten Utrecht
14
15
3.1.2
Achtergrond van de overlastgevers vanuit VTH-data
Door VTH is achtergrondinformatie verstrekt over de overlastgevers die een bekeuring op grond van het overtreden van de APV harddrugsverbod hebben gekregen (N=40). Het blijkt om 26 personen uit Utrecht, 11 personen van buiten Utrecht en 3 personen zonder vaste woon- of verblijfplaats te gaan. Ook is informatie bekend over het land van herkomst van mensen die een sanctie vanwege het overtreden van de APV harddrugsverbod opgelegd hebben gekregen (N=96).15 Het gaat om 30 mensen uit Nederland, 14 personen uit Zuid-Amerika, 19 personen uit Noord-Afrika, 7 personen uit het Caribisch gebied, 15 personen uit Oost- of Midden-Afrika, 6 personen uit Zuid-Europa en 5 personen uit West-Azië.
15. Wat het land van herkomst betreft is een indeling naar werelddelen gemaakt op basis van het zogenaamde geoscheme van de Verenigde Naties.
26
Daarnaast is vanuit VTH ook enige informatie verstrekt over overlastgevers die op grond van de APV harddrugsverbod een verblijfsontzegging opgelegd hebben gekregen. Binnen de 40 verblijfsontzeggingen die over het laatste onderzoeksjaar voor het overlastgebied in de registratie voorkomen, blijkt het in 26 gevallen te gaan om mensen die in Utrecht wonen, terwijl elf mensen buiten Utrecht woonachtig zijn. Drie mensen hebben geen vaste woon- of verblijfplaats. 3.1.3
Achtergrond van de overlastgevers vanuit PGAx
Vanuit de aangeleverde data in het systeem PGAx is inzicht te verschaffen in het geslacht, de leeftijd, de woonplaats en de duur dat overlastgevers geregistreerd staan in het systeem. In PGAx zijn gegevens van in totaal 158 personen geregistreerd die die op basis van hun gedrag vanaf augustus 2023 onder de noemer ‘Groepsaanpak Binnenstad’ in het systeem zijn opgenomen. In de analyse op deze groep heeft de woonplaats (Utrecht, buiten Utrecht of onbekend) als referentie gediend. Dit levert het totaalbeeld op dat het voornamelijk om mannen gaat, waarbij het merendeel van de mannen een onbekende woonplaats heeft of van buiten Utrecht komt. Ook zijn binnen de PGAx 22 vrouwen bekend, waarvan de helft woonachtig is in Utrecht. De gemiddelde leeftijd voor Utrechtse overlastgevers ligt iets hoger dan voor de groep die buiten Utrecht woont of waarvan de woonplaats niet bekend is. Ten slotte staan de Utrechtse overlastgevers aanzienlijk langer ingeschreven dan de andere twee subgroepen. Tabel 3.2: achtergrondkenmerken van alle geregistreerde overlastgevers in PGAx Achtergrondkenmerk
Woonplaats Utrecht
Buiten Utrecht
Onbekend
Man
52
23
53
Vrouw
11
5
6
Onbekend
3
0
5
Gemiddelde leeftijd (bij afsluiten registratie)
44
39
38
Aantal dagen ingeschreven in PGAx
171
144
132
Geslacht (in aantallen, N=158))
Een extra analyse is nog uitgevoerd op de personen die nu nog als harddrugsgebruikende overlastgever in PGAx vermeld staat. Dit zijn per 1 augustus 2024 nog 54 personen.16 Uit deze analyse blijkt dat het voornamelijk om mannelijke overlastgevers gaat en dat de verdeling tussen met name personen uit Utrecht en personen van wie de woonplaats niet bekend is ongeveer gelijk ligt. Daar waar de woonplaats wel bekend is, ligt het aantal personen uit Utrecht ongeveer twee keer zo hoog als het aantal personen van buiten Utrecht.
16. In paragraaf 5.1 gaan we op maandbasis dieper in op het verloop van die aantallen in de PGAx vermelde overlastgevers.
27
De gemiddelde leeftijd tijdens registratie ontloopt elkaar niet veel tussen de drie subgroepen, maar het aantal dagen dat men ingeschreven staat in de PGAx wel; de personen uit Utrecht zijn substantieel langer ingeschreven dan de andere personen. Dit is een indicatie voor de omstandigheid dat juist personen van buiten Utrecht en personen met onbekende woonplaats uit zicht van de instanties raken en mogelijk dus vertrokken zijn uit Utrecht. Tabel 3.3: achtergrondkenmerken van de per 1 augustus 2024 geregistreerde overlastgevers in PGAx Achtergrondkenmerk
Woonplaats Utrecht
Buiten Utrecht
Onbekend
Man
21
7
15
Vrouw
7
2
0
Onbekend
1
0
1
Gemiddelde leeftijd (bij afsluiten registratie)
44
43
35
Aantal dagen ingeschreven in PGAx
275
233
136
Geslacht (in aantallen, N=54)
Wanneer tabel 3.3 vergeleken wordt met tabel 3.2, dan is een aantal zaken te constateren. Van de 66 overlastgevers uit Utrecht (man, vrouw en onbekend bij elkaar opgeteld) resteren er nog 29 (relatieve daling van 56 procent). De daling van overlastgevers van buiten Utrecht is in absolute zin niet zo sterk (van 28 naar 9), maar in relatieve zin sterker (68 procent). Het sterkst is de daling, zowel in absolute als relatieve zin, in overlastgevers met een onbekende woonplaats: deze gaat van 64 naar 16 (75 procent). Volgens een professional van de gemeente Utrecht heeft dit vooral te maken met het moment van het in kaart brengen van de groep: vanaf 1 aug 2023 is de APV harddrugsverbod ingegaan en meden juist personen van buiten Utrecht de overlastlocaties. Daarnaast valt met name op dat de gemiddelde leeftijd van de in PGAx resterende 54 overlastgevers overall toeneemt, net zoals het aantal dagen dat men in PGAx ingeschreven is. Ook dit laatste heeft er mee te maken dat vooral de personen uit Utrecht ingeschreven bleven in PGAx. 3.2 Bevindingen vanuit interviews De achtergrond van de overlastgevende harddrugsgebruikers is vanuit de interviews eveneens te duiden met een visie op de aantallen. Deze worden eerst beschreven, waarna dieper op vooral de herkomst ((niet-)Utrechters en land van herkomst) wordt ingegaan.
Ook worden de rollen van de harddrugsgebruikers in de overlast nader geduid.
28
Aantallen overlastgevers Aan alle respondenten is gevraagd of ze zicht hebben op de ontwikkeling in aantallen overlastgevers sinds 1 augustus 2023, de dag dat de APV harddrugsverbod in werking is getreden. Respondenten refereren aan aantallen harddrugsgebruikers in de omgeving van Lucasbolwerk, Hieronymusplantsoen en Lepelenburg en zeggen dat die voor deze datum tussen ‘tientallen’ en ‘tweehonderd’ liggen. De breed gedragen mening is dat er sindsdien sprake is van beduidend minder overlastgevende harddrugsgebruikers; genoemd worden ‘tien à vijftien mensen’ tot ‘veertig à vijftig mensen’. Zowel omwonenden/ondernemers als professionals bevestigen dit beeld. De professionals wijzen ter onderbouwing van de aantallen, naast hun ervaring ter plekke, regelmatig naar de data in PGAx, waarin op de top van de overlast sprake was van 120 tot 130 personen.