Bijlage 5 - Steck ontwerpplan initiatiefnemer
Tekst van het document
STECK
i.s.m.
Colofon Flux landscape architecture www.fluxlandscape.nl Ravenoord 238 3523 DB, Utrecht info@fluxlandscape.nl +31 30 3031094 KvK 75223295
In samenwerking met Inge Kersten landschapsarchitect www.iklandschap.nl Inge@iklandschap.nl ZECC architects www.zecc.nl info@ZECC.nl
In opdracht van Overvecht Vastgoed Datum 17 juni 2024
INHOUD
STECK UTRECHT
3
INLEIDING
Aanleiding en Doel Ligging en begrenzing
4 4
1
BESTAANDE SITUATIE
1.1. 1.2. 1.3. 1.4. 1.5.
Steck & overvecht Historische analyse Natuurlijk systeem Routes en toegankelijkheid Programma en activiteiten
8 10 16 22 24
2
UITGANGSPUNTEN
2.1. Gebiedsvisie 2.2. Uitgangspuntennotitie 2.3. Nieuwe Hollandse waterlinie 2.4. Ontwerpprincipes
30 32 34 36
3
SCHETSONTWERP
3.1. Drie hoofdlagen 3.2. Toekomstperspectief 3.3. De plankaart 3.4. Water 3.5. Parklandschap 3.6. Functies 3.7. Routes en toegankelijkheid 3.8. Beeldkwaliteit 3.9. Beeldkwaliteit Gebouwen 3.10. Stedenbouwkundige opzet 3.11. Steck in de tussentijd
42 44 46 52 54 60 64 70 72 76 92
4
FACTSHEETS
4.1. Bestaande en nieuwe bebouwing 4.2. Bestaand en nieuw verhard oppervlak 4.3. Bestaand en nieuw water 4.4. Bestaande en nieuwe bomen en bosschages 4.5. Landgebruik
96 97 98 99 100
INTRODUCTIE
STECK UTRECHT
Aanleiding In 1968 kocht Wim Scherrenberg, afkomstig uit een familie van Utrechtse kwekers, zijn eerste stukje grond aan de Gageldijk in Utrecht. Een kleine kas vormde de eerste kiem tot wat later uit zou groeien tot Tuincentrum Overvecht. Jarenlang was dit eerste tuinwarenhuis van Nederland een begrip in Utrecht en omstreken en meermalen is het uitgeroepen tot het beste tuincentrum van Nederland. In 1998 werd het bedrijf verkocht, maar de grond en de gebouwen bleven eigendom van de familie. Nu is de volgende generatie aan zet.
Ambitie Voortbouwend op de bestemming van de plek en de familiegeschiedenis willen we toe naar een tuincentrum van de 21e eeuw dat ingebed ligt in een publiek toegankelijke parkomgeving, gedragen door een krachtige functiemix waarbij ruimte is voor maken, leren en recreëren. De ambitie is het gebied te transformeren tot een groene schakel tussen stad en land. Het gebied wordt omgeven door de rijke historie van het Middeleeuwse slagenlandschap en de Nieuwe Hollandse Waterlinie met haar historische forten. Het herstel van de verbinding met de omgeving is uitgangspunt voor het stedenbouwkundig plan van Steck. De drager van het gebied is een groen productief park dat aangelegd wordt in aansluiting op de structuur van het historische slagenlandschap. De gebouwde volumes worden met respect voor de historische “verboden kringen” en vanuit circulaire principes zoveel mogelijk in hout en remontabele (kas)constructies gerealiseerd. Ook voor energie, de waterhuishouding en ecologie vormen duurzame principes het uitgangspunt.
Voortbouwend op de historie van groen en ondernemerschap is het tijd voor nieuwe dromen en ambities. In een stad die groeit is het onze missie groen toegankelijk te maken voor iedereen. Doel Met Steck willen we een duurzame groenlocatie ontwikkelen waar ruimte is voor winkelen, maken, leren en recreëren. De komende jaren zetten we in op een geleidelijke transformatie van het huidige tuincentrum en de familiegrond naar een publiek toegankelijk park. Een groene schakel tussen stad en land. Een proeftuin voor groendenkers en doeners waar innovaties een kans krijgen. Een aangename verblijfsplek die Utrechters inspireert groen te doen in de eigen omgeving. Een impuls voor werkgelegenheid en recreatie in Overvecht en omstreken. Een plek die, 60 jaar nadat de eerste kas er gebouwd werd, opnieuw een broedplaats zal zijn voor nieuwe concepten en nieuwe verbindingen.
4
Locatie Het tuincentrum Steck is gelegen aan de noordoostzijde van Utrecht. Aan de zuidwestzijde wordt ze begrensd door de wijk Overvecht en aan de noordoostzijde door het open slagenlandschap en Noorderpark Ruigenhoek. Het perceel aan de westzijde is ingevuld door volkstuinvereniging De Doordouwers en aan de oostelijke zijde wordt het plangebied begrensd door de Gageldijk. Het gebied kenmerkt zich door haar positie tussen de forten Ruigenhoek en Blauwkapel die onderdeel uitmaken van de Nieuw Hollandse Waterlinie en de positie tussen de stad en het buitengebied.
STECK UTRECHT
5
1. BESTAANDE SITUATIE
1.1. STECK & OVERVECHT
Steck moet een plek worden voor Overvechters, Utrechters en voor de regio. Van tuincentrum tussen Overvecht en het Noorderpark in, naar een plek die zorgt voor ontmoeting, samenkomst en leren in het groen. Zowel in fysieke als emotionele zin moet dit een plek worden die toegankelijk is voor iedereen. Waar je je welkom voelt. Maar niet alleen dat, het is ook een plek waar we laten zien wat groen kan doen! Het slagenlandschap komt naar de stad toe en de mens naar het slagenlandschap. Niet alleen als een plek om naar te kijken, maar juist om onderdeel van te zijn. Voedsel verbouwen, gewassen kweken, producten maken, spelen en leren van en in het groen. En dat alles in toekomstbestendige landschappen en gebouwen.
STECK UTRECHT
8
STECK UTRECHT
9
Fort Blauwkapel Overvecht Steck
Fort Ruigenhoek
Noorderpark
Gagelpolder
Slagenlandschap
1.2. HISTORISCHE ANALYSE
STECK UTRECHT
1905, ontwikkeling van de forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie op de ontginningsdijken van het landschap. Vanuit de forten had je goed zicht over de dijken en het landschap.
1950, Geleidelijk ontwikkelt er meer bebouwing langs de ontginningswegen.
1960: De bebouwing en formaat van de percelen langs de linten neemt wat toe, maar de structuren van het slagenlandschap blijven dominant.
1970, Grootschalige uitbreiding Utrecht, Overvecht ontstaat op opgespoten zandvlaktes. Gageldijk is nu de grens tussen stad en landschap 1969 opening tuincentrum Overvecht in plangebied.
2000, Grote veranderingen in het gebied, meer bebouwing langs de linten, maar ook aanleg van water rondom de forten. Het historische verkavelingspatroon is grotendeels verdwenen uit plangebied, nog enkele herkenbare sloten en beplantingsstructuren.
2016, De ontwikkeling van het Park Ruigenhoek zorgt voor een transformatie van het gebied, met veel meer open water en afwisseling tussen open weide en meer besloten bossen,bosschages en boomgroepen.
10
STECK UTRECHT
Herstel van historische verbinding Het oorspronkelijke landschap wordt bepaald door rechte langwerpige kavels met afwateringssloten. Het patroon is door de jaren heen langzaam verdwenen uit het plangebied. Dit project kan een aanleiding zijn om de oorspronkelijk structuur te benutten als basis voor een ontwerp dat past in het landschap.
1989 Luchtfoto van het tuincentrum voor de herinrichting van het Noorderpark in het nog zeer open slagenlandschap, maar ook veel productie in kassen en grote hoeveelheid verharding. De kassen rechtsachter op de foto zijn nu niet meer aanwezig.
11
STECK UTRECHT
Ontwikkeling slagenlandschap Het historische slagenlandschap en de ligging van de Nieuwe Hollandse Waterlinie daarin is voor een deel nog herkenbaar. Lange tijd bleef het slagenlandschap in de vorige eeuw onaangetast. Vanaf 1970 zien we de grootste veranderingen in dit landschap. Het watersysteem wordt voor ander gebruik ingericht. De kavels in zuid-oosthoek worden breder en er komen een aantal waterpartijen bij. De impact van de rondweg is groot. Het fort wordt afgesneden van de rest van het landschap en de Gageldijk stopt bij de grote rotonde voor het huidige terrein van Steck. In 2000 vindt de volgende grote aanpassing plaats. Door de aanleg van het Noorderpark Ruigenhoek ontstaat er een tweedeling in het slagenlandschap dat eerst vanaf de Gageldijk tot aan de Ruigenhoeksedijk liep. Door de waterpartijen en de hoger gelegen routes dwars door het gebied ontstaat er een diverser landschap, waarin de lange lijnen worden onderbroken. Ook zien we dat er op veel plekken kavels worden verbreed en sloten verdwijnen. Op een aantal plekken blijft het typische smalle sloten patroon bestaan, maar en ontstaat meer afwisseling tussen smalle en bredere kavels. Op het terrein van Steck verdwijnen de restanten van de sloten in de noordwesthoek. Deze maken plaats voor grote vijvers.
In 2016 zien we vooral de uitbreiding van de waterpartijen in het park en het verdwijnen van de waterlopen op het perceel van het huidige Chi-chi golfterrein. Bij Steck verandert er niets in het slagen patroon. Voor het ontwerp zetten we in op het terugbrengen van het slagenlandschap vooral in de oosthoek van het perceel. Hier staat geen bebouwing en kan het landschap weer vanaf de weg worden beleefd. In de open middenstrook wordt de relatie met het oorspronkelijk en smalle slagenlandschap het sterkst. Deze lijnen lopen helemaal door tot aan de Ruigenhoekse dijk.
Opgave: het terugbrengen van de relatie met en zichtbaarheid van het slagen en inundatielandschap
12
STECK UTRECHT
13
slagenlandschap 1905
slagenlandschap 1970
slagenlandschap 2000
slagenlandschap 2016
STECK UTRECHT
14
Nieuwe Hollandse Waterlinie Fort De Gagel
water
Fort Ruigenhoek
gebouwen verboden kring 600m verboden kring 300m
Overige verdedigingswerken
Fort Blauwkapel
Fort Voordorp
STECK UTRECHT
15
Fort Ruigenhoek
Fort de Gagel
DE NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE Het plangebied is onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Een verdedigingslinie van forten, die loopt van de Zuiderzee tot de Biesbosch. INUNDATIEVELDEN De inundatievelden van de Nieuwe Hollandse Waterlinie konden in tijden van oorlog 40cm onder water worden gezet, om zo de vijand tegen te houden. Het plangebied ligt in een oud inundatie gebied van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, hierdoor is het open karakter van de veenontginningen door de jaren heen grotendeels behouden gebleven. VERBODEN KRINGEN Rondom de forten lagen de onzichtbare ‘verboden kringen’, waar slechts beperkte (houten) bebouwing was toegestaan om zo een vrij zicht en vrij schootsveld te behouden vanaf de verdedigingswerken.
Fort Blauwkapel
Binnen 300 meter mocht alleen in hout/riet worden gebouwd. Binnen 600 meter mocht de onderste 50cm van het bouwwerk in steen zijn, rest van brandbaar materiaal. Binnen 1000 meter mocht meer gebouwd worden maar in tijd van oorlog mocht alles in brand gezet worden.
Fort Voordorp
inundatiegebied verdedigingswerken verboden kring 300m-600m-1000m
FORTEN Nu zijn de forten zelf de meest zichtbare onderdelen van deze waterlinie. Steck ligt direct onder de invloedssfeer van Fort Blauwkapel. Zowel fort de Gagel (via de Gageldijk) als fort Ruigenhoek liggen ook vlakbij.
1.3. NATUURLIJK SYSTEEM
STECK UTRECHT
16
Water Primaire watergangen Pompsysteem Hoogtekaart GWT: Laag Hoog
STECK UTRECHT
Hoogte en bodem Steck ligt op de overgang tussen podzolgrond en veengrond. Op de hogere delen (ca +1mNAP) nog wat podzolgrond met leemarm en zwak lemig fijn zand. De lagere en nattere delen zijn veengronden. Deze gronden liggen maar enkele centimeters boven NAP. Het hoogteverschil in het gebied is dan ook gering, maar door de lage ligging en hoge grondwaterstand van maximaal 40cm onder maaiveld, is een hoogteverschil van enkele tien centimeters al het verschil tussen drogere of natte gronden.
Water Het watersysteem in het gebied kent een aantal primaire waterlopen die de waterafvoer van o.a. Overvecht en het buitengebied verzorgen. De afwatering van de percelen in het gebied gebeurt via smallere tertiaire waterlopen die in verbinding staan met de primaire waterlopen.
Plangebied Ook het plangebied heeft een aantal van deze waterlopen en drie grote vijvers, die middels een open verbinding of met duikers afvoeren naar de primaire watergang. In haar huidige situatie kent het plangebied een totaal oppervlakte van 7.145 m2 aan water. Daarnaast hebben de aangegeven locaties snel last van een hoge grondwaterstand, door hun lage ligging op de veengrond.
water gebouwen zone met hoge grondwaterstand
17
STECK UTRECHT
Bron: natuurwaardenkaart, gemeente Utrecht, 2022
18
STECK UTRECHT
Natuurwaarden Op basis van de natuurwaardenkaart van de gemeente Utrecht weten we dat we verschillende soorten in het gebied tegen kunnen komen uit zeer diverse habitats. Het NoorderparkRuigenhoek is een belangrijk groen- en natuurgebied. Hier leven veel bijzondere planten en dieren, waaronder rugstreeppad, heikikker, grote modderkruiper, gestreepte waterroofkever, groene glazenmaker en waterspitsmuis. Ook de das en de boommarter laten zich hier steeds vaker zien. Ook de ringslang komt hier voor en wordt door broeihopen aan te leggen behouden. De forten in de omgeving zijn daarnaast leefgebied voor vleermuizen, de ringslang en de ijsvogel.
Ecologische waarden De Quickscan Flora en Fauna (uitgevoerd door Habitus) laat zien dat er inderdaad verschillende waardevolle structuren en plekken in het gebied te onderscheiden zijn. Het volledige document en de conclusies zijn in de bijlage te vinden. Hier een samenvatting van de bevindingen op kaart. Ecologische waarden op het terrein: vrijwel geen waarde aan voorzijde, veel waardevolle bosschages, bosstructuren en oude bomen aan achterzijde. Twee belangrijke bomenlanen, diverse waardevolle solitaire bomen rondom het woonhuis. Daarnaast zijn de bamboestructuren soortenarm en daarmee hebben ze geen ecologische waarden. Er is daarnaast ook vrijwel geen soortenrijk grasland, wat een gemis is op deze locatie. zeer hoge ecologische waarde hoge ecologische waarde als ensemble ecologisch waardevolle structuren geen ecologische waarde (mogelijk te verbeteren) Diverse waardevolle solitaire bomen Bron: Beeldbewerking biotopenkaart Habitus
19
STECK UTRECHT
20
Bestaande bomen en bosschages De toekomstige ontwikkelingen in en rondom tuincentrum Steck vinden niet plaats op een leeg of bouwklaar opgeleverd perceel. De realiteit is dat het perceel vol staat met bijzondere groenstructuren een deel verbonden met de cultuurhistorische of landschappelijke geschiedenis van de plek, een ander deel met de geschiedenis van het perceel als tuincentrum.
5.
Om een goed beeld te krijgen van de impact die de ontwikkeling van Steck gaat hebben op het al aanwezige groen is er een analyse gemaakt van de bestaande groenstructuren.
5.
1. De ‘bosschagehaak’ rondom de zuidelijke vijver. Een hogere wal met grote diversiteit aan hoge bomen en rijke ondergroei. Inclusief roestplek voor uilen en vele holtebomen. 2. Bosrijk gebied met soorten als zwarte els, hazelaar en es. Een aantrekkelijke plek voor natuurrecreatie. 3. Bamboebos, de hoge bamboe heeft geen ecologische waarde, maar wel een hoge esthetische en recreatieve waarde/ 4. De bestaande bomenrijen langs de waterlopen hebben een divers karakter met berken, elzen, hazelaars, wilgen etc. 5. De tuin met gras, vijvers en diverse solitaire bomen en kleine clusters. Het open zicht is de grootste waarde. 6. Bestaande weg met waardevolle bossages en takkenrillen die ecologisch waardevol zijn. Beplanting nu: Bamboe bos (exoot) Bamboe heg (exoot) Bos Laanbeplanting Bomen
7.672 m2 1.417 m2 8.398 m2 67 stuks 140 stuks
2. 1.
6. 4.
3.
STECK UTRECHT
21
1.
2.
3.
4.
5.
6.
STECK UTRECHT
22
gebouwen treinstation busstation wegen
Kon .
W il
hel
min
a we
g
hoofd ontsluitingsroutes Steck
ge l
di jk
N2
30
la
A 27
sd
re
ef
Ga
At
1.4. ROUTES EN TOEGANKELIJKHEID
Dar
ef
dr e ef
n
re
win
Do
d au
STECK UTRECHT
Auto en fietsverkeer
Openbaar vervoer
Het terrein wordt voor auto’s ontsloten via twee inritten aan de Gageldijk. Fietsers en voetgangers maken ook gebruik van deze toegangen. Steck is voor fietsers en auto’s bereikbaar over de Gageldijk. Verbindingen naar andere wegen zijn op de volgende plaatsen aanwezig: • Einthovendreef/Koningin Wilhelminaweg voor fiets en auto • Robert Kochplein/Darwindreef uitsluitend voor de fiets • Moldaudreef uitsluitend voor de fiets • Sint Anthoniedijk uitsluitend voor de auto, rechts in en rechts uit • Henri Dunantplein/Einsteindreef uitsluitend voor de fiets • Ter hoogte van Gageldijk 91, uitsluitend voor de auto, rechts in en rechts uit • Fietsviaduct De Gagel, uitsluitend voor de fiets • Ghandiplein voor fiets en auto. Voor fietsers zijn er dus meerdere mogelijkheden om vanuit de woonbuurten Steck te bereiken, het laatste deel van de route loopt via de Gageldijk en is dan gemengd met het autoverkeer.
Voor bezoekers met het openbaar vervoer zijn er de volgende mogelijkheden: • Treinstation Utrecht Centraal is ongeveer 4,5 km fietsen, ongeveer 20 minuten – maar halen van een OV-fiets moet bij deze tijd opgeteld worden. • Treinstation Overvecht is ongeveer 1,5 km lopen, iets minder dan 20 minuten, met de OV-fiets is station Overvecht 10 minuten fietsen – maar het aantal OV-fietsen op Overvecht is beperkt. • • Op de Wolgadreef ligt een bushalte van lijn 6 (Overvecht Utrecht Overvecht - Utrecht CS – Galgenwaard, bushalte Atlasdreef) die wordt aangedaan door bussen vanaf station Utrecht CS en vanaf Utrecht Overvecht. Deze halte ligt op een kleine 500m lopen, minder dan 10 minuten. De looproute via de Atlasdreef en het Robert Kochplein is niet heel ingewikkeld maar op de halte niet direct herkenbaar als looproute naar het buitengebied. • Aan de Darwindreef stopt lijn 55 (Utrecht CS – Maartensdijk, bushalte Vulcanusdreef).Ook deze halte ligt op een ongeveer 500m lopen, minder dan 10 minuten. De looproute gaat over het fietspad langs de drukke Darwindreef maar heeft dankzij Fort Blauwkapel wel een groene en landelijke uitstraling.
Voetgangers Bezoekers te voet worden veel minder verwacht, maar zij maken van dezelfde routes gebruik als de fietsers. Bij de Moldaudreef en het Robert Kochplein is de oversteek voor voetgangers met verkeerslichten geregeld. Op de Gageldijk maken voetgangers gebruik van de rijbaan of eventueel de berm.
Met het openbaar vervoer is de bereikbaarheid redelijk, vooral omdat de afstand tot beide bushaltes te overzien is. Bezoekers die het laatste stuk van de route te voet afleggen kunnen gebruik maken van voetpaden en geregelde voetgangersoversteken bij de Moldaudreef en het Robert Kochplein, op de Gageldijk zelf gebruiken zij de rijbaan.
23
1.5. PROGRAMMA EN ACTIVITEITEN
Gagelbos
STECK UTRECHT
24
Fort Ruigenhoek
activiteit
Wandelen en fietsen
regionaal fietsnetwerk Wandelroutenetwerk
Camping
Noorderpark
Klompenpad Sportpark
CHICHI Golf Pluktuin
Steck Volkstuinen
Fort Blauwkapel
Wonen
Fort Voordorp
STECK UTRECHT
25
Noorderpark Ruigenhoek Rondom het terrein van Steck zien we diverse activiteiten. Er zijn de forten met de bijbehorende activiteiten, van evenementen en theater tot natuurbeleving. Daarnaast zijn er diverse wandelroutes, lange afstandroutes en klompenpaden rondom het gebied. Ook het regionale en recreatieve fietsnetwerk loop vlak langs het terrein. Naast de natuurbeleving zien we diverse functies in het Noorderpark zoals: een camping, een speelbos, een sportpark, volkstuinen, een golfcentrum, pannenkoekenrestaurant
Ligging Steck Het terrein van Steck ligt momenteel geïsoleerd ten opzichte van deze activiteiten. Er lopen geen routes door het terrein die de plek met de omgeving verbinden. Het terrein heeft als primaire functie tuincentrum, en er is een gedeelte bestemd voor wonen
Volkstuinenvereniging De Doordouwers
Klompenpad Beukenburgerpad
STECK UTRECHT
26
Bestaande initiatieven bij Steck Van de primaire functie als tuincentrum en woonfunctie, met een groot niet toegankelijk terrein, wordt er nu al gekeken naar de mogelijkheden om het terrein meer multifunctioneel in te richten. Zo was er in de zomer een tijdelijk maïsdoolhof, wordt het bosrijke deel in de noordpunt komende lente toegankelijk en is er een tunneltjesbos met echte Gagelgriezels die het verhaal van het landschap vertellen. De Clique en Stekkers zijn de productieve initiatieven die nu al een plek op het terrein hebben. Zo wordt het gebied langzaam al voor een breder publiek toegankelijk. 8.
10.
7.
6.
9. 4. 5.
3. 2. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10.
Buurtmobiel Tuincentrum Steck De voedseltuin Overvecht Pluktuin Glittergladiool Tuincafé Noordertuin Stichting Snorhaar De Clique Huiskwekerij Stekkers Gagelgriezels Tunneltjesbos
1.
STECK UTRECHT
27
Entree tuincentrum STECK
De Clique
Huiskwekerij Stekkers
Tuincafé Noordertuin
Pluktuin Glittergladiool
Tunneltjesbos
2. UITGANGSPUNTEN
2.1. GEBIEDSVISIE
STECK UTRECHT
30
STECK UTRECHT
Steck als productief parklandschap tussen stad en land
De ruimtelijke drager van het gebied is een productief park dat aansluit op het meer landelijke Park Ruigenhoek. Een park dat een schakel vormt tussen stad en land. Een pak dat stromen produceert, reinigt en hergebruikt maar tegelijk boeiend is om te bezoeken en een schakel vormt tussen stad en landschap. Een gelaagd park met een rijke mix aan functies, de ruimtelijke indeling is gebaseerd op het oorspronkelijke landschap, een wisselwerking tussen open en gesloten. In het park zijn meerdere kleine paviljoens en plekken te vinden die gerelateerd zijn aan het productie landschap. De collage op de linkerpagina geeft een indruk het palet van het programma.
31
2.2. PUP Ruimtelijke en programmatische uitgangspuntennotitie
Zone A Zone B Gewenste verbinding langzaamverkeer Zichtlijn tussen forten Afstand bebouwing tot kavelgrens Reservering NRU Verboden kringen 300&600m Slagen structuur
STECK UTRECHT
32
33
Op basis van de bestaande beleidskaders heeft het college van burgemeester en wethouders in mei 2023 de Ruimtelijke en Programmatische uitgangspuntennotitie (hierna te noemen PUP) voor de ontwikkeling van Steck vastgesteld. Deze uitgangspunten zijn leidend voor het ontwerp. Hieronder een samenvatting van de ruimtelijke randvoorwaarden uit deze PUP. De volledige notitie is te vinden op de website van de gemeente Utrecht.
Uitgangspunten De uitgangspunten spelen in op de 5 belangrijkste onderdelen van de ruimtelijke context: 1. De Nieuwe Hollandse Waterlinie (UNESCO) 2. Het open slagenlandschap en ontginningsbasis Gageldijk 3. De relatie met het recreatiegebied Noorderpark en de Ruigenhoekse Polder 4. De dynamiek van de infrastructurele knoop. We houden rekening met een mogelijke herontwikkeling van de rondweg Utrecht (NRU), de herinrichting van de Gageldijk en het stimuleren van fietsen en lopen door verbindingen met Overvecht en het landschap te maken. 5. Het gebied is een belangrijke entree van Utrecht en heeft daarmee een poortfunctie.
Randvoorwaardenkaart De kaart hiernaast is de ruimtelijke randvoorwaardenkaart uit de PUP. De onderdelen die hier op staan zijn: — Er zijn twee zones waarin bebouwing is toegestaan: Zone A: Is de zone waar de meeste bebouwing is toegestaan. In deze zone mag gebouwd worden tot een maximale footprint van 15.500m2 Zone B; is een zone waarin minder bebouwing is toegestaan, de gebouwen zijn ondergeschikt aan het landschap en hebben een totale maximale footprint van 1.750 m2 (alleen bij vermindering van de footprint in zone A met 500m2 kan footprint zone B naar 2.250m2) — Er mag niet direct aan de rand van het perceel worden gebouwd. Overgangszones van 20 meter zonder bebouwing aan de west- en noord-rand van het perceel — Aan de zuid en oostrand geldt een grotere afstand tot de bestaande erfgrens. Hier is de afstand tot de plangrens van het ontwerp voor de NRU bepalend. Tot 15 meter vanaf de plangrens van de NRU komt geen bebouwing. — Om het slagenlandschap zichtbaar te maken is er een zone vastgesteld waar een zichtas van 35m over gehele lengte van het perceel, vanaf Gageldijk naar Noorderpark Ruigenhoek, gerealiseerd moet worden. — Om de Nieuwe Hollandse Waterlinie zichtbaarder te maken ga voor het verminderen van de bebouwing in de 300m zone rond Fort Blauwkapel en het verbeteren van het zicht op en de verbindingen met de forten Blauwkapel en Ruigenhoek
2.3.NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE
STECK UTRECHT
34
Verboden kringen water gebouwen verboden kring 600m verboden kring 300m
300m
600m
1000m
Bron: Provincie Utrecht
STECK UTRECHT
35
Strategisch landschap De beoogde ontwikkeling is direct aan de hoofdverdedigingslinie gelegen, aan de onveilige, noordzijde. Het tracé volgt hier sinds 1815 de Gageldijk, tot aan fort Blauwkapel. Het oorspronkelijke tracé is door de hogere ligging van de Gageldijk ten opzichte van de onveilige polder nog te herkennen tot het punt waar de NRU/N230 afbuigt naar het noorden en deze de hoofdverdedigingslinie doorsnijdt. De ontwikkellocatie ligt gedeeltelijk binnen de 300m verboden kring en gedeeltelijk binnen de 600m verboden kring van fort Blauwkapel. Ten noordwesten van fort Blauwkapel is in de eerste twee verboden kringen nog maar gering sprake van het oorspronkelijke open schootsveld. De grote hoeveelheid opgaande beplanting, doorsnijding door de N230, aanleg van de golfbaan en de bebouwing van het tuincentrum zijn hiervan belangrijke factoren. De ontwikkellocatie is in zijn geheel onderdeel van de Ruigenhoekse veenpolder. De grens van Inundatiegebied IV benoorden de Lek loopt dwars door het plangebied. In de huidige situatie is deze beperkt herkenbaar door het grotendeels verdwijnen van het oorspronkelijke slotenpatroon van het slagenlandschap en het bouwvolume van het huidige tuincentrum. Langs de Gageldijk, aan de hoofdverdedigingslinie bevindt zich nog een houten woningen die de oorspronkelijke aanwezigheid van een verboden kring waarneembaar maakt.
Inundatiegebieden
Schootsvelden
De inundatiegebieden mogen meer vernat worden. Er kunnen plekken worden gerealiseerd met natte natuur of open water.
(Park) objecten en gebouwen binnen 300 meter van het fort voornamelijk realiseren in hout of riet, vanaf 300 meter is het mogelijk om de eerste 50cm in steen te realiseren.
Openheid
Zichtlijnen
Behoud en vergroot de ervaring van de openheid van het omliggende landschap.
Gebruik beplanting en bebouwing om zichtlijnen naar de forten en het open landschap te benadrukken.
Forten
Korrelgrootte
Behoud en versterk de huidige zichten van en naar de forten. Creëer zichtpunten om de forten beter te kunnen beleven.
Korrelgrootte van de bebouwing mag groter zijn langs de acces en de dijk. De korrelgrootte van de gebouwen binnen de inundatievelden is kleiner.
Watermanagementsysteem Het plangebied is direct aan de Gageldijk gelegen. Deze fungeerde als inundatiekade. Het oorspronkelijke tracé liep door tot aan de omwalling van fort Blauwkapel, maar wordt nu onderbroken door de N230.
Militaire werken Binnen het plangebied zijn, en waren geen militaire werken aanwezig.
2.4.
ONTWERPPRINCIPES
STECK UTRECHT
36
Op basis van de uitgangspunten, de kwaliteiten van de plek en het programma hebben we 8 ontwerpprincipes ontwikkeld die de basis voor het ontwerp van Steck vormen
Zichtlijnen
Water en inundatie
Bestaande en grotendeels verdwenen zichtlijnen worden als uitgangspunt genomen. Ontwikkelingen worden gebruikt om de openheid van het gebied te accentueren. Bijvoorbeeld door bestaande bosschages waar nodig te verwijderen, te dunnen òf te versterken worden de kenmerkende vergezichten terug gebracht. Naast de open en landschappelijk ingerichte zichtas van 35 meter in het midden van het terrein zetten we in op nog meer kleine doorzichten naar het slagenlandschap.
Het natte en waterrijke karakter van het veenlandschap wordt als uitgangspunt genomen voor de ontwikkeling van Steck. Het gedeeltelijk vernatten van het inundatieveld en terugbrengen van de kenmerkende slotenstructuur is hiervoor de basis. Dit laat de historie herleven, maakt de plek weer leesbaar en heeft meerwaarde voor natuurontwikkeling. De opgaande structuren en de waterlopen samen accentueren het slagenlandschap vanaf de Gageldijk.
STECK UTRECHT
37
Ritme in landschap
Materialisatie
De gebouwen in de nieuwe ontwikkeling van Steck voegen zich naar het ritme van het landschap. In zone A, grootschalige bebouwing, voegen de gebouwen zich in achter de bestaande bebouwing van het lint en voegen zich naar de belangrijke landschappelijke structuren. In de rest van het gebied komen gebouwen die ondergeschikt zijn aan het landschap en passen binnen de kleinschalige slagenstructuur en ritme van de kavels.
In relatie tot de zones rondom de forten van de waterlinie worden de nieuwe gebouwen ontwikkeld in passende materialen. De demontabele houten gebouwen die vanuit de historie in deze zone mochten staan vormen de basis. Afhankelijk van de afstand tot de forten en het type gebruik mogen variabelen optreden. Binnen de 300 meter bouwen in hout, buiten deze zone is een stenen basis ook mogelijk. Daarnaast is er ruimte voor transparant en demontabel bouwen.
STECK UTRECHT
38
Landschapstypen en ecologie
Ontmoeting van verschillende werelden
Steck biedt straks plek voor mens, dier en plant. De ontwikkeling is geënt op de plek, met oog voor de bestaande kwaliteiten en de toekomstige opgaven. Door de afwisseling van open en gesloten ruimtes ontstaat een unieke beleving van het landschap. De gradiënten tussen open- en gesloten en extensief- en intensief gebruik maken plekken voor diverse diersoorten. Besloten randen naar de buren en open middengebied met optimale zichtrelatie tussen Gageldijk en Park Ruigenhoek.
Op het terrein van Steck komen de verschillende werelden samen. Naast een functie van tuincentrum kent het gebied allerlei nieuwe, innovatieve initiatieven. Waaronder proeftuinen voor groene ontwikkelingen, speelaanleidingen, plekken voor natuurontwikkeling, hotel en restaurant. Dit alles vormt samen een functiemix die past binnen het landschappelijk raamwerk.
STECK UTRECHT
39
Inpassing en accenten
Lerend ontwikkelen en ontwerpen
Landschap en gebouwen gaan de interactie met elkaar aan. De verschillende gebouwen zijn alzijdig, met herkenbare accenten, om het oog te sturen. Bij het tuincentrum is het accent zichtbaar vanaf de Gageldijk. De groene broedplaats, pas vanaf het terrein. Het hotel en het restaurant die zich meer aan de zijde van het landschap bevinden, schikken zich in materiaal, maat en vorm naar het landschap. Zo worden de gebouwen gebruikt om het landschap te versterken in plaats van te verdelen.
Steck kent in haar huidige staat al tal van initiatieven en ondernemingen. Deze bestaande initiatieven zorgen voor reuring en lokale verbondenheid. Deze initiatieven leren ons wat er mogelijk is en past in het gebied. De lessen en inzichten die hierdoor worden verkregen worden meegenomen en verwerkt in het ontwerp.
3. SCHETSONTWERP
STECK UTRECHT
42
3.1. DRIE HOOFDLAGEN
Plekken voor interactie De bebouwde zone aan de westelijke zijde vormt het dynamische hart van het gebied. Hierin zijn alle voorname functies bij elkaar te vinden zoals het tuincentrum, de groene broedplaats en het hotel. Ook grotere pleinruimtes en de buitenverkoop liggen hier. Rondom de gebouwen aan de oostzijde vinden ook activiteiten plaats, deze zijn kleinschaliger en passen altijd bij het landschap. De gebouwen en plekken voor interactie voegen zich in het casco en zorgen voor levendigheid in het gebied.
PLEKKEN VOOR INTERACTIE
Door een slimme routing door het park en het dynamische hart van het gebied wordt het mogelijk om vanuit de Gageldijk en park Ruigenhoek door het gebied te lopen. De nieuwe schakel tussen Overvecht en Ruigenhoek is herkenbaar door goede entrees, routes en zicht. Het inzetten van herkenbare objecten als gebouwen en bruggetjes zorgt voor extra herkenbaarheid. Een secundair systeem van paden en struinroutes voert bezoekers van drukke naar rustige plekken, door het landschap en langs allerlei duurzame initiatieven.
ROUTING EN BELEVING
Beleving en routing
Er wordt aangesloten op het karakteristieke slagenlandschap door gebruik te maken van gebiedseigen landschappelijke elementen; de opgaande groene structuren, open landschap en waterlopen. Het groen-blauwe netwerk vormt een casco, waarbinnen een grote diversiteit aan landgebruik een plek kan krijgen. Dit casco is de structuur die het perceel van Steck met de grotere context verbindt.
DE LANDSCHAPPELIJKE BASIS
Landschappelijke basis
STECK UTRECHT
43
3.2. TOEKOMST PERSPECTIEF
STECK UTRECHT
44
45
STECK UTRECHT
46
3.3. DE PLANKAART 3.
Legenda water gebouwen kleinschalige voedselproductie kruiden- en faunarijk grasland natte teelt 2.
natte natuurontwikkeling
4.
bos bamboebos bomen (bestaand) bomen (nieuw) bomenlaan buitenverkoop fietspad wandelpad pleinruimte groenfragment fietsparkeren parkeerplaatsen
1.
STECK UTRECHT
47
RUIMTELIJKE OPBOUW Steck wordt een productief landschapspark met daarin veel functies zowel in het landschap als in gebouwen. Dit park vormt een nieuwe schakel tussen de stad en het buitengebied. Een groene poort als het ware. Tussen het slagenlandschap, Noorderpark en Overvecht. Het landschap is de drager voor de gebouwen. Het groen blauwe casco van opgaande groenstructuren, open zichtassen en waterlopen zorgt voor de herkenbaarheid van het landschapspark en de verbinding met de Gageldijk en het slagenlandschap.
1.
2.
3.
4.
Naast een functie als recreatie wordt er in Steck gezocht naar allerlei mogelijkheden voor het gebied om bij te dragen aan een betere waterhuishouding, vergroten van de biodiversiteit, klimaatadaptatie en de energietransitie. Ook krijgt het gebied een belangrijke functie als ontmoetingsplek voor de buurt. Samen met bewoners van Overvecht wordt geprobeerd concreet invulling te geven aan een gezondere stedelijke omgeving. 1 + 2. De zichtas vanaf de Gageldijk wordt omzoomd door bomenrijen en binnen de zichtas is ruimte voor kleinschalige productie van gewassen, (kruidenrijk) grasland, natte vegetatie en water. De doorgaande semi-openbare recreatieve route naar het Noorderpark ligt in deze as, ter hoogte van het plein verspringt de wandelroute, waarmee het formaat van de zichtas wordt geaccentueerd en beleefd. 3. De grootste gebouwen staan in het westelijke deel van het plan, het tuincentrum, de groene broedplaats en het hotel. In deze zone is het drukker en dynamischer, het is een zone die een meer functioneel karakter kent met naast de gebouwen een groen plein, terras en de buitenverkoop als herkenbare (verblijfs)plekken. 4. In het oosten ligt, naast diverse productieve kavels, met moestuinen, voedselbos en bosschages, ook een speelbos, met daarin verstopt enkele kleinschalige ‘tuinhuisjes’.
STECK UTRECHT
48
‘Lagen in het landschap’ 1. 2. 3. 4. 5.
De vormgeving van het parklandschap is geïnspireerd op het slagenlandschap. Open zichten en bomenrijen, productie en bloemrijke weides wisselen elkaar af. De gebouwen en de bomenrijen of bosschages accentueren de zichtassen. De kenmerkende slotenstructuur wordt versterkt en teruggebracht met een inrichting die ook voor de inheemse flora en fauna aantrekkelijk is. De gebouwen worden ingepast in het landschap door de materiaalkeuze, vormgeving en nokrichtingen die zich voegen in het landschap In het productieve park is er ruimte voor moestuinen, boomgaarden en nieuwe initiatieven zoals stroken- of natte teelten, naast recreatie en verblijven.
1.
2.
STECK UTRECHT
49
4.
5. 3.
STECK UTRECHT
50
A
Groene entree met activiteiten in het groen
Tuincentrum
Binnenstraat
Patio en Shop-in-shops
Verblijfsplek en terras
B
Bestaande bamboehaag als erfafscheiding
Landschappelijk ingepaste parkeerplaatsen
Tuincentrum
Buitenverkoop
Hoger gelegen route, zicht-as van 35 meter breed
Natte teelten en bloemrijk grasland
C
Natte natuurzone met zicht op Noorderpark Ruigenhoek
Hotel
Zicht-as
Restaurant
Kwekers en moestuinen
STECK UTRECHT
Dichte bestaande bosschage en natte natuur
51
Studio’s en ateliers
Het plan heeft een logisch ritme in zowel de lengte als de breedte van het perceel. Doorsnede A Doorsnede B Doorsnede C
Bos
3.4.
WATER
Oever met plasberm of drasberm Ruige oever Natuurvriendelijke oever
STECK UTRECHT
52
De bestaande smalle waterlopen en organische vijvers worden omgevormd naar een watersysteem dat past bij het slagenlandschap. Zo ontstaat een stevig blauw casco dat bestaat uit robuuste rechte sloten, natuurlijke oevers en inundatie zones. In de bestaande situatie is er 7.145 m2 oppervlaktewater. In het ontwerp is er circa 7.750m2 oppervlaktewater en daarnaast nog 6.600m2 natte vegetatie. Deze natte zones (arcering in de kaart) bestaan uit zowel productielandschap als natuur. Bij een waterdiepte van 30 % tellen ze mee als oppervlakte water. In de vervolgfase wordt de optimale inrichting voor de waterhuishouding verder onderzocht. We werken met een afwisseling van diverse waterlopen en natte gebieden. De oevers passen we aan op de verschillende soorten landgebruik. Een wat steilere oever met eventueel een plas-drasberm langs intensiever landgebruik en een flauwe of natuurvriendelijke oever die de overgang tussen waterloop en natte natuur vormt. Er is genoeg ruimte voor waterberging en er is overcapaciteit om ook in de waterbehoefte van de productie en planten van het tuincentrum te kunnen voorzien. De precieze berekening hiervoor wordt in de volgende fase meegenomen. Formalisatie: tijdens het ontwikkelen van het plan zijn de onderdelen van de watertoets doorlopen.
Vanuit het waterschap is er akkoord op het huidige voorstel, met een aantal aanbevelingen voor het vervolg, zoals ruimte voor onderhoud en behoud van de waterdiepte.
STECK UTRECHT
oever met plasberm of drasberm
1:3
Flauwe oever
1:5
Ruige oever
1:3
Natuurvriendelijke oever
1:10
53
3.5.PARKLANDSCHAP
STECK UTRECHT
54
Het park bestaat uit een mozaïek van verschillende typen beplanting. Om aan te sluiten bij het kenmerkende slagenlandschap maken we gebruik van gebiedseigen landschappelijke elementen als de basis voor het plan. Deze opgaande beplanting vormt het groene raamwerk van het gebied. Dit raamwerk bestaat uit de volgende onderdelen: 1.
(Knot)bomenrijen. Langs lijnen die we willen accentueren staan bomenrijen met inheemse soorten zoals populieren, elzen en berken met iets onregelmatige plantafstand. Langs de waterlopen staand naast deze soorten juist ook knotwilgen en knotelzen.
2.
(Geriefhout)bosjes & houtsingels: De bestaande bosschages aan de noordzijde van het perceel zijn sterk doorgeschoten bosjes en houtsingels. Hier gaan we middels onderhoud weer herkenbare structuren van maken. Dit betekent indien nodig uitdunnen en opschonen en aanplanten. Boomsoorten als eik, es, iep en populier en struiken als vlier, hazelaar en krent passen goed in deze structuren.
3.
Solitaire bomen. Op het gehele terrein komen solitaire bomen voor. De bestaande solitairen zoals de lindes, de eik, esdoorns aan de voorzijde worden behouden. Ook de meer exotische bestaande bomen op het erf worden indien mogelijk behouden. Aan de voorzijde kunnen daarnaast soorten als de paardenkastanje en okkernoot worden toegevoegd. Op het achtererf staan soorten als eik, es en populier. De bestaande bomen worden ook hier zo veel mogelijk behouden.
4.
Hoogstamfruitboomgaard. Aan de Gageldijkzijde van het terrein komt een kleine boomgaard van bijvoorbeeld kers, pruim, appel of peer.
2.
4.
3.
1.
STECK UTRECHT
55
‘Aanzicht vanaf het slagenlandschap naar de groene broedplaats’ 1. 2. 3.
1.
Het hotel ligt midden in het slagen- en inundatielandschap en voegt zich naar zijn omgeving door zijn vormgeving en materialisatie De groene broedplaats ‘steekt’ als een accent in het inundatiegebied en past in vormgeving bij dit inundatiegebied. De natte natuur refereert naar de inundatiegebieden van de Hollandse Waterlinie en biedt een uniek en waardevol habitat voor diverse soorten zoals de Roerdomp en de Ringslang
2.
3.
STECK UTRECHT
56
Naast deze opgaande structuren werken we met verschillende typen lage beplanting / inrichting van de velden van het slagenlandschap.
Poelen en natte natuur
Inundatiegebied/ natte natuur: Hier laten we zien dat we in een nat gebied zitten, door gebieden gedeeltelijk te verlagen en ook enkele poelen te maken ontstaat hier een natuurlijk inundatiegebied waar de natuurlijke natte vegetatie, zoals de Rietorchis, en diersoorten, zoals de ringslang zich thuis voelen. Natte teelten: Op een aantal plekken zullen we gaan experimenteren met natte teelten. Denk daar bij aan knotwilgen, lisdodde, riet of andere innovatieve teelten Kruidenrijk grasland: Kenmerkend voor het slagenlandschap zijn de open, weidse grasvelden. Binnen het plangebied wordt dit teruggebracht door kruidenrijk grasland te realiseren in de open zichtas
Natte teelten
Kruidenrijk grasland ( evt. met natte delen)
Productief parklandschap: Het gehele park wordt gekenmerkt door productiviteit. Denk daarbij aan initiatieven zoals voedselbos Overvecht, Kwekerij Stekkers maar ook de voedseltuin en fruitboomgaarden. Hiermee passen we niet alleen bij het landschap maar ook bij Overvecht als veelkleurige wijk.
STECK UTRECHT
Bosjes en houtsingels
Productief parklandschap
verblijfsplekken in het groen
57
BOMEN EN BOSSCHAGES
Legenda Bamboe bos Bamboebos te verwijderen Boom bestaand Boom te verwijderen Boom aan te planten Bosschage Bosschage uit te breiden Zone van locatiespecifieke aanpak
STECK UTRECHT
58
We gaan zorgvuldig om met de bestaande groenstructuren en vegetatie die aanwezig zijn, maar we zullen ook zeker vegetatie gaan verwijderen. Daarnaast gaan we nieuwe vegetatie aanleggen en toevoegen, zeker aan de voorzijde van het perceel, waar nu veel verharding ligt. Het doel is om een prettige, groene omgeving te creëren waarin is gedacht aan zowel ecologie, cultuurhistorie en wordt gewerkt vanuit het bestaande groene raamwerk. De ecologisch waardevolle beplanting zoals de bosstrook aan de zuidwest zijde rondom de huidige vijverpartijen en waardevolle bosschages en houtsingels aan de oostzijde van het perceel worden zo veel mogelijk behouden. Het inpassen van nieuwe gebouwen in het gebied vraagt om een locatiespecifieke aanpak en inpassing. Het zo veel mogelijk behouden van de bestaande waardevolle groenstructuren is hierbij uitgangspunt. Wanneer kap van de bosschages of bomen nodig is gaan we uit van: 1. verplaatsen indien mogelijk, 2. aanplant op andere plek om de bosschage te versterken en verdichten. Ten behoeve van het herstel van het open slagen landschap zullen er zeker bomen worden gekapt. Bomen worden in zichtassen gekapt om de zichtrelaties met het aan de noordzijde gelegen open slagenlandschap te herstellen. Daarnaast worden er echter ook bomen en bomenrijen toegevoegd om het slagenlandschap te accentueren en om de gebouwen landschappelijk in te passen.
STECK UTRECHT
59
3.6. FUNCTIES
STECK UTRECHT
60
Steck biedt ruimte aan tal van functies en activiteiten welke vallen onder de volgende drie categorieën. De kaart laat de eerste richting voor de variatie in en mogelijke locaties van de functies zien. In het vervolg worden deze functies en de ligging verder uitgedacht. Recreëren en verblijven: Met ruimte voor ontmoeten, vergaderen, eten, bijeenkomen, verblijven, cultuur, educatie en sporten in en om de gebouwen. Rondom de gebouwen worden plekken gecreëerd met indien nodig halfverharding. Zo krijgen we een stevige ondergrond voor activiteiten, maar behouden we de infiltratiecapaciteit. Productief: In het parklandschap worden (voedsel) gewassen en planten geteeld. Maar het landschap zorgt ook voor verkoeling en schoon water. In en rondom de gebouwen worden de gewassen verwerkt tot producten. Het is dus niet alleen een parklandschap, maar een productielandschap, waar het verzorgen, kweken, produceren, onderhouden van gewassen en het landschap altijd zichtbaar is en onderdeel van de beleving en aantrekkingskracht van deze plek. Winkelen in het groen: Het tuincentrum en de directe buitenruimte biedt plek voor de verkoop van planten en tuinbenodigdheden. Als ook ruimte voor de verkoop van lokale en duurzame producten. Ook hier staat de beleving van het groen centraal, niet alleen winkelen, maar ook het beleven van het groen.
STECK UTRECHT
61
BUITENVERKOOP
STECK UTRECHT
Een belangrijk onderdeel van het tuincentrum is de buitenverkoop. Hier worden de buitenplanten en de kerstbomen verkocht. Vanuit de Gageldijk en vanuit het park is dit het gebied waar de levendigheid en producten van het tuincentrum te zien zijn.
De buitenverkoop grenst direct aan de zichtas die vanaf de Gageldijk tot aan het park Ruigenhoek loopt. Om deze zichtas te accentueren komt aan de rand van de buitenverkoop een bomenrij. In deze zichtas, tussen de buitenverkoop en de watergang is ruimte voor kleinschalige voedselproductie, zoals de voedseltuin of het kweken van lage planten en grassen.
De buitenverkoop is het visitekaartje of ‘uithangbord’ voor wat er in het tuincentrum te zien en kopen is. Dit is de plek waar we de unieke groene uitstraling van Steck naar voren willen laten komen. De indeling van de buitenverkoop is aantrekkelijk een passend bij het landschap. Waarbij dicht bij het gebouw de grotere planten en verkoopstellingen staan en meer in het landschap de lagere planten en tafels.
Doorsnede buitenverkoop en zichtas
62
STECK UTRECHT
Impressie buitenverkoop vanuit park
63
3.7. ROUTES EN TOEGANKELIJKHEID
STECK UTRECHT
64
De fietser en voetganger staan centraal in de ontwikkeling van het parklandschap en het terrein. We zorgen voor goede herkenbare entrees voor beiden. Voor de voetganger wordt ook een extra doorsteek naar het Noorderpark gerealiseerd. Het concentreren van de auto en het parkeren aan de westelijke zijde van het plangebied zorgt voor een autovrije/luwe parkzone. Het auto- en vrachtverkeer voor het tuincentrum, de groene broedplaats en het hotel wordt via de centrale entree geleid. Daarnaast is er een aparte entree voor de voetganger. De meest oostelijke bestaande toegang wordt gehandhaafd voor hulpdiensten en bestemmingsverkeer. Hiervoor gaan we wel uit van een tijdslot waarbij het verkeer het gebruik van het parklandschap niet stoort. In de vervolgfase wordt dit verder onderzocht. De bestaande entree met de booghaag wordt ook gehandhaafd, dit wordt geen permanente ingang, maar een avonden nachtingang voor de hotelgasten. De poort blijft daarmee bestaan en de toegang in de avonduren wordt hiermee gereguleerd. Het terrein wordt tijdens nader te bepalen tijdzones opengesteld voor publiek. Er komen zo min mogelijk hekken. De afscheiding van percelen wordt middels waterlopen en bruggetjes gerealiseerd.
STECK UTRECHT
65
PARKEREN / LADEN EN LOSSEN
STECK UTRECHT
66
Logistiek, bevoorrading, laden en lossen Een belangrijk onderdeel van het ontwerp is de logistiek. De verschillende gebouwen hebben allemaal hun eigen behoeften qua bevoorrading en toegankelijkheid. Door een efficiënte inrichting zorgen we voor zo min mogelijk verharding.
3.
5.
2.
1.
AANZICHT BUITENVERKOOP VANUIT HET PARK
Hiervoor werken we met: 1. Een centrale entree voor zowel bezoekers als leveranciers, met een gescheiden fiets- en voetgangersentree. Zo krijgen alle modaliteiten genoeg ruimte en zetten we in op efficiënt ruimtegebruik. 2. Een aparte toegang voor het laden en lossen van buitenplanten. Dit is de groene toegang, hier worden alleen planten die direct in de buitenverkoop worden geplaatst en verkocht worden geleverd. 3. Een aparte toegang voor het laden en lossen van producten voor binnen en opslag. Het laden en lossen vindt binnen in het gebouw plaats. 4. Een autovrij plein, waar ruimte is voor evenementen, markten, maar ook ruimte voor beplanting, deels vast en deels verplaatsbaar. 5. Incidentele route laden/lossen met tijdslot en hulpdiensten Toevoer van goederen en groot verkeer gaat via de genoemde routes en er is voldoende manoeuvreerruimte voor het vrachtverkeer. We onderzoeken of het gebruik van halfverharding, zoals padvast of grasbetonsteen geschikt is voor de rijbanen die incidenteel worden gebruikt. Parkeren Het parkeerterrein ligt aan de westzijde van het terrein tussen volkstuinen en het tuincentrum in. Er is plek voor maximaal 14 parkeerplaatsen ter hoogte van het hotel voor de hotelgasten. We gaan nu uit van 213 permanente parkeerplaatsen met open verharding en nog 93 onverharde overloop parkeerplekken.
STECK UTRECHT
67
STECK UTRECHT
Legenda Circulair bouwen & biophilic design Energie Klimaatadaptatie
68
Circulair bouwen & biophilic design Steck gaat over groen denken en doen. Deze visie heeft ook betrekking op de gebouwen en de wijze waarop deze worden gebouwd en afgewerkt. Doel is het beperken van het gebruik van grondstoffen en beperken van de voetafdruk. Gezocht wordt naar hergebruik van aanwezige donormaterialen op het terrein, bijvoorbeeld de constructie van het bestande tuincentrum. Als er nieuwe materialen worden toegepast is er een sterke focus op later hergebruik. Dit betekent geprefabriceerde elementen en een hoog percentage van losmaakbare details. In de basis zijn heldere volumes ontworpen met een grote mate van repetitie en flexibiliteit. Dit vormt al goede basis om in de latere uitwerking sterk in te zetten op circulariteit. Biobased materialen zijn uiteraard ook een zeer belangrijk onderdeel van het beoogde ontwerp. Ook hier zal in de verdere uitwerking zeer veel aandacht voor zijn. Steck heeft als ambitie om hierin voorop te lopen en op een integrale wijze te laten zien hoe dit zou kunnen. De gebouwen zijn daar overigens maar één aspect van. De omgang met water, energie, voedsel, mobiliteit, sociale cohesie & gezondheid, zijn allemaal thema’s die aan bod komen in de ontwikkeling van Steck. Zo worden de reststromen benut om nieuwe producten te maken.
Biophilic design is een moeilijk woord voor wat er bij Steck wordt beoogd als het gaat over de verbinding tussen mens en natuur. Verbonden zijn met de natuur kent vele voordelen op gebied van gezondheid, economie en omgeving. Steck is bij uitsteck een project waar de condities aanwezig zijn om dit op een grotere schaal toe te kunnen passen. In de volgende fase van het ontwerp worden de ambities op dit gebied nader geconcretiseerd mede aan de hand van de onlangs gepubliceerde ‘Leidraad het nieuwe normaal - gebouw’.
STECK UTRECHT
Energie Met de nieuwe functies in het gebied zal de energievraag toenemen ten opzichte van het huidige gebruik in het gebied. Aansluiting op een standaard MS-LS station is mogelijk eventueel met uitbreiding van een accupakket. Uitgangspunten voor het energie-ontwerp zijn: gasloos, duurzame en lokale opwekking en zoveel mogelijk lokale opslag. De gebouwen moeten minimaal voldoen aan de BENG-norm, maar de ambitie van Steck is verder te gaan dan dat. Uit de quickscan energie komt naar voren dat de combinatie van de toepassing van zonnepanelen en een WKO op gebiedsniveau een voor de hand liggende optie is in het kader van duurzame opwekking en het balanceren van de warmte en koude vraag. Aandachtspunt daarbij is wel de technische en juridische haalbaarheid. Dit laatste in relatie tot de nabijheid van grondwateronttrekkingsbronnen en een beschermd gebied voor drinkwater. Hiervoor zal nadere afstemming met de provincie noodzakelijk zijn. Daarnaast is een slim energiemanagementsysteem van belang. De ontwikkeling van een integraal smart grid is cruciaal voor een toekomstbestendig energiesysteem, gericht op lagere energielasten, minimale CO2-uitstoot en het verminderen van de problematiek omtrent netcongestie. Dit systeem verbindt componenten zoals zonnepanelen, laadpalen en warmte-koudesystemen, en maximaliseert de lokale uitwisseling van energie binnen het plangebied.
In de VO-fase van het ontwerp, als meerdere specificaties van de gebouwen bekend zijn, zal nader onderzoek gedaan moeten worden naar de optimale maatregelenmix. Waarbij het uitgangspunt is dat het energieontwerp architectonisch en landschappelijk zorgvuldig wordt ingepast.
Klimaatadaptatie Op het terrein gaan we uit van een klimaatadaptieve inrichting. Klimaatadaptatie gaat over het om kunnen gaan met de toekomstige extremen en het realiseren van een prettige verblijfsomgeving. Het inrichten van een goed productief parklandschap gaat bij uitstek om het realiseren van een toekomstbestendig en daarmee klimaatadaptief landschap. De gemeente Utrecht heeft daarnaast de richtlijn van het 40% groen inrichten van een bouwkavel om tot een klimaatadaptieve inrichting te komen. Voor het perceel van Steck zetten we zelfs in op het groen inrichten van 70% van het terrein en slechts 30% verhard en bebouwd oppervlak. Daarnaast geldt voor zone A dat we 40% van de zone groen moeten inrichten. Dit groen zal niet allemaal in volle grond worden gerealiseerd, maar zal ook in groene gevels, daken en/of patio’s worden gezocht. We houden rekening met de toekomstige wateropgave die door de meer extreme nattere en drogere periodes zal ontstaan. Door de robuuste inrichting van waterlopen en diverse plantensoorten die passen bij de bodem en waterhuishouding zorgen we dat we in natte tijden het water kunnen bufferen en vasthouden en in droge tijden genoeg reserve hebben. We voldoen aan de norm van het waterschap. Door de groene inrichting van het terrein, met groene pleinen, bomenrijen en bosschages ontstaat een koelteplek aan de rand van Utrecht.
Door de ligging van de paden langs de boomstructuren, door bosschages en de inpassing van de gebouwen in het groen en de nabijheid van water zijn er veel koele plekken op het terrein. Door buitenruimte en gebouwen op elkaar af te stemmen zorgen we dat de warmte en koelte in balans zijn en hittestress wordt tegengegaan.
69
3.8. BEELDKWALITEIT
STECK UTRECHT
70
Een route langs en op het terrein in schetsjes om een eerste gevoel over de uitstraling van het terrein en zicht vanuit de omgeving te geven. In de vervolgfase wordt dit verder uitgewerkt
Zicht vanaf de rand van het Fort Blauwkapel door de bestaande bosschages. De nieuwe gevel van STECK is op de achtergrond zichtbaar ingepast in groen
Zicht vanaf de Gageldijk. Het huidige parkeerterrein verdwijnt en het slagenlandschap wordt teruggebracht. De nieuwe gevel van STECK is het visitekaartje middenin het groen
Zicht vanaf de parkeerplaats richting het park Ruigenhoek. De groene parkeerplaats biedt ruimte aan voldoende auto’s en geeft een doorzicht naar het park Ruigenhoek, met de broedplaats als subtiel accent.
Zicht vanuit het park naar het plein tussen het tuincentrum en de groene broedplaats. Water, bosschages, productief parklandschap en bomenrijen met de gebouwen en functies die daar naadloos in passen.
STECK UTRECHT
71
Het ritme van het natte slagenlandschap staat centraal. De gebouwen en beplanting zijn op dit ritme afgestemd. De afwisseling tussen open en besloten, ver zicht en intieme plekken is hierbij cruciaal. De doorzichten, de vegetatie en de opgaande structuren zorgen voor een samenspel dat een herkenbaar geheel vormt en waar de gebouwen natuurlijk onderdeel van zijn.
Zicht vanaf de nieuwe toegang vanuit het Noorderpark. De zichtas biedt een prachtig perspectief richting Overvecht. De gebouwen staan op gepaste afstand en kaderen het zicht in.
Zicht vanaf de Gageldijk richting het Noorderpark. De andere zijde van de zichtas biedt het perspectief richting het park. De gebouwen staan op gepaste afstand en zorgen samen met de bomen voor een sterk kader.
Zicht vanaf de Gageldijk ter hoogte van de volkstuinen richting het terrein. Door het behoud van de bamboehaag en het toevoegen van bomenrijen blijft de groene inpassing hier gewaarborgd.
Zicht vanuit het park over de inundatiezone. De gebouwen voegen zich naar het landschap.
3.9. BEELDKWALITEIT GEBOUWEN
STECK UTRECHT
72
In verbinding met het landschap
Omgeven door het groen
Verbinden binnen en buiten
De gebouwen gaan elk op een eigen manier de relatie aan met het landschap zodat het groen op verschillende niveaus kan worden ervaren door de bezoeker. In de architectuur is het uitgangspunt om dit op verschillende manieren terug te laten komen in het ontwerp. Bijvoorbeeld door het verbinden van binnen en buiten, gevels met ruimte voor groen en nestkasten en het gebruik van ingetogen en natuurlijke materialen. Doel is dat er een unieke samensmelting van architectuur en landschap gaat ontstaan die elkaar gaan versterken. Uiteenlopend van dynamische ruimtes bijvoorbeeld in de nabijheid van een entree, maar ook meer verstilde plekken waar landschap dominant is. Voor de gebouwen is het doel het toepassing van duurzame en natuurlijke materialen gecombineerd met glazen puien. Natuurinclusiviteit is een speerpunt. De architectuur kenmerkt zich door kapvormen en archetypische vormen en silhouetten in het landschap. Architectuur wordt op een hedendaagse wijze uitgewerkt en ontworpen, zie ook de referenties. Door de landschappelijke posities is de alzijdige kwaliteit van de verschillende gebouwen zeer belangrijk. Er zijn eigenlijk geen achterzijden. Dit vergt een zorgvuldige uitwerking en inpassing van utilitaire voorzieningen die benodigd zijn voor de bedrijfsvoering, als opslag, afval & routing etc. In de opzet van ruimtelijke verkenning is hier ook rekening mee gehouden.
Kleurgebruik is traditioneel en terughoudend in overwegend gedekte tinten en contrasteert niet met de omgeving en omliggende. Doel is zoveel mogelijk demontabel te bouwen binnen de 300 meter lijn.
Ontdekken De stedenbouwkundige en landschappelijke opzet richt zich op ontdekken en verrassingen. Soms zijn de gebouwen wat prominenter zichtbaar, maar soms juist ook verscholen en dan is het landschap prominent. Het ene moment loop je door de gebouwen heen, dan weer zorgen de gebouwen voor herkenbare afgehamerde open plekken. De rechte lijnen van Natuurinclusief
Ingetogen en natuurlijke uitstraling
STECK UTRECHT
73
‘Aanzicht vanaf het slagenlandschap naar de groene broedplaats’ 1. 2. 3.
Het pad van noord naar zuid is een hoger gelegen route door het landschap, waardoor de verschillende functies en plekken in het park goed zichtbaar zijn. De paden in het park zijn publiek toegankelijk waardoor bezoekers uit de hele omgeving kunnen genieten van de rust en groene omgeving. Via bruggetjes over de waterlopen is het productieve park toegankelijk.
IMPRESSIE?
3. 2.
1.
STECK UTRECHT
74
het slagenlandschap wisselen af met meer intuïtieve paden die weer leiden naar nieuwe landschapstypen en ervaringen. Kenmerkend voor de locatie is de overgang van de stad naar het groene slagenlandschap. De positionering en uitstraling van de gebouwen sluit hierop aan. Een actievere functie zoals het tuincentrum ligt meer aan de zijde van de stad en het hotel juist meer verscholen aan de rustige landschappelijke zijde.
Herkenbare identiteit Naast het groen wordt er een extra laag toegevoegd. Deze laag noemen we de ‘kunstzinnige laag’ en vormt een verbindend element tussen de verschillende gebouwen en functies in het park. Elk gebouw heeft in basis een eigen identiteit en is in uitstraling onderscheidend, maar door het toevoegen van de “kunstzinnige” laag als accentuering wordt het ensemble een samenhangend geheel, uniek en herkenbaar voor de bezoeker. Dit kan bijvoorbeeld door elementen te ontwerpen met een eenduidige vormgeving en door kleuren en materialen terug te laten komen in de verschillende gebouwen en elementen in het landschap, poortjes, bruggen, verlichting etc. Doel is het laten samengaan van deze “laag” met het landschap en architectuur om te komen tot een unieke “taal” voor Steck. Het is duidelijk dat het één park is waar je je bevindt. De precieze uitstraling van de kleuren en materialen wordt onderzocht in de uitwerking.
Overgangen & detaillering Bij alle gebouwen aandacht voor zorgvuldige detaillering en overgangen naar het landschap. Voorkomen van verdommeling rond de gebouwen. Zorgvuldig geïntegreerde & mee ontworpen installaties. De gootlijn maakt onderdeel uit van de hoofdvorm en wordt niet doorbroken door architectonische elementen als entrees, dakkapellen en erkers.
STECK UTRECHT
75
3.10. STEDENBOUWKUNDIGE OPZET
STECK UTRECHT
76
In de door de gemeente vastgestelde PUP staan al uitgangspunten voor de gebouwen. De hier genoemde hoogtes en beelden zijn een nadere uitwerking van deze uitgangspunten Tuincentrum Een goothoogte van maximaal 6 meter, een nokhoogte van maximaal 9 meter. Daarnaast is er ook ruimte voor incidenteel een hogere nok van 12 meter gecombineerd met een goot van 9 meter mits dit bijdraagt aan de kwalitatieve uitstraling van het gebouw. De techniek en opslag ruimte heeft een bouwhoogte van maximaal 9m. Broedplaats Een goothoogte van maximaal 6,6 meter, een nokhoogte van maximaal 9 meter. Een afwijking van de 6m is nodig om een optimale bruikbare verdiepingen in het gebouw te kunnen realiseren. De units in dit gebouw hebben het karakter van een werkplaats met een minimale vrije hoogte van 3 meter. In de uitwerking wordt onderzocht hoe de goothoogte nog beperkt kan worden in combinatie met een optimale verdiepingshoogte in het gebouw. Wandwerking kan voorkomen worden door te werken met spaties en iets terugliggende goten, maar ook bijvoorbeeld door het toevoegen van gevelopeningen met negges. Ook kleuraccenten kunnen bijdragen aan het doorbreken van wandwerking Hotel Een goothoogte van maximaal 6 meter, een nokhoogte van maximaal 9 meter.
De basis is een rustig orthogonaal volume waarbij de kap de richting volgt van het slagenlandschap op juist haaks daarop op de kracht van het landschap te versterken. De carré vorm vormt nu de basis, maar er is ook ruimte voor andere configuraties binnen het bebouwingsvlak. Kernpunt blijft de relatie met het landschap.