Bijlage 5 Participatieverslag.pdf
Tekst van het document
Verslag participatie Voorafgaand aan inspraak mobiliteitsplan 2040
19 november 2020 Kenmerk Versie 1.0 Definitief
Utrecht.nl
Colofon
Uitgave
mobiliteitsplan2040@utrecht.nl
In opdracht van Projectmanagement Ruimte Ontwikkelorganisatie Ruimte
Internet www.utrecht.nl/mobiliteitsplan2040
Rapportage M.L.E. Rinkel
Informatie M.L.E. Rinkel
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
2/25
Inhoud 1
Inleiding
4
2
Aanpak
5
2.1
Gehanteerde uitgangspunten
5
2.2
Participatieniveau
5
2.3
Fases van participatie
6
3
Participatie fase 1 3.1
Bijeenkomsten en geconsulteerde partijen fase 1
7
3.2
Resultaat van de bijeenkomsten
8
4
5
7
Participatie fase 2
10
4.1
Bijeenkomsten en geconsulteerde partijen fase 2
10
4.2
Resultaat van de bijeenkomsten
11
4.2.1
Resultaten themabijeenkomsten
11
4.2.2
Gesprekken met stakeholders
13
Vervolgproces
15
Bijlage I: Gesprek met de stad
16
Bijlage II: Flitspeilingen uitkomsten
19
Bijlage III Workshop “dromen over de toekomst”
22
Bijlage IV Presentaties
24
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
3/25
1
Inleiding
In het coalitieakkoord Ruimte voor Iedereen is opgenomen dat het mobiliteitsplan geactualiseerd moet worden. De actualisatie moet antwoord geven op de vraag hoe we omgaan met de ca. 30% groei van de stad in de komende 20 jaar. Het mobiliteitsplan is een verlenging en aanscherping van het mobiliteitsplan Slimme Routes, Slim Regelen, Slim Bestemmen uit 2016 en heeft 2040 als planhorizon. Het is dus niet volledig nieuw beleid maar bouwt nadrukkelijk voort op de reeds ingezette lijn uit het mobiliteitsplan Slimme Routes, Slim Regelen, Slim Bestemmen uit 2016. We gaan door met het mobiliteitsplan ‘Slimme Routes, Slim Regelen en Slim Bestemmen’ (SRSRSB), werken aan de hoofddoelen van dit plan en reserveren hiervoor de benodigde programmamiddelen. We verbinden planvorming en investeringen in mobiliteit aan de grootschalige binnenstedelijke ontwikkelingen zoals het mogelijk maken van maximaal 10.000 woningen in de Merwedekanaalzone en bij de verdere ontwikkelingen in het Stationsgebied en de Cartesiusdriehoek. Daarom verlengen we de horizon van het mobiliteitsplan tot 2040. Bron: coalitieakkoord Ruimte voor Iedereen, gemeente Utrecht, 2018 Het mobiliteitsplan is opgesteld in afstemming met bewoners, maatschappelijke organisaties, werkgevers, kennisinstellingen, provincie, omliggende gemeenten en het Rijk. Vanaf het begin is een interactief werkproces doorlopen.
In diverse bijeenkomsten in 2019 en 2020 heeft de gemeente samen met stakeholders nagedacht over de wenselijke verkeersnetwerken en andere maatregelen om de stad ook in 2040 gezond, aantrekkelijk en bereikbaar te houden. In dit verslag staan de resultaten van het doorlopen afstemmingstraject. Het gaat achtereenvolgens in op de aanpak, de participatie van fase 1 en 2 en het vervolgproces. Hierbij wordt ingegaan op de betrokken partijen en de belangrijkste resultaten. Tot slot wordt het vervolgproces beschreven.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
4/25
2
Aanpak
De gemeente Utrecht heeft een hoge ambitie als het om participatie gaat. Participatie zien we als het samen met bewoners, ondernemers, bezoekers en maatschappelijke organisaties vormgeven van de stad. In Utrecht kan iedereen meedenken, meedoen en invloed uitoefenen op gemeentelijk beleid, beheer en nieuwe plannen. Het beleid rondom participatie is vastgelegd in de Participatie- en inspraakverordening van de gemeente Utrecht en dit beleid is ook in dit participatietraject gevolgd.
2.1
Gehanteerde uitgangspunten
Bij de participatie hebben we de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Participatie is gericht op de wijzigingen en de aanvullingen op het plan. • Sluit waar mogelijk aan bij bestaande structuren. • Trekt waar mogelijk samen op met andere (in tijd en onderwerp) gelijklopende processen en ontwikkelingen. • Draagt bij aan algemene communicatie-opgave mobiliteit: bewoners en andere belangrijke stakeholders meenemen in mobiliteitstransitie en bewustwording eigen bijdrage.
2.2
Participatieniveau
Bij het actualiseren van het mobiliteitsplan ligt de nadruk op raadplegen en informeren. Doordat het ging om een actualisering van het huidige plan en daarom was de ruimte voor het wijzigen van het reeds ingezette beleid van het mobiliteitsplan 2025 beperkt. Stakeholders werden gestimuleerd om mee te denken en tot het aandragen van eigen aandachtspunten, maar daarbij werd wel aangegeven dat de ruimte voor het afwijken van het huidige beleid beperkt was. We hebben onderscheid gemaakt in de mate waarin partijen geraadpleegd zijn: Intensief raadplegen: Deze partijen zijn over de volledige breedte van het plan betrokken en we hebben elkaar regelmatig gesproken. Dit traject is doorlopen met Rijkswaterstaat, Provincie en de U10 gemeenten. Raadplegen op thema’s: Deze partijen zijn op thema betrokken. Soms is dat in een enkel overleg gedaan, maar vaker zijn de partijen op meerdere punten tijdens het traject betrokken.
Het gaat om: Ministerie van I&W, Denktank Het Wiel (bevat vertegenwoordigers uit Ontwikkelgroep Lombok Centraal (OLC), Wijkraad West, Verkeerswerkgroep Pijlsweerd, Wijkraad Noordwest), Stichting Utrecht Science Park (USP), Fietsersbond, nood en hulpdiensten, NS, ProRail, ROVER, Commissie van advies inzake bevoorradingsaangelegenheden in Utrecht (Cabu), SOLGU, Armoede coalitie, Cosbo, Universiteit Utrecht, Volksbank, defensie (Kromhoutkazerne), parkmanagement Lage Weide, PMC, Vodafone Ziggo, Jaarbeurs, CMU, Platform Ondernemend Utrecht, development network utrecht (DNU), ANWB en (aanvullen op de overleggen in U10 verband) Gemeenten Houten, Nieuwegein, Stichtse Vecht, Zeist, De Bilt en Bunnik. Raadplegen met focus op informeren: Het geven van een algemene toelichting op de plannen en daarna gezamenlijk in gesprek. Bewoners, ondernemers en overig geïnteresseerde partijen.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
5/25
2.3
Fases van participatie
In de participatie zijn we, tot de inspraakperiode, uitgegaan van 2 fases. In de eerste fase lag de nadruk op het ophalen en brainstormen wat voor aanpassingen aan het plan nodig zijn. Dit is gebruikt om te bepalen op welke onderwerpen aanpassing nodig was en richting gegeven aan de onderzoeksrichtingen. In de tweede fase zijn gesprekken gevoerd aan de hand van voorgestelde maatregelen en aanpassingen van het mobiliteitsplan. Input is gebruikt om de maatregelen aan te scherpen en te toetsen hoe het plan bij de verschillende stakeholders valt.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
6/25
3
Participatie fase 1
Fase 1 was gericht op brainstormen en ophalen om zo te bepalen welke onderdelen van het plan aangepast moesten worden en liep van maart 2019 t/m januari 2020. In deze fase zijn de volgende gesprekken gevoerd:
3.1
Bijeenkomsten en geconsulteerde partijen fase 1
Werksessies met overheden en vervoerders: • Werksessies: RWS, provincie en U10 • Werksessies : U10-gemeenten, RWS, provincie en ministerie infrastructuur en waterstaat Verdere uitwerking per thema: • Noordwest en Parkeren op afstand: RWS • Parkeren op Afstand: RWS, U10 en vervoerders • Verstedelijking en knooppunten: NS en UU • Openbaar vervoer: U-OV, provincie Utrecht, Gemeente Nieuwegein • Verkeerscirculatie en parkeren op afstand: Rijkswaterstaat en provincie Utrecht • Fiets en voetganger: Fietsersbond, provincie Utrecht, atelier Rijksbouwmeester • Slimme mobiliteit: Hogeschool Utrecht Stakeholders in de stad: • Gesprek met de stad” met bewonersgroepen, maatschappelijke organisaties, belangenorganisaties, grote werkgevers, onderwijsinstellingen en overheden • Flitspeiling op sociale media • Werksessie met Development Network Utrecht • Diverse gesprekken met bewonersinitiatief Het Wiel (klankbord bij actualisering) Los van de werksessies en ateliers is met diverse partijen op zowel ambtelijk en bestuurlijk niveau afstemming geweest. Onder andere met de volgende partijen: • U10 gemeenten • Gemeente Amsterdam, gemeente Rotterdam en gemeente Den Haag • Middels MOVV overleg met U10, provincie, Regio Foodvalley en regio Eemland • Nood- en hulpdiensten
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
7/25
3.2
Resultaat van de bijeenkomsten
Tijdens de bijeenkomsten is besproken welke onderdelen van het plan aangepast moeten worden. Bij deze bijeenkomsten is in mindere mate ingegaan op de concrete maatregelen die aangepast moeten worden. Voorbeeld van thema’s zoals die in deze fase meegegeven zijn: • Zorg voor een goede aansluiting op de regio. • Houdt oog voor de meer kwetsbare groepen. Waar wonen en werken zij straks? • Denk ook na over het spreiden van reizigers over tijdstippen, daar is veel winst te halen. • Zorg dat het overstappen op knooppunten voor de reiziger de meest logische en beste keuze wordt. Dat zit soms in kleine dingen. • Kijk goed naar waar mensen wonen en waar ze werken (herkomst – bestemming). • Verkeer doseren bij op -en afritten A12 De genoemde thema’s zijn meegenomen in de verdere uitwerking van het plan.
Figuur 1 beeldverslag van werksessie 8 juli 2019
Gesprek met de stad Aan het einde van deze fase is een gesprek met de stad gevoerd (25 november 2019).
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
8/25
Het was een zeer plezierige bijeenkomst waarbij de partijen zeer betrokken waren en meegedacht over de centrale vraag “Hoe verplaatsen we ons slim van A naar B als we, ook in 2040, Utrecht voor iedereen gezond, aantrekkelijk en bereikbaar willen houden?”. Dit is besproken aan de hand van de volgende thema’s: • Reisgedrag • Mobiliteit voor iedereen • Verkeersnetwerk • Overig Tijdens het gesprek zijn ideeën geopperd en verdeeld in kansrijk en minder kansrijk. Het grootste deel van de kansrijke ideeën is in het plan opgenomen. In bijlage I is een uitgebreid overzicht opgenomen van de uitkomsten van het gesprek en hoe deze verwerkt zijn in het plan.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
9/25
4
Participatie fase 2
In de tweede fase “maatregelen concretiseren”, lag de aandacht meer op het ophalen van de concrete wensen m.b.t. de maatregelen. In dit hoofdstuk wordt vooral ingegaan op meer concrete wensen van de stakeholders en hoe dit in het mobiliteitsplan 2040 verwerkt is. Om een beeld te vormen van de gedeelde informatie zijn de presentaties van een aantal belangrijke overleggen bijgevoegd, zie bijlage IV.
4.1
Bijeenkomsten en geconsulteerde partijen fase 2
Bewoners, ondernemers en belangenorganisaties: Bijeenkomsten: • Workshops “dromen over de toekomst” (18 en 22 juni 2020). Hieraan namen ruim 50 bewoners deel. • Themabijeenkomst ‘Reisgedrag’ (4 mei 2020). Hierbij waren vertegenwoordigers aanwezig van: Universiteit Utrecht, Volksbank, defensie (Kromhoutkazerne), parkmanagement Lage Weide, PMC, Vodafone Ziggo, Jaarbeurs, CMU, Platform Ondernemend Utrecht • Themabijeenkomst ‘Mobiliteit voor iedereen’ (22 mei 2020). Hierbij waren vertegenwoordigers aanwezig van: Cosbo, Solgu, Armoedecoalitie Aparte gesprekken met: • Denktank Het Wiel (bewonersinitiatief) • Nood- en hulpdiensten • Fietsersbond • Development Network Utrecht • Rover • CABU, belangenorganisatie voor bevoorrading en logistiek • Centrummanagement Utrecht • ANWB • Kracht van Utrecht (bewonersinitiatief) (Semi) overheden en vervoerders: • Provincie en RWS: Diverse bestuurlijke afstemmingsmomenten, bilateraal en trilateraal. Ambtelijke samenwerking op thema`s • Aanpak actualisatie en samenwerking • Brede bijeenkomst actualisatie SRSRSB (alleen provincie), • Vervolggesprek aanpak actualisatie en samenwerking • Themabijeenkomsten over modelwerkzaamheden, OV, auto, slim regelen, fiets en hoofdlijnen concept mobiliteitsplan 2040. Naast deze bijeenkomsten hebben er ook verschillende bestuurlijke overleggen plaatsgevonden.
• U10 gemeenten: Periodieke update bij bestuurstafels U10, gezamenlijke voorbereiding via ambtelijke overleggen U10
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
10/25
•
•
Verdiepende gesprekken (ambtelijk en/of bestuurlijk) met Gemeenten Houten, Nieuwegein, Stichtse Vecht, Zeist, De Bilt en Bunnik G4 gemeenten Amsterdam, Rotterdam en Den Haag: overleggen over actualisering en mobiliteitstransitie Vervoerders Qbuzz en Syntus,(samen met de provincie Utrecht) en NS
4.2
Resultaat van de bijeenkomsten
4.2.1
Resultaten themabijeenkomsten
Flitspeiling (21 en 22 november 2019) Flitspeilingen zijn via sociale media uitgezet bij inwoners van de stad. Op de peiling hebben 1269 gereageerd. In de peiling is aangegeven dat 80% van de deelnemers het autoverkeer, fietsverkeer en openbaar vervoer nu in Utrecht als te druk of veel te druk ervaart. Bijna 90% vindt het belangrijk dat de gemeente de toenemende drukte aanpakt. Ruim 60% vindt het zeer belangrijk of belangrijk om in Utrecht ruimte te maken voor groen, voetgangers, fietsers en openbaar vervoer. Zie bijlage II voor een uitgebreider overzicht. Workshop Reisgedrag (4 mei 2020) Met grote werkgevers en belangenorganisaties is besproken wat ervoor nodig is om mensen anders (minder, via een ander vervoersmiddel, op een ander tijdstip of via een andere route) te laten reizen. De aanwezigen waren zich bewust van de gedeelde verantwoordelijkheid en dachten goed mee. Tijdens de sessie werd o.a. aangegeven dat je mensen in eerste instantie moet verleiden een ander gedrag te vertonen (liever de wortel dan de stok). Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat de alternatieven voor fietsen, lopen, en OV op orde zijn. Dit geldt ook voor de multimodale reis met een overstap van de auto buiten de ring. Zorg hierbij tijdens werktijden (die ruimer zijn dan van 9.00 tot 17.00 uur) voor hoge betrouwbaarheid en comfort van voor- en natransport en het op de (sociale) veiligheid.
Extra aandacht werd gevraagd voor goede fietsbereikbaarheid (incl. veiligheid). Bijvoorbeeld bij Lage Weide wordt dit als een aandachtspunt gezien. Al deze aanbevelingen zijn meegenomen in het plan of dienen als aandachtspunten bij een verdere uitwerking.
Figuur 2 visualisatie Presentatie Vodafone Ziggo tijdens workshop Reisgedrag
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
11/25
Themabijeenkomst mobiliteit voor iedereen (25 mei 2020) Tijdens de workshop mobiliteit voor iedereen is gekeken hoe we iedereen in de gemeente mobiel kunnen houden en wat daar (extra) voor nodig is. Belangrijk voor “mobiliteit voor iedereen” is dat alles bereikbaar is voor voetgangers en fietsers, maar dat hoeft niet altijd via de kortste route. Reizen met het OV loopt van deur tot deur dus ook goed nadenken over de bereikbaarheid van het OV. Er werd aangeraden om goed naar de demografie van de buurt te kijken en daar de aanpak op aan te passen. Tijdens de sessie werd ook aandacht gevraagd voor mensen met een kleine beurs. Voor deze mensen is deelmobiliteit en OV vaak te duur. Een fiets is vaak wel wat goedkoper te krijgen, maar geld voor een slot en reparatie is dan vaak wel een probleem. In het mobiliteitsplan is extra aandacht besteed aan bereikbaarheid van het OV. Ook de andere thema’s zijn benoemd in het mobiliteitsplan, maar minder concreet dan genoemd tijdens de sessie. De meer concrete aanbevelingen moeten worden meegenomen in de verder uitwerking. Workshop “dromen over de toekomst” (18/22 juni 2020) Tijdens twee online sessies met de titel ‘Dromen over de toekomst van jouw stad’ namen we bewoners mee in de plannen voor het nieuwe mobiliteitsplan voor de stad. Het doel van de avond was dat bewoners hun ideeën en aandachtspunten deelden.
Aan de twee avonden namen ruim 50 bewoners deel. De workshop bestond uit een centrale uitleg en daarna werd aan de hand van een aantal vragen in deelgroepen het gesprek gevoerd. Thema’s als groen, ontmoeten, ruimte, veiligheid, prettig verblijven waren de rode draad. Hiervoor is het volgens de deelnemers nodig om de (stilstaande) auto minder ruimte te geven en in te zetten op OV, fietsen en wandelen.
Figuur 3 Resultaten op vraag "Hoe droom jij dat je straat/buurt er uitziet in 2040?" tijdens workshop “dromen over de toekomst”
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
12/25
In bijlage III staan de belangrijkste uitkomsten en hoe dit vertaald is in het mobiliteitsplan. Veel deelnemers konden zich vinden de lijn van het mobiliteitsplan, al was er soms discussie over de uitwerking.
4.2.2
Gesprekken met stakeholders
Met diverse stakeholders zijn (meerdere) gesprekken gevoerd. Deze gesprekken werden vaak rondom een bepaald thema gevoerd. Hieronder een overzicht van de belangrijkste thema’s en de besproken aandachtspunten. Fietsverkeer Het verbeteren van het fietsnetwerk zoals opgenomen in het mobiliteitsplan wordt als positief gezien. Utrecht is een fietsstad en dat wil men graag behouden en waar mogelijk versterken. De groei van het fietsverkeer kent kansen om het netwerk te verbeteren, maar ook als risico dat het onveilige situaties oplevert. In overleggen is gekeken waar het fietsnetwerk geoptimaliseerd kan worden en dat is, als het als kansrijk werd gezien, overgenomen. Ook de aansluiting op het regionale fietsnetwerk was een belangrijk thema waar een verbeterslag in gemaakt is.
Figuur 4 Mobiliteit als thema bij DNU
Openbaar vervoer Bij openbaar vervoer spelen veel belangen. Extra inzet en prioriteit van het openbaar vervoer wordt als positief gezien en het mobiliteitsconcept ‘Wiel met spaken’ wordt door vrijwel alle partijen onderschreven. Aandachtspunten en soms dilemma`s zijn: voldoende doorstroming, voldoende capaciteit, zo min mogelijk overstappen, ontsluiting van de wijken versus het strekken van HOV, aantrekkelijke reistijden, verbinding met de regio, voorkomen van Barrierwerking en aandacht voor de inpassing. Ook zijn suggesties voor lijnvoering en techniek (metro/tram/bus) gedaan. Voor de aandachtspunten zijn in het mobiliteitsplan zijn kaders opgenomen over hoe om te gaan met de verdere uitwerking (bijv. in projecten). Autoverkeer In verschillende gesprekken is autoverkeer als belangrijk thema teruggekomen. We maken onderscheid tussen autoverkeer in de stad en op de ring. Bij autoverkeer in de stad wordt vaak aangegeven dat het belangrijk is dat bestemmingen bereikbaar blijven. Dat hoeft niet altijd via de kortste/snelste route. Het stimuleren om via een andere manier naar de stad te komen dan de auto wordt vaak als iets positiefs gezien. Wel wordt aandacht gevraagd voor
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
13/25
mogelijke economische gevolgen van het ontmoedigen van autoverkeer naar de (binnen)stad. Men vindt dat de alternatieven (OV, fiets, multimodale reis) echt goed op orde moeten zijn. Op dit thema zijn soms tegenstrijdige belangen. Bij de ene partij gaan we niet ver genoeg in het ontmoedigen van de auto, bij de andere partij is autobereikbaarheid van, met name de binnenstad en werklocaties juist een wens. Toch is het algemene beeld dat autogroei niet realistisch is, dus dat alternatieven gevonden moeten worden. Dit is in lijn met het mobiliteitsplan. Voor autoverkeer op de ring is doorstroming een belangrijk aandachtspunt. Hierbij worden de toename van het aantal arbeidsplaatsen en woningbouw én het stimuleren van het rijden via de ring in plaats van door de stad als bedreigingen gezien. Voor het beperken van het autoverkeer op de ring worden het breder invoeren van parkeergelden, het beperken van parkeerplekken, het doseren van het verkeer op de ring en parkeren buiten de ring als positief gezien. Toch is niet iedereen er gerust op dat deze maatregelen voldoende effect hebben. Goederenvervoer Het beleid op goederenvervoer is relatief stabiel en dat wordt als positief gezien. Het bereikbaar houden van de stad is ook voor goederenvervoer een aandachtspunt. De regio Met de regio U10 werken we veel samen in het programma U Ned.
Daarnaast werken we aan verschillende regionale producten, zoals het REP en een regionale mobiliteitsvisie. Het mobiliteitsplan van de gemeente Utrecht is daar een belangrijke bouwsteen voor. In de gesprekken met de regio hebben we daarom veelvuldig gesproken over wat het mobiliteitsplan van de gemeente Utrecht betekent voor de regio en hoe de regionale visie het mobiliteitsplan van de gemeente kan versterken. Bespreekpunten en aandachtspunten zijn: het faciliteren van wonen en werken in de regio (inclusief stad), de multimodale bereikbaarheid van de regio (regionaal fietsnetwerk, versterking van het regionale OV middels het Wiel met spaken, verbetering van de autodoorstroming op de ring Utrecht) en een regionale parkeerstrategie. Op verzoek van de regio zijn de regionale effecten van het gemeentelijke mobiliteitsplan inzichtelijk gemaakt. Vanuit de regio wordt aangegeven dat het mobiliteitsplan in grote mate aansluit bij de doelstelling van het Ruimtelijk-Economisch Programma (REP) op het gebied van bereikbaarheid.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
14/25
5
Vervolgproces
Het doorlopen participatieproces heeft bijgedragen aan het mobiliteitsplan 2040 zoals dat door het college vrijgegeven is voor inspraak. Tijdens de inspraakperiode kunnen alle belanghebbenden hun zienswijze op het plan indienen. De zienswijzen worden allemaal beantwoord en kunnen resulteren in het aanpassen van het mobiliteitsplan 2040. Dit (aangepaste) mobiliteitsplan 2040 wordt aan de raad aangeboden om vast te laten stellen. Tijdens de inspraakperiode worden twee informatiebijeenkomsten gehouden. Het doel van de bijeenkomsten is het geven van informatie en de mogelijkheid geven tot het stellen van vragen. Als mensen/partijen een officiële reactie willen geven, verwijzen we naar de inspraakprocedure. De bijeenkomsten organiseren we samen met de parkeervisie en betrekken we andere lopende trajecten (visies/projecten) die raken aan het mobiliteitsplan bijv. de studie Zuidwest. Ook wordt een aantal omgevingspartijen actief benaderd met het voorstel een toelichting te geven op het mobiliteitsplan. Het gaat hier om partijen met een groot belang en/of betrokkenheid tijdens het totstandkomingsproces.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
15/25
Bijlage I: Gesprek met de stad Aanwezigen: Mobiliteitsorganisaties: ANWB, Fietsersbond, Mens&straat, Rover/ROCOV, Rijkswaterstaat Wijken: Bewoners en leden van de Wijkraden uit de wijken Binnenstad, Leidsche Rijn, Vleutende Meern, Noordoost, Oost en Zuidwest Ontwikkelaars: BPD, Synchroon, MRP Development Bedrijfsleven/ondernemers: Vodafone/Ziggo, Evofenedex Evenementen organisaties: De Jaarbeurs, TivoliVredenburg Bewonersinitiatieven: Kracht van Utrecht, Denktank het Wiel, Verkeerswerkgroep Lombok, Verkeerswerkgroep Pijlsweerd, Verkeerswerkgroep Overvecht Sociale domein: COSCO, Buurtmobiel Logistiek: TLN, U-stal, DOCKR Veiligheidsregio: Politie Utrecht Vervoerders: Syntus/Keolis Pers: VAR NWS Bij het gesprek met de stad stond de vraag “Hoe verplaatsen we ons slim van A naar B als we, ook in 2040, Utrecht voor iedereen gezond, aantrekkelijk en bereikbaar willen houden?” centraal. Dit is besproken aan de hand van de volgende thema’s: Reisgedrag Mobiliteit voor iedereen Verkeersnetwerk Per thema zijn ideeën naar voren gebracht en geclassificeerd naar kansrijk en minder kansrijk. Een aantal ideeën sloten niet aan bij het abstractieniveau van het mobiliteitsplan. Door de ideeën bij collega’s die bezig zijn met een betreffend thema onder de aandacht te brengen is geborgd dat deze ideeën niet verloren gaan.
Binnen het mobiliteitsplan zijn we als volgt met de voorgestelde kansrijke maatregelen omgegaan: Reisgedrag Transit oriented development (TOD) op de lange termijn In het mobiliteitsplan is gebiedsontwikkeling rondom OV-knooppunten opgenomen. Dit sluit aan bij het TOD-concept Deelauto’s gebruiksvriendelijker maken en gebruik stimuleren (via werkgevers) Deelmobiliteit is een belangrijk speerpunt uit het mobiliteitsplan. Gebruik hiervan wordt, in overleg met werkgevers, gestimuleerd. Voldoende OV fietsen en bewaakte stallingen bij alle stations Fietsenstallingen rondom alle stations zijn opgenomen in het plan. MaaS app gericht op gedragsverandering, met een financiële prikkel. (Veel effect en makkelijk uitvoerbaar)
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
16/25
Op MaaS wordt ingezet, maar hierbij is niks opgenomen over de financiële prikkel. Mobiliteit voor iedereen Voorzieningen in de wijk houden, waardoor er minder reiskilometers nodig zijn In het plan is het concept van “nabijheid” een belangrijke voorwaarde bij gebiedsontwikkeling Fijnmazig OV netwerk om die voorzieningen te bereiken, wees creatief! In het plan sluiten we aan bij de visie “Vervoer voor iedereen”, waarbij uitgewerkt is hoe omgegaan wordt met fijnmazig OV. Continu vrije routes voor rolstoelen, scootmobielen en kinderwagens In het plan is aandacht besteed aan het verbeteren van de kwaliteit van de looproutes waaronder het vrij zijn van obstakels. Aandacht voor de sociale component: prettige, veilige routes en verblijfplaatsen In het plan is aandacht besteed aan het verbeteren van de kwaliteit van de looproutes en verblijfplaatsen waaronder de veiligheid en de leefbaarheid bijv. verbetering van de oversteekbaarheid, meer groen, bankjes, enz. Fietsmogelijkheden voor ouderen verbeteren In het plan is gewerkt met een fietsnetwerk dat onderscheid maakt in fijnmazige, rustige bestemmingsroutes en snelle fietsroutes. Voor met name de bestemmingsroutes is opgenomen dat deze fietsroutes de aantrekkelijk moeten zijn voor langzamere fietsers (8-80). Verkeersnetwerk Aanleg hubs voor deelmobiliteit Deelmobiliteit, ook in hubs, wordt gestimuleerd.
Ongelijkvloerse kruisingen In hoofdstuk 6 en hoofdstuk 8 Slim sturen is aangegeven welke infrastructurele aanpassingen nodig zijn. Gezien de kosten is beperkt gekozen voor ongelijkvloerse kruisingen en dat slechts toegepast op plekken waar de barrière werking van spoor op het (fiets)netwerk (te) groot is. Meerdere fietsroutes, en verschillende soorten routes. Het fietsnetwerk wordt vergroot incl. de aanleg van meerdere routes (met name om het centrum heen). Ook wordt onderscheid gemaakt tussen fijnmazige, rustige bestemmingsroutes en snelle fietsroutes. Overige Verplichte ‘voetgangers toets’ bij alle projecten die worden uitgevoerd. In het plan is een afwegingskader voor projecten opgenomen en daarin zit de afweging “Wordt bijgedragen aan het stimuleren van lopen op korte ritten tot 1 km in plaats van fiets en auto door aantrekkelijke looproutes, een hoge kwaliteit van de openbare ruimte?” Rustige loop en fietsroutes voor jong en oud aanbieden
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
17/25
-
Bij fietsroutes wordt onderscheid gemaakt in fijnmazige, rustige bestemmingsroutes en snelle fietsroutes. Bij looproutes is ingezet in het verbeteren van de kwaliteit van looproutes. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen drukke en rustige looproutes. Wel in recreatieve en betremmisroutes. Openbare ruimte indelen op basis van modal split Het plan zet in op het maken van keuzes. Als er geen ruimte is voor alle mobiliteiten wordt gekozen voor een modaliteit.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
18/25
Bijlage II: Flitspeilingen uitkomsten Flitspeilingen zijn via sociale media uitgezet bij inwoners van de stad. Deze peiling geeft een indruk hoe mensen tegen onderwerpen aankijken, maar is niet representatief voor inwoners van Utrecht. 1) Flitspeiling duurzame mobiliteit Open voor reacties via Social Media op 21 en 22 november Alleen zichtbaar voor inwoners van Utrecht 1269 respondenten (waarvan 1072 voltooide enquêtes) Vraag Hoe ervaar je het autoverkeer, fietsverkeer en openbaar vervoer nu in Utrecht? Antwoord: 80% vindt het te druk of veel te druk. Vraag: De drukte zal in de komende tijd toenemen. Hoe belangrijk vind je dat de gemeente dit aanpakt? Antwoord: De meeste mensen vinden het zeer belangrijk dat de gemeente de drukte aanpakt (54% ), 35% vindt dit belangrijk. Vraag: Hoe belangrijk vind je het om in Utrecht ruimte te maken voor groen, voetgangers, fietsers en openbaar vervoer, ook als dat ten koste gaat van ruimte voor de auto? Antwoord: De meeste mensen vinden het zeer belangrijk om in Utrecht ruimte te maken voor groen, voetgangers, fietsers en openbaar vervoer (40% ), 23% vindt dit belangrijk, 11%is neutraal, 11% vindt dit onbelangrijk, 15% procent vindt dit zeer onbelangrijk.
2) Flitspeiling met vragen die de deelnemers aan het Gesprek met de Stad zelf hebben bedacht Open voor reacties via Social Media op 25 november tussen 20.00 en 21.00 uur Alleen zichtbaar voor inwoners van Utrecht 214 respondenten (waarvan 206 voltooide enquêtes) Vraag: Moeten we wonen en werken dichter bij elkaar plaatsen? Antwoord:
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
19/25
Vraag: Ben je bereid om de auto in te leveren in ruil voor (bijna) gratis vervoer Antwoord:
Vraag: Mag je straten afsluiten voor auto's, fietsers en bussen, om alleen voetgangers toe te laten Antwoord:
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
20/25
Vraag: Bent u voor een fietsvrije binnenstad? Antwoord:
Vraag: Is het omleiden van autoverkeer op bepaalde plaatsen met 'knips' in de stad een aantrekkelijk middel om te sturen op drukte daar?
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
21/25
Bijlage III Workshop “dromen over de toekomst” Vraag: Hoe droom jij dat je straat/buurt er uitziet in 2040? Voor veel mensen is het droombeeld een straat of buurt waar geleefd kan worden, waar het prettig en veilig is om te verblijven en mooie routes naar buiten heeft. Met ruimte voor spelende kinderen, een praatje met de buren, ontspanning en vooral ook groen. Een straat of buurt waar het verkeer minder hard rijdt, en waar auto’s niet op straat, maar bijvoorbeeld onder de grond worden geparkeerd, spreekt aan. Een straat of buurt hoeft niet autovrij. Liever een goede mix. Het moet wel mogelijk blijven om met de auto tot de voordeur te komen. Bijvoorbeeld voor mensen die afhankelijk zijn van de auto, maar ook voor de wekelijkse boodschappen, het busje van de loodgieter en PostNL (speciale beroepen). Ook diversiteit, duurzaamheid en gezelligheid worden veel genoemd. Dit geschetste beeld is opgenomen in het plan. Er is gekozen voor 30 km/u tenzij, wordt ingezet op minder parkeren op straat en voor het ontmoedigen van de auto, maar de stad wel bereikbaar houden. Vraag: Met het beeld van 2040 in ons hoofd, hoe maken we van Utrecht een stad waar mensen graag wonen/zich lekker voelen en wat betekent dat voor de mobiliteit? Er is lange tijd gedacht vanuit het auto-perspectief.
Straten en wegen zijn ingericht om de auto snel en makkelijk te faciliteren, en om in die situatie veiligheid te waarborgen zijn verkeerstromen gescheiden. Hoe meer ruimte voor de auto gefaciliteerd wordt, hoe meer ruimte de auto inneemt. En van wie is de straat eigenlijk? Om verandering te bewerkstelligen en dichter bij het droombeeld te komen, moet het autoperspectief plaatsmaken. Dat proces is al in gang gezet, ook in het gemeentebeleid, maar er is nog veel te doen. Bij fijn wonen in de stad en je lekker voelen helpt zo min mogelijk verkeersdrukte, geluidsoverlast en sluipverkeer en meer ruimte en groen. Mensen wonen ook meer alleen. Soms is het goed om de boel te vertragen en ruimte te maken voor ontmoeting en verrassing. Die ruimte kan er komen door autobezit en -parkeren terug te dringen, waarbij autogebruik wel mogelijk moet blijven voor mensen die daarvan afhankelijk zijn en voor incidenteel gebruik. Wandelen en fietsen is belangrijk, met aandacht voor de verschillende snelheden. Voor OV denkt men vooral aan railsystemen, meer verbindingspunten en minder aan bussen. Belangrijk is dat het OV uit meer knooppunten bestaat met goede aansluitingen op andere vormen van vervoer. Ook dit geschetste beeld op opgenomen in het plan.
Dit komt onder andere tot uiting in de geachte van Het “wiel met spaken” concept voor OV, het stimuleren van deelmobiliteit en de extra aandacht voor goede wandelpaden en fietsroutes.
Vraag: Wat zou voor jou een belangrijke reden zijn om meer te wandelen? Een aantrekkelijker omgeving: voor de meeste mensen bestaat dit uit een brede stoep zonder al te veel obstakels, vooral geparkeerde fietsen zijn nu een probleem. Een groene route met weinig geparkeerde
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
22/25
auto’s en geen auto- of busverkeer dat langs je raast. Goed en snel oversteekbare wegen. Regelmatig een plek waar je even kan zitten en andere faciliteiten zoals winkels dichtbij maar ook watertappunten. Vaak is fietsen echter sneller en comfortabeler dan lopen, meer lopen spreekt (dan) niet aan. Lopen hoort bij het lokale leven en veel minder bij het woon-werkverkeer. Is de voetganger ‘op 1’ economisch wel haalbaar Het globale beeld klopt met de kaders zoals die in het mobiliteitsplan opgenomen zijn. Zo is er aandacht voor de oversteekbaarheid van wegen en de kwaliteit van de looproutes. Vraag. Wat maakt voor jou het fietsen fijn? Er zijn grofweg twee voorkeuren. Enerzijds de voorkeur voor de kortste, snelste route die vooral voor woon- werkverkeer of bij haast wordt gekozen waarbij snelheid het belangrijkst is. Anderzijds de voorkeur voor een prettige route, waar men enigszins voor om wil fietsen. Groen, ruimte, fijnmazigheid, een fietsstraat of juist gescheiden van gemotoriseerd verkeer maken deze routes prettig. In het mobiliteitsplan is extra aandacht voor de aanleg van de snelle fietsroutes voor woon-werkverkeer. Bij hoofdfietsroutes wordt in het algemeen gekeken naar de kwaliteit waaronder groen en ruimte vallen. Ook wordt (indien mogelijk) ingezet op fietsstraten.
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
23/25
Bijlage IV Presentaties Om een beeld te vormen van de gedeelde informatie zijn de presentaties van een aantal belangrijke overleggen bijgevoegd. Overzicht presentaties en gespreksonderwerpen Presentatie 1
2
Gespreksonderwerpen • Hoe gaat het met de mobiliteitstransitie? o Korte termijn o Middellange termijn o Langere termijn • Voor welke ingewikkelde keuzes staan we? o Korte termijn o Middellange termijn o Langere termijn (tot 2040) •
•
Probleemanalyse o Wat is het probleem op stedelijk niveau en wat als we niets doen? Draaiknoppen/ oplossingsrichtingen op stedelijk niveau o Wat is onderzocht en aan welke draaiknoppen denken we?
3
•
Parkeren op afstand
4
• • •
Opgaven 10 aangescherpte keuzes SRSRSB Stappenplan Utregse aanpak
5
• • •
Presentatie alternatieven op orde Inhoudelijke vragen Discussievragen o Over welke onderdelen van de netwerken is verduidelijking nodig? o Is duidelijk wat nieuw is en wat niet (de delta)? o Wat wordt er gemist aan thema’s (in kader van alternatieven op orde)
6
• • •
Welkom Interview wethouder Van Hooijdonk Toelichting actualisering mobiliteitsplan
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
24/25
•
(Deel) gesprekken
7
• • • •
Hiërarchie fietsnetwerk Parkeren Verkeerscirculatie en verkeersmanagement Inzoomen op binnenstad
8
•
Verstedelijking en mobiliteit
9
• •
Mobiliteit voor iedereen Resultaten modelberekeningen
10
• •
Parkeren op afstand en slim parkeren Slim sturen
Verslag participatie Mobiliteitsplan 2040 | 19 november 2020
25/25
Utrecht Aantrekkelijk en Bereikbaar
Slimme Routes, Slim Regelen, Slim Bestemmen
Mobiliteitsbeleid
Utrecht.nl
INHOUD 1. Hoe gaat het met de mobiliteitstransitie? a. Korte termijn b. Middellange termijn c. Langere termijn 2. Voor welke ingewikkelde keuzes staan we? a. Korte termijn b. Middellange termijn c. Langere termijn (tot 2040)
2000 - 2013 - 2020
Utrecht.nl 2
Wat speelt er NU (1 van 3) •
Fietsgebruik stijgt gemiddeld 5% per jaar • Drukste routes zijn nu al overbelast
•
OV-gebruik stijgt ook • Vooral trein en in de spits. Bus en tram stijgen nauwelijks
•
“Het aantal reizigers op Utrecht Centraal groeit van 88 miljoen per jaar naar 100 miljoen in 2030. Utrecht wordt steeds groter, we redden het niet meer met alleen Utrecht Centraal als belangrijk overstappunt”, meldt minister Van Nieuwenhuizen.
Autogebruik binnen de stad al enkele jaren stabiel • Autogebruik van en naar de stad blijft groeien door inkomende pendel. Sterk gericht op de spits.
•
38% van de Utrechtse inwoners ervaart verkeersproblematiek •
28% heeft vaak last van verkeerslawaai en 27% vaak last van gevaarlijk verkeer.
Utrecht.nl 3
Wat speelt er NU (2 van 3) Marnixlaan-24oktoberplein: Oversteekbaarheid kruisingen Meijsterlaan en ASW, hoge auto-intensiteiten zorgen voor geluid- en Luchtkwaliteitknelpunten Josephlaan en TaK-plantsoen
Westplein: Barriere Lombok -station/centrum. Oversteekbaarheid Leidseweg-Sreijpesteijntunnel. Luchtkwaliteitsknelpunt Graadt van Roggenweg.
ASW: Integrale gebiedstransitie: Nu geen prettig verblijfsgebied, te weinig ruimte voor voetgangers en fietsers, auto`s rijden regelmatig te hard, te hoge autointensiteiten voor inrichting naar 30km/u Utrecht.nl 4
Wat speelt er NU (2 van 3) Marnixlaan24oktoberplein: Naar een aantrekkelijke stadsboulevard
Westplein: Naar een oversteekbaar Lombokplein ASW: Naar een gemengde verblijfstraat Utrecht.nl 5
Wat speelt er NU (3 van 3) Maar, • Gewenste herinrichting ASW alleen mogelijk als auto-intensiteiten ASW drastisch omlaag gebracht worden. • Lokale aanpassingen om deze auto-intensiteiten bij de ASW omlaag te brengen zorgen voor extra drukte bij WSB • Extra drukte WSB is strijdig met IPvE WSB, zoals vastgesteld door de Raad (Raadsvoorstel 8950, dec2017). • Aanpassen van WSB leidt weer tot meer verkeer bij het Westplein. • Voor de gewenste herinrichting Westplein heeft de Raad (Motie 241, dec2017) het maximum aantal auto`s per etmaal vastgesteld op 15.000. Dit kan (nog zonder extra verkeer door eventuele aanpassingen WSB al) niet binnen het ontwerp van het Westplein worden opgelost Oftewel: • ASW, WSB en Westplein zijn communicerende wegen dus alleen met een totaalpakket kunnen de knelpunten worden opgelost.
Utrecht.nl 6
Wat speelt er NU (3 van 3) Zuidpoort:
Knelpunten: - verbinding Utrecht zuid en Vaartsche Rijn met de binnenstad - Relatief veel gebiedsvreemd verkeer (25%) - Doorstroming OV (belangrijke verbindingen Leidsche Rijn-MWKZ-station Vaartsche Rijn- Galgenwaard- USP/ Bunnik-Wijk bij Duurstede
Utrecht.nl 7
Wat speelt er MORGEN (1 van 2) 2020-2025-2030:
•
Elk jaar + 7.000 inwoners
•
Grote ontwikkelingen: MWKZ, Cartesiusdriehoek, USP, stationsgebied
•
Meer mobiliteit van/naar de stad, doordat ook de rest van NL groeit (en meer naar Utrecht reist voor werk, voorzieningen en evenementen)
•
Verbouwing Ring Utrecht
Utrecht.nl 8
Wat speelt er MORGEN (2 van 2) In 2040: • Groei regio Utrecht met 100.000 extra woningen. • Groei regio Utrecht met 85.000 extra arbeidsplaatsen.
X3 Fietsdrukte Vredenburg maal drie(!)
Utrecht.nl 9
Verlenging mobiliteitsplan SRSRSB 2025 naar 2040
Hoofdkeuzes blijven ongewijzigd, maar aanscherping nodig
Utrecht.nl
Draaiknoppen: Draaiknop
Levert op
Kost
Meer en betere verblijfsruimte
Verblijfskwaliteit, meer lopen, verbeterde ketenreis
Beperkt effect op bereikbaarheid
Meer fiets en OV
Minder ruimtebeslag, gezondheid
Minder ruimte voor de auto
Meer deelmobiliteit
Meer reiskeuzes, minder parkeerplekken
Ruimte voor hubs en MaaS
Parkeren op afstand
Minder parkeerruimte en lagere auto-intensiteiten, beperken inkomende pendel
Investeringen in Pvoorzieningen en fiets+OVroutes
Knippen in de verkeerscirculatie
Ruimte voor voetganger, fiets en OV, geen gebiedsvreemd verkeer, minder ruimtebeslag, gezondheid
Minder langsrijdende klanten voor ondernemers, gebiedsvreemd verkeer moet omrijden
Parkeerregulering
Meer ruimte voor bewoners, lagere autointensiteiten, beperken inkomende pendel
Uitbreiding vergunningengebied
Beprijzen
Minder parkeerruimte, lagere auto-intensiteiten
Utrecht.nl 11
Draaiknop
Lichter
Mate van draaien:
Zwaarder
Meer en betere verblijfsruimte
Meenemen bij lopende projecten en RO
Centrum: minder ruimte voor fiets, OV en auto
Meer fiets en OV
Lopende projecten en uitnutten bestaande infrastructuur. Doorstromingsmaatregelen
Grote investeringen in fietstunnels en -bruggen en HOV.
Meer deelmobiliteit
Pilots zoals Leidsche Rijn, Nieuwe RO-locaties
Opschaling en uitrol
Parkeren op afstand
P+R`s USP, LRC, Westraven en Driebergen,Woerden,Breukelen naar Utrecht centrum
Parkeren op afstand voor forensen (voor de Ring) en bewoners (aan de Ring)
Knippen in de verkeerscirculatie
Knijpen en knips rondom centrum
Knips van binnen naar buiten
Parkeerregulering
Huidige zones + nieuwe ontwikkelingen. Bezoekers
Stadsbreed. Meerdere doelgroepen
Beprijzen
Parkeerzones, experimenteren OV spits/dal. Landelijke pilot
Opschaling en uitrol
Utrecht.nl 12
Wanneer en hoe zwaar draaien? • Meeste draaiknoppen staan al aan. • Mate van draaien per draaiknop hangt af van gebied en doelgroepen. • Richting 2040 op steeds meer draaiknoppen, gebieden en doelgroepen harder draaien.
Utrecht.nl
1 Knip Catherijnesingel + afslagverbod Oudenoord- Kaatstraat + ondiep 30 km/u
2 Knip Paardenveld + afslagverbod Oudenoord-Kaatstraat
3 Knip ASW + afslagverbod Weerdsingel-Oudenoord + afslagverbod Cartesiusweg – Vleutenseweg (oost)
Utrecht.nl 3: Grootste modal shift en bijdrage leefbaarheid, maar ook effecten op Ring Utrecht en omgeving Zuidpoort
Voor welke ingewikkelde keuzes staan we? (2 van 3) Zuidwest
•
Zuidpoort (omgeving station Vaartsche Rijn): •
•
Ruimte voor voetganger OV en fiets rondom Ledig erf alleen mogelijk met knips autoverkeer Albatrosstraat en Ledig Erf
Ontwikkelingen MWKZ, Beurskwartier, Papendorp noord • Kan alleen met totaalpakket van: nieuwe fietsverbindingen, OV: Wiel met spaken, Parkeren op afstand: Westraven en Hooggelegen, Mobiliteitshubs/ deelmobiliteit/ Mobility as a service en parkeerregulering in de wijken
•
Europalaan-zuid •
Lagere auto-intensiteiten alleen mogelijk met totaalpakket van fiets-, OV-, parkeer- en circulatiemaatregelen
Utrecht.nl 15
Voor welke ingewikkelde keuzes staan we? Korte termijn:Studie Zuidpoort
Utrecht.nl
Mobiliteitsopgaven Zuidwest 2020-2030 9 10
13 17 9
15 10
8
13
18
1
4
10
10
1
2 10
10
6
16
11
15
9
10
10
13
7
6 10
10
14
7
12
16
Fiets
13 3 13
Verdichting OV
10
Auto Hub (indic.)
5
8
15
Station MM knoop
Utrecht.nl
Voor welke ingewikkelde keuzes staan we? Richting 2040
• • • •
Intensieve verbouwing van de ring Utrecht Realisatie grote OV-investeringen (MIRT) Tussen 2030 en 2040 Nog eens 37.000 woningen → RSU Smart mobility: wat kunnen we (gebruiken) in 2040?
Kernuitspraak regionale studies: (U Ned MIRT Onderzoek & REP): Voor 2040 hebben we zowel de hardware als de software keihard nodig • Hardware = grote investeringen in infrastructuur • Software = parkeren, reguleren en gedrag
Utrecht.nl 18
Voor welke ingewikkelde keuzes staan we? Richting 2040
• • • •
Intensieve verbouwing van de ring Utrecht Realisatie grote OV-investeringen (MIRT) Tussen 2030 en 2040 Nog eens 37.000 woningen → RSU Smart mobility: wat kunnen we (gebruiken) in 2040?
Kernuitspraak regionale studies: (U Ned MIRT Onderzoek & REP): Voor 2040 hebben we zowel de hardware als de software keihard nodig • Hardware = grote investeringen in infrastructuur • Software = parkeren, reguleren en gedrag
“Dank voor uw aandacht”
Utrecht.nl 19
BIJLAGEN
Utrecht.nl
Nu 1. Herinrichting: ontwerpprincipes •
Voorbeeld St.Josephlaan
•
Meer ruimte voor groen, trottoir, fiets en verblijven, bomen in de middenberm
•
Veiliger oversteken vanwege middenberm, toevoegen nieuwe oversteken
•
Ontwerp
Voor bestemmingsverkeer per auto: 2x1 rijstroken
Utrecht.nl 21
Voldoende autocapaciteit voor bestemmingsverkeer •
Verbeteren oversteekbaarheid
•
Waar het kan 2x1 rijstroken
•
Waar het nodig is voor bestemmingsverkeer: 2x2 rijstroken (zuidelijk deel Cartesiusweg)
•
1 rijstrook per richting
2 rijstroken per richting
Ook hier: versterking oversteekbaarheid 1 rijstrook per richting
Utrecht.nl
MARNIXLAAN
Utrecht.nl
CARTESIUSWEG NOORD
Utrecht.nl
CARTESIUSWEG ZUID
Utrecht.nl
OOG IN AL (KRUISING LEIDSEWEG)
Utrecht.nl
Betaald parkeren op langere termijn
•
Beleidsmatig meest effectieve scenario is op korte termijn in fases in hele stad betaald parkeren invoeren. –
• • •
‘Van aanpak parkeeroverlast op lokaal niveau naar mobiliteitstransitie voor de hele stad’.
Dit heeft het grootste effect op gedragsverandering. Is wel moeilijk om uit te leggen aan de stad. Levert meeste inkomsten op. –
Inzetten voor alternatieven, zoals parkeren op afstand, OV/fiets/deelmobiliteit en herinrichtingen t.b.v. leefbaarheid).
Beschikbare draaiknoppen: • Fasering: wanneer en hoe snel? • Gebiedsafbakening: hele stad, alleen binnen de ring of stapsgewijs? • Alternatieven zijn op orde: parkeren op afstand, OV/fiets/deelmobiliteit. • Tarieven en venstertijden. • Vergunningenbeleid.
Utrecht.nl 27
Aanscherpen mobiliteitsbeleid
Utrecht.nl
Inhoudsopgave
Probleemanalyse Wat is het probleem op stedelijk niveau en wat als we niets doen? Draaiknoppen/ oplossingsrichtingen op stedelijk niveau Wat is onderzocht en aan welke draaiknoppen denken we?
Utrecht.nl
Historische ontwikkeling mobiliteitsbeleid
GVVP 2005-2020: • Groei autoverkeer selectief faciliteren tbv betrouwbare reissnelheid • Prioriteren verkeersassen tbv bereikbaarheid stad en kerngebieden en bundelen van verkeersstromen • Verblijfsgebieden ontlasten • Tijdens daluren verkeersaanbod verwerken, tijdens piekuren met lagere, maar betrouwbare doorstroomsnelheid SRSRSB 2015-2025: nieuwe balans tussen verkeer en ruimte Actualisering 2020-2040 • Versterken koppeling tussen verstedelijking en mobiliteit tot 2040 • Geen groei van gebruik auto ondanks groei van stad • Versnellen mobiliteitstransitie: • Aanscherpen benodigd multimodaal netwerk • Reisgedrag • Mobiliteit voor iedereen
Utrecht.nl
Analyses met Rijk en regio
•
Systeem op alle corridors vol, voor alle modaliteiten
•
Vervoervraag in de spits veelal groter dan het aanbod
•
Bereikbaarheid en leefbaarheid staat onder druk
Utrecht.nl
Huidige knelpunten autobereikbaarheid op stedelijk niveau
Utrecht.nl
Verwachte knelpunten fiets in 2040 zonder aanvullende maatregelen
• • • •
Van Zijstweg x3à4 Binnenstadsas x1,5 (mits HHH-route werkt, anders x2) ASW x1,5 Berenkuil x2à2,5
Terwijl huidige situatie al overbelast is!
Utrecht.nl
Verwacht aantal OV-reizigers in 2040 zonder aanvullende maatregelen
Utrecht Centraal Lunetten Overvecht Leidsche Rijn Centrum Vaartsche Rijn
2015 163.000 3.500 8.500 1.000 0
2040 210.000 5.500 12.500 7.000 9.000
Groei Utrecht Centraal is probleem, huidige situatie is al krap (met name fietsenstallingen, bij busstations en toeleidende routes)
Noot: de groei van het OV in het VRU-model laat een onderschatting zien van de opgave van OV. Trendmatige Utrecht.nl groeicijfers NS en U-OV zijn vele malen hoger.
Verwachte knelpunten auto in 2040 zonder aanvullende maatregelen
Alle toeleidende snelwegen én de Ring staan in 2040 in ochtendspits en avondspits vast (>80 = file, >100 is muurvast) In de stad: • Cartesiusweg (2x1) • PHL • ‘t Goylaan (oost) • Waterlinieweg • Gele brug
In de stad vooral overbelasting van kruispunten
Utrecht.nl
Vervolg bij actualisering mobiliteitsplan
Gezond stedelijk leven Minder uitstoot & geluid
Meer verblijfskwaliteit
Meer lopen en fietsen
Ruimte-efficiënte bereikbaarheid
Meer ruimte voor de voetganger Meer ruimte voor de fiets
Beter OV Lagere auto-intensiteiten en minder ruimte voor de (geparkeerde) auto
Legenda:
Wat? Utrecht.nl Hoe?
Draaiknoppen mobiliteit en fasering (beperken gebruik auto in stad)
Draaiknop
Korte termijn
Middellange termijn
Voetganger, fietser, OV en deelmobiliteit
Maximaal op inzetten
Maximaal op inzetten
Parkeren op afstand
Huidige P+R uitbreiden met P+R Hooggelegen
Sturen met parkeerbeleid in bestaande stad
Ingrepen in verkeerscirculatie
Knips rondom centrum, knijpen stadsboulevards
Knips verder naar buiten, doseren ring Utrecht
Parkeerrestricties
Niet alleen bij parkeeroverlast, maar ook voor modal shift bij huidige + nieuwe ontwikkelingen
Stadsbrede uitwerking
Beprijzen
Differentiatie parkeertarieven, experimenteren OV spits/dal, landelijke pilot BnG
BnG-pakket Minder Hinder
Utrecht.nl
Wat nog onderzoeken op stedelijk niveau
Probleemanalyse: • Aandeel van forens, bezoeker en thuiswonende student bij knelpunten in spits • Huidige en verwachte parkeerdruk in de wijken • Knelpunten in leefbaarheid, oversteekbaarheid en verkeersveiligheid Oplossingsrichtingen: • Oplossend vermogen van afzonderlijke maatregelen stapsgewijs onderzoeken • Effectiviteit van maatregelen voor doelgroepen
Utrecht.nl
Ruimtegebruik per vervoerswijze
Utrecht.nl
Addendum SRSRSB: Parkeren op afstand
2040
Onderwerp parkeren op afstand • Alternatief bieden voor parkeren op bestemming of bij huis • Focus op kantorenlocaties (forens) • Focus op nieuwe woongebieden (bewoner) en binnenstad (actieve uitplaatsing parkeren)
• Ontlasten spitsdrukte op snelwegring, om sluipverkeer door de stad te voorkomen • Bereikbaarheid functies in de stad garanderen
Alternatief bieden voor eigen auto 1. Keuze voor andere modaliteiten, zoals fiets en OV 2. Verbeteren overstap van auto naar collectief vervoer en fiets A. B.
Voor bezoek en forens zo dicht mogelijk bij vertrekpunt in de regio Voor bewoners Utrecht binnen de ring
3. Van bezit naar delen Uitdaging is het bieden van (parkeer)capaciteit op de juiste plek en met de juiste kwaliteit (voorzieningen) en betaalbare tarieven voor de betreffende doelgroep(en).
Netwerk parkeren op afstand Maarssen De Bilt
Leidsche Rijn USP
P+R
Zoekgebied parkeren op afstand Hoogwaardig OV tangent Verbeteren fietsnetwerk v/n parkeren op afstand OV-knooppunt P+R bewoners aan de Ring P+R bezoekers/forenzen vóór de file
Nieuwegein P+R
Houten
Zeist
Keuzes parkeren op afstand • PoA-locaties voor inkomende pendel in de regio, vóór de file begint • Meerdere locaties per windrichting, om grote, dure gebouwde voorzieningen te voorkomen en ook regionale stromen te faciliteren • Uitbreiden/versterken OV- en fietsnetwerk naar deze locaties • PoA-locaties bewoners aan de rand van de stad (Hooggelegen, Westraven, USP, LRC) • PoA-service 24/7 met thuiskomgarantie, leen-/ deelvoorzieningen
Actualisering mobiliteitsplan SRSRSB 2040
Inhoudsopgave • Opgaven • 10 aangescherpte keuzes SRSRSB • Stappenplan Utregse aanpak
Welke opgaven faciliteren we? ✓ Verstedelijking wonen en werken (groei) ✓ Grote groei fiets goed en ‘leefbaar’ faciliteren ✓ Binnenstad voor de voetganger ✓ Knelpunten overlast verkeer oplossen ✓ Verkeersveiligheid verbeteren ✓ Multimodale bereikbaarheid verbeteren ✓ Doorstroming OV beter (betrouwbaarheid) ✓ Utrecht Centraal en centrum ontlasten 2
Aandachtspunten • Fasering: welke maatregelen zijn al op korte termijn nodig en haalbaar, welke over 10 jaar en welke pas op lange termijn • Beleid 2040 hoeft niet morgen uitgevoerd te worden. Daar kunnen we 20 jaar over doen én tussentijds bijsturen. • Onderscheid in keuzes/maatregelen die altijd nodig zijn en keuzes/maatregelen die afhankelijk zijn van verstedelijkingskeuzes • Investeringskosten (ntb) • Samenwerking met regionale partijen nodig voor realisatie (en dus draagvlak)
10 aangescherpte keuzes SRSRSB 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Meer verblijfskwaliteit, betere oversteekbaarheid en betere leefbaarheid Kiezen voor maatwerkoplossingen: plek in de stad bepaalt de mobiliteitsaanpak Meer ruimte voor de voetganger Meer ruimte voor de fietser, stedelijk en regionaal Systeemsprong voor het openbaar vervoer Goede autobereikbaarheid van noodzakelijk bestemmingsverkeer via de snelwegen en de stedelijke verbindingswegen met efficiënte benutting van het asfalt 7. Efficiënter en schoner goederenvervoer, inzetten op water en spoor waar zinvol 8. Verkeersveilige stad, zo veel mogelijk inrichten met een 30 km/u-regime 9. Sturen op reisgedrag: vaker buiten de spits en op duurzame wijze (lopend, met de fiets of met het OV) 10. We bouwen alleen als de bereikbaarheid geregeld is en benutten verstedelijking om het mobiliteitssysteem te versterken
3
Gezond stedelijk leven
Samenhang der dingen
• • • • •
Veiligheid Leefbaarheid Oversteekbaarheid Ruimte voor groen Mobiliteit voor iedereen
1 Duurzame groei mobiliteit (geen groei autoverkeer)
Groei wonen en werken
Mobiliteit meer buiten de spits en meer thuiswerken
Groei opvangen met lopen, fietsen en OV
3
Alternatieven op orde:
Verkeersmanagement: sturen op reistijd, doorstroming en routekeuze
5
Meer lopen < 1 km Parkeerplafonds
Systeemsprong Fiets
Parkeren op afstand
€ Wiel met Spaken (OV)
4
4 Betaald parkeren
2
Stappenplan Utregse aanpak 1 1. Slim Bestemmen (waar en hoe verstedelijken) 2. Slim regelen: mobiliteitsmanagement 2 (spreiden in de tijd, thuiswerken) 3 3. Slimme routes: alternatieven op orde (voetganger, fiets, OV en parkeren op afstand) 4. Slim regelen: parkeren (parkeerplafonds, betaald 4 parkeren) 5. Slim regelen: verkeersmanagement 5 (sturen op reistijd, doorstroming en routes)
5
Noten bij stappenplan • Meer inzet op de eerste stappen, betekent minder inzet op laatste stappen • Trend vs prognose: onzeker in welke mate mensen zelf al gewenste mobiliteitskeuzes maken • Alternatieven op orde brengt grote investeringen met zich mee • Sommige keuzes hebben effect op hele stad, andere meer lokaal • Naast versterken van bereikbaarheid, zijn er ook andere doelen die keuzes noodzakelijk kunnen maken (versterken leefbaarheid met meer groen en minder auto’s op straat, verhogen verkeersveiligheid, etc.) 6
1. Keuzes Slim Bestemmen (waar en hoe verstedelijken) a) b)
Vasthouden aan binnenstedelijk verdichten, want uitleggebieden zijn moeilijker om bereikbaar te maken en hebben van nature (veel) hoger autogebruik Kiezen voor mobiliteitsprofiel bij nieuwe woningbouwontwikkelingen, nieuwe kantoren en alle functies bij OVknooppunten
• met strenge parkeernorm, • voetganger en fiets (stedenbouwkundig) op 1 • met goede OV-bereikbaarheid
c) d) e)
7
Kiezen voor strenge parkeernormen vooral bij nieuwbouw (wonen en werken), want dat is meer kansrijk en beter haalbaar dan beperken parkeren in bestaand stedelijk gebied Kiezen voor verstedelijking bij OV-knooppunten (nieuw en bestaand) vergroot draagvlak voor investeringen in en goede exploitatie van OV Kiezen voor functiemenging t.b.v. leefbare gebieden, maar ook reduceren van mobiliteit (minder en/of kortere ritten)
2. Keuzes Slim regelen: mobiliteitsmanagement
(spreiden in de tijd, thuiswerken)
a. Stimuleren van thuiswerken, want dit leidt tot afname mobiliteit in spits en het oplossen of voorkomen van verkeersknelpunten. Hiervoor zijn dan wel bindende afspraken nodig. Corona-crisis laat zien dat het kan. b. Kiezen voor verschuiven aanvangs- én sluitingstijden scholen/universiteiten (deels digitaal onderwijs) en evenementen en winkels, want leidt tot afname van (hyper)spits
8
3: Keuzes Slimme routes: alternatieven op orde (voetganger, fiets) a. b.
c. d.
e.
9
Kiezen voor prioriteren lopen op korte verplaatsingen tot 1 km, bijv naar school, winkel of station. Aantrekkelijke looproutes vergt handhaven op hinderlijk stallen van fietsen op stoep. Handhaven op hinderlijk stallen fietsen alleen mogelijk indien voldoende stallingscapaciteit. Meer ruimte voor voetganger in binnenstad door doorgaand fietsverkeer om centrum heen te leiden met aantrekkelijke routes Kiezen voor spreiden van fietsstromen: • Maakt verdubbeling fietsgebruik mogelijk (en dus verstedelijking), • Ontlast drukste punten in netwerk, • Maakt fiets aantrekkelijker alternatief.
Spreiden betekent echter ook nieuwe fietsroutes door en langs wijken met (bescheiden) impact op leefomgeving in de eigen straat. Hiervoor is soms ook keuze nodig om fiets meer ruimte te geven ten koste van de auto, bijv op Ledig Erf (autovrij/knip).
3: Keuzes Slimme routes: alternatieven op orde (OV) a.
Kiezen voor HOV-Wiel met Spaken: • maakt verdubbeling OV-gebruik mogelijk • ontlast Utrecht Centraal • maakt OV aantrekkelijker • maakt parkeren op afstand mogelijk Door realisatie Wiel is groei OV mogelijk zonder dat Spaken in de stad zwaarder belast worden.
b.
Kiezen om drukke buscorridors in de stad te ontlasten door gedeeltelijk aantakken van regionale buslijnen op HOV-wiel, op SUNIJ-lijn en Uithoflijn. Dit betekent wel een extra overstap.
c.
Specifiek: kiezen om de binnenstadsas te ontlasten van doorgaande reizigers door • regionale buslijnen grotendeels aan te takken op Uithoflijn • een nieuwe HOV-route via Kardinaal de Jongweg en Oudenoord Om de binnenstad bereikbaar te houden blijft lijn 28 als speciale binnenstads-HOV-lijn rijden.
d.
Kiezen voor differentiatie van het OV-netwerk in HOV, basisnet en maatwerk OV, zodat • • •
e.
10
capaciteit wordt vergroot overlast van busverkeer wordt verminderd toegankelijkheid OV voor iedereen wordt gewaarborgd
Verbeteren van doorstroming (betrouwbaarheid) van OV door • •
Nieuwe HOV-banen Ontlasten busroutes van hinder autoverkeer
3: Keuzes Slimme routes: alternatieven op orde (parkeren op afstand) a.
Organiseren parkeren op afstand voor nieuwe bewoners:
• aan de Ring (bijv Westraven, Hooggelegen) • zorgt voor minder autoverkeer in de stad • vereist zeer goede OV- en fietsverbindingen en een 24/7 service om altijd thuis te kunnen komen • bestaande bewoners kunnen ook hiervan gebruik maken
b.
Organiseren parkeren op afstand voor forenzen en bezoekers (P+R 2.0):
• met goede, directe OV- en fiets-verbindingen van parkeerplaats naar eindbestemming • aansluitend op werktijden • locaties liggen vóór de Ring en liefst vóór de file, dus overwegend in de regio
Beperken van parkeren op de bestemming nodig om parkeren op afstand te laten 11 functioneren (‘push en pull’)
4: Slim regelen: parkeren
(parkeerplafonds, betaald parkeren) a.
Beperken van de mogelijkheid om op de bestemming te kunnen parkeren. • • • •
b.
c.
d. 12
In eerste instantie is dit het meest logisch voor de 5 grote kantorenlocaties In ieder geval nodig bij nieuwe kantoren, maar mogelijk ook voor een geheel werkgebied Dit kan met sturen op tarieven en/of vergunningen Stevig hiermee sturen lijkt alleen haalbaar als er voldoende alternatieven zijn (zie stap 3)
Kiezen voor betaald parkeren in de gebieden waar een parkeerplafond wordt gehanteerd en afhankelijk van de mate van uitwijkgedrag van mensen (informele P+R) in omliggende wijken Kiezen voor betaald parkeren invoeren in de rest van de stad is een (laatste) stap om generiek het autogebruik te ontmoedigen, vooral voor forenzen en bezoekers Kiezen voor het beprijzen van (rijdend) autoverkeer, zodat verkeer zoveel mogelijk gebruik maakt van de alternatieve vervoerwijzen en gewenste routes (minder door de stad)
5: Slim regelen: verkeersmanagement (sturen op reistijd, doorstroming en routekeuze)
• Kiezen voor het doseren (of knippen) van autoverkeer nodig om de verkeersveiligheid, de doorstroming van fiets en OV en de leefbaarheid te verbeteren (bijvoorbeeld Westplein) • Indien doseren onvoldoende werkt, kiezen voor het onmogelijk maken van doorgaand autoverkeer met knips (b.v. Catharijnesingel) • Kiezen voor enige doorstroming op Ring Utrecht (beter alternatief voor automobilist dan route door de stad maar minder goed alternatief dan fietsen en OV), d.m.v. doseren op toeleidende routes 13
Actualisering mobiliteitsplan SRSRSB 2040
Agenda • Welkom • Presentatie alternatieven op orde • Inhoudelijke vragen • Discussievragen
• Over welke onderdelen van de netwerken is verduidelijking nodig? • Is duidelijk wat nieuw is en wat niet (de delta)? • Wat wordt er gemist aan thema’s (in kader van alternatieven op orde)
• Afsluiting 2
Gezond stedelijk leven
Samenhang der dingen
• • • • •
Veiligheid Leefbaarheid Oversteekbaarheid Ruimte voor groen Mobiliteit voor iedereen
1 Duurzame groei mobiliteit (geen groei autoverkeer)
Groei wonen en werken
Mobiliteit meer buiten de spits en meer thuiswerken
Groei opvangen met lopen, fietsen en OV
3
Alternatieven op orde:
Verkeersmanagement: sturen op reistijd, doorstroming en routekeuze
5
Meer lopen < 1 km Parkeerplafonds
Systeemsprong Fiets
Parkeren op afstand
€ Wiel met Spaken (OV)
3
4 Betaald parkeren
2
Stappenplan Utregse aanpak 1 1. Slim Bestemmen (waar en hoe verstedelijken) 2. Slim regelen: mobiliteitsmanagement 2 (spreiden in de tijd, thuiswerken) 3 3. Slimme routes: alternatieven op orde (voetganger, fiets, OV en parkeren op afstand) 4. Slim regelen: parkeren (parkeerplafonds, betaald 4 parkeren) 5. Slim regelen: verkeersmanagement 5 (sturen op reistijd, doorstroming en routes)
4
Alternatief voetganger op orde Kiezen voor prioriteren lopen op korte verplaatsingen tot 1 km Ruimte voor voetgangers en aantrekkelijke looproutes rond attractiepunten, door
5
a.
Meer ruimte voor voetganger in binnenstad en deelcentra door doorgaand fietsverkeer en OV om centra heen te leiden met aantrekkelijke, alternatieve routes
b.
Betere routes en oversteekmogelijkheden voor voetgangers maakt het voor minder validen ook makkelijker (mobiliteit voor iedereen)
Geen veranderingen t.o.v. SRSRSB 2016