Beleidsnota gezondheid - Samen gezondheidsverschillen verkleinen 2024-2027
Tekst van het document
Beleidsnota Gezondheid
Samen gezondheidsverschillen verkleinen 2024 - 2027
Utrecht.nl
2
Voorwoord wethouder Gezondheid is een groot goed! Ik ben dan ook trots op deze beleidsnota Gezondheid die ik u hier mag presenteren. In deze nota leest u ons beleid voor de komende jaren om de gezondheidsverschillen in de stad te verkleinen. Acht op de tien Utrechters voelt zich gezond. Dat was het goede nieuws uit het Utrechts gezondheidsprofiel in 2022. Tegelijk zijn de gezondheidsverschillen nog steeds hardnekkig en zichtbaar aanwezig in de stad. Dit willen we niet en de aanpak ervan vraagt onze uiterste inspanning: van de gemeentelijke organisatie, van al die bevlogen professionals in de stad en van inwoners zelf. In deze nota maken we een volgende stap om gezondheidsverschillen te verkleinen. Dit doen we door dit onderwerp een nog betere plaats te geven in al ons beleid en plannen. We maken toekomstbestendig beleid, zodat we kunnen meebewegen met de ontwikkelingen in de samenleving. Ik denk aan de toenemende schaarste in de gezondheidszorg, zowel in menskracht als middelen. Aan de groei van de stad en daarmee samenhangende ruimtelijke uitdagingen: hoe groeien we zo gezond mogelijk? De mentale gezondheid van onze inwoners is ook een aandachtspunt. We zien een toename van jongeren met mentale problemen onder invloed van prestatiedruk of zorgen over de toekomst.
Toen ik dit jaar voor de derde keer vader werd, zag ik weer het belang van een gezonde start, want een eerlijke kans op een gezond leven is niet vanzelfsprekend! Wel is juist dàt waar we met dit College stevig in investeren. Als stad doen we hard ons best met onze inwoners en professionals de gezondheidsverschillen te verkleinen. Tegelijk is voor een trendbreuk in de gezondheidsverschillen meer nodig dan we stedelijk kunnen doen. De verschillen zijn hardnekkig en de oorzaak is niet eenduidig. De aanpak vraagt vasthoudendheid, een lange adem en de oplossing is niet maakbaar. We agenderen daarom in deze nota ook waar we hulp van het Rijk of andere partners bij nodig hebben. Want alleen samen maken we echt een verschil! Ik zie ernaar uit om met inwoners en partners in de stad te werken aan de uitvoering van deze nota.
Eelco Eerenberg Wethouder
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 3
Gezondheid door de eeuwen heen In de zomer van 2022 was de tentoonstelling ‘De gezonde stad’ in het Centraal Museum. Hier werd duidelijk dat het bestaande beeld over gezondheid in het verleden én de vanzelfsprekendheid van een betere gezondheid in de toekomst moet worden bijgesteld. Zo waren niet de middeleeuwers, maar de mensen uit het begin van de negentiende eeuw het ongezondst in Europa. Uit onderzoek naar ruim 15.000 skeletten uit de periode van de derde tot en met de negentiende eeuw blijken Europeanen rond het jaar 1000 het gezondst te zijn geweest. Daarna nam de gemiddelde gezondheid af, met als dieptepunt dus het begin van de negentiende eeuw. De achterliggende redenen zijn complex, maar duidelijk is dat een goede gezondheid voor een belangrijk deel afhangt van de toegang tot gevarieerde voeding en een gezonde leefomgeving. Veel laatmiddeleeuwse stadsbesturen voelden zich verantwoordelijk voor de volksgezondheid. Voeding moest aan allerlei eisen voldoen en er werd gestreefd naar een leefbare en veilige stad. Ook waren de gemiddelde inkomens hoger dan in latere eeuwen. In latere eeuwen nam de gemiddelde welvaart af en de verschillen tussen arm en rijk werden groter. Dat was terug te zien in de steden.
Zo ontstonden er in de achttiende en negentiende eeuw ook in Utrecht sloppenwijken met kleine huizen en slechte sanitaire voorzieningen, weggestopt in steegjes waar nooit zonlicht kwam. En aangezien het stadsbestuur inmiddels vond dat volksgezondheid de verantwoordelijkheid was van de mensen zelf, kwam een grote groep arme stedelingen in een uitzichtloze situatie terecht. Gelukkig keerde aan het eind van de negentiende eeuw het tij en werd volksgezondheid weer een overheidstaak. Wie dus wat specifieker naar ‘vroeger’ kijkt, ziet dat de gemiddelde gezondheid door de tijd heen fluctueert en zeker geen recht opgaande lijn is van slecht naar goed. Een goede volksgezondheid is niet vanzelfsprekend en hangt grotendeels af van hoe we met elkaar de samenleving organiseren en wie welke verantwoordelijkheden neemt. Dat was niet alleen vroeger zo, maar geldt ook voor nu en in de toekomst. René de Kam, Conservator Stadsgeschiedenis Centraal Museum
4
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 5
Inhoudsopgave
A B C D 6
Inleiding
8
Samenvatting Doelstellingen Inleiding
10 12 14
Opgave
20
Monitoren, sturen en verantwoorden
75
Bijlagen
91
Leidende principes Vijf thema’s Koersen op gezondheid Met het oog op
22 26 55 59
1. Indicatoren 2. Risico’s 3. Financiën 4. Voortgang en verantwoording
Bijlage 1: Onderbouwing en nadere toelichting Bijlage 2: Lijst met afkortingen Bijlage 3: Lijst met bronnen en literatuur
81 85 86 90
93 105 106
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 7
A
Inleiding
Samenvatting De meeste Utrechters voelen zich gezond. 19% van de Utrechters voelt zich ongezond, heeft gezondheidsproblemen en overwegend ongezonde leefgewoonten. Er zijn grote en hardnekkige gezondheidsverschillen in de stad tussen groepen mensen en tussen wijken en buurten1. Onze hoofdambitie is dat in 2040 de gezondheidsverschillen in Utrecht tussen de laagste en hoogste sociaal-economische groepen met 30% zijn afgenomen. Hiervoor mobiliseren we alle kracht binnen en buiten de gemeente. Deze gebundelde kracht richten we op de belangrijkste oorzaken van gezondheidsverschillen en de grootste gezondheidsproblemen. We volgen nauwkeurig de effecten van deze inzet en sturen bij wanneer dat nodig is. Wea hanteren bij het beleid vijf inhoudelijke leidende principes die ons richting geven voor ons handelen. De korte samenvatting hiervan is: eerlijke kansen op gezondheid in al het beleid. Dit komt overeen met het internationale concept van Health equity in all policies. Het verkleinen van gezondheidsverschillen vereist een aanpak die over gemeentelijke beleidsterreinen heengaat en inwerkt op de diepgewortelde mechanismen in de samen leving die gezondheid tegenwerken. We zetten in op vijf inhoudelijke beleidsthema’s (hierna aangeduid als thema’s).
De keuze voor de thema’s baseren we op inzichten over de impact hiervan op het verkleinen van gezondheidsverschillen van onder andere de World Health Organization (WHO) en data vanuit het Utrechts Gezondheidsprofiel (UGP) en het Rijksinstituut Volksgezondheid en Milieu (RIVM).
Bestaanszekerheid Sociale kracht Gezonde leefomgeving Mentale gezondheid Gezonde leefgewoonten
Deze thema’s staan ook in het Utrechts Gezondheidsmodel. De thema’s bestaanszekerheid, sociale kracht en gezonde leefomgeving zijn ‘grondoorzaak’-thema’s. Door deze goed te regelen, bieden we alle Utrechters de basis voor een gezond leven. Een bijpassende metafoor is dat we door in te zetten op de grondoorzaken proberen ‘de kraan dicht te draaien’ en we ons bij de ‘uitkomst’-thema’s richten op het zo goed mogelijk omgaan (dweilen) met de problemen die er zijn. Naast de vijf inhoudelijke thema’s, is ‘koersen op gezondheid’ een overkoepelend thema. De keuze in te zetten op de maatschappelijke, economische en politieke context baseren we op inzichten uit onder andere het rapport ‘Een eerlijke kans op gezond leven’ van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS)2. Deze inzet beschrijven we in het deel ‘koersen op gezondheid’. a In deze beleidsnota gebruiken we regelmatig het woordje ‘we’. Hier wordt bedoeld: ‘wij als gemeente, onder verantwoordelijkheid van college B&W’.
10
Totaaloverzicht van de ambities voor 2040
Naast de hoofdambitie hebben we ambities op elk van de vijf thema’s en op de ‘maatschappelijke, economische en politieke context’ (koersen op gezondheid). In onderstaand overzicht staan alle ambities. Aan de ambities zijn doelen verbonden voor de komende vier jaar. De strategie beschrijft vervolgens hoe we de doelen willen bereiken.
Hoofdambitie: In 2040 zijn de gezondheidsverschillen in Utrecht tussen de laagste en hoogste sociaal-economische groepen met 30% afgenomen.
Bestaanszekerheid
Sociale kracht
Gezonde leefomgeving
Mentale gezondheid
Gezonde leefgewoonten
Utrechters met geldzorgen ervaren een betere gezondheid.
Utrechters kunnen makkelijk sterke en ondersteunende relaties met elkaar opbouwen.
Utrechters zijn beschermd tegen negatieve milieufactoren.
De Utrechtse jeugd ervaart minder maat schappelijke druk.
Utrecht heeft een rooken nicotinevrije generatie.
Kinderen uit gezinnen met een laag inkomen groeien gezond op.
Utrechters maken keuzes op basis van goede, vindbare en begrijpelijke gezondheidsinformatie.
De fysieke leefomgeving ondersteunt gezonde leefgewoonten.
De Utrechtse jeugd ontwikkelt zich sociaalemotioneel gezond.
Utrechters hebben een gezond eet- en drinkpatroon.
Utrechters in de bijstand ervaren een betere gezondheid.
Utrechters vertrouwen de (gezondheids) informatie en hulp van gemeente en partner organisaties.
De fysieke leefomgeving versterkt sociale kracht.
Meer Utrechters vinden passende steun en handvatten om met levensgebeurtenissen en (beginnende) mentale klachten om te gaan.
Utrechtse kinderen hebben een gezond beweegpatroon.
Koersen op gezondheid maatschappelijke, economische en politieke context Al het Utrechts beleid heeft een positief effect op gezondheid. In Utrecht is de maatschappelijke standaard gezond. Op landelijk niveau komen veranderingen die nodig zijn om gezondheidsverschillen te verkleinen.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 11
Doelstellingen Om onze hoofdambitie te bereiken stellen we per thema doelstellingen. We volgen de hoofdambitie en onderstaande doelstellingen in de beleidscyclus. Dit komt niet terug in de begrotingscyclus. Deze doelstellingen realiseren we namelijk vanuit diverse programma’s in de begrotingscyclus en zijn daarom niet onder te brengen in één programma. De hoofdambitie stond opgenomen als de doelstelling Volksgezondheid binnen het programma Levendige en gezonde stad. De doelstelling bij Volksgezondheid vervangen we in de begrotingscyclus. De koppeling met de verschillende programma’s staat in de financiële paragraaf.
Bestaanszekerheid
Alle Utrechters ontvangen tijdig passende hulp bij rondkomen of het oplossen van problematische schulden. Het formele en informele aanbod van hulp en voorzieningen, gericht op financiën sluit op elkaar aan, zodat Utrechters tijdig de best passende hulp krijgen. Alle Utrechtse gezinnen met kinderen hebben voldoende financiële middelen en mogelijkheden om mee te doen. We bieden onze inwoners passende, stress-sensitieve en persoonlijke ondersteuning bij hun stappen richting werk, vrijwilligerswerk en activering.
Sociale kracht
In de wijk hebben meer inwoners onderling (betekenisvol) contact. Gezondheidsinformatie vanuit gemeente en partnerorganisaties sluit beter aan bij de (gezondheids)vaardigheden. Informatie en hulp vanuit gemeente en partnerorganisaties sluit beter aan bij de vragen, zorgen en argwaan van mensen.
Gezonde Leefomgeving
12
Inwoners ademen schonere lucht in en ondervinden minimale geluidshinder. We voorkomen zoveel mogelijk gezondheidsschade als gevolg van hittestress en zon. Meer sociale huurwoningen, scholen en kinderopvang hebben een gezond binnenmilieu. Utrechters komen in de openbare en publiek toegankelijke ruimten minder in aanraking met ongezonde verleidingen. Meer (passende) mogelijkheden op gebied van sport, spelen en bewegen in de openbare ruimte. Meer Utrechters ervaren hun buurt als leefbaar en veilig. Meer en betere plekken voor ontmoeting en voldoende voorzieningen op gebied van zorg, welzijn, cultuur, sport, onderwijs.
Mentale gezondheid
We verminderen de negatieve impact van prestatiedruk. We hebben zicht op de mogelijkheden om bij te sturen op negatieve effecten van de online wereld op de mentale gezondheid. Meer kinderen, jongeren en jongvolwassenen groeien op in een omgeving waar ze zich sociaal-emotioneel gezond kunnen ontwikkelen. Meer kinderen, jongeren en jongvolwassenen hebben (een goede basis van) sociaalemotionele vaardigheden. Meer Utrechters ervaren een breed palet aan ondersteuning, activiteiten en hulp wanneer nodig.
Gezonde leefgewoonten
Minder kinderen (gaan) roken en kinderen komen minder in aanraking met rook. Bij sociale voorzieningen is gezond eten en drinken vaker de standaard en is alcohol minder aanwezig. Gezinnen ervaren vaker ondersteuning die aansluit op wat zij nodig hebben voor gezonde eet- en drinkgewoonten. Voor kinderen is bewegen vaker een onderdeel van de dagelijkse routine.
Koersen op gezondheid
In al het beleid wegen we gezondheid expliciet mee. We maken gezondheid vaker onderdeel van inkoop en subsidies. In Utrecht is ‘gezond’ vaker vanzelfsprekend.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 13
Inleiding Gezond stedelijk leven voor iedereen Dagelijks worden er in Utrecht zo’n 14 baby’s geboren. Hun kansen op een gezond leven zijn niet gelijk. Het maakt uit of hun moeder tijdens de zwangerschap stress heeft ervaren en of er in het gezin waar ze opgroeien financiële problemen zijn. Het is ook van belang wat de kwaliteit van hun woning is en op welke plek in de stad deze staat. Daarnaast spelen de kennis en vaardigheden van mensen in hun directe omgeving een rol en het is van belang wat de aannames, verwachtingen en vooroordelen zijn van de samenleving.
Hoofdambitie 2040
In 2040 zijn de gezondheidsverschillen in Utrecht tussen de laagste en hoogste sociaaleconomische groepen met 30% afgenomen.
Haalbaarheid van de hoofdambitie
Om gezondheidsverschillen te verkleinen is een aanpak nodig die zowel breed is en verschillende gemeentelijke beleidsterreinen omvat, als ingrijpt op diepgewortelde mechanismen in de samenleving die gezondheid tegenwerken. We zetten in op vijf thema’s die de belangrijkste oorzaken zijn van gezondheidsverschillen en de grootste gezondheidsproblemen. Per thema stellen we ambities. Naast de thema’s maken we keuzes in hoe we als gemeente werken. Ook stellen we maatschappelijke standaarden die ziekte en gezondheidsverschillen in de hand werken ter discussie. We zijn ons bewust dat we als gemeente beperkt zijn in onze eigen mogelijkheden, daarom bundelen we de krachten in en buiten de stad. Om de ambities te realiseren zijn er ook op landelijk niveau veranderingen nodig. De belangrijkste gewenste veranderingen benoemen we ook in deze beleidsnota. Dit is in lijn met een advies van de RVS in het rapport ‘Een eerlijke kans op gezond leven’: “Stel de aanpak van de maatschappelijke oorzaken van gezondheidsachterstanden centraler in landelijk, regionaal en lokaal beleid. Zet gelijktijdig leefstijlgerichte interventies in als aanvulling”.
14
Wettelijke kader
Vanuit de grondwet (artikel 22) en de Wet publieke gezondheid (Wpg) moet de overheid de gezondheid van mensen beschermen, bevorderen en monitoren. Volgens de Wpg moeten gemeenten eenmaal in de vier jaar lokaal volksgezondheidsbeleid vaststellen. Met deze beleidsnota voldoen we aan deze eis. Daarnaast zijn ook de Wet maatschappelijke ontwikkeling (Wmo), de Jeugdwet, de Omgevingswet en de Participatiewet van belang voor de gezondheid van Utrechters. Na vaststellen van deze nieuwe beleidsnota gezondheid 2024-2027 ‘samen gezondheidsverschillen verkleinen’a is het beleid in de nota volksgezondheid 2019-2023 ‘gezondheid voor iedereen’ niet meer van kracht. De nieuwe nota vervangt ook in de Omgevingsvisie Utrecht de oude nota.
Hoe staat Utrecht ervoor?
De meeste Utrechters voelen zich gezond. Dat past ook bij een stad met een relatief hoog opgeleide en jonge bevolking. 19% van de Utrechters voelt zich ongezond, heeft gezondheidsproblemen en overwegend ongezonde leefgewoonten. Er zijn grote en hardnekkige gezondheidsverschillen in de stad tussen groepen mensen en tussen wijken en buurten. Deze verschillen hangen sterk samen met problemen met geld, wonen en werk. Gezondheidsverschillen zijn al zichtbaar in de eerste levensmaanden en ze worden groter naarmate kinderen ouder worden1. Bovenstaande resultaten komen uit het Utrechtse Gezondheidsprofiel dat we eind 2022 publiceerden. De nieuwste resultaten laten zien dat de verschillen tussen de laagste en hoogste sociaal-economische groepen het grootst zijn, maar dat ook de middengroep steeds verder achterblijft. Het beleid in deze nota om gezondheidsverschillen te verkleinen richt zich ook op deze groep. De drie pijlers van ‘Gezond stedelijk leven voor iedereen’ zijn gezondheid, inclusie en duurzaamheid. Deze drie gaan hand in hand. Inclusie houdt in dat iedereen mee kan doen, erbij hoort en in veiligheid zichzelf kan zijn en dat iedereen een eerlijke kans heeft op een gezond leven. De verbinding met duurzaamheid is ook duidelijk. Lucht- en waterverontreiniging hebben een direct negatief effect op de gezondheid.
De toenemende mondiale problemen op het gebied van klimaat en biodiversiteit raken de volksgezondheid via bijvoorbeeld hittestress en andere risico’s van extreem weer. Het heeft ook effect op de mentale gezondheid. Zo zien we dat veel kinderen en jongeren zich zorgen maken om het klimaat en de ’voortbestaanszekerheid’ op onze planeet3. De voorgaande jaren was er in Nederland en ook in Utrecht een toenemende vraag naar zorg, zoals zorg door de buurtteams en specialistische jeugdhulp. Vergrijzing gaat zorgen voor een verder stijgende zorgvraag. Zo wordt in Utrecht de groep 65-plussers tot 2040 anderhalf keer zo groot en het aantal Utrechters met dementie in 2050 ruim drie keer zo hoog als in 2020. Ook de mentale gezondheid van de jeugd vraagt aandacht. Tegelijk kampen we met tekorten op de arbeidsmarkt. We zien dan ook langere wachtlijsten en inwoners die daardoor niet de best passende zorg en ondersteuning krijgen. Het is daarom noodzakelijk dat we de zorg anders vormgeven en de beweging doorzetten van ziekte en zorg naar gezondheid en preventie. Utrechters met een ondersteuningsbehoefte moeten een beroep kunnen doen op hun eigen netwerk of vrijwilligers in plaats van op professionele zorg, zodat de druk daarop afneemt. Dat is een uitdaging in het licht van toenemende druk op mantelzorgers. a
In een aantal bestaande beleidsdocumenten staat deze nota vermeld onder de werknaam Gezond030.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 15
Ongezonde standaarden in de praktijk Weinig bewegen, zittende leefstijl en een omgeving met ongezonde producten
We leven in een wereld met een overvloedig aanbod van ongezonde producten en een zittende levensstijl is de norm. Ongeveer 80% van de producten in de supermarkt behoort niet tot de schijf van vijf4. De afgelopen decennia nam het aantal verkooppunten van ongezond voedsel toe en nog steeds is reclame voor ongezonde producten overal aanwezig5. Dit draagt bij aan gezondheidsverschillen, omdat mensen die kampen met chronische stress, schulden en armoede minder in staat zijn tot het maken van gezonde keuzes2,4. Om gezondheidsverschillen te verkleinen moeten we tegensturen op de ’markt van verleidingen tot ongezond eetgedrag’ en een voedselomgeving inrichten waarin gezond eten goedkoper, aantrekkelijker en logischer is, want daar profiteren vooral groepen met een lage sociaal-economische positie van. Nederlanders zitten veel meer vergeleken met andere Europeanen6. Zitten is de standaard op school, op kantoren en/of thuis achter de televisie of terwijl we bezig zijn met onze smartphone.
Een paar ‘dagelijkse’ voorbeelden:
Als we jarig zijn trakteren we op taart en we proosten op onze gezondheid met alcohol. Een borrel heet een borrel. Vroeger kregen kinderen chocolade sigaretten van Sinterklaas en nu geven we kinderen bij oud & nieuw kinderchampagne. Op terrassen staan ‘gastvrij’ asbakken klaar. In restaurants staat regelmatig wel een extra groot stuk vlees op het menu, maar bijna nooit een optie voor een kleiner stuk. Als we een streamingsdienst gebruiken volgt de ene aflevering op de andere, zonder pauze.
16
Prestatiesamenleving
In de prestatiesamenleving ervaren we grote druk om te voldoen aan ideaalbeelden over bijvoorbeeld succes en schoonheid. We leven in een ‘grenzeloze’ wereld, waarin we denken dat alles mogelijk is en we alles kunnen worden en doen als we maar goed onze best doen. Daarnaast gaan de (maatschappelijke) ontwikkelingen zo snel dat mensen die nauwelijks kunnen bijbenen en hierdoor weinig houvast ervaren. De belangrijkste bron van prestatiedruk is de stapeling van onzekerheden over jezelf, de verwachtingen die anderen of de maatschappij van jou hebben en onduidelijkheid over de ontwikkelingen om je heen7. Dit leidt tot angst voor mislukking, slaapproblemen, machteloosheid en burn-out8. Omdat niet iedereen gelijke mogelijkheden heeft om met dit soort druk om te gaan, draagt de prestatiesamenleving bij aan sociale ongelijkheid en uitsluiting. Niet alle ouders kunnen bijles en examentrainingen betalen voor hun kinderen. Sommige perioden in het leven en omstandigheden zijn extra uitdagend, zoals jong ouderschap of bij mantelzorg. Ook hier verschilt het tussen (groepen) mensen welke mogelijkheden zij hebben hier mee om te gaan.
Ongelijke strijd
Het is bekend dat de industrie veel geld stopt in het promoten van onder andere ongezonde producten en schoonheidsnormen. De inzet op gezondheidsbevordering steekt hier schril bij af9,10. Daarnaast krijgt de promotie van een ongezonde leefstijl het positieve frame van ‘vrije marktwerking’ en ‘persoonlijke keuze’, terwijl bevorderen van gezonde leefgewoonten het negatieve frame van ‘betutteling’ krijgt. Ook dit vraagt om tegensturen.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 17
Samenhang in beleid en uitvoering
We willen dat Utrecht een stad is waar iedereen gezond kan leven, zich veilig kan voelen en zich kan ontwikkelen. Dat betekent dat onze grootste inspanningen gericht zijn op de bestaanszekerheid van de inwoners, het kansrijk opgroeien van onze kinderen en het gezond samenleven in alle wijken. Deze opgaven liggen verankerd in de gehele gemeentelijke organisatie en in onze samenwerking met partnerorganisaties en inwoners. Onze beleidsnota’s en uitvoeringsprogramma’s in het sociaal- en ruimtelijk domein hangen dan ook nauw met elkaar samen. We maken beleid dat anticipeert op ontwikkelingen en te verwachte behoeften van de stad en past binnen wetgeving en landelijke akkoorden. Dit beleid maken we samen met de stad en voeren we samen uit.
Figuur: Beleid en uitvoering sociaal domein 2023/2024
Uit v
oe r i n g s p r o g r a m m
B e l e i d s n o t a ’s
Nota Gezondheid
V is
S oc
le
18
Integraal Zorg Akkoord (IZA)
Nota Jeugd Nota Financiële Bestaanszekerheid
ie Utrec ht
Nota Samen Stad Maken
Nota van Uitgangspunten (onderdelen sociale basis en basiszorg)
Utrechtse Onderwijs Agenda
Landelijke akkoorden
40 20
Nota Buurten Wijkgericht werken
ia
Nota Inclusie en Diversiteit
a ’s
Nota Wmo Nota Werk en Re-integratie Nota Sport
Nota Wonen en Zorg
Hervormingsagenda Jeugd Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) Sportakkoord II
Toekomstbestendige Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn (TAZ) Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO)
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 19
B
Opgave
Leidende principes Binnen het sociaal domein werken we zoveel mogelijk op basis van dezelfde leidende principes. Dit zijn vuistregels die richting geven aan ons handelen. Deze maken we concreet en vullen we aan voor het gezondheidsbeleid. De korte samenvatting van de leidende principes is: eerlijke kansen op gezondheid in al het beleid. Dit komt overeen met het internationale concept van ‘Health equity in all policies’.
Leidend principe 1: Ongelijk investeren voor gelijke kansen
We zetten in op eerlijke kansen op gezondheid en dat doen we door drie perspectieven toe te passen uit het uitvoeringsprogramma van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’. Basis bieden Bieden van een gezonde basis door normen te stellen en hier naar te handelen. De gezonde basis biedt goed onderwijs, voldoende inkomen, een plek om te wonen, een gezond voedselaanbod, een gezonde leefomgeving (met bijvoorbeeld gezonde lucht of sport- en cultuurvoorzieningen), kansen op werk of een zinvolle tijdbesteding voor iedereen en toegang tot de noodzakelijke zorg of ondersteuning.
Herverdelen, tegensturen en begrenzen Ingrijpen waar de ongelijkheid groeit door tegensturen, begrenzen of herverdelen. Het is nodig om tegen te sturen op een aantal maatschappelijke standaarden die ziekte en gezondheidsverschillen in de hand werken. Een voorbeeld is het begrenzen van de ‘vrije markt’ door het weren van reclame voor ongezonde producten in de openbare ruimte.
Maatwerk bieden Bieden van meer of andere ondersteuning op maat waar dat nodig en/of effectiever is. Het bieden van maatwerk houdt ook in dat we rekening houden met de vaardigheden, behoeften, belastbaarheid en eventuele fysieke beperkingen van mensen. Als we dit niet doen, verhogen we de kwetsbaarheid van mensen.
22
Leidend principe 2: We zetten in op grondoorzaken
De omstandigheden waarin mensen worden geboren, opgroeien, leren, werken en leven bepalen voor een groot deel hun (kansen op een) goede gezondheid (zie ook het Utrechts Gezondheidsmodel). Levensgebeurtenissen kunnen die omstandigheden veranderen. Deze omstandigheden, ofwel grondoorzaken, zijn de grote verschilmakers in onze samenleving. De WRR noemt de mogelijkheden, middelen en rechten die mensen wel of niet krijgen om hun doelen en gezondheid te bereiken ‘grip’11. Ongelijkheid in de grondoorzaken en ‘grip’ bepalen voor een groot deel de verschillen in uitkomsten zoals een gezond leven. Gezond leven is dus vaak geen of in beperkte mate een vrije, individuele keuze2. Je kunt bijvoorbeeld maar beperkt zelf kiezen waar je gaat wonen, terwijl de luchtkwaliteit in je woonomgeving wel effect heeft op je gezondheid. Een echt vrije keuze is ook beperkt door overvloedig en verleidelijk aanbod van ongezonde producten. We werken daarom aan de grondoorzaken die bepalend zijn voor (verschillen in) gezondheid en vaak - net als de oplossingen - buiten het volksgezondheid en medische domein liggen (zie ook brief artsenfederatie KNMG). Gezondheidsverschillen verkleinen is daarom iets wat we samen doen; over beleidsterreinen en organisatiegrenzen heen en door ‘ongezonde normen’ ter discussie te stellen.
Leidend principe 3: De mens staat centraal
We sluiten aan bij wat mensen zélf belangrijk vinden en gaan uit van wat iemand zelf of met hulp van het sociale netwerk wil en kan. Dit vraagt om inzicht in en rekening houden met hoe het met inwoners gaat en welke kansen ze hebben op een gezond leven. Bij het maken en uitvoeren van beleid maken we ons mensbeeld expliciet door ons steeds af te vragen waarom mensen een bepaalde positie in de samenleving innemen, opvattingen hebben of (on)mogelijkheden ervaren12.
Leidend principe 4: Iedereen levert een bijdrage
Inwoners, professionals, vrijwilligers, ondernemers, bedrijven, kennisinstellingen en de gemeente dragen vanuit een eigen rol bij aan gezondheid. Ieders bijdrage telt en is uniek. Samenspraak en co-creatie bij het maken en uitvoeren van plannen met alle partijen en inwoners vergroot de kans op resultaat. Hier geldt ‘niet over ons, zonder ons’ (zie ook de Wmo beleidsnota). Deze houding en werkwijze draagt ook bij aan vertrouwen in de overheid. Als gemeente benutten we hiervoor al onze rollen: wat we zelf doen in de uitvoering, wat we vanuit onze regulerende rol meegeven bij contracten, hoe we toezien op vergunningen en hoe we via inkoop-en subsidieopdrachten de innoverende kracht van markten sociale partners voor gezondheid benutten. We werken samen met partners op (inter)nationaal, regionaal, stedelijk, wijk- en buurtniveau, want alleen samen kunnen we gezondheid versterken en de gezondheidsverschillen verkleinen. In deze beleidsnota geven we aan wat we nodig hebben op landelijk niveau om de gestelde ambities te behalen.
Leidend principe 5: Voorkomen is beter dan genezen
We focussen op het voorkomen van gezondheidsschade, niet op het repareren ervan. De beweging naar de voorkant is nodig voor het verbeteren van onze gezondheid en het inperken van zorgkosten13,14,15. In tijden van financiële krapte is de druk om capaciteit en middelen te richten op het oplossen van problemen groot, maar het is kosteneffectiever om deze problemen te voorkomen. Dit vraagt om een verschuiving van onze focus van persoonsgebonden kenmerken, zoals ziekte of leefgewoonten naar de grondoorzaken van gezondheid(sverschillen), ofwel de kraan dicht te draaien13. Ook is het belangrijk om proactief gezondheid te bevorderen vanaf het prille begin van een mensenleven, de eerste 1000 dagen, het op tijd signaleren van (gezondheids)problemen, vooraf de risico’s voor gezondheid te onderkennen en daar naar te handelen.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 23
Opgave
Met het oo g op… Jeu gd, oudere n en mensen met complexe multiproblemati ek
Om de hoofdambitie te behalen in 2040 zetten we in op vijf thema’s en op de maatschappelijkeeconomische- en politieke context (koersen op gezondheid).
Vijf inhoudelijke thema’s
We verkleinen gezondheidsverschillen via vijf thema’s die ook in het Utrechts Gezondheidsmodel staan. De keuze voor deze thema’s baseren we op inzichten over de impact hiervan op het verkleinen van gezondheidsverschillen van onder andere de WHO, data vanuit het UGP 2022 en het RIVM.
Gezonde leefgewoonten Mentale gezondheid
De thema’s bestaanszekerheid, sociale kracht en gezonde leefomgeving zijn ‘grondoorzaak’-thema’s. Deze bieden de basis voor een gezond leven en zouden voor alle Utrechters geregeld moeten zijn. Mentale gezondheid en gezonde leefgewoonten zijn ‘uitkomst’-thema’s.
‘Uitkomst’ thema’s / dweil thema’s ‘Grondoorzaken’ thema’s / kraan thema’s
Overkoepelend thema: koersen op gezondheid
Gezonde leefomgeving
De keuze in te zetten op de maatschappelijke, economische en politieke context baseren we op inzichten uit onder andere het rapport van de RVS ‘Een eerlijke kans op gezond leven’2.
Met het oog op
Sociale kracht
We bieden voor de groepen jeugd, ouderen en mensen met complexe multiproblematiek een overzicht wat de nota gezondheid en andere relevant beleid betekent.
Bestaanszekerheid
Koersen op gezondheid
Figuur: Beleidsthema’s in relatie tot het Utrechts gezondheidsmodel
24
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 25
Thema Bestaanszekerheid
Bestaanszekerheid beïnvloedt de mentale- en fysieke gezondheid, de (mogelijkheden voor) gezonde leefgewoonten en de toegang tot zorg. Alle inzet die gericht is op bestaanszekerheid, draagt bij aan de basis voor een goede gezondheid. Denk aan: de zekerheid van een inkomen, mee kunnen doen in de samenleving en een geschikte en betaalbare woning. Volgens de WHO is verschil in (met name financiële) bestaanszekerheid de belangrijkste oorzaak van gezondheidsverschillen16.
Naast de brede inzet via ander beleid, verwachten we het meest effectief gezondheidsverschillen te verkleinen met de volgende ambities: 1. Utrechters met geldzorgen ervaren een betere gezondheid. 2. Kinderen uit gezinnen met een laag inkomen groeien gezond op. 3. Utrechters in de bijstand ervaren een betere gezondheid.
In het schema op de volgende pagina staan de doelen van de beleidsnota’s ‘Financiële bestaanszekerheid’ en ‘Werk en re-integratie’. De strategie wordt onderdeel van de uitvoering van het beleid. Na het schema volgt de uitwerking. Gewenste veranderingen op landelijk niveau voor het realiseren van deze ambities: In de beleidsnota’s ‘Financiële bestaanszekerheid’ en ’Werk en re-integratie’ staan punten zoals de hoogte van het minimuminkomen, toeslag voor studenten die chronisch ziek zijn en een ruimer budget voor re-integratie. Een toegankelijke en betaalbare mondzorg voor volwassenen met een inkomen tot 125% van het sociaal minimum. Er zijn signalen over een toenemende mijding van mondzorg om financiële redenen17. Een slecht gebit kan belemmerend werken in het leven, zoals bij het vinden van werk18. Mensen schamen zich, isoleren zich en mijden zorg. Of ze kiezen voor een dure verzekering die mensen met een laag inkomen niet gemakkelijk kunnen betalen. We zien dat als ouders zelf niet naar de tandarts gaan, kinderen dat vaak ook niet doen, ook al is voor hen de mondzorg gratis19. De zorgverzekeringswet financiert verloskundig zorgverleners om (aanstaande) ouders met een jaarinkomen tot 150% passende ondersteuning te bieden. Bij deze gezinnen is vaker sprake van een kwetsbare situatie. Afschaffen van de (steeds hoger wordende) eigen bijdragen in de geboortezorg.
Denk hierbij aan eigen bijdrage voor de kraamzorg en de poliklinische bevalling. Zwangere vrouwen in kwetsbare situaties hebben het meest last van de eigen bijdragen. Onderzoek van het Erasmus MC toont aan dat juist die groepen vrouwen waar de kwetsbaarheid hoog is (lage sociaal-economische positie) er vaak minder dan 24 uur kraamzorg wordt ontvangen. Zie ook de oproep van onder andere Patiëntenfederatie Nederland in juni 2022.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 27
Bestaanszekerheid Ambitie 2040
Doel 2027
Alle Utrechters ontvangen tijdig passende hulp bij rondkomen of het oplossen van problematische schulden.
Geldzorgen
Inkomen & Armoede
Meedoen
Utrechters met geldzorgen ervaren een betere gezondheid.
Het formele en informele aanbod van hulp en voorzieningen, gericht op financiën sluit op elkaar aan, zodat Utrechters tijdig de best passende hulp krijgen.
Strategie
Verbindingen • Beleidsnota Financiële bestaanszekerheid • Beleidsnota Werk & re-integratie • Beleidsnota Wmo • Beleidsnota Jeugd (volgt) • Kansrijke start • Sportakkoord II • Beleidsnota Sport • Nota passende kinderopvang
We stimuleren de samenwerking tussen het sociale- en medische domein zodanig dat mensen met geldzorgen tijdig in beeld komen en eenvoudig worden toegeleid naar passende ondersteuning.
In die nota’s nemen we de volgende accenten mee:
Kinderen uit gezinnen met een laag inkomen groeien gezond op.
Alle Utrechtse gezinnen met kinderen hebben voldoende financiële middelen en mogelijkheden om mee te doen.
Laagdrempelig maken en onder de aandacht brengen van benodigde voorzieningen voor (aanstaande) ouders met jonge kinderen en een laag inkomen.
Utrechters in de bijstand ervaren een betere gezondheid.
We bieden onze inwoners passende, stresssensitieve en persoonlijke ondersteuning bij hun stappen richting werk, vrijwilligerswerk en activering.
Het bestaande en nieuwe aanbod voor Utrechters in de bijstand wordt zo vormgegeven dat dit bijdraagt aan een betere gezondheid.
• Kinderarmoede en schuldenvrij opgroeien • Stress-sensitief werken • Omgaan met geldzorgen • Perspectief op meedoen en (vrijwilligers)werk
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 28
Ambitie1
Utrechters met geldzorgen ervaren een betere gezondheid. Inwoners met geldzorgen doen relatief vaak een beroep op de gezondheidszorg vanwege mentale en lichamelijke klachten, onder andere als gevolg van stress20,21. In de beleidsnota Financiële bestaanszekerheid staan twee doelen die bijdragen aan deze ambitie: 1. Alle Utrechters ontvangen tijdig passende hulp bij rondkomen of het oplossen van problematische schulden; 2. Het formele en informele aanbod van hulp en voorzieningen, gericht op financiën sluit op elkaar aan, zodat Utrechters tijdig de best passende hulp krijgen. Onderdeel van de strategie bij het behalen van deze doelen is dat we de samenwerking tussen het sociale- en medische domein stimuleren (mede in het kader van IZA en GALA). Dit helpt om mensen met geldzorgen tijdig in beeld te krijgen en ze toe te leiden naar passende ondersteuning. We bouwen voort op de basis die er ligt en bouwen verder aan een netwerk van professionals in gezondheidscentra, de geboortezorg, de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en buurtteams. We sluiten aan op plekken waar Utrechters met geldzorgen komen, houden rekening met schaamte, gebruiken ervaringskennis en werken stress-sensitief.
Ambitie 2
Kinderen uit gezinnen met een laag inkomen groeien gezond op Het is belangrijk dat ouders en kinderen kunnen werken aan een goede gezondheid door bijvoorbeeld te bewegen en gebruik te kunnen maken van zorg als dit nodig is, ook bij een laag inkomen. Schaamte over de financiële situatie en ingewikkelde regelingen moeten dat niet in de weg staan. Voor een zo groot mogelijke impact van onze inzet, kiezen we voor investeren in gezinnen met kinderen jonger dan 4 jaar, omdat zij veel extra kosten en zorgbehoeften hebben in een belangrijke levensfase. In de beleidsnota Financiële bestaanszekerheid staat een doel dat bijdraagt aan deze ambitie: ‘Alle Utrechtse gezinnen met kinderen hebben voldoende financiële middelen en mogelijkheden om mee te doen.‘ Onderdeel van de strategie bij het behalen van deze ambitie en het doel is dat we ervoor zorgen dat voorzieningen in de stad voor kinderen uit gezinnen met een laag inkomen vindbaar en toegankelijk zijn. We zorgen voor voldoende aanbod en informeren hier actief over. Bijvoorbeeld over voorschoolse educatie, sport- en beweegaanbod voor kinderen, de zwemvangnetregeling en initiatieven in de stad zoals de speelgoedbank. We gaan ook na hoe we vanuit de U-pas de gezinnen kunnen ondersteunen bij het gezond opgroeien.
De komende jaren geven we aanstaande ouders met een laag inkomen een Babystartpakket met onder andere kleding, speelgoed, verzorgingsproducten en beddengoed. Dankzij het netwerk in de wijk en onze ervaring vanuit het programma Kansrijke Start, kunnen we
29
deze gezinnen snel en goed bereiken. Zo helpen we bij het leggen van een gezonde basis in deze belangrijke periode van het leven van een kind.
Met het oog op jeugd…
Sommige ouders weten niet dat mondzorg voor kinderen in het basispakket zit. We werken op de consultatiebureaus in Overvecht en Kanaleneiland samen met de Hogeschool Utrecht voor adviezen over mondgezondheid en toeleiding naar de tandarts.
Ambitie 3
Utrechters in de bijstand ervaren een betere gezondheid Ongezondheid kan ertoe leiden dat iemand minder kansen heeft op de arbeidsmarkt of minder goed actief kan meedoen. Omgekeerd vergroten werk en meedoen de kansen op een gezond leven22,23. In de beleidsnota ‘Werk en re-integratie’ staat een doel dat bijdraagt aan deze ambitie: ‘We focussen op doelen en mogelijkheden. Hierbij bieden we inwoners passende, stress-sensitieve en persoonlijke ondersteuning bij hun stappen richting werk, vrijwilligerswerk en activering.’ Mensen die niet actief deelnemen geven fysieke en/of mentale gezondheidsproblemen vaak als één van de belangrijkste oorzaken daarvan aan. In het bestaande en nieuwe activeringsaanbod voor Utrechters in de bijstand besteden we daarom aandacht aan een verbetering van de gezondheid. Denk hierbij aan bijvoorbeeld het bevorderen van sociale contacten, een positiever zelfbeeld en leefgewoonten zoals meer bewegen en gezonder eten en drinken.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 30
Thema Sociale Kracht
Sociale kracht gaat over de mogelijkheden die mensen zelf en in hun omgeving hebben om de controle over hun eigen leven en gezondheid te vergroten. Inzetten op sociale kracht biedt een basis voor een gezond leven. Volgens de WHO wordt 19% van de verschillen in ervaren gezondheid veroorzaakt door verschillen in sociale kracht16. De definitie van dit thema baseren we op thema ‘Human and Social Capital’ van de WHO (2019). Sociale kracht bestaat uit drie onderdelen: sociale omgeving, onderwijs & vaardigheden en vertrouwen & politieke invloed. Ook het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) stelt dat inzet op ongelijkheid in ‘of men erbij past, wie men kent, wie men is (cultureel, sociaal en persoonskapitaal)’ noodzakelijk is voor het structureel aanpakken van ongelijkheid in Nederland24. Aspecten van sociale kracht hebben al een plek in andere beleidsnota’s. Hierbij valt te denken aan het onderwijsbeleid, de Wmo beleidsnota en ‘Utrecht zijn we samen’. We gaan in dit thema dieper in op wat er nodig is om gezondheidsverschillen te verkleinen. Via ander beleid werken we aan het vergroten van vaardigheden en het herstel van vertrouwen. In dit thema ligt de nadruk op ‘rekening houden met’ verschillen hierin. Niet iedereen weet zelf de weg te vinden wanneer zij voor uitdagingen komen te staan of vinden hulp bij familie, vrienden of organisaties.
Het vermogen om als gemeenschap mensen verder te helpen met de uitdagingen van het leven is een belangrijk onderdeel van sociale kracht. Een concreet voorbeeld van sociale kracht is een wandelgroep in Vleuten-de Meern waar deelnemers iemand uit hun netwerk vragen om mee te lopen die anders niet deze stap zou zetten. De drijvende kracht is hier ‘omzien naar elkaar’ en ‘plezier’.
We verwachten het meest effectief gezondheidsverschillen te verkleinen met de volgende ambities:
1. Utrechters kunnen makkelijk sterke en ondersteunende relaties met elkaar opbouwen. 2. Utrechters maken keuzes op basis van goede, vindbare en begrijpelijke gezondheidsinformatie. 3. Utrechters vertrouwen de informatie en hulp van de gemeente en partnerorganisaties.
In het schema op de volgende pagina staan de doelen met de strategie voor de komende vier jaar. Na het schema volgen de toelichting en uitwerking. Gewenste veranderingen op landelijk niveau voor het realiseren van deze ambities: Maak landelijke regelgeving voor schriftelijke communicatie tussen patiënt of cliënt en een zorgaanbieder dat deze maximaal op B1 taalniveau en cultuursensitief moet zijn.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 32
Sociale kracht Ambitie 2040
Sociale contacten en steun
Utrechters kunnen makkelijk sterke en onder- steunende relaties met elkaar opbouwen.
Doel 2027
Strategie
We zetten met onze partners in op sociaal contact in wijken/ buurten waar dat nodig is. We benutten daarbij ook momenten zoals bij oplevering van woningen of herinrichting.
In de wijk hebben meer inwoners onderling (betekenisvol) contact.
Gezondheidsvaardigheden
Utrechters maken keuzes op basis van goede, vindbare en begrijpelijke gezondheidsinformatie.
Gezondheidsinformatie vanuit gemeente- en partnerorganisaties sluit beter aan bij de (gezondheids) vaardigheden van mensen.
Vertrouwen
Utrechters vertrouwen de informatie en hulp van de gemeente en partnerorganisaties.
Informatie en hulp vanuit gemeente en partnerorganisaties sluit beter aan bij de vragen, zorgen en argwaan van mensen.
Verbindingen
We stimuleren informatie- en activiteitenaanbod van organisaties en initiatieven en maken dit vindbaar voor inwoners en organisaties.
In contact met inwoners houden (gezondheids) professionals bij stadsbrede dienstverlening rekening met verschillen in (gezondheids) vaardigheden en/of de mate van vertrouwen. Hierbij luisteren we naar en trekken we samen op met (initia tieven en partners die dicht staan bij de) mensen waar de informatie en hulp voor bedoeld is.
• Beleidsnota Buurt en Wijkgericht werken (volgt) • Thuis in je wijk • Uitvoeringsplan Eenzaamheid • Beleidsnota Wmo • Beleidsnota Jeugd (volgt) • Nota van uitgangspunten sociaal domein • Uitvoeringsprogramma basiseducatie volwassenen • Beleidsnota Inclusie en diversiteit • Utrechtse onderwijsagenda (volgt) • Utrecht zijn we samen • Gezonde wijk aanpak • Stenen maken nog geen buurt
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 33
Ambitie 1
Utrechters kunnen makkelijk sterke en ondersteunende relaties met elkaar opbouwen Goede sociale contacten en steun in je omgeving zijn beschermende factoren voor gezondheid en welbevinden25,26. Een sterk sociaal buurtnetwerk draagt bij aan het welzijn van inwoners en heeft een belangrijke maatschappelijke waarde, zoals onderling begrip en solidariteit. Bij deze ambitie stellen we het volgende doel: Doel: In de wijk hebben meer inwoners onderling (betekenisvol) contact. Onderlinge contacten zijn belangrijk voor mens en samenleving. Het geeft je het gevoel erbij te horen, gezien te worden en leidt tot wederzijds begrip. Meer onderling contact maakt het leuk om in een stad te wonen en leidt tot prettige buurten27. Door meer onderling contact kunnen ook betekenisvolle contacten tot stand komen. Dit zijn bijvoorbeeld contacten die zich richten op het vinden van steun en hulp bij elkaar of op het verminderen van eenzaamheid en het verbeteren van de mentale gezondheid. In Utrecht faciliteren wij contacten op wijk-, buurt- en straatniveau. Dit doen wij bijvoorbeeld door sociale evenementen te ondersteunen via het initiatievenfonds. We hebben speciale aandacht voor activiteiten en initiatieven die betekenisvol contact als doel hebben. Voorbeelden hiervan zijn moeder-baby groepen, maatjesprojecten en initiatieven die de sociale cohesie in een buurt versterken.
Sociaal contact is niet voor iedereen of in elke buurt vanzelfsprekend. Wij kiezen er daarom voor gericht sociale kracht te faciliteren in buurten waar dat nodig is. De keuzes voor de buurten maken wij samen met partners op basis van gebruikelijke aspecten, zoals de samenstelling van de buurt. Daarnaast kijken we naar kansen die zich voordoen. Die kansen gaan over draagvlak bij partnerorganisaties en inwoners, en effectieve of kansrijke momenten om te investeren. Een nieuw aspect dat wij meewegen zijn de vormende eerste jaren van nieuwbouwbuurten. Dit zijn gouden momenten voor sociale cohesie en een geschikt moment voor nieuwe gezonde leefgewoonten28. Volgens de Woonvisie mengen we bij (her)inrichting verschillende segmenten woningen. Daardoor wonen mensen met een (risico op) gezondheidsachterstanden steeds meer verspreid over de stad. Vanuit het principe ‘middelen volgen mensen’ en met het oog op preventie en het besparen van kosten op langere termijn, wegen we daarom nadrukkelijk ook de inzet op het moment van oplevering of herinrichting van een buurt of wijk.
34
Ambitie 2
Utrechters maken keuzes op basis van goede, vindbare en begrijpelijke gezondheidsinformatie Bij het geven van informatie (in gesprek of op andere manieren) over gezondheid en hulpaanbod is het van groot belang om aan te sluiten bij vaardigheden en de belevingswereld van de Utrechter. Het doel hierbij is: Doel: Gezondheidsinformatie vanuit gemeente-en partnerorganisaties sluit beter aan bij de (gezondheids)vaardigheden van mensen.
Ambitie 3
Utrechters vertrouwen de informatie en hulp van de gemeente en partnerorganisaties Het is niet vanzelfsprekend dat mensen de informatie en steun die zij krijgen van de gemeente en/of partnerorganisaties vertrouwen. Voor de komende vier jaar stellen we het volgende doel: Doel: Informatie en hulp vanuit gemeente en partnerorganisaties sluit beter aan bij de vragen, zorgen en argwaan van mensen. Voor ambitie 2 en 3 geldt de volgende strategie: We bieden een gezonde basis doordat wij zelf en de partnerorganisaties zorgen voor toegankelijke en inclusieve informatie. Daarnaast blijven wij actief mogelijkheden bieden om te werken aan taal- en basisvaardigheden. We bieden maatwerk door rekening te houden met verschillen in gezondheidsvaardigheden. Dit doen we mede in het kader van de Alliantie Gezondheidsvaardigheden. Naast dat de inhoud passend moet zijn, vraagt ook de manier van aanbieden maatwerk: digitaal, op papier, telefonisch of persoonlijk. Herkennen, omgaan met en maatwerk bieden aan mensen met beperkte basis en/of gezondheidsvaardigheden vraagt iets van de dienstverlening. Dit geldt ook voor omgaan met verschillen in vertrouwen in de informatie en hulp. We luisteren naar en trekken samen op met (initiatieven en partners die dicht staan bij de) mensen waar de informatie en hulp voor bedoeld is.
Denk hierbij bijvoorbeeld aan sleutelpersonen en ambassadeurs gezond leven in Kanaleneiland. Voor ambitie 1, 2 en 3 geldt de volgende strategie: Veel inwoners, initiatieven en andere partijen werken op hun eigen manier aan de gezondheid van Utrechters. Hun aanbod bereikt grote en diverse groepen inwoners. Dit bestaande aanbod maken we beter zichtbaar. Hiernaast helpen we initiatieven zo nodig verder op weg. Ook verbeteren we de samenwerking met en spelen we een faciliterende rol in het contact tussen partners in de stad die formele en informele hulp bieden. Dit doen we bijvoorbeeld al in het Gezondheidspact Utrecht.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 35
Thema Gezonde leefomgeving
Een gezonde leefomgeving is één van de basisbenodigdheden voor een gezond leven. Volgens de WHO verklaart verschil in leefomgeving bijna een derde van verschillen in ervaren gezondheid in Europa16. Mensen ervaren een gezonde leefomgeving als prettig, het ondersteunt gezonde leefgewoonten en de druk op de gezondheid is er zo laag mogelijk. In dit thema staat hoe we met de inrichting van de fysieke leefomgeving gezondheidsverschillen verkleinen. Hierbij passen we de perspectieven van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ toe.
We verwachten het meest effectief gezondheidsverschillen te verkleinen met de volgende ambities: 1. Utrechters zijn beschermd tegen negatieve milieufactoren. 2. De leefomgeving ondersteunt gezonde leefgewoonten. 3. De leefomgeving versterkt sociale kracht.
In het schema op de volgende pagina staan de doelen met de strategie voor de komende vier jaar. Na het schema volgt de uitwerking. Gewenste veranderingen op landelijk niveau voor het realiseren van deze ambities: In de nieuwe beleidsnota luchtkwaliteit komen punten waar we in het kader van het Schone Luchtakkoord voor gaan pleiten. Om steviger te kunnen sturen op een gezonde leefomgeving vragen we het Rijk om juridische en planologische mogelijkheden om de verkooppunten van tabak en ongezond voedsel te kunnen beperken. Striktere regelgeving voor reclame uitingen in de openbare ruimte en bij evenementen die ongezonde producten aanprijzen. In lijn met de moties van de raad richten we ons hierbij in elk geval op alcohol en gokken. Daarnaast pleiten wij voor striktere regelgeving voor reclames in de openbare ruimte over ongezond eten en drinken.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 37
Gezonde leefomgeving Ambitie 2040
Milieufactoren
Gezonde leefgewoonten
Sociale kracht
Utrechters zijn beschermd tegen negatieve milieufactoren.
De fysieke leefomgeving ondersteunt gezonde leefgewoonten.
De fysieke leefomgeving versterkt sociale kracht.
Doel 2027
Strategie
Verbindingen
Inwoners ademen schonere lucht in en ondervinden minimale geluidshinder.
We willen de normen op lucht en geluid behalen. We letten hierbij extra op groepen met (een risico op) gezondheidsachterstanden.
We voorkomen zoveel mogelijk gezondheidsschade als gevolg van hittestress en zon.
We realiseren koele verblijfsplekken op 200 meter van elke woning.Hierbij geven we – zo mogelijk – prioriteit aan locaties in de groenarme wijken met veel mensen met (een risico op) gezondheidsachterstanden.
Meer sociale huurwoningen, scholen en kinderopvanglocaties hebben een gezond binnenmilieu.
We maken afspraken met woningcorporaties om het binnenmilieu van woningen te verbeteren. Ook verbeteren we het binnenklimaat op scholen.
Utrechters komen in de openbare en publiek toegankelijke ruimten minder in aanraking met ongezonde verleidingen.
We benutten huidige en toekomstige mogelijkheden om tabakszaken te weren en sturen op meer balans in de voedselomgeving. Waar dat mogelijk is, weren we reclames voor ongezonde verleidingen. We focussen op plekken waar veel kinderen en Utrechters in een kwetsbare situatie komen.
Meer (passende) mogelijkheden op het gebied van sport, spelen en bewegen in de openbare ruimte.
We zorgen voor meer en divers aanbod van sporten speelvoorzieningen, een betere loopinfrastructuur en versterken de gebruikswaarde van groen. We prioriteren hierbij op plekken waar dit het meest nodig is.
Meer Utrechters ervaren hun buurt als leefbaar en veilig.
We werken samen met bewoners, ondernemers en organisaties aan een buurt- en wijkgerichte aanpak van leefbaarheids- en veiligheidsproblemen. Op zogenaamde hotspots werken we met gerichte, integrale veiligheidsaanpakken.
Meer en betere plekken voor ontmoeting en voldoende voorzieningen op het gebied van zorg, welzijn, cultuur, sport en onderwijs.
• Visie Luchtkwaliteit • Visie Klimaatadaptatie Utrecht • Groenbeleid • Hitteplan • Beleidsnota Geluid en Trillingen • Programma van Eisen – Frisse Scholen • Sport- en speelplekken • Koersdocument Leefbare stad en voorzieningen • Buurtagenda • Veiligheidsagenda • Samen voor Overvecht • Roadmap ‘Op weg naar een rookvrije generatie in Utrecht in 2035’ • Sportagenda
We hanteren richtinggevende normen voor maatschappelijke voorzieningen. In buurten met onvoldoende ontmoetingsplekken werken we samen met partners aan passende en haalbare oplossingen.
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 38
Ambitie 1
Utrechters zijn beschermd tegen negatieve milieufactoren Onze ambitie is dat Utrechters maximaal beschermd zijn tegen schade door blootstelling aan luchtverontreiniging, geluid en hitte. Om deze ambitie te behalen, stellen we ons drie doelen. Doel: Inwoners ademen schonere lucht in en ondervinden minimale geluidshinder. We werken aan een gezonde basis door het handhaven van de luchtkwaliteits- en geluidsnormen uit de beleidsnota ‘Gezondheid voor iedereen (2019-2023)’. De WHOadvieswaarden uit 2021 (zie pagina 98) voor luchtkwaliteit staan in het coalitieakkoord 2022-2026 en worden opgenomen in de nieuwe beleidsnota Luchtkwaliteit. We streven ernaar om deze normen snel in heel Utrecht te realiseren. Elke verbetering op dit gebied levert gezondheidswinst op voor de Utrechter. We bieden maatwerk door groepen die gevoelig zijn voor luchtverontreiniging en/of groepen met (een risico op) gezondheidsachterstanden extra te beschermen. Dit doen we door bij de bouw van basis- en middelbare scholen, kinderopvanglocaties, verpleeg- en verzorgingstehuizen, en andere plekken waar groepen met (risico) op gezondheidsachterstanden langdurig verblijven, te zorgen voor voldoende afstand tot drukke wegen. We handhaven hiervoor de norm van tenminste 300 meter tot snelwegen en 50 meter tot drukke binnenstedelijke wegen (meer dan 10.000 voertuigen per etmaal).
Voor woningen blijft de ambitie om binnen 100 meter van een snelweg geen nieuwe woningen te bouwen. Dit geldt met name voor sociale huurwoningen, omdat hier vaker mensen wonen met (risico op) gezondheidsachterstanden en zij vaak lang op dezelfde plek wonen. Bovendien is er minder keuzevrijheid bij de acceptatie van huurwoningen ten opzichte van woningen in het hogere segment. We gebruiken hiervoor de uitgangspunten ‘bouwen binnen 100 meter van een snelweg’ (zie kader hieronder). Het gaat om nieuwe projecten, dat wil zeggen projecten waarvoor geen intentiedocument, een omgevingsvisie of een grondexploitatie is vastgesteld op het moment van vaststellen van deze nota. Ook is de ambitie om de sociale huurwoningen binnen een bouwplan niet op de ongezondste plek te plaatsen, maar hebben de verschillende type woningen dezelfde lucht- en geluidskwaliteit. We passen de ambitiewaardes, grenswaardes en regels uit de beleidsnota Geluid en trillingen toe om de effecten van geluid op de gezondheid te beperken.
We bouwen geen nieuwe woningen binnen 100 meter van een snelweg, tenzij: • De planontwikkeling geen andere opties biedt op een plek buiten de 100 meter; én • Er geen uitruil mogelijk is met andere functies zodat er geen woningen binnen 100 meter gebouwd hoeven te worden waarbij de posities van zowel gemeente, corporaties en marktpartijen en/of andere stakeholders worden meegenomen in de afweging;
39
Doel: We voorkomen zoveel mogelijk gezondheidsschade als gevolg van hittestress en zon. We bieden een gezonde basis door ervoor te zorgen dat alle inwoners toegang hebben tot koele verblijfsplekken. Ook maken we belangrijke loop- en fietsroutes groener en schaduwrijker. We zorgen binnen 200 meter van iedere woning voor een koele en groene verblijfsplek in de buitenruimte van minimaal 200 m² (waaronder speeltuinen, schoolpleinen en parkjes). Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden om bij hitte (met code rood of oranje) gebouwen met koele ruimten open te stellen. Voor een zo groot mogelijke impact met de beschikbare middelen voor de aanpak van hittestress, kiezen we ervoor – waar mogelijk – voorrang te geven aan groenarme wijken en wijken met veel inwoners met een (risico op) gezondheidsachterstanden.
Met het oog op…
Mensen zonder vaste woon- of verblijfplaats zoeken bij hitte ook de beschikbare openbare schaduwplekken op. Dit kan overlast opleveren, vooral als er sprake is van alcohol-of middelengebruik. In het hitteplan moet daarom aandacht zijn voor specifieke gebruikersruimtes (waar alcohol- en middelengebruik toegestaan is) in de buitenlucht, met voldoende schaduw en drinkwater.
Doel: Meer sociale huurwoningen, scholen en kinderopvanglocaties hebben een gezond binnenmilieu. We werken aan een gezonde basis door bij nieuwe scholen norm B van het Programma van Eisen Frisse Scholen (2021) te handhaven. Daarnaast investeren we in de verbetering van het binnenklimaat van bestaande schoolgebouwen. Binnenmilieu bij kinderopvanglocaties is een gezondheidsthema dat binnen het toezicht door de Inspectie Kinderopvang (IKO) onderzocht kan worden. Voor een zo groot mogelijke impact van onze inzet op het verbeteren van het binnenmilieu, kiezen we ervoor te starten met huurwoningen. In huurwoningen zijn relatief vaak problemen met vocht, schimmel en gebrekkige isolatie. Mensen met (een risico op) gezondheidsachterstanden wonen vaker in huurwoningen. Bovendien kunnen we als gemeente beter sturen op de kwaliteit van het binnenmilieu bij huurten opzichte van koopwoningen. We gaan met de woningcorporaties in gesprek om na te gaan wat de mogelijkheden zijn om het binnenmilieu te verbeteren. Dit betekent dat we in onze prestatieafspraken gezonde binnenmilieunormen integreren en aandacht vragen voor binnenmilieu bij grootschalige renovaties. We spreken - in lijn met nationale prestatie afspraken - met woningcorporaties af dat zij de slechtste woningen tot en met 2028 versneld verduurzamen met de focus op label E, F en G.
Hiermee bereiken we een belangrijk deel van de huishoudens waar sprake is van een combinatie van een laag inkomen, hoge energiekosten en een slecht geïsoleerde woning, en met een (een risico op) gezondheidsachterstanden. In Utrecht gaat dit naar verwachting om 4000 woningen. (raadsbrief energiearmoede)
Beleidsnota Gezondheid versie februari 2024 | 40
Ambitie 2
De fysieke leefomgeving ondersteunt gezonde leefgewoonten We willen de fysieke leefomgeving van Utrechters zo inrichten dat deze gezonde leefgewoonten ondersteunt. We stellen ons twee doelen: Doel: Utrechters komen in de openbare en publiek toegankelijke ruimten minder in aanraking met ongezonde verleidingen. We werken aan een gezonde basis door het weren van het aanbod van en reclame voor ongezonde verleidingen. Op landelijk niveau pleiten we voor meer sturingsmogelijkheden. Waar nodig lopen we vooruit op landelijke wetgeving, zoals bij het besluit om nieuwe tabaksspeciaalzaken te weren. We doen mee aan de City Deal Gezonde en Duurzame Voedselomgeving waarin we onder andere sturingsinstrumenten ontwikkelen en implementeren om de voedselomgeving gezonder in te richten. Waar mogelijk weren we reclames voor ongezonde verleidingen. Daarover gaan we in gesprek met exploitanten van reclamedragers en conform de moties over reclame voor alcohol en gokken verbieden we uitingen daarover in nieuwe aanbestedingen voor reclamedragers. We kiezen ervoor onze inzet te focussen op plekken waar kinderen komen en/of mensen met (een risico op) gezondheidsachterstanden, omdat zij kwetsbaarder zijn voor verleidingen. Doel: Meer (passende) mogelijkheden voor sport, spelen en bewegen in de openbare ruimte.
We zorgen voor een gezonde basis door samen met de verenigingen in de stad te werken aan een vitale sportomgeving. Tegelijk zetten we ons in voor voldoende inclusieve en kwalitatief hoogwaardige speelvoorzieningen. We kiezen ervoor stedelijke investeringen in sport, spelen en bewegen te focussen op plekken waar de sport- en bewegingsdeelname laag is, er weinig (privé)ruimte is om te sporten en spelen, en in buurten waar veel mensen wonen met (een risico op) gezondheidsachterstanden. We werken ook aan een openbare ruimte die actief en zelfstandig vervoer stimuleert en toegankelijk en inclusief is. Daarmee wordt de openbare ruimte dus ook geschikter voor ouderen en mindervaliden. We starten bij herinrichtingsprojecten. We versterken de positie van de voetganger, bijvoorbeeld via groene ommetjes, sport- en beweegrondjes en verbeterde routes naar ov-haltes. We verkennen de mogelijkheden voor de inrichting van seniorvriendelijke looproutes tussen plekken waar veel ouderen wonen en wijkvoorzieningen. Het verbeteren van de openbare ruimte in de stad is een proces van de lange adem. Voor een zo groot mogelijke impact met de beschikbare middelen om de gebruikswaarde van groen te verhogen, kiezen we voor uitvoering in Zuidwest en Overvecht. Deze wijken hebben redelijk wat groen, maar dat wordt nog niet optimaal gebruikt.