Beleidsnota Arbeidsmarkt (na verwerking amendementen)
Tekst van het document
Om te weten waar het beste op kan worden ingezet, wordt momenteel in opdracht van de gemeente een verkenning uitgevoerd naar het keuzeproces en -aanbod. Op deze manier willen we begrijpen welke factoren jongeren beïnvloeden bij het maken van een (succesvolle) keuze voor een vervolgopleiding en inzichtelijk maken welke rol ouders en docenten in dit proces spelen. Daarbij onderzoeken we ook in hoeverre het huidige LOB-aanbod hier al op inspeelt. Op basis van deze verkenning gaan we onze gemeentelijke rol herijken en werkafspraken met het Utrechtse onderwijs hernieuwen. Ten slotte bereiden wij ons voor op de nieuwe wet ‘Van school naar duurzaam werk’ die naar verwachting vanaf 2026 geïmplementeerd wordt. Hiermee wil het Rijk de begeleiding bij de overgang van school naar werk van jongeren met een mogelijke afstand tot de arbeidsmarkt en van voortijdig schoolverlaters verbeteren.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
6. De instroom in en aansluiting van het mbo op tekortsectoren te versterken, in samenwerking met onderwijsinstellingen en werkgevers door te kijken naar de aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt. Een goed functionerende arbeidsmarkt vraagt om een sterke verbinding tussen onderwijs en werk. In Utrecht zien we dat er structurele tekorten zijn in verschillende sectoren. Tegelijkertijd is er een grote groep mbostudenten op zoek naar een kansrijke toekomst. Door de aansluiting tussen het middelbaar beroepsonderwijs en de arbeidsmarkt te verbeteren, kunnen studenten beter worden voorbereid op de beroepen van morgen én werkgevers sneller het personeel vinden dat ze nodig hebben. Dit is essentieel voor het versterken van de economische en sociale veerkracht. Vanuit onze regierol zetten we ons daarom in om de aansluiting tussen het (m)bo en de arbeidsmarkt verder te versterken en studenten (nog) beter te informeren over kansrijke opleidingsroutes en beroepen. Om dit te realiseren, zoeken we de samenwerking op met onderwijsinstellingen en werkgevers. We gaan in gesprek over hoe opleidingen inspelen op de vraag vanuit de arbeidsmarkt en hoe talenten en ambities van studenten optimaal benut kunnen worden. Op deze manier werken we gezamenlijk toe naar een arbeidsmarkt waar vraag en aanbod beter op elkaar aansluiten. We hebben hierbij bijzondere aandacht voor tekortsectoren.
Zo bouwen we samen met opleiders en werkgevers aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt, met ruimte voor talent én perspectief voor sectoren die onmisbaar zijn voor onze stad.
27
C. Monitoren, sturen en verantwoorden
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
28
1. Indicatoren
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
De arbeidsmarkt is niet maakbaar en er zijn geen snelle, structurele oplossingen voor de bestaande disbalans tussen vraag en aanbod (SER, 2023). Wel kunnen we met goed arbeidsmarktbeleid bijdragen aan het realiseren van een weerbare en wendbare arbeidsmarkt in Utrecht. Onderstaande indicatoren zeggen iets over de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en daarmee de noodzaak om als gemeente een actieve rol in te nemen. Ook monitoren we de effectiviteit van ons beleid indien dit concreet te meten valt. Denk aan het aantal toekenningen van het Regionaal Talentfonds. De nulmetingen volgen na vaststelling van de beleidsnota via monitoring van de programmabegroting (hoofddoelstelling) en voor de subdoelstellingen via de jaarlijkse raadsbrief arbeidsmarkt (zie pagina 33, voortgang en verantwoording). Doelstelling
Een weerbare en wendbare arbeidsmarkt
Effect-indicator
- Weerbaarheid: de mate waarin werkenden geen
0-meting
2023
Vervolgmeting 1
2024
Vervolgmeting 2
2025
Begroting ja/nee
Ja
‘nieuwe’ kennis of vaardigheden hoeven op te doen om aan de eisen van de arbeidsmarkt te kunnen blijven voldoen (regionale cijfers op basis van de Nationale Enquête Arbeidsmarktomstandigheden) - Wendbaarheid: de mate waarin werkenden gemakkelijk ander werk kunnen vinden (regionale cijfers op basis van de Nationale Enquête Arbeidsmarktomstandigheden)
29
Doelstelling
Een leven lang ontwikkelen stimuleren
Doelstelling
Onbenut arbeidspotentieel ontsluiten
Effect-indicator 1
Het aandeel van de bevolking dat heeft deelgenomen aan een opleiding, cursus, workshop, seminar, training of vakbeurs (regionale cijfers op basis van de Enquête BeroepsBevolking)
Effect-indicator
Onbenut arbeidspotentieel als aandeel van de bevolking (regionale cijfers op basis van de Enquête BeroepsBevolking)
0-meting
2023
0-meting
2023
Vervolgmeting 1
2024
Vervolgmeting 1
2024
Vervolgmeting 2
2025
Vervolgmeting 2
2025
Begroting ja/nee
Nee
Begroting ja/nee
Nee
Effect-indicator 2
Het aantal toekenningen van het Regionaal Talentfonds
Doelstelling
Goed werkgeverschap bevorderen
0-meting
2025
Effect-indicator
Vervolgmeting 1
2026
Aantal bereikte werkgevers (via uitvoeringsplan inclusieve arbeidsmarkt en aanpak goed werkgeverschap bevorderen)
Vervolgmeting 2
2027
0-meting
2024
Begroting ja/nee
Nee
Vervolgmeting 1
2025
Vervolgmeting 2
2026
Begroting ja/nee
Nee
Doelstelling
Jongeren interesseren voor werk in een tekortsector
Effect-indicator
Aantal bereikte leerlingen met LOB-activiteiten (via de door de gemeente gesubsidieerde LOB-activiteiten)
Doelstelling
Werkenden stimuleren om over te stappen naar een tekortsector of baan met een meer duurzaam perspectief
Effect-indicator
Baan naar baan mobiliteit (regionale cijfers per sector via UTA of Arbeidsmarktinzicht)
0-meting
2024
0-meting
2023
Vervolgmeting 1
2025
Vervolgmeting 1
2024
Vervolgmeting 2
2026
Vervolgmeting 2
2025
Begroting ja/nee
Nee
Begroting ja/nee
Nee
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
30
Doelstelling
Instroom in en aansluiting van het mbo op tekortsectoren versterken
Effect-indicator
Het aantal gesprekken dat de gemeente jaarlijks voert met onderwijsinstellingen ten behoeve van de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt.
0-meting
2024
Vervolgmeting 1
2025
Vervolgmeting 2
2026
Begroting ja/nee
Nee
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
31
2. Risico’s Risico
Toelichting
Maatregelen
Het ontbreken van (effectieve) triple helix samenwerking
Het investeren in een weerbare en wendbare arbeidsmarkt is een gezamenlijke opgave van onderwijsinstellingen, werkgevers en overheidsorganisaties. Om tot een succesvolle aanpak te komen, hebben we elkaar nodig. We zien met name een risico bij werkgevers, omdat zij zich veelal richten op korte termijn inspanningen en minder vaak investeren of kunnen investeren in arbeidsmarktmaatregelen gericht op de (middel)lange termijn.
We werken samen in regionale samenwerkingsverbanden, zoals de Utrecht Talent Alliantie (UTA), de arbeidskoepels en (binnenkort) het Werkcentrum. We verdiepen ons in behoeften en verwachtingen van onze triple helix partners. Ook agenderen we belemmeringen om deze gezamenlijk op te lossen. Samen met de koepels en de Economic Board Utrecht (EBU) richten we ons op een aantal grote werkgevers die het goede voorbeeld kunnen geven voor andere werkgevers.
Contraproductief Rijksbeleid
De Rijksoverheid kan met beleid en wet- en regelgeving sturen op de vraag en het aanbod van arbeid. Dit kan ons beleid tegenwerken. Zo zorgt de wens om kinderopvang gratis te maken en de klimaatdoelstellingen voor het verhogen van de arbeidsvraag in deze sectoren en kunnen aanpassingen van het fiscale stelsel het minder aantrekkelijk maken om (meer) te gaan werken (verlagen van het arbeidsaanbod).
Met onze lobbystrategie zetten we in op dat de Rijksoverheid haar eigen (strategische) rol pakt als het gaat om het aanpakken van de tekorten op de arbeidsmarkt. En kaarten we – indien nodig – ongewenste effecten van Rijksbeleid aan.
Grote (economische) ontwikkelingen
Grote (economische) ontwikkelingen beïnvloeden producenten- en consumentengedrag. Denk aan een recessie, energiecrisis, technologische ontwikkelingen of een pandemie. Dit heeft effect op de vraag naar en het aanbod van arbeid. Zo kunnen tekorten oplopen of verdwijnen en (nieuwe) overschotsectoren ontstaan doordat bepaalde banen overbodig worden. Ook kan het zijn dat we voor nieuwe maatschappelijke opgaven komen te staan.
We volgen de (economische) ontwikkelingen en de gevolgen daarvan binnen de Utrechtse lokale economie. Daarnaast zetten we in op een weerbare en wendbare beroepsbevolking. Zodat mensen niet buiten de boot vallen, maar zich gemakkelijk kunnen om-, bij- of herscholen. En – indien nodig – soepel kunnen overstappen naar een andere baan.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
32
3. Financiën
Op de volgende pagina is het benodigd budget en de gedekte en niet gedekte kosten voor het realiseren van een weerbare en wendbare arbeidsmarkt (hoofddoelstelling) weergegeven. De financiën zijn uitgesplitst naar de activiteiten uit deze beleidsnota. Als bij een activiteit het structurele jaarbedrag tussen ( ) staat weergegeven, is er nog geen structurele dekking. Als deze dekking niet (geheel) gevonden wordt, wordt het ambitieniveau bijgesteld en stoppen deze activiteiten. Voor het Werkcentrum is structurele dekking vanuit het Rijk beschikbaar. Het is echter nog onzeker of dit voldoende is. De beleidsnota wordt – met uitzondering van de regisseur kinderopvang (€99k in 2026 en €119k vanaf 2027) – binnen de huidige capaciteit uitgevoerd en gedekt uit de programma’s Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid en Kansrijk Opgroeien.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
33
Vervolg
Financiën (in € 1.000)
2025
2026
2027
2028 structureel
Financiën (in € 1.000)
Regionaal Talentfonds
400
400
400
100
100
Reeds in begroting gedekt
0
0
0
0
0
Loopbaanontwikkeling en begeleiding (LOB)
320
320
300
300
300
Utrecht Talent Alliantie
50
50
50
50
50
Sectorale arbeidsmarktinfrastructuur ontwikkeling
60
60
60
60
60
Arbeidsmarktaanpak circulair
30
30
30
30
niet structureel
Stimuleren van projecten en programma’s in de benoemde tekortsectoren
40
40
40
40
40
Regisseur kinderopvang
119
119
119
119
119
Arbeidsmarktaanpak energietransitie
100
100
niet structreel
niet structreel
niet structureel
Aanpak goed werkgeverschap bevorderen
20
60
60
60
90
De Ontdekhal
62
38
niet structreel
niet structreel
niet structureel
Uitvoeringsplan inclusieve arbeidsmarkt
276
250
250
250
250
1477
1467
1309
1009
1009
jaarbedrag
2025
2026
2027
2028 structureel
Werk, bestaanszekerheid, toekomstbestendige economie
756
770
670
270
270
Kansrijk opgroeien
504
405
300
300
300
Klimaatvriendelijke stad
100
100
0
0
0
Levendige en gezonde stad
60
60
0
0
0
Betrouwbare overheid
57
33
0
0
0
1477
1368
970
570
570
Bijdragen van derden (C)
0
0
0
0
0
Nog niet gedekte kosten (D)16
0
99
339
439
439
jaarbedrag
Vanaf 2028 onvoldoende dekking – zie D.
Werkcentrum
Reeds in begroting gedekt (B)
Vanaf 2026 onvoldoende dekking – zie D.
Vanaf 2027 onvoldoende dekking – zie D.
Totaal benodigd budget (A)
16
Besluitvorming over aanvullende dekkingsmogelijkheden maakt onderdeel uit van de integrale afweging voorafgaand aan de Voorjaarsnota.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
A. Totaal benodigd budget Aangezien de verwachting is dat de tekorten op de arbeidsmarkt de komende jaren alleen maar toe zullen nemen en oplossingen om een lange adem vragen, is een integrale meerjarige inzet wenselijk met structurele middelen. Echter, de financiële budgetten dekken op dit moment nog niet onze ambities. Er is een tekort van €99k in 2026, €339k in 2027 en €439k vanaf 2028. Wanneer blijkt dat de benodigde (structurele) middelen niet kunnen worden vrijgemaakt, kan het arbeidsmarktbeleid niet op hetzelfde ambitieniveau worden uitgevoerd. B. Reeds in begroting gedekt De ambities uit deze beleidsnota kunnen deels worden gedekt uit de hiervoor in de programmabegroting geraamde budgetten. Dit betreft: - Werk, bestaanszekerheid en toekomstbestendige economie; - Kansrijk opgroeien; - Klimaatvriendelijke stad; - Levendige en gezonde stad; en - Betrouwbare overheid 34
C. Bijdragen van derden In de tabel zijn het benodigd budget en de (on)gedekte kosten voor de gemeente Utrecht weergegeven. Middelen vanuit bijvoorbeeld de Rijksoverheid en/of cofinanciering voor regionale projecten zijn niet opgenomen. Zo gaan we er bij het Werkcentrum vooralsnog van uit dat dit volledig met middelen van de Rijksoverheid kan worden bekostigd. Een ander voorbeeld is het Regionaal Talentfonds waar wij – net als bijvoorbeeld de gemeente Amersfoort en de Provincie Utrecht - een bijdrage aan leveren. In de tabel ‘Financiën’ is onze bijdrage weergegeven. D. Nog niet gedekte kosten De meerjarenbegroting voor de beleidsnota arbeidsmarkt is voor een groot deel incidenteel bekostigd. Het gevolg is dat een aanzienlijk deel van de kosten voor activiteiten die in deze beleidsnota zijn omschreven, niet structureel zijn gedekt. Voor deze ongedekte kosten van activiteiten zal de komende jaren nog dekking gevonden moeten worden. Indien deze dekking niet (geheel) gevonden wordt, dan zal het ambitieniveau van deze nota worden verlaagd. In dat geval stoppen we met onderstaande activiteiten. Daarnaast zijn De Ontdekhal, de arbeidsmarktaanpak energietransitie en de arbeidsmarktaanpak circulair incidenteel bekostigd. Deze bekostiging loopt af, omdat het impulsgelden betreft. Hiervoor is dus geen aanvullende (structurele) financiering nodig. Nog niet gedekte kosten (in € 1.000)
2025
2026
2027
Regionaal Talentfonds Regisseur kinderopvang
99
Uitvoeringsplan inclusieve arbeidsmarkt Totaal
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
0
99
2028 structureel jaarbedrag
100
100
119
119
119
220
220
220
339
439
439
35
4. Voortgang en verantwoording
We rapporteren over de voortgang van de beleidsnota Arbeidsmarkt op twee momenten per jaar. De hoofddoelstelling ‘een weerbare en wendbare arbeidsmarkt’ monitoren we via de jaarlijkse programmabegroting en -verantwoording. Dit valt binnen het programma Werk, Toekomstbestendige Economie en Bestaanszekerheid. Daarnaast rapporteren we via een jaarlijkse raadsbrief over de voortgang op de (sub)doelstellingen. We maken hierbij het verschil in arbeidsmarktontwikkelingen, zoals de mate waarin er sprake is van een leven lang ontwikkelen, en de effectiviteit van ons beleid. Denk aan het aantal toekenningen van het Regionaal Talentfonds. We maken gebruik van kwalitatieve en kwantitatieve informatie. Voorbeelden zijn de monitoring van de Nationale Enquête Arbeidsmarktomstandigheden, de Enquête BeroepsBevolking en de (geanonimiseerde) klantcontactgegevens van mensen die zich aanmelden bij het Regionaal Talentfond en - op termijn - het Werkcentrum. Via de klantcontactgegevens willen we monitoren in hoeverre we onze doelgroep - en in het bijzonder personen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt - bereiken. We kunnen de gestelde ambities in deze nota niet alleen bereiken. We zijn in grote mate afhankelijk van onze lokale en regionale triple helix partners én inwoners. De kennis en ervaring van deze mensen en partijen zijn van groot belang om ons beleid succesvol te laten zijn.
Dat is niet alleen belangrijk tijdens het opstellen ervan, maar juist ook in de dagelijkse praktijk. We leren van ervaringen in de praktijk en passen onze aanpak of ons beleid er op aan. Dat doen we door in nauw contact te blijven met onze stakeholders en doelgroepen. Als er aanleiding voor is, bijvoorbeeld door economische ontwikkelingen, ervaringen, of signalen in relatie tot de gestelde ambitie, stellen we keuzes bij en leggen we het opnieuw ter besluitvorming voor aan de raad. Dit sluit aan bij het principe van continu leren en verbeteren.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
36
D. Bijlagen
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
37
1. Literatuurlijst
Commissie Regulering van Werk (Commissie-Borstlap) (2020), In wat voor land willen wij werken? Eindrapport. De Nederlandse Bank (2023), Kwetsbaarheid en veerkracht van Nederlandse huishoudens. Een analyse vanuit een breed welvaartsperspectief. Europese Commissie (2023), EU Regional Competitiveness Index 2.0-2022 edition - Revised, May 2023 Kamer van Koophandel (2022), Personeelstekort in het mkb. Onderzoek naar de gevolgen en oplossingen van personeelstekort bij het mkb. KPMG (2021), Transitie is mensenwerk. KPMG (2022), Aan de slag met de Circulaire Arbeidsmarkt. MKB Nederland (2023), Laat ons ondernemen. Naar ander, stimulerend beleid voor het mkb. Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (2023), Kamerbrief met Actieplan groene en digitale banen. Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (2023), Trendrapportage Arbeidsmarkt Lerarenstrategie 2023. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (2022), Kamerbrief aanpak arbeidsmarktkrapte. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (2023), Kamerbrief aanvullende maatregelen aanpak arbeidsmarktkrapte. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (2024), Kamerbrief hervorming arbeidsmarktinfrastructuur. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2018), Actieprogramma Kansrijke Start.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
38
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2024), Kamerbrief voortgang integraal zorgakkoord. Nederlands Interdisciplinary Demographic Institute (NIDI) (2022), Studiekeuzes van jongeren met een migratieachtergrond. RaboResearch (2023), Brede welvaart afgelopen drie jaar nagenoeg stabiel. Regiobeeld IZA (2023) Regiobeeld integraal zorgakkoord – Utrecht Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA)(2023), Visie talentvraag 2024. Rijksoverheid (2023), Asielzoekers mogen meer dan 24 weken per jaar werken. Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) (2020), Kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt.
Sociaal Economische Raad (SER) (2023), Aanhoudende arbeidsmarktkrapte in publieke sectoren vraagt om ferme keuzes van kabinet. TNO (2023), Van krapte naar kans: technologie als gamechanger. Tussenrapportage stap 1. UWV (2023), Regio in Beeld 2023. UWV (2023), Demografische ontwikkelingen: meer doen met minder mensen. UWV (2024), Dashboard Spanningsindicator. UWV (2024), Regio in Beeld 2024-2025. Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (2020), Het betere werk. De nieuwe maatschappelijke opdracht.
Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) (2023), Krappe arbeidsmarkt vraagt om meer mensgerichte oplossingen. SEO Economisch Onderzoek en ROA (2022), Arbeidsmarktkrapte technici. Ontwikkelingen, verklaringen en handelingsperspectieven. SEO Economisch Onderzoek (2023), Oplossingen voor arbeidsmarktkrapte. Sociaal Economische Raad (SER) (2017), Regionaal samenwerken: leren van praktijken. Sociaal Economische Raad (SER) (2020), Neem iedereen mee: Kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt. Sociaal Economische Raad (SER) (2022a), Diversiteit in bedrijf. Factsheet Monitor Charter Diversiteit 2022. Sociaal Economische Raad (SER) (2022b), Monitor leercultuur. Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
39
2. Arbeidsmarktscan Utrecht
Utrecht is een aantrekkelijke stad17 Utrecht is een welvarende en gezonde regio. Zo is Utrecht in 2023 uitgeroepen tot de meest competitieve regio van Europa, met name door het grote aantal inwoners met een hbo- of wo-diploma, innovaties en het vestigings- en investeringsklimaat. Ook blijkt dat we een aantrekkelijke stad zijn. Wij scoren hoog op onder andere bereikbaarheid, banen, cultuur en winkelvoorzieningen, samenstelling woningvoorraad en arbeidsparticipatie. Daarnaast scoort Utrecht hoog op brede welvaart met 11 indicatoren in het bovenste kwartiel van de ranglijst van het CBS. Dit is hoger dan Amsterdam (7), Den Haag (8) en Rotterdam (4). Specifiek voor het thema arbeidsmarkt staat de gemeente in het bovenste kwartiel van de ranglijst van gemeenten op de indicatoren: netto arbeidsparticipatie, werkloosheid, vacaturegraad en aantal personen met een hbo- of wo-diploma. Stad met hoogste aandeel inwoners met een hboof wo-diploma18 Utrecht is de Nederlandse stad met de meeste inwoners tussen 15 en 75 jaar met een hbo- of wo-diploma (54%). Vanaf 2013 tot 2022 is het aantal inwoners met een hbo- of wo-diploma met 7,3% gestegen. Dit is aanzienlijk meer dan het landelijk gemiddelde (32%). Amsterdam heeft na Utrecht het grootste aandeel hbo- en wo-opgeleide inwoners (48%) gevolgd door Den Haag (36%) en Rotterdam (32%).
Het hoge aantal hbo- en wo-opgeleiden in Utrecht is debet aan een aantal factoren. Zo is de Universiteit Utrecht de op een na grootste universiteit van Nederland. Veel werknemers en studenten van de Universiteit Utrecht vestigen zich in de stad. Verder blijven relatief veel studenten plakken na hun studie in Utrecht door de centrale ligging. Ook verhuizen veel starters naar de Randstad, omdat ze hier vaker passende werkgelegenheid kunnen vinden.
17 18
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
Europese Commissie (2023), EU regional competitiveness index 2.0 – 2022 edition. CBS (2024), Bevolking; hoogstbehaald onderwijsniveau in de regio.
40
Utrecht heeft de hoogste netto arbeidsparticipatie van Nederland19 Utrecht heeft de hoogste netto arbeidsparticipatie van Nederland: 77,3% van de Utrechters heeft betaald werk (landelijk gemiddelde 73,2%). Deze hoge arbeidsparticipatiegraad is deels toe te kennen het hoge aandeel inwoners met hbo- of wo-diploma. Ook valt de hoge arbeidsparticipatie van vrouwen op (73,3% in Utrecht, 68,9% landelijk). Amsterdam eeft van de G4-steden na Utrecht de hoogste netto arbeidsparticipatie (72,9%), daarna Rotterdam (69,4%) en Den Haag (69,3%). Doordat het netto arbeidsparticipatiecijfer in Utrecht zo hoog ligt, is er weinig ruimte om de arbeidsmarkttekorten aan te pakken door de arbeidsmarktparticipatie onder inwoners verder te verhogen. 77,0
%
76,0 75,0 74,0
Laagste werkloosheid van G4-steden en minder doorstroom naar bijstand20/21 De werkloosheid in Utrecht is de afgelopen tien jaar gedaald van 8% in 2013 naar 4% in 2023. De werkloosheid ligt daarmee net iets hoger dan het laagste punt in 2022 (3,8%). Hoewel de krappe arbeidsmarkt zorgt voor een zeer lage werkloosheid, is het niet realistisch om een werkloosheidspercentage van 0% na te streven doordat er altijd beweging is op de arbeidsmarkt. Zo kan kortdurende werkloosheid ontstaand doordat mensen zoeken naar of wisselen van een baan. Het werkloosheidspercentage in de gemeente Utrecht ligt net iets hoger dan het landelijk gemiddelde (3,6%), maar lager dan bij de andere G4steden (Den Haag 4,7%, Amsterdam 5,0%, Rotterdam, 5,3%). Het werkloosheidspercentage is het hoogst in de jongere leeftijdsgroep (15 t/m 24 jaar, 9,3%). Omdat Utrecht een relatief jonge stad is, is dit deels een verklaring voor het werkloosheidspercentage dat iets hoger ligt dan het landelijk gemiddelde. In Utrecht daalde het aantal inwoners met een werkloosheidsuitkering van 6.390 in 2016 naar 2.720 in 2023. Dit is een afname van 3.670 (meer dan 50%). Het aantal werkloosheidsuitkeringen is sinds 2009 niet meer zo laag geweest. Ook is er een afname in het aantal inwoners dat na een werkloosheidsuitkering doorstroomt naar een bijstandsuitkering.
In 2022 stroomde 3,2% (188 inwoners) van de mensen met een werkloosheidsuitkering door naar de bijstand. In 2020 en 2021 was dit 5,2% en 4,1%. Deze afname houdt sterk verband met de krapte op de arbeidsmarkt.
73,0 72,0 71,0 70,0 69,0 68,0 67,0 66,0 65,0 64,0 63,0 62,0 61,0 60,0 59,0
2013
2015
Regio's Nederland Amsterdam
2017
2019
's-Gravenhage (gemeente) Rotterdam Utrecht (gemeente)
2021
2023
Perioden
Figuur 1 Ontwikkeling netto arbeidsparticipatie Nederland en G4-steden 2013-2023
19
Utrecht Monitor (2024), Arbeidsdeelname; provincie; CBS (2024), Arbeidsdeelname; regionale indeling 2023; Utrecht Monitor (2024), Arbeidsmarkt.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
Het werkeloosheidspercentage wordt berekend op basis van het aandeel van de beroepsbevolking dat geen betaald werk heeft, recent naar betaald werk gezocht heeft en per direct beschikbaar is. Kortom: de werkloze beroepsbevolking bestaat enerzijds uit mensen die werkloos worden en anderzijds mensen die op zoek gaan naar werk maar eerder geen betaal werk hadden. Denk aan een persoon die voor de kinderen heeft gezorgd of mantelzorg heeft verleend en nu weer tijd heeft om betaald werk te gaan verrichten. 21 CBS (2024), Arbeidsdeelname; provincie; CBS (2024), Uitkeringen: Bijstandsuitkeringenstatistiek (BUS); Utrecht Monitor 2024, Inkomen & uitkeringen; UWV (2023), Doorstroom WW-bijstand – Tabellenset 2020-2022. 20
41
13,5
11000
%
13,0
10000
12,5 12,0
9000
11,5 11,0
8000
10,5 10,0
7000
9,5 9,0
Arrangementen Onbekend
6000
1
8,5
2
5000
8,0
3
7,5 6,5
3000
6,0 5,5
2000
5,0 4,5
1000
4,0 3,5
4
4000
7,0
2013
2015
Regio's Nederland Amsterdam
2017
2019
's-Gravenhage (gemeente) Rotterdam Utrecht (gemeente)
2021
Figuur 2 Werkloosheidspercentage Nederland en G4-steden 2013-2023
Het aantal mensen met een bijstandsuitkering is de afgelopen jaren gedaald. Op 1 januari 2024 verstrekte de gemeente aan 9.341 huishoudens een bijstandsuitkering (4,8%). Gemeente Utrecht had in juni 2023 een bijstandsdichtheid van 33,2 op 1.000 inwoners. Dit is de laagste bijstandsdichtheid van alle G4-steden (Amsterdam 44,6; Den Haag 46,8; Rotterdam 60,9). Hierbij valt op dat de doelgroep van de bijstand verandert. De groep bijstandsgerechtigden met een korte afstand tot de arbeidsmarkt wordt steeds kleiner, omdat door de krapte op de arbeidsmarkt deze mensen gemakkelijker aan het werk komen. Hierdoor is bij een steeds groter deel van de bijstandsgerechtigden sprake van één of meerdere grote belemmeringen voor het betreden van de arbeidsmarkt. Een groot deel van de bijstandsgerechtigden is dus niet per direct beschikbaar voor de arbeidsmarkt.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
0
2023
Perioden
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
Figuur 3 Utrecht aantal bijstandsgerechtigden met arrangemententoewijzing 2015-202322
Blijvend hoog aantal openstaande en nieuwe vacatures (vacaturegraad)23 In arbeidsmarktregio Midden-Utrecht lijkt het aantal openstaande vacatures zich te stabiliseren rond 35.000 per kwartaal. Het aantal nieuwe vacatures per kwartaal is gemiddeld zo’n 30.000. Veel nieuwe vacatures zijn in de sectoren bedrijfseconomie, administratie, techniek en zorg en welzijn. De vraag naar deze beroepen in deze sectoren was al hoog, maar is nog verder toegenomen. Midden-Utrecht heeft na arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam het hoogste aantal nieuwe vacatures.
Sinds 2024 maakt de gemeente Utrecht geen gebruik meer van de term arrangementen, maar van een nieuwe onderverdeling. Deze grafiek is opgenomen omdat het een goed beeld geeft van hoe de groep bijstandsgerechtigden met een korte afstand tot de arbeidsmarkt steeds kleiner wordt. 23 ArbeidsmarktInzicht (2024), Vacatures; Staat van Utrecht (2023), Economische Ontwikkeling; UWV (2024), Dashboard Vacaturemarkt; Utrecht Monitor (2024), Arbeidsmarkt. 22
42
40.000
30.000
20.000
Openstaande vacatures
’23-04
’23-03
’23-02
’23-01
’22-04
’22-03
’22-02
’22-01
’21-04
’21-03
’21-02
’21-01
’20-04
’20-03
0
’20-02
10.000
’20-01
Regio Midden-Utrecht heeft de krapste arbeidsmarkt van Nederland24/25 Arbeidsmarktregio Midden-Utrecht is de krapste arbeidsmarktregio van Nederland. De spanningsindicator van het UWV in regio MiddenUtrecht is 6,75 in Q2 2024. De krapte is structureel hoger dan het landelijk gemiddelde van 4,0. Dit betekent dat er in verhouding veel meer vacatures zijn ten opzichte van het aantal kortdurende werkzoekenden. Het is dus in arbeidsmarktregio Midden-Utrecht voor werkgevers extra moeilijk om aan personeel te komen. De spanningsindicator is ook aanzienlijk hoger dan die van de arbeidsmarktregio van de ander G4-steden (Groot-Amsterdam 4,14, Haaglanden 3,99, Zuid-Holland centraal 4,05). In elke beroepsklasse is er meer spanning dan het landelijk gemiddelde. De ICT beroepen hebben in regio Midden-Utrecht de maximale spanningsindicator van 16,00. Maar ook de pedagogische (12,03), technische (10,81) en zorg & welzijn (8,40) beroepsklasse worden gekenmerkt als zeer krap.
Nieuwe vacatures
Figuur 5 Vacatures arbeidsmarktregio Midden-Utrecht 2020-2023
Figuur 4 Aantal online openstaande vacatures naar beroepsklasse en -niveau Q2 2024 24
25
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
De Spanningsindicator Arbeidsmarkt wordt berekend door dit aantal openstaande vacatures te delen door het aantal personen met een WW-uitkering met een verstreken WW-duur van minder dan een half jaar. UWV (2024); Dashboard Spanningsindicator.
43
Utrecht is de minst vergrijsde G4-stad26 Utrecht is in de periode van 2016 tot 2024 gegroeid met 35.200 inwoners (10,6%), dit was procentueel sneller dan alle andere G4-steden. Ook in de komende jaren zal de Utrechtse bevolking flink toenemen van 374.000 inwoners in 2024 tot 472.000 inwoners in 2040 (+26%). In Utrecht zijn twee landelijke demografische trends te herkennen: (dubbele) vergrijzing en ontgroening. Vergrijzing is de toename van het aantal ouderen in de bevolking, terwijl ontgroening juist de afname van het aantal jongeren betekent. Dit zorgt samen voor een verschuiving in de bevolkingssamenstelling naar een oudere gemiddelde leeftijd. Verder is er sprake van zogenaamde ‘dubbele’ vergrijzing: er zijn meer ouderen en deze ouderen worden ouder. Ook in Utrecht spelen deze trends een grote rol in de ontwikkeling van de bevolking. Momenteel is Utrecht het minst vergrijsd van de G4-steden. In 2021 bestond ongeveer tien procent van de Utrechtse bevolking uit 65-plussers. Amsterdam (13%) is na Utrecht het minst vergrijsd, gevolgd door Den Haag (15%) en Rotterdam (15%). Pas in 2035 zal de vergrijzing in Utrecht naar verwachting sneller doorzetten (17%), waardoor het gat met andere grote steden kleiner wordt (20%). In Utrecht is ook sprake van ontgroening. De groep 0-17-jarigen groeit van 70.600 in 2024 naar bijna 83.000 in 2040 (+18%).
De groep 65-plussers groeit in dezelfde periode een stuk harder: van 38.600 in 2022 naar bijna 61.000 in 2040 (+57%). Zowel vergrijzing als ontgroening veranderen de samenstelling van de bevolking van Utrecht en dus ook de samenstelling van de Utrechtse beroepsbevolking. Dit heeft implicaties voor de arbeidsmarkt, zo neemt de vraag naar zorg bijvoorbeeld toe.
26
PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) en CBS (2022), Regionale bevolkings- en huishoudensprognose 2022-2050; Utrecht Monitor (2024); Bevolkingsprognose; CBS (2023), Demografische Ontwikkelingen: meer doen met minder mensen.
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
Figuur 6 - Prognose bevolkingsgroei gemeente Utrecht 2024-2040 per leeftijdscategorie
Utrecht telt meer banen dan inwoners27 Utrecht telt sinds 2020 meer banen dan inwoners in de leeftijdscategorie 15 t/m 74 jaar. Dit blijkt ook uit de stijging van de werkgelegenheidsfunctie28 van 0,99 in 2019 naar 1,09 in 2023. Utrecht is een van de vier (middel) grote gemeenten die een werkgelegenheidsfunctie heeft boven de 1,0. Deze sterke werkgelegenheidsfunctie is terug te zien in het aantal mensen dat naar de arbeidsmarktregio Midden-Utrecht reist voor werk (inkomend pendelverkeer). Het inkomend pendelverkeer is bijna net zo groot als het aantal 15 t/m 74-jarigen dat in Midden-Utrecht woont en werkt. 42% van de banen in Midden-Utrecht wordt ingevuld door mensen van buiten de regio.
27 28
Utrecht Monitor (2024), Arbeidsmarkt; UWV (2023), Regio in beeld Midden-Utrecht De werkgelegenheidsfunctie is het aantal banen t.o.v. beroeps- en niet-beroepsbevolking.
44
In Utrecht is de zakelijke dienstverlening de grootste sector en financiële dienstverlening de snelgroeiende sector 29 Tussen 2013 en 2023 nam het aantal banen in gemeente Utrecht toe met 82.610 tot een totaal van 317.470. Dit is een toename van 35% in 10 jaar tijd. In 2023 zijn 278.000 banen op fulltime basis en 38.000 op parttimebasis. Utrecht heeft de hoogste banengroei sinds 2019 van gemeenten met meer dan 100.000 banen.30 De zakelijke dienstverlening is de sector met de grootste werkgelegenheid in Utrecht met 56.000 werkzame personen. Tussen 2021 en 2023 is de sector met ruim 5.000 banen gegroeid. Ook de gezondheidszorg is een grote sector waar bijna 44.000 werkzame personen werkzaam zijn. De financiële dienstverlening is de snelgroeiende sector van Utrecht en groeide tussen 2022 en 2023 met 12%.
zakelijke dienstverlening gezondheidszorg
Het UWV voorspelt dat de arbeidsmarktregio Midden-Utrecht het aantal banen in 2025 verder zal doorgroeien met 1,0%. Er wordt verwacht dat deze groei vooral zichtbaar zal zijn in specialistische zakelijke dienstverlening, financiële dienstverlening, detailhandel en zorg & welzijn. Sterke groei aantal zzp’ers en grootbedrijf blijft grootse werkgever31 Utrecht telt 30 vestigingen waar meer dan 1.000 mensen werkzaam zijn. De meeste mensen zijn werkzaam bij een bedrijf met 1.000+ werknemers (63.510). Daarna vormen zzp’ers de grootste groep (39.920). De afgelopen jaren is de toename van deze groep zzp’ers een landelijke trend, die ook terug te zien is in Utrecht. Het aantal zzp’ers in Utrecht is in tien jaar tijd met 27% toegenomen, terwijl het aantal werknemers met een kleine 3% steeg. Momenteel werkt 17% van de Utrechtse beroepsbevolking als zzp’er. Utrecht telt momenteel 1.269 zzp’ers per 10.000 inwoners, ongeveer gelijk aan Rotterdam (1.264 zzp’ers per 10.000 inwoners). Amsterdam (1.697) en Den Haag (1.455) tellen beiden een nog hoger aantal zzp’ers per 10.000 inwoners. Het landelijk gemiddelde ligt lager, namelijk op 985 zzp’ers per 10.000 inwoners.
handel transport / communicatie
80.000
overheid
zakelijke dienstverlening
70.000
onderwijs financiele dienstverlening
gezondheidszorg
60.000
handel
horeca
transport / communicatie
50.000
cultuur / sport / recreatie bouw
overheid
40.000
industrie
onderwijs financiele dienstverlening
30.000
landbouw
horeca
20.000
overig 0%
5%
2001
10%
15%
20%
2022
bouw industrie
0
landbouw
1000 + werkzame personen
800-999 werkzame personen
500-799 werkzame personen
200-499 werkzame personen
100-199 werkzame personen
50-99 werkzame personen
20-49 werkzame personen
10-19 werkzame personen
5-9 werkzame personen
2-4 werkzame personen
1 werkzaam persoon
UWV (2024), Regionale arbeidsmarktprognose 2024 - 2025 Midden-Utrecht; Utrecht in Cijfers (2023), Banen naar geslacht, parttime, fulltime en uitzendkrachten; Utrecht in Cijfers (2023), Totaal aantal banen; Utrecht in Cijfers (2023), Banen naar grootteklasse en sector 30 Hoge banengroei heeft soms ook te maken met administratieve wijzingen van bedrijven door bijvoorbeeld centralisatie van het werknemersbestand. 31 Utrecht Monitor (2024), Arbeidsmarkt; Utrecht in Cijfers (2023), Banen naar grootteklasse en sector
10.000
0 werkzame personen
Figuur 7 Groei sectoren in Utrecht 2001 ten opzichte van 2022
cultuur / sport / recreatie
overig
29
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
Figuur 8 Aantal inwoners werkzaam naar bedrijfsgrootte 2023
45
Colofon
oeten worden. Indien deze dekking niet (geheel) gevonden wordt, dan zal het ambitieniveau van deze nota worden verlaagd. In dat geval stoppen we met onderstaande activiteiten. Daarnaast zijn De Ontdekhal, de arbeidsmarktaanpak energietransitie en de arbeidsmarktaanpak circulair Uitgave: Gemeente Utrecht, januari 2025 incidenteel bekostigd. Deze bekostiging loopt af, omdat het impulsgelden In opdracht van: Het College van Burgemeester en Wethouders betreft. Hiervoor is dus geen aanvullende (structurele) financiering nodig. Internet: www.utrecht.nl Meer informatie: info@utrecht.nl Vormgeving: o2 communicatie
Beleidsnota arbeidsmarkt 2025-2028
46