CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord-Utrecht

Gemeenteraad 8 mei 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Beeldkwaliteitsplan Papendorp – De Taats17.586 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beeldkwaliteitsplan Papendorp - De Taats Noord, Utrecht

Colofon Niets uit dit document mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Wissing B.V. en naamsvermelding. Aan de inhoud van dit document kunnen geen rechten worden ontleend.

Titel document:

Opdrachtgever:

Beeldkwaliteitsplan Papendorp - De Taats Noord

gemeente Utrecht, opgave Leidsche Rijn

Projectnaam: Woningbouw Papendorp

Projectnummer: 0726

Auteur(s): Désirée de Jonge Karine Schenkeveld Daan de Wit

Contactpersoon: Toon van Nuland

Versie: 2

Status: concept

Wijzigingsdatum: 23 januari 2025

Wissing B.V. Middenbaan 108, 2991 CT, Barendrecht Postbus 37, 2990 AA, Barendrecht

T + 31 (0)180 61 31 44 www.wissing.nl

Inhoud 6. Woningbouwblok Allard

1. Algemeen4

48

1.1 Opzet Beeldkwaliteitsplan

5

6.1 Rooilijnen

50

1.2 Kwaliteitsteam en proces

6

6.2 Accenten

52

1.3 Stedenbouwkundige opzet

8

6.3 Korrelgrootte

54

6.4 Horizontale geleding

56

6.5 Ondergeschikte bouwdelen

58

2. Doel van de beeldkwaliteit 2.1 Doelstelling

10 11

7. Taats Noord

60

3. Duurzaamheid

16

7.1 Rooilijnen

62

3.1 Ambitie

17

7.2 Accenten

64

7.3 Korrelgrootte 

66

7.4 Horizontale geleding

68

7.5 Ondergeschikte bouwdelen 

70

3.2 Convenant Toekomstbestendige Woningbouw17 3.3 Leidraad Het Nieuwe Normaal (HNN) 20 3.4 Aanvullende aandachtspunten

8. Taatsenplein

72

8.1 Rooilijnen

74

8.2 Accenten

76

24

8.3 Korrelgrootte

78

4.1 Vijf binnenhoven

26

8.4 Horizontale geleding

80

4.2 Poorten en wandelroute

28

8.5 Ondergeschikte bouwdelen 

82

4.3 Overgang privé-openbaar

30

4.4 Groene kamers 

32

4.5 Referentiebeelden binnenhoven

34

duurzaamheid21 3.5 Groene gevels 4. De binnenhoven

5. De mobiliteitshub - MHXL 

23

9. Kleur en materiaal 9.1 Kleur en materiaal

86

9.2 Referenties kleur en materiaal

88

36 10. Reclame

5.1 Toelichting op het voorlopig ontwerp 38 5.2 Klantreis

40

5.3 Gevels

44

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

84

10.1

3

90 Reclame

91

1. Algemeen Dit document is het beeldkwaliteitsplan voor de ontwikkeling van woningbouw in Papendorp, deel de Taats Noord. Dit beeldkwaliteitsplan dient als inspiratiebron en leidraad voor architecten die de plannen gaan uitwerken. Het is tevens het toetsingskader voor bouwplannen en de bijbehorende buitenruimte.

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

4

1.1 Opzet Beeldkwaliteitsplan In dit Beeldkwaliteitsplan (BKP) worden de intenties voor de beeldkwaliteit gegeven voor de deelgebieden de Taats, de Mobiliteitshub XL (zowel de mobiliteitshub als de woningbouw) en de gebouwen rondom het Taatsenplein. De intenties in dit beeldkwaliteitsplan gaan over de verschillende ordenende principes. Per ordenden principe wordt ingegaan wat de doelstelling is en wordt dit concreet gemaakt door richtlijnen. Daarbij is getracht dit zo helder en kernachtig mogelijk te verwoorden. Wanneer de richtlijnen worden gehanteerd, wordt de doelstelling in principe gehaald. Tegelijkertijd biedt het gebruik van richtlijnen ook ruimte voor andere mogelijke oplossingen, mits de beoogde doelstelling wordt bereikt.

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

De richtlijnen worden verduidelijkt met schema’s en één of meerdere referentiebeelden. Aangezien het nagestreefde beeld voor de Taats uiteraard nog niet bestaat, wordt gebruik gemaakt van deze middelen. Referentiebeelden dienen als inspiratie en hebben vooral betrekking op het behandelde aspect van de desbetreffende richtlijn. Mogelijk stroken getoonde referentiebeelden gedeeltelijk niet met andere beschreven richtlijnen, omdat het beeld enkel dient om specifiek een deelaspect of principe te verduidelijken. De spelregels uit het SPvE en de doelstellingen en richtlijnen uit het BKP geven samen sturing aan de beeldkwaliteit. Dit BKP vormt de basis voor de kavelpaspoorten die voor de verschillende bouwvelden in de Taats worden opgesteld.

5

1.2 Kwaliteitsteam en proces Voor de kwaliteitsbewaking en toetsing van de ontwikkelingen in Papendorp is een supervisor en een kwaliteitsteam aangesteld. Het kwaliteitsteam toetst de ontwerpen (het schetsontwerp (SO), het voorlopig ontwerp (VO) en het definitief ontwerp (DO)) aan het SPvE Papendorp Noord, en dit Beeldkwaliteitsplan. Het kwaliteitsteam beoordeelt zowel de gebouwen, de collectieve ruimte (de aansluiting op) de openbare ruimte als civiele werken.

en ontwerp van naast elkaar gelegen blokken. Hierdoor ontstaat een dialoog tussen de ontwerpteams en de supervisor. Zo blijft het mogelijk om op overtuigende wijze aan te tonen dat het gewenste eindresultaat kan worden bereikt op een manier die niet expliciet in de aanwijzingen van dit BKP / het kavelpaspoort is beschreven. Het kwaliteitsteam zorgt voor een goede afstemming met de Commissie Omgevingskwaliteit Utrecht (COU). De COU adviseert bij de aanvraag omgevingsvergunning.

De supervisor is beschikbaar voor zogenaamd collegiaal overleg met ontwerpers en hun opdrachtgevers, om in onderling overleg richting en sturing te bieden aan opzet

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

6

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

7

1.3 Stedenbouwkundige opzet Plangebied en de onderdelen van de Taats Papendorp ligt in de oksel van de snelwegen A2 en A12 en wordt aan de andere zijde begrensd door het AmsterdamRijnkanaal. Het plangebied de Taats Noord vormt in Papendorp de overgang tussen het grootschalige kantoren- en bedrijvenpark en de kleinschalige woonwijk Groenewoud. Binnen Papendorp is het een structurerend element, in de vorm van een zone van stedelijke bouwblokken, een hoge ruggengraat van 30 meter hoog, met daar langs twee noord-zuid gerichte lanen. De Taats fungeert als geluidswering van geluid afkomstig van de snelweg A2 voor nieuwe wijk Groenewoud

De blokken van de Taats zijn opgezet als gesloten bouwblokken. Het geluid van de stad en de snelwegen wordt zoveel mogelijk buitengesloten. Op deze manier fungeren de binnenhoven fungeren als geluidluwe zones, een belangrijke voorwaarde voor het ontwikkelen van woningbouw. De binnenhoven van de bouwblokken zijn openbaar toegankelijk voor voetgangers. Hoogte bouwblokken De blokken zijn maximaal 30 m hoog. Dit is acht bouwlagen op een plint van 4,5 m. Aan de zijde van de Orteliuslaan moet deze hoogte volledig gebruikt worden in verband met de geluidswerende functie. Aan de Mercatorlaan en de dwarsstraatjes kan de bouwhoogte lager zijn en zo de overgang vormen naar de lagere bebouwing van Groenewoud. Voorwaarde is dat de binnenhoven geluidluw blijven. In de hoogte is rekeningen gehouden met een extra hoogtetoeslag bij het construeren in hout.

De Taats is opgebouwd uit een noordelijke kop in de vorm van de Mobiliteitshub XL. De tussengelegen blokken, de Taats, worden ontwikkeld tot woningbouw en aan het Taatsenplein, dat centraal ligt in Papendorp, is ruimte voor twee markante torens die een hoogte accent vormen. Ruimtelijke structuur De Taats fungeert ruimtelijk gezien als de ruggengraat van Papendorp en is duidelijk els één samenhangend element te herkennen. Het is als het ware een centraal gelegen, aaneengesloten ‘stedelijk blok’. • In het zuiden sluit de Taats aan op de lossere, groene structuur van het bestaande kantorenpark Papendorp. • In het noorden gaat de Taats via de Mobiliteitshub XL over in de groene sfeer van het Taludpark. • Aan weerszijden is de Taats begrensd door twee stadslanen: de Orteliuslaan en de Mercatorlaan. Dit zijn de dragers van het openbaar gebied. • Tussen de blokken in verbinden dwarsstraten de stadslanen met elkaar.

Aan het Taatsenplein komen aanvullend hierop twee torens van maximaal 65 m. Ze vormen, gezien vanaf de Prins Claus brug, gezamenlijk een entreepoort naar Papendorp. Programma In de Taats Noord is een nieuw te bouwen programma ondergebracht van voornamelijk wonen. In de plint tegenover de entree van de mobiliteitshub (MHXL) zijn voorzieningen en kantoren voorzien. Ook aan het Taatsenplein zijn kantoren en een hotel voorzien. In het woningbouwdeel tegenover de mobiliteitshub (woningbouwblok Allard) is tevens ruimte voor detailhandel en een supermarkt op de begane grond.

1

2

Luchtfoto met in het midden de al gerealiseerde blokken van kantorenpark.

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

8

3

1. de Taats Noord 2. Taatsenplein 3. de Taats Zuid

Fietsroutes De gemeente Utrecht wil het centrum van Utrecht autoluw maken en stimuleert het gebruik van de fiets. Om dat te faciliteren wordt in de stedenbouwkundige uitwerking van Papendorp Noord veel aandacht besteed aan het creëren van prettige fietsroutes door een aantrekkelijke en groen ingerichte omgeving. Langs de Orteliuslaan en de Mercatorlaan lopen aan beide zijden fietspaden in twee richtingen die aansluiten op routes naar het centrum van Utrecht, naar Leidsche Rijn en de omgeving.

In het woningbouwblok Allard, de drie blokken van de Taats Noord en de bouwblokken aan het Taatsenplein komen circa ca. 1300 woningen. Het woonprogramma is onderverdeeld in 28% dure koop, 32% middelduur en 40% sociale huur. Ontsluiting plangebied Vanaf de snelwegen is het gebied goed ontsloten via de nieuw aan te leggen Verlengde Mercatorlaan in het noorden en de bestaande Papendorpseweg en de Orteliuslaan in het zuiden. Verkeer vanuit Utrecht Centrum en Leidsche Rijn bereikt de Taats via respectievelijk de Prins Clausbrug of de Stadsbaan en Marinus van Tyrusviaduct.

De belangrijkste uitgangspunten van de stedenbouwkundige opzet zijn: • De Taats is duidelijk herkenbaar als een stedelijke eenheid; de ‘ruggengraat’ in Papendorp; • De tot dertig meter hoge gesloten bouwblokken weren het geluid van wegverkeer naar de binnenhoven en de nieuwbouwwijk Groenewoud; • De blokken lopen af in hoogte van de Orteliuslaan naar de Mercatorlaan. Doel hiervan is een passende aansluiting op maat en schaal van Groenewoud; • De binnenhoven zijn geluidsluwe en autovrije oases in de drukke stad; • Het plan wordt uitgewerkt met aandacht voor de menselijke maat.

Merc

at

Parkeren in de mobiliteitshub (MHXL) Het parkeren van de bebouwing in het plangebied van dit beeldkwaliteitsplan wordt voorzien in de mobiliteitshub . Alleen de bebouwing aan het Taatsenplein parkeert niet in de mobiliteitshub, maar in of onder de bebouwing, uit het zicht. In fase I van de mobiliteitshub (MHXL) is ruimte voor 2000 auto’s, een deel daarvan is bedoeld voor de Taats Noord. Een belangrijk onderdeel van de ruimtelijke structuur van de Taats zijn dan ook de routes van de verschillende verkeersstromen van- en naar de mobiliteitshub.

Groenewou d Noord

its

ite

bil

Mo B

HU

Groenewou

d

a Ta ts ord

No De Taats als ruggengraat tussen het kantorenpark en de wijk Groenewoud in, met hun respectievelijke verkavelingsrichtingen.

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

9

2. Doel van de beeldkwaliteit

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

10

2.1 Doelstelling 1. Aantrekkelijke woonbuurt De belangrijkste doelstelling van het beeldkwaliteitsplan is om van de Taats Noord een aantrekkelijke woonbuurt te maken. Er is bewust gekozen voor een woonomgeving met warmte en een woongevoel. Een kleine korrelgrootte en afwisseling zijn van belang. Dit gebeurt op meerdere manieren zoals door parcelering, materiaal- en kleurwisselingen, en verschillende architecturen en/of verschillende architecten.

Deelgebieden

Het beeldkwaliteitsplan beschrijft de gewenst beeldkwaliteit per deelgebied. De volgende deelgebieden worden onderscheiden: 1. 2. 3. 4. 5.

2. Eigen identiteit Papendorp is duidelijk begrensd door snelwegen en water. Het is als het ware een ‘eiland’, op afstand van andere wijken in de omgeving. Het gebied dient een eigen identiteit te krijgen en mag zich onderscheiden. Er is ruimte voor experimenten om er een fijn woonmilieu van te maken.

De deelgebieden worden hierna verder toegelicht

1. De binnenhoven De binnenhoven vormen de belangrijkste buitenruimte van de Taats. Ze zijn ruim opgezet en groen ingericht. In het binnengebied heerst een rustig woonklimaat. Geluid afkomstig van wegverkeer is hier niet of nauwelijks te horen. De bebouwing houdt het verkeersgeluid buiten. De woningen hebben een geluidluwe zijde aan deze hoven. De hoven bieden ruimte voor ontspanning en ontmoeting en de speelplekken voor de allerkleinsten zijn hier gesitueerd. Door de binnenhoven loopt een doorgaande looproute naar de Mobiliteitshub XL. De poorten in de blokken van de Taats begeleiden de doorgaande looproute. Ook in de dwarsrichting, tussen Groenewoud

3. Overgang tussen wonen en werken Het plangebied ligt tussen de nieuwe woonwijk Groenewoud (met grondgebonden woningen en appartementen tot circa 6 lagen hoog) en het kantoren en bedrijvenpark van Papendorp. In de bebouwing van de Taats Noord dient dit tot uitdrukking te komen door de korrelgrootte van de bebouwing. De korrelgrootte neemt af aan de zijde van de woonwijk Groenewoud. In dit beeldkwaliteitsplan zijn deze doelen uitgewerkt naar een toetsbaar kader. _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

De binnenhoven; De mobiliteitshub - MHXL Woningbouwblok Allard; De drie blokken van de Taats; Het Taatsenplein met de twee hogere torens.

11

Aan de Orteliuslaan; een stadslaan van allure. De Orteliuslaan ligt op de grens van de overgang van de losse bebouwing van kantorenpark Papendorp naar de dertig meter hoge wand van de Taats Noord. Het is een drukke stadslaan en een belangrijke ontsluitingsweg in Papendorp. De Orteliuslaan heeft een belangrijke functie in de afwikkeling van het verkeer van en naar de mobiliteitshub. Het profiel is breed (ca. 68 meter) en biedt ruimte voor verkeer (auto, bus, fiets en voetganger), water en bomen. Drie rijen bomen begeleiden de stadslaan. De bebouwing aan de Orteliuslaan fungeert als geluidswering voor de binnenhoven en de nieuwe wijk Groenewoud. De bebouwing is hier 30 meter hoog, de maximaal toegestane hoogte. Vanwege de zuidwestelijke oriëntatie is extra aandacht nodig voor opwarming van de woningen aan deze gevels.

en het kantorenpark van Papendorp lopen routes. De aansluitingen van de routes en de positie van de poorten in de bouwblokken van de Taats zijn zorgvuldig afgestemd op de voetpaden vanuit Groenewoud en het kantorenpark Papendorp.

2. De mobiliteitshub - MHXL De MHXL is een gebouw waar een deel van de bewoners en bezoekers van Papendorp hun auto parkeren en lopend, fietsend of met het ov naar huis gaan. Ook bewoners van een aantal woningbouw ontwikkelingen in Utrecht Zuidwest gaan hier hun eigen auto parkeren. De MHXL is een langgerekt gebouw dat ruimte biedt aan circa 2.000 auto’s en 1.700 fietsen en een aantal voorzieningen. Voor dit gebouw is reeds een voorlopig ontwerp gemaakt. Voor de verdere uitwerking van dit gebouw zijn er aanvullend op het SPvE beeldkwaliteitscriteria opgenomen die betrekking hebben op de klantreis (de ervaring van het overstappen) en de gevels.

Aan de Mercatorlaan; een groene boulevard De Mercatorlaan vormt de overgang tussen de orthogonale structuur van de bouwblokken van de Taats en de diagonale structuur van de te bouwen wijk Groenewoud. De Mercatorlaan is een rustige, groene laan waar gewoond wordt. De maat en schaal van de bebouwing sluiten aan op de woonomgeving. De weg wordt een 30-kilometerweg. Geluidsonderzoek moet uitwijzen wat de geluidsbelasting is bij deze snelheid en of het mogelijk is gevels te voorzien van te openen delen en buitenruimtes te situeren. Anders zullen ook (delen van) deze gevels het geluid moeten afschermen om te zorgen voor geluidsluwe binnenhoven.

3. Woningbouwblok Allard Het gedeelte woningbouw van de Mobiliteitshub XL is een apart deelgebied vanwege de functies op de begane grond, de toegang naar de MHXL (de-HUB-loper) en de ligging aan de watergang langs de Mercatorlaan.

4. De drie blokken van de Taats Door de ligging van de gesloten bouwblokken in het plan hebben de verschillende zijden van de blokken een eigen sfeer en functie binnen het stedenbouwkundig plan:

3

3

4

3

4

1

De stedenbouwkundige zijden van de blokken van de Taats: 1. De wand langs de Orteliuslaan; 2. De wand langs de Mercatorlaan; 3. De dwarsstraatjes, 4. De binnenhoven

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

2

12

4 3

4

De deelgebieden in het plan

Woningbouwblok Allard De binnenhoven MHXL

De Taats: Barentsz Me

De binnenhoven

rc a tor laa n

De Taats: Goos De binnenhoven

Or t eliu sla an

De Taats: Valck De binnenhoven

Overzicht deelgebieden: • • • • •

De binnenhoven van alle blokken De MHXL (mobiliteitshub) Het woningbouwblok Allard* De drie blokken* van de Taats Noord, tussen het Taatsensplein en de MHXL Het Taatsenplein

Taatsenplein

*) De blokken hebben werknamen gekregen die ontleend zijn aan de cartografen van de straatnamen. Van noord naar zuid hebben de bouwblokken werknamen gekregen: Allard, Barentsz, Goos en Valck. Deze werknamen passen bij de straatnamen van Papendorp waar alle straatnamen genoemd zijn naar cartografen.

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

13

De dwarsstraatjes, groen-blauwe doorsteekjes De koppen van de blokken van de Taats zijn aan de dwarsstraatjes gesitueerd. Hier is de overgang van de grotere schaal van de Orteliuslaan naar de wat kleinere schaal langs de Mercatorlaan voelbaar. De straatjes zijn ongeveer 90 m lang, en bieden ruimte aan een fietspad, wandelroute en enkele parkeerplaatsen voor deelauto’s en gehandicapten. Alleen het dwarsstraatje ten zuiden van de mobiliteitshub is een doorgaande route voor auto’s. 5. Het Taatsenplein: De reeks bestaande kantoorpanden in de Taats Zuid gaat ter hoogte van het Taatsenplein over naar het woongebied de Taats Noord. Het Taatsenplein begeleidt deze overgang en vormt tegelijkertijd de verbinding van Papendorp met het centrum van de stad. Vanaf de Prins Clausbrug gezien vormt het Taatsenplein, met aan weerszijde de hoge torens, de entree naar Papendorp. De beeldkwaliteit van dit deelgebied zorgt voor een vloeiende overgang tussen de kantoren in de Taats Zuid en de woonomgeving aan de noordzijde van het Taatsenplein.

Ordenende principes In de uitwerking van de deelgebieden worden voor de bebouwing steeds zes or­den­en­de principes onderscheiden. Voor de Binnenhoven en de MHXL gelden andere principes. 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Rooilijnen Accenten Korrelgrootte Opbouw en geleding Ondergeschikte bouwdelen Materiaal en kleur

Een uitzondering hierop zijn de binnenhoven. Voor dit deelgebied richt dit document zich op andere aspecten, te weten groen, klimaatadaptatie en ontmoeten/spelen.

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

14

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

15

3. Duurzaamheid In Utrecht is duurzaam bouwen een belangrijk onderwerp. Voor de ontwikkeling van de Papendorp Woningbouw gelden richtlijnen voor circulariteit, natuurinclusiviteit en biodiversiteit, klimaatadaptatie, energie, duurzame mobiliteit en gezonde leefomgeving. en circulair bouwen.

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

16

3.1 Ambitie

Circulariteit De Rijksoverheid heeft zich het doel gesteld dat Nederland in 2050 volledig circulair is. De ambitie is dat elk groot nieuwbouw- of transformatieproject (50+ woningen) dat wordt geïnitieerd, zo circulair en conceptueel1 mogelijk wordt gerealiseerd Voor een MPG score wordt er gestreefd naar Zilver (MPG score: 0,50), het minimum ambitieniveau is Brons (MPG score: 0,75). Bij het onderdeel ‘Massapercentage van grondstoffen wordt er gestreefd naar een percentage van meer dan 55 % (ambitieniveau Goud) aan non-virgin en/of biobased materialen. In ‘Het Nieuwe Normaal’ worden verdere eisen gesteld aan circulariteit.

Papendorp Woningbouw wordt een duurzame wijk waarin wordt ingezet op verschillende thema’s van duurzaamheid. Naast het mobiliteitsconcept waarbij bewoners en bezoekers grotendeels op afstand parkeren in de mobiliteitshub is er in Papendorp Woningbouw veel aandacht voor natuurinclusiviteit en biodiversiteit. Voor de ontwikkelingen in Papendorp Woningbouw gelden de richtlijnen van het Convenant Toekomst-bestendige Woningbouw dat de gemeente Utrecht ondertekend heeft. Dit Convenant geeft richtlijnen voor circulariteit, natuurinclusiviteit en biodiversiteit, klimaatadaptatie, energie, duurzame mobiliteit en gezonde leefomgeving. Tevens heeft de gemeente de Leidraad Het Nieuwe Normaal ondertekend. Deze heeft betrekking op circulair bouwen. Ook deze geldt voor Papendorp Woningbouw. Hieronder een samenvatting.

Natuur-inclusiviteit en biodiversiteit Natuurinclusief ontwikkelen is een vorm van duurzaam bouwen waarbij het bouwwerk en de omliggende openbare ruimte bijdragen aan de lokale biodiversiteit en algemene natuurwaarden. Natuurinclusief bouwen is daarmee gericht op het behouden, verbeteren en uitbreiden van biodiversiteit in de gebouwde omgeving. Dit gebeurt onder andere door het creëren van geschikte habitats voor soorten aan de hand van ecosysteem gerichte benaderingen. Voor natuurinclusiviteit gaat Utrecht uit van de Utrechtse soortenlijst. Voor Papendorp gaat het om gierzwaluwen, huismussen en de gewone dwergvleermuis. Het uitgangspunt voor diervriendelijk bouwen is minimaal 1 geïntegreerde verblijfplaats/ neststeen per huishouden, voor gierzwaluw, huismus en/of gewone dwergvleermuis. De maatregelen dienen te voldoen aan de onderstaande ‘voorwaarden voor de maatregelen’. Betrek bij de uitwerking van de ecologie (binnentuin, gevels, daken en maatregelen diervriendelijk bouwen) naast een landschapsarchitect ook een externe ecoloog. Want: iedere (natuurlijke) inrichting is uiteindelijk maatwerk. De definitieve locatie en afwijkingen dienen te worden afgestemd met een ecoloog van de gemeente.

3.2 Convenant Toekomstbestendige Woningbouw In het convenant worden voor de zes thema’s (circulariteit, natuurinclusiviteit en biodiversiteit, klimaatadaptatie, energie, duurzame mobiliteit en gezonde leefomgeving) de diverse indicatoren en criteria weer, uitgesplitst naar de niveaus Brons, Zilver en Goud. Het niveau Brons is het minimum ambitieniveau. De gemeente streeft naar Goud waar mogelijk. Het meest recente Convenant geldt als toetsingskader, met uitzondering van thema’s waarvoor de gemeente eigen beleid heeft ontwikkeld.

Voorwaarden maatregelen Inbouwsteen gierzwaluw • De neststeen dient zo hoog mogelijk in de gevel geplaatst te worden, bijvoorbeeld onder de nok of onder de dakrand. Minimale hoogte is 4 meter; • De aanvliegroute naar de neststeen dient vrij te zijn van obstakels, zoals bomen en openslaande ramen. Houdt hiervoor een (blijvende) vrije ruimte met een straal van minimaal 5 meter aan rondom de locatie van de neststeen; • De neststeen dient op een gevel met een oriëntatie naar het noorden of oosten geplaatst te worden. Uitzondering is als er een voldoende uitstekende overstek is, dan kan de neststeen ook op andere gevel oriëntaties geplaatst worden;

Energie Het uitgangspunt voor het thema energie is het klimaatakkoord. Dit akkoord beschrijft het doel om in 2030 een CO2-reductie te hebben bereikt van 49% ten opzichte van 1990. Dit doel wordt zeer waarschijnlijk, volgend op de Europese Klimaatwet, aangescherpt. Voor het thema energie geldt aanvullend dat er netbewust gebouwd moet worden in verband met de netcongestie in Utrecht. Dit betekent dat het energiegebruik van verschillende gebruikers op elkaar moet worden afgestemd, zodat er geen piek ontstaat. Dit kan bijvoorbeeld door energie tijdelijk op te slaan, of zonnepanelen uit te schakelen op piekmomenten.

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

17

•

•

•

Plaats de neststenen bij voorkeur groepsgewijs: gierzwaluwen zijn koloniebroeders. Dit met een maximum van 30 neststenen bij elkaar; De onderlinge afstand tussen de openingen van de nestplekken moet minimaal 50 centimeter uit elkaar te liggen; De inbouwsteen dient te voldoen aan de afmetingen uit het Kennisdocument Gierzwaluw.

Inbouwsteen vleermuis paarverblijf • De voorziening dient minimaal op 3 meter hoogte te worden geplaatst; • De voorzieningen dienen aan verschillende gebouwzijden te worden gerealiseerd. Dit zorgt ervoor dat in verschillende weersomstandigheden vleermuizen de verblijfplaats met de voor hen optimale temperatuur kunnen vinden. Streef ernaar dat een aantal (maar niet alle) van deze voorzieningen voldoende warm kan worden door plaatsing aan een zuidelijke gevel of grenzend aan een warmtebron. • De voorziening dient op een locatie te worden geplaats zonder kunstlicht in de directe omgeving; • Bij voorkeur worden meerdere paarverblijven in elkaars nabijheid geplaatst met een verschillende oriëntatie (zuiden/oosten); • De locatie zo kiezen dat de aanvliegroute (4 meter) van de voorziening vrij is van bomen of obstakels;

Inbouwsteen huismus • De inbouwsteen dient op minimaal 3 meter en maximaal 8 meter hoogte te worden geplaatst; • Voor plaatsing van een huismusvoorziening dient bepaalt te worden of de locatie geschikt is als leefgebied voor huismussen. In de directe omgeving van de nieuwe nestplaats dient continu voldoende dekking aanwezig te zijn (minimaal 3 a 4 meter hoog opgaand groen), en dat er altijd (maximaal binnen 100 meter, bij voorkeur binnen 50 meter) voldoende geschikt voedsel en potentiële slaapplaatsen beschikbaar zijn; • Invliegopening dient naar het oosten of noorden gericht te zijn, of de neststeen dient onder een voldoende uitstekend dak-overstek geplaatst te worden; • Plaats de neststenen bij voorkeur groepsgewijs: huismussen zijn koloniebroeders. Dit met een maximum van 20 neststenen bij elkaar; • De onderlinge afstand tussen de openingen van de nestplekken dienen minimaal 50 centimeter uit elkaar te liggen; • De neststenen dienen van voldoende duurzaam materiaal te zijn en op een voldoende duurzame wijze worden bevestigd; • De inbouwsteen dient te voldoen aan de afmetingen uit het Kennisdocument Huismus.

Inbouwsteen vleermuis groepsverblijfsplaats • De voorziening dient minimaal op 4 meter hoogte te worden geplaatst; • De voorziening dient bij voorkeur in een gevel te worden geplaatst waar in de middag / avond de zon op staat; • De voorziening dient op een locatie te worden geplaats zonder kunstlicht in de directe omgeving; • De locatie zo kiezen dat de aanvliegroute (4 meter) van de voorziening vrij is van bomen of obstakels; • Het heeft het de voorkeur om kasten (minimaal 3 stuks) op te hangen die geschakeld kunnen worden. Bij voorkeur op geschakelde wijze op een hoek van een gebouw positioneren zodat de vleermuis zich binnendoor van de ene naar de andere gevelzijde kan verplaatsen afhankelijk van de klimaatomstandigheden.

Geïntegreerde nestgelegenheid

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

18

Wateroverlast Ten aanzien van wateroverlast heeft Utrecht beleid vastgelegd in de Visie Water en riolering. Houdt rekening met een bui van 1/100, waarbij 80 mm regen in één uur valt. Het water dient opgevangen te worden op eigen kavel (bijvoorbeeld door berging op het dak, in privé tuinen / collectieve tuin of in een vat onder de grond). Van het regenwater wordt 90 % vastgehouden op de plek waar het valt en nuttig gebruikt.

Maatwerk vleermuis groepsverblijfplaats Behalve inbouwvoorzieningen te plaatsen is het mogelijk om opbouwdelen van gevels te laten functioneren als verblijfplaats. Bijvoorbeeld door achter boeiborden en gevelbetimmering een spleetvormige ruimte voor vleermuizen toegankelijk te maken. • Het is ook mogelijk om in nieuwbouw vleermuizen toegang te geven tot de luchtspouw, de ruimte onder dakpannen of de loze ruimte in een schoorsteen. • Zie ook: de brochure Vleermuisvriendelijk bouwen.

Droogte Voor droogte geldt aanvullend dat het uitgangspunt is dat er geen drinkwater wordt gebruikt voor het bewateren van planten. Gevelgroen staat bij voorkeur in de volle grond.

Type maatregelen De maatregelen dienen te voldoen aan de kennisdocumenten van BIJ12. Aanvullend worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Geen toepassing van vogelvides en gierzwaluwdakpannen; • -Bij voorkeur geen neststenen gebruiken met een vlieggatinzetstuk. Bij toepassing van neststenen met vlieggatinzetstuk, het inzetstuk vast zetten met silicone of een ander afdichtingsmiddel, om te voorkomen dat het eruit glijdt; • -De neststenen dienen van voldoende duurzaam materiaal te zijn en op een voldoende duurzame wijze te worden aangebracht;

Hitte Ten aanzien van hitte heeft de gemeente in haar visie Klimaatadaptatie afwijkend beleid vastgelegd. • In elke straat kan je op een hete dag in de schaduw lopen en fietsen, bij voorkeur in schaduw van planten en bomen. De basis is 30% en op de belangrijkste loop- en fietsroutes, is er op het heetst van de dag zelfs 40% schaduw. • Iedereen heeft binnen 200 meter van een gebouw/ woning een koele groene verblijfsplek in de openbare ruimte van minimaal 200 m2. • Zorg in buurten voor een minimale hoeveelheid groen van 40% in het horizontale vlak.

Klimaatadaptatie Het uitgangspunt van het thema klimaatadaptatie is om de nieuwbouwprojecten zodanig te realiseren dat zij bestand zijn tegen uitdagingen op het gebied van wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen.

Overstekken om zoninstraling te beperken

Overstekken om zoninstraling te beperken _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

Gevelgroen in de volle grond

19

3.3 Leidraad Het Nieuwe Normaal (HNN)

Duurzame mobiliteit Papendorp is zo ingericht dat het uitnodigt om te lopen of te fietsen. Voor de bebouwing geldt, met uitzondering van de bebouwing aan het Taatsenplein, dat bewoners, werknemers en bezoekers parkeren op afstand in de mobiliteitshub. Deelauto’s zijn in de dwarsstraatjes te vinden in (kleine) deelmobiliteitshubs, samen met deelfietsen en deelbakfietsen. Om van en naar de mobiliteitshub te komen kan er gekozen worden uit 3 routes, de droogloop langs de Orteliuslaan, de rustige groene route door de binnenhoven en langs de woningen aan de Mercatorlaan. Voor de verbinding met het centrum van Utrecht wordt er een extra fietsroute gecreëerd, via het taludpark en de Meernbrug. De woongebouwen moeten voorzien te worden van een gemeenschappelijke fietsenstalling. De eisen hiervoor staan in de Bijlage bij addendum Nota Parkeernormen fiets en auto.

HNN is een raamwerk gericht op de materialentransitie: het maakt circulair bouwen eenduidig en concreet. Er is ook rekening gehouden met de duurzame context van een circulair project, zoals het gebruik van energie, water en de depositie van stikstof. Utrecht heeft deze Leidraad ondertekent en voor de ontwikkeling in de Taats gelden deze richtlijnen. Voor zowel het Convenant Toekomstbestendige Woningbouw als de Leidraad Het Nieuwe Normaal geldt dat deze regelmatig vernieuwd worden. Om deze reden wordt er naar deze documenten verwezen en zijn ze niet opgenomen. De laatste versie het Convenant Toekomstbestendige Woningbouw en de Leidraad Het Nieuwe Normaal zijn geldend.

Toepassen van biobased materialen in de gevels

Toepassen van gerecycled beton _ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

Toepassen van biobased materialen in de gevels

20

3.4 Aanvullende aandachtspunten duurzaamheid

Installaties op het dak zo veel mogelijk uit het zicht positioneren. Het heeft de voorkeur om de installatie te voorzien van een nette ombouw in plaats van de hele dakrand te verhogen. Trafo’s en andere installatieruimtes Alle trafo’s en andere installatieruimtes worden inpandig gerealiseerd. Daarbij dient rekening gehouden met een toekomstige uitbreiding voor een batterij.

Aanvullend aan hetgeen in het convenant Toekomstbestendige woningbouw en in de Leidraad Het Nieuwe Normaal staat, gelden voor de ontwikkelingen in de Taats de volgende aandachtspunten.

Fietsenstalling Om het gebruik van fietsen te stimuleren dienen de woningen voorzien te worden van een gemeenschappelijke fietsenstalling voor de bewoners. Bergingen kunnen dan in de woning en worden opgenomen.

Biobased bouwen Naast biobased gevelmateriaal heeft het de voorkeur om ook de constructies zoveel mogelijk biobased (in hout) uit te voeren. Bij hout als gevelmateriaal is het van belang dat dit goed is gedetailleerd om ongelijke verkleuring zoveel mogelijk te voorkomen.

Hittestress Ter voorkoming van hittestress dienen de ramen op de oost-, zuid- en westgevels te worden voorzien van meeontworpen zonwering aan de buitenzijde. Bij de zuidgevel kan dit achterwege blijven Als er is voorzien in een andere zonwerende oplossing (bijvoorbeeld een overstek of diepe negge). De zonwering dient geïntegreerd te worden in het ontwerp en niet achteraf worden toegevoegd.

Zonnepanelen Zonnepanelen worden bij voorkeur op daken geplaatst. Alleen wanneer deze goed geïntegreerd zijn in de gevel en onderdeel uitmaken van het gevelontwerp kunnen zonnepanelen ook op de gevel worden toegepast. Daken Gebruik daken voor groen en wateropvang. Het uitgangspunt is dat daken waar geen zicht op is (hoge daken) ook gebruikt kunnen worden voor zonnepanelen. Lagere daken juist gebruiken voor groen. Het uitgangspunt is een substraat van minimaal 40 cm en een beplanting van grassen en heesters. Onder zonnepanelen kan volstaan worden met een lager substraat en sedum.

Zonnepanelen op het dak

Toepassen van biobased materialen in de gevels _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

Zonnepanelen goed geïntegreerd in het gevelontwerp

21

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

22

3.5 Groene gevels In Papendorp wordt ingezet op groene gevels. De ambitie is dat gesloten gevelvlakken voor 50% groen zijn. De minimale eis is 10%, deze komt uit het SPvE. Een groene gevel is niet alleen een mooi gezicht, maar biedt ook voedsel en een fijne schuilplek voor dieren als vogels, vlinders, wilde bijen en egel. Tevens heeft het een verkoelend effect. De groene gevel dient zo ontworpen te worden dat het groen zich goed kan ontwikkelen en dat het onderhouden kan worden. Een succesvolle groene gevel valt of staat met de juiste (klim)planten op de juiste plek. •

klimplant in de volle grond

• • •

•

•

bomen en struiken in bakken op balkons •

• •

•

•

begroeide gevel met verschillende planten

•

plantenbakken aan de gevel _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

23

Het streven is dat 50% van de gesloten gevelvlakken een groene gevel is. Ten minste 10% van de gesloten gevel is een groene gevel. Ontwerp de groene gevel als integraal onderdeel van de gevel. Gebruik bij voorkeur inheemse planten. Deze bieden meer voedsel, schuilplekken en broedplaatsen voor insecten, vogels en vlinders dan uitheemse planten. Vermijd invasieve exoten, zoals de Chinese bruidssluier (Fallopia baldschuanica) en de Japanse bruidssluier (Fallopia aubertii of Polygonum aubertii). Plant bij voorkeur biologisch gekweekte planten. Planten die met gif zijn behandeld kunnen namelijk schadelijk of dodelijk zijn voor insecten. Stem de keuze van planten af op de specifieke locatie, rekening houdend met bezonning, wind, hitte en de mate van droogte. Zorg bij gevels in de schaduw dat er voldoende ruimte is voor ventilatie. Houd rekening met onderhoud: zorg dat de planten goed bereikbaar zijn voor onderhoudswerkzaamheden. Plant de planten bij voorkeur in de volle grond, zodat er geen (drink)water of watergeefsysteem nodig is om de planten van voldoende water te voorzien. Zorg voor stevige klimhulpen, afgestemd op de plant, klimwijze en gewicht. Zorg dat de groene gevel er het hele jaar door fraai uitziet door gebruik te maken van groenblijvers of combinaties van planten met verschillende bloeitijden en herfstkleuren.

4. De binnenhoven

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

24

De Binnenhoven In contrast met de levendige sfeer aan de buitenzijde van de blokken, hebben de binnenhoven van de blokken een rustige en intieme sfeer. De binnenhoven van de Taats zijn groen ingericht en fungeren als een groene oase in de drukke stad. De hoge wanden houden het geluid van de snelweg en stadsstraten tegen. Geluid afkomstig van wegverkeer is hier nauwelijks hoorbaar. Vanwege het geluidluwe karakter van het binnengebied worden de gevels in de hoven meer open en expressief vormgegeven. De primaire buitenruimtes van de woningen liggen aan de binnenhoven..

*) de inrichting van de binnenhoven op de tekening is indicatief

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

25

4.1 Vijf binnenhoven Doelstelling Het doel is dat de binnenhoven functioneren als groene oases in de drukke stad. De binnenhoven zijn de belangrijkste groene buitenruimtes in de Taats. Ze zijn, in ieder geval overdag, openbaar toegankelijk en vormen aangename verblijfsruimtes en routes voor langzaam verkeer. Inclusiviteit is het basisprincipe. Dit betekent dat iedereen, ongeacht voorkeuren, zich er thuis moet kunnen voelen. Daarnaast moeten de binnenhoven veilig en schoon zijn en blijven. De aanleg is kwalitatief hoogwaardig, en het onderhoud zorgt ervoor dat de kwaliteit op orde blijft.

Poldertuin

HUB-loper

Kasteeltuin

Kassentuin

Landgoederen tuin Legenda Zonnepanelen Brug Groen

Boomgaard tuin:

Binnen Bomen Water

*) de inrichting van de binnenhoven op de tekening is indicatief

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

26

Hubloper

Richtlijnen vijf binnenhoven Functies en programma • De binnenhoven worden ingericht als collectieve buurttuinen. Er is ruimte voor een zonneweide, maar ook schaduw is wenselijk. Ontmoeting, rust, spelen voor kleinere kinderen, het tegengaan van hittestress en waterberging krijgen hier een plek. • Activiteiten die veel geluid produceren, passen niet in de binnenhoven. • De hoge wanden van de gesloten bouwblokken worden naar achteren uitgebouwd als een ‘achterhuis’ van maximaal vier lagen hoog. • Tussen de gevels in de binnenhoven onderling wordt altijd een minimale afstand van 30 meter gewaarborgd.

Aandacht voor overgang prive- openbaar

Doorgaande looproute en overstijgend thema • Door de binnenhoven voert een duidelijk herkenbare doorgaande looproute die de entrees van de woningen in de Taats en Groenewoud verbindt met de mobiliteitshub. De binnenhoven zijn door deze wandelroute met elkaar verbonden. • De poorten en paden worden volgens een samenhangend ontwerp vormgegeven. De route en de positie van de poorten in de bouwblokken zijn zorgvuldig afgestemd op de langzaam verkeersroutes vanuit Groenewoud. • Daarnaast is er ruimte voor kunst in de openbare ruimte. Onderdelen van het frame van de MHXL komen terug als begeleiding van de route door de binnenhoven. Soms wordt dit vormgegeven als een pergola, soms slechts als een paar palen of een zitelement. Dit draagt bij aan de herkenbaarheid en continuïteit van de route. • De toegangspoorten krijgen een eigen uitstraling en zijn onderdeel van de architectuur van het gebouw waarin ze zich bevinden.

Buitenruimtes aan de binnenhoven gesitueerd

Elk binnenhof een eigen sfeer Elk binnenhof wordt volgens een ander thema vormgegeven. Samen vormen de hoven een gebalanceerde eenheid: een samenhangend buurtpark binnen de blokken. Inspiratie wordt bijvoorbeeld gehaald uit landschapstypen in de provincie Utrecht. 1. Poldertuin: riet, wilgen, wadi, blotevoetenpaadje (inspiratie: Loosdrecht) 2. Kasteeltuin: formeel, borders, laag labyrint (inspiratie: Kasteel de Haar) 3. Kassentuin: groente- en kruidentuin, mogelijk met een kas (inspiratie: De Oude Hortus) 4. Landgoedtuin: Engelse landschapsstijl, romantisch met gebogen lijnen, heuvels en boomgroepen 5. Boomgaardtuin: informeel, met fruitbomen en eetbare planten

Uitbouwen van de hoofdvolumes tot een hoogte van vier lagen in de binnenhoven _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

27

4.2 Poorten en wandelroute Doelstelling Een belangrijk uitgangspunt van het ontwerp van de woningbouw in Papendorp en Groenewoud is dat er in de blokken niet wordt geparkeerd. Alle bewoners parkeren hun auto’s op afstand in de mobiliteitshub. De bebouwing aan het Taatsenplein vormt hierop een uitzondering: deze werknemers, bewoners en bezoekers parkeren uit het zicht, onder het gebouw, op eigen terrein. De maximale afstand van een woning tot de ingang van de mobiliteitshub bedraagt circa 500 meter. Een belangrijke route van en naar de mobiliteitshub voert via de binnenhoven. Daarnaast lopen er belangrijke verbindingsroutes tussen Groenewoud en het kantorenpark Papendorp door de binnenhoven. Daarom is het essentieel dat de poorten ruim en uitnodigend worden vormgegeven.

40 0m

Legenda Wandelroute door de binnengebieden Wandelroute Drooglooproute Poorten

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

28

Richtlijnen poorten en wandelroute Poorten • De binnenhoven zijn toegankelijk via bijzonder vormgegeven poorten. Deze poorten worden ontworpen door de architecten van de bijbehorende gebouwen en sluiten aan bij de architectuur van die gebouwen. • Hoewel alle poorten qua afmetingen en vorm identiek zijn, verschillen ze in materiaalgebruik, kleur en details. • De poorten zijn ruim van formaat: zes meter breed en negen meter hoog, zodat ze een prettige doorgang bieden. • Daarnaast dienen de poorten veilig en schoon te zijn. • In de poorten bevinden zich ook de toegangen tot de appartementen. • Eventueel kunnen aanvullende functies, zoals opstelplaatsen voor fietsen, zitgelegenheden en kunst, worden opgenomen in het ontwerp van de poort. Deze functies dienen zorgvuldig te worden ingepast in het ontwerp.

Bijzondere materialen in de poort

Wandelroutes • De verschillende binnenhoven zijn met elkaar verbonden door een wandelroute die een aantrekkelijke verbinding vormt tussen de mobiliteitshub en de entrees van de woongebouwen. • Het doorgaande wandelpad is zo ontworpen dat het duidelijk te volgen is van en naar de mobiliteitshub. • Zijpaden richting de hoofdentrees onderscheiden zich van het doorgaande wandelpad, bijvoorbeeld door andere materialen of afmetingen. In elk geval heeft de hoofdroute naar de mobiliteitshub een consistente en samenhangende materialisatie. • Het frame van de mobiliteitshub fungeert als voetgangersbrug en loopt vanuit de mobiliteitshub door tot het noordelijke blok van de Taats. • Optioneel kan het frame in noordelijke richting worden doorgetrokken. Dit legt een verbinding met de mogelijke tweede fase van de mobiliteitshub (deze is niet opgenomen in dit beeldkwaliteitsplan) en het Taludpark langs de A2. • De vorm en het materiaal van de brug zijn in lijn met de materialisering van het frame van de mobiliteitshub. Dit thema wordt op herkenbare wijze voortgezet in de binnenhoven. • De pergola is een terugkerend element in de route naar de mobiliteitshub. • Langs de route worden plekken gecreëerd voor ontmoeting, bijvoorbeeld door de randen van plantvakken als zitelementen te gebruiken of door losse zitelementen toe te voegen.

Elementen houten loopbrug uit de MHXL

Entree van de woningen in de toegangspoorten _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

29

4.3 Overgang privé-openbaar Doelstelling De privébuitenruimtes van de woningen zijn maximaal vier meter diep en liggen aan de binnenhoven. Waterberging en de afscherming tussen privé- en openbaar gebied worden gezamenlijk aangepakt in de vorm van regenwatertuinen en opgaand groen. Regentuin Tussen de privébuitenruimte en het openbaar toegankelijke deel van het binnenhof komt een groen/blauwe afscheiding. De langgerekte regenwatertuin loopt als een ‘slinger’ langs de verspringende achtergevels tussen het openbare groen en de privébuitenruimtes. Tijdens piekbuien wordt regenwater afkomstig van de daken en paden in deze tuin geborgen, waarna het rustig kan worden afgevoerd. Een regenwatertuin is vaak gevuld met granulaat, zoals grind of kleikorrels. Hierdoor infiltreert het regenwater sneller in de bodem dan bijvoorbeeld bij een wadi, waar de bodem vooral uit tuinaarde en zand bestaat. Opgaand groen Als de waterberging op een andere manier wordt opgelost, kan de overgang tussen privé en openbaar gebied ook bestaan uit opgaand groen. Dit opgaand groen wordt vormgegeven als onderdeel van het totale inrichtingsconcept van het binnenhof en niet uitsluitend als afscheiding (zoals een haag).

Legenda Routes door de tuinen Regentuinen Greppel cv Poorten

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

30

Richtlijnen overgang privé-openbaar Regenwatertuin • De regenwatertuin moet zo worden ontworpen dat het water snel genoeg infiltreert om stagnatie te voorkomen en binnen 24 tot 48 uur droog is. Dit helpt ook om overlast van muggen te voorkomen. • De breedte van de waterpartij kan variëren, afhankelijk van de benodigde capaciteit voor waterberging. • Planten in de regenwatertuin ondersteunen de wateropname en verbeteren de infiltratie door de bodemstructuur te versterken. • Regenwatertuinen worden beplant met waterminnende soorten waar muggen niet van houden. Bruggen • Er is geen directe toegang van de privébuitenruimte van de woningen naar de binnentuin. De regenwatertuin fungeert als een ruimtelijke buffer. • Er worden echter toegangen gerealiseerd over de regenwatertuinen, die verbindingen bieden van de binnenhoven naar de hoofdentrees van de woongebouwen en naar de poorten.

Opgaand groene als afscheiding privé- openbaar

Randen • Er mogen geen grote hoogteverschillen zijn, zodat doorvalbeveiliging niet nodig is. • Nabij de hoofdentrees kan in de rand van de regenwatertuinen een zitgelegenheid worden opgenomen.

Groene afscheiding privé- openbaar waar geen regentuin is

Opgaand groen • Als opgaand groen wordt gebruikt als buffer tussen privé- en openbaar gebied, moet dit volledig worden geïntegreerd in het inrichtingsconcept van het binnenhof. • Het opgaand groen maakt deel uit van de collectieve groenvoorziening van het binnenhof en is niet privé.

Bruggen en stapstenen over de regentuinen _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

Regentuinen als buffer privé-openbaar

31

4.4 Groene kamers Doelstelling Binnen de gesloten bouwblokken wordt de ruimte verder opgedeeld om aan te sluiten bij de menselijke maat. De bebouwing van de wanden springt deels naar binnen. De ‘achterhuizen’ die hierdoor ontstaan, worden maximaal vier bouwlagen hoog. De lagere bebouwing binnen de hoge wand omsluit deze groene kamers. Deze worden ontspannen en natuurinclusief ingericht, met voldoende aandacht voor biodiversiteit.

6m

∆1

6m

∆1

0m

∆3

0m

∆3

6m

∆1 0m

∆3

6m

∆1

0m

0m

∆3

∆3

6m

∆1

0m

∆3

6m

∆1

6m

∆1

0m

∆3

6m

∆1

Legenda Groene kamer, maximaal twee per binnenhof

0m

Binnenhoven

∆3

Gebouwen

Zone stedelijk verkeer: bus, auto, fiets

Groen ingericht plein

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

32

Richtlijnen Groene Kamers Aandacht voor de menselijke maat • In de grote binnenhoven worden op enkele plekken extra woongebouwen of uitbouwen toegevoegd aan de 30 meter hoge wanden. Deze worden maximaal vier bouwlagen hoog. De volumes breken de binnenhoven op in verschillende ‘groene kamers’ en zorgen zo voor een menselijke schaal in de binnenhoven. • De overblijvende ruimte tussen de gebouwen (de groene kamers) is minstens 30 meter lang of breed. Deze ruimtes worden voornamelijk ingericht met groen en bomen. • De groene kamers zijn van groot belang voor verkoeling, spelen en ontspanning, en dragen zo bij aan het tegengaan van hittestress binnen de blokken.

Menselijke maat in de binnenhoven

89 m

30 m

Rust en ontspanning in de groene kamer

Bij de inrichting van de groene kamers wordt rekening gehouden met de volgende aspecten: • Vaste planten, struiken en bomen passen bij het thema van het hof en bieden ruimte aan biodiversiteit. • Bomen spelen een cruciale rol in de inrichting van de binnenhoven. Ze onderbreken het zicht van gemin. 14 m min. 45 m min. 14 m vel tot gevel en creëren schaduwrijke plekken. • Het uitgangspunt is dat ook bomen van de eerste grootte worden toegepast in de binnenhoven. • Bouwwerken, zoals bijvoorbeeld een kas en/of ontmoetingsruimte, zijn in beperkte mate toegestaan. • Een kunstroute door Papendorp loopt door een aantal binnenhoven. Dit moet worden ingepast in 89 m het ontwerp van de binnenhoven. Spelen • In de binnenhoven dienen speelplekken te worden opgenomen • De omvang en doelgroep van deze speelruimtes worden beschreven in het SPvE Papendorp Noord. • De speelplekken maken integraal deel uit van de binnenhoven.

Kruidentuin

Lagere volumes , ofwel ‘achterhuizen’ grenzen aan de groene kamers

Zitelement en speelaanleiding _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

33

19-30 m

4.5 Referentiebeelden binnenhoven

Openbaar toegankelijk

Drinkwater fontijn

Spelen en groen gecombineerd

Informele bruggetjes _ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

Getrapte gevel

Groene ingerichte hoven

Bomen voor groen uitzicht

34

Speelplek zoals een zandbak, inclusief schaduwdoek

Ontmoeten en verblijven

Getrapte gevel _ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

Opgaand groen voor groen beeld

Uitzicht op groen

35

5. De mobiliteitshub MHXL

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

36

De MHXL De MHXL is de mobiliteitshub voor Utrecht Zuidwest. Deze mobiliteitshub vormt samen met de woningbouw (woningbouwblok Allard, zie hoofdstuk 6) een gesloten bouwblok. Dit bouwblok bevindt zich in het deelgebied Mobiliteitshub XL uit het SPvE. In dit beeldkwaliteitsplan zijn de mobiliteitshub en het woningbouwdeel in aparte hoofdstukken opgenomen, omdat de doelstellingen en richtlijnen voor de beeldkwaliteit van deze twee delen sterk verschillen. In dit document wordt het gebouw aangeduid als ‘MHXL’ en het woningbouwdeel als ‘woningbouwblok Allard’. De MHXL is het gebouw waar een deel van de bewoners en bezoekers van Papendorp hun auto parkeren en vervolgens lopend, fietsend of met het OV naar huis gaan. Ook bewoners van enkele woningbouwontwikkelingen in Utrecht Zuidwest maken gebruik van deze voorziening voor parkeren op afstand. Voor de gebruikers en de omgeving staat het realiseren van een hoge gebruikswaarde en aangename verblijfskwaliteit centraal. De MHXL biedt parkeerruimte voor circa 2.000 auto’s en 1.700 fietsen. De overstap tussen de verschillende vervoersmodaliteiten is bij dit gebouw van groot belang, net als de routes van en naar de MHXL. Om een kwalitatief hoogwaardige overstap te realiseren, zijn in dit plan specifieke criteria opgenomen voor de ‘klantreis’.

De MHXL is een integraal onderdeel van het stedelijke weefsel van Papendorp en vormt één zijde van een gesloten bouwblok met voorzieningen en woningen. De aansluiting op de omgeving speelt een cruciale rol. Gezien de prominente ligging en omvang van het gebouw zijn richtlijnen opgesteld voor de beeldkwaliteit van de verschillende gevels. Voorlopig Ontwerp (VO) Voor de MHXL is reeds een voorlopig ontwerp (VO) gemaakt. Dit ontwerp dient als uitgangspunt voor de verdere uitwerking, waarbij rekening gehouden moet worden met de beeldkwaliteitsrichtlijnen die in dit plan zijn opgenomen. In dit beeldkwaliteitsplan zijn beelden van het VO opgenomen ter ondersteuning van de tekst. Aan de beelden van het VO kunnen echter geen rechten worden ontleend; ze dienen uitsluitend ter illustratie.

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

37

5.1 Toelichting op het voorlopig ontwerp Vanwege zijn ligging vormt de MHXL een belangrijke schakel in het realiseren van een hoogwaardig en samenhangend stedelijk gebied. Het gebouw is de kop van de Taats, de zone tussen de Orteliuslaan en de Mercatorlaan. Het gebouw wordt een visitekaartje voor Utrecht en haar mobiliteitsbeleid en is zichtbaar vanaf de A2, het Marinus van Tyrusviaduct en de Orteliuslaan.

de zuidwestzijde van de MHXL komt de HOV-halte te liggen. De in- en uitritten van de parkeervoorziening worden gesitueerd aan de korte zijde van het kavel, zodat ze verkeerskundig goed aansluiten op de omgeving. De MHXL moet enerzijds maximaal efficiënt functioneren als mobiliteitsvoorziening en anderzijds maatwerk bieden voor de locatie om passend en aangenaam te zijn voor de dagelijkse gebruikers en de buurt.

De MHXL vormt de zuidwestelijke wand van een gesloten bouwblok. De andere wanden bestaan uit woningen, met op de begane grond ruimte voor voorzieningen. De locatie is geluidbelast, waardoor wonen hier alleen mogelijk is als de woningen zijn voorzien van een geluidsluwe zijde. Het binnenhof van het bouwblok fungeert als deze geluidsluwe zijde. De MHXL dient als geluidsbuffer richting het binnenhof en mag zelf geen hinder van licht of geluid veroorzaken richting de woningen. De gevel aan het binnenhof moet bovendien een aantrekkelijk en groen uitzicht bieden voor de bewoners.

Principes in het ontwerp Slim samenvoegen door efficiënte systemen In het ontwerp is gebruikgemaakt van een efficiënte draagstructuur die voor ieder programmaonderdeel een optimale oplossing biedt: • Parkeervelden zijn voorzien van een efficiënte, marktconforme draagstructuur. • Een modulair frame fungeert als buffer naar de buurt. • Een flexibele en aanpasbare plint zorgt voor veelzijdig gebruik.

In de dwarsrichting wordt het gebouw doorsneden door een prominente fiets- en voetgangersverbinding. Aan

visie mobilite

De Mobiliteits Hub X functioneren om bij t van de Gemeente Ut zelf om passend en a de buurt.

Om hierin de optima principes gehanteerd

1. slim samenvoege Binnen het ontwerp i die voor ieder progra oplossing biedt: •

parkeervelden me

•

modulair in te vul

•

flexibele en aanp

•

PV panelen in pe

2. voorwaarden bie Om een prettige verb gebruikswaarde mog gehanteerd:

1. Het bieden van m langwerpige volu transparante zon brengen in de an

2. Het optillen van h geactiveerde plin

3. Het bufferen van aangrenzende bo groenelementen

Beeld van het VO, ter illustratie van de toelichting op het voorlopig ontwerp. MHXL als ‘kit of parts’, beeld van architectenbureau cepezed _ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

38

cepezed

Voorwaarden voor succes: Om een prettige verblijfskwaliteit, goede functionaliteit en hoge gebruikswaarde te realiseren, zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Menselijke schaal: Het langwerpige volume wordt visueel opgeknipt door een centraal hart, wat resulteert in een transparante zone met vrije zichtlijnen. Dit brengt overzicht, daglicht en lucht in de anders grote vloervelden. • Opgetild parkeervolume: Het parkeervolume wordt opgetild door een dubbelhoge, geactiveerde plint. Hierdoor ontstaat een doorwaadbare begane grond. • Bufferzone: Het ‘hardcore’ parkeervolume wordt gebufferd naar het aangrenzende bouwblok door een frame met groenelementen en sociale voorzieningen.

colo

project mobiliteitshub X fase VO concept

opdrachtgever gemeente utrec Stadsplateau 1 3521AZ Utrech www.utrecht.nl

ontwerp architectenbure ezelsveldlaan 6 2611 rv delft +31 15 215000 post@cepezed www.cepezed.n

constructeur pieters bouwtec poortweg 4j 2612 pa delft +31 15 219030 www.pietersbou

bouwfysica en peutz postbus 66 6585 zh mook +31 85 822860 www.peutz.nl

Installaties galjema b.v. tec buitenom 247 2711 kb zoeterm +31 79 206508 www.galjema.n

Beeld van het VO, ter illustratie van het flexibel in te richten frame als buffer tussen parkeer- en woonfuncties. Uit het voorlopig ontwerp, beeld van archtictenbureau cepezed

mobiliteit goudappel postbus 161 7400 ad deven +31 570 66622 www.goudappe

copyright © architectenbure

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

39

disclaimer De verstrekte info voor geadressee gegevens zijn me op verkregen info kunnen wij echte

Aan de tekst, tek

5.2 Klantreis Doelstelling: De beeldkwaliteitseisen met betrekking tot de klantreis moeten zorgen voor een positieve gebruiksbeleving voor de mensen die gebruik maken van de mobiliteitshub. Een belangrijk onderdeel hiervan is de ervaring van de overstap. Het gaat niet alleen om logische en functionele routes tussen de verschillende modaliteiten, maar de overstap moet ook comfortabel, vertrouwd en overzichtelijk zijn. Dit wordt gecombineerd met een gevoel van verrassing, esthetiek en zorgvuldige vormgeving. De overstap moet stressvrij verlopen: de routes naar de auto, fiets, het OV en andere voorzieningen moeten herkenbaar zijn. Sociale veiligheid speelt hierin een essentiële rol. Inclusiviteit is het basisprincipe. Het is belangrijk dat alle gebruikers van de mobiliteitshub zich veilig voelen. Goed overzicht draagt bij aan zowel oriëntatie als navigatie. Daarnaast moet rekening worden gehouden met beide richtingen van de overstap, zowel voor aankomende als vertrekkende reizigers. Wayfinding vormt een belangrijk onderdeel van de klantreis. Hiervoor geldt de huisstijl en het wayfinding-document dat door de gemeente Utrecht is ontwikkeld. Deze huisstijl is ook hier van toepassing.

hoofd bega

personend

aansluitin menselijke

in- en uitrit auto

hubloper a voetgange

plintfuncti

stijgpunt

looproute gebouw

autodome

centrale as

stijgpunt

in/uitrit au

fietsenstalling frame

fietsreparatie HOV-halte centrale hal stijgpunt

sportschool

HUB-loper stijgpunt in- en uitrit auto Beeld van het VO, ter illustratie de hoofdopzet begane grond MHXL, beeld van architectenbureau cepezed

_ B  eeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

40

cepe

hubloper ankerpunt

Richtlijnen klantreis: Algemeen • Het gebouw nodigt de gebruiker uit en heeft een toegankelijke uitstraling. • Het gebouw biedt de bezoeker een aangename gebruikservaring. • De gebruiker ervaart comfort en voelt zich veilig in en rondom het gebouw. • Zorg voor heldere vormgeving en eenheid in beeldtaal. • Overzichtelijke zichtlijnen en continuïteit in routes zijn essentieel. • Het moet eenvoudig zijn om de weg te vinden en het geparkeerde voertuig terug te vinden. • De plint van het gebouw, waar gebruikers het gebouw van dichtbij ervaren, dient te passen bij de menselijke maat.

gevelontwerp

cepezed

cepezed

Belangrijke onderdelen

cepezed

De HUB-loper De HUB-loper is de verbinding tussen de omgeving en het gebouw. Fietsers betreden het gebouw via de HUB-loper, die ook de Mobiliteitshub XL verbindt met de HOV-halte. Het is een belangrijke toegang voor langzaam verkeer. De HUB-loper zelf (de bestrating) is onderdeel van de openbare ruimte. De relatie tussen het gebouw en deze openbare ruimte is onderdeel van de klantreis.

cepezed

Aantrekkelijke en open gevels aan de HUB-loper

Ontwerp en inrichting: • De doorgang van de HUB-loper door het gebouw moet aantrekkelijk, open en aangenaam zijn. • De onderdoorgang is licht en overzichtelijk met heldere zichtlijnen. • Gebruikers van functies langs de HUB-loper (zoals de sportschool, fietsreparatie, fietsenstalling en entreehal) moeten intuïtief hun weg kunnen vinden. • De in- en uitgang van de fietsenstalling moeten overzichtelijk zijn om conflicten tussen fietsers en voetgangers te voorkomen. De centrale hal De centrale hal is de plek voor informatie, kaartverkoop, service en assistentie. Het fungeert ook als ontmoetingsplek met wachtmogelijkheden en is de hoofdtoegang tot het gebouw en het hoofdstijgpunt. Ontwerp en inrichting • De centrale hal moet helder en overzichtelijk zijn, zodat bezoekers zich eenvoudig kunnen oriënteren. • Het ontwerp moet een warme, welkome en comfortabele uitstraling hebben • De route van de entree naar het stijgpunt moet vrij zijn van obstakels, zowel fysiek als visueel.

_ Beeldkwaliteitsplan Papendorp De Taats Noord, Utrecht

41

•

Comfortabele zitgelegenheden moeten strategisch worden geplaatst in de luwte van de looproutes.

Stijgpunten De stijgpunten in het frame geven toegang tot de parkeervloeren. Ontwerp en inrichting • Stijgpunten zijn aangenaam, opgeruimd (minimalistisch) en overzichtelijk vormgegeven. • Zichtlijnen zijn belangrijk: er moet steeds zicht zijn op de volgende ruimte. • Zorg voor goede oriëntatie mogelijkheden • Goede verlichting, zowel daglicht als kunstlicht, is essentieel. • Zorg voor duidelijk herkenbare entrees en een geleidelijke overgang tussen binnen en buiten. Een fijne entree is meer dan een deur in een gevel. Het frame Het frame vormt de buffer tussen de woningbouw en de mobiliteitshub en vormt tevens een verbinding tussen de stijgpunten. De modules in het frame kunnen (in samenspraak met de toekomstige bewoners) een sociale en/of groene invulling krijgen; ook een invulling met kunst is hier voorstelbaar. Tevens is er een kans om het frame op termijn uit te breiden en zo verbindingen te leggen met de omgeving. Het uitgangspunt is dat het frame in ieder geval een groene invulling krijgt. In het frame is (op de eerste verdieping) een route voorzien die de verschillende stijgpunten met elkaar verbindt.

Aangenaam en overzichtelijk trappenhuis

Ontwerp en inrichting • Het uitgangspunt voor het frame is een goede mix tussen functioneel en overzichtelijk, gecombineerd met verrassend, fraai en inspirerend. • De verbindende route via het frame dient herkenbaar en continu te zijn, en makkelijk bereikbaar. • Naast doorstroming is er ook ruimte voor luwe plekken buiten de loop, die overzichtelijk en veilig blijven. • Maak een duidelijk onderscheid tussen doorstroom (zoveel mogelijk vrij van obstakels, met continuïteit in zichtlijnen, zowel fysiek als visueel). • Zorg voor oriëntatiemogelijkheden. • Veel ruimte voor groen, aantrekkelijk door het hele jaar heen. • Zichtlijnen zijn belangrijk; er is steeds zicht op de volgende ruimte en doorzicht door de deur.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=0c57a256-32a5-4871-b87f-f1c7fdff916d