CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Antwoorden op technische vragen aan ambtelijke organisatie 15 april 2025

Gemeenteraad 10 juli 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadstoets Economische zaken11.790 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Hoe ziet de aansturing (Bestuurlijk en ambtelijk) vanuit de gemeente Utrecht richting de ROM er precies uit Hoe wordt bewaakt dat de beleidsdoelstellingen van de gemeente Utrecht op een goede wijze worden vertaald in de activiteiten van de ROM Hoe wordt gemonitord dat de uitvoering van de activiteiten van de ROM bijdragen aan de doelstellingen van de gemeente Utrecht Hoe wordt de gemeenteraad in stelling gebracht bij de sturing en verantwoording met betrekking tot de ROM? Neemt de raad in de praktijk ook een actieve rol bij voortgangsrapportages, begroting en jaarrekening? In de begroting 2025 is opgenomen dat de aandeelhouders met de ROM in gesprek zijn over de financiële bijdrage. Het beeld is dat er minder geld naar de ROM gaat de komende jaren. Wat is hier precies de stand van zaken? In 2025 wordt de bestuursovereenkomst met de ROM vernieuwd. Kan op hoofdlijnen iets gezegd worden over de nieuwe inhoud van de bestuursovereenkomst (belangrijkste wijzigingen) De jaarrekening 2023 (laatst beschikbare jaarrekening) van de ROM laat een post zien van € 4,5 mln aan participaties en € 33,6 mln aan overige effecten. Hoe vindt specifiek voor deze onderdelen de risico-inschatting plaats en in hoeverre is de gemeente Utrecht hierbij betrokken?

a)

Gemeente Utrecht stuurt bestuurlijk vanuit haar rol als aandeelhouder op de meerjarenstrategie ROM (op dit moment geldt de meerjarenstrategie 2023-2026) en direct op de invulling van deze strategie tijdens de aandeelhoudersvergaderingen (tweemaal per jaar) o.b.v. voortgangsrapportages, het jaarplan en jaarverslagen. Op (hoog)ambtelijk niveau stuurt de afdeling EZ de ROM waar nodig bij via reguliere overleggen, al dan niet met ambtelijke vertegenwoordigers van de andere aandeelhouders. b) De gemeente Utrecht bewaakt haar beleidsdoelstellingen met de ROM vanuit haar rol als aandeelhouder. Naast de meerjarenstrategie van de ROM, wordt er door de aandeelhouder inhoudelijk gestuurd op de jaarplannen en jaarverslagen. Deze dienen aantoonbaar bij te dragen aan de beleidsdoelstellingen van de gemeente Utrecht, zoals kaderstellend geformuleerd in de Regionale Economische Agenda. c) De jaarplannen en jaarverslagen worden gebruikt om de (effecten van de) uitvoering van de activiteiten en de aansluiting bij het beleid te monitoren en toetsen. d) Jaarlijks krijgt de gemeenteraad het ROM jaarplan en jaarverslag toegezonden. Conform de motie Sturen op de ROM (kenmerk 3591, 2020) kan de raad desgewenst het jaarplan agenderen in een commissievergadering en aandachtspunten meegeven ter bespreking met de ROM.

Daarnaast wordt specifieke beleidsvoortgang met de ROM gedeeld via de voortgangsrapportage actieagenda en wordt de raad over (financiële) ontwikkelingen bij verbonden partijen geïnformeerd via de P&C cyclus. e) In 2025 zijn de ROM aandeelhouders in gesprek met de ROM over de financiële bijdrage: enerzijds over de exploitatiebegroting en anderzijds over het fondskapitaal. M.b.t. de exploitatiebegroting geldt dat er naast de taakstelling in 2025 een structureel sluitende begroting vanaf 2026 moet worden gerealiseerd. Onderdeel daarvan is dat de gemeente Utrecht als onderdeel van de bezuinigingen heeft besloten vanaf 2026 te bezuinigen op haar exploitatiebijdrage aan de ROM. Daar tegenover staat dat de exploitatiebijdrage jaarlijks iets toeneemt, als gevolg van indexatie. Hiermee wordt het bezuinigingseffect enigszins

gedempt. Het ROM fondskapitaal zou uiteindelijk revolverend moeten zijn: gestort kapitaal dat is toegekend aan startups, komt uiteindelijk weer terug bij de ROM als het bedrijf succesvol is doorgegroeid. Dat punt kan, zo relatief kort na de oprichting, nog niet bereikt worden met het huidige fonds en het beschikbare fondskapitaal in 2026 naar verwachting uitgeput is. Dit vraagt richting de toekomst om het uitbreiden van de investeringsportefeuille. Hier staat de gemeente Utrecht constructief in. Belangrijke overwegingen daarbij zijn dat investeringen in cofinanciering met private partijen worden gedaan, waardoor we weten dat deze investeringen vanuit de regio tevens additionele private investeringen mogelijk maken (multipliereffect) en dat meer dan 50% van de investeringen van de ROM landt in stad Utrecht omdat in Utrecht de meeste (kansrijke) startups zitten. Op dit moment wordt er nagedacht over de dekking van de benodigde financiering. f) Op dit moment wordt er gewerkt aan het verlengen van de huidige bestuursovereenkomst met de ROM t/m 31 december 2025. Dit stelt de aandeelhouders in de gelegenheid de eventuele toekomstige fondsstorting(en) te verwerken in nieuwe bestuursovereenkomst, die in dient te gaan vanaf 2026.

De nieuwe bestuursovereenkomst zal – voor zo ver nu te voorzien – primair een voortzetting zijn van de bestaande afspraken, met daarbij aanvullende afspraken over de indexatie van de exploitatiebijdrage, evt. nieuwe fondsstortingen en samenwerkingsafspraken tussen de aandeelhouders (governance). g) De ROM is primair verantwoordelijk voor het risicomanagement van haar eigen investeringsportefeuille. Deze dient in lijnt te zijn met haar investerings- en risicobeleid en wordt getoetst door de externe accountant. De gemeente Utrecht ziet vanuit de beleidsafdeling, in samenwerking met de afdelingen financiën en business control toe op de ROM cijfers (richting de aandeelhoudersvergaderingen) en via de accountantscontrole op haar eigen financiën.

3

Economic Board Utrecht (EBU)

In Utrecht is het Economic Board Utrecht Region actief. Voor zover wij kunnen nagaan komt het Economic Board Utrecht niet terug in de tekst van het programma Economie in de jaarrekening 2024 a) Is hier een specifieke reden voor? b) Werkt de gemeente Utrecht (intensief) samen met het Economic Board Utrecht en worden doelstellingen en activiteiten op elkaar afgestemd? c) Wordt Economic Board Utrecht als een verbonden partij gezien en zo ja, hoe vindt hier sturing op plaats?

4

Wijkontwikkelingsmaatschappij WOM (Noord West en Lombok) Hoe vindt de aansturing vanuit de gemeente Utrecht richting de WOM plaats en hoe wordt gemonitord dat de uitvoering van de activiteiten van de WOM bijdragen aan de doelstellingen van de gemeente Utrecht

a)

De Economic Board Utrecht (EBU) valt voor de begroting en jaarrekening 2024 nog onder het programma ‘Betrouwbare Overheid’ onder de doelstelling ‘bovengemeentelijke belangen’. Omdat de aansturing van de EBU vooral vanuit het programma Economie plaatsvindt wordt dit binnenkort overgeheveld. b) Ja, de gemeente Utrecht werkt (intensief) samen met de EBU. Zowel in de aansturing van de Economic Board, waarvan Burgemeester Dijksma voorzitter is, als in de operationele activiteiten, waarin de gemeente Utrecht via ambtelijke capaciteit bijdraagt aan activiteiten van de EBU. Doelstellingen worden afgestemd via bestuurlijk en ambtelijk overleg met de EBU over haar jaarplan. Hier wordt invulling aan gegeven via samenwerking t.b.v. gedeelde beleidsstukken en activiteiten, zoals boardmeetings, missie-reizen en lobbyactiviteiten. c) Formeel is de EBUMet de EBU bestaat een subsidierelatie, waartoe jaarplannen en bijbehorende prestatierapportages worden beoordeeld.

Beide WOM’s kennen aandeelhouders (AvA) en een Raad van Commissarissen (RvC) in hun governance. De RvC houdt toezicht op de directie van de WOM’s. Vanuit de gemeente is zitten 2 ambtenaren in de RvC van WOM Noordwest en 1 ambtenaar in de RvC van WOM Lombok (allen op persoonlijke titel). De aansturing en monitoring van de WOM’s vanuit de gemeente vindt bestuurlijk plaats via de wethouder op de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering en ambtelijk via de accounthouder van de WOM’s die regulier overleg voert.

5

NV ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (NV OMU) a) Deze is niet opgenomen in de lijst verbonden partijen, wat is hiervan de reden? b)Hoe vindt de aansturing vanuit de gemeente Utrecht richting de WOM plaats en hoe wordt gemonitord dat de uitvoering van de activiteiten van de WOM bijdragen aan de doelstellingen van de gemeente Utrecht

We veronderstellen dat deze vragen over de OMU gaan, in de vraagstelling staat namelijk WOM. a) Een verbonden partij is een organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. De OMU is geen verbonden partij, omdat de gemeente juridisch gezien geen bestuurlijk belang heeft in de OMU. De gemeente heeft namelijk geen zeggenschap (stem) in de rechtspersoon. b) De aansturing vanuit de gemeente Utrecht vindt plaats via de subsidierelatie die de gemeente heeft met de OMU. Onderdeel van deze subsidierelatie is een uitvoeringsovereenkomst, waarin de afspraken over de doelstellingen en samenwerking zijn vastgelegd.

6

WIgo4It U.A. Wat doet deze organisatie precies en leidt dit o.a tot meer efficiency? Is de overhead lager geworden en hoe verbetert het de dienstverlening?

WIgo4It heeft een overeenkomst met Werk en Inkomen. Vanuit Economie is er geen relatie met deze organisatie.

5. Subsidies Nr.

Vraag/toelichting

1

Subsidies Goed dat inzicht wordt gegeven in de subsidies per doelstelling. a)

Hoe wordt in het subsidieproces geborgd dat de gesubsidieerde activiteiten daadwerkelijk bijdragen aan de doelstelling (voldoende toekomstbestendige werknemers en werkgelegenheid die passend is) b) Bij subsidies met een economisch karakter (ondersteuning van bedrijven) kan er een verhoogd risico zijn op staatsteun. Hoe wordt omgegaan met enerzijds het stimuleren van economische activiteiten en anderzijds het risico op staatssteun? c) De belangrijkste subsidie betreft het ondernemersfonds (begroting € 12,4 mln, realisatie € 14,8 mln, overschrijding € 2,4 mln). Kan op hoofdlijnen inzicht gegeven worden hoe aanvragen uit het ondernemersfonds worden afgewogen en waardoor overschrijding is ontstaan? En hoe werkt dit dan? Komt dit ten laste van de begroting van de gemeente Utrecht?

Reactie a)

Subsidieaanvragen worden altijd ambtelijk getoetst langs de kaders van ons beleid en de doelstellingen in de programmabegroting. Deze kaders zijn ook meegenomen in de verschillende subsidieregels. Ambtelijk vindt inhoudelijke toetsing altijd plaats middels vier ogen principe door twee beleidsadviseurs. b) De gemeente heeft een team met juridische adviseurs die bevoegd zijn om staatssteuntoetsen uit te voeren. Bij risico op staatssteun wordt door dit team een advies afgegeven. Bijvoorbeeld bij Europese subsidie vanuit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling is dit aan de orde, en wordt deze toets ook door de Europese Commissie van ons gevraagd. c) Aanvragen voor het ondernemersfonds worden door de stichting OfU en haar bestuur getoetst op vooraf vastgestelde kaders. Op hoofdlijnen gaat het erom dat de voorstellen aantoonbaar bijdragen aan de economisch vitaliteit van de stad Utrecht. Het gat tussen het begrote en gerealiseerde bedrag voor OfU heeft te maken met een nacalculatie die plaatsvindt op basis van de werkelijke ontvangen OZB-inkomsten niet-wonen. Ten tijde van de begroting wordt met een prognose gewerkt die later, bij definitief uitsluitsel over de OZBinkomsten, wordt bijgesteld. Dit komt niet ten laste van de begroting van de gemeente Utrecht.

6. Indicatoren Nr.

Vraag/toelichting

1

Effectindicatoren De realisatie 2024 is nog niet ingevuld. In de toelichting is vermeld: Voor cijfers wachten we op PAR en CBS. Deze cijfers worden eind februari aangeleverd. a. b.

c.

d.

We ontvangen deze cijfers graag als ze beschikbaar zijn. Datzelfde geld voor de uitgebreidere informatie over indicatoren die betrekking hebben op deze doelstellingen die te vinden zijn in de webversie van de jaarstukken 2024. De huidige indicatoren geven naar onze mening een beperkt beeld van de realisatie van doelstellingen in het programma. Is het de bedoeling met de vaststelling van de nieuwe beleidsnota’s in 2025 dat er in de begroting 2026 ook nieuwe indicatoren in het programma worden opgenomen? Zijn er indicatoren beschikbaar die: * iets weergeven van ervaringen vanuit ondernemers met gemeente Utrecht? *inzicht geven in aantal nieuwe bedrijven in Utrecht *inzicht geven in ontwikkelingen in sectoren die gestimuleerd worden bijv, zorg, duurzaamheid, innovatie

Reactie

aantal banen in Utrecht*

2019

2020

2021

2022

2023

2024

275.410

283.000

288.230

301.700

317.470

331.920

PAR

BRP

beroeps- en nietberoepsbevolking (aantal

bron

277.207

281.327

283.270

285.127

291.152

297.615

inwoners 15-74 jaar) PAR, BRP

werkgelegenheidsfunctie

bewerking

(aantal banen t.o.v. beroeps- en niet-

0,99

1,01

1,02

1,06

1,09

1,12

beroepsbevolking,

gemeente Utrecht

afgerond) PAR

aantal (bedrijfs) vestigingen in gemeente

42.950

46.390

48.370

51.320

55.590

58.380

75

74,5

74,8

77,2

77,3

77,6

Utrecht % netto arbeidsparticipatie

a)

CBS (EBB)

Het aantal geregistreerde banen in Utrecht is in 2024 verder toegenomen. Op 1 april 2024 telde Utrecht 331.920 banen bij in Utrecht gevestigde bedrijven. Het aantal banen is met ruim 14.000 toegenomen. Vanaf 2020 zijn er in Utrecht meer banen dan het aantal inwoners in de

arbeidsactieve leeftijd (15 t/m 74 jaar). De zakelijke dienstverlening is de sector die zorgt voor de grootste werkgelegenheid in Utrecht, tussen 2023 en 2024 is deze sector met 3.760 banen gegroeid. Ruim een kwart (26%) van deze banen betreft een vestiging met één werkzame persoon (meestal zzp’ers). In 2024 waren er 58.380 bedrijfsvestigingen in de gemeente Utrecht, 5% meer dan in 2023. De toename van vestigingen was het grootst in de sector (specialistische) zakelijke dienstverlening en vestigingen met 1 werkzame persoon. Op 15 april wordt de Utrecht Monitor gepubliceerd met de nieuwe cijfers: Economische ontwikkeling | Utrecht Monitor en

Arbeidsmarkt | Utrecht Monitor b) Zie a c) Ja, klopt, we voegen met de nieuwe beleidsnota's graag nieuwe indicatoren toe die een completer beeld geven van de economische opgave en de gemeentelijke inzet daarvoor, en hoe we deze kunnen bijsturen en monitoren. d) Ja, via de Utrecht Monitor is e.e.a. beschikbaar over nieuwe bedrijven en ontwikkeling van sectoren. Verder monitoren we de NEx thema’s, waarvoor ook ondernemers geënquêteerd worden. Het meest recente onderzoek dat iets zegt over de ervaringen vanuit ondernemers met de gemeente Utrecht is het Rekenkamerrapport uit 2021. 2

Op de site www.waarstaatjegemeente.nl kan een vergelijking worden gemaakt tussen de gemeente Utrecht en het gemiddelde van Nederland (of de G4) ook op het onderdeel economie. Wij hebben voor een aantal indicatoren hier kennis van genomen (zie bijlage 1 voor enkele vergelijkingen). a)

Aantal faillissementen lijkt over het jaar heen redelijk stabiel, met een uitschieter in de maand juli. Hoe kijkt de ambtelijke organisatie naar de ontwikkeling van de faillissementen in Utrecht? b) De groei van het aantal vestigingen per 10.000 inwoners laat in Utrecht, conform landelijke trend een daling zien in 2024. Wordt dit herkend, is dit zorgelijk en is dit aanleiding voor verdere actie vanuit de gemeente?

a)

De ontwikkeling van het aantal faillissementen is een belangrijke economische indicator, omdat het iets zegt over de financiële gezondheid van bedrijven in de stad. Als het aantal faillissementen stabiel is, duidt dat op een relatief veerkrachtige economie. Als we vanaf begin 2022 terugkijken, blijft het beeld redelijk stabiel met hier en daar een uitschieter. Deze uitschieters zijn verspreid over het jaar (maart, juni tot en met september en december) maar lijken een zeer lichte focus rondom de zomer te hebben. De uitschieter rondom de zomer kan verschillende oorzaken hebben maar kunnen we nu niet goed duiden; ook omdat deze cijfers betrekking hebben op de provincie Utrecht en niet (alleen) de gemeente Utrecht.

b) Idem als a De daling wordt herkend en past binnen een bredere nationale trend mede doordat ondernemers zich de afgelopen jaren geconfronteerd zagen met meerdere uitdagingen: inflatie, personeelstekorten, stijgende kosten voor energie en grondstoffen, en het wegvallen van coronasteunmaatregelen. Dit alles kan ertoe leiden dat minder mensen een onderneming starten of bestaande bedrijven stoppen.

c)

In de grafieken wordt inzicht gegeven in het aantal vacatures en de “spanningsindicator” in de regio Midden Utrecht. De cijfers laten zien dat er relatief veel vacatures zijn en met name in ICT, techniek, dienstverlening en openbaar bestuur spanning op de arbeidsmarkt is. Kan de organisatie reflecteren hoe het ingezette beleid 2024 omgaat met deze vacatures en de spanning op de arbeidsmarkt?

Hoewel een afname in de groei van vestigingen op zichzelf niet direct zorgwekkend hoeft te zijn, is het wel een signaal om serieus te nemen. De dynamiek van het lokale ondernemersklimaat draagt immers bij aan innovatie, werkgelegenheid en economische vitaliteit. Vooral in een ondernemende stad als Utrecht is het van belang om goed zicht te houden op wat remmend werkt op nieuwe vestigingen of doorgroei van bestaande bedrijven. De gemeente Utrecht volgt deze ontwikkeling nauwgezet, en zal waar nodig gericht actie ondernemen, met oog voor de lokale context en het belang van een gezond ondernemersklimaat. c)

Met ons arbeidsmarktbeleid zetten we in op een weerbare en wendbare arbeidsmarkt. Om onze middelen zo effectief mogelijk in te zetten kiezen we ervoor om ons arbeidsmarktbeleid te richten op tekortsectoren die cruciaal zijn voor onze stad: onderwijs, zorg en welzijn, kinderopvang, bouw, techniek en energietransitie, circulaire economie en ICT. Het aantal vacatures en de spanning op de arbeidsmarkt hebben we gebruikt om te bepalen in welke mate er sprake is van een tekort in een sector.

Bijlage 1 www.waarstaatjegemeente.nl: economie in Utrecht

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=7deb5b0c-2f9e-4695-a6ef-048effc01797