Agendabundel
Tekst van het document
Uit de internetenquête blijkt dat meer dan de helft (52%) van de ondernemers geen uitgesproken mening heeft over de algemene doelstelling van het economisch beleid (zie figuur 5.3). Van de ondernemers met een mening, is het grootste deel positief en slechts een klein deel negatief. Uit de gesprekken met samenwerkingspartners blijkt dat zij over het algemeen positief zijn over de doelen.140 Maar er worden ook verbeterpunten genoemd. De doelen zijn volgens een aantal gesprekspartners erg algemeen en kunnen concreter worden geformuleerd.141 Dit wordt onderschreven door de ondervraagde ondernemers.142
Figuur 5.3
Meer dan de helft van de geënquêteerde ondernemers heeft geen uitgesproken mening (‘niet eens, niet oneens’ en ‘weet niet’) over de algemene doelstelling. (n = 1.053).
Mijn bedrijf is positief over deze algemene doelstelling van het Programma Economie & Werkgelegenheid voor iedereen 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Helemaal) mee eens
Niet eens, niet oneens
(Helemaal) mee oneens
Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers
138 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden 139 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden 140 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 141 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartners. 142 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden
76
Weet niet
Ook constateren we dat ondernemers moeilijk een oordeel kunnen vormen over de juiste prioritering in het economisch beleid. Meer dan de helft (68%) van de ondernemers heeft hier geen of een neutrale mening over (zie figuur 5.4). Een kleine 20% vindt dat de gemeente de juiste prioriteiten stelt. Dit percentage is ongeveer gelijk met het percentage uit de ondernemingspeiling uit 2014.143 Onder samenwerkingspartners zijn de meningen ook verdeeld. Over het algemeen zijn partners positiever, maar er zijn onderwerpen waarvan zij vinden dat de gemeente er meer op kan inzetten. Het verbeteren van de bereikbaarheid en verkeersveiligheid en het stimuleren van innovatie zijn voorbeelden die meerdere malen zijn genoemd.144 Figuur 5.4
Geënquêteerde ondernemers kunnen zich moeilijk een oordeel vormen over of de gemeente de juiste prioriteiten stelt met het economisch beleid (n = 1.053).
De gemeente stelt de juiste prioriteiten in het economisch beleid
0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Helemaal) mee eens
Niet eens, niet oneens
(Helemaal) mee oneens
Weet niet
Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers
De keuze voor de vier marktgroepen vinden ondernemers en samenwerkingspartners logisch. Ook constateren we dat ondernemers en samenwerkingspartners zich kunnen vinden in de keuze voor de vier marktgroepen. Zoals in figuur 5.5 te zien is, vindt een meerderheid van de ondervraagde ondernemers (54%-70%) deze keuze logisch. Dit beeld komt ook naar voren uit de gesprekken met de samenwerkingspartners.145 Ondernemers en samenwerkingspartners noemen ook wel andere sectoren die wat hen betreft eenzelfde aanpak in een marktgroep rechtvaardigen. Een aanzienlijk deel van de ondernemers noemt hierbij de cultuur-, kunst en creatieve sector.146 Samenwerkingspartners noemen de horeca, logistiek en mobiliteit en gaming.147
143 Waarstaatjegemeente (z.d.). Bedrijvigheid en economie gemeente Utrecht. Geraadpleegd via
https://www.waarstaatjegemeente.nl/dashboard/dashboard/bedrijvigheid-en-economie/ 144 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 145 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 146 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden (Het gaat om ongeveer
25% van de ingevulde open antwoorden) 147 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.
77
Figuur 5.5
Een meerderheid van de geënquêteerde ondernemers vindt de keuze voor de marktgroepen logisch (n = 1.053).
ICT en digitale vaardigheden
Onderwijs
Gezondheid
Bouw en energietransitie
0% Wel logisch
10%
20%
30%
40%
Een beetje logisch
50%
60%
Niet logisch
70%
80%
90%
100%
Weet niet
Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers
Een minderheid van de geënquêteerde ondernemers denkt dat zij met hun activiteiten bijdragen aan het behalen van de algemene doelstelling van het economisch beleid. Om toekomstbestendige werkgelegenheid en werknemers te realiseren, is het noodzakelijk dat ondernemers en samenwerkingspartners met hun activiteiten aansluiten op de doelen en inzet van de gemeente. We zijn daarom nagegaan in hoeverre ondernemers en samenwerkingspartners de activiteiten van hun bedrijf daarbij laten aansluiten. We constateren dat een minderheid van de ondernemers denkt bij te dragen aan het behalen van de doelstelling. Van de ondervraagde ondernemers denkt ongeveer een derde (37%) dat zij met hun onderneming bijdraagt aan het behalen van de algemene doelstelling van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen. Een deel van de samenwerkingspartners geeft aan bij te dragen aan de algemene doelstelling door potentiële werknemers op te leiden of te faciliteren naar werk. Het gaat hierbij niet alleen over toekomstbestendige werkgelegenheid.148 Activiteiten van samenwerkingspartners helpen ook potentiële werknemers naar banen die de gemeente niet als toekomstbestendig typeert.
Dit komt bijvoorbeeld doordat er regelmatig sprake is van een mismatch tussen de kwalificaties en vaardigheden van werknemers en de kwalificaties en vaardigheden die voor toekomstbestendig werk (bijvoorbeeld in de marktgroepen) worden gevraagd.149
148 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners 149 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht.
78
Figuur 5.6
Ongeveer een derde van de geënquêteerde ondernemers denkt met hun onderneming bij te dragen aan de algemene doelstelling (n = 1.053).
Ik denk dat mijn bedrijf bijdraagt aan het halen van deze algemene doelstelling van het Programma Economie & Werkgelegenheid voor iedereen 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Helemaal) mee eens
Niet eens, niet oneens
(Helemaal) mee oneens
Weet niet
Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers
5.2.2 ONDERNEMERS ONVOLDOENDE BETROKKEN Ondernemers geven in de enquête een onvoldoende voor de mate waarop de gemeente hen betrekt bij de totstandkoming en uitvoering van het beleid. Dit geldt ook voor de manier waarop de gemeente de samenwerking zoekt bij de totstandkoming en de uitvoering van het beleid. Contact met de gemeente wordt daarentegen wel als positief ervaren. Het betrekken van ondernemers bij de totstandkoming en uitvoering van beleid helpt om draagvlak te creëren voor wat de gemeente doet. Ook neemt door ondernemers te betrekken hun kennis van het beleid en de inzet van de gemeente toe. Een randvoorwaarde hierbij is dat het contact als positief ervaren wordt. We hebben daarom onderzocht wat ondernemers en samenwerkingspartners vinden van de manier waarop zij bij de totstandkoming en uitvoering van het beleid betrokken worden. Ook hebben we onderzocht hoe ondernemers contact met de gemeente ervaren. We constateren dat ondernemers in de enquête niet overwegend positief zijn over de mate waarop de gemeente hen betrekt en de samenwerking zoekt bij de totstandkoming en de uitvoering van het beleid. De helft (49%-50%) van de ondernemers heeft geen mening over de wijze waarop de gemeente ondernemers betrekt. Van de geënquêteerde ondernemers met een mening geeft de helft de gemeente een (on)voldoende op beide vlakken.
Het gemiddelde cijfer is zowel voor het betrekken van ondernemers bij de totstandkoming van het beleid als voor het betrekken van ondernemers bij de uitvoering onvoldoende (5,1/10 en 4,9/10 respectievelijk). Geënquêteerde ondernemers die contact hebben gehad met de gemeente, ervaren dit over het algemeen wel als positief.150
150 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; Tabel G.7
79
Figuur 5.7
Een meerderheid heeft geen mening over de mate waarop de gemeente ondernemers betrekt in verschillende fases van beleidsvoering (n = 1.053).
De wijze waarop de gemeente ondernemers betrekt en de samenwerking zoekt bij de totstandkoming van beleid
De wijze waarop de gemeente ondernemers betrekt en de samenwerking zoekt bij de uitvoering van beleid 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90%100% 5 of lager (onvoldoende)
6 of hoger (voldoende)
Weet niet / geen mening
Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers
Geënquêteerde ondernemers zien de gemeente Utrecht het liefst als partner of ondernemende gemeente, maar ervaren vaker een normerende gemeente. Gemeenten kunnen verschillende rollen aannemen. Gemeenten laten voornamelijk een normerende rol zien waarbij de nadruk ligt op handhaving van wet- en regelgeving. Ondernemers zien gemeenten juist graag als partner of in een ondersteunende rol. In deze rollen staan onder andere samenwerking en verbinding centraal. De ontevredenheid van de ondernemers over de mate waarin de gemeente hen betrekt bij het beleid komt mogelijk doordat de gemeente een andere rol aanneemt dan ondernemers wenselijk vinden. Daarnaast kan bij een discrepantie tussen de gewenste en de getoonde rol ook de waardering van ondernemers voor het ondernemingsklimaat afnemen.151 We constateren dat geënquêteerde Utrechtse ondernemers de gemeente graag zien als partner of ondersteunende gemeente, maar dat ondernemers deze rollen in mindere mate ervaren. Figuur 5.8 geeft weer dat een kwart (26%) van de ondernemers de gemeente het liefst ziet als partner. Ook een ondersteunende gemeente wordt voor een kwart (25%) van de ondernemers als voorkeur benoemd. Daarentegen heeft ongeveer een kwart (24%) van de ondernemers die de afgelopen drie jaar contact hebben gehad, de gemeente Utrecht ervaren als een normerende gemeente waarbij de wet- en regelgeving centraal stond.
Slechts een klein deel heeft de gemeente ervaren als partner (7%) of ondersteunende gemeente (7%).
151 I&O Research (2020). Ondernemers: gemeente nog te normerend. Geraadpleegd via
https://www.ioresearch.nl/actueel/ondernemers-gemeente-te-normerend/
80
Figuur 5.8
Ondernemers zien de gemeente het liefst als partner en ondersteunende gemeente, maar ervaren de gemeente vaker als normerend (n = 1.053).
Welke omschrijving bij het contact tussen de gemeente en uw bedrijf vindt u het meest wenselijk
Welke omschrijving bij het contact tussen de gemeente en uw bedrijf was in de afgelopen 3 jaar voor u van toepassing?
0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% De ondernemende gemeente: resultaatgericht, initiatiefrijk, innovatief De gemeente als partner: samenwerkend, stimulerend, relatiegericht De normerende gemeente: wet- en regelgeving, handhavend, regisserend De ondersteunende gemeente: faciliterend, verbindend, kennisbaak Weet ik niet Niet van toepassing Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers
We constateren dat samenwerkingspartners, in tegenstelling tot de bevraagde ondernemers, over het algemeen positief zijn over de samenwerking met de gemeente.152 In de samenwerking stelt de gemeente zich vaker op als ondersteunende gemeente. Deze trekkers- en faciliterende houding van de gemeente zorgt voor ervoor dat partijen samenkomen en activiteiten worden opgepakt en versneld kunnen worden uitgevoerd.153 Het contact met de gemeente wordt daarnaast als prettig ervaren.154 5.2.3 GEEN OORDEEL OVER EFFECTIVITEIT MOGELIJK Vanwege het ontbreken van voldoende kwantitatieve en kwalitatieve informatie over de behaalde prestaties en effecten is het niet mogelijk om de effectiviteit van het economisch beleid te beoordelen. Uit data blijkt dat de Utrechtse economie goed presteert, maar de samenhang met het de inzet van de gemeente is niet te herleiden. De indicatoren zijn de afgelopen jaren gewijzigd en kregen vaak geen realisatiewaarden. Om een oordeel te kunnen geven over de effectiviteit van het beleid is kwalitatieve en kwantitatieve informatie over de behaalde prestaties en effecten nodig. Dit is nodig om voor de gemeenteraad en de partijen waarmee de gemeente samenwerkt inzichtelijk te maken 152 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 153 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview
gemeente Utrecht. 154 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.
81
wat er is bereikt met het beleid en (waar nodig) bij te sturen. Kwantitatieve informatie is afkomstig uit de data-analyse en de analyse van de effect- en prestatie-indicatoren in de jaarstukken van 2018, 2019 en 2020. Wij zijn in de interviews met de samenwerkingspartners en in de enquête onder ondernemers nagegaan hoe zij de effectiviteit van het economisch beleid beoordelen. In hoofdstuk 2 hebben we een beeld geschetst van de ontwikkeling van de Utrechtse economie. Daaruit blijkt dat de Utrechtse economie behoort tot één van de best presterende regio’s van de Europese Unie. Het aantal banen en vestigingen is de afgelopen tien jaar sterk toegenomen en ook de potentiële beroepsbevolking nam diezelfde periode toe. In vergelijking met andere G4-steden presteert de Utrechtse economie goed, ondanks het relatief kleine budget voor economische zaken. We constateren dat de effect- en prestatie-indicatoren van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen in de jaren 2018, 2019 en 2020 zijn gewijzigd (zie figuur 5.9). Dit geldt voor zowel de verplichte BBV-indicatoren als de indicatoren per (sub)doelstelling. We zien daarnaast dat bijna de helft van de indicatoren geen realisatiewaarden heeft.
De gemeente verklaart dit door het ontbreken of niet tijdig beschikbaar zijn van data die nodig zijn om dit in te vullen.155 Voor een nadere uitsplitsing van deze tabel verwijzen wij naar bijlage 5 waarin voor deze jaren de hele analyse is terug te vinden.
Figuur 5.9
Effect- en prestatie-indicatoren in de jaarstukken meerdere keren gewijzigd en onvoldoende ingevuld
Onderwerp
2018
2019
2020
Aantal BBV-indicatoren
2
0
3
Aantal (relevante*) overige indicatoren
14
14
3
Aantal indicatoren doelstelling behaald
4
6
1
Aantal indicatoren realisatie niet ingevuld
6
6
2
Aantal indicatoren doelstelling niet gehaald
4
2
0
Bron: Gemeente Utrecht, jaarstukken 2018, 2019, 2020. Bewerking RKU *) indicatoren op toerisme en evenementen laten we buiten beschouwing
Ook de bevraagde medewerkers van de gemeente, ondernemers en samenwerkingspartners weten niet in hoeverre de inzet van de gemeente Utrecht bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen.
155 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht.
82
Geïnterviewden binnen de gemeentelijke organisatie zijn van mening dat de resultaten lastig meetbaar zijn.156 Op de meeste onderdelen van het economisch beleid wordt wel gerapporteerd over de geleverde prestaties. Een voorbeeld hiervan zijn de jaarplannen van de vier marktgroepen waarin de ontwikkelingen in de projecten en activiteiten worden beschreven. Dit biedt echter geen inzicht in het doelbereik en de effectiviteit van de marktgroepenaanpak in zijn geheel.157 Een ander voorbeeld is het jaarverslag van de ROM dat ieder jaar met de gemeenteraad gedeeld wordt. Hieruit valt onder andere op te maken hoeveel bedrijven, banen en investeringen zijn aangetrokken. Over de mate waarin de gemeente Utrecht bijdraagt verschillen de meningen: een deel is van mening dat hierdoor veel extra activiteiten plaatsvinden, anderen menen dat er ook veel zou gebeuren zonder dat de gemeente daar een rol in speelt.158
Samenwerkingspartners vinden de relatie tussen de doelen, prestaties en effecten lastig te beoordelen.159 Verschillende samenwerkingspartners benadrukken het belang van de gemeente Utrecht in het bij elkaar brengen van partijen.160 Samenwerkingspartners zien verbetermogelijkheden in een grotere bekendheid van het beleid en de doelen en van de instrumenten die beschikbaar zijn.161 Ook de samenwerking met de ondernemers en de kennisinstellingen (vooral hbo en universiteit) en medeoverheden wordt als verbeterpunt benoemd. De invloed van de gemeente Utrecht op landelijk niveau wordt om verschillende redenen als beperkt gezien. Dit wordt vooral verklaard door een onbekend profiel, andere lokale prioriteiten, een relatief kleine stad, maar ook door onvoldoende regie.162 Een groot deel van de geënquêteerde ondernemers geeft aan niet te kunnen inschatten in hoeverre de gemeente bijdraagt aan de gestelde doelstellingen (figuur 5.10). Daarnaast valt op dat meer ondernemers weinig of (helemaal) niets van de inzet van de gemeente op de doelstellingen merken dan (heel) veel. Een uitzondering is de prestatiedoelstelling ‘voldoende ruimte om te werken en verblijven in een aantrekkelijke stad’. Een ongeveer even groot deel van de ondernemers merkt hier (heel) veel, weinig en (helemaal) niets van.
Er zijn geen grote verschillen in het oordeel van zzp’ers, micro- en kleine bedrijven en (middel)grote bedrijven.163
156 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 157 Gemeente Utrecht (2021). Jaarplan 2021. Marktgroep Bouw, Techniek & Energietransitie; Gemeente Utrecht
(2021). Jaarplan 2021 Marktgroep ICT & Digitale Vaardigheden; Gemeente Utrecht (22 april 2021). Jaarplan Marktplan Gezondheid; Gemeente Utrecht (juli 2020). Organisatie- & uitvoeringsplan Utrecht Leert 2020– 2022. 158 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 159 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 160 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 161 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 162 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 163 Rekenkamer Utrecht (2021). Uitkomsten Enquête onder Utrechtse Ondernemers. Tabel K.4 t/m K.7.
83
Figuur 5.10
Een groot deel van de geënquêteerde ondernemers kan niet inschatten in hoeverre de gemeente bijdraagt aan de gestelde doelstellingen (n = 1.053). Een toekomstbestendige voorraad van werklocaties, die aansluit op de werkgelegenheidsbehoefte in de stad
De markgroepen bouw en energietransitie, gezondheid, onderwijs, ICT en digitale vaardigheden Voldoende ruimte om te werken en verblijven in een aantrekkelijke stad Het vergroten van toekomstbestendige werknemers en werkgelegenheid 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90%100% (Heel) veel
Weinig
(Helemaal) niet
Weet niet / geen mening
Bron: Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers
Naast de programmadoelstelling om te zorgen voor voldoende toekomstbestendige werkgelegenheid en werknemers, streeft de gemeente Utrecht ook naar een goed vestigings- en investerings- en ondernemingsklimaat. We hebben de ondernemers ook gevraagd hoe zij die aspecten beoordelen. Een groot deel van de geënquêteerde ondernemers zegt ook hierbij dit niet te weten of er geen mening over te hebben (figuur 5.11). Over het vestigingsklimaat is nog bijna een derde positief, maar over de arbeidsmarkt slechts 13%. Bij het investeringsklimaat onthoudt twee derde van de ondernemers zich van een oordeel en is maar 8% van mening dat dit (zeer) goed is.
Figuur 5.11
Grote delen van de geënquêteerde ondernemers hebben geen mening over het vestigingsklimaat, de arbeidsmarkt en het investeringsklimaat in de gemeente Utrecht
Aantrekkelijkheid voor vestiging (vestigingsklimaat)
Mogelijkheid om passende werknemers te vinden (arbeidsmarkt)
Mogelijkheid om aan financiering te komen (investeringsklimaat) 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Zeer) goed
Niet goed en niet slecht
(Zeer) slecht
Bron: Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers
84
Weet niet / geen mening