CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 19 januari 2023, gemeente Utrecht35.447 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Circulaire Economie

Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst) Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd

Vergaderdatum

Commissie Energie(transitie),

19 januari 2023

Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Voorgesteld besluit

1 Raadsvoorstel Zienswijze Ontwerp Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU.docx

Voorstel aan de gemeenteraad

Zienswijze Ontwerp Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Geheim

Circulaire economie Stadsbedrijven Anneke Buijze 10720907 volgt Nee

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De bijgevoegde brief vast te stellen als zienswijze van de raad, waarin de raad instemt met het Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling Afval Verwijdering Utrecht en de AVU aanmoedigt om de raad te blijven betrekken bij aanbestedingen van hoofdstromen en andere besluiten met grote impact op de transitie naar een circulaire economie. Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

Samenvatting De raad wordt voorgesteld de bijgevoegde brief vast te stellen als zienswijze van de raad, waarin wordt ingestemd met het ontwerp wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling AVU (GR AVU), en de moedigt de AVU aan om de raad te blijven betrekken bij aanbestedingen van hoofdstromen en andere besluiten met grote impact op de transitie naar een circulaire economie.

Context Aanleiding De AVU is een Gemeenschappelijke Regeling en een overeenkomst tussen de colleges van alle Utrechtse gemeenten. In de GR-AVU worden de samenwerking en de inrichting van de AVU geregeld. Als GR moet de AVU zich houden aan de Wet Gemeenschappelijke Regelingen (Wgr). De AVU heeft een voorstel voor wijziging van de GR AVU aangeboden en verzoekt uiterlijk 1 februari 2023 eventuele ziensijzen kenbaar te maken. De aanleiding voor wijziging van de GR AVU is vierledig: a. Op 14 december 2021 heeft de Eerste Kamer ingestemd met een wijziging van de Wgr en de Gemeentewet met betrekking tot de gemeenschappelijke regelingen. Deze wijziging is op 1 juli 2022 in werking getreden. Per 1 juli 2024 dient de GR-AVU te zijn aangepast Het moment om de GR n.a.v. de wetswijziging aan te passen, wordt gelijk aangegrepen om ook de volgende wijzigingen door te voeren: b. De uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden per 1 januari 2021, als gevolg van de gemeentelijke herindeling; c. De nieuwe rechtspositie van ambtenaren en de invoering van het arbeidscontract per 1 januari 2020; d. Van kracht worden van de Wet Open Overheid per 1 mei 2022, met als doel om als overheid opener en toegankelijker te worden door meer overheidsinformatie dan voorheen sneller openbaar en gemakkelijker toegankelijk te maken.

Na doorvoering van de voorgestelde wijzigingen uit het ontwerp wijzigingsbesluit voldoet de GR AVU aan de eisen uit de Wgr. De AVU voldeed voor deze wijziging al aan de doelstellingen van de wijziging. Daarom heeft dit weinig invloed op de huidige taakuitvoering van de AVU. Daarnaast worden de andere wijzigingen, waar het Algemeen Bestuur van de AVU al eerder over heeft besloten formeel geborgd in de GR. Juridische context Gemeente Utrecht vormt onderdeel van de GR AVU. Gemeenteraden van deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling worden conform artikel 1 Wet gemeenschappelijke regelingen in de gelegenheid gesteld een zienswijze te geven over een ontwerp wijzigingsbesluit. Beoogd effect Het bestuur van de AVU betrekt de zienswijze van gemeente Utrecht bij de besluitvorming over de wijziging van de GR AVU. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad In 2018 is de GR AVU voor het laatst aangepast.

Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1

De bijgevoegde brief vast te stellen als zienswijze van de raad, waarin de raad instemt met het Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling Afval Verwijdering Utrecht en de AVU aanmoedigt om de raad te blijven betrekken bij aanbestedingen van hoofdstromen en andere besluiten met grote impact op de transitie naar een circulaire economie.

2

Argumenten 1.1

De werkwijze van de AVU en de voorgestelde gewijzigde gemeenschappelijke regeling zijn in overeenstemming met de eisen uit de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen. Het ontwerp wijzigingsvoorstel is een solide voorstel dat weloverwogen tot stand is gekomen. Na de wijziging conform het ontwerp wijzigingsbesluit voldoet de GR aan de wettelijke eisen, te weten: - Bij het treffen, wijzigen en het toe- en uittreden van de gemeenschappelijke regeling moet vóór vaststelling met toestemming van de raden ok een ontwerp van de regeling, of de wijziging daarvan, voor zienswijzen aan de raden worden toegezonden, met een reactietermijn van 8 weken. Dit moet worden overgenomen in de GR-AVU. De toestemming blijft ongewijzigd vereist na de zienswijzenronde. - In de wet worden de termijnen/data op het gebied van zienswijzeprocedure en begrotings- en jaarrekeningcycli gewijzigd. Deze termijnen worden opgenomen in de GR; - Op zienswijzen met betrekking tot de ontwerpbegroting moet het Dagelijks Bestuur schriftelijk en gemotiveerd reageren naar de raden voor de behandeling in het Algemeen Bestuur. - De passieve informatieplicht wordt uitgebreid met een actieve informatieplicht. De huidige GR-AVU voorziet hier al in.

1.2

De keuze voor de invulling van de overige bepalingen is goed onderbouwd. De overige wijzigingen in de Wgr zijn verplicht op te nemen bepalingen, maar de Wgr bepaalt niet op welke wijze deze bepalingen inhoudelijk vorm moeten krijgen. Bij de invulling is rekening gehouden dat de AVU is geen verplichte gemeenschappelijke regeling is, waarbij bij of krachtens andere wetten, geen taken en bevoegdheden zijn bepaald en inrichtingseisen zijn gesteld. De huidige GR AVU (vastgesteld 12 december 2018) en de door de AVU georganiseerde betrokkenheid van de raden zijn getoetst aan de gewijzigde Wgr. Daaruit kan worden geconcludeerd dat de AVU al voldoet aan de doelstelling van de wetswijziging, namelijk grote invloed van de raden bij de taakuitvoering van de AVU. De betrokkenheid en invloed van de raden is bij de AVU reeds ruimer geborgd dan op grond van de bestaande Wgr is vereist. De AVU organiseert voor belangrijke besluiten betrokkenheid van de gemeenteraden, zoals bijvoorbeeld bij de aanbestedingen van de hoofdstromen. Vanwege het belang van de circulaire economie is betrokkenheid van de raad bij aanbesteding van hoofdstromen wenselijk. We moedigen de AVU aan de raad bij dergelijke aanbestedingen en andere beslissingen met grote impact op de transitie naar een circulaire economie te blijven betrekken. Er worden geen besluiten aangewezen waarvoor burgerparticipatie verplicht is.

De AVU heeft namelijk geen taken van de gemeenten overgedragen gekregen die een directe relatie hebben met de inwoners en de bedrijven van de Gemeente Utrecht.

1.3

Het moment om de GR naar aanleiding van de wetswijziging aan te passen, wordt gelijk aangegrepen om overige wijzigingen door te voeren. Een aantal wijzigingen naar aanleiding van recente besluiten en wetswijzigingen worden gelijk meegenomen in de aanpassing van de GR. Dit zijn: - De uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden per 1 januari 2021, als gevolg van de gemeentelijke herindeling; - De nieuwe rechtspositie van ambtenaren en de invoering van het arbeidscontract per 1 januari 2020; - Van kracht worden van de Wet Open Overheid per 1 mei 2022, met als doel om als overheid opener en toegankelijker te worden door meer verheidsinformatie dan voorheen sneller openbaar en gemakkelijker

3

toegankelijk te maken. Deze wijzigingen zijn in eerdere bestuursvergaderingen afgesproken.

Financiën Het aanpassen van de GR AVU heeft geen financiële gevolgen voor de gemeente Utrecht.

Vervolg Na akkoord van de raad wordt de zienswijze verzonden aan het Dagelijks Bestuur van de AVU; Vervolgens worden door de AVU definitieve voorstellen voor de vergadering van het Algemeen Bestuur van 28 juni 2023 voorbereid. Daarna wordt het concept-wijzigingsbesluit aan de colleges voorgelegd en kan de definitieve procedure voor instemming van de colleges met de conceptwijzigingsbesluiten, en toestemming van de raden, starten; Naar verwachting kan het Algemeen Bestuur op 13 december 2023 de gewijzigde GR AVU vaststellen.

Participatie Er heeft geen participatie plaatsgevonden over dit voorstel.

Communicatie Naast het verzenden van de zienswijzebrief aan de AVU is geen aanvullende communicatie voorzien.

Niet-Referendabel Op dit raadsbesluit is de Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht niet van toepassing omdat het een raadsbesluit betreft over stukken van een gemeenschappelijke regeling (artikel 3 lid 2 onder i Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).

Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Zienswijzebrief Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU Bijlagen informatief - Aanbiedingsbrief van de AVU - Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU - Toelichting bij het ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU

4

1 Zienswijzebrief Ontwerp wijzigingsbesluit GR AVU.docx

Gemeenteraad Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl/gemeenteraad

VERSIE VOOR BESLUITVORMING AVU F. van Dijk Lage Brinkweg 81 3764 AB SOEST

Behandeld door

A. Buijze

Doorkiesnummer

Datum

volgt

Ons kenmerk

10720953

anneke.buijze@utrecht.nl

Onderwerp

Zienswijzebrief Wijziging GR AVU

Uw kenmerk

-

Verzonden

Uw brief van

6 oktober 2022

Bij antwoord datum, kenmerk en onderwerp vermelden

E-mail Bijlage(n)

Geachte heer van Dijk, Per brief van 10 oktober 2022 heeft u ons het ontwerp-wijzigingsbesluit GR-AVU toegestuurd. Hierbij dienen wij u onze zienswijze in. Zoals gebruikelijk voorzien wij de AVU van een zienswijzebrief waarbij wij het onderwerp toetsen op de onderwerpen ‘Beleid’, ‘Financieel’, en ‘Proces’. Beleid Het voorstel om -afgezien van de besluiten met betrekking tot de begrotingscyclus- geen andere besluiten aan te wijzen waarvoor zienswijzen verplicht zijn wordt goed onderbouwd. In uw toelichting heeft u aangegeven dat de huidige GR-AVU (vastgesteld 12 december 2018) en de door de AVU georganiseerde betrokkenheid van de raden zijn getoetst aan de gewijzigde Wgr. Daaruit kan worden geconcludeerd dat de AVU al voldoet aan de doelstelling van de wetswijziging, namelijk het vergroten van invloed van de raden bij de taakuitvoering van de AVU. De betrokkenheid en invloed van de raden is bij de AVU reeds ruimer geborgd dan op grond van de bestaande Wgr is vereist. De AVU organiseert voor belangrijke besluiten betrokkenheid van de gemeenteraden, zoals bijvoorbeeld bij de aanbestedingen van de hoofdstromen. Vanwege het belang van de transitie naar een circulaire economie is blijvende betrokkenheid van de raad bij aanbesteding van hoofdstromen wenselijk.

We moedigen u aan om ook in de toekomst bij dergelijke aanbestedingen of andere besluiten met grote impact op de transitie naar een circulaire economie, de raad te blijven betrekken. De wijziging van de GR aan de Wgr zullen als gevolg hebben dat de termijnen, procedures en verplichtingen van rechtswege veranderen. Bij het uitwerken van de overige bepalingen in de vernieuwde Wgr is rekening gehouden met het feit dat de AVU geen verplichte gemeenschappelijke regeling is. Wij kunnen ons daarom vinden in de voorstellen van de verplichte uit te werken bepalingen. De aanpassing van de GR hebben daardoor geen grote gevolgen voor de huidige praktijk, maar zijn noodzakelijk om aan de wet te voldoen. Financieel De aanpassingen van de GR-AVU hebben geen financiële gevolgen. Proces Het aanpassen van de GR is een proces met een lange looptijd. Het wordt gewaardeerd dat dit proces tijdig is gestart om te voldoen aan de deadline die wettelijk is vastgesteld. Gezien de lange

Gemeenteraad Datum Ons kenmerk

volgt 10720953

looptijd van deze aanpassing is het ook begrijpelijk dat aanpassingen aan de GR die nog gedaan moesten worden, zoals het uittreden van Vijfheerenlanden per 1 januari 2021, de invoering van het arbeidscontract voor ambtenaren per 1 januari 2021 en de aanpassingen aan de Wet Open Overheid (Woo) per 1 mei 2022 met de aanpassing van de Wgr in het vooruitzicht uitgesteld waren, en deze aanpassingen nu in één keer doorgevoerd worden. Hoogachtend, Gemeenteraad van Utrecht,

de griffier, Merel van Hall

de voorzitter, Sharon A.M. Dijksma

2/2

1 Aanbiedingsbrief AVU - Wijziging GR-AVU Wgr.pdf

Afval Verwijdering Utrecht Postbus 3250 3764 AB Soest 035-6032303

Soest, 6 oktober 2022 Aan de colleges van de AVU-gemeenten

Bijlagen:

- Toelichting op het ontwerp-wijzigingsbesluit GR-AVU - Ontwerp-wijzigingsbesluit GR-AVU - Model-raadsbrief

Geacht college, Per 1 juli 2022 is de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking getreden. Deze wet regelt alle soorten samenwerkingsverbanden binnen het publieke domein, hoe overheden in welke vormen met elkaar kunnen samenwerken. Uit onderzoeken was gebleken dat bestuurlijk invloed door gemeenteraden, provinciale staten en algemene besturen van waterschappen te wensen overliet. De nieuwe wet geeft daarmee invulling aan de afspraak uit het regeerakkoord dat de Wgr wordt aangepast om de politieke verantwoording over samenwerking tussen overheden te verbeteren en de democratische legitimiteit te versterken. De wetswijzigingen van de Wgr zijn deels direct werkend en leiden deels tot een verplichting tot aanpassing van de bestaande gemeenschappelijke regelingen. Door de wijziging van de Wgr is wijziging van een aantal artikelen van de huidige GR-AVU aldus noodzakelijk. Voor de gemeenschappelijke regelingen geldt een overgangstermijn tot 1 juli 2024, dan dienen de regelingen te zijn aangepast. De reden dat wij het ontwerp-wijzigingsbesluit reeds nu aan de colleges en raden voorleggen is ingegeven door efficiëntieoverwegingen, vanwege het complexe en langdurige wijzigingsproces van gemeenschappelijke regelingen.

Tegelijkertijd met het implementeren van de wijzigingen, kan de GR-AVU 2018 worden aangepast op de uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden per 1 januari 2021, op de invoering van het arbeidscontract voor ambtenaren per 1 januari 2021 én op de Wet Open Overheid (Woo) die op 1 mei 2022 van kracht is geworden. Wij stellen u voor om de GR-AVU te wijzigen. Daartoe treft u bijgaand aan een ontwerpwijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling AVU (verder: GR-AVU). In de bijgevoegde toelichting gaan wij nader in op de voorgestelde wijzigingen. Wij verzoeken u in te stemmen met het voorgestelde ontwerp-wijzigingsbesluit en het aan uw raad voor te leggen ten behoeve van het kenbaar maken van zienswijzen. Op grond van het gewijzigde artikel 1 van de Wgr dient u uw raad hiervoor een termijn van 8 weken te geven. U kunt hiervoor desgewenst de bijgevoegde modelraadsbrief en ook de toelichting gebruiken. Eventuele wensen uwerzijds, alsmede uw oordeel ten aanzien van eventuele zienswijzen van de raad, kunt u aan het Dagelijks Bestuur van de AVU kenbaar maken.

Wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen De Eerste Kamer heeft op 14 december 2021 ingestemd met een wijziging van de Wgr en de Gemeentewet met betrekking tot de gemeenschappelijke regelingen. Deze wijziging is op 1 juli 2022 in werking getreden. Deze wijziging beoogt een versterking van de democratische legitimatie van de gemeenschappelijke regelingen met betrekking tot de invloedsmogelijkheden van de raden. Gemeenteraden krijgen hiermee meer mogelijkheden om hun kaderstellende en controlerende rol binnen deze samenwerkingsverbanden te versterken. De huidige GR-AVU (vastgesteld 12 december 2018) en de door de AVU georganiseerde betrokkenheid van de raden zijn getoetst aan de gewijzigde Wgr. Daaruit kan worden geconcludeerd dat de AVU al voldoet aan de doelstelling van de wetswijzing, namelijk grotere invloed van de raden bij de taakuitvoering van de AVU. De betrokkenheid en invloed van de raden is bij de AVU reeds ruimer geborgd dan op grond van de bestaande Wgr is vereist. Zo betrekt de AVU ambtelijk en bestuurlijk de raden naast de formele instrumenten in de Wgr en de huidige GR-AVU bij besluiten met betrekking tot het ‘wat’ en het resultaat van de AVU. Met het voorliggende ontwerp-wijzigingsbesluit wordt vanuit die gedachte een voorstel gedaan voor de aanpassing van de huidige GR-AVU aan de gewijzigde Wgr.

Vervolgtraject Wij verzoeken u wanneer u hebt ingestemd met het voorgestelde ontwerp-wijzigingsbesluit dit zo spoedig mogelijk aan uw raad aan te bieden voor het kenbaar maken van zienswijzen. Ten behoeve van de tijdige verwerking in een definitief voorstel en besluit, vragen wij u tevens om de raad hiervoor een zodanige termijn te geven dat u uiterlijk 1 februari 2023 de zienswijzen van uw raad, alsmede uw eventuele reactie daarop, of wensen van uw college aan het Dagelijks Bestuur van de AVU door kunt geven. Vervolgens worden door de AVU definitieve voorstellen voor de vergadering van het Algemeen Bestuur van 28 juni 2023 voorbereid. Daarna wordt het concept-wijzigingsbesluit aan de colleges voorgelegd en kan de definitieve procedure voor instemming van de colleges met de conceptwijzigingsbesluiten, en toestemming van de raden, starten. Naar verwachting kan het Algemeen Bestuur op 13 december 2023 de gewijzigde GR-AVU vaststellen. Hoogachtend, Het Dagelijks Bestuur van de AVU, namens hen, was getekend, F.A. van Dijk, directeur-secretaris.

1 Ontwerp-wijzigingsbesluit GR-AVU.pdf

Ontwerp-wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten: Amersfoort, Baarn, Bunnik, Bunschoten, De Bilt, De Ronde Venen, Eemnes, Houten, IJsselstein, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Soest, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Woerden, Wijk bij Duurstede, Woudenberg en Zeist; ieder voor zover voor de eigen gemeente bevoegd; overwegende: -

-

dat de Gemeenschappelijke Regeling Afvalverwijdering Utrecht laatstelijk per 1 januari 2019 is aangepast in verband met het in werking treden van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 januari 2015 ; dat een wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen op 1 juli 2022 in werking is getreden, welke het wijzigen van de Gemeenschappelijke Regeling AVU noodzakelijk maakt; dat de Wet Open Overheid die op 1 mei 2022 van kracht is geworden het wijzigen van de Gemeenschappelijke Regeling AVU noodzakelijk maakt; dat de gemeente Vijfheerenlanden per 1 januari 2021 de gemeenschappelijke regeling heeft verlaten;

gelet op: -

de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet; de toestemming van de gemeenteraden van Amersfoort, Baarn, Bunnik, Bunschoten, De Bilt, De Ronde Venen, Eemnes, Houten, IJsselstein, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Soest, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Woerden, Wijk bij Duurstede, Woudenberg en Zeist, overeenkomstig artikel 1, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

besluiten: de Gemeenschappelijke Regeling Afvalverwijdering Utrecht als volgt te wijzigen:

Artikel I De Gemeenschappelijke Regeling Afvalverwijdering Utrecht wordt als volgt gewijzigd: Actieve informatieplicht en zienswijzen Artikel 15 lid 7 wordt gewijzigd in: 7 Het algemeen bestuur verstrekt aan de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen, die door een of meer leden van de colleges worden verlangd en wel op de wijze, te bepalen in het reglement van orde op de vergaderingen van het algemeen bestuur. Na artikel 15 lid 7 worden twee leden ingevoegd die luiden: 8 Het Algemeen Bestuur verstrekt de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. 9 Er zijn geen besluiten van het Algemeen Bestuur, waarvoor aan de raden vooraf een zienswijze dient te worden gevraagd, zoals bedoeld in artikel 10, vijfde en zesde lid, Wet gemeenschappelijke regelingen. Na artikel 23 lid 3 worden twee leden ingevoegd die luiden: 4 Het Dagelijks Bestuur verstrekt de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. 5 Er zijn geen besluiten van het Dagelijks Bestuur, waarvoor aan de raden vooraf een zienswijze dient te worden gevraagd, zoals bedoeld in artikel 10, vijfde en zesde lid, Wet gemeenschappelijke regelingen.

Burgerparticipatie en Evaluatie Na artikel 15 worden ingevoegd (waaruit volgt vernummering van de artikelen 16 e.v.) een artikel dat luidt: Artikel 16 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van besluiten op grond van deze regeling slechts betrokken, voor zover dat bij of krachtens wet is vereist, of voor zover door het Algemeen Bestuur bepaald. En een artikel dat luidt: Artikel 17 Evaluatie Het initiatief tot evaluatie van de gemeenschappelijke regeling is voorbehouden aan het Algemeen Bestuur. Termijnen Artikel 33, vernummerd 35, wordt als volgt gewijzigd: In het derde lid wordt ‘acht’ vervangen door: ‘twaalf’. Na het derde lid wordt, onder vernummering van het vierde tot vijfde lid en het vijfde tot zesde lid, een lid ingevoegd dat luidt: 4. Het dagelijks bestuur stelt de raden van de deelnemende gemeenten voorafgaande aan het vaststellen van de begroting schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het derde lid, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. Artikel 34, vernummerd 36, wordt als volgt gewijzigd: In het tweede lid wordt ‘1 augustus’ vervangen door: 15 september. Artikel 35, vernummerd 37, wordt als volgt gewijzigd: In het tweede lid wordt ’33 lid 3 en 34 lid 3’ vervangen door ’36 lid 3 en 37 lid 3’.

Artikel 36, vernummerd 38, wordt als volgt gewijzigd: In het vijfde lid wordt ‘15’ vervangen door ‘30’; Toe- en uittreding, wijziging en opheffing Artikel 39, vernummerd 41, wordt als volgt gewijzigd: Na het eerste lid wordt, onder vernummering van het tweede tot derde lid en het derde tot vierde lid, een lid ingevoegd dat luidt: 2 Een ontwerptoetredingsbesluit wordt ten minste acht weken voordat het algemeen bestuur dit vaststelt aan de gemeenteraden van de deelnemers toegezonden. De gemeenteraden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen op het ontwerptoetredingsbesluit ter kennis te brengen van het algemeen bestuur. Artikel 40, vernummerd 42, wordt als volgt gewijzigd: Na het tweede lid wordt, onder vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot en met zevende lid, een lid ingevoegd dat luidt: 3 Een ontwerpuittredingsbesluit wordt ten minste acht weken voordat het algemeen bestuur dit vaststelt aan de gemeenteraden van de deelnemers toegezonden. De gemeenteraden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen op het ontwerpuittredingsbesluit ter kennis te brengen van het algemeen bestuur. Een lid wordt toegevoegd, dat luidt: 8 De Uittredingsregeling AVU 2020 is van toepassing. Artikel 41, vernummerd 43, wordt als volgt gewijzigd: Na het eerste lid wordt, onder vernummering van het tweede tot derde lid, een lid ingevoegd dat luidt:

2 Een ontwerpwijzigingsbesluit wordt ten minste acht weken voordat het algemeen bestuur dit vaststelt aan de gemeenteraden van de deelnemers toegezonden. De gemeenteraden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen op het ontwerpwijzigingsbesluit ter kennis te brengen van het algemeen bestuur. Overige wijzigingen Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd: In het tweede lid sub. d wordt ‘30’ vervangen door ‘32’; In het tweede lid sub. e wordt ‘39’ vervangen door ‘41’ en ‘42’ vervangen door ‘44’; Artikel 25 wordt als volgt gewijzigd: Twee leden worden toegevoegd: 8 De directeur is contactpersoon conform het bepaalde in art. 4.7 Woo. 9 De directeur kan in zijn plaats een medewerker benoemen als contactpersoon conform het bepaalde in art. 4.7 Woo. Artikel 26, vernummerd 28, leden 1 en 2 worden gewijzigd in: 1 De medewerkers hebben een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht. 2 De CAO-sgo is van toepassing op de arbeidsovereenkomst. Een lid wordt toegevoegd: 3 Organisatie-specifieke regelingen worden vastgelegd in een personeelshandboek.

Artikel II Dit besluit treedt in werking de dag na bekendmaking daarvan, onverminderd het bepaalde in artikel 26, derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Aldus vastgesteld te Soest d.d. 13 december 2023.

1 Toelichting bij het ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU.pdf

Toelichting Bij het ontwerp-wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling AVU Ter informatie van de colleges en de raden van de AVU-gemeenten

Inleiding Deze toelichting is een aanvulling op de collegebrief d.d. 6 oktober 2022 met het ontwerpwijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling AVU (verder: GR-AVU). Het ontwerpwijzigingsbesluit heeft betrekking op: a. b. c. d.

Wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen; Uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden uit de GR-AVU per 1 januari 2021; Invoering van het arbeidscontract voor ambtenaren per 1 januari 2021; Van kracht worden van de Wet Open Overheid per 1 mei 2022.

a. Wijzigingen Wet gemeenschappelijke regelingen Inleiding De Eerste Kamer heeft op 14 december 2021 ingestemd met een wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (verder: Wgr) en de Gemeentewet met betrekking tot de gemeenschappelijke regelingen. Deze wijziging treedt op 1 juli 2022 in werking. Door de wijziging van de Wgr is een wijziging van een aantal onderdelen van de GR-AVU noodzakelijk. Voor de gemeenschappelijke regelingen geldt een overgangstermijn tot 1 juli 2024, dan dienen zij hun regeling te hebben aangepast. De wijziging van de Wgr beoogt een versterking van de democratische legitimatie van de gemeenschappelijke regelingen met betrekking tot de invloedsmogelijkheden van de raden. Gemeenteraden krijgen hiermee meer mogelijkheden om hun kaderstellende en controlerende rol binnen deze samenwerkingsverbanden te versterken. De wijziging van de Wgr bevat twee soorten bepalingen: 1 Direct werkend; 2 Verplicht in de GR-AVU op te nemen, maar vrij uit te werken. De direct werkende bepalingen Deze bepalingen gaan direct in werking op 1 juli 2022. Voor de AVU betekent dit dat termijnen, procedures en verplichtingen van rechtswege veranderen: a.

Bij het treffen, wijzigen en het toe- en uittreden van de gemeenschappelijke regeling moet vóór de vaststelling met toestemming van de raden ook een ontwerp van de regeling, of de wijziging daarvan, voor zienswijzen aan de raden worden toegezonden, met een reactietermijn van 8 weken. Dit moet worden overgenomen in de GR-AVU. De toestemming blijft ongewijzigd vereist na de zienswijzenronde. b. In de wet worden de termijnen/data op het gebied van zienswijzeprocedure en begrotings- en jaarrekeningcycli gewijzigd. De deadline voor indienen van de begroting verschuift van 1 augustus naar 15 september; van de kaders en de jaarrekening van 15 april naar 30 april; en van de ontwerpbegroting van 8 weken naar 12 weken voordat die aan het bestuur wordt aangeboden/vastgesteld. Deze termijnen moeten worden overgenomen in de GR-AVU. c. Op zienswijzen met betrekking tot de ontwerp-begroting moet het Dagelijks Bestuur schriftelijk en gemotiveerd reageren naar de raden voor behandeling in het Algemeen Bestuur.

1

d. De passieve informatieplicht wordt uitgebreid met een actieve informatieplicht en de GR moet regelen hoe die informatie wordt verstrekt. Er gaat een actieve inlichtingenplicht vanuit bestuur naar alle gemeenteraden gelden. De huidige GR-AVU voorziet hier al in. e. Op initiatief van de raden van de deelnemende gemeenten kan een gemeenschappelijke adviescommissie van raadsleden worden ingesteld die het Algemeen Bestuur van advies voorziet, de besluitvorming van de raden van de deelnemende gemeenten kan voorbereiden of deze raden van advies kan voorzien. Omdat het initiatief bij de raden ligt, wordt de GR-AVU hierop niet aangepast. Verplichte onderdelen in GR Voor de uit te werken bepalingen moet worden bepaald op welke wijze deze worden opgenomen in de GR-AVU. Van belang hierbij is op te merken dat de AVU geen verplichte gemeenschappelijke regeling is, waarbij bij of krachtens andere wetten, geen taken en bevoegdheden zijn bepaald en inrichtingseisen zijn gesteld. Het gaat om onderstaande verplichte bepalingen: a. Of de raden van de deelnemende gemeenten zienswijzen kunnen geven op bepaalde ontwerpbestuursbesluiten. b. Of er burgerparticipatie casu quo inspraakmogelijkheid is voor ingezetenen en andere belanghebbenden op bepaalde ontwerp-bestuursbesluiten. c. De uitwerking van hoe de informatie wordt verstrekt in het kader van de actieve informatieplicht. d.

Of evaluatieverplichting noodzakelijk is en hoe. e. In de uittredingsbepalingen moeten de gevolgen voor het vermogen van het openbaar lichaam en de deelnemers worden geregeld. Algemene lijn De direct werkende en de verplicht op te nemen bepalingen zijn getoetst aan de huidige GR-AVU en de door de AVU georganiseerde betrokkenheid van de raden. Daaruit kan worden geconcludeerd dat de AVU al voldoet aan de doelstelling van deze wetswijzing, namelijk voldoende invloed van de raden bij het reilen en zeilen van de AVU. In voorliggende ontwerp-wijzigingsbesluit wordt daarom een voorstel gedaan voor de invulling van de verplicht uit te werken bepalingen. Implementatie wijzigingen Wgr Met betrekking tot de implementatie van de Wgr wordt door de AVU voorgesteld om de GR-AVU 2018 conform het bijgevoegde ontwerp-wijzigingsbesluit te wijzigen. Hieronder wordt per onderwerp aangegeven wat de argumenten zijn waarmee tot de voorgestelde wijzigingen is gekomen. Termijnen, P&C-cyclus en zienswijzeprocedures De termijnen die worden genoemd in de GR-AVU 2018 met betrekking tot de P&C-cyclus worden aangepast aan de termijnen in de Wgr. De GR-AVU 2018 kent m.b.t. de P&C-cyclus 2 momenten waarop zienswijzen kunnen worden ingediend, namelijk op de ontwerpbegroting (GR AVU 2018 art. 33 lid 3) en op de vastgestelde begroting.

Deze laatste zienswijzen dienen dan te worden ingediend bij Gedeputeerde Staten (GR AVU 2018 art. 34 lid 3). Omdat de AVU met ministeriële goedkeuring geen kadernota uitbrengt, maar de financiële kaders in de ontwerpbegroting opneemt, kunnen met de zienswijzen op de ontwerpbegroting mede zienswijzen op de financiële kaders worden ingediend. Het Dagelijks Bestuur reageert op de zienswijzen (zie direct werkende bepalingen sub. c) en verwerkt deze in de door het Algemeen Bestuur vast te stellen begroting. Op deze wijze is de controle op de P&C-cyclus door de gemeenteraden gewaarborgd. Zienswijzen gemeenteraden bij bestuursbesluiten In de GR-AVU 2018 is, afgezien van de besluiten met betrekking tot de begrotingscyclus geen mogelijkheid voor zienswijzen opgenomen. Wel wordt voor belangrijke besluiten reeds 2

betrokkenheid van de gemeenteraden georganiseerd, bijvoorbeeld bij de aanbestedingen van de hoofdstromen. Dit zijn belangrijke besluiten van de AVU voor wat betreft haar taakuitvoering, oftewel het ‘wat’ en het resultaat. Het grootste deel van de overige besluiten betreft de bedrijfsvoering en interne organisatie van de AVU, oftewel het ‘hoe’. Daarnaast worden de gemeenten ook ambtelijk betrokken bij belangrijke besluitvorming. Daarbovenop zienswijzen verplicht stellen voor bepaalde besluiten, leidt in ieder geval tot meer institutionele vertraging. Daarom is ervoor gekozen om de huidige praktijk, waarbij het bestuur zelf bepaalt voor welke besluiten aanvullend zienswijzen worden gevraagd in stand te laten. Het voorstel is om geen besluiten aan te wijzen, waarvoor zienswijzen verplicht zijn en dit als zodanig in de GR-AVU op te nemen. Burgerparticipatie c.q. inspraakmogelijkheid voor ingezetenen en andere belanghebbenden In de GR-AVU 2018 is geen mogelijkheid voor burgerparticipatie opgenomen. De AVU heeft geen taken van de gemeenten overgedragen gekregen, die een directe relatie hebben met de inwoners en de bedrijven in de provincie Utrecht. Daarbij is het afvalbeleid van de gemeenten een autonome taak. Strikt genomen werkt de AVU niet voor inwoners en bedrijven maar voor de gemeenten.

Daarbij past niet dat bepaalde (groepen van) inwoners of bedrijven zich in de processen van besluitvorming van de AVU mengen. Daarnaast gelden grofweg dezelfde overwegingen die voor zienswijzen gelden. Het voorstel is om geen besluiten aan te wijzen, waarvoor burgerparticipatie verplicht is en dit als zodanig in de GR-AVU op te nemen. Actieve informatieplicht In de GR-AVU 2018 wordt voorzien in het verstrekken van gevraagde informatie door het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur, respectievelijk in de artikelen 15 en 23. Het voorstel is om deze artikelen ongewijzigd te laten en artikel 15 uit te breiden met een lid als volgt: “Het Algemeen Bestuur geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben”. Evaluatie De GR-AVU 2018 kent op dit moment geen evaluatiebepaling. Gezien de vast omschreven en beleidsarme taak van de AVU, wordt geadviseerd deze ook niet op te nemen in de regeling anders dat een evaluatie van de AVU-taken op initiatief van het Algemeen Bestuur wordt georganiseerd. Uittredingsbepalingen De huidige uittredingsbepalingen in de GR-AVU 2018 komen overeen met wat gebruikelijk is in vrijwillige gemeenschappelijke regelingen. Hierin is vastgelegd dat er een uittredingsplan moet worden opgesteld, waarin ondermeer de financiële gevolgen voor alle betrokken deelnemers, inclusief de uittredende deelnemer(s) worden vastgelegd.

Ook heeft de AVU in 2020 een uittredingsregeling opgesteld naar aanleiding van de uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden. De uittredingsbepalingen voldoen aan de gewijzigde Wgr. b, c en d. Overige te implementeren wijzigingen Naar aanleiding van de uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden per 1 januari 2021 dient de GRAVU 2018 voornamelijk wat betreft de tekst betreffende de deelnemende gemeenten te worden aangepast. Wel wordt aan de regeling toegevoegd dat de Uittredingsregeling AVU 2020 van toepassing is. De overgang per 1 januari 2021 naar een arbeidscontract op basis van burgerlijk recht in plaats van een aanstelling voor ambtenaren dient ook nog te worden geïmplementeerd in de regeling. 3

Tenslotte dient te worden opgenomen dat de directeur contactpersoon is conform art. 4.7 Woo c.q. hiervoor een medewerker kan aanwijzen. Vervolgprocedure Met de volgende procedure worden de wijzigingen in de GR-AVU 2018 doorgevoerd: • De gemeenteraden kunnen eventuele zienswijzen kenbaar te maken aan de colleges ten aanzien van het bijgevoegde ontwerp-wijzigingsbesluit GR-AVU. • De colleges zullen vervolgens de zienswijzen van de gemeenteraden en hun standpunten uiterlijk 1 februari 2023 aan het Dagelijks Bestuur van de AVU kenbaar maken. • Vervolgens worden door de AVU een concept-wijzigingsvoorstel en -besluit voor het Algemeen Bestuur van 28 juni 2023 voorbereid. • Daarna kan het Dagelijks Bestuur dit concept-wijzigingsvoorstel en -besluit aan de colleges voorleggen en kan de definitieve procedure voor instemming van de colleges met en toestemming van de gemeenteraden voor het concept-wijzigingsbesluit starten. • Naar verwachting kan het Algemeen Bestuur op 13 december 2023 de gewijzigde GR-AVU vaststellen. • De ondertekening geschiedt door de secretaris en de voorzitter van de AVU. Aangehecht aan de vastgestelde GR-AVU zullen worden de raadsbesluiten inzake de toestemming tot en de bijbehorende collegebesluiten inzake de instemming met de wijziging van de regeling.

4

8 Raadsbrief Buurtagenda’s Kanaleneiland, Noordwest en Leidsche Rijn 1 Dossier 3160 voorblad.pdf

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Dossiernummer

3160

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

19 januari 2023

Agendapunt

8

Titel

Raadsbrief Buurtagenda’s Kanaleneiland, Noordwest en Leidsche Rijn

ID

3352

Behandelend ambtenaar

V.E. de Theije

Telefoon

030 2861249

E-mail

veerle.de theije@utrecht.nl

Datum collegebesluit Geocodering Thema Portefeuillehouder

Wethouder De Vries

Beleidsveld

Wijk- en Buurtaanpak

Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst)

Mariska de Vos/Cie Energie(transitie), Duurzaamheid en Wonen/06 38628458

Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd

Vergaderdatum

Commissie Energie(transitie),

19 januari 2023

Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Voorgesteld besluit

1 Raadsbrief Buurtagenda's Kanaleneiland Noordwest en Leidsche Rijn.pdf

Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl

Aan de gemeenteraad

Behandeld door

V.E. de Theije en S.A.G. van Wersch

Datum

24 november 2022

Doorkiesnummer

030-2861249

Kenmerk

10395137

E-mail

veerle.de.theije@utrecht.nl

Onderwerp

Buurtagenda’s Kanaleneiland, Noordwest en Leidsche Rijn

Bijlage(n)

-

Beleidsveld

Wijk- en buurtaanpak

Geachte leden van de raad, Met deze brief informeren wij u over de uitwerking en voortgang van een ambitie in het coalitieakkoord: het versterken van de wijk- en buurtaanpak en het verbreden van de blik naar andere buurten waar het niet goed genoeg gaat, die aanleiding geven hier met voorrang naar te kijken. Aanleiding Het coalitieakkoord zet volop in op Ongelijk investeren voor gelijke kansen, waarin beschikbare middelen ongelijk ingezet moeten worden en gaan naar de plekken die dit het hardst nodig hebben. Daarom willen wij de wijk- en buurtaanpak versterken en de blik op Overvecht verbreden naar een aantal buurten in andere wijken waar het niet goed (genoeg) gaat en waar het de ambitie is om significante verbetering aan te brengen. Uit gemaakte buurtanalyses komen drie gebieden naar voren die aanleiding geven om met voorrang actie te ondernemen: 1) Kanaleneiland 2) Noordwest (Zuilen Oost inclusief Geuzenwijk; Ondiep, 2e Daalsebuurt; Pijlsweerd) 3) Leidsche Rijn (Parkwijk-Zuid en Terwijde) Gebieden met verschil in zwaarte van problematiek, maar die er allemaal om vragen om ‘ongelijk’ extra actie te ondernemen. Als belangrijke stap willen wij per buurt buurtagenda’s (in coalitieakkoord Gebiedsakkoorden genoemd) maken met bewoners, ondernemers en belangrijke partners in de aangewezen buurten.

Uitgangspunten van de buurtagenda Een buurtagenda is een actiegerichte agenda met intentieafspraken van de gemeente, bewoners, ondernemers en partners uit de buurt, om gezamenlijk te werken aan verbetering in de buurt. Met de belangrijkste uitdagingen van de buurt op sociaal, ruimtelijk en/of veiligheidsgebied. Gericht op eerste zichtbare en concrete gezamenlijke actie. De wijkwethouder is bestuurlijk opdrachtgever en heeft een coördinerende rol. We hanteren een aantal uitgangspunten in het komen tot een buurtagenda in de aangewezen buurten:

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

24 november 2022 10395137

1. De buurtagenda wordt ontwikkeld samen met bewoners, ondernemers en organisaties die actief zijn in de wijk en weten wat er speelt; 2. We gaan voor een kleinschalig traject en zoeken actief mensen op door off- en online aan te sluiten bij bestaande plekken, netwerken en bijeenkomsten in de buurt; 3. Iedereen die mee wil doen, kan meedoen. We zetten ons in om juist ook de moeilijker bereikbare doelgroepen te spreken; 4. De buurtagenda borduurt voort op de kennis en ervaring die er al is van de buurt, via de buurtprofielen en de daar genoemde thema’s die aandacht vragen, zoals armoede, sociale cohesie of afval in de openbare ruimte; 5. We maken zichtbaar wat er al gebeurt in de buurt binnen bestaand beleid, en wat extra inzet is; 6. We besteden in de buurtgesprekken aandacht aan het scheppen van heldere verwachtingen: “We zien dat extra aandacht voor deze buurt nodig is, we horen graag van u wat u belangrijk vindt, we beginnen klein, niet alles kan, laten we in gezamenlijkheid kijken wat er al is en met welke eerste stap we gezamenlijk kunnen verbeteren.” 7. De buurtagenda gaat om algemeen belang, niet om individuele belangen. 8. De buurtagenda besteedt aandacht aan samenwerking: iedereen in de buurt moet morgen met elkaar verder. Voortborduren op bestaande kennis, analyse en ervaringen We beginnen niet vanaf nul.

Met een historie van krachtwijkaanpakken, buurtpacten en buurtagenda’s in een deel van de buurten. Met jarenlange ervaring van wijkbureaus en wijkpartners en contact met bewoners weten we al een hoop over de uitdagingen in de buurten. Ook zijn objectieve cijfers beschikbaar over de buurten via Buurten in cijfers, waar we een hoop informatie uit halen: over armoede, werk, onderwijs, wonen, veiligheid, gezondheid en samenleven. Buurtprofielen bieden een aanvullende analyse hoe het met de buurt gaat en wat aandacht vraagt. Deze zijn van eind 2021 tot de zomer van 2022 gemaakt en besproken met bewoners, ondernemers en wijkpartners en geven een richting van de belangrijkste uitdagingen in de buurten. Op sociale uitdagingen als armoede, sociale cohesie en onderwijs; ruimtelijke uitdagingen zoals afval en openbare ruimte; en uitdagingen op het gebied van veiligheid zoals veiligheid & jongeren. Met verschillen tussen buurten, maar met een gemene deler voor alle buurten waar buurtagenda’s nu gewenst zijn: verhoogde scores of een groot risico op kansenongelijkheid die erom vragen om nu actie te ondernemen. Met verschillende startpunten en verschil in zwaarte van problematiek, maar die er allemaal om vragen om ongelijk extra actie te ondernemen juist in deze buurten. Om kansen van bewoners in deze buurten te vergroten.

Financiële middelen De gemeente reserveert vanaf 2023 extra middelen voor het versterken van de wijk- en buurtaanpak. Dit gaat jaarlijks om €2,8 miljoen in 2023, oplopend naar € 3.050.000 in 2024, en naar €3,2 miljoen in 2025 en 2026. Hiervan gaat jaarlijks € 2 miljoen structureel naar de aanpak Samen voor Overvecht. In 2023 wordt het restant van de beschikbare middelen, €800.000, ingezet voor één onderdeel van de wijk- en buurtaanpak: het komen tot en uitvoeren van de buurtagenda’s in de aangewezen buurten in Kanaleneiland, Noordwest en Leidsche Rijn. Voor besteding van de middelen in 2024 t/m 2026 volgt in het derde kwartaal van 2023 een uitvoeringsplan voor de wijk- en buurtaanpak als geheel. Met daarin een verdeling van middelen voor alle onderdelen van de wijk- en buurtaanpak. Waarin naast de buurtagenda’s ook het versterken van het wijkwethouderschap en van de wijkorganisatie terugkomt.

2/3

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

24 november 2022 10395137

Middelen voor de buurtagenda’s vallen uiteen in middelen voor capaciteit en uitvoering. De besteding van het geld voor de uitvoering volgt uit het gezamenlijke traject met bewoners, ondernemers en partners uit de buurt. Daarbij betrekken we ook motie 156 ‘Maak ruimte voor initiatieven uit de wijk’. De beschikbare middelen voor de wijk- en buurtaanpak zijn onvoldoende voor een langjarige en structurele aanpak ter verbetering van de buurt. Vanuit ongelijk investeren voor gelijke kansen willen we ook programmabudgetten inzetten voor de uitvoering van de buurtagenda’s. Met daaruit volgend keuzes waar ongelijk meer en waar minder middelen beschikbaar te stellen. Zodat beschikbare gemeentelijke middelen gaan naar de plekken die dit het hardst nodig hebben. Planning Vanaf eind 2022 tot en met het voorjaar van 2023 gaan we buurtagenda’s opstellen. Daarna starten we met de uitvoering van de agenda, te beginnen met eerste haalbare en concrete gezamenlijke actie. In het derde kwartaal van 2023 maken we een uitvoeringsplan wijk- en buurtaanpak voor 2024 en verder. Daarin kijken we expliciet naar het verder versterken van het wijkwethouderschap en de rol van de wijkorganisatie. Met een verkenning of er andere buurten zijn waar (onderdelen van) een buurtagenda zinvol kan zijn. En met een overzicht van de besteding van middelen in 2024-2026.

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

3/3

9 Raadsbrief Voortgang Overvecht-Noord aardgasvrij 1 Dossier 3161 voorblad.pdf

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Dossiernummer

3161

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

19 januari 2023

Agendapunt

9

Titel

Raadsbrief Voortgang Overvecht-Noord aardgasvrij

ID

3353

Behandelend ambtenaar Telefoon E-mail Datum collegebesluit Geocodering Thema Portefeuillehouder Beleidsveld Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst) Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd

Vergaderdatum

Commissie Energie(transitie),

19 januari 2023

Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Voorgesteld besluit

1 Raadsbrief Voortgang Overvecht-Noord aardgasvrij.pdf

Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl

Aan de gemeenteraad

Behandeld door

L. Odijk

Datum

13 december 2022

Doorkiesnummer

030 - 28 62187

Kenmerk

4581023/20221031/LO

E-mail

Leendert.odijk@utrecht.nl

Onderwerp

Voortgang Overvecht-Noord aardgasvrij

Bijlage(n)

-

Beleidsveld

Energie en Klimaat

Geachte leden van de raad, In Utrecht stappen we over op schone energie. Hier werken we op drie manieren aan: besparen en isoleren, duurzaam opwekken en het aanpassen van warmtenetten en het elektriciteitsnetwerk. Deze raadsbrief gaat over Overvecht-Noord aardgasvrij, wat er is gerealiseerd, en wat er nog nodig is. Omdat er de laatste tijd landelijke veel ontwikkelingen zijn, praten we u ook bij over deze ontwikkelingen rondom de warmtetransitie. Programma Overvecht-Noord aardgasvrij In Overvecht-Noord werken we aan een betaalbare oplossing voor gebouweigenaren om de overstap te maken van gas naar een alternatieve duurzame warmte-oplossing in de wijk. Op 5 juli 2021 en op 20 december 2021 informeerden wij u over de voortgang van het project Overvecht-Noord aardgasvrij. Op 30 augustus 2022 over de uitkomst van onze deelname aan het groeifonds en op 1 september 2022 over de voortgang Elektrisch koken. Hierin berichtten wij u dat we u in een wijkuitvoeringsplan de uitkomsten samenvatten en inzicht geven in het vervolg. Inmiddels heeft het wijkuitvoeringsplan landelijk een andere invulling gekregen dan in het klimaatakkoord was beschreven. Het wijkuitvoeringsplan is nu een van de instrumenten beschreven in de ontwerp ‘Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie’ (Wgiw) en als nadere uitwerking hiervan het besluit ‘gemeentelijke instrumenten warmtetransitie’.

De verwachting is nu dat de wet op 1 januari 2024 wordt ingevoerd. In die wet is een wijkuitvoeringsplan de onderbouwing voor het besluit in het Omgevingsplan voor het definitieve warmteaanbod en de datum per wanneer de aardgaslevering zal worden stopgezet. Dit Omgevingsplan zal ter vaststelling aan de raad worden voorgelegd. Verder is de Wgiw verbonden met de nieuwe Wet collectieve Warmtevoorziening (WcW). De verwachting is dat de wet op 1 juli 2024 wordt ingevoerd. Op dit moment zijn zowel de Omgevingswet als bovengenoemde wetten (Wgiw en WcW) nog niet vastgesteld en kunnen we dus formeel nog geen omgevingsplan/wijkuitvoeringsplan vaststellen. We werken daarom, vooruitlopend op de inwerkingtreding van de wetten, aan een ‘Programma Overvecht-Noord aardgasvrij’. Dit programma heeft geen wettelijke verankering aan de hierboven genoemde wetten en schetst de werkwijze voor de uitvoering van Overvecht-Noord. Na vaststelling van een conceptprogramma, waarin de aanpak voor Overvecht-Noord is uitgewerkt en inzicht is in betaalbaarheid, halen we breed in de wijk reacties op bij bewoners. De verwachting is dat we dat in het 2e kwartaal van 2023 doen. Nadat deze

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

13 december 2022 4581023/20221031/LO

reacties zijn verwerkt leggen we het programma voor aan uw raad, uiterlijk in het 4e kwartaal 2023. Dit betekent dat we voor Overvecht-Noord werken onder de huidige warmtewet en daarmee goede afspraken met Eneco kunnen maken over de uitvoering. We houden daarbij rekening met de toekomstige situatie, zodat afspraken ook stand kunnen houden. Voor het stedelijk perspectief werken we dit verder uit; we verwachten eind 2023 een samenwerkingsovereenkomst met Eneco te sluiten voor deze stedelijke afspraken, rondom uitbreiding in blok 1 en de binnenstad. Wat hebben we gedaan Op dit moment zijn alle onderzoeken voor Overvecht-Noord afgerond. Bureaus APPM&CE-Delft hebben onderzoek uitgevoerd naar de laagst maatschappelijke kosten voor de overstap van gas naar alternatieve verwarming mogelijkheden van woningen in Overvecht Noord. Bureau Greenvis heeft samen met de besturen van de buurtinitiatieven de mogelijkheden onderzocht van lokale netten. Eneco heeft samen met de bestuursleden van buurtinitiatief NEV onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van een aquathermiebron. Vervolgonderzoeken door Energiepaleis en Van Dorp (afgestemd met bewoners en bedrijven) hebben inzicht gegeven in oplossingen voor het Antoniuskwartier, de Vechtdijk en voor MKB-bedrijven. We hebben hiermee inzicht in alle (onrendabele) kosten en publieke waarden, behorende bij de verschillende warmteoplossingen.

Voor het grootste deel van de wijk is een warmtenet de beste oplossing, voor het Antoniuskwartier en de Vechtdijk ligt een all-electric oplossing meer voor de hand. Met MKB-bedrijven zijn we in gesprek voor passende oplossingen. Naar aanleiding van de pilot hebben we zicht op een aanpak om elektrisch koken mogelijk te maken bij huiseigenaren die al op stadsverwarming zijn aangesloten en er is inzicht in een beoogde buurtvolgorde voor uitvoering. De deeloplossingen zijn met de klankbordgroep, buurtinitiatieven, meedenkgroepen, corporaties en netwerkbedrijven besproken en de resultaten verwerken we in het Programma Overvecht-Noord aardgasvrij. De genoemde onderzoeken zullen als bijlagen worden toegevoegd aan het programma Overvecht Noord aardgasvrij. Wat moeten we nog organiseren De reden dat wij nu nog geen programma Overvecht-Noord Aardgasvrij aan u voorleggen is dat we als gemeente op 3 zaken wachten die het programma compleet maken. 1. Definitie vanuit het rijk voor woonlastenneutraliteit en betaalbaarheid Op dit moment wordt er door VNG in samenwerking met het ministerie van BZK gewerkt aan een aanscherping van de definitie betaalbaarheid in de vorm van een handreiking. Als gemeente dienen we voor de overgrote meerderheid van de bewoners minimaal een woonlastenneutraal aanbod aan te bieden zoals omschreven in het klimaatakkoord.

De handreiking wordt op zijn vroegst in het eerste kwartaal van 2023 verwacht. Op basis daarvan kunnen wij ons aanbod aan bewoners in Overvecht-Noord toetsen aan de landelijke norm. 2. Vervolg subsidie op groeifonds Zoals in de raadsbrief op 30 augustus 2022 gemeld, staan we als gemeente Utrecht op de reservelijst van het Nationaal Groeifonds. Het ministerie van EZK heeft aangegeven een nieuwe regeling op te zetten om projecten, die niet in aanmerking komen voor een bijdrage uit het groeifonds, de mogelijkheid te bieden een subsidie aan te vragen. Op dit moment wordt deze regeling verder uitgewerkt. In het eerste kwartaal van 2023 worden de voorwaarden openbaar gemaakt. Wij wachten hierop, zodat we deze regeling mee kunnen nemen in onze financiële afweging. Daaruit moet blijken of we een woonlastenneutraal aanbod voor de hele

2/5

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

13 december 2022 4581023/20221031/LO

wijk of een deel van de wijk kunnen realiseren. Dat bepaalt de scope van het programma dat we aan uw raad voorleggen. 3. Definitief aanbod voor aansluiting warmtenet Eneco Eneco maakt op dit moment een warmteontwerp voor de nog aan te sluiten woningen in Overvecht-Noord. In januari 2023 verwachten wij inzicht in de maximale kosten voor de aansluitkosten. Op basis van deze kosten kunnen we inzichtelijk maken of een betaalbare oplossing voor handen is en laten we de casus door een onafhankelijke derde partij toetsen op marktconformheid. De verwachting is dat in het vierde kwartaal van 2023 een definitieve ugebiedsovereenkomst met Eneco wordt gesloten over de aansluitvoorwaarden. Eigendom warmtenetten Op 21 oktober 2022 heeft het kabinet besloten dat warmtenetten voor tenminste 51% in handen van publieke partijen moeten komen. Daarbij moeten deze aandelen direct of indirect berusten bij de staat, een provincie, gemeente of een ander openbaar lichaam. De uitwerking van dit besluit wordt opgenomen in het wetsvoorstel Wet collectieve Warmtevoorziening.

Na inwerkingtreden van deze wet (naar verwachting 1 juli 2024) zullen gemeenten alleen nieuwe warmtekavels mogen toewijzen waarbij de infrastructuur (voor tenminste 51%) in handen is van één of meerdere publieke partijen, of waar één of meerdere publieke partijen door een meerderheidsaandeel in een integraal warmtebedrijf zeggenschap hebben over de infrastructuur. Wel blijft de eindverantwoordelijkheid voor zowel aanleg en beheer van de infrastructuur als voor de warmtelevering en productie of inkoop van warmte bij één warmtebedrijf liggen. Dit kan een integraal publiek/privaat warmtebedrijf zijn of een joint venture waarbij het warmteleveringsbedrijf bijvoorbeeld een privaat bedrijf betreft. Op dit moment zoeken wij uit op welke manier publiek eigenaarschap van warmtenetten het beste ingevuld kan worden in de gemeenten Utrecht en Nieuwegein, afgezet tegen de publieke waarden zoals vastgesteld door uw raad. Zo onderzoeken we de publieke investerings- en realisatiekracht van de gemeente en andere publieke partijen, hoe een publiek-private samenwerking eruit kan zien en hoe dit zich verhoudt tot de bestaande warmtenetten. Uiterlijk in het tweede kwartaal van 2023 zullen wij u hierover nader informeren en op welke wijze dit aansluit bij de aanpak in Overvecht Noord.

Verduurzaming van huidige warmtenetten De buurtinitiatieven Nieuwe energie voor de Vechtzoom en Klopvaart hebben u een brief gestuurd met hun zorg over de verduurzaming van het warmtenet van Eneco. De zorg van de bewoners zit in het tempo van verduurzamen van de bronnen van Eneco. Eneco heeft middels het one planet plan haar visie gepubliceerd op verduurzaming van haar warmtenetten. Daarbij is de ambitie van Eneco om in 2035 klimaatneutraal te zijn. Dat zal dan voor een klein deel ook nog via compensatie kunnen. In Utrecht is tevens afgesproken om alle bronnen van het warmtenet volledig duurzaam te laten zijn in 2040. Daarvoor zijn in Utrecht op dit moment de eerste concrete ontwikkelingen zichtbaar. Bij de Riool Water Zuivering Installatie (RWZI) in Overvecht is in juni 2022 de bouw van de warmtepomp begonnen om de warmte uit het riool te benutten. Er zijn voor 5 warmtebuffers (4 in Utrecht 1 in Nieuwegein) onderzoeks- en vergunningstraject doorlopen en vergund. Er is een onderzoek gaande naar de mogelijkheid van een aquathermiebron in Nieuwegein. Ook onderzoeken de gemeente Utrecht en Eneco de mogelijkheden van temperatuurverlaging van het hele net. Doel is om een veel hogere efficiëntie van de inzet van duurzame bronnen op lagere temperatuur te realiseren. De verkenning naar geothermie gaat door, net als onderzoeken naar seizoensopslag in de bodem.

Wij maken afspraken met Eneco om de komende jaren nieuwe ontwikkelingen op te zetten en zo

3/5

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

13 december 2022 4581023/20221031/LO

mijlpalen in de verduurzaming van het net te realiseren. Deze terugkerende afspraken maken we gezamenlijk met Nieuwegein in de samenwerkingsovereenkomst. Kosten voor warmtealternatieven Uitganspunt voor de overstap naar een alternatief voor aardgas is dat we de maatschappelijke kosten zo laag mogelijk willen houden. Hiervoor zijn voor Overvecht-Noord alle kosten voor de verschillende warmtealternatieven door APPM/CE Delft en Greenvis op een gelijkwaardige wijze berekend en inzichtelijk gemaakt. Daarbij zijn alle investerings- en verbruikskosten van bron, infranetwerk en huisaanpassingen meegenomen. Hieruit blijkt dat de maatschappelijke kosten voor de uitbreiding van het warmtenet bij circa 2500 huishoudens het laagste zijn. Ook is berekend dat dan de eindgebruikerskosten het laagst zijn. De wens van de bewonersinitiatieven is om deze overstap pas te maken als de duurzame bronnen zijn gerealiseerd. Om aan de klimaatafspraken van Parijs te voldoen, doorlopen we drie parallelle transities die uiteindelijke op elkaar aan moeten sluiten: energiezuinig maken van onze gebouwen, verduurzamen van onze bronnen en het aanpassen van de infrastructuur om de nieuwe bronnen met de gebouwen te verbinden. Het is onmogelijk om deze transities exact gelijk te timen. Dat zou betekenen dat de kip op het ei aan het wachten is en het ei op de kip.

Wel moet er voldoende zekerheid bestaan dat het eindplaatje klopt, zoals uw raad ook heeft uitgesproken bij de vaststelling van de Transitievisie Warmte. Dat betekent onder andere dat voor aansluitingen op collectieve warmte voldoende duurzame bronnen beschikbaar moeten zijn. Voor de eerste tranche hebben we dat ook vastgesteld en uw raad daarover geïnformeerd. Bovendien is voor duurzame alternatieven veel elektriciteit nodig; dit vraagt een verzwaring van het elektriciteitsnet. Dit is niet wenselijk vanwege hogere maatschappelijke kosten, omdat je hiermee zowel moet investeren in een warmtenet als in verzwaring van het elektriciteitsnet. Dat betekent dat een ander alternatief dan collectieve warmte (bijvoorbeeld elektrische verwarme) gebruikers in Overvecht op hogere kosten jaagt. Daarnaast is de benodigde elektriciteit nog niet volledig duurzaam opgewekt. Het tempo van verduurzamen van elektriciteit ligt lager dan de verduurzaming van het warmtenet. Marktconsultatie De nieuwe wet introduceert de taak voor gemeenten om een doelmatige geografische indeling van warmtekavels te bepalen en deze aan te wijzen aan een warmtebedrijf. De ligging van het huidige warmtenet van Eneco in de stad is voor een groot deel bepalend voor de kavelindeling. Andere private warmtebedrijven kunnen mogelijk ook een rol spelen.

Daarom gaan wij via een marktconsultatie uitvragen welke warmtebedrijven (binnen de nieuwe wettelijke kaders) interesse hebben in het ontwikkelen van een warmtenet in Utrecht, in welk gebied en onder welke omstandigheden. Hiermee willen we een aanbestedingsrechtelijk onderbouwd antwoord krijgen op de vraag of er in de bestaande bouw van Utrecht mogelijkheden zijn voor zelfstandige warmtekavels met zelfstandige warmtenetten, en wat een doelmatige kavelindeling kan zijn. Hiermee kan ook worden bepaald in welk warmtekavel Overvecht-Noord ondergebracht kan worden. Het warmtenet van Overvecht Noord valt onder de uitbreiding van het huidige warmtenet. Dat betekent dat de planvorming voor Overvecht-Noord door kan gaan op de ingeslagen weg en het warmtekavel later vastgesteld wordt. Elektrisch koken Recent heeft uw raad het bestemmingsplan vastgesteld voor elektrisch koken voor de 320 woningen van Mitros. Meer dan de benodigde 70% procent van de huurders heeft ingestemd met het voorstel (laatste stand van zaken is 92%), waarmee we over kunnen gaan tot uitvoering in de woningen en de gasaansluitingen kunnen verwijderen. In het verlengde van dit project zijn we ook in gesprek met 5

4/5

Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk

13 december 2022 4581023/20221031/LO

VvE’s (circa 100 woningen) die op vrijwillige basis de overstap willen maken naar elektrisch koken. Samen met de bewoners wordt gewerkt aan een aanpak die aansluit bij hun wensen. De gemeente Utrecht heeft zich bij het ministerie van BZK ingezet om een betaalbare overstap mogelijk te maken voor elektrisch koken. Dit heeft erin geresulteerd dat vanaf 1 januari 2023 binnen de ISDE-subsidie een mogelijkheid geboden wordt voor bewoners, die zijn aangesloten op een warmtenet, om subsidie te ontvangen wanneer zij overstappen van gas naar elektrisch koken. Met de corporaties vervolgen we de gesprekken hoe zij alle woningen in Overvecht Noord voor 2030 aardgasvrij maken.

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

5/5

10 Raadsbrief Zoekgebieden duurzame energie 1 Dossier 3163 voorblad.pdf

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Dossiernummer

3163

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

19 januari 2023

Agendapunt

10

Titel

Raadsbrief Zoekgebieden duurzame energie

ID

3355

Behandelend ambtenaar Telefoon E-mail Datum collegebesluit Geocodering Thema Portefeuillehouder Beleidsveld Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst) Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=03db73ea-efef-467f-ad63-7862346894ee