Agendabundel
Tekst van het document
winkels en bestelbusjes van de pakketbezorgers ‘wild’ gaan parkeren. De locaties van de laad- en
losplekken voor de dag winkels zijn relatief dichts bij de winkels, wat het risico op foutparkeren en
overlast van laden/lossen significant verminderd. De verkeersveiligheid van de fietsers komt niet in het geding.
Kwaliteit openbare ruimte Indiener benoemt dat de wijkentree momenteel een deels open karakter heeft door de groene doorkijk aan de linkerkant met de laagbouw. De beoogde woontoren sluit deze doorkijk af. Ook betekent dit dat men met twee woontorens de wijk binnenkomt met zicht op afvalcontainers, waarbij indiener opmerkt
42
dat dit er nu zes zijn, maar dit zeker gelet op het aantal woningen toe zal nemen naar acht tot tien afvalcontainers. Dit brengt geen kwaliteitsimpuls van de openbare ruimte met zich mee.
Reactie
Van alle, samen met de werkgroep van buurtbewoners onderzochte locaties in het plangebied en erbuiten, blijkt er één geschikt om de benodigde twee glascontainers, twee papiercontainers en twee restafval containers (pers) op de juiste wijze in te passen. Het aantal containers is samen met de afdeling afvalinzameling bepaald. Voor de inpassing van zes containers gebruiken we de oplossing en principes aan de Reigerstraat als inspiratie. Vanwege de beperkte ruimte om alle benodigde functies in te passen is ervoor gekozen de opstelplek voor de vuilnisauto te combineren met een van de laad- en losplekken voor de dag winkels. Nut-/noodzaak supermarkt Volgens indiener is er ook geen noodzaak voor de mandjessupermarkt, omdat er in de buurt al vier
supermarkten zijn en vroeger al geprobeerd is om een dag supermarkt hier te vestigen. Indiener stelt daarom voor om in de plaats van de mandjessupermarkt meer woningen te plaatsen, zodat een woningbouwlaag minder gebouwd kan worden.
Reactie
Zie antwoord bij hoofdstuk 2 (Bespreking van veel genoemde onderwerpen), paragraaf 2.1 (Mandjes) Supermarkt; noodzaak/behoefte onderbouwing. Kwaliteit van de buitenruimte voldoet niet aan het SpvE Indiener geeft eveneens aan dat de kwaliteit van de buitenruimte niet voldoet aan het Stedenbouwkundig Programma van Eisen. Er komen meer bewoners in een kleinere buitenruimte waarin laad- en losplekken, fietsparkeervoorzieningen en afvalcontainers staan. Waar het groen en de fietsparkeerplekken worden gerealiseerd is niet duidelijk. Hoe de groenstrook bij de afvalcontainers als sociale ontmoetingsplek wordt gezien, is indiener niet duidelijk.
Reactie Het inrichtingsplan voor de openbare ruimte dat samen met de buurt is uitgewerkt voldoet aan het Stedenbouwkundig Programma van Eisen. Op onderstaande tekening is aangegeven waar het groen komt (groene delen). De fietsparkeeerplekken bevinden zich rond het gebouw. De meeste plekken bevinden zicht aan de Jan van Galenstraat omdat daar de ingangen van de winkels zijn.
43
Betrouwbaarheid eigenaar/ ontwikkelaar Kerckebosch Tot slot uit indiener zorgen over de betrouwbaarheid van de eigenaar/ ontwikkelaar. De eigenaar zou de woningen niet goed onderhouden heeft en deze daardoor laten verpauperen en er worden arbeidsmigranten in leegstaande woningen gehuisvest. Ook wordt er op straat gedealed. Er is vanuit indiener geen vertrouwen dat de eigenaar zal zorgen voor een kwalitatieve verbetering van de wijk. Op de informatieavond vond indiener dat de architecten nietserieus waren en dat bewoners niet duidelijk werden geïnformeerd over hoe het projectplan eruit komt te zien, met op de schetsen veel groen en bomen, maar nergens auto’s of fietsen.
Reactie Wij nemen kennis van uw mening over de architect en uw zorgen over de betrouwbaarheid van de eigenaar/ ontwikkelaar maar zijn van mening dat, met het plan dat hij wil ontwikkelen, de buurt kwalitatief wordt verbeterd. Uw opmerking over het slechter worden van de leefkwaliteit omdat er gedeald zou worden hebben wij doorgegeven aan de wijkbeheerder. Conclusie De gemeente neemt kennis van deze zienswijze.
Zienswijze 10
[Referentienummer 34043655]
Verkeerssituatie Jan van Galenstraat
Indiener benoemt volledig achter de opmerkingen staan van de werkgroep nieuwbouw Jan van
Galenstraat. Wel heeft hij nog drie aanvullende opmerkingen. Ten eerste dat de verkeerssituatie op de Jan van Galenstraat, en het kruispunt op de Kardinaal de Jongweg, op veel momenten druk en
onoverzichtelijk is en dat met laad- en losverkeer dit zal verergeren. Veel fietsers fietsen momenteel al tegen het verkeer in aan de zijde van Nieuw Bleyenburg, en er is sluipverkeer van de Kardinaal
de Jongweg dat probeert het Kardinaal Alfrink-plein te ontwijken. Dit zou deels kunnen worden
opgelost door een deel van de Huizingalaan éénrichtingsverkeer te maken. Ook is er spoorwegtracé dat een stuk verder de Huizingalaan en de Kardinaal de Jongweg kruist éénbaans geworden. Als dit
44
bijvoorbeeld tot een fietspad wordt ontwikkeld, wordt een deel van het fietsverkeer overgenomen en is de situatie meer overzichtelijk.
Reactie De Jan van Galenstraat wordt heringericht en wordt onderdeel van de doorfietsroute UtrechtAmersfoort. Bij de participatie voor het et ontwerp van de herinrichting zijn de aangegeven aandachtspunten eerder al aangegeven. Het ontwerp is nu zodanig dat tegen de richting in fietsen wordt voorkomen. Er zijn geen plannen om een deel van de Huizingalaan eenrichtingsverkeer te maken. Dichte muur
Ten tweede geeft indiener aan dat bij de nieuwbouw aan de Huizingalaan een dichte muur en een
rommelige ingang aanwezig is Indiener vraagt of dit gebouw meer levendig gemaakt kan worden door bijvoorbeeld toepassing van een glaspartij.
Reactie De Commissie Omgevingskwaliteit (voorheen Welstand) is zeer te spreken over de gevels van het gebouw en heeft geoordeeld dat de muur niet als ‘dicht’ is aan te merken, mede vanwege de in/uitgang die in de gevel komt. Er is geen aanleiding om anders te oordelen. Waterkelder
Ten derde meldt indiener dat de grondwaterstand ten hoogste twee meter onder het wegoppervlak
is. Indiener merkt op dat verwacht op het huidig gepland bouwoppervlak een waterkelder nodig zou
zijn om extreme buien op te vangen, maar dat dit ook de kans geeft om het groen op het gebouw via deze kelder te kunnen bewateren. Indiener impliceert hiermee of de gemeente dit kan meenemen.
Reactie In de stadstuin die onderdeel wordt van de openbare ruimte is een waterberging voorzien om het water van (extreme) regenbuien te bufferen. Conclusie De gemeente neemt kennis van deze zienswijze.
Zienswijze 11
[Referentie nr. 34011317]
Indiener ziet graag een harde inspanning ten aanzien van vergroening van de daken, met het direct aanleggen van een groen dak en dat de VvE minimaal betrokken wordt bij het onderhoud hiervan.
Reactie Het ontwerp heeft een (groene) daktuin op de 1e verdieping en diverse daken zijn voorzien van retentie voorzieningen. Op drie bouwdelen worden ook Mos-Sedum daken gerealiseerd. Dit zorgt, naast uitvoering van de duurzaamheidsambitie, tevens voor een groen uitzicht vanuit de twee bouwdelen die uit kunnen kijken op de betreffende groene daken (kwaliteit van woningen). Op deze wijze is eigenlijk een 5e groene gevel voor de woningen gerealiseerd. Conclusie De gemeente neemt kennis van deze zienswijze.
45
4 Wijzigingen in het ontwerp 4.1 Wijzigingen door zienswijzen 4.1.1
Borgen mandjessupermarkt en winkelwagens
4.1.1.1 Toelichting van de wijziging De borging van een mandjessupermarkt is in eerste instantie vastgelegd in de anterieure overeenkomst met initiatiefnemer. Mede gelet op de, door indiener aangehaalde, Parkhavenuitspraak is er aanleiding om de juridische borging duidelijker in de regels van het omgevingsplan op te nemen. In de anterieure overeenkomst met initiatiefnemer is vastgelegd dat het Bouwplan niet zal voorzien in een mogelijkheid/faciliteiten om een winkelkarretje mee te nemen naar de supermarkt en vice versa (winkelwagentjes zullen de supermarkt niet verlaten). 4.1.1.2
Wijziging
Aanvulling regels naar aanleiding van beantwoording zienswijzen: Artikel 4.2 onder 4 :
1) Het is verboden zonder omgevingsvergunning een supermarkt te starten en in stand te houden. 2) Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning alleen als maatregelen zijn genomen om te belemmeren dat winkelwagentjes van en naar de openbare ruimte en/of de parkeergarage worden meegenomen.
4.1.2
Noodzaak en behoefte supermarkt
4.1.2.1 Toelichting van de wijziging Naar aanleiding van meerdere zienswijzen wordt de motivering aangevuld met een uitleg en onderbouwing van nut en noodzaak van een supermarkt op deze locatie. De behoefte aan een supermarkt is met het onderzoek van Adviesbureau BSP ‘Scenarioanalyse invulling retail Huizingalaan Utrecht’ d.d. 13 oktober 2021 en het nadere marktonderzoek Jan van Galenstraat behoefte- en effectentoets supermarkt en aanvullende retail’ van 24 april 2026, afdoende onderbouwd. We voegen deze onderzoeken toe als bijlagen bij de motivering van het TAM Omgevingsplan en vullen de motivering op dat aspect aan. 4.1.2.2 Wijziging De motivering wordt als volgt gewijzigd: Toe te voegen in paragraaf 2.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking, onder het kopje ‘Winkels en supermarkt’: De mandjessupermarkt en de winkels met dagelijks productaanbod dragen aantoonbaar bij aan de fijnmazige voorzieningenstructuur van de tien minutenstad en passen binnen de retailhoofdstructuur. De Jan van Galenstraat is opgenomen in deze structuur waarbij uitbreiding met een supermarkt en winkels met dagelijks productaanbod mogelijk is. De ontwikkeling is passend, omdat het gaat om het versterken van een bestaand winkelcluster.
Er is kwantitatief voldoende marktruimte binnen het gehele verzorgingsgebied en er zijn voldoende kwalitatieve argumenten die de wenselijkheid van de ontwikkeling aantonen, zoals behoud van economische vitaliteit en verblijfskwaliteit en het voorkomen van leegstand, . De toevoeging van 850 m² wvo aan supermarktmeters is voor het bestaande aanbod nauwelijks merkbaar. Dit komt doordat de nieuwe supermarkt een andere functie (een mandjesfunctie) heeft dan het omliggende supermarktaanbod in Noordoost en ook ontlastend kan werken voor de supermarkt in winkelcentrum de Gaard. De zeer beperkte omzeteffecten die optreden na realisatie van de supermarkt zullen zich bovendien over een groter gebied verspreiden. Het aantal meters
46
gereserveerd voor de overige retail units neemt af ten opzichte van de huidige gevestigde meters. Door deze afname zal op vergelijkbaar commercieel aanbod geen verdringingseffect merkbaar zijn. Zie ook bijlage 17 onderzoek van Adviesbureau BSP ‘Scenarioanalyse invulling Retail Huizingalaan Utrecht’ d.d. 13 oktober 2021 en bijlage 18 het nader onderzoek “”Utrecht, Jan van Galenstraat behoefte en effectentoets supermarkt en aanvullende retail”, SWECO 24 april 2026. Deze ontwikkeling brengt geen negatieve effecten met zich mee als het gaat om leegstand en aantasting van het woon-, leef- en ondernemersklimaat. 4.1.3
Uitbreiding detailhandel in strijd met de omgevingsverordening van de provincie
4.1.3.1 Toelichting van de Wijziging Naar aanleiding van meerdere zienswijzen wordt de uitbreiding van detailhandel nader onderbouwd (‘in de geest van de provinciale Omgevingsverordening’) op basis van de uitzonderingen uit artikel 9.20 onder 1 sub e. en sub g. Omgevingsverordening. In dat kader vullen wij de toelichting in paragraaf 2.2.1 (Omgevingsvisie provincie Utrecht en Omgevingsverordening provincie Utrecht) aan. 4.1.3.2
Wijziging
De motivering wordt als volgt gewijzigd: Toe te voegen aan paragraaf 2.2.1 (Omgevingsvisie provincie Utrecht en Omgevingsverordening provincie Utrecht:
:
•
Artikel 9.20 (Detailhandel) van de Omgevingsverordening provincie Utrecht bevat regels waarin is vastgelegd dat nieuwe of uitbreidende detailhandel buiten de aangewezen winkelstructuur in beginsel niet is toegestaan wanneer dit leidt tot aantasting van de detailhandelsstructuur.
Hierop gelden enkele uitzonderingen. Voor de ontwikkeling aan de Jan van Galenstraat is artikel 9.20 lid 2 sub e. en g. relevant. Het betreft hier wijk- en buurtverzorgende (dagelijkse) detailhandel binnen bestaand stedelijk gebied, passend bij het lokale schaalniveau en detailhandel die onderdeel uitmaakt van een integrale herontwikkeling of functiemenging zonder bovenwijkse of ontwrichtende werking. De Jan van Galenstraat functioneert als buurt-/ wijkwinkelgebied. Het provinciale beleid is hier ondersteunend aan behoud en een gematigde uitbreiding van dagelijkse, wijkverzorgende detailhandel. Deze ontwikkeling is dus mogelijk onder instructieregel 9.20 onder e. en aanvullend g., omdat de uitbreiding van detailhandel noodzakelijk is voor het maatschappelijk functioneren van het bestaande winkelgebied Jan van Galenstraat en zorgt voor gevarieerd en bereikbaar aanbod van dagelijkse en ondersteunende voorzieningen voor inwoners en bezoekers. Met deze ontwikkeling blijft het gebied economisch vitaal en behoudt een kwalitatief hoog verblijfsklimaat, en wordt leegstand voorkomen, Daarnaast is de uitbreiding van detailhandel onderdeel van een bredere herontwikkeling in de wijk. De ontwikkeling aan de Jan van Galenstraat is daarmee passend in het provinciale beleid uit de Omgevingsverordening. 4.1.4
Gezondheidscentrum
4.1.4.1 Toelichting van de Wijziging Per abuis is nog het vervallen gezondheidscentrum in de tekst van de motivering vermeld 4.1.4.2
Wijziging
De motivering wordt als volgt gewijzigd: schrappen in paragraaf 4.1.1 (programma): • Gezondheidscentrum
47
4.1.5
Snelfietsroutes
4.1.5.1 Toelichting van de Wijziging Naar aanleiding van zienswijze 8 wordt de tekst van de motivering aangevuld met snelfietsroutes. 4.1.5.2
Wijziging
De motivering wordt als volgt gewijzigd: Aanvulling motivering in paragraaf 4.2.3 (openbare ruimte en groen): De Jan van Galenstraat in Utrecht maakt deel uit van de doorfietsroute (snelfietsroute) F28 tussen Utrecht en Amersfoort. Deze route is ontworpen om het woon-werkverkeer per fiets comfortabeler, veiliger en sneller te maken. De werkzaamheden aan deze route, waaronder de Jan van Galenstraat, vallen onder de doorontwikkeling van de snelfietsroutes in de provincie Utrecht. 4.1.6
Bestaand groen
4.1.6.1 Toelichting van de Wijziging Naar aanleiding van zienswijze 8 wordt de tekst van de motivering aangevuld met bestaand groen. 4.1.6.2
Wijziging
De motivering wordt als volgt gewijzigd: Aanvulling motivering in paragraaf 4.2.3 (openbare ruimte en groen): Op dit moment is er weinig openbaar groen in het plangebied. Met deze ontwikkeling wordt er meer groen toegevoegd aan het bestaande groen in het plangebied. Het bestaande groen bevindt zich met name langs de Kardinaal de Jongweg (1864m2) en op de parkeerplaats aan de Huizingalaan (510m2). 4.1.7
Actualisering bestaande functies
4.1.7.1 Toelichting van de Wijziging Naar aanleiding van zienswijze 8 wordt de tekst van de motivering aangevuld met actualisering van bestaande functies in de economische plint. 4.1.7.2
Wijziging
De motivering wordt als volgt gewijzigd: Paragraaf 3.2 Beschrijving van bestaande functies in het plangebied Hier zijn onder andere een kruideniers fietsenwinkel, een pizzeria en een bloemist witgoedhandel gevestigd. 4.1.8
Wens mandjes supermarkt
4.1.8.1 Toelichting van de Wijziging Naar aanleiding van zienswijze 6 en 8 wordt de tekst van de motivering over de behoefte om deze supermarkt te realiseren voor wijkbewoners aangepast. 4.1.8.2
Wijziging
De motivering wordt als volgt gewijzigd: Paragraaf 2.3.2.3.2 Werken De wens voor een supermarkt (in de vorm van een mandjessupermarkt) is expliciet voortgekomen naar aanleiding van wensen uit de buurt Op basis van de participatie heeft een groep omwonenden uit de buurt aangedrongen op een zo klein mogelijke supermarkt. Mede op basis daarvan heeft de raad zich uitgesproken voor een mandjessupermarkt op 16 mei 2023.
48
4.1.9
Diervriendelijk bouwen
4.1.9.1 Toelichting van de Wijziging Naar aanleiding van zienswijze 2. In paragraaf 5.11 is de tekst over diervriendelijk bouwen weggevallen en zal alsnog worden aangevuld. 4.1.9.2
Wijziging
De motivering wordt als volgt gewijzigd (paragraaf 5.11 Natuurbescherming, kopje diervriendelijk bouwen): Uitgangspunt is diervriendelijke bouw door het integreren van nestkasten of andere verblijfplaatsen van gebouw gebonden soorten in de stad. Daarbij is uitgangspunt het realiseren van één verblijfplaats per gebouwde woning.
49
4.2 Ambtshalve wijzigingen 4.2.1
Wijziging paragraaf 2.3.2.2.9 Energie in nieuwbouw
4.2.1.1 Toelichting wijziging Naar aanleiding van recente ontwikkelingen rondom netcongestie in de regio Utrecht wordt de tekst over netcongestie bijgesteld. 4.2.1.2 Wijziging De motivering wordt als volgt gewijzigd: De tekst in paragraaf 2.3.2.9 over netcongestie wordt als volgt geüpdatet. Netcongestie in Utrecht Op 12 oktober 2021 kondigde TenneT netcongestie af voor het terug leveren (het invoeden van) duurzaam opgewekte elektriciteit op het netwerk in de provincies Utrecht, Flevoland en Gelderland. Op 17 november 2022 kwam TenneT naar buiten met een nieuwe vooraankondiging van congestie voor dit gebied; het elektriciteitsnet heeft zijn maximale capaciteit bereikt ook voor het afnemen van elektriciteit. Dit betekent dat het stroomnetwerk hier op piekmomenten vol is in twee richtingen. Naast de knelpunten op het hoogspanningsnet zijn er ook knelpunten op het net van Stedin. Dit betekent concreet dat nieuwe grootverbruikers met een aansluitcapaciteit vanaf 3x80 Ampère niet in hun elektriciteitsbehoefte kunnen worden voorzien totdat het elektriciteitsnet is uitgebreid. Bovendien geven de netbeheerders aan dat in de provincie Utrecht de groei van kleinverbruik vanaf 2026 de daarvoor gereserveerde netcapaciteit kan overschrijden, wat noopt tot (extra) maatregelen. Voor het eerst kunnen daardoor ook kleinverbruikers, zoals huishoudens en het MKB, door netcongestie worden geraakt.
In april 2026 is besloten dat er vanaf 1 juli een aansluitpauze (of een pas op de plaats) geldt. Dit geldt voor de gemeente Utrecht en de omliggende gemeenten. Dit betekent dat alle nieuwe aanvragen (ook voor woningbouwprojecten) vanaf 1 juli, voor zowel nieuwe aansluitingen als verzwaring van aansluitingen op een wachtlijst komen te staan.
4.3 Ondergeschikte verbeteringen
Nvt
50
5 Toelichting 5.1 Wat is een vaststellingrapport?
Het vaststellingrapport hoort bij een raadsbesluit over de vaststelling van een wijziging van het omgevingsplan. Het is een onderdeel van dat raadsbesluit. In het vaststellingrapport staan: • een samenvatting van de zienswijzen en de reactie van de gemeente daarop en • een verantwoording van wat er bij de vaststelling verandert aan de ontwerpwijziging die ter inzage heeft gelegen. Verantwoording van de wijzigingen betekent dat in het rapport wordt uitgelegd welke veranderingen er zijn en waarom die nodig zijn. De toelichting op de wijziging wordt ook verwerkt in de artikelsgewijze toelichting en in de motivering. De wijzigingen die in paragraaf 4.3 ‘Ondergeschikte verbeteringen’ staan, worden niet uitgelegd. Dat zijn verbeteren van spelfouten, verbetering van de formulering of een aanpassing van de artikelsgewijze toelichting of van de motivering.
5.2 De vaststellingsprocedure
Voordat de gemeenteraad een wijziging van het omgevingsplan vaststelt, krijgt iedereen de gelegenheid geven om zijn mening over het ontwerp van die wijziging te geven. De gemeente doet dat door bekend te maken dat een ontwerp bekeken kan worden. De wet noemt dat ‘ter inzage leggen’1. In de bekendmaking staat ook wanneer, binnen welke termijn, zienswijzen ingediend kunnen worden. Een zienswijze is een brief of een digitaal formulier waarin iemand opschrijft wat hij of zij van de ontwerpwijziging vindt. De termijn voor het indienen van zienswijzen duurt altijd 6 weken. Als iemand buiten de termijn een zienswijze indient, bestaat de kans dat de gemeente er niet meer op kan reageren. De gemeenteraad leest de zienswijze die te laat is ingediend natuurlijk wel. Na afloop van de termijn van terinzagelegging bereidt de gemeente de vaststelling voor. Het opstellen van het vaststellingsrapport hoort daarbij. Het college van burgemeester en wethouders doet een voorstel aan de gemeenteraad om de wijziging vast te stellen. De gemeenteraad kan besluiten om de indieners van zienswijzen de gelegenheid te geven om hun zienswijze tijdens een raadsinformatiebijeenkomst toe te lichten. Op zo’n bijeenkomst kunnen de raadsleden vragen stellen aan indieners en ook aan ambtenaren die bij de vaststellingsprocedure van de wijziging van het omgevingsplan betrokken zijn.
Na bespreking van het voorstel in de raadscommissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken, stelt de gemeenteraad de wijziging vast of verwerpt het voorstel van het college.
5.3 Wijze van beoordeling van zienswijzen
Een zienswijze bevat de mening van een indiener. De meningen in een zienswijze of de zienswijze zelf zijn nooit goed, fout, gegrond of ongegrond. Elke zienswijze wordt zorgvuldig bestudeerd, om te bekijken of het ontwerp aangepast moet worden. Als een zienswijze vragen bevat, worden die in dit vaststellingsrapport zo mogelijk beantwoord. Als een zienswijze niet aan de wettelijke eisen voldoet, krijgt de indiener, als haar of zijn adres bekend is, de gelegenheid om daar alsnog voor te zorgen.
1 Artikel 16.29 en 16.30 van de Omgevingswet, artikel 3:11 van de Algemene wet bestuursrecht.
51
5.4 Privacy
In dit rapport worden alleen de geanonimiseerde samenvattingen van zienswijzen opgenomen. In verband met de privacy van indieners worden de zienswijzen niet openbaar gemaakt2. Burgemeester en wethouders en de gemeenteraad krijgen wel van alle zienswijzen een kopie toegestuurd, zodat zij de volledige zienswijze kunnen lezen en bijvoorbeeld kunnen nagaan waar de indiener woont.
2 Artikel 3.1 in samenhang met artikel 5.1 van de Wet open overheid.
52
TAM-Omgevingsplan
TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan Ontwerp, mei 2026
TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan
2 bestemmingsplan "TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan" (ontwerp)
Utrecht
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1
Inleidende regels
4
Artikel 1
Werking van dit plan
4
Hoofdstuk 2
Functies
5
Artikel 2
Groen
5
Artikel 3
Verkeer - Verblijfsgebied
5
Artikel 4
Wonen
5
bestemmingsplan "TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan" (ontwerp)
3
Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Werking van dit plan
Werkingsgebied
De regels in dit plan zijn van toepassing op de locaties, waarvoor de geometrisch bepaalde planobjecten zijn opgenomen in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0344.BPTAMGALEHUIZIGINN-VA01. 1.2 1. 2. 3.
4. 1.3
Afstemming met het omgevingsplan Dit plan maakt deel uit van het omgevingsplan. De regels in hoofdstuk 2 van dit plan zijn functieregels in de zin van het omgevingsplan. De begrippen in hoofdstuk 1 en de bouw- en gebruiksregels in hoofdstuk 2 zijn aanvullend van toepassing op de begrippen uit hoofdstuk 1, de bouwregels uit hoofdstuk 4 en de gebruiksregels uit hoofdstuk 6 van het omgevingsplan. Als een begrip uit dit plan afwijkt van het hetzelfde begrip uit het omgevingsplan, dan gaat het begrip uit dit plan voor. Afstemming met tijdelijke deel van het omgevingsplan
De regels in dit plan en de verbeelding bij die regels treden in de plaats van de regels en de verbeelding in het tijdelijk deel van het omgevingsplan, voor zover deze betrekking hebben op hetzelfde werkingsgebied. 1.4 1.
Begrippen Voor de toepassing van dit TAM-omgevingsplan gelden de volgende begripsbepalingen: a. plan Het TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan dat bestaat uit het GML-bestand NL.IMRO.0344.BPTAMGALEHUIZIGINN-VA01. b. besluitgebied van dit TAM-omgevingsplan Het besluitgebied waarvan de geometrisch bepaalde begrenzing is vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0344.BPTAMGALEHUIZIGINN-VA01. c. omgevingsplan Het omgevingsplan van de gemeente Utrecht. d. Doelgroep sociale huurwoningen Huishoudens die op grond van de Huisvestingsverordening gemeente Utrecht in aanmerking komen voor huisvestingsvergunning voor een sociale huurwoning. e. Doelgroep middenhuurwoningen Huishoudens die op grond van de Huisvestingsverordening gemeente Utrecht in aanmerking komen voor huisvestingsvergunning voor een middenhuurwoning. f. Middenhuurwoning Een middenhuurwoning zoals gedefinieerd in artikel 5.161c lid 1 onder c van het Besluit kwaliteit leefomgeving. g. Sociale huurwoning Een sociale huurwoning zoals gedefinieerd in artikel 5.161c lid 1 onder a van het Besluit kwaliteit leefomgeving.
4 bestemmingsplan "TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan" (ontwerp)
Utrecht
Hoofdstuk 2 Artikel 2 2.1
Functies
Groen
Doel van de functie
Locaties met de functie Groen zijn bedoeld voor groen dat bijdraagt aan: 1. 2. 2.2
de vergroting van de leefbaarheid en van een gezond leefklimaat; het behoud en de verbetering van de biodiversiteit, zoals het bieden van voedsel en rust- en nest- en verblijfsplaatsen aan dieren. Activiteiten die bij de functie passen
Uitsluitend de volgende activiteiten passen bij het doel van de functie: 1. 2.
2.3
Het realiseren, gebruiken en in stand houden van groen; Het gebruiken en in stand houden van bijbehorende voorzieningen, zoals: a. voet- en fietspaden; b. zitplaatsen; c. sport- en speeltoestellen; d. hondenspeelweiden; e. kunstwerken zoals bruggen, duikers en faunapassages; f. kunstobjecten; g. fietsenstallingen die niet hoger zijn dan 1 meter; h. waterberging. Activiteiten die niet mogen
De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. 2. 3. 4. 5.
het bouwen van gebouwen; het realiseren, gebruiken of in stand houden van parkeerplaatsen; het aanleggen van ontsluitingswegen voor een aangrenzende functie; activiteiten die bomen aantasten; activiteiten die de biodiversiteit aantasten, met uitzondering van gebruik van het groen dat op een locatie normaal is.
Artikel 3 3.1
Verkeer - Verblijfsgebied
Doel van de functie
Locaties met de functie Verkeer - Verblijfsgebied zijn bedoeld voor verblijf in de openbare ruimte en voor bestemmingsverkeer. 3.2 1. 2.
Activiteiten die bij de functie passen Uitsluitend de volgende activiteiten passen bij het doel van de functie: a. het gebruiken van wegen, voet- en fietspaden; het gebruiken en in stand houden van bijbehorende voorzieningen, zoals: a. geluidwerende voorzieningen; b. halteplaatsen; c. sport- en speeltoestellen; d. kunstwerken; e. kunstobjecten; f. parkeerplaatsen en fietsenstallingen; g. waterberging en groen.
Artikel 4 4.1
Wonen
Doel van de functie
Locaties met de functie Wonen zijn bedoeld voor woningen met de daarbij horende voorzieningen.
bestemmingsplan "TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan" (ontwerp)
5
4.2
Activiteiten die bij de functie passen
Uitsluitend de volgende activiteiten passen bij het doel van de functie: 1. 2. 3.
4.
5. 6.
7. 8.
4.3
het gebruik van de woning dat staat in paragraaf 6.2.1 (De activiteit wonen) van het omgevingsplan; maximaal 102 woningen, waarvan minimaal 40 % sociale huurwoningen en 33% middenhuurwoningen. op een locatie met de functie-aanduiding 'detailhandel' is het gebruiken van ruimtes voor winkels, niet zijnde een supermarkt, uitsluitend op de begane grond toegestaan met een maximum van 465 m2 brutovloeroppervlak. uitsluitend op een locatie met de functie-aanduiding 'supermarkt' is het gebruik van een supermarkt uitsluitend op de begane grond toegestaan met een maximum van 1250 m2 brutovloeroppervlak. Het is verboden zonder omgevingsvergunning een supermarkt te starten en in stand te houden. Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning alleen als maatregelen zijn genomen om te belemmeren dat winkelwagentjes van en naar de openbare ruimte en/of de parkeergarage worden meegenomen. op een locatie met de functie-aanduiding 'parkeergarage' is een verdiepte parkeergarage toegestaan. het gebruiken en in stand houden van bijbehorende voorzieningen, zoals a. tuinen en erven; b. fietsenstallingen; c. toegangspaden en ontsluitingswegen; d. waterberging en groen. Beoordingsregels voor hoofdgebouwen
In aanvulling op afdeling 4.2.2 van het omgevingsplan geldt dat: 1. 2. 4.4
Hoofdgebouwen uitsluitend binnen het bouwvlak gebouwd mogen worden; Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' het (deel van het) hoofdgebouw niet hoger is dan de op een locatie aangegeven bouwhoogte. Activiteiten die niet mogen
De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden: 1. 2.
3.
Het is verboden om een woningbouwprogramma te realiseren met een lager percentage sociale huurwoningen of middenhuurwoningen dan genoemd in artikel 4.2 onder 2. Het is verboden een sociale huurwoning, binnen een termijn van 20 jaren nadat de woning voor het eerst in gebruik genomen is, opnieuw te verhuren aan of opnieuw te laten gebruiken door een huurder of gebruiker die buiten de doelgroep sociale huurwoningen valt. Het is verboden een middenhuurwoning, binnen een termijn van 20 jaren nadat de woning voor het eerst in gebruik genomen is, opnieuw te verhuren aan of opnieuw te laten gebruiken door een huurder of gebruiker die buiten de doelgroep middenhuurwoningen valt.
6 bestemmingsplan "TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan" (ontwerp)
Gemeente Utrecht
Uitgave Gemeente Utrecht Bezoekadres Stadskantoor, Stadsplateau 1 Postadres Postbus 8406, 3505 RK Utrecht Telefoon 030 - 286 00 00 Mail gebiedsontwikkelingjz@utrecht.nl
TAM-Omgevingsplan
TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan Ontwerp, mei 2026
TAM-omgevingsplan Jan van Galenstraat-Huizingalaan-Van Ginnekenlaan