CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Stad en Ruimte (2008-2021) 27 mei 2021, gemeente Utrecht46.765 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

De Transitievisie Warmte geeft ook handelingsperspectief voor allerlei individuele eigenaren. Met betrekking tot de volgorde geeft de wethouder aan, dat eerst naar wijken gekeken zal worden waar de aanpassingen nog beperkt zijn. Voor wijken waar meer aanpassingen gedaan moeten worden, zal meer tijd genomen worden. Daarbij worden mensen gestimuleerd, verleid en ondersteund om de aanpassingen door te voeren die nodig zijn. Als de volgorde eenmaal duidelijk is, dan kan de hybride warmtepomp een goede tussenoplossing zijn. GroenLinks vroeg hoe gestuurd kan worden op de isolatie. Hier kan niet in verplichtende zin op gestuurd worden. Wat van mensen gevraagd wordt, kan wel veel duidelijker worden. De PvdD vroeg of er een soort actieplan besparen gemaakt kan worden. Dit is een goed idee. Het heeft alleen niet dezelfde wettelijke status. Gedragsverandering kan overigens een rol spelen. De PvdA vroeg of het een idee is om een isolatiefonds te creëren. De wethouder legt uit dat er een rendabel deel is dat terugverdiend wordt via de besparing en dat er een onrendabel deel is dat niet terugverdiend kan worden. Het rendabele deel dient de overheid nooit te subsidiëren. Mensen vinden het soms moeilijk om de financiering te regelen. Hier zijn landelijk al wel oplossingen voor met het warmtefonds en de gemeente biedt een duurzaamheidslening.

Het probleem in de betaalbaarheidsdiscussie gaat voornamelijk over het onrendabele deel. De wethouder is terughoudend om daar als gemeente in te stappen omdat daar de fondsen niet voor zijn. De onrendabele top dient op het niveau van het Rijk te worden opgelost.

50 De heer Van Heuven (PvdD) kan dit laatste begrijpen. Tegelijkertijd wordt het dan moeilijker om iedereen mee te krijgen. Hij stelde daarom voor om in de gemeentelijke begroting geld te gaan vinden voor een gemeentelijk isolatiefonds. Hoe gaan mensen met een krappe beurs mee als zij afhankelijk blijven van het Rijk? 55

60

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat zij zo direct verder in zal gaan op de betaalbaarheid. Stadsbelang Utrecht vroeg of nieuwbouw wordt vertraagd. Hier is geen sprake van. Dit plan ziet niet toe op nieuwbouw. Dan Deel 1. Er is gevraagd waar ‘ja’ tegen wordt gezegd als de fasering niet bekend is. De raad zou dan vaststellen wat het warmteregime is en de warmteoplossing. De VVD vroeg of bij nieuwbouwwoningen van hoge naar lage temperatuur wordt gegaan. Dit klopt en Pagina 15 van 44

5

de gedachte daarachter is dat warmte van hoge temperatuur in Utrecht schaars is en dat die schaarse hoge temperatuur daar gebruikt moet worden waar het echt nodig is. Nieuwbouwwoningen die recent zijn gebouwd zijn goed geïsoleerd en zijn eigenlijk klaar voor lage temperatuur. Het CDA en de VVD vroegen of waterstof en groen gas reële alternatieven zijn. De Rijksoverheid heeft gezegd dat dit tot 2030 niet het geval is. De heer Van Steeg (CDA) vraagt wanneer een en ander onomkeerbaar wordt. Wanneer kunnen nieuwe toepassingen niet meer toegepast worden in het plan dat er nu ligt.

10

15

Wethouder Van Hooijdonk herhaalt dat elke vijf jaar het plan wordt herijkt. Op een gegeven moment kunnen zaken dan met meer zekerheid worden ingevuld. Dan Deel 2. D66 vroeg of CO2 als criterium toegevoegd zou moeten worden en GroenLinks vroeg of de set met criteria die nu is opgevoerd niet leidt naar een hoge temperatuuromzetting. De wethouder begrijpt het dilemma. Zij wijst erop dat het gaat om het omzetten van de infrastructuur. Deze strategie is minder effectief als strategie om te besparen op CO2. De heer Schreuder (D66) wil graag de volgorde inzichtelijk hebben en als CO2 een criterium is, dan wordt deze ook gemotiveerd.

20

25

30

Wethouder Van Hooijdonk zegt dat geprobeerd zal worden om de CO2-component goed in beeld te brengen. Dit zal terugkomen in deel 2. Mevrouw Sturkenboom ging in op de onderwerpen innovatie en kennisdeling. Hier zal ook in deel 2 op in worden gegaan. Mevrouw Sturkenboom vroeg ook hoe de robuustheid wordt beoordeeld en hoe de criteria worden uitgewerkt. Een en ander hieromtrent moet nog worden uitgedacht. In deel 2 zullen voor de raad zaken navolgbaar worden gemaakt. Ten aanzien van de robuustheid merkt de wethouder op de toekomst niet helemaal te kunnen voorspellen. Er zijn meerdere dingen doorgerekend en als er telkens hetzelfde uit komt dan is er een redelijke mate van zekerheid dat een en ander toekomstbestendig is. Het CDA vroeg of alles nu moeilijker en langzamer gaat dan gedacht. De wethouder had gehoopt dat men ook in de landelijke discussie verder zou zijn. Tegelijkertijd kan verder gewerkt worden aan deel 2. De wethouder vervolgt met het onderwerp betaalbaarheid. Als de betaalbaarheid niet op orde is, zal er geen wijkuitvoeringsplan aan de raad worden voorgelegd ter vaststelling. De heer Van Steeg (CDA) had het ook over Overvecht-Noord.

35 Wethouder Van Hooijdonk merkt op dat veel geleerd wordt in Overvecht. Het gaat bijvoorbeeld over hoe mensen meegenomen kunnen worden en over hoe wordt omgegaan met de gelaagdheid van een wijk. 40

45

50

55

60

De heer Van Steeg (CDA) vraagt wat verwacht wordt uit Den Haag. Wethouder Van Hooijdonk merkt op dat het klimaatakkoord spreekt over ‘woonlastenneutraal’. Hoe dit precies wordt gedefinieerd is een landelijke discussie waar de formatie van het nieuwe kabinet een belangrijk moment in gaat zijn. Uiteindelijk moet een mix aan maatregelen zorgen voor de woonlastenneutraliteit. De SP vroeg wie het verschil betaalt. De wethouder legt uit dat de kaarten eigenlijk herschikt worden. Er wordt bepaald waar, welke kosten landen. Vervolgens gaat de wethouder in op de bewoners en de initiatieven. De Transitievisie Warmte geeft ook voor hen een stip op de horizon. Richting de wijkuitvoeringsplannen is er ruimte om een en ander te preciseren en initiatiefnemers een plek te geven. De PvdA en de D66 vroegen of initiatieven nog meer ondersteund zouden kunnen worden. Dit kan. Er is bijvoorbeeld net geoefend met de Expeditie Warmte. Een project als dit dient vervolgens te worden omgezet naar een soort standaard manier van werken. D66 vroeg of initiatieven aan goede aanbieders geholpen kunnen worden. Hier kan naar gekeken worden, al is het soms voor de gemeente ook nog niet helder wat betrouwbare aanbieders zijn. De PvdD vroeg hoe mensen duidelijk gemaakt kan worden dat zij het heft in eigen handen kunnen nemen. De ervaring van de wethouder is, dat dit behoorlijk vanzelf gaat.

Als het enigszins kan helpt de gemeente vervolgens mee door onderzoek en kennis. Dan de vraag hoe individuele bewoners worden betrokken. Bij de stukken bij de Transitievisie Warmte is te zien op hoeveel manieren mensen betrokken zijn. Voor elke wijk dient specifiek gekeken te worden hoe de mensen bereikt kunnen worden. De SP vroeg hoe draagvlak gecreëerd wordt. Er wordt geprobeerd om keuzes te maken die voor mensen hanteerbaar en realistisch zijn. Pagina 16 van 44

5

Vervolgens de onderwerpen duurzaamheid en bronnen. GroenLinks vroeg hoe 2030 en 2040 bij elkaar worden gebracht. Dit is een moeilijk punt. De stadsverwarming ligt bijvoorbeeld in handen van Eneco. Het college zal met Eneco in gesprek gaan. Eerder is een routekaart gemaakt en deze is toen naar de raad gegaan. Deze zal geactualiseerd worden. Verder zijn er vragen gesteld over biomassa. In de toekomst is het de bedoeling dat biomassa uit de dagelijkse productie gaat en alleen wordt ingezet tijdens de pieken. De wethouder kan hier nog geen datum aan verbinden. In de nieuwe routekaarten zal wel te zien zijn wanneer dit gaat plaatsvinden.

10

De heer Van Heuven (PvdD) vraagt wanneer de wethouder wil dat biomassa wordt verplaatst naar de piekmomenten.

15

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat in het coalitieakkoord staat, dat in 2030 een en ander helemaal duurzaam moet zijn. Hier liefst wordt er dan geen of zo weinig mogelijk biomassa gebruikt. De warmtevraag is nu eenmaal niet constant. Zij vervolgt haar bijdrage met de vraag van GroenLinks over hoe wordt voorkomen dat de palletkachel als alternatief wordt gekwalificeerd voor collectieve warmte. In de afweging moet gekeken worden hoe die op een goede manier een rol krijgt. De heer Wijmenga vroeg of duurzaamheid over de hele keten bezien kan worden. Er wordt gekeken naar het samenspel van de bronnen en het vastgoed.

20

25

30

De wethouder vervolgt met het blokje warmteordening en Eneco. GroenLinks vroeg of een gemeentesysteem voorstelbaar is en of bewoners een rol kunnen spelen. Er lopen nu intensieve gesprekken met de Rijksoverheid over de concept Warmtewet. Hierbij gaat het over hoe de marktordening eruit ziet en wat een plek is voor private bedrijven en voor publieke of coöperatieve elementen. D66 en GroenLinks vroegen of iets gedaan kan worden met de publieke waarden richting het bestaande net. Dit kan alleen op basis van vrijwilligheid. De VVD vroeg waarom er niet meer belangstelling is en waarom er niet meer leveranciers zijn. Dit komt doordat warmte niet goed is te vervoeren. Daarnaast zit bij stadswarmte de leverantie en de infrastructuur aan elkaar vast. Bij gas en elektra is dat gesplitst. De infrastructuur is eigenlijk de bulk van het systeem, ook in kosten. Elke andere aanbieder denkt dat er niet nog een hele andere stadsverwarming naast gelegd wordt. Dit zou niet uit kunnen. De PvdD en de SP maken zich zorgen over de monopolypositie van Eneco. Dit is terecht en voorstelbaar. Er wordt geprobeerd om in de Warmtewet een stevigere positie voor gemeenten te organiseren. Verder zal elke keer opnieuw gekeken worden of een en ander ook anders kan.

35

40

45

50

55

Ten slotte gaat de wethouder in op een aantal losse vragen. De SP had een interessante vraag over koude. Bij het net van het Beurskwartier is er een hele mooi combinatie. Zover de kennis reikt, is de combinatie met koude er nog niet in combinatie met hoge temperatuur. Technisch bezien, is een en ander dus nog niet beschikbaar. Student&Starter vroeg of de bredere baten voor de stad in beeld gebracht kunnen worden. In deel 2 kan dit onderwerp wordt aangestipt. De VVD vroeg hoe gemonitord kan worden. Rond deze tijd verschijnt de voortgangsrapportage Energie. De wethouder verwijst ook naar de jaarstukken. De heer Van Dalen (VVD) vraagt hoe ervoor wordt gezorgd dat de vinger aan de pols wordt gehouden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat heel intensief contact wordt gehouden met collega’s in het land. Zij vervolgt met het onderwerp bedrijventerreinen. De ChristenUnie vroeg of er nu een soort eilandjes gaan ontstaan van allerlei verschillende oplossingen. De wethouder begrijpt de zorg maar wijst erop dat ook voor de woonwijken waar de uitkomst niet eenduidig is, een en ander nog niet is vastgepind. Er wordt anders een te groot risico gelopen dat men mis zit. Tegelijkertijd is het goed om te beginnen en te oefenen. De heer Wijmenga (ChristenUnie) vraagt of de uitgangspunten die voor de warmtevisie worden vastgesteld, ook gelden voor de bedrijventerreinen.

Of wordt een en ander per geval bekeken? Wethouder Van Hooijdonk zegt dat voor bedrijventerreinen grotendeels hetzelfde geldt. Betaalbaarheid is daar niet het grootste vraagstuk. Robuustheid wel. Het CDA vroeg hoe de ondernemers worden ondersteund. Hier is een bedrijvenloket voor.

60 Pagina 17 van 44

De voorzitter constateert dat de tweede termijn ingaat.

5

10

15

20

25

30

De heer Van Heuven (PvdD) vindt het fijn dat de wethouder het Actieplan Besparen interessant vindt en daarmee aan de slag wil gaan. Wat is de status van het actieplan? Wordt het geïntegreerd in deel 2 en wordt het een plan per wijk? Verder vraagt hij of het college een voorkeur kan uitspreken met betrekking tot de bronnen die het meest interessant en meest duurzaam worden gevonden. De heer Schreuder (D66) denkt na over hoe bewonersinitiatieven gesteund kunnen worden. Misschien kan een stapje extra worden gezet. Verder heeft de gemeente onderzocht dat hoge temperatuur warmtenet uitbreidingen niet economisch haalbaar zijn. Tegelijkertijd heeft de partij het signaal gekregen dat in twee andere grote steden recentelijk aanbestedingen zijn gewonnen door niet de beheerder van de hoge temperatuur warmtenetten. Is er iets veranderd in de markt? Mevrouw Heijne (GroenLinks) is blij met de beantwoording van de wethouder. De wethouder wil kijken naar de rol van de gemeente in een publiek net en rondom lokaal eigenaarschap. Zij denkt nog na over een motie. De heer Işik (PvdA) geeft aan dat hij een motie overweegt die ervoor zorgt dat de regierol van de gemeente zo wordt ingezet dat er grondige bewonersparticipatie plaatsvindt en de monopolypositie van Eneco wordt beperkt. De heer Van Steeg (CDA) dankt de wethouder voor haar antwoorden.

Het is ook fijn dat de wethouder aan de slag gaat met het initiatief in Hooggraven. Verder kijkt hij naar hoe bewonersinitiatieven meer ruimte kunnen krijgen. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) dankt de wethouder voor haar beantwoording. Verder ziet de partij graag gedragsbeïnvloeding en de maatschappelijke baten terugkomen in het actieplan. Met betrekking tot betaalbaarheid zou de fractie graag een brief krijgen over waar nu precies op ingezet gaat worden. Tot slot de vraag hoe ervoor wordt gezorgd dat de forse investeringen niet zomaar worden afgewenteld op de kwetsbare huurders. De heer Van Dalen (VVD) merkt op dat de VVD zich zorgen maakt over een aantal zaken. Er zal gekeken worden of kan worden bijgestuurd met een motie.

35

40

45

Mevrouw Van Hooijdonk gaat in op een actieplan. Dit betreft een toezegging. Het actieplan komt niet in deel 2. Het zal komen in het eerste kwartaal van 2022. Er kan ook aandacht worden besteed aan gedragsverandering. Tegen mevrouw Sturkenboom zegt zij, dat ervoor allerlei situaties een soort standaard inzicht wordt gemaakt. Met betrekking tot het afwentelen van investeringen op huurders merkt zij op, dat erbij corporaties goede afspraken over zijn. Mevrouw Sturkenboom vroeg of er een brief gestuurd kan worden over betaalbaarheid. Dit vindt de wethouder een goed idee. Deze komt voor de zomer in het tweede kwartaal of net na de zomer in het derde kwartaal. De heer Van Heuven vroeg naar de bronnenstrategie. Zij kan niet meer beloven dan er is. Het college gaat er niet over en de nieuwe wet geeft het college ook geen instrument in handen. Er zal wel met Eneco gekeken worden naar de herijking van de bestaande routekaart. Deze kan de raad tegemoet zien. De heer Van Heuven (PvdD) vraagt wat de visie is van het college op bronnen. Kan het college hier werk van maken?

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat zij geen behoefte heeft om werk te maken van iets waar zij vervolgens niets mee kan. Het zou zonde zijn van de inzet van de medewerkers. Zij wil wel een bijsluiter schrijven bij de routekaart van Eneco. De wethouder vervolgt haar bijdrage. D66 zocht zekerheid voor initiatieven. Dit is een pioniersfase. Tegelijkertijd is het belangrijk om goed te kijken naar hoe initiatieven ondersteund kunnen worden. Tot slot de economische haalbaarheid. De wethouder weet niet welke voorbeelden de heer Schreuder bedoelt. In andere steden zijn wel uitbreidingen van bestaande netten maar dit betreffen dezelfde aanbieders. De voorzitter constateert dat dit agendapunt als B-punt naar de raad gaat. Er zal een uur bespreektijd worden uitgetrokken. Zij herhaalt de toezeggingen. Pagina 18 van 44

Wethouder Van Hooijdonk informeert de commissie voor de zomer over de inzet van de gemeente bij het Rijk inzake de betaalbaarheid van de energietransitie. Wethouder Van Hooijdonk informeert de commissie in het eerste kwartaal van 2022 per brief over het Actieplan Besparen met aandacht voor gedragsverandering. 5 De wethouder schorst de vergadering voor tien minuten.

7. Warmteplan Beursgebied 10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De voorzitter constateert dat dit plan ervoor zorgt dat de ruimte in de bodem en de benutting van de energie, op een collectieve manier kan worden benut. Het warmteplan geeft aan dat een collectief warmtekoudeopslag (WKO)-systeem het meest duurzame en realiseerbare energiesysteem is voor het Beursgebied. De heer Wijmenga (ChristenUnie) dankt voor het voorstel en dankt de ambtenaar voor het beantwoorden van de vragen. Hij gaat in op het onderwerp betaalbaarheid. In dit voorstel is dit onderwerp niet terug te zien. Uit navraag is gebleken dat het college wel ideeën heeft over hoe op de betaalbaarheid gestuurd kan worden. Er blijken vier knoppen te zijn om aan te draaien maar in het voorstel kan de ChristenUnie de inzet van het college niet opmaken. Wat is de inzet van het college? Wil het college sturen op een maximum tarief dat ligt op 80% van de tarieven die de autoriteit Consumentenmarkt vaststelt? Of zijn er andere manieren om de betaalbaarheid te garanderen? Kan een en ander hieromtrent in het voorstel worden opgenomen? Vervolgens gaat de heer Wijmenga in op de energieprestatie. Het lijkt erop dat er niet vooraf een bepaalde energieprestatie wordt uitgevraagd. De ChristenUnie denkt dat er geen biedingen moeten worden geaccepteerd die niet aan een bepaald niveau van energieprestatie voldoen.

Mevrouw Heijne (GroenLinks) dankt voor het voorstel en voor de beantwoording van de vragen. GroenLinks is enthousiast over dit voorstel. Het is een plan voor duurzame warmte op lage temperatuur. De warmte is lokaal aanwezig, er wordt gewerkt met een bewezen techniek en de regie ligt bij de gemeente. Dit is hoe GroenLinks het graag ziet. Het is ook mooi dat grootverbruikers worden aangesloten op het net. Verder blijkt uit de beantwoording van de technische vragen dat er allerlei prikkels zijn om steeds beter te presteren op het gebied van duurzaamheid. Hoe wordt dit gemonitord en gecontroleerd? Ten aanzien van de kosten voor gebruikers merkt GroenLinks op aan te sluiten bij het punt dat de ChristenUnie hierover heeft gemaakt. Met betrekking tot de risico’s in verband met de kosten voor mensen die aansluiten bij het WKO-systeem, vraagt GroenLinks wat er gebeurt als er onverhoopt veel mensen zijn die niet aansluiten. Tot slot is het goed om geleerde lessen mee te nemen in de vervolgstappen die worden gezet in de energietransitie in de rest van de stad. Hoe worden die verzameld? De heer Van Steeg (CDA) dankt de andere raadsleden voor het delen van antwoorden op vragen die zijn gesteld. Verder is de kaart van het warmteplan uitgebreid. Kan de wethouder aangeven waarom dit is gebeurd? Dan de betaalbaarheid. De heer Wijmenga heeft hier al goede vragen over gesteld.

Er is geen verplichting om aan te sluiten. Dit heeft consequenties voor de betaalbaarheid voor mensen die wel aangesloten zijn. En wat zijn de consequenties voor mensen die niet direct aansluiten? De heer Işik (PvdA) zegt dat de PvdA-fractie positief staat tegenover het plan maar nog wel een aantal vragen heeft. Allereerst een vraag over de beslispunten 2 en 3. Het college wil de bevoegdheden uitbreiden. De fractie staat hier positief tegenover mits het college de raad informeert over wanneer gebruik wordt gemaakt van de bevoegdheden en in welke hoedanigheid. Kan het college dit toezeggen? Ten tweede sluit de fractie aan bij de vraag van de ChristenUnie over de betaalbaarheid. Hoe wordt de betaalbaarheid van de warmtelevering gewaarborgd? Ten derde dient diegene die de warmte aanbiedt aan allerlei duurzaamheidseisen te voldoen. Hoe verhoudt dit zich tot de betaalbaarheid? En hoe stimuleert het college de betaalbaarheid in de stad? Ten vierde heeft de concessie een looptijd van dertig jaar. Is dat niet te lang? Ten vijfde bestrijkt het warmteplan een vrij groot gebied. Waarom is gekozen voor de genoemde omvang? Kan niet een marktpartij worden benaderd voor kleinere aanbiedingen? Graag een reactie. Ten zesde vraagt de PvdA waarom is gekozen voor een aanbesteding.

De heer Schreuder (D66) sluit aan bij het enthousiasme over het warmtesysteem en deelt de zorgen over de betaalbaarheid. Verder zijn er publieke randvoorwaarden gegeven. Hoe kijkt de Pagina 19 van 44

wethouder hier tegenaan? Vervolgens deelt D66 de scepsis over de punten 2 en 3. Graag een reflectie van de wethouder op zij een en ander voor zich ziet. 5

10

15

20

25

30

De heer Van Heuven (PvdD) vraagt zich af wat de wethouder ervan vindt als gewerkt wordt met klimaatneutraal bouwen als minimum. Zou dit mogelijk zijn? Ten aanzien van de mandatering merkt de PvdD op, benieuwd te zijn naar te terugkoppeling naar de raad als het gaat om bomenkap. Nog liever krijgt de fractie de toezegging dat als het college gemandateerd wordt, dat er geen boom gekapt wordt voor het warmtesysteem. Wethouder Van Hooijdonk gaat in op de betaalbaarheid. Hier is een strategie voor maar zij begrijpt goed dat een aantal raadsleden zeggen deze niet terug te zien in het raadsvoorstel. De wethouder stelt voor de strategie in het raadsvoorstel te verwerken. Er komt dan een strekt ter vervanging. Verder zijn er inderdaad vier prijscomponenten en een bedrijf zal altijd een businesscase maken met deze vier prijscomponenten. Het college wil permanent sturen op de kosten in de hele looptijd. Dit kan door het vastrecht wat naar beneden te brengen en het variabele tarief de maximale ruimte te geven. Er wordt dan aangegeven dat koude gratis is en de concurrentie in de aanbesteding vindt dan plaats op de bak. Hierdoor ontstaan gegarandeerde prijzen. De wethouder geeft aan dat dit vastgelegd kan worden in het raadsvoorstel. De heer Wijmenga (ChristenUnie) ziet dit graag in het raadsvoorstel tegemoet.

Wethouder Van Hooijdonk vervolgt haar beantwoording met het onderwerp energieprestatie. Bij dit onderwerp vindt ook concurrentie plaats. Het idee is, dat het beste aanbod wint. Op het moment dat de bieding binnen is wordt een en ander vastgelegd en mandateert de raad het college. De partij wordt dan aan zijn eigen bieding gehouden om vervolgens in de loop van de tijd op een en ander te kunnen sturen. Er zal dus worden gemonitord en wel door een gecertificeerd instituut. De PvdD vroeg of een en ander ook klimaatneutraal kan zijn. Dit is om twee redenen ingewikkeld. Ten eerste omdat de warmtevoorziening in de markt wordt gezet maar niet de gebouwen. De partij die geselecteerd wordt kan dus geen invloed uitoefenen op het gebouw. Aan deze partij kan daardoor niet gevraagd worden om het gebied klimaatneutraal te maken. Ten tweede kan qua elektriciteit dit gebied niet voor zichzelf zorgen. Ruimtelijk gezien is er niet voldoende oppervlakte om in de eigen behoefte te voorzien. De heer Van Heuven (PvdD) denkt dat het goed is om een bodem te benoemen.

35

40

45

50

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat een bodem suggereert waar de gemeente op mikt. Bedrijven kunnen wellicht beter dan dat. Het systeem dat wordt ingezet, zorgt er juist voor dat partijen gestimuleerd worden om alles uit zichzelf te halen. Vervolgens twee vragen die gingen over het gebied. Tegen de heer Van Steeg zegt de wethouder, dat, ten opzichte van het vorige plan, het aantal ontwikkelingen is toegenomen. De Jaarbeurs gaat zelf aan de slag en de Kruisvaart en het Lombokplein zijn erbij genomen. Een groter systeem is waarschijnlijk aantrekkelijker voor marktpartijen. Ten aanzien van bestaande partijen, zoals de NS, kan een en ander worden gecombineerd. De heer Işik vroeg of het gebied niet kleiner kan. Het college denkt dat een en ander daar niet beter van wordt. Een aantal kosten moet nu eenmaal gemaakt worden in verband met onderzoek en uitwerking. Als het gebied groter is, dan is dit voordeliger. Verder vroegen mevrouw Heijne en de heer Van Steeg wanneer iets een goed alternatief is en er onder de verplichting wordt uitgekomen. Mevrouw Heijne vroeg of een en ander dan duurder wordt voor de rest. Dat is niet aan de hand. Het WKO-systeem is lokaal en veel meer modulair. Modules kunnen op en af worden geschakeld en dit heeft voor de andere modules qua kosten niet een enorm grote invloed.

De heer Van Steeg vroeg of een goedkoper alternatief gekwalificeerd mag worden als een beter alternatief. Hier wordt niet voor gekozen. Er wordt geprobeerd om de deur dicht te zetten naar de relatief makkelijke optie van de hoog temperatuur verwarming van Eneco.

55

De heer Van Steeg (CDA) begrijpt dat als er een goedkoper alternatief is maar minder duurzaam, dat er hier geen gebruik van kan worden gemaakt.

60

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit theoretisch bezien zo is. Dit is overigens een bepaling die in de concept Warmtewet staat. Verder had mevrouw Heijne het over lessen leren. Er zullen zeker lessen worden geleerd. Zo worden er bijvoorbeeld lessen uitgewisseld met andere G4-steden die met soortgelijke projecten bezig zijn. De PvdA vroeg nog naar het waarom van een Pagina 20 van 44

5

10

aanbesteding. De wethouder weet niet zo goed wat het alternatief is. De PvdD vroeg naar de bomen. Het hele gebied gaat op de schop. Speciaal voor de warmtevoorziening is er geen bomenbeleid maar wel voor de gebiedsontwikkeling als geheel. Dan de vraag over de twee beslispunten. Het college wil niet aan de voorkant de energieprestatie vastleggen omdat het de bedoeling is om de markt uit te dagen. Als er een aanbieding is, dan dient een en ander te worden vastgelegd en dit is een soort administratieve handeling. Het zou een soort werkverschaffing zijn om hiermee naar de raad te komen. Het andere beslispunt is ook een vrij administratief punt. Dit heeft met de inwerkingtreding te maken. Tot slot vroeg de heer Schreuder naar de publieke waarde. De sturing op de tarieven en de publieke waarde zullen goed verankerd worden in het raadsvoorstel. Er volgt een strekt ter vervanging. De voorzitter constateert dat de tweede termijn ingaat.

15

De heer Schreuder (D66) dankt de wethouder voor haar toezegging. Hoe wil de wethouder de raad meenemen in de uitwerking? Mevrouw Heijne (GroenLinks) kijkt uit naar de strekt ter vervanging. Verder wil zij ook graag een terugkoppeling krijgen rondom de administratieve handelingen.

20

25

De heer Wijmenga (ChristenUnie) ziet uit naar de strekt ter vervanging. Dit agendapunt kan als B-punt naar de raad. Wethouder Van Hooijdonk denkt dat het goed is om de raad te informeren als de aanbesteding heeft plaatsgevonden. Er kan dan teruggekoppeld worden wat daar is uitgekomen in relatie tot de twee beslispunten. De voorzitter constateert dat dit agendapunt als B-punt naar de raad gaat en dat een kwartier uitgetrokken wordt voor de bespreking. Zij herhaalt de toezegging en schorst de vergadering om 17.25 uur.

30

35

Toezeggingen Wethouder Van Hooijdonk zal met betrekking tot agendapunt 6, Transitievisie Warmte deel I • de commissie voor de zomer informeren over de inzet van de gemeente bij het Rijk inzake de betaalbaarheid van de energietransitie. • de commissie in het eerste kwartaal van 2022 per brief informeren over het Actieplan Besparen met aandacht voor gedragsverandering.

40 zal met betrekking tot agendapunt 7, Warmteplan Beursgebied: • de raad informeren over de afhandeling van de aanbesteding van het warmte- en koudesysteem (beslispunten 2 en 3 van het raadsvoorstel). 45

50

55

60 Pagina 21 van 44

5

10

Verslag openbare avondvergadering commissie Stad & Ruimte Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

29 april 2021 Digitaal, via Zoom Remko Schotsman (Notuleerservice Nederland) 27 mei 2021

Aanwezigen 15

20

De voorzitters, mevrouw C. van Dun en mevrouw A. Podt (D66), de wethouders, de heer E. Eerenberg, de heer K. Verschuure, en de leden, mevrouw J. Zwinkels (CDA), de heer J. Wijmenga (ChristenUnie), de heer J. Schreuder (D66), de heer B. Işik (PvdA), mevrouw R. Heijne (GroenLinks), mevrouw L. Snippe (PvdD), mevrouw F. de Koning (GroenLinks), de heer T. Schipper (SP), de heer M. van Dalen (VVD), mevrouw A. Sasbrink (PvdD), de heer I. Şimşek (Denk), de heer M. Spil (Stadsbelang Utrecht), de heer R. Wiegant (SP), de heer D. Bosch (PVV) en mevrouw T. Sturkenboom (Student&Starter). Van de griffie zijn aanwezig mevrouw E. Hamelink (Commissiegriffier) en de heer F. de Kok (Commissiegriffier). Tevens aanwezig zijn ambtelijke vertegenwoordigers van gemeentelijke afdelingen.

25

Verslag vergadering Commissie Stad & Ruimte, avond

30

8. Raadsvoorstel Zienswijzemogelijkheid ontwerp Programmabegroting Regionale uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) 2022 ........................................................................................... 22 9. Locatie nieuwbouw Ronald McDonald Huis ............................................................................... 27 LIJST VAN TOEZEGGINGEN .................................................. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. De voorzitter, mevrouw Van Dun, heropent de vergadering om 20.00 uur. Voor het Raadsvoorstel Zienswijzemogelijkheid ontwerp Programmabegroting Regionale uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) 2022 is 45 minuten gereserveerd.

35

8. Raadsvoorstel Zienswijzemogelijkheid ontwerp Programmabegroting Regionale uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) 2022 40

Mededelingen Pagina 22 van 44

De wethouder heeft geen mededelingen.

5

10

15

20

25

Mededelingen De raadsleden hebben geen mededelingen. De voorzitter deelt mee dat de Regionale uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) de ontwerp Programmabegroting voor het jaar 2022 aan de raad voor zienswijze heeft voorgelegd. Het college heeft een conceptreactie gemaakt die wordt besproken. Het agendapunt wordt in twee termijnen besproken. Eerste termijn De heer Van Dalen (VVD) geeft aan dat de raad kritisch is op de RUD en dat de wethouder laat zien dat hij dat ook is. Tijdens de vorige bespreking werd al duidelijk dat de raad zich zorgen maakt over de kosten van het ontwikkeltraject. Er is geen rekening gehouden met deze kosten en gevraagd wordt hoe dat zit en hoe de wethouder dat nog meer onder de aandacht gaat brengen. Spreker meent dat dit wellicht duidelijker in de brief kan worden verwoord. De extra kosten voor de invoering van de Omgevingswet staan ook niet in de Programmabegroting. Door het uitstellen van het invoeren van de Omgevingswet is er nu een overschot. De VVD vindt het vreemd dat er volgens de raadsbrief geen rekening met de extra kosten wordt gehouden omdat deze wel gemaakt gaan worden. Spreker meent dat dat ook wat duidelijker en wat strenger in de brief zou kunnen worden verwoord. De raad en het college hebben eerder gezegd dat het de beleidsadviezen zelf wil opstellen en niet wil bijdragen aan de kosten voor beleidsadviezen vanuit de RUD.

Het is prima dat andere gemeenten deze adviezen afnemen, maar Utrecht zou daar niet aan bij hoeven te dragen. De raad heeft hier vervolgens niets meer over gehoord en gevraagd wordt hoe dat zit. Spreker meent dat dit ook de mogelijkheid is voor de wethouder om te kijken naar de uitvoering van de RUD. Gevraagd wordt hoe het zit met de waterzuivering in Overvecht. Spreker vraagt of de RUD daar doet wat het zou moeten doen en of de stankoverlast wordt gemeten. De fractie hoort nog steeds van bewoners dat er stankoverlast is en vraagt zich af of het gevoel voor urgentie er nog wel is.

30

35

40

45

50

55

60

Mevrouw Heijne (GroenLinks) stelt dat in de brief alleen wordt gevraagd naar de kosten van het ontwikkeltraject en de extra kosten voor de Omgevingswet en sluit wat dat betreft aan bij de heer Van Dalen. Het valt spreker op dat er alleen wordt gevraagd naar de kosten van het ontwikkeltraject en gevraagd wordt hoe dit traject vordert. Hier is eerder over gesproken, er zijn schriftelijke vragen over gesteld en in de uitgebreide beantwoording stond dat de raad in Q1 verder geïnformeerd zou worden. De raad heeft hier echter nog niets van gezien. Spreker vraagt of de wethouder de raad meer inzicht kan geven in de ontwikkelingen in dit traject, de resultaten en hoe het er in de ogen van het college mee gaat. Gevraagd wordt of de onzekerheid met betrekking tot de kosten voor de invoering van de Omgevingswet uitsluitend te maken heeft met de uitvoering van de bodemtaken en of er al meer duidelijkheid is over de financiering van deze taken door het Rijk. Spreker vraagt hoe groot het risico voor de gemeente Utrecht is. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) sluit aan bij de punten die zijn gemaakt door de VVD en GroenLinks. Het mag, gezien het traject Samen op weg, wel wat steviger.

De raad loopt hier al wat langer tegen aan en in de ontwerpbegroting staat er best al wat informatie over de rode en blauwe competenties en spreker meent dat er voldoende informatie moet zijn voor de raad om zicht te hebben op de mogelijke kosten. Spreker vraagt naar de vorderingen in het traject. Gevraagd wordt wat de Omgevingswet en de impact met zich meebrengt met betrekking tot de financiën. De kosten zijn nu lager vanwege minder huisvesting en spreker vraagt of dat in de toekomst ook zo zal zijn. Spreker vraagt hoe de samenwerking met de andere omgevingsdienst zal zijn. Spreker meent dat er onderling afgestemd moet worden en vraagt hoe dat financiële plaatje er uit gaat zien. De heer Wijmenga (ChristenUnie) geeft aan bij de vorige sprekers te proeven dat de kosten een punt van aandacht zijn. Bij de behandeling van het raadsvoorstel over De Trip is gevraagd naar de mate waarin Utrecht zelf nog controle uitoefent op de RUD. Spreker meent dat de raad vindt dat het wat scherper kan maar dat het de RUD ook kort wil houden op het budget. In de begroting is wat lichte loon- en prijscompensatie te zien en een extra project als energiecontroles maar verder wijzigt er weinig. De stad groeit echter en spreker vraagt of er niet een herziening van het uitvoeringsplan moet komen en of er geen geld bij moet om de ambities te kunnen verwezenlijken. Pagina 23 van 44

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer Van Dalen (VVD) stelt dat de kosten die hij besprak andere kosten zijn dan voor het afnemen van meer diensten. Spreker begrijpt dat als er meer handhaving wordt gevraagd er ook meer kosten. De kosten voor de invoering van de Omgevingswet zijn echter al bekend, maar zijn niet meegenomen. Dat zou wel verwacht mogen worden. Daarnaast meent spreker dat de zorgen over het ontwikkeltraject ook terecht zijn. Mevrouw Heijne (GroenLinks) meent dat de heer Wijmenga terecht opmerkt dat als er meer diensten worden afgenomen, er ook meer kosten zijn. Het punt dat spreker en de heer Van Dalen echter maakten is dat er onduidelijkheid is over de kosten van het ontwikkeltraject en van de invoering van de Omgevingswet en dat deze niet zijn opgenomen. Spreker vraagt hoe de heer Wijmenga daar tegen aan kijkt en of hij het er mee eens is dat dat niet chique is. De heer Wijmenga (ChristenUnie) antwoordt het met mevrouw Heijne en de heer Van Dalen eens te zijn dat de raad kritisch moet zijn op waar het geld aan uitgegeven wordt. Bij deze Gemeenschappelijke Regeling, zoals ook bij andere Gemeenschappelijke Regelingen gaat de discussie in de raad over de kosten en niet over wat je er voor krijgt. Het zou spreker wat waard zijn om eens met het college van gedachten te wisselen over wat de ambities zijn met betrekking tot de RUD. Dat ziet spreker in deze begroting niet terug.

Spreker stelt dat als er beknibbeld blijft worden terwijl er ook ambities uitgesproken blijven worden dit op een gegeven moment gaat wringen. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) stelt dat dit een goede uitnodiging is van de heer Wijmenga en dat dit ook in de brief aangestipt zou kunnen worden. De wethouder zou dit kunnen combineren met het bijpraten van de raad over Samen op weg. De heer Wijmenga (ChristenUnie) geeft aan de afgelopen periode met de landelijke omgevingsdienst aan de slag te zijn geweest en te hebben bijgedragen aan een rapport daarover. Spreker stelt dat een belangrijk punt daarbij de omvang van het werkgebied is. In Utrecht is deze verdeling vreemd met de RUD en de ODRU die ieder twee kwarten hebben met gebieden die niet op elkaar aansluiten. Spreker heeft zich in 2015 kritisch geuit over de samenwerking omdat de ODRU op zwart zaad zat. Dat is nu verbeterd. In de ontwerpbegroting staat voorzichtig geformuleerd dat de wens is om de samenwerking te intensiveren. Spreker meent dat het opportuun zou zijn als het college in de zienswijzebrief opneemt dat de gemeente de samenwerking toejuicht en op termijn voorziet dat ODRU en RUD samengaan. Dat zou ook een besparingsmogelijkheid op de overheadkosten kunnen opleveren. Er zijn nu twee organisaties die in een relatief kleine provincie hetzelfde werk aan het doen zijn en samengaan ligt voor de hand.

Het college wordt om een reactie gevraagd. De heer Schreuder (D66) geeft aan een en ander in de beantwoording van zijn schriftelijke moeilijk met elkaar te kunnen rijmen. Spreker heeft het gevoel dat het met betrekking tot de Pro Memorieposten nog niet helemaal in orde is. Spreker leest enerzijds in de brief dat er tegen de taakverdeling aangekeken wordt en maatwerk, en couleur locale en anderzijds dat het herzien ergens van dubbel werk is en vindt dit moeilijk met elkaar te rijmen. Spreker geeft aan te wachten op de harmonisatie en stelt niet te zien dat de gevolgen daarvan al in de projectgroep verwerkt zijn. Spreker zou graag in een informatiebijeenkomst willen uitdiepen hoe de taken tussen de RUD en de gemeente worden verdeeld. De fractie heeft vorig jaar bij de bestuursrapportage uitgesproken dat er verbetering verwacht werd en spreker ziet dit nog niet helemaal terug. De wethouder wordt gevraagd of hij wel stappen in de goede richting ziet. Spreker sluit aan bij de vraag van GroenLinks wat Kleur bekennen en Samen op weg precies gaat betekenen. Er staat beschreven dat er meer met de ODRU samengewerkt gaat worden. Spreker is bezorgd over de bestuurlijk spaghetti die gecreëerd wordt.

Het is voor de raad al moeilijk om één Gemeenschappelijke Regeling te controleren en als een Gemeenschappelijke Regeling gaat samenwerken met een andere Gemeenschappelijke Regeling, dan wordt het wel heel lastig om toezicht te houden als gemeenteraad. De wethouder wordt gevraagd toe te lichten hoe dat vorm gaat krijgen.

60 Pagina 24 van 44

De heer Wijmenga (ChristenUnie) vraagt hoe D66 aankijkt tegen een samenvoeging, dan wordt het weer één Gemeenschappelijke Regeling. 5

De heer Schreuder (D66) geeft aan het interessant te vinden om dat te verkennen. Spreker heeft de gevolgen daarvan nu niet in beeld en kan dus ook niet antwoorden of hij openstaat voor een samenvoeging.

10

De heer Wiegant (SP) sluit aan bij de vragen van de VVD over de waterzuivering. De stankoverlast lijkt de laatste tijd alleen maar toe te zijn genomen en spreker vraagt wat de wethouder daar van denkt. Spreker geeft aan zich zorgen te maken over het uitbreiden van het takenpakket van de RUD. Er wordt door raden en de provincie steeds meer om toezicht gevraagd en het budget lijkt niet mee te stijgen. De wethouder wordt gevraagd hoe hij deze discrepantie ziet en of de begroting niet te rooskleurig is.

15

20

25

30

Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan tevreden te zijn met de zienswijze. De fractie snapt dat het college er niet voor kiest om de gehele reorganisatie bij de RUD aan te halen, omdat dat op een later moment komt. De fractie was ook verbaasd dat de structurele kosten, die bekend zijn, niet in de ontwerpbegroting zijn opgenomen. Er wordt in het stuk geschreven over frictiekosten in verband met een verschuiving van bodemtaken van de provincie naar de gemeenten en de wethouder wordt gevraagd wat dat inhoudelijk betekent. De heer Işik (PvdA) sluit aan bij de opmerkingen van de VVD en de SP met betrekking tot de waterzuivering. Spreker vraagt naar de stand van zaken op dat gebied. Gevraagd wordt hoe het gaat met de kosten van de Omgevingswet in relatie tot corona. Spreker heeft begrepen dat de weerstandscapaciteit van de RUD ongeveer 973.000 euro is en vraagt of dat gezien de maatschappelijke opgave en toenemende taken voldoende is om een klap te kunnen opvangen. Een aantal activiteiten is niet uitgevoerd en het college praat over een positief financieel resultaat. Voor spreker betekent een positief financieel resultaat dat er ergens extra geld is binnengekomen. Nu zijn activiteiten niet uitgevoerd die op een bepaald moment wel uitgevoerd zullen moeten worden, met de bijbehorende kosten. Spreker meent dat de term positief financieel resultaat in dat kader niet passend.

Mevrouw Snippe (PvdD) sluit aan bij de vragen van de VVD en de SP over de waterzuivering.

35

40

45

50

55

Wethouder Eerenberg dankt de sprekers voor hun vragen en suggesties. De wethouder omarmt de suggestie van de heer Wijmenga om in de vorm van een informatiebijeenkomst over een aantal grote ontwikkelingen die spelen zoals de relatie tussen de RUD en de gemeente, de implementatie van de Omgevingswet en wat dat van de RUD vraagt, de toekomstvisie van de RUD en wat de ambities van de gemeente betekenen voor de afspraken die met de RUD zijn gemaakt. Voor de informatiebijeenkomst kan ook externe expertise worden georganiseerd. De heer Wijmenga verwees al naar het rapport van de Commissie Van Aartsen die kritische noten plaatst bij het functioneren van de RUD’s en dit zou ook in de informatiebijeenkomst meegenomen kunnen worden. De wethouder geeft aan dat als de raad om een dergelijke informatiebijeenkomst vraagt, hij deze graag zal organiseren. Omdat het veel onderwerpen betreft zouden het ook meerdere avonden kunnen worden. De wethouder geeft aan het met de fracties eens te zijn dat de zienswijze wat streng zou moeten zijn omdat een aantal substantiële bedragen onvoldoende of niet verwerkt zijn in de conceptbegroting. De wethouder geeft aan dat hij de raad een aangepaste zienswijze zal doen toekomen waar de woorden daarover wat strenger zijn.

In deze zienswijze kan de datum van 1 september worden verankerd, wanneer het voor de RUD duidelijk moet zijn wat de meerkosten zijn van de implementatie van de Omgevingswet. Er moet dan een plan zijn waarin de werkprocessen uitgewerkt zijn. De RUD zal verzocht worden dat plan met de gemeente te delen. De VVD heeft gevraagd naar de beleidsadviezen. Dit behoort tot de plustaken en daarover is afgesproken dat als deze niet afgenomen worden, er ook niet voor wordt betaald. Dat is het standpunt van de gemeente Utrecht en hoe dit tot op heden werkt. Het ontwikkeltraject, Samen op weg, gaat onder andere over dat er vanuit het perspectief van de RUD inmiddels heel veel plustaken zijn ontstaan en dat afgevraagd kan worden of er door dat aantal terug te brengen een efficiëntere organisatie kan ontstaan.

60 Pagina 25 van 44

De heer Van Dalen (VVD) vraagt of hij met betrekking tot de plustaken kan concluderen dat de RUD concurreert met het bedrijfsleven en verwijst daarbij naar de Wet Markt en Overheid. 5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Wethouder Eerenberg antwoordt dat dat niet uit zijn woorden te concluderen valt. Het gaat vooral om gemeentelijke taken die een aantal deelnemers zelf doen en niet met markttaken. De wethouder vervolgt en geeft aan dat hoe zo met de plustaken om te gaan dat het voorspelbaarder wordt voor de RUD en de deelnemers een dominant onderdeel van het traject is. Een ander onderdeel is harmonisatie. Een vraagstuk daarbij is of werkprocessen bij deelnemers geharmoniseerd kunnen worden, zonder verlies van kwaliteit, zodat de RUD efficiënter wordt waar alle deelnemers van profiteren. Een ander onderdeel is de vraag of de RUD is opgewassen tegen processen die passen bij de huidige tijdsgeest, en politieke sensitiviteit. De heer Işik (PvdA) vraagt of de wethouder kan toezeggen dat het harmoniseren niet ten koste gaat van de kwaliteit. Wethouder Eerenberg antwoordt dat dat een van de randvoorwaarden is. De wethouder heeft in de schriftelijke beantwoording aangegeven dat er na het meireces een uitgebreide brief komt waar in meer detail het proces wordt geschetst, welke vragen het college wil beantwoorden en hoe het beantwoordingsproces er uit ziet. De informatiebijeenkomst past daar ook mooi in en de raad is dan nog in staat om haar kaderstellende rol te vervullen. Een aantal gemeenten heeft er bodemtaken bijgekregen. Deze lagen eerst bij de provincie. Dat geldt niet voor de gemeente Utrecht.

Utrecht deed dit al zelf. De RUD gaat voor de gemeenten voor wie dit nieuw is deze taken uitvoeren. De gemeente Utrecht heeft daar geen behoefte aan omdat de gemeente het zelf op orde heeft. Het is nog niet duidelijk hoe het met de Rijksbekostiging zit. De wethouder heeft hier wel contact over en duidelijk gemaakt dat Utrecht met bijvoorbeeld het Griftpark en de Nedereindse plas plekken heeft die vanuit de historie rechtvaardigen dat het Rijk een bijdrage levert. Het college verwacht bij de eerste bestuursrapportage van de RUD meer te kunnen zeggen over de impact van corona, ook voor de toekomst. Het staat al langer op de agenda van de provincie om te kijken of de RUD en ODRU meer zouden kunnen samenwerken of zelfs zouden kunnen fuseren. De conclusie is dat hier de tijd nog niet rijp voor is, zowel bij de RUD als de ODRU. De eerste verkennende gesprekken hierover beginnen overigens wel plaats te vinden. De gemeente is hier kritisch op, het zal wel moeten bijdragen aan alle benoemde doelen. Richting D66 merkt de wethouder op dat er ook over het thema harmonisatie in de reeds aangekondigde brief zal komen te staan. De wethouder geeft aan dat met betrekking tot de taakverdeling op heel veel plekken wel duidelijk is wat de gemeente doet en wat de RUD doet. Er zijn echter altijd randjes, elke grens is een barrière.

Hier is nooit helemaal aan te voorkomen maar er moet wel naar gestreefd worden dat de barrières minimaal zijn en er moet geleerd van casuïstiek waarin het niet goed loopt. Dit proces van leren zou op de ontwikkelagenda moeten staan meent de wethouder. De wethouder meent dat ten opzichte van een jaar geleden de samenwerking tussen de deelnemers is verbeterd. In de titel Samen op weg zit daarvan al meer verscholen dan in Kleur bekennen. De gemeente blijft echter wel kritisch op de samenwerking met elke verbonden partij en, net als de Commissie Van Aartsen, of de RUD’s wel goed tegen hun taken zijn opgewassen. Gemiste antwoorden De heer Van Dalen (VVD) geeft aan te hebben gevraagd naar de stand van zaken van de waterzuivering in Overvecht. Wethouder Eerenberg licht toe dat de provincie het bevoegde gezag is met betrekking tot de waterzuivering en normering, vergunningen en handhaving. De RUD voert dit namens de provincie uit. De gemeente heeft duidelijk aangegeven dat er echt wel iets aan de hand is in Overvecht. Hier worden veel gesprekken over gevoerd en er zijn ook al fysieke ingrepen geweest. Er is een brief naar de raad onderweg met een update over hoe de provincie, de RUD en HDSR voorwaarts gaan om de geur te beperken. De gemeente zit boven op deze zaak en moedigt paartijen aan maar kan ook niet meer doen dan dat.

Richting de heer Işik merkt de wethouder op dat als de RUD zaken vooruit schuift er nu een positief resultaat is en volgend jaar een vraagstuk. Dat vraagstuk is zojuist besproken. De Pagina 26 van 44

5

10

15

wethouder is het met de PvdA eens dat hij liever een positief resultaat ziet uit de totale exploitatie. De oorzaak van dit resultaat is duidelijk, maar het wordt nu eenmaal een positief resultaat genoemd. De heer Işik (PvdA) geeft aan ook nog gevraagd te hebben naar de weerstandscapaciteit in relatie tot toenemende milieudelicten en de invoering van de Omgevingswet. Wethouder Eerenberg licht toe dat de financiële positie van de RUD kwetsbaar is al is het wel iets verbeterd. De solvabiliteit is wel goed. Er wordt van de RUD verwacht dat ze scherp aan de wind zeilen en dat gebeurt ook. Dat betekent dat er snel naar eigen reserves wordt gekeken bij tegenvallers en niet naar een verhoging van de deelnemersbijdrage. Daar zal iedereen blij mee zijn maar de keerzijde is wel dat je inteert op de financiële positie. De wethouder vindt de situatie kwetsbaar maar niet zorgelijk. Tweede termijn De voorzitter vraagt de leden ook te reageren op het voorstel van de wethouder met betrekking tot een raadsinformatiebijeenkomst. De heer Van Dalen (VVD) geeft aan graag een raadsinformatiebijeenkomst te willen organiseren met de ChristenUnie. Spreker meent dat als de brief goed wordt aangepast dit punt als A-punt door kan naar de raad.

20 De voorzitter merkt op dat er een strekt ter vervanging komt en dat het daardoor een B-punt wordt. 25

De heer Wijmenga (ChristenUnie) meent dat het punt van de samenwerking iets meer voor de lange termijn of middellange termijn is en dat dat niet per se in de brief hoeft te worden opgenomen. Spreker vraagt wat een goede termijn zou zijn voor een raadsinformatiebijeenkomst. Wethouder Eerenberg meent dat het goed is om buiten de orde van de vergadering de agenda’s naast elkaar te leggen.

30 De heer Schreuder (D66) geeft aan blij te zijn dat de taakverdeling wordt uitgediept en meent dat het voor hem waarschijnlijk ook als A-punt door kan naar de raad. 35

De heer Işik (PvdA) dankt voor de uitnodiging voor de raadsinformatiebijeenkomst en stelt dat het als A-punt door kan naar de raad. Mevrouw Heijne (GroenLinks) stelt vanwege de strekt ter vervanging een B-punt van 5 minuten voor. Spreker geeft aan ook de raadsinformatiebijeenkomst mee te willen organiseren.

40

45

De voorzitter stelt vast dat het punt als B-punt van 5 minuten naar de raad gaat en schorst de vergadering om 21.42 uur. Toezegging Raadsvoorstel Zienswijzemogelijkheid ontwerp programmabegroting Regionale uitvoeringsdienst (RUD) Utrecht 2022: Wethouder Eerenberg vraagt de RUD om een plan toe te sturen voor 1 september over de meerkosten van de omgevingswet, en stuurt dit plan in Q3 naar de raad.

9. Locatie nieuwbouw Ronald McDonald Huis 50

55

De voorzitter, mevrouw Podt, heropent de vergadering om 21.45 uur en heet iedereen welkom. Dit punt is geagendeerd door de heer Schreuder, de heer Van Dalen en mevrouw Zwinkels. Op 18 feb heeft de raad de motie Maak afweging locatie Ronald McDonald Huis bij Omgevingsvisie Utrecht Science Park (USP) aangenomen. In deze motie is het college opgedragen om de definitie locatiekeuze van een nieuwe Ronald McDonald Huis onderdeel te laten zijn van het raadsvoorstel over de Omgevingsvisie Utrecht Science Park en hierbij de keuze voor locatie E niet onmogelijk te maken. In de motie heeft de raad ook aan de Provinciale Staten verzocht de contour voor locatie E te verleggen. De Staten hebben zich niet uitgesproken over de locatiekeuze en de gemeenteraad hiervoor eerst aan zet gelaten. Dat is de aanleiding voor de fracties van D66, VVD en CDA om vandaag met de commissie en het college van gedachten te Pagina 27 van 44

5

10

15

20

25

30

35

wisselen over de mogelijke locaties, vooruitlopend aan de Omgevingsvisie die aan het einde van het jaar aan de raad wordt voorgelegd. Ter voorbereiding op dit debat vond op 20 april een raadsinformatiebijeenkomst plaats waarbij door diverse sprekers alle aspecten voor een locatiekeuze naar voren zijn gebracht. De bespreking vindt plaats in één termijn en hiervoor is 2 uur gereserveerd. De heer Schreuder (D66) geeft aan dat er vandaag wordt gesproken over de locatiekeuze voor de herbouw van het Ronald McDonald Huis. Het Ronald McDonald Huis is een fantastische organisatie die van onschatbare waarde in Utrecht is en waarvan het belang en de waarde voor iedereen buiten kijf staat. Toch is de locatiekeuze een zeer moeizaam proces. Het uitgangspunt van D66 is om het belangrijke werk van het Ronald McDonald Huis te steunen en de continuering ervan te verzekeren. In juli 2019 heeft de raad de startnotitie Omgevingsvisie Utrecht Science Park aangenomen. Dit ging met zeer brede steun van vrijwel alle partijen in de raad. Dit was een herbevestiging van een gezamenlijke inzet met de gebiedspartners om dit extreem waardevolle gebied in Utrecht verder te ontwikkelen. Een van de grote ambities in de startnotitie was om het gebied autoluw te maken. Hierbij werd aangemerkt dat verregaande maatregelen noodzakelijk zouden zijn.

Ook is vastgelegd dat de autobereikbaarheid van de ziekenhuizen voor patiënten, personeel en bezoekers als randvoorwaarde meegenomen zou worden. Dit lijkt een logische keuze. De parkeergarage van het UMC wordt verplaatst naar het noorden om het autoverkeer niet meer het gebied in te laten komen. Er staat echter het Ronald McDonald Huis op die locatie. Het gebouw was al te klein geworden voor de vraag naar de functie die het vervult. Daarom moet er naar herplaatsing gekeken worden. Dit is dus naar aanleiding van een ambitie die de raad zelf heeft vastgesteld. Spreker benadrukt dit omdat bij enkele insprekers bij de informatiebijeenkomst hier onduidelijkheid over leek te bestaan. Dit is geen maatregel ten behoeve van meer autoverkeer maar juist om het autoverkeer in het gebied te beperken. Het Ronald McDonald Huis is een thuis voor familieleden, voor ouders, broertjes en zusjes van doodzieke kinderen. Zij verblijven daar soms maanden terwijl het kind in het ziekenhuis verblijft omdat zij niet naar huis durven vanwege de broze gezondheid van het kind en omdat ze dichtbij hun kind of broertje of zusje willen blijven. Ze verblijven daar ook om aan het ziekenhuis te kunnen ontsnappen zodat ze emotioneel en geestelijk kunnen opladen terwijl ze toch dichtbij hun familielid verblijven.

Al deze zaken maken de eisen waar de nieuwe locatie aan moet voldoen ook van zeer grote maatschappelijke waarde. Nabij het ziekenhuis, maar er wel los van. Niet onder de rook van een energiecentrale waarvan de overlast woningbouw zou verbieden. En niet op een afstand die voor een bezorgde ouder die naar het kind snelt een uitdaging zou kunnen vormen of op een afstand waarbij het vele straten moeten oversteken onveilige situaties kan opleveren. Dit is waarom het clusteren van kindzorginstellingen ook een logische en zeer waardevolle keuze is. De beste locatie voor het Ronald McDonald Huis is naast de kinderziekenhuizen die om overduidelijke redenen ook naast elkaar geplaatst zijn. Voor D66 is dit een belang dat zwaar weegt.

40

45

50

55

De heer Wijmenga (ChristenUnie) meent dat niemand de maatschappelijke waarde ontkent van het Ronald McDonald Huis en dat de clustering van het Prinses Máxima Centrum en het WKZ juist ook is ingegeven omdat zij faciliteiten met elkaar delen. Voor het Prinses Máxima Centrum zijn er in 2015 ook andere overwegingen geweest en andere locaties onderzocht. Dit was uiteindelijk de beste oplossing vanwege het delen van operatiekamers. Spreker vraagt wat voor D66 een acceptabele loopafstand is voor de ouders. Dit was tijdens de raadsinformatiebijeenkomst ook een punt van discussie. De heer Schipper (SP) meent dat dat een terechte vraag is. Spreker geeft aan nog nooit te hebben meegemaakt in de 6,5 jaar dat hij met een ziek kind veel in het ziekenhuis was dat het op de momenten dat het er echt toe deed, dat je daar niet in de buurt, op de afdeling zelf, kon blijven. Dat werd altijd gefaciliteerd en daarom vroeg spreker vorige week richting het Prinses Máxima Centrum en het WKZ hoe dat bij hen is. Er zijn genoeg mogelijkheden voor ‘rooming in’. Dat maakt voor spreker het criterium afstand minder belangrijk. Een afstand van een kilometer, waar fietsen klaarstaan of waar je tien minuten over wandelt is voor spreker best acceptabel. De discussie wordt verengd tot de korte afstand terwijl dat in de praktijk niet zo is. Gevraagd wordt hoe de heer Schreuder daar over denkt.

Pagina 28 van 44

5

De heer Schreuder (D66) geeft richting de ChristenUnie aan net te hebben geprobeerd toe te lichten waarom D66 nabijheid zo belangrijk vindt. Het uitgangspunt: is zo kort mogelijk. Het lijkt spreker niet nuttig om daar een specifiek getal aan te koppelen. Richting de SP merkt spreker op dat er heel veel persoonlijke verhalen zijn en dat hij ook benaderd is door mensen met persoonlijke verhalen. Zij benadrukten hoe belangrijk zij deze instellingen vonden en de faciliteiten die het beidt. Het is moeilijk om een persoonlijk verhaal te wegen. Kinderartsen hebben wel benadrukt hoe belangrijk het voor de ouders van kinderen met een broze gezondheid is om de veiligheid te voelen dat als ze even vertrekken, ze niet heel ver weg zitten.

10 De heer Işik (PvdA) vraagt hoe D66 het feit beoordeelt dat andere partners als de universiteit en het UMC op deze locatie een grondpositie hebben en die niet ter beschikking stellen om het probleem op te lossen. 15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer Schreuder (D66) antwoordt bekend te zijn met één locatie waar eerder over gesproken is op 700 meter afstand. Dat vind spreker erg ver weg en dan zouden er meerdere straten overgestoken moeten worden. Deze locatie is voor spreker daarom niet acceptabel. De heer Schipper (SP) geeft aan ook vorige week bij de raadsinformatiebijeenkomst te hebben gezegd dat hij er lang over geaarzeld heeft om het over zijn persoonlijke verhaal te hebben. Spreker weet dat er heel veel verhalen zijn en het belang van het Ronald McDonald Huis is bij iedereen bekend. Mensen moeten redelijk dicht in de buurt kunnen zitten. Spreker is blij met de nuancering die de heer Schreuder net inbracht over zo kort mogelijk. Spreker brengt in herinnering dat na het vaststellen van de Omgevingsvisie in de provincie, de op een brief heeft gestuurd naar de ontwikkelende partijen met de boodschap dat dat niet vastgehouden moet worden aan locatie E omdat die het voor de provincie niet gaat worden. De partijen zijn opgeroepen hun denken te verbreden. De Uithof gaat op de schop en de partijen zijn door de provincie opgeroepen nog eens goed te kijken naar wat ze moeten doen. Mevrouw De Koning (GroenLinks) vraagt hoe de heer Schreuder het ziet om een integrale afweging te maken. Dat stond in zijn eigen amendement of motie en vervolgens hoort spreker de heer Schreuder alleen maar praten over locatie D en E.

In het gebied zit ook locatie A waar ook een zorghotel en horeca komt. Deze locatie is dichterbij en kent minder wegoverstekingen dan locatie E. gevraagd wordt waarom de heer Schreuder deze locatie niet wil onderzoeken. Locatie H is naast een school waar je binnendoor, zonder wegoverstekingen naar toe kunt lopen. Gevraagd wordt of de heer Schreuder die locatie ook niet zou willen onderzoeken. Deze locaties zijn net zo dichtbij misschien wel veiliger te bereiken. De voorzitter geeft de tip dat mensen die deze vergadering volgen de stukken kunnen inzien zodat de discussie over locaties gemakkelijker te volgen is. De heer Schreuder (D66) geeft aan zich nog niet over een locatie te hebben uitgesproken maar alleen het belang van nabijheid en het clusteren van de instellingen te hebben toegelicht. Een locatie tegen, op of in een parkeergarage, wat locatie A zou worden, lijkt spreker op veel manieren niet aan de eisen te voldoen die zorgt voor een rustige omgeving waar mensen in de gelegenheid zijn om tot rust te komen. Dat is voor spreker ook het pijnpunt van locatie H. Deze ligt naast meerdere noodingangen en daar rijden de ambulances af en aan. Dat is een zeer onrustige locatie met continu geluidsoverlast. Dat maakt de locaties minder geschikt. Mevrouw De Koning (GroenLinks) raadt de heer Schreuder aan om ter plekke te gaan kijken.

De locaties zijn, als je er creatief naar kijkt, heel rustig en open te maken en misschien nog wel meer dan een locatie die aan een trambaan ligt en een locatie waar ook continu ambulances langsrijden. Spreker is blij om te horen dat de heer Schreuder open staat voor een integrale afweging tussen alle verschillende locaties en gevraagd wordt hoe ervoor gezorgd gaat worden dat bij de Omgevingsvisie een integrale afweging ligt waarin diverse locaties eerlijk tegen elkaar afgewogen worden. De heer Schreuder (D66) geeft aan daar later bij zijn inbreng aan toe te komen.

Pagina 29 van 44

5

De heer Van Dalen (VVD) voegt toe dat locatie H bij de Spoedeisende Hulp ligt waar ambulances met gillende sirenes langsrijden. Spreker heeft met betrekking tot locatie A van de PvdA gehoord dat er een ondergrondse parkeergarage gebouwd zou kunnen worden. Dat kost 60 miljoen euro extra en gevraagd wordt of de heer Schreuder, net als spreker, dat niet liever in de zorg zou willen steken.

10

De heer Schreuder (D66) geeft aan dat het extra pijnpunt inderdaad is dat dit soort investeringen op het conto van het UMC komen en dat dat geld voor de zorg bedoeld is. Dat is de reden waarom spreker denkt dat de raad heel zorgvuldig moet zijn in welke extra eisen het toe wil voegen.

15

20

Mevrouw Sasbrink (PvdD) valt GroenLinks bij met de vraag om een aantal alternatieve locaties uit te werken. Spreker hoorde de heer Schreuder zeggen dat locatie A niet rustig is omdat het met parkeren gecombineerd wordt. Tegelijkertijd wordt best vaak gesteld dat het Ronald McDonald Huis de kenmerken van een woning moet hebben en spreker stelt dat er veel voorbeelden zijn van appartementen boven parkeergelegenheid of appartementen die gecombineerd zijn met hotels, met beide een eigen ingang waarbij goed een rustige verdieping voor woningen gecreëerd kan worden. Gevraagd wordt hoe D66 dat op deze locatie ziet. De heer Schreuder (D66) licht toe dat er een minimaal parkeeroppervlakte nodig is. Ondergronds bouwen is onbetaalbaar, of het moet uit de financiën van het ziekenhuis gehaald worden. Als het Ronald McDonald Huis tegen de parkeergarage aangebouwd zou worden, dan moet de parkeergarage hoger worden waarbij de zichtlijnen van de forten dan een weer rol gaan spelen. Het idee dat dat dus gemakkelijk kan, klopt volgens spreker niet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=45929fdd-0c0c-42ae-9fa4-9af9bad94c59