CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (2022-2026) 20 maart 2025, gemeente Utrecht40.840 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

60

De heer De Pagter (VVD) memoreert dat dit onderwerp al jarenlang veel aandacht heeft van de gehele raad. Alle partijen willen een bereikbare en toegankelijke stad voor iedereen. In de vorige Pagina 26 van 53

5

10

15

20

periode zijn veel vragen gesteld over dit onderwerp naar aanleiding van een oproep van iemand die in de negentig was en TivoliVredenburg niet goed kon bereiken. De uitvoering gaat soms langzaam. De wil is er, maar de praktijk is helaas weerbarstig. VVD betreurt het dat verbetering in de toegankelijkheid voor mensen met een beperking langzaam gaat, zeker voor wat betreft gehandicaptenparkeerplaatsen. Dat moet écht beter. Hopelijk gaat de wethouder daar bovenop zitten. Zoals SOLGU aangeeft, leidt het opheffen van parkeerplaatsen tot meer druk. 2% tot 5% wordt steeds minder als het aantal parkeerplaatsen wordt opgeheven. Een degelijk aantal (gehandicapten)parkeerplaatsen moet worden behouden om de toegankelijkheid te behouden. VVD sluit zich aan bij de vragen over het stadhuis en de Mariaplaats van onder andere CDA en Volt. VVD mist normen die wellicht moeten worden vastgelegd in parkeernormen bij nieuwbouw. Nagedacht moet worden over hoeveel (gehandicapten)parkeerplaatsen nodig zijn bij een voorziening. Utrecht zou met andere GVU-steden op zoek moeten gaan naar normen daarvoor. Het is belangrijk dat mensen de gehandicaptenparkeerplaatsen goed weten te vinden. De slimme sensoren moeten worden aangebracht en de kaart moet interactief zijn zodat mensen weten waar ze naartoe kunnen rijden. Aangepaste fietsen zijn lastig in de stad te parkeren en kunnen niet in de fietsenstallingen.

Hij hoopt dat het college daar aandacht voor heeft en ervoor zorgt dat men ook met een aangepaste fiets de stad kan bezoeken en bijvoorbeeld het stadskantoor of het stadhuis goed kan bereiken. De voorzitter constateert dat de agenderende partij Utrecht Solidair niet aanwezig is.

25

30

35

40

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) hoort sommige woordvoerders enigszins verward aan. Op sommige gebieden doet Utrecht het fantastisch, maar op veel gebieden laat men het liggen, zeker voor wat betreft de toegankelijkheid. Eigenlijk zegt de gemeente tegen gebruikers van de AGP's: 'Als je zelfstandig mee wilt doen, dan doe je dat maar ergens anders'. Door een aantal e-mails van de SOLGU vraagt UtrechtNu! zich af of dit soort debatten zin heeft. Niet alleen bij UtrechtNu!, maar ook bij de SOLGU zijn de boosheid en frustratie enorm. Hij citeert delen uit een mail van de SOLGU: "De SOLGU wordt door de ambtenaren aan het lijntje gehouden. We mogen blij zijn als er een plekje bijkomt, maar tegelijkertijd worden ze achter je rug om weggehaald. De gemeente lijkt zich niet te realiseren dat ze in strijd handelt met het VN-verdrag. Er vindt juist een verslechtering van de toegankelijkheid plaats voor mensen met een beperking". Ook deze wethouder heeft net als het college een zorgelijke en niet aflatende behoefte om parkeerplekken te verwijderen en daarmee dus ook gehandicaptenplekken. In een andere mail schrijft de SOLGU over het verwijderen van de AGP's, onder andere aan de Mariaplaats: "Alle door de SOLGU aangedragen betwistbare feiten en conclusies in een bezwaarschrift zijn door de wethouder juridisch weggewoven.

Zo gaat ze volledig tegen het VN-verdrag in en een beloofd voorstel met betrekking tot de Mariaplaats is nooit naar de SOLGU gestuurd. Weg met de menselijke maat en weg met de toegankelijkheid. Immers, met het verwijderen van deze AGP's wordt de toegankelijkheid van het gebied aanzienlijk verslechterd en zal het mensen met een beperking belemmeren om volledig te participeren in het maatschappelijke en sociale leven aldaar. De aangegeven alternatieve plekken door de gemeente…".

45

De heer Cornielje (PvdA) is het eens dat het vaak schort in de uitvoering van beleid. Wat vindt UtrechtNu! ervan dat de parkeernorm van 2% naar een variabele 2% tot 5% gaat? Wat vindt UtrechtNu! ervan dat er per publieke toegankelijke voorziening minimaal twee gehandicaptenparkeerplaatsen moeten komen? Wat vindt UtrechtNu! van dergelijke maatregelen?

50

De voorzitter wijst erop dat per interruptie één vraag mag worden gesteld. De heer Cornielje (PvdA) stelt dan alleen de vraag over de parkeernorm.

55

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) vindt het te weinig en de SOLGU heeft daar ook bedenkingen over. Als parkeerplekken worden weggehaald uit de algemene ruimte, gaat het percentage mee. Het is goed dat er op bepaalde plekken minimaal twee AGP's moeten zijn. Dat mogen er meer zijn.

60

De heer Cornielje (PvdA) concludeert dat UtrechtNu! geen mening heeft over de verhoging naar maximaal 5%. Is er ook beleid waar UtrechtNu! het wel mee eens is? Pagina 27 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) heeft nog niet gezegd het ergens mee oneens te zijn, maar heeft alleen nog maar de SOLGU geciteerd. Op papier kan veel worden gezegd, maar in de praktijk is het anders. Hij vervolgt zijn betoog. "… voldoen niet aan het handboek Openbare Ruimte, terwijl de verplaatsing naar de overzijde van de Mariaplaats heel simpel te realiseren is en wel voldoet.". De SOLGU heeft een lange lijst van AGP-plekken die niet voldoen of waarbij willens en wetens een gevaarlijke situatie in stand wordt gehouden door de gemeente en waarbij de gemeente blijft volharden in onbruikbare AGP-plekken tegen het advies van de SOLGU in. Dit leidt ertoe dat er eerder minder dan meer AGP's zijn. Kortom: Als men zelfstandig mee wil doen, doet men dat maar ergens anders. Wat is de werkelijke reden om de AGP's aan de Mariaplaats te verwijderen? Waarom worden ze niet verplaatst zoals de SOLGU voorstelt? Waarom is de SOLGU juist hier niet om advies gevraagd? Waarom wordt de SOLGU al jaren getraineerd in de uitvoering van haar adviezen zoals is te lezen in de ontvangen mail? UtrechtNu! vindt, gezien de zorgwekkende mail van de SOLGU, dat er reden is voor een onafhankelijk onderzoek naar de kwaliteit en kwantiteit van de AGP's.

Kan de wethouder dit toezeggen? Is de wethouder bereid het besluit tot het verwijderen van de AGP's aan de Mariaplaats ongedaan te maken en deze te verplaatsen volgens het advies van de SOLGU om een rechtszaak te voorkomen? De voorzitter biedt de niet-agenderende partijen de gelegenheid voor een korte bijdrage. De heer Nykvist (Stadsbelang Utrecht) is in vele opzichten lichamelijk gehandicapt, ondanks dat dit niet te zien is. Het staat hem tegen als een voorstel eindigt met dat men het over een jaar zal evalueren. SOLGU en de gemeente gaan over een jaar evalueren of wat is gebeurd wel of niet tevredenstellend is. Een dergelijke zin betekent dat de partijen het niet met elkaar eens zijn, maar het uit beleefdheid zo formuleren dat het duurt nog wel een jaar duurt voordat er duidelijkheid is. Dat is niet nodig, want er is al helder uiteen gezet dat het op bepaalde punten wringt. Stadsbelang Utrecht wijst op het beleid met betrekking tot het parkeren op kenteken. Het is goed dat goede invulling wordt gegeven aan de beleidslijnen met betrekking tot het creëren van parkeerplaatsen voor mensen die niet meer zo goed uit de voeten kunnen. De afstand van vijftig naar honderd meter is op papier prachtig, maar kan in de praktijk tot grote problemen leiden. Dat vraagt om maatwerk.

Wil het college daar zodanig aandacht aan besteden dat deze mensen tot hun recht komen en dat na een jaar kan worden geconcludeerd dat dat goed is gedaan? De heer Vasters (D66) staat achter het doel om een toegankelijke stad te zijn. Het college heeft hier veel aandacht voor, maar het kan beter. D66 kan zich aansluiten bij een aantal van de gestelde vragen, maar het gaat te ver om ze tot in detail te benoemen. De heer De Graaf (ChristenUnie) vindt het goed dat dit belangrijke punt vandaag is geagendeerd. Op de website staat duidelijk waar men recht op heeft met een gehandicaptenparkeerkaart. De parkeerplaatsen zijn goed te vinden. Kan dit ook realtime? ChristenUnie mist op de website informatie voor mensen die afhankelijk zijn van een fiets waarmee men niet overal terecht kan. Kan informatie daarover op de website worden opgenomen? Mevrouw Zwinkels (CDA) stelt dat het leuk is als informatie op een website staat, maar deze moet in de praktijk wel kloppen. Uit een schouw is gebleken dat een aangegeven gehandicaptenparkeerplaat er niet is. Hoe reflecteert ChristenUnie daarop? De heer De Graaf (ChristenUnie) vindt dat schandalig en dat moet beter. Dit speelt op meerdere gebieden. Kan de wethouder daar iets over zeggen? Ook de informatie op de website over de beschikbaarheid van fietsparkeerplaatsen bij het Centraal Station is niet betrouwbaar. Dat is een zorgelijk punt.

Pagina 28 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of ChristenUnie het eens is dat op de website dan ook zou moeten worden beschreven hoe men een parkeerplaats kan bereiken. Soms staan er ineens paaltjes om een straat autoluw te maken zonder dat dit op de website is vermeld of is aangepast in de navigatie waardoor mensen moeten omkeren op zeer drukke punten. De heer De Graaf (ChristenUnie) kan zich voorstellen dat mensen op de website worden gewezen op bepaalde aandachtspunten. Hij vervolgt zijn betoog. De SOLGU en mensen die er gebruik van maken, kennen de aandachtspunten vaak veel beter. Wat ChristenUnie betreft wordt samen opgetrokken met ervaringsdeskundigen. Het realiseren van nieuwe parkeerplekken of het laten vervallen van plekken, zou altijd in overleg met ervaringsdeskundigen moeten gebeuren. In de mailberichten is aandacht gevraagd voor een winkelcentrum in Overvecht waar iets wordt verplaatst wat tot zorgen en ongemakkelijkheden leidt. Zit er een toets in het systeem? Zo nee, kan deze worden toegevoegd? Mevrouw Passier (Volt) reageert dat in Overvecht parkeerplekken zijn verplaatst, omdat ze oneigenlijk werden gebruikt omdat ze zo dichtbij lagen.

Is ChristenUnie het eens dat dat niet de onderliggende reden moet zijn om een algemene gehandicaptenparkeerplaats te verplaatsen? Volgens de heer De Graaf (ChristenUnie) was dat een deel van de reden en was een andere reden dat mensen via die parkeerplaatsen de stoep op gingen. Als men voornemens is een parkeerplek op te heffen of verplaatsen, zou dat standaard moeten worden beoordeeld met de SOLGU of ervaringsdeskundigen. Hij vervolgt zijn betoog. In Utrecht geldt bij gehandicaptenparkeerplaatsen een beperkte parkeerduur waar men van af wil, maar dat er uitzonderingen zijn waar dat wel geldt. Waarom wordt gekozen voor een beperkte parkeerduur en hoe wordt dat aangegeven? Kan dat duidelijk met een onderbord met de reden worden aangegeven? De heer Baijens (Partij voor de Dieren) vindt het belangrijk dat de stad toegankelijk is voor iedereen en dat er voldoende kwalitatieve gehandicaptenparkeerplaatsen zijn. Wat Partij voor de Dieren betreft komen er gehandicaptenparkeerplaatsen bij op de plek van bestaande parkeerplaatsen.

Kan de wethouder toezeggen meer parkeerplaatsen om te zetten in gehandicaptenparkeerplaatsen, zeker op druk bezochte plekken in de binnenstad? Kan de wethouder toezeggen een app die de beschikbaarheid van parkeerplaatsen toont of een alternatief daarvoor, weer beschikbaar te maken? Toegankelijkheid kan ook worden verbeterd door beter toegankelijk OV met bushaltes binnen 100 meter van een bestemming en door het wegnemen van drempels om dit te gebruiken. Is het college het daarmee eens? Hoe zet het college daarop in zodat een deel van de mindervaliden een alternatief wordt geboden voor de auto? De voorzitter constateert dat DENK geen behoefte heeft om het woord te voeren. Schorsing zodat de wethouder de beantwoording kan voorbereiden.

45

50

55

60

Wethouder Maatoug bedankt voor de agendering. Het is terecht dat men er scherp opzit. In deze commissie wordt vaak gesproken over mobiliteitsbeleid. Over wat goed en niet goed gaat, verschillen de politieke meningen. Juist als een transitie wordt doorgemaakt, is het belangrijk dat de toegankelijkheid overeind staat. Het college heeft de raad zelden zo eensgezind gezien. Zij zal de vragen beantwoorden in de geest van 'van papier weg, maar naar praktijk'. Volt vroeg hoe invulling wordt gegeven aan de toegankelijkheidseisen in relatie met motie 396. Voor de aanpak van de AGP's in de binnenstad is er op 13 december 2023 ambtelijk contact geweest met de SOLGU. Daar kwamen concrete acties uit voor nieuwe locaties, met name bij bijzondere functies, en het verwijderen van de maximale parkeerduur op een aantal locaties. Deze acties zijn eind 2024 gerealiseerd. De aanpak voor de binnenstad wordt verder uitgewerkt en daarna wordt aan de slag gegaan met de rest van de stad. De werkwijze in de binnenstad wordt gebruikt om te toetsen hoe dat het beste kan worden gedaan. Dat is minder ver gevorderd dan gewenst, omdat het team hiervoor ook alle andere parkeeractiviteiten uitvoert. Uitgangspunt blijft dat wordt opgetrokken met belangengroeperingen, dus ook met de SOLGU, ook de komende weken voordat definitief wordt besloten parkeerplaatsen te verplaatsen.

Zij is afgelopen week met de SOLGU mee geweest voor een rondleiding. Ervaringsdeskundigen zijn Pagina 29 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

belangrijk voor het beleid, maar de gemeente zou daar niet alleen van afhankelijk moeten zijn. Zij wil er naartoe dat de praktijk van het beleid klopt en dat men scherp heeft wat van de gemeente kan worden verwacht en welke rol de belangengroepering daarbij speelt. Er wordt goed gebruik gemaakt van belangengroeperingen en het blijkt dat het op sommige plekken beter kan, maar ook dat men soms tot een andere weging komt. De aanpak moet beter. In de binnenstad wordt als toetssteen gebruikt hoe de aanpak in de praktijk wordt gedaan, los van papier. Soms wordt dan toch een andere weging gemaakt, bijvoorbeeld omdat de ruimte voor voetgangersverkeer beperkt is en een parkeerplek zorgt voor mindere toegankelijkheid voor voetgangers. Verwacht mag worden dat de gemeente daar open en transparant over is en goed communiceert naar alle betrokkenen en de raad. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt hoe de raad wordt geïnformeerd over de weging. Bij Mariaplaats zijn er vragen waarom de plekken zijn verplaatst of worden verwijderd. Hoe wordt de raad hierin meegenomen? Wethouder Maatoug zal daar bij de Mariaplaats op ingaan. Mevrouw Zwinkels (CDA) wijst erop dat de wethouder zich uitsprak over de afweging.

Hoe wordt de raad geïnformeerd? Wethouder Maatoug meldt dat de verwijzing naar de beleidsregel Aanleg gehandicaptenparkeerplaatsen in de volgende herziening van de HOR wordt opgenomen, naar verwachting in Q2 2025. In de beleidsregel is opgenomen dat bij een algemene gehandicaptenparkeerplaats een verkeersbord wordt geplaatst en kruisvakmarkering wordt aangebracht. Kleurmarkeren wordt niet toegepast. Het is niet bekend wat daarbij komt kijken. Er zijn voorbeelden uit het buitenland bekend, maar in de meeste Nederlandse gemeenten is dat niet gangbaar. Zij gaat in op de vraag waarom er nu pas een proactieve houding is. Voorheen waren er geen concrete richtlijnen. De nota Gehandicaptenparkeerbeleid dateert uit 1999. Nieuwe plekken werden veelal aangelegd naar aanleiding van signalen waar plekken werden gemist of moesten worden aangepast. De richtlijn en de beleidsregels zijn gepubliceerd in juli 2024. Nu deze er zijn, wordt nagegaan hoe kan worden gezorgd dat ze overal goed worden toegepast. Daar is men kordaat mee gestart, maar in de binnenstad is enige vertraging opgelopen door capaciteitsproblemen. Dat proactief handelen volgt voort uit het feit dat de regels zijn veranderd. Het is goed dat dit op papier staat, maar de kern is hoe het in de praktijk is. Eerder heeft zij aan Volt een brief over een aantal zaken rond toegankelijk toegezegd in Q2.

Zij zegt toe daarin de werkwijze van de proactieve houding ten opzichte van belangenbehartigers en de lessen uit de binnenstad te schetsen, zodat kan worden gediscussieerd over wat dat betekent voor de verdere uitrol. Zij reageert op de vraag over de sensorenpilot. De proef had een looptijd van twee jaar. De proef met sensoren was in circa vijftig algemene gehandicaptenparkeerplaatsen met als doel de sensorentechniek te testen en na te gaan of deze voldoende betrouwbaar is om uit te rollen op bijzondere parkeerplaatsen. In de brief van Q2 neemt de uitkomst van de sensorenpilot op. De evaluatie van de parkeerregel wordt in Q4 met de raad gedeeld. CDA betoogde dat de uitvoering beter moet, gaf meerdere voorbeelden waaronder de Mariaplaats en de Klop en vroeg naar juridisering van beleid. Het uitgangspunt is dat er in overleg met partijen wordt uitgekomen. Hier wordt blijvend aan gewerkt, maar leidt niet in alle gevallen tot overeenstemming. Met betrekking tot de Mariaplaats lag er een bezwaar bij de directie Juridische zaken en dan is het niet passend om daar als bestuurder of college over te communiceren, dus is daarop gewacht. De brief wordt aan de belanghebbenden gezonden, omdat politisering van bezwaar en beroep niet wenselijk is. Zij heeft een mail ontvangen van de belanghebbenden dat ze waren geschrokken en dat was voor spreekster nieuwe informatie.

De vraag was hoe in algemene zin juridisering wordt voorkomen. Zij heeft niet de behoefte om heel gedetailleerd te laten vastleggen wat wanneer met wie is besproken. In de concrete casus van Mariaplaats is er ontevredenheid. Zij zegt toe met haar collega's naar de situatie te kijken en met de SOLGU te bespreken wat wel of niet past en wat de wensen zijn. Vervolgens wordt een weging gemaakt en komt zij daarop bij de raad terug. In algemene zin wil men voorkomen dat in een dergelijke dynamiek wordt terecht gekomen. Voor iedereen moet duidelijk zijn hoe te werk wordt gegaan en wat de wegen zijn als men het ergens niet mee eens is, zodat niet bij elke casus een dynamiek ontstaat van bezwaar en juridische Pagina 30 van 53

stappen. Het is belangrijk dat goed gebruik wordt gemaakt van elkaars kennis en dat bekend is wanneer men het met elkaar oneens is. Op de Mariaplaats is men niet op dat punt. 5

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) vraagt waarom de SOLGU niet eerst een voorstel heeft gekregen voordat met elkaar om de tafel werd gegaan. Nu is er iets gebeurd waar zij kennelijk geen weet van hadden en verzandt men in dergelijke situaties.

10

Wethouder Maatoug wordt hiermee overvraagd, omdat het aan de orde was voordat zij wethouder werd. Gezien de enorme werkdruk, heeft zij ervoor gekozen de teams niet te belasten met het achterhalen van wat er was gebeurd. De toegankelijkheid moet prioriteit krijgen en geschiedschrijving als er tijd over is. Zij kan deze vraag niet beantwoorden.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

Mevrouw Zwinkels heeft begrip voor het feit dat een nieuwe wethouder is aangetreden en wellicht afspraken zijn gemaakt met haar voorganger. Is de wethouder bereid een toezegging te doen op de werkwijze? Wat is daarvan op korte termijn terug te zien? Wethouder Maatoug heeft al toegezegd in Q2 in een brief de werkwijze voor de binnenstad te schetsen. Deze brief kan worden geagendeerd en besproken. Zij vervolgt de beantwoording. De app die werd gebruikt voor de sensoren wordt niet meer ondersteund. Bij de evaluatie van de proef van de sensoren wordt hierover nader uitleg gegeven. In ieder geval zijn de huidige sensorentechnieken niet uitvoerbaard vanwege de enorme kosten om het systeem in stand te houden. Inmiddels wordt gekeken naar minder kostbare alternatieven. Uit deze vraag leert zij dat als een app wordt genoemd, specifiek moet worden aangegeven welke worden bedoeld. Mevrouw Zwinkels (CDA) informeert of momenteel een andere app wordt gebruikt of dat er een alternatief komt voor de oude app. Wethouder Maatoug heeft al toegezegd dat in de Q2-brief de uitkomst van de pilot met de sensoren wordt toegelicht. Voor de app verwijst zij naar de kaarten en de informatie op de website. Gezorgd wordt dat de website ook op telefoons kan worden geraadpleegd. Veel mensen gebruiken andere applicaties onder andere van private partijen.

VVD vroeg hoe wordt gezorgd dat de informatie goed is gekoppeld. De informatie van de gemeente moet up-to-date zijn, maar het is de verantwoordelijkheid van de private partijen om deze informatie goed over te nemen. Zij vervolgt de beantwoording en komt bij de vragen van GroenLinks. Op dit moment wordt het handboek Openbare Ruimte geüpdatet. De verwachting is dat in Q2 een herziene versie van het handboek wordt gepubliceerd. Het handboek is dan ook digitaal beschikbaar. De suggestie om in de BInG de gehandicaptenparkeerplaatsen te toetsen kan worden overgenomen. De parkeerplattegrond met algemene gehandicaptenparkeerplaatsen is gekoppeld aan een interne ondergrond die wordt bijgewerkt als iets wijzigt. Dat is gemeld in de beantwoording van de schriftelijke vraag 147. In de week van de behandeling van de mondelinge vragen, 16 januari 2025, is de aanpassing gedaan dat de nog niet aangelegde plekken waarvoor wel een verkeersbesluit is gepubliceerd nog niet worden getoond. Deze worden pas getoond als zij daadwerkelijk zijn gerealiseerd. Er wordt gewerkt aan het landelijk openbaar maken van de informatie over de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen en de ontsluiting hiervoor. Hier kunnen foutjes insluipen, maar geprobeerd wordt dat zo veel mogelijk te voorkomen. Het is goed als foutjes zo snel mogelijk worden doorgegeven zodat ze kunnen worden aangepast.

GroenLinks vroeg naar de nieuwbouwontwikkelingen en de richtlijnen uit de beleidsregel. In de beleidsregel Parkeernormen auto is opgenomen dat voor nieuwbouwontwikkelingen tussen de 1% en 5% van de te realiseren parkeerplaatsen geschikt te maken moet zijn om te gebruiken als gehandicaptenparkeerplaats. De initiatiefnemer moet aangeven hoe wordt of kan worden voorzien in parkeren voor mensen met een beperking. Bij een volgende inhoudelijke herziening van de beleidsregel Parkeernormen auto wordt nagegaan of en hoe de relatie tot de beleidsregel Aanleg gehandicaptenparkeerplaatsen kan worden opgenomen. Het is belangrijk dat de gemeente het signaal afgeeft dat, als hieraan niet is voldaan, men niet door kan. Omdat dit over alle ruimtelijke ontwikkelingen en projecten gaat, is het belangrijk dat dit een geïnternaliseerde regel is en daar strak op wordt gesignaleerd.

Pagina 31 van 53

Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) verifieert of bij de beleidsregel Parkeernormen wordt nagegaan of daarin meer moet worden opgenomen over gehandicaptenparkeerplaatsen. 5

10

15

Wethouder Maatoug bevestigt dat. Zij vervolgt de beantwoording. In antwoord op de vraag van GroenLinks zegt zij toe dat zo veel mogelijk wordt geprobeerd om samen met de SOLGU en U op Leeftijd tot één aanpak en uitvoering te komen. Het streven is dat samen met de partners te realiseren in Q2. PvdA wees op de zorgen van de SOLGU op de uitvoering. Het is goed dat het beleid op papier staat en er intenties zijn, maar het moet ook worden gerealiseerd. PvdA pleitte voor een betere bereikbaarheid van Tivoli en het stadhuis. Deze locaties zijn bekend en eerder besproken. De mogelijkheden voor een algemene gehandicaptenparkeerplaats in de openbare ruimte bij Tivoli zijn beperkt. Waar de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen bij het stadhuis waren, zijn nu Stop & Dropplekken. De gehandicaptenparkeerplaatsen zijn verplaatst naar de Minrebroederstraat. Nagegaan wordt wat de mogelijkheden voor verbeteringen zijn. Zij neemt deze graag mee in het gesprek over de Mariaplaats. De heer Cornielje (PvdA) vraagt of alleen de locatie van het stadhuis wordt meegenomen of ook van Tivoli.

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Wethouder Maatoug antwoordt dat het stadhuis wordt meegenomen, omdat Tivoli een andere geschiedenis kent en de raad daarover al uitgebreid heeft gediscussieerd. Zij vervolgt de beantwoording. Of de mogelijke indicatoren van de huidige parkeerplaatsen voldoen aan het VN-verdrag Handicap wordt meegenomen in de evaluatie in Q4. In het inclusiviteitsbeleid wordt breder gekeken en is het ook meegenomen. Het antwoord op de vraag van VVD om bij nieuwbouw samen met de GVU-steden parkeernormen op te stellen bij voorzieningen is meegenomen in de beantwoording van GroenLinks-vragen. Over het voortzetten van sensoren heeft zij al iets gemeld. Het is goed dat aandacht wordt gevraagd voor aangepaste fietsen. Bij het ontwerpen en de bouw van fietsenstallingen wordt rekening gehouden met brede fietsen zoals bakfietsen en driewielers. In de praktijk blijkt dat niet altijd voldoende ruimte beschikbaar is. De fietsenstalling bij het station valt deels onder de verantwoordelijkheid van de NS. In de gemeentelijke stallingen wordt op basis van signalen nagegaan wat op korte termijn kan worden gedaan. In de openbare ruimte is het lastiger, omdat brede fietsen vaak niet in de standaard rekken passen. Er worden gesprekken gevoerd met zowel de NS als belanghebbenden om een passende oplossing te vinden, waarbij wordt gewerkt aan een tijdelijke maatregel om de beschikbaarheid te verbeteren.

Bij een debat over de ontheffing voor fietsers heeft zij toegezegd bij Q2 ook het anders parkeren uit te zoeken. In reactie op de vragen van UtrechtNu! wijst zij op de toezegging ten aanzien van Mariaplaats en welke keuze de afgelopen week is gemaakt. De specifieke vraag over hoe en wat kan zij nu niet beantwoorden en zij hoopt ruimte van de raad te krijgen om alle capaciteit in te zetten. De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) doelde met name op de plekken op de Mariaplaats die zijn verplaatst vanwege wildparkeren en dergelijke. Dat gebeurt vaak omdat het kruisvak en de omlijning bij de AGP's ontbreekt. Waarom worden deze niet aangebracht? Wethouder Maatoug stelt dat een van de grootste dilemma's in de binnenstad is dat mensen zo dichtbij mogelijk willen parkeren bij waar men wil zijn. De straten zijn zeer smal. Als een gehandicaptenparkeerplaats wordt gerealiseerd, wordt ander autoverkeer aangetrokken dat onrechtmatig parkeert ondanks omlijning. Daarom is er soms voorkeur voor een andere plek. Voor de Mariaplaats wordt nogmaals gekeken naar alternatieven. De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) reageert dat het HOR verwijst naar criteria in de richtlijn Voetpaden voor iedereen. Uiteindelijk horen er omlijningen te zijn, ook bij smalle delen. Juist als ze worden weggehaald, zorgt dat voor ellende.

Wethouder Maatoug geeft aan dat de omlijning vaak op verschillende manieren wordt aangebracht, bijvoorbeeld met de bakstenen, met verf of een bord. Zij vervolgt de beantwoording. UtrechtNu! vroeg onafhankelijk onderzoek in te stellen naar AGP's. Voorgesteld wordt om met SOLGU en U op Leeftijd onderzoek te doen naar AGP's in de binnenstad en ervaringen mee te nemen in de rest van de stad, zoals zij ook heeft gezegd over de werkwijze in de Q2-brief. Pagina 32 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

De vraag van UtrechtNu! over het voorkomen van een rechtszaak met betrekking tot Mariaplaats sluit aan bij de vraag van CDA over juridisering. Stadsbelang Utrecht vroeg naar parkeren op kenteken. De aanleg van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken is altijd maatwerk waarbij rekening wordt gehouden met de aard van de beperking en de behoefte van de aanvrager. ChristenUnie stelde een vraag over informatie over aangepaste fietsen op de website. Geprobeerd wordt de website up-to-date te houden. Als zaken niet kloppen, verneemt zij graag welke URL/website zodat dit proactief kan worden opgepakt. Terecht is gevraagd hoe wordt omgegaan met ervaringsdeskundigen. In de werkwijze wordt het beeld daarover gedeeld. In Q2 geeft zij aan hoe die werkwijze in de binnenstad is en hoe met ervaringsdeskundigen wordt omgegaan. Zij hoopt op een debat over wat hiervan wordt geleerd en hoe dat in de andere gebieden wordt gedaan. Partij voor de Dieren stelde een vraag over druk bezochte plekken in de binnenstad. In de binnenstad zijn meer AGP's dan de 2% CROW-norm, namelijk circa 4%. Dat wordt scherp in de gaten gehouden en een reden waarom ruimte voor maatwerk gewenst is. Gevraagd is naar de app en of er een alternatief beschikbaar is. Informatie over de pilot sensoren wordt opgenomen in de Q2-brief. De voorzitter gaat na of er gemiste vragen zijn.

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) had de wethouder gevraagd uit te leggen waarom de SOLGU al jaren wordt getraineerd in de uitvoering van haar adviezen. Wethouder Maatoug antwoordt dat het college zich niet herkent in dat beeld, maar men is hier niet altijd scherp op bij gebiedsontwikkelingen. Dit debat wordt breder gevoerd, namelijk over hoe wegingen en keuzes worden gemaakt in de schaarse ruimte. Soms moeten keuzes worden gemaakt. Belangrijk is dat een keuze bewust wordt gemaakt. Omdat het perspectief soms mist, worden soms onbewuste keuzes gemaakt waarover niet wordt gecommuniceerd. En dan wordt men overdonderd. Daar zit geen bewuste intentie achter. Zij kan zich voorstellen dat dat gevoel kan worden opgeroepen als een partij proactief zaken aandraagt, niks terug krijgt maar uitkomsten ziet die men niet herkend. En dat is vervelend.

De commissiegriffier heeft de volgende toezeggingen genoteerd: - Beleidsregels rondom gehandicaptenparkeerplaatsen worden opgenomen in de herziening van het handboek Openbare Ruimte in Q2 2025; - In Q2 ontvangt de raad een raadsbrief met onder meer informatie over de pilot sensoren, werkwijze voor de binnenstad ook voor de toepassing van de beleidsregels, parkeren voor aangepaste fietsen en omgaan met ervaringsdeskundigen; - Bij de volgende herziening van de parkeernormen Auto wordt gekeken hoe de link met de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen kan worden gelegd. Wethouder Maatoug streeft naar Q4, maar dat moet mogelijk worden aangepast.

45

50

55

60

De voorzitter vraagt of de agenderende fracties het doel hebben bereikt dat zij voor ogen hadden en hoe zij het vervolg zien. Mevrouw Passier (Volt) bedankt de wethouder voor de beantwoording van alle vragen van Volt. Volt kijkt uit naar de toegezegde brieven. Dit agendapunt hoeft niet te worden doorgeleid naar de raad. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) had graag willen mee-agenderen. ChristenUnie overweegt een voorstel over het positioneren van ervaringsdeskundigen en stelt behandeling in 15 minuten voor in de raad. De heer Cornielje (PvdA) overweegt een voorstel om nogmaals te kijken naar parkeerplaatsen bij TivoliVredenburg. Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt de beantwoording afdoende. Wat CDA betreft hoeft dit onderwerp niet nu te worden doorgeleid naar de raad, maar wellicht aan de hand van de brieven zodat het in zijn geheel kan worden besproken. Pagina 33 van 53

De heer Cornielje (PvdA) spreekt voorkeur uit dat de mogelijkheden bij TivoliVredenburg zo snel mogelijk worden nagegaan. 5

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) denkt dat het goed als met een motie richting wordt gegeven naar wat gewenst is met betrekking tot de ervaringsdeskundigen. Mevrouw Zwinkels (CDA) trekt graag met Volt op voor een motie om ook richting mee te geven.

10

15

De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) sluit graag aan bij Volt en CDA. UtrechtNu! overweegt daarnaast een eigen voorstel. Mevrouw Passier (Volt) krijgt het gevoel dat haar een motie in de schoenen wordt geschoven. Volt wil de reactie in de brieven afwachten. De voorzitter concludeert dat er mogelijk vier voorstellen komen en adviseert dit punt door te geleiden naar de raad voor behandeling in 15 minuten.

20

Mevrouw Passier verwacht niet dat het DB dit volgende week op de overvolle raadsagenda opneemt. Partijen die moties willen indienen, zijn zelf verantwoordelijk voor de agenderingstekst.

25

De voorzitter geeft de fracties die voorstellen overwegen mee, dat als het volgende week in de raad moet worden geagendeerd, dat morgen voor 12.00 uur met agenderingstekst moet worden aangeleverd. Daarbij moet worden gemeld waarom het voldoende week zou moeten worden behandeld, omdat anders een latere agendering mogelijk is voor de raad in maart. Schorsing voor wisseling van woordvoerders.

30

35

40

45

50

55

9. Beantwoording schriftelijke vragen: Passen al deze projecten wel in het Mobiliteitsplan 2040? De voorzitter licht toe dat CDA verbaasd is over de beantwoording van schriftelijke vragen die niet strookt met de verwachting dat het college projecten prioriteert op basis van de visie in 2040. Dat vraagt om een debat gezien de financiële tekorten van de gemeente. Ook mist CDA de kijk op de regio Utrecht met hubs en intercity-haltering die waarschijnlijk randvoorwaardelijk zijn voor duurzame mobiliteit. Een risico- en kosten-/batenanalyse ontbreekt en daar willen de agenderende fracties met dit debat graag verandering in brengen zodat de raad meer grip krijgt op de keuzes en afwegingen die in de uitvoering worden gemaakt door het college. De agenderende fracties zijn CDA, UtrechtNu!, Stadsbelang Utrecht en Utrecht Solidair. Mevrouw Zwinkels (CDA) ziet in de beantwoording van schriftelijke vragen wel projecten, maar mist het overzicht. Zeker in tijden van bezuinigingen en financiële krapte is het belangrijk dat een goede afweging wordt gemaakt welke projecten worden geprioriteerd. Welke projecten zijn nu aan de orde? Als wordt doorgevraagd welke projecten er zijn, wordt al snel verwezen naar geheime bijlagen of investeringsstaatjes.

Welke projecten zijn het belangrijkst? Op basis van welke criteria wordt voor bepaalde projecten gekozen? CDA begrijpt niet dat het college alles lijkt te willen blijven doen en vervolgens alle projecten versobert. Nagegaan moet worden welke projecten bijdragen aan de doelstellingen van het mobiliteitsplan. Daarop kan worden ingezet om de kwaliteit te behouden en een aantal projecten niet te doen. Er kan veel beter worden geacteerd op signalen van inwoners. De prioritering komt daar niet uit naar voren. Hoe kan effectief worden gereageerd op signalen over bijna ongelukken en andere meldingen over verkeersveiligheid? Hubs worden als randvoorwaarde gesteld. Het is goed om de randvoorwaarden op orde te hebben voordat allerlei projecten binnen de gemeente worden gedaan, omdat anders verkeersinfarcten en opbrekingen dreigen. Zij vraagt het college daarop te reageren. Er werd gesproken over een update van de agenda Mobiliteitsplan en dat onzeker is dat deze er komt. Wellicht heeft dat te maken met de bezuinigingen. Komt er een update van het Pagina 34 van 53

mobiliteitsplan? Zo ja, worden dergelijke aanscherpingen daarin opgenomen? Wordt de raad op deze manier in positie gebracht om de prioritering te kunnen controleren? 5

De voorzitter constateert dat de agenderende partij UtrechtNu! niet aanwezig is. De heer Nykvist (Stadsbelang Utrecht) onderschrijft het betoog van CDA. De voorzitter constateert dat de agenderende partij Utrecht Solidair ook niet aanwezig is.

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer De Pagter (VVD) stelt dat het college veel droombeelden heeft, maar geen geld voor al die dromen. VVD maakt andere keuzes dan het college. Geen metro door Merwede en Nieuwegein, maar een realistische tramlijn naar Rijnenburg. Geen knips in allerlei wegen, maar investeren in verkeersveiligheid in de buurten en wijken en toewerken naar Leidsche Rijn als intercitystation. Mevrouw Zwinkels (CDA) is het met VVD eens dat het college soms andere keuzes maakt. Heeft VVD wel inzicht in wanneer bijvoorbeeld verplichtingen worden aangegaan zoals aanbestedingen bij mobiliteitsprojecten, zodat de raad zijn controlerende taak goed kan uitvoeren? De heer De Pagter (VVD) vindt dat een zeer brede vraag. VVD maakt zich zorgen over alle ambities die het college stapelt terwijl er geen geld voor is. Dat is een andere vraag dan hoe de projecten nu daadwerkelijk worden uitgevoerd. Mevrouw Zwinkels (CDA) is het eens dat het college veel mobiliteitsprojecten voorstelt waarvoor geen geld is. Zij geeft als voorbeeld de knip van de Catharijnesingel. De raad is in een raadsbrief geïnformeerd over een overschrijding van enkele honderdduizenden euro's, maar er is geen weg terug. Blijkbaar is alles al in gang gezet. Hoe wordt de raad aan de voorkant in positie gebracht? De heer De Pagter (VVD) vindt dat een terecht punt. Dergelijke zaken moeten goed worden geborgd.

VVD heeft daar bij het debat over de Catharijnesingel een punt over gemaakt richting de wethouder. De raad moet nadrukkelijk aan de voorkant kunnen sturen en nadrukkelijker ramingen krijgen over wat bijvoorbeeld zo een knip van de Catharijnesingel gaat kosten. Oorspronkelijk stond deze voor € 250.000,00 in de boeken en wordt inmiddels de € 1 miljoen overschreden. Dat is ontoelaatbaar. Hij vervolgt zijn betoog. Het is frustrerend dat het college alle ambities op papier hoog houdt terwijl dat niet realistisch is, zeker niet met een bezuiniging op de portefeuille Mobiliteit. Kan de wethouder toezeggen dat bij het MPR duidelijke keuzes worden voorgelegd over welke projecten wel of niet doorgaan? De heer Bosch (UtrechtNu!) onderschrijft de betogen van mevrouw Zwinkels en de heer De Pagter en sluit zich daarbij aan. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het goed dat wordt gesproken over een aantal bereikbaarheidsprojecten en hoe de raad goed in positie blijft. Kan de wethouder dat toelichten met het oog op de aanstaande bezuinigingen? Hoe gaat de wethouder dat traject in? Hoe wordt de raad daarover geïnformeerd? Er zijn vragen gesteld over de hubs en de deelmobiliteit die daar aanwezig is. De deelmobiliteit staat onder druk. Recent zijn de Donkey-bakfietsen verdwenen. Het college verwijst vaak naar iets dergelijks als belangrijkere vervanging van de auto.

Kan de wethouder toelichten hoe dat is ontstaan? Is de verwachting dat de bakfietsen weer terug komen? Er wordt met meer commerciële aanbieders samengewerkt. Is het risico dat dit vaker zal gebeuren? Hoe wordt daarop geacteerd? Schorsing zodat de wethouder de beantwoording kan voorbereiden. Wethouder Maatoug wijst erop dat in de door de raad ontvangen agenda Mobiliteitsplan alle projecten zijn opgenomen die de gemeente tot 2040 op lange en middellange termijn wil oppakken. Alle fysieke investeringsprojecten die in de programmering zitten, staan in de bijlage die alleen met de raad wordt gedeeld omdat daarin ook marktinformatie staat. De niet-fysieke Pagina 35 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

45

investeringen, zoals bijvoorbeeld de bijdrage aan Goed op Weg staan in de programmabegroting en jaarverantwoording bij het onderdeel 'Wat heeft het gekost'. Voor de fysieke projecten is er een goed overzicht. Zij herkent wel het beeld dat het soms een puzzel is, specifiek op de niet-fysieke investeringen omdat dit verschillende programmaonderdelen zijn. Uiteindelijk zijn ze goed vindbaar. Er zijn standaarden voor hoe daarover wordt gerapporteerd en er is niet altijd de ruimte om daarvan af te wijken. Nog een brief met nog een overzicht is niet wenselijk. Zij zou het praktisch willen aanpakken, specifiek op het niet-fysieke deel, en vernemen welke behoefte er is zodat kan worden nagegaan hoe dat in de rapportages in het kader van de P&C-cyclus zo goed mogelijk kan worden gedaan. In het MPR 2025 staan investeringsvoorstellen voor de komende vier jaar met het budget. De MPR-brede afwegingscriteria zijn: goede balans, ongelijk investeren voor gelijke kansen, vliegwiel voor meerdere opgaven, werk met werk, cofinanciering en kans die zich nu voordoet. Daarnaast wordt vanuit Mobiliteit specifiek gekeken naar in hoeverre investeringen bijdragen aan de doelen uit onder andere het Mobiliteitsplan 2040. Gevraagd is waarom alles wordt versoberd en niet geprioriteerd. De mobiliteitsvisie is gebaseerd op samenhang.

Het is belangrijk dat de doelen uit het mobiliteitsplan worden gehaald en gewaarborgd. Daarbij wordt niet weggelopen van moeilijke keuzes. Het stoppen van projecten uit de huidige programmering leidt tot verzonken kosten en dan wordt goedkoop duurkoop. CDA stelde een vraag over het effectief reageren op meldingen van onveilige situaties. Los van budgetvraagstukken is dat constant een punt van aandacht. In de langjarige planning is dat een urgente bril waarmee naar projecten wordt gekeken en dat deze op dat criterium voorrang hebben in de planning. Geprobeerd wordt dat zo goed mogelijk te borgen. Een deel van de hubs is randvoorwaardelijk voor de ruimtelijke ontwikkeling, zoals de buurthubs in de Merwedekanaalzone, de stadsrandhubs, de hub-XL in Westraven. Met name het deelparkeren op afstand is randvoorwaardelijk voor Beurskwartier en Merwedekanaalzone. Er wordt hard gewerkt om dat op tijd gereed te hebben. Een parkeergarage en OV-knoop-hub-XL is van belang voor woningbouw bouw Groenewoud. De hub Leidsche Rijn-centrum, parkeren, deelvervoer en OV-knooppunt is op tijd gereed voor afronding lopende bouwopgave Leidsche Rijn-centrum. Gevraagd is om een update van de agenda Mobiliteitsplan. In de beantwoording van de schriftelijke vragen is aangegeven dat een slag om de arm wordt gehouden met betrekking tot de update van de agenda Mobiliteitsplan.

De intentie is het te doen, maar gezien de keuzes rond bezuinigingen wordt ook een weging gemaakt voor wat betreft de capaciteit. Omdat dat nog niet is gedaan, is het zo opgenomen. Gevraagd is of de raad alle informatie heeft om zowel zijn controlerende als sturende taak uit te voeren. Het antwoord daarop zit in de werkwijze met de voorjaarsnota. Zeker in jaren waarin moeilijke keuzes moeten worden gemaakt door budgettekorten is dat nog belangrijker. Met de wethouder van Financiën spreekt de raad over de toegang tot informatie en het college biedt de raad de mogelijkheid voor tegenbegrotingen om eigen voorstellen te kunnen doen en prioriteiten te kunnen wijzigingen. Ook dit jaar zijn deze mogelijkheden er weer. Als die behoefte er is, hoort zij dat graag bij de voorjaarsnota. VVD sprak over het overeind houden van ambities en het aan de raad voorleggen van keuzes. De ambities hangen ook samen met bijvoorbeeld de bouwplannen. Het college wil graag vasthouden aan de ambities, maar ziet ook dat ze moeten worden bijgesteld door de financiële situatie. In de voorjaarsnota wordt duidelijk gemaakt of ambities moeten worden bijgesteld waarna daarover wordt gediscussieerd. De Merwedelijn werd genoemd als een voorbeeld waar ook andere voorstellen worden gedaan.

Voor het college staat deze bovenaan de prioriteitenlijst omdat hij samenhangt met middelen vanuit het rijk voor het mogelijk maken van woningbouw, wat ook een ambitie is die het college overeind houdt.

50

De heer De Pagter (VVD) reageert dat het probleem zit in het feit dat de raad vorig jaar heeft besloten enkele miljoenen te bezuinigen op de investeringsportefeuille bij Mobiliteit. Het is dan toch niet mogelijk dat alle ambities blijven staan? Er moeten komend voorjaar dan toch keuzes worden gemaakt?

55

Wethouder Maatoug stelt dat moeilijke keuzes moeten worden gemaakt in deze financiële tijden. Deze worden bij de voorjaarsnota gepresenteerd. Zij wil daar nu niet op vooruitlopen. Richting de voorjaarsnota kan de raad alternatieve voorstellen doen.

60

De heer De Pagter (VVD) hoort de wethouder aangeven alle ambities in stand te willen houden. Het is toch niet mogelijk om moeilijke keuzes te maken én alle ambities in stand te houden? Pagina 36 van 53

5

10

15

Wethouder Maatoug antwoordt dat dat wel is wat wordt gepoogd. Vervolgens is de vraag wat het betekent om aan de ambities vast te houden. Omdat er zo een samenhang is, moet soms worden gekozen om op elke ambitie iets minder te doen. Er wordt nu hard gepuzzeld. Het college kijkt uit naar het debat over de projecten als de voorjaarsnota is gedeeld, want dan wordt het gesprek concreter dan het abstracte debat dat nu wordt gevoerd. Discussies over politieke wensen worden in een financiële context nogmaals gevoerd. Zij vervolgt de beantwoording. Het is belangrijk om onderscheid te maken tussen de programmering en reëel ramen. In het debat rond de Catharijnesingel heeft zij aangegeven dat geprobeerd wordt reëel te ramen om een zo goed mogelijk beeld te hebben. In reactie op de vraag van ChristenUnie hoe de raad wordt geïnformeerd over bezuinigingen, geeft zij aan dat dat onderdeel is van het reguliere proces richting de voorjaarsnota. Voor de fracties is altijd technische ondersteuning beschikbaar om bijvoorbeeld een tegenbegroting te maken. Voor wat betreft het informeren van de raad over de deelbakfietsen, is zij afhankelijk van de afwikkeling door een curator. Zodra er informatie is, informeert zij de raad. De raad wordt uiterlijk in Q2 geïnformeerd over het vervolg van de deelbakfietsen om de onafhankelijkheid van marktpartijen te garanderen.

20

De voorzitter constateert dat er geen gemiste vragen zijn, informeert of de agenderende fracties hun doel hebben bereikt en hoe zij het vervolg zien.

25

Mevrouw Zwinkels (CDA) concludeert dat er een beperkte bespreking was in de commissie, maar is blij met de antwoorden van de wethouder. Als de wethouder kan bevestigen bereid te zijn rondom de voorjaarsnota extra inspanningen te doen om de raad in positie te brengen, dan hoeft dit niet apart naar de raad, maar kan worden gefocust op het moment van de voorjaarsnota.

30

35

40

45

50

Wethouder Maatoug gaat ervan uit dat het reguliere proces in ondersteuning van tegenbegrotingen bekend is. De wethouder van Financiën zal de informatie daarvoor te zijner tijd aanleveren. Zij herkent het punt ten aanzien van de niet-fysieke overzichten. Zij stelt voor buiten de orde van de vergadering met mevrouw Zwinkels te bespreken hoe praktisch kan worden gezorgd dat de raad bij de voorjaarsnota de benodigde informatie heeft. Vervolgens kan CDA besluiten of het wel of niet moet worden geagendeerd. Mevrouw Zwinkels (CDA) bedankt de wethouder voor dit aanbod, maar vindt dat de overige woordvoerders in dat proces moeten worden meegenomen en stelt voor een motie op te stellen met een oproep daartoe. Als daar een vervolgoverleg uit voortvloeit, kunnen andere raadsleden daarbij aanschuiven. De heer Bosch (UtrechtNu!) sluit zich aan bij de woorden van mevrouw Zwinkels. Wethouder Maatoug kan zich voorstellen dat er wellicht behoefte is aan een specifieke presentatie over waar wat kan worden gevonden. Nog meer papier op verschillende plekken helpt niet in het hebben van overzicht. Alle woordvoerders kunnen aangeven wat de behoefte is. In de P&C-cyclus is men gehouden aan bepaalde rapportagevereisten, waardoor het soms onoverzichtelijk is. Mevrouw Zwinkels (CDA) dient in de raad een motie in die hiertoe oproept.

De voorzitter concludeert dat dit agendapunt wordt doorgeleid naar de raad voor bespreking in vijf minuten. Schorsing voor wisseling van woordvoerders.

55

10. Raadsbrief Plan van Aanpak Rekenkameronderzoek 'Vergroening, van droom naar daad' Pagina 37 van 53

5

De voorzitter licht toe dat de agenderende fracties in gesprek willen over de planning van de aangekondigde acties, of dat wel voldoende en tijdig genoeg is en of de reactie van het college op het betreffende Rekenkamerrapport voldoende passend is. De agenderende fracties zijn EenUtrecht, VVD, Volt, Stadsbelang Utrecht, ChristenUnie, GroenLinks, CDA, Partij voor de Dieren, PvdA, D66 en Student & Starter. Mevrouw Stylianou (D66) vraagt of eventueel iets langer door kan worden vergaderd.

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De voorzitter stelt voor de vergadering om 17.00 uur te schorsen en om 20.00 uur te hervatten. Het is niet haalbaar om dit agendapunt voor 17.00 uur af te ronden. Hij constateert dat de agenderende fractie EenUtrecht niet aanwezig is. De heer De Pagter (VVD) vindt dat de rekenkamer een goed en degelijk maar best vernietigend rapport heeft opgesteld over het groenprogramma van de gemeente. De gemeente moet echt meer groen gaan planten. VVD betreurt het dat het Plan van Aanpak van het college nog steeds vaag is en had er meer van verwacht. In het plan lijkt de urgentie te ontbreken en lijkt het college niet te beseffen dat het probleem juist zit in het vertalen van het beleid naar de uitvoering. Dat wordt niet met een pennenstreek of uitvoeringsprogramma opgelost, maar door er als wethouder bovenop te gaan zitten, concrete project te starten voor vergroening en ermee aan de slag te gaan: niet denken maar doen, bomen planten. Hoe komt het college in die actiestand? Wat gaat het college doen om handen en voeten aan de uitvoering te geven? Wat doen de wethouders zelf om het beleid om te zetten in daden? En dan echt op de manier 'groen tenzij', want op veel plekken gaan nog steeds veel stenen en weinig groen de grond in. De uitvoering moet veel beter.

Het is tekenend voor de problemen dat er nog maar weinig is gebeurd op allerlei plekken die diverse partijen hebben opgeworpen voor het planten van bomen en ander groen, bijvoorbeeld bij de schriftelijke vragen 'van banen naar lanen' in 2021, de motie 'snel meer bomen' in 2023. Het is ongelofelijk dat vier jaar na de schriftelijke vragen nog steeds niet op al die plekken al bomen zijn geplant en dat het college onlangs heeft laten weten dat op de ene plek nog wordt gekeken en op de andere plek bomen zullen worden geplant. Dat is vier jaar nadat veel partijen vragen hebben gesteld over het planten van bomen op concrete plekken. Dat had toch al lang gebeurd moeten zijn? Hoe kan dat? En over de motie 'snel meer bomen' zegt het college dat er eerst een stadsbrede aanpak moet komen. Straks zijn er dus allerlei beleidsstukken, een uitvoeringsprogramma, een stadsbrede aanpak. Al het papierwerk op het gebied van groen is niet meer te volgen. Het is de vraag of daarmee niet meer bomen worden verbrast aan al dat papierwerk dan dat er echt nieuwe bomen worden geplant. Het moet echt anders: meer doen, meer aan de slag. Hoe gaan de wethouders hun aanpak concreet verbeteren? Mevrouw Passier (Volt) sluit zich aan bij de inbreng van de heer De Pagter. Groen moet je doen. Dat klinkt simpel, maar blijkt in de praktijk niet zo gemakkelijk.

Zodra het om het realiseren van plannen voor de openbare ruimte gaat, verdwijnen de groene dromen naar de achtergrond, zoals in de omgevingsvisie Overvecht waar in plaats van 80 hectare uiteindelijk 57 hectare groen wordt geplant. Het uitgangspunt dat niet in de hoofdgroenstructuur wordt gebouwd is een mooie droom op papier, maar wordt in de praktijk regelmatig niet in daden verwezenlijkt. Het Plan van Aanpak van het college als reactie op het rekenkamerrapport biedt onvoldoende duidelijkheid op een aantal punten. Ten aanzien van aanbevelingen 1 en 2 is niet duidelijk of de prioriteiten worden vertaald naar indicatoren. Kan de wethouder dat toezeggen? Ten aanzien van aanbeveling 3 mist Volt de nulmeting in de beantwoording van het college. Wordt een nulmeting uitgevoerd voordat het dashboard wordt opgetuigd? Bij aanbeveling 4 wordt ingezet op steviger sturen op ontwikkeling, beheer en onderhoud groen.

Kan met de concrete uitwerking daadwerkelijk steviger worden gestuurd? Kan de wethouder toezeggen dat dit wordt geëvalueerd en dat de raad wordt geïnformeerd over de uitkomst? Met betrekking tot aanbeveling 6 komt zij terug op de vraag tijden het commissiedebat op 19 september 2024: Hoe is de wethouder van plan om realistisch te gaan begroten, zodat inzichtelijk is welke dromen met het budget kunnen worden waargemaakt en welke niet? Zij heeft een vraag over de afdrachten vanuit gebiedsontwikkelingen. Bij het uitvoeringsprogramma Rondje Stadseiland las zij dat bijdragen vanuit gebiedsontwikkelingen Pagina 38 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

worden ingezet voor het casco van de stad waaronder natuurlijk groen. Heeft het effect op de bijdrage aan het groene casco van de stad als bij een gebiedsontwikkeling op groen wordt bezuinigd om deze rond te krijgen en plannen niet of minder goed kunnen worden uitgevoerd? Wat Volt betreft wordt daar niet aan getornd, omdat het groen hoognodig nodig is voor de inwoners. Welke risico's ziet het college daarin? Is het college voornemens maatregelen te treffen voor deze eventuele risico's om het hoognodige groen wel te kunnen realiseren? Mevrouw Steinhart (Stadsbelang Utrecht) sluit zich aan bij het betoog van de VVD. Groen is cruciaal voor een gezonde en prettige leefomgeving, maar blijft bij nieuwbouw iets waaraan achteraf nog even kort aandacht wordt besteed. Vergroening wordt pas aan het einde uitgevoerd. Het is leuk voor erbij, maar ook het eerste dat sneuvelt als er geen tijd en/of budget meer is. Dan wordt kinderachtig omgegaan met elk verzoek tot vergroening. Kan de wethouder toezeggen dit te voorkomen door in het Plan van Aanpak op te nemen dat, naast de harde eis van 75 m2 openbaar groen per huishouden, ook minimaal een boom per inwoner als harde voorwaarde wordt gesteld? Hoe garandeert het college dat groene normen niet worden uitgehold en uitgekleed in de eindfase van projecten? Het boomkroonvolume in Utrecht is ondermaats en schiet ernstig tekort.

Monitoring zal pas in Q2 2026 inzicht bieden, maar intussen worden gekapte bomen vervangen door dunnen sprietjes waardoor de achterstand alleen maar groter wordt. Zoals al eerder gezegd: bomen zijn geen kostenpost maar een investering in de leefbaarheid van de buurten. Groene omgevingen maken de stad aantrekkelijker en aangenamer. Kan de wethouder toezeggen in het Plan van Aanpak op te nemen dat per direct volwassen bomen worden herplant in plaats van symboolgroen om verdere achteruitgang te voorkomen? Zij heeft een vraag over de beleidsnota Samen Stad Maken. Het ontbreken van vaste termijnen voor inspraakprocedures leidt tot vertraging en onzekerheid. Is de wethouder bereid hier duidelijke afspraken over te maken om dit te voorkomen? Mevrouw Alblas (ChristenUnie) vindt het fijn dat er een beknopt Plan van Aanpak ligt, maar het mag concreter. De toezeggingen voor een indicatie van soorten per wijk en financiële strategieën komen hierin terug. ChristenUnie begrijpt dat een deel van de uitwerking in het uitvoeringsprogramma terechtkomt, maar heeft vragen over zaken die niet duidelijk of onvoldoende concreet zijn. Besluit 1 is niet heel concreet. Dat het college gaat zorgen voor meer samenhang, is nog vaag.

Het is goed Ruimte en Stadsbedrijven samen prioriteiten gaan bepalen, maar hoe zorgt dat voor een eenduidige aanpak? Hoeveel tijd is nodig voordat er een goede en eenduidige aanpak is? Voor besluit 2 vraagt ChristenUnie zich af hoe de gemeente gaat zorgen dat alle medewerkers en uitvoerders hier voldoende kennis van nemen en er actief mee aan de slag gaan. ChristenUnie is teleurgesteld over de beantwoording van de schriftelijke vragen 'verhard tenzij'. De boodschap is steeds dat er geen geld is of dat het werk al is afgerond en niet opnieuw wordt gedaan, maar groen delft weer het onderspit. Hoe gaat de wethouder zorgen dat hier meer aandacht voor komt? Verstening is een groot probleem in het kader van klimaatadaptatie. ChristenUnie is blij dat er een nieuwe investeringsraming en een verbeterde investeringsstrategie komen. En het is mooi dat wordt samengewerkt met scholen om meer mensen enthousiast te krijgen voor het mooie werk van groenbeheer. De heer Bart (GroenLinks) sluit zich voor een groot deel aan bij de voorgaande sprekers, zeker als het gaat om de concreetheid van het Plan van Aanpak. Er wordt aangegeven dat meer samenhang wordt aangebracht. Hoe staat het daarmee? Zijn er concrete voorbeelden van hoe die samenhang wordt aangebracht? De ontwikkelingen gaan snel.

Voor veel van de gekozen maatregelen zijn pas op zijn vroegst bij de jaarstukken een eerste resultaat te zien. Welke stappen zet het college om die samenhang in de tussentijd al aan te brengen en dat geen kansen worden gemist in gebiedsontwikkelingen om zowel de kwantiteit als de kwaliteit van het groen te versterken? Hoe zit het bijvoorbeeld met contracten met aannemers voor beheer, ook voor 2026? Als de samenhang pas later zichtbaar is, kan daar wellicht niet meer op worden bijgestuurd. GroenLinks kan zich vinden in de woorden van Volt over de nulmeting. In het rekenkamerrapport zijn twijfels uitgesproken over de kwaliteit van de data die de gemeente heeft. Een intern dashboard is een goede ontwikkeling, maar daarin moeten de juiste data worden opgenomen. Waarom heeft het college ervoor gekozen geen nulmeting uit te voeren? Pagina 39 van 53

5

Vorig jaar is het college al gevraagd hoe meer op de biodiversiteit kan worden gestuurd. Zijn daar nu concrete indicatoren en doelstellingen voor? Hoe wordt daar vervolgens op gestuurd? Vanwege de lastige financiële situatie van de gemeente is voor groen mogelijk niet het gewenste budget beschikbaar. Het college is een mooie crowdfundingsactie gestart op het gebied van het sociaal minimum. Kan niet ook worden gekeken naar meer externe financiering op het gebied van groen? Wellicht kunnen andere partijen ook een steentje bijdragen of andere bronnen worden aangeboord.

10

De heer De Pagter (VVD) vindt GroenLinks best mild. Wat verwacht GroenLinks van het college om het concreter te maken?

15

De heer Bart (GroenLinks) constateert dat in de beantwoording van de schriftelijke vragen heel veel verschillende stukken worden genoemd, maar de samenhang daartussen is lastig te overzien. GroenLinks wil een duidelijk kader waarop de raad kan sturen en dat dit niet is verspreid over meerdere beleidsdocumenten. In de huidige periode is een extra stap gezet op groen. In de afgelopen jaren is per jaar bijna € 1 miljoen extra geïnvesteerd in groen. De resultaten vallen tegen, maar men kan geen ijzer met handen breken.

20

De heer De Pagter (VVD) memoreert dat diverse raadspartijen meermaals een aantal concrete locaties heeft aangewezen om aan de slag te gaan en dat gebeurt niet, ondanks alle extra investeringen die zijn gedaan. Wat vindt GroenLinks ervan dat, zelfs als concrete locaties worden aangewezen, geen bomen of ander groen worden geplant?

25

De heer Bart (GroenLinks) verwijst naar de antwoorden op de schriftelijke vragen waarin bij die concrete locaties wordt uitgelegd waarom er vertraging is of wat de complicaties zijn. Bij natuurgebied Zuilen was bijvoorbeeld meer groen gewenst, maar hadden de inwoners een andere suggestie met minder bomen en minder groen. Dat gold ook voor het plan van CDA. Dat maakt het lastiger om de groenontwikkeling te realiseren. GroenLinks is teleurgesteld over de resultaten, maar uit de inspanningen blijkt dat extra wordt ingezet op groen. Uiteraard vindt GroenLinks dat meer moet worden gedaan, maar het is niet zo dat er niets gebeurt.

30

35

Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt dat men eerlijk moet zijn over ambities, mede gezien de beperkte beschikbare middelen. Wat CDA betreft krijgen groenarme wijken voorrang. Kan de wethouder toezeggen dat geen boekhoudkundige trucjes worden toegepast om het openbare groen op te krikken? Als voorbeeld geeft zij natuurgebied Zuilen. CDA ziet de data graag op buurtniveau.

40

De heer Cornielje (PvdA) vraagt zich af waarom CDA natuurgebied Zuilen als boekhoudkundig trucje ziet om groen toe te voegen.

45

Mevrouw Zwinkels (CDA) reageert dat natuurgebied Zuilen al een groen gebied is. Door dat aan te pakken, zouden de doelstellingen van de RSU worden behaald omdat er dan openbaar groen is gerealiseerd voor Overvecht en Zuilen terwijl in Overvecht en Zuilen zelf niets gaat gebeuren. Dat is een boekhoudkundige truc die niet mag worden herhaald. De heer Cornielje (PvdA) vindt dat het toevoegen van extra hoogwaardig groen in natuurgebied Zuilen niet mag worden gereduceerd tot een boekhoudkundig trucje.

50

55

60

Mevrouw Zwinkels (CDA) is het niet met PvdA eens. Dit is een boekhoudkundige truc. Er is een zogenaamde barcode vanuit de RSU geformuleerd en met een optelsom wordt gesteld dat heel veel vierkante meters groen zijn gerealiseerd in Overvecht en Zuilen. Maar dat is niet het geval. In de straten en de directe woonomgeving in Overvecht en Zuilen is niets veranderd. Het is belangrijk dat ook dichtbij mensen wordt vergroend om hen een fijne woonomgeving te bieden. Geld kan maar eenmaal worden uitgegeven. CDA kiest ervoor de groenarme wijken aan te pakken. De heer Cornielje (PvdA) ziet natuurgebied Zuilen als een project waar veel mensen uit Overvecht en Zuilen kunnen genieten, het groen toegankelijker wordt en hoogwaardiger groen wordt toegevoegd. Dat is geen boekhoudkundige truc. Pagina 40 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

Mevrouw Zwinkels (CDA) wil dan bijvoorbeeld graag zien hoeveel extra bomen worden bijgeplant in natuurgebied Zuilen. Ook Amelisweerd is een prachtig gebied. CDA hoopt dat ook dat in stand kan worden gehouden. Als daarin wordt geïnvesteerd, kan niet tegen mensen worden gezegd dat ze meer groen hebben gekregen. Er moet worden geïnvesteerd in de wijken zelf. Zij vervolgt haar betoog. Groen moet expliciet worden meegenomen in nieuwbouwplannen. Daarbij moet worden gekeken naar samenwerking met de provincie. De provincie heeft mooie successen behaald met het Kromme Rijnlandschap en het Noorderpark. Gedeputeerde Sterk heeft cofinanciering bij het rijk weten binnen te slepen. In Groen Groeit Mee wordt de samenwerking met Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten aangemoedigd. Kan de wethouder toezeggen eventuele samenwerkingen voort te zetten of op te starten? CDA vindt het belangrijk om het samen te doen en vindt zelfbeheer zeer belangrijk. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vindt het fijn dat er zo veel aandacht is voor dit onderwerp. Zij roept haar collega's op dit ook te betogen in de eigen fracties, bijvoorbeeld bij de woordvoerders Ruimtelijke Ordening of Mobiliteit, want daar is in de afwegingen groen toch weer het kind van de rekening. Aanbeveling 5 gaat over het in kaart brengen hoeveel geld en personeel nodig is voor ontwikkeling, beheer en onderhoud van het groen en hoe dat wordt gedekt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=963e48c1-4f03-499d-961a-0d8d64600710