Agendabundel
Tekst van het document
Het Eropaf-team heeft in 2025 ruim 1200 mensen bereikt (waarvan iets meer dan de helft openstond voor toeleiding naar een vorm van zorg of hulp), er zijn meer persoonsgerichte- en locatieaanpakken opgestart en het aantal bezoeken/bezoekers van gebruikersruimte de Stek is toegenomen. We staan dus als stad in het geheel, vanuit zorg en veiligheid, voor een steeds grotere opgave. Vraag 2 In het handhavingsverslag wordt duidelijk hoeveel boetes er zijn uitgedeeld, maar niet welk deel van de boetes daadwerkelijk geïnd zijn. Kan het college inzichtelijk maken hoeveel boetes er zijn geïnd en hoe er is omgegaan met de boetes die niet geïnd zijn? Antwoord 2 Wanneer de BOA een persoon een boete oplegt, wordt deze verwerkt door het CJIB en naar de overtreder gestuurd. Het volledige proces van inning, verzet en beroep wordt door het CJIB afgehandeld waardoor de gemeente er maar beperkt zicht op heeft. Als de aangeleverde gegevens onvoldoende zijn — bijvoorbeeld wanneer een postadres ontbreekt — wordt de casus niet opgepakt door het CJIB. De gemeente ontvangt hierover niet actief een terugkoppeling. Navraag bij het CJIB levert op dat er van de in 2025 ingestuurde boetes op gebruik van harddrugs 64 zaken zijn verwijderd en er 19 zaken zijn overgedragen aan het CVOM (op zitting komen). De rest van de ingestuurde boetes zit nog in het proces van beoordeling.
Vraag 3 Waarom worden er bij dit verbod op harddrugsgebruik relatief veel boetes uitgedeeld in vergelijking met het aantal waarschuwingen? Antwoord 3 Bij het beboeten op gebruik van harddrugs in de openbare ruimte geldt dat handhaving alleen wordt ingezet op plaatsen waar structureel overlast wordt ervaren van openlijk harddrugsgebruik. Ook in deze aanpak wordt ingezet op het toe- (of terug)leiden naar zorg. Het Eropaf-team gaat dagelijks in verschillende samenstellingen naar dit soort locaties om mensen te verleiden om gebruik te maken van het zorgaanbod. Zoals we ook gezien hebben, laat echter niet iedereen zich naar zorg toe (ver)leiden. Politie en handhaving stellen dan grenzen aan het overlastgevende gedrag. Dat kan soms, mondeling of schriftelijk, met een waarschuwing. In andere situaties vraagt het om een boete. Vraag 4 Hoe kijkt het college aan tegen de hoogte van de boete voor harddrugsgebruik? Waarom is deze zoveel hoger dan bij buitenslapen? Erkent ze dat het kan resulteren in extra zorgen en stress bij een toch al kwetsbare groep? Vraag 5 Deelt het college dat het raar is dat er een groot verschil zit tussen boetebedragen bij boetes die een identiek doel hebben? Antwoord 4 en 5 De hoogte van boetes wordt niet door het college van B&W vastgesteld. Dat geldt eveneens voor de hoogte van de boete voor harddrugsgebruik in de openbare ruimte en buitenslapen.
De gemeenteraad stelt het verbod vast in de APV, terwijl de hoogte van de boete volgt uit landelijke sanctieregels en de feitcode die aan de overtreding is gekoppeld. De feitcodes en bijbehorende tarieven worden vastgesteld door het College van procureurs-generaal. Dat de boete voor harddrugsgebruik hoger kan zijn dan voor buitenslapen hangt samen met het juridische karakter van de overtreding. Harddrugsgebruik in de openbare ruimte wordt in de handhaving doorgaans verbonden aan een ernstige(re) inbreuk op de openbare orde, veiligheid en overlast. Vraag 6 Is het college bereid om het boetebedrag voor harddrugsgebruik gelijk te maken aan andere boetes die gericht zijn op overlast, en in dit geval dus naar beneden bij te stellen? Zo nee, waarom niet? Antwoord 6 Nee, wij hebben geen rol in het vaststellen van de boetebedragen en geen invloed op de hoogte ervan.
Vraag 7 Is het college bereid om zo lang als het harddrugsverbod geldt op eenzelfde manier terughoudend om te gaan met het beboeten van harddrugsgebruik, zoals ze deed in 2025 met het verbod op buitenslapen? Zo nee, waarom niet? Antwoord 7 Nee, we vinden het belangrijk om het verbod in te zetten waar het voor bedoeld is; voorkomen dat we teruggaan naar een situatie waarin mensen verder afglijden in drugsgebruik, er vervuilde drugs aan hen verkocht werd, geen gebruik meer maken van de hulp en zorg die zij ontvangen, kwetsbaar zijn voor uitbuiting en dat de hulpverleners geen contact meer kunnen leggen. De situatie die zo grimmig was dat omwonenden, passanten en ondernemers zich continu onveilig voelden door vechtpartijen, intimidatie, bedreigingen, mishandelingen en drugsafval. We vinden het van belang om de ‘Utrechtse aanpak’ van overlast en criminaliteit, die leunt op perspectief bieden én grenzen stellen, in balans te houden. Zeker nu we daar in omvang voor een steeds grotere opgave staan. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
2
Schriftelijke vragen Terughoudendheid met het beboeten van harddrugsgebruik 16-4-2026
Vragen: In Utrecht geldt sinds een paar jaar een verbod op harddrugsgebruik. Deze boete is ingesteld met als doel om overlast tegen te gaan en mensen naar de zorg te begeleiden. In het handhavingsverslag van 27 maart 2026 is te zien dat er in 2025 ruim honderd boetes meer zijn uitgedeeld voor harddrugsgebruik dan in 2024 (van 264 boetes in 2024 naar 368 boetes in 2025). Dit zijn boetes van ruim 400 euro. Voor november 2026 moet de raad beslissen over een mogelijke voortzetting van het harddrugsverbod, omdat het huidige verbod dan afloopt. Door de sterke toename in uitgedeelde boetes heeft de Partij voor de Dieren, BIJ1 en Student en Starter vragen over de huidige invulling van het verbod. De werking van de boete 1. Waarom zijn er 100 meer boetes uitgedeeld: welke verklaring is hiervoor? 2. In het handhavingsverslag wordt duidelijk hoeveel boetes er zijn uitgedeeld, maar niet welk deel van de boetes daadwerkelijk geïnd zijn. Kan het college inzichtelijk maken hoeveel boetes er zijn geïnd en hoe er is omgegaan met de boetes die niet geïnd zijn? 3. Waarom worden er bij dit verbod op harddrugsgebruik relatief veel boetes uitgedeeld in vergelijking met het aantal waarschuwingen? Boetebedrag De boete voor harddrugsgebruik ligt aanzienlijk hoger dan de meeste andere boetes. Ter vergelijking, de boetes die voor buitenslapen uitgedeeld werden bedragen 170 euro.
De boete voor harddrugsgebruik is dus ruim twee keer zo hoog. Voor mensen met een verslaving kunnen de omstandigheden echter even precair zijn. Daarnaast gebeurt het ook dat mensen zowel dakloos zijn als verslaafd. Het gaat hier dus echt om een heel kwetsbare groep. Het is opmerkelijk dat de boete voor harddrugsgebruik zoveel hoger is, terwijl het doel van de verboden identiek zijn: het college zegt bij beiden dat het nodig is tegen overlast en om de mensen met een verslaving te begeleiden naar zorg. Met de grote stijging in het aantal boetes maken wij ons zorgen dat deze hoge boetes leiden tot grote financiële problemen en/of stress. 4. Hoe kijkt het college aan tegen de hoogte van de boete voor
3
harddrugsgebruik? Waarom is deze zoveel hoger dan bij buitenslapen? Erkent ze dat het kan resulteren in extra zorgen en stress bij een toch al kwetsbare groep? 5. Deelt het college dat het raar is dat er een groot verschil zit tussen boetebedragen bij boetes die een identiek doel hebben? Aangezien het harddrugsgebruik geen landelijk verbod is, wordt niet voorgeschreven hoe hoog het boetebedrag moet zijn (artikel 154b-6 gemeentewet). 6. Is het college bereid om het boetebedrag voor harddrugsgebruik gelijk te maken aan andere boetes die gericht zijn op overlast, en in dit geval dus naar beneden bij te stellen? Zo nee, waarom niet? Terughoudend zijn met beboeten Door de aangenomen motie M15 Rechtdoen aan Terughoudendheid werd er in 2025 terughoudender omgegaan met boetes op buitenslapen. Het aantal boetes voor buitenslapen is in 2025 fors gedaald. De boetes voor harddrugsgebruik zijn daarentegen fors toegenomen en in vergelijking vele malen hoger, terwijl het doel van de boete dus zoals gezegd identiek is. 7. Is het college bereid om zo lang als het harddrugsverbod geldt op eenzelfde manier terughoudend om te gaan met het beboeten van harddrugsgebruik, zoals ze deed in 2025 met het verbod op buitenslapen? Zo nee, waarom niet?
Gesteld door:
Sjaak van Bemmel – Maarten van Heuven, Partij voor de Dieren Stevie Nolten, BIJ1 Aileen Siedenburg – Lars van Rooij, Student en Starter
4
Commissie Bestuur Dossiernummer
5343
Vergaderdatum
25 juni 2026
Agendapunt
3.4
Titel
Raadsbrief voortgang aanpak Agenda tegen uitbuiting 2025
Geagendeerd
Vergaderdatum
Commissie Bestuur
4 juni 2026
Commissie Bestuur
25 juni 2026
Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl
Aan de gemeenteraad
Behandeld door
Shirley Koenders
Datum
16 april 2026
Shirley.koenders@utrecht.nl
Kenmerk
34097798
Type brief
Voortgangsbrief
Onderwerp
Voortgangsbrief aanpak Agenda tegen uitbuiting 2025
Bijlage(n)
1
Beleidsveld
Openbare Orde en Veiligheid
Geachte leden van de raad, Met deze brief informeren we u over de voortgang van de Agenda tegen uitbuiting (2023 – 2026). We kijken terug op de gerealiseerde activiteiten in 2025 en blikken vooruit op komend jaar. Samen met onze partners willen we uitbuiting voorkomen, daders aanpakken en slachtoffers snel en adequaat helpen. Dat doen we als: - signaleerder in contact met de samenleving; - beleidsmaker voor een sluitende aanpak en het stroomlijnen van processen; - regisseur die de samenwerking en verbinding tussen en met partners op lokaal, regionaal en landelijk niveau bevordert en coördineert; - verantwoordelijke voor hulp en opvang. Door goede samenwerking en afstemming willen we met elkaar bereiken dat meldingen en signalen van arbeids-, seksuele en criminele uitbuiting worden opgepakt. Ondanks beperkte middelen en beperkte capaciteit blijven we ons samen met onze partners richten op preventie, het vergroten van bewustwording en het verbeteren van de manier waarop meldingen worden ontvangen en opgevolgd. Ambities en acties 2025 Ambitie 1: Gerichtere inzet op preventie Trainingen en bijeenkomsten In 2025 is vanuit het fieldlab Online Ronselen de campagne ‘Praat erover’ gelanceerd. Deze campagne richt zich op het voorkomen van het online benaderen van jongeren voor criminele activiteiten.
De campagne is specifiek gericht op volwassenen rond jongeren zoals ouders, docenten, sportcoaches en andere professionals. Zij worden geïnformeerd over de risico’s, signalen en mogelijke gevolgen van online ronselpraktijken. Onderdeel van de campagne was een online ervaring op sociale media, waarin handelingsperspectief wordt geboden en wordt verwezen naar lokaal hulpaanbod, zoals Veilig Thuis, Keerpunt, het jongerenwerk en de wijkagent. Voor en met ca. 70 samenwerkingspartners betrokken bij de persoonsgerichte aanpak organiseerde de gemeente Utrecht een professionaliseringsdag over het thema digitale criminaliteit. Hierbij werd ook uitgebreid aandacht besteed aan (onbedoeld) daderschap van geldezels.
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
16 april 2026 34097798
In aanloop naar de Week tegen Mensenhandel in 2025 heeft gemeente Utrecht financieel bijgedragen aan de campagne ‘Rake Woorden’. De campagne had als doel jongeren die (mogelijk) betrokken zijn bij criminaliteit te bereiken en hen te stimuleren tijdig hulp te zoeken. In de campagne werden fragmenten gedeeld uit een podcast waarin jongeren open vertellen over hun ervaringen en hun weg uit de criminaliteit. Via Snapchat, TikTok en Instagram is een brede doelgroep bereikt. Gedurende de campagneperiode zijn 54 chats gevoerd met jongeren en hun naasten. In dezelfde periode was sprake van een duidelijke stijging in websitebezoeken en chatcontacten, waaronder ook van jongeren onder de 18 jaar. Na afloop van de campagne namen deze cijfers weer af. Dit onderstreept het belang van gerichte online campagnes om deze doelgroep effectief te blijven bereiken. Daarnaast is een verbetering zichtbaar in de inhoud en kwaliteit van de gevoerde chats ten opzichte van eerdere periodes. De campagne is uitgevoerd in samenwerking met onder meer Dealbreakers (RIEC Den Haag), Young Perspectives, Keerpunt, RIEC Midden‑Nederland en diverse gemeenten, waaronder Utrecht. In Utrecht werd extra aandacht besteed aan de campagne via Jongerenwerk Utrecht (JoU) en in de contacten met scholen.
Onderzoek In oktober 2025 heeft een kick-offbijeenkomst plaatsgevonden, die het startpunt vormde voor de ontwikkeling van een effectieve meldroute, gedragen door alle betrokken partners. Door meer kennis te delen over hoe, waar en met welk effect signalen van uitbuiting worden opgepakt, wordt de bereidheid van professionals vergroot om hun signalen te melden. De kick-off had tevens als doel het contact en de samenwerking met forensische partners te versterken. Dit draagt bij aan meer zicht op de problematiek, een aanbeveling die ook voortkomt uit het actieonderzoek naar criminele uitbuiting onder jongeren in Utrecht. Ambitie 2: Ontmoedigen van daders Gemeenten spelen een belangrijke rol bij het signaleren van uitbuiting. Daarom heeft de gemeente Utrecht in 2025 ook weer ingezet op het trainen van professionals en het opwerpen van barrières. Door meer preventief te werken en tijdig hulpverlening in te zetten bij signalen van criminele uitbuiting, kan verdere schade worden voorkomen. Daarnaast heeft de gemeente een belangrijke bestuurlijke taak in het verstoren en tegengaan van mensenhandel. Dit betreft onder meer bestuursrechtelijke maatregelen zoals het intrekken of weigeren van vergunningen (bijvoorbeeld binnen de sekswerkbranche), het sluiten van panden en het optreden tegen misstanden.
Ook de samenwerking met partners zoals de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA), het Basisteam Uitbuiting (BUIT), politie, OM en andere regionale ketenpartners is belangrijk. Door integraal samen te werken worden signalen sneller herkend, kan informatie veilig worden gedeeld en versterken maatregelen elkaar. De inzet en integrale samenwerking geldt voor alle vormen van mensenhandel (criminele, seksuele en arbeidsuitbuiting), waarbij een combinatie van preventie, zorg, toezicht & handhaving en bestuurlijke maatregelen nodig is om daders te versto.ren en slachtoffers tijdig in beeld te krijgen. We investeerden door onderstaande acties ook in het opwerpen van barrières: Aanhoudingen Politie Midden-Nederland heeft in 2025 het gestelde streefcijfer van 21 aangeleverde verdachten aan het Openbaar Ministerie ruimschoots behaald; in totaal zijn 25 zaken ingestuurd. Gericht toezicht In 2025 zijn er 114 meldingen binnengekomen over onvergund en illegaal sekswerk. De meldingen hadden betrekking op sekswerk in woningen, hotels en massagesalons. Tijdens de controles bleek in sommige gevallen dat er sprake was van signalen van uitbuiting, mensenhandel of mensensmokkel. Deze signalen zijn overgedragen aan de politie. Sinds 2025 wordt actief toezicht op veilig en gezond thuissekswerk uitgevoerd.
Bij actieve controles op thuissekswerk wordt op voorhand door de gemeente en Belle Hulpverlening overlegd over de advertentie en zorgsignalen. Belle Hulpverlening gaat met actief toezicht enkel mee als er zorgsignalen zijn en er daarmee dus een gegronde reden is om als hulpverlening aanwezig te zijn tijdens de controle, dit is altijd een gezamenlijk besluit. Op basis van zorgsignalen is 20 keer gecontroleerd op thuissekswerk. In alle situaties was er sprake van een zorgwekkende situatie en werd er niet voldaan aan de regels voor thuissekswerk. Bij 5 controles waren er signalen van uitbuiting, mensenhandel of mensensmokkel en is Team Migratiecriminaliteit en Mensenhandel (TMM) van de politie ingeschakeld.
2/5
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
16 april 2026 34097798
Dat gemeentelijke controles effectief zijn, blijkt uit een gezamenlijke controle in november 2025 van BUIT (gemeente Utrecht) en de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) bij een Grieks restaurant in Utrecht. Tijdens deze controle werden twee slachtoffers van vermoedelijke mensenhandel aangetroffen. Na het vaststellen van deze misstanden zijn direct beschikbare bestuurlijke bevoegdheden ingezet, waaronder het tijdelijk sluiten van het restaurant. De twee slachtoffers zijn direct in veiligheid gebracht. Één slachtoffer werd opgevangen in een hotel en één op een COSM opvangplek (Categorale Opvang voor Slachtoffers van Mensenhandel). Daar is gebruik gemaakt van de B8 regeling, waarmee het slachtoffer een bedenktijd van drie maanden kreeg om aangifte te doen. Fieldlab Mensenhandel in de zorg Gemeente Utrecht neemt deel aan het landelijke Fieldlab Mensenhandel in de Zorg, gericht op het tegengaan van arbeidsuitbuiting van derdelanders in de care sector. In 2025 vond de eerste controle plaats in de regio door de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) naar aanleiding van signalen van mogelijke uitbuiting. In januari 2026 werd binnen het Fieldlab de 100 dagenfase bereikt. Daarbij is een gezamenlijke integrale controle uitgevoerd. Deze inzet is erop gericht barrières op te werpen, zodat tussen- en uitzendbureaus het moeilijker wordt gemaakt om uitbuiting te faciliteren.
Deelname aan het Fieldlab heeft nu al een positieve samenwerking opgeleverd. De werkrelatie tussen Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) en de gemeente Utrecht is verbeterd en signalen worden sneller gedeeld en opgepakt. Samenwerking NLA Binnen de gemeente Utrecht worden signalen van mogelijke arbeidsuitbuiting actief opgepakt en geduid. Na weging van het signaal wordt, wanneer dit binnen het wettelijke kader van de Nederlandse Arbeidsinspectie valt, het signaal doorgezet naar de Nederlandse Arbeidsinspectie en waar mogelijk verrijkt met aanvullende inhoudelijke informatie. Daarnaast vindt bij casuïstiek afstemming plaats met ketenpartners, zoals politie en het RIEC, en wordt beoordeeld of een integrale aanpak passend is. Indien de Nederlandse Arbeidsinspectie in haar onderzoek stuit op strafbare feiten, zoals mensenhandel (artikel 273f Sr), kan zij opschalen richting politie en Openbaar Ministerie binnen de strafrechtelijke keten. De gemeente wordt in dat geval doorgaans niet via een terugmelding betrokken, maar kan later wel een rol vervullen vanuit zorg, toezicht of een bestuurlijke aanpak. Op deze wijze borgt de gemeente dat signalen niet blijven liggen, maar structureel worden doorgeleid en opgepakt.
Wetgeving Op 10 juni 2025 stemde de Tweede Kamer in met het wetsvoorstel Modernisering en uitbreiding strafbaarstelling mensenhandel, dat de juridische basis versterkt en slachtoffers beter beschermt. Het wetsvoorstel ligt nu bij de Eerste Kamer. Daarnaast is op 1 oktober 2025 het wetsvoorstel voor de implementatie van de herziene Europese Richtlijn mensenhandel ingediend, waarmee aanvullende vormen van uitbuiting expliciet strafbaar worden, zoals gedwongen huwelijk, illegale adoptie en draagmoederschap. Ook wordt de strafbaarheid van het gebruikmaken van gedwongen diensten uitgebreid naar niet‑seksuele diensten. Daarnaast is de Wet ernstige benadeling in behandeling. Deze wet biedt gemeenten een aanvullend bestuursrechtelijk instrument om snel te kunnen handelen bij ernstige misstanden die (kunnen) raken aan arbeids-, seksuele of criminele uitbuiting. De verwachting is dat alle drie de wetten per 1 juli 2026 in werking treden. We blijven alert op de ontwikkelingen en bereiden voor hoe deze wetgeving binnen de gemeente kan worden toegepast. Ambitie 3: Versterken aanbod aan slachtoffers Meldingen Samen met onze partners willen we blijven bijdragen aan het tegengaan van mensenhandel. Het is een complex en vaak verborgen probleem, waardoor het lastig is om volledig zicht te krijgen op de omvang en ernst ervan.
Veel signalen blijven onder de radar, waardoor het werkelijke aantal slachtoffers vermoedelijk aanzienlijk hoger ligt. Elke melding helpt ons om beter inzicht te krijgen in wat werkt aan preventieve maatregelen. Tegelijkertijd laten deze meldingen vaak slechts het topje van de ijsberg zien. In 2025 zijn er 71 meldingen van mensenhandel gedaan bij het Advies- en Meldpunt Mensenhandel van Veilig Thuis Utrecht. Dit is een forsere daling ten opzichte van 2024, toen er 157 meldingen werden doorgegeven. De daling is enerzijds toe te schrijven aan het feit dat Veilig Thuis in 2025
3/5
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
16 april 2026 34097798
minder actief het meldpunt heeft gepromoot. Daarnaast was er in 2024 sprake van een piek in het aantal meldingen, mede door de pilot actieonderzoek criminele uitbuiting en de grote hoeveelheid voorlichtingen die toen plaatsvonden. Voor het resterende deel is de afname lastig te duiden. In het nieuwe jaarplan van Veilig Thuis Utrecht worden nieuwe activiteiten vastgesteld die mogelijk weer invloed hebben op de zichtbaarheid en het gebruik van het meldpunt. Zorgtrajecten In 2025 behandelden de zorgcoördinatoren mensenhandel van Moviera in de gemeente Utrecht 62 aanmeldingen, ten opzichte van 45 in 2024. In totaal werden er in 2025 277 meldingen van mogelijke mensenhandel geregistreerd. Deze stijging is toe te schrijven door het feit dat Moviera in 2025 intensiever contact heeft gelegd met o.a. Stadsteam Back‑Up, COA en Nidos, waardoor zij ook Moviera beter weten te vinden en meldingen sneller worden doorgezet. Hulpaanbod Naast Moviera en Veilig Thuis, zetten verschillende organisaties zich in om slachtoffers van uitbuiting te ondersteunen. Belle Hulpverlening heeft een breed hulp- en dienstverleningsaanbod voor (ex)sekswerkers en slachtoffers van mensenhandel, waaronder sinds 2022 een vertrouwenspersoon. Belle Hulpverlening wordt beter gevonden door ketenpartners voor consultatie, advies en aanmeldingen.
Ook wordt er beter gebruik gemaakt van de spreekuren en van het informatie- en adviescentrum. Er zijn in samenwerking met Pretty Human 3 trajecten gestart met slachtoffers. Aandachtspunt is dat casuïstiek van TMM niet altijd automatisch wordt doorgezet naar Belle Hulpverlening. Ook wanneer er geen duidelijke sprake is van mensenhandel, maar wél zorg of ondersteuning nodig is, kan Belle veel betekenen. Zij bieden brede begeleiding voor sekswerkers en (mogelijke) slachtoffers en kijken samen met de cliënt welke hulp passend is. Multiproblematiek Het is belangrijk om te vermelden dat signalen niet per definitie duiden op mensenhandel; ze kunnen ook verband houden met andere problematieken zoals huiselijk geweld of kindermishandeling. In de eerste veiligheidsbeoordeling worden deze signalen doorgaans wel gelabeld als mogelijke uitbuiting, om het belang van nader onderzoek te onderstrepen. Als het signaal wordt opgepakt, vindt er verdere analyse plaats of wordt het signaal, indien nodig, doorgezet naar relevante ketenpartners. Een belangrijke succesfactor is de goede en intensieve samenwerking tussen Veilig Thuis en de zorg- en coördinatiefunctionarissen (Zoco’s). Zij bespreken meldingen vaak gezamenlijk en bepalen op basis van de aard en ernst van het signaal wie de verdere opvolging op zich neemt.
Aandachtspunten in de aanpak Signalen en zorgen van partners Mensen met multiproblematiek, zoals verslavings- en/of GGZ‑problematiek, vragen om specifieke expertise. Die kennis is niet altijd aanwezig bij alle partners. Moviera vangt ook slachtoffers van mensenhandel op, maar bij ernstige multiproblematiek geldt in de vrouwenopvang landelijk vaak een contra‑indicatie, waardoor meer specialistische ondersteuning nodig is. Ook is het belangrijk dat andere ketenpartners oog hebben voor signalen van mensenhandel bij cliënten. Middels bijeenkomsten, training en bewustwording zorgen we ervoor dat professionals voldoende kennis krijgen om signalen te herkennen en tijdig te handelen. Verder ziet de politie in de praktijk een verschuiving in de aard van zaken. Waar eerder vaker sprake was van seksuele uitbuiting, wordt nu relatief vaker ook criminele uitbuiting gesignaleerd. Ook is sprake van veranderende slachtofferprofielen, wat aandacht vraagt in de aanpak. Het bereiken en ondersteunen van slachtoffers blijft complex, omdat betrokkenen zich vaak niet als slachtoffer herkennen of geen hulpvraag hebben. Waar nodig en mogelijk wordt passende hulp en zorg ingezet binnen de bestaande kaders. Als we mensenhandel echt willen aanpakken, is het wenselijk dat we als gemeentelijke organisatie integraal samenwerken en onze inzet goed op elkaar afstemmen.
Gegevensdeling De aanpak van mensenhandel vraagt om intensieve samenwerking en het delen van informatie binnen de wettelijke kaders. Dit is vaak complex, vooral bij gevoelige persoonsgegevens, zoals bij seksuele uitbuiting. Daarom heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid samen met partners een hulptool ontwikkeld die duidelijk maakt wat er binnen de privacywetgeving wél mogelijk is. De AVG
4/5
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
16 april 2026 34097798
blijft van toepassing. Daarnaast geldt sinds maart 2025 de Wet gegevensdeling in samenwerkingsverbanden (WGS) voor onder meer Zorg- en Veiligheidshuizen. Deze wet maakt het voor samenwerkingspartners, waaronder de gemeente, juridisch eenvoudiger om informatie te delen. Vooruitblik 2026 / 2027 In 2026 zetten we onder andere in op: - Uitbuiting van migranten wordt meegenomen in bestaande aanpakken, onder andere via het Utrecht International Centre en de Utrechtse gecoördineerde aanpak EU-arbeidsmigranten. - Landelijk wordt eind van het voorjaar 2026 een overheidsbrede mediacampagne gestart gericht op het vergroten van bewustwording rondom criminele uitbuiting. De politie MiddenNederland sluit hierbij aan. - Zoals eerder genoemd, loopt ook in 2026 het actieonderzoek naar de aanpak van criminele uitbuiting door; - Criminele uitbuiting vindt in toenemende mate plaats in de digitale wereld. Aandacht in de aanpak voor de online component is dan ook onmisbaar. In de interventies van het Uitvoeringsprogramma Vergroten digitale weerbaarheid Vergroten digitale weerbaarheid is aandacht voor het risico dat jongeren kunnen lopen om via uitbuiting verzeild te raken in digitale criminaliteit zoals sextortion of geldezelschap.
- Het is wenselijk om aan te sluiten bij de aanpak ‘Stop Geweld tegen Vrouwen’ en daarin aandacht te hebben voor het voorkomen en vroegtijdig signaleren van seksuele uitbuiting. - Agenda tegen Uitbuiting (2027-2030) Randvoorwaarden Effectieve samenwerking Het tegengaan van uitbuiting blijft ook de komende jaren noodzakelijk en vraagt om een structurele en duurzame aanpak in samenwerking met maatschappelijke organisaties en programma’s. Naast lokale en regionale samenwerking zijn we goed aangesloten bij landelijke ontwikkelingen via de VNG en de G4, wat ons in staat stelt om kennis te delen, beleid te ontwikkelen en elkaar te versterken. Door deze gezamenlijke inzet kunnen we blijven leren, ontwikkelen en zowel slachtoffers als daders beter ondersteunen binnen de aanpak van uitbuiting. Conclusie De inzet van 2025 is weergegeven in bijgaande infographic. Deze voortgangsbrief staat op zichzelf, maar sluit inhoudelijk aan bij de bredere veiligheidsagenda, waarin het tegengaan van uitbuiting een belangrijk speerpunt is. Parallel aan deze brief ontvangt u de voortgangsrapportage over de veiligheidsagenda. De mogelijkheden zijn zoals bekend beperkt, daarom richten we ons met name op het samenwerken met en ondersteunen van andere partijen. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
5/5
Aanpak Uitbuiting We hebben ons de afgelopen jaren ingezet om uitbuiting tegen te gaan en aan te pakken. In de Agenda tegen uitbuiting 2023-2026 staan allerlei acties om steeds dichter bij een stad zonder uitbuiting te komen. Deze acties zijn vooral gericht op het krijgen van meer inzicht in wat er in onze stad speelt. Zodat we slachtoffers beter kunnen helpen, daders kunnen afschrikken en uitbuiting kunnen voorkomen. Dat kunnen we niet alleen. Hiervoor hebben we de samenwerkingspartners en de ogen en oren van de inwoners in de stad nodig. Deze factsheet geeft meer inzicht in de inzet in 2025.
Wat hebben we gedaan in 2025?
54
chats met jongeren naar aanleiding van de cam pagne ‘Rake Woorden’.
3
Trajecten gestart in samen werking met Pretty Human.
277
meldingen van mogelijke mensenhandel geregi streerd bij Moviera.
20
Controles op thuisseks werk, waarbij 5 signalen van uitbuiting.
70
Profesionaliseringsdag over het thema digitale criminaliteit voor en met ca. 70 samenwerkings partners.
Cijfers 2025 71 meldingen meldpunt bij Veilig Thuis, waarvan 36 criminele uitbuiting, 11 seksuele uitbuiting, 2 orgaanhandel en 2 arbeidsuitbuiting. 62 aanmeldingen bij Moviera. 114 meldingen meldingen binnengekomen over onvergund en illegaal sekswerk. 25 zaken met een verdenking van mensenhandel ingestuurd naar het Openbaar Ministerie.
Samenwerkingspartners De gemeente verstrekt jaarlijks subsidies aan o.a. Jongerenwerk Utrecht (JOU), Belle, Pretty Human en Halt. Zij geven verschillende workshops en trainingen uitbuiting. Gemeente Utrecht nam deel aan het landelijke Fieldlab Mensenhandel in de Zorg, gericht op het tegengaan van arbeidsuitbuiting van derdelanders in de care sector. Deze inzet is erop gericht barrières op te werpen, zodat tussen- en uitzendbureaus het moeilijker wordt gemaakt om uitbuiting te faciliteren.
Deelname aan het Fieldlab heeft nu al een positieve samenwerking opgeleverd. De werkrelatie tussen Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) en de gemeente Utrecht is verbeterd en signalen worden sneller gedeeld en opgepakt. We gaven een vervolg op het actieonderzoek Regioplan dat in 2024 plaatsvond. Samen met de partners hebben we nagedacht over het inzichtelijk maken en verbeteren van een routekaart criminele uitbuiting. Nieuw hierbij was dat dit keer ook de forensische partners aansloten, zoals reclassering, De Waag, Halt en Fivoor.
Meer weten over de aanpak uitbuiting?
Utrecht.nl
Praktijkvoorbeelden
Opvang slachtoffers mensenhandel schaars Een vrouw van 27 jaar oud is uitgebuit in een restaurant in Utrecht. In eerste instantie kon zij geplaatst worden in een COSM (Categorale Opvang Slachtoffers Mensenhandel voor niet Nederlandse volwassen slachtoffers van mensenhandel die in de bedenktijd van aangifte zitten). De gemeente Utrecht is na de bedenktijd verantwoordelijk dat slachtoffer doorstroomt. De enige mogelijkheid om haar te plaatsen bleek een daklozenopvang te zijn. Een niet wenselijke locatie omdat er mogelijk sprake is van LVB en autisme en de kans om weer slachtoffer te worden, groot is. Inmiddels verblijft zij op een OMM plek (opvang
slachtoffers mensenhandel met multiproblematiek). Echter zijn deze plekken schaars en is er heel weinig doorstroming en zal slachtoffer ook hier niet kunnen blijven. Via het buurtteam wordt er nu gekeken welke mogelijkheden er voor haar zijn.
Illegaal sekswerk
Rake Woorden De campagne ‘Rake Woorden’ heeft als doel om jongeren die (mogelijk) betrokken zijn bij criminaliteit te bereiken en hen te stimuleren tijdig hulp te zoeken. Fragmenten uit een podcast waarin jongeren open vertellen over hun ervaringen en hun weg uit de criminaliteit werden gedeeld via Snapchat, TikTok en Instagram. Gedurende de campagneperiode zijn 54 chats gevoerd met jongeren en hun naasten. In dezelfde periode was sprake van een duidelijke stijging in websitebezoeken en chatcontacten. De campagne is uitgevoerd in samenwerking met Dealbreakers (RIEC Den Haag), Young Perspectives, Keerpunt, RIEC Midden‑Nederland en diverse gemeenten, waaronder Utrecht. In Utrecht werd extra aandacht besteed aan de campagne via JoU en in de contacten met scholen.
In april 2025 is naar aanleiding van seksadvertenties een woningcontrole uitgevoerd. De woning bleek een illegaal seksbedrijf te zijn waar drie sekswerkers werkten die afkomstig waren buiten de EU. De bewoner van deze woning was ervan op de hoogte dat deze sekswerkers vanuit de woning werkten en illegaal in Nederland waren. Hij had de sekswerkers ook geholpen bij het maken van de advertenties en het klantencontact en verdiende hier fors aan. De eigenaar van de woning is strafbaar voor mensensmokkel en is overgedragen aan de politie.
Commissie Bestuur Dossiernummer
5385
Vergaderdatum
25 juni 2026
Agendapunt
3.5
Titel
Kranslegging door college bij Nakba-herdenking op het Domplein, bij het Verzetsmonument
Geagendeerd
Vergaderdatum
Commissie Bestuur
25 juni 2026
Schriftelijke vragen inzake de kranslegging van het voltallige college bij de Nakbaherdenking op het Domplein van 15 mei 2026 19-05-2026 Vragen: Besluitvorming en mandaat van het college 1. Op welke datum en in welke collegevergadering is het besluit genomen dat de burgemeester en wethouder Voortman namens het voltallige college van B&W een krans zouden leggen bij de Nakba-herdenking op het Domplein op 15 mei 2026? Is dit besluit collegiaal genomen en gedragen door alle individuele collegeleden, of is het achteraf als collegestandpunt gepresenteerd? 2. Waarom heeft het college, gelet op het politiek gevoelige en internationale karakter ervan, gemeend de raad voorafgaand aan de uitvoering hierin niet te kennen? 3. Welke ambtelijke adviezen zijn aan dit besluit voorafgegaan? Kan de raad de eventuele ambtelijke adviezen krijgen? Zo nee, waarom niet? 4. Wegen voor het college bij de keuze om als overheid deel te nemen aan een herdenking van een buitenlands historisch conflict ook de overwegingen van neutraliteit, gelijke behandeling en evenwicht? Zo ja, hoe heeft het college die toets concreet uitgevoerd? 5. Op basis van welke overwegingen zijn het Domplein en het Verzetsmonument als locatie voor deze herdenking gekozen? Acht het college deze keuze gepast, en zo ja, waarom? Het Verzetsmonument, de 4 meikransen en de aantasting van een gedenkteken 6.
Is het college zich ervan bewust dat het Verzetsmonument op het Domplein in opdracht is gemaakt van het Comité tot Oprichting van een monument voor de Gevallenen in het Verzet van de Stad Utrecht, en is opgericht ter nagedachtenis aan de plaatselijke verzetsmannen en -vrouwen die in de strijd tegen de bezetter zijn omgekomen? 7. Op 15 en 16 mei 2026 is ter plaatse waargenomen dat de kransen die op 4 mei 2026 bij het Verzetsmonument waren gelegd, onder meer door de gemeente, door verzetsorganisaties, door veteranen en door nabestaanden, op een hoop waren gegooid en achter het monument waren gedeponeerd om ruimte te maken voor de Palestijnse kransen, vlaggen, borden, symbolen en tekeningen. Was het college hiervan op de hoogte? 8. Acht het college het aanvaardbaar dat de kransen van de Utrechtse Dodenherdenking op deze wijze terzijde zijn geschoven ten gunste van een politieke demonstratie over een buitenlands conflict? 9. Is door of namens het college, voorafgaand aan of tijdens de Nakba-herdenking, op enig moment opgetreden of geïntervenieerd toen bleek dat de 4 meikransen werden verplaatst
en het Verzetsmonument als drager en achtergrond werd gebruikt voor politieke spandoeken, waaronder een “Free Palestine”-spandoek? Zo nee, waarom niet? 10. Acht het college het, achteraf bezien, een fatsoenlijke handelwijze dat een gedenkteken voor het Utrechtse verzet tegen de nazi-bezetting is gebruikt als prikbord voor politieke uitingen over een hedendaags buitenlands conflict, en dat de burgemeester en een wethouder, in ambtshoedanigheid, daaraan deelnamen in plaats van daartegen op te treden? 11. Welke schriftelijke afspraken zijn er met de organisatoren gemaakt over de eerbiediging van het monument, de behandeling van de aanwezige 4 meikransen en het al dan niet plaatsen van politieke spandoeken op of tegen het monument? Is het college bereid deze afspraken aan de raad te verstrekken? 12. Is het college bereid om in overleg met het Utrechts Comité 4 mei, verzetsorganisaties, veteranenverenigingen en de Joodse gemeenschap een protocol vast te stellen waarin het Verzetsmonument op het Domplein wordt aangemerkt als exclusief gedenkteken voor het Utrechtse verzet, en waarin het oneigenlijk gebruik ervan voor politieke demonstraties over andere onderwerpen wordt uitgesloten? De organiserende keten, PGNL en Amin Abou Rashed 13.
Was het college voorafgaand aan 15 mei 2026 ervan op de hoogte dat één van de sprekers op de Nakba-herdenking, de heer Mohamed Kotesh, optrad namens PGNL (Palestijnse Gemeenschap Nederland)? 14. Was het college ervan op de hoogte dat PGNL in 2016 is opgericht door Amin Abou Rashed, en dat deze door het U.S. Treasury OFAC op 10 juni 2025 op de SDN-terreurlijst is geplaatst vanwege zijn link met Hamas? 15. Was het college ervan op de hoogte dat het Nederlandse Openbaar Ministerie op 14 april 2026 voor de rechtbank Rotterdam vier jaar gevangenisstraf heeft geëist tegen de heer Abou Rashed wegens onder meer het overtreden van de Sanctiewet 1977 en het doorsluizen van miljoenen euro’s naar Hamas-gelieerde organisaties, en dat de uitspraak van de rechtbank is geagendeerd voor 27 mei 2026, elf dagen ná de kranslegging? 16. Indien het college van deze feiten op de hoogte was: waarom heeft het college dit geen aanleiding gevonden om te heroverwegen of een institutionele kranslegging namens het voltallige college bij een door deze keten mede-vormgegeven bijeenkomst passend was? 17. Acht het college het gepast officieel deel te nemen aan een plechtigheid georganiseerd door groepen en personen die verdacht worden van nauwe banden met een internationaal erkende terreurorganisatie en waarom wel of niet? 18.
Ontvangen de organisaties die betrokken zijn bij deze vertoning, Utrecht4Palestine, New Neighbours Utrecht, Palestine Café Utrecht, PGNL, Utrecht Student Encampment en Utrecht Medics for Gaza, subsidie of andere financiële middelen van de gemeente Utrecht? Zo ja, om welk bedrag gaat het per organisatie? De waarschuwing van de AIVD 19. Heeft het college voorafgaand aan de kranslegging kennisgenomen van het AIVDjaarverslag 2025, gepubliceerd in april 2026, waarin de dienst stelt dat “het Hamas-netwerk in Nederland betrokken is bij bredere organisaties die demonstraties organiseren namens een groter deel van de Palestijnse gemeenschap” en dat dergelijke demonstraties “kunnen leiden tot verdeeldheid in de samenleving”? 20. Hoe verhoudt zich de officiële, namens het voltallige college uitgevoerde kranslegging op 15 mei 2026 tot deze expliciete vaststelling van de AIVD, in aanmerking nemende dat de organiserende keten PGNL, opgericht door een persoon die door de Verenigde Staten als Hamas-operative is gesanctioneerd, inhoudelijk en publiek aanwezig was? 21. Acht het college zich gebonden aan de bestuurlijke verantwoordelijkheid om te voorkomen dat de gemeente Utrecht, door aanwezigheid, kranslegging, ambtelijke ondersteuning of welke andere vorm van erkenning dan ook, een platform of legitimering biedt aan
organisaties die door de AIVD in verband worden gebracht met een terroristisch netwerk? Zo ja, hoe verklaart het college dat het op 15 mei 2026 anders heeft gehandeld? De Nakba zelf en de inhoud van de herdenking 22. De Nakba verwijst naar de gebeurtenissen rond 1948 in het voormalige Britse Mandaatgebied. Op welke historische grondslag baseert het college zich wanneer het de verantwoordelijkheid voor de gebeurtenissen van 1948, die vluchtelingenstromen aan twee zijden voortbrachten, waaronder ruim 850.000 Joden uit Irak, Egypte, Jemen, Libië, Marokko, Tunesië, Syrië en Algerije, eenzijdig duidt op een wijze die door deelname aan deze specifieke herdenking impliciet wordt onderschreven? 23. Acht het college het van belang dat in een door de gemeente bijgewoonde herdenking ook recht wordt gedaan aan de feiten dat het VN-verdelingsplan van 29 november 1947 door alle Arabische staten werd verworpen, dat zij op 15 mei 1948 de jonge staat Israël binnenvielen, dat Joodse gemeenschappen uit Oost-Jeruzalem en Gush Etzion volledig zijn verdreven, en dat de 850.000 Joodse vluchtelingen uit Arabische landen door de Israëlische Knesset jaarlijks op 30 november worden herdacht (Yom Haplitim)? Zo ja, hoe heeft dit een plek gekregen in de afweging om aanwezig te zijn? Zo nee, waarom niet? 24.
Is het college zich ervan bewust dat de term “Nakba” in huidige politieke context per definitie de oprichting van de staat Israël zelf, niet enkel een specifieke gebeurtenis daarin, markeert als rampzalig, en dat deelname van de overheid aan deze herdenking daarmee onvermijdelijk een politieke positie inhoudt over het bestaansrecht van de enige Joodse staat ter wereld? 25. Heeft het college beoogd met de kranslegging stelling te nemen in het politieke en historische debat over de als Nakba aangeduide gebeurtenissen en de oprichting van de staat Israël? “Free Palestine” en de eerdere uitspraken van de burgemeester 26. Het college legde een krans voor een spandoek met de tekst “Free Palestine”. Hoe leest het college deze slogan? Sluit het college bij deze interpretatie expliciet de variant uit die in het herziene Hamas-handvest van 2017 wordt verkondigd, “the full and complete liberation of Palestine, from the river to the sea”, een formulering die per definitie het einde inhoudt van Israël als Joodse staat? 27. Burgemeester Dijksma heeft op 9 november 2023, naar aanleiding van een sit-in op Utrecht Centraal, publiek verklaard dat de leuze “From the river to the sea, Palestine will be free” “kan worden gezien als een oproep tot geweld”.
Hoe verhoudt deze eerdere uitspraak van de burgemeester zich tot de keuze van het college om in 2026 wel een krans te leggen voor een “Free Palestine”-spandoek bij een herdenking die door dezelfde keten van organisaties werd gevormd waar deze leuzen worden gescandeerd? Consistentie, neutraliteit en gelijke behandeling 28. Waarom heeft het college de keuze gemaakt om de Nakba officieel te herdenken, gezien er geen connectie met Nederland is en er zo talloze andere gebeurtenissen over de hele wereld herdacht kunnen worden? 29. Heeft het college van Utrecht in de afgelopen tien jaar institutionele kransleggingen verricht namens het voltallige college bij herdenkingen van: de Armeense Genocide (24 april); de Grieks-Turkse bevolkingsuitwisseling van 1923; de slachtoffers van de Sovjetinvasie in Hongarije in 1956; de Praagse Lente in 1968; de deling van India en Pakistan in 1947 met circa twintig miljoen ontheemden; de Yezidi-genocide van 2014; de Oeigoeren in Xinjiang; of de circa 850.000 Joden die tussen 1948 en de jaren ’70 uit Arabische en islamitische landen zijn verdreven (Yom Haplitim, 30 november)? Indien nee, op welke criteria baseert het college zijn keuze voor wél of niet institutionele aanwezigheid bij internationale herdenkingen?
30. Begrijpt het college dat zijn deelname en kranslegging op 15 mei 2026 hebben geleid tot een aanhoudende discussie over de vraag waar en wanneer het college namens Utrecht wel of geen krans zou moeten leggen, en wat de criteria daarvoor zouden moeten zijn? 31. Is het college bereid om, ter waarborging van gelijke behandeling en consistentie, in 2026 of 2027 namens het voltallige college eveneens een krans te leggen bij Yom Haplitim ter herdenking van de Joodse vluchtelingen uit Arabische en islamitische landen? 32. Is het college voornemens andere gebeurtenissen uit de menselijke geschiedenis officieel te gaan herdenken en zo ja welke en waarom wel of niet? 33. Hoe verhoudt zich de aanwezigheid van de burgemeester en wethouder Voortman bij deze herdenking tot de rol van de burgemeester als neutrale macht en tot de wettelijke taak onder artikel 170 lid 2 Gemeentewet om de bestuurlijke integriteit te bevorderen? De Joodse gemeenschap in Utrecht 34. Heeft het college, voorafgaand aan deze kranslegging, overleg gevoerd met de Nederlands-Israëlitische Gemeente Utrecht (NIG Utrecht), de Liberaal Joodse Gemeente Utrecht (LJGU), of met andere vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap in Utrecht? Zo ja, wat waren hun standpunten? Zo nee, waarom is dit overleg achterwege gebleven? 35.
Hoe weegt het college de openbare verklaring van het Centraal Joods Overleg van 17 mei 2026, waarin de koepelorganisatie stelt dat “anti-Israëlische narratieven een directe en aantoonbare impact (hebben) op de veiligheid en het gevoel van thuishoren van Joden in Nederland”? 36. Welke concrete maatregelen treft het college om de fysieke veiligheid van Joodse Utrechters, van de Utrechtse synagogen en van de Joodse begraafplaats te waarborgen in de aanloop naar en in de nasleep van de uitspraak in de zaak-Abou Rashed op 27 mei 2026? Reflectie, oordeel en politieke verantwoordelijkheid 37. Deelt het college de opvatting dat het onverenigbaar is met de waardigheid van het ambt, en met de eerbied die wij in Utrecht aan onze verzetsstrijders verschuldigd zijn, dat de kransen van de Nationale Dodenherdenking achter het Verzetsmonument zijn gedeponeerd om plaats te maken voor kransen, vlaggen en spandoeken die betrekking hebben op een politiek conflict op een ander continent, en dat de burgemeester en een wethouder daaraan in ambtshoedanigheid hebben deelgenomen? 38.
Acht het college het uitlegbaar aan de families van Utrechtse verzetsstrijders, aan veteranen, aan overlevenden van de Tweede Wereldoorlog en aan hun nabestaanden, dat juist het monument dat hun verlies herdenkt op 15 mei 2026 is gebruikt als drager en achtergrond van politieke uitingen over het Israëlisch-Palestijnse conflict, een conflict waar Nederland geen partij in is, en dat geen enkele inhoudelijke band heeft met het Utrechtse verzet tegen de nazi-bezetting? 39. Deelt het college de opvatting dat een Nederlandse lokale overheid, in welke vorm, op welke wijze en met welke intentie dan ook, niet behoort bij te dragen aan de normalisering of legitimering van leuzen, symbolen of organisatorische ketens die herleidbaar zijn tot een terroristische beweging die de vernietiging van een soevereine staat en haar bevolking tot doel heeft? 40. Deelt het college de opvatting dat het Verzetsmonument op het Domplein, evenals alle andere gemeentelijke gedenktekens, eigendom is van alle Utrechters tezamen en dat in Nederland voor iedere ingezetene, ongeacht herkomst of overtuiging, dezelfde gedragsnorm geldt: dat nationale herdenkingsmonumenten worden gerespecteerd, dat de eerbetonen die er liggen niet worden verstoord, en dat zij niet worden geclaimd voor demonstraties over conflicten waarmee zij geen inhoudelijke band hebben? 41.
Is het college bereid om voor toekomstige institutionele kransleggingen of officiële aanwezigheid van collegeleden bij herdenkingen van buitenlandse conflicten een
transparant toetsingskader vast te stellen, waarin in elk geval worden meegewogen: bestuurlijke neutraliteit, consistentie ten opzichte van andere conflicten, de antecedenten van de organiserende partijen, het oordeel van de AIVD en de gevolgen voor alle Utrechtse gemeenschappen, en dit kader ter vaststelling voor te leggen aan de gemeenteraad?
Gesteld door: • •
Mika Raterman, JA21 Yvonne Hessel, Utrecht Solidair
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder 1174
Commissie Bestuur 04-06-2026
In Q4 2024 volgt een
Wethouder
8.1. Raadsbrief Evaluatie
raadsbrief met een update
Schilderman
standaard voor de beleidscyclus
over diverse
Financiën
31-12-2026
Financiën
31-12-2026
Openbare
31-12-2026
verbeterslagen, waaronder een betere financiële paragraaf, een overzicht van 'ongedekt' beleid bij de VJN en een nieuwe standaard van voortgangsrapportages 1173
Commissie Bestuur 04-06-2026
In Q4 wordt de raad per
Wethouder
7. Raadsvoorstel Zienswijze
raadsbrief geïnformeerd
Schilderman
Ontwerpbegroting BghU 2027,
over informatievoorziening
inclusief meerjarenperspectief
aan huurders t.a.v.
2028-2030
kwijtschelding en het automatisch incasso
1147
Commissie Bestuur 07-05-2026
In Q4 volgt een
5. Raadsbrief Aanpak geweld
voortgangsbrief waarin een
Orde en
tegen vrouwen
aantal zaken aan de orde
Veiligheid
komen, waaronder: •overzicht van communicatie-uitingen waarbij vrouwen ook nadrukkelijk worden
Burgemeester
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder uitgenodigd mee te praten over oplossingen; •een bijlage met een overzicht van wat er concreet is gebeurd qua aanpassingen in de openbare ruimte en routes in Utrecht, waaronder ook het Maximapark; •uitbreiding van de opvangcapaciteit 1146
Commissie Bestuur 07-05-2026
Dit kalenderjaar volgt in
Wethouder
Personeel en
4. Veiligheid bij de Utrechtse
het jaarverslag integriteit
Schilderman
Organisatie
'Veegdienst'
en (on)gewenst gedrag een
31-12-2026
update over het werkklimaat bij de afdeling wijkonderhoud en service 1145
Commissie Bestuur 07-05-2026
In de eerstvolgende
Wethouder
Samen Stad
3. Raadsbrief
jaarlijkse voortgangsbrief
Oosters
Maken
Uitvoeringsprogramma ‘De stem
over de Wijkplatforms
van jonge Utrechters’
wordt ook aandacht besteed aan het
30-09-2026
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder adviesrecht i.r.t. bestaande jeugdraden. 1150
Commissie Bestuur 16-04-2026
Er zal op enig moment
Burgemeester
Openbare
7. Jaarwisseling: terugblikken en
overleg met het Rijk
Orde en
vooruitkijken
plaatsvinden over de
Veiligheid
30-11-2026
handhavingspraktijk m.b.t. het landelijk vuurwerkverbod. Wanneer dit heeft plaatsgevonden wordt de raad over de uitkomsten per brief geïnformeerd. 1149
Commissie Bestuur 16-04-2026
In de eerstvolgende
Burgemeester
Openbare
7. Jaarwisseling: terugblikken en
reguliere
Orde en
vooruitkijken
voorbereidingsbrief op de
Veiligheid
30-09-2026
jaarwisseling een nadere analyse van het verloop op de jaarwisseling ’25-’26 toe te voegen. 1148
Commissie Bestuur 16-04-2026
Na de zomer ontvangt de
7. Jaarwisseling: terugblikken en
raad een raadsbrief over de
Orde en
vooruitkijken
nieuwe brede aanpak
Veiligheid
jeugdoverlast.
Burgemeester
Openbare
30-09-2026
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder 1157
Gemeenteraad 29-01-2026 25.
Wethouder Voortman zegt
Wethouder
Diversiteit en
Afrondende besluitvorming na
toe inzichtelijk te maken
Voortman
Inclusie
debat over Beleidsnota Inclusie en
wat er wordt gedaan voor
Diversiteit
gemeenschappen van
30-09-2026
migranten en gevluchte personen op het gebied van Inclusie en Diversiteit en de raad te informeren in de brief over monitoring Plan Einstein. 1126
Commissie Veiligheid, Bestuur en
In 2029 volgt een 'light'
Wethouder
Personeel en
Financiën (2022-2026) 22-01-
evaluatie over de GR HUA.
van der Graaf
Organisatie
Wethouder
Personeel en
van der Graaf
Organisatie
31-07-2029
2026 8. Raadsvoorstel Zienswijze ontwerp wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling Het Utrechts Archief (HUA) 1125
Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën (2022-2026) 22-01-
- In Q1 2026 volgt een
2026 7. Raadsvoorstel
raadsbrief over een vervolg
Rekenkamerrapport 'Verantwoord
op het programma Digitale
omgaan met algoritmes'
Stad, waarin o.a. wordt ingegaan op een visie op het (beleid
31-03-2026
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
op) gebruik van AI door de gemeente. 1104
Commissie Jeugd, Welzijn, Cultuur
Wethouder Voortman zegt
Wethouder
Diversiteit en
31-12-2026
en Sport (2022-2026) 08-01-
toe in te zullen gaan op
Voortman
Inclusie
2026 7. Beleidsnota Inclusie en
straatnamen in de
Diversiteit
volgende stand van zaken Financiën
31-12-2026
Financiën
30-09-2028
brief Q4 2026. 1102
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Bij de aanpassing van het
Wethouder
Financiën (2022-2026) 11-12-
financiële deel van deze
Schilderman
2025 9. Raadsvoorstel Beleidsnota
nota in 2026 ook terug te
Risicomanagement “Voor elk
komen op de 'spiegel van
spannend traject een risicosessie”
de stad' t.a.v. risicobeheersing en in welke mate dit te realiseren is.
1101
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Bij de evaluatie van de
Wethouder
Financiën (2022-2026) 11-12-
beleidsnota in 2028 in
Schilderman
2025 9. Raadsvoorstel Beleidsnota
ieder geval de volgende
Risicomanagement “Voor elk
aspecten mee te nemen:
spannend traject een risicosessie”
het gestandaardiseerd informeren van de raad, in het bijzonder over de risicoparagraaf (en of de raad hier tevreden over is),
20260120 Meer informatie volgt in 2028.
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
in hoeverre risicosessies als zinvol worden ervaren en in hoeverre risico's tussen verschillende beleidsterreinen plaatsvinden 1100
Commissie Veiligheid, Bestuur en
In 2027 volgt een brief
Wethouder
Financiën (2022-2026) 11-12-
over de afronding
Schilderman
2025 8. Versterken van ambtelijke
programma ‘versterken
organisatie rond financiën
financiële functie’ waarin
Financiën
30-06-2027
20260120 Meer informatie volgt in het voorjaar van 2027.
wordt teruggeblikt op wat is behaald en wordt vooruitgeblikt naar wat er verder nog nodig is. 1098
Commissie Veiligheid, Bestuur en
In Q1 2026 een planning,
Wethouder
Financiën
31-03-2026
Afgedaan met drie
12-05-
Financiën (2022-2026) 11-12-
o.a. over het programma
Schilderman
verschillende
2026
2025 8. Versterken van ambtelijke
'grip op investering', de
raadsbrieven voor de
organisatie rond financiën
keten financiële functie,
drie onderdelen uit deze
verbeteringen in de P&C-
toezegging: Grip op
cyclus en inkoop
investeringen, het verbeterprogramma Versterken Financiële Functie en de inkoopfunctie. De
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuillehouder
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
raadsbrief ‘Opgaven voor de inkoopfunctie’ (kenmerk: 34078737) is op 27 februari 2026 naar uw raad verstuurd, waarmee het gedeelte over de inkoopfunctie is afgedaan. Met de raadsbrief ‘Grip op investeringen – planning en voortgang programma’ (kenmerk: 34113808) is uw raad op 19 maart geïnformeerd over Grip op investeringen. Met de raadsbrief ‘Voortgang verbeterprogramma Versterken Financiële Functie voorjaar 2026’ (kenmerk: 34143329) is uw raad op 12 mei geïnformeerd over het verbeterprogramma
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
Versterken Financiële Functie. 1067
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Bij de eerstvolgende
Wethouder
Financiën
30-10-2026
20251202 In Q3 2026
Financiën (2022-2026) 06-11-
programmabegroting volgt
Schilderman
2025 11. Raadsvoorstel
meer informatie over een
de Programmabegroting
Beleidsnota Waarderen, Activeren
(beter leesbare)
2027.
en Afschrijven van Vaste Activa
afschrijvingstabel
volgt meer informatie bij
(WAAVA) 1066
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Bij de behandeling van de
Wethouder
Financiën (2022-2026) 06-11-
jaarrekening 2026 volgt
Schilderman
2025 11. Raadsvoorstel
meer informatie over de
Beleidsnota Waarderen, Activeren
invoeringskosten voor het
en Afschrijven van Vaste Activa
werken met restwaarde.
Financiën
01-06-2026
20251202 In Q2 2027 volgt meer informatie bij de Jaarstukken 2026.
(WAAVA) 1065
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Begin volgend jaar (Q1
Financiën (2022-2026) 06-11-
2026) informeert de
2025 10. Verloren zaak: ‘online
burgemeester de raad over
gebiedsverbod’
de ontwikkelingen t.a.v. de
veiligheidsagenda 2025
aanpak van online
d.d. 14-04-2026.
opruiing.
Burgemeester
Openbare
31-03-2026
Afgedaan met raadsbrief
14-04-
Orde en
en bijbehorende
2026
Veiligheid
voortgangsrapportage
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder 1064
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Er wordt een werkbezoek
Burgemeester
Ombudszake
Financiën (2022-2026) 06-11-
georganiseerd over wat het
Dijksma
n
2025 8. Raadsvoorstel Evaluatie
Ombudsloket doet t.a.v.
Utrechts Ombudsloket en wijziging
kinderen.
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
20260601 Afgedaan bij
13-05-
de Jaarstukken 2025
2026
30-06-2026
Verordening gemeentelijke ombudsman Utrecht 1050
Commissie Veiligheid, Bestuur en
De wethouder zal met de
Wethouder
Samen Stad
Financiën (2022-2026) 25-09-
vrijwilligerscentrale in
Oosters
Maken
2025 7. Van uitvoering bij de
gesprek te gaan (o.a. over
gemeente naar de gemeenschap
samenwerking en
(beantwoording SV 2025, nr. 36)
ondersteuningsmogelijkhe
Financiën
31-12-2026
den) en eind 2026 de commissie hierover informeren. 1005
Commissie Veiligheid, Bestuur en
De raad bij de jaarrekening
Wethouder
30-05-2026
Financiën (2022-2026) 19-06-
2025 te informeren over
Schilderman
2025 2. Raadsvoorstel Jaarstukken
de klimaatrisico’s (analyse
(kenmerk: 32068866) op
2024
over het in beeld hebben
13-5-2026. In de
van de risico’s).
paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing is onder “actualisatie risicoprofiel” vermeld welke
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
klimaatrisico's op welke manier zijn opgenomen. 948
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Als het college aan de slag
Wethouder
Samen Stad
Financiën (2022-2026) 20-03-
gaat met een nieuw
Oosters
Maken
2025 10. Raadsbrief Evaluatie
burgerberaad dan
burgerberaad jaarwisseling
informeert zij de raad en
31-03-2026
gaat ze in op o.a. de tijd en duur van het traject en de mogelijkheid om te overleggen. Ook komt ze terug op vergoedingen (Q1 2026). 892
Commissie Veiligheid, Bestuur en
In het jaarlijkse
Burgemeester
Openbare
Financiën (2022-2026) 16-01-
handhavingsverslag wordt
Dijksma
Orde en
2025 9. Raadsvoorstel Wijziging
de raad geïnformeerd over
van de Algemene plaatselijke
de stand van zaken rond
verordening Utrecht 2010, partiële
weigeringsgronden voor
herziening 2024
evenementenvergunningen
30-06-2025
Veiligheid
bij 'geen goede' organisatoren. 874
Gemeenteraad 12-12-2024 18.
M512
Wethouder
Raadsvoorstel Beleidsnota Utrecht
Ketenverantwoordelijkheid
Schilderman
Circulair 2030
Inkoop
30-09-2025
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder 872
Commissie Veiligheid, Bestuur en
De wethouder zegt toe na
Wethouder
Personeel en
Financiën (2022-2026) 05-12-
de zomer (Q3) een
Streefland
Organisatie
2024 10. Raadsvoorstel Zienswijze
raadsbrief te sturen met de
wijzigen gemeenschappelijke
laatste informatie over de
regeling Het Utrechts Archief
GR HUA, specifiek het
(HUA)
uittredingsproces van het
30-09-2025
Rijk. Tevens volgt na de zomer een aanbod voor een technische bijeenkomst over dit thema, samen met Provinciale Staten. 752
Commissie Veiligheid, Bestuur en
De wethouder zegt toe:
Wethouder
Personeel en
Financiën (2022-2026) 03-07-
•De raad in Q1 2025 een
Streefland
Organisatie
2024 2. Raadsvoorstel
raadsbrief te sturen met de
Voorjaarsnota en Eerste
uitwerking van de
bestuursrapportage 2024
voorgestelde hervormingen in de personele organisatie, met daarin ook de voortgang van het pan om IT-talenten duurzaam aan de organisatie te binden,
31-03-2025
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
evenals het ‘cappen’ van inhuur. 751
Commissie Veiligheid, Bestuur en
De burgemeester zegt toe:
Burgemeester
Financiën (2022-2026) 03-07-
•Om de raad in Q4 2024
Dijksma
2024 2. Raadsvoorstel
een integrale reactie toe te
Voorjaarsnota en Eerste
zenden op de gevolgen van
bestuursrapportage 2024
de bezuinigingen op
Handhaving
31-12-2024
Financiën
30-06-2024
handhaving in samenhang met het Rekenkamerrapport ‘Over lastig handhaven’. 535
Commissie Veiligheid, Bestuur en
De wethouder zegt toe: de
Wethouder
20250722 Deze
Financiën (2022-2026) 24-10-
financiële spelregels in uit
Schilderman
2023 2.a. Raadsvoorstel
te werken inzake de
betrokken bij de
Programmabegroting 2024
financiële werkwijze als
financiële verordening.
onderdeel van de financiële
Om de nieuwe raad in de
verordening in afstemming
gelegenheid te brengen
met de adviescommissie
zich hierover uit te
C&F (binnen een half jaar
spreken, is de planning
na gesprek met adviescie).
van de financiële
toezegging wordt
verordening aangepast naar Q4 2026.
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE BESTUUR 25 JUNI 2026 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille-
Beleidsveld
Deadline
houder 454
Financiën
10-06-2024
Stand van zaken
Datum
openbaar
afdoening
Commissie Veiligheid, Bestuur en
Het College zegt toe bij de
Wethouder
20260415 U bent over
Financiën (2022-2026) 27-06-
volgende VJN, wanneer de
Schilderman
2023 2. Raadsvoorstel
Meerjarenprogramma’s
het laatst geïnformeerd
Voorjaarsnota 2023 en Eerste