Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Raadsinformatiebijeenkomst van 27 november 2025
7
Initiatiefvoorstel Geld voor U Tijd: 19:30-20:30 Locatie: Stadhuishal Portefeuillehouder: Linda Voortman Agendeerders: L. Bode (Volt) Rachel Heijne (Groenlinks) Motivatie: Raadslid Linda Bode van Volt heeft het initiatiefvoorstel Geld voor U! geschreven. Met haar voorstel beoogt zij een vereenvoudiging van het armoedebeleid. Het lijkt GroenLinks een goed idee om van partijen uit de stad te horen wat zij van dit voorstel vinden. Linda Bode geeft ook een technische toelichting op haar voorstel. Ten aanzien van de Rib, denkt de fractie van GroenLinks aan het spreken van de volgende partijen: Armoedecoalitie Utrecht Cliëntenplatform Participatiewet Utrecht Sociaal raadslieden (U-Centraal) Instituut Publieke Economie Informatie over RIB Initiatiefvoorstel 'Geld voor U' Wethouder: Voortman, Beleidsterrein: Werk en Inkomen Indicatieve behandeltijd: 90 minuten Ingediend door Linda Bode (Volt) Met dit initiatiefvoorstel stelt raadslid L. Bode voor om bestaande armoederegelingen te vereenvoudigen en de U-pas te versterken. Zij stelt de raad o.m. voor om: Het visiedocument ‘Geld voor U’ vast te stellen met de leidende principes ‘onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel’ en ‘we geven inwoners regie over hun uitgaven’ Per 1 januari 2028 middelen uit een aantal programma's structureel over te hevelen naar het U-pasbudget.
Initiatiefvoorstel Geld voor U Bijlage 1 Geld voor U - visiedocument bij het initiatiefvoorstel Bijlage 2 Besluit tot wijziging van subsidieverordening U-pas gemeente Utrecht Bijlage 3 Was-wordt tabel behorende bij wijzigingsbesluit subsidieverordening U-pas Bijlage 4 Besluit tot wijziging Verordening IIT gemeente Utrecht Bijlage 5 Was-wordt tabel behorende bij wijzigingsbesluit verordening IIT
Initiatiefvoorstel Geld voor U Basisinformatie Datum
27 November 2025
Gespreksleider
Maartje Vermeulen
Tijd
19:30-20:30
Zaal
Stadhuishal
Werkvorm
Regulier
Portefeuillehouder
Linda Voortman
Links
De gemeenteraad debatteerd op 4 December vanaf 9:00uur over dit onderwerp tijdens de vergadering van de commissie: Volksgezondheid, Onderwijs, Werk en Economie
Wilt u nog informatie delen met raadsleden? Stuur dit naar raadsinformatiebijeenkomst@utrecht.nl Website gemeente en Facebook-pagina ‘Gemeenteraad Utrecht’ Deelnemers
26 deelnemers
Programma 19.30-19.45 (15 min.) Technische toelichting Linda Bode + vragen raadsleden 19.45-20.10 (25 min.) Organisaties uit de stad max. 5 minuten per spreker Achtereenvolgens: * Stichting Leergeld, Cynthia Hansma, ook namens: Stichting Leergeld, Jeugdeducatiefonds en Jeugdfonds Sport & Cultuur * Armoedecoalitie, Marry Mos * Cliëntenplatform Participatiewet Utrecht (CPU), Saskia Brandewijn * Directeur Buurtschool Hart van Noord, Annelies Maas * mogelijk nog een andere organisatie 20.10-20.20 (10 min.) vragen aan bovenstaande sprekers 20.20-20.30 (10 min.) overige insprekers + ruimte voor uitloop
1
Motivatie Raadslid Linda Bode van Volt heeft het initiatiefvoorstel Geld voor U! geschreven. Met haar voorstel beoogt zij een vereenvoudiging van het armoedebeleid. Het lijkt GroenLinks een goed idee om van partijen uit de stad te horen wat zij van dit voorstel vinden. Linda Bode geeft ook een technische toelichting op haar voorstel. Ten aanzien van de Rib, denkt de fractie van GroenLinks aan het spreken van de volgende partijen: Armoedecoalitie Utrecht Cliëntenplatform Participatiewet Utrecht Sociaal raadslieden (U-Centraal) Instituut Publieke Economie Gemeente Wageningen (wethouder of ambtenaar)
Agendeerders Linda Bode (Volt) Rachel Heijne (Groenlinks)
2
Initiatiefvoorstel ‘Geld voor U’ Beleidsveld Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Werk en Inkomen Linda Bode 30585801 Volgt Ja Nee
L. Bode stelt de raad voor te besluiten: 1. Het visiedocument ‘Geld voor U’ (bijlage 1) vast te stellen met de leidende principes: a) ‘Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel', en b) ‘We geven inwoners regie over hun uitgaven’ 2. Het college opdracht te geven in de beleidsnota financiële bestaanszekerheid “Gelijke kansen voor een zeker bestaan” 2024 - 2028 het leidende principe ‘Onze regels en processen zijn eenvoudig’ te vervangen door ‘Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel’, en het leidende principe ‘We geven inwoners regie over hun uitgaven’ toe te voegen. 3. Met ingang van 1 januari 2028 15,1 miljoen euro structureel over te hevelen uit de programma's Werk, Toekomstbestendige Economie en Bestaanszekerheid, Kansrijk Opgroeien, Volksgezondheid, Levendige en Gezonde Stad naar het U-pasbudget.
Dit bedrag omvat budgetten voor beleidsvrije regelingen, subsidies en uitvoeringskosten, zoals gespecificeerd in het visiedocument ‘Geld voor U’, waaronder in ieder geval: a) Een deel van de Individuele Inkomenstoeslag (Verordening Individuele Inkomenstoeslag) , waarbij het normbedrag wordt verlaagd naar € 50 per jaar, de inkomensgrens wordt aangescherpt van 125 % naar 101 % van het wettelijk sociaal minimum en het duurcriterium wordt vastgesteld op minimaal vijf jaar b) De beleidsregel Vrijwillige inzet voor elkaar; c) De beleidsregel Inwoners doen mee en zorgen voor elkaar (Opdracht Sport Utrecht, Herstel en veerkracht Utrechtse Jeugd); d) Het budget Vrijwillige inzet voor elkaar – Weekje Weg; e) De structurele middelen binnen het programma Werk, Toekomstbestendige Economie en Bestaanszekerheid te betrekken bij dit voorstel, te weten € 300.000 voor de Actieagenda Utrechters Schuldenvrij (coalitieakkoord 2022) en € 450.000 voor Dienstverlening en samenwerking stad uit de Beleidsnota Financiële Bestaanszekerheid 2024–2028 f) Het buitenwettelijk begunstigend beleid binnen de Beleidsregel Bijzondere Bijstand af te bouwen, door de buitenwettelijke onderdelen te beëindigen. De voorziening woninginrichting voortaan te verstrekken als lening. Van het vrijgekomen budget wordt de eerste € 810.000 gebruikt ter dekking van de ingeboekte bezuiniging vanaf 2028.
Het resterende deel van het vrijgekomen budget vermeerderd met de overige buitenwettelijke bijzondere bijstand, vormt de dekking van de PM-post ter hoogte van € 1 miljoen. De medische kostenregeling op te nemen als PM-post van € 500.000 ter mogelijke dekking van dit voorstel; g) De vrijval van middelen uit de studietoeslag, geraamd op € 1,8 miljoen, op te nemen als dekking voor dit voorstel, onder voorbehoud van de definitieve uitname door het Rijk uit het gemeentefonds na overheveling van de regeling naar DUO. h) Uitvoeringskosten (inclusief ondersteunende staf, KCC, DOCK, JoU)
4. Het college opdracht te geven om de medische kostenregeling in 2026 te evalueren op benutting en, indien de regeling beperkt wordt gebruikt, deze te beëindigen en het budget als structurele dekking aan dit voorstel toe te voegen. 5. Het ‘Besluit tot wijziging van subsidieverordening U-pas gemeente Utrecht’ (bijlage 2) vast te stellen en dienovereenkomstig de beleidsnota financiële bestaanszekerheid “Gelijke kansen voor een zeker bestaan” 2024 – 2028 aan te passen. 6. Het ‘Besluit tot wijziging van de Verordening Individuele Inkomenstoeslag gemeente Utrecht met ingang van 1 juli 2027 vast te stellen en dienovereenkomstig de beleidsnota financiële bestaanszekerheid “Gelijke kansen voor een zeker bestaan” 2024 – 2028 aan te passen.
Het lid van de gemeenteraad van Utrecht, L. Bode, Volt
2
Samenvatting Dit voorstel schaft de wirwar aan losse armoederegelingen af en vervangt ze door een versterkte Upas. Door budgetten en regelingen te bundelen - waaronder delen van de Individuele Inkomenstoeslag, de Bijzondere Bijstand en diverse subsidies - stijgt het tegoed U-pas voor inwoners fors en krijgen zij meer regie over hun eigen uitgaven. De U-pas wordt bovendien beschikbaar voor een grotere groep Utrechters met een laag inkomen (tot 150% van het sociaal minimum), zodat meer mensen kunnen meedoen.
Context Aanleiding Veel Utrechters missen echte keuzevrijheid wanneer ze financieel klem zitten, wat leidt tot stress, slechtere beslissingen en gezondheidsklachten. Het huidige gemeentelijke ondersteuningssysteem, hoe goed bedoeld ook, is te ingewikkeld, betuttelend en versnipperd. Dit belemmert mensen om hun eigen leven vorm te geven en houdt hen onnodig afhankelijk van allerlei regels en instanties. De gemeente Utrecht heeft op dit moment 4 formele armoederegelingen: de U-pas, Bijzondere Bijstand, kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en de Individuele Inkomenstoeslag. De gemeente ondersteunt daarnaast meer dan 20 informele regelingen middels subsidies aan organisaties die inwoners in armoede ondersteunen. De doelgroep wordt onvoldoende bereikt en de regelingen sluiten onvoldoende aan op de behoeften van de inwoner. Dit was een van de hoofdconclusies van het Rekenkamerrapport ‘pleisters plakken’. Daarnaast werd geconstateerd dat het onduidelijk is wat de resultaten zijn van de subsidies die worden verstrekt voor armoedebestrijding. Bovendien is het voor mensen complex en tijdrovend om na te gaan op welke regelingen ze recht hebben. Dit voorstel maakt inwoners minder afhankelijk, de uitvoering minder duur en geeft mensen meer regie over hun eigen uitgaven. Juridische context Het bepalen van leidende principes en kaderstellend beleid is de bevoegdheid van de raad.
De Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening geven regels over de aanvraag en beoordeling van subsidies. De U-pas is geregeld in een bijzondere subsidieverordening. In deze verordening staan onder andere de U-pastegoeden en de bestedingsmogelijkheden. Met dit initiatiefvoorstel worden de tegoeden op de U-pas opgehoogd, de doelgroep uitgebreid en de bestedingsmogelijkheden verbreed. Om die reden moeten de subsidieverordening en de verordening Individuele Inkomenstoeslag worden aangepast. De uitbreiding van de bestedingsdoelen van de Upas door het expliciet benoemen van de aanschaf van witgoed, kleding en visuele hulpmiddelen is ingekaderd met de voorwaarde “voor zover deze de maatschappelijke participatie bevorderen”. Daarmee blijft de U-pas voldoen aan de eisen die vanuit het Rijk worden gesteld aan de inzet van stadspassen. Deze passen moeten de maatschappelijke participatie bevorderen. Ongerichte inkomensondersteuning is niet toegelaten omdat inkomenspolitiek is voorbehouden aan het Rijk. Het beslispunt 3.f met betrekking tot het overhevelen van budget uit de bijzondere bijstand kan het aanpassen van De beleidsregel Bijzondere Bijstand tot gevolg hebben. De wijziging van deze beleidsregel is een bevoegdheid van het college.
Beoogd effect Het vereenvoudigen van de armoederegelingen zorgt ervoor dat inwoners zelf kunnen bepalen wat zij nodig hebben en wat zij belangrijk vinden. Dat verlaagt stress, geeft rust en versterkt het zelfvertrouwen. Daarnaast bespaart het geld en tijd: minder administratie, minder regels, minder formulieren en minder controle. Dit kan dan worden besteed aan waardevolle andere zaken, denk aan werk, zorg, studie, et cetera. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad - 11 december 2024 - Raadsbrief uitvoeringsprogramma Werk en Inkomen - 28 maart 2024 - Raadsvoorstel Beleidsnota Financiële bestaanszekerheid 3
-
28 maart 2024 – Motie Lobby studietoeslag door DUO 28 maart 2024 – Amendement Help minima met complexe zorgvraag 18 januari 2024 – Raadsvoorstel Rekenkameronderzoek 'Pleisters plakken' 17 oktober 2023 – Rekenkamerrapport ‘Pleisters plakken’ 17 juli 2023 – Schriftelijke vragen Geld Geven
4
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
Het visiedocument ‘Geld voor U’ (bijlage 1) vast te stellen met de leidende principes: a) ‘Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel', en b) ‘We geven inwoners regie over hun uitgaven"
Argumenten 1.1
We zetten hiermee de mens centraal. We bekijken het stelsel aan armoederegelingen vanuit het perspectief van de mensen die er gebruik van maken. Dan wordt duidelijk dat het niet genoeg is dat elke regeling op zichzelf eenvoudig is. Op dit moment is het een dagtaak om wegwijs te zijn in het doolhof aan ondersteuning. Die fragmentatie is ook een vorm van complexiteit. Door regelingen te bundelen, wordt het geheel overzichtelijker.
1.2
We geven inwoners autonomie en vertrouwen. Afhankelijkheid van financiële dienstverlening heeft als gevolg dat mensen zich niet meer in staat voelen om zelf te beslissen. Wij behandelen Utrechters als volwassen mensen die zelf het beste weten wat ze op welk moment nodig hebben. Door de regie bij de inwoner te leggen, wordt de hulp effectiever, omdat het geld wordt besteed aan de meest urgente, persoonlijke nood. Dit geeft mensen hun waardigheid terug en past bij een moderne overheid die uitgaat van de eigen kracht van haar inwoners.
1.3
Eenvoud vermindert stress en verhoogt het bereik, waardoor meer inwoners gebruik maken van de gemeentelijke regelingen en beter kunnen rondkomen. Utrechters in armoede ervaren vaak al genoeg stress. Een complex stelsel van regelingen leidt tot verwarring en het fenomeen van ‘nietgebruik’, waardoor hulp de bedoelde mensen niet bereikt. Door over te stappen op één simpele, overzichtelijke regeling verlagen we de mentale last aanzienlijk. Zo zorgen we ervoor dat meer Utrechters de ondersteuning krijgen waar ze recht op hebben.
1.4
Deze aanpak sluit aan bij adviezen van de Rekenkamer en het Instituut voor Publieke Waarde. Een van de conclusies uit het rekenkamerrapport ‘Pleisters plakken’ is dat de regelingen onvoldoende aansluiten op de behoefte van de inwoner. Waaronder dat het budget op de U-pas beperkt is. Inwoners hebben behoefte aan simpele, eenduidige, laagdrempelige en volledige informatie over het aanbod, hoe regelingen kunnen worden aangevraagd en hoe gebruik kan helpen bij rondkomen en meedoen. Ook recent onderzoek van het IPW adviseert gemeenten om regelingen te bundelen en zo veel mogelijk te werken met vrij besteedbare tegoeden.
1.5
Dit is een investering in preventie en gezondheid. Langdurige financiële stress is een belangrijke oorzaak van zowel mentale als fysieke gezondheidsklachten. Door de bestaanszekerheid van inwoners te vergroten en de stress van bureaucratie weg te nemen, investeren we in de preventieve gezondheidszorg. Dit verbetert de levenskwaliteit van duizenden Utrechters en kan op termijn leiden tot lagere maatschappelijke zorgkosten.
5
1.6
Een simpeler stelsel bespaart de gemeente veel geld. Het beheren van een scala aan regelingen en subsidies kost de gemeentelijke organisatie veel tijd en geld. Het versimpelen van dit stelsel leidt tot een efficiëntere en goedkopere uitvoering. De middelen die hiermee vrijkomen investeren we in Utrechters die het nodig hebben.
1.7
We verruimen de bestedingsmogelijkheden van de U-pas. We geven inwoners meer keuzevrijheid door de bestedingsmogelijkheden van de U-pas te verruimen met kleding, witgoed en visuele hulpmiddelen. We verbreden hiermee het doel en de inzet van de U-pas, want het budget wordt ook inzetbaar voor zaken waarvoor men nu vaak een beroep doet op losse fondsen en organisaties.
Kanttekeningen/ Risico’s 1.1
Een armoedeval blijft bestaan. Dit voorstel kan de zogeheten armoedeval niet oplossen. Dit is het effect waarbij een kleine stijging in inkomen leidt tot het verlies van voorzieningen, waardoor iemand er netto op achteruitgaat. Het volledig wegnemen van deze terugval vraagt om een herziening van het landelijke belasting- en toeslagenstelsel. Dat overstijgt de mogelijkheden en de reikwijdte van dit gemeentelijke voorstel. Binnen onze mogelijkheden beperken we de armoedeval door een extra trede toe te voegen tussen 125% en 150% van het sociaal minimum.
1.2
Niet alle inwoners zijn volledig financieel zelfredzaam. Een deel van de Utrechters met een laag inkomen worstelt ook met schuldproblematiek. Voor deze groep is alleen geld niet de oplossing. Daarom is het cruciaal dat specialistische hulp, zoals schuldhulpverlening, laagdrempelig en goed toegankelijk blijft. Hierop heeft dit voorstel dan ook geen impact.
1.3
Hiermee behouden we nog steeds een armoederegeling, in plaats van gewoon geld geven. De gemeente mag niet aan inkomenspolitiek doen. Dat betekent dat de gemeente alleen aanvullend beleid en compensatie op individueel niveau kan bieden. Een regeling in de vorm gegeven in natura of tegoeden is wel geoorloofd in de vorm van een stadspas. De inzet van de stadspas moet dan wel gericht zijn op uitgaven ten behoeve van maatschappelijke participatie, met name voor activiteiten op het gebied van school, educatie, sport, cultuur en sociale activiteiten . De U-pas is daarom in in Utrecht de beste vorm om dit in te richten.
1.4
De U-pas wordt complexer door het toevoegen van een inkomensgroep. Hoewel we het zo simpel mogelijk hebben gehouden, ontstaat nu wel de situatie dat de U-pas niet voor iedereen hetzelfde tegoed biedt. De complexiteit van verschillende tegoeden per inkomensgroep, kan leiden tot een lagere besteding van de U-pas. We denken dat dit ruim opweegt tegen het wegvallen van alle andere regelingen. De uitvoering van de pas zal ook complexer worden. Hier houden we rekening mee door het uitvoeringsbudget te verhogen.
Beslispunt 2
Het college opdracht te geven in de beleidsnota financiële bestaanszekerheid “Gelijke kansen voor een zeker bestaan” 2024 - 2028 het leidende principe ‘Onze regels en processen zijn eenvoudig’ te 6
vervangen door ‘Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel’, en het leidende principe ‘We geven inwoners regie over hun uitgaven’ toe te voegen. Argumenten 2.1
De nieuwe leidende principes moeten ook worden gewijzigd in de vastgestelde beleidsnota. Op 28 maart 2024 heeft de gemeenteraad de beleidsnota financiële bestaanszekerheid “Gelijke kansen voor een zeker bestaan” 2024 – 2028 vastgesteld. De beleidsnota gaat uit van 5 leidende principes. Dit voorstel past deze principes aan. We behouden 4 principes. We herformuleren het principe “Onze regels en processen zijn eenvoudig” naar “Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel” en voegen een 6e principe toe: “We geven Utrechters regie over hun uitgaven”.
Beslispunt 3
Met ingang van 1 januari 2028 15,1 miljoen structureel over te hevelen uit de programma's Werk, Toekomstbestendige Economie en Bestaanszekerheid, Kansrijk Opgroeien, Volksgezondheid, Levendige en Gezonde Stad naar het U-pasbudget. Dit bedrag omvat budgetten voor beleidsvrije regelingen, subsidies en uitvoeringskosten zoals gespecificeerd in het visiedocument ‘Geld voor U’, waaronder in ieder geval: a) Een deel van de Individuele Inkomenstoeslag (Verordening Individuele Inkomenstoeslag) , waarbij het normbedrag wordt verlaagd naar € 50 per jaar, de inkomensgrens wordt aangescherpt van 125 % naar 101 % van het sociaal minimum en het duurcriterium wordt vastgesteld op minimaal vijf jaar b) De beleidsregel Vrijwillige inzet voor elkaar; c) De beleidsregel Inwoners doen mee en zorgen voor elkaar (Opdracht Sport Utrecht, Herstel en veerkracht Utrechtse Jeugd); d) Het budget Vrijwillige inzet voor elkaar – Weekje Weg; e) De structurele middelen binnen het programma Werk, Toekomstbestendige Economie en Bestaanszekerheid te betrekken bij dit voorstel, te weten € 300.000 voor de Actieagenda Utrechters Schuldenvrij (coalitieakkoord 2022) en € 450.000 voor Dienstverlening en samenwerking stad uit de Beleidsnota Financiële Bestaanszekerheid 2024–2028 f) Het buitenwettelijk begunstigend beleid binnen de Beleidsregel Bijzondere Bijstand af te bouwen, door de buitenwettelijke onderdelen te
beëindigen. De voorziening woninginrichting voortaan te verstrekken als lening. Van het vrijgekomen budget wordt de eerste € 810.000 gebruikt ter dekking van de ingeboekte bezuiniging vanaf 2028. Het resterende deel van het vrijgekomen budget vermeerderd met de overige buitenwettelijke bijzondere bijstand, vormt de dekking van de PM-post ter hoogte van € 1 miljoen. De medische kostenregeling op te nemen als PM-post van € 500.000 ter mogelijke dekking van dit voorstel; g) De vrijval van middelen uit de studietoeslag, geraamd op € 1,8 miljoen, op te nemen als dekking voor dit voorstel, onder voorbehoud van de definitieve uitname door het Rijk uit het gemeentefonds na overheveling van de regeling naar DUO. h) Uitvoeringskosten (inclusief ondersteunende staf, KCC, DOCK, JoU)
Argumenten
7
3.1
Door regelingen samen te voegen, wordt het stelsel overzichtelijker en eenvoudiger. In Utrecht geldt de U-pas als voorliggende voorziening. De U-pas geeft de mogelijkheid om mee te doen aan sport, cultuur en andere activiteiten. De U-pas heeft het grootste bereik, vinden inwoners duidelijk en ze ervaren geen tot weinig schaamte bij gebruik. Met enkel de U-pas wordt het stelsel in Utrecht overzichtelijker. Door het uitbreiden van de bestedingsmogelijkheden op de U-pas sluiten we daarnaast beter aan op de behoefte van de inwoners. Daarbij kan het geld effectiever worden uitgegeven, hebben inwoners meer vrijheid en meer inzicht in de eigen financiën.
3.2
De uitvoeringskosten zijn lager, waardoor de middelen zoveel mogelijk bij de inwoner terecht komt. Door de hoeveelheid regelingen en de hoeveelheid maatwerk vraagt dit veel capaciteit van de uitvoering bij de gemeente Utrecht. Daarbij vraagt een goede uitvoering van de regelingen om specialistische kennis. We verdelen de middelen door regelingen samen te voegen en verlagen daarmee uitvoeringskosten.
3.3
Het budget voor minimaregelingen wordt overzichtelijker. Het huidige budget is versnipperd over meerdere programma’s en posten. Dit voorstel centraliseert het budget, wat het makkelijker te begrijpen maakt voor inwoners en beter te controleren voor de gemeenteraad.
Kanttekeningen/ Risico’s 3.1
Verschillende maatschappelijke organisaties en initiatieven raken hiermee financiering kwijt. Dit voorstel raakt diverse partners in de stad. Zij verliezen subsidies voor hun huidige activiteiten en organisatie. We waarderen het werk dat deze organisaties doen, maar tegelijk geloven wij dat een vereenvoudiging van het stelsel hoognodig is. Daarbij is het onvermijdelijk dat sommige geldstromen stoppen. Een deel van de organisaties kan doorgaan als filantropische organisatie, gefinancierd uit donaties en giften. We hanteren ook een lange overgangsperiode, tot 1 januari 2028, om deze organisaties de tijd te geven om zich voor te bereiden op het nieuwe stelsel.
3.2
Dit biedt onzekerheden in de financiële doorrekening. Een financiële operatie van deze omvang kent van nature onzekerheden en aannames voor in de toekomst. De omvang van de vrijvallende middelen uit de Bijzondere Bijstand, de medische kostenregeling en de studietoeslag hangt deels af van benutting en van besluiten op rijksniveau. Daarnaast is bij de raming rekening gehouden met een mogelijk stijgend bestedingspercentage van de U-pas, aangezien de verruiming van bestedingsmogelijkheden naar verwachting tot een hogere benutting zal leiden. Om die reden is gekozen voor een behoedzame aanpak en een meerjarige invoering tot 2028, zodat de effecten kunnen worden gemonitord en budgetten tijdig kunnen worden bijgestuurd wanneer de praktijk daarom vraagt.
3.3
Realisatie van de besparing op uitvoeringskosten is een uitdaging. Het voorstel boekt een forse besparing van circa €1 miljoen op de gemeentelijke uitvoeringskosten. Een dergelijke besparing op ambtelijke capaciteit is geen eenvoudige boekhoudkundige ingreep, zeker in een tijd waarin de organisatie al voor grote bezuinigingsopgaven staat. De lange voorbereidingstijd tot 2028 is hierin essentieel. Het geeft de gemeentelijke 8
organisatie de ruimte om deze personele overgang zorgvuldig en via natuurlijk verloop te managen, zodat de besparing gerealiseerd kan worden zonder de organisatie abrupt te schaden. 3.4
De beleidsregel Bijzondere Bijstand moet worden aangepast Door de bijzondere bijstand te beperken tot het wettelijk verplichte deel, zullen verzoeken voortaan worden afgewezen. Dit gaat mogelijk verwarring en teleurstelling veroorzaken bij doelgroep en belangenvertegenwoordigers. Dit vraagt aandacht in de communicatie en voorlichting.
3.5
Eenvoud gaat ten koste van specifiek maatwerk Door de bijzondere bijstand te beperken tot het wettelijk verplichte deel, zullen we Nee gaan verkopen op het buitenwettelijk begunstigde deel. Dit gaat mogelijk verwarring en teleurstelling veroorzaken bij doelgroep en belangenvertegenwoordigers. We menen dat de voordelen van eenvoud en regie zwaarder wegen. Het totale budget per persoon wordt namelijk fors verhoogd, waardoor er voldoende financiële ruimte ontstaat om zelfstandig in deze noodzakelijke uitgaven te voorzien.
Beslispunt 4
Het college opdracht te geven om de medische kostenregeling in 2026 te evalueren op benutting en, indien de regeling beperkt wordt gebruikt, deze te beëindigen en het budget als structurele dekking aan dit voorstel toe te voegen
Argumenten 4.1
De regeling wordt op dit moment zeer beperkt gebruikt. Als dit zo blijft, kan het budget anders benut worden en daarom het voorstel dit toe te voegen aan de U-pas.
Beslispunt 5
Het ‘Besluit tot wijziging van subsidieverordening U-pas gemeente Utrecht’ (bijlage 2) vast te stellen.
Argumenten 5.1
De subsidieverordening regelt formeel het U-pastegoed en de bestedingsmogelijkheden. In de subsidieverordening U-pas gemeente Utrecht staat de hoogte van het U-pastegoed, doelgroep en de bestedingsmogelijkheden. Met dit initiatiefvoorstel worden de wijzigingen uit het visiedocument formeel verankerd. De raad heeft een regelgevende rol voor de U-pas en moet daarom de verordening wijzigen.
Beslispunt 6
Het ‘Besluit tot wijziging van verordening individuele inkomenstoeslag gemeente Utrecht’ (bijlage 4) vast te stellen.
Argumenten 6.1
Met het aanpassen van de voorwaarden van de Individuele Inkomenstoeslag moet de onderliggende verordening opnieuw worden vastgesteld.
9
In verordening staat de hoogte van de individuele inkomenstoeslag, de periode vanaf wanneer iemand hier recht op heeft en het maximum inkomen om recht te hebben. Met dit initiatiefvoorstel worden de wijzigingen uit het visiedocument formeel verankerd. De raad heeft een regelgevende rol voor de Individuele Inkomenstoeslag en moet daarom de verordening wijzigen.
Financiën In het visiedocument is het financieel overzicht opgenomen. De totale kosten voor deze nieuwe aanpak bedragen circa €15,1 miljoen, waarvan ongeveer €14,8 miljoen direct ten goede komt aan de doelgroep via de U-pas. €350.000 is gereserveerd voor extra uitvoeringskosten. De kosten voor de Upas worden gedekt binnen het programma Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid (doelstelling Inkomenszekerheid). Hiervoor is structureel ruim €6 miljoen begroot. De overige €9 miljoen komt beschikbaar door het versoberen van de Individuele Inkomenstoeslag, het beëindigen van de huidige armoederegelingen en subsidies, en besparingen op uitvoering. Deze middelen worden rechtstreeks toegevoegd aan het U-pas budget. Bij de berekening van de nieuwe U-pasbedragen is rekening gehouden met een toename van de besteding door de uitbreiding van bestedingsmogelijkheden. Omdat het U-pasjaar (juli tot juli) niet samenvalt met het boekjaar en er meerdere onzekere variabelen zijn, zijn de kosten voor de eerste periode niet exact in te schatten. Het gebruik van de U-pas zal daarom regelmatig worden gemonitord, zodat er tijdig kan worden bijgestuurd. De transitie naar één U-pas systeem zal naar verwachting op termijn leiden tot lagere uitvoeringskosten door vereenvoudiging van processen en vermindering van administratieve lasten.
Vervolg Na het raadsbesluit wordt de wijziging bekend gemaakt op www.overheid.nl. Daarnaast zal dit terugkomen in de tweejaarlijkse voortgangsrapportage waarin de monitoring van het beleid wordt toegelicht. Ook de uitvoering van de medische kostenregeling wordt meegenomen in de evaluatie van 2026.
Participatie Dit voorstel is opgesteld met input van bewoners, ervaringsdeskundigen en verschillende organisaties, zoals de Armoedecoalitie, bewonersverbinders en Sociaal Raadslieden. Ook is er met inwoners gesproken in de werkwinkel in Overvecht. Hun ervaringen, gedachten en ideeën hebben een waardevolle bijdrage geleverd bij het maken van keuzes en of de voorgestelde richting werkbaar is. Vervolgens is het voorstel gepresenteerd op twee partijcongressen met ervaringsdeskundigen en mensen werkzaam ‘in het veld’ in het publiek. Ook hun feedback is meegenomen.
Communicatie Na vaststelling zullen de partners en subsidierelaties worden geïnformeerd door de gemeente. Zij zullen worden meegenomen in eventuele beëindiging van financiële relaties.
Bijlagen Bijlagen besluitvorming: Bijlage 1: Geld voor u – visiedocument bij het initiatiefvoorstel Bijlage 2: Besluit tot wijziging van subsidieverordening U-pas gemeente Utrecht Bijlage 3: Was-wordt tabel behorende bij wijzigingsbesluit subsidieverordening U-pas Bijlage 4: Besluit tot wijziging van Verordening IIT gemeente Utrecht Bijlage 5: Was-wordt tabel behorende bij wijzigingsbesluit Verordening IIT Bijlagen informatief: Bijlage 6: Minima Effect Rapportage NIBUD (volgt eind november)
10
Initiatiefvoorstel: Geld voor U Hoe een radicaal eenvoudiger beleid voor Utrechters met een laag inkomen zorgt voor meer eigen regie
1
Inhoud Inhoud ............................................................................................................................................................................ 2 Voorwoord .................................................................................................................................................................... 3 1.
Introductie ..................................................................................................................................................... 4
2.
De Utrechtse context .................................................................................................................................. 6
3.
Leidende principes .................................................................................................................................... 10
4.
Uitwerking voorstel ......................................................................................................................................... 12
5.
Routekaart naar 2028 ............................................................................................................................... 16
Bijlage 1: Overzicht besparingen ............................................................................................................................ 18 Bijlage 2: Alternatieven die we hebben overwogen ............................................................................................ 19
2
Voorwoord In september 2022 voerde de gemeenteraad van Utrecht een debat over de Armoedemonitor. Veel inwoners waren in financiële nood gekomen door stijgende prijzen, waardoor hun inkomen onvoldoende was om huur te betalen, boodschappen te doen en hun huis te verwarmen. Er werd gesproken over ‘mobiliteitsarmoede’, ‘menstruatiearmoede’, ‘energiearmoede’ en de maatregelen die genomen konden worden om de inwoners die hiermee te maken hadden te helpen. Extra acties, extra budgetten, voor ieder specifiek probleem een potje. Volt verbaast zich over hoe, met alle goede intenties, er altijd regelingen en potjes bij komen. Waarom kijken we niet vaker hoe we effectiever kunnen omgaan met de regelingen die er al zijn? De veelheid aan potjes maakt het onnodig en onbedoeld moeilijker om de eindjes aan elkaar te knopen. En we vragen ons af waarom anderen moeten bepalen voor mensen waaraan ze geld mogen uitgeven of op welke spullen ze wel of geen recht hebben. Dan hebben we het nog niet eens gehad over wat er nodig is aan capaciteit in mensen en geld om alles uit te voeren. Als te weinig geld de oorzaak van armoede is, waarom geven het geld dan niet direct? Volt Utrecht heeft in de afgelopen jaren diverse moties en amendementen ingediend om het leven van mensen in armoede simpeler te maken. Denk hierbij aan het stoppen van de U-polis: de markt kan dat simpelweg beter dan de gemeente.
Ook hebben we ons ingezet voor een lobby voor het overhevelen van de studietoeslag naar DUO, die resulteerde in een unamiem aangenomen motie in de Tweede Kamer om dit daadwerkelijk te doen. Alles met als doel om het voor mensen makkelijker en minder tijdrovend te maken, en voor de gemeente om het efficiënter en effectiever te maken. Ook hebben we middels schriftelijke vragen een oproep gedaan aan het college om mee te doen aan een proef met geld geven. We merken echter terughoudendheid en vasthouden aan de huidige systemen, terwijl we overtuigend bewijs zien dat het anders kan en geloven dat dit ook in Utrecht mogelijk is. Daarom hebben we zelf het initiatief genomen tot het voorstel dat u nu leest. We zijn trots om te laten zien dat radicale vereenvoudiging van armoederegelingen mogelijk is. Niet alleen is het mogelijk, het betekent zelfs dat we méér kunnen doen om mensen in armoede te helpen.
3
1. Introductie Wij vinden het heel belangrijk dat iedereen zelf kan beslissen wat zij doen en wie zij zijn. Maar deze autonomie is niet voor alle Utrechters vanzelfsprekend. Veel inwoners hebben te weinig inkomen om van rond te komen, waardoor ze kansen missen en dromen niet kunnen najagen. Wij willen deze mensen helpen, en ze meer ruimte te geven om zelf keuzes te maken. Te weinig inkomen zorgt voor veel stress. Daardoor komen mensen makkelijk vast te zitten in een negatieve spiraal. Onderzoek laat zien dat het IQ van mensen in financiële nood zelfs met gemiddeld 13 punten1 daalt. Dat betekent dat ze minder overzicht hebben over hun financiën en bestaan in bredere zin, meer stress hebben en vaker verkeerde keuzes maken. Het gevolg: schulden, gezondheidsproblemen, spanningen thuis en minder perspectief om uit armoede te ontsnappen. Bovendien is arm zijn extra duur: gespreid betalen kost meer, boodschappen in kleine verpakkingen zijn relatief duurder, en wie weinig geld heeft, krijgt het steeds moeilijker om vooruit te komen. Ook de gemeente Utrecht houdt inwoners — goedbedoeld — klein. Er zijn allerlei fondsen en regelingen die bepalen waar inwoners met geldzorgen hun geld aan kunnen besteden. Dat voelt betuttelend en het maakt het systeem ingewikkeld en duur.
Utrecht regelt bijzondere bijstand, de individuele inkomenstoeslag, kwijtschelding van gemeentelijke belastingen, en de U-pas. Daarnaast subsidieert de gemeente ruim dertig organisaties die inwoners met weinig geld helpen. Elke regeling en elke organisatie heeft eigen regels, formulieren en medewerkers. Dit kost niet alleen veel geld, het is ook verwarrend voor inwoners. Het oorspronkelijke doel raakt uit het zicht: ervoor zorgen dat iemand zelf weer financieel stabiel wordt. Idealiter zouden we inwoners met weinig geld gewoon een basisinkomen geven. Bijvoorbeeld via een Europese basistoeslag waarbij mensen onder een bepaalde inkomensgrens belastinggeld ontvangen in plaats van betalen. Dat zou inwoners rust, vertrouwen en echte keuzevrijheid geven. Iedereen moet immers voldoende geld hebben voor wonen, energie, onderwijs, zorg, sport, cultuur, openbaar vervoer en internet. Maar een gemeente mag geen inkomenspolitiek voeren, waardoor dit basisinkomen voor ons lokaal geen optie is. Wat kunnen we in Utrecht dan wél doen? Binnen de wettelijke grenzen kan Utrecht de armoederegelingen radicaal versimpelen en inwoners meer regie geven over hun eigen keuzes. Dit betekent dat we scherpe keuzes maken. We willen zo veel mogelijk regelingen samenvoegen tot één duidelijke en breed besteedbare tegoedregeling.
Waarom zou de gemeente bepalen welke voetbalschoenen iemand voor haar kind mag kopen, en in welke winkel? Waarom zouden wij beslissen of ze snelbinders of een kinderzitje op de fiets nodig heeft? Inwoners weten zelf het beste wat belangrijk is voor henzelf en hun gezin. Geld geven geeft regie terug aan inwoners. Het zorgt ervoor dat inwoners zelf bepalen wat zij nodig hebben en wat zij belangrijk vinden. Dat verlaagt stress, geeft rust en versterkt het zelfvertrouwen. Daarnaast bespaart het geld en tijd: minder administratie, minder regels, minder formulieren en minder controle. Voeg daarom alle potjes, initiatieven en fondsen samen en geef dit in de vorm van tegoeden aan inwoners tot 150% van de bijstandsnorm. De besparing op uitvoeringskosten kunnen we inzetten om andere belangrijke gemeentelijke taken beter uit te voeren.
1
“Poverty Impedes Cognitive Function”, Mani et al., Science. science.org/doi/10.1126/science.1238041 4
We willen stoppen met inwoners in armoede afhankelijk te houden van ingewikkelde regelingen. Utrecht kan het beter, simpeler en effectiever doen. Dit voorstel maakt inwoners zelfstandiger, de uitvoering minder duur en geeft mensen hun autonomie en vertrouwen terug.
5
2. De Utrechtse context Huidige situatie De huidige regelingen in Utrecht ondersteunen huishoudens met een inkomen tot 125% van het Wettelijk Sociaal Minimum (WSM). Op het eerste gezicht klinkt 125% nog redelijk, maar het betekent concreet dat alleenstaanden maximaal €2.454 bruto verdienen en echtparen €3.425 bruto per maand. Daar kun je van leven, als je een goedkope woning hebt, goed met geld om kan gaan en geen tegenslagen hebt. Maar zelfs huishoudens met een inkomen tot 150% van het WSM blijven financieel kwetsbaar.2 Het wettelijk minimum voldoet simpelweg niet meer aan de realiteit van het dagelijks leven.3 Helaas ligt het aanpassen hiervan buiten onze gemeentelijke mogelijkheden. Daarvoor is actie in Den Haag nodig.4 In Utrecht heeft 1 op de 7 huishoudens een inkomen tot 125% van het WSM. In totaal zijn dit ca. 22.500 huishoudens. Daarbij worden studentenhuishoudens buiten beschouwing gelaten, omdat zij geen doelgroep van armoedebeleid zijn. Van deze huishoudens is de grote meerderheid een eenpersoonshuishouden. Een kleiner deel bestaat uit paren of huishoudens met kinderen. Zoals eerder al benoemd, ligt de grens van het sociaal minimum hoger voor paren dan voor eenpersoonshuishoudens.
Eenpersoons
15.587
Paar zonder kinderen
2.451
Eenoudergezin
2.280
Paar met kinderen
1.938
Overig
226
Grafiek 2.1: Huishoudens in Utrecht met een inkomen tot 125% van het sociaal minimum. Bron: CBS, 2023.
In deze huishoudens leven ca. 8.500 kinderen. Daarvan zijn zo’n 1.100 meerderjarig, oftewel thuiswonende kinderen ouder dan 18. De overige 7.400 zijn minderjarig. Deze groep heeft heel verschillende soorten inkomens. Ongeveer een kwart van de huishoudens (5.320) heeft een inkomen uit werk of als zelfstandige. Iets meer huishoudens ontvangen een bijstandsuitkering of een pensioen.
2
Volgens cijfers van het NIBUD. Zie bijvoorbeeld: SV 2022 nr. 172 Bestaanszekerheid; nut en noodzaak en de inzet van betaalde ervaringsdeskundigen 3 Sociale minima in de knel | Nationale ombudsman 4 Steeds meer partijen (VNG, Nibud, gemeenten, Armoedecoalitie etc.) willen af van de veelheid aan tijdelijke pleisters om het ergste leed te verzachten en geven aan dat het verhogen van het sociaal minimum door het Rijk de basis is voor een structurele oplossing. 6
Pensioen
6.601
Werkloosheid / bijstand
6.255
Werknemer of zelfstandige
5.320
Arbeidsongeschikt
2.240
Grafiek 2.2: Huishoudens onder 125% WSM naar inkomstenbron. Bron: CBS, 2023.
De gemeente Utrecht heeft op dit moment 5 4 eigen armoederegelingen: 1. U-pas: Een stadspas met een budget, waarbij inwoners gratis of met korting gebruik kunnen maken van diensten van (maatschappelijke) organisaties of producten kunnen aanschaffen. Denk aan de contributie van de voetbalclub of de aanschaf van een fiets. Op dit moment maken 42.481 inwoners gebruik van de U-pas (zie tabel 2.2). Gemiddeld besteden inwoners ongeveer 70% van hun U-pastegoed. De besteding bij kinderen is ongeveer 88%.6 2. Individuele Inkomenstoeslag: een jaarlijkse toeslag voor huishoudens met een langdurig laag inkomen. Inwoners met een bijstandsuitkering die aan de voorwaarden voldoen, ontvangen deze toeslag automatisch. Het bedrag varieert van €50 tot €800 per jaar, afhankelijk van de huishoudsamenstelling. 10.012 bewoners ontvangen deze toeslag (eindstand 2024).7 3. Bijzondere bijstand: een geldbedrag om extra of hoge kosten te betalen. Dit moeten noodzakelijke kosten in een bijzondere situatie zijn. Hier maken 14.252 bewoners gebruik van. 4. Kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en waterschapsheffing. Daarvoor moet een inwoner een laag inkomen hebben, geen woning hebben met overwaarde en geen voertuig met een waarde hoger dan €3.325 bezitten. Hier maken ongeveer 15.000 inwoners gebruik van.
5
Per 1 januari 2025 is de U-polis afgeschaft en met ingang van 1 april 2025 is de Regeling Tegemoetkoming Zorgkosten vervallen. 6 Armoede | Utrecht Monitor 7 Dashboard Werk & Inkomen, geraadpleegd via https://utrecht.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Item/393c72d9-fb70-4e38-a6a1-95f846d3b71b 7
Naast deze eigen armoederegelingen zijn er veel verschillende fondsen, organisaties en stichtingen die inwoners met armoede ondersteunen en daarvoor een subsidie of bijdrage ontvangen van de gemeente Utrecht. Denk bijvoorbeeld aan de Voedselbank, Stichting Leergeld, Stichting Babyspullen en buurtteams. Zij helpen inwoners onder andere met de aanschaf van een laptop, sportkleding, een bril, etcetera.
Bevindingen en ervaringen In oktober 2023 verscheen het Rekenkamerrapport ‘pleisters plakken’ 8. Daarin concludeert de Rekenkamer dat de doelgroep van het armoedebeleid onvoldoende bereikt wordt en dat de regelingen onvoldoende aansluiten op wat mensen nodig hebben. Daarnaast constateert de Rekenkamer dat het onduidelijk is wat de resultaten zijn van de subsidies die worden verstrekt voor armoedebestrijding. Ook is er geen sturing op de onderlinge samenwerking tussen de samenwerkingspartners, waarbij partners ook niet altijd van elkaars bestaan en dienstverlening afweten. Inwoners bevestigen dit beeld. Zo weten velen niet waarvoor je Bijzondere Bijstand kunt aanvragen of zijn er slechte ervaringen: “Ik wilde een vergoeding aanvragen voor het dieet van mijn zoontje, die lactose-intolerant is. Ik moest daarvoor de bonnetjes van de boodschappen van het afgelopen jaar aanleveren. Die heb ik niet meer, want wie bewaart dat nou? En ik had al een brief van de huisarts waarin staat dat mijn zoontje lactose-intolerant is.” Voor vergoeding van onverwachte kosten, moet je vaak eerst een offerte hebben, voordat je het vergoed kan krijgen. Inwoners kunnen niet wachten totdat ze een offerte hebben, omdat er sprake is van een acute situatie: “Ik moest met spoed naar de tandarts. De behandeling kon niet wachten en was erg duur.
Ik vroeg later een vergoeding van de kosten aan, maar die werd afgewezen, omdat ik niet eerst een offerte had ingediend.” Ook voldoet het aanbod niet aan de behoefte of is het budget onvoldoende: “Als de koelkast kapot gaat, kun je geld van de gemeente krijgen voor een nieuwe, maar dat is veel te weinig. Een goede tweedehandse, waarvan het aanbod groot is en die veel goedkoper is, mag niet.” Daarnaast blijkt uit de gesprekken die we hebben gevoerd met onder andere gebruikers van de regelingen en mensen die hen daarbij ondersteunen, dat mensen bang zijn om een regeling aan te vragen, omdat ze dan mogelijk moeten terugbetalen. Ook wordt vaak veel (persoonlijke) informatie gevraagd, die niet altijd relevant voor de aanvraag is en die mensen ook niet kunnen of willen delen. Middels het amendement Help de minima met een complexe zorgvraag, mede ingediend door Volt, is de U-polis per 2025 afgeschaft. Dit was een eerste stap in de versimpeling van armoederegelingen, omdat gebruikers daarmee moesten overstappen naar een reguliere zorgverzekeraar. Aanvankelijk zorgde dit voor een schok, omdat men niet wist hoe ze dit moesten doen. De gemeente regelde dit al jaren voor hen. Dit sloeg echter snel om: ze werden goed begeleid in de overstap door de
8
Lees het rapport hier: https://www.nvrr.nl/rapport/pleisters-plakken-een-onderzoek-naar-hetbereik-en-de-effectiviteit-van-de-armoedeaanpak-in-de-gemeente-utrecht/ 8
gemeente en de nieuwe polis bleek voor veel mensen goedkoper. Daarnaast raakten mensen er aan gewend dat ze weer zelf voor hun zorgverzekering verantwoordelijk zijn. Uiteindelijk zijn veel mensen hierdoor financieel beter af, en dragen ze meer regie over hun eigen leven.
9
3. Leidende principes Het Utrechtse armoedebeleid is gebaseerd op de Beleidsnota Financiële Bestaanszekerheid. Deze nota gaat uit van 5 leidende principes, die we grotendeels steunen. We zien wel kansen om ze aan te scherpen, om zo meer nadruk te leggen op zelfstandigheid en het perspectief van de ontvanger. Daarom stellen we een beperkte aanpassing voor. We houden de meeste leidende principes zoals ze nu zijn. Principe 3 (“Onze regels en processen zijn eenvoudig”) herformuleren we als: “Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel”. We voegen daarnaast een 6e principe toe: “We geven inwoners regie over hun uitgaven”. De nieuwe leidende principes worden daarmee: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
We zetten in op grondoorzaken Ongelijk investeren voor gelijke kansen Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel We werken stress-sensitief Ons beleid en onze dienstverlening zijn inclusief We geven inwoners regie over hun uitgaven
Op deze manier voegen we regie en keuzevrijheid toe als belangrijke waarde in het minimabeleid, en definiëren we eenvoud vanuit het perspectief van de inwoner en niet de regeling. In de rest van dit hoofdstuk werken we deze nieuwe principes verder uit.
De mens centraal? Stel je een moeder in Utrecht voor. Haar 7-jarige zoon wil dolgraag op voetbal bij Sporting '70, net als zijn vriendjes. De moeder wil dit graag voor hem regelen, maar ze weet dat het financieel ingewikkeld wordt. Met een zucht opent ze haar laptop. De contributie is €262 per jaar. Ze ziet dat haar U-pas een sportbudget heeft, maar dat dekt maar €225. Er is dus al een eerste gat. Voor de rest van de spullen, zoals het tenue (€85), voetbalschoenen en een tas, moet ze andere potjes vinden. Ze leest dat ze voor het tenue terechtkan bij het Paul Verweelfonds. De voorwaarde is alleen dat ze een bewijs van inschrijving bij de club meestuurt. Hier loopt ze vast: ze moet haar zoon dus inschrijven en deels betalen, zonder de zekerheid dat ze hulp krijgt voor de rest. Dan de zoektocht naar voetbalschoenen. De club verwijst haar naar het Jeugdfonds Sport & Cultuur. De website van het Jeugdfonds stuurt haar door naar Leergeld Utrecht. En op de website van Leergeld ziet ze een link naar… het Paul Verweelfonds, waar ze net al was voor het tenue. Ze zit vast in een doolhof van websites en voelt de moed in haar schoenen zinken. Uiteindelijk vult ze het formulier van Leergeld maar in. Weer moet ze alle persoonlijke informatie aanleveren: gezinssamenstelling, de school en klas van haar zoon, of ze bij de Voedselbank komt. Weer moet ze een foto van haar U-pas uploaden.
Voor elk potje moet ze opnieuw bewijzen dat ze hulp nodig heeft. Dit is geen uitzondering, dit is de realiteit. Voor elk onderdeel moet ze zich apart aanmelden en haar verhaal opnieuw doen. Dit kost tijd, geeft enorme stress en een gevoel van schaamte. Het is een belangrijke reden waarom hulp vaak niet terechtkomt bij de mensen die dit het hardst nodig hebben.
10
Leidend principe 3 - Onze regelingen vormen samen een eenvoudig geheel Eenvoud maakt het makkelijker voor inwoners om hulp te krijgen en voorkomt onnodige stress. In de huidige beleidsnota betekent eenvoud voornamelijk dat elke regeling op zichzelf duidelijk moet zijn. Maar hierdoor blijft een ander probleem bestaan: inwoners moeten bij meerdere loketten aankloppen, vaak met eigen regels, formulieren en eisen. Iedere organisatie stelt de mens centraal, maar wel in het eigen systeem. Het geheel blijft daardoor ingewikkeld en onoverzichtelijk. Daarnaast is er overlap in regelingen en wijzen instanties naar elkaar en weer terug. Daarom passen we met dit voorstel dit principe aan. Vanaf nu kijken we vooral hoe alle regelingen samen een simpel, helder geheel kunnen vormen. We willen minder loketten en minder verschillende procedures. Daarbij kijken we niet alleen naar gemeentelijke regelingen, maar ook naar ondersteuning via fondsen en goede doelen. Dit vinden we zó belangrijk dat we scherpere keuzes gaan maken: liever minder, maar betere regelingen die logisch samenwerken. Zo zorgen we ervoor dat inwoners sneller en eenvoudiger de hulp krijgen die ze nodig hebben.
Leidend principe 6 - We geven inwoners regie over hun uitgaven Uit onderzoek van het Instituut voor Publieke Waarden9 blijkt dat de gemeentelijke regelingen kunnen oplopen van 3 tot 7 % van het inkomen, waarmee duidelijk is dat voor mensen met een laag inkomen dit een substantieel deel is. Het moet voor inwoners duidelijk zijn waar ze recht op hebben, waardoor ze grip houden op hun inkomen. Het geven van meer regie en overzicht over alle inkomsten (incl. de regelingen) helpt daarbij. Eigen regie betekent dat inwoners zelf keuzes kunnen maken die passen bij hun leven. Als mensen zelf kunnen bepalen wat zij belangrijk vinden, geeft dat vertrouwen, eigenwaarde en rust. Op dit moment bepaalt de overheid nog te vaak hóe inwoners met een laag inkomen ondersteuning moeten besteden. Dat zorgt voor afhankelijkheid en onzekerheid, omdat anderen bepalen wat goed voor je is en een oordeel hebben over waaraan je geld besteed. Neem bijvoorbeeld voetbalschoenen. Nu vergoedt een fonds de aankoop van nieuwe voetbalschoenen in specifieke winkels. Je kunt er niet voor kiezen om dit ‘tegoed’ te gebruiken om tweedehands schoenen te kopen, terwijl je daarmee geld over zou houden voor iets anders dat belangrijk is voor je gezin. Zo bepalen wij eigenlijk voor inwoners waar hun prioriteiten zouden moeten liggen, in plaats van dat zij dat zelf doen.
Daarom kiezen we ervoor inwoners meer regie te geven over hun eigen uitgaven. Binnen de wettelijke mogelijkheden geven we voortaan zoveel mogelijk ondersteuning in de vorm van tegoeden, en minder in natura of in vergoedingen. Inwoners kunnen daarmee zelf beslissen wat zij belangrijk vinden. Hoewel tegoeden geen vrij besteedbaar geld zijn, geven ze inwoners wel de vrijheid om eigen prioriteiten te stellen. We zorgen er ook voor dat die tegoeden breed besteedbaar zijn, zodat inwoners écht keuzes kunnen maken die passen bij hun eigen situatie en behoeften.
9
‘Eerlijker en eenvoudiger armoedebeleid’, Instituut voor Publieke Economie, 2025 11
4. Uitwerking voorstel Fors hoger U-pas budget voor meer mensen Om mensen meer regie en meer eenvoud te bieden, kiezen we ervoor om zo veel mogelijk ondersteuning te bundelen in één regeling: de U-pas. Dit sluit aan bij de aanbevelingen uit een recent rapport van het Instituut voor Publieke Economie10, dat adviseert om regelingen te bundelen en zo veel mogelijk te werken met vrij besteedbare tegoeden. De keuze voor de U-pas is logisch. Het is de bekendste en meest gebruikte regeling die we in Utrecht hebben. Inwoners weten de pas te vinden, zijn er tevreden over 11, en het tegoed is breed te besteden in de stad. Wij vergroten het bereik door de U-pas beschikbaar te stellen aan inwoners tot 150% van het WSM. Op dit moment hebben alleen mensen met een inkomen tot 125% van het WSM recht op een U-pas. Daarbij geldt wel dat mensen die boven de 125% zitten, een kwart van het volledige tegoed krijgen. Op deze manier voorkomen we dat mensen ineens te veel verliezen als hun inkomen stijgt waardoor ze boven de 125%-grens komen. Dit maakt de armoedeval kleiner en zorgt ervoor dat werken loont. De nieuwe bedragen op de U-pas worden als volgt: Nieuw bedrag
Nieuw bedrag
Huidig bedrag
(100-125% WSM)
(126-150% WSM)
(100-125% WSM)
Kind 0-3 jaar
€300
€75
€170
Kind 4-11 jaar
€600
€150
€325
Kind 12-17 jaar
€800
€200
€450
Volwassene
€500
€125
€150
AOW-er
€150
€0
€150
Doelgroep
Concreet betekent dit dat de budgetten voor kinderen bijna verdubbelen. Het budget voor volwassenen, de grootste groep, wordt zelfs ruim verdrievoudigd. Ook AOW’ers met een laag inkomen gaan erop vooruit, omdat een grotere groep van hen nu ook een pas krijgt.
Afweging doelgroep en verdeling budget Bij het verdelen van het extra budget hebben we twee duidelijke keuzes gemaakt. Ten eerste hebben we er voor gekozen om de extra ondersteuning te richten op kinderen en volwassenen onder de AOW-leeftijd. De reden is dat de financiële druk bij hen het grootst is. Uit onderzoek van het NIBUD12 blijkt dat werkenden en bijstandsontvangers bij een vergelijkbaar inkomen maandelijks aanzienlijk minder geld overhouden dan AOW’ers. Voor de huidige groep AOW’ers verandert er niets aan hun tegoed. Belangrijker nog: de groep met een inkomen tussen 125% en 150% gaat er juist op vooruit, omdat zij voor het eerst recht krijgen op een U-pas. Verder hebben we vastgehouden aan de huidige indeling in leeftijdsgroepen en grotendeels ook aan de relatieve hoogte van het bedrag. De uitzondering daarop is dat we het bedrag voor
10
‘Eerlijker en eenvoudiger armoedebeleid’, Instituut voor Publieke Economie, 2025 Klanttevredenheidsonderzoek U-pas 2023 12 Minima Effect Rapportage Utrecht 2024, NIBUD 11
12
volwassenen meer verhogen dan het bedrag voor kinderen. Dit betekent dat we een grotere groep substantieel vooruit helpen, omdat volwassenen de grootste gebruikersgroep van de U-pas zijn. Daarnaast compenseert deze verhoging voor het wegvallen van de Individuele Inkomenstoeslag.
Verruiming bestedingsmogelijkheden We willen niet alleen het budget vergroten, maar ook meer keuzevrijheid bieden in waar het aan besteed kan worden. We voegen daarvoor een aantal categorieën toe: kleding, witgoed en visuele hulpmiddelen, zoals een bril of lenzen. Deze bieden alternatieven voor ondersteuning die momenteel door fondsen wordt aangeboden, maar tegelijk meer zekerheid en keuzevrijheid. Voor de moeder uit het vorige hoofdstuk betekent dit een wereld van verschil. De stress van aanvragen en afwachten verdwijnt. Ze wéét vooraf dat ze de contributie en de voetbalschoenen voor haar zoontje kan betalen, want het budget staat al op haar pas. Geen formulieren, geen onzekerheid, geen schaamte. Echte keuzevrijheid betekent ook de optie om voor tweedehands te kiezen. Natuurlijk is het soms beter om nieuw te kopen. Maar soms is een tweedehands wasmachine voor de helft van de prijs een slimmere keuze, omdat je dan geld overhoudt voor een winterjas. Die afweging kan maar één iemand goed maken: de persoon zelf. Het is niet aan de gemeente om te bepalen wat een verstandige aankoop is. Daarom willen we zorgen dat de U-pas ook bij Utrechtse kringloopwinkels en andere aanbieders van tweedehands spullen gebruikt kan worden.
Hoe betalen we dit? Om deze budgetten mogelijk te maken, moeten we ook stevige keuzes maken. Op hoofdlijnen is de herkomst van het budget als volgt: Bedrag (x €1.000)
Post Huidig budget U-pas
€6.347
Individuele inkomenstoeslag
€3.300
Bijzondere bijstand
€1.500
Studietoeslag
1.800
Besparing uitvoering
€1.100
Bundelen subsidies en regelingen
€1.445
Extra kosten uitvoering U-pas
- € 350
Nieuw budget U-pas
€15.142
Individuele inkomenstoeslag De individuele inkomenstoeslag moet iedere gemeente wettelijk verplicht uitvoeren. De voorwaarden zijn vrij in te vullen. In ons voorstel minimaliseren we het budget van de Individuele Inkomenstoeslag door de voorwaarden strenger te maken. Het bedrag dat we hiermee besparen, voegen we toe aan het U-pasbudget. Bijzondere bijstand We voegen het budget van het niet-wettelijk verplichte deel van de Bijzondere Bijstand toe aan de U-pas. In plaats van losse aanvragen krijgen mensen nu één groter en vrij besteedbaar tegoed. De wettelijk verplichte bijzondere bijstand voor onder andere onverwachte, noodzakelijke kosten en bewindvoering blijft uiteraard bestaan.
13
Besparing uitvoering Doordat we minder regelingen aanbieden en minder subsidies verstrekken, verdwijnt ook het bijbehorende werk: geen aparte aanvraagprocedures, beoordelingen en administratie meer. Het daadwerkelijk realiseren van deze besparing zal enige tijd kosten. Het hier opgenomen bedrag is onze schatting van de besparing die we boeken door te vereenvoudigen. Het grootste deel van de besparing, €0.7 miljoen, ligt bij de afdeling W&I. Daarnaast hebben we breed binnen de gemeentelijke organisatie gekeken naar mogelijke besparingen bij het klantcontactcentrum (€200.000), DOCK (€100.000) en JoU (€100.000). Bundelen subsidies en regelingen We stoppen met vrijwel alle subsidies en regelingen voor individuele ondersteuning. Daardoor kunnen we het geld direct aan de mensen geven, in plaats van aan organisaties. We hebben steeds de vraag gesteld: waar zouden we mee kunnen stoppen als armoede niet langer een probleem zou zijn? Een volledig overzicht van alle posten is te vinden in bijlage 1. Extra uitvoeringskosten Omdat de U-pas voor meer mensen beschikbaar komt en we een extra trede invoeren, reserveren we extra geld voor de uitvoering. We verhogen dit budget met circa 50%.
Armoede en schulden We richten ons op armoede en bewust niet op problematische schulden. Hoewel die twee vaak samengaan, zijn het fundamenteel verschillende problemen die om een eigen aanpak vragen. Mensen in armoede hebben structureel te weinig geld om van rond te komen. Met veel moeite en slim budgetteren lukt het ze vaak nét om schulden te voorkomen. Hun kernprobleem is een tekort aan inkomen. Problematische schulden hebben vaak diepere, complexere oorzaken, zoals een scheiding, ziekte, verslaving of mentale problemen. Zoals hulpverleners ons duidelijk maakten, vraagt dit om specialistische hulp. Zelfs als niemand meer in armoede zou leven, blijft deze vorm van hulpverlening, waar de gemeente jaarlijks zo'n €7 miljoen aan besteedt, essentieel. Daarom richten we ons hier uitsluitend op het vereenvoudigen van de regelingen voor mensen met een laag inkomen. De schuldhulpverlening laten we dus met dit voorstel ongemoeid.
Werkelijke bestedingspercentages Niet iedereen met een U-pas geeft zijn hele budget uit. Dat is normaal voor dit soort passen. Momenteel zien we dat kinderen circa 90% van hun budget gebruiken, volwassenen 60% en AOW’ers 40%. Deze percentages zijn de afgelopen jaren gestegen en ook het totale aantal Upashouders groeit. De U-pas is een ‘open einde regeling’. Dit betekent dat het budget voor de pas wordt gebaseerd op de uitgaven die we verwachten op basis van de afgelopen jaren. We rekenen dus niet met het maximale bedrag dat het zou kosten als iedereen alles opmaakt. Het is dus belangrijk om een realistische inschatting te maken. Het is lastig te voorspellen wat ons voorstel precies betekent voor de bestedingspercentages. Aan de ene kant zal de pas door de eenvoud waarschijnlijk intensiever gebruikt worden, wat de percentages kan laten stijgen. Aan de andere kant is het niet zeker of iedereen het nieuwe, hogere budget meteen volledig zal besteden. Daarom kiezen we voor een verstandige en veilige aanpak. Om een stevige begroting te garanderen, houden we rekening met een hogere besteding. Daarvoor bouwen we een financiële buffer in. Deze 14
buffer is nodig om de groei van de regeling op te vangen en houdt het financiële risico voor de gemeente klein. Als een onderdeel van onze begroting tegen blijkt te vallen, leidt dat niet meteen tot een financieel knelpunt.
Wat betekent dit voor Utrechters in armoede? We hebben het NIBUD gevraagd de gevolgen van ons voorstel te laten doorrekenen. Zodra we de resultaten daarvan ontvangen hebben, voegen we die aan dit document toe. Deze resultaten verwachten we uiterlijk eind november te ontvangen. We voegen het later toe als een strekt ter vervanging.
15
5. Routekaart naar 2028 Een radicale vereenvoudiging als deze vraagt om een zorgvuldige en realistische invoering. Het beëindigen van tientallen regelingen en subsidies kan niet van de ene op de andere dag, onder meer vanwege lopende contracten en de impact op organisaties en inwoners. Daarom stellen we een tijdpad voor met als streefdatum 1 januari 2028.
Één duidelijke startdatum We kiezen ervoor om de overgang in één duidelijke stap te maken. Een gefaseerde invoering, waarbij budgetten beetje bij beetje worden verhoogd, zou voor onnodige verwarring, complexe administratie en dus stress zorgen. Dat is precies wat we met dit voorstel willen afschaffen. Eén startdatum betekent duidelijkheid voor iedereen: voor inwoners, voor maatschappelijke organisaties en voor de gemeente.
De weg naar 2028 De komende jaren worden ingezet om deze overstap zorgvuldig voor te bereiden. Daarbij geldt een aantal aandachtspunten. Afspraken afbouwen De gemeente gaat tijdig in gesprek met de subsidieontvangers om de huidige afspraken op een nette manier af te bouwen. We helpen hen toewerken naar het nieuwe systeem. Inwoners begeleiden Intensieve begeleiding en heldere communicatie voor gebruikers van de pas zijn erg belangrijk. Net als bij de eerdere, succesvolle afschaffing van de U-polis, helpen we inwoners om hun weg te vinden in het nieuwe systeem. Zo zorgen we dat iedereen maximaal kan profiteren van het hogere budget en de grotere keuzevrijheid.