CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 21 december 2023, gemeente Utrecht31.032 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

HOOFDSTUK 03

In de gemeente Utrecht is het huisvesten van bedrijvigheid een belangrijk vraagstuk. Er is een tekort aan werklocaties, zoals kantoren, laboratoria, bedrijventerreinen, maar ook ambachtelijke betaalbare werkplekken in woon-werkwijken. Er is een tekort aan 74 hectare in bedrijventerreinen, zonder dat hier rekening is gehouden met groeiende ruimtelijke behoefte vanwege de circulaire- en energie transitie. Verder liggen leegstandscijfers ruim onder het frictieniveau, waardoor verhuizen binnen de gemeente zeer moeilijk is. Voor het realiseren van de ambitie van een circulaire stad in 2050 is het essentieel om voldoende ruimte te accommoderen voor circulaire bedrijvigheid.

DE CIRCULAIRE ECONOMIE

Zo is de circulaire economie volgens het PBL: HOOFDSTUK 02

Als grote stad binnen Nederland speelt Utrecht een belangrijke rol in de benodigde transitie naar een duurzame maatschappij. Mede daarom werkt de gemeente Utrecht toe naar het realiseren van een circulaire stad in 2050. Hiertoe is al in 2020 een actieplan tot 2023 opgesteld. Er ligt nu de uitdaging om een integraal en effectief duurzaamheidsprogramma op te stellen waarmee de gemeente aan de belangrijkste thema’s uit het actieplan werkt.

op circulaire economie in de stad en bredere regio. Er is daarnaast ook behoefte aan duiding: wat zijn essentiële stromen om op te focussen binnen de gemeente? Inzicht in de huidige materiaalstromen door de gemeente en de provincie en de connectie met regionale bedrijvigheid draagt bij aan het formuleren van een lokaal relevante circulaire visie en een effectief actieprogramma.

HOOFDSTUK 01

Een integrale blik op de circulaire economie

DE STRATEGIEËN VAN DE R-LADDER

De derde R is Reuse, en gaat over het directe hergebruik van een product. Bijvoorbeeld: Het doneren of doorverkopen van gebruikte meubels of kleding in plaats van ze weg te gooien, zodat ze nog steeds nuttig kunnen zijn voor anderen. De vierde R is Repair en remanufacturing en bevat reparatie, onderhoud en revisie van producten en materialen. Bijvoorbeeld: Het repareren van een kapotte wasmachine in plaats van een nieuwe te kopen, om de levensduur van het apparaat te verlengen en afval te verminderen. De vijfde R is Recycling. Het gaat om het verwerken en het hergebruiken van materialen. Bijvoorbeeld: Het recyclen van plastic flessen tot nieuwe plastic producten, zoals plastic stoelen of tassen.

Gebruik

4. Repair en remanufacturing 5. Recycling

6. Recover

Figuur

1

De R-ladder (een aanpassing van de R-ladder met strategieën van circulariteit van het PBL3)

De zesde en laatste R is Recover en bevat het terugwinnen van energie uit materialen. Bijvoorbeeld: Het omzetten van organisch afval in biogas of compost om energie op te wekken of als meststof te gebruiken.

6

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

3. Reuse

HOOFDSTUK 04

De eerste R is Rethink en reduce. Hierbij gaat het om het zuiniger omgaan met grondstoffen door anders te denken over producten en productieprocessen. Is het product het beste antwoord op de behoefte? Kunnen bij de productie minder of andere grondstoffen worden gebruikt? Bijvoorbeeld: Het kiezen voor herbruikbare bekers om het gebruik van wegwerpplastic te verminderen.

2. Redesign

HOOFDSTUK 03

Een veel gebruikt model binnen de circulaire economie is dus de R-ladder. Het Planbureau voor de Leefomgeving hanteert een beslissing hiërarchie van 6 ‘R-en’ voor materialen (ook wel de ‘R-ladder’), in volgorde van hoog- naar laagwaardig. De prioritering volgens de R-en is een vuistregel om te bepalen hoe grondstoffen hoogwaardig in de kringloop kunnen worden gehouden. Deze stappen worden gebruikt als strategieën om materialen te laten circuleren.

1. Rethink en reduce

HOOFDSTUK 02

In een circulaire economie worden kringlopen gesloten en grondstoffen optimaal benut. Dit betekent dat grondstoffen continu worden gebruikt binnen de keten in toepassingen met de hoogste economische waarde en de minste milieuschade. De R-ladder (figuur 1) toont verschillende strategieën die hiervoor beschikbaar zijn.

De tweede R is Redesign. Dit betreft anders ontwerpen, door bijvoorbeeld vóór de productie al rekening te houden met hergebruik, reparatie en recycling. Bijvoorbeeld: Het ontwerpen van een smartphone met modulaire onderdelen die gemakkelijk kunnen worden vervangen of geüpgraded, zodat de levensduur van het product wordt verlengd.

HOOFDSTUK 01

Een integrale blik op de circulaire economie

HOOFDSTUK 01

Doelen van het project DOELEN VAN HET PROJECT

Specifiek richt deze rapportage zich op de volgende doelen:

• Het eerste subdoel is het verkrijgen van sturingsinformatie voor prioritering binnen en monitoring van de transitie richting een circulaire stad Utrecht in 2050.

• Het derde subdoel is het duiden van de urgentie van de gezamenlijke opgave in de regio Utrecht om afvalstromen circulair te laten verwerken.

Het rapport eindigt met een conclusie en aandachtspunten voor een circulaire visie en beleid in Utrecht (hoofdstuk 5). In de bijlagen zijn bronnen, methodische achtergrondinformatie en transcripts van de werksessies te vinden.

7

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

In dit hoofdstuk geven we een overzicht van ontwikkelingen binnen drie marktsegmenten die in de transitie naar een circulaire economie invloed hebben op de ruimtelijke inrichting van Utrecht, namelijk afvalketens, bouw en zorg (hoofdstuk 4).

HOOFDSTUK 04

• Het tweede subdoel is het vaststellen van criteria en (meet-)indicatoren voor het bepalen van essentiële bedrijvigheid in het kader van de circulaire economie binnen de stad en regio Utrecht.

Middels een analyse naar bedrijvigheid en werkgelegenheid in Utrecht en de regio worden de materiaalstromen in een breder ruimtelijk economisch perspectief geplaatst (hoofdstuk 3).

HOOFDSTUK 03

Het hoofddoel van het project is het verkrijgen van inzicht in materiaalstromen en de ruimtelijk economische implicaties van circulaire toekomstige ontwikkelingen. Op basis van dit hoofddoel zijn drie subdoelen vastgesteld.

In dit rapport wordt middels een materiaalstroomanalyse een indicatie gegeven van het type en de hoeveelheid materiaalstromen die door de gemeente en provincie Utrecht worden gebruikt (hoofdstuk 2).

HOOFDSTUK 02

Deze rapportage vormt het uitgangspunt om voor de komende tijd een circulaire visie voor Utrecht vast te stellen en effectieve interventies voor de transitie naar een circulaire economie te bepalen.

LEESWIJZER

HOOFDSTUK 01 HOOFDSTUK 02

02 Inzicht in materiaalstromen

HOOFDSTUK 03 HOOFDSTUK 04

8

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

INZICHT IN GRONDSTOFFEN ALS UITGANGSPUNT

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

9

Het is momenteel nog lastig om de kaders die door het PBL zijn opgezet voor het monitoren van de circulaire economie op nationale schaal, toe te passen op de schaal van de gemeente. De standaardmethodiek van het PBL gebeurt namelijk met behulp van data op nationaal niveau, zoals import- en exportdata. Deze gegevens zijn niet verkrijgbaar op gemeentelijk niveau en ingewikkeld te interpoleren naar de regionale en lokale schalen. Om toch inzicht te krijgen in de materiaalstromen op de schaal van gemeente Utrecht gebruikt Metabolic een specifieke aanpak waarin voort wordt gebouwd op eigen modellen, data op nationale schaal en data die is aangeleverd door Utrecht zelf. Voor een gedetailleerde beschrijving van de methode zie Annex 3.

HOOFDSTUK 04

Consulting

In dit project zijn de uitkomsten van de MSA gevisualiseerd in een zogenaamd Sankeydiagram. De verschillende materiaalstromen zijn afgebeeld met een lijn, waarin een dikkere lijn een grotere hoeveelheid van het uitgelichte materiaal representeert. De MSA wordt gelezen van links naar rechts. De visualisatie laat zowel verschillende materialen (bijvoorbeeld rubber en kunstof) en verschillende categorieën zien, die aangeven waarvoor een materiaal wordt gebruikt (bijvoorbeeld industrie). Bovendien, voor enkele materialen staat aan de rechterzijde van het diagram aangegeven hoe het materiaal wordt verwerkt.

METHODE VAN DE MATERIAALSTROOMANALYSE

HOOFDSTUK 03

Door middel van een MSA is er met dit project een nulmeting uitgevoerd op basis van de materiaalstromen in Utrecht. Een MSA is een systematische beoordeling materialen binnen een systeem, met een gedefinieerde scope wat betreft ruimte en tijd. Het brengt in kaart welke materialen in een bepaald volume van de sector naar de volgende ‘stromen’ en mogelijk verwerkt worden. De uitkomst van de analyse wordt weergegeven in een Sankey-diagram.

HET LEZEN VAN EEN MATERIAALSTROOMANALYSE

Door de materiaalstromen te visualiseren kunnen we relatief snel inzicht krijgen in de dynamiek van grondstofstromen in de stad en regio. Zo kunnen we afleiden welke de grootste (dikste) materiaalstromen zijn, waar deze voor worden gebruikt, en nagaan of er kansen zijn om de grondstoffen input te verlagen. Ook geeft de diagram inzicht in welke grondstoffen momenteel nog laagwaardig worden verwerkt (bijvoorbeeld verbranding) en waar deze grondstoffen vandaan komen.

HOOFDSTUK 02

De materiaalstroomanalyse (MSA) van de gemeente en provincie Utrecht biedt belangrijk inzicht in het kwantitatieve gebruik en de verwerking van (afval-)materialen en grondstoffen. Het draait bij het creëren van een circulaire economie immers onder andere om op een slimme manier kringlopen te sluiten en het zuinig en duurzame gebruiken van grondstoffen. De gemeente Utrecht kan met dit inzicht in de materiaalstromen en hun massa’s de komende jaren gericht toe gaan werken naar de doelstellingen om primair materiaalgebruik en de geassocieerde impacts te verminderen. Bovendien kan er worden ingezet op optimale waardecreatie uit grondstoffen in Utrecht. De MSA biedt ook een basis om essentiële bedrijvigheid in het kader van circulaire economie te identificeren.

De analyse geeft inzicht in hoe materiaalstromen zich verhouden tot elkaar en identificeert daardoor aandachtspunten voor grondstofverwerking in relatie tot de circulaire economie. Het geeft ook inzicht in de prioritering van de materiaalstromen op basis van hun massa, en welke sectoren hiervoor verantwoordelijk zijn. De MSA kan onderscheiden waar de belangrijkste knelpunten liggen in de transitie naar de circulaire economie en als steunpilaar dienen voor het vormgeven van een uitgebreidere circulaire visie en circulair beleid.

HOOFDSTUK 01

Introductie materiaalstroomanalyse

MATERIALEN (2.940 kton)

Fossiele energiedragers, cokes en aardolieproducten (989)

PRODUCTIE (1.270 kton)

SECTOREN (2.940 kton)

Dierlijke en plantaardige producten (487)

Industrie (1.240)

Chemische producten, kunststof en rubber (277)

Cokes en aardolieproducten (298)

Metaalproducten, machines, apparaten en vervoermiddelen (171)

Producten van de akkerbouw, tuinbouw, bosbouw en visserij (308) Overige voedingsmiddelen (172)

Bouwmaterialen (125) Dierlijke en plantaardige producten (863)

Veeteeltproducten (132)

Chemische en farmaceutische producten (321) Rubber en kunststof producten (27,3) Overige delfstoffen (286) Metaalproducten (90,2)

Meubelen en overige producten (73,6) Hout en houtwaren (48,3) Textiel, kleding en lederproducten (15,4)

Papier, papierwaren en drukwerk (37,8) Overige delfstoffen (24,9) Chemische producten, kunststof en rubber (348)

Productie en distributie van energie (360)

Overige delfstoffen (286)

Publieke instanties, zorg en onderwijs (216)

Metaalproducten, machines, apparaten en vervoermiddelen (139)

Zakelijke dienstverlening (220)

Meubelen, houtwaren, textiel, kleding en lederproducten (137) Bouwmaterialen (96,) Papier, papierwaren en drukwerk (77,9)

Winning en distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering (5,5) Groot- en detailhandel; reparatie van auto’s (85,9) Overige dienstverlening (75) Landbouw, bosbouw en visserij (14,5)

Bouwmaterialen (96,5) Papier, papierwaren en drukwerk (77,9)

BOUWMATERIALEN (935 kton)

Consulting

Mineralen en stenen (159) Metalen (44,7) Overig (22) Isolatie (9,2) Hout (5,6) Glas (1,6) Asfalt (0,3)

GEBOUWDE OMGEVING (935 kton) Woonfunctie (592)

Utiliteiten (278) Rijbaan lokale weg (60,5) Voetpad (2,7) Parkeervlak (1,2) Fietspad (0,9)

10

VERWERKING (971 kton)

Breken & Scheiden (253)

Mineralen (642) Onbekend (247)

Dierlijk/plantaardig (94,3) Slib (38,3) Metalen (17,2) Papier/Karton (17,1) Overig niet-chemisch (17) Glas (8,7) Chemisch afval (7,5) Overig grofvuil (6,9) Kunststof/rubber (2,8) Overig Sloopafval (2,4) Textiel (0,9) Isolatiemateriaal (0,8)

Hergebruik & recycling (159) Verbranden (125) Microbiologisch behandelen (71) Reinigen (58,7) Shredderen/Knippen (29,3) Storten (26,1) Laten zitten (1,1)

LEGENDA Minder dan 6 kton

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

2

Uitgebreide materiaalstroomanalyse van de gemeente Utrecht

AFVAL (971 kton)

Gemengd (115)

Beton (692)

Figuur

Fossiele energiedragers, cokes en aardolieproducten (69,6)

Huishoudens (721)

HOOFDSTUK 04

Machines en apparaten (36,6) Vervoermiddelen (12,5)

Meubelen, houtwaren, textiel, kleding en lederproducten (77,2)

HOOFDSTUK 03

Zuivelproducten (67,9) Genotmiddelen (62,7) Aardappel-, groente- en fruitproducten (43,4) Graan- en zetmeelproducten (38,8) Vis- en vleesproducten (38,4)

HOOFDSTUK 02

Fossiele energiedragers (691)

MATERIAALGROEP (2.940 kton)

HOOFDSTUK 01

Materiaalstroomanalyse gemeente Utrecht

HOOFDSTUK 01

Duiding MSA gemeente Utrecht MATERIAALSTROOMANALYSE GEMEENTE UTRECHT

De materialen worden voor ruim 30% geconsumeerd door Industrie in de gemeente Utrecht. De Industrie wordt gevolgd door Huishoudens met bijna 20% van de materiaalconsumptie. De sector Productie en Distributie van Energie is met bijna 10% de op twee na grootste consument van materialen. Voor een overzicht van de sectoren zie Annex 7.

11

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

De MSA geeft ook een inschatting van de hoeveelheid materialen dat gebruikt is voor de nieuwbouw van woningen, utiliteitsgebouwen en wegen in Utrecht. De ingaande stromen in de gebouwde omgeving bedragen in totaal 935 kton, wat een kwart is van de totale materiaalconsumptie in Utrecht in datzelfde jaar.

Ruim 60% van het materiaal is gebruikt voor het realiseren van woningen. Bijna 30% van de materialen is gebruikt in de utiliteitsbouw. 7% van de materialen in de gebouwde omgeving worden toegepast in de grond-, weg- en waterbouw (hier gaat het met name om wegen). Hierbij zijn alleen de materialen die benodigd zijn voor het aanleggen en vervangen van wegen in kaart gebracht (en daarmee dus niet de materialen die vrijkomen bij veranderingen aan de huidige voorraad).

HOOFDSTUK 04

Aan de linkerzijde van het materiaalstroomdiagram zien we materialen die gebruikt worden in de gemeente Utrecht in het jaar 2021.

MATERIAALCONSUMPTIE GEBOUWDE OMGEVING

Door middel van het Urban Mining Model van Metabolic kunnen we een inschatting geven van de oorsprong van de materialen die in de woning- en utiliteitsbouw zijn gebruikt. Hieruit blijkt dat bijna 90% van de materialen die voor de gebouwde omgeving en utiliteitsbouw worden gebruikt van primaire oorsprong zijn. Circa 8% van de materialen zijn van een secundaire bron en minder dan 3% van de materialen zijn hernieuwbare materialen.

HOOFDSTUK 03

MATERIAALCONSUMPTIE INDUSTRIE, OVERHEID EN HUISHOUDENS

De grootste stromen die de bouw ingaan zijn Beton (79%), Mineralen & Stenen (11%) en Metalen (5%). Daarbij zijn Beton en Metalen grote boosdoeners met betrekking tot ingebedde CO2-emissies. Een andere ingaande stroom van belang is isolatiemateriaal, die relatief een lage massa heeft maar wel een grote impact op het klimaat.

HOOFDSTUK 02

In figuur 2 zien we het materiaalstroomdiagram van de gemeente Utrecht. Aan de linkerzijde van staan de producten en materialen die gebruikt worden door huishoudens, de overheid, de gebouwde omgeving en de verschillende sectoren van de economie (in totaal 3875 kton). Aan de rechterzijde zien we de vrijkomende producten (in totaal 1270 kton) en afvalstoffen en hun verwerkingsmethoden (in totaal 971 kton (inclusief de gebouwde omgeving)). In de komende secties zullen we deze twee kanten (materiaalconsumptie en materiaaloutputs en -verwerking) van het materiaalstoomdiagram apart bespreken.

De grootste groepen gebruikte materialen zijn Fossiele Energiedragers, Dierlijke en Plantaardige Producten en Chemische Producten, Kunststof en Rubber. Voor een overzicht van de materialen die binnen de materiaal categorieën vallen zie Annex 6. Voor Fossiele Energiedragers zijn naast huishoudens de bedrijven Stedin Netbeheer, Nedal Aluminium en BASF Nederland grote consumenten. Voor Dierlijke en Plantaardige Producten gaat het qua consumenten van materialen naast huishoudens om bedrijven zoals JDE NL, Bart’s Retail en Intertaste Supply Point Utrecht. Voor de materiaalgroep Chemische Producten, Kunststof en Rubber zijn BASF Nederland, Stedin Netbeheer en Universitair Medisch Centrum Utrecht grote consumenten. Voor een groter inzicht in een benadering van de bedrijven gelinkt aan de verschillende materiaalstromen zie Annex 5.

HOOFDSTUK 01

Duiding MSA gemeente Utrecht PRODUCTIE

Er wordt in 2021 voor 971 kton aan afvalstoffen geproduceerd in de gemeente Utrecht. Het totaal aan afvalstromen binnen de gemeente is vele malen kleiner dan de consumptie van virgin materialen. Zelfs wanneer alles perfect gerecycled of hergebruikt wordt kan slechts aan een derde van het totale materiaalgebruik worden voldaan. Dit heeft als implicatie dat circulariteit op de schaal van de stad nog niet mogelijk is.

Bij de gebouwde omgeving zien we aan de uitgaande kant dat er juist meer materialen vrij zijn gekomen bij de sloop van utiliteiten dan bij woningen (73%). De grootste stromen die vrijkomen zijn Puin en Metalen. Verder valt op dat er heel veel minder wordt gesloopt dan gebouwd. De vrijkomende materialen zijn goed voor 64,7 kton, terwijl de materiaalvraag 935 kton bedraagt.

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

12

SLOOP GEBOUWDE OMGEVING

HOOFDSTUK 04

Consulting

Ook wordt een significant gedeelte van het afval (13%) nog steeds verbrand. 67% van het verbrande afval bestaat uit Gemengde Stromen. In totaal wordt meer dan 26 kton gestort. Dat betreft ongeveer 3% van de afvalstromen. Deze verwerkingsmethoden vertegenwoordigen de laagste tredes op de R-ladder. De Gemengde stroom die wordt verbrand is extra interessant omdat een groot gedeelte van het Gemengde afval wordt geproduceerd door huishoudens binnen de gemeente en de gemeente relatief gemakkelijk invloed kan uitoefenen op de verwerking van deze stromen.

HOOFDSTUK 03

AFVAL EN VERWERKING

In de afvalverwerking fase zien we dat een groot gedeelte wordt verwerkt door middel van Breken en Scheiden (26%). Deze verwerkingsmethode wordt vooral toegepast op mineralen.

16% van de stromen wordt hergebruikt of gerecycled, voornamelijk Gemengd Afval en Mineralen. 26% van de stromen wordt gebroken en gescheiden om deze stromen vervolgens opnieuw in te zetten. Hierbij gaat het dus om laagwaardig hergebruik. Daarnaast wordt 7% van het afval microbiologisch behandeld. Dat gaat om behandelingen als composteren en vergisten. Deze behandelingen worden voornamelijk toegepast op groene stromen en Slib. Daarbij kan gezegd worden dat vergisten in combinatie met composteren de voorkeur krijgt, omdat op deze manier niet alleen de nutriënten kunnen worden teruggewonnen, maar ook de chemische energie in groenstromen wordt ontsloten.

HOOFDSTUK 02

Er wordt in de gemeente Utrecht een grote hoeveelheid producten geproduceerd, waaronder de grootste productgroepen Dierlijke en Plantaardige Producten (487 kton), Chemische Producten, Kunststoffen en Rubber (227 kton) en Chemische en Metaalproducten, Machines en Vervoersmiddelen (171 kton). De Industrie is de voornaamste sector die de totale hoeveelheid van aan producten (1250 kton) produceert in Utrecht.

Van de afvalstoffen hebben Mineralen met 64% het grootste aandeel, voornamelijk afkomstig uit de sectoren Publieke Instanties, en Zakelijke Dienstverlening. Mineralen worden gevolgd door Gemengd Afval (18%), voornamelijk afkomstig van huishoudens. Andere grote categorieën afvalstoffen zijn Dierlijk/Plantaardig Afval (70 kton) en Slib (38 kton).

MATERIALEN (8.130 kton)

MATERIAALGROEP (8.130 kton)

PRODUCTIE (7.720 kton)

SECTOREN (8.130 kton)

Dierlijke en plantaardige producten (3.150)

Dierlijke en plantaardige producten (3.440)

Veeteeltproducten (724)

Fossiele energiedragers (736)

Industrie (6.420)

Fossiele energiedragers, cokes en aardolieproducten (1.310)

Chemische producten, kunststof en rubber (1.660)

Cokes en aardolieproducten (570)

Chemische en farmaceutische producten (1.130)

Bouwmaterialen (1.280)

Metaalproducten, machines, apparaten en vervoermiddelen (659)

Overige delfstoffen (1.060)

Landbouw, bosbouw en visserij (686)

Overige delfstoffen (1.060)

Metaalproducten (431) Machines en apparaten (94,4) Vervoermiddelen (71,7) Bouwmaterialen (361)

Figuur

3

Bouwmaterialen (361)

Groot- en detailhandel; reparatie van auto’s (271)

Meubelen, houtwaren, textiel, kleding en lederproducten (231)

Zakelijke dienstverlening (275)

Papier, papierwaren en drukwerk (216)

Uitgebreide materiaalstroomanalyse van de provincie Utrecht

Consulting

Winning en distributie van water; afvalen afvalwaterbeheer en sanering (20,7)

Publieke instanties, zorg en onderwijs (208)

LEGENDA Minder dan 10 kton

Overige dienstverlening (150) Productie en distributie van energie (96,2)

13

AFVAL (2.080 kton) Mineralen (969)

Dierlijk/plantaardig (508) Gemengd (265) Metalen (132) Slib (97,7) Papier/karton (31) Chemisch afval (26,8) Overig niet-chemisch (23) Kunststof/rubber (20,3) Glas (8,1) Textiel (1)

VERWERKING (2.080 kton) Onbekend (738) Breken & scheiden (486) Microbiologisch behandelen (273) Shredderen/knippen (195) Hergebruik & recycling (124) Reinigen (115) Verbranden (108) Storten (42,2)

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Hout en houtwaren (144) Meubelen en overige producten (72,9) Textiel, kleding en lederproducten (13,7) Papier, papierwaren en drukwerk (216)

Metaalproducten, machines, apparaten en vervoermiddelen (597)

Meubelen, houtwaren, textiel, kleding en lederproducten (267) Fossiele energiedragers, cokes en aardolieproducten (161) Overige delfstoffen (127) Papier, papierwaren en drukwerk (121)

HOOFDSTUK 04

Rubber en kunststof producten (78,9)

Chemische producten, kunststof en rubber (1.210)

HOOFDSTUK 03

Zuivelproducten (116) Graan- en zetmeelproducten (110) Vis- en vleesproducten (65,1) Genotmiddelen (30,5) Aardappel-, groente- en fruitproducten (25,9)

HOOFDSTUK 02

Producten van de akkerbouw, tuinbouw, bosbouw en visserij (1.330)

Overige voedingsmiddelen (744)

HOOFDSTUK 01

Materiaalstroomanalyse provincie Utrecht

HOOFDSTUK 01

Duiding MSA provincie Utrecht MATERIAALSTROOMANALYSE PROVINCIE UTRECHT

14

In de afvalverwerking fase zien we dat een groot gedeelte wordt verwerkt door middel van Breken en Scheiden (23%). Deze verwerkingsmethode wordt vooral toegepast op mineralen en kan worden gezien als laagwaardig hergebruik. Ook wordt het Dierlijke/plantaardige afval en het slib microbiologisch behandeld, bijvoorbeeld door het afval te vergisten of te composteren (13%). Microbiologisch behandelen wordt voor het afval van de provincie relatief vaker toegepast dan bij de gemeente. 6% van de stromen wordt hergebruikt of gerecycled, voornamelijk gemengd afval en mineralen.

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

Er wordt in de provincie Utrecht een grote hoeveelheid producten geproduceerd, waaronder de grootste productgroepen Dierlijke en Plantaardige producten (3.440 kton), Chemische Producten, Kunststoffen en Rubber (1.660 kton) en Bouwmaterialen (1280 kton). De Industrie is de voornaamste sector die de totale hoeveelheid van 6.570 kton aan producten produceert in provincie Utrecht. Dit is bijna 5 keer van de massa van producten die door de industrie in de gemeente Utrecht zijn geproduceerd. Terwijl Landbouw, Bosbouw en Visserij in de gemeente Utrecht maar ongeveer 1% van de productie uitmaakt is het in de provincie Utrecht de op twee na grootste sector.

Van de afvalstoffen hebben Mineralen met bijna 50% het grootste aandeel, deze zijn ook in de provincie voornamelijk afkomstig uit de sectoren Publieke Instanties en Zakelijke dienstverlening. Mineralen worden gevolgd door dierlijk/plantaardig afval (24%), voornamelijk afkomstig van de industrie en Publieke Instanties. Andere grote categorieën afvalstoffen zijn gemengd afval (265 kton) en metalen (132 kton).

HOOFDSTUK 04

Aan de linkerzijde zien we materialen die gebruikt worden in de provincie Utrecht in het jaar 2021 (in totaal 8.130 kton; zie figuur 3). De materialen worden voor 79% geconsumeerd door industrie in de provincie Utrecht. De industrie wordt gevolgd door de Landbouw, Bosbouw en Visserij sector met 8% van de materiaalconsumptie.

PRODUCTIE

Er wordt in 2021 voor 2.080 kton aan afvalstoffen geproduceerd in de provincie Utrecht. Ook in de provincie geldt dat het totaal aan afvalstromen binnen de gemeente is vele malen kleiner dan de consumptie van virgin materialen, met de implicatie dat circulariteit op de schaal van de provincie ook nog niet mogelijk is.

HOOFDSTUK 03

MATERIAALCONSUMPTIE

De grootste groepen gebruikte materialen zijn respectievelijk Dierlijke en Plantaardige Producten, Fossiele Energiedragers en Chemische Producten, Kunststof en Rubber. In de provincie is het het aandeel Dierlijke en Plantaardige Producten groter dan Fossiele Energiedragers. Dit is in de gemeente omgekeerd het geval.

AFVAL EN VERWERKING

HOOFDSTUK 02

De gemeente Utrecht is indirect verantwoordelijk voor het beheer van vele materiaalstromen, door het aanbesteden van activiteiten zoals afvalinzameling en recycling. Door samen te werken met andere gemeenten binnen de provincie, kunnen gezamenlijke doelen worden gesteld en beleid en initiatieven beter op elkaar worden afgestemd. Hierdoor kan er gezamenlijk een visie en actieplan worden ontwikkeld voor duurzaam materiaalbeheer, met een bijzondere focus voor het huisvesten van circulaire bedrijvigheid. De vergelijking tussen de gemeentelijke en provinciale MSA laat de onderlinge afhankelijkheid van de gemeente en haar regio zien en creëert zo de basis voor een gedeeld gevoel van urgentie omtrent de transitie naar een circulaire economie. In tegenstelling tot de gemeentelijke materiaalstroomanalyse zijn voor de provincie huishoudens en de gebouwde omgeving niet meegenomen.

De andere sectoren maken samen ruim 10% van de materiaalconsumptie uit. Hierbij valt op dat de Landbouw, Bosbouw en Visserij sector in de provincie veel meer aanwezig is dan in de gemeente.

HOOFDSTUK 01 HOOFDSTUK 02

03 Inzicht in bedrijvigheid

HOOFDSTUK 03 HOOFDSTUK 04

15

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

HOOFDSTUK 01

Introductie

• Het leveren van achtergrondinformatie over bedrijvigheid en werkgelegenheid om te bepalen wat essentiële bedrijvigheid in het kader van de circulaire economie betekent

Hiervoor is er een analyse gemaakt van de belangrijkste sectoren van werkgelegenheid binnen de gemeente en de provincie. Daarnaast volgt er ook een overzicht van de ruimtelijke verdeling van werkgelegenheid binnen deze sectoren. Om inzicht te bieden in hoe werkgelegenheid en bedrijvigheid gaan veranderen geven we een voorbeeld van een circulaire waardeketen. Voor het in beeld brengen van deze waardeketen wordt het model van de “Value Hill” geïntroduceerd (zie figuur 8).

• Expliciet de link te leggen tussen de gemeente en haar regio om zo de urgentie tot samenwerking voor het verwerken van grondstoffen te verhogen

Consulting

16

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

In de toekomst gaan in het kader van de transitie naar een circulaire economie een toenemend aandeel van deze werkgelegenheid veranderen

Als onderdeel van dit project zijn er twee werksessies gehouden. Om een startschot te geven aan het gesprek over essentiële bedrijvigheid in het kader van de circulaire economie heeft een werksessie plaatsgevonden om criteria en (meet-)indicatoren voor het bepalen van essentiële bedrijvigheid in het kader van de circulaire economie vast te stellen. Daarnaast is er op basis van de inzichten uit de MSA een werksessie georganiseerd waarbij verschillenden belanghebbenden van de afvalketen hebben deelgenomen. Het doel was het verhogen voor de urgentie om samen te werken aan het realiseren van de circulaire ambities.

HOOFDSTUK 04

De Utrecht Monitor5 geeft aan dat tussen 2018 en 2021 het aantal banen binnen de gemeente utrecht is toegenomen met 25.500 tot een totaal van 288.000. Zelfs in de coronajaren was er een groei te zien van 2,7% in 2020 en 2,2% in 2021. De netto arbeidsparticipatie - het percentage van inwoners tussen de 15 en 74 jaar dat een baan heeft - steeg in 2021 naar 74,8%. Met dit percentage ligt Utrecht hoger dan de andere drie grote randsteden en het landelijk gemiddelde van 70,4%.

HOOFDSTUK 03

in circulaire banen. Dit is maar een van de vele effecten die deze transitie met zich mee brengt. Circulaire bedrijvigheid met haar veranderende activiteiten zal ook een effect hebben op de ruimtevraag. Gezien de nu al schaarse ruimte in de gemeente Utrecht is het huisvesten van circulaire bedrijvigheid een van de meest bepalende maar dus ook kritieke factoren in het vormgeven van een circulaire economie.

HOOFDSTUK 02

In dit hoofdstuk presenteren we inzichten met betrekking tot bedrijvigheid en werkgelegenheid in de regio Utrecht. Het doel hiervan is het beter kunnen duiden en vergelijken van de materiaalstromen en sectoren binnen gemeente Utrecht, om zo richting te geven aan het lokale en regionale circulaire beleid. Hiermee draagt deze analyse bij aan het tweede en derde subdoel van deze rapportage, namelijk door:

HOOFDSTUK 01

Werkgelegenheidsscan* INZICHT IN WERKGELEGENHEID

250k 250k

150k 150k 100k 100k 50k

50k

0

0 Overheid en Commerciele Commerciele HandelHandel en Nijverheid Nijverheid en Landbouw, Overheid en en en Cultuur,Cultuur, Horeca,Horeca,Landbouw, Dienstverlening VervoerVervoer Recreatie en Overige Bosbouw en Zorg Zorg Dienstverlening EnergieEnergieRecreatie en Overige Bosbouw en Diensten Diensten Visserij Visserij

Figuur

Overzicht van de absolute werkgelegenheid per sector in de gemeente en de provincie

4

Overheid en Zorg

Commerciele Dienstverlening Commerciele Dienstverlening

34,06% 34,06%

33,72% 33,72%

26,42% 26,42%

LEGENDA:

Figuur

5

Gemeente

Gemeente

Provincie

Provincie

Overzicht van de relatieve werkgelegenheid per sector in de gemeente en de provincie

Consulting

17

* Voor de methode van deze scan zie Annex 4

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

LEGENDA:

25,08% 25,08%

HOOFDSTUK 04

Overheid en Zorg

Binnen de sectoren van Overheid en Zorg en Commerciële Dienstverlening heeft de gemeente een relatief groter aandeel dan Cultuur, Horeca, de Bosbouw provincie (zie figuur 5). Bovengaande trends kunnen verklaard Handel en Nijverheid en Landbouw, Recreatie en Overige Vervoer Energie enworden Visserij doordat er veel mensen in de gemeente wonen en doordat Diensten Cultuur, Horeca, Handel en Nijverheid en Landbouw, Bosbouw Recreatie en Overige de overheids- en zorginstanties in de stad geconcentreerd zijn. Ook Vervoer Energie en Visserij Diensten de hoge percentages in vergelijking tot de andere sectoren liggen hieraan te grondslag. Handel en Vervoer; Nijverheid en Energie; en Landbouw, Bosbouw en Visserij komen relatief weinig voor binnen de gemeente en relatief meer voor in de provincie. Dit zijn allemaal activiteiten met een groter ruimtebeslag. Ook gaan er in deze sectoren over het algemeen grotere materiaalstromen om. Zo 16,48% 5,47% 0,06% 16,48% 5,47% 0,06% 10,20% 10,20% verbruikt de industrie in de provincie bijna 80% van de materialen, 13,87% 9,22% 1,61% 23,80% 23,80% 13,87% 9,22%1,61% terwijl de werkgelegenheid in deze sector laag is (Nijverheid en Energie). De Landbouw, Bosbouw en Visserij is de op twee na grootste consument van materialen in de provincie, maar biedt van alle sectoren de minste werkgelegenheid.

HOOFDSTUK 03

LEGENDA: Provincie Provincie Gemeente Gemeente LEGENDA:

HOOFDSTUK 02

200k 200k

Op het eerste gezicht, is de absolute werkgelegenheid in alle 6 sectoren hoger in de provincie dan in de gemeente (zie figuur 4). Dit is te verwachten, aangezien de gemeente slechts ongeveer 22% van de totale bevolking van de provincie bevat. Wel zien we een grote concentratie van werkgelegenheid op gemeentelijk niveau binnen de sectoren Commerciële Dienstverlening, Cultuur, Horeca, Recreatie en Overige Diensten en Overheid en Zorg. Dit kan worden verklaard door het feit dat de gemeente een divers commercieel centrum is met veel recreatieve instellingen, bedrijven en het grootste overdekte winkelcentrum van Nederland. Deze sectoren die de meeste werkgelegenheid bieden zijn sectoren met relatief kleine materiaalstromen. Bijvoorbeeld consumeren de publieke instanties, zorg en onderwijs 7% van de materialen en veroorzaken rond 30% van het gemeentelijke afval, terwijl deze sector wel de meeste werkgelegenheid binnen de gemeente biedt.

HOOFDSTUK 01

Ruimtelijke verdeling werkgelegenheid RUIMTELIJKE VERDELING WERKGELEGENHEID

HOOFDSTUK 02

Om verder inzicht te krijgen in de verdeling van de werkgelegenheid in de provincie en de gemeente Utrecht is er ook een ruimtelijke visie gerealiseerd (zie figuur 6). Wat hieraan opvalt is de ‘ring’ aan landbouwactiviteiten rondom het stedelijk gebied waar evenzeer Nijverheid en Energie ook een grote rol spelen. Deze ruimtelijke verdeling kan verklaard worden door de lagere bevolkingsdichtheid aan de rand van de provincie. Bovendien is in het oosten van de provincie een grotere concentratie van Cultuur, Horeca, Recreatie en Overige diensten. In de stedelijke gebieden zoals rondom de stad Utrecht en Amersfoort staan de sectoren Overheid en Zorg en Commerciële Dienstverlening centraal. De analyse van de absolute, relatieve en ruimtelijke verdeling van de werkgelegenheid is opgesteld om inzicht te krijgen in dominante sectoren binnen Utrecht en de (ruimtelijke) verdeling daarvan. Dit kan vervolgens grondslag bieden aan de analyse van de circulaire trends in het volgende hoofdstuk.

HOOFDSTUK 03 HOOFDSTUK 04

Omschrijving

Consulting

Figuur

6

Kaart van de provincie Utrecht met overzicht van werkgelegenheid per sector

18

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Nijverheid en energie Commerciële dienstverlening Overheid en Zorg Handel, vervoer en horeca Cultuur, recreatie en overige diensten Landbouw, Bosbouw en Visserij

HOOFDSTUK 01

Case study circulaire waardeketens WAARDEKETENS BEGRIJPEN MET DE “VALUE HILL”

1. Rethink en reduce

Afval Verloren waarde -->

Gebruik

Inzamelen

Verkoop

3. Reuse

Behouden waarde

Sorteren

Assemblage

4. Repair en remanufacturing

Behouden waarde

Productie

6. Recover

Winning

Figuur

7

Verwerken

Voor gebruik

In gebruik

5. Recycling

Na gebruik

Verbranding

Overzicht van de R-strategieën in de ‘Value Hill’

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

19

HOOFDSTUK 04

Consulting

2. Redesign

HOOFDSTUK 03

Om van de huidige lineaire economie naar een circulaire economie te komen zijn maatregelen nodig. Deze worden hieronder gelinkt aan het raamwerk van de “Value Hill” (zie figuur 7). De “Value Hill” visualiseert hoe waarde in een circulaire economie kan worden behouden. De eerste “voor gebruik” fase geeft de stijgende waarde van een product tijdens de productie weer. De tweede fase geeft het gebruik van een product weer, waarin de waarde maximaal is. De derde fase geeft de fase na het gebruik weer. De waarde neemt hier snel af. Echter, het doorstromen van het volledige product of onderdelen daarvan naar een eerdere fase leidt tot het instandhouden van een hoge waarde. Hierbij helpen de stappen uit de R ladder (weergegeven in het groen).

HOOFDSTUK 02

Met een circulaire waardeketen wordt een serie economische activiteiten binnen een productieketen bedoeld waarmee economische waarde wordt toegevoegd. Deze activiteiten resulteren in goederen of diensten die worden geleverd aan bedrijven, overheden of consumenten. Om tot een circulaire economie te komen moet er nog veel veranderen. Intensievere samenwerking in de waardeketen is een van de belangrijkste voorwaarden. Een producent moet samen met verkopers, verwerkers en consumenten samenwerken om ketens te kunnen sluiten en zo de impact op de planeet te beperken en bij te dragen aan maatschappelijke waarden.

DE WAARDEKETEN VAN DE CLIQUE

Werksessie essentiële bedrijvigheid In deze werksessie zijn de indicatoren besproken op basis waarvan kan worden bepaald of een bedrijf essentieel is in het kader van circulaire economie. Voor een beschrijven van de werksessie zie Annex 1.

Indicator 1: Score op de R ladder

• Draagt de activiteit bij aan producten slimmer gebruiken en maken?

HOOFDSTUK 02

• Draagt de activiteit bij aan de levensduur van producten en onderdelen verlengen? • Draagt de activiteit bij aan de nuttige toepassing van materialen?

Indicator 2: Toepassing op een materiaal met grote kwantiteit/impact?

• Heeft de activiteit toepassing op een materiaal dat momenteel veel gebruikt wordt? • Heeft de activiteit toepassing op een materiaal met een grote ingebedde impact? • Heeft de activiteit toepassing op een veelgebruikt of impactvol materiaal in de toekomst?

HOOFDSTUK 03

Een voorbeeld uit Utrecht dat de productieketen op een circulaire manier verwerkt is bij de Clique. Deze organisatie gebruikt organische reststromen zoals etensresten en koffiedik van bedrijven als voedingsbodem voor nieuwe producten. De “Value Hill” is dan ook van toepassing op hun bedrijfsmodel: Na het gebruik van organische producten, worden de reststromen opgehaald door de Clique waarna ze worden verwerkt tot hoogwaardig compost. Deze compost hersteld (recover) de nutriënten van de organische producten die dan weer als voedingsbodem voor onder andere oesterzwammen wordt gebruikt.

HOOFDSTUK 01

Case study circulaire waardeketens

Indicator 3: Heeft het een lokale schaal/relevantie?

• Sluit de activiteit aan bij de lokale ambities m.b.t. CE? • Betreft het een onderdeel van een keten met lokale binding of drempelwaardes van transport? • Is er al een bedrijf in de regio met een vergelijkbare activiteit?

20

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

HOOFDSTUK 04

• Sluit de activiteit aan bij de lokale context?

HOOFDSTUK 01 HOOFDSTUK 02

04 Analyse van circulaire trends

HOOFDSTUK 03 HOOFDSTUK 04

21

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

HOOFDSTUK 01

Introductie circulaire trends INTRODUCTIE

In dit hoofdstuk presenteren we enkele aanvullende inzichten en analyses op drie thema’s: Afvalketens

2.

Bouwsector

3.

Zorgsector

KEUZE VOOR DE CIRCULAIRE TRENDS

• Ruimtelijke analyse (afvalketens) • Analyse woningbouwprognose, materiaal- vraag en impact (bouwsector) • Case study materiaalvraag en impact (zorgsector)

22

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

Voor deze drie thema’s worden in dit hoofdstuk eerst de drie sectoren geïntroduceerd en de circulaire uitdagingen geïdentificeerd door expliciete links te leggen naar de eerder analyses. Vervolgens worden de circulaire kansen geïdentificeerd door middel van aanvullende analyses, namelijk door

HOOFDSTUK 04

Zowel het vraagstuk omtrent de afvalketens en de bouw zijn sterk gekoppeld aan het spelende vraagstuk rondom schaarse ruimte en het vormgeven van circulaire bedrijvigheid. Afval is voor de gemeente Utrecht een bijzonder interessant onderwerp met betrekking tot de circulaire economie omdat door de unieke geografische situatie het afvalbeheer grotendeels in handen van Stadsbedrijven ligt. Hierdoor heeft de gemeente Utrecht veel sturing.

Utrecht heeft een cluster aan zorginstellingen met organisaties zoals universiteit, ziekenhuizen en brancheverenigingen. Utrecht profileert zich op basis van dit cluster als “the heart of health”6. Vanuit economisch en ruimtelijk perspectief is het daarom een belangrijk sector voor het in kaart brengen van belangrijke circulaire trends. Vanuit een materialen perspectief is de zorgsector ook een interessante sector omdat hele specifieke eisen aan de materialen en aan het afval worden gesteld.

HOOFDSTUK 03

1.

HOOFDSTUK 02

De verschillende sectoren hebben meerdere circulaire potentie voor hun bijdrage aan het realiseren van een circulaire economie. Tegelijkertijd zal het realiseren van een circulaire economie ook leiden tot een verandering van de huidige ruimtelijke en economische inrichting.

Voor de bouwsector geldt dat deze sector een grote input en output aan materialen heeft. Gemeente Utrecht heeft een grote bouwopgave met een grote materiaalvraag. Tegelijkertijd is de bouw een sector die veel ruimte in beslag neemt maar ook zorgt voor veel werkgelegenheid. In het kader van de circulaire economie kan dus veel winst in de bouwsector te behalen.

2. Bouwsector

3. Zorgsector

Afvalketens

Verder is het creëren van een mentaliteitsverandering noodzakelijk om ervoor te zorgen dat consumenten en bedrijven hun afval op de juiste manier scheiden en verwerken.

23

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

Daarnaast is er verbetering mogelijk in de infrastructuur voor het sorteren en recyclen van afval. Hierbij gaat het om het implementeren van innovaties met betrekking tot het effectieve scheiden van afvalstromen en het terug winnen van hoogwaardige grondstoffen.

HOOFDSTUK 04

In de transitie naar een circulaire economie moeten er keuzes worden gemaakt over welke delen van de circulaire kringlopen lokaal gevestigd zouden moeten zijn en welke delen in de regio of nationaal of internationaal gevestigd kunnen worden. Hiervoor kan het overzicht van de huidige afvalketens dienen als eerste stap om te bepalen waar veranderingen nodig zijn. Dit overzicht wordt aangevuld met een overzicht van waar welke afvalverwerkende bedrijven gevestigd zijn. Dit geeft inzicht in de huidige alternatieven voor de vestiging van circulaire kringlopen.

In een circulaire economie is de belangrijkste factor het verminderen van de hoeveelheid afval die wordt geproduceerd. Dit kan worden bereikt door middel van het ontwerpen van producten die langer meegaan, gemakkelijker te repareren zijn en beter kunnen worden gerecycled. Dit vraagt om een fundamentele verandering in de manier waarop we producten ontwerpen, produceren en gebruiken.

HOOFDSTUK 03

Bij deze trend kijken we naar een aantal specifieke afvalketens in Utrecht. De MSA geeft inzicht in de gemeentelijke en provinciale afvalstromen en de verwerkingswijze van deze afvalstromen. Een verdieping van deze analyse kan middels het evalueren van het ruimtelijke component van de verwerkingsketen. Hoe worden de grootste stromen momenteel verwerkt? En waar? Aan de hand van data van de Afval Verwijdering Utrecht (AVU) is voor de grootste huishoudelijke afvalstromen onder het beheer van de AVU (GFT-afval; Glas; Huishoudelijk restafval; Grof huishoudelijk afval, Oud papier en karton en textiel) de verwerkingsketen in kaart gebracht. De verwerkingsketens staan op de volgende pagina in het kort beschreven.

CIRCULAIRE UITDAGINGEN IN AFVALBEHEER

HOOFDSTUK 02

AFVALKETENS IN UTRECHT

HOOFDSTUK 01

1 Afvalketens

DE HUIDIGE AFVALKETENS IN KAART

Uit figuur 8 kan worden opgemaakt dat het GFTafval uit de regio’s Amersfoort, Veenendaal en Utrecht zich gedeeltelijk afspeelt op regionale schaal. Het afval wordt buiten de regio vergist en gecomposteerd in zowel Wilp en Wijster. Hierbij wordt groen gas geproduceerd, wat gebruikt wordt voor de opwek van elektriciteit voor eigen gebruik en voor levering aan het elektriciteitsnet.

3. Zorgsector

TRANSPORTMIDDELEN Schip

VERWERKINGSLOCATIES

Vrachtauto

1 Vergisten & composteren Stroom: GFT-afval regio Utrecht Verwerker: Attero Wijster Output: Groen gas, hoogwaardig compost

AFVALSTROMEN

2 Nascheiden (plastics, PMD, metalen) & verbranding

GFT-afval Glas Huishoudelijk restafval Grof huishoudelijk afval

Stroom: Huishoudelijk afval & KWD-afval regio Amersfoort en Veenendaal Verwerker: Attero Wijster Output: Grondstoffen voor hergebruik, elektriciteit, warmte

Restproducten

Stroom: GFT-afval uit regio Utrecht, Amersfoort en Veenendaal Verwerker: Attero Wilp Output: Groen gas; hoogwaardig compost

3 Vergisten & composteren

Recyclen plastics, PMD en metalen

1

Uitscheiden plastics, PMD en metalen

2

4 Nascheiding (plastics, PMD, metalen) en verbranding

Stoom & elektriciteit Productie groengas uit AVU-gft afval

Stroom: huishoudelijk en KWD-afval regio Utrecht Verwerker: AVR Rozenburg Output: Grondstoffen voor hergebruik; verbrandingsresidu als cementvervanger; elektriciteit; warmte

Inzet residu als cementvervanger Glasscherven naar glasfabrieken in binnen- en buitenland

5 Sorteren, schoonmaken en verscherven

3

AMERSFOORT

Huishoudelijk restafval

Stroom: Glasafval uit regio Utrecht, Amersfoort en Veenendaal Verwerker: Maltha Output: glasscherven naar glasfabrieken binnen- en buitenland

d e

a 4

OP- EN OVERSLAGLOCATIES

c b

VEENENDAAL

a Overslag GFT-afval & huishoudelijk afval Locatie: AVR Utrecht Afkomst: Afval regio Utrecht

b Glasoverslag

5

Locatie: Theo Pouw Utrecht Afkomst: Regio Utrecht en Veenendaal

c

Sortering grof huishoudelijk afval

Locatie: Van Vliet Nieuwegein Afkomst: Regio Amersfoort, Utrecht en Veenendaal

d Overslag GFT en huishoudelijk afval

Grofafval

Locatie: ROVA overslag Amersfoort Afkomst: Regio Utrecht en Veenendaal

e Overslag GFT en huishoudelijk afval Locatie: B.V Afvaloverslag te Veenendaal Afkomst: Regio Veenendaal

Glasafval

8

Overzicht van Utrechtse afvalstromen en bijbehorende verwerkingslocaties en op- en overslaglocaties

24

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

Figuur

HOOFDSTUK 04

Het grof huishoudelijk afval wordt in de scheidingsinstallatie van Vliet in Nieuwegein gescheiden in grondstoffen en brandbaar afval.

Verpakkingsglas uit provincie Utrecht wordt afgevoerd naar Maltha in Heijningen. Hier wordt het glas gesorteerd, schoongemaakt en verscherfd. Vervolgens worden de glasscherven geëxporteerd naar glasfabrieken in het binnen- en buitenland.

HOOFDSTUK 03

UTRECHT

Het huishoudelijk restafval uit de regio’s wordt verwerkt in Rozenburg en Wijster. Na het nasheiden van plastics, PMD en metalen wordt het restafval verbrand waarbij stoom, warmte en elektriciteit vrijkomt. Dit wordt aan bedrijven en huishoudens geleverd.

HOOFDSTUK 02

GFT-afval

2. Bouwsector

HOOFDSTUK 01

1 Afvalketens

DE HUIDIGE AFVALKETENS IN KAART

Uit figuur 9 kan worden opgemaakt dat Oud papier en karton vanuit de drie regio’s Utrecht, Amersfoort en Veenendaal naar 3 overslaglocaties in Utrecht, Soesterberg en Ede wordt gebracht. Vervolgens wordt het in bulk naar de papierfabriek van Smurfit Kappa in Renkum vervoerd voor verwerking in nieuwe papier- en kartonproducten.

3. Zorgsector

TRANSPORTMIDDELEN Schip

VERWERKINGSLOCATIES

Vrachtauto

6 Verwerking Stroom: Oud papier en karton regio Utrecht, Amersfoort en Veenendaal Verwerker: Smurfit Kappa Recycling BV Output: Grondstoffen voor hergebruik

AFVALSTROMEN

7 Sorteren Stroom: Textielafval regio Utrecht, Amersfoort en Veenendaal Verwerker: ReShare Store Deventer Output: Grondstoffen voor hergebruik

Oud papier en karton Textielafval Restproducten

8 Verwerking

Nieuwe papier en karton producten

Stroom: Textielafval regio Utrecht, Amersfoort en Veenendaal Verwerker: Textiles2Textiles Output: Grondstoffen voor hergebruik

Direkt her te gebruiken kleding Grondstoffen voor o.a. textielproductie

8

OP- EN OVERSLAGLOCATIES f 7

AMERSFOORT

g

UTRECHT

Van de 11 gemeenten die wel onder het AVUcontract leveren, brengt Reshare het ingezamelde textiel naar hun sorteercentrum in Deventer, waar het wordt gesorteerd. Het herdraagbare deel gaat o.a. naar Reshare-winkels en de rest gaat voor een tweede sorteerslag naar Textiles2Textiles in Wormerveer. Het gesorteerde materiaal wordt vervolgens op verschillende locaties in Nederland en het buitenland verwerkt.

f

Papieroverslag

Locatie: Paper Recycling Utrecht Doorn BV Afkomst: Regio Utrecht

g Papieroverslag

h

6 VEENENDAAL

Locatie: PreZero, Soesterberg Afkomst: Regio Amersfoort

h Papieroverslag Locatie: BV Afvaloverslag, Ede Afkomst: Regio Veenendaal

Luiers worden na de gecombineerde inzameling gebracht naar de Afvalenergiecentrale ARN in Nijmegen voor verwerking (niet alle gemeenten doen mee). De locatie van de afvalstroom is niet aangegeven op de kaart.

Figuur

9

Overzicht van Utrechtse afvalstromen en bijbehorende verwerkingslocaties en op- en overslaglocaties

HOOFDSTUK 04

Luiers en incontinentiemateriaal

HOOFDSTUK 03

Textielafval

HOOFDSTUK 02

Oud papier en karton

2. Bouwsector

HOOFDSTUK 01

1 Afvalketens

Oude medicijnen en injectienaalden

Consulting

25

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Stadsbedrijven Utrecht verzamelt de afvalstroom en Renewi in Nieuwegein verwerkt deze op verschillende locaties in Nederland. De locatie van de afvalstroom is niet aangegeven op de kaart.

2. Bouwsector

3. Zorgsector

HOOFDSTUK 01

1 Afvalketens

AFVALVERWERKENDE BEDRIJVEN IN KAART

HOOFDSTUK 02

Op figuur 10 is er overzicht afgebeeld van alle afvalverwerkende bedrijven in de provincie Utrecht. De grote van de cirkels is geschaald op de respectievelijke werkgelegenheid van de locatie. In (het noorden van) de gemeente Utrecht is er een concentratie van verscheidene soorten afvalverwerking zoals Sanering en Overig Afvalbeheer, Inzameling van Onschadelijk Afval en Winning en Distributie van Water. In de omgeving van Nieuwegein en Houten zijn er grotere verwerkingslocaties van respectievelijk Inzameling van Onschadelijk Afval en Afvalwaterinzameling en Behandeling. Daarnaast heeft bijna elke gemeente haar eigen inzameling van Onschadelijk Afval en Sanering en Overig Afvalbeheer.

HOOFDSTUK 03 HOOFDSTUK 04

Omschrijving Afvalwaterinzameling en -behandeling Winning en distributie van water Inzameling van onschadelijk afval Behandeling van onschadelijk afval Sanering en overig afvalbeheer Gesorteerd materiaal voorbereiden tot recycling Inzameling van schadelijk afval

Consulting

Figuur

10

Kaart van de provincie Utrecht met aanwezige afvalverwerkende bedrijven

26

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Behandeling van schadelijk afval

2. Bouwsector

CASE STUDY CIRCULAIRE WAARDEKETENS

Scheiden papier en kartonafval

CIRCULAIRE KANSEN

Consulting

Hergebruik beton

Het recyclen van beton is belangrijk, maar het brengt ook uitdagingen met zich mee vanwege de ruimte die het vraagt en in het slim koppelen van nieuwe projecten aan wat er aan materiaal vrijkomt. Op dit moment is het aanbod van gerecycled beton laag omdat er weinig hergebruikt materiaal wordt aangeleverd.

27

Tijdens de bijeenkomst werden er verschillende vragen opgeworpen, waaronder de vraag hoe om te gaan met bedrijven die deel uitmaken of verwacht worden een deel uit te maken van de circulaire economie en op welke schalen kringlopen kunnen worden gesloten. Aan het einde van de werksessie werden voor drie relevante afvalketens de circulaire potentie gediscussieerd door te bepalen wat de huidige uitdagingen zijn en wat mogelijkheden zijn voor het sluiten van kringlopen. Specifiek is er tijdens het gesprek ingegaan op de afvalketen van GFE/GFT, papier en karton en beton. Elk van deze afvalketen heeft zijn eigen unieke eigenschappen en circulaire potentie. Voor meer informatie zie Annex 2.

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Voor drie casussen is tijdens de werksessie over grondstofverwerkende bedrijven (zie kader) gesproken over de circulaire potentie en de ruimtelijk economische implicaties hiervan. Onderstaand wordt kort gepresenteerd wat het kernpunt van elke van de drie casussen is.

Papier en karton worden gezamenlijk ingezameld en gescheiden en verwerkt bij PRU in Utrecht, wat het benodigde transport verminderd, het uiteindelijke verwerkingsproces vereenvoudigt en het product van hogere kwaliteit maakt. Kansen voor circulaire innovatie zitten in het digitaliseren van materialen en de overstap van plastic naar karton.

HOOFDSTUK 04

Sommige materiaalstromen lenen zich mogelijk voor kringloopsluiting op lokale of regionale schaal, terwijl andere complexe materialen misschien nog steeds optimaal op internationale schaal verwerkt kunnen worden. Om kringlopen te sluiten moeten materialen zo hoogwaardig mogelijk worden toegepast. Dat betekent dat vanuit het perspectief van een circulaire economie een regio niet per se zelfvoorzienend hoeft te zijn. De optimale schaalgrootte voor kringloopsluiting verschilt per materiaal en is afhankelijk van factoren zoals schaarste, transport, productieprocessen en geopolitiek.

Een kernelement van de circulaire economie is het ontwerpen van grondstofkringlopen, waarin materialen hoogwaardig blijven circuleren. In een dergelijk economisch systeem gaan dan ook nieuwe economische activiteiten plaatsvinden. Dit gaat gepaard met een andere ruimtevraag.

Het apart inzamelen van GFE-afval in gestapelde woningen is verplicht volgens EU-wetgeving. GFE is ongeveer 30% van het huishoudelijke restafval. Door dit gescheiden in te zamelen, kan een groot deel van het restafval worden verminderd. Er wordt gewerkt aan een inzamelketen van keuken tot verwerking in samenwerking met de gemeente Rotterdam.

In deze werksessie werden de belangrijkste inzichten uit de MSA met betrekking tot afval gepresenteerd aan sleutelfunctionarissen van de gemeente Utrecht. Vervolgens zijn deze inzichten tijdens een open gesprek gespiegeld aan de professionele ervaringen van de individuele personen. Er waren verschillende personen aanwezig die zich elk met verschillende aspecten van dit onderwerp bezighouden, waaronder het beheer van de openbare ruimte, de inzameling van huishoudelijk afval en de verwijdering van afval in Utrecht.

HOOFDSTUK 03

Inzamelen GFE

Werksessie grondstofverwerkende bedrijven HOOFDSTUK 02

DE RUIMTELIJK ECONOMISCHE IMPACT VAN DE TRANSITIE

3. Zorgsector

HOOFDSTUK 01

1 Afvalketens

2. Bouwsector

3. Zorgsector

Circulaire bouwsector

28

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

Het vinden van manieren om materialen en grondstoffen op een circulaire manier te gebruiken en afval te verminderen is een uitdaging. Het hergebruik van materialen en grondstoffen is nu nog niet voldoende geïntegreerd in de bouwsector. Het verminderen van de milieu-impact van de bouwsector is ook nodig om aan de ambities te voldoen. Dit betekent dat er bij de bouw en renovatie van gebouwen en infrastructuur meer gebruik moet worden gemaakt van duurzame energie en hernieuwbare materialen. Een voorwaarde voor het creëren van een circulaire economie in de bouwsector is dat alle betrokken partijen samenwerken om materialen en grondstoffen zo efficiënt mogelijk te gebruiken en afval te verminderen. Hiervoor is een verandering van mindset en werkwijze nodig binnen de hele sector, van ontwerp tot en met sloop.

HOOFDSTUK 04

De bouwsector in Utrecht is goed ontwikkeld en biedt werkgelegenheid aan een groot aantal professionals. Er zijn verschillende bouwbedrijven gevestigd in Utrecht, enkele voorbeelden zijn: BAM, Heijmans, VolkerWessels, Adex en Strukton. Naast deze grote bouwbedrijven zijn er ook diverse kleinere bedrijven gevestigd in Utrecht die zich op gebieden naast het bouwen zelf richten, zoals ontwerp, restauratie, renovatie en beheer en onderhoud. In Utrecht zijn er dus diverse bouwbedrijven actief in de hele bouwketen, die allen bijdragen aan de ontwikkeling en vernieuwing van de stad en haar omgeving.

Uit de MSA blijkt dat de bouwsector in de gemeente Utrecht ongeveer een kwart van alle materialen consumeert en minimaal 5% van het afval genereert. Door deze grote materiaalstromen is de bouwsector is een belangrijke sector in het realiseren van de Utrechtse ambities. Een transitie naar een circulaire economie is hiervoor noodzakelijk.

Voor de bouw zijn de nationale circulaire doelstellingen uitgewerkt in de Transitieagenda Circulaire Bouweconomie en het Uitvoeringsprogramma. In 2030 is het doel om 50% minder primaire grondstoffen te verbruiken, en in 2050 wil Nederland een volledig circulaire economie zijn. In lijn hiermee wordt de milieuprestatie van gebouwen (MPG) tot 2030 aangescherpt naar 0,5. Daarnaast ondervindt ook de bouwsector in toenemende mate de effecten van de stikstofproblematiek. Dit vraagt ook om nieuwe, schonere manieren van bouwen.

HOOFDSTUK 03

De bouwsector is een belangrijke economische sector die door de grote materiaalstromen een sleutelrol kan spelen in het zoeken van innovatieve oplossingen voor de circulaire economie. De gemeente Utrecht heeft ambitieuze plannen voor het realiseren van een circulaire economie en dit betekent dat er een grote verandering plaats moet vinden in de manier waarop gebouwen worden ontworpen, gebouwd en gebruikt.

DE CIRCULAIRE UITDAGINGEN VAN DE BOUWSECTOR

HOOFDSTUK 02

DE BOUWSECTOR IN UTRECHT

HOOFDSTUK 01

1 Afvalketens

1 Afvalketens

10.000

2. Bouwsector

8.000

PROGNOSE WONINGBOUW

Recent onderzoek van Metabolic toont aan dat indien we doorgaan met de huidige manier van bouwen en de huidige woningbouwplannen, we in 2027 door het koolstofbudget van de woningbouw heen zijn. Ook gemeente Utrecht speelt een rol in dit scenario, met een relatief grote woningbouwopgave. Aan de hand van het Meerjarenplan Ruimte zijn de hoeveelheid en type woningen die tot 2035 gebouwd gaan worden in kaart gebracht. Op basis van deze getallen is berekend wat de geplande materiaalvraag is voor de nieuwbouw van woningen in gemeente Utrecht in de komende jaren*.

10.000 4.000 8.000 2.000 6.000 0 4.000

2023

2025

2027

2029

2031

2.000 0

2023

2025

2027

2029

2031

2035

Materiaalvraag woningbouw Materiaalvraag (kton) per jaar 900 800 700 600 Materiaalvraag woningbouw Materiaalvraag (kton) per jaar 500 900 400 800 300 700 200 600 100 500 400 Figuur 300

11

2023

2025

2027

2029

2031

2033

2035

Materiaal Installaties Glas Metalen Isolatie Hout Gips Materiaal Baksteen, Keramiek en Steen Installaties Overig Glas Gewapend beton Metalen Isolatie Hout Gips Baksteen, Keramiek en Steen Overig Gewapend beton

Overzicht van aantal type woningen naar type en de materiaalvraag in de woningbouw

200

100 Consulting

0

2023

2025

29 2027

2029

2031

2033

2035

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

* Hiervoor is gebruik gemaakt van het Urban Mining Model van Metabolic. Dit model is gebaseerd op een status quo scenario, waarin wordt gebouwd met momenteel overheersende materiaalkeuzes.

Aantal 6.000woningen en geplande start bouw

HOOFDSTUK 04

In 2023, 2024 en 2025 zien we een piek van woningen die gebouwd gaan worden (zie figuur 11). Deze is in 2024 het hoogst, met meer dan 10.000 woningen. In deze drie jaren worden studentenwoningen gebouwd, in de daarop volgende jaren niet meer. Het grootste aandeel aan woningen dat gaat worden gebouwd zijn huurwoningen, gevolgd van koopwoningen en studentenwoningen. Bij de materialen die zijn gekoppeld aan deze woningbouwplannen gaat qua massa het in eerste instantie om gewapend beton, gevolgd van baksteen, keramiek en steen en overige materialen. Op de vierde plaats staat gips, gevolgd van materialen zoals hout, isolatiemateriaal, metalen, glas en installaties.

Aantal nieuwe woningen naar type

HOOFDSTUK 03

2033

Koop boven NHG (egw) Koop midden tot NHG (egw) Dure huur (egw) Middenhuur (egw) Soc huur tot liberalisatiegrens (egw) Soc huur kernvoorraad (egw)

Aantal woningen en geplande start bouw

HOOFDSTUK 02

2033

Type woning Dure huur (app) Middenhuur (app) 3. Zorgsector Soc huur tot liberalisatiegrens (app) Soc huur kernvoorraad (app) Studenten onzelfstandig Studenten Type woning zelfstandig Koop boven NHG (app) Dure huur (app) Koop midden(app) tot NHG (app) Middenhuur Goedkope koop (app) Soc huur tot liberalisatiegrens (app) Koop boven NHG (egw)(app) Soc huur kernvoorraad Koop midden tot NHG (egw) Studenten onzelfstandig Dure huur (egw) Studenten zelfstandig Middenhuur (egw)(app) Koop boven NHG Soc tot liberalisatiegrens Koophuur midden tot NHG (app) (egw) Soc huur kernvoorraad 2035 Goedkope koop (app) (egw)

HOOFDSTUK 01

Aantal nieuwe woningen naar type

VAN ENERGIETRANSITIE NAAR OOG VOOR MATERIALEN

100

80

60

40

20

0

Figuur

12

Massa relatief

GWP relatief

Overzicht van de impact van de materiaalvraag in de woningbouw

30

CIRCULAIRE NULMETING UTRECHT

HOOFDSTUK 05

Consulting

Materiaal Kalkzandsteen Installaties Glas Metalen Isolatie Hout Gips Baksteen, Keramiek en Steen Overig Gewapend beton

Massa en type

HOOFDSTUK 04

Met kengetallen voor de bouwindustrie in Nederland is berekend wat de verwachte ingebedde impact is van de materiaalvraag van de woningbouwplannen (zie figuur 12). De impact wordt weergegeven op basis van het global warming potential (GWP). Hieruit komt naar voren dat de grootste impact komt door het gebruik van gewapend beton, gevolgd door installaties en baksteen, keramiek en steen. Andere bouwmaterialen met een relatief hoge impact zijn metalen, gips en isolatie. Het valt op dat een materiaalgroep zoals installaties op basis van massa het kleinste aandeel heeft aan de materiaalvraag maar wel leidt tot een relatief hoge impact.

Impact materiaalvraag woningbouw

HOOFDSTUK 03

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=36895714-32fd-44bd-b1c6-1ed1e148ca95