CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadsinformatiebijeenkomst 14 mei 2024, gemeente Utrecht17.143 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

NB: In de 4 straten waar gemeten is, is volgens de SBR-richtlijnen sprake van een bestaande situatie.

Tabel: 4 Streefwaarden trillingshinder Woonsituatie Wonen (Bestaande situatie) Wonen (Nieuwe situatie)

Dag / Avond A1 0,20 0,10

A2 0,80 0,40

Nacht A3 0,10 0,05

A1 0,20 0,10

A2 0,40 0,20

A3 0,10 0,05

Er is voldaan aan de streefwaarden als geldt dat: • De waarde van de maximale trillingssterkte in een ruimte (Vmax) kleiner is dan A1, of als; • De waarde van de maximale trillingssterkte van een ruimte (Vmax) kleiner is dan A2 waarbij de trillingssterkte over de beoordelingsperiode voor deze ruimte (Vper) kleiner is dan A3. De genoemde stappen van de beoordeling zijn visueel gemaakt in Figuur 3.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

17/42

Figuur 3: Stroomschema beoordeling SBR-B

In Bijlage 5 van de Richtlijn wordt nog gesteld dat, bij overschrijding van de streefwaarden, aanvullend gebruik kan worden gemaakt van hinderclassificaties uit Tabel 5. Hierbij moet worden opgemerkt dat het accepteren van (matige) hinder door overschrijding van de streefwaarden toelaatbaar kan zijn op grond van de mate waarin de trillingssterkte voorkomt, de aanwezige achtergrondtrillingen, de mogelijkheid tot het al dan niet treffen van maatregelen en de historie. Tabel 5: Hinderclassificatie Vmax < 0,1 0,1 – 0,2 0,2 – 0,8 0,8 – 3,2 > 3,2

Hinderclassificatie Geen hinder Weinig hinder (bestaande situatie) Matige hinder Hinder Ernstige hinder

Beoordeling volgens het regime ‘bestaande situatie’.

4.3 Meetlocaties De metingen zijn uitgevoerd op vier locaties in de stad. De ligging hiervan is in figuur 4 weergegeven en de kenmerken van de locaties zijn in Tabel 6 weergegeven. Een exacte beschrijving van de plekken in de woning of aan de geval waar gemeten is, is opgenomen in Bijlage 3. Tabel 6: Beschrijving van de vier wegvakken waar de metingen hebben plaatsgevonden. Kenmerk Snelheidsregime

Locatie schakel

Bebouwing

Homeruslaan 30 km/u Verbinding tussen het midden en het zuidoosten van de stad (tussen Maliebaan en het voetbalstadion) Bouwjaar tussen 1930 en 1950, direct grenzend aan trottoir,

Willem van Noortstraat Croeselaan 50 km/u 50 km/u Verbinding tussen het Verbinding parallel aan midden en het oosten het spoor aan de van de stad (tussen de westzijde (tussen station noordelijke binnenstad en Rivierenwijk) en Tuindorp) Bouwjaar tussen 1900 Bouwjaar tussen 1900 en 1910, direct en 1940, direct grenzend aan trottoir, grenzend aan trottoir,

Burg. Reigerstraat 30 km/u Verbinding tussen het centrum en het oosten van de stad (tussen Maliebaan en Wilhelminapark) Bouwjaar tussen 1900 en 1930, direct grenzend aan trottoir,

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

18/42

Nabijgelegen halte(s) Buslijn(en) Frequentie spits Frequentie dal Wijze van halteren Parkeervoorzieningen Fietsvoorzieningen

Drempel(s) ter hoogte van de meetlocatie Overige bijzonderheden

gelegen circa 8 meter gelegen circa 6 meter gelegen circa 9 meter gelegen circa 6 meter van de rijbaan vandaan. van de rijbaan vandaan. van de rijbaan vandaan. van de rijbaan vandaan. Tussen Homeruslaan en Tussen Maliebaan en Willem van Noortstraat Brederoplein Oosterstraat Burg. Reigerstraat Buslijn 8 Buslijn 1 Buslijn 1 Buslijn 8 6x per uur 6x per uur 6x per uur 6x per uur 4x per uur 4x per uur 4x per uur 4x per uur Op rijbaan; halte tussen Op rijbaan Op rijbaan Op rijbaan fietspad en rijbaan Ja, aan weerszijden van Ja, aan weerszijden van Ja, aan weerszijden van Ja, aan één zijde van de weg de weg de weg de weg Ja, fietsstroken aan Ja, fietspad aan beide zijden, ter hoogte weerszijden van de weg Nee Ja, fietsstraat van bushaltes achter het achter de bushaltes halteperron langs langs Ja – zgn. busvriendelijke Ja– zgn. busvriendelijke Ja – flauwe drempel Ja, sinusvormige drempels in de vorm van drempels in de vorm van (een zgn. plateau); drempel - alleen op de twee betonnen twee betonnen bovendien rijbaan richting het verkeerskussens met verkeerskussens met spoorwegovergang op zuiden middengeleider middengeleider 30 meter afstand Brede middenberm met Nee Nee groen en bomen tussen Fietsstraat, auto te gast beide rijbanen

Figuur 4 Ligging van de vier locaties waar gemeten is

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

19/42

4.4 Materieelinzet Tijdens de metingen heeft Qbuzz de volgende typen bussen ingezet: Tabel 7: Bussen die worden ingezet op lijn 1 en 8 (inclusief lengte en gewicht) Overzicht elektrische en dieselbussen binnen de concessie U-OV die ingezet kunnen worden op lijn 1 en 8 lengte ledig bruto serie busnummer merk type aantal soort bus brandstof (m) gewicht gewicht 4600 4601 - 4669 Ebusco 2.0 / 2.1 / 2.2 31 standaard elektrisch 12 12420 18500 kg 4800 4801 - 4835 Iveco/Heuliez GX 437 ELEC Linium 35 geleed elektrisch 18 21285 29000 kg 4000 4001 - 4066 Mercedes Benz Citaro 65 standaard diesel 12 11500 18745 kg 4100 4101 - 4166 Mercedes Benz Citaro G 74 geleed diesel 18 16306 28745 kg

Te zien is dat elektrische bussen met een lengte van 12 meter zonder passagiers gemiddeld 12% (bijna 1400 kg) zwaarder zijn dan dieselbussen en dat bussen van 18 meter lengte gemiddeld 30% (bijna 5.000 kg) zwaarder zijn dan dieselbussen. Het hogere gewicht wordt vooral veroorzaakt door de accu’s. Voor een bus van 18 meter zijn veel grotere accu’s nodig dan voor een bus van 12 meter. Bruto zijn de verschillen kleiner – vooral omdat de toegelaten (staanplaats-) capaciteit van een elektrische bus kleiner is dan voor een dieselbus van dezelfde lengte. Uit de registratie blijkt dat gedurende de meetperiode de helft van de ritten van lijn 1 wordt gereden met elektrische bussen; op lijn 8 zijn 6 van de 7 passerende bussen elektrisch. Daarbij moet worden vermeld dat op lijn 1 uitsluitend bussen met een lengte van 12 meter worden ingezet en op lijn 8 vrijwel uitsluitend bussen met een lengte van 18 meter (slechts 1% van de ritten op deze lijn wordt uitgevoerd met een 12 meter lange dieselbus). Tabel 8: Materieelinzet per lijn tijdens de onderzoeksperiode met onderscheid naar elektrisch en diesel

materieelinzet

lijn 1

lijn 8

elektrisch diesel

50% 50%

86% 14%

totaal

100%

100%

Overigens zijn de aslasten van elektrische bussen aanmerkelijk lager dan de maximaal toegestane aslasten van vrachtauto’s. • • • • •

Voor een dieselbus met 40 passagiers is de aslast ca. 7 ton. Voor een elektrische bus met 40 passagiers is de aslast ca. 8 ton. De maximale aslast voor vrachtauto’s bedraagt voor een enkele as 12 ton. Voor een asstel mag het gewicht van beide assen tezamen 16 ton bedragen (mits de assen tussen 1,00 en 1,30 meter uit elkaar liggen). Voor een aanhangwagen of oplegger mag de aslast van beide assen tezamen 24 ton bedragen (mits beide assen tussen 1,30 en 1,40 meter uit elkaar liggen).

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

20/42

4.5 Resultaten 4.5.1

SBR-A toets (trilingsschade)

vtop (piektrillingssnelheid) is een maat voor de snelheid van de trillingen op het oppervlak waarop de trillingsmeter is geplaatst. Het wordt gemeten in millimeter per seconde (mm/s). vtop wordt vaak gebruikt bij het beoordelen van de impact van trillingen op mensen, Alle waarden van vtop op het vaste punt zijn getoetst aan de SBR-A. Dit is gedaan voor de resultaten van de bemande meting. In Tabel 9 zijn de maximale waarden gegeven inclusief veiligheidsfactor. Voor alle punten op de fundering blijven de trillingssnelheden binnen de grenswaarden. De kans op schade is in de huidige situatie in alle gevallen verwaarloosbaar klein (kleiner dan 1%). In de Burgemeester Reigerstraat was het – op aanwijzing van de bewoner- niet mogelijk om de SBR-A meting uit te voeren. Alle andere woningen zijn bovenwoningen. Voor de SBR-A meting is er voor gekozen om bij de voordeur op de begane grond te meten. De grafieken zijn terug te vinden in Bijlage 4 en Bijlage 5. Tabel 9: vtop waarden voor toetsing SBR-A Adres

vtop (mm/s)

Homeruslaan

0,88

Willem van Noortstraat

0,54

Croeselaan

0,78

Burgemeester Reigerstraat

(-) – niet gemeten

4.5.2

SBR-B toets (trillingshinder)

De SBR-B hanteert drie streefwaarden, namelijk de A1, A2 en A3-waarde. De A3 waarden zijn in dit onderzoek niet vastgesteld, omdat de A2-waarde als leidend voor de conclusie over wel/geen hinder wordt beschouwd. In Tabel 10 zijn de waarden voor Vmax gegeven. Er wordt getoetst aan de A2 waarde, oftewel 0.8 in de dag- en avondperiode en 0.4 in de nacht. De bemande meting was in de dagperiode. De grafieken zijn terug te vinden in Bijlage 4 voor de bemande metingen en in Bijlage 5 voor de onbemande metingen. Tabel 10: Vmax waarden voor toetsing SBR-B Adres

Vmax(-) bemand

Vmax(-) onbemand

Homeruslaan

0.58

1.13 (E) 1.67(D)

Willem van Noortstraat

1.53

1.20 (E) 0.77 (D)

Croeselaan

1.33

1.30 (E)

Burgemeester Reigerstraat

0.80

0.76 (E)

De SBR-B waarden worden tijdens de bemande meting overschreden bij de Willem van Noortstraat en de Croeselaan. Het gaat om meerdere passages die over de grenswaarde zitten. Bij de onbemande meting voldoet alleen de Burgemeester Reigerstraat aan de waarde voor A2. Hierdoor is het noodzakelijk om naar de Vper te kijken. Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

21/42

Toelichting meting in de Burgemeester Reigerstraat In de Burgemeester Reigerstraat rijdt lijn 8. Op deze lijn worden voornamelijk elektrische bussen van het type GX437 ELEC gebruikt en daarnaast ook nog dieselbussen van het type Citaro G. Dit zijn allemaal gelede bussen met een lengte van 18 meter. Op 1% van de ritten worden dieselbussen met een lengte van 12 meter ingezet. In het midden van de weg is een strook met stenen in de weg gelegd. Vermoedelijk veroorzaakt dit trillingen. Verder is er een flauwe sinusvormige drempel ter hoogte van de meetlocatie. Ook deze kan trillingen veroorzaken. 30 meter verderop ligt een spoorwegovergang van de spoorlijn naar het Spoorwegmuseum. Overdag, dus ook bij de bemande meting, is dit een drukke straat met veel fietsverkeer. Hierdoor passeert de bus op deze tijden de woning niet met hoge snelheid. In de avond- en nachtperiode is het voor de bus mogelijk om veel sneller door de straat te rijden. Tijdens de bemande meting is een hoogste waarde van 0,80 gemeten. Deze waarde ligt op de grens voor de SBR-B richtlijn(A2<0,8). Er is sprake van ‘matige hinder’. Tijdens de onbemande meting is de hoogste piek die overdag gemeten is en die te linken is aan een voorbijgaande (elektrische) bus 0,76. In de nachtperiode zijn geen pieken gemeten boven de 0,4. De situatie voldoet aan de A2 waarde uit de SBR-B richtlijn. Er is sprake van ‘matige hinder’.

Toelichting meting in de Homeruslaan In de Homeruslaan rijdt lijn 8. Op deze lijn worden voornamelijk elektrische bussen van het type GX437 ELEC gebruikt en daarnaast ook nog dieselbussen van het type Citaro G. Dit zijn allemaal gelede bussen met een lengte van 18 meter. Op 1% van de ritten worden dieselbussen van 12 meter ingezet. Tijdens de bemande meting is een hoogste waarde van 0,58 gemeten. Hiermee is de waarde lager dan A2 uit de SBR-B, met classificatie matige hinder in Tabel 5. Als deze waarde ook ’s nachts voor komt voldoet deze echter niet meer (A2<0.4). Tijdens de bemande meting was het straatbeeld rustig, maar moest de bus vaak stoppen bij de bushaltes. Hierbij reed de bus rustig langs het huis. Tijdens de onbemande meting is de hoogste piek die te linken is aan een voorbijgaande bus 1.13 (elektrisch) en 1.76 (diesel). Deze pieken zijn beide gemeten voor 7 uur ’s ochtends. De hoogste piek komt dus van een diesel bus, echter is dit een incident in de metingen. Over het algemeen zijn de hogere pieken afkomstig van elektrische bussen. Hieruit volgt dus dat deze waarde hoger is dan A2 en dus niet voldoet voor SBR-B, voor beide soorten bussen.

Toelichting meting in de Willem van Noortstraat Op de Willem van Noortstraat rijdt lijn 1. Op deze lijn werden tijdens de metingen zowel elektrische bussen als dieselbussen ingezet. Het gaat hier om de GX 137 Elec of Ebusco (2.0/2.1/2.2) en de Citaro of de Citaro 2. Dit zijn allemaal. standaardbussen met een lengte van 12 meter. Voor de woning ligt een middengeleider, in de volksmond een vluchtheuvel genoemd. De bewoner heeft aangegeven dat de bussen deze soms bij het voorbijrijden raken: de bus rijdt een stukje op de rand van de stoep en valt dan Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

22/42

weer op het wegdek. Op de plek waar dit gebeurt zijn scheuren in het wegdek ontstaan, welke worden weergegeven in Figuur 5 hieronder. Zo'n incident is overigens niet waargenomen tijdens de bemande meting.

Figuur 5: Schade aan het wegdek in de Willem van Noortstraat

Tijdens de bemande meting is een hoogste waarde van 1.53 gemeten tijdens het passeren van een bus. Dit is een significante trilling, maar er zit veel ruis in de trillingsmeting, vermoedelijk door werkzaamheden naast het huis. De hoogst gemeten trilling van een dieselbus is 1,4. Beide waarden zijn hoger dan A2 en voldoen dus niet aan de streefwaarden voor SBR-B. Tijdens de onbemande meting is een hoogste waarde gemeten van 1,2 tijdens het passeren van een (in dit geval elektrische) bus in de dagperiode. Deze waarde voldoet niet aan de SBR-B richtlijn.

Toelichting meting in de Croeselaan Net als bij de Willem van Noortstraat, rijdt over de Croeselaan buslijn 1. Op deze lijn worden zowel elektrische bussen als diesel bussen ingezet. Het gaat hier om de GX 137 Elec of Ebusco (2.0/2.1/2.2) en de Citaro of de Citaro 2. Dit zijn allemaal. standaardbussen met een lengte van 12 meter. Ter plekke van de woning bevindt zich een zogenaamde flexdrempel. Dit is een drempel die inzakt bij de passage van een zwaar voertuig. De drempel ligt hier op proef. De drempel voldoet overigens (nog) niet aan de verwachtingen. De dempers zijn recentelijk vervangen en er is gekeken of een schuddend frame de trillingen veroorzaakt.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

23/42

Figuur 6 – Flexdrempel in de Croeselaan

Tijdens de bemande meting was het straatbeeld rustig, maar moest de bus vaak stoppen bij de haltes. Hierbij reed de bus rustig langs het huis. De piek in Tabel 8 van de bemande meting is van een bus die wel door reed. Dit is hoger dan de SBR-B richtlijn en wordt geclassificeerd als hinder volgens tabel 5. Tijdens de onbemande meting is ten hoogste een waarde gevonden van 1.3 tijdens de passage van een elektrische bus in de nachtperiode (dit is de periode tussen 23:00 en 07:00 uur). Deze waarde voldoet niet aan de SBR-B richtlijn.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

24/42

5 •

•

•

•

•

•

Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Sinds de inzet van elektrische bussen in de stad Utrecht is het aantal klachten over trillingshinder door bewoners van straten met buslijnen toegenomen. Ook zijn er meer meldingen van schade aan bijv. drempels en middengeleiders. Wat daarbij meespeelt is dat elektrische bussen zwaarder zijn dan dieselbussen. Dat komt door de accu’s die nodig zijn om een voldoende grote actieradius te hebben. De gelede bussen zijn -zonder passagiers31% zwaarder en de standaardbussen zijn leeg 12% zwaarder dan vergelijkbare dieselbussen. Overigens zijn de maximale aslasten van elektrische bussen aanmerkelijk lager dan de maximaal toegestane aslasten van vrachtauto’s. o Voor een dieselbus met 40 passagiers is de aslast ca. 7 ton en voor een elektrische bus ca. 8 ton. o De maximaal toegestane aslast voor vrachtauto’s bedraagt voor een enkele as 12 ton en voor een zgn. asstel 16 tot 24 ton voor beide assen tezamen. o Omdat met name in de stillere uren het aantal passerende bussen (veel) hoger is dan het aantal passerende zware vrachtauto’s vallen trillingen door passerende bussen in die periode (ondanks de lagere aslasten van bussen) meer op. Het onderzoek bestond uit drie delen: o Metingen van de trillingen bij 4 woningen: De woningen zijn geselecteerd op basis van het meldingenoverzicht van de gemeente.

o Een benchmark van de resultaten van metingen in min of meer vergelijkbare situaties in Nederland en de maatregelen die als gevolg van de meetresultaten getroffen zijn. o Een GIS-analyse om in kaart te brengen hoeveel wegvakken in Utrecht een vergelijkbaar (of hoger) risicoprofiel hebben dan de wegvakken waar gemeten is. Twee locaties waar gemeten is bevinden zich langs lijn 1 en de twee andere locaties bevinden zich langs lijn 8. Beide buslijnen rijden in de spitsuren 6 x per uur per richting en in het dal 4 x per uur per richting. De woningen hebben een bouwjaar in de periode 1906 – 1936: ze hebben hoogstwaarschijnlijk een houten fundering. De gevel grenst aan het trottoir en de afstand tot het hart van de dichtstbijzijnde rijstrook bedraagt 6 tot 9 meter. Wat verder opvalt is dat zich ter hoogte van alle vier woningen een drempel bevindt.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

25/42

Figuur 7: Geselecteerde straten met meldingen van trillingshinder

Meetmethode •

•

•

•

•

De trillingsmeting bestond uit twee gedeelten: a) een bemande meting gedurende ongeveer twee uur op twee locaties in de woning en b) een onbemande meting gedurende een week op één locatie in de woning. De bemande meting vond plaats met twee trillingsmeters: één in een stijf punt van de constructie achter de voordeur en één op het midden van de verdiepingsvloer. Bij één woning is op beide verdiepingsvloeren een trillingsmeter geplaatst. Bij één woning kon (op aanwijzing van de bewoner) geen trillingsmeter in een stijf punt van de constructie achter de voordeur worden geplaatst. De twee meetposities in de woning zijn nodig om zowel een uitspraak te kunnen doen over het risico op trillingsschade aan de constructie van het pand en het risico op trillingshinder in de woning. De onbemande metingen zijn uitgevoerd op de verdieping van de woningen waar de meeste hinder wordt ervaren d.m.v. één trillingsmeter op het midden van de verdiepingsvloer. Gedurende de bemande meting is geregistreerd wanneer een bus passeerde en om welk type bus (elektrisch/diesel/12 meter/18 meter) het ging. Zo zijn de trillingen veroorzaakt door passerende bussen er uit gefilterd. Uiteraard kan ook ander (zwaar) verkeer trillingen veroorzaken, maar dat was geen onderdeel van dit onderzoek. Dit verkeer is daarom niet geanalyseerd.

Voor het analyseren van de onbemande meting heeft Qbuzz een bestand met de passeertijden van bussen bij de twee omliggende haltes verstrekt. Daarbij was voor elke rit aangegeven welk type bus werd ingezet. Op basis van dit bestand zijn de passeertijden bij de meetlocaties bepaald. Met behulp van deze gegevens zijn ook bij de onbemande metingen de trillingen gekoppeld aan de momenten (met een bandbreedte van 10 seconden) waarop een bus passeerde.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

26/42

Resultaten De metingen leiden tot de volgende resultaten: •

• •

•

Wettelijk is de gemeente niet verplicht tot het nemen van maatregelen: o Alle meetlocaties voldoen ruimschoots aan de SBR-A grenswaarde: de kans op schade is volgens de norm verwaarloosbaar klein. o De hoogste waarden van de tijdens de metingen vastgestelde trillingen op de meetlocaties zijn overdag en ‘s nachts hoger dan de SBR-B streefwaarden. Dat betekent dat bij de hoogst gemeten waarden op alle meetlocaties (inclusief een marge) sprake is van ‘matige hinder’ of soms van ‘hinder’. De hoogste waarden blijven echter ruim onder de geldende norm voor ‘ernstige hinder’. Wat opvalt is dat zich ter hoogte van alle 4 woningen waar gemeten is een drempel bevindt. De hoogste waarden van de gemeten trillingen in de woningen langs lijn 8 zijn sterker dan de hoogste waarden in de woningen langs lijn 1. Voor de meetlocaties langs lijn 1 is volgens de normstelling sprake van ‘matige hinder’. Voor de meetlocaties langs lijn 8 is volgens de normstelling sprake van ‘hinder’. Er is nergens sprake van ‘ernstige hinder’. Het verschil tussen de meetresultaten van de woningen langs lijn 1 en langs lijn 8 wordt waarschijnlijk veroorzaakt door: o a) de lengte van de passerende bussen (op lijn 1 bussen van 12 meter en op lijn 8 bussen van 18 meter) en o b) het gewicht van de passerende bussen: bij lijn 8 worden vrijwel alleen elektrische bussen ingezet en bij lijn 1 voor de helft dieselbussen.

Een elektrische bus van 18 meter is nl. 2 x zo zwaar als een dieselbus van 12 meter. De trillingen die een dergelijke bus veroorzaakt zijn daardoor significant sterker.

Uit de benchmark destilleren we de volgende resultaten: •

•

•

Voor de benchmark zijn 8 onderzoeksrapporten met trillingsmetingen op 33 locaties elders in Nederland geanalyseerd. Wat daarbij opvalt: er zijn geen metingen beschikbaar die specifiek gericht zijn op trillingen door elektrische bussen, maar wel van trillingen door zwaar vrachtverkeer en door bussen in het algemeen, wellicht met uitzondering van de metingen in de stad Groningen omdat daar vrijwel uitsluitend elektrische bussen rijden. Bij 4 onderzoekslocaties is sprake van een voorgenomen herinrichting. Op basis van de trillingsonderzoeken kan voor deze locaties worden geconcludeerd dat er technisch-inhoudelijk geen bezwaren zijn om de voorgestelde herinrichtingen uit te voeren. In Groningen is er echter voor gekozen trillingsschermen te plaatsen. Deze maatregel was niet nodig op basis van de trillingsmetingen, maar er is preventief voor gekozen omdat het aantal passerende bussen aan één zijde van de Diepenring met 100% toe zou nemen tot (overdag) 30 bussen per uur per richting. (NB: op de meetlocaties in Utrecht passeren 4 tot 6 bussen per uur per richting). De resultaten van de metingen in Utrecht liggen in lijn met de onderzoeken elders in Nederland: o De metingen voldoen overal aan de SBR-A-norm: de kans op schade is verwaarloosbaar klein.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

27/42

o

Ten aanzien van de SBR-B-norm is er -net als bij de andere onderzoeken- geen sprake van ‘ernstige hinder’, wel (op basis van de hoogst gemeten trillingen) van ‘matige hinder’ en incidenteel van ‘hinder’.

De GIS-analyse leidt tot de volgende resultaten: •

•

•

Een analyse van de bijna 3200 wegvakken in Utrecht waarover buslijnen rijden laat zien dat de wegvakken met hoge risicoprofielen zich veelal in de vooroorlogse wijken bevinden met straten waarbij de bebouwing direct aan het trottoir ligt. De afstand tussen rijbaan en woning is daardoor klein. De vier meetlocaties behoren tot de 15% van de wegvakken met het hoogste risicoprofiel. Dit betekent dat -in theorie- op zo’n 450 wegvakken vergelijkbare trillingshinder zou kunnen optreden. Waarschijnlijk is dit aantal lager dan 450, omdat de afstand tussen woningen en drempels nog niet in de methodiek is verdisconteerd. Nadere aanscherping van de methodiek is daarom gewenst – ook omdat de meetresultaten nog niet konden worden verwerkt in de analyse.

Aanbevelingen Het is allereerst goed te beseffen dat de maximale aslast van bussen lager is dan die van zware vrachtauto’s. De hinder van één passerende bus is op basis daarvan lager dan dat van één zware vrachtauto. Met name het hoge aantal bussen op busroutes zal de voornaamste oorzaak van de hinder zijn. Vermindering van hinder kan worden bereikt door een samenspel van maatregelen: weginrichting, materieelinzet, routekeuze en het rijgedrag van de chauffeur. Op korte termijn zijn de meest kansrijke maatregelen: het -met ondersteuning van technische hulpmiddelen- aansturen op rustig rijgedrag van chauffeurs, met name bij het passeren van drempels, het zorgvuldig onder de loep nemen van de noodzaak en vormgeving van drempels en middengeleiders en het vroegtijdig nemen van maatregelen bij schades of oneffenheden in het wegdek. Alle mogelijke kansrijke maatregelen om trillingshinder te verminderen zijn hieronder geclusterd naar doorlooptijd en naar soort maatregel: Weginrichting (korte termijn: < 1 jaar) • De gemeente kan ervoor kiezen om een slecht wegdek en/of schades sneller te repareren. Dit is overigens wel afhankelijk van de aard van de oneffenheden of andere schades. De doorlooptijd van asfaltreparaties is namelijk aanzienlijk langer dan reparaties aan bestrating.

• De gemeente kan ervoor kiezen om de drempels in busroutes met inzet van (gelede) elektrische bussen weg te halen of anders vorm te geven. Er bestaan bijv. sinusvormige drempels of plateaus die leiden tot minder schoksgewijze verticale bewegingen van voertuigen. • De gemeente kan er ook voor kiezen om de middengeleiders zodanig vorm te geven dat de kans op schade wordt verkleind. Ook zouden ze kunnen worden weggehaald. Weginrichting (lange termijn: bij reconstructies)

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

28/42

•

•

•

De gemeente kan bij een reconstructie kiezen voor een ander materiaalgebruik: trillingen zorgen voor een homogene wegfundering, mogelijk dieper dan nu wordt toegepast. De gemeente kan ervoor kiezen om elementenverharding te vervangen door asfaltverharding, eventueel i.v.m. de uitstraling met streetprint uitgevoerd. NB: In Groningen is ervoor gekozen trillingsschermen te plaatsen tussen rijbaan en trottoir. Wij zijn van mening dat het effect daarvan niet mag worden overschat. Om die reden is Sweco terughoudend met dit advies. Bovendien was de aanleiding in Groningen een verdubbeling van het aantal passerende bussen aan de westzijde van de Diepenring tot overdag 30 bussen per uur per richting. Op de meetpunten in Utrecht is daarvan geen sprake: daar rijden 4 tot 6 bussen per uur per richting en er is ook geen sprake van een verdubbeling van de frequenties van het busverkeer.

Exploitatie (quick-wins: < 1 maand) • Chauffeurs kunnen erop worden aangesproken als ze (regelmatig) te vroeg bij haltes vertrekken. Dit is niet alleen hinderlijk voor passagiers die daardoor onterecht hun bus kunnen missen, maar het is ook een maat voor het rijgedrag: de kans is dat deze chauffeurs onderweg harder rijden dan de geldende maximum snelheid. Op basis van de ritgegevens kan dat namelijk worden achterhaald. Als er eenmalig een script voor opgesteld wordt kan een dergelijke analyse met de rijtijden en snelheden van halte tot halte frequent zonder veel personele inzet worden uitgevoerd. • Chauffeurs kunnen op basis van bovengenoemde analyse actief worden gestimuleerd om ’s avonds (vrijwillig of verplicht) langzamer te rijden om zo de overlast voor omwonenden te verminderen. De stimulans kan bijv. plaatsvinden in de vorm van een beloning voor de chauffeur die zo min mogelijk te vroeg een halte passeert. • Hetzelfde geldt specifiek voor het passeren van drempels. Chauffeurs kunnen worden gestimuleerd om drempels met gematigde snelheid te passeren. Dat is niet alleen prettig voor omwonenden, maar ook voor de passagiers in de bus. Exploitatie (korte termijn: < 1 jaar of per ingang van de nieuwe dienstregeling) • De vervoerder kan met financiële prikkels worden gestimuleerd om ’s avonds langzamer te rijden, bijv.

door een bonus te verstrekken indien het aantal of het percentage ‘te vroeg passeren van haltes’ daalt. • De vervoerder en/of de concessieverlener kunnen ervoor kiezen in de stille uren zoveel mogelijk 12 meterbussen in te zetten danwel voor te schrijven, omdat deze minder trillingen veroorzaken. • Ook kunnen beide partijen ervoor kiezen om de inzet van 18 meterbussen zoveel mogelijk te beperken tot routes zonder drempels en/of tot routes waarbij de afstand tussen de woningen en de rijbaan groter is – met name na 19:00 uur ‘s avonds. Uiteraard heeft de inzet van kleinere bussen gevolgen voor de bezettingsgraad van de bussen; daardoor kan het voorkomen dat deze maatregel op bijv. koopavonden niet mogelijk is. • Chauffeurs kunnen met technische hulpmiddelen worden gestimuleerd om met gematigde snelheid te rijden. Dit kan door middel van ISA (intelligente snelheidsassistentie). Dit systeem kan in alle (bestaande en/of nieuwe) bussen worden ingebouwd.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

29/42

Exploitatie (lange termijn: > 2 jaar of bij een concessiewisseling) • Gemeente en provincie kunnen gezamenlijk (eventueel samen met de vervoerder) de routes van buslijnen onder de loep nemen en andere keuzes maken m.b.t ontsluitingseisen en loopafstanden – uiteraard zal dit tot weerstand bij busreizigers en tot verlies aan inkomsten kunnen leiden, maar er zijn voorbeelden elders in het land dat het verleggen van busroutes van woonstraten naar ruime doorgaande wegen positief hebben uitgewerkt. • De provincie kan als concessieverlener kiezen voor (het voorschrijven van) de inzet van grote (gelede) bussen op de verbindende gestrekte routes met frequente lijnen in combinatie met de inzet van kleinere (en lichtere) voertuigen op de ontsluitende lijnen. • Er kan worden gekozen voor de inzet van elektrische bussen die gedurende de dag -met bijv. een pantograaf- worden opgeladen, zoals op eindpunten. Dit heeft tot gevolg dat kleinere accu’s nodig zijn waardoor het gewicht van de bus kan worden verlaagd.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

30/42

Bijlage 1: Benchmark-locaties

Figuur B1.1: Assen, Oostersingel

Figuur B1.2: Assen, Stationsstraat

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

31/42

Figuur B1.3: Koorndijk, Tuitjenhorn (voor en na herinrichting

Figuur B1.4: Spoorsingel, Bovenkarspel

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

32/42

Figuur B1.5: Vincent van Goghlaan, Haarlem (de enige locatie bij dit onderzoek met aangetoonde trillingshinder)

Figuur B1.6: Utrecht, Amsterdamsestraatweg

Figuur B1.7: Burg. Reigerstraat

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

33/42

Figuur B1.8: Willem van Noortstraat

Figuur B1.9: Homeruslaan

Figuur B1.10: Croeselaan

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

34/42

Figuur B1.11: Schuitendiep Groningen (voor reconstructie)

Figuur B1.12: Schuitendiep Groningen (na reconstructie); in de verte is de nieuwe brug over het Kattendiep zichtbaar.

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

35/42

Bijlage 2: Risicokaart

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

36/42

Bijlage 3: Resultaten bemande metingen Homeruslaan

Figuur B4.1: Resultaten bemande metingen Homeruslaan

Willem van Noortstraat

Figuur B4.2: Resultaten bemande metingen Willem van Noortstraat

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

37/42

Croeselaan

Figuur B4.3: Resultaten bemande metingen Croeselaan

Burgemeester Reigerstraat

Figuur B4.4: Resultaten bemande metingen Burgemeester Reigerstraat

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

38/42

Bijlage 4: Resultaten onbemande metingen Homeruslaan

Figuur B5.1: Resultaten onbemande metingen Homeruslaan

Willem van Noortstraat

Figuur B5.2: Resultaten onbemande meting Willem van Noortstraat

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

39/42

Croeselaan

Figuur B5.3: Resultaten onbemande meting Croeselaan

Burgemeester Reigerstraat

Figuur B5.4: Resultaten onbemande meting Burgemeester Reigerstraat

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

40/42

Bijlage 5: Beschrijving meetlocaties (geanonimiseerd) Deze bijlage is geanonimiseerd vanwege de AVG. De metingen zijn op vier locaties uitgevoerd, namelijk ter hoogte van: 1. Burgemeester Reigerstraat # 2. Homeruslaan # 3. Willem van Noortstraat # 4. Croeselaan # Tabel B3.1: samenvatting gegevens woningen Adres

Afstand tot rijlijn

Buslijn

Burgemeester Reigerstraat # Homeruslaan # Willem van Noortstraat # Croeselaan #

6 8 6 9

8 8 1 1

Bouwjaar (bron BAG) # # # #

Snelheid (km/uur) 30 30 50 50

Burgemeester Reigerstraat # Kenmerken van deze locatie: •

[..]

•

Buslijn 8 passeert de woning. Op deze lijnvoering rijden voornamelijk elektrische bussen van het type GX437 ELEC. Ook rijden er dieselbussen van het type Citaro G.

•

Afstand tussen de voorgevel en de rijlijn bedraagt circa 6 meter.

•

De toegestane maximumsnelheid voor de gevel bedraagt 30 km/uur.

•

[..]

•

Bemande meting van 14:30 tot 16:00 op 21 juni 2023.

[Foto van de woning]

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

41/42

Homeruslaan # Kenmerken van deze locatie: •

[..]

•

Buslijn 8 passeert de woning. Op deze lijnvoering rijden voornamelijk elektrische bussen van het type GX437 ELEC. Ook rijden er dieselbussen van het type Citaro G.

•

[..]

•

Afstand tussen de voorgevel en de rijlijn bedraagt circa 8 meter.

•

De toegestane maximumsnelheid voor de gevel bedraagt 30 km/uur.

•

Bemande meting van 10:00 tot 12:00 op 20 juni 2023.

[Foto van de woning]

Willem van Noortstraat # Kenmerken van deze locatie: •

[..]

•

Buslijn 1 passeert de woning. Op deze lijnvoering rijden zowel elektrische bussen van het type GX 137 Elec of Ebusco (2.0/2.1/2.2) als dieselbussen van het type Citaro of de Citaro 2.

•

Afstand tussen de voorgevel en de rijlijn bedraagt circa 6 meter.

•

[..]

•

De toegestane maximumsnelheid voor de gevel bedraagt 50 km/uur.

•

Bemande meting van 09:30 tot 12:00 op 21 juni 2023.

•

Drie meetpunten.

[Foto van de woning]

Croeselaan # Kenmerken van deze locatie: •

[..]

•

Buslijn 1 passeert de woning. Op deze lijnvoering rijden zowel elektrische bussen van het type GX 137 Elec of Ebusco (2.0/2.1/2.2) als dieselbussen van het type Citaro of de Citaro 2. Dit zijn allemaal zgn. standaardbussen met een lengte van 12 meter.

•

Afstand tussen de voorgevel en de rijlijn bedraagt circa 9 meter.

•

[..]

•

De toegestane maximumsnelheid voor de gevel bedraagt 50 km/uur.

•

Bemande meting van 13:30 tot 16:00 op 20 juni 2023.

[Foto van de woning]

Sweco | Trillingshinder elektrische bussen Onderzoek naar de trillingshinder als gevolg van de inzet van elektrische bussen in de gemeente Utrecht Projectnummer 51015765 Datum 19 oktober 2023

Click or tap here to enter text.

Document referentie Rapportage Trillingshinder Elektrische bussen Utrecht

42/42

Motie: Sorry, kan het wat zachter? De gemeenteraad van Utrecht, in vergadering bijeen op 18 januari 2024, ter bespreking van de beleidsnota Geluid en Trillingen.

Constaterende dat: 1. De beleidsnota die het college aan de gemeenteraad voorlegt, niet de bestuurlijke inzet en helderheid richting inwoners bevat waarop gehoopt werd; 2. De herziene versie van vorige week, de Strekt Ter Vervanging, vele verbeteringen bevat, bijvoorbeeld als het gaat om stille hofjes en meer toelichting op de streef-, ambitie- en richtwaarden en een aantal vrij technische begrippen.

Overwegende dat: 1. Het onderwerp erg leeft bij inwoners van een groeiende, verdichtende stad waar we steeds meer functies en activiteiten op hetzelfde oppervlak combineren; 2. In de afgelopen jaren meerdere voorbeelden voorbij zijn gekomen van projecten en situaties waarbij geluid en trillingen (en de kans op toename daarvan) leidde tot zorgen en vragen van zowel inwoners als raadsleden; 3. Gezond stedelijk leven de slogan is van Utrecht, maar we dat ook in de praktijk moeten waarmaken. 4. Het goed is om ambitie te tonen en lokaal ervaringen op te doen die ook als een voorbeeld kunnen dienen voor andere gemeenten en het Rijk kunnen inspireren voor landelijk beleid. Een mooi recent voorbeeld hiervan zijn de werkbezoeken van de gemeente Haarlem en Amsterdam in het kader van geluidsbeleid voor de Omgevingswet, de integrale afweging met Ruimtelijke Ontwikkeling en de eis van de geluidluwe gevel. Een ander, laatste voorbeeld is de regelmatige toepassing van de SBR-richtlijn bij ruimtelijke plannen waarmee gestart is in Utrecht naar aanleiding een motie van CDA Utrecht in 2018;

Verzoekt het college op: 1. Proactief te zijn op het tegengaan van geluid en trillingen, en daarom als gemeente: a. De gemeenteraad te informeren over i. de wijze van toetsing bij vergunningverlening van project langs het spoor, waar in het bestemmingsplan trillingsnormen zijn gesteld; ii. welke preventieve maatregelen er worden getroffen; iii. de manier waarop een opleveringstoets (na realisatie) vormgegeven kan worden; b. De beleidsnota geen financiële paragraaf heeft. Bij het Actieplan geluid te komen met een voorstel om een structureel, zelfstandig budget vrij te maken voor geluid en trillingen, zodat we niet afhankelijk zijn van de financiering vanuit ruimtelijke projecten. Dit is om twee redenen opportuun, namelijk: i. Het actieplan zal een set maatregelen (ingrepen) bevatten die bekostigd moeten worden, nu nog niet wetende hoe hoog dat bedrag zal zijn; ii. Er zijn ook zelfstandige projecten, zoals de lawaaiflitspaal, die niet gekoppeld zijn aan een ruimtelijk project.

c. Het recent gepubliceerde onderzoek naar trillinghinder van elektrische bussen aan te grijpen om de aanbevelingen van het betreffende adviesbureau ook op te volgen, kijkend naar de verkeersinrichting en kwaliteit van de infrastructuur en in overleg met de provincie Utrecht bijvoorbeeld als het gaat om het rijgedrag van buschauffeurs; d. De leefbaarheidstoets van de gemeente (door een ambtelijke werkgroep) te blijven hanteren zodat we zicht en grip houden op de diverse ontwikkelingen en leefbaarheid in de wijken van Utrecht; e. De gemeenteraad per raadsbrief te informeren over het omgevingsprogramma en Actieplan geluid, hierbij ook trillingen op te nemen, waar volgens het college ook de ambities voor de bestaande stad, zoneafstanden (nabij spoor en tramlijnen) en de uitwerking van (fysieke) maatregelen in komen te staan. Waarbij we ook de doorlopen participatie met inwoners verwachten en teruggekoppeld krijgen.

Ingediend door: •

Jantine Zwinkels, CDA Utrecht

Huisartsenzorg Basisinformatie Datum Gespreksleider Tijd Zaal Werkvorm Portefeuillehouder Vervolg

14 mei 2024 Ralph Peters 19.30 – 20.30 uur Zaal Regulier Eelco Eerenberg Dit onderwerp is nog niet geagendeerd voor een debat in de gemeenteraad. Wilt u nog informatie delen met raadsleden, stuur dit naar raadsinformatiebijeenkomst@utrecht.nl Website gemeente en facebook 1 Deelnemer, Sterk Zorg 2 Deelnemers, Stad van Vrede 1 Deelnemer, NVSHA 1 Deelnemer, Hartje Thuis 2 Deelnemers 1 Deelnemer, Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd 1 Deelnemer, huisarts Gezondheidscentrum Kanaleneiland

Links naar Deelnemers

Programma 1. Zorgen vanuit Kanaleneiland [10 min incl vragen] Korte bijdragen van: - actieve bewoonster uit de wijk - huisarts uit de wijk 2. Wat is ervoor nodig om in de toekomst voldoende en kwalitatief goede eerstelijnszorg op Kanaleneiland te blijven garanderen? Korte bijdragen [3-4 min. max] van: - Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd - voorzitter Nederlandse Vereniging van Spoedeisende Hulpartsen en SEH-arts in het Diakonessenhuis in Utrecht - Nederlandse Zorgautoriteit - Zilveren Kruis

1

3. Situatie Utrecht: korte blik op situatie in stad omdat probleem breder is dan Kanaleneiland alleen - Sterkzorg Utrecht - Huisarts Utrecht centrum 4. Aan het eind nog korte blik op situatie in Kanaleneiland nu: - projectcoördinator huisvesting eerstelijnszorg Kanaleneiland, kan schetsen hoe het nu ervoor staat.

Motivatie Agendeerders Ilse Raaijmakers (PvdA), Ruud Maas (Volt), Maartje Vermeulen (GroenLinks), Bert van Steeg (CDA), Margreet Ramaker (VVD), Victor Paalman (Horizon), Nadia Stylianou (D66) Motivatie Op Kanaleneiland bestaan zorgen over de toekomst van huisartsenzorg in de wijk. Bewoners en huisartsen hebben de noodklok geluid. Vanwege een (oplopend) tekort aan huisartsen, een gebrek aan geschikte huisvesting en toenemende druk op de eerstelijnszorg staat voldoende en goede eerstelijnszorg onder druk. We gaan graag in gesprek hoe we kunnen zorgen dat goede huisartszorg voor iedereen toegankelijk is en blijft. De raadsleden willen van aanwezigen horen welke zorgen er momenteel zijn en wat zij zien als duurzame oplossingen om goede huisartsenzorg in de toekomst te garanderen.

Bijdrage Deelnemer, Stad van Vrede Wij zijn als een van de maatschappelijke partners in de wijk graag betrokken bij de ontwikkelingen van integrale plannen voor de toekomst van de wijk.

2

Gemeentelijke samenwerking Eneco Basisinformatie Datum Gespreksleider Tijd Zaal Soort bijeenkomst Werkvorm Portefeuillehouder Betrokken ambtenaren/presentatoren Vervolg

14 mei 2024 Cees Bos 20.30 – 21.30 uur Zaal Bespreken raadsbrief Regulier Lot van Hooijdonk 1 Deelnemer, Gemeente Utrecht De gemeenteraad debatteert over dit onderwerp tijdens de vergadering van de commissie: Energie(transitie). Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen op 23 mei. Wilt u nog informatie delen met raadsleden, stuur dit naar raadsinformatiebijeenkomst@utrecht.nl Website gemeente en facebook 3 Deelnemers 1 Deelnemer, Stichting Klimaat030

Links naar Deelnemers

Programma 20.30 – 20.35 uur Welkom 20.35 – 20.45 uur Presentatie Gemeente Utrecht 20.45 – 20.55 uur Presentatie Eneco 20.55 – 21.05 uur Presentatie Klimaat030 21.05 – 21.25 uur Vragen van raadsleden 21.25 – 21.30 uur Afsluiting

Motivatie Agendeerders Joachim Cornielje (PvdA), Annemarijn Oudejans (Student & Starter) Motivatie Naar aanleiding van de recente brief over het verzoek tot samenwerking met Eneco en de ontwikkelingen rondom een mogelijk gemeentelijk warmtebedrijf hadden de fracties van de VVD, Partij van de Arbeid en Student & Starter behoefte aan een Raadsinformatiebijeenkomst. Hierbij willen we een inventarisatie van de huidige samenwerking met Eneco, de betaalbaarheid van stadswarmte voor Utrechters, en de mogelijkheden voor een gemeentelijk stadswarmtebedrijf.

1

Een beter beeld krijgen hoe de gemeentelijke samenwerking met Eneco op dit moment is vormgegeven en hoe we die in de toekomst voor ons zien. Hoe verloopt de samenwerking met Eneco op dit moment? In hoeverre garanderen de huidige ACM richtlijnen de betaalbaarheid van stadswarmte? Hoe ziet de gemeente de samenwerking in de toekomst voor zich? Wat zijn de mogelijkheden voor een gemeentelijk stadswarmtebedrijf?

Bijdrage Deelnemer Het is natuurlijk al jaren bekend bij eneco dat de aanleg duur is. maar nu ineens komt men hier meer naar buiten. is dit om druk te zetten? wil eneco meer geld van de burger en overheid af troggelen? waarom kan het in zweden en denemarken wel goedkoper?

2

Gemeentelijke samenwerking Eneco

RIB 14 mei

Vragen van de raad • Hoe verloopt de samenwerking met Eneco op dit moment? • Hoe ziet de gemeente de samenwerking in de toekomst voor zich? • Wat zijn de mogelijkheden voor een gemeentelijk stadswarmtebedrijf? • In hoeverre garanderen de huidige ACM richtlijnen de betaalbaarheid van stadswarmte?

Hoe verloopt de samenwerking met Eneco op dit moment? • Duurzame energie  loopt goed. • Nieuwbouw

 eerste jaar Beursnet verliep moeizaam, maar nu wel goed op de rit.

• Buurtaanpak

 vanwege onvoldoende betaalbaarheid (t.o.v. warmtepompen) haakt Eneco af behalve bij de kansrijkste (meekoppel)projecten.

• Warmtebedrijf

 doelstellingen m.b.t. eigendom/zeggenschap lopen op dit moment te ver uiteen om te komen tot publiek-private samenwerking.

• Verduurzaming stadswarmte

 loopt goed.

Hoe ziet de gemeente de samenwerking in de toekomst voor zich? • Duurzame energie  Lopende samenwerking voortzetten. • Nieuwbouw

 Geen nieuwe concessies meer als er een publiek warmtebedrijf is.  Gemeente blijft sturen op voorkomen aansluiting nieuwbouw op HT-warmte.

• Buurtaanpak

 Rol voor publiek warmtebedrijf in buurten waar geen stadswarmte is.  In buurten met stadswarmte: kleinschalige projecten (meekoppelkansen).  Na inwerkingtreding Wcw nieuwe situatie, afhankelijk van reactie Eneco op Wcw.

• Warmtebedrijf

 Warmtebedrijf Eneco en publiek warmtebedrijf gaan naast elkaar bestaan, maar hebben wel elk hun eigen “territorium” (dus geen netten naast elkaar).

• Verduurzaming stadswarmte

 Lopende samenwerking voortzetten.

Wat zijn de mogelijkheden voor een gemeentelijk stadswarmtebedrijf? • Landelijke trend voor publiek eigendom warmtebedrijven (concept Wcw). • Publieke warmtebedrijven bestaan nu ook al: Ø HVC (> 40 gemeenten en waterschappen in Noord-Holland, Flevoland en Zuid-Holland) Ø Groningen (gemeente en waterbedrijf) Ø Deventer (gemeente) Ø Purmerend (gemeente)

• Publiek warmtebedrijf kan: Ø Warmtesystemen realiseren en beheren: netten, bronnen en opslag Ø Warmte en koude leveren op basis van publieke waarden: duurzaam, betaalbaar, betrouwbaar (w.o. netbewust) Ø Optie: gesloten distributiesystemen voor elektriciteit realiseren en beheren

• Veel nog te maken keuzes, w.o. buurtwarmte in plaats van stadswarmte.

In hoeverre garanderen de huidige ACM richtlijnen de betaalbaarheid van stadswarmte? • De Minister stelt kaders voor betaalbaarheid; ACM toetst. • Algemene constateringen: Ø Warmteprijs vooral afhankelijk van kosten infrastructuur; aardgas vooral afhankelijk van aardgasprijs. Ø Tarieven warmte zijn nu nog gekoppeld aan aardgasprijs het jaar ervoor, waardoor “goede” en “slechte” jaren. Ø Systeem met laagste maatschappelijke kosten is niet altijd goedkoopste systeem voor bewoners. Ø Als warmtenet voor een buurt de goedkoopste oplossing is, dan hoeft dat nog niet voor elke woning te gelden.

• Betaalbaarheid nu niet voor alle situaties op orde  er lopen nu veel acties bij het Rijk: Ø Wetgeving: transparante en uitlegbare tarieven, beperking rendement warmtebedrijven, publiek eigendom, beperking vollooprisico. Ø Waarborgfonds: lager financieringskosten warmtebedrijven. Ø Afschaffen salderingsregeling: hogere kosten voor warmtepomp. Ø Verhogen belasting aardgasgebruik: hogere kosten voor aardgassysteem. Ø Normering verwarmingsinstallaties: CV-ketel niet meer beschikbaar als alternatief. Ø Versnelde afschrijving gasnet: hogere kosten voor aardgassysteem. Ø Subsidies (WIS, SDE++ en gebouwgebonden kosten): lagere eindgebruikerskosten.

SAMENWERKING IN EN BETAALBAARHEID VAN

STADSWARMTE

Raadsinformatiebijeenkomst Utrecht 14 mei 2024

SAMENWERKING

Warmtenet in Utrecht In 2023 al 100 jaar…

Verduurzaming van de warmte Afspraken hierover maakten we in een samenwerkingsovereenkomst

4

•

Eneco heeft ambitieuze doelstelling t.a.v. verduurzaming met het One Planet Plan

• •

Conceptwet collectieve warmtevoorziening: verplichting Verduurzaming van bronnen: Routekaart

• •

Verslimming warmtenet / Temperatuurverlaging Monitoring voortgang: jaarlijks Warmte-etiket

•

Regelmatig overleg over (creëren) randvoorwaarden en bijv. netcongestie (ook samen met Stedin)

•

Afspraken over rapportage BioWarmteInstallatie

Buurtaanpak warmtetransitie Afgelopen jaren met verschillende invalshoeken vooruitgang geboekt •

Overvecht Noord: voorbeeld grootschaliger ‘top-down’ aanpak

•

Onderzoek naar kostenverlaging bij aansluiten ‘bottom-up’, ‘verdichting’-aanpak:

•

5

• •

Meekoppelkansen: ‘Buis naar je Huis’ en ‘Nu We Er Toch Zijn’ Inpassing in onder- en bovengrond: identificatie beleidsconflicten

•

Eerste stapjes verbetering samenwerking betrokken Enecoafdelingen en gemeente-diensten

Visie Eneco, technisch-economisch:

• •

Warmtenetten op veel plekken nog steeds de betere keuze Issue vooral: rijtjeswoningen, particulier eigendom

•

Betere mogelijkheden in –bijvoorbeeld– Utrecht Oost: Omslagpunt stadswarmte / warmtepomp daar ‘verder weg’

Publiek private samenwerking Na jaren intensieve samenwerking nu heroriëntatie door nieuwe positie gemeente •

Brieven uitgewisseld – bekend bij de raad

•

Niet helder hoe en waar het Eneco warmtebedrijf een eventueel op te richten gemeentelijk warmtebedrijf zal raken

•

Verwachtingen omtrent publiek warmtebedrijf vaak onterecht: • •

Veel publieke warmtebedrijven op ACM-tarief, Eneco daaronder Geldt bijv. ook voor de warmte coöperatie Thermobello

•

Niet eigendom bepaalt betaalbaarheid, maar tariefregulering i.c.m. bedrijfsvoering

•

Verplicht publiek eigendom leidt tot hogere kosten door inrichting en beheerkosten van een publiek-private

•

6

samenwerking Mogelijkheden tot regie niet anders dan bij privaat bedrijf

BETAALBAARHEID 7

Betaalbaarheid is complex Eneco herkent huidige algemene sentiment t.a.v. stadswarmte • •

Sterk gestegen energieprijzen, zeker ook voor warmte Bij elektriciteit en gas is er (gevoel van) keuze, bij warmte niet

•

Publieke discussie tussen warmtebedrijf en corporatie Amsterdam over kostenneutraliteit.

• •

Besluit stoppen ontwikkeling warmtetransitie Overvecht Sterk gestegen vaste kosten, in NMDA en bij alle leveranciers

•

Warmteprijs voor het hele jaar vast & aan gas gekoppeld Gasprijzen zijn afgelopen maanden wat lager geworden

→ Hoe werkt tariefbepaling? → Waar zitten de knelpunten? → Welke oplossingsrichtingen ziet Eneco?

→ Wat doet Eneco zelf om betaalbaarheid te verbeteren?

8

Tariefbepaling Warmte

De Autoriteit Consument en Markt NMDA: Tariefregulering en rendementstoets

Maximale tariefbepaling

Tariefcontrole

Rendement-check

Bepaalt het maximale warmtetarief, gebaseerd op Niet Meer Dan Anders-principe. • Niet duurder dan CVketel & gas • Gekoppeld aan tarief contract 1 jaar gas

Controleert de tarieven die warmtebedrijven van hun klanten vragen.

Toetst rendement warmtebedrijf binnen vastgestelde kaders.

Uitdagingen warmte-inkoop Volumes langjarig vastleggen vs tarieven 1 maand vooraf bekend

Leveringszekerheid • • •

Leveringsgarantie voor onbepaalde tijd. 24/7 leveringszekerheid voor alle klanten. Overeenkomsten van 10 tot 30 jaar

Voorspelbaarheid •

•

Voorspelbare marges essentieel voor aangaan investeringen En voor stabiele klant tarieven t.o.v. NMDA

Tarieven in Dec ! • •

NMDA tarief o.b.v. gasprijs 1 maand voor levering Leidt tot onvoorspelbare marges op GJ’s

Warmte vs. gas: op lange termijn gelijk Gaskosten omgerekend naar jaarkosten klant o.b.v. methode ACM € 4.000

€ 3.500

€ 3.000

€ 2.500

€ 2.000

€ 1.500

€ 1.000

€ 500

13

Totaal bij 915 m3 per jaar Incl BTW Euro/jaar Bron: Eneco

Warmte totaal Eneco

Incl BTW Euro/jaar Bron: Eneco

Warmte totaal ACM

Warmte prijsplafond

Incl BTW Euro/jaar Bron: Eneco

Incl BTW Euro/jaar Bron: ACM

apr-24

mei-24

mrt-24

feb-24

jan-24

dec-23

okt-23

nov-23

sep-23

jul-23

aug-23

jun-23

apr-23

mei-23

mrt-23

feb-23

jan-23

dec-22

okt-22

nov-22

sep-22

jul-22

aug-22

jun-22

apr-22

mei-22

mrt-22

feb-22

jan-22

dec-21

okt-21

nov-21

sep-21

jul-21

aug-21

jun-21

apr-21

mei-21

mrt-21

feb-21

jan-21

€0

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=9e5900a5-4408-4464-8b85-54ae70006c65