CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Bestuur 11 juni 2026, gemeente Utrecht30.470 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bundel - Commissie Bestuur van 11 juni 2026 1

Opening

2

Vaststellen van de agenda van 11 juni 2026

3

Raadsvoorstel Eerste bestuursrapportage 2026 Wethouder: Schilderman, Beleidsterrein: Financiën Informatie volgt Dossier 5322 voorblad Raadsvoorstel Eerste bestuursrapportage 2026 Eerste Bestuursrapportage 2026

4

Raadsvoorstel Meerjaren Perspectief Ruimte 2026 Wethouder: Schilderman, Beleidsterrein: Financiën informatie volgt. Dossier 5256 voorblad Raadsvoorstel Meerjaren Perspectief Ruimte 2026 Meerjaren Perspectief Ruimte 2026 Bijlage Projectenlijst 6e tranche maatregelen Bijlage voortgang woningbouwprojecten 100+ MPR 2026 Lijst projecten sociale huur en middenhuur projecten 2026 Mandaat mer-beoordelingsbeslissing 2025

Commissie Bestuur Dossiernummer

5322

Vergaderdatum

11 juni 2026

Agendapunt

3

Titel

Raadsvoorstel Eerste bestuursrapportage 2026

Geagendeerd

Vergaderdatum

Commissie Bestuur

11 juni 2026

Voorstel aan de gemeenteraad

Eerste bestuursrapportage 2026 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim

Financiën Bedrijfsvoerings- en Strategienetwerk Hans Westra en Freek Verbakel 34133822 Volgt Nee (artikel 1:2 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum) Ja, een of meer bijlage(n)

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De Eerste bestuursrapportage 2026 vast te stellen, waarmee de programmabegroting 2026 wordt gewijzigd door: a. De bijstellingsvoorstellen voor de baten en lasten van de verschillende programma's inclusief de bijbehorende reservemutaties zoals toegelicht in hoofdstuk 2; b. De bijstellingsvoorstellen voor de investeringsprojecten, waarmee de investeringskredieten worden verhoogd met 26,2 miljoen euro, zoals toegelicht in hoofdstuk 2.7en in de bijlage ‘GEHEIM Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026’; c. De aanpassing van de begroting met de corresponderende posten, zoals toegelicht in hoofdstuk 4; d. De Hervormingen sociaal domein waarmee 6,4 miljoen euro in 2027 en 7,2 miljoen euro vanaf 2028 structureel wordt verschoven van het Programma passende ondersteuning en opvang, doelstellingen Passende aanvullende zorg en Passende basiszorg naar het programma Levendige en Gezonde stad, doelstelling Meedoen en voor elkaar zorgen. 2. Reserves als volgt in te stellen en te wijzigen (Hoofdstuk 5): a. Het instellen van de Algemene risicoreserve HVC; b. Het wijzigen van de risicobestemming van de reserve woonfonds; c. Het verlengen van de looptijd van de reserve Armoedebestrijding en schuldhulpverlening; d.

Het verlengen van de looptijd, wijzigen van de naam en verbreden van de doelstelling van de reserve Gebruikersinvesteringen Culturele voorzieningen Leidsche Rijn; e. Het verlengen van de looptijd van de reserve Overheadvierkant; f. Het ophogen van het maximumbedrag en instellen van een systeemafspraak voor de reserve Aanpak Luchtmaatregelen. 3. De ‘Eerste technische wijziging 2026 Raad’ vast te stellen, waarmee technische mutaties en de administratieve verwerking van besluiten van de gemeenteraad worden opgenomen in de Programmabegroting 2026 en de meerjarenraming.

Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

Geheimhouding Het college heeft tijdelijke geheimhouding opgelegd op de bijlage ‘Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026’ op grond van artikel 87 van de Gemeentewet om redenen genoemd in artikel 5.1 lid 1 sub c en lid 2 sub b en i van de Wet open overheid totdat de aanbestedingen zijn uitgevoerd en de onderhandelingen zijn afgerond. De bijlage bevat financiële informatie voor de gemeentelijke inzet. Openbaarmaking kan zorgen dat de gemeente in een nadelige positie wordt gebracht in toekomstige verwervingen. Ook bevat dit vertrouwelijk medegedeelde concurrentiegevoelige informatie van derden die niet openbaar mag worden gemaakt. Partijen zijn een geheimhoudingsverplichting overeengekomen. Openbaarmaking leidt tot een schending van deze verplichting met een boete als gevolg.

2

Samenvatting Met de Eerste bestuursrapportage 2026 wordt de raad geïnformeerd over het effect van actuele ontwikkelingen op de uitvoering van de Programmabegroting 2026 van de gemeente Utrecht, zowel beleidsmatig als financieel. In deze bestuursrapportage wordt specifiek ingegaan op: • De ontwikkelingen na de programmabegroting; • De voortgang op de uitvoering van het coalitieakkoord 2022-2026.

Context Aanleiding Deze bestuursrapportage bevat informatie over de verwachte afwijkingen in de uitvoering van de beleidsvoornemens, zoals opgenomen in de door de gemeenteraad vastgestelde Programmabegroting 2026. Juridische context Het wijzigen van de begroting is een raadsbevoegdheid. In overeenstemming met de Verordening financieel beleid en Beheer gemeente Utrecht biedt het college de raad jaarlijks twee bestuursrapportages aan. De bestuursrapportages gaan over afwijkingen van de uitvoering en de bijstelling van het beleid ten opzichte van de laatst door de raad vastgestelde begroting. De raad stelt de Eerste bestuursrapportage uiterlijk op 9 juli 2026 vast, gelijktijdig met de Voorjaarsnota. Beslistermijn Conform artikel 2 Beleidscyclus lid 2 van de Financiële Verordening stelt de raad de Tweede bestuursrapportage 2026 uiterlijk op 14 juli 2026 vast, gelijktijdig met de Voorjaarsnota, jaarstukken en het Meerjarenprogramma Stedelijke ontwikkeling. Beoogd effect De Eerste bestuursrapportage 2026 geeft inzicht in de mate waarin er afwijkingen plaatsvinden en de Programmabegroting 2026 wordt met deze besluitvorming geactualiseerd op basis van artikel 192 van de Gemeentewet. Daarmee zijn de bijbehorende verwachte uitgaven rechtmatig. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Programmabegroting 2026

Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1

De Eerste bestuursrapportage 2026 vast te stellen waarmee de programmabegroting 2026 wordt gewijzigd door: a. De bijstellingsvoorstellen voor de baten en lasten van de verschillende programma's inclusief de bijbehorende reservemutaties zoals toegelicht in hoofdstuk 2; b. De bijstellingsvoorstellen voor de investeringsprojecten, waarmee de investeringskredieten worden verhoogd met 26,2 miljoen euro, zoals toegelicht in hoofdstuk 2.7 en de bijlage ‘GEHEIM Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026’; c. De aanpassing van de begroting met de corresponderende posten, zoals toegelicht in hoofdstuk 4; d. De Hervormingen sociaal domein waarmee 6,4 miljoen euro in 2027 en 7,2 miljoen euro vanaf 2028 structureel wordt verschoven van het Programma passende ondersteuning en opvang, doelstellingen Passende aanvullende zorg en Passende basiszorg naar het programma Levendige en Gezonde stad, doelstelling Meedoen en voor elkaar zorgen.

Argumenten 1.1

De bijstellingsvoorstellen en corresponderende posten zijn verwerkt in Programmabegroting 2026, zodat deze actueel is. 3

Met het aanpassen van de begroting aan de actuele verwachtingen voorkomen we ongewenste afwijkingen bij de Jaarstukken 2026. De bijstellingsvoorstellen zijn budgetneutraal. Tegenover de corresponderende posten staan verkregen bedragen van het Rijk voor specifieke onderwerpen. Dekking voor de bijstellingsvoorstellen van investeringsprojecten vindt plaats binnen de programmabudgetten. 1.2

Met het verschuiven van middelen van het programma Passende ondersteuning en opvang naar het programma Gezonde en Levendige Stad kan de gemeente partijen in de sociale basis en basiszorg in staat stellen om meer laagdrempelige ondersteuning dicht bij inwoners te bieden en vertaalt de gemeente de inhoudelijke ‘beweging naar voren’ nu ook financieel. De Hervormingen sociaal domein richten zich op het kunnen blijven bieden van voldoende ondersteuning bij een groeiende vraag en krapte in geld, personeel en ruimte. Om dit mogelijk te maken zetten we in op meer laagdrempelige ondersteuning zo dicht mogelijk bij inwoners. Waarbij het uitgangspunt is dat inwoners en gemeenschappen zelf doen wat ze zelf kunnen en (professionele) zorg en ondersteuning beschikbaar blijft wanneer nodig. Met de inkoop van de Wmo ondersteuning in de wijk, het benutten van de ruimte in het contract van welzijnswerk in de wijk en de nieuwe subsidieregeling Sociale basis hebben we inhoudelijk invulling gegeven aan deze beweging. Met de voorgestelde begrotingswijziging zijn de middelen op de juiste plek in de begroting beschikbaar voor de uitvoering hiervan.

Kanttekeningen/Risico’s 1.1

Deze aanpassing van de begroting sluit aan bij de voorgenomen transformatie van aanvullende zorg en basiszorg naar de sociale basis, ’de beweging naar voren’, maar in de praktijk moet blijken of de transformatie daadwerkelijk in deze omvang en in dit tempo gerealiseerd kan worden. Op basis van de dialoogfase voor de inkoop Wmo ondersteuning in de wijk en de gesprekken met partijen in de basiszorg en de sociale basis is een gedragen en realistische inschatting gemaakt van de ondersteuning die we vaker in de sociale basis en de basiszorg kunnen gaan bieden of organiseren in plaats van dat we daar aanvullende zorg voor inzetten. De komende jaren moet de praktijk nog uitwijzen of de verwachtingen uitkomen. Om de beweging te ondersteunen hebben we de rol van het welzijnswerk versterkt zodat we gerichter kunnen sturen op het juiste – preventieve – aanbod in de sociale basis. Daarnaast richten we met de partijen in de stad goede monitoring in over de sporen heen om de beweging te kunnen volgen en waar nodig bij te sturen.

Beslispunt 2

Reserves als volgt in te stellen en te wijzigen (Hoofdstuk 5): a. Het instellen van de Algemene risicoreserve HVC; b. Het wijzigen van de risicobestemming van de reserve woonfonds; c. Het verlengen van de looptijd van de reserve Armoedebestrijding en schuldhulpverlening; d. Het verlengen van de looptijd, wijzigen van de naam en verbreden van de doelstelling van de reserve Gebruikersinvesteringen Culturele voorzieningen Leidsche Rijn; e. Het verlengen van de looptijd van de reserve Overheadvierkant; f. Het ophogen van het maximumbedrag en instellen van een systeemafspraak* voor de reserve Aanpak Luchtmaatregelen;

Argumenten

4

2.1

Met het instellen van de Risicoreserve HVC worden de risico's die gepaard gaan met het afgeven van garantstellingen afgedekt. In het raadsbesluit Deelneming in publiek warmte- en afvalbedrijf HVC van 26 februari heeft de raad ingestemd met het voornemen tot deelneming in HVC. Het college heeft op 7 april definitief besloten tot toetreding in HVC. In deze besluitvorming is aangekondigd dat de risico’s die gepaard gaan met het afgeven van een garantstelling worden afgedekt met een nog in te stellen algemene risicoreserve. De eerste storting aan de reserve wordt verwerkt in de Tweede bestuursrapportage 2026.

2.2

Het risicogedeelte van de reserve woonfonds blijkt niet langer relevant. Na analyse van de onderliggende risico’s blijkt het risicogedeelte niet meer relevant (dit had betrekking op een garantstelling welke is opgeheven, en een afdekking voor leningen welke per heden nihil bedragen). Het bestemmingsgedeelte van de reserve heeft betrekking op het realiseren van woningen voor bijzondere doelgroepen en initiatieven die extra woonvoorzieningen vragen en niet in het reguliere pakket zijn opgenomen. In de raadsbrief van 20 juni 2025 is de raad geïnformeerd over de ontwikkeling van een Utrechts model voor betaalbare koop. Daarom wordt voorgesteld de financiële middelen uit de reserve Woonfonds mede in te zetten ten gunste van het bevorderen van betaalbare koop in Utrecht en het risicogedeelte van de reserve te laten vervallen.

2.3

Het verlengen van de looptijd van de reserve Armoedebestrijding en Schuldhulpverlening is in lijn met het moment van vaststelling van overschrijdingen. De oorspronkelijke opheffingsdatum stond op 1-7-2027. Het doel van de reserve is mede het opvangen van eventuele overschrijdingen. Dit kan niet eerder dan per 31-12-2027 worden vastgesteld.

2.4

Het verbreden van de doelstelling, wijzigen van de naam en verlengen van de looptijd van de reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorzieningen is in lijn met de ambitie in het MPR t/m 2040. Vanuit de oorspronkelijke reserve ‘gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn’ worden in de toekomst (al dan niet gedeeltelijk) de gebruikersinvesteringen gedekt van nieuwe culturele voorzieningen in Leidsche Rijn. Het verbreden van de doelstelling biedt de mogelijkheid om, naast budget voor de culturele voorziening in Leidsche Rijn, budget op te nemen in deze reserve voor de financiering van inbouwpakketten en losse inventaris van nieuwe culturele voorzieningen in geheel Utrecht. De naam van de reserve zal hierop worden aangepast. De looptijd wordt verlengd omdat in het MPR de ambitie is opgenomen om t/m 2040 in totaal 18 culturele wijkvoorzieningen en grote- en kleine boven stedelijke voorzieningen te ontwikkelen.

2.5

Het verlengen van de looptijd van de reserve Overheadvierkant is in lijn met de overheadsystematiek. De reserve Overheadvierkant is één-op-één gerelateerd aan de werking van de overheadsystematiek. De werking van deze systematiek blijft continue onderwerp van verbetering. De verwachting is dat deze systematiek niet snel stopgezet zal worden en zeker nog wel zo'n 5 jaar toegepast zal blijven worden. Mocht er eerder dan 2031 een einde komen aan het toepassen van de methodiek van het overheadvierkant, dan kan op dat moment door de raad een tussentijds besluit genomen worden over de opheffing van deze reserve.

2.6

Met het instellen van een systeemafspraak en ophogen van het maximumbedrag voor de reserve Aanpak luchtmaatregelen sluiten de baten en lasten beter aan op de uitvoeringsplanning en de verwachte dotaties.

5

Het uitvoeringsprogramma loopt over meerdere jaren, waarbij de uitvoering in een jaar kan afwijken van de planning. Daardoor kan de onttrekking in werkelijkheid afwijken van de begroting. Om een onttrekking te doen op basis van de werkelijke kosten is een raadsbesluit nodig. Door het instellen van een systeemafspraak kan dit voorkomen worden. Het huidige saldo bedraagt 0,845 miljoen euro en met het ingediende dekkings-en bestedingsvoorstel voorstel komt het saldo op twee miljoen euro. Echter zal de SPUK RAL II (Nationale Agenda Laadinfrastructuur, NAL) hoogstwaarschijnlijk in 2026 in de Meicirculaire opgenomen worden. De gemeente Utrecht ontvangt deze middelen ook voor de andere G4 gemeenten (Amsterdam, Den Haag en Rotterdam). Totale omvang is 2 miljoen euro per regio per jaar. Naar verwachting worden in 2026 de bedragen van 2026 en 2027 met een totale omvang van 4 miljoen euro ontvangen. Hiervan gaat 3/4e deel (G3 gedeelte) naar de balans en 1/4e deel naar de reserve. De NAL wordt in 2026 volledig bekostigd vanuit de RAL II SPUK. Met een wenselijke bufferruimte van 0,5 miljoen euro wordt voorgesteld voor het maximum van de reserve te verhogen van 2 miljoen euro naar 3,5 miljoen euro. Beslispunt 3

De ‘Eerste technische wijzigingen 2026 Raad’ vast te stellen, waarmee technische mutaties worden opgenomen in de Programmabegroting 2026 en de meerjarenraming.

Argumenten 3.1

Met dit besluit wordt Programmabegroting 2026 en de meerjarenraming geactualiseerd. De begrotingswijziging is opgebouwd uit technische mutaties zonder beleidsgevolgen (techniek) en waar nodig de administratieve verwerking van eerdere besluiten. De wijzigingen zijn opgenomen in de bijlage “Eerste technische wijzigingen 2026 Raad”. We actualiseren de begroting drie keer per jaar om de raad inzicht te geven in de verwerking van de financiële gevolgen van besluitvormingen. Ook houden we de begroting actueel zodat deze als basis kan dienen voor het goed kunnen maken van actuele verwachtingen over de budgetrealisatie. Daarbij helpt dit ook om te voldoen aan de eisen rond de rechtmatigheid van de begroting.

*Systeem afspraak: Het kunnen toevoegen en onttrekken in afwijking van de reservemutaties zoals opgenomen in de begroting, de mutaties zijn wel in overeenstemming met het doel van de reserve. Hierdoor kunnen reservemutaties die voortkomen uit de financiële realisatie ook in het bijbehorende jaar (de jaarstukken) worden verwerkt.

Financiën Dit voorstel betreft een tussentijdse verantwoording en actualisatie van de Programmabegroting 2026. De begroting wordt budgettair neutraal gewijzigd. De Eerste bestuursrapportage 2026 bevat geen financieel resultaat.

Vervolg Na de Eerste bestuursrapportage volgt de Tweede bestuursrapportage en de eindejaarswijziging als laatste actualisatie en de jaarstukken als laatste verantwoordingsmoment over de begroting. Vanaf 2024 worden de technische begrotingswijzigingen verwerkt in de bestuursrapportages.

Samen stad maken ‘Gemeente aan zet’ van toepassing, er is niet samengewerkt met Utrechters voor dit voorstel.

6

Communicatie Er is geen aanvullende communicatie voorzien.

(Niet)Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is niet van toepassing omdat dit een raadsvoorstel betreft over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en rekening (artikel 1:2 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht)

Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Eerste bestuursrapportage 2026 - GEHEIM Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026 Bijlagen informatief -

7

Eerste bestuursrapportage 2026

1

Colofon Eerste bestuursrapportage 2026 Uitgave Gemeente Utrecht Informatie Gemeente Utrecht Bedrijfsvoering- en Strategienetwerk Afdeling Financiën en Inkoop Postbus 16200 3500 CE Utrecht www.utrecht.nl

2

Inhoudsopgave Eerste bestuursrapportage 2026 ............................................................................................................. 1 Colofon ................................................................................................................................................ 2 Inhoudsopgave .................................................................................................................................... 3 Inleiding/Hoofdlijn ................................................................................................................................ 4 1. Majeure ontwikkelingen en bijstellingen .......................................................................................... 5 1.1 Majeure ontwikkelingen ............................................................................................................. 5 2. Budgettair neutrale bijstellingen ...................................................................................................... 7 2.1 Onttrekkingen en stortingen in (bestemmings)reserves ............................................................ 7 2.2 Verhogen baten en lasten .........................................................................................................

8 2.3 Verlagen baten en lasten......................................................................................................... 11 2.4 Verschuiven gelden binnen een programma........................................................................... 12 2.5 Verschuiven gelden naar ander programma ........................................................................... 12 2.6 Overhevelen via algemene dekkingsreserve .......................................................................... 14 2.7 Bijstellingen investeringskredieten .......................................................................................... 16 3. Voortgang uitvoering coalitieakkoord ............................................................................................ 20 3.1 Mijlpalen in Q3 en Q4 2025 ..................................................................................................... 20 3.2 Wijzigingen in de planning ....................................................................................................... 21 4. Corresponderende posten (taakmutaties gemeentefonds) ........................................................... 22 5. Instellen/wijzigen reserves ..................................................................................................... 27 Bijlage 1.

Planning uitvoering coalitieakkoord ................................................................................... 32 Bijlage 2. Budgetneutrale bijstellingen .............................................................................................. 34 Deel 2 .................................................................................................................................................... 50 1. Technische bijstellingen ................................................................................................................ 50 2.

Begrotingscijfers in tabellen...................................................................................................... 53 Tabel 1. Mutaties bestuursrapportage ........................................................................................... 53 Tabel 2. Actuele begroting ............................................................................................................. 56 Tabel 3. Mutaties meerjaren .......................................................................................................... 58 Tabel 4. Actuele programmaraming .............................................................................................. 60

3. Bijlage technische wijzigingen Raad ..................................................................................... 61

3

Inleiding/Hoofdlijn De begrotingscyclus stelt de raad in staat om invulling te geven aan de kaderstellende en controlerende taak. Met deze Eerste bestuursrapportage 2026 informeren wij u over actuele ontwikkelingen en de verwachte afwijkingen in de financiële uitvoering van de beleidsvoornemens ten opzichte van de actuele Programmabegroting 2026. Samenvattend financieel beeld Eerste bestuursrapportage 2026 In deze Eerste bestuursrapportage wordt het effect vertaald van actuele ontwikkelingen die betrekking hebben op het bijstellen van de begroting 2026 en financieel neutraal zijn. Het grootste deel van de actuele ontwikkelingen zijn onderdeel van de Voorjaarsnota 2026, hierin zijn de knelpunten en de meerjarige doorkijk opgenomen. Voor deze rapportage voorzien we geen majeure bijstellingen. Dit betekent dat de Eerste bestuursrapportage geen financieel resultaat heeft. Hoofdlijn ontwikkelingen Majeure ontwikkelingen en majeure bijstellingen (H1) Onderscheid wordt gemaakt tussen majeure ontwikkelingen en majeure bijstellingen. In de Eerste bestuursrapportage 2026 voorzien we geen majeure bijstelling. Wel informeren wij u over vijf majeure ontwikkelingen die nog onvoldoende zeker zijn maar wel relevant zijn om te melden.

Budgetneutrale bijstellingen (H2) In het licht van ‘beter begroten’ vinden er bijstellingsvoorstellen plaats zodat de begroting beter aansluit bij de actuele prognose. Naar verwachting leidt dit tot een kleiner verschil tussen de begroting en de jaarrekening. Ook heeft dit een positief gevolg voor de begrotingsrechtmatigheid. Een groot deel van de voorstellen heeft betrekking op het verhogen van zowel de baten als de lasten vanwege specifieke uitkeringen (SPUKS) vanuit het Rijk. In de periode 2026 t/m 2029 worden de baten en lasten in totaal opgehoogd met 45,2 miljoen euro. Passend bij de doelstellingen van de reserves wordt 6,5 miljoen euro extra onttrokken uit bestemmingsreserves voor 2026. Ten slotte worden de investeringskredieten budgetneutraal opgehoogd met een totaal van 26,2 miljoen euro. Zoals toegelicht in hoofdstuk 2.7 en de geheime bijlage ‘Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026’. Voortgang coalitieakkoord (H3.1/H3.2) In de tweede helft van 2025 zijn meerdere mijlpalen behaald in de uitvoering van het coalitieakkoord. Daarnaast hebben zich wijzigingen in de planning voorgedaan. Dit komt door uiteenlopende redenen. In een aantal gevallen is uw raad daar al apart over geïnformeerd.

Corresponderende posten (H4) In deze bestuursrapportage zijn de taakmutaties van het gemeentefonds voor het jaar 2026 en de posten die in 2025 niet meer konden worden besteed opgenomen. Instellen reserves (H5) Voorgesteld wordt om met deze bestuursrapportage een nieuwe Algemene risicoreserve HVC in te stellen. Daarnaast worden wijzigingen doorgevoerd voor de reserve Woonfonds, de reserve Armoedebestrijding en schuldhulpverlening, de reserve Gebruikersinvesteringen Culturele voorzieningen Leidsche Rijn, de reserve Overheadvierkant en de reserve Aanpak Luchtmaatregelen.

4

1. Majeure ontwikkelingen en bijstellingen Majeure ontwikkelingen en bijstellingen Financiële ontwikkelingen worden opgenomen in de bestuursrapportage als ze voldoen aan onderstaande criteria. Deze leiden niet automatisch tot een begrotingswijziging en zijn niet budgetneutraal. - financiële afwijkingen van meer dan 10% van de lasten/baten per programma - en/of een afwijking groter dan 0,5 miljoen euro ten opzichte van de begrote lasten of baten per programma - en/of een afwijking groter dan 0,1 miljoen euro per doelstelling - óf het voldoet niet aan bovenstaande spelregels, maar is politiek-bestuurlijk relevant (bv. beleidswijzigingen). Onderscheid wordt gemaakt tussen majeure bijstellingen en majeure ontwikkelingen.

1.1 Majeure ontwikkelingen Majeure ontwikkelingen zijn afwijkingen waar de verwachting van is dat bijsturing nog mogelijk is, hetzij binnen de programmabudgetten, hetzij met eventuele voordelen of nog onvoldoende zeker zijn, maar relevant zijn om te melden. De majeure ontwikkelingen leiden vooralsnog niet tot een bijstelling van de begroting. Toelichting 1. Lagere opbrengsten Single Use Plastics (SUP) De verwachte vergoeding op de Ministeriele regeling Single Use Plastics staat vanaf 2023 structureel in de begroting voor 4,0 miljoen euro. Eind 2025 is de vergoeding ontvangen over de jaren 2023 en 2024. Deze vergoeding blijkt substantieel lager. Respectievelijk 3,4 miljoen euro en 2,9 miljoen euro. Op basis van de ontvangen vergoeding verwachten wij dat ook in de komende jaren deze vergoeding maximaal 2,9 miljoen euro zal zijn. Dat is 1,1 miljoen euro lager dan begroot. Op basis van deze nog onzekere informatie volgt in de Tweede bestuursrapportage 2026, wanneer de vergoeding voor 2025 in beeld is, een voorstel over het eventueel bijstellen van dit budget. 2. Hogere onderhoudskosten Integraal Terminal Beheer (ITB) ITB is een samenwerkingsverband tussen NS, ProRail en de gemeente Utrecht voor het onderhoud van de OV-terminal van Utrecht centraal.

Jaarlijks worden er afspraken gemaakt tussen de drie partijen met daarin de voorgenomen werkzaamheden en de bijbehorende kosten en de verdeling van deze kosten tussen de drie partijen. De leeftijd van de OV-terminal leidt ertoe dat er groot onderhoud noodzakelijk is in 2026 en in ieder geval tot 2030. Dit gaat structureel hogere kosten met zich meebrengen. De omvang van de overschrijding zal over de jaren fluctueren, afhankelijk van het geplande lange termijn onderhoud. Deze ontwikkeling is niet meegenomen in de Voorjaarsnota 2026 omdat ten tijde van het opstellen van deze nota het onderzoek naar de structurele effecten nog liep. Daarom melden we deze in deze Eerste bestuursrapportage en volgt in de Tweede bestuursrapportage een voorstel over het eventueel bijstellen van dit budget. 3. Risico wegvallen beoogde bijdrage Rijk en ontwikkelaars Netcongestie Bij het beschikbaar stellen van incidentele middelen voor netcongestiemaatregelen in de Voorjaarsnota 2025 is uitgegaan van een gezamenlijke bijdrage van 2,3 miljoen euro van het Rijk en projectontwikkelaars in 2026. Deze knellende opgave is opgenomen in de Voorjaarsnota 2026, waarbij is aangegeven dat verdere ontwikkelingen vanuit het Rijk werden verwacht.

Door een voorlopige toekenning van middelen uit het Gebiedsbudget voor NOVEX-gebieden vanuit het Rijk (circa 1,75 miljoen euro) voor de gebiedsontwikkeling Groot Merwede, kunnen nu een deel van de geplande 5

maatregelen binnen het programma Netcongestie hieruit bekostigd worden. Dit betreft de beoogde congestieverzachters (generatoren) in Papendorp en Beurskwartier. Aan deze rijksbijdrage zijn voorwaarden en cofinancieringsverplichtingen verbonden, waar we aan kunnen voldoen. De middelen zijn daarmee voldoende zeker om te verwerken in de programmabegroting 2026. Aan de verwachting dat aanvullende bijdragen vanuit ontwikkelaars beschikbaar zouden komen, is vooralsnog niet voldaan. Wel blijven bijdragen van ontwikkelaars mogelijk, maar deze zijn juridisch en financieel minder afdwingbaar, omdat de benodigde investeringen grotendeels buiten directe plangebieden vallen. Daarnaast komen eventuele ontwikkelaarsbijdragen pas in latere jaren en gefaseerd beschikbaar. Zolang een deel van de verwachte bijdragen niet wordt gerealiseerd zet dit de gemeentelijke begroting onder druk op het moment dat de incidentele middelen voor netcongestie in 2026 en 2027 volledig worden besteed. Over de verdere financiële ontwikkelingen en de benodigde bijsturing op de begroting wordt gerapporteerd in de Tweede bestuursrapportage 2026. 4. Risico lagere beoogde bijdrage Rijk Vreemdelingenvoorziening en Inburgering Voor de Landelijke vreemdelingenvoorziening wordt op dit moment in de begroting 2026 rekening gehouden met structurele baten van 1,3 miljoen euro.

Op basis van het nieuwe regeerakkoord worden geen structurele middelen verwacht. Mogelijk volgen er nog wel incidentele middelen wanneer de rechtszaak tegen het Rijk in ons voordeel valt. Dit gaat dan over de bekostiging van de 'oude, aflopende doelgroep en is daarmee nog een beperkt budget. Voor Inburgering is in de begroting 2026 en 2027 rekening gehouden met verwachte baten van 3,216 miljoen euro. Vanuit de VNG zijn wij recent geïnformeerd dat er geen knelpunt wordt ingediend bij het Rijk voor extra middelen richting de gemeente. Daarmee is de kans dat er extra middelen gaan komen vanuit het Rijk zeer klein. In de Tweede bestuursrapportage 2026 volgt op basis van meer volledige informatie een voorstel tot bijstellen van de begroting. 5. Risico SPUK Woonplaatsbeginsel Jeugd Bij de voorjaarsnota 2025 is een risico-inschatting gedaan voor extra inkomsten vanuit het SPUK Woonplaatsbeginsel voor de jeugdzorg. De baten voor deze SPUK zijn structureel opgehoogd met 1,2 miljoen euro. Deze ophoging blijkt te hoog. Tegenover eventuele hogere baten staan namelijk ook hogere lasten. Hierdoor ontstaat per saldo een negatief resultaat (baten en lasten zijn niet in evenwicht). De hogere baten op basis waarvan de inschatting is gedaan, zijn gebaseerd op een verrekening over voorgaande jaren in verband met de invoering van deze SPUK.

Bij de Tweede bestuursrapportage 2026 wordt beoordeeld of dit binnen het programma kan worden opgelost of dat hier een bijstellingsvoorstel voor nodig is.

6

2. Budgettair neutrale bijstellingen In dit hoofdstuk worden bijstellingsvoorstellen gedaan die budgetneutraal zijn en geen financiële impact hebben op de vastgestelde Programmabegroting 2026. Dit betreft mutaties door het: 1. Onttrekken en storten in reserves, passend bij de doelstelling van deze reserves 2. Verhogen van baten en lasten door toegekende subsidies, specifieke uitkeringen, etc. 3. Verlagen van baten en lasten 4. Overhevelen gelden naar een ander programma 5. Verschuiven over de jaren heen door overhevelen via de Algemene dekkingsreserve 6. Bijstellingen van investeringskredieten In de onderstaande paragrafen worden deze mutaties per soort geaggregeerd weergegeven en kort toegelicht. De toelichting per bijstellingsvoorstel is opgenomen in bijlage 2 Budgettair neutrale bijstellingen.

2.1 Onttrekkingen en stortingen in (bestemmings)reserves In de Eerste bestuursrapportage 2026 wordt voorgesteld om in 2026 6,455 miljoen euro extra te onttrekken uit (bestemmings)reserves en in 2027 0,12 miljoen euro extra te onttrekken uit (bestemmings)reserves. Deze extra onttrekkingen leiden tot bijstelling van de programmabudgetten en zijn daardoor budgetneutraal. De grootste mutaties worden per programma toegelicht. x €1.000 Programma

Bedrag 2026

Bedrag 2027

Bedrag 2028

Bedrag 2029

Onttrekking Egalisatiereserve bouwleges

1.053

0

0

0

Onttrekking reserve Woonfonds 2026

500

0

0

0

Totaal programma

1.553

0

0

0

Onttrekking reserve Utrechtse Energie ten behoeve van cofinanciering Volkshuisvestingsfonds

525

0

0

0

Totaal programma

525

0

0

0

Uitgestelde baggerwerkzaamheden 2025

691

0

0

0

Totaal programma

691

0

0

0

540

120

0

0

Omschrijving

Ontwikkelen en wonen voor iedereen

Klimaatvriendelijke stad

Aantrekkelijke, groene leefomgeving & erfgoed

Passende ondersteuning en opvang

Onttrekking transitiereserve Hervormingen Sociaal Domein

7

Totaal programma

540

120

0

0

Onttrekking transitiereserve Hervormingen Sociaal Domein

944

0

0

0

Totaal programma

944

0

0

0

Onttrekking transitiereserve Hervormingen Sociaal Domein

370

0

0

0

Totaal programma

370

0

0

0

1.598

0

0

0

Onttrekking reserve Europese subsidies

234

0

0

0

Totaal programma

1.832

0

0

0

Totaal

6.455

120

0

0

Kansrijk opgroeien

Levendige en gezonde stad

Algemene Middelen en Overhead

Frictiekosten Leidsche Rijn

Ontwikkelen en wonen voor iedereen Onttrekking Egalisatiereserve bouwleges De kostendekkendheid van de omgevingsvergunningen daalt in 2026 naar 85% vanwege de veranderde werkwijze onder de Omgevingswet en minder aanvragen voor grote bouwprojecten (bijvoorbeeld i.v.m. netcongestie). Hierdoor is een knelpunt ontstaan. Dit knelpunt wordt opgelost door een onttrekking van 1,053 miljoen euro vanuit de egalisatiereserve bouwleges. Kansrijk opgroeien Onttrekking transitiereserve Hervormingen Sociaal Domein Om de hervormingsbewegingen binnen het sociaal domein mogelijk te maken, ofwel te versnellen vindt een onttrekking van 0,944 miljoen euro plaats aan de transitiereserve voor het programma Kansrijk Opgroeien. Daarnaast wordt 0,37 miljoen euro onttrokken voor het programma levendige en gezonde stad en 0,66 miljoen euro voor het programma Passende ondersteuning en opvang. Algemene Middelen en Overhead Frictiekosten Leidsche Rijn Bij de programmabegroting 2026 zijn de frictiekosten met betrekking tot de nieuw te onderhouden gebieden in Leidsche Rijn opgenomen. Deze frictiekosten worden gedekt uit de daarvoor bestemde reserve Budgetstructuur Leidsche Rijn. Bij de programmabegroting 2026 is de onttrekking aan deze reserve echter niet meegenomen in de besluitvorming door de raad.

In deze Eerste bestuursrapportage 2026 wordt de onttrekking van 1,598 miljoen euro aan de reserve Budgetstructuur Leidsche Rijn daarom alsnog opgenomen.

2.2 Verhogen baten en lasten In totaal wordt voorgesteld in de Eerste bestuursrapportage 2026 de baten en lasten incidenteel te verhogen met 27,275 miljoen euro in 2026, 7,674 miljoen euro in 2027, 7,422 miljoen euro in 2028 en 8

2,819 miljoen euro in 2029. Vanaf 2026 worden de baten en lasten ook structureel verhoogd met 5,65 miljoen euro. Deze bijstellingsvoorstellen hebben veelal betrekking op extra inkomsten vanuit subsidies, specifieke uitkeringen (SPUK’s) en actualisatie van begrotingen. Voor deze extra inkomsten verhogen we de bijbehorende lasten voor de activiteiten die plaatsvinden voor deze uitkeringen. De grootste mutaties worden per programma toegelicht. x €1.000 Programma

Baten/ lasten I/S

2026

2027

2028

2029

Betrouwbare overheid Baten

I

-16.698

-5.697

-5.545

-2.769

Baten

S

-491

-491

-491

-491

Lasten I

16.634

5.697

5.545

2.769

Baten

I

-1.713

-1.827

-1.827

0

Baten

S

-4.000

-4.000

-4.000

-4.000

Lasten I

113

0

0

0

Lasten S

4.000

4.000

4.000

4.000

Baten

I

-3.745

-150

-50

-50

Lasten I

3.745

150

50

50

Baten

I

-1.131

0

0

0

Baten

S

-1.072

-1.072

-1.072

-1.072

Lasten I

1.131

0

0

0

Lasten S

1.072

1.072

1.072

1.072

Baten

I

-4.010

0

0

0

Lasten I

4.010

0

0

0

S

-66

-66

-66

-66

Lasten I

800

800

800

0

Baten

I

-777

0

0

0

Baten

S

-20

-20

-20

-20

Ontwikkelen en wonen voor iedereen

Klimaatvriendelijke stad

Aantrekkelijke, groene leefomgeving & erfgoed

Veilige stad

Passende ondersteuning en opvang Baten Werk, toekomstbestendige economie en best

Levendige en gezonde stad

9

Lasten I

777

1.027

1.027

0

Lasten S

86

86

86

86

Baten

I

800

0

0

0

Lasten I

64

0

0

0

Lasten S

491

491

491

491

0

0

0

0

Algemene Middelen en Overhead

Totaal Saldo

Betrouwbare overheid Bijstelling programma Samen voor Overvecht Vanuit de Rijksmiddelen (Specifieke uitkering Kansrijke Wijken en de Regio Deal) zijn er subsidies beschikbaar die over de periode 2026-2029 worden ingezet voor het Programma Samen voor Overvecht. Daarom worden zowel de baten als de lasten in 2026 verhoogd met 15,098 miljoen euro, in 2027 met 4,897 miljoen euro, in 2028 met 5,545 miljoen euro en in 2029 met 2,769 miljoen euro. De Regio Deal is aangevraagd samen met de gemeentes Amersfoort, Nieuwegein en Zeist. De middelen voor de Regio Deal lopen via Programma Samen voor Overvecht naar deze gemeentes. Dit betreft een bedrag van 9,027 miljoen euro dat wij in 2026 doorzetten naar die gemeentes. Toename aanvragen leges burgerzaken Sinds een aantal jaar stijgt het aantal aanvragen, met name voor uittreksels uit de Basisregistratie Personen (BRP), huwelijken, reisdocumenten (piekperiode 2024-2028) en naturalisaties (instroom uit Syrië). Dit zorgt in 2026 voor 1,6 miljoen euro aan zowel hogere baten als hogere lasten. Ook in 2027 heeft dit een effect van 0,8 miljoen euro aan hogere baten en lasten. Ontwikkelen en wonen voor iedereen Strategische en anticiperende verwerving Tot op heden werden in het programma Ontwikkelen en wonen voor iedereen geen baten en lasten begroot die samenhangen met strategische en anticiperende verwervingen.

Met deze mutatie wordt structureel de 4 miljoen euro aan baten en lasten opgenomen die naar verwachting op jaarbasis worden gerealiseerd. Motie 315 hand in eigen boezem Bij de behandeling van de Voorjaarsnota 2024 is motie 315 Hand in eigen boezem aangenomen. In deze motie wordt het college opgedragen om een taakstelling van minimaal 5,2 miljoen euro uit te werken op de verkoop van gemeentelijk vastgoed. En om de vrijkomende middelen in de jaren 2025 tot 2028 in te zetten voor het terugdraaien van de bezuiniging op de bijzondere bijstand (jaarlijks 0,8 miljoen euro) en in 2027 en 2028 voor het terugdraaien van de bezuiniging op de gezonde schoollunch (jaarlijks 1,027 miljoen euro). In deze wijziging worden de mutaties uit motie 315 voor de jaren 2026 tot en met 2028 verwerkt in de begroting. Hierbij wordt rekening gehouden met het doorschuiven van de taakstelling 2025 naar 2026, zoals opgenomen in de Programmabegroting 2025. Deze mutatie heeft effect op de baten en lasten van zowel het programma Algemene Middelen en Overhead als het programma Ontwikkelen en wonen voor iedereen. Klimaatvriendelijke stad SPUK CDOKE Windmolens en Buurtaanpak De gemeente Utrecht ontvangt de specifieke uitkering Tijdelijke regeling Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid met betrekking tot windmolens en de buurtaanpak. Met 10

deze mutatie worden de baten en lasten in 2026 incidenteel met 0,935 miljoen euro verhoogd, in lijn met het verwachte uitgavenpatroon. Veilige stad Subsidie Grenzen Stellen Perspectief Bieden 2026 Voor Grenzen Stellen Perspectief Bieden ontvangt de gemeente jaarlijks een subsidie. In 2025 zijn deze middelen niet volledig benut. De middelen mogen tot en met mei 2026 benut worden. Daarom worden de baten en lasten in 2026 met 3,943 miljoen euro verhoogd.

2.3 Verlagen baten en lasten In totaal stellen we voor in de Eerste bestuursrapportage 2026 de baten en lasten incidenteel te verlagen met 5,312 miljoen euro in 2026 en 4,443 miljoen euro in 2027. Vanaf 2026 worden de baten en lasten structureel met 1,528 miljoen euro verlaagd, daar bovenop worden de baten en lasten vanaf 2027 structureel met 5,010 miljoen euro verlaagd en vanaf 2028 structureel met 1,119 miljoen euro. Deze bijstellingsvoorstellen hebben veelal betrekking op actualisatie van specifieke uitkeringen (SPUK's). De grootste mutaties worden per programma toegelicht. x €1.000 Programma

Baten/ lasten

I/S

2026

2027

2028

2029

Lasten

S

0

-11

-21

-32

Baten

I

400

650

0

0

Baten

S

0

5.000

5.000

5.000

Lasten

I

-400

-650

0

0

Lasten

S

0

-5.000

-5.000

-5.000

Baten

S

1.529

1.529

1.529

1.529

Lasten

S

-1.529

-1.529

-1.529

-1.529

Baten

I

3.683

3.793

0

0

Baten

S

0

0

1.109

1.109

Lasten

I

-3.683

-3.793

0

0

Lasten

S

0

0

-1.109

-1.109

Baten

I

1.230

0

0

0

Lasten

I

-1.230

0

0

0

Baten

S

0

11

21

32

Ontwikkelen en wonen voor iedereen

Klimaatvriendelijke stad

Werk, toekomstbestendige economie en best

Kansrijk opgroeien

Levendige en gezonde stad

Algemene Middelen en Overhead

11

Totaal Saldo

0

0

0

0

Klimaatvriendelijke stad SPUK CDOKE Uitvoeringskosten klimaatakkoord De gemeente Utrecht ontvangt de Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) vanaf 2027 als decentralisatieuitkering in de algemene uitkering gemeentefonds en niet meer als SPUK. Met deze mutatie wordt 5 miljoen euro aan zowel baten als lasten uit de SPUK CDOKE structureel tegen geboekt. Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid Bijstelling voorlopig BUIG-budget 2026 Jaarlijks informeert het Rijk gemeenten op drie momenten in het jaar over de hoogte van het BUIGbudget van het lopende jaar. Deze momenten zijn het Voorlopig budget, Nader voorlopig budget en het Definitief budget BUIG. Het voorlopig BUIG-budget 2026 voor het verstrekken van bijstandsuitkeringen is vastgesteld op 185,8 miljoen euro. Dit is lager dan oorspronkelijk begroot. Met deze mutatie worden de baten en lasten vanaf 2026 structureel met 1,529 miljoen euro verlaagd. Kansrijk opgroeien Voorlopige beschikking OAB SPUK middelen 2026 In verband met de lagere toekenning van het Rijk voor het Onderwijs Achterstanden Beleid (OAB), worden de baten en lasten in 2026 incidenteel met 3,682 miljoen euro, in 2027 incidenteel met 3,793 miljoen euro en vanaf 2028 structureel met 1,109 miljoen euro verlaagd.

Levendige en gezonde stad Heroïnebehandeling 2026 van SPUK naar DU Per 2026 ontvangt de gemeente Utrecht de uitkering Heroïnebehandeling (met 10% korting en minder behandelplaatsen) als decentralisatie-uitkering en niet meer als SPUK. Hiervoor is een bedrag van 0,948 miljoen euro opgenomen in de begroting. Met deze mutatie worden de initieel begrote lasten en baten van de specifieke uitkering Heroïnebehandeling in 2026 incidenteel met 1,116 miljoen euro tegengeboekt om dubbele begroting te voorkomen.

2.4 Verschuiven gelden binnen een programma Verschuivingen binnen een programma worden alleen opgenomen als er sprake is van een clusteroverschrijdende mutatie binnen de programma's: - Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid - Kansrijk opgroeien - Levendige en gezonde stad Dit volgens het aangenomen amendement A42 Financieel sturen op huidige programma’s. Binnen deze bestuursrapportage zijn er geen verschuivingen binnen een programma.

2.5 Verschuiven gelden naar ander programma Voorgesteld wordt in de Eerste bestuursrapportage 2026 per saldo 1,211 miljoen euro incidenteel over te hevelen naar een ander programma. Voor 2027 wordt voorgesteld 0,76 miljoen euro incidenteel over te hevelen. Ook wordt vanaf 2026 1,553 miljoen euro, vanaf 2027 4,439 miljoen euro en vanaf 12

2028 1,52 miljoen euro structureel overgeheveld naar een ander programma. De wijzigingen hebben betrekking op de uitvoering van taken en projecten die programma overstijgend plaats vinden. De grootste wijzigingen worden per programma toegelicht. x €1.000 Programma

Baten/ lasten I/S

2026

2027

2028

2029

Lasten

I

415

0

0

0

Lasten

I

-415

0

0

0

Lasten

S

0

400

400

400

Lasten

I

-795

-760

0

0

Lasten

S

1.553

-5.892

-7.412

-7.412

Lasten

S

0

-100

-100

-100

Lasten

I

795

760

0

0

Lasten

S

-1.553

5.592

7.112

7.112

0

0

0

0

Ontwikkelen en wonen voor iedereen

Veilige stad

Passende ondersteuning en opvang

Kansrijk opgroeien

Levendige en gezonde stad

Totaal Saldo

Passende ondersteuning en opvang Buurtbemiddeling extreme woonoverlast In het kader van de Hervormingen sociaal domein (zie raadsbrief 21 november 2025, kenmerk 33010037) wordt de subsidieregeling Sociale basis anders ingericht. Daarom wordt 0,95 miljoen euro voor Buurtbemiddeling extreme woonoverlast verschoven tussen de programma's Passende ondersteuning en opvang en Levendige en gezonde stad. Schuif middelen van Basiszorg naar Sociale Basis In het kader van de Hervormingen sociaal domein (zie raadsbrief van 16 mei 2025, kenmerk 11923054) wordt 1,52 miljoen euro verschoven van de aanvullende zorg naar de sociale basis. Met deze schuif tussen het programma Passende ondersteuning en Opvang en het programma Levendige en gezonde stad sluiten de budgetten aan op de beoogde inzet vanuit de subsidieregeling Sociale basis en de inkoop van de Wmo-ondersteuning in de wijk. Schuif middelen van SP/DO naar ambulante begeleiding, Sociale basis en W&I In het kader van de Hervormingen sociaal domein (zie raadsbrief van 16 mei 2025, kenmerk 11923054) wordt 4,791 miljoen euro verschoven van de aanvullende zorg naar de sociale basis.

Met deze schuif tussen het programma Passende ondersteuning en Opvang en het programma Levendige en gezonde stad sluiten de budgetten per doelstelling aan op de beoogde inzet vanuit de subsidieregeling Sociale basis en de inkoop van de Wmo-ondersteuning in de wijk. Schuif ten behoeve van randvoorwaardelijke investeringen

13

In het kader van de Hervormingen sociaal domein (zie raadsbrief van 16 mei 2025, kenmerk 11923054) wordt 0,88 miljoen euro verschoven van de aanvullende zorg naar de sociale basis. Met deze schuif tussen het programma Passende ondersteuning en Opvang en het programma Levendige en gezonde stad sluiten de budgetten per doelstelling aan op de beoogde inzet vanuit de subsidieregeling Sociale basis en de inkoop van de Wmo-ondersteuning in de wijk. Levendige en gezonde stad Overheveling De Stek en Altrecht De accounts Altrecht (voor bemoeizorg en consultatie en advies) en De Stek vielen budgettair en qua sturing onder twee verschillende programma's, Levendige en gezonde stad en Passende ondersteuning en opvang. Daardoor was de sturing op deze accounts niet optimaal. Met het verschuiven van 1,553 miljoen euro worden de accounts naast inhoudelijk ook budgettair ondergebracht onder programma Passende ondersteuning en opvang.

2.6 Overhevelen via algemene dekkingsreserve Passend bij het verwachte uitgavenpatroon worden specifieke budgetten over de jaren heen bijgesteld. Dit past bij het uitgavenritme van specifieke projecten. In deze bestuursrapportage wordt voorgesteld per saldo 0,9 miljoen euro uit het jaar 2026 over te hevelen naar de jaren 2027 en 2028. En in totaal 0,4 miljoen euro uit de jaren 2027 t/m 2030 over te hevelen naar het jaar 2026. Deze overhevelingen vinden plaats via de Algemene dekkingsreserve en hebben geen effect op het financieel beeld. x €1.000 Programma

I/S

2026

2027

2028

2029

I

-900

400

500

0

I

400

-100

-100

-100

-500

300

400

-100

Aantrekkelijke, groene leefomgeving & erfgoed

Levendige en gezonde stad

Totaal Saldo

Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed Amerhof verschuiving budget 2026 naar 2027 In 2026 wordt gestart met de uitvoering van project De Amerhof. Deze uitvoering loopt door tot en met 2027. Daarom wordt het incidentele budget van 0,4 miljoen euro (amendement op de Programmabegroting 2026) doorgeschoven van 2026 naar 2027. Het merendeel van de begrote uitvoeringkosten wordt in 2027 gerealiseerd en de kosten worden in 2026 gedekt vanuit het Meerjaren Groenprogramma (MGP). Ravellaan verschuiving budget 2026 naar 2028 Vanuit de Voorjaarsnota 2021 is voor 2026 een incidenteel budget van 0,5 miljoen euro beschikbaar gesteld voor uitvoering van het project Ravellaan. Dit budget wordt doorgeschoven naar 2028, het jaar waarin deze uitvoeringskosten naar verwachting worden gerealiseerd. Levendige en gezonde stad Investeringsbijdrage museum Catharijneconvent 14

Museum Catharijneconvent is een rijksmuseum voor kunst en erfgoed en het enige officiële rijksmuseum in de stad en de provincie Utrecht. Om het museumgebouw anno 2026 duurzaam en toekomstbestendig te maken is een grootschalige verbouwing noodzakelijk. Deze verbouwing is geraamd op 41,1 miljoen euro en wordt voor het grootste deel gefinancierd vanuit het Rijk, het Nationaal Restauratiefonds en het museum Catharijneconvent zelf. Om de begroting sluitend te krijgen, werkt het museum momenteel aan een grote fondsenwervingscampagne. Onderdeel van deze campagne is een gemeentelijke bijdrage van 0,5 miljoen euro (ongeveer 1% van de totale investering). Aan deze vraag wil de gemeente Utrecht tegemoetkomen. Het museum Catharijneconvent is zowel uniek in Nederland als van grote toegevoegde waarde op het museale veld in Utrecht waarbij de investering van het Rijk in dit museum afstraalt op de gehele stad. Om de financiële ruimte te creëren voor deze relatief grote investeringsbijdrage in één jaar wordt de dekking over de jaren 2026 t/m 2030 gespreid door in totaal 0,4 miljoen euro aan budget uit de periode 20272030 over te hevelen naar 2026.

15

2.7 Bijstellingen investeringskredieten Bij de Programmabegroting wordt in het jaar dat een investering start, in één keer autorisatie aangevraagd voor het investeringskrediet. Deze paragraaf bevat de wijzigingsvoorstellen met betrekking tot de geautoriseerde kredieten voor zowel vervanging- als uitbreidingsinvesteringen A. De bijstellingen zijn budgetneutraal, de gevolgen voor de kapitaallasten zijn gedekt binnen het betreffende programma en hebben geen resultaateffect. Definities Vervangingsinvesteringen: Deze investeringen houden de bestaande functionaliteit of kwaliteit van de kapitaalgoederen op peil. Hierbij valt te denken aan renovatie en restauratie, herbouw en levensduur verlengend groot onderhoud. Uitbreidingsinvesteringen categorie A: Aankoop of vervaardiging van een nieuw kapitaalgoed dat een toevoeging betekent aan het volume en/of de kwaliteit van de bestaande kapitaalgoederen. Uitbreidingsinvesteringen categorie B: Uitbreidingsinvesteringen waarover wij uw gemeenteraad nog verder willen informeren via een raadsvoorstel alvorens wij met het project van start gaan. Het gaat hierbij om zeer grote, politiek gevoelige of risicovolle projecten. De benodigde middelen worden niet geautoriseerd bij deze bestuursrapportage.

2.7.1 Ontwikkelen en wonen voor iedereen

Stedelijke omgeving Stedelijke omgeving Icoonproject Tuinen van Moreelse Totaal

Geautoriseerde uitgaven t/m PB 2026

Gereedmelding bij jaarstukken 2025

Voorgestelde wijzigingen 1e berap 2026

x €1.000 Actuele autorisatie uitgaven t/m 1e berap 2026

1.650

0

100

1.750

3.000 4.650

0 0

-100 0

2.900 4.650

Toelichting Uitbreidingsinvesteringen A Park Paardenveld & Icoonproject Tuinen van Moreelse De prognose einde werk voor project Park Paardenveld valt 0,1 miljoen euro hoger uit dan het krediet. Daarom wordt het krediet Park Paardenveld verhoogd met 0,1 miljoen euro naar 1,75 miljoen euro. Als dekking wordt het krediet voor het icoonproject Tuinen van Moreelse verlaagd met 0,1 miljoen euro naar 2,9 miljoen euro. Dit is voldoende voor het realiseren van de gestelde ambities.

16

2.7.2 Duurzame bereikbaarheid

Duurzaam vervoer Doelstelling Duurzaam vervoer

Geautoriseerde uitgaven t/m PB 2026

Gereedmelding bij jaarstukken 2025

Voorgestelde wijzigingen 1e berap 2026

52.398

0

2.906

x €1.000 Actuele autorisatie uitgaven t/m 1e berap 2026 55.304

Doelstelling Verkeersveiligheid 1.627 0 75 1.702 Totaal 54.025 0 2.981 57.006 In verband met geheimhouding en de marktpositie worden de kredieten onder het programma Duurzame bereikbaarheid niet op projectniveau weergegeven. Voor een specificatie van de kredieten verwijzen wij u naar de geheime bijlage ‘Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026’. 2.7.3 Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed

Beheer openbare ruimte Verbouwing circulair bedrijf Trechterweide Totaal

Geautoriseerde uitgaven t/m PB 2026

Gereedmelding bij jaarstukken 2025

Voorgestelde wijzigingen 1e berap 2026

x €1.000 Actuele autorisatie uitgaven t/m 1e berap 2026

0 0

0 0

600 600

600 600

Toelichting Uitbreidingsinvesteringen A Verbouwing circulair bedrijf Trechterweide Dit krediet is nodig voor een verbouwing van de panden aan de Trechterweide, het gemeentelijk circulair bedrijf. De verbouwing is nodig om de panden geschikt te maken als kantoorpand. De dekking van de kapitaallasten is voorzien binnen de begroting van deze doelstelling. x €1.000 Actuele autorisatie Voorgestelde uitgaven Geautoriseerde Gereedmelding wijzigingen t/m 1e uitgaven t/m bij jaarstukken 1e berap berap Extra groen PB 2026 2025 2026 2026 Rondje Stadseiland

3.833

0

3.000

6.833

Parkzone Den Hommel

4.000

0

620

4.620

Natuurgebied Zuilen

5.000

0

1.970

6.970

Groene Ommetjes

800

0

150

950

Vergroenen straten 2026-2030

0

0

3.605

3.605

Toevoegen bomen 2026-2030 Totaal

0 13.633

0 0

2.880 12.225

2.880 25.858

17

Toelichting Uitbreidingsinvesteringen A Rondje Stadseiland Als onderdeel van de gebiedsontwikkeling Groot Merwede heeft het Rijk in 2023 een SPUK verleend. Vanuit deze SPUK wordt 3 miljoen euro ingezet om te vergroenen binnen het Rondje Stadseiland (Deelgebied 3). Dit subsidiebedrag wordt toegevoegd aan het krediet. Parkzone Den Hommel In het MPR 2026 is een knelpunt (nummer 2 onder Openbare Ruimte, Klimaat en Groen) opgevoerd van 0,62 miljoen euro voor het project Parkzone Den Hommel. Dit knelpunt is deels het gevolg van een scope-wijziging (0,15 miljoen euro) en is deels ontstaan door toenemende bouw- en plankosten (0,47 miljoen euro). Natuurgebied Zuilen De bijstelling van het krediet is het saldo van een verlaging (0,2 miljoen euro) omdat de uitkijktoren niet wordt gerealiseerd (conform Amendement 'A170 Geld uitkijktoren kunnen we beter besteden') en van een verhoging van een, in het MPR 2026 opgevoerd, knelpunt (nummer 2 onder Openbare Ruimte, Klimaat en Groen) van 2,17 miljoen euro. Groene Ommetjes In 2025 heeft de provincie Utrecht een subsidie toegekend van 0,150 miljoen euro voor de herinrichting van de pleinen 'Royaards van der Hamhoff' en 'Badhuisplantsoen'. Dit subsidiebedrag wordt toegevoegd aan het krediet. Vergroenen straten De uitgaven die zijn geprogrammeerd in het Meerjaren Groenprogramma (MGP) tussen 2026 en 2030 voor het vergroenen van straten, o.a.

in de wijken Rivierenwijk en Overvecht worden nu geautoriseerd. Een nadere toelichting is het vinden in het MPR 2026-2030. Toevoegen bomen 2026-2030 De uitgaven die zijn geprogrammeerd in het Meerjaren Groenprogramma (MGP) tussen 2026 en 2030 voor het toevoegen van bomen worden nu geautoriseerd. Een nadere toelichting is te vinden in het MPR 2026-2030. 2.7.4 Levendige en gezonde stad

Toegankelijke sportvoorzieningen Vervangingsinvesteringen

Geautoriseerde uitgaven t/m PB 2026

Gereedmelding bij jaarstukken 2025

Voorgestelde wijzigingen 1e berap 2026

12.591

0

8.003

x €1.000 Actuele autorisatie uitgaven t/m 1e berap 2026 20.594

Uitbreidingsinvesteringen A 3.240 0 -6.152 -2.912 Totaal 15.831 0 1.851 17.682 In verband met geheimhouding en de marktpositie worden de kredieten onder het programma Levendige en gezonde stad niet op projectniveau weergegeven. Voor een specificatie van de kredieten verwijzen wij u naar de geheime bijlage ‘Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026’. 18

Vastgoed Vervangingsinvesteringen

Geautoriseerde uitgaven t/m PB 2026

Gereedmelding bij jaarstukken 2025

Voorgestelde wijzigingen 1e berap 2026

x €1.000 Actuele autorisatie uitgaven t/m 1e berap 2026

33.081

0

4.120

37.201

Uitbreidingsinvesteringen A 49.955 0 4.400 54.355 Totaal 83.036 0 8.520 91.556 In verband met geheimhouding en de marktpositie worden de kredieten onder het programma Levendige en gezonde stad niet op projectniveau weergegeven. Voor een specificatie van de kredieten verwijzen wij u naar de geheime bijlage ‘Investeringsprojecten Eerste bestuursrapportage 2026’.

19

3. Voortgang uitvoering coalitieakkoord 3.1 Mijlpalen in Q3 en Q4 2025 Op 1 juni 2022 verscheen het coalitieakkoord ‘Investeren in Utrecht: kiezen voor gelijke kansen, betaalbaar wonen en klimaat’. In bijlage 1 is een actueel overzicht opgenomen van de planning van de uitvoering van het coalitieakkoord. Dit betreft een planning op hoofdlijnen en is geen uitputtend overzicht. De mijlpalen die behaald zijn in Q3 en Q4 2025 worden in onderstaand overzicht weergegeven. Dit is de laatste rapportage over de coalitieperiode 2022-2026. Tabel 4: Behaalde mijlpalen in Q3 en Q4 van 2025 Onderdeel 1. We maken ons hard voor kansengelijkheid

Planning 2e berap 2025

1.1 Wijk- en buurtaanpak Raadsbrief Voortgang Uitvoeringsprogramma Buurt- en wijkgericht werken

Jaarlijks

Raadsbrief Stand van zaken 4e kwartaal Samen voor Overvecht 2025

Jaarlijks

3. We gaan de klimaatcrisis tegen 3.2 Groene en klimaatbestendige leefomgeving Beleidsnota Ondergrond 2025 - 2035

Q3 2025

3.3 Milieu en Circulariteit Uitvoeringsprogramma Transitie Tankstations

Q4 2025

Uitvoeringsprogramma Gezonde lucht voor iedereen 2025-2030

Q4 2025

4. We werken aan een levendige een leefbare stad 4.1 Lokale economie Raadsbrief Jaarverslag Regionale Ontwikkelingsmaatschappij (ROM) Regio Utrecht 2024 Raadsvoorstel Zoekproces grote locatie voor evenementen

Jaarlijks Q4 2025

4.5 Vastgoed Raadsbrief Concept Uitvoeringsprogramma Vastgoed en fasering Verduurzamen Maatschappelijk Vastgoed

Jaarlijks

5. Uitvoering 5.1 Publieks dienstverlening Raadsbrief voortgang Publieksdienstverlening september 2025

Q4 2025

20

3.2 Wijzigingen in de planning In deze paragraaf worden belangrijke wijzigingen in de planning van de uitvoering van het coalitieakkoord ten opzichte van de Tweede bestuursrapportage 2025 toegelicht. 2. We pakken woningnood aan 2.2 Gebiedsontwikkeling Monitoring versnelling UPP en Was: Q3 2025 Wordt: Q4 2026 aanbevelingen verkenner voor samenwerking markt-gemeente In Q1 2026 wordt een Raadsbrief gestuurd over 'Versnellen woningbouw'. Hierop volgt in Q4 2026 een evaluatie van het Utrechts Planproces Gebiedsontwikkelingen (UPG). 2.3 Bereikbaarheid Uitvoeringsplan Klimaatneutrale mobiliteit Was: Q4 2025 Wordt: Q4 2026 De ambtelijke voorbereiding nam meer tijd in beslag dan verwacht. Hierop wordt de planning aangepast. Het ontwerp klimaatvisie ligt in Q1 2026 intern voor ter besluitvorming. Naar verwachting leidt dit in Q4 2026 tot een definitieve versie. Besluit over de eerste onderdelen van het Was: Q4 2025 Wordt Q4 2026 OV-wiel met spaken (MIRT-verkenning OV en wonen) Voor een uiteindelijke keuze is vervolgonderzoek nodig naar onder andere de (ruimtelijke) effecten, kostenontwikkeling en risico's. Scherp risicobeheer is cruciaal. Daarom wordt de planning hierop bijgesteld. Wel is de voorlopige voorkeursrichting voor de Merwedelijn vastgesteld. In Q2 2026 kunnen inwoners en belanghebbenden tijdens een formele inspraakronde reacties geven.

Eind 2026 nemen Rijk en Regio definitief een besluit over de Merwedelijn. 3. We gaan de klimaatcrisis tegen 3.1 Energie en klimaat Klimaatvisie (incl. zoekgebieden duurzame Was: Q4 2025 Wordt: PM energie Er was meer ambtelijke en politieke afstemming nodig voor een gedragen visie. Daarom wordt de planning hierop aangepast. De Klimaatvisie wordt in Q1 2026 voorgelegd aan de inwoners van de stad. Vervolgens komt het nieuwe college met een voorstel richting de Raad. 3.2 Groen en klimaatbestendige leefomgeving Omgevingsplanregels klimaatadaptatie en Was: Q4 2026 Wordt: 2028 water (samenhang met invoering omgevingswet) Het opstellen van de regels voor de klimaatadaptatiedoelstellingen is vertraagd omdat eerst een actualisatie en gebiedsdifferentiatie van de doelstellingen uit de Visie Water en Riolering en de Visie Klimaatadaptatie nodig is om tot uitvoerbare regels te kunnen komen. Daar wordt in 2026 mee gestart. Dit zorgt voor een aangepaste planning. 4. We werken aan een levendige en leefbare stad 4.4 Sport, spelen en bewegen Oplevering zwembad Leidsche Rijn Was: 2028-2029 Wordt: Q4 2030 Maximapark Het ontwerp voor het nieuwe zwembad in het Maximapark heeft vertraging opgelopen vanwege netcongestie en het zoeken naar oplossingen daarvoor. De oplevering wordt daarom niet eerder verwacht dan 2030.

21

4. Corresponderende posten (taakmutaties gemeentefonds) In de september- en decembercirculaire 2025 zijn extra middelen voor (nieuwe) taken of uitnamen voor vervallen taken opgenomen, de corresponderende posten ofwel taakmutaties. In deze bestuursrapportage zijn de geclaimde taakmutaties voor het jaar 2026 opgenomen en de posten die in 2025 niet meer konden worden besteed. Deze zijn bij de jaarrekening 2025 gestort in de reserve gemeentefonds en worden in 2026 onttrokken. De noodzaak van het doorvertalen van de taakmutaties naar de inhoudelijke programma’s is getoetst. Alle taakmutaties zijn nodig voor het realiseren van de beoogde doelstellingen en worden hiervoor ingezet. Onderstaand het overzicht van de taakmutaties per programma: x € 1.000 Taakmutaties

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=98a592c3-74de-4b3b-84bb-ad2e902d2938