Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Raadsinformatiebijeenkomst van 4 juni 2024 1
1.1
2
Raadsvoorstel Beleidsnota Utrecht onderdak Tijd: 19.30 - 20.30 uur Locatie: oude Stadhuis Beleidsveld: Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen / Wethouder: Rachel Streefland Agendeerders: Berdien van der Wilt (D66), Ilse Raaijmakers (PvdA), Beau Nederhand (Volt), Oumar Barry (EenUtrecht), Kirsten Alblas (ChristenUnie), Bert van Steeg (CDA), Cees Bos (Stadsbelang Utrecht), Margreet Ramaker (VVD) en Louise de Vries (Partij voor de Dieren) Motivatie: Het college heeft eind april de nota ‘Utrecht onder Dak’ naar de raad gestuurd. In de beleidsnota wordt een doelgroepoverstijgende aanpak voorgesteld, waarin scherpe keuzes worden gemaakt over de toegang tot opvang, activering, kwaliteit en inzet van middelen. Het doel van de nota is: het zo goed mogelijk voldoen aan de stijgende opvangbehoefte en kunnen blijven voldoen aan onze wettelijke taken waarbij we een humanitaire ondergrens borgen en de opvang voor de meest kwetsbare dakloze mensen in stand te houden. Bovenstaande fracties willen de inhoud en keuzes uit deze nota graag bespreken met experts, en inwoners en professionals uit de stad, zodat zij ook hun mening en ervaringen kunnen meenemen richting het debat over deze nota.
Bovenstaande fracties zien dat aan de basis van deze nota moeilijke keuzes liggen waarbij zij het belangrijk vinden om van ervaringsdeskundigen, aanbieders, cliëntvertegenwoordigers en experts te horen hoe zij kijken naar deze gemaakte keuzes, en de (mogelijke) gevolgen daarvan. De agenderende fracties willen daarbij ruimte bieden voor ervaringen en aanbevelingen vanuit (vertegenwoordigers van) dak- en thuisloze mensen zelf, en vanuit organisaties die dagelijks met dak - en thuisloze mensen werken. Ook willen zij graag kort ruimte bieden voor adviezen en tips vanuit experts gericht op het voorkomen en aanpakken van dak & thuisloosheid. Vanwege de korte tijd van de raadsinformatie bijeenkomst wordt wel voorgesteld om bijdragen van insprekers zoveel mogelijk te bundelen. Raadsleden zullen dit zoveel mogelijk proberen af te stemmen met de insprekende partijen.
Utrecht Onderdak-doc-Info-en-Bijdragen-deelnemersWEB Raadsvoorstel Beleidsnota Utrecht onderdak Dossier 4132 voorblad Raadsvoorstel beleidsnota Utrecht onderdak Beleidsnota Utrecht onderdak Bijlagedocument Utrecht onderdak Reactie belangenbehartiging op beleidsnota Utrecht Onderdak Raadsvoorstel Beleidsnota Grondbeleid Tijd: 20.30 - 21.30 uur Locatie: oude Stadhuis Beleidsveld: Grondzaken / Wethouder: Linda Voortman Agendeerders: Rick van der Zweth (PvdA), Maarten Koning (D66), Gertjan te Hoonte (VVD), Hessel Stellinga (CDA) en Linda Bode (Volt) Motivatie: Graag willen de fracties van PvdA, D66, VVD, CDA en Volt de nieuwe nota grondbeleid agenderen voor een raadsinformatiebijeenkomst. Het doel van de bijeenkomst is om nader geïnformeerd te worden op het nieuwe grondbeleid. We vragen een ambtelijke toelichting op het verschil van het nieuwe t.o.v. het huidige beleid en welke dilemma’s er voor lagen. Daarnaast vragen we prof. Van der Krabben om een toelichting te geven op zijn onderzoeksrapport. We vragen vervolgens één of meerdere experts om hier weer op te reageren met de vraag wat zij ervan vinden en of zij dingen missen of anders zouden doen. Bewonersgroepen of betrokken bewoners zijn ook nadrukkelijk uitgenodigd.
Raadsvoorstel Beleidsnota grondbeleid-doc-Info-en-Bijdragen-deelnemersWEB Presentatie-RIB-Raadsvoorstel beleidsnota Grondbeleid-Gemeente Utrecht Presentatie-RIB-Raadsvoorstel beleidsnota Grondbeleid-Stadkwadraat Bijdrage-RIB-Raadsvoorstel beleidsnota Grondbeleid-Deloitte Bijdrage-RIB-Raadsvoorstel beleidsnota Grondbeleid-SEBU Brief-RIB Raadsvoorstel beleidsnota Grondbeleid-SEBU aan B&W
Beleidsnota Utrecht onderdak Basisinformatie Datum Gespreksleider Tijd Zaal Soort bijeenkomst Werkvorm Portefeuillehouder Vervolg
4 juni 2024 Maartje Vermeulen 19.30 – 20.30 uur Zaal Bespreken raadsvoorstel Regulier Rachel Streefland De gemeenteraad debatteert over dit onderwerp tijdens de vergadering van de commissie: Jeugd, Welzijn, Cultuur en Sport op 13 juni. Wilt u nog informatie delen met raadsleden, stuur dit naar raadsinformatiebijeenkomst@utrecht.nl Website gemeente en facebook 1 Deelnemer, Stichting Goud 1 Deelnemer, Stichting RECHTOP 1 Deelnemer, Stichting De Tussenvoorziening 1 Deelnemer, Straat Consulaat Den Haag 1 Deelnemer, Stichting Barka 1 Deelnemer, Leger des Heils Midden Nederland 1 Deelnemer, U2Bheard
Links naar Deelnemers
Programma 19.30 – 19.35 uur Welkom 19.35 – 20.15 uur Tijd voor insprekers - Belangenvertegenwoordigers - Organisaties - Barka - Straat Consulaat 20.15 – 20.30 uur Ruimte voor overige vragen
Motivatie Agendeerders Berdien van der Wilt (D66), Ilse Raaijmakers (PvdA), Beau Nederhand (Volt), Oumar Barry (EenUtrecht), Kirsten Alblas (ChristenUnie), Bert van Steeg (CDA), Cees Bos (Stadsbelang Utrecht), Margreet Ramaker (VVD) en Louise de Vries (Partij voor de Dieren)
1
Motivatie Het college heeft eind april de nota ‘Utrecht onder Dak’ met de raad gedeeld. In de beleidsnota wordt een doelgroepoverstijgende aanpak voorgesteld, waarin scherpe keuzes worden gemaakt over de toegang tot opvang, activering, kwaliteit en inzet van middelen. Het doel van de nota is: het zo goed mogelijk voldoen aan de stijgende opvangbehoefte en kunnen blijven voldoen aan onze wettelijke taken waarbij we een humanitaire ondergrens borgen en de opvang voor de meest kwetsbare dakloze mensen in stand te houden. De agenderende fracties willen deze nota graag bespreken met inwoners en professionals uit de stad, zodat zij ook hun mening en ervaringen kunnen meenemen richting het debat over deze nota. De agenderende fracties zien dat aan de basis van deze keuzes moeilijke keuzes liggen waarbij wij het belangrijk vinden om van ervaringsdeskundigen, aanbieders, clientvertegenwoordigers en experts te horen hoe zij kijken naar deze gemaakte keuzes, en de (mogelijke) gevolgen daarvan. Wij zijn daarin nadrukkelijk op zoek naar ervaringen en aanbevelingen vanuit de praktijk, vanuit dak- en thuisloze mensen zelf, en vanuit organisaties die dagelijks met dak- en thuisloze mensen werken. Ook willen we graag ruimte maken voor adviezen vanuit experts of beleidsmakers vanuit andere steden/landen, gericht op het voorkomen en aanpakken van dak & thuisloosheid.
Bijdrage Deelnemer, Straat Consulaat Den Haag Ik ben co-directeur van Straat Consulaat Den Haag en spreek namens de samenwerkingsverbanden van onafhankelijke belangenbehartigers Dakloosheid Voorbij en SamenThuis2030. Het nationaal actieplan dakloosheid: eerst een thuis, is nog maar 1,5 jaar oud en met het plan Onderdak lijkt de gemeente Utrecht nu al de handdoek in de ring te gooien. De titel van de nieuwe beleidsnota doet ergste vrezen. Waar voorheen gesproken werd over een (t)huis, heet dit plan "Utrecht onderdak". Niks geen (t)huis, maar onderdak dus. Helaas worden bij het lezen van de beleidsnota de ergste vermoedens bewaarheid. Juist als mensenrechtenstad, een term die vaak valt in deze nota, zou de gemeente geen genoegen moeten nemen met een plan dat gaat over alleen opvang, maar vol in moeten zetten op het voorkomen en uitbannen van dakloosheid door vol in te zetten op wonen. Hoewel ook belangenbehartigers in veel steden worden geconfronteerd met een groeiend aantal mensen die buiten slapen, overvolle opvang, en opvang, onderdak dus, heel vaak beter is dan buitenslapen, zien we in meer opvang geen duurzame oplossing. Op z'n best is het een tijdelijke oplossing, maar zonder serieuze plannen gericht op duurzaam en passend wonen toch vooral duur, inefficiënt, en ineffectief. Dat is waar het plan de plank dan ook mis slaat.
Het plan zet vol in op opvang zonder concrete plannen voor het voorkomen van dakloosheid en het maken van de omslag van opvang naar wonen. Het Nationaal Actieplan Dakloosheid, geïnitieerd door Staatssecretaris Maarten van Ooijen, zet vol in om de omslag van opvang van wonen. Dakloosheid wordt niet meer gezien als primair een zorgprobleem, maar een woonprobleem. Immers, de gemene deler tussen alle dakloze mensen is het gebrek aan een passend thuis. En we weten dat een thuis de basis is waarvan gewerkt kan worden aan een waardig leven. Het is de enige bewezen duurzame manier om dakloosheid te bestrijden.
2
Ook zet het nationale actieplan vol in op preventie. Ook de gemeente heeft deze uitgangspunten en de omslag onderschreven. Het is dan bijzonder zorgwekkend dat in de beleidsnota geen enkel uitgangspunt of ambitie van het nationale plan wordt onderschreven of verder uitgewerkt. Niks over het feit dat dakloosheid een woonprobleem is dat met wonen eerst moet worden opgelost (alleen om te zeggen dat dat niet gaat gebeuren), niks over preventie (alleen om te zeggen dat dat niet kan), geen idee hoe dakloosheid uit te bannen voor 2030. Ook de beschrijving van de “doelgroep” is een stap terug in de tijd. De beschrijving van de groep die dakloos is sluit totaal niet aan bij het actieplan (CBS definitie en een "analyse" van drie groepen dakloze mensen die nergens op slaat. Hoezo zijn we weer terug bij zelfredzaamheid en waar is Ethos Light?), de ambitie is verworden tot (soort van streven naar) geen mens op straat (alles is opvang) en voor de rest wordt uitsluitend verwezen naar het Rijk en, godbetert, tekortkomingen van het nationaal actieplan (een plan dat bewust vaag is gebleven, want gemeenten vinden beleidsvrijheid bijkans heilig). Waarom deze verontwaardiging? Omdat we als onafhankelijke belangenbehartigers juist kijken naar gemeenten als Utrecht die met vooruitstrevend beleid, lef en radicale keuzes een voorloper en voorbeeld kunnen zijn voor andere gemeenten.
Als zelfs de gemeente Utrecht met zo’n slap verhaal komt dan is dat een vrijbrief voor anderen om ook geen extra stap te zetten. Dan zijn we weer terug bij af. Meer opvang, meer zorg en een eindeloze spiraal van groeiende dakloosheid. Wat mij als mensenrechtenexpert ook stoort is dat er tientallen keren wordt gerefereerd naar "Utrecht mensenrechtenstad". Het lijkt vooral gebruikt te worden om krakkemikkig beleid te legitimeren, want dit plan heeft nauwelijks iets met mensenrechten te maken. Dakloosheid is de meest ernstige schending van het recht op huisvesting. De overheid (dus ook de gemeente) is verplicht dakloosheid te voorkomen en uit te bannen vanuit dat perspectief. Dat betekent dat het alles moet doen om ervoor te zorgen dat het recht op huisvesting wordt gerespecteerd, beschermd en verwezenlijkt en mensen dat recht kunnen realiseren. Beleid moet concrete doelstellingen hebben en een tijdspad waarin deze worden gerealiseerd. Het uitbannen van dakloosheid moet ook prioriteit zijn van woonbeleid. Mensen met ervaringskennis en onafhankelijke belangenbehartigers moeten betekenisvol participeren in het tot stand komen, monitoren en uitvoeren van dat beleid. Zowel proces als doelstelling moeten voldoen aan de principes van de mensenrechten benadering (non-discriminatie, participatie, autonomie en rechtsbescherming). Dit plan gaat uitsluitend over opvang.
Ook een recht en een absoluut humanitair minimum, maar verder niet. Opvang is mensenrechtelijke geen doel op zich en al helemaal niet de oplossing voor de extreme schending van het recht op huisvesting, dakloosheid. Dit plan scoort op alle fronten een zware onvoldoende. Het gaat een negatieve standaard zetten voor andere gemeenten, een stap terug in de tijd. Juist als mensenrechtenstad zou Utrecht veel beter moeten kunnen en doen.
3
Raadsinformatiebijeenkomst Dossiernummer
4132
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
4 juni 2024
Agendapunt
1.1
Titel
Raadsvoorstel Beleidsnota Utrecht onderdak
ID
4345
Behandelend ambtenaar Telefoon E-mail Datum collegebesluit Thema Portefeuillehouder Beleidsveld Referendabel Raadsadviseur (lijst) Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd
Vergaderdatum
Raadsinformatiebijeenkomst
4 juni 2024
Voorgesteld besluit
Voorstel aan de gemeenteraad
Beleidsnota Utrecht Onderdak Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen Maatschappelijke Ontwikkeling Imke Verburg 12329617 Volgt Ja Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De beleidsnota Utrecht Onderdak vast te stellen met als belangrijkste ambities:
a. Voorkomen van dakloosheid en wanneer mensen toch te maken krijgen met dakloosheid, inzetten op perspectief om te voldoen aan de wettelijke taken waarbij de gemeente een humanitaire ondergrens borgt; b. Kiezen voor een doelgroepoverstijgende, integrale aanpak van de opvangopgave in de stad daar waar dit effectief is om te voldoen aan de stijgende opvangbehoefte en autonome groei. c. Uitgaan van passende kwaliteit en het organiseren van noodzakelijke plekken met een inzet op versobering en flexibiliteit binnen de opvang, waardoor meer mensen binnen de opvang tijdelijk een plek kunnen krijgen.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting In de beleidsnota wordt een doelgroepoverstijgende aanpak voorgesteld, waarin scherpe keuzes worden gemaakt over de toegang tot opvang, activering, kwaliteit en inzet van middelen. Opdat we zo goed mogelijk voldoen aan de stijgende opvangbehoefte en kunnen blijven voldoen aan onze wettelijke taken waarbij we een humanitaire ondergrens borgen en de opvang voor de meest kwetsbare dakloze mensen in stand te houden.
Context Aanleiding We zien het aantal mensen dat een beroep doet op de opvang om dat ze dak- en/of thuisloos zijn in Utrecht toenemen. Er wordt een groter beroep gedaan op opvang door verschillende doelgroepen. Er zijn meer dakloze EU-(arbeids)migranten en ongedocumenteerde mensen op straat. We zien meer mensen in de opvang en inloopvoorziening en een toename in het gebruik van de Koudweerregeling. Ook zien we een verdere verslechtering in de situatie van mensen door verblijf op straat en een stijging van overlast in de stad. Uitstroom uit maatschappelijke opvang naar een zelfstandige woonplek wordt bemoeilijkt door het tekort aan woningen en de groep moet concurreren met andere (aandachts)groepen voor betaalbare woningen. Tevens leidt de economische en maatschappelijke ontwikkeling ertoe dat meer personen en gezinnen in de problemen raken en in de maatschappelijke opvang terecht komen. Daarnaast zien we een autonome groei van het aantal dakloze EU(arbeidsmigranten) en dakloze ongedocumenteerde mensen in de stad. Voor deze groepen zetten we in op terugleiding naar werk of een hernieuwde asielaanvraag of terug naar thuisland. Maar in het traject daarnaartoe doen ze wel een beroep op een opvangplek in onze stad. Landelijk beleid en inzet op oplossingen voor deze groepen is niet toereikend en onzeker vanaf 2025.
Deze ontwikkelingen zorgen ervoor dat we het risico lopen dat we onze wettelijke taken op grond van de Wmo niet meer kunnen uitvoeren en de humanitair medische ondergrens (EVRM) niet meer kunnen borgen. Dit maakt het noodzakelijk ons beleid aan te scherpen en het dakloosheidsprobleem vanuit een breder perspectief te benaderen. In deze beleidsnota kiezen we ervoor het dakloosheidsprobleem toekomstgericht en daardoor breder te benaderen. Vanuit de Wmo hebben we de wettelijke taak om ‘ingezetenen van Nederland’ onderdak en begeleiding te bieden aan mensen die hun thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk te handhaven in de samenleving. Het beleid beoogt deze taak te blijven uitvoeren binnen de complexe setting zoals die is beschreven in de nota. Daarnaast bieden we opvang bij grote kwetsbaarheid op basis van humanitaire gronden en het EVRM. Door de toename van het beroep van de opvang, kunnen we mensen binnen de huidige financiële en inhoudelijke kaders geen opvang mee bieden. De combinatie van toename van dakloosheid en bezuinigingen vraagt om inzet om een aanscherping van het beleid en meer efficiënte inrichting van de opvang.
Ook met deze nieuwe inhoudelijke kaders zal in ieder geval in 2024 en 2025 een knelpunt ontstaan (dit is onderdeel van de nog vast te stellen Voorjaarsnota 2024). Parallel werken we het regionale beleid en de regionale afspraken rondom dakloosheid en maatschappelijke opvang uit in het regionaal plan dakloosheid U16. De beleidsnota Utrecht Onderdak is nu nodig om op korte termijn invulling te kunnen geven aan oplossingen voor de druk op de opvang, door autonome groei van het beroep op de opvang, (toenemende) kwetsbaarheid van mensen en schaarste in middelen, plekken en personeel. De nota geeft ruimte om oplossingen verder te brengen samen met de partners in de stad, zoals in het inrichten van de toegang en inzet op door- en uitstroom. Daarbij is de beleidsnota nodig om te effectueren voor volgende winter, gezien de risico’s bij niet structureel inrichten van Koudweerregeling. Ook is dit tijdspad vereist om continuïteit te kunnen bieden in de inloopvoorziening en basiszorg.
Juridische context De gemeente Utrecht is centrumgemeente voor de maatschappelijke opvang en op grond van de artikelen 1.2.1, aanhef en onderdeel c, en 2.3.5, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Wmo verantwoordelijk om opvang te bieden aan dakloze ingezetenen die niet in staat zijn zich op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk te handhaven in de samenleving. Utrecht voert deze taak uit voor de U16 regio.
Op basis van landelijke afspraken1 en het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) organiseert Utrecht opvang voor kwetsbare EU-(arbeids)migranten en ongedocumenteerde mensen. De raad is op basis van de artikelen 108 en 147, tweede lid, van de Gemeentewet bevoegd om kaders vast te stellen ten aanzien van nieuw beleid. Deze beleidsnota is richtinggevend voor bestaande en toekomstige inkoop en subsidies ten aanzien van opvang en ondersteuning van dakloze mensen. De opvangplaatsen zijn via een aanbesteding ingekocht als onderdeel van een bredere inkoop beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Looptijd overeenkomst is van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2022 met mogelijke verlengingen van drie maal twee jaar. De tweede verlenging wordt nu voorbereid. De gecombineerde inloopvoorziening is als nieuwe voorziening gesubsidieerd op basis van een subsidieregeling van zes jaar die dit jaar afloopt. We bereiden een aanbesteding voor, voor 2026 en overbruggen 2025. De begeleiding van dakloze mensen (basiszorg) door stadsteam Back-up is eveneens gesubsidieerd, tot en met 2025. Beslistermijn Uiterlijke beslisdatum is 31 juli 2024 in verband met het verlengen of opnieuw contracteren van de basiszorg daklozen, de gecombineerde inloopvoorziening en de koudweerregeling.
Als deze termijn niet wordt gehaald betekent dit een risico voor de continuïteit van de inloopvoorziening, de basiszorg van daklozen en de Koudweerregeling. De beslissing is randvoorwaardelijk voor de doorontwikkeling van deze voorzieningen. Beoogd effect Dakloosheid wordt zoveel mogelijk voorkomen en als mensen dakloos en in nood zijn, biedt de gemeente? hen onderdak en perspectief: herstel en zelfredzaamheid, een duurzame woonplek vinden, terugleiding naar werk of een hernieuwde asielaanvraag of repatriëren. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad - Raadsbesluit Beleidsnota Wmo ‘Samen leven, samen zorgen’ (maart 2024) - Raadsbrief Stand van zaken Koud Weer Regeling (14 februari 2024) - Raadsbrief Voortgang regioplan U16 Beschermd Wonen (29 november 2023) - Raadsbrief Koudweerregeling en winteropvang 2023-2024 (2 oktober 2023) - Raadsbrief Aanpak kwetsbare dakloze EU-arbeidsmigranten (4 juli 2023) - Raadsbrief Ontwikkelingen opvang Oekraïense vluchtelingen en asielzoekers (29 juni 2023) De toezeggingen zijn opgenomen in de bijlage.
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
De beleidsnota Utrecht Onderdak vast te stellen met als belangrijkste ambities: a. Voorkomen van dakloosheid en wanneer mensen toch te maken krijgen met dakloosheid, inzetten op perspectief om te voldoen aan de wettelijke taken waarbij de gemeente een humanitaire ondergrens borgt; b. Kiezen voor een doelgroepoverstijgende, integrale aanpak van de opvangopgave in de stad daar waar dit effectief is om te voldoen aan de stijgende opvangbehoefte en autonome groei. c. Uitgaan van passende kwaliteit en het organiseren van noodzakelijke plekken met een inzet op versobering en flexibiliteit binnen de opvang, waardoor meer mensen binnen de opvang tijdelijk een plek kunnen krijgen.
Argumenten 1.1
Een doelgroepoverstijgende aanpak van dakloosheid is noodzakelijk om het hoofd te bieden aan de krapte in de stad.
1 De Landelijke Vreemdelingenvoorzieningen (LVV) & Arbeidsmigratie in goede banen
De gemeente is verantwoordelijk voor de opvang van diverse doelgroepen. Naast de opvang voor dakloze rechthebbenden, EU-arbeidsmigranten en ongedocumenteerde mensen, vangen we ook asielzoekers op en vluchtelingen uit Oekraïne. Er is echter schaarste in de stad: zowel aan opvanglocaties als aan personeel. Om de meest kwetsbare mensen te kunnen blijven opvangen is meer doelgroepoverstijgende aanpak van dakloosheid nodig. Met deze beleidsnota creëren we ruimte om de meest kwetsbare mensen onderdak te bieden. We sturen op de meest efficiënte en effectieve oplossingen. 1.2
De oplossing van het dakloosheidsprobleem ligt bij preventie, bestaanszekerheid en wonen – en het voorkomen van dakloosheid Daarom zetten we in op de grondoorzaken voor dakloosheid bij reguliere dakloze mensen zoals voldoende betaalbare woonplekken, voorkomen problematische schulden, oplossen inkomensproblematiek en organiseren van passende zorg en ondersteuning. Dakloosheid zorgt voor verergering van problematiek en brengt risico’s met zich mee, bijvoorbeeld alcohol- en drugsgebruik, verergering ziektebeeld (lichamelijk/psychisch), verlies van sociaal netwerk, criminele activiteiten etc. Voor de persoon zelf is dit onwenselijk, maar ook voor de samenleving vanwege overlast, onveilige situaties en hoge maatschappelijke kosten.
1.3
Deze verbetermaatregelen in de maatschappelijke opvang-?keten gericht op passende kwaliteit en flexibiliteit zijn nodig om ruimte te creëren. Opvang is een kortdurend vangnet voor mensen in nood en geen verblijfsplek. Op dit moment verblijven mensen soms langer in de opvang dan wenselijk is of passend is. Er wordt ingezet op verschillende verbetermaatregelen zoals heldere toegangsprocessen voor de diverse doelgroepen, meer gerichte trajectbegeleiding, inzet op activatie/toeleiding naar werk en meerpersoonkamers waar passend. Daarbij zetten we in op betere sturing en monitoring.
1.4
Deze aanscherping van beleid is noodzakelijk om continuïteit te bieden in de inloopvoorziening, basiszorg voor daklozen en koudweerregeling Voor het herinrichten en de aanbesteding van de inloopvoorziening, verlengen of opnieuw contracteren van de basiszorg voor daklozen, en de koudweerregeling zijn richting en kaders nodig vanuit deze beleidsnota, waardoor dit tijdspad is vereist om continuïteit te kunnen bieden in de inloopvoorziening, basiszorg en KWR.
1.5
Met de aanpak zetten we op opvang voor mensen uit de regio Utrecht en werken we samen met de G4 en andere gemeenten voor mensen van buiten de regio Door centrale ligging van Utrecht, onze voorzieningen en het goede opvangstelsel, in combinatie met het zijn van een mensenrechtenstad en de Utrechtse reputatie, komen mensen van elders uit het land, Europees en internationaal naar Utrecht. De kwaliteit van ons lokale opvangstelsel kan de druk op ons opvangstelsel nog verder verhogen. Daarom hanteren we duidelijke toegangscriteria, stellen grenzen en sturen hierop. Hiernaast werken we intensief samen met de G4 en andere gemeenten. Parallel zetten we binnen de lobby in op nationale afspraken (ook richting Europa en internationaal).
1.6
We organiseren hiermee meer flexibiliteit in de MO-keten. In het MO-stelsel creëren we daar waar dat kan flexibele ruimte voor de meest kwetsbare mensen die niet onder de Wmo vallen, maar wel opvang nodig hebben op basis van humanitaire en medische gronden.
Kanttekeningen/Risico’s 1.1
Door de druk op de opvang staat het uitvoeren van onze wettelijke taken en taken op het gebied van EVRM onder druk. Met de aanpak uit deze nota gaan we steviger sturen op de opvangketen. We kijken waar we in de keten kosten kunnen besparen op zo'n manier dat we wel onze doelen op het gebied van herstelgerichte opvang kunnen blijven realiseren en aan onze wettelijke taken kunnen blijven voldoen. Voor het tekort dat ondanks die inzet ontstaat
leggen we een beslispunt aan u voor in de Voorjaarsnota 2024. Daarbij is gerekend met de minimale kwaliteitsvariant van de te realiseren opvangplekken. 1.2
Ook met de inzet op preventie, effectieve en efficiënte opvang, doelgroepoverstijgende oplossingen en middelen voor de gestelde doelen, zullen we nog steeds druk op de opvang ervaren Het brede zorgstelsel staat onder druk en voor mensen met complexe zorgvragen is er een tekort aan passende verblijfsplekken en zorg. De druk op de woningvoorraad blijft onverminderd hoog, wat uitstroom uit de maatschappelijke opvang erg bemoeilijkt. We zetten daarom een stevig monitoringsinstrument op: om dagdagelijks de juiste informatie te hebben over beschikbare plekken, om strakker te kunnen sturen op een efficiënte en effectieve opvang én om nog meer inzicht te krijgen in de relatie met de woonopgave.
1.3
De verschillende doelgroepen kennen hun eigen wettelijke kaders, dynamiek en hebben een verschillend perspectief. De drie doelgroepen uit deze nota kennen ieder hun eigen wettelijke kaders en afspraken. Rechthebbende dakloze mensen vallen onder de Wet maatschappelijke ondersteuning. Het perspectief is herstel en uitstromen naar een woning of verblijf. Voor EU-arbeidsmigranten is het perspectief terug naar werk of thuisland. En voor ongedocumenteerde mensen is het perspectief een verblijfsvergunning of terug naar thuisland. De groepen hebben andere rechten en plichten, maar ze doen een beroep op dezelfde schaarse ruimte. Bovendien is voor alle groepen een integrale aanpak met focus op preventie en scherpe sturing van belang. De eerste twee treden van de aanpak hebben een focus op de eigen wettelijke kaders van de betreffende doelgroepen. Trede drie en vier betreffen het meer domeinoverstijgende deel van de aanpak, waarbij we doelgroepoverstijgend kijken wat nodig is.
1.4
Partners staan voor een veelheid van maatregelen rondom het nieuwe opvangbeleid, de bezuinigingen en de hervormingen en de ambtelijke capaciteit staat onder druk. De opvangpartners, NGO’s en cliëntorganisaties zijn betrokken in het formuleren van de beleidslijnen. Gezamenlijk invulling geven aan de beleidslijnen vraagt inzet vanuit de partners, NGO’s en cliëntorganisaties. Hiervoor vormen we verschillende gezamenlijke werkgroepen om de ontwikkelstappen goed te verdelen op basis van expertises. Verder invulling geven aan de beleidslijnen onder elke treden vraagt extra inzet van collega’s in aanvulling op het reguliere werk. Er is ingezet op slimme overlegvormen die doelmatig en actiegericht worden ingevuld,.
1.5
De financiële kaders voor de Landelijke Vreemdelingenvoorzieningen (LVV) en de aanpak EU-arbeidsmigranten zijn zeer onzeker. Op dit moment is voor zowel de LVV als voor de aanpak EU-arbeidsmigranten slechts voor het lopende jaar rijksfinanciering beschikbaar. Het is nog niet zeker of en hoe een nieuw kabinet beide voorzieningen continueert. De huidige financiering is incidenteel en beperkt en het is uiterst onzeker of deze wordt voortgezet laat staan of dit structureel gefinancierd wordt. Als er geen rijksfinanciering komt, kunnen we voor deze groepen de voorgestelde aanpak niet realiseren. Dat zal bovendien ook gevolgen hebben voor de opvangketen voor rechthebbende daklozen in verband met de waarschijnlijke toename van het aantal dakloze mensen op straat.
Financiën De middelen voor de uitvoering van het beleid zijn opgenomen onder de programma’s Passende ondersteuning en opvang, doelstelling 24-uurs begeleiding en Levendige en gezonde stad, doelstelling Nieuwkomers. De financiering van taken onder deze doelstellingen vindt op verschillende manieren plaats. ▪ Structurele budgetten vanuit de Decentralisatie uitkering Maatschappelijke opvang en de algemene middelen. Dit betreft in totaal € 21,2 miljoen. ▪ Voor de aanpak van dakloosheid zijn door het Rijk in 2020 tot en met 2023 middelen beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn gespreid ingezet tot en met 2027 voor Living lab Eerst een thuis en de
▪
▪
▪
regionale aanpak dakloosheid. Vanaf 2024 verwachten we de middelen voor de aanpak dakloosheid structureel te ontvangen. In de meicirculaire 2024 wordt bekend hoe de middelen verdeeld en gefinancierd worden richting gemeenten. Op basis van het incidentele budget dat voor 2023 is ontvangen is, verwachten we structureel € 3,6 miljoen te ontvangen. Voor de uitvoering van de LVV is voor 2024 door het Rijk financiering toegezegd via een Specifieke uitkering, de hoogte wordt naar verwachting bekendgemaakt bij de meicirculaire 2024. We gaan voor 2024 uit van een bedrag van € 3,41 miljoen. Of en hoeveel structurele middelen beschikbaar komen is op dit moment niet bekend. Voor de EU-(arbeids)migranten zijn voor 2024 middelen toegezegd door het Rijk. Het definitieve bedrag wordt bekendgemaakt bij de meicirculaire 2024. We gaan voor 2024 uit van een bedrag van € 0,95 miljoen. Of en hoeveel structurele middelen er beschikbaar komen is op dit moment niet bekend. Ondanks onze inzet zien we een stijgende vraag naar opvang als gevolg van een gebrek aan woningen om naar door te stromen, autonome groei van de doelgroepen en een stijgend gebruik van de Koudweerregeling.
Hierdoor zijn we binnen de financiële kaders niet in staat om aan onze wettelijke verplichting voor de maatschappelijke opvang te voldoen en de humanitaire ondergrens te borgen (vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). Om hier wel aan te kunnen voldoen verwachten we € 2,085 miljoen aan extra kosten. Dekking hiervoor is onder voorbehoud van besluitvorming in de Voorjaarsnota 2024. Wanneer besluitvorming anders plaatsvindt betekent dit dat we geen extra plekken kunnen bieden en er meer mensen op straat zijn.
Vervolg Binnen de aanpak van een Actieagenda Utrecht Onderdak ontwikkelen we met partnerorganisaties, uitvoerend professionals en cliëntorganisaties/belangenbehartigers oplossingsrichtingen. In verschillende werkgroepen hebben we gewerkt aan de beleidslijnen onder de treden van de beleidsnota en werken we oplossingsrichtingen verder uit. Na vaststelling van de beleidsnota zal deze richtinggevend zijn aan de verdere gezamenlijke aanpak.
Participatie Gemeente Utrecht is in het voorjaar van 2023 de verkenning Druk op de opvang gestart. Onder begeleiding van adviesbureau Andersson Elffers Felix (AEF) is samen met partners, professionals en cliëntorganisaties gewerkt aan draaiknoppen binnen de huidige opvangkaders. De voorliggende beleidsnota is het resultaat van dit proces waarbij intern diverse afdelingen en extern onze samenwerkingspartners, uitvoerend professionals en cliëntorganisaties op verschillende momenten mee hebben gedacht en input hebben geleverd. De reactie van de cliëntvertegenwoordigers en belangenbehartigers op de beleidsnota is toegevoegd aan dit raadsvoorstel. Zij zijn zowel bij het proces betrokken geweest en zijn in de gelegenheid gesteld te reageren op de laatste versie van de beleidsnota.
Communicatie De uitvoerende organisaties en cliëntorganisaties hebben meegedacht in de ontwikkeling van de beleidsnota. We zullen de nota straks met de stakeholders delen en betrekken partners en cliëntorganisaties bij de uitwerking en ontwikkelstappen in het verlengde van de voorgestelde beleidslijnen uit de nota. Richting media wordt een persbericht voorbereid die zich zal richten op de Utrechtse keuzen en innovatieve oplossingsrichtingen, maar ook in zal gaan op de dilemma’s die we als stad ervaren in de opvang, ook in relatie tot de ontwikkelingen.
(Niet)Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is van toepassing.
Bijlagen Bijlagen besluitvorming Beleidsnota Utrecht Onderdak Bijlagedocument Utrecht Onderdak Bijlagen informatief
-
Reactie belangenbehartiging op Beleidsnota Utrecht Onderdak
Beleidsnota Utrecht onderdak
Datum vaststelling college 2024-2030 Afdeling Maatschappelijke ontwikkeling Meedoen naar vermogen en Utrecht voor Iedereen
Inhoudsopgave A.
Inleiding .......................................................................................................................................4 1.
Introductie ....................................................................................................................................4
2.
Doelstellingen ..............................................................................................................................7
B.
Omschrijving opgave (beleid) ......................................................................................................9
C.
Monitoren, sturen en verantwoorden .........................................................................................18 1.
Indicatoren .................................................................................................................................18
2.
Risico’s ......................................................................................................................................19
3.
Financiën ...................................................................................................................................21
4.
Voortgang en verantwoording ...................................................................................................23
5.
Utrechts Sturingsmodel .............................................................................................................24
Voorwoord Beste lezer, De afgelopen jaren is dakloosheid in Utrecht een steeds groter en complexer probleem geworden. Op straat zien we een groeiende en meer diverse groep mensen in een kwetsbare positie. Neem de arbeidsmigrant van binnen de EU die door verlies van werk en woning op straat belandt en naar Utrecht komt. Of de overvolle opvang omdat mensen door bijvoorbeeld een scheiding en/of verlies van een baan hun huis kwijtraken. Maar denk ook aan mensen zonder perspectief op een rechtmatig verblijf in Nederland, die vervolgens door Europa reizen en af en toe ook in Utrecht belanden. In een tijd waarin de gemeente, maar ook onze partners, te maken hebben met schaarste in personeel, ruimte en middelen, wordt het voorkomen en verhelpen van dakloosheid een steeds grotere uitdaging. Zoals het eerste principe van het Nationaal Actieplan Dakloosheid stelt: dakloosheid voorkomen is altijd beter dan opvang of herhuisvesting. Vaak is dakloosheid een gevolg van een ongelukkige samenloop van omstandigheden. In veel gevallen kan dakloosheid worden voorkomen met de juiste inzet. Denk hierbij aan een specifieke schuldenaanpak of het voorkomen van verlies van een woning. Wanneer iemand toch op straat belandt, is het belangrijk zo snel mogelijk een nieuwe woonplek te vinden.
Diverse onderzoeken leren ons dat het direct aanbieden van een permanente, zelfstandige woonplek samen met passende, stabiele begeleiding het meeste perspectief biedt op een duurzame weg uit dakloosheid. Dit zien we in Utrecht ook in de pilot Living Lab, Eerst een (t)huis. Vanuit een eigen woning kan met de juiste ondersteuning gewerkt worden aan herstel en een zelfstandig bestaan. Het tekort aan sociale woonruimte en de schaarse ruimte en middelen voor de juiste begeleiding veroorzaken echter een rem op de uitstroom vanuit de opvang. Een zeer ongewenste situatie. Als mensenrechtenstad willen we kunnen blijven voldoen aan onze wettelijke en humanitaire opdracht. Namelijk dat we niet willen dat mensen op straat slapen, maar hulp en ondersteuning bij herstel krijgen. Echter, om dit te kunnen waarborgen zullen we ons moeten realiseren dat er grenzen zijn aan wat we als stad aankunnen. Deze opdracht vervullen we als gemeente zeker niet alleen, maar samen met de organisaties en mensen in de stad. De rol van partners, professionals en cliëntorganisaties is onontbeerlijk geweest bij het opstellen van deze beleidsnota. Voor de toekomst is het cruciaal ook nieuwe partners te betrekken, zoals bedrijven en informele gemeenschappen. Naast een concrete werkwijze in een actieagenda resulteert deze samenwerking in meer inzicht in de Utrechtse daklozenproblematiek.
Dit inzicht is cruciaal bij het duiden van het aantal mensen dat dakloos raakt, waar zij vandaan komen en wat hun verhaal is. Deze inzichten leren ons ook dat we scherper zullen bepalen wanneer we opvang kunnen bieden of wanneer we, in nauwe samenwerking, een beroep doen op andere gemeenten of zelfs landen binnen en buiten Europa als mensen daar vandaan komen. Tenslotte blijf ik met klem een beroep doen op het Rijk. Zoals eerder met mijn collega's vanuit de G4 steden aangegeven, is er naast een aangescherpte landelijke aanpak, meer en structurele financiering nodig, voor het realiseren van woonplekken, maar zeker ook als het gaat om preventie van dakloosheid. Voorkomen blijft immers beter dan genezen. Wanneer dat niet mogelijk is, zullen we in ieder geval tot het uiterste gaan om de humanitaire ondergrens te bewaken en mensen in Utrecht een veilig onderkomen te bieden. Rachel Streefland
A. Inleiding 1. Introductie Dak- en thuisloosheid is een groeiend probleem en het aantal dak- en thuisloze mensen in Utrecht neemt toe. Er wordt een groter beroep gedaan op opvang door verschillende doelgroepen en mensen hebben te maken met meer complexe vragen. We zien meer mensen in de opvang en inloopvoorziening en een toename in het gebruik van de Koudweerregeling. Ook zien we een verdere verslechtering in de situatie van mensen door verblijf op straat en een stijging van overlast in de stad. Uitstroom uit maatschappelijke opvang naar zelfstandig wonen wordt bemoeilijkt door het tekort aan woningen. Daarbij leidt het woningtekort ertoe dat meer personen en gezinnen in de problemen komen en in de maatschappelijke opvang terecht kunnen komen. Ter illustratie: in vergelijking met 2022 is er een stijging van 74 procent van het aantal urgentie-aanvragen voor sociale huurwoningen. De meeste aanvragen zijn op basis van dreigende dakloosheid, met een stijgingspercentage van 260 procent. Ook zien we een autonome groei van dakloze EU-(arbeids)migranten en dakloze ongedocumenteerde mensen. Landelijk beleid voor deze groepen is er niet of niet toereikend en onzeker vanaf 2025.
Utrecht staat de komende jaren voor grote uitdagingen: de groei van de stad, de schaarse ruimte, de stevige bezuinigingsopgave en taakstelling in het sociaal domein, het tekort aan huisvesting en een grote opvangopgave voor asielzoekers en vluchtelingen uit Oekraïne. Dit alles legt druk op het dakloosheidsprobleem en onze opvangvoorzieningen. De uitdaging is hoe we dakloosheid voorkomen en tegelijkertijd de opvang beheersbaar houden, terwijl we voor mensen in nood het beste blijven doen. Utrecht heeft het principe ‘geen mens slaapt op straat’ hoog in het vaandel staan. Een dak boven het hoofd is immers een van de belangrijkste levensbehoeften van een mens en het niet hebben van onderdak leidt tot een snelle verslechtering van de situatie. Als mensenrechtenstad streeft Utrecht ernaar om binnen onze invloedsfeer en binnen de wettelijke kaders onderdak te bieden aan mensen die dat nodig hebben en hen te helpen bij het opbouwen van een menswaardig bestaan met regie over het eigen leven. Samen met inwoners, wijken en buurten, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties, want: we hebben iedereen nodig om deze opgave het hoofd te bieden. De veranderende context vraagt om nieuwe kaders.
Ondanks stevige sturing, kunnen we binnen de bestaande inhoudelijke en financiële kaders onze wettelijke taken voor de maatschappelijke opvang niet meer uitvoeren en de humanitaire ondergrens niet meer borgen (vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM)). Het maakt meer doelgroepoverstijgend en samenhangend beleid noodzakelijk. Dit vraagt scherpe keuzes in toegang, kwaliteit en financiën. In deze beleidsnota geven we daar uitwerking aan. Met deze nota gaan we van gefragmenteerd beleid naar een brede benadering van de doelgroepen. Vanuit stedelijk perspectief kijken we naar alle mensen die dak- en thuisloos zijn, om er zo voor te zorgen dat we de meest kwetsbare mensen kunnen blijven helpen, met duidelijke paden op basis van de verschillende perspectieven per doelgroep. We onderscheiden hierbij drie doelgroepen met een verschillend perspectief: - Reguliere dakloze mensen: Dit zijn inwoners van de U16 gemeenten die op grond van de Wmo in aanmerking komen voor maatschappelijke opvang als zij dakloos zijn. Het perspectief is herstel, participatie en wonen. - Dakloze EU-(arbeids)migranten: Dit zijn dakloze EU-burgers die in de meeste gevallen dakloos raken na het verlies van hun baan, omdat ze dan ook hun woonruimte verliezen. Een deel van deze groep heeft onder vigerend recht ook recht op Wmo-voorzieningen.
Een nieuw instrument
-
van het ministerie van VWS maakt dit inzichtelijk. De implicaties hiervan zullen de druk op de Wmo en MO (Maatschappelijke Opvang) nog verder vergroten. Het perspectief voor deze groep is zicht op werk en onderdak of terugkeer naar land van herkomst. Dakloze ongedocumenteerde mensen (wel- en niet LVV-gerechtigd): De groep dakloze ongedocumenteerde mensen heeft vaak geen recht op opvang door het Rijk in asielzoekerscentra en maar heel beperkt recht op sociale voorzieningen. Zij hebben bijvoorbeeld geen recht op een bijstandsuitkering, maar wel toegang tot algemene begeleiding van bijvoorbeeld het buurtteam. Daarnaast kunnen kinderen wel naar school en is er recht op medisch noodzakelijke zorg. Sinds 2019 is er een pilot Landelijke Vreemdelingenvoorziening (LVV) in 5 steden met ook Utrecht, waarin deze groep onderdak en (juridische) begeleiding krijgt en waarbij wordt ingezet op activering. Het perspectief is legaliseren van verblijf, terugkeer naar land van herkomst of doormigratie naar een derde land. Daarnaast is er een groep ongedocumenteerde mensen die geen aanspraak kunnen maken op de LVV, waarvoor wel urgente veiligheids-, medische en/of humanitaire vragen spelen. Daarbinnen zien we een specifieke groep Overlastgevende Criminele Vreemdelingen waar we een beleid van perspectief voeren en inzetten op handhaving.
We bieden begeleiding om in de meeste gevallen (vrijwillige) terugkeer te realiseren. Samenhang beleidsnota met programmadoelen, vastgesteld beleid en andere beleidsdomeinen In deze beleidsnota wordt het stedelijke beleid en de aanpak dakloosheid en opvang omschreven vanuit een domein- en doelgroepoverstijgende benadering. Hiermee geven we als regio invulling aan het Landelijk actieplan dakloosheid Eerst een (t)huis. Vanuit de specifieke positie van Utrecht als centrumgemeente, geven we in deze nota ook een Utrechtse uitwerking aan de regionale aanpak. Deze beleidsnota raakt direct aan het Regioplan Beschermd Wonen. Het regionale beleid en de regionale afspraken rondom dakloosheid en maatschappelijke opvang worden uitgewerkt in het regionaal plan dakloosheid U16. - De Beleidsnota Utrecht onderdak is het Utrechts beleid ten aanzien van de brede opvangopgave en ten aanzien van MO als centrumgemeente. Dit dient dan ook als input voor het regionale plan van aanpak. We zetten in op dezelfde beweging naar zoveel mogelijk wonen en preventie op lokaal niveau. - Van belang is het mede-eigenaarschap van regiogemeenten, zodat in de gehele U16 regio stevig wordt ingezet op preventie en inzet lokale voorliggende voorzieningen. De regiogemeenten spelen een belangrijke rol in het beperken van de instroom in MO en bevorderen van de uitstroom naar wonen in de regio.
Deze nota geeft voor de stad Utrecht ook invulling aan landelijke beleid rondom EU(arbeids)migranten en ongedocumenteerde mensen: - Voor (EU)arbeidsmigranten werken we mee aan de landelijke aanpak. - Voor ongedocumenteerde mensen is er de Landelijke Vreemdelingen Voorziening. Deze beleidsnota bouwt voort op het koersdocument MO/BW 2017, de Visie op de toekomst van de daklozenopvang (2017), de Landelijke pilot Landelijke Vreemdelingenvoorziening (hierna: LVV), de Utrechtse werkwijze, de Kaders nieuwe grootschalige opvanglocaties asielopvang Utrecht (Plan Einstein) en het Plan van aanpak dakloze EU-arbeidsmigranten. Deze beleidsnota draagt bij aan de programmadoelen van de programma’s ‘Ondersteuning en opvang’ en ‘Levendige en gezonde stad’: - Utrechters krijgen passende en voldoende zorg. - Met de regio bieden we inwoners die onvoldoende zelfredzaam en/of dakloos zijn, 24-uurs begeleiding in de nabije omgeving van de inwoner. - Nieuwkomers weten zich welkom en thuis in Utrecht en kunnen zich maximaal ontwikkelen en ontplooien voor hun toekomst in Utrecht of ergens anders.
Dakloosheid is een complex maatschappelijk probleem en vraagt om een brede aanpak en inzet van Rijksoverheid, gemeenten, werkgevers, woningbouwsector, zorgorganisaties, maatschappelijke organisaties, zelforganisaties en bewoners, gericht op onder andere de domeinen wonen, gezondheidszorg, financiële bestaanszekerheid, sociale voorzieningenstelsel en veiligheid. Hierbij gaat het zowel om het voorkomen van (herhaalde) dakloosheid (preventie), als om oplossingen wanneer dakloosheid zich voordoet. Daarom hangt deze nota samen met en is deze afhankelijk van beleid en uitvoering op andere domeinen: - De beleidsnota Wmo ‘Samen leven, samen zorgen’ - De nieuwe beleidsnota Bestaanszekerheid - De nieuwe beleidsnota Gezond030 - Het uitvoeringsprogramma Ongelijk investeren voor gelijke kansen - De beleidsnota Grenzen stellen en perspectief bieden. Het oplossen van dakloosheid vraagt allereerst een inzet op wonen, woningen en woonoplossingen. Daarnaast vraagt dit een brede inzet op bestaanszekerheid en de sociale basis, een passend zorglandschap en een samenhangende aanpak voor personen met verward gedrag.
Dit zijn onderdelen van onze nieuwe beleidsaanpak, maar de ambities, kaders en concrete acties die hierbij horen worden uitgewerkt in de Sociale Visie Utrecht 2040 (SVU2040), het koersdocument Leefbare Stad en Maatschappelijke Voorzieningen, de beleidsnota Wonen en andere gemeentelijke programma’s: - Onder Thuis voor Iedereen wordt ingezet op voldoende woningen, specifiek voor groepen in een kwetsbare en bijzondere positie, waaronder de uitstroom uit de maatschappelijke opvang. Maatregelen in deze nota zijn afhankelijk van aantal beschikbare woonplekken. Meer woningen ontlast de brede opvangketen. - Onder het Actieprogramma ‘Samen Eropaf’ richten we ons op mensen met een samenloop van complexe problemen en een potentieel risico. Passende zorg en ondersteuning (en de outreachende aanpak) voor deze doelgroep zijn belangrijke onderdelen van dit programma. Voor de opvang werken we ook samen met het Programma Opvang Utrecht, voorheen Oekraïne, waarbij we kijken naar samenhang, een structurele werkwijze en het realisatieteam voor de verkenning en stedelijke afwegingen rondom locaties. Deze nota benadrukt het belang van de inzet op deze domeinen om dakloosheid tegen te gaan.
Totstandkoming van deze nota Deze nota is tot stand gekomen op basis van de gesprekken met onze partners en belangenbehartigers, leerpunten van de afgelopen jaren en de inzichten die we hebben opgedaan uit de literatuur en onderzoeken1. Gemeente Utrecht is in het voorjaar van 2023 de verkenning Druk op de opvang gestart. Onder begeleiding van adviesbureau Andersson Elffers Felix (AEF) is samen met partners, professionals en cliëntorganisaties gewerkt aan draaiknoppen binnen de huidige opvangkaders. De voorliggende beleidsnota is het resultaat van dit proces waarbij intern diverse afdelingen en extern onze samenwerkingspartners, uitvoerend professionals en cliëntorganisaties op verschillende momenten mee hebben meegedacht. In werkgroepen zijn we aan de slag gegaan met oplossingsrichtingen die focussen op het verlichten van druk op de opvang. Relatie Voorjaarsnota 2024 In de Voorjaarsnota 2024 zal de raad op basis van een integrale afweging een besluit nemen over de extra middelen die nodig zijn voor het verlichten van de druk op de opvang: het gaat hierbij om een knelpunt dat zich voordoet om aan onze wettelijke opvangtaken uitvoering te geven en de humanitaire ondergrens te borgen. Wanneer besluitvorming anders plaatsvindt, betekent dit dat we geen extra plekken kunnen bieden en er meer mensen op straat zijn.
Hierbij is randvoorwaardelijk dat het Rijk de middelen voor LVV en EU-(arbeids)migranten continueert na 2024. 1 Zie bijlage 3 voor een overzicht van belangrijke literatuur.
2. Doelstellingen Als mensenrechtenstad spannen we ons in om binnen onze invloedsfeer en binnen de verschillende wettelijke kaders samen met inwoners, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties, mensen in nood onderdak te bieden en hen weer perspectief te bieden. We willen dakloosheid zoveel mogelijk voorkomen en zetten ons in voor de beweging naar wonen. Voor dakloze mensen is het doel om mensen in nood opvang en in korte tijd perspectief te bieden: herstel en zelfredzaamheid, een duurzame woonplek, terugleiding naar werk of een hernieuwde asielaanvraag of repatriëring. In onze doelgroepoverstijgende aanpak richten we ons op duurzame oplossingen om dakloosheid te voorkomen en organiseren we opvang als vangnetvoorziening. Dit doen we op basis van wettelijke taken en een humanitaire ondergrens. Deze humanitaire ondergrens is echter in praktijk lastig te bepalen. We gaan uit van integraal beleid, maar de opzet voor opvang en ondersteuning verschilt, vanwege het verschil in wettelijke kaders en landelijke afspraken en het verschil van perspectief per doelgroep. De bijbehorende doelstelling vanuit de begroting is: Samen met de regio bieden we inwoners die onvoldoende zelfredzaam zijn en/of dakloos zijn, 24-uurs begeleiding in de nabije omgeving van de inwoner. De voortgang van deze doelstelling wordt gevolgd via de begrotingscyclus en de uitwerking daarvan in de beleidscyclus.
Onze aanvullende doelstellingen in de nieuwe aanpak zijn: - We zetten vanuit aanpalende domeinen in op voorliggende oplossingen voor reguliere dakloze mensen: oplossingen voor problematische schulden en inkomensondersteuning en passende zorg en ondersteuning en voldoende woningen (Eerst een (t)huis). - Door in te zetten op een brede aanpak van dakloosheid en een doelgroepoverstijgende benadering spannen we ons samen met de regio en onze maatschappelijke partners in om binnen de huidige financiële context en de schaarste aan ruimte, opvang voor de meest kwetsbare dakloze mensen in stand te houden. - Als dat niet lukt én zolang er onvoldoende uitstroommogelijkheden zijn naar wonen en de autonome toename van dakloosheid zich voordoet, organiseren we voldoende opvangcapaciteit om aan onze wettelijke taken in het kader van de Wmo te voldoen en een humanitair medische ondergrens te kunnen borgen. Onze specifieke doelstellingen ten aanzien van opvang zijn: - Met de autonome groei van mensen die dakloos zijn, vangen we meer mensen op met de middelen die we hebben. - Meer dakloze mensen stromen uit de maatschappelijke opvang met een baan, dagbesteding of activeringstraject. - We hebben meer doorstroom en uitstroom uit de opvang naar wonen, zorg, werk, terugkeer naar regio/land van herkomst. - In de opvang zien we minder mensen die herhaaldelijk een beroep doen op opvang.
- Mensen die gebruikmaken van opvang geven aan dat de opvang bijdraagt aan perspectief en herstel. We werken samen aan oplossingen om de druk op de opvang te verlichten, zodat we in de toekomst opvang kunnen blijven bieden aan de meest kwetsbare mensen, ook gezien de toename van het aantal mensen en de huidige financiële context en de schaarse ruimte en personeel. De uitwerking van deze doelstellingen is te vinden in deel B.
Uitgangspunten Op basis van de gesprekken met onze partners en belangenbehartigers, leerpunten van de afgelopen jaren en de inzichten die we hebben opgedaan uit de literatuur en onderzoeken komen we tot de volgende uitgangspunten voor de organisatie van ondersteuning en opvang bij dakloosheid in de huidige context van druk en schaarste: Generieke doelgroepoverstijgende uitgangspunten: 1. Utrecht is een mensenrechtenstad en spant zich samen met haar partners en betrokken maatschappelijke organisaties in voor dakloze mensen in nood die zelf niet voor een dak boven het hoofd kunnen zorgen en biedt ondersteuning en tijdelijke opvang met als doel perspectief bieden op een eigen woonruimte, zorg, werk of repatriëring. Onze aanpak is hierbij zo veel als mogelijk gericht op preventie. Naast onze wettelijke taken in het kader van de Wmo en onze afspraken met het Rijk, kijken we ook naar noodzaak op basis van humanitaire medische en veiligheidsgronden. 2. In lijn met hoe we als Utrecht werken, kijken we hierbij wat mensen zelf kunnen en welke oplossingen in het (hernieuwde) eigen netwerk uitkomst kunnen bieden. 3. We organiseren opvang voor de diverse doelgroepen zoveel mogelijk in lijn met landelijk en lokaal beleid. Dat doen we binnen de bestaande financiële kaders en in afstemming met de G4.
Dit betekent dat op basis van landelijk beleid en G4 afspraken over de opvang voor de verschillende doelgroepen anders kunnen zijn in vorm, duur en kwaliteit. 4. We stellen grenzen aan opvang van doelgroepen buiten de landelijke toegankelijkheid (voor de maatschappelijke opvang). Voor remigranten(gezinnen) betekent dit dat zij zelf verantwoordelijk zijn om bij terugkeer te zorgen voor een structurele woonplek en een toekomstplan. 5. In onze opvangketen bouwen we binnen de bestaande financiële kaders flexibiliteit in zodat er ruimte is om te doen wat nodig is voor de meest kwetsbare mensen in noodsituaties. 6. We zetten in de opvang gericht in op passende ondersteuning gericht op herstel, activering, werk of terugkeer en hebben aandacht voor verschillende leefgebieden, zodat mensen eerder perspectief krijgen, kunnen uitstromen en terugval in de opvang wordt voorkomen. 7. Opvangvoorzieningen zijn voor cliënten, medewerkers en buurtbewoners veilig. Uitvoerende organisaties besteden hier samen met de cliëntenraad, OR, politie en BOA’s blijvend aandacht aan. Grensoverschrijdend gedrag en overlast worden aangepakt en zo nodig gemeld bij de politie. 8. We zetten in op een sterke samenwerking tussen cliënten, ervaringsdeskundigen, uitvoerend professionals, lokale en rijkspartners, NGO’s, gemeente en regio. We leren van elkaar en ontdekken wat werkt.
We gaan uit van goed opdrachtgever- en opdrachtnemerschap. Aanvullende uitgangspunten voor reguliere dakloze mensen: 9. Dakloosheid is vaak een veroorzaker van zorgproblemen of zorgt ervoor dat die groter worden. Een veilige woonruimte is de basis voor een menswaardig leven gericht op herstel, regie over het eigen leven en participatie. Ondanks de krappe woningmarkt, is de inzet dat bij dakloosheid de opvangketen zo veel mogelijk wordt overgeslagen en dat er zo min mogelijk verhuisbewegingen zijn. 10. We zetten in op een sterke sociale basis en een sterk voorliggend veld, om dakloosheid zoveel mogelijk te voorkomen. Waar nodig zetten we in op passende ondersteuning en zorg zo nabij mogelijk. Concreet betekent dit dat mensen met een lichtere ondersteunings-en huisvestingsvraag lokaal worden geholpen door hun eigen gemeente en binnen de lokale context. Mensen met een zwaardere zorgvraag waar wonen niet voorop staat, worden sneller doorgeleid naar de juiste behandeling of verblijfsvoorziening. 11. Maatschappelijke opvang is bedoeld om tijdelijk onderdak en ondersteuning te bieden aan mensen in nood die niet zelf voor een oplossing kunnen zorgen vanwege een samenloop van problemen. Opvang is geen verblijfsvoorziening voor mensen voor wie geen passende plek is in het zorglandschap of crisisopvang voor mensen die uit instellingen worden gezet. 12.
De gemeente stuurt samen met betrokken partijen strakker op de toegang. Hierbij zijn de afspraken voor de landelijke toegankelijkheid voor de maatschappelijke opvang en lokale afspraken rondom flexibele plekken leidend.
B. Omschrijving opgave (beleid) Context Landelijke economische en sociaal maatschappelijke ontwikkelingen zoals individualisering, digitalisering, sociale ongelijkheid, kansenongelijkheid, druk op de zorg en beleidskeuzes als extramuralisering van de langdurige zorg, hebben invloed op de sociale uitsluiting van een groep mensen die niet vanzelfsprekend mee kunnen doen. Het tekort aan betaalbare woonplekken, belemmerende wet- en regelgeving onder andere op het gebied van inkomen en schulden en ontbrekende passende zorg voor mensen met complexe stoornissen, vergroten de kans op maatschappelijke uitval en dakloosheid van deze doelgroepen. Hiernaast zien we ook meer dakloze EU-(arbeids)migranten en ongedocumenteerde mensen op straat. Globalisering, een ongelijke welvaartsverdeling over de wereld en een overschot aan laaggeschoolde arbeid in de welvarendste landen, leiden tot groeiende (arbeids)migratie van lage lonen naar hoge lonen landen waaronder Nederland. Oorlogen, geopolitieke verhoudingen en de klimaatcrisis leiden tot meer mensen op de vlucht. Als gevolg van deze ontwikkelingen neemt het dakloosheidsprobleem in Utrecht toe. Dakloze mensen kampen vaak met een samenloop van verschillende problemen.
Psychische problemen, gedragsproblemen, psychiatrie en/of verslaving, problematische jeugd en trauma’s, uitgeput of verkeerd (crimineel)netwerk, relationele problemen, bestaansonzekerheid en schulden. Maar we zien ook een toename van de groep economisch dakloze mensen, waar een woonvraag voorop staat. Voor arbeidsmigranten leiden slechte arbeidsomstandigheden en verlies van woonruimte bij het verlies van baan tot dakloosheid. Het ontbreken van voldoende betaalbare woonruimte en de groeiende concurrentie tussen inwoners die aanspraak maken op die schaarse woonruimte, leiden tot meer dakloosheid en vergroten de druk in de opvang omdat er onvoldoende uitstroom mogelijk is. Daarbij leiden hoge woonlasten eerder tot mensen die niet langer in hun huis kunnen blijven wonen. Ook maakt het de bewezen effectieve aanpak van ‘housing first’, die instroom in de opvang voorkomt, bijna onmogelijk. De asielopvangcrisis en (blijvende) ondersteuning van mensen uit Oekraïne leggen nog meer druk op de al schaarse ruimte, voorzieningen en ondersteuningsmogelijkheden in de stad. De Spreidingswet treedt per 1 februari 2024 in werking.
Tot 1 februari ving Utrecht evenredig op, maar door een andere verdeling (SES-score) heeft Utrecht een aanvullende taakstelling voor opvangplekken Daarbij wordt komende periode het besluit genomen door het Rijk en de EU over hoe het vervolg eruitziet voor mensen uit Oekraïne. De kans bestaat dat zij niet terugkeren en meer rechten hebben op sociale voorzieningen. In de afbeelding geven we deze verschillende groepen en opvangvragen schematisch weer.
Vluchtelingenstatus Oekraïne opvang
Dakloosheid Maatschappelijke opvang (MO)
Asielopvang
Opvang EUarbeidsmigranten
Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV)
Opeenstapeling groeiende opvangvraag leidt tot schaarste en druk op verschillende domeinen
Maatschappelijk voorzieningenstelsel
Opvangplekken, woonplekken en tussenvormen: druk op zelfde schaarse ruimte
Uitstroomwoningen
Gemeentelijke middelen
Afbeelding: verschillende doelgroepen en opeenstapeling groeiende opvangvraag
Personeel/ Arbeidsmarkt
Inzet openbare orde en veiligheid
Meer mensen op straat en de (multi-)problematiek van deze groepen heeft ook gevolgen voor de veiligheid in de stad en kan leiden tot overlast. We zien dat de overlast op straat door dakloze mensen toeneemt. Ter illustratie: het aantal meldingen van overlast naar aanleiding van dak- en thuisloze mensen geregistreerd door de politie is gestegen van 993 meldingen in 2018 naar 2427 meldingen in 2023. Afwijzing op de locaties leidt vaker tot onbegrip en agressie bij de doelgroep. De veiligheid van medewerkers in het veld is steeds vaker in het geding, ondanks (tijdelijke) extra veiligheidsmaatregelen. Vanuit onze aanpak voor personen met verward gedrag en met het Eropaf team zetten we extra in op het bereiken en ondersteunen van deze groep. Onzeker landelijk beleid Het Nationaal Actieplan Dakloosheid: Eerst een Thuis is gericht op de mensen die rechtmatig in Nederland verblijven, te maken hebben met sociale problematiek en een urgente woonvraag hebben. De focus ligt hierbij op de beweging naar Eerst een Thuis, maar de komende jaren zijn er onvoldoende betaalbare woningen voor de doelgroep om deze beweging te maken. Momenteel is onduidelijk of gemeenten extra middelen krijgen voor de uitvoering van dit actieplan.