Agendabundel
Tekst van het document
20 Wethouder Verschuure denkt dat dit een onverstandige toezegging is geweest. Zeker gezien de periode waar men nu in zit. Het is hierom dat nu het voorstel wordt gedaan, dat wordt gedaan. De wethouder wijst erop dat op basis van de kritische evaluatie het gesprek is gevoerd met elkaar en dat uit de bijlage af te leiden is wat er met de aanbevelingen is gedaan. 25 De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat het mogelijk is dat tot nieuwe inzichten wordt gekomen. In de raadsbrief had echter wel aangegeven kunnen worden waarom een en ander dan op een bepaalde manier is verlopen. Deze informatie mist volledig. 30
Wethouder Verschuure antwoordt dat in september 2020 een raadsbrief hier iets over is gezegd. Excuus voor als verkeerde verwachtingen zijn gewekt. Tot slot vroeg de heer Te Hoonte of Utrecht meer zichtbaar kan worden op televisie. Het was de wethouder nog niet opgevallen dat Utrecht niet zo zichtbaar is. Hij belooft dat Utrecht volgend jaar volop in de schijnwerpers zal staan met de Vueltastart en 900 jaar Utrecht.
35 De voorzitter herhaalt de toezegging. Wethouder Verschuure stuurt eind 2023 de evaluatie naar de commissie. De heer Van der Zweth (PvdA) zegt te denken over een actie richting de raad. 40 De voorzitter schorst de vergadering om 12.55 uur tot 14.00 uur.
LIJST VAN TOEZEGGINGEN 45
Wethouder Verschuure zal met betrekking tot agendapunt 5, Raadsbrief Utrecht Marketing: • in 2023 de opdracht met UM evalueren en die bespreken met de raad (Q1 2024).
Pagina 13 van 58
Verslag openbare middagvergadering commissie Stad & Ruimte 5 Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag 10
1 juli 2021 Raadzaal, stadhuis mw. I.B. Koren (Notuleerservice Nederland)
Aanweziget De voorzitter, dhr. G. Te Hoonte, de wethouder, mw. L. van Hooijdonk, de leden, mw. S. Schilderman (D66), dhr. D. Bosch (PVV), dhr. T. Weistra (GroenLinks), dhr. B. van Steeg (CDA), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), dhr. M. de Pagter (VVD), dhr. B. Işik (PvdA), dhr. M. van Heuven (PvdD), mw. E. Oosters (Student&Starter), dhr. S. Gaillard (Stadsbelang Utrecht),
15
Afwezigen Er zijn geen afwezigen gemeld.
Verslag openbare vergadering commissie Stad & Ruimte 20
1. Opening en mededelingen ......................................................................................................... 14 6. Raadsvoorstel Mobiliteitsplan 2040 ........................................................................................... 14 LIJST VAN TOEZEGGINGEN ........................................................................................................ 24
1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering om 14.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom. 25
6. Raadsvoorstel Mobiliteitsplan 2040 De voorzitter constateert dat het Mobiliteitsplan 2040 het kaderstellende koersdocument is voor de ontwikkeling van de mobiliteit. Op 10 juni is hierover gedebatteerd in de eerste termijn. Bij de voorjaarsnota en vanmiddag wordt de tweede termijn behandeld.
30
35
Mevrouw Schilderman (D66) zegt dat de D66-fractie blij was met beantwoording in de eerste termijn. Op een aantal punten wil de fractie nog terugkomen. De fractie vindt het van groot belang dat de rode loper uitgaat voor de fiets. Hiervoor dient een concreet uitvoeringsprogramma te komen. Is de wethouder bereid dit toe te zeggen? Voorts vindt de fractie ook dat uitgebreid gewerkt dient te worden aan tunnels en bruggen. Bij de voorjaarsnota zal D66 met een voorstel komen om vaart te gaan maken met de tunnel bij de Nicolaas Beetsstraat. De heer Bosch (PVV) vraagt of er ook een rode loper is voor de voetganger.
40
Mevrouw Schilderman (D66) antwoordt dat de voetganger ook een belangrijke plek heeft. Het openbaar vervoer overigens ook. Voor de voetganger wordt al een belangrijke stap gezet. Zij Pagina 14 van 58
vervolgt haar bijdrage met de studie Zuidpoort. D66 ziet vooral iets in de variant 1+ maar ziet wel uit naar de verdere uitwerking. 5
10
De heer Weistra (GroenLinks) zegt dat de GroenLinks-fractie een voorstander is van variant 4A, de variant die bewoners hebben ingebracht en die het college uiteindelijk heeft voorgesteld. GroenLinks stelt voor beide varianten een stap verder te brengen voordat een definitieve keuze wordt gemaakt. Mevrouw Schilderman (D66) denkt dat dit de twee varianten zijn die overblijven. Dit neemt niet weg dat D66 denkt dat er meer kansen zitten in variant 1+. De heer Weistra (GroenLinks) vraagt de wethouder of een amendement ingediend moet worden om bepaalde zaken te regelen. Graag reactie.
15
De heer Van Steeg (CDA) vraagt of D66 ook vindt dat er een oplossing moet komen die niet leidt tot meer autoverkeer in zuid. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of D66 het met de ChristenUnie eens is, dat er wel wat moet gebeuren op de Tolsteeg barrière.
20
25
Mevrouw Schilderman (D66) deelt met de ChristenUnie dat een en ander niet voor teveel vertraging moet zorgen. Zij vraagt aan de wethouder of er vertraging ontstaat als twee varianten worden uitgewerkt. Tegen de heer Van Steeg zegt zij dat D66 neigt naar de 1+ variant om grote verkeerseffecten te voorkomen. Dit neemt niet weg dat het Ledig Erf anders ingericht dient te worden op een manier die veilig is. Zij vervolgt haar bijdrage met de Ooster- en Westerkade. Hier zou bekeken kunnen worden hoe beter gelopen en gefietst kan worden. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door minder parkeerplaatsen te realiseren. Er ligt immers een parkeergarage naast. De voorzitter constateert dat hier een brief over is gestuurd.
30 De heer De Pagter (VVD) merkt op dat er bewoners zijn met een parkeervergunning. Mevrouw Schilderman (D66) merkt op dat de parkeergarage in dezelfde straat een alternatief biedt. 35 De heer De Pagter (VVD) merkt op dat de parkeergarage al gauw tien keer zoveel kost per maand. 40
Mevrouw Schilderman (D66) bevestigt dat er kosten aan zijn verbonden. Hier dient naar gekeken te worden.
45
Mevrouw Oosters (Student&Starter) vindt het een goed idee om te kijken of er geparkeerde auto’s van de Ooster- en Westerkade afgehaald kunnen worden. Daarnaast moet de Vaartsche Rijngarage ruimte bieden aan veel auto’s. Wat is het effect als de parkeerplekken van de Oosteren Westerkade onder worden gebracht in deze garage? De heer Weistra (GroenLinks) vindt het een goed idee om de parkeerplekken onder te brengen in de garage. Vaak kan iets dergelijks geregeld worden via natuurlijk verloop.
50
55
Mevrouw Schilderman (D66) vindt dat de ambitie neergezet moet worden dat er minder parkeerplaatsen komen. Hieromtrent zijn verschillende opties mogelijk. Verder vraagt zij of de wethouder iets kan zeggen over de bestrating. Vervolgens wil D66 bij nieuwe ontwikkelingen rekening houden met veilige fietsroutes. Is de wethouder bereid toe te zeggen dat die standaard worden bij nieuwe ontwikkelingen? Tot slot de ‘shared spaces’. Is de wethouder toe te zeggen om het beleid rond ‘shared spaces’ te evalueren? D66 wijst erop dat het vooral gaat om hoe veilig mensen zich voelen. De heer Weistra (GroenLinks) vraagt wat voor conclusie D66 daaraan denkt te verbinden, stel dat veel onveiligheid ervaren wordt terwijl de shared space veilig blijkt.
60 Pagina 15 van 58
Mevrouw Schilderman (D66) antwoordt dat dit afhangt van tot welk gedrag dit leidt. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of niet beter gekeken kan worden naar wat hieromtrent in andere steden al is geëvalueerd. 5
10
Mevrouw Schilderman (D66) wijst erop dat niet op iedere plek de drukte op dezelfde manier wordt ervaren. Het is goed een evaluatie in Utrecht te doen en daarnaast de ervaringen te spiegelen aan ervaringen uit andere steden. De heer De Pagter (VVD) merkt op dat bewoners die bij fietsstraten wonen, ook graag een evaluatie willen naar de werking van fietsstraten. Hoe denkt D66 hierover? Mevrouw Schilderman (D66) zegt dat het de heer De Pagter vrijstaat om dit aan te kaarten. D66 heeft vooral klachten gekregen in verband met de ‘shared spaces’.
15
De heer Weistra (GroenLinks) zegt dat GroenLinks blij is met de hoofdkeuzes die zijn gemaakt. Vanochtend ontving GroenLinks een brief van het college over woon- en winkelerven. De fractie heeft gevraagd om vaker in te zetten op een maximumsnelheid van 15-kilometer per uur. Zij overweegt een motie.
20
De heer Bosch (PVV) geeft aan dat er in de brief nogal wat eisen zijn voor de 15-kilometer per uur inrichting en dat er zorgen zijn over de toegankelijkheid voor mensen met een visuele beperking.
25
De heer Weistra (GroenLinks) kan zich niet voorstellen dat auto’s die langzamer rijden een en ander minder toegankelijk maken voor mensen met een visuele beperking. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat 15-kilometer per uur op andere plekken niet wenselijk is.
30
De heer Weistra (GroenLinks) denkt dat niet doorgaande routes vaker anders ingericht dienen te worden zodat die niet gedomineerd worden door het recht van de snelste. De heer De Pagter (VVD) denkt dat op de meeste wegen een snelheid van 30-kilometer per uur aangehouden dient te worden. Alleen voor bestemmingsverkeer zou 15 kilometer per uur aangehouden moeten worden.
35 De heer Weistra (GroenLinks) zegt dat GroenLinks niet zomaar genoegen neemt met hetgeen de wethouder in de brief schrijft. De fractie wil graag een hoger ambitieniveau. 40
De heer De Pagter (VVD) merkt op dat het niet gaat om een ambitieniveau. Er zijn eisen voor de 15-kilometer per uur wegen. Er dient gefocust te worden op het herinrichten van 50-kilometer per uur wegen naar 30-kilometer per uur wegen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) denkt dat het taboe doorbroken is door de brief. Waar het kan, dient de 15-kilometer per uur toegepast te worden.
45 Mevrouw Schilderman (D66) wil ook de focus houden op het herinrichten van 50-kilometer per uur wegen naar 30-kilometer per uur wegen. 50
De heer Işik (PvdA) vraagt of straten die in aanmerking komen voor een 15-kilometer per uur inrichting, bij herinrichting ook als zodanig worden ingericht. De heer Weistra (GroenLinks) vervolgt zijn bijdrage met het onderwerp parkeren. Ook hierop mag meer ambitieus worden ingezet. GroenLinks overweegt een motie.
55
60
De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat hij in de eerste termijn al is ingegaan op het algemene verhaal en het standpunt van de VVD ten aanzien van mobiliteit. De partij vindt dat elke vorm van mobiliteit goed geregeld moet worden. In deze tweede termijn gaat hij in op concrete maatregelen die in het mobiliteitsplan staan. In een memo staan veel maatregelen die politiek gezien gevoelig liggen, veel geld kosten of waar de gemeente niet over gaat, zoals het doseren op de snelwegen. De VVD spreekt over ‘wensdenken’. Verder had de memo bij het mobiliteitsplan moeten zitten. Pagina 16 van 58
5
Kan deze lijst met maatregelen officieel nog met de raad worden gedeeld en bij de stukken op de website worden gevoegd? In de memo doet het college ook een vreemde aanname over thuiswerken. Hierdoor zou er minder aanwezigheid zijn in de kantoren. Het college vergeet echter dat hierdoor meer ruimte ontstaat om te werken. In eenzelfde gebouw kunnen meer arbeidsplaatsen komen. Dit leidt dus mogelijk ook niet tot minder mobiliteit. Heeft het college dit effect doorgerekend in de plannen? De heer Van Heuven (PvdD) merkt op dat als meer mensen thuis gaan werken, dit niet automatisch betekent dat er ook meer arbeidsplaatsen komen.
10 De heer De Pagter (VVD) merkt op dat best uitgegaan kan worden van enig thuiswerkeffect. Tegelijkertijd is nog niet bekend wat de effecten precies zullen zijn. 15
De heer Bosch (PVV) vraagt of de VVD het met de PVV eens is dat de getallen met betrekking tot het thuiswerken vooral worden toegespitst op de automobilist en niet op de fietser. Moeten er voor de fietser geen nieuwe berekeningen komen?
20
De heer De Pagter (VVD) vindt dat een goed punt en geleidt het door naar de wethouder. Hij vervolgt zijn bijdrage met het Ledig Erf. De fractie zal met een amendement komen om te kiezen voor variant 1. Verder is de fractie ook benieuwd naar de knelpunten voor de auto. Dan de hoofdfietsroutes. Veel wegen worden hoofdfietsroute maar wat is dan nog echt de hoofdfietsroute? Met betrekking tot de brug over Weerdsluis geeft de fractie aan dat deze er niet hoeft te komen. Er volgt een amendement.
25
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) merkt op dat wordt gewacht op een brief waarin de route Om de Noord staat. Is het niet verstandig deze brief even af te wachten?
30
De heer De Pagter (VVD) vindt dat niet verstandig. De fietsbrug over de Weerdsluis is voor de VVD een ‘no-go’. Vervolgens vraagt hij meer toelichting op de status van de tunnels en de bruggen in het plan. Wordt hierover nu een principebesluit genomen? Mevrouw Schilderman (D66) zegt dat de wethouder in de eerste termijn heeft toegezegd met een uitwerking te komen met betrekking tot de prioritering en de plannen voor tunnels en bruggen.
35
De heer De Pagter (VVD) zegt eerst te willen weten wat nu precies wordt besloten in het mobiliteitsplan. Mevrouw Schilderman (D66) vraagt hoe de VVD daarover wil besluiten.
40
De heer De Pagter (VVD) vindt het logisch om te gaan prioriteren als het gaat om de tunnels en bruggen maar eerst wil hij weten wat aan principebesluiten genomen gaat worden. De heer Işik (PvdA) vraagt wat het betekent als wordt ingestemd met het raadsvoorstel qua aantal bruggen in de Merwedekanaalzone.
45 Mevrouw Schilderman (D66) heeft niet het idee dat met het mobiliteitsplan een afspraak wordt gemaakt over het aantal bruggen dat moet komen in de Merwedekanaalzone. Hierover wordt besloten bij de Merwedekanaalzone. 50
De heer Işik (PvdA) vraagt of de wethouder dit kan bevestigen.
55
De heer De Pagter (VVD) vervolgt zijn bijdrage met de participatie rondom de Vechtbrug. De VVD betreurt het dat mensen die een brief sturen, te horen krijgen dat de brug niet aan de orde is en dat daarom geen inhoudelijke reactie ontvangen. Wanneer gaat een en ander rondom de Vechtbrug wel spelen en kan de raad hier te zijner tijd nog over beslissen?
60
De heer Van Heuven (PvdD) zegt dat de PvdD het uitgangspunt steunt dat de auto in het plan ruimte gaat maken ten faveure van de voetganger, fietser en deelmobiliteit. Het mobiliteitsplan is gebaseerd op maximale groei. De PvdD heeft gevraagd om een scenario op basis van minder groei maar de wethouder wil hier niet aan. De fractie spreekt zich vervolgens uit tegen een tram Pagina 17 van 58
5
10
15
20
25
langs de koppelsteden of door een park en vraagt om de toezegging dat natuurinclusiviteit de basis is van het plan. Voorts leidt meer fietsverkeer tot meer asfalt wat veel minder klimaat adaptief is dan waterdoorlatende klinkers. Is de wethouder bereid om plek over te houden voor klinkers in de stad waar het kan? Verder zouden bepaalde straten voor auto’s gesloten kunnen worden. Kan de wethouder toezeggen om met een plan te komen om autowegen om te gaan vormen in paden voor verschillende soorten fietsers en voetgangers? De PvdD is een voorstander van het opheffen van parkeerplekken. Daarnaast kunnen bloembakken, groenperken en bomen goede interventies zijn om het autoverkeer in snelheid te doen afnemen. Wil de wethouder hier vaart mee maken? Tot slot vindt de PvdD het jammer dat een en ander niet gekwantificeerd is. Met hoeveel procent moet de automobiliteit bijvoorbeeld gaan afnemen en hoeveel meer mensen moeten de fiets gaan gebruiken? De partij ziet ook graag dat gemonitord gaat worden op uitstoot. De heer Işik (PvdA) zegt dat U-pashouders en ouderen gratis gebruik moeten kunnen maken van het openbaar vervoer bijvoorbeeld buiten spitstijden. Met betrekking tot de realisatie van de bruggen gaat de PvdA ervan uit dat hiervoor specifieke raadvoorstellen naar de commissie komen.
Ten aanzien van de participatie merkt de partij op, dat hiervoor ruimte dient te zijn en dat deze beter dient te worden. Er zal met moties en amendementen worden gekomen. Mevrouw Oosters (Student&Starter) zegt dat de fractie enthousiast is over de voorrang voor de fiets en de voetganger en het leegmaken van het Janskerkhof. Vervolgens is deelmobiliteit de lijm tussen de ontwikkelingen die voorliggen. De overheid speelt hier een belangrijke rol in door bijvoorbeeld een toegankelijk online platform te maken waarin allerlei mobiliteitsvormen samenkomen of het uitschrijven van een gestuurde tender. In de eerste termijn gaf de wethouder aan dat hier landelijk gesprekken over plaatsvinden maar Student&Starter wil graag Utrecht hier een voortrekkersrol in neemt. De heer Işik (PvdA) vraagt hoe Student&Starter de betaalbaarheid wil waarborgen.
30
Mevrouw Oosters (Student&Starter) denkt dat de overheid de regie dient te houden, ook om een en ander betaalbaar te houden. Zij vervolgt haar bijdrage met het onderwerp Zuidpoort. Het einde is nog steeds enigszins open. Student&Starter is voorstander van een voetgangersgebied bij Ledig Erf maar maakt zich zorgen over de effecten voor onder andere de Vondellaan, Briljantlaan en de Goylaan. Welke acties onderneemt de wethouder om de effecten van auto’s op de omringende wegen terug te dringen?
35
40
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) dankt de wethouder voor de beantwoording in de eerste termijn. Voor deze tweede termijn heeft de fractie een tweetal punten. Allereerst dient het mobiliteitssysteem inclusief en voor iedereen toegankelijk te zijn. Hier dient een aparte doelstelling voor te komen. Graag een toezegging. Ten tweede de oversteekbaarheid van nieuwe en bestaande barrières in de stad. Kan de wethouder toezeggen dat een toets gedaan zal worden op de oversteekbaarheid?
45
De heer Van Steeg (CDA) zegt dat de CDA-fractie moeite heeft met het mobiliteitsplan en de link die wordt gelegd tussen groei en woningbouw. Er is weinig flexibiliteit in het mobiliteitsplan. Daarnaast maakt de partij zich er zorgen over of het een oplossing biedt voor iedereen. Met betrekking tot Zuidpoort merkt het CDA op dat gezien de participatie optie 1 nog steeds logisch is. Ten aanzien van de hubs merkt de fractie op dat dit toch een soort veredelde parkeergarages zijn. Is het niet een idee om te investeren in een echte hub?
50
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt hoe de hub eruitziet die het CDA voor ogen heeft.
55
De heer Van Steeg (CDA) zegt dat een hub niet alleen plek is om een auto te parkeren voordat de stad wordt ingegaan. Er dienen ook andere vormen van mobiliteit te zijn, horeca en plekken voor deeltijdwerken. Hij vervolgt zijn bijdrage met het onderwerp fietsklemmen in de buurten. Volgens de fractie is er nog veel onbekendheid bij bewoners over het aanvragen van fietsklemmen. Tot slot een paar kleine punten. Ten eerste de snelheid op fietspaden. Voor fietspaden ligt die op 30-kilometer per uur. Dit was redelijke nieuwe informatie. Misschien is het handig hier meer aandacht aan de besteden. Ten tweede de vraag of ook gedaan wordt aan deelmobiliteit op het water. Graag een reactie. Ten derde is eerder een motie ingediend in verband Pagina 18 van 58
met de oversteekbaarheid en de barrières waarin het idee werd geopperd een brug aan te leggen over de Graadt van Roggenweg. Kan die worden meegenomen? 5
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of water een rol kan spelen in het openbaar vervoer binnen het centrumgebied. Is hier een visie op? De heer Van Heuven (PvdD) merkt op dat bij de voorjaarsnota is toegezegd dat omtrent vervoer over water een overzicht van plannen komt naar de commissie.
10
15
De heer Gaillard (Stadsbelang Utrecht) zegt dat de fractie graag had gezien dat het compartimenteren van de stad verder werd onderzocht. Bij de bespreking van de voorjaarsnota is gebleken dat de wethouder dit niet aandurft. De fractie zal daarom met een motie komen. Verder ziet Stadsbelang Utrecht graag dat de auto niet wordt weggepest en dat de keuzevrijheid van de Utrechter wordt gerespecteerd. Verder dient het dubbel grondgebruik meer meegewogen te worden in het mobiliteitsplan. Met betrekking tot de studie Zuidpoort merkt de fractie op, dat geënquêteerde mensen serieus moeten worden genomen. Er zal daarom met een amendement worden gekomen voor variant 1 in plaats van 4A. Tot slot vraagt de partij of de wethouder denkt dat er voldoende draagvlak is voor het mobiliteitsplan in zijn geheel. Zo ja, durft de wethouder hier dan een referendum over te houden?
20
25
De heer Schipper (SP) merkt op dat de SP zich, net als de VVD, afvraagt waar nu over besloten wordt. Hier dient een helder antwoord op te komen. Met betrekking tot Zuidpoort merkt de fractie op dat hierover een apart raadsvoorstel gestuurd had moeten worden. De fractie wijst erop dat ouderen in Hooggraven aangeven dat de verkeersregelinstallatie bij de Linschotensingel moet blijven staan. Ten aanzien van de barrièrewerking merkt de SP op, dat bij de ovonde bij de Marco Pololaan niet nog meer verkeer moet komen. Voorts dient er geen tramlijn bij Koppelstede te komen. Dan de A27. Het college accepteert de verbreding in het mobiliteitsplan en de ruimtelijke strategie. Dit kan toch geen ambitie zijn van deze coalitie? Er zal een motie komen voor een strekt ter vervanging.
30 De heer Bosch (PVV) kan aansluiten bij de bijdrage van de heer Schipper tot het onderwerp de A27. Het mobiliteitsplan is niet het mobiliteitsplan van de PVV. Ten aanzien van Zuidpoort is de fractie voor variant 1. 35
De voorzitter constateert dat de fractie van DENK geen bijdrage heeft. Hij schorst de vergadering voor vijf minuten.
40
Wethouder Van Hooijdonk dankt de commissie voor de gestelde vragen. Allereerst gaat zij in op vragen over fietsers en voetgangers. D66 vraagt om een plan waarin een en ander concreet wordt uitgewerkt. Dit is een terechte behoefte. Het college wil iets organiseren tussen het MPB en het mobiliteitsplan in, een doorkijk vier, vijf jaar vooruit en die wordt de mobiliteitsagenda genoemd. Deze zal jaarlijks geactualiseerd worden zodat voor de raad helder is wat de prioriteiten zijn voor de eerste vier, vijf jaar. De mobiliteitsagenda wordt aangeboden bij de voorjaarsnota.
45
50
De VVD vroeg wat nu nog precies de hoofdfietsroute is. Het is een terechte constatering dat een verfijnder netwerk wordt aangewezen. Dit is een bewuste strategie. Hierdoor worden meerdere keuzes geboden waardoor drukte op fietspaden verminderd. De heer De Pagter (VVD) vraagt of bepaalde routes niet beter snelfietsroutes of recreatieve routes genoemd kunnen worden. Verder is een brug niet nodig als vanaf de Vleutenseweg wordt gekomen. De route over de Kaatstraat Herenweg kan gebruikt worden. De heer Işik (PvdA) vraagt wat de tijdswinst is als een brug wordt aangelegd.
55
60
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het niet zozeer gaat om tijdswinst. Het gaat om aantrekkelijkheid van routes, spreiding en ontlasting. Verder werd eerder gesproken over een hoofdfietsroute en een doorfietsroute. Het verschil hiertussen bleek alleen moeilijk uitlegbaar. Op dit moment zijn er hoofdfietsroutes en geen hoofdfietsroutes. De VVD vroeg wat de status is van het netwerk dat is ingetekend. De wethouder geeft aan dat hetgeen is opgeschreven ook gemeend wordt. Dit is dus het voorstel aan de raad. Als fracties bepaalde zaken geen goed idee Pagina 19 van 58
vinden, dan is het van belang om te amenderen. Daarnaast komen bepaalde grotere zaken ook nog langs de raad via de financiële weg en in aparte raadsvoorstellen. Het mobiliteitsplan gaat over alles en heeft het hoogste abstractieniveau. Er zal dus nog van alles uitgewerkt moeten worden. 5 De heer Bosch (PVV) vraagt waarom Zuidpoort niet als apart raadsvoorstel naar de commissie is gekomen. 10
15
20
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit niet is gedaan omdat dit effect heeft op de cyclus en omdat het ging over circulatie, was het verstandig om een en ander te verankeren. Dan de Vechtbrug. Het is vervelend dat mensen zich niet goed bediend voelen. Men heeft zijn uiterste best gedaan. Er zijn vier-, vijfhonderd pagina’s aan reactiedocumenten verstuurd en het college heeft het idee dat echt inhoudelijk antwoord is gegeven. Blijkbaar is dat niet zo ervaren. Geruststellend nieuws is, dat niet morgen aan de Vechtbrug wordt begonnen omdat deze nog niet geprogrammeerd staat. Zodra dit wel het geval is, zal met de omgeving in gesprek worden gegaan. De PvdD vroeg naar de klinkers. De wethouder geeft aan dat niet overal in Utrecht asfalt komt. Asfalt wordt vooral gereserveerd voor de hoofdfietsroutes. In woonstraten zal bijvoorbeeld niet zomaar asfalt voor fietsers worden neergelegd. Het grootste deel van de stad kan van klinkers worden voorzien. De heer Van Steeg vroeg naar de fietsklemmen in de buurt. Dit is een goed punt. Er zal nog over fietsparkeren gesproken worden in de module fietsparkeren naar aanleiding van de parkeervisie. Het college zal nog met voorstel komen. Met betrekking tot de snelheid op het fietspad aarzelt de wethouder of die meer bekend gemaakt moet worden. 30-kilometer per uur is best wel snel.
25
De heer Van Steeg (CDA) denkt dat het juist helpend is als aandacht wordt gegeven aan de 30-kilometer per uur.
30
Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat hier nog even over nagedacht zal worden. D66 vroeg naar de veilige schoolroutes. De wethouder geeft aan dat in het programma van eisen binnen het Utrechts plan proces zaken hieromtrent goed verankerd moeten worden. D66 vroeg naar de ‘shared spaces’. Wethouder Diepeveen is hierop ingegaan bij de voorjaarsnota. Er is in ieder geval geen generiek ‘shared space-beleid’. Eventueel wil de wethouder in een brief opschrijven wat bekend is over ‘shared spaces’.
35
Mevrouw Schilderman (D66) geeft aan dat sommige mensen niet meer in de ‘shared spaces’ durven te komen. Het zou fijn zijn als de wethouder ervaringen door deze bril wil bekijken. Wethouder Van Hooijdonk vindt dit een goede aanscherping. In de brief zal hierop terug worden gekomen. Deze komt in het eerste kwartaal van 2022.
40
45
50
55
De wethouder vervolgt met het kopje ‘anders reizen’. De VVD gaf aan dat als meer mensen thuis gaan werken dat er meer medewerkers kunnen komen. Hier is een rekenvoorbeeld over opgenomen in het plan. Student&Starter vroeg om het verder uitwerken van deelmobiliteit. Als het gaat om doelgroepen dan gaat het om betaalbaarheid, gezinnen en toegankelijkheid en als het gaat om ordening dan gaat het over de rol van de markt, de rol van de overheid en het sturen op het publieke belang. Dit is hetgeen waarvan de wethouder denkt dat hiermee aan de slag moet worden gegaan. Het CDA had het over hubs. De hubs die voor ogen zijn, zijn hubs in de buurt die ruimte op straat vrijspelen en mensen kunnen bedienen met verschillende vormen van deelmobiliteit. De tweede variant zit op de ring Utrecht. Bewoners parkeren daar op afstand en mensen van buiten kunnen daar overstappen. De Papendorphub is een eerste serieuze proef. Hiervoor komt nog een voorstel en uiteindelijk zullen hier dingen van geleerd worden die in Westraven toegepast moeten gaan worden of die verder doorontwikkeld kunnen worden op het Utrecht Science Park. Voor de derde variant is de regio nodig. Dit betreft de hubs die voor de ring zitten zodat niet iedereen door hoeft te rijden tot de ring. Deze bevinden zich in Breukelen, Vianen en Driebergen.
Er zal een module gemaakt worden over de hubs en als die er ligt dan ontstaat het goede moment om het gesprek te voeren. Het CDA had het ook over deelmobiliteit op het water. Wethouder Diepeveen is bezig met een visie op het stadswater en wethouder Eerenberg werkt aan een uitwerking voor goederenvervoer waarin vervoer over water ook een rol speelt. Verder gaat deelmobiliteit meestal over recreatie. Hier zijn wel mogelijkheden voor.
60 Pagina 20 van 58
De heer Van Steeg (CDA) vraagt of er nog iets extra’s kan worden gedaan.
5
10
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) constateert dat het ene stuk gaat over recreatie en het andere over logistiek. Wil de wethouder kijken of openbaar vervoer over water ook kan worden onderzocht? Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat er geen traject loopt voor openbaar vervoer over water. Zij oppert hier ook niet al teveel verwachtingen van te hebben. Het is immers erg druk op het water. Vervolgens gaat de wethouder in op het openbaar vervoer. De PvdA vroeg naar het resultaat van de toegankelijke haltes. Hierdoor is 95% van de openbaar vervoerreizen toegankelijk. Rond de jaarwisseling zal aangegeven worden hoe verder naar de uitvoering wordt gegaan. De heer Işik (PvdA) had graag een uitwerking gezien van vervoer voor iedereen.
15
20
25
30
35
40
45
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit in het mobiliteitsplan is opgenomen. Zij wijst erop dat er sprake is van een overgangsperiode waarbij de verantwoordelijkheid van de provincie wordt afgeschaald en de gemeente een extra taak krijgt. De heer Van der Graaf wil graag dat er een doelstelling komt. Het college heeft bedoeld dat een en ander integraal is maar als dit gemarkeerd moet worden met een extra punt, dan kan dat. Dit kan echter alleen toegezegd worden door middel van een strekt ter vervanging. De wethouder stelt voor dat de heer Van der Graaf een en ander zelf regelt. De ChristenUnie ging ook in op de oversteekbaarheid van barrières. In kwalitatieve zin is hier een en ander in de tekst over opgenomen. Vervolgens gaat de wethouder in op de betaalbaarheid. Het openbaar vervoer zit in de U-pas maar dit is niet altijd laagdrempelig. In de brief die wethouder Van Ooijen heeft toegezegd voor het eind van het jaar moet goed gekeken worden hoe de U-pas maximaal ingezet kan worden op een laagdrempelige, bruikbare manier. De SP vroeg hoe goed openbaar vervoer gedefinieerd kan worden met name gericht op de wijken. Per wijk kan de wethouder een en ander niet definiëren. Er wordt wel uitgegaan van bijvoorbeeld 400m tot een halte. Daarnaast is het zo, dat het Rijksbudget op dit punt niet op orde is omdat het niet geïndexeerd is.
Tot slot wordt op dit moment gedacht over de rol van de gemeente en de rol van de provincie. Hier kan de commissie in het derde of vierde kwartaal informatie over verwachten. Vervolgens gaat de wethouder in op auto gerelateerde zaken. De VVD vroeg naar autoknelpunten. Voor een deel wordt hierop teruggekomen op het moment dat het verkeersmanagement is uitgedacht en uitgewerkt. De PvdD vroeg of meer straten gesloten kunnen worden en of daar een plan voor gemaakt kan worden. De wethouder zegt dat het plan voorligt maar dat daar niet per se sluitingen in zitten. De ruimte wordt vaak herverdeeld en de hiërarchie op straat wordt veranderd. De SP ging in op de A27. Er is geen misverstand over waar het stadsbestuur staat op dit punt. Het zou alleen merkwaardig zijn als ontkend wordt dat de Rijksoverheid hier besluiten over neemt. Verder is al schriftelijk ingegaan op de Papendorproute bij de RSU. Op hoofdlijnen denkt het college dat een en ander kan. Het is alleen nog geen project. De heer Bosch van de PVV vroeg naar de Kardinaal de Jongweg. Het lange termijnperspectief is dat de oversteekbaarheid hier veranderd. De heer Bosch (PVV) vraagt waarom de groene golf daar weg wordt gehaald.
50
55
60
Wethouder Van Hooijdonk zegt dat een groene golf draait om het faciliteren van autoverkeer op die route. Oversteekbaarheid is dan dus niet belangrijk. Vervolgens gaat de wethouder in op zaken met betrekking tot rekenen. De PvdD vroeg waarom er geen andere scenario’s zijn dan de maximale groei. De wethouder weet niet of zij het eens is met de duiding dat alleen wordt gekozen voor maximale groei. De verwachte groei wordt geprognosticeerd. Er wordt niet gestuurd op maximale groei, er wordt gestuurd op leefbaarheid. Vervolgens had de heer De Pagter een aantal vragen over de memo. Ten eerste geeft de wethouder aan dat het publiceren van de hele technische bijdrage prima is. Ten tweede merkt zij op dat er in het lijstje van de heer De Pagter geen dingen zaten die niet in het mobiliteitsplan staan. Ze vindt het ook voor de hand liggen dat dingen die in het mobiliteitsplan staan worden doorgerekend en dit is ook gebeurd. Pagina 21 van 58
De heer Bosch (PVV) vraagt waarom niet alle scenario’s worden doorgerekend. 5
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat vooral een scenario is doorgerekend dat aan de raad wordt voorgesteld. De heer De Pagter (VVD) wil de toezegging van de wethouder dat duidelijk wordt gemaakt welke scenario’s er zijn bijvoorbeeld als doseren op de snelweg niet wordt gedaan of als openbaar vervoer zaken minder uitgevoerd kunnen worden.
10 Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat wel honderd scenario’s gemaakt kunnen worden maar dat niet precies bekend is wat in de komende twintig jaar gaat gebeuren. Het is wel duidelijk dat er geen geld naar Utrecht zal komen als er geen plannen worden gemaakt. Het doseren op de snelweg zit overigens niet in de rekensommen. 15
20
Vervolgens gaat zij in op Zuidpoort. De wethouder merkt op dat alles eigenlijk neerkomt op uitwerken en effecten in beeld brengen. Het college heeft variant 4A voorgesteld. De wethouder ervaart dat er ook veel gevoel is voor variant 1+. Zij kan zich voorstellen dat de raad zegt dat om een betere keuze te maken, met die twee varianten verder wordt gegaan. De effecten verderop in het netwerk kunnen dan beter in beeld komen en er kan bekeken worden wat een en ander betekent voor het Ledig Erf. De heer Işik (PvdA) vraagt of de verdere uitwerking in overleg met bewoners kan gaan.
25
30
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit uiteraard kan. De SP had nog een vraag gesteld over de Linschotensingel. Het is niet zo, dat als daar iets wordt veranderd dat er geen voetgangerslicht meer is. Het college wil daar ook een voetgangerslicht. Dan een aantal opmerkingen over de Ooster- en Westerkade in verband met parkeren en asfalt. Zij vindt het niet fijn dat zo lang over het project is gedaan. Dit heeft met personeelsgebrek te maken. Op dit moment staat men aan de vooravond van een definitief ontwerp en bestek en er is ook al veel geparticipeerd. Mevrouw Schilderman (D66) vraagt of een motie waarin voorgesteld wordt, dat toegewerkt wordt naar veel minder parkeerplaatsen, haalbaar is.
35 Wethouder Van Hooijdonk denkt dat als meer tijd wordt genomen maar wel toegewerkt wordt naar een bepaald eindbeeld, dat dit haalbaar moet zijn. 40
45
De heer Weistra (GroenLinks) vindt dit een goed voorstel. Hij stelt voor gezamenlijk een motie in te dienen. Hij vraagt of dit niet het huidige proces vertraagt. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het ontwerp voldoende adaptief is. Er kan tijd genomen worden om een plan te maken. Tot slot een aantal variabele zaken. De wethouder geeft aan dat over de 15-kilometer per uur versus 30-kilometer per uur discussie, een brief is geschreven. In de woonbuurten kan gedacht worden aan 15-kilometer per uur en bij straten die een verkeersfunctie hebben wordt gedacht aan 30 of 50-kilometer per uur. Belangrijk hierbij is een passende inrichting. De heer Van Heuven ging in op natuur inclusief ontwerpen. Dit is wat wordt gewild en tegelijkertijd dient aan de mobiliteitstransitie te worden gewerkt. De vraag is, wat kan nog worden afgesproken wat comfort geeft?
50 De heer Van Heuven (PvdD) zegt dat de PvdD-fractie de herinrichting van het Moldaudreefkruispunt lastig vindt. Dit kruispunt moet veiliger worden maar daar moeten wel negen kerngezonde bomen voor sneuvelen. De PvdD zou graag zien dat een uitgangspunt wordt, dat bomen eerst zijn. 55
60
Wethouder Van Hooijdonk zegt zich te kunnen voorstellen dat afgesproken wordt dat bomen een belangrijk criterium zijn. Een discussie over bomen in relatie tot verkeersveiligheid wordt wel snel ingewikkeld. Vervolgens geeft de wethouder aan iets te voelen voor de bloembakken waar de heer Van Heuven het over had. De heer Van Heuven had het ook om het kwantificeren van de CO2afname. De wethouder geeft aan dat de gemeente hier niet de bronnen voor heeft waardoor cijfers Pagina 22 van 58
geleverd kunnen worden. De PvdA kondigde een motie aan met betrekking tot participatie. De wethouder denkt dat veel goed gaat maar dat mensen het niet altijd eens zijn met elkaar. Daarnaast hebben mensen verschillende belangen, beelden en optieken. De wethouder staat open voor de motie maar wijst erop dat er altijd wel wat reuring zal zijn. 5 De heer Işik (PvdA) vindt de houding van het college richting bewoners van belang.
10
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het college zijn uiterste best doet om alles zo goed mogelijk te doen. Dit leidt alleen niet tot alleen maar blije mensen. De heer Gaillard vroeg waarom er geen referendum wordt gehouden. Dit is niet de gewoonte en is in dit geval ook een moeilijk plan. Met betrekking tot het draagvlak merkt de wethouder op, dat dit volgens haar hoog is. De heer Van Steeg had het over innovatie. Er zit veel innovatie in het mobiliteitsplan vooral ten aanzien van SMART mobility, verkeersmanagement en MAAS-achtige zaken. Het is alleen altijd een middel en geen doel op zichzelf.
15 De heer De Pagter (VVD) merkt met betrekking tot het doseren op de snelweg op, dat daar ‘expert judgement’ bij staat. 20
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat zij heeft meegekregen dat het doseren op de snelweg niet in de doorrekening zit. De voorzitter stelt voor dat de wethouder hier voor het raadsdebat schriftelijk op terugkomt. De heer De Pagter (VVD) vraagt of de memo bij de raadsbrief wordt meegestuurd.
25 Wethouder Van Hooijdonk stelt voor het hele verhaal dat een verantwoording van de doorrekening is, te publiceren. De voorzitter constateert dat dit in de vorm van een brief of memo mag. 30 Wethouder Van Hooijdonk antwoordt samen met de griffie naar de juiste weg te gaan zoeken. De voorzitter concludeert dat anderhalf uur wordt uitgetrokken voor de behandeling in de raad. Hij inventariseert of er nog antwoorden op vragen worden gemist. 35 De heer Van Steeg (CDA) had nog een vraag gesteld over de Graadt van Roggenweg. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat de Graadt van Roggenweg wordt heringericht. Als er nog nieuwe inzichten ontstaan, dan komt zij daarop terug. 40
45
50
De voorzitter herhaalt de toezeggingen. Wethouder Van Hooijdonk komt jaarlijks met een uitvoeringsagenda gelijktijdig met het meerjaren programma Bereikbaarheid (MPR) bij de voorjaarsnota. De uitvoeringsagenda gaat over de uitvoering van de maatregelen uit het mobiliteitsplan. Wethouder Van Hooijdonk informeert de commissie in het eerste kwartaal van 2022 over het beleid en de ervaringen in andere steden rondom ‘shared spaces’. Hier wordt naar gekeken vanuit het perspectief van toegankelijkheid. Wethouder Van Hooijdonk voegt het verstrekte memo/rapport toe aan de stukken. Hierin wordt ingegaan op de vraag van de heer De Pagter en de vraag van de heer Van Steeg wordt gecontroleerd. Wethouder Van Hooijdonk gaat nog even in op de vraag van de heer De Pagter over het doseren op de snelweg. Dit zit niet in de rekensom en is dus niet gekwantificeerd. Kwalitatief bezien wordt gedacht dat dit een goede maatregel is. Dit betreft het ‘expert judgement’.
55 De voorzitter schorst de vergadering om 16.40 uur.
Pagina 23 van 58
LIJST VAN TOEZEGGINGEN 5
Wethouder Van Hooijdonk zal met betrekking tot agendapunt 6, Raadsvoorstel Mobiliteitsplan 2040: • de commissie jaarlijks bij de voorjaarsnota komen met een uitvoeringsagenda gelijktijdig met het MPB (bij de VJN) over de uitvoering van de maatregelen die genoemd staan in het mobiliteitsplan (Q2 2022). • de raad met een brief informeren in Q1 2022 over het beleid rondom shared spaces en ervaringen in andere steden specifiek vanuit het perspectief van toegankelijkheid.
Pagina 24 van 58
Verslag openbare avondvergadering Commissie Stad & Ruimte 5
Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag
1 juli 2021 Stadhuisbrug 1, Utrecht Remko Schotsman (Notuleerservice Nederland)
Aanwezigen 10
15
De voorzitter, mevrouw Sturkenboom, de wethouders, mevrouw Van Hooijdonk en de heer Verschuure, en de leden, mevrouw E. Oosters (Student&Starter), de heer G. te Hoonte (VVD), mevrouw A. Sasbrink (PvdD), de heer H. van Deún (PVV), mevrouw F. de Koning (GroenLinks), de heer B. Işik (PvdA), de heer D. Bosch (PVV), de heer T. Schipper (SP), mevrouw J. Zwinkels (CDA), mevrouw S. Schilderman (D66), de heer J. Wijmenga (ChristenUnie), mevrouw A. Sasbrink (PvdD) en mevrouw M. Leenders (Commissiegriffier). Tevens aanwezig zijn ambtelijke vertegenwoordigers van gemeentelijke afdelingen.
Verslag openbare vergadering Commissie Stad & Ruimte 20
25
7. Raadsvoorstel Vaststelling Utrecht Dichterbij: de tienminutenstad, Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 ............................................................................................................................................... 26
De voorzitter, mevrouw Sturkenboom, heropent de vergadering om 19.30 uur. De voorzitter heet de aanwezigen en de volgers van de livestream van harte welkom. Voor de bespreking van dit agendapunt zijn op verzoek van de woordvoerders wethouders Verschuure en Van Hooijdonk uitgenodigd.
7. Raadsvoorstel Vaststelling Utrecht Dichterbij: de tienminutenstad, Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 30
35
40
De voorzitter licht toe dat er begonnen wordt met de beantwoording van de eerste termijn. De afspraak is dat interrupties uit de pot ‘Diversen’ gaan en dat interrupties op het college uit de eigen spreektijd gaan. Mededelingen De wethouders Wethouder Verschuure licht toe dat er 10 juni een eerste termijn is geweest en dat dat toen zo uit de tijd liep dat de wethouder geen beantwoording heeft kunnen doen. Er is toen een brief opgesteld maar de wethouder heeft begrepen dat sommige leden deze brief erg ruim in de beantwoording vonden. Daar wil hij sorry voor zeggen en de ruimte geven om vragen alsnog te beantwoorden. Het waren veel vragen en het college dacht met goede bedoeling om met de brief deze vragen te beantwoorden maar dat is blijkbaar niet bij iedereen goed gevallen. Pagina 25 van 58
De commissie De commissieleden hebben geen mededelingen. 5
10
De voorzitter licht toe dat dit de veegcommissie is en dat er wordt begonnen met de beantwoording van de wethouder in de eerste termijn. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat er nu dus geen ruimte is om de wethouder te interrumperen. Spreker vraagt zich af of de wethouder de gehele beantwoording nu gaat uitspreken zodat de commissie ook kan voelen wat de wethouder bij de beantwoording had bedacht. Spreker vraagt uit wiens tijd dit gaat. Bij de behandeling van de eerste termijn is geconcludeerd dat er een overloop was naar deze commissie en dat de restanttijd van die dag mee zou komen. Dat is niet gebeurd, dit terwijl er die avond opgeroepen is om rekening te houden met de spreektijd nu. Spreker wil dat de tijd die over was bij de fracties opgeteld wordt als het krap wordt.
15 De voorzitter stelt dat deze twee ordepunten duidelijk zijn en vraagt of de commissie het hier mee eens is. 20
Mevrouw Oosters (Student&Starter) meent dat de commissie nog best ruim in de spreektijden zit. Spreker stelt voor hoe ver daarmee gekomen kan worden en dit in het achterhoofd te houden als er in de min wordt gelopen. Mevrouw Sasbrink (PvdD) meent dat de wethouder die brief met de beantwoording niet hoeft voor te lezen en spreker rekent op wat coulance met betrekking tot de spreektijd.
25 De heer Schipper (SP) is ervoor dat er met betrekking tot de tijd er een en dezelfde manier van berekenen wordt gehanteerd. Als het klopt wat de heer te Hoonte zegt dan zou deze tijd er in de reserve bij moeten staan. 30
De heer Wijmenga (ChristenUnie) steunt het punt van de heer Te Hoonte. De voorzitter proeft dat de meeste fracties het er mee eens zijn om de tijd van de eerste termijn erbij te plussen.
35
De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan er niet voor te pleiten dat dit nu berekend wordt en dat daarvoor geschorst moet worden. De voorzitter geeft aan een lijstje te hebben en dit in de gaten te zullen houden.
40
45
50
55
Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of het overzicht van hoeveel spreektijd er voor de fracties bijkomt gedeeld kan worden. De heer Van Deún (PVV) hoort spreken over een eindtijd van 24.00 uur en stalt dat wat hem betreft de eindtijd over twee minuten is. De PVV wil graag de beraadslagingen over de RSU schorsen. De Raad van State heeft op 30 juni een uitspraak gedaan over het windpark Delfzijl. Hier is eerder in de raad ook over gesproken. Het arrest komt erop neer dat alles wat met milieu te maken heeft vooraf een milieukeuring moet hebben en een MER. Dit Unierecht is ook van toepassing verklaard op het Nederlandse recht. Het gaat nu over het windpark in Delfzijl en het bestemmingsplan maar uit de uitspraak blijkt dat alles wordt overgenomen door de Raad van State. Vandaag wordt er over de RSU gesproken wat een plan is dat overeenkomstig is met artikel 2 van de SNB-richtlijn en waarvoor overeenkomstig met artikel 3 ook een milieubeoordeling moet worden gemaakt, voorafgaand aan de beslissing van de raad. De PVV stelt vast dat er voorafgaand aan dit besluit en aan andere besluiten en geen Milieueffectrapportage is gemaakt. De PVV vraagt daarom de commissie om het debat te schorsen omdat het in strijd is met de wet. Als het debat wel doorgaat en als er een besluit wordt genomen dan zal de PVV het besluit voordragen voor vernietiging, in dit geval bij de commissaris van de Koning.
De heer Işik (PvdA) meent dat er over een bepaalde visie wordt gesproken en niet over een plan. Om die reden is de PvdA tegen het voorstel van de PVV.
60 Pagina 26 van 58
5
10
15
De heer Wijmenga (ChristenUnie) sluit aan bij de heer Işik. De heer Te Hoonte (VVD) vindt dit iets te gemakkelijk. Spreker heeft in de woordvoerdersapp al aangegeven dat hij het college om een reactie zou willen vragen. De PVV heeft hier alleen met betrekking tot Energie een reactie op gegeven. Nu dit hier wordt voorgelegd zou spreker het college willen uit nodigen om hun visie hierop te geven zodat ze actief kunnen uitleggen waarom dit wel door kan gaan. Spreker meent dat de raad die informatie wel moet hebben. Wethouder Van Hooijdonk meent dat de tijd te kort is om het hele arrest gelezen te kunnen hebben. Het eerste beeld is echter wel dat omdat er aan alle normen voldaan wordt, dat dit geen betrekking op Rijnenburg zal hebben en de wethouder sluit aan bij de Işik dat dit geen besluit over een windpark is. Dit is een ruimtelijke visie en er wordt een MER gedaan voor Rijnenburg. Het eerste beeld van het college is dan ook dat dit niet van toepassing is. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan ook zelf uit te zullen zoeken hoe het met Rijnenburg zit. Het gaat spreker echter om de andere windparken die in de RSU staan waarbij op basis van wettelijke normen is gesteld dat die daar kunnen komen en vraagt of dat daar ook voor geldt. De wethouder geeft aan antwoord op Rijnenburg maar er zijn meer windgebieden en daar zou spreker ook graag een visie op willen.
20
De voorzitter geeft aan te merken dat de meerderheid voor behandeling van dit onderwerp is.
25
De heer Van Déun (PVV) merkt op dat artikel 3 niet over windmolens gaat maar over telecommunicatie, toerisme en ruimtelijke ordening. Spreker begrijpt dat nu niet deze discussie gevoerd zal worden en vraagt of het college op redelijk korte termijn met een brief naar de raad kan komen over wat zij vinden met betrekking tot het arrest van de Raad van State.
30
35
Wethouder Van Hooijdonk merkt richting de heer Te Hoonte op dat het punt van de PvdA geldt dat dit nog geen finaal besluit is. Gebieden zijn gedefinieerd als zoekgebieden en dat betekent dat als er een initiatief komt, dit in behandeling genomen zal worden. Daarna zal het nog getoetst moeten worden en politiek afgewogen moeten worden. Dit is dus inderdaad niet het finale poortje en de wethouder meent dat dit prima verenigbaar is. Met betrekking tot de vraag van de heer Van Déun worstelt de wethouder wat met de termijn. Het is de vraag hoe snel je zo een arrest helemaal doorwrocht kunt beantwoorden. De wethouder geeft aan niet te weten hoeveel het college al voor de raadsbehandeling weet als dat de vraag van de heer Van Déun is. De voorzitter stelt voor dat het college via een memo laat weten of dat lukt of niet.
40
Wethouder Van Hooijdonk geeft aan in samenwerking met de griffie te laten weten op welke termijn dat zou kunnen.
45
De heer Te Hoonte (VVD) stelt voor om naar aanleiding van dit antwoord toch de beraadslagingen te doen en zou het appreciëren als de non-verbale communicatie van de heer Işik wat zou verminderen. Spreker sluit aan bij het verzoek om voor de raadsbehandeling de brief van het college te hebben. De heer Işik (PvdA) verzoekt de voorzitter haar rol te nemen, de commissie is nu al een kwartier onderweg en wist al waar het aan toe was.
50
De voorzitter roept sprekers op hun interrupties kort, bondig en to the point te doen en geeft het woord aan wethouder Verschuure voor de beantwoording van de eerste termijn.
55
Wethouder Verschuure licht toe dat veel vragen al via de brief zijn beantwoord maar kan zich voorstellen dat er nog vragen zijn. De wethouder heeft zijn beantwoording georganiseerd in de thema’s gezonde groei, fasering, plancapaciteit, gebieden, financiering en overige vragen. De wethouder stelt voor om als en dan nog vragen zijn deze in een van deze thema’s te stellen. Straks zal wethouder Van Hooijdonk nog een aantal vragen beantwoorden die haar portefeuille raken.
60
Gezonde groei en de barcode Pagina 27 van 58
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
Wethouder Verschuure licht dat hier vragen over zijn gesteld door de PvdD, de SP en de PvdA. Gezonde groei en barcode zoals waarom groei nog een uitgangspunt is voor de RSU. Groei is voor het college geen doel op zichzelf. Er zijn echter onderzoeken gedaan, onder andere in Primos met betrekking tot bijvoorbeeld de groei van het aantal huishoudens in de stad en dat maakt dat als je als stad niet groeit, het aan alle kanten gaat knellen. Dan zullen er bijvoorbeeld geen betaalbare huizen meer zijn. Daarom kiest het college ervoor om de groei in goede banen te leiden zodat een barcode meegroeit die niet alleen wonen realiseert maar ook werk, investeringen in groen en recreatie en dat dit op een verantwoorde manier wordt geprobeerd te doen. Dat haakt ook in op de vragen van de SP en de PvdA of deze groei nou wel gezond is en of dit op deze manier wel gedaan kan worden. Het college denkt dat omdat er voor de eerste keer zo een uitgebreide RSU is gedaan met veel aandacht voor kwaliteit over de manier waarop je wilt groeien, dit ook de bestaande inwoners helpt en de groei de bestaande inwoners ook faciliteert. Utrecht is populair, veel mensen willen zich hier vestigen en daarom blijft de druk op de regio bestaan en daarom vindt het college het belangrijk om de vinger aan de pols te houden en enige sturing en richting te geven als stadsbestuur.
Er wordt ook naar de ruimtelijke ambities die niet alleen maar los gezien moeten worden. De PvdA sprak ook over de maatschappelijke problemen in de stad en vroeg of deze zaken niet op elkaar afgestemd kunnen worden zodat de ruimtelijke ontwikkeling ten goede komt van de maatschappelijke opgaven. Dat is zeker iets dat het college met deze ruimtelijke strategie wil doen. Naast het streven naar gemengde wijken wat ook al in het coalitieakkoord staat wordt er, via de Woonvisie ook gestuurd op een gemengde stad met in 2040 een verhouding van 35-25-40 in het woningaanbod. Daarmee wil het college via de barcode maatschappelijke voorzieningen die essentieel zijn mee laten groeien. Het college meent dat de ruimtelijke ambities zo kunnen bijdragen aan de maatschappelijke opgaven in de stad. D66 vroeg of amendement 47 is uitgevoerd rondom de uitgangspunten; ‘bouw niet alle groene pleintjes vol’. Dat is ook niet de bedoeling. Het college wil groene scheggen toevoegen en ‘onverhard, tenzij’ als uitgangspunt nemen om zo kwaliteit aan de stad toe te voegen. Mevrouw Sasbrink (PvdD) heeft antwoord gemist op de vraag of het ook mogelijk een goed idee is om scenario’s toe te voegen. Bijvoorbeeld dat de stad niet groeit, langzamer groeit of minder groeit dan uit de onderzoeken is gekomen.
Wethouder Verschuure licht toe dat uit Primos komt dat in de regio tot 125.000 woningen zouden moeten worden gebouwd, wat voor de stad Utrecht ongeveer 60.000 woningen zou moeten zijn. Je zou kunnen zeggen dat de regio minder hard zou moeten groeien maar de consequentie daarvan zou zijn dat de problemen op de woningmarkt navenant groot zullen zijn. De stadsregio’s Amsterdam en Rotterdam groeien ook en het college is niet van mening dat Utrecht de groei van heel Nederland zou moeten opvangen maar dat maakt het niet reëel andere delen van Nederland te vragen de groei van Utrecht op te vangen. De wethouder is het met mevrouw Sasbrink eens dat het wel in evenwicht moet zijn. De onderzoeken zijn door Primos landelijk uitgevoerd en met deze vertaling wil het college deze opgave faciliteren. Het zal nooit precies 3.000 woningen zijn de komende 20 jaar maar het college probeert hier wel aan te voldoen en tot 2030 is het streven om zelfs iets sneller te groeien. Fasering en uitvoering Met betrekking tot de fasering vroeg mevrouw Zwinkels of de planning wel realistisch en verstandig is. Zoals in de RSU opgenomen zijn er verschillende fases van ontwikkeling geschetst. Fase 1 is de huidige harde plancapaciteit in de Merwedekanaalzone, Cartesiusdriehoek, Wisselspoor, Groenewoud etc. Het college meent dat het reëel is dit verder te gaan uitrollen.
Fase 2 is Papendorp noord en een ander deel van Merwede, deelgebied 5, het USP en het Beurskwartier. Zo kan het college successief in de stappen van de ontwikkeling gaan naar Lunetten Koningsweg en een aantal andere plekken. Het college denkt dat de planning reëel is, zeker als de bouwproductie volgehouden kan worden. Dit omdat er nu elk jaar al 3.000 tot 3.500 woningen worden gebouwd. Op een gegeven moment zullen echter wel grote investeringen in mobiliteit nodig zijn. Hier wordt op andere momenten met elkaar over gesproken maar daar heeft het college wel de hulp van de raad voor nodig. Er zijn hierbij ook grote investeringen van het Rijk en de provincie voor nodig. Als dat niet loskomt, dan komt de financieringsstrategie onder druk te staan.
Pagina 28 van 58
Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt hoe concreet de planning is als de stad steeds afhankelijk is van de financiering op het gebied van mobiliteit en of de gemeente niet ook een planning zonder die financiering zou moeten hebben. 5
10
15
20
25
30
35
Wethouder Verschuure meent dat de planning voor de eerste fases heel reëel is omdat deze hard in de boeken staat. Met betrekking tot bijvoorbeeld de Merwedekanaalzone kan er tot ongeveer 4.000 woningen in het gebied worden gegaan en voor volgende stappen naar 6.000 of 10.000 woningen is de Merwedelijn nodig. Deze staat in alle plannen en staat ook op de lijstjes voor de MIRT-verkenning. Hier zit gewoon een financiële afhankelijkheid is. Het geld is er nu niet maar het college heeft er wel vertrouwen in dat het Rijk dit ook zo belangrijk vindt dat de middelen op termijn zeker los gaan komen. De wethouder vervolgt en licht toe dat D66 vroeg of er zaken zijn die de optimale verdeling van huizen in de weg staan. De wethouder vraagt of daarmee woonmilieus, een programma over een goede verdelen voor knopen of profielen mee wordt bedoeld. In elk geval is het antwoord in al deze gevallen: ja. Het college denkt dat het tot een optimale verdeling in de RSU kan komen. Mevrouw Schilderman (D66) geeft aan dat de achtergrond van de vraag is dat de gemeente zelf ook veel regels maakt, bijvoorbeeld over waar de splitsing van een huis aan zou moeten voldoen. Spreker vraagt of er zaken zijn die vaak terugkomen, zoals een regel die de raad heeft gesteld die het realiseren van meer woningen vaak in de weg blijkt te staan.
Als dat het geval is, is de vervolgvraag of de wethouder bereid is daar iets aan te doen. Wethouder Verschuure licht toe dat tussen droom en daad wetten en praktische bezwaren in de weg staan en hier geldt dat ook. De vraag is of je die wetten en bezwaren wilt opheffen en wat dat je kost. In het kader van het Gezondheidsbeleid is bijvoorbeeld afgesproken geen woningen te bouwen binnen 100 meter van een snelweg of dat alleen te doen als er zware geluidsisolerende maatregelen zijn genomen. In die zin zijn er regels die op bepaalde plekken woningbouw beperken. De wethouder zou echter niet willen voorstellen om die regels terzijde te schuiven omdat hij meent dat het verstandig is om deze te hanteren. Dat geldt ook voor andere zaken als het Bouwbesluit of kwaliteits- en duurzaamheidseisen. Dat maakt een ontwikkeling ingewikkelder maar als je gezond stedelijk leven serieus wilt nemen dan moeten en goede basisuitgangspunten worden geformuleerd. Mevrouw Schilderman (D66) meent te hebben begrepen dat de wethouder nog niet over een regel is gestruikeld waarvan hij denkt dat die eigenlijk alleen maar in de weg zit. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of de gemiste vragen per blokje worden behandeld. Wethouder Verschuure geeft aan dat dat inderdaad zijn voorstel was.
40 De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan een gemiste vraag te hebben gesteld over of het niet beter is om met betrekking tot de fasering 6b als einddoel te stellen en daarnaartoe te werken en dat over een iets langere tijd te doen. 45
Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan met betrekking tot de optimale verdeling van woonmilieus dat er geen duidelijk onderscheid wordt aangebracht tussen typen woonmilieus. Overvecht en Kanaleneiland vallen bijvoorbeeld ineens in de ‘groene wijk’. De fractie is benieuwd of je ook een dichtheid kunt koppelen aan de woonmilieus. In de schriftelijke beantwoording stond dat dit niet gekoppeld wordt en de fractie vraagt zich af of dat wel mogelijk is.
50
55
60
Wethouder Verschuure antwoordt inderdaad niet gestruikeld te zijn over een regel die dat in de weg zou staan omdat de regel vaak een basis hebben als gezondheid of geur- of milieucontouren. De afweging is dat je wonen en werken in wijken soms wilt mengen en dan zal je wellicht iets in de bestemming moeten doen. Dat zijn echter oplosbare regels. De wethouder herinnert zich de vraag van de VVD als of de RSU niet tot 2050 verlengd zou moeten worden en dan de totale plannen die ook in de fasering 4a, 4b, 5 en 6 realiseren omdat je dan ineens veel meer plancapaciteit hebt. Dat is een idee, maar het is niet noodzakelijk om aan de 130% plancapaciteit te komen. De afspraak met BZK om tot 130% te komen is in regionaal verband gedaan. De wethouder meent dat er 170.000 tot 180.000 woningen in zachte plancapaciteit zijn in de regio. Voor de stad Utrecht is de opgave 60.000 woningen maar in zachte Pagina 29 van 58
5
10
15
20
plannen zijn er 70.000 woningen. Er zouden 78.000 woningen nodig moeten zijn om tot 130% plancapaciteit te komen. Daar zit Utrecht dus niet heel ver van af. De wethouder heeft eerder gezegd dat Utrecht een substantieel gedeelte moet doen van de 130% in de regio en Utrecht doet dat ook met 10.000 woningen bovenop de 60.000 woningen. In 20 jaar is er ook wel eens plantoeval en de wethouder meent dat Utrecht een heel eind komt in het gene wat de VVD wil met betrekking tot de 130%. Als je verder gaat na 2040 kun je de faseringen 5 en 6 toevoegen maar dat zijn keuzes die in de toekomst gemaakt moeten worden. De heer Te Hoonte (VVD) stelt dat er 60 woningen in de RSU staan en constateert dat dat geen 130% is en dan komt er opeens iets achter de gordijnen vandaan en dan is het wel opeens 130%. Spreker vindt dat ingewikkeld. Spreker wijst de wethouder erop dat hij op 17 sept 2020 heeft gezegd dat hij vindt dat Utrecht een ‘fair share’ moet doen in de130%. Spreker heeft dat geïnterpreteerd dat Utrecht zelf ook 130% nastreeft. Dit staat echter nu niet in de RSU. De wethouder wordt gevraagd of hij de RSU gaat aanpassen zodat de 78.000 woningen erin komen te staan. Wethouder Verschuure geeft aan de RSU niet aan te zullen passen omdat de 60.000 woningen de Utrechtse opgave is, wat gerealiseerd moet worden. In de MPR zit hier 10.000 woningen bovenop in de zachte plannen.
De wethouder probeert de heer Te Hoonte gerust te stellen dat het college wel degelijk kijkt naar een substantiële overprogrammering. De barcode is ook op 100% in plaats van 130% geprogrammeerd met betrekking tot de overige voorzieningen, het groen en dergelijke. Als je nog 8.000 woningen zou kunnen vinden in Utrecht bovenop de 70.000 woningen in de MPR of als je een van de knooppunten zou kunnen ‘laden’, dan zou je al op de 130% kunnen komen en de wethouder is ervan overtuigd dat dit gerealiseerd zou kunnen worden.