CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (2022-2026) 8 september 2022, gemeente Utrecht26.625 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Frequentie Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks

1) Rente Het rentepercentage voor het aangaan van vaste geldleningen is voor 2021 geraamd op 2,5%. Op basis van de thans geldende rente voor langlopende leningen moet dat ruim voldoende zijn, maar de markt kan zich altijd anders ontwikkelen. Een rentepercentage van 1,0% hoger bij de huidige leningenportefeuille betekent extra lasten van € 25.000 per jaar. 2) Aantrekkende markt Dit risico heeft zich niet voorgedaan in 2021. 3.1.2.2 Risico’s werkgebied Stichtse Groenlanden per 31 december 2021 In onderstaande tabel zijn de belangrijkste risico’s van programma A opgenomen.

4

5 6

Omschrijving risico Tegenvallende opbrengsten strandbad Maarsseveense Plassen Erfpacht & huur (niet nagekomen verplichtingen) Vertraging overdracht beheer Oortjespad Totaal

Bedrag 60.000

Wanneer 2022 e.v.

Frequentie Jaarlijks

25.000

2022 e.v.

Jaarlijks

90.000

2022.e.v.

Jaarlijks

175.000

4) Tegenvallende opbrengsten strandbad Maarsseveense Plassen Het bezoekersaantal voor het strandbad wordt geraamd op 80.000 betalende bezoekers. Het daadwerkelijke bezoekersaantal is in grote mate afhankelijk van de weersomstandigheden waardoor het risico bestaat dat dit aantal niet wordt gehaald. Een ander risico is dat de kosten voor bijvoorbeeld inhuur van lifeguards door de ontwikkelingen in de markt sterker stijgen dan geraamd. Deze risico’s hebben zich in 2021 niet voorgedaan. 5) Erfpacht & huur (niet nagekomen verplichtingen) De geraamde omzet uit erfpacht, verhuur en evenementen bedraagt ongeveer € 500.000. Het risico dat de exploitanten niet aan hun verplichtingen kunnen voldoen, is aanwezig. Het risico wordt geschat op 5% van de omzet, zijnde € 25.000. 6) Vertraging overdracht beheer Oortjespad Voor Oortjespad is een overeenkomst gesloten met de ondernemer van Kameryck, waarbij de verkoop van de opstallen wordt uitgesteld. Het beheer en onderhoud van het gehele terrein is per 2020 overgedragen aan de ondernemer. De coronacrisis leidt tot een risico voor de ondernemer van Kameryck en daarmee ook voor SGL.

Pagina 20 van 56

3.1.2.3 Risico’s werkgebied Vinkeveense Plassen per 31 december 2021 In onderstaande tabel zijn de belangrijkste risico’s van programma B opgenomen.

8 9

Omschrijving risico Exploitatie zandeilanden VVP Aanbesteding vervangen beschoeiingen VVP Totaal

Bedrag 78.000

Wanneer 2023 e.v.

Frequentie Jaarlijks

PM

2019 e.v.

Tot afronding beschoeiingsproject

78.000

7) Exploitatie zandeilanden In het Toekomstplan VVP is rekening gehouden met een netto opbrengst van de exploitatie van de zandeilanden van minimaal € 78.000 per jaar in 2023/2024 (Toekomstplan, H7). Er is een risico dat de opbrengsten tegenvallen. Ontwikkeling van de zandeilanden is mede afhankelijk van het nog vast te stellen herziene bestemmingsplan door gemeente De Ronde Venen. De planning hiervan is vertraagd. Vaststelling door de raad valt niet te verwachten eerder dan 2022. Dit geeft een onzeker toekomstbeeld, omdat de jaren gaan dringen. Eind 2022 heeft het recreatieschap een brief opgesteld aan gemeente waarin dit risico en de gevolgen daarvan expliciet is benoemd. Het schap levert door het aanstellen van een programmamanager en een projectleider zoveel mogelijk inspanning dat vanaf 2023 (moment van wegvallen bijdrage Amsterdam) sprake is van een gezonde exploitatie van het voormalig recreatieschap Vinkeveense Plassen. 8) Aanbesteding vervangen beschoeiingen VVP Tranche 1 is grotendeels gerealiseerd.. Het bedrag per meter is hoger uitgevallen dan in het Toekomstplan was berekend. De verwachting is dat de aanbesteding voor de 2e tranche aanzienlijk hoger zal uitvallen als de 1e tranche. Dit heeft onder andere met de aantrekkende markt en zeer grote kostenstijging van materiaal e.d. te maken.

Omdat sprake is van een risico ten aanzien van de aanbesteding is het niet mogelijk hiervoor een concreet bedrag te benoemen. 3.1.2.4 Conclusie risico’s recreatieschap per 31 december 2020 In de onderstaande tabel is een totaaloverzicht weergegeven van de risico’s voor recreatieschap Stichtse Groenlanden en de financiële inschatting van deze risico’s. Het totaalbedrag komt uit op € 406.000.

1 2 3 4 5 6 7 8

Omschrijving risico Rente Klimaatverandering Aantrekkende markt Tegenvallende opbrengsten strandbad Maarsseveense Plassen Erfpacht & huur (niet nagekomen verplichtingen) Vertraging overdracht beheer Oortjespad Exploitatie zandeilanden VVP Aanbesteding vervangen beschoeiingen VVP Totaal

Bedrag 25.000 85.000 28.000 60.000

Wanneer 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022e.v.

Frequentie Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks

25.000

2022 e.v..

Jaarlijks

90.000

2022e.v.

Jaarlijks

78.000 0

2023 e.v. 2019 e.v.

Jaarlijks Tot afronding beschoeiingsproject

391.000

Pagina 21 van 56

Inventarisatie en toelichting beschikbare weerstandscapaciteit per 31 december 2021 De weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen waarover het recreatieschap beschikt om niet begrote financiële tegenvallers op te vangen. Net als tegenvallers kan ook de weerstandscapaciteit worden onderverdeeld in incidenteel en structureel. Incidentele weerstandscapaciteit is aanwezig in de vorm van begrotingsposten voor onvoorzien en aanwezige reserves met een weerstandsfunctie. Structurele weerstandscapaciteit betreft de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. Het gaat dan - naast de mogelijkheid van herschikking binnen bestaande budgetten - om de heffingscapaciteit van het recreatieschap. De omvang van de incidentele en de structurele weerstandscapaciteit worden hieronder gepresenteerd. 3.1.3.1

Incidentele weerstandscapaciteit

Algemene reserve Stille reserves materiële vaste activa1 Post onvoorzien in de begroting Totaal incidentele weerstandscapaciteit

3.1.3.2

Beschikbaar per 31-12-2021 588.124 P.M. n.v.t. 588.124

Structurele weerstandscapaciteit

Onbenutte ruimte heffingen Heroverweging bestaand beleid Totaal structurele weerstandscapaciteit

Beschikbaar per 31-12-2021 0 P.M. 0

Onbenutte ruimte leges en heffingen Voor zover de hoogte van leges en andere heffingen niet gebonden is aan landelijk vastgestelde tarieven, is het beleid zoveel mogelijk gericht op 100% kostendekking. Zowel bedrijfseconomische factoren (vraaguitval), draagvlak (relatieve hoogte tarieven in vergelijking tot andere recreatieschappen) en beleidsinhoudelijke argumenten geven in de praktijk een begrenzing aan het volledig benutten van de aanwezige onbenutte capaciteit. Heroverweging bestaand beleid Door bestaand beleid te heroverwegen zijn er mogelijkheden om de structurele nadelen in de begroting op te vangen.

1 De materiele vaste activa zijn conform het BBV gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingprijs dan wel

lagere marktwaarde. Indien de marktwaarde echter boven de verkrijgings- of vervaardigingsprijs ligt dan is sprake van een stille reserve. Deze wordt gekapitaliseerd bij verkoop van het betreffende actief.

Pagina 22 van 56

3.1.3.3 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de relatie weer tussen de risico’s en de beschikbare weerstandscapaciteit.

Weerstandscapaciteit

Risico's

Weerstands -vermogen

De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt ultimo 2021 € 588.124 Het weerstandsvermogen wordt berekend door de risico’s te delen door de beschikbare weerstandscapaciteit. Op basis van de beschikbare weerstandscapaciteit van €588.124 en € 406.000 aan risico’s komt het weerstandsvermogen in de jaarrekening 2021 uit op 1,4.

3.2 Onderhoud kapitaalgoederen MJOP is in Q3 2021 opgesteld, op basis van inspecties, en inventarisatie bij de beheerders en percentage berekening van niet kapitaalintensieve goederen (meubilair), hieruit zijn budgetten en tijdspad geraamd voor GOH, INV, en inspecties. Het MJOP is een eerste stap naar het maken van werkplannen, niet alle objecten zijn voor 100% gedekt en zal gaande de periode steeds sluitende gaan worden. Het MJOP is voor 6 jaar opgesteld en heeft voor de aankomende periode en inflatie berekening van 1,5%, dit is bij vaststelling door het schap als risico benoemd en zal naar de huidige inflatiecorrectie moeten worden bijgesteld, tevens is het niet doorrekenen van VAT kosten een punt om op te nemen bij de herijking in 2022

Wegen Er is gestart met de inspecties van de diverse verhardingen, deze zullen worden verwerkt in het MJOP. Op de parkeerplaats Maarsseveenseplassen is het afwaterprobleem opgelost door het aanleggen van een betere infiltratievoorziening. Tevens is een hulpdienst toegang gerealiseerd voor het buitengebied (grote plas) Maarsseveenseplassen

Watergangen en oevers Vinkeveense plassen Onderhoud aan watergangen en oevers heeft in 2021 stilgelegen. Er is intensief overleg met Provincie Utrecht en de Omgevingsdienst over de voortgang van beschoeiingswerkzaamheden in relatie tot stikstofproblematiek. In 2021 zijn voorbereidingen getroffen om tranche 1 af te ronden, deze zijn bij de aannemer neergelegd en zal voor het recreatie seizoen 2022 het werk gaan uitvoeren. Onderzoeken t.b.v. natuurvriendelijke oevers zijn opgestart.

Groen: beplantingen Geen bijzonderheden.

Groen: grasvegetaties Geen bijzonderheden.

Schoonhouden en vuilafvoer Er is in de jaren 2020 en 2021 meer afval ingezameld door intensiever gebruik.

Pagina 23 van 56

Materieel Het werkschip de “Netta Rufina” voldoet inmiddels aan de wettelijke eisen zoals gesteld in de wet Binnenvaart.

3.3 Financiering In het Treasurystatuut is het treasurybeleid opgenomen met daarin de producten, partijen en limieten, de treasury-organisatie met taken, bevoegdheden en verantwoordingsrelatie en de bijbehorende informatievoorziening, in totaliteit bedoeld ter beperking van te lopen risico's.

Risicobeheer Binnen de Wet FIDO zijn twee normen vermeld waaraan dient te worden voldaan. Het doel van deze normen is het voorkomen dat bij herfinanciering van de leningen bij (aanzienlijk} hogere rente grote schokken optreden in de hoogte van de rente die het recreatieschap moet betalen. De normen beperken daardoor de budgettaire risico's.

Kasgeldlimiet De gemiddelde vlottende schuld, over drie maanden gezien, is voor een gemeenschappelijke regeling gelimiteerd op 8,2% van het begrotingstotaal. Voor SGL is dat (gecombineerd voor A en B) € 574.743. Omdat in 2020 geen kortlopende leningen zijn aangetrokken is de kasgeldlimiet in 2021 niet overschreden.

Renterisiconorm Over de langlopende schuld mogen de jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van deze renterisiconorm in 2021 weergegeven: Omschrijving

2020

2021

Begrotingstotaal (primitief) Wettelijk percentage Renterisiconorm

7.779.700 7.009.062 20% 20% 1.555.940 1.401.812

Bedrag waarover renterisico wordt gelopen (aflossingen) Ruimte onder renterisiconorm

271.765 240.000 1.284.175 1.161.812

Het bedrag aan langlopende leningen, waarover een renterisico liep, blijft ruimschoots binnen de wettelijke norm (volgens de wet FIDO), zoals blijkt uit de tabel.

3.4 Bedrijfsvoering Het onderhoud en beheer, de ontwikkeling, de bedrijfsvoering en handhaving en toezicht van het recreatieschap wordt uitgevoerd door de gemeenschappelijke regeling (GR) Recreatie MiddenNederland (RMN). Naast het uitvoeren van taken door RMN in eigen beheer worden veel externe partijen ingeschakeld voor de uit te voeren opdrachten als (groot) onderhoud en het realiseren van ontwikkelingen. Het recreatieschap Stichtse Groenlanden (SGL) en het Plassenschap Loosdrecht e.o. zijn deelnemer in RMN. De exploitatiebaten en lasten van RMN worden volledig doorberekend aan de betalende deelnemers. In 2021 had het Recreatieschap Stichtse Groenlanden een belang van 71,7% in de bedrijfsvoering organisatie RMN.

3.5 Verbonden partijen Het recreatieschap is deelnemer aan de bedrijfsvoering organisatie RMN, de uitvoeringsorganisatie voor twee recreatieschappen. Pagina 24 van 56

Prog. 1

Recreatie Midden Nederland (RMN)

Vestigingsplaats

Utrecht

Rechtsvorm

Gemeenschappelijke regeling – bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO)

Doelstelling/Publiek belang

Het bieden van een op de behoefte van de recreatieschappen afgestemd uitvoeringsapparaat en het vervullen van de daarmee samenhangende rol van werkgever, alsmede het bevorderen van de onderlinge afstemming tussen de recreatieschappen van de uit te voeren werkzaamheden

Zeggenschap / bestuurlijk belang

Het bestuur van RMN bestaat uit 3 leden en een secretaris. Namens SGL heeft dhr. VJ.H. Molkenboer zitting in het bestuur van RMN.

Samenwerkingspartners

RMN kent drie deelnemers: Recreatieschap Stichtse Groenlanden, Plassenschap Loosdrecht en provincie Utrecht.

Financieel belang

Deelnemers financieren via een deelnemersbijdrage de kosten van RMN en zijn gezamenlijk aansprakelijk voor eventuele tekorten.

Risico's / weerstandsvermogen

Er zijn geen materiële risico’s die effect hebben op de jaarrekening van SGL. Alle kosten van RMN worden doorbelast aan de deelnemende schappen.

Kerncijfers

Overige informatie / website

2020

2021

Vreemd Vermogen

1.462.162

1.845.428

Resultaat

0

0

Eigen vermogen

0

0

https://www.recreatiemiddennederland.nl

Pagina 25 van 56

JAARREKENING

4 Balans per 31 december 2021 Activa (bedragen in €) Immateriële vaste activa Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Sub totaal immateriële vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut

31-12-2021

31-12-2020

168.549 168.549

226.001 226.001

2.541.110

2.744.588

-

-

Sub totaal materiële vaste activa

4.054.704 6.595.814

4.222.099 6.966.687

Financiële vaste activa Overige uitzettingen Sub totaal financiële vaste activa

94.312 94.312

122.991 122.991

6.858.675

7.315.679

205.999 205.999

205.999 205.999

1.391.912 2.337.068 55.001 3.783.981

536.642 1.167.587 215.065 1.919.294

268.994

466.015

-

-

86.193 86.193

123.835 123.835

Totaal vlottende activa

4.345.166

2.715.143

Totaal activa

11.203.841

10.030.822

Totaal vaste activa Voorraden Gereed product en handelsgoederen Sub totaal voorraden Uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Rekening-courantverhouding met het Rijk Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier Overige vorderingen Sub totaal uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar Liquide middelen Kas- en banksaldi Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen van: - Overige Nederlandse overheidslichamen Overige overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Sub totaal overlopende activa

Pagina 26 van 56

Passiva (bedragen in €)

31-12-2021

Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerd resultaat Sub totaal eigen vermogen

588.124 2.434.974 521.758 3.544.856

Voorzieningen Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt (egalisatievoorziening) Sub totaal voorzieningen

1.711.505 1.711.505

Vaste schulden Onderhandse leningen van: - binnenlandse banken en overige financiële instellingen Waarborgsommen Vooruitontvangen bedragen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Sub totaal vaste schulden

31-12-2020

887.726 4.022.330 (299.599) 4.610.456

-

3.036.150 4.262

3.276.150 3.712

17.273 3.057.685

19.393 3.299.255

Totaal vaste passiva

8.314.046

7.909.711

Netto vlottende schulden Overige schulden Sub totaal netto vlottende schulden

1.036.223 1.036.223

828.378 828.378

343.561

217.858

- Overige Nederlandse overheidslichamen Overige vooruitontvangen bedragen Sub totaal overlopende passiva

1.458.796 51.215 1.853.572

1.062.519 12.356 1.292.733

Totaal vlottende passiva

2.889.795

2.121.111

Totaal passiva

11.203.841

10.030.822

Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren; - Het Rijk

Pagina 27 van 56

5 Overzicht van baten en lasten Programma

Realisatie 2020

Begroting 2021

Begroting 2021 na wijziging

Realisatie 2021

Afwijking begroting realisatie

2.434.360 343.434 68.868 1.455.015

1.531.771 545.515 19.347 2.098.835

3.038.152 545.515 19.347 2.056.064

3.942.388 349.030 49.153 1.129.943

904.236 -196.485 29.806 -926.121

2.441.390 6.743.066

2.461.194 6.656.662

2.497.553 8.156.631

2.559.383 8.029.897

61.830 -126.734

1.839.339 259.489 52.034 2.618.443

1.230.688 438.289 15.544 3.003.557

1.107.209 416.118 14.758 2.726.903

2.725.651 241.309 33.983 2.181.075

1.618.441 -174.809 19.225 -545.828

1.844.645 6.613.951 129.116

1.977.425 6.665.503 -8.841

1.977.066 6.242.054 1.914.577

1.782.281 6.964.299 1.065.598

-194.785 722.245 -848.979

Mutaties reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Totaal mutaties reserves

344.108 173.625 170.483

75.000 219.496 -144.496

117.957 1.887.893 -1.769.936

558.273 2.145.629 -1.587.356

440.316 257.736 182.580

Gerealiseerd resultaat

299.599

-84.487

144.641

-521.758

-666.399

Lasten Programma 1 Beheer en onderhoud Programma 2 Toezicht en handhaving Programma 3 Ontwikkeling Programma 4 Exploitatie Programma 5 Algemene dekkingsmiddelen en overhead, te onderscheiden in: - Overhead - Bedrag onvoorzien Totaal lasten Baten Programma 1 Beheer en onderhoud Programma 2 Toezicht en handhaving Programma 3 Ontwikkeling Programma 4 Exploitatie Programma 5 Algemene dekkingsmiddelen en overhead - Overhead - Bedrag onvoorzien Totaal baten Saldo van baten en lasten

Pagina 28 van 56

6 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 6.1 Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).

6.2 Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen.

De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden.

6.3 Vaste activa Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven.

Materiële vaste activa 6.3.2.1 Algemeen Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak die aan de vervaardiging van het actief worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze kosten worden geactiveerd. 6.3.2.2 Investeringen met economisch en maatschappelijk nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht.

Pagina 29 van 56

De volgende afschrijvingspercentages worden gehanteerd: Actief Grond en water Bouwkundige werken Beschoeiing Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten en installaties Woonruimtes Vervoermiddelen Overige vaste activa Routes

Percentage 0% 2,5% - 20% 2,5% - 4% 4% - 20% 5% - 20% 6,67% - 20% 8,33% - 20% 4% - 20% 10%

Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs.

6.4 Vlottende activa Voorraden Conform de notitie materiële vaste activa van de commissie BBV dienen activa waarvan het voornemen bestaat deze te verkopen verantwoord te worden onder de voorraden. Deze activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of lagere marktwaarde.

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

Liquide middelen en overlopende activa De liquide middelen en overlopende activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

6.5 Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer De vaste schulden worden tegen nominale waarde gewaardeerd.

6.6 Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Pagina 30 van 56

7 Toelichting op de balans per 31 december 2021 7.1 Vaste activa Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Boekwaarde per 31-12-2021 Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Bijdragen aan activa in eigendom van derden Totaal

Boekwaarde per 31-12-2020 -

-

168.549

226.001

-

-

168.549

226.001

Onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de immateriële vaste activa weer: Boekwaarde Investeringen Desper investeringen 31-12-2020

Afschrijvingen

Bijdragen Duurzame Boekwaarde van derden waardeper vermin31-12-2021 deringen

Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio

-

-

-

-

-

-

-

Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief

226.001

27.541

-

56.994

27.999

-

168.549

-

-

-

-

-

-

-

226.001

27.541

-

56.994

27.999

-

168.549

Bijdragen aan activa in eigendom van derden Totaal

De belangrijkste investeringen in de immateriële vaste activa betreffen: Omschrijving Advies Engineering Pilot NVO Noordplas Haalbaarheidsonderz horeca Salmsteke Ontwikkeling terrein Down Under Pilot aanleg paaiplaats zuidplas Ontwikkeling Salmsteke Totaal

Investering 2021 16.049 6.750 2.707 1.025 1.009 27.541

Pagina 31 van 56

Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen:

Boekwaarde per Boekwaarde per 31-12-2021 31-12-2020 2.541.110 2.744.588 -

Investeringen met een economisch nut Waarvan in erfpacht uitgegeven Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut Totaal

-

-

4.054.704

4.222.099

6.595.814

6.966.687

Onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut weer: Boekwaarde Investeringen Desper investeringen 31-12-2020

Afschrijvingen

Bijdragen Duurzame Boekwaarde van derden waardeper vermin31-12-2021 deringen

Gronden en terreinen Waarvan in erfpacht uitgegeven Woonruimten Bedrijfsgebouwen

531.790 423.823

-

-

1 38.977

-

-

531.789 384.846

Grond-, weg- en waterbouwkundige werken

771.179

4.900

-

70.759

4.900

-

700.420

13.306

-

-

1.112

-

-

12.194

573.917

7.777

-

45.542

-

-

536.152

430.572

174.812

-

76.066

153.609

-

375.709

2.744.588

187.489

-

232.457

158.509

-

2.541.110

Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal

De belangrijkste investeringen in 2021 zijn: Omschrijving Kunstwerk A12 Laagraven Persriool eiland 1 Vissteigers Ruigenhoek Hydraulische schepbak tbv Shibaura CM374 Totaal

Investering 2021 174.812 6.077 4.900 1.700 187.489

Pagina 32 van 56

Onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met maatschappelijk nut weer:

Boekwaarde per 31-12-2020 Gronden en terreinen Waarvan in erfpacht uitgegeven Woonruimten Bedrijfsgebouwen Grond-, weg- en waterbouwkundige werken

Afschrijvingen

Bijdragen Duurzame Boekwaarde van derden waardeper vermin31-12-2021 deringen

1.376.430

1.000

-

-

-

-

1.377.430

-

-

-

-

-

-

-

36.364

-

-

12.122

-

-

24.243

2.528.236

473.311

-

193.987

368.877

-

2.438.683

-

-

-

-

-

-

-

3.788

-

-

947

-

-

2.840

277.281

39.086

-

30.246

74.614

-

211.507

4.222.099

513.397

-

237.301

443.491

-

4.054.704

Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal

Investeringen Desinvesteringen

De belangrijkste investeringen met maatschappelijk nut in 2021 zijn: Omschrijving Ontwikkeling MeerlopadMeerlopad verplaatsen Damwand parkeerterrein mvp wandelroutenetwerk C fase 2 Laagraven voetpad verlengen aankoop grond Totaal

Investering 2021 365.794 82.390 25.127 20.866 18.220 1.000 513.397

Financiële vaste activa De financiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen:

Overige uitzettingen Totaal

Boekwaarde per 31-12-2021 94.312 94.312

Boekwaarde per 31-12-2020 122.991 122.991

Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het boekjaar was als volgt:

Overige uitzettingen Totaal

Boekwaarde per 31-12-2020

Toename

122.991 122.991

659 659

Aflossing/ afname

29.338 29.338

Duurzame Boekwaarde waardeper verminderingen 31-12-2021 -

Pagina 33 van 56

94.312 94.312

7.2 Vlottende activa Voorraden De voorraden bestaan per 31 december 2021 uit de volgende posten: Boekwaarde per Boekwaarde per 31-12-2021 31-12-2020 -

Grond- en hulpstoffen Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie Gereed product en handelsgoederen Vooruitbetalingen Totaal

-

-

205.999 -

205.999 -

205.999

205.999

De voorraad gereed product bestaat uit de voor verkoop beschikbare activa Oortjespad. Ingevolge de notitie materiële vaste activa van de commissie BBV dienen activa bestemd voor verkoop gepresenteerd te worden onder de voorraden. Om die reden is de boekwaarde van het Oortjespad verantwoord als desinvestering in de immateriële en materiële vaste activa en opgenomen als voorraad gereed product en handelsgoederen in 2019. De verkoop van het Oortjespad is vanwege de coronacrisis uitgesteld tot eind 2022, derhalve staat deze post per jaareinde 2021 nog steeds onder de voorraden verantwoord.

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar zijn als volgt onderverdeeld: Uitzetting per Voorziening 31-12-2021 oninbaarheid

Vorderingen op openbare lichamen Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen Overige verstrekte kasgeldleningen Uitzettingen in ’s Rijksschatkist Rekeningcourantverhouding met het Rijk Rekeningcourantverhoudingen met niet-financiële instellingen Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier Overige vorderingen

Boekwaarde Uitzetting per Voorziening per 31-1231-12-2020 oninbaarheid 2021

Boekwaarde per 31-122020

1.391.912

-

1.391.912

536.642

-

536.642

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

2.337.068

-

2.337.068

1.167.587

-

1.167.587

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

56.254

1.253

55.001

215.065

-

215.065

3.785.234

1.253

3.783.981

1.919.294

-

1.919.294

Overige uitzettingen Totaal

Pagina 34 van 56

7.2.2.1 Vorderingen op openbare lichamen De vorderingen op openbare lichamen bestaan uit openstaande debiteuren betreffende diverse gemeenten en de provincie Utrecht. Gelet op de aard van de vorderingen wordt het niet noodzakelijk geacht een voorziening voor oninbaarheid te vormen. 7.2.2.2 Uitzettingen in ‘s Rijksschatkist Op balansdatum had SGL overtollige middelen boven de drempel in van het schatkistbankieren in het kader van de Wet Houdbare Overheidsfinanciën (wet HOF). De middelen boven de drempel dienen in de schatkist van het Rijk worden aangehouden. In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Er is echter een aantal uitzonderingen, zoals het drempelbedrag. Dit is een minimumbedrag afhankelijk van de omvang van de organisatie dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden. Voor SGL was dat voor 2021 € 1.000.000. Voor organisaties met een begrotingstotaal kleiner dan €500 mln. bedraagt de drempel € 1.000.000. SGL heeft met de BNG de afspraak gemaakt dat het saldo boven de € 1.000.000 op de reguliere betaalrekening automatisch dagelijks wordt afgeroomd naar het schatkistbankieren. In onderstaande tabel is te zien wat de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren gedurende de vier kwartalen 2021 is geweest: Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)

(2)

(3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1)

Drempelbedrag Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijksschatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

1.000 Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

350

249

348

259

650

751

652

741

-

-

-

-

(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a)

Begrotingstotaal verslagjaar

8.275

(4b)

Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen

8.275

(4c)

Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.

Drempelbedrag

1.000

Pagina 35 van 56

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijksschatkist aangehouden middelen Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

31.528

22.678

32.002

23.782

90

91

92

92

350

249

348

259

Som van de per dag buiten 's Rijksschatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)

(5a)

(5b)

(2) - (5a) / (5b)

Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijksschatkist aangehouden middelen

Uit de tabel blijkt dat geen sprake is van een overschrijding van het drempelbedrag gedurende 2021. 7.2.2.3 Rekening courant verhoudingen met niet-financiële instellingen SGL heeft een rekening courant met de schappen waarvoor zij werkzaam is. Het saldo van deze rekening courant bedroeg per 31 december 2021 € 1.402 credit. Dit bedrag is opgenomen onder de overige schulden. Omdat sprake is van een rekening courant voor lopende transacties is geen sprake van financiering. Om die reden wordt geen rente in rekening gebracht. 7.2.2.4 Overige vorderingen De overige vorderingen betreffen debiteuren voor een bedrag € 56.254. In 2021 is er voor een bedrag ad. € 1.253 een voorziening dubieuze debiteuren getroffen.

Debiteuren Voorziening dubieuze debiteuren

Boekwaarde per 31-12-2021 56.254 1.253

Boekwaarde per 31-12-2020 215.065 -

55.001

215.065

Boekwaarde per 31-12-2021 266.057 2.937

Boekwaarde per 31-12-2020 461.951 4.064

268.994

466.015

Boekwaarde per 31-12-2021

Boekwaarde per 31-12-2020

Totaal

Liquide middelen Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.

Banksaldi Kassaldi Totaal

Overlopende activa De overlopende activa bestaan uit de volgende onderdelen:

De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen van: - Europese overheidslichamen

-

-

Pagina 36 van 56

- Het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen

Boekwaarde per 31-12-2021 -

Boekwaarde per 31-12-2020

79.713 6.480

119.079 4.756

86.193

123.835

Totaal

-

7.2.4.1 Nog te ontvangen bedragen Nog te ontvangen bedragen zijn opbrengsten die betrekking hebben op 2021, maar pas in een volgend jaar daadwerkelijk tot een ontvangst leiden. De nog te ontvangen bedragen bestaan ultimo boekjaar voornamelijk uit: Omschrijving Verondiepen Honswijkerplas - zandopbrengst 2021 Bijdrage BDU-kunstwerk Overige posten < € 5.000 Totaal

Bedrag 69.559 5.000 5.154 79.713

7.2.4.2 Vooruitbetaalde bedragen Vooruitbetaalde bedragen zijn bedragen die voor 31 december 2021 betaalbaar zijn gesteld, maar waarvan de lasten betrekking hebben op latere jaren. De vooruitbetaalde bedragen bestaan ultimo boekjaar voornamelijk uit: Omschrijving Overige posten < € 5.000 Totaal

Bedrag 6.480 6.480

7.3 Eigen vermogen Het eigen vermogen van SGL wordt gevormd door de reserves en het rekeningresultaat. Het eigen vermogen bestaat uit de volgende onderdelen: Reserve

Saldo per Resultaat31-12-2020 bestemmin g

Saldo per 1-1-2021

Toevoegin gen

Onttrekkingen

Algemene reserve (programma A) Algemene reserve (programma B) Subtotaal algemene reserve Reserve natuurontwikkeling fietspaden Reserve inrichting 't Waal / Honswijkerplas Herplantfonds Nedereindseplas Reserve vrijwillige bijdrage Oortjespad Reserve MVP rioolpomp

469.040 418.682 887.722

-122.191 -177.408 -299.599

346.849 241.275 588.124

-

OnttrekSaldo per king in 31-12-2021 verband met afschrijving op activa 346.849 241.275 588.124

45.378

-

45.378

-

-

-

45.378

951.918

-

951.918

69.559

67.239

-

954.238

14.386

-

14.386

-

-

-

14.386

38.666

-

38.666

-

-

-

38.666

2.655

-

2.655

-

-

885

1.770

Reserve fietspad Nieuw Wulven Calamiteitenfonds

46.539 48.900

-

46.539 48.900

-

-

5.817 -

40.721 48.900

Pagina 37 van 56

Reserve

Reserve speeleiland Reserve ontwikkelplan Oortjespad

12.879 10.000

-

12.879 10.000

-

OnttrekSaldo per king in 31-12-2021 verband met afschrijving op activa 6.889 5.990 10.000

Reserve ontwikkelplan Maarsseveense Plassen

565.689

-

565.689

-

-

23.420

542.269

4.999

-

4.999

-

-

4.999

-

Reserve ontwikkelplan komende jaren Reserve boomveiligheid Reserve heemstede noord Strategische keuzes reserve Bestemmingsreserve inspecties Bestemmingsreserve onderhoud

209.356 16.000 10.700 1.049.187

-

-

209.356 16.000 10.700 1.049.187

21.857 105.560 -

23.475 1.049.187

3.100 -

209.356 16.000 21.857 7.600 82.085 -

Subtotaal bestemmingsreserves programma A

3.027.252

-

3.027.252

196.976

1.139.901

45.111

2.039.216

Duiken

49.042

-

49.042

-

-

12.534

36.508

Reserve Legakkers beschoeiingen Reserve uitvoeringsprogramma VVP Reserve Entrees gebied Reserve gevolgen verkoop legakkers Bestemmingsreserve inspecties Bestemmingsreserve onderhoud

103.503 64.385 170.110 37.500 570.538

-

103.503 64.385 170.110 37.500 570.538

12.397 -

9.887 1.983 6.424 570.538

10.350 -

93.153 64.385 160.223 35.517 5.973 -

995.078

-

995.078

12.397

588.833

22.884

395.758

4.022.331

-

4.022.331

209.373

1.728.734

67.995

2.434.974

-299.599 4.610.456

-299.599 -

4.610.456

209.373

1.728.734

67.995

521.758 3.544.856

Reserve ontwikkelplan Ruigenhoek

Subtotaal bestemmingsreserves programma B Subtotaal bestemmingsreserves (programma A + programma B) Gerealiseerd resultaat Totaal

Saldo per Resultaat31-12-2020 bestemmin g

-

Saldo per 1-1-2021

Toevoegin gen

Onttrekkingen

7.3.1.1 Reserve natuurontwikkeling fietspaden Betreft een reserve t.b.v. ontwikkeling van natuur langs fiets- en wandelpaden in het Noorderpark. Dit bedrag zal worden aangewend bij nadere inrichting van dit gebied. In 2021 zijn er geen mutaties geweest. 7.3.1.2 Reserve inrichting ’t Waal / Honswijkerplas Ten behoeve van het inrichtingsplan ’t Waal is een contract gesloten met een ontzander. Hierin is bepaald, dat de ontzander het gebied recreatief inricht. Tevens betaalt hij, ter dekking van in het verleden door het recreatieschap gedane investeringen en in het kader van afkoop van een 20-jarige beheer- en onderhoudsverplichting in totaal ruim € 944.100. In 2021 is aan onderhoud besteed € 67.239. In 2021 zijn de opbrengsten ad € 69.559 van de verkoop van zand dat beschikbaar komt bij het verondiepen van de Honswijkerplas toegevoegd aan de reserve. 7.3.1.3 Herplantfonds Nedereindse Plas Dit bedrag is een aantal jaren geleden ontvangen, nadat op de Nedereindse Plas schade aan de beplantingen is aangericht. Van deze reserve vindt, na voltooiing van de sanering, herplanting bij de plas plaats. In 2021 zijn er geen mutaties geweest. 7.3.1.4 Reserve vrijwillige bijdrage Oortjespad Donaties in de bus van het Oortjespad t.b.v. financiering nieuwe aansprekende objecten op de kinderboerderij Oortjespad. In de afgelopen jaren zijn een uitkijktoren en speeltoestellen hieruit

Pagina 38 van 56

gefinancierd. Vrij te besteden per eind 2021 is € 38.666. In 2022 zal deze reserve worden aangewend ter dekking van de kosten afwikkeling overdracht kinderboerderij Oortjespad. 7.3.1.5 Reserve MVP rioolpomp Voor de ontvangen vergoeding voor schade aan een vervangen pomp in 2013 is een reserve gevormd. Reserve dekt de kapitaalslasten van de nieuwe pomp. 7.3.1.6 Reserve fietspad Nieuw Wulven Door het bestuur is uit het opgebouwde bedrag voor nieuw beleid in 2009 € 116.300 beschikbaar gesteld voor volledige ontsluiting van het fietspad Nieuw Wulven. Aan dit bedrag wordt jaarlijks € 5.817 onttrokken ter egalisatie van de afschrijvingslasten van het fietspad. 7.3.1.7 Calamiteitenfonds Een van de uitganspunten van de 2e budgetfinancieringscyclus was opbouw van een calamiteitenreserve. Daarbij werd afgesproken, dat een jaarlijks bedrag van € 25.000 als ‘Onvoorzien’ in de begroting werd opgevoerd t.b.v. opvang calamiteiten. Het maximum van de reserve is gesteld op € 100.000 eventueel verhoogd met de jaarlijkse prijsindex (voor 2015 t/m 2018 is de nullijn gehanteerd). Uitgaven ten laste van deze post wordt gedaan op basis van besluiten van het dagelijks bestuur. In 2021 is de reserve niet aangesproken. 7.3.1.8 Reserve speeleiland Beschikbare reserve ten bate van innovatie waterspeeleiland. Het bedrag valt evenredig vrij met de afschrijving op investeringen, voor 2021 € 6.889.

7.3.1.9 Ontwikkelplannen Uitrollen van diverse ontwikkelplannen goedgekeurd door het bestuur in 2015. Saldo beschikbaar voor aanwending is €761.625. Voor zover bedragen aangewend zijn, staan deze genoemd onder de diverse ontwikkelplannen en vallen vrij gelijktijdig met de uit investeringen gegenereerde afschrijvingen. 7.3.1.10 Reserve boomveiligheid Reserve gevormd in 2017 in verband met uit te voeren onderzoek naar boomveiligheid. In 2021 waren er geen mutaties op deze reserve. 7.3.1.11 Reserve heemstede noord In 2021 heeft de provincie Utrecht, in het kader van RodS, percelen in Heemstede Noord/ Laagraven overgedragen aan het recreatieschap. Bij die overdracht hoort een verplichting om deze percelen te ontwikkelen voor regionale recreatie. Delen van de betreffende percelen mochten worden doorgeleverd aan de gemeente Houten, voor de realisatie van een fietsstraat bij de Heemsteedseweg en aan Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden voor de verbreding van watergangen in het gebied. Het recreatieschap moest de bijbehorende opbrengsten dan wel reserveren voor de recreatieve ontwikkeling van dezelfde percelen. De recreatieve ontwikkeling is uitgesteld vanwege de verwachte doorlooptijd en de transitie van RMN; deze reserve is en blijft de komende jaren beschikbaar. 7.3.1.12 Reserve strategische keuzes Reserve gevormd in 2017 in verband met een nader onderzoek strategische keuzes.

In 2021 bedroeg de vermindering in verband met afschrijvingen op activa op deze reserve € 3.100. 7.3.1.13 Bestemmingsreserve inspecties A + B In 2021 is het MJOP vastgesteld. Deze is gebaseerd op uitgevoerde inspecties naar de technische staat van het bezit van het recreatieschap. Om het MJOP actueel te houden blijft het belangrijk om periodiek inspecties uit te voeren om vast te stellen dat feitelijke technische staat niet afwijkt van hetgeen in het MJOP vanuit is gegaan. Om deze inspecties uit te kunnen voeren heeft het AB besloten tot het instellen van bestemmingsreserve inspecties.

Pagina 39 van 56

7.3.1.14 Bestemmingsreserve Onderhoud A + B In 2021 heeft het bestuur een nieuw MJOB vastgesteld dat voldoet aan de vereisten uit de verslaggevingsvoorschriften Besluit Begroting en Verantwoording. Het bestuur heeft besloten de bestemmingsreserve onderhoud vrij te laten vallen in het resultaat en gelijktijdig om een voorziening groot onderhoud ten laste van het resultaat te vormen De onttrekking aan de reserve bedraagt € 1.049.187.

7.3.1.15 Duiken De jaarlijkse dotatie aan de reserve duiken is met ingang van 2013 gestaakt. Ten laste van de reserve komen de afschrijvingslasten van tot nog toe uitgevoerde investeringen in de duikzone. De omvang van de reserve is voldoende om de investeringen te dekken. 7.3.1.16 Reserve vervanging beschoeiingen In de jaren 2009 en 2010 is een bestek herstel legakkers uitgevoerd. Voor een deel gesubsidieerd door de provincie Utrecht (60%). De bijdrage van het schap bedraagt € 207.000. Dit bedrag is onttrokken aan de reserve vervangingsinvesteringen/nieuw beleid en valt gelijktijdig met de afschrijving op de investering m.i.v. 2011, in 20 jaar vrij. 7.3.1.17 Reserve Uitvoeringsprogramma VVP Deze bestemmingsreserve wordt ingezet voor de realisatie van het programma Vinkeveense Plassen 2019-2024. In 2021 zijn er geen mutaties geweest. 7.3.1.18 Reserve entrees gebied Deze reserve is in 2019 gevormd vanuit de reserve winkelpolder en is bedoeld voor het verbeteren van de twee entrees naar dit gebied. (Winkelpolder en Zandeiland 4). Deze uitgaven worden gezien als investering waarover 10 jaar wordt afgeschreven. Deze bestemmingsreserve valt ook in 10 jaar vrij. 7.3.1.19 Reserve gevolgen verkoop legakkers Deze reserve is gevormd voor nog te verwachten uitgaven als gevolg van de verkoop van de legakkers. De reserve is in 2021 aangesproken.

Er is juridisch advies ingewonnen om de nieuwe eigenaren te houden aan de contractueel afgesproken beschoeiingsplicht.

7.4 Voorzieningen De voorzieningen zijn als volgt te specificeren: Saldo per 31-12-2020

Toevoegingen

Aanwendingen

Saldo per 31-12-2021

1.198.909

Ten gunste van de rekening van baten en lasten vrijgevallen bedragen -

Onderhoudsvoorziening programma A Onderhoudsvoorziening programma B Totaal egalisatievoorzieningen

-

16.925

1.181.984

-

529.521

-

-

529.521

-

1.728.430

-

16.925

1.711.505

Totaal

-

1.728.430

-

16.925

1.711.505

Voorziening egalisatie onderhoud Zie ook de toelichting bij Bestemmingsreserve onderhoud. In 2021 is naar aanleiding van het vastgestelde MJOP opnieuw een voorziening groot onderhoud ingesteld. Deze voorziening heeft tot

Pagina 40 van 56

doel om schommelingen in de kosten van groot onderhoud van de kapitaalgoederen te egaliseren. Dit gebeurt door jaarlijks een gelijkblijvend bedrag in de voorziening te storten en vervolgens werkelijke lasten van het betreffende jaar te onttrekken.

Pagina 41 van 56

7.5 Vaste schulden De vaste schulden zijn als volgt te specificeren: Boekwaarde per 31-12-2021 Obligatieleningen Onderhandse leningen van: - binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen - binnenlandse banken en overige financiële instellingen - binnenlandse bedrijven - openbare lichamen - overige binnenlandse sectoren - buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren

Boekwaarde per 31-12-2020 -

-

3.036.150 -

3.276.150 -

-

-

4.262

3.712

17.273

19.393

3.057.685

3.299.255

Door derden belegde gelden: Waarborgsommen Vooruitontvangen bedragen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Totaal

-

Het verloop van de vaste schulden gedurende het jaar was als volgt: Boekwaarde per

Vermeerderingen

Aflossingen

1-1-2021 Obligatieleningen Onderhandse leningen van: - binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen - binnenlandse banken en overige financiële instellingen - binnenlandse bedrijven - openbare lichamen - overige binnenlandse sectoren - buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren Door derden belegde gelden: Waarborgsommen Vooruitontvangen bedragen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Totaal

Boekwaar de per 31-122021 -

Rentelast 2021

-

-

-

3.276.150

-

240.000

3.036.150

62.066

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

3.712

10.550

10.000

4.262

-

19.393

400

2.519

17.273

-

3.299.255

10.950

252.519

3.057.685

62.066

Pagina 42 van 56

7.5.1.1

Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Boekwaarde per 31-12-2021

Kasgeldleningen aangegaan bij openbare lichamen Overige kasgeldleningen Banksaldi Overige schulden Totaal

Boekwaarde per 31-12-2020 -

-

1.036.223 1.036.223

828.378 828.378

De overige schulden bestonden volledig uit het crediteurensaldo.

Overlopende passiva De overlopende passiva bestaan uit de volgende onderdelen: Boekwaarde per 31-12-2021 Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen

Boekwaarde per 31-12-2021

343.561

217.858

1.458.796 51.215 1.853.572

1.062.519 12.355 1.292.732

Van Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel - Europese overheidslichamen - Het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen Overige vooruitontvangen bedragen Totaal

7.5.2.1

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen

Verplichtingen zijn posten die ten laste van het jaar 2021 zijn gebracht, maar waarvan de facturen in de loop van 2022 zijn of worden ontvangen. De verplichtingen bestaan ultimo 2021 voornamelijk uit: Omschrijving Transparantie btw-correctie 4e kwt 2021 Verplaatsen damwand Overlopende rente BNG Nog te betalen bijdrage HUS SSB/UL Waterschapslasten Zuiveringsheffing Overige bedragen < 5000 Totaal

Bedrag 155.981 82.390 39.404 17.938 7.000 6.600 34.248 343.561

Pagina 43 van 56

7.5.2.2

De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren

De in de balans opgenomen van EU, Rijk en provincies ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren kunnen als volgt worden gespecificeerd: Regeling

Overige Nederlandse overheidslichamen Provincie Utrecht - Wandelroutenetwerk C

Saldo 31-12-2020

Ontvangen bedragen

Vrijgevallen bedragen of terugbetalingen

Saldo per 31-12-2021

65.473

-

40.387

25.086

Gemeente Wijk bij Duurstede Wandelroutenetwerk C

31.000

-

31.000

-

Gemeente Bunnik - Wandelroutenetwerk C

23.437

-

23.437

-

Gemeente Utrechtse Heuvelrug Wandelroutenetwerk C

36.250

-

36.250

-

Gemeente Zeist - Wandelroutenetwerk C

6.250

-

6.250

-

Provincie Utrecht TOP Laagraven

-

19.720

18.220

1.500

Provincie Utrecht Meerlopad

-

145.075

135.075

10.000

Provincie Utrecht - Rods Noorderpark

25.265

-

4.900

20.365

Gemeente De Ronde Venen - beschoeiing VVP

218.050

-

10.987

207.063

Gemeente Amsterdam - beschoeiing VVP Provincie Utrecht - beschoeiing VVP Totaal

138.921 517.873 1.062.519

555.000 719.795

7.000 10.013 323.518

131.921 1.062.860 1.458.796

7.5.2.3 Overig vooruit ontvangen bedragen Onder de post overige vooruitontvangen bedragen zijn bedragen opgenomen die in 2021 al zijn ontvangen maar betrekking hebben op latere jaren. De overige vooruitontvangen bedragen bestaan ultimo 2021 voornamelijk uit: Omschrijving transitiekosten liquidatie RMN Overige posten < € 5.000 Totaal

Bedrag 50.000 1.215 51.215

Niet uit de balans blijkende verplichtingen 7.5.3.1 Noorderpark (Ruigenhoek) Van Staatsbosbeheer is in het gebied Noorderpark (Ruigenhoek) een perceel in erfpacht verkregen van in totaal bijna 68,5 ha. Het erfpachtcontract heeft een looptijd tot 31-12-2070. Het recreatieschap betaalt geen canon, maar heeft de verplichting om te zorgen voor een goede staat van onderhoud. 7.5.3.2 Fietspaden Van Staatbosbeheer zijn in het bos Nieuw Wulven te Houten en in het Gagelbos te Utrecht gronden in erfpacht verkregen voor de realisatie van recreatieve fietspaden. Dezelfde situatie doet zich voor in het Parkbos en in het Wielrevelt te Haarzuilens, waar van Natuurmonumenten eveneens gronden in erfpacht zijn verkregen voor het realiseren van recreatieve fietspaden. Conform de

Pagina 44 van 56

erfpachtovereenkomsten, waarvoor geen erfpacht is verschuldigd, is het recreatieschap verplicht deze fietspaden in goede staat van onderhoud te houden. 7.5.3.3 De Leijen Het recreatieschap heeft sinds 1999 een huurovereenkomst met het Utrechts Landschap voor het recreatieterrein de Leijen. Deze huurovereenkomst is aangegaan voor onbepaalde tijd. Jaarlijkse huur ca. € 2.000. Van een particulier wordt in ieder geval tot 1 januari 2029 de toegangsweg naar de Leijen gehuurd voor € 125,00 per jaar. Dit contract wordt, behoudens opzegging, per keer voor 10 jaar verlengd. 7.5.3.4 Huurovereenkomst Er is een huurovereenkomst afgesloten voor de Loswal. Het contract loopt van 2018-2022 en heeft een contractwaarde van € 36.500. Ultimo 2021bedraagt de restantverplichting € 7.947

7.5.3.5 Publieke bijdrage oortjespad Het recreatieschap is in 2020 een overeenkomst aangegaan met een commerciële partij inzake het beheer van Oortjespad. Ten behoeve van het uitvoer van dit beheer is overeengekomen dat het recreatieschap 5 jaar een publieke bijdrage betaalt van € 150.000. De restantverplichting bedraagt € 450.000 per ultimo 2021.

Pagina 45 van 56

8 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 8.1 Toelichting per programma Voor de toelichting op de baten en lasten verwijzen wij naar paragraaf 13.

8.2 Begrotingsrechtmatigheid In de jaarrekening wordt verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid en de financiën. Daarbij wordt tevens getoetst of de uitgaven in de jaarrekening binnen de door het bestuur vastgestelde begroting (inclusief begrotingswijzigingen) passen. Zo niet, dan kan sprake zijn van een zogenaamde begrotingsonrechtmatigheid. De commissie BBV heeft hiervoor in de kadernota rechtmatigheid een afwegingskader gesteld. Programma

Overschrijding Afweging in het kader van begrotingslasten rechtmatigheid

Programma 1 Beheer en Onderhoud Programma 3 Ontwikkeling

Programma 5 Algemene dekkingsmiddelen en overhead

Conclusie in het kader van begrotingsrechtmatigheid

De begroting 2021 is de eerste die is opgesteld volgens de programmaindeling. In de realisatie is met name bij 29.806 posten als kapitaallasten een verdere specificering plaatsgevonden van de Onrechtmatig, maar telt toerekening aan de programma’s op niet mee in het oordeel basis van werkelijk gebruik. Hierdoor zijn van de accountant. ten opzichte van de begroting enkele 61.830 verschuivingen opgetreden. Per saldo zijn deze verschuivingen ongeveer neutraal. Deze overschrijding past daarmee binnen het bestaande beleid.

904.236

8.3 Overzicht van incidentele baten en lasten Onderstaand is het overzicht van incidentele baten en lasten opgenomen. Per item is in cursieve tekst tevens een motivatie opgenomen van waarom sprake is van een incidenteel karakter. Omschrijving en toelichting incidentele last/ baat

Programma

Lasten

Baten

Toevoeging aan reserve

Onttrekking aan reserve

Saldo

Compensatie gevolgen van Corona aan pachters Betreft een eenmalige tegemoetkoming, derhalve als incidenteel aangemerkt

4

49.788

348.900

-

-

286.312

Verkoop groenstrook Tienhoven Incidentele verkoop grond, aangemerkt als incidenteel

4

-

31.000

-

-

31.000

Bijdrage in personeelskosten bij overdracht Oortjespad Eenmalige bijdrage in personeelskosten daarom aangemerkt als incidenteel

4

-

30.000

-

-

30.000

Verkoop perceel Tachtigmorgen Incidentele verkoop grond, aangemerkt als incidenteel

4

-

20.000

-

-

20.000

49.788

429.900

-

-

380.112

Totaal

Pagina 46 van 56

9 Overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld Taakveld

Baten

Lasten

Saldo

0.1 Bestuur

-

61.744

-61.744

0.4 Overhead

-

1.969.331

-1.969.331

0.5 Treasury

-

62.066

-62.066

320

-

320

1.2 Openbare orde en veiligheid

-

382.632

-382.632

2.3 Recreatieve havens 2.4 Economische havens en vaarwegen

-

-

-

-

-

-

0.8 Overige baten en lasten

3.4 Economische promotie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie

1.529

2.192

-663

6.962.450

5.551.931

1.410.519

Saldo van baten en lasten

6.964.299

8.029.896

-1.065.597

0.10 Mutaties reserves

1.587.355

-

1.587.355

Gerealiseerd resultaat

8.551.654

8.029.896

521.758

Pagina 47 van 56

10 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector Per 1 januari 2013 is de Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op RMN van toepassing zijnde regelgeving: Wet gemeenschappelijke regelingen. Het bezoldigingsmaximum in 2021 voor RMN is € 209.000 inclusief onkosten en pensioenbijdrage. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband. Voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking geldt met ingang van 1 januari 2017 voor de eerste 12 kalendermaanden een afwijkende normering, zowel voor de duur van de opdracht als voor het uurtarief. Recreatieschap Stichtse Groenlanden heeft geen eigen personeel in dienst en heeft dus geen topfunctionarissen. Het recreatieschap is deelnemer aan de gemeenschappelijke regeling Recreatie Midden-Nederland, die de uitvoeringsorganisatie van de recreatieschappen is. De diensten worden afgenomen van de eigen uitvoeringsorganisatie (verplichte winkelnering). Bij RMN was in 2021 sprake van één topfunctionaris. Het belang van het Recreatieschap Stichtse Groenlanden was in 2020 71,7%. Onderstaand zijn de WNT-gegevens van de topfunctionaris bij RMN opgenomen.

10.1 Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling alsmede degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt. Gegevens 2020 Bedragen x € 1

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

P.D. KOTVIS Directeur 01-01/ 31-12 1,0 fte Ja € 115.238 € 20.349 € 135.587 € 201.000 0 € 135.587 n.v.t. n.v.t.

Pagina 48 van 56

Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 Gegevens 2021 Bedragen x € 1

Functiegegevens Kalenderjaar Periode functievervulling in het kalenderjaar Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar Maxima op basis van de normbedragen per maand Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 Bezoldiging (alle bedragen exclusief BTW) Werkelijk uurtarief lager dan het maximum uurtarief Bezoldiging in de betreffende periode Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 -/- onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

J. BRAND Interim-directeur 2021 01/01 – 31/12 12 1865 € 199 € 292.200 € 292.200

JA € 223.800 € 223.800 N.V.T. € 223.800 N.V.T. N.V.T.

10.2 Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2021 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen.

10.3 Leden en plaatsvervangende leden en secretaris van het bestuur Het hoogste uitvoeringsorgaan van het recreatieschap is het bestuur. Het bestuur bestaat uit bestuurders van de deelnemers. Het individueel WNT-maximum van de voorzitter bedraagt € 31.350, voor de overige leden bedraagt dit maximum € 20.900. Evenals in 2020 is er in 2021 geen dienstverband tussen de leden en de plaatsvervangende leden en SGL. De onderstaand genoemde personen zijn in 2021 lid of plaatsvervangend lid van het bestuur geweest. Aan deze lijst is toegevoegd de secretaris van het bestuur. De bestuursleden hebben geen bezoldiging ontvangen. De samenstelling van het dagelijks en het algemeen bestuur is hieronder opgenomen.

Dagelijks bestuur Bestuurder

Functie

Periode

Dhr. J. van Everdingen

Voorzitter DB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. S. Bos

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Mw. A. Brommersma

Lid DB

Vanaf juni 2021 (tot heden)

Mw. A. Schuurs-Jensema

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Pagina 49 van 56

Bestuurder

Functie

Periode

Dhr. J. van Engelen

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. M. van Dijk

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Mw. L. van Hooijdonk

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. V.J.H. Molkenboer

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. C. Geldof

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. A. Schaddelee

Lid DB

Heel 2021 (tot heden)

Mw. S. Stolwijk

Secretaris

Tot september 2021

Mw. J. Brand

Secretaris

Vanaf september 2021

Bestuurder

Functie

Periode

Dhr. J. van Everdingen

Voorzitter AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. S. Bos

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. J. De Jong Schouwenburg

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Mw. A. Schuurs-Jensema

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. M. Divendal

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. L.J. de Graaf

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. H. Adriani

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. J. van Engelen

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. A. Gemke

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. M. van Dijk

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Mw. L. van Hooijdonk

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. K. Diepeveen

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. V.J.H. Molkenboer

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. C. Geldof

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. J. Pel

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. A. Schaddelee

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Mw. J. van Gilse

Lid AB

Heel 2021 (tot heden)

Dhr. J. de Jong

Lid AB

Tot februari 2021

Mw. S. Stolwijk

Secretaris

Tot september 2021

Mw. J. Brand

Secretaris

Vanaf september 2021

Algemeen bestuur

Pagina 50 van 56

11 Gebeurtenissen na balansdatum 11.1 Effect COVID 19 op de jaarrekening Ondanks de grote maatschappelijke impact zijn de financiële gevolgen voor het recreatieschap in 2021 beperkt. Het recreatieschap heeft geen gebruik gemaakt van overheidssteun zoals NOW of TVL.

Pagina 51 van 56

BIJLAGEN

12 Staat van langlopende geldleningen Restantbedrag van de lening per 31-122020

Nieuw opgenomen leningen 2021

Aflossing 2021

Lineair

72.000

-

Lineair

150.000

-

3,35%

Lineair

720.000

1,30%

Lineair

850.000

1,38%

Lineair

Leningnummer

Geldgever

94307

BNG

18-2-2002

720.000

20

5,24%

98612

BNG

19-12-2003

1.000.000

20

4,54%

40108181

BNG

15-2-2013

1.000.000

20

40111028

BNG

24-1-2017

1.000.000

20

40111999

BNG

2-7-2018

1.600.000

25

Totaal n.v.t. Garantstelling Totaal (in €)

Datum sluiten Oorspronkelijk Looptijd Rentepercentage lening bedrag in jaren

Type

Restantbedrag van de lening per 31-12-2021

Rentelast 2021

36.000

36.000

2.133

50.000

100.000

6.741

-

40.000

680.000

22.947

-

50.000

800.000

10.443

1.472.000

-

64.000

1.408.000

19.802

3.264.000 12.150 3.276.150

-

240.000 240.000

3.024.000 12.150 3.036.150

62.066 62.066

52

13 Programmarekening ‘oude stijl’ 13.1 Programmarekening ingedeeld naar voormalige begrotingsposten Omwille van de vergelijkbaarheid hebben we onderstaand de programmarekening ‘oude’ stijl opgenomen.

Programma A Begrotingspost

Doorbelaste personeelskosten Doorbelaste apparaatskosten Inhuur personeel derden Rente en afschrijvingen Huur en pachten Bestuurs- en apparaatskosten Belastingen en verzekeringen Energie- en waterkosten Onderhoud en vuilafvoer Voorzieningen Publiciteits- en overige kosten Nagekomen lasten onvoorzien Totaal lasten Opbrengsten van eigendommen Rechten Rente Overige baten Nagekomen baten Dekkingsmiddelen Totaal baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Realisatie 2020

Begroting 2021

Begroting 2021 na wijziging

Realisatie 2021

Afwijking begroting realisatie

1.801.730

1.737.674

1.578.952

1.731.540

152.588

753.507

711.521

834.596

665.936

-168.660

208.639 523.627 33.862

326.371 711.199 27.995

172.000 528.000 40.000

163.279 477.294 30.730

-8.721 -50.706 -9.270

132.357

66.078

76.000

73.819

-2.181

52.467

47.708

54.000

51.599

-2.401

43.145 1.259.858 -

41.847 1.107.705 -

41.900 1.148.225 1.198.909

36.394 1.229.900 1.198.909

-5.506 81.675 -

199.495

98.405

198.000

238.091

40.091

26.707 -

4.877

-

7.645

7.645 -

5.035.394

4.881.380

5.870.582

5.905.136

34.554

1.008.330

928.502

738.000

883.261

145.261

7.588 348.770 59.766 3.690.287

265.579 3.666.552

257.000 5.991 3.666.553

6.913 322.434 29.071 4.108.578

6.913 65.434 23.080 442.025

5.114.741

4.860.633

4.667.544

5.350.257

682.713

79.347

-20.747

-1.203.038

-554.879

648.159

293.804

277.400

105.560

196.977

91.417

137.687

298.146

1.246.758

1.185.012

-61.746

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=ed624168-64dc-4b11-824f-2a617f11e104