CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Mens en Samenleving (2008-2021) 6 juli 2021, gemeente Utrecht41.858 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Bundel van de Commissie Mens en Samenleving van 6 juli 2021

1 2

Opening en mededelingen Aanvang: 20.00u. Fysiek. Jaarstukken 2020 Dossier 1899 voorblad Raadsvoorstel Jaarstukken 2020.docx Jaarstukken 2020.pdf Bewonerssamenvatting bij Jaarstukken 2020.pdf Subsidiemonitor 2020.pdf Subsidiemonitor factsheet.pdf

2.1

Raadsbrief Beantwoording schriftelijke raadsvragen en erratum Jaarstukken 2020 Dossier 1997 voorblad Raadsbrief Beantwoording schriftelijke raadsvragen en erratum Jaarstukken 2020.pdf Beantwoording schriftelijke raadsvragen Jaarstukken 2020.pdf Erratum Jaarstukken 2020.pdf

2.2

Verslag Adviescommissie Controle en Financiën 10 juni 2021 Ter kennisname. Verslag Adviescommissie CF 10-06-2021.docx

3

Resultaatbestemming 2020 Dossier 1900 voorblad Raadsvoorstel Resultaatbestemming 2020.docx Resultaatbestemming 2020.doc

4

Stukken van de accountant over Jaarrekening 2020 Presentatie controle jaarrekening 2020 Utrecht.pdf Gemeente Utrecht - Accountantsverslag 2020.pdf

5

Raadsbrief Reactie op bevindingen accountant bij de jaarrekening 2020 Dossier 2028 voorblad Raadsbrief Reactie op bevindingen accountant bij de jaarrekening 2020.docx

6 6.1

Raadstoetsen Raadstoets Bereikbaarheid Raadstoets programma Bereikbaarheid 2020.pdf Vragen en ambtelijke reactie programma Bereikbaarheid 2020 19-.._.pdf Benchmark taakveld Bereikbaarheid tbv raadstoets Utrecht 2020.pdf Verslag Raadstoets Bereikbaarheid 14-04-2021.pdf

6.1

Raadstoets Ondersteuning op maat - onderdelen WMO en vluchtelingen Raadstoets Ondersteuning op maat - onderdelen WMO en vluchtelingen.pdf

2 Jaarstukken 2020 1 Dossier 1899 voorblad.pdf

Commissie Mens en Samenleving Dossiernummer

1899

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

6 juli 2021

Agendapunt

2

Omschrijving

Jaarstukken 2020

ID

1954

Behandelend ambtenaar

Sandra Emsbroek

Telefoon

06 - 29 07 71 18

E-mail

sandra.emsbroek@utrecht.nl

Datum collegebesluit Geocodering

Stad Utrecht

Thema Portefeuillehouder

Wethouder Klein

Beleidsveld

Financiën

Referendabel

Nee

Reden niet referendabel

Sub d: Raadsvoorstel over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en rekening.

Raadsadviseur (lijst)

Daniëlle Rijnders/Adviescommissie Controle&Financiën, Financiën, Dierenwelzijn, Economische zaken, Milieu en Emissieloos Vervoer, Mobiliteit/06-39276711

Geagendeerd

Vergaderdatum

Commissie Mens en Samenleving

6 juli 2021

Gemeenteraad

8 juli 2021

Voorgesteld besluit

1 Raadsvoorstel Jaarstukken 2020.docx

Voorstel aan de gemeenteraad

Jaarstukken 2020 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Geheim

Financiën Bedrijfsvoerings- en Strategienetwerk Sandra Emsbroek 8884422 13 juli 2021 Nee

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De Jaarstukken 2020 vast te stellen. 2. Het jaarrekeningresultaat 2020 toe te voegen aan de algemene reserve en verdere besluitvorming hierover te betrekken bij het voorstel Resultaatbestemming 2020 en de Voorjaarsnota 2021. Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

Geheimhouding Het college heeft permanente geheimhouding opgelegd op de bijlagen ‘Investeringsstaten 2020’, ‘Risicomodel Jaarstukken 2020’ en ‘Voorzieningen Openbare Ruimte en Groen’ op grond van artikel 55 lid 1, artikel 86 lid 2 en artikel 25 lid 2 Gemeentewet om redenen genoemd in artikel 10 lid 2 onder b en g Wet Openbaarheid van bestuur. De raad wordt separaat gevraagd deze geheimhouding op grond van artikel 25 lid 3 Gemeentewet in de eerstvolgende raadvergadering te bekrachtigen. In de investeringsstaten staan gespecificeerde bedragen voor investeringen voor de diverse programma’s. Openbaarheid van de bedragen kan bij lopende en nieuwe aanbestedingen het gemeentelijke financiële belang schaden en kan leiden tot onevenredige benadeling van de Gemeente dan wel bevoordeling van derden. In het risicomodel en de bijlage voorzieningen Openbare Ruimte en Groen staan risico’s / bedragen waarvan openbaarheid het gemeentelijke financiële belang kan schaden en kan leiden tot onevenredige benadeling van de Gemeente dan wel bevoordeling van derden.

Samenvatting Het college legt aan de raad over ieder begrotingsjaar verantwoording af over het door hen gevoerde bestuur door middel van het overleggen van de Jaarstukken. Met dit voorstel stelt u de Jaarstukken 2020 vast en verleent u het college décharge voor het gevoerde beleid. Na vaststelling van deze stukken sturen wij deze naar de Provincie.

Context Aanleiding De Jaarstukken bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening. Bij het maken van de Jaarstukken volgt de gemeente de instructie van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) en de financiële verordeningen. In de Jaarstukken laat de gemeente zien wat in 2020 is bereikt, wat de gemeente daarvoor heeft gedaan en wat dat heeft gekost. Alle extra detailinformatie, zoals onder andere per programma een financieel overzicht per doelstelling of de oorsprong en de toelichting van de indicatoren, is niet opgenomen in de pdf-versie, maar is terug te vinden in de onlineversie van de Jaarstukken. De jaarrekening 2020 is gecontroleerd door accountant Deloitte. De door hen voorgestelde correcties zijn verwerkt in deze jaarrekening. De controleverklaring en het rapport van bevindingen zijn momenteel nog niet aanwezig. Deze zullen wel aanwezig zijn bij de vaststelling van de Jaarstukken, volgens planning op 13 juli 2021. Ook zullen deze worden toegelicht door de accountant in de adviescommissie Controle en Financiën op 10 juni 2021. Na besluitvorming over de Jaarrekening vindt aparte besluitvorming over de resultaatbestemming plaats.

Voor een deel van het resultaat 2020 geldt dat deze middelen beschikbaar moeten blijven voor het reeds bestemde doel omdat hier een specifieke bestedingsplicht tegenover staat of reeds verplichtingen voor zijn aangegaan. In het raadsvoorstel Resultaatbestemming 2020 worden deze bestedings- en dekkingsvoorstellen bij de jaarrekening 2020 nader geduid. Juridische context De gemeenteraad is bevoegd de gemeentelijke Jaarstukken vast te stellen. Provincies hebben de wettelijke taak om financieel toezicht te houden op gemeenten. De Jaarstukken dienen uiterlijk 15 juli a.s. bij de provincie te worden aangeleverd. Door het vaststellen van de jaarstukken uiterlijk in de raadsvergadering van 13 juli a.s. kan hieraan worden voldaan. Beoogd effect De functie van de jaarstukken is vooral gelegen in verantwoording, controle en décharge. Met het voorleggen van de jaarstukken en het geven van toelichtingen daarbij legt het college verantwoording af over het gevoerde beleid. De jaarstukken bieden de gemeenteraad de gelegenheid haar controlerende taak uit te voeren. De raad kan op grond van art. 199 Gemeentewet over gaan tot décharge van de leden van het college ten aanzien van het gevoerde financiële beleid. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening De Programmabegroting 2020 (vastgesteld op d.d.14 november 2019). De Eerste Bestuursrapportage (vastgesteld op 16 juli 2020).

De Tweede Bestuursrapportage (vastgesteld op 3 december 2020).

Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1

De Jaarstukken 2020 vast te stellen

Argumenten 1.1

Met de Jaarstukken 2020 legt het college verantwoording af over de uitvoering van de 2

Programmabegroting 2020. In de Programmabegroting 2020 staat wat de gemeente wilde bereiken in 2020 en wat de gemeente/het college daarvoor zou gaan doen met de bijbehorende financiële kaders. Tijdens het begrotingsjaar heeft het college de raad geïnformeerd over de voortgang in deEerste Bestuursrapportage 2020 en de Tweede Bestuursrapportage 2020. Met de Jaarstukken 2020 legt het college verantwoording af en laat het zien wat de gemeente in 2020 heeft bereikt, wat de gemeente daarvoor heeft gedaan en wat dat heeft gekost. 1.2

De coronapandemie heeft grote invloed gehad op de werkzaamheden en projecten van de gemeente. Door de coronapandemie zijn enerzijds diverse werkzaamheden en projecten vertraagd. Dit heeft geleid tot een (incidentele) onderbesteding op diverse budgetten. Mede hierdoor zijn verschillen ontstaan in de werkelijk gemaakte kosten in 2020 ten opzichte van de begroting 2020. Omdat hier dus veelal sprake is van vertraging van diverse projecten en plannen hebben we dat geld weliswaar niet uitgegeven in 2020 maar uiteraard nog wel nodig voor deze projecten. Daarom worden bij het voorstel Resultaatbestemming 2020 deze bedragen weer gereserveerd voor de betreffende projecten. Anderzijds zijn hierdoor juist extra kosten gemaakt en hebben wij minder eigen inkomsten ontvangen, maar wel meer rijkscompensatie. In beide bestuursrapportages hebben wij deze ontwikkelingen gemeld en toegelicht. Ook hebben wij hierbij aangegeven dat de onvermijdelijke kosten en inkomstendervingen van de coronapandemie tot uitdrukking zouden komen in het jaarlijkse resultaat. In 2020 hebben wij hiervoor vanuit het Rijk 25 miljoen euro compensatie ontvangen vanuit het gemeentefonds. Per saldo hebben wij in 2020 10,8 miljoen euro meer coronakosten gemaakt dan dat we ontvangen hebben vanuit het Rijk. Dit ligt in de lijn met hetgeen we vermeld hebben bij de tweede bestuursrapportage 2020.

Beslispunt 2

Het jaarrekeningresultaat toe te voegen aan de algemene reserve en verdere besluitvorming hierover te betrekken bij het voorstel Resultaatbestemming 2020 en de Voorjaarsnota 2021.

Argumenten 2.1

Het jaarrekeningresultaat 2020 bestaat grotendeels uit een in samenspraak met de accountant doorgevoerde stelselwijziging bij de verwerking van de grondexploitatie Leidsche Rijn en diverse posten waar een specifieke bestedingsplicht tegenover staat of reeds verplichtingen voor zijn aangegaan. Veel activiteiten en de resultaten zijn in 2020 beïnvloed door de bijzondere omstandigheden. Per saldo sluiten we het jaar met een positief resultaat van 56,8 miljoen (het ‘genormaliseerd resultaat’). Voor 40,8 miljoen euro stellen we bij de resultaatbestemming voor deze via de algemene dekkingsreserve over te hevelen naar 2021. Het vrij te bestemmen resultaat dat meegenomen kan worden bij de actualisatie van het financieel beeld komt daarmee uit op 16 miljoen euro. Daarnaast hebben we in samenspraak met de accountant een stelselwijziging doorgevoerd over de verantwoording van de grondexploitatie Leidsche Rijn. Dit heeft consequenties voor het boekhoudkundige resultaat over 2020, dat na deze wijziging uitkomt op 200,3 miljoen euro. Stelselwijziging grondexploitatie Leidsche Rijn De omvang en methodiek van de stelselwijziging met betrekking tot Leidsche Rijn is in het najaar 2020 in de Adviescommissie Controle en Financiën besproken en lichten wij hier nader toe. 3

De accountant heeft bij de jaarrekening 2019 een verklaring met beperking afgegeven. Dit had betrekking op de waardering van de grondexploitatie Leidsche Rijn. Deze gebiedsontwikkeling heeft nog een doorlooptijd van (minimaal) 20 jaar. Door deze nog lange doorlooptijd zijn diverse projectdelen logischerwijs nog onvoldoende stedenbouwkundig uitgewerkt. Hierdoor kunnen de nog te realiseren kosten en opbrengsten van deze gebieden alleen gebaseerd worden op globale aannames voor te realiseren ambities binnen het plan. In een aantal gevallen is de uiteindelijke hoogte van het benodigde budget ook nog afhankelijk van raadsbesluiten. Voor de accountant is dit onvoldoende om een objectief oordeel te kunnen geven over de betrouwbaarheid van deze geraamde kosten en opbrengsten. Na afstemming met de accountant is gekomen tot aanpassing van de verwerking van deze toekomstige zogenoemd “robuuste posten”, waarmee de beperking in de accountantsverklaring op deze posten kan vervallen. Het betreft dus vooral investeringsplannen die voor de toekomst wél noodzakelijk zijn voor Leidsche Rijn, maar nu buiten deze grondexploitatie worden gelaten. Te denken valt bijvoorbeeld aan investeringen op het gebied van archeologie, bodemsanering, verwerving van percelen nodig voor woningbouw, sloopkosten van opstallen en bijdragen aan parkeeroplossingen in het gebied.

Zodra deze plannen gedurende de looptijd meer concreet onderbouwd zijn, wordt de inzet van deze budgetten voor Leidsche Rijn expliciet aan de raad voorgelegd: tot dat moment zijn de ramingen onderdeel van de reserve grondexploitaties gelabeld aan de grondexploitatie Leidsche Rijn. Daarnaast blijven deze ramingen wel onderdeel uitmaken van het MPR waarmee de raad zicht en grip houdt over het totaal aan ramingen binnen de grondexploitatie Leidsche Rijn; Concreet betekent dit dat door deze stelselwijziging bij de jaarrekening 2020 een bedrag van 143,6 miljoen euro ten gunste van het rekeningresultaat wordt gebracht. Bij de bestedings- en dekkingsvoorstellen wordt dit bedrag toegevoegd aan de reserve grondexploitaties. Het genormaliseerde resultaat wijzigt hiermee dus feitelijk niet, maar de methodiek geeft meer transparantie en de mogelijkheid tot expliciete besluitvorming door de raad bij besteding van deze budgetten vanuit van de reserve grondexploitaties ten behoeve van Leidsche Rijn. Genormaliseerd resultaat Het genormaliseerd resultaat 2020 is 56,8 miljoen euro. Een substantieel deel van dit resultaat (circa 28 miljoen euro) komt voort uit resultaten uit grondexploitaties. Dit betreft onder meer de tussentijdse winstnemingen op grondexploitatie Leidsche Rijn en een lagere verliesvoorziening voor het Stationsgebied.

Deze resultaten worden gedurende het jaar niet begroot, maar komen ieder jaar ten gunste/laste van het resultaat. De resultaten van de grondexploitaties worden in overeenstemming met voorgaande jaren bij de bestedings- en dekkingsvoorstellen toegevoegd aan de reserve grondexploitaties. Andere voordelen betreffen posten waarop niet eerder geanticipeerd kon worden omdat deze laat in het jaar bekend werden. Een voorbeeld is de hogere gerealiseerde opbrengsten bouwleges (circa 5 miljoen euro). In oktober 2020 is een nieuwe rekentool beschikbaar gekomen voor de berekening van de stikstofbijdrage in bouwprojecten. Hierdoor konden de vergunningaanvragen van een aantal grote bouwprojecten nog worden afgerond in 2020. Een ander voorbeeld betreft de laat in het jaar bekend geworden hoogte van de rijksmiddelen voor de BUIG, die veel hoger (circa 10 miljoen euro) uitpakten dan we hadden begroot en extra geld dat we hebben gekregen vanuit het Rijk in de decembercirculaire. Deze financieel positieve ontwikkelingen hebben zich voorgedaan ná het opstellen van de tweede bestuursrapportage 2020, waardoor er een positiever resultaat is ontstaan ten opzichte van de actuele begroting. 2.3

In de Voorjaarsnota 2021 is al rekening gehouden met een vrij te besteden resultaat uit de jaarrekening 2020 Na resultaatbestemming bij de jaarstukken blijft een vrij te besteden resultaat over van 4

16 miljoen euro. In de Voorjaarsnota is op basis van de concept rekeningcijfers 2020 al rekening gehouden met een bedrag ter hoogte van 15,7 miljoen euro. Kanttekening / Risico’s 2.1

De hoogte van het jaarrekening resultaat als gevolg van een stelselwijziging in de verantwoording van de grondexploitatie Leidsche Rijn kan leiden tot verkeerde beeldvorming over de financiële positie van gemeente Utrecht De jaarrekening 2020 sluit met een boekhoudkundig positief resultaat van 200,3 miljoen euro. Binnen dit saldo is een bedrag opgenomen van 143,6 miljoen euro die betrekking heeft op een stelselwijziging van verantwoording van de grondexploitatie Leidsche Rijn. Met deze aanpassing wordt 143,6 miljoen euro toegevoegd aan het resultaat van jaarrekening 2020. Hierdoor wijkt het resultaat uit de jaarrekening aanzienlijk af ten opzichte van andere jaren. Dit kan leiden tot een rooskleuriger beeld van de financiële positie van gemeente Utrecht dan deze in werkelijkheid is omdat dit bedrag van 143,6 miljoen euro via de resultaatbestemming 2020 weer wordt toegevoegd aan de reserve grex. Het genormaliseerd resultaat gerealiseerd in 2020 heeft een hoogte van 56,8 miljoen euro.

Financiën Het jaar 2020 stond in alle opzichten in het teken van de coronapandemie. Een analyse op de cijfers is voor 2020 daardoor uitgebreider dan andere jaren. Ook waren extra en uitgebreidere controles nodig, bijvoorbeeld door nieuwe regelingen zoals de TOZO-regeling.

Vervolg Na vaststelling van de Jaarstukken 2020 zenden wij deze stukken naar de Provincie.

Participatie Over dit voorstel heeft geen participatie plaats gevonden.

Communicatie De Jaarstukken 2020 en de bewonersverantwoording zijn online gepubliceerd.

Niet-Referendabel Het betreft een raadsvoorstel over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en rekening (artikel 3 lid 2 onder d Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).

Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Jaarstukken 2020 Bijlagen informatief - Bewonersverantwoording - Subsidiemonitor - Subsidiemonitor- factsheet - Investeringsstaten GEHEIM - Risicomodel GEHEIM - Voorzieningen Openbare Ruimte en Groen GEHEIM

5

1 Jaarstukken 2020.pdf

Jaarstukken 2020

1

Inhoudsopgave Voorwoord ....................................................................................................................... 5 Algemeen ......................................................................................................................... 7 Samenvatting ................................................................................................................. 13 Deel 1 Jaarverslag .......................................................................................................... 23 Programma's .................................................................................................................. 23 Bewoners en Bestuur................................................................................................................ 23 Stedelijke Ontwikkeling ............................................................................................................. 45 Duurzaamheid ......................................................................................................................... 93 Bereikbaarheid ...................................................................................................................... 107 Openbare Ruimte en Groen .....................................................................................................

133 Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen .............................................................................. 165 Werk en Inkomen .................................................................................................................. 173 Onderwijs ............................................................................................................................. 195 Volksgezondheid .................................................................................................................... 221 Ondersteuning op maat .......................................................................................................... 241 Veiligheid.............................................................................................................................. 273 Cultuur ................................................................................................................................. 285 Samenleven en Sport ............................................................................................................. 297 Utrechts Vastgoed .................................................................................................................. 323 Algemene middelen ................................................................................................................

333 Overhead.............................................................................................................................. 337 Vennootschapsbelasting .......................................................................................................... 341

Paragrafen ................................................................................................................... 343 Weerbaarheid en Wendbaarheid ............................................................................................... 343 Weerstandsvermogen en risicobeheersing.................................................................................. 351 Investeringen en onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................... 357 Financiering .......................................................................................................................... 377 Bedrijfsvoering ...................................................................................................................... 387 Verbonden Partijen................................................................................................................. 401 Grondbeleid .......................................................................................................................... 453 Lokale heffingen .................................................................................................................... 457 Corona ................................................................................................................................. 472

Deel 2 Jaarrekening ..................................................................................................... 477 Jaarrekening ................................................................................................................ 479 Baten en lasten ............................................................................................................ 481 Overzicht baten en lasten ........................................................................................................ 482 Toelichting baten en lasten ...................................................................................................... 485

Balans .......................................................................................................................... 515 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ..................................................................... 518 Toelichting op de balans.......................................................................................................... 524 Gebeurtenissen na balansdatum............................................................................................... 545 Niet uit de balans blijkende verplichtingen en rechten ................................................................. 546 Reserves .............................................................................................................................. 551 Voorzieningen ....................................................................................................................... 596 Borgstellingen ....................................................................................................................... 603 Begrotingsrechtmatigheid........................................................................................................ 607 Herleiding EMU-saldo uit balans ...............................................................................................

612 Kasstroomoverzicht ................................................................................................................ 613 Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen ....................................................................... 615

3

Bijlagen ........................................................................................................................ 637 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant .................................................................. 637 Externe subsidieprogramma's .................................................................................................. 638 Investeringen ........................................................................................................................ 644 Subsidies .............................................................................................................................. 645 Subsidieverantwoording per doelstelling en ontvanger ................................................................. 669 Subsidieverantwoording per ontvanger...................................................................................... 705 Uitvoering raadsbesluiten over rekenkameronderzoeken .............................................................. 732 Verklarende woordenlijst ......................................................................................................... 750

Colofon Jaarstukken 2020 Uitgave Gemeente Utrecht Repro Office Centre Fotografie Andrea van den Haselkamp Informatie Gemeente Utrecht Bedrijfsvoerings- en strategienetwerk Afdeling FIJ Postbus 16200 3500 CE Utrecht www.utrecht.nl/verantwoording finutrecht@utrecht.nl

4

Voorwoord Raadvoorstel 2021 nummer 64 Utrecht, 28 mei 2021 Hierbij bieden wij u de Jaarstukken 2020 aan. In deze jaarstukken leggen wij verantwoording af aan de gemeenteraad over de gemeentelijke inspanningen, behaalde resultaten en de besteding van middelen in 2020. We laten zien wat we hebben bereikt, wat we daarvoor hebben gedaan en wat dat heeft gekost, met een korte analyse van de eventuele afwijkingen op hoofdlijnen ten opzichte van wat we ons bij begroting hebben voorgenomen. In de samenvatting van de jaarstukken en in de bewonerssamenvatting nemen we ook een aantal verbeterpunten naar de toekomst mee. Na de verantwoording per programma volgen de paragrafen zoals wij verplicht zijn op te nemen in onze begroting en jaarstukken. Na het jaarverslag vindt u de jaarrekening, het huishoudboekje van de gemeente met een overzicht van de baten en lasten en de balans met een uitgebreide toelichting daarop, waaronder een overzicht van de reserves en voorzieningen. In de bijlagen bij de jaarstukken vindt u onder andere informatie over verstrekte subsidies en investeringen. Op de website www.utrecht.nl/jaarstukken zijn per programma op onderdelen meer details zichtbaar. Naar aanleiding van uw moties ten aanzien van de jaarstukken lichten wij graag toe hoe deze zijn verwerkt in deze jaarstukken. Het jaar 2020 is als gevolg van Corona een zeer uitzonderlijk jaar geweest.

Er is daardoor veel aandacht uitgegaan aan het omgaan met de coronacrisis. Hierdoor heeft het college niet alle andere stappen kunnen zetten die ze ambieert. In dit licht moet ook de voortgang van onderstaande moties worden gezien: • Met motie 101 “goed verantwoorden begint met goede indicatoren” heeft u verzocht een analyse te geven van de oorzaken wanneer een prestatie- of effectdoelstelling niet is gehaald. Hier is zoveel mogelijk invulling aangegeven, en in het verbetertraject van de P&C cyclus zal bezien worden waar verdere verbetering van de analyse nodig of mogelijk is. • Met motie 102 vraagt u ons om met de accountant te komen tot een voorstel om de jaarstukken anders vorm te geven om de leesbaarheid te vergroten. Mede omdat de jaarstukken een verantwoording zijn over de programmabegroting en het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) voorschrijft dat de opzet van de jaarstukken volgend is aan de opzet van de begroting, komt de invulling hiervan nog niet tot uitdrukking in de Jaarstukken 2020. De programmabegroting 2021 was het beoogde moment om hier concrete stappen in te maken. Gezien de ontwikkelingen als gevolg van Corona is onze aandacht in 2020 vooral uitgaan naar een intensivering van het begrotingsproces waarin het zwaartepunt heeft gelegen in de inhoudelijke afwegingen bij de vaststelling van de begroting.

Met de start van een nieuwe raadsperiode is er een logisch moment om veranderingen in de begrotingscyclus door te voeren. Daarom willen we het jaar 2021 gebruiken om aanwezige kennis op te halen over de ervaren knelpunten en ideeën die zorgen dat de P&C cyclus beter aansluit op de maatschappelijke dynamiek. Aan de hand van deze analyse zullen met adviezen komen voor veranderingen in de raadsperiode 2022-2026.

De secretaris, Gabrielle G.H.M. Haanen

De burgemeester, Sharon A.M. Dijksma

5

Algemeen Samenstelling gemeenteraad Zetelverdeling: 12 GroenLinks 10 D66 6 VVD 3 PvdA 2 CDA 2 Partij voor de dieren 2 DENK 2 ChristenUnie 2 Student & Starter 2 SP 1 PVV 1 Stadsbelang

Samenstelling college van B en W Burgemeester Sharon Dijksma Portefeuille: Openbare Orde en Veiligheid, Handhaving, Ombudszaken en Burgerzaken Wethouder Lot van Hooijdonk (Eerste locoburgemeester) (GroenLinks) Portefeuille: Energie, Mobiliteit, Groen, Dierenwelzijn Wijkwethouder: Zuid en West Wethouder Klaas Verschure (D66) Portefeuille: Ruimtelijke ontwikkeling, Leidsche Rijn, Economische zaken, Circulaire economie en Middelbaar beroepsonderwijs, Wijkwethouder: Noordwest Wethouder Maarten van Ooijen (ChristenUnie) Portefeuille: Maatschappelijke ondersteuning, Welzijn, Asiel en integratie en Sport Wijkwethouder: Vleuten-De Meern Wethouder Kees Diepeveen (GroenLinks) Portefeuille: Wonen, Merwedekanaalzone, Grondzaken, Openbare Ruimte, Samen voor Overvecht, Markten en havens Wijkwethouder: Overvecht Wethouder Anke Klein (D66) Financiën, Cultuur, Onderwijs, Wijkgericht werken & participatie en Erfgoed Wijkwethouder: Oost en Binnenstad Wethouder Linda Voortman (GroenLinks) Portefeuille: Werk en Inkomen, Diversiteit, Publieksdienstverlening, Personeel en organisatie Wijkwethouder: Zuidwest en Noordoost Wethouder Eelco Eerenberg (D66) Portefeuille: Volksgezondheid, Milieu en emissieloos vervoer, Jeugd en Jeugdzorg, Stationsgebied, en Vastgoed Wijkwethouder: Leidsche Rijn Gemeentesecretaris Gabrielle Haanen (gemeentesecretaris) Adviseur college van B en W en Algemeen directeur

ambtelijke organisatie.

7

Organogram

8

Kerncijfers gemeente Utrecht Per einde kalenderjaar Sociale structuur Aantal inwoners waarvan percentage 0-29 jaar waarvan percentage 30-64 jaar waarvan percentage 65+ jaar Werkzame personen SBI 2008 [#1] Fysieke structuur Oppervlakte land in hectare Bevolking per vierkante kilometer land Woningen per vierkante kilometer land Aantal woningen[#2] waarvan % koopwoningen[#3] Gemiddelde woningbezetting (= bevolking in woningen / bewoonde woningen)[#4] Financiële structuur (bedragen zijn in miljoenen euro’s) Rekening Totaal lasten Algemene Uitkering Gemeentefonds Totaal reserves Totaal voorzieningen[#5]

2018

2019

2020

352.941 44 45 10 262.536

357.719 44 46 10 273.626

359.355 43 46 11 281.075

9.406 3.752 1.636 153.845 46,6

9.406 3.803 1.666 156.678 46,1

9.406 3.820 1.691 159.042 44,9

2,4

2,4

2,3

1.416 688 601 87

1.450 745 580 77

1.463 814 622 78

[1] Bron: Provinciaal Arbeidsplaatsen Register (PAR) met de stand per 1 april. Voor werkzame personen zijn de definities van de Standaard Bedrijfsindeling (SBI) 2008 (inclusief vrije beroepen) van toepassing. Cijfers van voorgaande jaren worden jaarlijks bijgesteld. [2] Bron: Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG). [3] Bron: BghU en BAG. In de eigendomgegevens van eind 2020 is 44,9% koopwoning en 53,6% huurwoning; van de overige 1,5% is de eigendomssituatie onbekend. [4] Bron: BAG en BRP. Het cijfer geeft de gemiddelde woningbezetting van bewoonde woningen en wooneenheden die onder de woningtelling vallen. [5] Bron: Voorzieningen passivazijde.

9

Leeswijzer Inleiding Met de jaarstukken legt het college van Burgemeester en Wethouders verantwoording af aan de gemeenteraad over het gevoerde beleid. Wij laten zien wat we in 2020 hebben bereikt, wat we daarvoor hebben gedaan en wat dat heeft gekost. De Jaarstukken 2020 bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening. Bij het maken van de jaarstukken volgen wij de instructie van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten en de financiële verordeningen. Via de menu’s bovenaan deze website komt u bij de volgende informatie: Algemeen: Hier vindt u, naast algemene informatie over de gemeente Utrecht en de stad, een samenvatting van het jaarverslag. Jaarverslag: Deze is opgebouwd uit programma's en paragrafen. 1. Programma’s: De programma’s beschrijven het werkveld van de gemeente. U vindt hier per programma antwoorden op de vragen: • Wat hebben we bereikt? • Wat hebben we daarvoor gedaan? • Wat heeft dat gekost? Bovenstaande vragen komen overeen met die in de begroting. Zo kunnen gemeenteraad en inwoners nagaan in hoeverre voorgenomen activiteiten zin uitgevoerd en doelen zijn bereikt. 2. Paragrafen: De paragrafen zijn een verplicht onderdeel van het jaarverslag. De onderwerpen in dit menu geven inzicht in de financiële positie van de gemeente, beheersmatige zaken en risico’s.

Jaarrekening: Dit is de financiële verantwoording, of het huishoudboekje van de gemeente Utrecht. In de onderwerpen in dit menu vindt u de cijfers en een uitgebreide onderbouwing en toelichting op hoe de gemeente er financieel voor staat. Cijfernotatie Er zijn diverse manieren om cijfers te noteren in financieel georiënteerde stukken. Hier is er voor gekozen om een notatie te gebruiken die voor mensen zonder financiële achtergrond zo logisch mogelijk is. Baten en lasten, toevoegingen en onttrekkingen worden allemaal gepresenteerd als positieve bedragen. In een saldo-kolom krijgt een nadeel een negatieve notatie met een min (minus) en een voordeel krijgt een positieve notatie. In de kolom resultaat komt een positief bedrag ten gunste van de algemene reserve, en een negatief bedrag ten laste van de algemene reserve. Bij de 3e W tabellen van de Programma's, is er ook nog een kolom 'verschil actueel en realisatie'. Hier betekent een positief verschil (voordeel) dat er minder lasten waren of meer baten dan verwacht. Omgekeerd betekent een negatief verschil (nadeel) dat er meer lasten waren of minder baten dan verwacht. Afrondingen De cijfers die in deze jaarstukken zijn verwerkt komen direct uit de boekhouding van de gemeente. Daar staan de getallen genoteerd tot op 2 cijfers achter de komma. Voor de leesbaarheid worden de cijfers in de jaarstukken afgerond op 1.000-tallen.

Ter voorkoming van fouten daarbij worden deze afrondingen gedaan in het programma Exel en worden de uitkomsten gebruikt voor publicatie. Hierdoor kan het voorkomen dat als een tabel nageteld wordt, er minimale verschillen zijn (1 of 2 cijfers). Geen mutaties: geen gegevens opgenomen Bij de 3e W tabellen in van de Programma's, wordt een onderscheid gemaakt naar onder andere baten en lasten. Soms is op een bepaalde subdoelstelling op bepaalde regels geen mutatie geweest in 2019 en 2020. Om te voorkomen dat er in die regel dan alleen nullen genoteerd moeten worden, wordt die regel dan in zijn geheel weg gelaten.

11

Inwonersenquête Op meerdere plaatsen op de Website wordt verwezen naar de inwonersenquête. Daarom hebben wij hier een link opgenomen naar de Website 'De Utrecht Monitor'. Dit is een website van IB Onderzoek die we jaarlijks in mei updaten met de nieuwste cijfers en ontwikkelingen in de stad. Een belangrijke bron voor de Utrecht Monitor is de Inwonersenquête. Dit is een uitgebreide vragenlijst die we jaarlijks bij duizenden inwoners afnemen. Op bovenstaande site staat halverwege wat beknopte informatie over de Inwonersenquête. De Inwonersenquête wordt onder meer gebruikt als input voor indicatoren in de begrotingscyclus. Op de pagina van IB Onderzoek over de Inwonersenquête is toegelicht waar we de resultaten van de Inwonersenquête nog meer voor gebruiken.

12

Samenvatting Introductie Corona trok in 2020 een zware wissel op de stad. Overal was de invloed van het virus merkbaar. Ons reisgedrag veranderde. Participeren werd moeilijker. De maatschappelijke onrust nam toe. Veel instellingen en organisaties sloten noodgedwongen hun deuren, van sportclubs tot theaters, van restaurants tot scholen. Utrecht stond op talloze manieren onder druk. Dat alles had uiteraard enorme gevolgen voor de uitvoering van gemeentelijke programma’s. Maar binnen de mogelijkheden deden we wat we konden. We ondersteunden initiatieven die de gevolgen van corona verzachtten en maakten zelf steunprogramma’s om gedupeerden tegemoet te komen. We pasten onze dienstverlening aan, hielden webinars en gingen (beeld)bellen. We zochten vaker dan ooit de samenwerking met partners. We gaven steun, maar we kregen ook steun, onder meer van de provincie en het Rijk. In bijgaande samenvatting hebben we de invloed van corona niet steeds genoemd, maar die heeft dus wel voortdurend een rol gespeeld. Het is goed om dat tijdens het lezen in het achterhoofd te houden en te weten dat, ondanks alles, het ‘gewone werk’ ook doorging.

Financiële positie Ieder jaar bij de jaarrekening kijken we terug op onze financiën en beoordelen we ons financiële beleid. In de jaarstukken 2020 leest u hoe we met onze middelen zijn omgegaan; wat we hebben bereikt, wat we daarvoor hebben gedaan en wat dat heeft gekost en wat dat betekent voor onze financiële positie. Corona Het jaar 2020 stond in alle opzichten in het teken van de coronapandemie. Een analyse op de cijfers is voor 2020 daardoor uitgebreider dan andere jaren. Ook waren extra en uitgebreidere controles nodig, bijvoorbeeld door nieuwe regelingen zoals de TOZO-regeling. De coronapandemie heeft grote gevolgen gehad voor de uitvoering van projecten en werkzaamheden. Diverse projecten en werkzaamheden hebben in 2020 vertraging opgelopen. Dit betreft onder andere vertraging in de sanering van bodemverontreiniging, vertraging in de besteding van de investeringsimpuls RSU en projecten op het gebied van bereikbaarheid en luchtkwaliteit. Deze worden later uitgevoerd of afgerond dan gepland. Mede hierdoor zijn verschillen ontstaan in de werkelijk gemaakte kosten in 2020 ten opzichte van de begroting 2020. Omdat hier dus veelal sprake is van vertraging van diverse projecten en plannen hebben we dat geld weliswaar niet uitgegeven in 2020 maar uiteraard nog wel nodig voor deze projecten.

Daarom worden bij het voorstel van Resultaatbestemming 2020 deze bedragen weer gereserveerd voor deze projecten. Anderzijds zijn er juist extra kosten gemaakt zoals extra inzet in de zorg en extra opvang voor dak- en thuislozen en hebben wij minder eigen inkomsten ontvangen bijvoorbeeld voor parkeren en toeristenbelasting. Vanuit het Rijk hebben wij hiervoor wel extra geld ontvangen. We hebben in 2020 de gemeenteraad frequent geïnformeerd (onder meer bij de bestuursrapportages) over de gevolgen van de corona-uitbraak. Ook over de maatregelen die wij in reactie daarop hebben genomen, met als doel de gevolgen van de crisis zo veel mogelijk te beperken, perspectief te bieden en herstel te bevorderen. Wij hebben de werkelijke gevolgen van de corona-uitbraak in deze jaarstukken verwerkt bij de verantwoording van het gevoerde beleid bij het betreffende programma. In 2020 hebben wij hiervoor vanuit het Rijk 25 miljoen euro compensatie ontvangen vanuit het gemeentefonds. Per saldo hebben wij in 2020 10,8 miljoen euro meer coronakosten gemaakt en minder opbrengsten ontvangen dan dat we ontvangen hebben vanuit het Rijk. Dit ligt in de lijn met hetgeen we vermeld hebben bij de tweede bestuursrapportage 2020. In de paragraaf Corona is een totaaloverzicht van al deze onvermijdelijke kosten en (gemiste) opbrengsten over 2020 weergegeven.

13

Resultaat Veel activiteiten en de resultaten zijn in 2020 beïnvloed door de bijzondere omstandigheden. Per saldo sluiten we het jaar met een positief resultaat van 56,8 miljoen euro (het ‘genormaliseerd resultaat’). Voor 40,8 miljoen euro stellen we bij de resultaatbestemming voor deze via de algemene dekkingsreserve over te hevelen naar 2021. Het vrij te bestemmen resultaat dat meegenomen kan worden bij de actualisatie van het financieel beeld komt daarmee uit op 16 miljoen euro. Daarnaast hebben we in samenspraak met de accountant een stelselwijziging doorgevoerd over de verantwoording van de grondexploitatie Leidsche Rijn. Dit heeft consequenties voor het boekhoudkundige resultaat over 2020, dat na deze wijziging uitkomt op 200,3 miljoen euro. Deze stelselwijziging wordt hierna verder toegelicht. Door dit positieve resultaat over 2020 lijkt de financiële positie goed te zijn. Echter het nettoresultaat (na dekkings- en bestedingsvoorstellen) blijft beperkt tot 16 miljoen euro. Ook kunnen de gevolgen van de coronacrisis ertoe leiden dat de financiële positie verslechterd in de nabije toekomst. We zullen onder andere meer beroep moeten gaan doen op onze reserves. In de Voorjaarsnota 2021 wordt verder ingegaan op de actuele en verwachte toekomstige financiële ontwikkelingen.

Stelselwijziging grondexploitatie Leidsche Rijn De omvang en methodiek van de stelselwijziging met betrekking tot Leidsche Rijn is in het najaar 2020 in de Adviescommissie Controle en Financiën besproken en lichten wij hier nader toe. De accountant heeft bij de jaarrekening 2019 een verklaring met beperking afgegeven. Dit had betrekking op de waardering van de grondexploitatie Leidsche Rijn. Deze gebiedsontwikkeling heeft nog een doorlooptijd van (minimaal) 20 jaar. Door deze nog lange doorlooptijd zijn diverse projectdelen logischerwijs nog onvoldoende stedenbouwkundig uitgewerkt. Hierdoor kunnen de nog te realiseren kosten en opbrengsten van deze gebieden alleen gebaseerd worden op globale aannames voor te realiseren ambities binnen het plan. In een aantal gevallen is de uiteindelijke hoogte van het benodigde budget ook nog afhankelijk van raadsbesluiten. Voor de accountant is dit onvoldoende om een objectief oordeel te kunnen geven over de betrouwbaarheid van deze geraamde kosten en opbrengsten. Na afstemming met de accountant is gekomen tot aanpassing van de verwerking van deze toekomstige zogenoemd “robuuste posten”, waarmee de beperking in de accountantsverklaring op deze posten kan vervallen. Het betreft dus vooral investeringsplannen die voor de toekomst wél noodzakelijk zijn voor Leidsche Rijn, maar nu buiten deze grondexploitatie worden gelaten.

Te denken valt bijvoorbeeld aan investeringen op het gebied van archeologie, bodemsanering, verwerving van percelen nodig voor woningbouw, sloopkosten van opstallen en bijdragen aan parkeeroplossingen in het gebied. Zodra deze plannen gedurende de looptijd meer concreet onderbouwd zijn, wordt de inzet van deze budgetten voor Leidsche Rijn expliciet aan de raad voorgelegd: tot dat moment zijn de ramingen onderdeel van de reserve grondexploitaties gelabeld aan de grondexploitatie Leidsche Rijn. Daarnaast blijven deze ramingen wel onderdeel uitmaken van het MPR waarmee de raad zicht en grip houdt over het totaal aan ramingen binnen de grondexploitatie Leidsche Rijn; Concreet betekent dit dat door deze stelselwijziging bij de jaarrekening 2020 een bedrag van 143,6 miljoen euro ten gunste van het rekeningresultaat wordt gebracht. Bij de bestedings- en dekkingsvoorstellen wordt dit bedrag toegevoegd aan de reserve grondexploitaties. Het genormaliseerde resultaat wijzigt hiermee dus feitelijk niet, de methodiek geeft meer transparantie en de mogelijkheid tot expliciete besluitvorming door de raad bij besteding van deze budgetten vanuit van de reserve grondexploitaties ten behoeve van Leidsche Rijn. Genormaliseerd resultaat (exclusief stelselwijziging Leidsche Rijn) De stelselwijziging Leidsche Rijn heeft een grote impact op de hoogte van het resultaat.

Naast deze correctie is er nog een zogenoemd genormaliseerd resultaat. Dit bedrag ter hoogte van 56,8 miljoen euro kent een aantal grote posten. Een substantieel deel van dit resultaat komt voort uit resultaten uit grondexploitaties. Dit betreft onder meer de tussentijdse winstnemingen op grondexploitatie Leidsche Rijn en een lagere verliesvoorziening voor het Stationsgebied. Deze resultaten worden gedurende het jaar niet begroot, maar komen ten gunste/laste van het resultaat. Hierdoor is een forse -positieve- afwijking van de realisatie ten opzichte van de begroting ontstaan. De resultaten van de grondexploitaties worden in overeenstemming met voorgaande jaren bij de bestedings- en dekkingsvoorstellen toegevoegd aan de reserve grondexploitaties.

14

Een ander voordeel betreft de hogere gerealiseerde opbrengsten bouwleges. In oktober 2020 is een nieuwe rekentool beschikbaar gekomen voor de berekening van de stikstofbijdrage in bouwprojecten. Hierdoor konden de vergunningaanvragen van een aantal grote bouwprojecten worden afgerond. In het najaar 2020 hebben wij meer rijksmiddelen voor de gebundelde uitkering (BUIG) ontvangen dan we hadden begroot. Ook hebben we BTW teruggekregen voor gemaakte kosten op het gebied van reintegratie over de jaren 2015 tot en met 2019.

We proberen zo goed mogelijk te sturen op de planning van projecten. Zeker in het jaar 2020 was dat door Corona nog eens een extra uitdaging. Omdat er door onvoorziene omstandigheden altijd sprake zal zijn van vertraging van projecten hebben we ervoor gekozen vanaf de begroting 2021 met een afslagpercentage te werken. Daarmee is de verwachting dat de financiële afwijking in de toekomst kleiner wordt. Een meer gedetailleerde toelichting over de baten en lasten per programma is te vinden bij de Jaarrekening, onderdeel baten en lasten.

Het overzicht van de baten en lasten per programma er als volgt uit:

Toevoeging reserves

x€ 1.000 Onttrek- Resultaat king reserves

Programma

Baten

Lasten

Saldo Bijdrage Totaalsaldo van algemene van baten baten en middelen en lasten lasten

Bewoners en Bestuur

5.959

43.005

-37.046

34.399

-2.647

732

2.995

-384

Stedelijke ontwikkeling

93.507

33.077

204.018

-69.729

134.290

12.118

57.266

35.850

Stedelijke ontwikkeling, systeemwijziging Grex Leidsche Rijn

143.588

143.588

Duurzaamheid

1.431

15.541

-14.110

14.632

522

6.746

9.411

3.187

Bereikbaarheid

47.806

55.836

-8.030

5.662

-2.368

16.674

14.561

-4.481

104.294

166.161

-61.867

58.459

-3.408

0

2.061

-1.347

612

18.097

-17.484

19.901

2.416

3.000

942

358

Werk en Inkomen

222.262

299.362

-77.101

89.194

12.094

0

1.559

13.653

Onderwijs

15.120

99.795

-84.675

79.504

-5.171

7.800

12.258

-713

Ondersteuning op maat

7.215

322.236

315.022

300.239

-14.782

0

6.954

-7.828

Volksgezondheid

3.266

28.115

-24.849

24.145

-703

0

122

-582

Veiligheid

1.462

53.405

-51.944

51.949

5

0

210

215

61

54.440

-54.379

51.707

-2.671

402

297

-2.777

Samenleven en Sport

15.158

80.175

-65.017

39.245

-25.772

115

25.577

-309

Utrechts Vastgoed

23.183

14.382

8.801

-10.014

-1.213

3.326

3.140

-1.399

Algemene middelen

931.697

3.305

928.392

-856.544

71.848

142.320

94.620

24.147

6.293

175.606

169.313

167.000

-2.313

2.860

4.332

-841

0

250

-250

250

0

0

0

0

1.622.914 1.462.788 160.126

0

Openbare ruimte en groen Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen

Cultuur

Overhead Vennootschapsbelasting Totaal

160.126 196.093 236.305 200.337

15

Utrecht, plek voor iedereen Bereikbaarheid In 2020 hebben we op het vlak van mobiliteit belangrijke stappen gezet in het versterken van Utrecht als stad met gezond stedelijk leven voor iedereen. Zo zijn het afgelopen jaar de fiets-/voetgangerstunnel onder de Dichtersbaan en het laatste deel van de Oosterspoorbaan in gebruik genomen en hebben we de Voorstraat en Wittevrouwenstraat heringericht. Daarnaast hebben we de deelhub Grifthoek, parkeergarage Berlijnplein en fietsenstalling op de Neude geopend en nieuwe, slimme verkeersregelingsinstallaties in gebruik genomen. Na draagvlakmetingen is op verschillende plekken in de stad betaald parkeren ingevoerd. Voor het verbeteren van de verkeersveiligheid hebben we meerdere straten heringericht tot 30-kilometerzones en veilige oversteken aangelegd. We hebben meer ruimte gegeven aan fietsen, lopen en openbaar vervoer omdat die ‘bewegingsvormen’ gezond en milieuvriendelijk zijn. Maar ook omdat de stad hard groeit, wat betekent dat we efficiënt met de ruimte om moeten gaan. Om die reden hebben we ook het Mobiliteitsplan 2040 en de eerste twee modules van de Parkeervisie opgeleverd, zijn we gestart met de gebiedsontwikkeling van Utrecht Zuidwest en de Zuidpoort en hebben we met het Rijk de samenwerking aan de Metropoolregio Utrecht versterkt.

Openbare ruimte en groen We werkten in 2020 aan onze ambitie: het creëren we een leefomgeving die de gebruikers stimuleert om te sporten, te spelen en elkaar te ontmoeten in een aantrekkelijke, groene openbare ruimte. Om de stad toe te rusten op klimaatveranderingen zijn we op volle kracht doorgegaan met het aanpassen van de openbare ruimte en ons water- en rioleringssysteem. Om de stad bereikbaar te houden hebben we (groot) onderhoud uitgevoerd aan groen, wegen, grachten, en bruggen. We hebben een plan van aanpak gemaakt om beter inzicht te krijgen in de complexiteit, onzekerheden en samenhang van het wervengebied. In het najaar hebben we samen met drie keldereigenaren een commissie van wijzen ingesteld die zwaarwegend advies intussen heeft uitgebracht over verantwoordelijkheden, eigendomsverhoudingen en een mogelijke samenwerkingsvorm voor het herstel, beheer en onderhoud van het wervengebied. Daarnaast liggen de diverse onderzoeken naar wal- en kluismuren, straat- en werfkelders en voor het weren van te zwaar verkeer op schema. We hebben extra ingezet op het schoonmaken en schoonhouden van de openbare ruimte. In de hele stad zijn in de zomerperiode sanitaire voorzieningen geplaatst, vooral vanwege door de drukte in parken en de openbare ruimte door de coronamaatregelen. In het onderhoud groen was vooral de categorie ‘onkruid in het groen’ een aandachtspunt.

Mede hierdoor bleven we stadsbreed dit jaar net niet binnen de norm dat niet meer dan 10% van de gemeten punten lager scoort dan het afgesproken niveau. We hielden niet alleen de openbare ruimte schoon, maar zamelden ook 227 kilo restafval per inwoner in door het verder invoeren van 'Het Nieuwe Inzamelen' en bewustwordingscampagnes. Er zijn nieuwe maatregelen genomen om het scheiden van afval verder te stimuleren. Tenslotte werkten we in 2020 aan het verbeteren van groene verbindingen, het bevorderen van de biodiversiteit en gaven we het bestaand groen een impuls. Utrecht werd uitgeroepen tot de meest bijvriendelijke gemeente van Nederland. Economie & werkgelegenheid voor iedereen Van een situatie van hoogconjunctuur en een krappe arbeidsmarkt, kwamen we in een economie terecht die (deels) op slot ging met een grote economische krimp en laagconjunctuur tot gevolg. We hebben het aantal mensen dat hun baan verloor en/of op zoek ging naar ander werk zien toenemen. Veel bedrijven kregen ondersteuning om personeel in dienst te houden en/of vaste lasten te kunnen blijven doorbetalen. Zelfstandigen zonder personeel konden ondersteuning in levensonderhoud of een bedrijfskrediet aanvragen. Voor bedrijven die ondanks corona groeiden werd het moeilijker om financiering te vinden.

Daarnaast belandden startups in problemen omdat de kosten wel doorliepen, maar financiering voor verdere ontwikkeling moeilijker werd. En het voorzieningenniveau in de stad kwam onder druk te staan, in het bijzonder in de binnenstad waar veel van de meest getroffen sectoren (zoals horeca, kleding en schoenenzaken en faciliteiten gericht op toerisme) geconcentreerd zijn. We troffen diverse noodmaatregelen. Via gerichte maatregelen stutten we innovatief MKB, stimuleerden we digitalisering van het MKB, konden we maatwerk leven voor evenementenbranche en horeca, hebben

16

we de werk-naar-werk programma’s met partners (verder) ontwikkeld en intensiveerden we onze ondernemersdienstverlening. Daarnaast liepen strategische projecten door: van onze visie op werklocaties tot de oprichting van de Regionale Ontwikkelmaatschappij. Werk en Inkomen We willen zoveel mogelijk Utrechters in staat stellen deel te nemen aan de samenleving. Wie tijdelijk niet in staat is om in het eigen levensonderhoud te voorzien, krijgt ondersteuning. De gevolgen van corona zijn terug te zien in onder meer de bijstandsontwikkeling: de instroom steeg met ruim 23% ten opzichte van 2019. Daarnaast kromp de werkgelegenheid in de sectoren horeca, detailhandel en personenvervoer. De uitstroom naar werk daalde met 10% ten opzichte van een jaar eerder. We gingen door met de uitvoering van de actieagenda Utrechters Schuldenvrij. In het eerste kwartaal zagen we als gevolg daarvan dat we meer Utrechters met geldproblemen bereikten en konden helpen. Vanwege Corona is de uitvoering van de actieagenda later in het jaar deels beperkt. Ook namen het aantal huisbezoeken voor vroegsignalering van schulden en het voeren van ‘driegesprekken’ af. Veel energie ging naar de opstart en uitvoering van de nieuwe Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo). Ook startten we met dienstverlening voor ondernemers op het gebied van coaching en heroriëntatie.

Onderwijs In Utrecht staan we voor gelijke kansen voor iedereen, vooral ook in het onderwijs. Daarom hebben we geïnvesteerd in voldoende leraren voor de klas, had passend onderwijs opnieuw onze aandacht, is verder gewerkt aan een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en werkten we aan moderne en toekomstbestendige scholen. Het bereik van voorschool lag in 2020 wel lager dan in voorgaande jaren. Er zijn diverse actieplannen tot stand gekomen en uitgevoerd. Zo is onder andere de Gelijke Kansen Alliantie-agenda tot stand gekomen, is er een nieuwe versie van de nadere regel Subsidie Onderwijs opgesteld met de partners, is het actieplan Utrecht Leert! van start gegaan, is er een nieuw programma Regionale Aanpak School Werkt opgesteld en zijn de nieuwe aanbieders van voorschoolse educatie gestart. Ondersteuning op maat Sinds vorig jaar kunnen kinderen, jongeren en gezinnen voor specialistische hulp terecht bij de teams in de buurt van KOOS Utrecht en Spoor030. Hiermee hebben we een grote stap gezet in de transformatie naar zorg dichtbij en op maat. De buurteams jeugd en gezin bieden gezinnen ondersteuning, indien nodig in nauwe samenwerking met andere partners in de stad. We zien dat op deze manier de samenwerking met de ouders en partners in de buurt, zoals huisartsen en scholen, is verbeterd.

Ook zien we dat we dat de zorg door KOOS en Spoor030 veel samenhangender is geworden. We hebben gewerkt aan vereenvoudiging van de jeugdbeschermingsketen en de doorontwikkeling van Samen Veilig Midden Nederland (SVMN). De aandacht ging ook uit naar het versterken van de kinderrechten en het vergroten van jeugdparticipatie. Wel is de druk op het tijdig bieden van passende jeugdhulp toegenomen als gevolg van Corona. Ook in de Wmo is gestart met nieuwe afspraken voor de aanvullende zorg. Met de contractpartners in de aanvullende zorg en de basiszorg is verder gebouwd aan zorg en ondersteuning die zoveel mogelijk dichtbij en op maat kan worden geleverd waarbij aansluiting wordt gevonden bij de sociale basis. Het ging ook om de doorontwikkeling van onder andere de daklozenopvang, beschermd wonen, hulp bij het huishouden, basiszorg daklozen en inburgering. De invloed van Corona maakte het belang van goed georganiseerde en toegankelijke zorg en ondersteuning extra duidelijk. De taakstelling voor het huisvesten van statushouders is in 2020 niet geheel behaald (74%). Volksgezondheid We werkten aan gezondheidswinst voor iedereen en aan het verkleinen van gezondheidsverschillen. We hebben stappen gezet in de uitvoering van de zeven speerpunten uit het volksgezondheidsbeleid ‘Gezondheid voor Iedereen’.

Zo zijn we gestart met het rookvrij maken van meer openbare plekken waar kinderen komen, waaronder de zwembaden, en werkten we aan een gezondere leefomgeving door onder meer het hitteplan te vernieuwen. Ook zijn we de samenwerking aangegaan met de ArmoedeCoalitie en zorgpartners om het signaleren van geldzorgen in de eerstelijnszorg te vergroten. Het netwerk van het

17

Gezondheidspact Utrecht heeft zes online dialogen gevoerd met inwoners en professionals over actuele onderwerpen en vragen, zoals vaccinatie en gezonde buurt. De dienstverlening in de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) is zoveel mogelijk doorgegaan met alternatieven als (beeld)bellen, filmpjes en webinars. Tijdens de lock-down heeft de JGZ de noodzakelijke vaccinaties van het Rijksvaccinatieprogramma voortgezet. Via de netwerken in de wijken hebben we moeilijk bereikbare groepen voorzien van begrijpelijke informatie over Corona en de bestrijding ervan. Voor daklozen met Corona is een noodlocatie opgezet waar zij in isolatie konden uitzieken. De tippelzone is tijdelijk gesloten, geopend en weer gesloten; het contact met sekswerkers gericht op uitstroom is zo goed mogelijk voortgezet. In goede samenwerking met de GGDrU zijn zowel grootschalig testen (de XLteststraat), als kleinschalig wijkgericht testen in Kanaleneiland en Overvecht opgezet. Verder zijn we gestart met een onderzoek naar de maatschappelijke impact van Corona in Utrecht. De eerste signalen van onze mensen in de wijken en professionals duiden erop dat Corona de gezondheidsverschillen tussen de hoogste en laagste sociaaleconomische groepen vergroot. En daarmee dus ook onze opgave om deze verschillen te verkleinen.

Veiligheid Ons doel is een veilige stad voor iedereen, een stad is waar iedereen prettig kan wonen en verblijven. Daar werken we samen met verschillende veiligheidspartners aan. Daarnaast ondersteunen en adviseren we de voorzitter van de veiligheidsregio (VRU) op het terrein van openbare orde en handhaving gedurende de coronapandemie. We haalden de doelstelling van het Integraal Veiligheidsplan 2019 - 2022 (IVP), dat de veiligheidsdoelen en prioriteiten bevat van de gemeente, Openbaar Ministerie en Politie Midden Nederland. Het aantal misdrijven daalde met bijna 10% ten opzichte van 2019. Utrecht groeit en dat betekent dat de complexiteit van de veiligheidsopgave(n) meegroeit. Dit wordt zichtbaar bij de aanpak van openbare ordeproblemen, overlast en ontwrichtende drugscriminaliteit, maar we zien ook zorgelijke signalen over polarisering en radicalisering. Daarnaast zien we een verschuiving van traditionele geregistreerde criminaliteit, zoals woninginbraken en autokraken, naar verborgen criminaliteit zoals cybercrime- en fraude. Ook steeg het aantal meldingen van jongeren bij de politie met 71% in 2020 ten opzichte van 2019. Enkele opvallende cijfers en actuele ontwikkelingen in het veiligheidsbeeld 2020, die deels samenhangen met Corona: • Er waren 450 demonstraties, tegenover 221 in 2019.

• We hebben ongeveer een kwart meer crisispiketmeldingen ontvangen (388) ten opzichte van 2019. • De cybercrime (+ 93%) en de fraude (+ 38%) nam fors toe in vergelijking met een jaar eerder. • De totale overlast nam 40% toe, de registratie meldingen jeugdoverlast met 71% ten opzichte van 2019. • We zien een toenemende samenloop van GGZ-problematiek met zorgelijk gedrag of zorgelijke uitingen. In 2020 waren er 42 cases op het gebied van radicalisering en hebben we 103 zorgelijke signalen onderzocht. • Drugscriminaliteit tast de leefbaarheid en de veiligheid in de wijken aan. Cultuur Als gemeente bieden we kunstenaars en culturele instellingen de middelen en ruimte om zo goed mogelijk mee te groeien met de stad. 2020 was een jaar waarin de coronacrisis met een schok de culturele sector volledig heeft ontregeld. We hebben verschillende geldstromen ingezet om de cultuursector overeind te houden. De culturele en creatieve sector wist met ongekende creativiteit en aanpassingsvermogen in te spelen op de nieuwe situatie. We hebben in 2020 de vierjarige subsidies op basis van de cultuurnota ‘Kunst kleurt de stad’ verdeeld, waardoor de stad tien zeer uiteenlopende nieuwe culturele instellingen rijker wordt. Ook de nieuwe, tweejarige subsidieregeling voor jonge, culturele organisaties werd voor het eerst uitgevoerd.

Via projectsubsidies en impulssubsidies investeerden we in de voortgang van culturele activiteiten, die veelal inspeelden op de coronacrisis. Door deze subsidiesystematiek ondersteunden we de totstandkoming van gevarieerde aanbod waarmee het culturele leven uitdagend, kritisch, vernieuwend en verbindend is.

18

Via verschillende projecten hebben we gezorgd voor voldoende ruimte voor ontwikkeling, waardoor Utrecht kunstenaars en culturele organisaties de ruimte biedt om zichzelf én de stad verder te ontwikkelen. Zo hebben we ervoor gezorgd dat er in de Werkspoorfabriek een aantal muziekstudio’s gerealiseerd wordt. Ook hebben we gewerkt aan de randvoorwaarden voor een inclusieve cultuursector, die met programma’s, makers, personeel en publiek bijdraagt aan de diversiteit die onze stad kenmerkt. Samen maken, tonen en beleven staat centraal. Dit hebben we onder andere gedaan door inclusie als belangrijk criterium mee te nemen in de beoordeling van de cultuurnota-aanvragen. Tot slot hebben we ons ingezet voor het stimuleren van creatief vermogen. We vinden dat iedereen de kans moet krijgen om zich artistiek te ontplooien en dragen zorg voor een stevige keten van cultuureducatie, amateurkunst(educatie), talentontwikkeling en professionele praktijk. Samenleven en Sport De wervingscampagne ‘Vrijwilligerswerk iets voor jou’ en de pandemie hebben veel nieuwe vrijwilligers opgeleverd. In de eerste golf meldden zich meer dan 1000 nieuwe vrijwilligers aan. De vrijwilligerscentrale en partners in de stad hebben hard gewerkt om al die energie vast te houden. Dat Utrecht een echte vrijwilligersstad is werd bevestigd doordat we zijn uitgeroepen tot Vrijwilligergemeente van het jaar.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=49572c4c-b333-48df-bb17-28ccf1fdac00