Accountantsverslag 2025 gemeente Utrecht - DEFINITIEF 12-05-2026
Tekst van het document
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Sociaal domein Actualiteiten Binnen het zorgdomein (Wmo en Jeugd) zet de landelijke kostenstijging zich in 2025 onverminderd door. Waar de toename in eerdere jaren vooral werd gedreven door volumegroei, zien wij in 2025 dat met name de zorgzwaarte in de jeugdzorg is toegenomen: meer jeugdigen hebben een intensiever en daarmee duurder zorgtraject nodig, met veelal langere duur en hogere gemiddelde kosten per cliënt. Deze ontwikkeling doet zich ook in Utrecht voor en vertaalt zich in hogere structurele lasten binnen het sociaal domein. Uw gemeente monitort kosten, volumes en trajectduur via dashboards en verbindt deze informatie aan periodieke tertaalgesprekken met aanbieders, zodat vroegtijdige signalen kunnen worden opgepakt en bijsturing mogelijk is. Een complicerende factor bij het inschatten van de toekomstige zorgkosten is de tariefontwikkeling bij zorgaanbieders. Aanbieders worden geconfronteerd met stijgende loonkosten en oplopende huisvestingslasten, waardoor financiële posities onder druk komen te staan en tariefaanpassingen te verwachten zijn. Tegelijkertijd is er aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt: capaciteitsbeperkingen en personeelstekorten beperken het vermogen van aanbieders om aan de vraag te voldoen. Daardoor wordt de feitelijke besteding niet langer uitsluitend bepaald door de zorgvraag, maar in toenemende mate ook door het leverbare aanbod.
Het gevolg is een spanningsveld waarin beschikbare middelen niet altijd direct kunnen worden omgezet in de gewenste zorgverlening. Dit speelt zowel in de Wmo als in de jeugdzorg en is een breed maatschappelijk vraagstuk waar gemeenten slechts beperkt op kunnen sturen. Dit onderstreept het belang van strategische keuzes die verder reiken dan kostenbeheersing alleen: blijven investeren in preventie en de sociale basis, de toegang vereenvoudigen en gegevensgestuurd werken aan doorlooptijdreductie. Uw gemeente reageert hierop langs twee sporen. Enerzijds wordt ingezet het versterken van de operationele sturing. Dit omvat onder andere het versterken van de monitoring, om overschrijdingen en onrechtmatigheden te voorkomen. Anderzijds wordt beleidsmatig gewerkt aan structurele oplossingen die eenvoud, snelheid en samenhang bevorderen.
In dat licht is uw gemeente voornemens om per 2027 de Wmo-zorg in te kopen bij één aanbieder. Beoogd wordt de toegang te vereenvoudigen en de samenwerking tussen buurtteams, huisartsen en andere zorgverleners te intensiveren, zodat inwoners sneller passende ondersteuning ontvangen en schaarse middelen effectiever worden ingezet. Wij zullen gedurende de controle van 2026 kennis nemen van de uitkomsten van deze aanbestedingsprocedure. Bijstelling vierkantbudget Jaarlijks verkrijgt u inzicht in het definitieve vierkantbudget aan de hand van periodieke gesprekken met zorgaanbieders in het opvolgende boekjaar. De overeenstemming over het definitieve vierkantbudget krijgt zijn weerslag in een wederzijds ondertekend document, waarin de financiële afspraken over het boekjaar definitief zijn vastgelegd. Als gevolg van de timing van deze ondertekening in april of mei van het opvolgende boekjaar, maakt de overeenkomst betreffende het definitieve vierkantbudget géén deel uit van uw onderbouwing bij de jaarrekening. Dit heeft invloed op de doorlooptijd van uw verantwoordingsproces en van ons controleproces. In de jaarrekening verantwoordt u immers een schuldpositie die gebaseerd is op een voorlopige inschatting (laatste tertaalgesprek).
In onze managementletters van de afgelopen jaren adviseerden wij uw college om het proces van het komen tot een definitieve afrekening met uw zorgaanbieders te vervroegen, zodat in de jaarrekening geen onzekerheid bestaat over de afrekening met deze zorgaanbieders en/of over de schuldpositie in de jaarrekening. Wij constateren bij de jaarrekeningcontrole 2025 dat de ingezette tertaalgesprekken (die vanaf 2024 zijn ingevoerd) effectief zijn om de onzekerheid omtrent de afrekening te beperken. De afrekeningen over 2025 liggen naar verwachting in lijn met de reeds opgenomen verplichtingen c.q. vorderingen aan/op de zorgaanbieders.
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/23 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/24 © 2026. Deloitte Nederland.
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Voorraad onderhanden werk (grondexploitatie) •
De voorraad onderhanden werk De balanspost met de belangrijkste schattingen in de jaarrekening betreft de voorraad onderhanden werk, waaronder de bouwgronden in exploitatie (grondexploitatie). Deze balanspost is door het saldo ultimo ad € 98,8 miljoen relevant voor de accountantscontrole, maar ook door de schattingen die een rol spelen bij het ramen van de in 2026 e.v. nog te realiseren lasten ad € 749 miljoen en baten ad € 887 miljoen. De nog te realiseren baten en lasten vormen samen met de boekwaarde de basis voor de waardering in de jaarrekening, oftewel het verwachte resultaat bij afsluiting van de projecten. Dit leidt tot een voorziening indien het college verwacht dat het project verlieslatend is en tot (tussentijdse) winstneming bij een verwachte winst. Voor de waardering van grondexploitatie dient de gemeente per individueel project te bepalen of de gemeente de boekwaarde plus de in de toekomst nog te realiseren kosten en opbrengsten, naar beste schatting, terugverdient. Ultimo 2025 gaat het om 13 individuele projecten. De gemeente Utrecht schat ultimo 2025 in dat de totale omvang van de niet terug te verdienen kosten op de gehele grondexploitatie circa € 106,8 miljoen bedraagt (2024: € 104,7 miljoen). Hiervoor is een voorziening getroffen. Deze voorziening is voor een bedrag van € 71,8 miljoen in mindering gebracht op de bouwgronden in exploitatie.
Het resterende deel van deze verliesvoorzienig is aan de passivazijde van de balans gepresenteerd. Dit is in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording. Het controleproces van de waardering van de voorraad onderhanden werk De risico’s voor de grondexploitaties zijn in essentie terug te brengen tot vijf P’s: •
Planning: is de tijdsplanning van de projecten afgestemd op de (on)mogelijkheden in de markt. Immers, de marktbehoefte bepaalt welke projecten op welk moment te realiseren zijn.
•
•
•
Programmering: in de afgelopen jaren hebben economische ontwikkelingen geleid tot belangrijke wijzigingen in vooral de woningbehoefte. Is er een kritische analyse gemaakt van de ‘mix’ van woningen (huur, koop, vrije kavels, appartementen, etc.) in de projecten, in relatie tot de huidige marktvraag in de gemeente? Prijs: de verkoopprijzen van woningen, en dus van grond, hebben langere tijd onder druk gestaan. Deze situatie is omgeslagen in een grote vraag naar woningen en grond, waardoor de grondprijs zich in een hoog tempo in positieve zin ontwikkelt. Is afgewogen welke prijzen kunnen worden gehandhaafd en welke grondprijzen bovenwaarts moeten worden bijgesteld als gevolg van de grotere vraag en de positieve marktontwikkelingen? Plankosten: door de toenemende vraag naar woningen en dus naar bouwcapaciteit is sprake van een toenemende stijging van de bouwkosten. Is afgewogen welke prijzen kunnen worden gehandhaafd en welke prijzen bovenwaarts moeten worden bijgesteld als gevolg van de grotere vraag en de hierbij horende prijsontwikkelingen? Parameters: zijn de parameters voor kosten en opbrengstenstijgingen opportuun, beredeneerd vanuit de huidige situatie en de best mogelijke inschatting van de toekomstige ontwikkeling van de grondprijzen en de plankosten?
Totale boekwaarde bouwgronden in exploitatie (x € 1 miljoen) 120 110 100 90 80 70 60 50
500
2021
2022
2023
2024
2025
Overzicht nog te realiseren baten en lasten per project (x € 1 miljoen)
400
De vijf P’s vormen de basis voor de actualisatie van de grondexploitaties zoals opgenomen in uw paragraaf ‘Grondbeleid’.
300
Analyse grondexploitaties
200
Uit nevenstaande figuren blijkt dat de boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie in 2025 is afgenomen. Dit als gevolg van hogere realisatie van opbrengsten dan lasten over het boekjaar. Wij merken daarnaast echter op dat, op basis van onze analyse van de begrotingsafwijkingen op pagina 17 van deze rapportage, de boekwaarde verder verlaagd had moeten zijn mits de begroting op dit punt gerealiseerd zou zijn.
Ontwikkeling boekwaarde
100 Leidsche Rijn Stationsgebied Binnenstedelijk Nog te realiseren baten Nog te realiseren lasten
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/25 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Voorraad onderhanden werk (grondexploitatie) Bij onze beoordeling van de door de gemeente gehanteerde veronderstellingen voor het actualiseren van de grondexploitaties – vooral de uitgangspunten voor planning (fasering), programmering en prijsbeleid, maar ook de parameters voor kosten- en opbrengstenstijging en de gehanteerde rekenrente (rente-omslagmethode), hebben wij het volgende in overweging genomen:
Op grond van de POC-methode heeft uw gemeente in het boekjaar 2025 voor - € 4,7 miljoen aan tussentijdse winst genomen op de grondexploitatie (2024: € 21,9 miljoen). De resultaatontwikkeling van de grondexploitaties, heeft tot gevolg dat de winstneming uit het verleden gedeeltelijk teruggenomen zijn.
•
Als onderdeel van de controle van de waardering van de bouwgronden in exploitatie voeren wij een risicoanalyse uit ter bepaling van het risicoprofiel van de individuele grondexploitaties en de hierdoor bestaande kans op een materiële fout in de waardering ervan. Hierbij betrekken wij de huidige boekwaarde, het geprognosticeerde resultaat, en de aard en omvang van de nog te realiseren baten en lasten (liggen hier bijvoorbeeld al contracten of overeenkomsten aan ten grondslag of niet).
•
Of de afzonderlijke veronderstellingen redelijk lijken, onderling afhankelijk en intern consistent zijn, en of de veronderstellingen redelijk lijken wanneer ze collectief of in samenhang met andere veronderstellingen worden beschouwd. Of de veronderstellingen in de markt de waarneembare veronderstellingen op passende wijze weerspiegelen, met andere woorden: is er consistentie met de algemene economische omgeving en de economische omstandigheden in/bij de gemeente?
•
Of de veronderstellingen aansluiten op de (vastgestelde) plannen (besluiten) van de raad.
•
Of de veronderstellingen consistent zijn met de ervaringscijfers van de gemeente (met andere woorden: is historische informatie representatief voor toekomstige situaties?).
De grondexploitaties zijn door het college voor de jaarrekening 2025 opnieuw doorgerekend (geactualiseerd) en waar nodig zijn de verwachtingen bijgesteld, waarmee tevens is beoordeeld of het onderhanden werk in de jaarrekening op een juiste wijze is gewaardeerd, en of er mogelijk een (aanvullende) verliesvoorziening noodzakelijk is. Tussentijdse winstneming In juli 2019 heeft de commissie BBV de notitie ‘Grondbeleid in begroting en jaarstukken’ gepubliceerd. Hierin is opgenomen dat gemeente voor tussentijdse winstneming de ‘Percentage Of Completion methode’ (POCmethode) moeten toepassen. Hierbij geldt dat gemeenten, indien aan een aantal voorwaarden is voldaan, tussentijds winst moeten nemen. Voor het toepassen van de POC-methode is het van belang dat uw gemeente het resultaat betrouwbaar kan schatten. Ook moet er sprake zijn van verkochte grond en gerealiseerde kosten.
Belangrijkste bevindingen inzake waardering grondexploitaties
Naast de hiervoor genoemde elementen spelen bij de risicoclassificatie van de individuele projecten ook de aard van het project, de programmering en de doorlooptijd een belangrijke rol. Zo zorgt binnenstedelijke herstructurering normaliter voor een grotere complexiteit, doordat de gemeente de bestaande ruimte herontwikkelt en dit type projecten hierdoor (financieel gezien) gevoeliger is voor risico’s dan volledig nieuw uit te leggen locaties. Een langere doorlooptijd van de projecten zorgt voor een hoger risicoprofiel, doordat de schatting van kosten en opbrengsten van de projecten subjectiever is naarmate de doorlooptijd toeneemt. Op grond van onze risicoanalyse hebben wij geconcludeerd dat de grondexploitaties Leidsche Rijn A2-zone, Leidsche Rijn Uitvoeringsprogramma, Beurskwartier, Merwede OPG en Busstalling, Stationsgebied en Lombokplein de belangrijkste projecten binnen uw gemeente zijn, waarbij wij de Leidsche Rijn grondexploitaties voor onze controle op deelcomplexniveau hebben geanalyseerd en – waar wij dat noodzakelijk achten op grond van onze professionele oordeelsvorming – geselecteerd voor nadere controle. Van deze (deel)projecten hebben wij de aannemelijkheid van de nog te realiseren kosten en opbrengsten getoetst en is tevens de getroffen verliesvoorziening of de verantwoorde (tussentijdse) winstneming gecontroleerd.
Gezien de verhoogde complexiteit van bepaalde onderdelen binnen de eerder genoemde grondexploitatie projecten hebben wij eveneens specialisten ingeschakeld bij het beoordelen van de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving. De uitgangspunten die in de grondexploitaties en dus in de jaarrekening 2025 zijn verwerkt, zijn door ons getoetst en als aannemelijk aangemerkt Wij hebben op grond van de door ons verrichte werkzaamheden inzake de waardering van de grondexploitaties vastgesteld dat uw gemeente: •
Beschikt over actuele ramingen van de nog te realiseren baten en lasten.
•
Beschikt over een deugdelijke onderbouwing van de gehanteerde uitgangspunten in de grondexploitaties.
•
Op specifieke onderdelen externe deskundigheid heeft ingeschakeld ter onderbouwing van de geraamde grondprijzen en grondopbrengsten.
•
Een niet onaannemelijk niveau heeft bepaald van de nog te maken planen civiele kosten.
Verder merken wij volledigheidshalve op dat wij voor de waardering van de grondexploitatie per 31 december 2025 de per die datum vastgestelde projectkaders en genomen besluiten betrokken hebben bij de controle van de waardering. Er is geen rekening gehouden met de effecten van eventuele toekomstige, nog vast te stellen, ambities van uw gemeente. Wij zijn van mening dat de schattingen met betrekking tot de grondexploitaties een betrouwbaar beeld geven van de waardering van uw grondexploitaties m.u.v. de elementen zoals beschreven op de volgende pagina.
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/26 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Voorraad onderhanden werk (grondexploitatie) Belangrijke bevindingen Wij gaan hieronder in op een aantal belangrijke thema’s die in 2025 gespeeld hebben wij de controle van de waardering van de grondexploitaties: Vaststelling grondexploitatie Overvecht Centrum fase 1 + 2 Op 18 december 2025 heeft uw gemeenteraad formeel de grondexploitatie Overvecht Centrum fase 1 + 2 geopend. Hiermee zijn formeel de projectkaders vastgesteld en heeft het college het mandaat gekregen om aan de slag te gaan met dit project. Als gevolg van de uitdagingen die dit project met zich meebrengt ten aanzien van onder andere de parkeervoorziening en de parkeertarieven in dit deel van de gemeente, heeft de gemeenteraad slechts enkel het deel van het gevraagde krediet beschikbaar gesteld om de plankosten te dekken. Hiermee heeft het college geen mandaat gekregen om daadwerkelijk over te gaan tot transformatie van de gronden. Op basis van deze kenmerken stellen wij zodoende dat er bij het vaststellen van de grondexploitatie sprake is van “substance over form” en feitelijk een voorbereidingskrediet is vastgesteld in plaats van een actieve grondexploitatie. De gemeente heeft dit project ook als zodanig verwerkt in de jaarrekening 2025 en de voorbereidingskosten verantwoord onder de immateriële vaste activa.
Kostentoerekening A2-zone Onderdeel van de grondexploitatie Leidsche Rijn A2-zone betreft het deelcomplex “infrastructurele werken”. Hierin heeft de gemeente infrastructurele werken opgenomen die vaak deelcomplex overstijgende zijn (bovenwijkse voorzieningen). Als gevolg van deze systematiek is er binnen dit deelcomplex sprake van toerekeningsvraagstukken op basis van de principes: - Plausibiliteit - Causaliteit - Proportionaliteit
Doordat de kostenraming voor de aan de raad gecommuniceerde voorkeursvariant hoger uitvalt dan waar in het financieel kader voor dit project rekening is gehouden, is op dit moment voor een bedrag van circa 0,97 miljoen niet toegerekend aan het project (of een van de overige projecten die profijt hebben van deze bovenwijkse voorziening). Over de variantenstudie en de voorkeursvariant is de gemeenteraad in 2023 geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief. In deze brief is tevens toegezegd om met een concreet voorstel richting gemeenteraad te gaan voor een keuze voor de uiteindelijke variant (inclusief een definitieve raming van de investeringskosten, dekking en kredietaanvraag) van deze bovenwijkse voorziening. Omdat wij in de verantwoording van de grondexploitaties, op basis van de notitie grondbeleid van de commissie BBV, uitgegaan moet worden van de projectkaders die per balansdatum gelden, hebben wij het bedrag van 0,97 miljoen meegenomen als ongecorrigeerd controleverschil. Hiervoor verwijzen wij eveneens naar bijlage A1. Macro-economische ontwikkelingen en de impact hiervan op het verwachte resultaat van de grondexploitaties Voor de toekomstige kosten en opbrengstenstijgingen heeft de gemeente Utrecht de parameters (korte termijn, middellange termijn en lange termijn) aan de hand van een uitvoerige analyse van marktrapportages bepaald.
Op grond van de door ons verrichte controlewerkzaamheden op de totstandkoming van de parameters en de aannemelijkheid hiervan, concluderen dat de parameters inzake de kosten- en opbrengstenstijging voor de grondexploitaties evenwichtig bepaald zijn. Wij blijven, net als in voorgaande jaren, het belang dat de gemeente Utrecht de opbrengsten en kostenramingen alsmede de indexen kritisch blijft volgen en zo goed mogelijk in lijn blijft brengen met de markt(verwachtingen).
Overige kosten Beurskwartier Het grondexploitatieproject Beurskwartier is een grootstedelijk ontwikkelingsproject gelegen tussen het stationsgebied en de huidige jaarbeurs. Door het grootstedelijk karakter van deze grondexploitatie en de complexiteit dit met zich meebrengt, heeft de gemeente verschillende stelposten opgenomen in haar kostenramingen op het gebied van o.a. geluidsmaatregelen, planschadevergoedingen en tijdelijk beheer. Deze stelposten, ter grootte van € 6,5 miljoen, kunnen door ons (net als vorig jaar) op dit moment onvoldoende getoetst worden. Dit wordt veroorzaakt doordat de uitgangspunten van deze mogelijke ingrepen (waarvoor de stelposten opgenomen zijn) nog niet verder definieerbaar zijn als gevolg van de fase waar de grondexploitatie zich op dit moment in bevindt. Wel acht de gemeente deze kosten benodigd voor de uiteindelijke realisatie van het totale plangebied van de grondexploitatie Beurskwartier. Naast deze elementen heeft de gemeente onder de opbrengsten een aantal risico’s opgenomen die de opbrengstraming verlagen (gezamenlijk ca. € 3,7 miljoen). Dit betreffen risico’s die door ons als plausibel worden aangemerkt.
Echter mogen deze risico’s niet op een dergelijke wijze toegerekend worden aan de grondexploitatie, maar zullen deze naar onze mening moeten worden opgenomen en gekwantificeerd in de paragraaf risicobeheersing en weerstandsvermogen ter bepaling van het weerstandsvermogen. Gezien de onzekerheid omtrent de omvang van de eerder benoemde stelposten hebben wij bovenstaande bedragen aangemerkt als onzeker. Dit heeft op de waardering in de jaarrekening, als gevolg van de positieve eindwaarde en het voortgangspercentage, een beperkte impact.
In onze werkzaamheden hebben wij voor een van de opgenomen bovenwijkse voorzieningen (Fietsbrug Papendorp) vastgesteld dat de toerekening aan andere kredieten/projecten onvoldoende (vooraf) onderbouwd is. Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/27 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Voorraad onderhanden werk (grondexploitatie) Rentetoerekening ontvangen woningbouwsubsidies rijk De afgelopen jaren heeft het rijk, als gevolg van het landelijke woningtekort, verschillende subsidieregelingen opgetuigd om de woningbouw aan te jaren. Gemeente Utrecht maakt van een aantal van deze regelingen gebruik. Deze uitkeringen worden vaak vooruitbetaald door de rijksoverheid en vervolgens door de gemeente verantwoord op de balanspost voorschotten met een specifiek bestedingsdoel. Toerekening/verantwoording aan de projecten/verantwoord naar rato van de voortgang van de gebiedsontwikkeling. Voor wat betreft het nog niet toegerekende deel van de door de gemeente vooruit ontvangen woningbouwsubsidie op de voornoemde balanspost, kan deze worden ingezet als projectfinanciering. Dat betekent dat de boekwaarde van het onderhanden werk (de actieve grondexploitatie) en de investeringen in materiële vaste activa binnen de gebiedsontwikkeling (geheel of gedeeltelijk - voor zover gefinancierd met deze vooruit ontvangen gelden die nog niet zijn toegerekend) - tegen een rente van 0% gefinancierd kan worden door de nog niet toegerekende vooruit ontvangen woningbouwsubsidie.
Hierdoor kan het nog niet toegerekende deel van de woningbouwsubsidie al in de fase voordat aan de voorwaarden van de subsidie wordt voldaan, bijdragen aan het verlagen van het eventuele financieel tekort van de gebiedsontwikkeling. Omdat het hier gaat om een keuzemogelijkheid binnen het BBV en een dergelijke rentetoerekening in feiten een “verdelingsvraagstuk” betreft over de verschillende programma’s en producten van de gemeente, brengen wij dit graag bij u onder de aandacht en adviseren wij ook om hier actief een keuze over te maken.
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/28 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Fraude, integriteit, en naleving wet- en regelgeving De beoordeling door het college van burgemeester en wethouders van het risico van materiële fouten in de jaarrekening als gevolg van fraude of van het overtreden van wet- en regelgeving Bij onze controle vragen wij u jaarlijks inzicht te geven in de eigen inschatting van het risico dat de jaarrekening een materiële afwijking kan bevatten door fraude of het overtreden van wet- en regelgeving (corporate compliance), inclusief de aard, omvang en frequentie van de inschattingen, het proces dat u daarbij hanteert, en de communicatie daarover met het personeel en met de gemeenteraad. Tijdens deze gesprekken heeft uw organisatie aangegeven zich bewust te zijn van frauderisico’s, waaronder het belang van corporate compliance en de analyse van corruptievraagstukken. Wij hebben voorgaande jaren geadviseerd over uw interne frauderisicoanalyse, met als belangrijkste aandachtspunten: de frequentie van de interne frauderisicoanalyse en centrale beheersing en monitoring van risico’s. U merkt het onderwerp ‘fraude’ aan als belangrijk thema in uw jaarplan Concernaudit (2025-2026 en 2026-2027). Op basis van de benodigde competenties en capaciteiten is het eigenaarschap van de frauderisicoanalyse belegd bij Concernaudit. Aan onze aanbevelingen uit de managementletters over de afgelopen jaren wordt in uw jaarplan uitgebreid aandacht besteed.
Dit vinden wij een positieve ontwikkeling. De (actualisatie van de) frauderisicoanalyse is inmiddels afgerond en vastgesteld door de directieraad en het college. Wij hebben gesproken met de hierbij betrokken functionarissen en hebben kennisgenomen van: •
Jaarplan Concernaudit 2025-26 en 2026-27.
•
Uw actuele interne frauderisicoanalyse.
•
Thema-audits.
Wij constateren dat u zichtbaar een kwaliteitsimpuls heeft gegeven aan uw (proces van) frauderisicoanalyse en de verdere inbedding hiervan in de organisatie. U heeft hierbij expliciet rekening gehouden met onze adviespunten uit voorgaande jaren. Ten aanzien van de door u geïdentificeerde frauderisico’s heeft u vastgesteld welke interne beheersmaatregelen zijn opgezet. Geen wijzigingen in onze initiële inschatting van het frauderisico De primaire verantwoordelijkheid voor het voorkomen en detecteren van fraude berust bij het college, inclusief het invoeren en onderhouden van interne-beheersingsmaatregelen voor de betrouwbaarheid van de financiële verslaggeving, de werking en efficiency van de bedrijfsvoering, en de naleving van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Als accountant verkrijgen wij een redelijke, maar geen absolute, zekerheid dat de jaarrekening als geheel geen afwijkingen van materieel belang bevat, als gevolg van fraude of fouten. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten, doordat sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen of verkeerd voorstellen van zaken, of het doorbreken van de interne beheersing.
Onze controle is uitgevoerd met een hoge, maar geen absolute mate van zekerheid, waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle fouten en fraudes hebben ontdekt. Wij hebben de accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en professionele oordeelsvorming toegepast, in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Fraude en integriteit
Op deze manier wilt u borgen dat u vanuit verschillende invalshoeken een compleet en actueel beeld verkrijgt van frauderisico’s en getroffen interne beheersmaatregelen om deze vervolgens centraal te kunnen monitoren. Dit stelt u in staat om restrisico’s te identificeren en vervolgens al dan niet actie te ondernemen ten aanzien van de restrisico’s.
Jaarlijks verkrijgen wij inzicht in de integriteitsmeldingen, die wij vervolgens doorspreken met uw coördinator integriteit. Wij hebben op basis van onze controle en de besprekingen geen fraudegevallen geconstateerd. Onze conclusie is voorts dat uw gemeente op een adequate wijze opvolging geeft aan geïdentificeerde integriteitskwesties, en hierover tijdig met ons in contact treedt. Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/29
© 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Interne beheersing
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/30 © 2026. Deloitte Nederland.
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Belangrijkste bevindingen voor de interne beheersing vanuit de controle van het boekjaar 2025 Boardletter 2025, toegespitst op de interne (financiële) beheersing
Het hoge aantal P14 boekingen na opstellen van de initiële jaarrekening
Als onderdeel van de jaarrekeningcontrole hebben wij in het najaar van 2025 een interim-controle uitgevoerd. Deze interim-controle was primair gericht op de opzet, het bestaan en de werking van maatregelen van administratieve organisatie en interne beheersing, voor zover van belang voor onze controle op de getrouwheid van de in de jaarrekening opgenomen gegevens.
De organisatie stelt, conform afspraak, haar eerste concept jaarrekening op na het afsluiten van de administratieve periode 13.
Voor de bevindingen van de interim-controle verwijzen wij naar onze boardletter 2025 gedateerd d.d. 14 november 2025. In de boardletter hebben wij een aantal aandachtspunten voor het opstelen controleproces van de jaarrekening 2025 benoemd. Als onderdeel van onze werkzaamheden voor de jaarrekening zijn wij nagegaan of deze aandachtspunten voldoende zijn opgevolgd.. Voor zover de opvolging en/of onze controle ervan hiertoe aanleiding geven, hebben wij onze bevindingen in dit accountantsverslag bij het betreffende onderwerp verwerkt. Evaluatie opstel- en controleproces Medio 2025 hebben wij met de ambtelijke organisatie het opstel- en controleproces van de jaarrekening 2024 geëvalueerd. Hierbij hebben wij samen met verschillende disciplines binnen de gemeente (F&I, Ruimte en SISA) het controleproces geëvalueerd. Wij hebben kunnen voortborduren op de gemaakte afspraken tijdens deze evaluatie en de ervaringen uit voorgaande controles. Het opstel- en controleproces is hierdoor prettig verlopen. Als waarborg en signaleringsfunctie in dit proces houden wij wekelijks gezamenlijk met Utrecht een regieoverleg. Daaruit volgen belangrijke aandachtspunten om de organisatie Utrecht verder te versterken. Specifiek benoemen wij hierin de volgende aandachtspunten.
Bij het afsluiten van deze periode zouden alle financiële mutaties en transacties over het boekjaar 2025 verwerkt moeten zijn met uitzondering van de boekingen voor actualisatie van de grondexploitaties (waarover separate afspraken zijn gemaakt). Na het sluiten van deze periode zijn door de verschillende organisatieonderdelen nog 64 mutaties aangeleverd voor administratieve verwerking in het boekjaar 2025. Dit hoge aantal kan duiden op tekortkomingen in het proces van jaarafsluiting en toont een toename ten opzichte van voorgaande jaren (2024: 63 boekingen en 2022: 44 boekingen). De organisatie geeft als oorzaak van dit hoge aantal P14 boekingen, migratie naar SAP S/4Hana. Een andere belangrijke oorzaak hiervoor betreft de toename van het aantal SiSa-regelingen. Daarnaast is naar onze mening sprake van een aantal andere (potentiële) oorzaken. Eén mogelijke oorzaak is het al jaren op rij toenemende aantal taken en activiteiten, waarbij de beschikbare personele formatie door de krapte op de arbeidsmarkt niet gelijkmatig en gelijktijdig kan meegroeien. De toename van het aantal taken en activiteiten in combinatie met een krapte in de personele formatie leidt tot een hogere werkdruk wat de kans op fouten vergroot.
In dit kader benoemen wij nogmaals onze adviezen voor het verder versterken van de gemeentebrede financiële functie zoals eerder in dit verslag alsmede in onze managementletter 2025 benoemd. Hierbij moeten wij wel opmerken dat met het programma “versterken financiële functie” de organisatie wel reeds stappen heeft gezet om het proces van afsluiten opnieuw tegen het licht te houden.
Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving, migratie SAP S/4Hana en functionaliteiten Wij hebben testwerkzaamheden uitgevoerd op de Algemene IT controles (kritische rechten, hoge rechten accounts, generieke accounts, relevante instellingen ten aanzien van de beveiliging) in SAP S/4Hana als onderdeel van de jaarrekeningcontrole 2025. De bestaande tekortkomingen in de IT-omgeving leiden ertoe dat de gemeente en wij niet zonder meer kunnen steunen op de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking. Wij zien echter dat het college deze bevindingen heeft onderkend en een actieve en strategische aanpak hanteert om verbetering te realiseren. Wij zien op basis van de huidige bevindingen ten aanzien van S/4Hana wel aanknopingspunten voor een toekomstige strategie om te kunnen steunen, mits Utrecht de resterende bevindingen oplost; met name ten aanzien van het kunnen aantonen van de werking van uitgevoerde controles. Wij hebben speciale aandacht besteed aan de datamigratie (of de gegevens op een juiste manier overgezet zijn van het ene systeem naar het andere). Op basis van onze controlewerkzaamheden hebben wij vastgesteld dat de overgang van de gegevens juist en volledig heeft plaatsgevonden.
Wij hebben naar aanleiding van onze interim-controle opgemerkt dat de operationele functionaliteiten voor de organisatie nog niet optimaal zijn ingericht. Hierbij dient vooral gedacht te worden aan rapportages die anders vormgegeven zijn en dat er achterstanden zijn in de verwerking van (memoriaal) boekingen.
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/31 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Belangrijkste bevindingen voor de interne beheersing vanuit de controle van het boekjaar 2025
Planning en verantwoording SiSa-bijlage Het Rijk kiest er in toenemende mate voor om nieuwe en specifieke opgaven voor gemeenten te bekostigen via een specifieke uitkering. Daarnaast zet gemeente Utrecht in op het aanvragen van extra middelen voor specifieke Utrechtse opgaven. Dit leidt ertoe dat er over steeds meer specifieke uitkeringen verantwoord moet worden. Voor 2025 zijn dit 73 SiSaregelingen. Wij hebben geconstateerd (mede als gevolg van de hierboven beschreven aspecten) dat het verantwoordingsproces omtrent de SiSabijlage nog niet optimaal verloopt. Door de verschillende organisatieonderdelen is een deel van de verantwoordingsdossiers niet tijdig, juist en volledig aangeleverd bij de medewerkers die centraal coördineren en verantwoordelijk zijn voor de kwaliteitscontrole op deze dossiers. Daarbij komt dat in een aantal gevallen nog journaalboekingen gemaakt moesten worden voor om de financiële administratie in lijn te brengen met de Sisa-bijlage. Zoals eerder beschreven heeft dit onder andere geleidt tot het relatief hoge aantal P14 boekingen. Daarnaast constateren wij dat de aansluiting van de overlopende post, die behoort bij de SiSa-regelingen, een tijdrovend proces is voor de organisatie.
Voor een groot aantal SiSa-regelingen is er sprake van een overlopende post, aangezien de gelden in 2025 (of eerder) zijn ontvangen, terwijl de bestedingen nog niet volledig hebben plaatsgevonden. De door ons geconstateerde complexiteit ten aanzien van de overlopende post is hoofdzakelijk zichtbaar bij SiSa-regelingen die door meerdere organisatie onderdelen worden uitgevoerd. Het is cruciaal voor het verkrijgen van een juist en volledig overzicht van de nog te besteden rijksmiddelen dat de overlopende post op een juiste wijze wordt bepaald. Wij adviseren u dan ook om dit vroegtijdig inzichtelijk te maken en, waar mogelijk, per regeling in de financiële administratie een separate balansgrootboekrekening aan te maken waardoor er een duidelijke koppeling zichtbaar wordt tussen de SiSa-regeling en de corresponderende overlopende post.
Tevens is tijdige escalatie bij door uw organisatie ontdekte fouten of bij onduidelijkheden hoe de SiSa-bijlage in te vullen een belangrijk aandachtspunt. Op basis hiervan kunnen dan eventuele vragen aan ons en/of het ministerie tijdig worden gesteld.
Deze fout is in de jaarrekening 2025 niet gecorrigeerd. Het college zal, conform besluitvorming bij de 2e bestuursrapportage 2023, dit saldo in de toekomst inzetten voor de opvang van ontheemden en zal hierover een voorstel doen bij de tussenrapportage.
Ten opzichte van 2024 is er wel een aanzienlijke verbetering zichtbaar in het proces, zo zien wij dat nagenoeg het volledige SiSa-dossier gereed was bij de start van de controle en zien wij dat u eveneens een vooruitgang is geboekt met het aansluiten van de overlopende post per 31 december 2025. Wij constateren een betere communicatie en samenwerking tussen de verschillende organisatieonderdelen en de SiSa-coördinatoren. Echter er is nog ruimte voor verbetering in de tijdigheid en volledigheid van de aanlevering van de verantwoordingsdossiers, zoals eerder genoemd. Wij benadrukken dan ook het belang dat de organisatieonderdelen gedurende het jaar al starten met de verantwoordingsdossiers conform de gestandaardiseerde (centrale) werkinstructie. In 2026 zullen wij het proces opnieuw met de organisatie evalueren en waar benodigd verder aanscherpen. Ongecorrigeerde fout vooruitontvangen bedragen specifieke uitkering M16
Uit onze controle is een fout gebleken met betrekking tot de verwerking van de specifieke uitkering (SiSa) M16 ‘Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne’. De gemeente heeft in de boekjaren 2022 tot en met 2025 lagere werkelijke bestedingen gerealiseerd dan de normbedragen die op basis van de regeling zijn ontvangen. Volgens de voorwaarden van de specifieke uitkering is de gemeente niet verplicht dit voordeel terug te betalen aan het Rijk. Hierdoor is een cumulatief batig saldo van € 14,2 miljoen ontstaan, dat ten onrechte is verantwoord onder de vooruitontvangen bedragen op de balans. Volgens de geldende regelgeving rust op dit saldo geen terugbetaalverplichting of een specifiek bestedingsdoel vanuit het Rijk. Het bedrag had daarom moeten vrijvallen als bate in het overzicht van baten en lasten. Als gevolg van deze fout is het resultaat van 2025 en het eigen vermogen per 31 december 2025 met € 14,2 miljoen te laag weergegeven, en zijn de kortlopende schulden navenant te hoog. Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/32
© 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Belangrijkste bevindingen voor de interne beheersing vanuit de controle van het boekjaar 2025
Gedetailleerde rapportpunten IT-omgeving en cyber security Als onderdeel van de jaarrekeningcontrole hebben wij kennisgenomen van het Rapport Readiness assessment NIS2/Cbw (Concernaudit, 13 januari 2026) waarin zorgwekkende conclusies worden getrokken ten aanzien van de NIS2 voorbereidingen van Gemeente Utrecht. In het management commentaar geeft het MT CIO aan dat een verbeterplan opgesteld zal worden. Op basis hiervan hebben wij follow-up gesprekken gevoerd met de CIO en (vervangend) CISO. Als resultaat van een uitgevoerde knelpunten analyse is (eenmalig en structureel) budget vrijgemaakt om aan de NIS2 eisen te kunnen voldoen. De benodigde capaciteit en inspanningen zijn substantieel. Een integraal programma is opgestart, waarbij is gekozen voor een gefaseerde uitvoering. Het project zal in de volle breedte van start gaan in het vierde kwartaal van 2026. Operationeel zijn technische maatregelen al deels ingevoerd, maar de volwassenheid moet verder omhoog. Op de onderdelen die centraal worden beheerd lijkt de situatie met redelijke zekerheid op orde. Belangrijke risicopunten blijven Leveranciersmanagement, het feit dat niet alle applicaties zijn aangesloten op het SOC/SIEM waardoor deze niet worden gemonitord, langlopende Identity & Access Management-projecten en risico’s rondom Operationele Technologie (bijvoorbeeld stoplichten) die nog niet voldoende worden beheerst.
De Cyberbeveiligingswet zal naar alle verwachting geëffectueerd worden in de zomer van 2026. Utrecht voldoet op dat moment nog niet aan de wettelijke vereisten. Wij willen daarom het grote belang benadrukken van het verbeterprogramma wat door Utrecht is opgestart. Wij willen dringend adviseren om zorgvuldig te bewaken dat de projectdoelstellingen gerealiseerd worden.
Wij adviseren Utrecht om een samenhangende, gefaseerde aanpak te volgen waarin operationele haalbaarheid en aantoonbaarheid centraal staan. De kernopgave is niet alleen het vaststellen van beleidskaders, maar vooral het vertalen daarvan naar eenduidige operationele criteria, tooling en afspraken die binnen de concerns geïntegreerd worden in hun dagelijkse processen, en in die zin dus niet alleen uitvoerbaar maar ook controleerbaar zijn. De hoogste prioriteit verdient ook het (verder) verankeren van bestuurlijke borging en duidelijke governance zodat beslissingen en verantwoordelijkheden voor NIS2 helder zijn. NIS2 is ook een bestuurlijke verantwoordelijkheid. Vanuit dat perspectief adviseren wij Utrecht om voldoende te investeren in ‘Digitaal Leidershap’ voor haar brede managementlaag. Niet alleen vanuit het oogpunt van NIS2 maar ook gezien de digitale transformatie die Utrecht doormaakt Wij benadrukken ook het belang van positionering, mandaat en besluitkracht voor de CISO en centralisatie van besluiten. Tot de aanstelling van de programmamanager NIS2 zijn de CIO en het CIO MT verantwoordelijk voor regie en het bestuurlijk vaststellen van het programmaplan. Prioriteit verdient het operationaliseren van NIS2-meldcriteria en het centraliseren van incidentintake en triage, omdat dit direct invloed heeft op detectie- en responscapaciteit en op naleving van wettelijke tijdlijnen.
Verder adviseren we om Leveranciersmanagement versneld aan te pakken, in elk geval voor high-risk/kritische leveranciers. Tegelijk verdient identificatie en aansluiting van kroonjuwelen op het SOC de hoogste aandacht zodat detectieregels en herstelplannen aansluiten op de meest kritieke processen. We willen hierbij ook het belang van voldoende beheersing van Operationele Technologie benadrukken.
SAP S/4Hana werkzaamheden Als onderdeel van onze controle hebben wij ook opzet en bestaan getoetst van een aantal relevante IT General Controls rondom de logische toegangsbeveiliging en het wijzigingsbeheer rondom de SAP S/4Hana omgeving van Utrecht. Wij hebben hierbij vastgesteld dat de betreffende beheersmaatregelen voldoende zijn opgezet. Voor meerdere beheersmaatregelen hebben wij niet de implementatie kunnen vaststellen, omdat de organisatie de onderliggende bewijsstukken niet (tijdig) kon aanleveren. Dit benadrukt nogmaals onze eerdere aanbeveling (in het kader van NIS2) omtrent het belang van de aantoonbaarheid van beheersmaatregelen binnen de financiële en operationele processen van Utrecht. Met onze geautomatiseerde audit tooling hebben wij een hoog aantal gebruikers geïdentificeerd met toegang tot conflicterende rollen binnen de SAP-omgeving, wat het risico op ongeautoriseerde transacties verhoogt als er niet voldoende handmatige controles (zoals periodieke reviews) zijn ingericht. We adviseren Utrecht om het aantal conflicten op te schonen om deze risico’s zoveel mogelijk te voorkomen. In het kader van Leveranciersmanagement adviseren wij om het door de leverancier verstrekte Assurance Rapport te evalueren op eventuele risico’s voor de S/4Hana omgeving van Utrecht.
Daarnaast is verdere versterking van de basis belangrijk: structurele borging van pentesten en opvolging, een praktisch toepasbaar third-party baseline voor decentrale contracten, en meetbare proof-of-control routines voor aantoonbaarheid. Bewustwording en managementtraining vormen een cruciale randvoorwaarde om gedragsrisico’s (social engineering) te verkleinen en escalatie-gedrag te verbeteren. Ten slotte benadrukken wij het belang van voldoende training zodat het bewustzijn omtrent cyber beveiliging en cyberrisico’s in alle onderdelen van de organisatie voldoende wordt ‘geleefd’. Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/33
© 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
Bijlagen
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/34 © 2026. Deloitte Nederland.
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
A1 - Niet-gecorrigeerde controleverschillen In de onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de niet-gecorrigeerde controleverschillen groter dan de rapporteringstolerantie van € 0,5 miljoen. Aard van de fouten
Getrouwheid
Effect niet-gecorrigeerde controleverschillen voorgaande periode
N.v.t.
Effect niet-gecorrigeerde controleverschillen huidige periode: •
Rentetoerekening stadsbedrijven
•
Geprojecteerde fout ontvangen inkomensoverdrachten
•
Bouwgronden in exploitatie, kostenraming niet volledig in de grondexploitatie A2-zone verwerkt
€ 1.000.000
•
SISA M16, Onterecht niet laten vrijvallen van een vooruit ontvangen voorschotbedrag
€14.200.000
€ 1.200.000 € 900.000
Totaal getrouwheidsfouten
•
€ 17.300.000
Wij ontvangen van het college een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening, waarin het college het bovenstaande bevestigt. Dit houdt in dat eventuele niet-geconstateerde en daardoor niet-gecorrigeerde afwijkingen, zowel individueel als in totaal, in het kader van de jaarrekening niet materieel zijn. Het college heeft tevens bevestigd geen kennis te hebben van andere niet-gecorrigeerde afwijkingen.
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/35 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
A2 - Onzekerheden in de controle In de onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de onzekerheden groter dan de rapporteringstolerantie van € 0,5 miljoen. Aard van de onzekerheden
Getrouwheid
N/A
•
Wij ontvangen van het college een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening, waarin het college het bovenstaande bevestigt. Het college heeft tevens bevestigd geen kennis te hebben van andere onzekerheden.
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/36 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
A3 - Tekortkomingen in de toelichtingen Onze controlestandaarden vereisen dat wij afwijkingen van materieel belang in de toelichting signaleren om de gemeenteraad in staat te stellen een inschatting te maken van de gevolgen daarvan voor de jaarrekening. De tabel hierna bevat een weergave van díe onderwerpen uit de toelichting waarvan wij denken dat de gemeenteraad deze nader dient te beoordelen.
Toelichting
Bron van de toelichtingsvereiste
Kwantitatieve of kwalitatieve overwegingen
N/A
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/37 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
B - Bevindingen controle SiSa-bijlage 2025 Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden, artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de strekking van ons getrouwheidsoordeel bij de jaarrekening 2025 en onze conclusies ten aanzien van de rechtmatigheid van de SiSa-bijlage 2025. - Rechtmatigheidsoordeel specifieke uitkeringen (zoals blijkt uit de controleverklaring): goedkeurend - Strekking controleverklaring getrouwheid gehele jaarrekening: goedkeurend Per regeling geven wij in de volgende tabel aan of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd.
Code
SiSa-regeling
Fout of onzekerheid
Financiële omvang
Toelichting
A17
Regeling specifieke uitkering voorkomen georganiseerde en ondermijnende jeugdcriminaliteit
n.v.t.
€0
n.v.t.
A20
Versterking van de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme 2023-2026
n.v.t.
€0
n.v.t.
A33
Bekostigingsregeling Landelijke Vreemdelingen Voorziening 2024
n.v.t.
€0
n.v.t.
A49
Frictiebudget 2025 & 2026
n.v.t.
€0
n.v.t.
A50
Structurele algemene Rijksbijdrage RIEC's
n.v.t.
€0
n.v.t.
B2
Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 2021
n.v.t.
€0
n.v.t.
C125
Inrichten overheidsbrede loketten
n.v.t.
€0
n.v.t.
C126
Verbetering digitale dienstverlening
n.v.t.
€0
n.v.t.
C132
Inrichten overheidsbrede loketten
n.v.t.
€0
n.v.t.
C62
Regeling specifieke uitkering kwijtschelding gemeentelijke belastingen
n.v.t.
€0
n.v.t.
C92
Regeling specifieke uitkering Informatiepunten Digitale Overheid
n.v.t.
€0
n.v.t.
D10
Besluit Specifieke uitkering educatie
n.v.t.
€0
n.v.t.
D12
Regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten 2020-2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
D12A
Regionale maatregelen voortijdig schoolverlaten 2020-2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
Subtotaal
€0 Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/38
© 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
B - Bevindingen controle SiSa-bijlage 2025 Code
SiSa-regeling
Fout of onzekerheid
Financiële omvang
Subtotaal – zie vorige pagina
Toelichting
€0
D14
Regeling specifieke uitkering inhalen COVID-19 gerelateerde onderwijsvertragingen
n.v.t.
€0
n.v.t.
D21
Specifieke uitkering impuls jongerencultuur
n.v.t.
€0
n.v.t.
D23
Eenmalige specifieke uitkeringen lokale bibliotheekvoorzieningen 2023-2024
n.v.t.
€0
n.v.t.
D8
Specifieke uitkering Onderwijsachterstandenbeleid
n.v.t.
€0
n.v.t.
E104
Regeling specifieke uitkering woningbouw op korte termijn door bovenplanse infrastructuur
n.v.t.
€0
n.v.t.
E106
Regionale Aanpak Laadinfrastructuur
n.v.t.
€0
n.v.t.
E111
Regeling stimulering schoon en emissieloos bouwen voor medeoverheden
n.v.t.
€0
n.v.t.
E113
Tijdelijke regeling uitkering bodem 2024-2030
n.v.t.
€0
n.v.t.
E115
Tijdelijke regeling specifieke uitkering duurzame en circulaire infrastructuur
n.v.t.
€0
n.v.t.
E120
Regeling specifieke uitkering verkeersveiligheidsmaatregelen 2025-2030
n.v.t.
€0
n.v.t.
E20
Regeling stimulering verkeersmaatregelen 2020-2021
n.v.t.
€0
n.v.t.
E27B
Brede doeluitkering verkeer en vervoer (SiSa tussen medeoverheden)
n.v.t.
€0
n.v.t.
E3
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai
n.v.t.
€0
n.v.t.
E44
Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021-2027
n.v.t.
€0
n.v.t.
E53
Regeling specifieke uitkering Schone Lucht Akkoord
n.v.t.
€0
n.v.t.
E58
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021
n.v.t.
€0
n.v.t.
E83
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022
n.v.t.
€0
n.v.t.
E84
Regeling stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen 2022-2023
n.v.t.
€0
n.v.t.
E94
Incidentele specifieke uitkering (water)bodemsanering 2022
n.v.t.
€0
n.v.t.
Subtotaal
€0 Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/39
© 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
B - Bevindingen controle SiSa-bijlage 2025 Code
SiSa-regeling
Fout of onzekerheid
Financiële omvang
Subtotaal – zie vorige pagina
Toelichting
€0
E97
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2023
n.v.t.
€0
n.v.t.
G10
Wet inburgering 2021_ gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G12
Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden Bijzondere bijstand in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire in jaar T_ gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G12
Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden Wet Inburgering van 13 september 2012 in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire in jaar T_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G13
Besteding/baten onderwijsroute_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G13
Bestedingen/baten overige voorzieningen_ gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G2
Gebundelde uitkering op grond van artikel 69 Participatiewet_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G2
Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire gebundelde uitkering Participatiewet in jaar T_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G3
BBZ vanaf 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden van achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BBZ in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire in jaar T_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G3
BBZ vóór 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden schulden in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire levensonderhoud BBZ in jaar T (exclusief BOB)_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G3
BBZ vóór 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden schulden levensonderhoud BBZ en achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BOB in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire in jaar T_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G3
BBZ vóór 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden schulden levensonderhoud BBZ in jaar T (exclusief BOB)_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G3
BBZ vóór 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden van achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BBZ in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire in jaar T (exclusief BOB)_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G3
Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G4
Kwijtschelding schulden Tozo in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire - gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden levensonderhoud in jaar T_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G4
Kwijtschelding schulden Tozo in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire - gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden van achterstallige betalingen op kapitaalverstrekking in jaar T_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
€0
Subtotaal
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/40 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
B - Bevindingen controle SiSa-bijlage 2025 Code
SiSa-regeling
Fout of onzekerheid
Financiële omvang
Subtotaal – zie vorige pagina
Toelichting
€0
G4
Tozo 1_belangrijke rechtmatigheidseisen _gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G4
Tozo 1_fundamentele rechtmatigheidseisen _gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G4
Tozo 2_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G4
Tozo 3_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G4
Tozo 4_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
G4
Tozo 5_gemeentedeel 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
H1
Ministeriële regeling heroïnebehandeling
n.v.t.
€0
n.v.t.
H10
Regeling specifieke uitkering vastgoedtransitie gesloten jeugdhulp 2020
n.v.t.
€0
n.v.t.
H20
Regeling specifieke uitkering vastgoedtransitie residentiële jeugdhulp 2021
n.v.t.
€0
n.v.t.
H26
Regeling specifieke uitkering randvoorwaardelijke functies jeugdhulp
n.v.t.
€0
n.v.t.
H30
Specifieke uitkering versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026
n.v.t.
€0
n.v.t.
H35
Specifieke uitkering SPUK IZA-doelen 2023-2026
n.v.t.
€0
n.v.t.
H39
Regeling specifieke uitkering domein-overstijgend samenwerken_zonder centraal persoon_2024
n.v.t.
€0
n.v.t.
H4
Regeling specifieke uitkering stimulering sport 2024-2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
H41
Regeling specifieke uitkering specialistische functies aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling 2024-2028
n.v.t.
€0
n.v.t.
H43
Regeling specifieke uitkering frictiekosten gesloten jeugdhulp
n.v.t.
€0
n.v.t.
J100
Regeling kansrijke wijk
n.v.t.
€0
n.v.t.
J105
SPUK Startbouwimpuls
n.v.t.
€0
n.v.t.
Subtotaal
€0 Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/41
© 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
B - Bevindingen controle SiSa-bijlage 2025 Code
SiSa-regeling
Fout of onzekerheid
Financiële omvang
Subtotaal – zie vorige pagina
Toelichting
€0
J106
Tijdelijke regeling specifieke uitkering gebiedsbudget
n.v.t.
€0
n.v.t.
J109
SPUK Volkshuisvestingsfonds 2024
n.v.t.
€0
n.v.t.
J112
Kwalitatief hoogwaardige en duurzame woon- en leefomgeving in acht NOVEX-gebieden
n.v.t.
€0
n.v.t.
J15
Regiodeals 6e tranche
n.v.t.
€0
n.v.t.
J17
Realisatiestimulans
n.v.t.
€0
n.v.t.
J18
Regeling specifieke uitkering isolatieopgave Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
n.v.t.
€0
n.v.t.
J209
Meerjarige regeling specifieke uitkeringen voor huisvesting aandachtsgroepen (RHA 2022)
n.v.t.
€0
n.v.t.
J32
Specifieke uitkering ventilatie in scholen
n.v.t.
€0
n.v.t.
J55
Aanpak energie armoede
n.v.t.
€0
n.v.t.
J56
Regeling huisvesting aandachtsgroepen
n.v.t.
€0
n.v.t.
J75
Regiodeals 3e tranche (Was L5)
n.v.t.
€0
n.v.t.
J85
Stimuleringsregeling flex- en transformatiewoningen
n.v.t.
€0
n.v.t.
J9
Specifieke uitkering woningbouwimpuls
n.v.t.
€0
n.v.t.
J94
Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie
n.v.t.
€0
n.v.t.
J95
Regeling specifieke uitkering regionale structuur Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
n.v.t.
€0
n.v.t.
K28
Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)
n.v.t.
€0
n.v.t.
M16
Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne
n.v.t.
€0
n.v.t.
M30
Specifieke uitkering wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen
n.v.t.
€0
n.v.t.
M37
Specifieke uitkering Amsterdam VOVO 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
Subtotaal
€0 Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/42
© 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
B - Bevindingen controle SiSa-bijlage 2025 Code
SiSa-regeling
Fout of onzekerheid
Financiële omvang
Subtotaal – zie vorige pagina
M42 M9
Toelichting
€0
Specifieke uitkering inzake aanpak overlastgevende en criminele vreemdelingen 2025
n.v.t.
€0
n.v.t.
Lokale aanpak overlastgevende en criminele vreemdelingen
n.v.t.
€0
n.v.t.
Totaal
€0
Accountantsverslag 2025/260552D544/CP/43 © 2026. Deloitte Nederland.
Kernboodschap jaarrekeningcontrole
Bestuurlijke samenvatting
Bevindingen jaarrekening
Interne beheersing
Bijlagen
Digitally signed by Rein-Aart Van Vugt on 12 May 2026
C - Onafhankelijkheidsbevestiging •
Bevestiging onafhankelijkheid De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de “Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)” en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen de organisatie van Deloitte ingebed.
•
Wij bevestigen dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van de gemeente Utrecht in overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften is gewaarborgd. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast. Stelsel van maatregelen om onze onafhankelijke positie te waarborgen Deloitte beschikt over een stelsel van maatregelen om haar onafhankelijke positie bij controlecliënten te waarborgen. Dit stelsel van maatregelen is een integraal onderdeel van de bestuurlijke organisatie en van het voor de gehele organisatie van toepassing zijnde stelsel van kwaliteitsbeheersingsmaatregelen. Bijgaande niet-limitatieve opsomming geeft u een indruk van de maatregelen die bijdragen aan het waarborgen van onze onafhankelijke positie: •
•
•
Schriftelijke onafhankelijkheidsbepalingen waarin alle bestaande onafhankelijkheidsvereisten en de risico’s ten aanzien van de bedreiging van de onafhankelijkheid en de daaraan gerelateerde waarborgen zijn verwerkt.
•
Procedures voor tijdige bekendmaking van de voorschriften en de daarin aangebrachte wijzigingen aan alle gevolmachtigden en werknemers bij Deloitte.
•
Procedures voor de organisatie van periodieke trainingen inzake de toepassing van de onafhankelijkheidsvoorschriften.
•
Procedures die erop gericht zijn dat onze gevolmachtigden en werknemers in specifieke casussen en omstandigheden de onafhankelijkheidsvoorschriften naleven.
De benoeming van professionals op seniorniveau die verantwoordelijk zijn voor het continu actualiseren van de procedures en voorschriften, de tijdige bekendmaking ervan en het adequaat functioneren van het gehele stelsel van waarborgen. Procedures voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de accountant die de controleopdracht uitvoert bedreigen, op welke wijze met potentiële bedreigingen is omgegaan en, indien er bedreigingen zijn gesignaleerd, welke maatregelen dan zijn genomen om deze bedreigingen voor de onafhankelijkheid weg te nemen. De vastlegging van deze beoordeling, inclusief een gemotiveerde conclusie (de zogenoemde ‘onafhankelijkheids-evaluatie’), wordt in het dossier opgenomen. Procedures die vereisen dat een daartoe geëigende afdeling binnen Deloitte wordt geconsulteerd, als sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een specifieke cliënt. Indien de bestuursstructuur van de controlecliënt voorziet in een gemeenteraad, raadscommissie of Adviescommissie Controle en Financiën, overwegen wij ook een van deze instanties te raadplegen.
Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties met de gemeente Utrecht Wij hebben een evaluatie gemaakt van persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Deloitte, haar gevolmachtigden en haar medewerkers en de gemeente die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken die aan u gerapporteerd dienen te worden. Geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid De Nederlandse onafhankelijkheidsregels vereisen dat de eindverantwoordelijke accountant de met governance belaste organen informeert over geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid die Deloitte, een bestuurder of interne toezichthouder van Deloitte of een lid van het controleteam heeft ontvangen van of verstrekt aan de gemeente of een bij de gemeente betrokken persoon. Hierbij is een drempel van € 100 opgenomen in de regels. Wij hebben geen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid met een (geschatte) waarde van meer dan € 100 ontvangen of verstrekt, en zijn daarom van mening dat er geen sprake is van een bedreiging voor de onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht.