4e raadsvergadering 11 + 16 mei.docx
Tekst van het document
De heer De Vries (wethouder) antwoordt dat er allereerst “voor de zomer” staat. De wethouder heeft gezegd dat het na de zomer zal zijn. Er staat ook “zich in te spannen voor tijdelijke woningen in Rijnenburg in overleg met het Rijk en de grondeigenaren”. De wethouder zou hieraan toe willen
voegen dat het ook afhankelijk is van het tracébesluit en de onderhandelingen die hierover gevoerd worden met het Rijk. Het een hangt echt samen met het ander.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) stelt dat dit helemaal niet gekoppeld is aan het tracébesluit. Het college zelf koppelt dit aan het tracébesluit. Het college wil daarover gaan onderhandelen. Deze
motie kan dus gewoon gesteund worden. De heer Bos roept de gehele raad dan ook op om dit te doen.
De heer De Vries (wethouder) antwoordt dat het natuurlijk aan de raad is. De wethouder heeft gesproken namens het college.
Wethouder Streefland zal motie 114 appreciëren.
Er is gevraagd om een aantal toezeggingen, onder andere door D66. Die ging over het informeren
van de raad en het toewerken naar de 4.000 woningen. Het voorstel van de wethouder is om dit op te nemen in de driemaandelijkse update over de locaties. Die zijn immers ook gekoppeld aan de te behalen aantallen.
Met betrekking tot het 40-60-besluit heeft de wethouder al gezegd wanneer het college de raad wil informeren.
De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat de wethouder inderdaad iets heeft gezegd over
percentages en de kwetsbare doelgroepen. Hij had echter gevraagd om een toezegging om tempo te maken. Kan de wethouder toezeggen om op tijd met de informatie te komen en om voor de zomer nog een ander percentage te hanteren?
De heer De Vries (wethouder) zegt dit toe.
Er is gevraagd wat dit betekent voor bestaande woningvoorraad. Hier liggen namelijk eventueel ook
kansen om die te optimaliseren. Ook hierover heeft de wethouder in de commissie al een toezegging gedaan. In het vierde kwartaal van 2023 volgt er een raadsbrief over het benutten van de bestaande woningvoorraad. Hierin zal het college een aantal acties en maatregelen met de raad delen.
Tot slot is er een toezegging gevraagd door BIJ1 over het percentage sociale woningen. Is het niet van belang om dat nu al op te hogen? De wethouder wil hierbij benoemen dat er op het moment
helaas nagedacht moet worden over maatregelen op de korte termijn, de jaren 2023, 2024 en 2025. Door nu dat percentage op te hogen bereik je dat niet op de heel korte termijn voor de bestaande
woningvoorraad. Daarnaast verwijst de wethouder naar het coalitieakkoord waarin een percentage van 40% is benoemd. De wethouder kan deze toezegging dus niet doen.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
27
Mevrouw Streefland (wethouder) begint met motie 114 van het CDA en EenUtrecht. Die gaat over de
vraag of er in de toekomst en nu voldoende opvangplekken zijn. De wethouder ontraadt deze motie, maar zegt wel toe dat het college de raad begin juni zal informeren. Het college zal melden hoeveel mensen er zijn en hoeveel opvangplekken er zijn. Er is ook een monitor. Begin juni zal er een brief naar de raad komen.
De motie ging over opvangschip Le Formidable. Dat is begin mei vertrokken. De gemeente had een contract voor een jaar. Dat is weloverwogen niet verlengd. Inderdaad zijn de 1.200 plekken in de
stad, voor Oekraïners en andere groepen, nog niet bereikt, maar dat zal wel het geval zijn met de
projecten die nu gerealiseerd worden, voor de zomer en in de zomer. De bestaande opvanglocaties zijn goed bezet, maar nog niet overvol. Daar kunnen de komende weken dus nog mensen in. Rond de zomer gaat een aantal nieuwe locaties open. Op het Herculesplein komen 286 bedden, in de
Belcampostraat 28 bedden. Ook een aantal bestaande locaties, waaronder het provinciehuis met 270 bedden, kunnen verlengd worden. Dat was eerder nog niet het geval en daarom was het toen nog
een vraag of de tweede boot behouden moest blijven. Dat hoeft nu dus niet. Dat heeft ook te maken
met de inhoudelijke kwaliteit. Zolang de oorlog duurt, moeten mensen enigszins goed kunnen leven. Op een boot is het krap. Op de onderste plekken was er bijvoorbeeld geen daglicht. Er waren ook ventilatieproblemen en daardoor schimmel.
Zo waren er nog meer dingen waardoor het niet goed was om er op de langere termijn te verblijven. Daarnaast had een tussenpersoon met wie de gemeente veel contact had - niet de eigenaar van de boot - ook wat andere belangen. Er is contact gelegd tussen de regio, de VRU en de PRT, de
Provinciale Regietafel, en de eigenaar van de boot. Nu wordt er gekeken of deze boot geschikt is voor in de regio of daarbuiten. Sommige locaties hebben geen plek op het land, maar wel water. Daarover lopen op dit moment gesprekken. De raad zal in juni geïnformeerd worden met een
overzicht van locaties. Op die manier kan de raad zien dat er genoeg plekken zijn en dat er ook rekening mee wordt gehouden dat er nog andere groepen kunnen komen.
De voorzitter constateert dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. Later vanavond zal er gestemd worden over de ingediende moties.
20. Raadsvoorstel Zienswijze ontwerp programma- en productbegroting AVU 2024. De heer Te Hoonte (VVD) was niet zo blij na het commissiedebat. Hij had het idee dat niet helemaal goed overkwam dat de VVD liever wilde dat het geld gewoon uitgegeven zou worden aan een
experiment dan aan het doen van verder onderzoek, ook omdat het bureau AVU heel klein is.
Daarom dient de heer Te Hoonte amendement 18 (Liever een experiment dan een onderzoek) in,
mede namens de fractie van het CDA. De strekking hiervan is dat de gemeente gaat experimenteren. Mevrouw Zwinkels (CDA) heeft tijdens de commissie een punt gemaakt over de wijziging in de Wet gemeenschappelijke regelingen en de betrokkenheid van de gemeenteraad daarin. Daarom dient
mevrouw Zwinkels motie 115 (Betrokkenheid van de raad bij de AVU) in, mede namens de fractie van D66. Hierin wordt het college opgedragen om een beknopte raadsbrief op te stellen waarin zij de
gemeenteraad informeert over de mogelijkheden tot nieuwe participatie richting de AVU en de vooren nadelen daarvan op een rij te zetten, zodat hierover een gedegen commissiedebat kan
plaatsvinden en na het commissiedebat een voorstel te doen vanaf wanneer deze eventuele nieuwe werkwijze gehanteerd kan worden, mede gezien de nieuwe aanbestedingen die op korte termijn
Raadsvergadering van 16 mei 2023
28
volgen en de nieuwe aanpak die de AVU schetste waarop het college om een uitgebreid aanbestedingsadvies vroeg.
Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) stelt dat er in de commissie al aardig wat informatie lag vanuit de griffie. Dit is bij uitstek iets waarover de raad moet beslissen en het college juist niet over gaat.
Waarom vraagt mevrouw Zwinkels het dan toch aan het college, terwijl het een afweging is van de raad en sommige partijen zich er al over hebben uitgesproken in de commissie?
Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat ze vindt dat er nog te weinig over is gesproken. Een paar
partijen hebben naar aanleiding van een briefje van de gemeente Montfoort of iets dergelijks zich opeens laten ontvallen hoe zij erover dachten, maar er zat nog geen gedegen onderbouwing bij.
Sommige partijen wisten nog niet zo goed waar het over ging. Het is belangrijk om hierover met
elkaar te spreken. Mevrouw Zwinkels zou het mooi vinden als deze motie aan de raad werd gelaten, zodat die zich hierover kan uitspreken. Zo krijgt de raad ook gevoel bij de noodzaak om dit met elkaar te bespreken.
Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) vraagt welke informatie mevrouw Zwinkels nog extra zoekt ten
opzichte van wat er lag. Het is een nieuw instrument. Wat is er nog extra nodig om deze beslissing te nemen?
Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt dat er nog dieper kan worden ingegaan op de voor-en nadelen van de verschillende instrumenten die er zijn en mogelijkheden die opgepakt kunnen worden. Ze is zelf ooit naar een informatiebijeenkomst voor raadsleden in Den Haag geweest. Die ging over
gemeenschappelijke regelingen. Dat was droge, taaie materie, maar het is wel belangrijk om met
elkaar te spreken over waarvoor men uiteindelijk kiest. Het gaat namelijk wel over de betrokkenheid
van de raad bij een organisatie die een grote verantwoordelijkheid heeft voor de afvalverzameling en -verwerking.
Mevrouw Schilderman (wethouder) begint met amendement 18 van VVD en CDA. Hierin wordt
voorgesteld om meteen te experimenteren met het aanbesteden in kleinere fracties in plaats van daar eerst een onderzoek naar te doen. De wethouder ontraadt dit amendement, niet omdat het
college niet meteen actie wil ondernemen, maar omdat het onderzoek makkelijk afgerond kan zijn voordat er sprake is van een nieuwe aanbesteding. Het college ziet dat onderzoek als een breder
marktonderzoek naar hoe een aanbesteding überhaupt in de markt gezet kan worden. Zo staat het ook omschreven in de zienswijze. Met dit amendement wordt dat hele beslispunt geschrapt.
Daarmee zegt het college überhaupt niks meer over wat het mee wil geven aan dat onderzoek. De heer Te Hoonte (VVD) vroeg of hij goed hoorde dat het reeds gedaan wordt. Mevrouw Schilderman (wethouder) antwoordt dat hierover reeds met AVU is gesproken, omdat zij
hiernaar al aan het kijken waren. Zij spreken hierover in het samenwerkingsverband CirkelWaarde, waar de AVU in participeert. Er wordt op dit moment al gesproken over vraagstukken rondom aanbesteding. De wethouder belooft niet dat het onderzoek al is uitgezet, maar durft wel de
inschatting te doen dat het onderzoek afgerond kan zijn voor er sprake is van de aanbesteding.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
29
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat er een raadsvoorstel voorligt om de zienswijze op de begroting van volgend jaar goed te keuren en dat wordt al reeds gedaan.
Mevrouw Schilderman (wethouder) antwoordt dat zij zei dat er in het samenwerkingsverband
CirkelWaarde al reeds gesproken wordt over het doen van dat onderzoek. Dat onderzoek is op dit moment nog niet gestart, meent de wethouder, maar er wordt op zijn minst over gesproken. Dat
neemt niet weg dat er een zienswijze gegeven kan worden op de richting en de invulling. Daarbij geldt dat de aanbesteding sowieso later zal zijn.
De heer Te Hoonte (VVD) hoort allemaal nieuwe informatie. Het is gewoon niet helder wat er gebeurt. Hij wil een toezegging dat de raad nog geïnformeerd wordt over wat er in dit onderzoek gedaan wordt en hoe dat plan eruitziet.
Mevrouw Schilderman (wethouder) zegt toe de bevindingen van het onderzoek met de raad te delen. Zij denkt dat dat dit jaar gebeurt.
De voorzitter merkt op dat er niet zozeer om de uitkomst gevraagd werd, als wel om hoe het onderzoek eruit gaat zien en wat het behelst.
Mevrouw Schilderman (wethouder) antwoordt dat hierover in de begroting ook al wat staat
aangegeven. Als de heer Te Hoonte wil dat dit nog een keer in een raadsbrief aangegeven wordt, dan kan de wethouder dit doen. Dit zegt zij toe.
In motie 115 van het CDA wordt gesproken over extra participatie. De wethouder vroeg zich af of dit ging over het toevoegen van extra deelnemers vanuit de AVU, maar lopende het gesprek ging het
eigenlijk over andere vormen van participatie. Het ging om de vraag hoe de raad meer betrokken kan zijn bij wat de AVU doet. Het college heeft al aangegeven dit van belang te vinden bij grote
aanbestedingen. Dat staat ook in de voorliggende zienswijze. Verschillende raadsleden hebben al
aangegeven in welke mate zij dit van belang vinden. De wethouder wil het oordeel dan sowieso ook aan de raad laten. Ze geeft wel mee dat er nog geen drie fte bij de AVU werken. Dat zegt ook iets
over hun rol. Zij beheren de contracten van alle partijen die aangesloten zijn bij de AVU. Hier kan dus over gesproken worden, maar de AVU heeft niet een enorme scope. Het beleid dat de raad stelt, bijvoorbeeld over de grondstoffennota, is bepalend voor de inzet die de gemeente pleegt.
De voorzitter constateert dat er geen behoefte bestaat aan een tweede termijn. Later vandaag zal er gestemd worden over de voorstellen.
21. Raadsvoorstel Vaststelling Huisvestingsverordening gemeente Utrecht. De voorzitter brengt in herinnering dat de raad op 10 mei nog een strekt ter vervanging van dit voorstel heeft ontvangen.
Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat de VVD in de commissie twee kritiekpunten had op deze
huisvestingsverordening. Het eerste ging over de buurtvoorrang voor jongeren in sommige buurten. Hier krijgt de raad later nog een uitgewerkt voorstel over, dus hier zal mevrouw Meerding geen
moties over indienen. Ze heeft wel een amendement over de bezettingsnormentabel. Er wordt nu
voorgesteld dat eenpersoonshuishoudens aanspraak kunnen maken op driekamerappartementen
Raadsvergadering van 16 mei 2023
30
groter dan 60 m2. Op zich kan de fractie van de VVD dit steunen, maar ze vindt wel dat er ook een maximumgrootte aan moet zitten. Dat is nu niet het geval. Er zijn in Utrecht ook
driekamerappartementen van 110 m2. Dat is erg groot voor één persoon. Die appartementen zijn misschien juist heel geschikt voor gezinnen. Daarom dient mevrouw Meerding amendement 19 (Maximale oppervlakte) in. Hierin wordt een maximum gesteld van 79 m2.
Mevrouw Zwinkels (CDA) stelt voor om de lichte leefbaarheidstoets te behouden. Daarom dient zij motie 116 (Behoud lichte leefbaarheidstoets bij wonen met drie personen) in. Hierin wordt het college opgedragen om eerst aan de slag te gaan met de tussenvariant van een lichte toets op
leefbaarheid, voordat het overgaat tot de variant waarin een omzettingsvergunning niet meer nodig is.
De heer Van der Zweth (PvdA) is tevreden over het in de commissie gevoerde debat over de
huisvestingsverordening, de wijzigingen daarin en het maken van de slag van een woningmarkt naar
volkshuisvesting. Dat zijn veel belangrijke onderwerpen, waar ook nog op teruggekomen wordt in de brief en in het komende jaar. Daar gaat het onder andere over de opkoopbescherming, de voorrang voor beroepsgroepen, hoe het gaat voor bewoners met een fysieke beperking, maar ook over
buurtvoorrang in de buurt zelf en een mogelijke verlaging van de inschrijvingsleeftijd naar 16 jaar.
Dat zijn goede dingen die terugkomen in dan wel de huisvestingsverordening volgend jaar, dan wel in de brief.
Het college wil de bezetting onverkort handhaven, ook bij sloop-nieuwbouw. Dat leidt wat de PvdA betreft tot oneerlijke situaties waarin mensen hun huis helemaal niet uit willen. Als ze dan terug
willen komen, worden ze gedwongen kleiner te gaan wonen. Daarom dient de heer Van der Zweth
motie 117 (Bezettingsnorm bij sloop/nieuwbouw) in, mede namens de fracties van PVV, Volt, PvdD en GroenLinks. Hierin wordt het college opgedragen om de bezettingsnorm bij sloop/nieuwbouw
wanneer mogelijk te versoepelen, zodat de bestaande woonsituatie van bewoners bij terugkeer naar de woonlocatie meegenomen kan worden, en hier een voorstel voor te doen bij de verdere uitwerking van de huisvestingsverordening in 2024.
De heer Bakker (D66) vraagt hoe de PvdA het risico ziet dat hierdoor de wachtlijst voor sociale huurwoningen groter wordt. Als dat zo is, wat vindt de PvdA hier dan van?
De heer Van der Zweth (PvdA) denkt dat dit een zeer beperkte invloed zal hebben om twee redenen. Je helpt nog steeds iemand die recht heeft op een woning aan een woning. Dat blijft dus een-op-
een. Daarnaast is de groep waar het over gaat relatief klein. Er zal steeds minder sloop-nieuwbouw
plaatsvinden. Dat gebeurt al weinig. Vaak keert maar 20% van de bewoners terug. Dan gaat het ook nog eens alleen over de groep die gedwongen wordt kleiner te wonen. Het gaat dus niet een grote groep, maar het is wel onrechtvaardig.
Tot slot vraagt de heer Van der Zweth om een toezegging van de wethouder. In het debat is
gesproken over kwetsbare arbeidsmigranten. Moeten die ook niet opgenomen worden als kwetsbare groep? Er komt nog een brief. Daarin kan ook ingegaan worden op deze vraag, op de dilemma’s
hierbij en op de omvang van de groep. Het is een kwetsbare doelgroep die te vaak geen dak boven het hoofd heeft. Dit kan de gemeente niet laten gebeuren.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
31
De heer De Vries (wethouder) vindt eveneens dat er een goed debat is gevoerd in de commissie. Bij de huisvestingsverordening gaat het inderdaad om een afweging van de belangen. Die komt deels ook terug in de motie en het amendement.
De wethouder begint met het amendement van de VVD over het aanpassen van de
bezettingsnormtabel. Eenpersoonshuishoudens zouden voortaan kunnen reageren op
driekamerappartementen, maar dan wel tot een beperkt aantal vierkante meters. Het gaat hier om de afweging tussen het kunnen reageren op een woning en de grootte van de groep die erop wil
reageren. De wethouder begrijpt dat je kritisch kunt zijn op het reageren op een woning die ook
geschikt is voor een gezin. Dit is wel terug te zien bij eengezinswoningen. Bij appartementen is die grens niet zo scherp. Dit amendement wil die grens scherper stellen. De wethouder kan zich dit voorstellen en adviseert het amendement daarom positief.
De motie van de Partij van de Arbeid ging over de bezettingsnorm bij sloop-nieuwbouw. Hierover is ook gesproken in het commissiedebat. Er is een groep die misschien tegen zijn zin te maken krijgt met sloop-nieuwbouw. De PvdA wil er met deze motie voor zorgen dat deze relatief kleine groep
terug kan naar een vergelijkbare woning. Op een aantal manieren werkt de gemeente daar al aan. Er is een algemeen sociaal plan. Er komt een leidraad sloop-nieuwbouw. Deze motie wil dit harder
maken vanuit de huisvestingsverordening. In het debat is het veel gegaan over deze afweging. De wethouder heeft daar ook gezegd dat dit misschien betekent deze woning niet beschikbaar komt
voor een gezin als er minder mensen in gaan wonen. Aan de andere kant gaat dit over een relatief
kleine groep. Van alle projecten is 80% renovatie en 20% sloop-nieuwbouw. Bij de sloop-nieuwbouw keert 30% terug naar de woning, waarbij het nog maar de vraag is of het bij hen gaat om grotere
gezinswoningen. Het gaat waarschijnlijk dus om maar enkele gevallen. Vanuit die overweging zou de wethouder deze motie willen overnemen.
De heer Bakker (D66) merkt op dat de wethouder twee aannames doet, namelijk dat het niet om
grotere gezinswoningen gaat en dat het een heel kleine groep is. Hij begrijpt dat de wethouder dit
weloverwogen zegt en zich goed heeft laten informeren, maar zou bij het overnemen van de motie daar toch zekerheid over willen en daar goed over geïnformeerd willen worden.
De heer De Vries (wethouder) vindt dit een terechte opmerking en zegt toe dit goed uit te zullen zoeken. Hij zal een analyse maken en hiermee terugkomen naar de raad.
De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat er in de motie niet gezegd wordt dat mensen een-op-
een in dezelfde woning terug moeten komen. Er moet meegewogen worden hoe groot de woning nu
is. Dat is iets anders. De toezegging aan de heer Bakker is op zich prima, maar in de motie wordt wel gevraagd om echt een voorstel te doen om hier invulling aan te geven. De heer Van der Zweth neemt aan dat dat blijft staan, ook al komt de wethouder terug met onderzoeksresultaten.
De heer De Vries (wethouder) antwoordt dat het beide klopt. Hij heeft de oproep in de motie
afgepeld en heeft ook gezegd dat het van belang is om de gevolgen te onderzoeken. Dit gebeurt sowieso bij de huisvestingsverordening.
De heer Van der Zweth (PvdA) trekt motie 117 in, omdat deze is overgenomen door de wethouder. De heer De Vries (wethouder) komt op een door de Partij van de Arbeid gevraagde toezegging. Die
ging over kwetsbare arbeidsmigranten. Kan er onderzocht worden waar het precies over gaat en wat
Raadsvergadering van 16 mei 2023
32
dit betekent in relatie tot huisvesting van deze groep in de stad? Dit zegt de wethouder toe. Er komt nog een woonzorgvisie. Rondom het zomerreces komt er een brief met de contouren van de
woonzorgvisie. De woonzorgvisie zelf komt in het eerste kwartaal van 2024. Deze oproep kan in dat proces worden meegenomen.
De wethouder komt op motie 116 van het CDA, waarin gevraagd wordt om de lichte
leefbaarheidstoets te behouden. Het college voert een coalitieakkoord uit. Hier speelt natuurlijk ook
mee dat er een grote urgentie op het gebied van wonen is. Het gaat over de woonruimteverdeling in de stad. De ene kant van de raad roept op om hierop te letten, hier kritisch op te zijn en te bekijken
wat dit doet met de leefbaarheid. De wethouder vindt dit een terechte oproep. De andere kant van de raad wil de norm verruimen. Op dit moment mogen volgens de huisvestingsverordening tot drie personen vergunningsvrij een woning delen. Het college wil dit eerst goed volgen en vervolgens kijken wat het betekent. Dat kan gevolgen aan beide kanten van de medaille hebben.
Mevrouw Zwinkels (CDA) merkt op dat in de kanttekening van het raadsvoorstel juist staat dat het niet meer goed gevolgd kan worden als er geen sprake meer is van een vergunning. Ze kan de
reactie van de wethouder volgen, maar vraagt hoe voorkomen kan worden dat de gemeente geen zicht meer heeft op eventuele negatieve effecten en de gemeente ook geen instrument meer in handen heeft om daarop bij te kunnen sturen.
De heer De Vries (wethouder) antwoordt dat dit op dit moment al gebeurt. Bij aanvragen rondom splitsen wordt bijvoorbeeld met name gekeken naar de leefbaarheid in de wijk. De leefbaarheid
wordt bepaald aan de hand van bijvoorbeeld het aantal meldingen. Dit proces wordt nu al doorlopen. Dat zegt uiteindelijk ook iets over bijvoorbeeld deze maatregelen.
De voorzitter constateert dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. 23. Raadsvoorstel Visie en meerjarenperspectief 2022-2033 op dienstverlening. De heer Van Steeg (CDA) stelt dat er een aantal goede dingen in het voorstel staan over de
menselijke maat en digitalisering. Ook de fysieke dienstverlening moet gewaarborgd blijven, juist
voor mensen die minder vertrouwen hebben in de overheid. Daarom dient de heer Van Steeg motie 118 (Menselijke maat voorop) in, mede namens de fractie van de ChristenUnie. Hierin wordt het college opgeroepen om in het uitvoeringsplan concreet te maken op welke wijze er voldoende
toegankelijke en persoonlijke kanalen worden geboden voor gestelde hulpvragen vanuit inwoners,
daarbij concreet te maken op welke wijze de servicepunten in de wijk een rol kunnen spelen in een publieksdienstverlening met een menselijk gezicht en hierbij verbetervoorstellen te doen en indicatoren op te nemen die inzage geven op welke wijze de doelstellingen van de visie publieksdienstverlening bijdragen aan versterken van het vertrouwen in de gemeente.
Mevrouw Ramaker (VVD) brengt in herinnering dat er in het commissiedebat is gesproken over de
menselijke maat. Voor de VVD betekent de menselijke maat dat er ook contact is. Het maakt Utrecht betrouwbaar wanneer bewoners goed worden geholpen bij het krijgen van een paspoort of bij het doen van meldingen. Daarbij heeft de fractie ook gekeken naar de Utrecht Monitor. Daaruit komt heel duidelijk naar voren dat ruim 30% van de inwoners van Kanaleneiland, Wilhelminapark, Overvecht en Oog in Al niet of heel weinig vaardigheden heeft in het digitaal melden bij de
gemeente. De VVD schrikt hiervan en vindt dat ongelijk investeren in gelijke kansen ook hier geldt.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
33
Voor mevrouw Ramaker hier een motie over indient vraagt zij aan de wethouder wat haar gevoelens zijn over het behoud en de doorontwikkeling van de huidige twee vestigingen voor publiekzaken in
het stadskantoor en Vleuten-De Meern? Hierop dient mevrouw Ramaker motie 119 (Dienstverlening, niet allemaal digitaal) in, mede namens de fracties van PVV, GroenLinks en Volt. Hierin wordt het college opgedragen om bij de uitwerking van de beleidsnota over de dienstverlening het
noodzakelijke voor verbetering van de toegankelijkheid voor inwoners met weinig tot geen digitale vaardigheden te betrekken en daarbij tevens vormen van dienstverlening te betrekken, waarbij
ontmoeting op locatie mogelijk is in die delen van de stad waar het aandeel inwoners met weinig tot geen digitale vaardigheden hoog is.
Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt dat er goede uitgangspunten zitten in de visie op
publieksdienstverlening. Tegelijkertijd is dit nog maar een visie, voor maar liefst elf jaar. Het gaat straks vooral om de uitvoering. Dat kan spannend worden, gezien de financiën of het gebrek aan
medewerkers. Wat de PvdA betreft blijft de menselijke maat prioriteit nummer één. De fractie kan er ook de vorige motie steunen. De wethouder heeft dit in de commissie bevestigd. Mocht prioritering
tussen die verschillende uitgangspunten aan de orde zijn, dan zal ze de raad daarin meenemen. Dit is voor de PvdA heel belangrijk. De fractie hoort daarom graag nogmaals die bevestiging. Ook vindt de PvdA het van belang dat de gemeente permanent gebruik maakt van ervaringskennis. In de commissie heeft de wethouder toegezegd het concreet terug te laten komen in de voortgangsbrieven. Hier kijkt de fractie dan ook naar uit.
Mevrouw Van der Wilt (D66) is blij met alle aandacht in het plan voor de menselijke maat en krijgen waar je recht op hebt. D66 heeft zich de afgelopen jaren volop ingezet voor die punten. De ambitie is duidelijk, maar dit moet in de komende tien jaar concreet gemaakt worden. Daarom heeft de
fractie in het commissiedebat opgeroepen tot een uitvoeringsagenda waarin meer aandacht is voor de concrete doelen en indicatoren om te zien of de gemeente op de goede weg is. Ze is blij met de toezegging van de wethouder hierop en ziet uit naar de agenda, met specifiek aandacht voor de
thema’s menselijke maat en krijgen waar je recht op hebt. Mevrouw Van der Wilt hoort hier graag nog een toezegging op van de wethouder.
Mevrouw Nolten (BIJ1) vindt het jammer dat de wethouder in de commissie niet mee wilde gaan in
het voorstel van BIJ1 over meertalige communicatie vanuit de gemeente. BIJ1vindt het belangrijk dat alle Utrechters betrokken worden bij de gemeentelijke berichtgeving. Ze zal hier daarom bij de Voorjaarsnota op terugkomen.
Mevrouw Voortman (wethouder) merkt op dat er veel overeenstemming is in de raad. Dat was in de commissie al zichtbaar en hier nu ook. De wethouder zal de moties en vragen langslopen.
Motie 118, van de heer Van Steeg en mevrouw Alblas, Menselijke maat voorop, kan de wethouder overnemen. In de motie wordt gevraagd om toegankelijke kanalen en de dienstverlening dichtbij.
Motie 119, Dienstverlening, niet allemaal digitaal, van de VVD en GroenLinks, kan de wethouder ook
overnemen. Er zijn inderdaad veel Utrechters die nog niet digitaal vaardig zijn. Daarom moet er naast een digitale variant altijd een fysiek kanaal open staan. Dat kan op verschillende manieren zijn. Daarnaast kent de stad twee specifieke hulpbalies. Het servicepunt is beschikbaar op het stadskantoor en de wijkbureaus.
Mevrouw Ramaker vroeg naar de gevoelens van de wethouder over het behoud van de vestigingen voor publiekzaken in het stadskantoor en in Vleuten-De Meern. Haar gevoelens over de
Raadsvergadering van 16 mei 2023
34
publieksdienstverlening op die beide locaties zijn positief. Daar worden heel veel dingen heel goed
gedaan. Je blijft wel altijd kijken hoe het nog beter gedaan kan worden en hoe de burgers in de stad nog beter bediend kunnen worden. Dat is ook het doel van deze visie.
Mevrouw Raaijmakers van de Partij van de Arbeid vroeg om een bevestiging dat de raad wordt
betrokken wanneer er geprioriteerd moet worden tussen de doelstellingen. Dit had de wethouder
inderdaad al gezegd in de commissie. Zij zegt het hier nogmaals toe. Het college informeert de raad via de voortgangsbrieven. Mocht er gekozen moeten worden tussen het een of het ander, dan komt de wethouder natuurlijk bij de raad terug.
Mevrouw Van der Wilt vroeg om een toezegging om prioriteit te geven aan de menselijke maat. Dit had de wethouder in de commissie al aangegeven. Ook dit kan zij dus bevestigen. Mevrouw Ramaker (VVD) trekt motie 119 in. De heer Van Steeg (CDA) trekt motie 118 in. Hij ziet uit naar de uitwerking. 24. Raadsvoorstel Vaststelling Chw bestemmingsplan Nieuw Buurland, Staatsliedenbuurt. De heer Stellinga (CDA) heeft een punt van orde. Hij heeft als enige dit onderwerp geagendeerd. Hij wilde ook een aanvullend voorstel indienen, tot hij het nog een keer nader bestudeerde. Toen
constateerde hij dat er sprake is van 68% middenhuur wanneer de te handhaven sociale woningen niet meegeteld worden. Dit maakt de heer Stellinga best blij. Hij wil de wethouder daarom alsnog
complimenteren met dit bestemmingsplan. De fractie van het CDA zal voorstemmen en geen motie indienen.
Mevrouw Meerding (VVD) heeft hetzelfde punt als het CDA. Ze had dezelfde rekensom gemaakt en zal dus ook geen aanvullende voorstellen indienen.
25. Raadsvoorstel Vaststelling Chw bestemmingsplan International School Utrecht (ISU) Cambridgelaan USP.
De heer Stellinga (CDA) dient motie 120 (Laat de verantwoordelijkheid voor de doorstroming van het USP waar die hoort) in. Hierin wordt het college opgedragen om te onderzoeken welke extra
mobiliteitsmaatregelen de gemeente zelf kan nemen, in aanvulling op de in het bestemmingsplan
aangekondigde maatregelen, om te voorkomen dat er in de ochtendspits een te grote verkeersdruk ontstaat bij de kruising tussen de Weg tot de Wetenschap en de Sorbonnelaan en de raad hierover uiterlijk in Q4 2023 over te informeren.
De heer Dekkers (GroenLinks) merkt op dat deze motie over de gemeente gaat, maar vraagt waarom de heer Stellinga niet vindt dat dit vooral een zorg is van de internationale school.
De heer Stellinga (CDA) antwoordt dat hij wel vindt dat dit een zorg is van de internationale school, maar hij vindt niet dat de primaire verantwoordelijkheid voor wat er aan verkeersdoorstroming op het USP gebeurt bij de school ligt. In de overwegingen staat dat het goed is dat de school erbij
betrokken wordt, maar het CDA heeft gevoel dat de hele verantwoordelijkheid voor de doorstroming bij de school gelegd wordt. Hier is de fractie niet akkoord mee.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
35
De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of dit geen onnodige extra vertraging oplevert. De heer Stellinga (CDA) weet niet of het bestemmingsplan hiervoor aangehouden moet worden. Hij
zou voorstellen om het bestemmingsplan wel vast te leggen, maar vervolgens te onderzoeken wat er nog meer gedaan kan worden naast hetgeen de school doet en wat er al is aangekondigd in de toelichting bij het bestemmingsplan.
De vergadering wordt een kort ogenblik geschorst. Mevrouw Schilderman (wethouder) merkt met betrekking tot de motie van het CDA op dat dit thema
ook besproken is in de commissie toen het ging over de mobiliteitsmaatregelen. De afspraken die de gemeente maakt met de internationale school maken wel degelijk deel uit van het mobiliteitsbeleid. De afspraken met partijen die vanwege een ontwikkeling een bepaalde mobiliteit veroorzaken
vormen een van de vijf pijlers in het mobiliteitsprogramma. Gelukkig doet de gemeente veel meer.
De verantwoordelijkheid ligt, zoals het CDA ook aangeeft, niet alleen bij de school. De gemeente is
bijvoorbeeld bezig met de gebiedsaanpak Utrecht-Oost, de gedragsmaatregelen, de U Ned-studies, de MIRT-onderzoeken, de HOV en de extra fietsroute, bijvoorbeeld bij de Platolaan. Bij de
Omgevingsvisie is er gesproken over de verdere maatregelen in dat gebied. Als het voor de langere termijn nodig is om meer mobiliteitsmaatregelen te nemen, kunnen er eventueel knips komen. Die zijn expliciet besproken bij de Omgevingsvisie. Er loopt dus heel veel op dat vlak. De raad wordt
geïnformeerd bij alle lopende processen. Deze motie voegt daar niet iets aan toe. Bovendien deelt de wethouder niet de premisse die erin gedaan wordt, gegeven de maatregelen die zij net noemde. Daarom ontraadt de wethouder de motie.
De voorzitter constateert dat er geen behoefte bestaat aan een tweede termijn 26. Raadsvoorstel Uitgangspuntennotitie Omgevingsvisie Overvecht. Mevrouw Sasbrink (PvdD) stelt dat Overvecht een prachtige groene wijk is. Dit wil de Partij voor de Dieren graag zo houden, maar het groene karakter staat helaas wel onder druk door allerlei
besluiten en ambities van een meerderheid van deze raad. De kaalslag aan de Ivoordreef maakt dit pijnlijk zichtbaar. Door nieuwe ambities voor meer groen en woningen moet de gemeente zeer
voorzichtig zijn dat het groen, met name de hoofdgroenstructuur, niet nog verder aangetast wordt. Daarom dient mevrouw Sasbrink amendement 20 (Niet bouwen in het groen in Overvecht) in, mede namens de fractie van Volt. Hierin worden de woorden “in principe” weggehaald bij “niet bouwen in de hoofdgroenstructuur”. Als het echt zou moeten, dan kan het college altijd nog bij de raad aankloppen.
De heer Van der Zweth (PvdA) deelt de ambitie hierachter, maar in de commissie heeft de wethouder al gezegd hier heel terughoudend mee te zijn en de raad, wanneer het dan toch moet, in positie te stellen. Waarom is het amendement nog nodig als dit al volmondig is toegezegd?
Mevrouw Sasbrink (PvdD) antwoordt dat de raad een uitgangspuntennotitie vaststelt, waarin letterlijk de woorden staan: in principe doen we dit niet. Als de PvdA dit steunt, kan ze ook dit amendement steunen. Daardoor wordt het document namelijk zo vastgesteld dat er in staat wat de raad wil.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
36
De heer Van der Zweth (PvdA) stelt dat het amendement de tekst wijzigt, maar dat het college nog
steeds terug kan komen bij de raad als dat het toch wil veranderen. Dan staat er toch eigenlijk ook dat het college het in principe niet wil? Dit is toch hetzelfde?
Mevrouw Sasbrink (PvdD) antwoordt dat in het amendement niet toegevoegd wordt dat het college dan terug kan komen. In de overwegingen staat dat het college dit zou kunnen doen. Maar het
amendement voegt dit niet toe in de uitgangspuntennotitie. Het uitgangspunt wordt echt dat het niet gedaan wordt.
Het college had zelf ook kunnen bedenken dat bij de uitwerking van deze Omgevingsvisie de
biodiversiteitscrisis en de klimaatcrisis aandacht behoeven. Het is jammer dat dit niet bedacht is.
Daarom dient mevrouw Sasbrink amendement 21 (Toekomstbestendig Overvecht) in, mede namens de fracties van ChristenUnie, D66, Volt, BIJ1 en Student & Starter. De strekking is dat er aan
beslispunt 2 wordt toegevoegd dat het college bij de uitwerking van de Omgevingsvisie ingaat op de manier waarop in de ontwikkeling van Overvecht rekening gehouden wordt met het tegengaan van de biodiversiteits- en klimaatcrisis.
De heer Dijkstra (EenUtrecht) dient motie 121 (Omgevingsvisie Overvecht door Overvechters) in. Hierin wordt het college opgedragen om de Omgevingsvisie Overvecht niet als gemeente op te stellen maar dat te laten doen als wijkvisie door de Overvechters, als zij dat zelf ook willen, de
Overvechters te vragen of zij zelf een wijkvisie met ondersteuning van de gemeente willen opstellen en zo ja, welk budget zij daarvoor nodig hebben, als college voorafgaand beknopt de stedelijke
kaders voor deze lokale visie voor te leggen aan de gemeenteraad en deze na vaststelling in de raad mee te geven aan de Overvechters en de definitieve wijkvisie van de Overvechters met een advies voor te leggen aan de gemeenteraad die dan kan bepalen welke delen zij daarvan wil en kan overnemen.
De voorzitter benadrukt dat de heer Dijkstra zijn tijdmanagement beter op orde moet hebben. Hij zit nu een minuut over zijn tijd heen. Dit is vervelend voor alle raadsleden die zich wel aan de beperkte tijd houden.
De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft een punt van orde. Hem is verteld dat hij, al heeft hij nog maar
één seconde, altijd nog een motie in mag dienen en daar het dictum van mag voorlezen. Hij houdt zich aan deze afspraak. Hij eigent zich dit democratisch recht toe.
De voorzitter stelt dat hij zich dan ook moet beperken tot het dictum en daarna niet nog toelichtingen moet willen geven.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) begrijpt helemaal niets van wat de heer Dijkstra doet. Er is een
ordentelijk proces gevolgd met betrekking tot dit raadsvoorstel. Er is participatie geweest. Allerlei belanghebbenden zijn geraadpleegd. Nu wil de heer Dijkstra het nog eens opnieuw doen en alle regie aan bewoners geven. Waarom?
De heer Dijkstra (EenUtrecht) antwoordt dat het college als gemeente een Omgevingsvisie wil
opstellen en bewoners, met als een hele waslijst van andere belanghebbenden, daarbij te laten
participeren. De heer Dijkstra wil dit omdraaien. De bewoners hebben aangegeven dat zij een of twee keer hebben kunnen meedenken over de randvoorwaarden, maar ze hebben misschien wel
Raadsvergadering van 16 mei 2023
37
belangstelling om daar zelf de regie in te nemen. Dan kan de overheid daarin participeren. Daar staat EenUtrecht voor en dat staat in deze motie.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) begrijpt dat de heer Dijkstra dus een breuk voorstelt met wat er
voorheen is gedaan met betrekking tot visies en dergelijke. Hij wil alles bij de bewoners neerleggen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) antwoordt dat bewoners, ondernemers en gebruikers van
voorzieningen in die buurt daar de regie op hebben. Hij draait het om. Dat gebeurt in andere steden ook. Hij verkondigt dus geen idioterie. Dit is een gangbare praktijk in veel steden en dorpen om Utrecht heen. Dat kan dus ook in Utrecht.
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) vindt het van belang dat zo’n omvangrijke wijk als Overvecht
voorziet in de aanvullende behoeften en wensen van bewoners en bezoekers. Het toevoegen van een breed scala aan voorzieningen draagt bij aan een gezonde en actieve levensstijl, het creëren van werkgelegenheid en het zorgen voor ontmoeting en verbinding tussen verschillende groepen in Overvecht. Juist samen met de huidige en toekomstige inwoners en gebruikers moet gekeken
worden naar welke voorzieningen er nog ontbreken. Daarom dient mevrouw Oudejans motie 122 (Levendigheid in Overvecht) in, mede namens de fractie van D66. Hierin wordt het college
opgedragen om fysiek in kaart te brengen van waar in Overvecht bepaalde vormen van levendigheid en ontmoeting worden gemist, zoals sportfaciliteiten, winkels, ontmoetingsplekken in de breedste
zin van het woord, bijvoorbeeld in de vorm van horeca of openbare bankjes, nachtcultuur, zoals een poppodium, en dit in samenwerking te doen met de bewoners, gebruikers en belanghebbenden
zodat zij de invulling van deze faciliteiten kunnen vormgeven, en in deze gesprekken actief aandacht te besteden aan bovenstaande punten.
Tijdens de recente raadsinformatiebijeenkomst Netwerken voor groen heeft de Natuur- en
milieufederatie Utrecht het belang van functionele daken benadrukt. Een functioneel dak is een waardevolle uitbreiding van de leef-en werkruimte, zonder dat andere voorzieningen daarvoor
moeten wijken. Het biedt veel mogelijkheden om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren en
tegelijkertijd bij te dragen aan klimaatadaptiviteit, de energietransitie en biodiversiteit. Daarom dient
mevrouw Oudejans amendement 22 (Kleur de daken in Overvecht) in, mede namens de fractie van de Partij voor de Dieren. Hierin wordt besloten beslispunt 2 toe te voegen: de manier waarop we
klimaatadaptatie, energietransitie en biodiversiteit in Overvecht kunnen versterken door gebruik te maken van zogenoemde multifunctionele daken, daar waar de draagconstructie het aankan.
Mevrouw Bode (Volt) als heel benieuwd wat dit toevoegt aan het uitgangspunt dat al in de notitie
staat, namelijk dat er op zo veel mogelijk plekken vergroend wordt met groene daken en straten. Mevrouw Oudejans (Student & Starter) antwoordt dat er met dit amendement echt gekeken wordt
hoe die daken nog meer verrijkt kunnen worden. Er bestaan nu een aantal kleurendaken, maar de
daken die de Milieufederatie heeft aangedragen zijn nog niet in de uitgangspuntennotitie terug te vinden. Het leek Student & Starter mooi om die ook toe te voegen.
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat er een raadsinformatiebijeenkomst is geweest in het kader
van een totaal ander onderwerp. Daarover wordt nu een motie ingediend. Zou het niet goed zijn om die motie even in te nemen en de commissiebehandeling over dit onderwerp even af te wachten? Er wordt dan niks belemmerd.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
38
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) antwoordt dat zij de kennis die zij bij
raadsinformatiebijeenkomst opdoet mee kan nemen in debatten. Het maakt niet zoveel uit welk debat dat is. Het is juist alleen maar mooi om dit mee te nemen in de uitgangspuntennotitie Overvecht.
Een diverse bevolkingssamenstelling draagt bij aan een levendige en inclusieve wijk. De gemeente moet streven naar een evenwichtige spreiding van jonge bewoners, onder wie studenten, over
Utrecht, zodat ze optimaal kunnen profiteren van wat de stad te bieden heeft. Studentenhuisvesting speelt hierbij een belangrijke rol. Zo wordt hun niet alleen een woonplek geboden, maar wordt ook de sociale cohesie tussen studenten, jonge Utrechters en de stad versterkt. Studenten moeten niet vergeten worden, want zij brengen juist nieuwe ideeën, energie en talent met zich mee. Daarom
dient mevrouw Oudejans amendement 23 (Studenten in Overvecht) in, mede namens de fractie van D66. Hierin wordt voorgesteld om in het voorstel “bijzondere woonconcepten, zoals bijvoorbeeld
wooncoöperaties en woonvormen voor ouderen” te wijzigen naar “bijzondere woonconcepten zoals
bijvoorbeeld wooncoöperaties en woonvormen voor ouderen en studenten”. Zo kan ervoor gezorgd worden dat de kwalitatieve en kwantitatieve woningopgave op een inclusieve en diverse manier ingevuld wordt.
De heer Bakker (D66) dient motie 123 (Meer bedrijvigheid en meer arbeidsplaatsen in Overvecht) in, mede namens de fractie van Student & Starter. Hierin wordt het college opgedragen om in het
opstellen van de Omgevingsvisie Overvecht expliciet de vraag mee te nemen hoe meer economische trekkers in de wijk, meer bedrijvigheid en daaraan gekoppeld meer arbeidsplaatsen, specifiek mbo,
gerealiseerd kunnen worden, ondernemers en instellingen van buiten de wijk hierbij te betrekken en met ondernemers uit Overvecht te bekijken hoe zij kunnen doorgroeien in de wijk, in de
Omgevingsvisie de waarde en het toekomstpotentieel van het Bedrijventerrein Nieuw Overvecht uit te werken en inzichtelijk te maken in hoeverre verbeterde bereikbaarheid van de wijk, bijvoorbeeld
door de geplande HOV-verbinding, kan bijdragen aan meer bedrijvigheid en meer arbeidsplaatsen.
Daarnaast heeft de heer Bakker nog twee korte vragen. Er gaat nu nog best een lang traject gevolgd worden dat ook weer best wat geld gaat kosten. De wethouder doet haar best, maar de heer Bakker moedigt haar aan om te kijken of het niet net wat sneller en goedkoper kan. Dat zou een leuke
verrassing zijn. Met de uitgangspuntennotitie is een mooie stap gezet. Tegelijkertijd worden er heel
veel ambities onder elkaar gezet. D66 mist een beetje de scherpte en de dilemma’s. Kan het college toezeggen om in de volgende uitgangspuntennotitie van de Omgevingsvisie die dilemma’s echt scherp in beeld te brengen, zodat de raad weet welk gesprek aangegaan wordt?
De heer Te Hoonte (VVD) was niet zo blij met deze uitgangspuntennotitie voor de Omgevingsvisie.
De fractie van de VVD had eigenlijk verwacht dat er nu een inhoudelijk gesprek zou komen over de uitkomsten van een omgevingsprogramma, waar het college al een keer veel geld voor had
vrijgemaakt. Nu wordt er alsnog een gebiedsgerichte Omgevingsvisie uitgewerkt, terwijl er ook al
een RSU is die de opgave eigenlijk vrij helder maakt: er moeten 5.000 woningen bij. Dat had dus veel sneller en makkelijker gekund door gewoon door te gaan met het omgevingsprogramma. Het
storendste is dat het niet helder is hoe de dekking in elkaar zit. Er wordt uit twee programma’s geld
gehaald. Dat is in een aanvullende brief toegelicht. De Omgevingsvisie wordt ook wel genoemd in de
programmabegroting. Daar staat letterlijk “de uitwerking van het omgevingsprogramma”. De heer Te Hoonte zou kunnen zeggen dat de raad verkeerd geïnformeerd is, maar hij heeft een amendement
geschreven, waarin gewoon een keer een goed besluit wordt genomen over de financiën bij dit plan.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
39
Hij hoopt dat dit een goed voorbeeld geeft en er de volgende keer ook een goed financieel besluit kan worden genomen. De heer Te Hoonte dient amendement 24 (Deugdelijk financieel besluit
Overvecht) in, mede namens de fractie van Volt. Hij wenst Overvecht toe dat dit snel wordt opgepakt en uitgewerkt.
Mevrouw Alblas (ChristenUnie) wil Overvecht zo groen mogelijk houden. De ChristenUnie-fractie zou graag van de wethouder de toezegging krijgen dat de raad vroegtijdig en expliciet geïnformeerd
wordt als het college voornemens is om toch in de groenhoofdstructuur te gaan bouwen. Ze wil dat
dit op een moment gebeurt dat de raad nog echt invloed kan hebben en niet wanneer het eigenlijk al te laat is.
Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt wat de ChristenUnie er dan van vindt dat er in de
uitgangspuntennotitie wordt gezegd dat het in principe niet gebeurt en dat het college daarmee wel een opening houdt om die ruimte te nemen en om een andere keuze te maken.
Mevrouw Alblas (ChristenUnie) vindt dit een terechte vraag. In het coalitieakkoord staat dat daar wel
wat ruimte voor moet zijn, dus ze kan niet zeggen dat die er niet kan zijn. Daarom vraagt ze ook om de toezegging om dan in ieder geval expliciet en vroegtijdig geïnformeerd te worden, zodat de raad hier echt over kan beslissen.
Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of het, als de ChristenUnie dit wil, dan geen goed idee is om die
woorden “in principe” eruit te halen. Deze visie geldt tot 2040, dus ook voor volgende colleges. Als die woorden eruit gehaald worden, dan moeten de colleges echt terug naar de raad ze daar van af willen wijken. Dan stel je het vast en weet je het zeker.
Mevrouw Alblas (ChristenUnie) antwoordt dat zij er hierom om vraagt om expliciet geïnformeerd te worden. Ze verwacht dit probleem hiermee te kunnen ondervangen.
Mevrouw Bode (Volt) merkt op dat de uitgangspuntennotitie 76 uitgangspunten heeft. Op voorhand wordt aangegeven dat er spanning tussen zit. Volt kijkt dus met belangstelling uit naar de visie om te zien wat echte prioriteiten zijn.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) merkt op dat zij haar weddenschap over de eindtijd van de vergadering aan het verliezen is nu de raad zo snel is.
De voorzitter vertelt dat de wethouder in het college Cubaanse spreektijden had beloofd. Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) vertelt dat het college bij het maken van de Omgevingsvisie
heel gedisciplineerd heeft gekeken naar wat de raad allemaal al heeft vastgesteld, bijvoorbeeld in de RSU, maar ook in een aantal andere kaderstellende stukken. Mevrouw Bode merkte al op dat dit heel
veel uitgangspunten heeft opgeleverd. Die heeft het college gezien als opdracht. In het raadsvoorstel heeft het college zich beperkt tot de dingen die extra zijn of specifiek voor Overvecht nieuw
toegevoegd worden. Daar wordt dus nu een besluit over gevraagd aan de raad. Alle inhoudelijke opdrachten zijn in de uitgangspuntennotitie te vinden.
De wethouder begint met de amendementen. Amendement 20 van onder andere mevrouw Sasbrink, over niet bouwen in de hoofdgroenstructuur, is het meest pikante. Het is echt de intentie van het
Raadsvergadering van 16 mei 2023
40
college om dat niet te doen, maar tegelijkertijd zijn er heel veel opdrachten in de
uitgangspuntennotitie. Het college doet zijn uiterste best. Daarom staat er ook dat het in principe
niet gebeurt. Er moet echter ook een hele puzzel gelegd worden. Dat komt ook allemaal in de raad,
zegt de wethouder ook in de richting van mevrouw Alblas. De raad en niemand anders gaat hierover. Het college zal de zijn uiterste best doen om niet aan de hoofdgroenstructuur te komen.
Tegelijkertijd moeten er veel dingen ingepast worden. Het resultaat van die puzzel, met alles wat
eraan gedaan is, aan ontwerpend onderzoek, studies, gesprekken met mensen in de wijk, krijgt de
raad. De wethouder hoopt dat het het college dan gelukt is en zo niet, dat de raad de afweging volgt. Als dat niet het geval is, dan is de raad de baas. De wethouder ontraadt amendement 20. Ze heeft hetzelfde ideaal als de indieners, maar de afweging komt bij de visie zelf.
Ook met amendement 21 is de wethouder het inhoudelijk eens, maar het college heeft zichzelf echt niet willen herhalen. In de uitgangspuntennotitie zitten teksten over biodiversiteit en de
klimaatcrisis. Dat zijn de doelen en ambities van de gemeente. Die zitten inderdaad niet in het
raadsvoorstel, omdat het college geen dingen heeft willen herhalen. Ook amendement 21 wil de wethouder dus ontraden.
Bij amendement 22 van mevrouw Oudejans van Student & Starter denkt de wethouder ook weer aan het hele boekje uitgangspunten en het uitgebeende raadsvoorstel. De wethouder denkt dat het
voorstel niet in het raadsbesluit thuishoort. Een motie had hier beter gepast. Daarnaast denkt de
wethouder dat dit overbodig is. In de uitgangspunten is er namelijk wel degelijk ook ingegaan op
groene daken. Zowel vanwege de vorm als vanwege de inhoud vindt de wethouder het amendement overbodig. Ze ontraadt het amendement.
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) merkt op dat de groene daken er inderdaad in stonden. In het amendement gaat het echter ook over blauwe en rode daken. Die worden niet in de
uitgangspuntennotitie genoemd. Daarom heeft mevrouw Oudejans die in het amendement gezet. Hoe ziet de wethouder dit?
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) vindt dit spijkers op laag water zoeken. Als mevrouw Oudejans dit echt met alle geweld wil doen, had ze er een motie van moeten maken. Zelfs dan vindt ze het toch van een detailniveau dat erg ver gaat. Dit hoort zeker niet in een amendement.
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) merkt op dat de wethouder in het commissiedebat aan de
raad vroeg om richting te geven. Dit probeert mevrouw Oudejans met amendementen en een motie.
De wethouder geeft aan dat dit beter in motie had gekund, maar met een amendement wordt er ook richting gegeven, dus volgens mevrouw Oudejans past dit goed.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) herhaalt zichzelf. De uitgangspuntennotitie is veel uitgebreider. Daar staan veel meer details in. Daarin wordt bestaand beleid herhaald. Bij de beslispunten in het
raadsvoorstel heeft het college zich beperkt tot wat daar nog bovenop komt, welke opdrachten aan
het college worden gegeven en wat er bijzonder is voor Overvecht. Met dit amendement wordt er één puntje uitgehaald. Dan had het hele boek met beslispunten er ingezet moeten worden en dat is niet
de bedoeling van een raadsvoorstel. De wethouder vindt het dus het verkeerde abstractieniveau voor een amendement. Daarnaast vindt de wethouder het goed om daken te benutten. Daarover verschilt
ze niet van inzicht met mevrouw Oudejans. Dit staat ook al lang in het beleid. Dan gaat het ook over meerdere functies. Zelfs voor een motie vindt de wethouder dit daarom overbodig. Voor een amendement vindt zij het zelfs onwenselijk.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
41
Ook amendement 23 vindt de wethouder een klein beetje overbodig. Aan de formulering is te zien dat het college helemaal niet uitputtend heeft willen zijn. Natuurlijk wil het college ook voor
jongeren en studenten en welke doelgroep dan ook in Overvecht een plek zoeken. Er gaat niks mis als de raad dit amendement aanneemt.
De wethouder begrijpt dat de heer Te Hoonte met amendement 24 eigenlijk zegt dat hij gelezen
heeft hoe dit gefinancierd wordt en dit wil vastleggen. Daar kan de raad voor kiezen. De wethouder
weet niet of het een beslispunt moet zijn of dat het ook elders in de informatie kan, maar dit is aan de raad. De laatste zin in het amendement gaat over het vrijvallen van middelen van het
omgevingsprogramma. Dit is niet aan de orde. Er is geen vrijgevallen budget. Dit is als een
duikvlucht meegegaan in het budget van de visie. Het ene is in het andere overgelopen. Men zou
kunnen zeggen dat het amendement dan nog steeds klopt, maar dat het dan over nul euro gaat. De tekst klopt technisch namelijk.
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat dit inderdaad de intentie is. In zijn ogen maak je eerst budget aan voor het nieuwe wat je gaat doen. Dan valt het andere vrij en dat valt tegen elkaar weg. In de
ogen van de VVD zou dit wel altijd een beslispunt moeten zijn, zodat de raad weet waar het geld aan
uitgegeven wordt. Er wordt er in de raad weleens gesproken over €50.000. Dit gaat over 1,2 miljoen. Vanwege de hoogte van het bedrag had het een beslispunt moeten zijn.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) antwoordt dat er niks misgaat als de raad dit amendement aanneemt. Zeker na deze uitwisseling begrijpen de wethouder en de heer Te Hoonte elkaar.
De wethouder komt op de moties. Motie 121 van de heer Dijkstra van EenUtrecht ontraadt de
wethouder. Er is een mooi participatieproces ontworpen, overigens ook in overleg met mensen in
Overvecht. Geïnspireerd door koningin Máxima zegt de wethouder: dé Overvechter bestaat niet. De gemeente gaat volop met mensen in gesprek. Dit gebeurt met oude bekenden die heel actief zijn,
maar door loting probeert de gemeente ook met nieuwe mensen in gesprek te komen. Dat gebeurt
op alle mogelijke manieren. De gemeente doet dit samen, maar maakt nu wel tempo om dit proces naar een einde brengen. Daar is ook veel behoefte aan.
Motie 122 over levendigheid van mevrouw Oudejans van Student & Starter wil de wethouder
overnemen. Dit zit goed in alle uitgangspunten. Dit is exact wat de gemeente gaat doen. De
barcodefuncties krijgen allemaal een plek in Overvecht. Dat zijn functies die in de motie genoemd staan.
Motie 123 van de heer Bakker van D66 gaat over bedrijvigheid en arbeidsplaatsen. Ook deze wil de
wethouder overnemen. Het college gaat hiermee aan de slag. Ook vanuit de wijk komt er een oproep om een grotere trekker. Het college zal hierop terugkomen in de uiteindelijke visie.
Er waren nog enkele vragen gesteld. De heer Bakker vroeg of het niet sneller en goedkoper kan. Een paar mensen in de ambtelijke burelen zullen hiervan kreunen, want die zijn al erg op de pijnbank
gelegd. Als dit de gemeente lukt, is ze kampioen Omgevingsvisies maken in ongeveer een jaar. Heel veel sneller kan het dus niet. Goedkoper is in de begroting in ieder geval niet gelukt. De wethouder
snapt het algemene sentiment om eens op te houden met plannen te maken en eens dingen te gaan doen. Dit deelt de wethouder, maar gezien de spanning tussen groen en rood en de relevantie van mobiliteit is het wel goed om een totaalplan te maken voor de toekomst.
De heer Bakker vroeg ook of de uitgangspuntennotitie de volgende keer niet scherper kan. De
wethouder zegt toe dat het college hier zijn best voor zal doen. Tegelijk heeft ze wel gemerkt dat je, als je een uitgangspuntennotitie maakt terwijl je nog niet begonnen bent, ook nog niet tegen een aantal dilemma’s opgebotst bent. Het college heeft wel degelijk aangekondigd dat er een grote
Raadsvergadering van 16 mei 2023
42
waslijst met wensen was en dat het de vraag was of dat allemaal paste. Daar ging het debatje met
mevrouw Sasbrink ook over. Tegelijkertijd ga je, als je verder gaat praten, gaat ontwerpen, het in de ruimte gaat passen, pas merken waar het schuurt. Daar is men nu gewoon nog niet. Dat blijft het dilemma van sturen aan de voorkant.
Mevrouw Alblas vroeg naar de hoofdgroenstructuur. De wethouder gaf net al aan dat er niks gebeurt
voordat de raad deze visie vaststelt. Ondertussen is de gemeente natuurlijk wel met projecten bezig, maar een aantal staat echt on hold. Mocht er een project zijn dat in de tussentijd tot wasdom komt, dan is de raad normaal gesproken aan zet. Als dat niet zo is, als er dus een project is dat het komende jaar tot een einde komt en niet langs de raad zou gaan en dat een aantasting zou
betekenen van de hoofdgroenstructuur, dan belooft de wethouder plechtig dat ze terug naar de raad komt. De wethouder denkt dat dit niet aan de hand zal zijn.
De heer Bakker (D66) hoorde het de wethouder niet expliciet zeggen, maar begreep uit haar woorden dat motie 123 overgenomen is. Hij trekt deze dan ook graag in. Mevrouw Oudejans (Student & Starter) trekt motie 122 in. De voorzitter geeft de raad de gelegenheid tot een tweede termijn. Mevrouw Sasbrink (PvdD) hoorde dat de wethouder alle ingediende voorstellen als overbodig wegzette, terwijl er juist een uitgangspuntennotitie is opgesteld naar aanleiding van eerdere
ervaringen en om de raad de gelegenheid te geven om mee te geven wat ze belangrijk vindt in de
Omgevingsvisie die nog gaat komen. Mevrouw Sasbrink vraagt de wethouder om hier nog even op in te gaan. De raad geeft namelijk uitgangspunten mee en geeft daarmee aan wat ze belangrijk vindt.
Het college zou dit toch zo veel mogelijk moeten omarmen, daar waar het inhoudelijk kan, ondanks
dat de wethouder het misschien niet zo mooi vindt om dit toe te voegen. Als het niet te betalen is of botst met bestaand beleid, is dat een ander verhaal, maar dit zei de wethouder bij de meeste voorstellen niet. Kan de wethouder reflecteren op wat precies het doel is van een
uitgangspuntennotitie en wat voor reactie ze daar in het vervolg op verwacht? De voorstellen van de PvdD zijn ook als overbodig weggezet, maar die onderwerpen zijn voor de fractie dusdanig belangrijk dat ze die in stemming wil brengen.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) heeft het amendement van de Partij voor de Dieren over de hoofdgroenstructuur niet ontraden vanwege overbodigheid, maar omdat de wethouder het
onverstandig vindt om dit te doen. Uiteraard is de raad uiteindelijk de baas. Dit zou een vorm van
sturing kunnen zijn. Wellicht zijn er ook andere vormen van sturing die afwijken van wat het college
voorgesteld. De wethouder had een ander punt over overbodigheid gemaakt. Al het bestaande beleid staat in de nota van uitgangspunten. Het college heeft zichzelf de opdracht gegeven om dit in de ruimte te puzzelen. Het heeft geen selectie willen maken door een aantal punten wel in het raadsvoorstel te zetten en andere niet. Het is tamelijk willekeurig als raadsleden dan gaan
parafraseren en bepaalde dingen willen promoveren naar het raadsvoorstel, want dan had de gehele
nota van uitgangspunten gepromoveerd kunnen worden tot raadsvoorstel. Dat was niet het idee. Als er afwijkende dingen over andere dingen worden gevraagd, dan is dat een vorm van sturing.
Raadsvergadering van 16 mei 2023
43
Mevrouw Sasbrink (PvdD) hoort de wethouder spreken over promoveren, maar als de raad een
bepaald punt wil promoveren, dan geeft dat toch juist richting aan van wat de raad belangrijk vindt? Als een meerderheid dat zegt, dan zou het college dat toch over kunnen nemen?
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder) antwoordt dat de meerderheid nog niks gezegd heeft. Dat zal
ze later vandaag horen. De wethouder heeft tot nu toe vooral als argument gehoord dat het er niet in staat. Dan ging het over de daken, de biodiversiteit of klimaatverandering. Die staan er wel in. Alles
wat al een ambitie is, heeft het college gehoord en opgeschreven. Hiermee zal het aan de slag gaan. Dat is zijn opdracht. Het is geen vorm van sturing om het ene punt wel in het raadsbesluit te zetten en het andere niet.
De voorzitter stelt vast dat de behandeling hiermee afgerond is en er overgegaan kan worden tot
besluitvorming. Zij zal eerst een kwartier schorsen, zodat alle leden naar de raadzaal kunnen komen om te stemmen.
De voorzitter schorst hierop de vergadering.
(Bij hervatting van de vergadering heeft de mevrouw Dijksma het voorzitterschap van de vergadering overgedragen aan de heer Zwanenberg.) De voorzitter heropent de vergadering en deelt mede dat de leden Kendir, Talhaoui en Hessel afwezig zijn, zodat er met 42 leden gestemd zal worden.
De heer Maas (Volt) trekt motie 102 (Waak over privacy) in. De voorzitter stelt hierna aan de orde de stemming over de moties die zijn ingediend tijdens de behandeling van Besluitvorming Tussenstand herontwikkeling Jan van Galenstraat.
Aan de orde is de stemming over motie 93 (Renoveren aan de Jan van Galenstraat). Mevrouw Nolten (BIJ1) zou het liefst zien dat er gerenoveerd in plaats van gesloopt wordt, maar stemt tegen de motie, omdat haar fractie het belangrijk vindt dat sociale huur behouden blijft.
Over motie 93 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat de leden van de fracties van PvdD en EenUtrecht ervoor hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat de motie is verworpen.
Aan de orde is de stemming over motie 94 (Duidelijkheid bieden Jan van Galenstraat). Mevrouw Meerding (VVD) stelt dat haar fractie voor het in de motie genoemde scenario is, maar tegen de dingen die over parkeren worden gezegd. Om die reden zal haar fractie toch tegenstemmen.