2025.04.10 Gemeente Utrecht - Conceptverslag Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen
Tekst van het document
Corporaties moeten er wel voor zorgen dat problemen bij huurders worden gemitigeerd. Stadsbelang Utrecht doet de oproep om dit een appèl te laten zijn aan woningcorporaties om beter op hun bezit te letten, sneller te acteren en beter te communiceren. De voorzitter constateert dat dat de laatste inbreng van de raad was. Hij schorst de vergadering. -
Schorsing –
17
De voorzitter heropent de vergadering en geeft het woord aan de wethouder voor de beantwoording van de vragen.
5
10
Wethouder De Vries begint met de beantwoording van de vragen van de Partij voor de Dieren over de toezeggingen. Voor wat betreft toezegging 315, over de gft-inzameling, meldt hij dat het afronden van het technisch onderzoek naar het ontwerp van het gfe-cocon kostte meer tijd dan verwacht. De aanbesteding loopt en is naar verwachting in november 2025 afgerond. Het streven is om de raad in Q4 over de voortgang van de gfe+t-inzameling te informeren. Betreffende toezegging 675, over de Base Metal fabriek, zegt de wethouder dat wethouder Oosters deze week een bezoek heeft gebracht aan de Base Metal fabriek en aan iQatalyst. Op korte termijn komt hierover een bericht naar de raad. Over toezegging 756, over verduurzaming van de corporaties, meldt de wethouder dat dit in het voorjaar naar de raad komt. Wat er in de lijst staat is nog steeds actueel. Het kost meer tijd dan verwacht om dit met de corporaties af te stemmen. Het college verwacht de raad in Q2 te informeren over de nieuwe regeling. De voorzitter verzoekt de griffie om dit in de lijst van toezeggingen te verwerken.
15
20
25
30
35
40
Wethouder De Vries gaat verder met beantwoording van de vragen. Hij dankt de fracties voor het agenderen van dit debat, met name de inzet van DENK voor de mensen van Overvecht. Het is moeilijk concreet te maken dat er in Overvecht meer achterstallig onderhoud is of minder meldingsbereidheid dan in andere delen van de stad. Er zijn verhoudingsgewijs wel weinig meldingen over het achterstallig onderhoud bij de woningcorporaties. Stadsbreed probeert de gemeente zo veel mogelijk bekendheid te genereren voor hoe men bij de gemeente zo’n melding kan doen, zoals via de campagne. Dat blijft de gemeente doen, zeker voor Overvechters. Daarnaast zetten de woningcorporaties in op structurele verbeteringen van vele panden in Overvecht met renovatieprojecten. Er zijn veel projecten en woningen waarbij de labels van E, F en G naar A zijn gebracht. Het renoveren in de wijk is een lopend proces. Binnenkort ontvangt de raad het jaarverslag Energie waarin de labelstand van de corporatiewoningvoorraad wordt gedeeld. Dat kan helpend zijn in het gesprek. Zo gaf DENK in zijn betoog aan dat zij houden van feiten en cijfers. Met de corporaties wordt bekeken of deze cijfers kunnen worden uitgesplitst naar wijkniveau zodat specifiek Overvecht kan worden afgeleid. Mevrouw Passier (Volt) vraagt of de cijfers ook kunnen worden uitgesplitst naar buurtniveau. Wijken zijn namelijk best groot.
Wethouder De Vries neemt dat mee. Hij vervolgt met de beantwoording van de vraag wat er wordt gedaan om het vertrouwen terug te winnen. Ten eerste gaat het om een langjarige samenwerking, en ten tweede gaat het over een andere samenwerking, waarbij dingen anders worden gedaan dan eerder. De gemeente probeert dat bijvoorbeeld via de programma’s Samen stad maken en Samen voor Overvecht. Bij Samen stad maken gaat het ook over een andere houding en gedrag van ambtenaren, het college en de raad, en over het meer fysiek aanwezig zijn in de wijk. Eens in de twee jaar wordt het vertrouwen in de hele stad gemeten en specifiek in Overvecht. Helaas weten veel Overvechters de gemeente niet zo makkelijk te vinden. Er moet extra moeite worden gedaan om hen te bereiken. Sleutelpersonen in de wijk zijn ontzettend belangrijk. Daar zijn dan ook contacten en samenwerkingen mee. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat het traject van de omgevingsvisie best wat kwaad bloed heeft gezet in Overvecht. Het debat heeft ook lang geduurd. Hij vraagt wat de wethouder ervan vindt dat er wordt gebouwd aan vertrouwen, en tegelijkertijd aan een visie die dat ondermijnt.
45
50
Wethouder De Vries verwijst terug naar debat over de visie. Wethouder Maatoug heeft daar wat over gezegd in haar beantwoording. Wethouder Streefland is fysiek elke week een dag in die wijk. Dat helpt heel erg, juist bij dit soort vragen. Het is zeker niet perfect, er worden fouten gemaakt en dingen kunnen beter, maar er zijn ook veel dingen die het college daarin wel laat zien. Hij vervolgt zijn beantwoording. Betreffende de inspecties geeft hij aan dat er stadsbreed binnen VTH via meldingen wordt gewerkt. Dat zijn er meer dan duizend. Als het gaat om achterstallig onderhoud zijn dat er 150 per jaar. Het doen van extra periodieke inspecties vraagt meer capaciteit en dus ook meer geld. Het is dus een financiële vraag, en daarop kan de wethouder geen toezegging doen. 18
5
10
Over het handhaven op achterstallig onderhoud en toetsing op de regelgeving uit 1950 zegt de wethouder dat het Bouwbesluit uit 2018 komt. Daarin wordt nieuwbouw en bestaande bouw onderscheiden. De ondergrens is uit 1950 en pas wanneer het daaronder komt kan er worden gehandhaafd. De vraag is wat achterstallig onderhoud precies is. Misschien moet er gekeken worden naar het onderhoudsniveau van de panden überhaupt. Hier gaat de wethouder later verder op in. Op de vraag over het herzien van de norm zegt de wethouder dat dit landelijke wetgeving betreft. Het college kan daar niet eenzijdig van afwijken. Op het moment dat er een herziening plaatsvindt dan wordt de gemeente wel geconsulteerd. Zelfs dan is het niet haalbaar om van de wetgever te vragen om nieuwbouweisen te stellen aan de bestaande oudere woningen. Het kost meer tijd en geld om die op een bepaald niveau te krijgen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of het mogelijk is om in Utrecht een iets hoger minimumonderhoudsniveau af te spreken met woningcorporaties.
15
20
Wethouder De Vries zegt dat hij later terugkomt op het onderhoudsniveau. In de samenwerkingsafspraken worden ook afspraken gemaakt over het onderhoudsniveau. Hij had het nu specifiek over het bouwbesluit. Betreffende het meldpunt zegt de wethouder dat er campagne wordt gevoerd om het zo goed mogelijk vindbaar te maken. Het is mogelijk om bij het algemene meldpunt van de gemeente een melding te doen van achterstallig onderhoud. Er is juist geprobeerd om geen versplintering in meldpunten te krijgen. De heer Usta (DENK) heeft geen twijfels over dat de wethouder al heel veel doet, maar hij is op zoek naar iets nieuws en concreets. Dat het financieel aspect de reden is dat er weinig aan wordt gedaan vindt hij te kort door de bocht. Hij vraagt een toezegging op hetgeen hij heeft gevraagd en de financiële keuze aan de raad te laten.
25
30
35
40
45
Wethouder De Vries doet die toezegging niet. Het is de kern een keuze tussen mensen en middelen. DENK kan daar een motie op indienen of meenemen in de bredere afwegingen in de voorjaarsnota. Het betekent ook dat de middelen ergens anders vanaf gehaald moeten worden. Hij vervolgt met de beantwoording van de vragen. Over het onderhoudsniveau zijn al afspraken gemaakt met Aedes, Rijk, VNG en de Woonbond. Die zijn geland in de Nationale Prestatieafspraken waarin een aantal onderhoudsniveaus zijn onderscheiden. De corporaties hebben afgesproken tenminste aan onderhoudsniveau 5 te voldoen. In de samenwerkingsafspraken is afgesproken om deze lijn te volgen. Verder werd opgemerkt dat investeringen teveel naar nieuwbouw gaan en minder naar onderhoud. De wethouder heeft niet de indruk dat weinig prioriteit wordt gegeven aan onderhoud. In de rib heeft de voorzitter van de Stichting STUW aangegeven dat het hun eer te na is om slechte kwaliteit te leveren. Natuurlijk zullen er kwesties zijn, die kennen we zeker ook. Daar voert het college ook gesprekken over. In de beantwoording van de schriftelijke vragen is aangegeven dat onderhoud en verduurzaming vaak gecombineerd worden. Dat gaat over het efficiënt uitgeven van middelen, waar corporaties geld voor hebben gereserveerd. Daar is onderzoek naar gedaan, onder andere door Ortec naar de verkoop van sociale huurwoningen.
Daaruit bleek dat de middelen die er zijn juist worden ingezet voor het verduurzamen van het huidige bezit. De afspraken daarover zijn in de samenwerkingsafspraken geland. Daar zit een deel onderhoud in, een deel huurprijsbeleid en een deel nieuwbouw in. Daarin moeten keuzes worden gemaakt. Het zijn schuivende panelen. De VVD vroeg naar regie in relatie tot complexen. Het college kan niet sturen op complexniveau. Dat is een taak van de verhuurders. Corporaties werken met een meerjarenonderhoudscyclus waarin een volgorde van onderhoud van de complexen is opgenomen. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat regie misschien een groot woord is. Als er meerdere meldingen komen over een complex, wordt het gesprek dan wel gevoerd?
50
Wethouder De Vries bevestigt dat. Dat gebeurt onder andere in de Stuurgroep Huren. Over de loketten werd om een warme overdracht gevraagd. De gemeente doet zoveel als ze kunnen. Voor wat betreft de rol van de corporaties meldt de wethouder dat Woonin anderhalf jaar geleden een balie heeft geopend in Overvecht. Juist om dichtbij de bewoners te zijn. Elk complex 19
heeft een beheerder waar gemeld kan worden. Er worden daadwerkelijk pogingen gedaan om dichtbij de bewoners te komen en het zo lokaal mogelijk te organiseren.
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
De heer Van der Zweth (PvdA) vindt het mooi dat Woonin dat doet. Maar als het escaleert en iemand doet een melding bij de huurcommissie, dan wil men geen warme overdracht om nog eens een melding te doen bij de gemeente. Men wil dat rechtstreeks bij de gemeente kunnen melden. Wethouder De Vries komt daar straks op terug. Hij bespreekt de vragen van CU over het vergroten van de leefbaarheid en hun verzoek om de campagne in andere talen te doen. In die campagne is aandacht besteed aan onderhoud. Het aantal meldingen van achterstallig onderhoud is naar aanleiding van die campagne omhoog gegaan van 25% naar 39%. Er zijn ook meer meldingen vanuit Overvecht binnengekomen, van 4% naar 11%. Om het aantal meldingen verder te verhogen is een stadsbrede campagne misschien niet het juiste instrument. Qua taal zou de informatie ook in het Engels kunnen worden aangeboden om internationale studenten tegemoet te komen. Maar juist in Overvecht kan het misschien op andere manieren, bijvoorbeeld via Samen voor Overvecht en via de samenwerking met woningcorporaties Over de signalen over het niet op tijd reageren van het huurteam zegt de wethouder dat er regelmatig contact over is. Zij geven aan dat zij niet herkennen dat dit een structureel probleem is. Het zal misschien een keer voorgekomen zijn, maar vaak worden huurders dezelfde dag nog benaderd.
Voor woningopnames zijn gemiddeld 20 tot 24 plekken per week beschikbaar, dus zo’n duizend plekken per jaar. Daarvan wordt nog niet de helft gebruikt, dus dit kan eventueel worden opgeschaald. De heer Van Straalen (CU) zegt dat het gros van de meldingen over particuliere verhuurders gaat. Kan daar nog wat aan worden gedaan, of is voor hen puur de wet leidend? Wethouder De Vries antwoordt dat er moet worden gewerkt met het Bouwbesluit zoals het is. Met particuliere verhuurders zijn geen afspraken gemaakt over het onderhoudsniveau. Dat is dus minder te sturen. Op de vragen van Volt over de bekendheid van het meldpunt en de communicatie tussen huurders en corporaties antwoordt de wethouder dat hij dit meeneemt in het huurdersoverleg. De PvdA vroeg om vanuit de partijlijn een lobby te doen. Ter overweging geeft de wethouder mee dat als die lobby een verhoging van de eisen naar nieuwbouw moet zijn, dan ontstaat het risico dat een deel van de woningen niet meer gebruikt mag als woning omdat ze niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd. De landelijke energieprestatie-eisen in relatie tot huurwoningen worden gevolgd, en het uitfaseren van de EFG-labels. Voor wat betreft de motie ‘Achterstallig onderhoud mag niet lonen’ zegt de wethouder dat blijvend wordt ingezet op de bekendheid van de verschillende meldpunten.
In het jaarlijkse handhavingsverslag wordt gerapporteerd over het aantal meldingen over achterstallig onderhoud en hoe daarop wordt ingezet. Daarnaast gaat het college in het raadsvoorstel over de verhuurdersvergunning ingaan op wat dit kan betekenen in relatie tot het achterstallig onderhoud. Op de vraag over het gezamenlijk handhaven met de huurcommissie antwoordt de wethouder dat het gemeentelijk meldpunt onder de aandacht wordt gebracht van de huurcommissie en vertegenwoordigers van huurdersorganisaties, zodat zij het beter gaan vinden. Het echt samenvoegen en integreren van zo’n meldpunt is lastig. Het zijn verschillende organisaties met eigen bevoegdheden. Het heeft ook te maken met privacy en AVG. Het college zet vooral in op het informeren van huurders en mensen van de huurcommissie. De wethouder is het eens met de opmerking van Utrecht Solidair: je moet zelf het goede voorbeeld geven in relatie tot dit vraagstuk. De gemeente investeert op allerlei vlakken extra in Overvecht. Het is een groene wijk maar op bepaalde plekken verwaarloosd. Er wordt geprobeerd met bewoners, vanuit eigenaarschap, te kijken hoe zij daar zelf vorm aan kunnen geven. Er wordt echt meer in die wijk geïnvesteerd dan op andere plekken, maar wellicht is dat nog niet voldoende. De voorzitter informeert naar gemiste vragen.
20
De heer Dijkstra (EenUtrecht) wijst erop dat niveau 5 een categorie is. De vraag was om strikter dan nu een onderhoudsniveau afspreken in de prestatieafspraken. Daarin is namelijk geen niveau afgesproken waaraan moet worden voldaan. 5
10
15
Wethouder De Vries antwoordt dat er wel een niveau is afgesproken. De vraag is of dat scherper kan. Daar kunnen lokaal andere afspraken over worden gemaakt, maar het is niet raadzaam om de huidige lopende afspraken open te breken. Het kan wel worden meegenomen in nieuwe prestatieafspraken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) denkt dat dat helpt. Het is goed om in de volgende prestatieafspraken aan de hand van concrete gebreken aan te geven wat het minimum is en daar strikter in te zijn. Kan de wethouder dat toezeggen? Wethouder De Vries antwoordt dat de verschillende onderhoudsniveaus uitgaan van concrete voorbeelden. Hij zegt toe om daar met elkaar naar te kijken bij het maken van nieuwe afspraken. Het is nogal een set van afspraken: over onderhoud, over verduurzaming, over nieuwbouw, over betaalbaarheid, over verkoop van sociale huurwoningen of netto groei. Daarin moet men elkaar vinden. De wethouder kan niet toezeggen dat hij het gaat regelen. Hij wil het wel specifiek aanraken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) ziet dat wel als een toezegging, zeker omdat wat er nu staat onvoldoende is om er te komen. Daarvoor is iets extra’s nodig. De voorzitter informeert opnieuw of er gemiste vragen zijn.
20
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt naar de toezegging aan Utrecht Solidair. Hij meldt verder dat het woononderzoek vandaag is gepresenteerd. Eén van de opvallende conclusies daarin is dat in 2021 ongeveer 15% van de woningen met schimmel kampte. In 2024 is dat 20% geworden. De voorzitter geeft woord aan de wethouder voor de beantwoording van de gemiste vragen.
25
Wethouder De Vries vraagt naar de toezegging. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt om een toezegging op een onderzoek naar wat er is gebeurd vanaf 2012. Dat kan met name in Overvecht of Utrecht breed. Als duidelijk is hoe deze situatie is ontstaan, dan kunnen betere oplossingen worden bedacht.
30
Wethouder De Vries vraagt of het specifiek over achterstallig onderhoud in Overvecht gaat of breder. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) licht toe dat het nu alleen Overvecht kan betreffen, en later stadsbreed kan worden getrokken. Zij wil weten waarom er zo weinig van het geld dat de verkopen hebben opgeleverd is geïnvesteerd in onderhoud. Zij vraagt om een diepteonderzoek.
35
Wethouder De Vries antwoordt dat het onderzoek er al ligt. Dat is namelijk het Ortec-onderzoek dat is uitgevoerd naar de prestaties van de woningcorporaties. Dat ging onder andere over de inkomsten in relatie tot de taken die zij hebben. Daar is onderhoud en verduurzaming er één van. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vindt dat het Ortec-onderzoek er niet voldoende op in gaat. Zij vraagt om een onderzoek specifiek naar dat punt.
40
Wethouder De Vries antwoordt dat het kan zijn dat Utrecht Solidair niet tevreden is met het onderzoek. Hij zegt niet toe dat er nieuw onderzoek gaat plaatsvinden. De voorzitter concludeert dat het debat hiermee ten einde is.
21
Lijst van toezeggingen 1. Bij de volgende afspraak met corporaties gaat de wethouder in gesprek over de categorieën en het niveau van het onderhoud; 2. De griffie werkt de lijst van toezeggingen bij. 5
De voorzitter vraagt hoe debat naar de raad moet worden gebracht. De heer Usta (DENK) bekijkt welke extra stappen zij kunnen nemen. Zij gaan met de wethouder in gesprek om onderling te bekijken wat te doen. Mevrouw Zwinkels (CDA) overweegt om iets te doen met nabijheid en communicatie in relatie tot achterstallig onderhoud van de openbare ruimte, en de openstelling van het wijkbureau.
10
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) bereidt wellicht ook iets voor. Hij laat het onderwerp nog in het midden. De voorzitter stelt voor hier 15 minuten voor te reserveren en rondt agendapunt 7 af. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) maakt een punt van orde. Hij stelt voor om het initiatiefvoorstel in één stuk doen. Kan het niet beter over de pauze heen worden getrokken?
15
De voorzitter is daar geen voorstander van. Mevrouw Passier (Volt) vraagt of de ondersteuning is geregeld als de commissie vanmiddag doorgaat. De griffier antwoordt dat daar druk aan wordt gewerkt. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) stelt voor om de pauze tot half twee te laten duren.
20
De voorzitter geeft aan dat er mensen vanmiddag afspraken hebben. Dit is doorlopende vergadering dus hij wil verder gaan met het volgende agendapunt. Hij schorst de vergadering een moment.
- Schorsing 25 De voorzitter heropent de vergadering.
8 Initiatiefvoorstel ‘Geef woningzoekenden een Stem’ 30
35
40
De voorzitter zegt dat de behandeltijd van dit voorstel 90 minuten is. De initiatiefnemer heeft als doel om woningzoekenden een grotere stem en vaste plek te geven in de participatie bij gebiedsontwikkeling en woonbeleid. In het voorstel worden concrete aanbevelingen gedaan over de manieren en verschillende fasen waarin de gemeente stappen kan zetten om woningzoekenden beter te betrekken bij woningbouw processen. Het onderwerp wordt behandeld in twee termijnen. De voorzitter geeft het woord aan D66 voor een korte introductie op het voorstel. Mevrouw Van der Wilt (D66) zegt dat er in de afgelopen periode hard is gewerkt aan dit voorstel, samen met woningzoekenden, corporaties, ontwikkelaar en andere geïnteresseerden. Het is extra leuk om op de publieke tribune een aantal woningzoekenden, naast de Woonbond en Woonin, te zien zitten. Uiteindelijk doen we het voor hen, net als voor duizenden andere woningzoekenden in de regio. De aanleiding voor dit initiatiefvoorstel is dat D66 hier graag meer mee wilde doen. Vorig jaar is ook geconstateerd dat het nog niet zo hard van de grond komt als we zouden willen. Daarom heeft D66 gewerkt aan een concreet plan. Achteraf had het wat makkelijker gekund, 22
5
10
tegelijkertijd is mevrouw Van der Wilt blij dat ze hulp heeft gevraagd en gekregen. Daardoor is het voorstel rijker geworden. Zij geeft aan dat de ambtelijke ondersteuning erg helpend was. Zij is ook blij dat de Woonbond en de corporaties hebben meegedacht hoe het platform Woonzoekers een groot succes kon worden, juist door hun positie hierin beter vast te leggen en te borgen. Hetzelfde geldt voor andere organisaties die zij in het voorstel noemt bij de Woontafel. Tenslotte is zij blij dat er concreet met woningzoekenden is gesproken. Daardoor zijn er ideeën bij gekomen die niet tevoren waren bedacht, bijvoorbeeld om te kijken naar vormen van beloning. Het is goed om die ook te overwegen. Zij hoopt op een mooi inhoudelijk debat, waarbij zij de commissie wil meenemen in de afwegingen die er zijn geweest. Zij staat open voor suggesties om dit plan nog mooier te maken. De vragen die D66 aan het college wil stellen neemt de heer Janmaat voor zijn rekening. De voorzitter heet de heer Janmaat welkom in de commissie, net als de heer Zwanenberg van de nieuwe Groep Zwanenberg. Hij heeft het woord aan de Groep Zwanenberg voor hun inbreng.
15
20
25
De heer Zwanenberg (Groep Zwanenberg) feliciteert D66 met het initiatiefvoorstel. Hij vindt het erg lezenswaardig. Hij begrijpt waar de drive vandaan komt om woningzoekenden beter te betrekken bij het bouwen van woningen. Dit kan een meerwaarde zijn. De Woonbond schaart zich hier niet voor niets achter, maar het Woonprotest is hier juist weer uitermate kritisch over. Groep Zwanenberg vindt dat er goede punten in het initiatiefvoorstel zitten, maar ook wat haken en ogen. Het verlenen van voorrang aan mensen die actief mee gaan praten kan prikkelend werken, maar Groep Zwanenberg vindt dat dat pad niet opgegaan moet worden. Zij begrijpen ook dat dat niet kan zonder de huisvestingsverordening geweld aan te doen. Het belangrijkste punt waar zij moeite mee hebben is de hoeveelheid geld en mankracht die dit gaat kosten, terwijl er geen enkele extra betaalbare woning voor gaat komen. Helpt het om de wooncrisis op te lossen? Kan dat geld niet beter worden besteed aan extra woningen, bijvoorbeeld aan wooncorporaties of andere opties? Dat maakt dat Groep Zwanenberg op dit moment nog twijfelt of zij voor of tegen het initiatief zijn. De voorzitter geeft het woord aan het CDA.
30
35
40
Mevrouw Zwinkels (CDA) dankt D66 voor hun inzet om tot dit initiatiefvoorstel te komen. Het CDA heeft het getoetst aan drie vragen: op de eerste plaats of het meer woningen oplevert, ten tweede of het het beleid of de interventie van de gemeente op betaalbare woningen gaat veranderen en ten derde of hiermee recht wordt gedaan aan de participatie in Utrecht. Het CDA concludeert dat het antwoord daarop drie keer nee is. Dat is jammer om te moeten meedelen. Een positief punt is dat toekomstige bewoners van een nieuwe woning alvast betrokken kunnen worden zodat er meer saamhorigheid in de buurt ontstaat. Verder zien zij principiële bezwaren. Wie gaat dat zijn, wie mag er meepraten? Heel Nederland wil in Utrecht komen wonen. Wordt ook gedacht aan al die jonge gezinnen die hier geen plekje konden vinden en moesten uitwijken naar Amersfoort, De Bilt, Zeist en noem maar op? Verder zit er een aanname in dat er tegenwicht moet worden geboden tegen andere mensen met andere belangen die participeren. Zo’n strijd vindt het CDA tricky. Het gaat er meer om dat de gemeente beter luistert om schijnparticipatie te voorkomen. Raadsleden en volksvertegenwoordigers dienen een belangenafweging te maken, dat is hun taak. De heer Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat in het initiatiefvoorstel vijf groepen worden genoemd die de woningzoekenden kunnen vertegenwoordigen.
Kan het CDA explicieter zijn in of die vijf dan niet goed zouden kunnen?
45
50
Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat de vijf partijen nu ook al als belangenbehartiger kunnen optreden. Zij ziet niet de meerwaarde van een dergelijke Woontafel. In het initiatiefvoorstel wordt gezegd dat het geen vals clubje mag worden, maar vervolgens worden vijf bestaande organisaties bij elkaar gezet. Dat is wat tegenstrijdig met elkaar. De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft niet de indruk dat die organisaties al standaard worden betrokken. Het initiatiefvoorstel kan daarbij helpen, of denkt het CDA dat het juist een last wordt?. Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat het geen last zal zijn. Het zijn partijen in de stad die ons veel waard zijn en die vaak helpen met goede ideeën en de aanscherping van beleid. Zij ervaart 23
daar geen last van. Het heeft wel een soort maakbaarheidsprincipe in zich: als maar wordt opgeschreven dat aan de voorkant met deze partijen wordt gesproken… Die vorm van een vaste club vindt zij verwarrend. Dat gaat de praktijk niet heel veel verder brengen. 5
10
De heer Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat de gemeente er misschien wel iets aan heeft. Dan is er een betere participatie. Misschien kan het een paar jaar worden uitgeprobeerd. Wat let ons om dat te doen? Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat er een enorme woningnood is, en dat er juist tempo moet worden gemaakt. Het college wil participatie juist versoberen. Dat vindt het CDA triest. Zij willen voorkomen dat er een strijd ontstaat tussen mensen die wel participeren ten behoeve van meer woningen, en die aan de voorkant worden meegenomen. Niet alleen die woningzoekenden moeten worden meegenomen, maar dat geldt voor iedereen. De heer Van der Zweth (PvdA) zegt dat de stem van de woningzoekenden vaak oorverdovend stil is bij ruimtelijke projecten.
15
Mevrouw Zwinkels (CDA) is het daar niet mee eens. Het CDA en vele andere partijen zetten zich in voor meer woningen omdat zij al die signalen krijgen. Het zijn signalen van startende gezinnen die moeten verhuizen uit Utrecht omdat ze hier geen goede woning kunnen vinden. Daar zet het CDA zich voor in, om ervoor te zorgen dat er meer woningen bij komen. Zij laten zich ook horen via het platform van wooncorporaties, waar Groep Zwanenberg aan refereerde. Daar heeft het CDA ook mee gesproken. Als volksvertegenwoordigers moeten zij dat geluid hier laten horen.
20
De heer Van der Zweth (PvdA) zegt dat heel veel fracties in deze raad dat doen. Het gaat hier om de participatie van mensen zelf. Als het gaat om projecten die wat spannend zijn hoor je eigenlijk alleen de belangen van de mensen die er direct omheen wonen. De belangen van de mensen die er een woning krijgen horen we niet, behalve uit de fracties. Het is goed als er vanuit de stad een geluid komt van “hier zou ik wel willen wonen”.
25
Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat die mensen de raadsfracties ook kunnen benaderen. Niet alleen mensen die tegenstander zijn van een project moeten zich laten horen, maar ook de stille meerderheid die het wel een goed idee vindt. Het CDA vindt het belangrijk dat zij niet worden vergeten. Het is niet goed als er vanuit een maakbaarheidsprincipe mensen tegenover worden gezet die het wel graag willen.
30
De heer Te Hoonte (VVD) kan zich voorstellen dat het binnen de kaders van de omgevingswet wel handig is om te weten wie de woningzoekende vertegenwoordigt. Nu is dat best een zoektocht, en daar helpt dit voorstel wel bij.
35
Mevrouw Zwinkels (CDA) ziet niet dat dat georganiseerd moet worden. Wie is dan de woningzoekende? Dat is heel arbitrair en elitair. Wie mag daar dan als woningzoekende aan tafel zitten? We zijn juist bezig om voor een hele grote groep mensen woningen te realiseren. Zij vraagt zich af welke 5, 50 of 100 woningzoekenden dan om de tafel moeten worden gezet. Dan kom je uit op de vaste organisaties die er al zijn.
40
De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat als de raad al niet weet hoe de woningzoekende aan tafel kan worden gekregen, hoe kan dan worden verwacht dat ontwikkelaars het wel weten. Dat aspect van het voorstel is interessant. De raad moet een uitspraak te doen over wie de woningzoekenden zijn die een stem moeten krijgen, en hoe dat moet worden georganiseerd. Nu wordt dat bij vele projecten in het midden gelegd en moet men het zelf maar uitzoeken.
45
Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat zij anders kijkt naar het concept van de woningzoekende. Er zijn heel veel woningzoekenden, er is schaarste te verdelen, er zijn veel verschillende doelgroepen. Zij wil geen selectie maken van woningzoekenden. De heer Te Hoonte (VVD) kan zich een discussie over wie is de woningzoekende voorstellen. Samen Stad Maken is in een andere commissie besproken, en dat is lastig. Het is blijkbaar een zoektocht wie die woningzoekende is. Hij heeft eerder in deze raad oproepen gehoord dat 24
woningzoekenden betrokken moeten worden. Wanneer vindt de raad dat de woningzoekenden goed betrokken zijn? Hij vindt dat niet compleet in het voorstel.
5
10
15
Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat die wens er inderdaad is. Woningcorporaties doen onderzoek, ontwikkelaars doen marktonderzoek naar de woonwensen. Het is ook belangrijk dat de gemeente in de gaten houdt wat de wensen zijn. Het is goed om aansluiting in te blijven zoeken bij al die verschillende partijen die bijdragen aan het oplossen van de woningnood. Zij vervolgt haar betoog. Haar derde bezwaar is de gedachte dat men eerder een woning kan krijgen, of extra wachttijd of ingeloot kan worden, als men meedoet aan dit platform. Dat is niet een kant die het CDA op wil gaan. Het wordt bijna iets elitairs waar je wel of niet je weg in vindt. Zij rondt met een positieve noot af, namelijk het belang dat de gemeente, ontwikkelaars, woningcorporaties en andere partijen scherp blijven op het onderzoeken van de woonwensen van huidige en toekomstige inwoners. Het gaat dan om meer dan stenen. De heer Bosch (UtrechtNu!) denkt dat mensen die actief meedoen dan een voordeeltje krijgen en een woning krijgen toegewezen. Mensen die dit niet goed volgen of de taal iet helemaal machtig zijn blijven dan achter met de gebakken peren. Is dat wat het CDA bedoelt? Mevrouw Zwinkels (CDA) antwoordt dat dat klopt, daar ziet zij een risico in. De voorzitter geeft woord aan de fractie van GroenLinks.
20
25
30
35
Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) complimenteert D66 met het uitgebreide voorstel. GroenLinks herkent de analyse dat de stem van de woningzoekende niet altijd goed wordt gehoord. In sommige projecten hebben omwonenden een erg luide stem waardoor het belang van extra woningen soms minder aandacht krijgt. Hoewel de urgentie van de wooncrisis in deze raad best wel wordt gevoeld kan het geen kwaad om de stem van de woningzoekenden te versterken. Ook staan zij niet negatief tegenover het vaker uitvoeren van een woonwensenonderzoek. De suggestie die het college in haar reactie doet lijkt GroenLinks goed. De heer Te Hoonte (VVD) soms kan die stem van de woningzoekende niet krachtig genoeg zijn, bijvoorbeeld als zij zich moeten wapenen tegen initiatiefnemers van een set windmolens naast een grote wijk waar woningen dan door vertragen. Herkent GroenLinks dat ook? Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) antwoordt dat het nu gaat over de stem van de woningzoekende en het belang van meer woningen. Het is goed om die stem wat meer te horen. Bewoners moeten altijd goed gehoord worden. In deze raad worden verschillende belangen goed afgewogen. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat heel veel woningzoekenden jarenlang hebben gevraagd om meer woningen te bouwen in Rijnenburg.
Op dat moment hoorde hij de GroenLinks-fractie nooit vragen om een sterkere stem voor de woningzoekende ten opzichte van de mensen die er een aantal windmolens willen neerzetten. Mogen we dat geluid van GroenLinks nu in de breedte in de hele stad verwachten, dat de woningzoekende voorrang krijgt? Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) zegt dat hier de kern van het dilemma naar voren komt. De stem van de woningzoekende is één van de vele stemmen. Iedereen vindt iets anders belangrijk. De raad maakt uiteindelijk de belangenafweging.
40
45
De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat als dit voorstel in werking zou treden, dan zou een tafel van woningzoekenden bij zo’n windproject zeggen dat GroenLinks wel heel veel woningzoekenden in de kou zet door het windproject te steunen. Zou GroenLinks dan naar hen luisteren? Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) antwoordt dat allerlei belangen de kans moeten krijgen om te praten, waarna de afweging wordt gemaakt. Zij vervolgt haar betoog. GroenLinks vindt het ingewikkeld dat de stem van de woningzoekende niet de enige stem is die soms onvoldoende wordt gehoord. De indiener verwijst in het voorstel ook naar het amendement van GroenLinks-collega Fred Dekkers bij Samen Stad Maken. In dat amendement gaat het ook om andere ongehoorde stemmen, bijvoorbeeld die van toekomstige 25
generaties en van natuur en klimaat. Die stemmen zouden ook beter gehoord moeten worden. Hoe ziet de indiener dat, en ziet zij ook mogelijkheden om dat daarmee te verbreden?
5
10
De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt dat een soort schijnparticipatie van GroenLinks. Wil GroenLinks ook een panel oprichten van alle automobilisten die door Utrecht rijden, of alle vrachtwagenchauffeurs die vanuit Oost-Europa naar Nederland komen en in Utrecht hun vrachtwagen moeten parkeren? Waar zit een einde aan dit soort panels? Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) zegt dat dit precies is waar het dilemma zit. Zij verwoordt het positief, omdat zij vinden dat andere stemmen ook een stem moeten krijgen. UtrechtNu! vindt dat er weer andere groepen aan tafel moeten zitten. Zij deelt dus wat UtrechtNu! zegt: waar stop je dan? De heer Bosch (UtrechtNu!) zegt dat het einde is dat er een Poolse landdag ontstaat. Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) zegt dat die Poolse landdag al in de raad plaatsvindt, op een goede manier.
15
De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt waarom GroenLinks het dan wil optuigen, als zij weten dat het een Poolse landdag kan worden waarbij de raad het uiteindelijk weegt. Vervolgens kan worden doorgegaan met wat ervoor gebeurde, wetende dat de andere geluiden zijn gehoord. Waarom komt GroenLinks met deze voorstellen als ze het eigenlijk niet willen veranderen? Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) antwoordt dat het goed is dat stemmen die minder worden gehoord de kans krijgen om meer gehoord te worden.
20
De heer Raghib (DENK) vraagt op welke wijze deze ongehoorde stemmen dan worden gehoord met betrekking tot dit initiatiefvoorstel. Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) antwoordt dat dat een zoektocht is waar ze in haar inbreng op zal terugkomen.
25
30
De heer Raghib (DENK) vraagt hoe GroenLinks dan iets kan steunen waarvan zij nog niet duidelijk hebben hoe de ongehoorde stemmen worden gehoord. Er wordt een kwartiermaker ingevlogen die geen binding heeft met de mensen, en die moet al die ongehoorde stemmen gaan bereiken. Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) antwoordt dat zij blijkbaar de indruk heeft gewekt dat GroenLinks het voorstel steunt. Daar was zij nog niet helemaal. Zij had dat aan het eind van haar inbreng willen noemen. De voorzitter stelt voor om de vergadering nu te schorsen en na de pauze verder te gaan met de inbreng van GroenLinks.
- Schorsing –
26
5
Verslag openbare middagvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Datum Locatie Verslag door
10
15
20
donderdag 10 april 2025 Stadhuisbrug 1, Utrecht Robert Vernooy (Notuleerservice Nederland)
Aanwezigen
De voorzitter, dhr. B. Van Steeg, de wethouder dhr. D. de Vries, de commissiegriffier, dhr. S. Heerdink. Mw. B. van der Wilt, dhr. B. Janmaat (D66), dhr. R. van der Zweth (PvdA), dhr. G. Te Hoonte (VVD), mw. M. Hellevoort (GroenLinks), mw. J. Zwinkels (CDA), dhr. L. van Straalen (ChristenUnie), dhr. J. Baijens (Partij voor de Dieren), dhr. L. van Rooij (Student & Starter), dhr. Y. Raghib (DENK), mw. C. Passier (Volt), dhr. G. Dijkstra (EenUtrecht), mw. Y. Hessel (Utrecht Solidair), dhr. D. Bosch (UtrechtNu!)
Verslag openbare middagvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Aanwezigen .....................................................................................................................................27 1. Opening .......................................................................................................................................27 2. Vervolg debat agendapunt 8, initiatiefvoorstel ‘Geef woningzoekenden een Stem’ ...................27
25
1. Opening
De voorzitter heropent de vergadering EDVW om 14.00 uur en heet iedereen welkom.
30
2. Vervolg debat agendapunt 8, initiatiefvoorstel ‘Geef woningzoekenden een Stem’ De voorzitter geeft het woord aan de fractie van GroenLinks.
Mw. Hellevoort (GroenLinks) herkent de analyse en de conclusie dat de stem van woningzoekenden niet altijd goed wordt gehoord. Zij vraagt wat de woontafel zou kunnen 27
inbrengen afgezien van de urgentie van meer woningen. En wat is het verschil met het onlangs opgerichte platform Woonzoekers? 5
10
15
Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) kan zich voorstellen dat het bij zo’n platform niet alleen over aantallen gaat, maar ook over kwaliteit en vierkante meters. Als er voor kleinere kamers wordt gepleit, omdat er daarvan meer zouden kunnen zijn, vindt GroenLinks dat dan een logisch advies? Mw. Hellevoort (GroenLinks) denkt dat dit ingewikkeld is, gezien de vele verschillende woonwensen. En dat is er ook nog de vraag wiens woonwensen er worden meegenomen. Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) kan zich gezien de urgentie goed voorstellen dat een platform voor woningzoekenden met dit soort suggesties komt. Hoe gaat GroenLinks daarmee om? Mw. Hellevoort (GroenLinks) denkt dat je aan zo’n woontafel niet aan ieders wensen tegemoet kunt komen. Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat je dit soort dingen alleen moet willen als je als gemeente ook echt iets met die adviezen gaat doen.
20
Mw. Hellevoort (GroenLinks) vindt het nog een open vraag wat zo’n woontafel precies zou opleveren. Misschien is een woonwensenonderzoek ook voldoende. Zij vervolgt haar inbreng. Wat betreft de financiering van de woontafel vraagt GroenLinks zich af hoe het College tegen de financiering aankijkt. Is die structureel of incidenteel?
25
Dhr. Van der Zweth (PvdA) vraagt of GroenLinks deelt dat de opkoopbescherming, de leegstandsverordening en de verhuurvergunning geen van alle structureel in de boeken staan en dat er hogere prioriteiten zijn bij de verdeling van de schaarse middelen voor wonen.
30
35
40
45
50
55
60
Mw. Hellevoort (GroenLinks) zou eerst willen weten of het om incidentele of structurele kosten gaat. Zij vervolgt haar inbreng. Het lijkt GroenLinks geen goed idee om mensen op basis van hun participatie voorrang te geven. De fractie vindt het wel een goed idee om toekomstige bewoners meer te betrekken bij concrete projecten. Mevrouw Hellevoort concludeert dat zij begrijpt waar het voorstel vandaan komt maar is nog niet enthousiast voor de gekozen vorm en mist ook andere ongehoorde stemmen. De voorzitter geeft het woord aan DENK. Dhr. Raghib (DENK) steunt het voorstel van D66, maar is het niet eens met de draai die daar nu aan wordt gegeven. Hoe kun je ervoor zorgen dat het initiatief niet alleen beleidsmatig klopt maar sociaal ook werkt? DENK zou liever willen werken met wijkorganisaties, jongerenwerkers en sleutelfiguren dan met een externe kwartiermaker. Hoe borg je diversiteit en zorg je ervoor dat er voor iedere doelgroep iemand is die daarbij past? Kan dit in de verdere uitwerking worden meegenomen? Hoe zorg je ervoor dat de woontafel geen afspiegeling wordt van een mondige middenklasse? Mw. Zwinkels (CDA) kan zich inhoudelijk vinden in wat DENK zegt maar vraagt in hoeverre dit realistisch is. Volgens haar is dit een onmogelijke opdracht voor een kwartiermaker. Dhr. Raghib (DENK) is het hiermee eens. De voorzitter geeft het woord aan de CU. Dhr.
Van Straalen (CU) deelt met D66 dat het belangrijk is om de stem van woningzoekenden goed te horen. Dan kan er een betere, meer evenwichtige belangenafweging worden gemaakt. De CU vindt het ook goed dat toekomstige bewoners mee kunnen denken over gemeenschapsvorming in en met de buurt. De CU vindt dat de woontafel representatief moet zijn en dat ook de stem van kwetsbare groepen vertegenwoordigd moet zijn. Kan de wethouder, als het voorstel wordt aangenomen, dit ook expliciet aan de kwartiermaker meegeven? Wat betreft periodiek onderzoek naar de wensen van woningzoekenden vraagt de fractie of de initiatiefnemer kan aangeven wat daarin ontbreekt. Vindt zij dat het belang van de woontafel opweegt tegen het 28
geschetste kostenplaatje? De CU is niet overtuigd van het nut en de noodzaak van het belonen van woningzoekende deelnemers. Zou de woontafel zonder die beloning ook van de grond kunnen komen? De fractie vindt het verder een goed initiatiefvoorstel. 5
Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt hoe scherp het punt van die beloning voor de CU ligt. Dhr. Van Straalen (CU) antwoordt dat zijn fractie dat niet kan steunen.
10
Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de CU deelt dat het een no go is om dat te willen. Dhr. Van Straalen (CU) is daar ook geen voorstander van. Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) concludeert dat dit voor de CU dus een hard punt is.
15
Mw. Zwinkels (CDA) vraagt wat die woontafel gaat brengen. Dhr. Van Straalen (CU) antwoordt dat de stem van de woningzoekenden daardoor beter meegenomen kan worden. De precieze invulling is voor de CU ook nog wel een zoektocht.
20
Mw. Zwinkels (CDA) is ook benieuwd welke middelen hiervoor nodig zijn. Dhr. Van Straalen (CU) heeft in het voorstel gezien dat de woontafel geen structurele financiële bijdrage zou vragen.
25
30
Dhr. Raghib (DENK) vindt het tegenstrijdig dat de CU de ongehoorde stemmen wil bereiken terwijl er volgens het voorstel een kwartiermaker moet worden ingevlogen die geen binding heeft met de wijk. Dhr. Van Straalen (CU) zegt dat het College van mening is dat er een kwartiermaker nodig is voor de nadere uitwerking van het voorstel van mevrouw Van der Wilt. Dhr. Raghib (DENK) ziet een enorme kloof tussen wat de CU uitlegt en wat er nu op tafel ligt. Hij is bang dat de Utrechtse bewoners zo niet bereikt worden.
35
40
45
50
55
60
Dhr. Van Straalen (CU) vindt de woontafel een interessant voorstel maar heeft daar nog wel twijfels bij, met name wat betreft de representativiteit. Dhr. Raghib (DENK) vraagt of de CU ook vindt dat er gebruik gemaakt moet worden van bestaande initiatieven in de wijk. Dhr. Van Straalen (CU) is het daarmee eens. Dhr. Te Hoonte (VVD) vraagt of de kwartiermaker het werk van mevrouw de Wilt niet over gaat doen. Welke vraag moet hij beantwoorden om daarover een positie in te kunnen nemen? Dhr. Van Straalen (CU) zegt dat hij al verschillende vragen over de woontafel heeft gesteld en dat hij de beantwoording daarvan afwacht. Dhr. Te Hoonte (VVD) vraagt hoeveel zo’n woontafel mag kosten om voor de CU acceptabel te zijn. Dhr. Van Straalen (CU) gaat nu uit van de financiële middelen die in het voorstel en de brief van het College worden genoemd. Als de kwartiermaker met een ander kostenplaatje komt, moet daar kritisch naar gekeken worden. Dhr. Te Hoonte (VVD) snapt de procesoplossing, maar vraagt wat het financiële kader is. Herkent de CU dat zij eigenlijk geen positie inneemt ten aanzien van het voorstel? Dhr. Van Straalen (CU) antwoordt dat hij geen uitspraak kan doen over een nog onbekend kostenplaatje. De CU deelt de bezorgdheid van de VVD omtrent de kosten. Als het voorstel veel 29
meer gaat kosten dan nu wordt aangegeven, zal de fractie hierin misschien een andere afweging maken. 5
Mw. Hessel (Utrecht Solidair) zegt dat duidelijk is wat de woningzoekenden willen. Die willen gewoon een woning. Zij vindt dat hier geen extra regels opgeworpen moeten worden. Dhr. Van Straalen (CU) erkent het bestaan van de wooncrisis, maar deelt niet de gedachte dat die dit participatievoorstel uit zou moeten sluiten.
10
15
20
25
30
35
Mw. Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of daar dan niet alles op gericht moet worden. Eerst gewoon bouwen voordat er nieuwe tussenstappen worden ingevoerd. Dhr. Van Straalen (CU) ziet niet dat dit vertragend of belemmerend zou werken. Hij denkt dat het hand in hand kan gaan. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) is bang dat er weer lobbyisten aan tafel zullen komen. Dhr. Van Straalen (CU) denkt dat dat niet de bedoeling is. De woontafel zou representatief moeten zijn en niet een lobbyistenclub. Daar is de CU geen voorstander van. De voorzitter geeft het woord aan de PvdD. Dhr. Baijens (PvdD) vindt het goed dat de stem van de woningzoekenden gehoord wordt, maar vraagt wel hoe dit voorstel ervoor gaat zorgen dat alle woningzoekenden vertegenwoordigd worden. De PvdD vindt het belangrijk dat bij gebiedsontwikkelingsprocessen de belangen van dieren en klimaat niet in de knel komen door de stem van de woningzoekenden. Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) denkt dat bij woningzoekenden de prioriteit van nieuwe woningen veel hoger ligt dan duurzaamheid. Is de PvdD zich daarvan bewust? Dhr. Baijens (PvdD) kan zich dat voorstellen. Het idee van participatie is dat alle belangen gehoord worden. Nu worden omwonenden vaker gehoord dan woningzoekenden. Dhr. Te Hoonte (VVD) vindt dat in de onderzoeken dieren en planten heel prominent aanwezig zijn vergeleken met de omwonenden. Dhr.
Baijens (PvdD) merkt op dat de omwonenden ook worden gehoord in de participatie.
40
Dhr. Te Hoonte (VVD) zegt dat het toch niet negatief is dat naar de omwonenden wordt geluisterd.
45
Dhr. Baijens (PvdD) antwoordt dat alle belangen gehoord moeten worden. Hij vervolgt zijn inbreng. De fractie is niet overtuigd van de meerwaarde van extra onderzoeken en is geen voorstander van beloningen voor participatie. Het College stelt voor om 50.000 euro uit te trekken voor een kwartiermaker. De PvdD vraagt waarvan dat ten koste zal gaan. De voorzitter geeft het woord aan Student & Starter.
50
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) bedankt en complimenteert mevrouw de Wilt met haar voorstel. Hiermee wordt recht gedaan aan een groep die vaak over het hoofd wordt gezien. Student & Starter vraagt al langere tijd aandacht voor het belang van het ongevestigde belang. Er wordt wel gesproken met omwonenden maar niet met woningzoekenden.
55
Mw. Zwinkels (CDA) vraagt zich af welke aannamen hierachter zitten. Zo denkt zij dat woningzoekenden geen andere woonwensen hebben dan iemand die al ergens woont. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) zou het heel goed vinden als dit bij een woontafel aan bod zou komen.
60
Mw. Zwinkels (CDA) vraagt wat daar dan mee gedaan gaat worden. 30
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vindt het in een woningcrisis niet te verantwoorden dat je niet naar woningzoekenden zou luisteren. 5
10
Mw. Zwinkels (CDA) heeft de indruk dat dit juist wel gebeurt. Volgens het CDA zijn er allemaal partijen die zich inzetten voor meer studentenwoningen. Zij vraagt zich af wat gaat hiervan de meerwaarde gaat zijn. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vindt dat bij participatie de hele groep gehoord moet worden en daar horen ook de woningzoekenden bij. Dhr. Te Hoonte (VVD) sluit zich aan bij de vraag van het CDA. Wat als iedereen een rijtjeshuis wil met een tuin en een auto voor de deur? Moet daar dan ook gevolg aan worden gegeven?
15
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vindt dat dit wel mag. Dhr. Te Hoonte (VVD) vraagt of het College er wel of niet invulling aan mag geven als de minimale vierkantemeternorm losgelaten zou worden.
20
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vindt dat dat dan in de overwegingen meegenomen moet worden.
25
Dhr. Te Hoonte (VVD) vraagt of het College op basis van zo’n woontafel de capaciteit van studentenwoningen naar reguliere huisvesting mag verschuiven als zou blijken dat er onder de woningzoekenden minder studenten zijn dan Student & Starter denkt.
30
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) zegt dat hier een aanname achter zit die volgens hem niet klopt. Hij vervolgt zijn inbreng. Onderzoek naar woonwensen en actieve betrokkenheid bij gebiedsontwikkeling en gemeenschapsvorming in een latere fase van de woningbouw moeten verankerd worden in het woningbeleid. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of Student & Starter dit niet een heel ondemocratisch middel vindt om weer een of ander groepje neer te zetten.
35
40
45
50
55
60
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) ziet dit als een extra vorm van participatie en de democratisch gekozen Raad gaat vervolgens besluiten wat daarmee gedaan gaat worden. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of het risico niet te groot is dat het toch weer een lobbyclub wordt die de Utrechters veel geld gaat kosten. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vraagt of er dan ook met andere vormen van participatie gestopt moet worden omdat ze veel geld kosten. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) zegt dat de woningzoekenden gewoon willen dat er van dat geld gebouwd gaat worden. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) beaamt dit en vervolgt zijn inbreng. Student & Starter is kritisch op het idee om deelname aan de woontafel te belonen met minder wachttijd of voorrang bij woningen. Dan kunnen mensen zich onder druk gezet voelen om mee te doen terwijl niet iedereen daar tijd, middelen of energie voor heeft. Zo vergroot je de ongelijkheid. Student & Starter zou liever naar andere manieren zoeken om mensen te stimuleren. De fractie is ook bang dat niet alle groepen de woontafel even goed zullen weten te vinden. Zij wil vooral aandacht vragen voor jongeren die in Utrecht willen gaan studeren. Ziet mevrouw Van der Wilt daar ruimte voor in haar voorstel? Wat stelt zij voor om iedereen te bereiken? Mw.
Zwinkels (CDA) vindt het vreemd dat er nu al voorkeuren voor bepaalde groepen onder de woningzoekenden wordt uitgesproken. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) zegt dat in het initiatiefvoorstel al een aantal groepen wordt genoemd. Zijn fractie vindt dit een heel belangrijke groep. 31
Dhr. Te Hoonte (VVD) vraagt of ook woningzoekenden in de koopsector aan de woontafel mogen deelnemen. 5
10
15
20
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) antwoordt dat iedereen aan die woontafel mag aanschuiven, zowel mensen die een koophuis zoeken als studenten die op zoek zijn naar een kamer. Dhr. Te Hoonte (VVD) vraagt wat daar dan uit gaat komen, gezien de schaarste. Hoe komt zo’n woontafel dan tot besluitvorming? Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vindt dit een heel terechte vraag en denkt dat dit nog beter uitgewerkt moet worden. Dhr. Te Hoonte (VVD) denkt dat daar alleen maar uit kan komen dat er meer kaders nodig zijn en dat de invulling van die kaders nog wel een aantal debatten zal vereisen. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vindt het verstandig dat het College voorstelt om een kwartiermaker aan te stellen die de randvoorwaarden in beeld brengt. De fractie hoort graag van mevrouw Van der Wilt en het College of zij iets duidelijker kunnen zijn over de financiële kant van het plaatje. Waar ligt voor het College de eerste prioriteit? Student & Starter vindt dit voorstel een goede basis om het perspectief van woningzoekenden te verankeren in de besluitvorming. De voorzitter geeft het woord aan de VVD.
25
30
35
40
Dhr. Te Hoonte (VVD) vindt dit een sympathiek voorstel en staat er positief tegenover om woningzoekenden een plek te geven. Hij vraagt of een initiatiefvoorstel hiervoor op dit moment de beste manier is of dat de nota geamendeerd moet worden. Graag een reactie van zowel de indiener van het voorstel als het College. Kan dit raadsbesluit in deze vorm genomen worden of moet de indiener een strekt ter vervanging schrijven? Wie is verantwoordelijk voor de vertaling van alle woonwensen naar het woningbouwprogramma in Utrecht? Misschien heeft de afdeling Ruimte hier iets te veel invloed op en de afdeling Wonen te weinig. De uitvoering moet aansluiten op de woningzoekenden waarop de gemeente heeft ingezet. De VVD vindt dat de groep mensen die een woning willen kopen daarbij onderbelicht is, ook in dit initiatiefvoorstel. De voorzitter geeft het woord aan de heer Janmaat van D66 voor zijn eerste inbreng in deze commissie. Dhr. Janmaat (D66) heeft nog enkele vragen aan de wethouder naar aanleiding van de reactie van het College op het initiatiefvoorstel, onder andere wat betreft de eis dat de woontafel volledig representatief moet zijn. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) zegt dat Utrecht ver achterligt met de woningbouw. Vindt D66 niet dat dit soort plannen dan even in de ijskast moet en dat er gewoon gebouwd moet worden?
45
50
Dhr. Janmaat (D66) erkent dat de woningnood groot is, maar zegt dat de gemeente verplicht is om hier participatietrajecten voor in te richten. Daarin moeten ook de woningzoekenden gehoord worden. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) zegt dat het meebeslissen van omwonenden over hun omgeving iets anders is dan participatie. Dhr. Janmaat (D66) zegt dat dat inspraak is, maar dat de gemeente toch ook participatie in woningbouwtrajecten heeft geregeld.
55
60
Mw. Hessel (Utrecht Solidair) zegt dat je daarbij in elk geval een belanghebbende moet zijn. Zij vindt dit te ver doorgevoerde participatie in een stad waar mensen massaal buiten slapen en in vijf hoog gestapelde containers moeten wonen. Dhr. Janmaat (D66) vervolgt zijn inbreng. Naar aanleiding van de feedback vanuit de participatie stelt het initiatiefvoorstel voor om georganiseerde belangenbehartigers aan tafel te zetten en die 32
5
juist er in de beginfase van gebiedsontwikkeling bij te betrekken. Hoe reflecteert de wethouder hierop? D66 gelooft dat het belangrijk is om de participerende woningzoekenden voor hun inspanning te belonen. De heer Janmaat vraagt waarom experimenteren met voorrang volgens het College juridisch niet haalbaar is. … Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat een beloning op de woningmarkt behalve juridisch ook moreel ook niet goed haalbaar is. Hoe kijkt D66 hiernaar?
10
Dhr. Janmaat (D66) denkt dat dit mensen zou kunnen motiveren. Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of er dan niet ook het risico is dat je de verkeerde mensen aantrekt.
15
20
Dhr. Janmaat (D66) weet niet hoe je woningzoekenden aan tafel kunt krijgen zonder hun een perspectief te bieden. Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of het niet beter zou zijn om de beloning te houden op een vergoeding en niet in de vorm van een voordeel op de woningmarkt. Ziet D66 het verkeerde motivatie die daarmee wordt gevoed? Dhr. Janmaat (D66) ziet dat dit een lastig vraagstuk is, maar ziet dit niet als immoreel. Volgens hem mogen de mensen voor hun inzet best een beloning krijgen, in dit geval een voorrang.
25
Dhr. D. Bosch (UtrechtNu!) vindt het nog steeds een perverse prikkel. Dhr. Janmaat (D66) denkt dat deze vraag beter aan mevrouw Van der Wilt gesteld kan worden.
30
35
40
Dhr. D. Bosch (UtrechtNu!) zegt dat hij de vraag straks ook aan haar zal stellen. Dhr. Raghib (DENK) vraagt of D66 het gevaar ziet dat woningzoekenden die bij dit voorstel niet gehoord worden geen aanspraak kunnen maken op deze beloning. Dhr. Janmaat (D66) antwoordt dat iedereen welkom is aan de woontafel. Dhr. Raghib (DENK) zegt dat de realiteit is dat niet iedereen daar gebruik van maakt. Hoe wil D66 die participatie dan vormgeven? Dhr. Janmaat (D66) denkt dat dit een opdracht is die nog verder uitgewerkt moet worden. Dit is ook een vraag die het College aan een kwartiermaker stelt. Dhr. Raghib (DENK) zegt dat een kwartiermaker geen binding heeft met de wijk en dus ook niet het vertrouwen van de bewoners heeft.
45
50
55
60
Dhr. Janmaat (D66) vond het een goede suggestie om de kwartiermaker de opdracht te geven om met sleutelpersonen in de wijken in gesprek te gaan. Hij vervolgt zijn inbreng. In plaats van voorrang is er ook de mogelijkheid om met korting op de wachttijd te werken. Het College heeft dit niet meegenomen in haar reactie op het initiatiefvoorstel. Hoe beoordeelt de wethouder deze mogelijkheid? Mw. Zwinkels (CDA) vraagt hoe een wachtlijst voor de woontafel dan voorkomen kan worden. Dhr. Van der Zweth (PvdA) merkt als punt van orde op dat er nu veel vragen worden gesteld die aan de initiatiefnemer gesteld zouden moeten worden. De voorzitter zegt dat er een debat plaats moet kunnen vinden als de spreker interrupties toestaat. Mw. Zwinkels (CDA) herhaalt haar vraag: hoe kun je voorkomen dat korting op de wachttijd tot een wachtrij bij de woontafel leidt? 33
Dhr. Janmaat (D66) denkt niet daar daar een run op zal komen maar vindt dat hier bij de uitwerking van het voorstel wel kritisch moet worden gekeken. 5
Mw. Zwinkels (CDA) is blij dat zij haar interruptie heeft kunnen plaatsen. Dhr. Bosch (UtrechtNu!) vraagt of geboren en getogen Utrechters ook korting op de wachttijd krijgen.
10
Dhr. Janmaat (D66) denkt dat het beter is om de doelgroepen algemeen te houden. Dhr. Bosch (UtrechtNu!) zegt dat er nu mensen uitgesloten worden. Hoe ga je voorkomen dat een plaats aan de woontafel zo interessant wordt dat er zelfs commerciële partijen aanschuiven?
15
Dhr. Janmaat (D66) denkt dat de initiatiefnemer hier beter toelichting op kan geven. Hij vervolgt zijn inbreng. Data uit onderzoek met betrekking tot woonwensen blijken onvoldoende bij stedelijke projectleiders te komen. D66 vraagt of de wethouder mogelijkheden ziet om die kennis beter bij hen bekend te maken.
20
De voorzitter geeft het woord aan EenUtrecht.
25
Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) is het eens met de aanbevelingen maar heeft alleen moeite met punt vijf. Hij zou graag zien dat hiervan een passende beloning wordt gemaakt en niet een beloning op de woningmarkt. De heer Dijkstra heeft hier een dubbel gevoel bij omdat D66 eerdere voorstellen van EenUtrecht over gemeenschapsraden en een sterkere participatieverordening niet heeft gesteund, maar vorig jaar wel heeft ingestemd met het schrappen van het budget ter ondersteuning van huurders. Is D66 bereid om met EenUtrecht te kijken naar een voorstel om meer in participatie te investeren?
30
Dhr. Van der Zweth (PvdA) vraagt waarnaar EenUtrecht verwijst met het schrappen van de ondersteuning voor huurders.
35
40
45
Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat dit in de voorjaarsnota van 2024 stond en dat EenUtrecht toen een motie heeft ingediend om dat eruit te halen. De voorzitter geeft het woord aan Volt. Mw. Passier (Volt) complimenteert mevrouw Van der Wilt met haar voorstel. Hoewel de stem van woningzoekenden inderdaad minder wordt gehoord, is Volt er nog niet van overtuigd dat dit het juiste middel is. De fractie vraagt zich af hoe het voorstel concreet wordt ingevuld en maakt zich zorgen over de diversiteit van de woontafel. Hoe zorg je ervoor dat al die verschillende geluiden gehoord worden? De fractie sluit zich aan bij de punten van de CU en EenUtrecht met betrekking tot de beloning om mee te doen aan de woontafel. Omdat de kosten volgens het College hoger uitvallen dan in het initiatiefvoorstel staat deelt zij de zorg omtrent de financiële onderbouwing. Tenslotte is Volt benieuwd naar de reactie van de indiener op het tegenvoorstel van het College van een kwartiermaker. De voorzitter geeft het woord aan de PvdA.
50
55
60
Dhr. Van der Zweth (PvdA) steunt dat de ongevestigde belangen ook gehoord moeten worden. Hij merkt op dat Utrecht een lokale afdeling voor woningzoekenden heeft. De PvdA heeft twijfels over de financiën en stelt dat haar woonprioriteiten ergens anders liggen. De fractie is geen voorstander van de vijfde aanbeveling, het experimenteren met voorrang. Als deze aanbeveling behouden zou blijven in het voorstel. zou de PvdA dat niet steunen. De voorzitter geeft het woord aan Utrecht Solidair. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) denkt dat dit initiatiefvoorstel geen zin heeft. Zij vindt dat er gewoon gebouwd moet gaan worden. 34
Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vraagt waarom mevrouw Hessel denkt dat het aannemen van dit initiatiefvoorstel de woningbouw zou vertragen. 5
10
15
20
Mw. Hessel (Utrecht Solidair) denkt dit omdat er al heel veel elementen zijn die de woningbouw vertragen. Daar hoeft niet ook nog een woontafel bij. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) vindt dit geen antwoord op zijn vraag. Hij beaamt dat er zo snel mogelijk gebouwd moet worden maar vraagt nogmaals waarom juist dit initiatief de woningbouw zou vertragen. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) zegt dat er weer gepraat gaat worden en dat er weer ideeën gaan komen die niet uitgevoerd gaan worden. Dhr. Van Rooij (Student & Starter) herhaalt zijn vraag nog één keer. Mw. Hessel (Utrecht Solidair) vindt dat praten geen zin heeft. Wat wil die groep inbrengen? Er is een tekort aan alle woningen. Zij vervolgt haar inbreng. Utrecht Solidair vindt dat de gemeente eerst de hand in eigen boezem moet steken en de eigen organisatie op orde moet brengen. De voorzitter geeft het woord aan UtrechtNu! Dhr. Bosch (UtrechtNu!) zegt alleen dat punt vijf voor UtrechtNu! totaal onbespreekbaar is.
25
De voorzitter geeft het woord aan wethouder De Vries.
30
Wethouder De Vries zegt dat de stem van woningzoekenden over het algemeen wel herkend wordt. Bij woningbouwprojecten worden niet altijd de juiste belangen vertegenwoordigd. Het initiatiefvoorstel doet goede aanbevelingen om het belang van woningzoekenden bij die projecten beter door te laten klinken. Het College heeft wel enkele kanttekeningen. Ten eerste de vraag op welke projecten je dit toepast en wat dat dan kost. Verder ziet het College geen meerwaarde in het voorrangsvraagstuk. In de Huisvestingsverordening staan ook de voorrangsregelingen. Verder zijn er vragen over de financiële consequenties. De door het College voorgestelde kwartiermaker moet een aantal van die vragen gaan uitzoeken.