CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2024.11.28 Conceptverslag commissie EDVW

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 9 januari 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen33.166 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

45

50

De voorzitter stelt vast dat er geen behoefte is aan een tweede termijn en dat er twee toezeggingen zijn. In het raadsvoorstel komt nog een strekt ter vervanging voordat het in de Raad wordt behandeld. Dhr. Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat zijn fractie met twee moties zal komen, een over de kansrijkheid van Lage Weide en een over de precieze invulling van lokaal eigenaarschap. Mw. Heijne (GroenLinks) gaat met de PvdD en de CU nog even kijken naar zonne-energie in Rijnenburg.

55

60

Dhr. Cornielje (PvdA) overweegt om met Student & Starter een motie in te dienen over de participatie van lage inkomens. Mw. Zwinkels (CDA) overweegt om, eventueel met Volt, een motie over het cultuurhistorisch erfgoed in te dienen.

Pagina 48 van 55

Dhr. Te Hoonte (VVD) is daar ook in geïnteresseerd en zou ook willen kijken of zijn fractie Lage Weide eruit kan amenderen. 5

Dhr. Bosch (UtrechtNu!) werkt daar graag aan mee. Als het zin heeft om windmolens volledig te schrappen, zou hij daar ook een motie voor willen indienen. Dhr. Usta (DENK) sluit zich aan bij de VVD, EenUtrecht en UtrechtNu!

10

De voorzitter stelt vast dat het debat voor een half uur naar de Raad wordt doorgeleid en sluit de vergadering

Lijst van toezeggingen 15

20

De voorzitter concludeert dat wethouder Van Hooijdonk de volgende toezeggingen heeft gedaan: • de uitkomst van het bewonersonderzoek (met name wat betreft natuur en geluid) zal als extra beslispunt worden opgenomen. • het juridisch advies van een planjurist met betrekking tot de formulering van het beslispunt lokaal eigendom zal met de Raad gedeeld worden.

Pagina 49 van 55

Verslag openbare avondvergadering Commissie Energie (transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 5 (EDVW) 10

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

28 november 2024 (Vanaf 20:00) Stadhuis Raadzaal, Stadhuisbrug 1 dhr. Chr de Mooij (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen 15

Dhr. Van Steeg (voorzitter), mw. Van Hooijdonk (wethouder), dhr. Cornielje (PvdA), mw. Heijne (GroenLinks), mw. Passier (Volt), dhr. Peters (D66), mw. Krul (PvdD), mw. Alblas (ChristenUnie), dhr. Te Hoonte (VVD), mw. Zwinkels (CDA), dhr. Dijkstra (EenUtrecht) en dhr. Snijder (Student & Starter)

20

Verslag openbare avondvergadering Commissie Energie (transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen

25

9. Raadsvoorstel Zienswijze Ontwerp Bestuursrapportage 2024 en tweede begrotingswijziging 2024 RUD........................................................................................................................................50 10. Raadsbrief Plan van aanpak publiek warmtebedrijf ..................................................................51 Lijst van toezeggingen ....................................................................................................................55

30

9. Raadsvoorstel Zienswijze Ontwerp Bestuursrapportage 2024 en tweede begrotingswijziging 2024 RUD De voorzitter heet de leden van harte welkom en opent de vergadering om 19.49 uur. De voorzitter leidt het agendapunt in en geeft het woord aan mevrouw Krul (PvdD)

35

Mevrouw Krul (PvdD) vertelt dat haar fractie vanuit de RUD een intensivering van de handhaving op milieuvergunningen ziet en vraagt of de wethouder de mening deelt dat er meer kan en moet gebeuren om milieuvervuiling vanuit bedrijven tegen te gaan. Wethouder Van Hooijdonk dat zij het niet eens is met de vraag van mevrouw Krul, dat er meer moet gebeuren om milieuvervuiling vanuit bedrijven tegen te gaan, maar dat er wel meer zou Pagina 50 van 55

5

10

15

kunnen op termijn. Daarnaast vermeldt zij dat het incidenteel geld betreft en daardoor eenmalig een of twee controles meer zouden kunnen komen. Tot slot vermeld zij dat het technisch zou kunnen, maar om dit mogelijk te maken op termijn, moet hier structureel geld voor gevonden worden. Mevrouw Krul (PvdD) stelt aan de wethouder de vraag of het correct is dat elke enkele controle dus zou resulteren in een kostenpost van 65.000 euro. Wethouder Van Hooijdonk legt aan mevrouw Krul (PvdD) uit dat dit bedrag niet enkel toe te rekenen is aan de Gemeente Utrecht. Mevrouw Krul (PvdD) vermeld geen behoefte te hebben aan een tweede termijn, maar vermeldt wel dat haar fractie waarschijnlijk met een motie of amendement zal komen. De voorzitter stelt voor om dit te agenderen voor de Raad. De voorzitter sluit agendapunt 9.

10. Raadsbrief Plan van aanpak publiek warmtebedrijf 20

25

30

De heer Cornielje (PvdA) licht het agendapunt kort toe en vertelt dat Eneco haar monopolie positie als warmteleverancier jarenlang heeft misbruikt. Doordat de Gemeente Utrecht een eigen warmtebedrijf begint herovert zij haar plaats op de markt. De heer Peters (D66) onderbreekt de heer Cornielje en vraagt waar de informatie van een nieuw warmtebedrijf vandaan komt. De heer Cornielje (PvdA) vertelt dat er in de brief drie varianten zijn benoemd om een eigen warmtebedrijf te beginnen, en vervolgt zijn pleidooi. Hij vertelt ten eerste dat de essentiële stuurbaarheid op de gastransitie verloren gaat door gefaalde projecten in Overvecht-Noord. Vervolgens door zelf regie te nemen in warmtenetten kan er als Gemeente beter gestuurd worden op de warmtenetten en wordt er een voorkeur uitgesproken voor variant 1 en variant 2.

35

De heer Peters (D66) onderbreekt de heer Cornielje (PvdA) en betwijfelt de betaalbaarheid van de Gemeente Utrecht. Hij vraagt de heer Cornielje hoe deze betaalbaarheid gegarandeerd kan worden wanneer je ook de krachten kan bundelen.

40

De heer Cornielje (PvdA) licht toe dat er meer stuurbaarheid valt te behalen wanneer de Gemeente de enige eigenaar is maar dat variant 2 ook mogelijk is om meer sturing te behalen. Daarnaast haalt hij het voorbeeld van de Gemeente Purmerend aan, waar door de besproken variant de prijzen met 20 procent zijn gedaald.

45

50

55

De heer Dijkstra (EenUtrecht) deelt de mening dat variant 3 geen goede optie is en stelt dat er gezocht moet worden naar een gemeenschappelijk publiek bedrijf, maar met meer ruimte voor warmtegemeenschappen dan dat nu in de proposities voorligt. De heer Cornielje (PvdA) vertelt dat er nog een voordeel zit in variant 2, namelijk dat woningcorporaties meer aan zet komen in deze variant. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt de PvdA om de betreffende brief op dit onderwerp nogmaals te screenen. De heer Peters (D66) legt de nadruk op de duurzaamheid maar ook de betaalbaarheid. Hij vertelt dat bij variant 3 er geen opstartkosten bestaan en dit deze variant dus beter betaalbaar maakt dan de eerste variant. De heer Cornielje (PvdA) antwoordt dat er weinig sturing op het gebied van duurzaamheid bestaat op bedrijven zoals HVC, die nog volledig op gas verwarmen. Hij vraagt de wethouder of zij het eens is dat door schaaleffecten en het vollooprisico twee warmtenetten in een stad duurder Pagina 51 van 55

zijn dan een groot warmtenet? Als de wethouder dit vindt, vindt zij dan ook dat het algemeen belang in het geding is doordat we twee warmtenetten in de stad hebben. 5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Mevrouw Heijne (GL) deelt de mening dat er meer sturing bestaat bij variant 1 en 2, maar vraagt hoe betaalbaarheid gegarandeerd kan worden op zowel korte als lange termijn. Ze vermeldt uit te kijken naar de risicoanalyse, maar zou graag de volgende drie zaken uitgewerkt zien in de drie varianten. Ten eerste de kansen en de voordelen van een publiek warmtebedrijf, de balans en sturingsmogelijkheden tussen de betaalbare tarieven van afnemers en een financieel gezond warmtebedrijf en ten derde de mogelijkheden om al dan niet winst uit te keren aan aandeelhouders. Op het gebied van zeggenschap en lokaal eigendom, deelt GroenLinks het streven naar een warmtebedrijf wat buurtwarmtenetten dicht bij lokale handelaars en bedrijven. Tegelijkertijd is het belangrijk om op grote schaal te werken. GroenLinks vindt het belangrijk dat er in samenspraak met buurtinitiatieven wordt verkend wat de wensen zijn en hoe dit zich verhoudt tegen de drie varianten die voorliggen. Tot slot wordt betreft de scope, geneigd om te focussen op de kernactiviteiten, warmtedistributie en levering, de warmtebronnen en de opwek, opslag en lokale distributie. De heer Peters (D66) is benieuwd naar de richting van GroenLinks, op het gebied van dit agendapunt. Mevrouw Heijne (GL) antwoord dat variant 1 en 2 het dichtst bij haar waarden te zijn, maar vermeldt ook voordelen te zien in de laatste variant.

GroenLinks neigt op dit moment naar variant 2, maar ziet ook voordelen in variant 1. Mevrouw Passier (Volt) begint aan haar inbreng. Ze vertelt dat haar fractie blij is met de koers die voorligt en benadrukt dat haar visie goed terug te lezen is in het stuk. Ze is echter benieuwd wat de visie van de wethouder is betreft de energiegemeenschappen en haar fractie heeft op dit moment de voorkeur voor variant 2. Ze vraagt een toezegging van de wethouder om alle scenario’s, dus ook die niet zijn opgenomen in de brief, in kaart te brengen en te delen met de Raad. Daarnaast vraagt ze een toezegging van de wethouder om in het Raadsvoorstel de volgende vier uitgangspunten op te nemen als leidraad voor het warmtebedrijf; het recht tot zelfgebruik voor duurzame energie voor alle eindgebruikers, collectieve aanpakken op wijk- en buurtniveau gaan voor individuele oplossingen, energiegemeenschappen krijgen een gelijkwaardig aandeel bij publiek private warmtebedrijven, en tot slot, lokale initiatieven krijgen opgroeirecht en opgroeiruimte. Ze vraagt de wethouder of buurgemeenten ook geconsulteerd kunnen worden bij dit onderwerp. De heer Peters (D66) begint aan zijn inbreng. Hij benadrukt dat de kern voor D66 de betaalbaarheid van het transitieplan is, zowel als het zo klein mogelijk houden van de financiële risico’s. Bij variant 1 zijn de financiële risico’s te groot.

Variant 2 biedt echter integrale mogelijkheden, maar mist een concreet plan. Er volgen nog enkele toezeggingen. Ten eerste wil D66 een duidelijke vergelijking waar de financiële risico’s, de kosten en de sturingsmogelijkheden helder in kaart worden gebracht. Ten tweede wil D66 een scherpe financiële analyse die laat zien hoe de kosten voor de inwoners beheersbaar blijven. Ten derde roept D66 het college op om inwoners en maatschappelijke organisaties actief te gaan betrekken bij dit proces. Mevrouw Krul (PvdD) begint aan haar inbreng. Ze vraagt een toezegging aan de wethouder namens haar fractie, dat het publieke warmtebedrijf, in welke variant dan ook, vooral duurzaamheid bewerkstelligt en voortdurend op zoek gaat naar de nieuwste en duurzaamste bron van energie, ook wanneer dit niet direct rendabel is. Ze benadrukt dat de duurzaamheid bij dit onderwerp belangrijker is dan de winstgevendheid, maar benadrukt ook de betaalbaarheid voor de inwoners. Haar fractie is kritisch op variant 3, omdat hier weinig sturing mogelijk is, en spreekt haar voorkeur uit op variant 1 of 2. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) begint aan haar inbreng. Ze legt de nadruk op de onwetendheid over de betaalbaarheid, en vraagt het college of zij meer inlichtingen kan geven over de vastgelegen punten van variant 3.

Ook betreft duurzaamheid maakt de ChristenUnie zich zorgen en vraagt of het mogelijk is om eisen te stellen aan de tijdelijke aardgasmaatregel. Daarnaast vraagt de ChristenUnie een toezegging aan de wethouder om niet in zee te gaan met EBN als warmtebedrijf, zolang zij nog altijd nieuwe fossiele projecten starten, en zelfs in de Waddenzee willen gaan boren. De ChristenUnie is voorstander van de buurtinitiatieven en het ronde tafel Pagina 52 van 55

5

10

15

20

25

gesprek en zien de besproken risicoanalyse ook graag tegemoet. Tot slot heeft de ChristenUnie een voorkeur voor variant 2 omdat bij deze variant beter te sturen valt, maar sluiten ze variant 3 niet uit, indien dit de snelste route voor de warmtetransitie blijkt, mits zorgen rondom sturing en duurzaamheid worden weggenomen. De heer Te Hoonte (VVD) begint aan zijn inbreng. De VVD sluit qua betaalbaarheid aan op wat D66 heeft gezegd en om dit te bereiken zou de VVD dit graag klein willen houden, zoals de wijk in Leeuwenstein. De VVD vraagt een toezegging aan de wethouder om waar het kan, in te zetten op zo klein mogelijke projecten die met technische oplossingen zelf kunnen voorzien in hun warmte. Op het gebied van de varianten, ziet de VVD de meeste kansen in variant 2, maar sluiten ze variant 3 ook niet uit. Daarnaast wil de VVD een gestandaardiseerde risicoanalyse via een methodiek waar een resultaat uitkomt wat voor hun navolgbaar en toetsbaar is. Mevrouw Zwinkels (CDA) begint aan haar inbreng. Het CDA ziet graag dat de energie infrastructuur in publieke handen komt en heeft als de tweede variant als lichte voorkeur. Toch is het CDA benieuwd naar publiek-private samenwerking en vraagt of dit geheel van tafel is. Daarnaast vraagt het CDA of de regionale samenwerking, in plaats van de lokale samenwerking, ook uitgewerkt zal worden.

De tarieven van stadsverwarmingen, specifiek het inkaderen hiervan, is daarnaast belangrijk voor het CDA. De heer Peters (D66) onderbreekt mevrouw Zwinkels en vraagt wat zij bedoelt onder een open net met diverse aanbieders, waar mevrouw Zwinkels op antwoordt dat zij hier doelt op netbeheer in combinatie met diverse energieproducenten. Zowel inwoners als de bedrijven die het net beheren kunnen dit abonnement afsluiten. Mevrouw Zwinkels (CDA) vervolgt haar betoog. Het CDA betwijfelt de haalbaarheid en de financiële kant van de warmtenetten en is benieuwd naar de verkaveling ervan.

30

De heer Dijkstra (EenUtrecht) begint aan zijn betoog. Zowel een 100 procent gemeentelijk bedrijf, als de deelneming aan een commercieel bedrijf, valt voor EenUtrecht af, op basis van het hoge risicogehalte en de ontbrekende expertise van de gemeente.

35

De heer Peters (D66) onderbreekt de heer Dijkstra met de opmerking dat HVC geen commercieel bedrijf is, maar 100 procent publiek. De heer Dijkstra excuseert zijn foutieve zin, maar geeft aan dat het de positie van EenUtrecht niet verandert. Door de vele bedrijven, aanwezig in deze variant, wordt het volgens EenUtrecht voor kleinere lokale gemeenschappen moeilijk om daar actief aan deel te nemen.

40

45

50

55

60

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vervolgt zijn betoog. EenUtrecht zou graag een toezegging aanvragen voor de verduidelijking van de terughoudende zinnen in de brief. Hij formuleert de volgende vragen aan het college. Hoe gaat het college per direct deze energie coöperatieven stimuleren, ondersteunen en versterken, zodat ze te zijner tijd volwaardig aan een publiek warmtebedrijf kunnen deelnemen? Is het college bereid bestaande energiebedrijven gelijkwaardig intensief te betrekken in een plan van aanpak in alles wat hier loopt? Ziet het college ook dat het handig is om ruimte te behouden voor lokale wijk gebonden warmtebedrijven? Tot slot vraagt EenUtrecht een toezegging aan het college om ook te zoeken naar varianten van een gezamenlijk publiek warmtebedrijf waarin lokale energie coöperatieven een meer gelijkwaardige eigendomspositie krijgen in de vorm van een vierde optie. De heer Van Rooij (Student & Starter) begint aan zijn betoog. Student & Starter is van mening dat het inzicht in hoe deze voordelen zich verhouden tot andere factoren zoals financieel risico, ontbreekt. Zij vraagt de wethouder dan ook om zich in te spannen om deze informatie boven tafel te krijgen en te delen in het Raadsvoorstel, of liever eerder als dat mogelijk is.

Student & Starter hecht belang aan de prijsregulatie van warmte voor inwoners, en de snelheid waarmee warmtenetten aangelegd kunnen worden en de leveringszekerheid en de autonomie over de afvalvoorziening van de gemeente. Bovendien het oog hebben op de kosten van de opties voor de inwoners is belangrijk voor de fractie, omdat de burger niet de dupe mag worden. De voorzitter sluit de eerste termijn van agendapunt 10 en geeft het woord aan de wethouder.

Pagina 53 van 55

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk begint met het stilstaan bij de belangrijke waarden die zij voorbij heeft zien komen in het gesprek. De vraag is of de constellatie de verschillen bepaalt, of dat de situatie ter plekke meer doorslaggevend is. Vervolgens raadt ze vanuit haar perspectief variant 1 sterk af, en wordt het eerder een keuze tussen variant 2 en 3. Ze stelt dat het een voordeel is dat HVC een erkend warmtebedrijf is, hierdoor ervaring en kunde heeft, in tegenstelling tot EBN en Netverder. Daarnaast is het systeem van HVC financieel aantrekkelijk door de lage instapdrempel. Bij EBN en Netverder is echter het voordeel dat het plan nog niet op tafel ligt, dus er meer inspraak bestaat bij deze optie. De inschatting is dat de keuze afhangt van een financieel component, zowel als een organisatorische. De wethouder merkt op dat de duurzaamheid en de betaalbaarheid van belang is voor de Raad, maar dit verschil binnen de varianten niet groot is. De belofte die op het gebied van betaalbaarheid is gemaakt, is dat de maatregel woonlastenneutraal zal zijn. Betreft duurzaamheid is het inderdaad belangrijker dan winstgevendheid zoals de PvdD heeft aangegeven en dit belang behartigt een publiek bedrijf zeker. Vervolgens loopt de wethouder de varianten af en maakt onderscheid tussen de twee rollen van de gemeente, namelijk het worden van aandeelhouder en het worden van opdrachtgever.

Bij laatstgenoemde bestaat er meer sturing, maar dit moet wel passen binnen collectief kader. De wethouder komt terug op de vraag van de ChristenUnie over de uitvoeringskracht van EBN en Netverder en stelt dat deze aanbieders beginnend zijn in het warmtedomein en hierdoor minder kennis en kunde hebben dan HVC. Aanvullend beantwoordt de wethouder de gewetensvraag van de ChristenUnie of zij wel met EBN in zee zou willen gaan, omdat zij ook investeerder zijn in gas. Ze stelt dat zij het zelf anders zou wegen, gezien de geschiedenis van Nederland en het feit dat gas simpelweg nog niet uit de samenleving is. De wethouder voegt toe dat de voorgelegde varianten hoofdzakelijk zijn, maar je de varianten onderling kan herstructureren. De heer Peters (D66) onderbreekt en stelt dat het wenselijk is om ruimte te geven aan buurtinitiatieven en omliggende straten. Naast het opstellen van duidelijke randvoorwaarden, zodat alle initiatieven goed van de grond komen, is het belangrijk om het algemeen belang te behouden. De wethouder antwoordt dat zij niet weet of de stelling ‘hoe kleiner, hoe beter’ voordelig is, en dat de toekomst dit zou moeten laten uitkristalliseren. Verder adviseert de wethouder aan de Raad om te zorgen voor aanwezigheid als publiek bedrijf om de betaalbaarheid te kunnen optimaliseren voor de toekomst.

De heer Dijkstra (EenUtrecht) onderbreekt en vraagt of het niet verstandig is om, naast de drie geschetste opties, ook nadrukkelijke varianten zichtbaar te maken. De wethouder antwoordt en doet de toezegging om in ieder geval op deze bijkomende varianten te reflecteren. Wethouder Van Hooijdonk vervolgt haar betoog en beantwoordt de vraag van de PvdA over het EnecoNet. Ze stelt dat het fijn zou zijn om dit net in publieke handen te krijgen, maar ziet op korte termijn geen taak van de gemeente Utrecht om dit te bevorderen. De loop van dit proces heeft namelijk ook te maken met instanties zoals de Rijksoverheid, de Tweede Kamer en de Eerste Kamer, en vergt tijd. De heer Te Hoonte (VVD) onderbreekt en vraagt de wethouder om een duidelijke formulering van de weging van warmtebronnen, waar de wethouder op antwoord dat er een bronnenstrategie zal komen. Mevrouw Zwinkels (CDA) onderbreekt en vraagt of de wethouder een toezegging kan doen dat bij de volgende brief deze overwegingen over de bronnen worden meegenomen. De wethouder beantwoordt deze vraag bevestigend. Wethouder Van Hooijdonk vervolgt haar betoog en beantwoordt de vragen betreft financiën en risico’s met het antwoord dat deze risicoanalyse er zal komen, om dit inzichtelijk te maken voor de fracties. Daarnaast gaat de wethouder in op de regelgeving van het onderwerp.

Ze licht toe dat wanneer de nieuwe voorliggende warmtewet niet wordt aangenomen zoals Volt vroeg, dit voor de HVC-variant niet zo veel zal uitmaken. Bij EBN en Netverder zit wel aan de wet gekoppeld dat Netverder toestemming zal krijgen, daarnaast is bij EBN van belang dat zij de opdracht krijgen om staatsdeelneming te worden in de warmte. Op het gebied van lokale regelgeving, geeft de wethouder mee dat de Raad hier nog een voorstel voor krijgt en hierover zal kunnen beslissen. Hier zullen onderwerpen zoals de verkaveling, zoals mevrouw Zwinkels opperde, aan bod komen. Tot slot bespreekt de wethouder het vervolgproces. Ze benoemt dat zij zowel de suggestie van het Pagina 54 van 55

betrekken van buurtgemeenten in het proces, van Volt als de suggestie van D66 om de samenleving erbij te betrekken, goede suggesties vindt om de afwegingen te verrijken. 5

De heer Peters (D66) onderbreekt en vraagt of hij het goed verstaat dat variant 1 wordt uitgesloten en de twee resterende varianten worden uitgewerkt, wat de wethouder bevestigend beantwoordt.

10

Mevrouw Zwinkels (CDA) onderbreekt en vraagt hoe de periode van drie jaar, die is genoemd in de brief, zich verhoudt tot het betoog van de wethouder. Specifiek vraagt mevrouw Zwinkels of er een tijdlijn beschikbaar is voor specifieke wijken en hoe dit in de gaten valt te houden. De wethouder antwoordt dat de periode in Overvecht-Noord langer was, maar in het eerste kwartaal van 2025 een warmteprogramma komt, waar dit verder besproken kan worden.

15

Wethouder Van Hooijdonk beëindigt haar betoog en geeft het woord aan de voorzitter. De voorzitter stelt aan de Raad de vraag of er nog gemiste vragen zijn.

20

De heer Peters (D66) vraagt nogmaals een duidelijke vergelijking van de alternatieven waarin financiële risico’s, kosten en sturingsmogelijkheden helder worden uitgewerkt. De wethouder antwoordt dat zij deze vraag al beantwoord heeft en zegt dat er een risicoanalyse geleverd zal worden.

25

Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt nogmaals of de gemeente in wil gaan op een eventuele regionale samenwerking. De wethouder antwoordt dat zij in haar beleving alles is op te schalen naar de regio, maar het wel verstandig is om niet gelijk te proberen om een regionaal bedrijf op te zetten omdat dit ingewikkeld is.

30

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt nogmaals of lokale energiecollectieven bij het maken van het Raadsvoorstel intensief betrokken worden. De wethouder antwoordt dat zij deze vraag al beantwoord heeft en er veelvuldig contact is over dit onderwerp.

35

De griffier, de heer Heerdink, herhaalt de toezeggingen. Wethouder Van Hooijdonk zegt toe dat er gereflecteerd zal worden op een variant waarin kleine initiatieven ook deelnemen als eigenaar. Wethouder Van Hooijdonk stuurt bij een volgende brief informatie over de bronnen.

40

De voorzitter dankt namens de Raad wethouder Van Hooijdonk voor alle debatten en verschillende rollen die zij heeft gespeeld in de Utrechtse politiek en wenst haar veel geluk in de toekomst. De voorzitter sluit de vergadering om 22.33 uur.

Lijst van toezeggingen 45

Agendapunt 10: Raadsbrief Plan van aanpak publiek warmtebedrijf • •

Wethouder Van Hooijdonk zegt toe dat er gereflecteerd zal worden op een variant waarin kleine initiatieven ook deelnemen als eigenaar. Wethouder Van Hooijdonk stuurt bij een volgende brief informatie over de bronnen

Pagina 55 van 55

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=eabe76fd-5763-470b-a463-c5bd55f82302