2024.04.18 Conceptverslag commissie EDVW vervolg spoeddebat
Tekst van het document
De wethouder geeft aan dat de ambtenaren geadviseerd hebben het project te stoppen, Omdat er volgens de ambtenaren geen kansen meer waren voor de voortzetting van het project Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt wat de wethouder heeft gedaan met het ambtelijk advies in de voorbereiding naar het bestuurlijk overleg. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat er in de periode van de voorbereiding van het overleg met de ambtenaren is gesproken. Het echte bestuurlijk overleg met de betrokken partijen heeft daarna echter niet plaatsgevonden. Het plan was om in dat overleg conclusies te trekken. Aangezien het overleg uiteindelijk niet heeft plaatsgevonden is het niet mogelijk na te gaan hoe dat overleg zou zijn gelopen. Mevrouw Swinkels (CDA) constateert dat de ambtenaren in overleg met Eneco en de woningbouwcoöperaties hebben geconcludeerd dat het project stopgezet moest worden.
50
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit een normale gang van zaken is. De heer Bosch (UtrechtNu!) is van mening dat de gang van zaken in de schoenen van de ambtenaren wordt geschoven.
55
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat er geen schuldige wordt aangewezen. De wethouder geeft aan alleen te willen uitleggen hoe het in de afgelopen weken gelopen is. Daarbij merkt de wethouder op dat de ambtenaren adviezen voorbereiden, maar het de bestuurders zijn die uiteindelijk met elkaar een besluit nemen.
Pagina 18 van 25
De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt waarom de wethouder dan niet gewoon zegt dat zij geadviseerd is en een besluit heeft genomen. 5
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het besluit uiteindelijk in het bestuurlijk overleg genomen had moeten worden, maar dit overleg heeft niet plaatsgevonden. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of en wanneer de wethouder dit belangrijke project met het college heeft besproken.
10
15
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt de zaak op de dinsdag voorafgaand aan het persbericht van Eneco in het college te hebben besproken. De wethouder geeft de aan in dat overleg een mandaat voor het besluit te hebben gekregen. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of in het overleg van het college een stuk op tafel lag met betrekking tot het project Overvecht-Noord. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat er in het overleg met het college een document is behandeld op basis waarvan de wethouder een mandaat heeft gekregen.
20
De heer Te Hoonte (VVD) vraagt dit document per omgaande met de raad te delen. De voorzitter vraagt wanneer de wethouder dit document naar de raad kan sturen.
25
30
35
40
45
Wethouder Van Hooijdonk antwoordt de stukken voor het begin van de komende week met de raad te delen. Verder stelt de wethouder al uitgebreid in te zijn gegaan op het vertrouwen in de samenwerking met Eneco. Mevrouw Swinkels (CDA) maakt een punt van orde en stelt dat de vraag over het vertrouwen in de relatie met Eneco nog niet aan bod is geweest. De voorzitter vraagt de fractie van het CDA de vraag te herhalen. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt of er voldoende vertrouwen is In de samenwerking met Eneco en of die in de toekomst weer succesvol kan worden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt in het debat te hebben stilgestaan bij de huidige samenwerking met Eneco. In de samenwerking met Eneco gaat volgens de wethouder veel goed. De voorzitter stelt vast dat de wethouder aan het einde van de beantwoording van de vragen is gekomen en vraagt de raad of er behoefte is aan een tweede termijn. De voorzitter gaat bij de griffier na of er toezeggingen zijn gedaan. Mevrouw Passier (Volt) meldt dat wethouder een toezegging heeft gedaan voor het meenemen van een geïntegreerd systeem in de denkrichtingen in de brief die voor de zomer van 2024 over het warmteprogramma staat gepland. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dit mee te nemen als de kostentechnische inzichten in de tussentijd zijn veranderd.
50
Mevrouw Passier (Volt) vraagt aan de wethouder terug te komen op de losse bouwstenen die voor energiesysteem nodig zijn en of er gekeken kan worden naar het opwekken van warmte met overtollige elektriciteit. Daarbij speelt de vraag hoeveel warmte dit kan opleveren en hoe de warmte kan worden opgeslagen.
55
Wethouder Van Hooijdonk zegt toe hier met een eerste inschatting van de mogelijkheden in de brief op terug te komen.
60
De voorzitter schorst de vergadering voor vijf minuten en heropent de vergadering voor de tweede termijn. Pagina 19 van 25
De heer Te Hoonte (VVD) licht toe dat tijdens de schorsing meerdere fracties hebben geconcludeerd dat het debat nog niet goed is afgerond. De fractie wil hierover een voorstel aan de raad doen. Dat voorstel is erop gericht ook andere partijen te horen. 5
10
15
20
25
30
35
Mevrouw Swinkels (CDA) vervolgt het betoog van de VVD en geeft aan dat een aantal partijen overwegen het instrument van een raadsenquête in te stellen. De fractie vraagt de voorzitter om een voorstel voor de raadsenquête in de volgende raadsvergadering te kunnen indienen. De fracties die een voorstel indienen voor een raadsenquête pleiten daarbij voor een lichte variant. Voor een raadsenquête is een meerderheid van stemmen nodig. De heer Peters (D66) geeft aan geen voorstander te zijn van de raadsenquête. De fractie wil via een motie in de brief die eind van dit jaar over het warmteprogramma komt inhoudelijke richtingen meegeven voor het gasvrij krijgen van Overvecht-Noord. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt waarom de fractie van D66 zonder kennis te nemen van het voorstel zoals dat gemaakt gaat worden, al aangeeft geen behoefte aan een raadsenquête te hebben. Met de raadsenquête wil de fractie Eneco en de corporaties op formele wijze de ruimte bieden om hun kant van het verhaal te doen. De vraag is hoe D66 al kan weten dat dit niet zinvol is. De heer Peters (D66) is van mening dat er voldoende is stilgestaan bij dit onderwerp en dat er nooit exact duidelijkheid gaat komen over het hoe en waarom van het stopzetten van het project.
Verder stelt de fractie dat de inwoners van Overvecht-Noord niet geholpen zijn met een discussie over de personen die betrokken zijn geweest bij het proces. De fractie wil vooruitkijken. De heer Te Hoonte (VVD) stelt dat als een marktpartij als Eneco in dit traject scherp de maat wordt genomen, het van belang is dat de raad ook naar het verhaal van Eneco luistert. De heer Peters (D66) vindt dat het Iedereen vrijstaat om met andere partijen te praten, maar een raadsenquête is volgens de fractie een te zwaar middel. Voor een raadsenquête vindt de fractie het probleem niet groot genoeg. De heer Te Hoonte (VVD) stelt dat er in de afgelopen zeven jaar voor € 0,5 miljoen per jaar is uitgegeven aan de wijk zonder enig resultaat. De fractie vraagt waarom D66 dan geen begrip kan hebben voor de houding van de oppositie in de raad om hier meer duidelijkheid over te krijgen. De heer Peters (D66) antwoordt geen voorstander te zijn van de raadsenquête, maar geeft aan te begrijpen dat andere partijen hier wel behoefte aan hebben.
40
45
50
55
60
De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) vindt het onvoorstelbaar dat D66 op voorhand tegen een lichte vorm van een raadsenquête is en dat het in die enquête zoals D66 stelt niet om de personen gaat. Zonder dat het voorstel is gepresenteerd kan D66 deze conclusie niet trekken. De fractie wil met de raadsenquête kunnen leren van wat er in het project is misgegaan. Ook Omdat het een gewikkeld dossier is. De heer Peters (D66) antwoordt dat het idee achter de pilot juist was om hiervan te kunnen leren. De fractie herhaalt nogmaals een raadsenquête daarvoor geen geschikt instrument te vinden. De fractie stelt voor een RIB te organiseren waarin partijen worden uitgenodigd hierover met elkaar in gesprek te gaan. De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) wijst op de organisatie van een RIB waarbij een van de partijen gewoon niet kwam opdagen. De fractie merkt op niet te zien wat voor D66 het verschil is tussen een technische sessie of een raadsenquête. Benadrukt wordt dat van dit project geleerd moet kunnen worden. De fractie begrijpt niet waarom D66 hier tegenstander van is. De heer Peters (D66) herhaalt een raadsenquête hiervoor een te zwaar instrument te vinden.
De heer Bosch (UtrechtNu!) constateert dat D66 aangeeft begrip te hebben voor de behoefte aan duidelijkheid van de oppositie in de raad en vraagt waarom D66 de oppositie het dan niet gunt om met het middel van een raadsenquête de waarheid te vinden. Pagina 20 van 25
De heer Peters (D66) herhaalt het instrument van een raadsenquête daarvoor niet gepast te vinden. 5
10
15
De heer Bosch (UtrechtNu!) merkt op dat met dat antwoord de vraag niet beantwoord is. De fractie vraagt nogmaals waarom D66 een groot deel van de oppositie het middel van een raadsenquête niet wil toestaan. De fractie vraagt of D66 iets te verbergen heeft. De heer Peters (D66) ontkent iets te verbergen te hebben. De heer Bosch (UtrechtNu!) stelt dat transparantie niet alleen iets van woorden kan zijn. Lessen kunnen het best getrokken worden uit objectieve informatie van alle betrokken partijen. De fractie vraagt waarom een lichte vorm van een raadsenquête voor D66 dan een te zwaar middel is. De heer Peters (D66) vraagt wat voor UtrechtNu! het uiteindelijke doel van de raadsenquête is. De voorzitter geeft het woord aan de fractie van GroenLinks.
20
25
30
35
40
De heer Claassen (GroenLinks) geeft aan het belang van tempo in de transitie belangrijk te vinden. Met betrekking tot het kunnen leren van processen wil de fractie over de instrumenten die daarvoor worden ingezet een zorgvuldige afweging maken. De fractie vraagt aan D66 dat een raadsenquête in verhouding moet staan tot hetgeen ermee bereikt kan worden. De heer Peters (D66) is het met de stelling van GroenLinks eens. Mevrouw Swinkels (CDA) heeft voorafgaand aan het debat duidelijkheid geprobeerd te verkrijgen bij de betrokken partijen. Hieruit valt op te maken dat de er verschillen bestaan in de feitelijke beschrijving van wat er gebeurd is. Gelet op de controlerende taak van de raad vraagt de fractie waarom D66 de lichte vorm van de raadsenquête niet steunt. Verder merkt de fractie refererend aan de Gemeentewet op, dat de raad zelf de zwaarte van de enquête mag bepalen. De fractie vraagt of D66 bereid is de raad die ruimte te gunnen. De heer Peters (D66) vraagt wat er met duidelijkheid over de gang van zaken kan worden bereikt. Volgens de fractie zou hiermee achterhaald kunnen worden of een van de partijen laakbaar heeft gehandeld, maar daarmee zijn de bewoners van Overvecht-Noord nog steeds niet van het gas af. De fractie ziet hiervan niet de toegevoegde waarde in.
Mevrouw Swinkels (CDA) stelt dat transparantie, openheid van zaken en het boven tafel krijgen van de waarheid waardevol is. Volgens de fractie is dit een voorwaarde om het vertrouwen in Eneco voor de toekomst te herstellen. De fractie vraagt of D66 dit belang erkent. De heer Peters (D66) is van mening dat de wethouder open en eerlijk heeft geantwoord.
45
Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt hoe het dan kan dat de antwoorden van de wethouder niet geheel overeenkomen met de lezing van andere betrokken partijen in het project. De fractie vraagt Waarom D66 de oppositie dan niet tegemoet wil komen. De heer Peters (D66) herhaalt tegen een lichte vorm van een raadsenquête te zijn.
50
De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt gezien de uitleg van de wethouder op dat aan de betrouwbaarheid van Eneco te twijfelen valt. De fractie stelt dat zelfs na alle uren van debat de situatie er nog steeds niet duidelijker op is geworden. Aan D66 wordt gevraagd, dat als je zo'n situatie in de toekomst wilt voorkomen, inzicht in de beweegredenen van de partijen moet hebben.
55
De heer Peters (D66) antwoordt dat dit niet van belang is.
60
De heer Peters (EenUtrecht) stelt dat hij ondanks de debatten er te weinig duidelijkheid is over allerlei variabelen die ook van invloed zijn op het succes van toekomstige projecten. De fractie geeft aan dat de wethouder zelf heeft gezegd niet te weten wat de redenen zijn geweest. Het feit dat zes uur debatteren nog steeds geen duidelijkheid heeft opgeleverd is op zich al reden genoeg Pagina 21 van 25
om over te gaan tot een ander instrument. De fractie is van mening dat de gemeente niet kan doen alsof er niks gebeurd is. 5
De heer Peters (D66) antwoordt dat meer inzicht niet behulpzaam is voor de bewoners van Overvecht-Noord. Een raadsenquête is volgens de fractie zonde van de tijd.
10
De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt dat als de vermogenspositie van Eneco een rol heeft gespeeld, dit bijzonder relevant is voor komende projecten. Een vermogenspositie verandert namelijk niet van het ene op het andere moment. Over de onbekendheid die na dit debat is ontstaan maakt de fractie zich zorgen, ook omdat de wethouder heeft aangegeven dat de echte reden van het staken van het project nooit verduidelijkt gaat worden. De fractie vraagt D66 daarom het instrument van een raadsenquête alsnog te heroverwegen.
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
De heer Peters (D66) antwoordt tegen een raadsenquête te zijn. De heer Usta (Denk) geeft aan niet te begrijpen waarom D66 zo stellig tegen een raadsenquête is. Een constructieve enquête die allesomvattend is en voor verheldering zorgt is volgens de fractie waardevol. De heer Peters (D66) stelt dat er inmiddels 6 uur is gedebatteerd en een raadsenquête gaat nog veel meer tijd kosten. De fractie is van mening dat er met een raadsenquête niets wordt bereikt. De heer Usta (Denk) geeft aan dat juist omdat het urenlang debatteren niets heeft opgeleverd een ander instrument zoals een lichte raadsenquête moet worden overwogen. De vraagt D66 daarom in te stemmen met een voorstel waar een groot deel van de raad behoefte aan heeft. De heer Peters (D66) antwoordt dat de raad ook zelf gesprekken kan plannen met Eneco. Daarnaast is er volgens de fractie ook de mogelijk om een RIB te organiseren. Een raadsenquête is volgens de fractie overbodig. De heer Usta (Denk) geeft aan dat een RIB onvoldoende effectief is. De heer Claassen (GroenLinks) vindt het van belang dat er weer naar de toekomst wordt gekeken en geeft aan een raadsenquête in Amsterdam van nabij te hebben meegemaakt. Dat was een ingrijpend en kostbaar proces. Voor de fractie is het van belang dat duidelijk moet zijn wat de verwachte opbrengst is en hoe dit zich verhoudt tot de tijd en kosten.
De heer Te Hoonte (VVD) verwacht gelet op de wijze waarop GroenLinks de randvoorwaarden schetst voor de raadsenquête steun van deze fractie. De heer Claassen (GroenLinks) geeft aan op basis van het voorstel een afweging te maken voor steun. De fractie merkt daarbij op dat de externe partijen niet verplicht kunnen worden aan de raadsenquête deel te nemen. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt zich af of het nuttig is om in de raad te zitten, als de raad niet kritisch durft te zijn op het functioneren van het college. Het is volgens de fractie noodzakelijk dat de coalitie scherp blijft op het eigen college. De heer Claassen (GroenLinks) herhaalt nogmaals dat de inhoud van het voorstel bepalend is voor steun. Daarbij wordt door de fractie aangetekend dat een raadsenquête veel impact heeft op de organisatie De heer Te Hoonte (VVD) wijst erop dat de fractie van GroenLinks amper gebruik heeft gemaakt van spreektijd en had gehoopt dat de raad als geheel scherper zou zijn geweest. In dat geval zou er geen raadsenquête nodig zijn geweest. De heer Claassen (GroenLinks) stelt dat het controleren van het college er volgens de fractie niet op neerkomt te achterhalen of een ambtenaar om vijf voor half negen of om vijf over half negen is begonnen. Pagina 22 van 25
De heer Te Hoonte (VVD) stelt dat bijna alle vragen in het debat zijn gericht op het college en de wethouder. De fractie merkt op dat de wethouder daarbij vaak verwezen heeft naar ambtenaren. 5
10
15
20
25
30
De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt hoe de fractie van GroenLinks nu al kan weten wat een lichte variant van een raadsenquête gaat kosten. De fractie vraagt of GroenLinks de raadsenquête heroverweegt als de kosten laag zijn. De heer Claassen (GroenLinks) geeft aan het instrument van een raadsenquête alleen in te willen zetten als het proportioneel is. De heer Bosch (UtrechtNu!) merkt op dat de coalitie zelden met de oppositie meegaat. De fractie vraagt wat er te verbergen is en benadrukt dat er een aanleiding is om het middel van een raadsenquête in te zetten. De heer Claassen (GroenLinks) antwoordt dat het niet gaat om het verbergen van feiten, maar het is belangrijk dat hetgeen onderzocht wordt in verhouding staat wat gevonden kan gaan worden. De heer Bosch (UtrechtNu!) constateert dat de coalitie zich in deze zaak wederom manifesteert als een stempelmachine van het college. Mevrouw Swinkels (CDA) wil in het voorstel voor de raadsenquête wegblijven van de dualiteit tussen oppositie en coalitie. De opmerking over proportionaliteit van GroenLinks houdt de fractie in het voorstel voor ogen. De heer Claassen (GroenLinks) herhaalt het voorstel voor de raadsenquête op de eerder omschreven randvoorwaarden te beoordelen. Hierin zal de fractie zeer kritisch zijn.
De heer Usta (Denk) vraagt waarom de fractie van GroenLinks het beeld schetst dat een raadsenquête enkel nutteloze geldverslindende tijdverspilling is. De heer Claassen (GroenLinks) antwoord te hebben gesteld dat een raadsenquête alleen moet worden ingesteld als deze geen geldverspilling is.
35
40
45
50
55
60
De heer Temming (Stadsbelang Utrecht) vraagt aan de fractie van GroenLinks hoe een lichte vorm van een raadsenquête geen proportioneel middel kan zijn. De heer Claassen (GroenLinks) antwoordt dat als het zou gaan om tientallen miljoenen een raadsenquête meer proportioneel is. Verder vindt de fractie het nagaan van wie wat wanneer heeft gedaan niet relevant De heer Temming (Stadsbelang Utrecht) licht toe dat gelet op de positie van Eneco in de stad het in de toekomst wel degelijk gaat over tientallen miljoen. De fractie vraagt nogmaals aan GroenLinks waarom een lichte raadsenquête dan geen proportioneel middel is. De heer Claassen (GroenLinks) antwoordt niet gezegd te hebben dat het middel niet proportioneel is, maar gaat de proportionaliteit op basis van het voorstel afwegen. De heer Van Heuven (Partij van de Dieren) vindt het onverstandig dat de wethouder op een commerciële partij blijft inzetten. Verder vindt de fractie het vreemd dat lokale alternatieven die eerst zijn afgeserveerd nu volgens de wethouder weer een optie zouden kunnen zijn. De fractie is van mening dat het lange debat onvoldoende tot antwoorden heeft geleid en steunt daarom de raadsenquête. Gelet op de grote klimaatopgave is het van belang van dit project te leren en na te gaan hoe hierin met grote commerciële partijen moet worden omgegaan.
De heer Claassen (GroenLinks) vraagt aan de fractie van de Partij voor de Dieren waarom een raadsenquête een geschikt middel is. De heer Van Heuven (Partij van de Dieren) antwoord dat in een raadsenquête partijen in een bepaald kader gericht uitgenodigd kunnen worden. De fractie wil in de raadsenquête partijen als Pagina 23 van 25
Eneco, de woningbouwcorporaties en lokale buurt alternatieven spreken. De fractie vindt het niet passend dat GroenLinks dit opblaast tot een miljoenenverslindend project. 5
De heer Claassen (GroenLinks) vraagt aan de Partij voor de Dieren waarom dit niet via een raadsinformatiebijeenkomst kan.
10
De heer Van Heuven (Partij van de Dieren) antwoord dat tot nu toe niet is gelukt voldoende informatie boven tafel te krijgen. Een meer formele setting in de vorm van een raadsenquête kan hierbij helpen. Verder wordt een raadsinformatiebijeenkomst beperkt door de tijdsduur. De fractie kan de bezwaren van GroenLinks niet goed begrijpen. De heer Claassen (GroenLinks) geeft aan dat er ook meerdere raadsinformatiebijeenkomsten kunnen worden georganiseerd.
15
De heer Van Heuven (Partij van de Dieren) antwoord dat dit slechts semantiek is. De fractie wil op belangrijke vragen gewoon een antwoord.
20
De heer Dijkstra (Een Utrecht) kondigt aan de raadsenquête te steunen. Daarbij speelt ook dat het in de toekomst om tientallen miljoen en zal gaan. De fractie geeft aan teleurgesteld te zijn in de communicatie en de wijze waarop zij zelf communiceert met de wijk. Verder stelt de fractie een motie te overwegen over de wijze waarop de wethouder anders is gaan kijken naar de lokale warmte-initiatieven.
25
De heer Usta (Denk) meldt dat de fractie de raadsenquête steunt en geeft het college mee dat de bewoners van Overvecht-Noord niet vergeten moeten worden. Daar waar nodig moet volgens de fractie worden overgegaan tot compensatie.
30
35
40
De heer Bosch (UtrechtNu!) steunt de raadsenquête en vraagt de coalitie zich in dit geval wat dualistischer op te stellen. Indien het overleg over de raadsenquête niet naar tevredenheid verloopt, overweegt de fractie nog andere middelen in te zetten. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) merkt op dat het debat vier uur is uitgelopen en hoopt dat in het overleg over de raadsenquête het hele debat niet opnieuw wordt gedaan. De fractie wil die vergadering beperken tot het bespreken van moties en het voorstel. De heer Bosch (UtrechtNu!) constateert dat de ChristenUnie oproept tot een korte raadsbehandeling en stelt voor het raadsvoorstel te steunen. Dan hoeft de vergadering ook niet lang te duren. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) spreekt op voorhand geen steun uit voor de raadsvergadering. De voorzitter stelt vast er voor volgende week een spoeddebat over het voorstel en de moties wordt gepland. Het onderwerp komt als eerste agendapunt in de raadsagenda.
45
50
De heer Te Hoonte (VVD) vraagt aan de voorzitter het voorstel en de moties te behandelen voordat wordt overgegaan tot samenwerking met dezelfde partijen in een andere setting. De heer Bosch (UtrechtEen!) verzoekt de voorzitter na het debat meteen tot stemming over te gaan. De voorzitter constateert dat het CDA samen met andere fracties een agendering schrijft over het spoeddebat. De voorzitter dankt de aanwezigen van de commissie EDVW en sluit de vergadering om 23.15 uur.
55
Pagina 24 van 25
LIJST VAN TOEZEGGINGEN 5
Wethouder Van Hooijdonk zal met betrekking tot het spoeddebat over de raadsbrief Overvecht-Noord: • de commissie in de brief over het warmteprogramma voor de zomer van 2024 als denkrichting een integraal warmtesysteem meenemen. • de commissie binnen week het document dat voorafgaand aan het stranden van het project in Overvecht-Noord is besproken toe sturen
Pagina 25 van 25