CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2024.04.18 Conceptverslag commissie EDVW vervolg spoeddebat

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 23 mei 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen13.542 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verslag vervolg spoeddebat raadsbrief Overvecht-Noord 5

10

15

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

18 april 2024 Raadzaal, stadhuis dhr. Van Vliet (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

De voorzitter, dhr. B. van Steeg, wethouder L. Hooijdonk, dhr. G-J. Te Hoonte (VVD), dhr. J. Vintges (VVD), mw. J. Swinkels (CDA), mw. C. Passier (Volt Utrecht), dhr. J. Cornielje (PvdA), dhr. R. Peters (D66), dhr. G. Dijkstra (EenUtrecht), dhr. M. Usta (denk), mw. K. Alblas (ChristenUnie), R. Snijder, dhr. Van Heuven (Partij voor de Dieren), dhr. F. Claasen (GroenLinks), dhr. R. Snijder (Student en Starter), dhr. D. Bosch (UtrechtNu!), dhr. N. Temming (Stadsbelang Utrecht)

Afwezigen

Er zijn geen afwezigen gemeld.

Verslag openbare vergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 20 1. Opening en mededelingen ............................................................................................................1 2. Vervvolg spoeddebat raadsbrief Overvecht-Noord .......................................................................1 LIJST VAN TOEZEGGINGEN.........................................................................................................25

25

1. Opening en mededelingen

De voorzitter heropent de vergadering va 11 april 2024 om 20.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom.

2. Vervolg spoeddebat raadsbrief Overvecht-Noord 30

De voorzitter geeft aan dat het spoeddebat van de 11 april 2024 wordt vervolgd. De wethouder vervolgt haar beantwoording op de vragen van de raad uit de eerste termijn.

35

Wethouder Van Hooijdonk gaat opnieuw naar alternatieven kijken. Daarbij wordt gesproken met de mensen in de buurt, stakeholders en experts. Ook wordt gekeken naar ontwikkelingen in andere steden. Voor de zomer van 2024 worden de denkrichtingen die hieruit voortkomen gedeeld met de raad. Eind 2024 worden deze nader uitgewerkt. Ondertussen worden de politieke ontwikkelingen in Den Haag gevolgd. Er is een spoedwet in behandeling die verband houdt met de betaalbaarheid van warmte.

Pagina 1 van 25

De heer Te Hoonte (VVD) maakt een punt van orde en vraagt om de vragen van het debat van 11 april 2024 te behandelen. 5

Wethouder Van Hooijdonk stelt dat zij de vragen van de raad aan het beantwoorden is. De heer Te Hoonte (VVD) refereert eraan dat de vragen betrekking hebben op de situatie van vorige week en niet op de tussentijdse ontwikkelingen in de Tweede Kamer.

10

De voorzitter haalt de opmerking van de heer Te Hoonte vanwege een misverstand uit de spreektijd.

15

De heer Te Hoonte (VVD) benadrukt verbaasd te zijn dat de wethouder in haar beantwoording meteen begint over de ontwikkelingen in de landelijke politiek. Deze ontwikkelingen kunnen raadsleden in de media lezen, het debat gaat echter over het vervolg van de beantwoording van de vragen van de raad. Gevraagd wordt hier de aandacht op te vestigen. Wethouder Van Hooijdonk stelt dat bij vragen over de toekomst de ontwikkelingen met betrekking tot onder andere wetgeving, fondsen en extra geld relevant zijn.

20

25

30

35

40

45

50

55

De voorzitter vraagt de wethouder na een korte toelichting op de ontwikkelingen in de landelijk politiek door te gaan met de beantwoording van de vragen. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of de wethouder vorige week op de hoogte was van de komst van de brief van de minister. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt niet op de komst van deze brief op de hoogte te zijn geweest. Daarbij merkt de wethouder op al jaren namens de VNG in gesprek te zijn met de Rijksoverheid over de betaalbaarheid van de warmtetransitie. De laatste tijd zijn er steeds meer signalen dat warmtetransitie op problemen stuit. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt nogmaals of de wethouder van de komst van de brief van minister Jetten op de hoogte was. Wethouder Van Hooijdonk (VVD) antwoordt niet bekend te zijn geweest met de brief. Van gesprekken over garantiefondsen was de wethouder wel op de hoogte, maar niet van de besluitvorming daarover. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt wederom of de wethouder van de brief op de hoogte was en wist dat er over de warmtetransitie vanuit het kabinet nieuwe informatie zou komen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het haar bekend was dat er informatie over de warmtetransitie aan zou komen. In eerdere debatten en brieven heeft de wethouder te hebben aangegeven dat het landelijk speelveld een rol speelt.

De heer Te Hoonte (VVD) vraagt wat in plaats van 5 april 2024 volgens de wethouder wel het goede moment zou zijn geweest voor communicatie over het niet doorgaan van de samenwerking met Eneco in Overvecht-Noord. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat zij dat het graag vijf jaar eerder had kunnen weten. Daarbij merkt de wethouder op dat de brief over de maatregelen van de minister Jetten de warmtetransitie in Utrecht niet oplost. De wethouder benadrukt dat de landelijk ontwikkelingen relevant zijn voor de warmte transitie in Utrecht. Het aangekondigde fonds is in eerste instantie voor publieke warmtebedrijven. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat de wethouder de bijeenkomst met Eneco met de ambtenaren had voorbereid. De fractie wil weten wat de inzet was voor de publicatiedatum van het bericht van Eneco en of al duidelijk was dat de samenwerking zou stranden.

60 Pagina 2 van 25

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het overleg niet meer heeft plaatsgevonden op de wijze waarop het zou moeten gaan. In de week van de publicatie is contact geweest met het Rijk. Het Rijk wilde meekijken met de businesscase. Een optie zou zijn geweest om een time out in de gesprekken met Eneco te nemen en de feedback van het Rijk mee te nemen in vervolggesprekken met Eneco, maar in de tussentijd had Eneco het nieuws al gepubliceerd. De wethouder was zonder het persbericht van Eneco van plan het nieuws over het stoppen van het project de week daarop in een brief kenbaar te maken. De wethouder vervolgt haar betoog over de toekomst en de denkrichtingen daarover in het licht van het veranderde nationale speelveld. Met Eneco wordt in gesprek gegaan. De relatie met Eneco is van belang, aangezien er op andere gebieden samengewerkt blijft worden. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of de wethouder nog met de bewoners in gesprek gaat. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan hier later op terug te komen. De wethouder vervolgt de beantwoording. Overvecht-Noord is volgens de wethouder met de huidige inzichten nog steeds een logische keuze voor de start met het aardgasvrij maken. Dit komt doordat deze wijk het dichtst bij het bestaande net licht. Er is inmiddels veel kennis over deze wijk en financieel gezien is gelet op de huidige stand van zaken deze wijk het minst kostbaar.

Het veranderde nationale speelveld kan de mogelijkheid bieden er met Eneco toch uit te komen. De heer Peters (D66) vraagt of Overvecht-Noord de makkelijkste wijk zou moeten zijn om te beginnen. Wethouder Van Hooijdonk legt uit dat dit zeven jaar geleden de gedachte was. Er lag namelijk al een warmtenet en er is sprake van veel corporatiebezit. Qua vastgoed is de wijk bouwtechnisch minder complex dan wijken met ouder vastgoed. Deze overwegingen zijn nog steeds valide. De heer Peters (D66) merkt op dat de gang van zaken in Overvecht-Noord daarom niet geruststellend is voor de complexere stadsdelen. Financieel gezien zou Overvecht-Noord relatief eenvoudig moeten zijn, maar dat is uiteindelijk niet het geval geweest. Wethouder Van Hooijdonk onderschrijft deze opmerking. De wethouder geeft aan dat gewerkt wordt aan een nieuwe transitievisie over warmte. Eerdere besluitvorming over de volgorde van de wijken wordt daarin meegenomen. Daarbij wordt ook gekeken naar alternatieven en de eerder gemaakte begrotingen. Als gevolg van de Omgevingswet heet dit tegenwoordig een warmteprogramma. De wethouder kan hier in de loop van het jaar meer duidelijkheid over geven. Voor wat betreft de oplossing van een hybride systeem stelt de wethouder dat hybride warmtepompen geen eindoplossing zij voor het aardgasvrij maken van een wijk.

Een hybride systeem kan dienen als tussenoplossing voor gebieden die later aardgasvrij worden gemaakt. Indien Overvecht-Noord als eerste aardgasvrij wordt gemaakt, is een hybride systeem in die wijk niet logisch. De heer Peters (D66) merkt op dat het warmtenet ook een soort van hybride systeem is en vraagt dat dit gelet op het gebruik van gas ook niet opnieuw bekeken moet worden. Wethouder Van Hooijdonk stelt dat er sprake is van meerdere transities die moeilijk allemaal tegelijk te plannen zijn. Het warmtesysteem moet ook verduurzaamd worden. Dit moet uiterlijk 2035 klaar zijn. De wethouder wil hier niet op wachten Omdat dit 10 jaar vertraging betekent. De heer Peters (D66) begrijpt deze opmerking van de wethouder, maar wil ervoor waken dat de gemeente verlamd raakt door alle ambities voor 2035. De fractie pleit voor pragmatisme en wijst op de afschrijftermijn van een warmtepomp van 15 tot 20 jaar. Wethouder Van Hooijdonk stelt dat dit logisch is, maar niet als Overvecht-Noord in het eerste blok voor het aardgasvrij maken zit. De hybride warmtepomp is volgens de wethouder wel een optie voor het tweede en het derde blok.

Pagina 3 van 25

De heer Peters (D66) Vraagt de wethouder dit in het warmteprogramma te herijken en na te gaan of de visie voor de warmtepomp nog steeds logisch is. Dit mede gelet op landelijke ontwikkelingen. 5

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat deze herijking onderdeel is van het warmteprogramma.

10

Mevrouw Swinkels (CDA) merkt op dat 2030 als gevolg van de ontwikkelingen In OvervechtNoord niet meer gehaald wordt. Het college heeft dit in beantwoording van schriftelijke vragen bevestigd. De fractie stelt dat Overvecht-Noord dan automatisch overgaat naar het tweede blok. De inzet van warmtepompen wordt daarmee gelet op de afschrijftermijn realistischer.

15

Wethouder Van Hooijdonk antwoord dat Overvecht-Noord niet automatisch doorgaat naar het tweede blok. Overvecht-Noord geniet een aparte status, omdat het de eerste wijk in de warmtetransitie is. In 2017 is hiervoor 2030 als doel gesteld. Het project maakte onderdeel uit van de zogenoemde proeftuinen. De wethouder stelt dat bij het eerste blok nooit het jaartal van 2030 is genoemd. Daarbij is aangegeven dat de datum afhangt van ontwikkeling van de randvoorwaarden. Het eerste blok wordt nu niet automatisch doorgeschoven naar 2045.

20

Mevrouw Swinkels (CDA) refereert aan een raadsinformatiebijeenkomst waarbij ook bewoners aanwezig waren. Daarin is gesproken over de hybride warmtepomp als oplossing. Het college wilde hier destijds niet over nadenken, omdat dit vertraging tot 2035 zou kunnen geven. Deze situatie is volgens de fractie nu veranderd.

25

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de doelstelling voor Overvecht-Noord in het eerste blok altijd het jaartal 2030 is geweest. De wethouder licht toe dat hier sinds 2017 naartoe is gewerkt. De hybride warmtepomp past niet in de ambitie voor het aardgasvrij maken van de wijk in 2030. Een overgangstechniek die nog aardgas gebruikt past niet in de ambitie van de warmtetransitie. Voor het tweede en derde blok is de hybride warmtepomp een goede overgangstechniek.

30

De heer Usta (Denk) wijst de wethouder op het bestaan van all electric ready warmtepompen. deze kunnen in hybride opstelling worden geïnstalleerd en vervolgens op all electric overgaan. De fractie is benieuwd wat de wethouder van de mogelijkheden van deze systemen in het licht van de ambities vindt.

35

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat deze systemen In de nieuwe verkenning worden meegenomen

40

45

50

55

De heer Te Hoonte (VVD) is van mening dat er geen sprake is van een brede verkenning en aangestuurd wordt op een warmtenet met meer geld van het Rijk. De fractie benadrukt dat het geld van het Rijk ook kan worden aangewend voor de overstap naar een hybride warmtepomp. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit alleen in de blokken die later gepland staan kan, anders wordt de hybride warmtepomp een kostbare tussenoplossing waarbij wijken niet meteen van het gas gehaald worden. De heer Te Hoonte (VVD) stelt al tien jaar stadsverwarming te hebben, maar nog steeds niet van het gas af te zijn. De fractie stelt dat stadsverwarming in de komende tien jaar ook nog niet aardgasvrij is en vindt het belangrijk te blijven kijken naar de hybride warmtepomp als oplossing. Gesuggereerd wordt te kijken naar een andere wijk en het huidige dossier van Overvecht-Noord af te sluiten. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat uit de herijking van de plannen naar voren kan komen dat het geen goed idee is met Overvecht-Noord verder te gaan. De wethouder geeft aan dat er veel in de wijk is geïnvesteerd. De wijk is voor de transitie in kaart gebracht. De wethouder wil dit kapitaliseren. De wethouder herhaalt het argument dat Overvecht-Noord een relatief gunstige wijk is voor de transitie. De vraag is of het inwisselen van Overvecht-Noord voor een andere wijk het proces makkelijker maakt.

De wethouder verwacht dat dit vertraging oplevert.

60 Pagina 4 van 25

5

De heer Te Hoonte (VVD) merkt op de transitie niet te willen uitstellen, maar er moet wel geleverd worden. Er kan 50% gas bespaard worden als bewoners gebruikmaken van een hybride warmtepomp. De plannen met Eneco hebben vooralsnog 0% besparing op gas opgeleverd. Eneco heeft als belangrijke warmteadviseur aangegeven het plan in de wijk niet te willen doorvoeren. De fractie vindt het vreemd dat de wethouder toch gefocust blijft op de plannen voor OvervechtNoord.

10

Wethouder Van Hooijdonk ontkent aan te sturen op de plannen voor Overvecht-Noord. Verder ontkent de wethouder dat Eneco de belangrijkste warmte adviseur is. De wethouder stelt dat met verduurzaming van de stadsverwarming relatief snel veel huishoudens van het gas afgehaald kunnen worden.

15

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt gelet op het belang van de planning of het daadwerkelijk zeven jaar moet kosten om een wijk voor de transitie in kaart te brengen.

20

25

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit in veel proeftuinen zeven jaar kost. Met de ervaring die daarbij wordt opgedaan moet dat later sneller gaan. Het proces is vertraagd, omdat

gewacht moest worden op een warmtesubsidie en een propositie van Eneco. Verder is het college nog in afwachting van een nationale definitie van betaalbaarheid. Het college heeft in de tussentijd zelf een definitie opgesteld. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt hoeveel sneller het in de zeven jaar naar verwachting in de toekomst kan gaan.

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat hier gelet op de beginfase moeilijk een inschatting van is te maken. 30

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt hoeveel tijd het aardgasvrij maken van een nieuw gebied in beslag gaat nemen.

35

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat bij gebrek aan zekerheden hier geen antwoord op gegeven kan worden. Onder voorbehoud wordt momenteel gecommuniceerd dat de planvorming drie jaar in beslag neemt en de uitvoering vervolgens acht jaar. Aangezien dit een indicatie kan de bewoners geen betaalbare aanbiedingen worden gedaan. Een goed aanbod voor bewoners is leidend.

40

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de wethouder nu, ongeacht de wijk, daadwerkelijk alle scenario’s openhoudt, of de hybride warmtepompen als tussenoplossing niet meeneemt in de overwegingen.

45

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat als blijkt dat het niet verstandig is om In OvervechtNoord te starten, ook de hybride oplossingen als scenario worden meegenomen voor het tweede en derde blok. In die blokken is een warmtepomp beter dan een cv-ketel. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de tussenoplossing van de hybride warmtepomp bij vertraging in het eerste blok een optie is.

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat deze oplossing voor het eerste blok niet realistisch is, omdat dit blok in 10 jaar van het gas gehaald wordt. Voor die periode vindt de wethouder het niet verstandig om een andere investering te doen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt dat de tussenoplossing van een hybride warmtepomp dan voor een groot deel van Utrecht een optie is. Wethouder Van Hooijdonk bevestigt dit en merkt daarbij op dat deze gedachte niet nieuw is. De gemeente adviseert bewoners die in blok twee of drie zitten een warmtepomp aan te schaffen als de cv-ketel vervangen moet worden, maar de focus ligt op wijken van het gas af krijgen. Pagina 5 van 25

5

De heer Peters (D66) geeft aan dat de doelstelling van 2030 voor Overvecht-Noord niet wordt gehaald. Naar verwachting kan hier pas vanaf 2035 stadsverwarming worden geïnstalleerd. De warmtebronnen van Eneco moeten in de tussentijd ook nog helemaal van het gas worden afgehaald. De onzekerheidsfactoren die hierbij gelden gaan ook op voor de installatie van hybride warmtepompen. De vraag is Waarom hybride warmtepompen niet als scenario worden meegenomen voor het eerste blok.

10

Wethouder Van Hooijdonk is van mening dat deze vergelijking niet opgaat. Eneco moet wettelijk verplicht duurzame warmte gaan leveren. Op het moment dat Eneco hiertoe over gaat zijn er in een keer circa 40.000 huishoudens verduurzaamd, zonder dat hiervoor eerst op al deze adressen een hybridewarmtepomp geplaatst hoeft te worden.

15

De heer Peters (D66) merkt op dat in de periode tot de daadwerkelijk transitie in wijken het stoken op gas relatief duurzaam is.

20

Wethouder Van Hooijdonk is van mening dat de gemeente het zich niet kan veroorloven later van het gas af te gaan. Dit heeft tot gevolg dat de circa 130.000 woningen in een steeds kortere periode van het gas af moeten. Indien nu gestart wordt, betekent dit dat 5.000 woningen per jaar van het gas af moeten worden gehaald. Volgens de wethouder is er geen ruimte dit verder vooruit te schuiven.

25

30

35

De heer Peters (D66) merkt op dat woningen die op de stadsverwarming worden aangesloten niet direct van het gas af zijn. De termijn waarbinnen Eneco dit kan realiseren is onzeker. De fractie geeft aan dat alleen de duidelijk is dat RWZI Utrecht een duurzame bron van warmte wordt. Ook wijst de fractie op een eerdere opmerking van de wethouder dat in verband met netcongestie de gascentrale langer operationeel moet zijn om pieken op te vangen. Wethouder Van Hooijdonk stelt de transitie van duurzame bronnen wettelijk is vastgelegd. Het moeilijkste deel hiervan is volgens de wethouder het voorbereiden van de infrastructuur voor de transitie. De voorzitter verzoekt de raad en de wethouder de aandacht te beperken op het onderwerp van het debat en de bijbehorende vragen. Mevrouw Swinkels (CDA) maakt een punt van orde en vraagt de voorzitter stil te kunnen staan bij wat er in de afgelopen weken is gebeurd.

40

45

50

55

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat de ontwikkelingen van de afgelopen weken in het vorige debat voldoende aan de orde zijn geweest. Mevrouw Swinkels (CDA) benadrukt dat niet alle vragen over de afgelopen periode zijn beantwoord en wenst deze alsnog te behandelen. De voorzitter stelt voor aan het eind van het debat te kijken welke vragen nog niet door de wethouder beantwoord zijn. De heer Usta (Denk) deelt mee dat zijn vragen nog niet allemaal zijn beantwoord. De voorzitter stelt voor om de wethouder de beantwoording van vragen zonder al te veel interrupties voort te zetten. Daarna kunnen de ontbrekende antwoorden op vragen worden behandeld. Wethouder Van Hooijdonk deelt mee dat het onduidelijk is wat de fractie van Volt onder een integraal systeem verstaat, maar wel alle opties voor het warmteprogramma mee gaat nemen. Thermische warmtepanelen zijn in een eerder stadium op kosten afgevallen. Deze oplossing kan in de overwegingen opnieuw worden meegenomen.

60 Pagina 6 van 25

5

10

15

20

25

Mevrouw Passier (Volt) verduidelijkt het voorgestelde geïntegreerde energiesysteem. In een dergelijk systeem zijn het opwekken, verbruiken, het opslaan van elektra en warmte in een energiesysteem geïntegreerd. Vanuit die gedachte vraagt de fractie de wethouder een scenario te maken met daarin de losse bouwstenen die nodig zijn om te komen tot een geïntegreerd systeem. Wethouder Van Hooijdonk legt uit dat het warmteprogramma tot doel heeft van het gas af te gaan. Als dit kan in combinatie met het opwekken van stroom onderzoekt de wethouder de mogelijkheden die je hiervoor aanwezig zijn. De wethouder merkt daarbij op dat de opgave om alle adressen van het gas af te krijgen al enorm is en mogelijk weinig ruimte laat voor anderen investeringen. Het einddoel kan niet zijn dat bewoners enkel zonnepanelen hebben. Mevrouw Passier (Volt) is benieuwd hoeveel warmte er opgewekt kan worden met overtollige elektra en op welke wijze deze warmte kan worden opgeslagen. Wethouder Van Hooijdonk licht toe dat dit soort ideeën al eens eerder zijn bekeken en wijst daarbij op het lokaal voeden van kleine buurtnetten. In dit verband is ook gesproken over bewoners initiatieven. De wethouder geeft aan deze denkrichtingen opnieuw mee te nemen. Verder oriënteert de wethouder zich op de ontwikkeling van een publiek warmtebedrijf voor de levering van warmte die nu van Eneco wordt afgenomen.

Hierover wordt de raad binnenkort geïnformeerd. Eneco zal in Utrecht echter een grote speler blijven. Ook omdat Eneco tenders wint voor nieuwe netten. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt in hoeverre er sprake is van voldoende vertrouwen in de samenwerking met Eneco. Wethouder Van Hooijdonk licht toe hier later op terug te komen.

30

Mevrouw Swinkels (CDA) is van mening dat de wethouder in de beantwoording te algemeen is en onvoldoende concreet ingaat op de vragen. De voorzitter vraagt om focus op de beantwoording van vragen over Overvecht-Noord.

35

40

45

50

55

Wethouder Van Hooijdonk stelt wel degelijk de vragen van de fracties te behandelen. De heer Te Hoonte (VVD) maak een punt van orde en stelt dat de wethouder geen nadruk legt op de volgorde van de vragen die door de raad zijn gesteld. De fractie vraagt de wethouder in te gaan op de kritische vragen die in het begin van het debat zijn gesteld. De voorzitter geeft aan dat de wethouder heeft beloofd op deze kritische vragen in te gaan. Wethouder Van Hooijdonk licht toe op werkbezoek te gaan naar Deventer en Groningen. Deze gemeenten doen ervaring op met een publiek warmtebedrijf. Daarbij wordt ook gekeken naar de rol van het Rijk en de omliggende gemeenten. In de brief van minister Jetten is EBN gevraagd zich te oriënteren op een staatsdeelneming in publieke warmtebedrijven. Ook deze ontwikkeling wordt in het warmteprogramma meegenomen. Bij een deelneming van EBN speelt de provincie mogelijk ook een rol. De kans dat hier een warmtenet uit voortkomt is beperkt. Dit komt mede omdat de distributie van warmte op korte afstanden moet worden georganiseerd. Volgens de wethouder hebben de bewoners meer vertrouwen in een publiek warmtebedrijf met een publieke doelstelling dan in een commerciële partij als Eneco. De wethouder verwijst hierbij naar de goede reputatie van drinkwaterbedrijven en netbeheerders. Een publiek warmtebedrijf komt de transparantie ook ten goede.

Een publiek warmtenet is gebaseerd op de denkrichting van de totstandkoming van de warmtewet. De heer Te Hoonte (VVD) maak een punt van orde voor een gemiste vraag in de beantwoording van de wethouder. De wethouder heeft via een brief aangekondigd een warmtenet te willen overnemen. De fractie vraagt of de wethouder heeft gereflecteerd op de mogelijk verstorende invloed die dit op de relatie met Eneco kan hebben.

Pagina 7 van 25

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt hier vorige week al op in te zijn gegaan en vindt het niet nodig dit nogmaals te doen. 5

De voorzitter benadrukt het belang van het behandelen van de vragen die voor het debat zijn ingediend en stelt het voor aan het einde van het debat te inventariseren welke vragen nog nadere toelichting behoeven.

10

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan in het warmteprogramma scenario's met minder collectieve warmte mee te nemen. Het is de wethouder nog onvoldoende duidelijk of er meer in kleine warmte-initiatieven gedacht moet worden in het nieuwe warmte programma. Daarbij wordt opgemerkt dat de financiering van kleine initiatieven complexer is.

15

20

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt welke gevolgen de ontwikkelingen met Eneco hebben voor circa 12 kleinere warmte- initiatieven in de gemeente Wethouder Van Hooijdonk antwoordt met belangstelling te kijken naar kleinere initiatieven. Daarbij speelt dat de karakteristieken en ambities van deze wijken uiteen kunnen lopen. Voor de zomer van 2024 denkt de wethouder de raad te kunnen informeren over hun initiatief in Oog in Al. De heer Dijkstra (EenUtrecht) is van mening dat dit antwoord te neutraal is en wijst op de veranderde verhouding met Eneco-stadsverwarming. De fractie vindt het daarom van belang anders te gaan kijken naar lokale initiatieven.

25

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt terughoudend te willen blijven in het opzadelen van bewoners met tienduizenden euro's aan investeringskosten. Uit berekeningen blijkt dat adressen die dicht bij het Econet liggen het meest voordelig zijn om van het gas af te krijgen. Dit is een realiteit die niet verandert.

30

De heer Dijkstra (EenUtrecht) wijst op het feit dat de lokale initiatieven in de exploitatie goedkoper zijn. Het probleem zit hem echter in de voorinvestering. Hier hebben de lokale initiatieven in een motie aandacht voor gevraagd. De gemeente wilde hier geen rol in spelen. De fractie vraagt of de wethouder met de kennis van nu anders op die motie gereageerd zou hebben.

35

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de inzichten hierover niet zijn gewijzigd en wijst nogmaals op de risico's van het op voorhand maken van hoge kosten door bewoners. De wethouder vervolgt de beantwoording en geeft aan de raad binnen enkele weken te kunnen informeren over het speelveld van marktinitiatieven en publieke initiatieven.

40

De heer Dijkstra (EenUtrecht) wijst de wethouder erop dat de kleine initiatieven formeel gestopt zijn. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt hiervan op de hoogte te zijn en gaat achterhalen of de betrokkenen van deze initiatieven openstaan voor een nieuw gesprek.

45

50

55

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt waarom de betrokkenen van deze initiatieven hierin geïnteresseerd zouden zijn als de wethouder aangeeft niet tot andere inzichten met betrekking tot de kleine initiatieven te zijn gekomen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat binnen deze initiatieven sprake is geweest van verschillende plannen. Daar is ook met Eneco over gesproken, waarbij is nagedacht over een buurtnet. De wethouder hoopt dat de initiatieven openstaan voor een nieuw gesprek. De heer Bosch (UtrechtNu!) is van mening dat de wethouder deze initiatieven niet wil uitvoeren, maar dit niet direct uitspreekt. De fractie vraagt waarom kosten voor de wethouder een probleem zijn als bewoners die kosten weloverwogen willen maken. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het maken van deze kosten niet vrijblijvend is. Daarin zit volgens de wethouder het probleem.

Pagina 8 van 25

De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) vraagt Waarom de gemeente niet zelf mee gaat investeren in buurtnetten. Op deze wijze komt warmte ook in publieke handen. 5

Wethouder Van Hooijdonk sluit niet uit dat dit een denkrichting kan zijn, maar wijst daarbij wel op de pijpen die er al liggen. Met een stand alone netwerk gaat een synergie-effect met betrekking tot bestaande infrastructuur verloren. Een combinatie van publieke pijpen en een privaat netwerk vraagt om afspraken met Eneco.

10

De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) vraagt waarom deze denkrichting niet in een eerder stadium is meegenomen.

15

20

25

30

35

Wethouder Van Hooijdonk antwoord dat deze denkrichting niet eerder is uitgewerkt. In het warmteprogramma dat voor de zomer van 2024 gepland staat wordt deze denkrichting door de wethouder meegenomen De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) licht toe dat Eneco een monopolist is met commerciële motieven en vraagt waarom de wethouder dan niet al is gaan investeren in buurtnetten om daarmee een publiek warmtenet op te bouwen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit één van de scenario's is geweest, maar dit scenario is afgevallen vanwege de hoge kosten voor het maken van een nieuw systeem met eigen bronnen. Gelet op kostenefficiëntie is er sprake van afhankelijkheid van Eneco. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt de wethouder uit te leggen waarom het in een wijk waar nog gas ligt een probleem is om hybride warmtepompen te installeren en een aantal bewoners nog aan het gas blijft. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat hybride warmtepompen alleen een scenario zijn als een wijk in de planning opschuift. De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat de buurtinitiatieven als alternatief de hybride warmtepomp hebben aangeboden. Niet alle bewoners hoeven dan van het gas af omdat er ook nog door bewoners met een cv-ketel gestookt kan worden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de betreffende initiatieven over all electric gingen.

De heer Cornielje (PvdA) vraagt of de inzet van publieke warmtenetten voldoende zijn onderzocht.

40

45

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat een dergelijk onderzoek aangekondigd gaat worden en dat de raad hier uiteindelijk een besluit over neemt. De kosten die gemaakt zijn voor het project in Overvecht-Noord hoeven niet verhaald te worden op een nieuw project. De bekostiging heeft plaatsgevonden uit het energieprogramma en niet uit de businesscase. De kosten van het project bedragen ruim € 3 miljoen. Het project heeft veel kennis en ervaring opgeleverd. Ook voor overige wijken. De heer Usta (Denk) vraagt of dit kennis is van hoe het niet moet, of hoe het wel moet.

55

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de kennis die in de wijk met divers vastgoed is opgedaan waardevol is voor het vervolg van de transitie in heel Utrecht. Dit geldt ook voor de ervaring die is opgedaan met de openbare ruimte en de juridische aspecten. De wethouder vervolgt de beantwoording en geeft aan dat de situatie met Eneco nooit helemaal te voorkomen is. Belangrijk daarbij is uiteindelijk wat de gevolgen voor de betaalbaarheid zijn. Voor OvervechtNoord was de opgave dat het voor bewoners niet duurder zou gaan worden. Als de wetgeving achterblijft wordt het moeilijker om van het gas af te gaan.

60

Mevrouw Swinkels (CDA) merkt op dat de € 3 miljoen een subsidie is geweest van het Rijk. De wethouder heeft aangegeven dat dit bedrag niet teruggestort hoeft te worden. De vraag is of het niet rechtvaardig is het bedrag terug te storten, omdat de kosten onvoldoende verantwoord kunnen worden.

50

Pagina 9 van 25

5

10

15

20

25

30

35

40

45

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit geen subsidiebedrag van het Rijk is, maar vanuit het programma energie is bekostigd. Dit bedrag mag geïnvesteerd worden voor het doel van aardgasvrije wijken. Mevrouw Swinkels (CDA) wijst in dit verband met de tekorten bij de gemeente en op het feit dat deze kosten uiteindelijk niets hebben opgeleverd. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat deze kosten niet in de businesscase zitten, maar vanuit het programma energie worden opgebracht. Mevrouw Swinkels (CDA) is van mening dat er te lichtzinnig wordt gedaan over € 3 miljoen in de begroting. Volgens de fractie had hij eerder aan de bel moeten worden getrokken om dit verlies te voorkomen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de kosten geen verrassing kunnen zijn omdat er over gerapporteerd is. De wethouder licht toe dat de gelden voor het programma energie hoofdzakelijk proceskosten zijn. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt naar de voorwaarden van de gelden voor het programma energie. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de gelden zijn ontvangen voor Overvecht-Noord, maar ook aan andere wijken mogen worden besteed. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt gelet op de vrijheid van de besteding van de gelden, waarom dan ook niet op een andere plaats in Utrecht geprobeerd is huizen van het gas af te halen.

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat er gezamenlijk is gefocust op Overvecht-Noord en voegt daaraan toe dat in het najaar van 2023 nog zicht was op een gezonde businesscase. Daarvoor was voor de gehele wijk al het geld nodig. De wethouder vervolgt de beantwoording. Bij het achterblijven van de wetgeving zijn er nauwelijks alternatieven die kunnen concurreren met aardgas. Dit zal de energietransitie vertragen. Momenteel is er goede hoop dat de Tweede Kamer de wet over warmtetransitie gaat aannemen. De wethouder geeft aan dat eind 2024 een evaluatie over de energietransitie in Utrecht wordt gepubliceerd. Voor de bewoners van de Overvecht Noord worden bijeenkomsten georganiseerd. Daar kunnen vragen worden gesteld. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of de wethouder van plan is bij deze bijeenkomsten aanwezig te zijn. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt de intentie te hebben hierbij aanwezig te zijn, maar dit is afhankelijk van de agenda. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of de wethouder aanwezig is geweest bij de bijeenkomsten die al hebben plaatsgevonden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt hierbij niet aanwezig te zijn geweest.

50

De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of de wethouder van plan was om bij de reeds georganiseerde bijeenkomsten aanwezig te zijn. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan graag bij inloopgesprekken aanwezig te zijn, maar dit is afhankelijk van de agenda.

55

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of de wethouder moeite gaat doen om deze bijeenkomst bij te wonen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt te proberen de bijeenkomsten te bezoeken.

60 Pagina 10 van 25

5

10

15

Mevrouw Swinkels (CDA) is van mening dat het belangrijk is dat de wethouder de bijeenkomsten bijwoont. Zo nodig moeten de bijeenkomsten dusdanig worden gepland dat de wethouder aanwezig kan zijn. De fractie wijst daarbij ook op het draagvlak voor de energietransitie in Overvecht-Noord. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat al wijkberichten zijn verspreid over de bijeenkomsten en vindt het niet zinvol om deze data te veranderen. De wethouder herhaalt de intentie om de bijeenkomsten bij te wonen, maar vind haar aanwezigheid In de hele gang van zaken niet het belangrijkst. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt aan de wethouder of er begrip is voor de vraag om bij de bijeenkomsten aanwezig te zijn. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat te begrijpen, maar de voortgang van de informatieactiviteiten voor de bewoners is belangrijker. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vindt dat het in deze situatie belangrijk is dat de wethouder aanwezig is.

20

25

Wethouder Van Hooijdonk probeert aanwezig te zijn, maar het is belangrijker dat de mensen van het stadskantoor de bewoners goed gaan informeren. Dit heeft voor de wethouder de meeste prioriteit. De heer Dijkstra (EenUtrecht) is van mening dat de wethouder hiermee de eigen positie onderschat. Gelet op de situatie vindt de fractie het van belang dat de wethouder beide bijeenkomsten aanwezig is. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat als het kan zij de bijeenkomsten zal bezoeken.

30

Mevrouw Swinkels (CDA) merkt op dat de wethouder zich vergelijkt met iemand uit het stadskantoor. De fractie vindt dat de wethouder haar rol anders dient te zien. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat ze bij de bijeenkomsten is, als ze erbij kan zijn.

35

Mevrouw Passier (Volt) vraagt wanneer de bijeenkomsten voor bewoners zijn en hoe het vervolg er uit gaan zien.

40

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat voor deze weken laagdrempelige inloop bijeenkomsten zijn georganiseerd, waar bewoners hun vragen kunnen stellen. Voor de huidige situatie ligt geen draaiboek klaar. In de komende weken en maanden blijft de gemeente met de bewoners van het klankbord in gesprek. De ervaring leert dat de meeste mensen geïnformeerd willen worden op het moment dat er meer duidelijkheid is.

45

De heer Usta (Denk) vraagt de wethouder om bij de bijeenkomst aanwezig te zijn en of er een mogelijkheid is om de bewoners te compenseren.

50

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het project is gestaakt met als doel de bewoners te beschermen. Bij voortgang zouden er risico's zijn geweest voor extra kosten. Dan zou er geen sprake zijn geweest van een betaalbaar alternatief. De wethouder constateert dat de bewoners in die zin geen schade hebben geleden. De heer Usta (Denk) stelt dat er gecommuniceerd is dat de bewoners er niet op achteruit zouden gaan.

55

60

Wethouder Van Hooijdonk benadrukt dat het uitgangspunt is geweest dat de bewoners er niet op achteruit zouden gaan. Dit is ook niet gebeurd. De bewoners hebben niets hoeven investeren en hebben een vergelijkbare energierekening. De wethouder vervolgt de beantwoording. In het wijkbericht stond iets over een korting op de energierekening. De wethouder geeft aan dat dit anders verwoord had moeten worden met de een 'vergelijkbare energierekening'. Hierover zijn uiteindelijk geen afspraken gemaakt. Pagina 11 van 25

5

10

15

20

Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt wanneer de gemeente is begonnen met het opstellen van de brief over de gestrande samenwerking met Eneco in Overvecht-Noord. Ook vraagt de fractie wanneer de brief is gedeeld met de partners zoals Eneco en de woningcorporaties. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat Eneco op woensdag het persbericht heeft verstuurd en de gemeente in de loop van donderdag een wijkbericht heeft gemaakt. Dat wijkbericht is vrijdagochtend naar de drukker gegaan. De wethouder geeft aan niet helemaal meer te weten met wie dit bericht is gedeeld. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt de wethouder of de wijkbrief pas op donderdag gemaakt is. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de wijkbrief op die donderdag op zijn minst is afgemaakt. Mevrouw Swinkels (CDA) maakt een punt van orde en stelt dat de fractie heeft gevraagd wanneer de brief is gemaakt en niet wanneer de brief is afgemaakt. Dit is voor de fractie een belangrijk detail. De voorzitter geeft aan dat de wethouder over de antwoorden gaat en de fractie drie interrupties heeft gehad. Wethouder Van Hooijdonk vermoedt dat er eerder aan die brief is begonnen dan die donderdag.

25

De heer Te Hoonte (VVD) stelt dat voor een spoeddebat de wethouder intern zaken dient te inventariseren. Ook met betrekking tot betrokkenheid van het communicatieteam en de planning van de communicatie.

30

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt deze informatie niet op detailniveau paraat te hebben. De wethouder zegt alleen te weten dat de wijkbrief op donderdag of vrijdagochtend is afgemaakt.

35

De heer Te Hoonte (VVD) stelt dat de essentie van een groot deel van dit debat draait om de volgorde waarin zaken hebben plaatsgevonden rondom de brief van Eneco. Waarbij na deze brief Eneco door de gemeente als schuldige voor het staken van het project is aangewezen. Informatie hierover had voor dit debat door de wethouder moeten worden verzameld.

40

45

50

Wethouder Van Hooijdonk licht toe dat er die donderdag overleg zou hebben plaatsgevonden, waar onder andere afspraken zouden worden gemaakt over communicatie. Volgens de wethouder was op dat moment nog niet volledig zeker of er geen perspectief meer in het project zou zitten. Dit plan van aanpak is doorkruist door het bericht van Eneco dat de dag daarvoor rond vijf uur is gepubliceerd. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of er al concepten in de maak waren voor de communicatie op de dag dat Eneco met het bericht naar buiten kwam. Wethouder Van Hooijdonk licht toe dat er eerst nog een besluit moest worden genomen over de beëindiging van het project en daar een beknopte analyse van gemaakt moest worden. De wethouder geeft aan dat er nog geen persberichten of wijkberichten in concept klaarlagen. De wethouder vervolgt de beantwoording. In het wijkbericht heeft de gemeente de bewoners geïnformeerd, maar daarbij zijn geen verontschuldigingen aangeboden. De heer Bosch (UtrechtEen!) is van mening dat het een kleine moeite is om met een regel verontschuldigingen aan te bieden.

55

60

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het wijkbericht daar niet het meest geschikte communicatiemedium voor is. Het doel was de bewoners kort en bondig op de hoogte te stellen van het staken van het project. De heer Bosch (UtrechtEen!) begrijp niet waarom het zoveel moeite kost om excuses te maken Pagina 12 van 25

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt nogmaals dat een wijkbericht daar geen geschikt medium voor is. Het is volgens de wethouder geen politiek middel. 5

10

15

20

De heer Usta (Usta) vraagt of er aan de bewoners nog excuses gemaakt gaan worden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat aan excuses een schuldvraag is verbonden. De wethouder stelt dat het ondanks alle goede intenties en inspanning gewoon niet is gelukt is. Daarbij wordt opgemerkt dat de belofte om de transitie voor de bewoners betaalbaar te houden niet kon worden waargemaakt. In het besluit heeft het belang van de bewoners voorop gestaan. De heer Peters (D66) vraagt deze boodschap ook zo over te brengen voor het geval de wethouder op een van de bijeenkomsten aanwezig is. Wethouder Van Hooijdonk licht toe dat de reacties op het besluit tot nu toe verdeeld zijn. Er zijn zowel positieve als negatieve reacties. Verder is door sommige bewoners aangegeven dat het vanwege de betaalbaarheid goed is dat het project niet is doorgezet. De wethouder vervolgt de beantwoording en geeft aan dat tot twee uur voor het persbericht goed met Eneco is samengewerkt. De gemeente heeft Eneco ook nodig en er wordt nog steeds naar tevredenheid samengewerkt. Daarbij wijst de wethouder op de warmtebuffers, de rioolwaterzuivering en de Havenstraat. Dit heeft een rol gespeeld bij de toon van de communicatie van de gemeente. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt wat er zich in die een tot twee uur voor het persbericht van Eneco heeft afgespeeld.

25

30

35

Wethouder Van Hooijdonk licht toe dat in die periode ambtelijk overleg heeft plaatsgevonden met Eneco over de richting van het bestuurlijk overleg. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt of er geen indicaties waren over de publicatie van het persbericht en wat de aard was van het ambtelijke contact met Eneco. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt niet bij die ambtelijke gesprekken aanwezig te zijn geweest. Het is volgens de wethouder gegaan over communicatie en de timing daarvan. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt of er sprake is geweest van enig handelen van de gemeente dat tot dit plotselinge persbericht heeft geleid. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het persbericht als een verrassing kwam en daar geen indicaties voor waren.

40

Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt wat de gemeente heeft gedaan dat mogelijkerwijs tot deze reactie van Eneco heeft geleid. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt niet in de hoofden van Eneco te kunnen kijken.

45

50

55

De heer Te Hoonte (VVD) vraagt wat de wethouder de raad aanraadt om dit inzicht in de beweegredenen van Eneco wel te krijgen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het de vraag is of die diepgang moet worden gezocht als er in samenwerking met Eneco een energietransitie georganiseerd moet worden. De heer Van Heuvel (Partij voor de Dieren) vindt het belangrijk om te achterhalen wat de redenen zijn geweest voor het opeens versturen van het persbericht door Eneco. Voor een goed verloop van de energietransitie moeten alle betrokken partijen verantwoordelijk handelen. Daarom is het van belang inzicht te krijgen in het ongecoördineerde versturen van het persbericht. De fractie vraagt waarom de wethouder het niet kan begrijpen dat de raad daar inzicht in wil verkrijgen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het moeilijk is om de beweegredenen van Eneco te kunnen doorgronden en wil de toekomstige samenwerking voor ogen houden.

Pagina 13 van 25

5

10

15

20

25

30

De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) vindt het moment van het persbericht van 3 april 2024 in het licht van toekomstige samenwerking juist wel van groot belang. Als de samenwerking met Eneco altijd goed verloopt, is het juist zo onverklaarbaar dat het project voor Overvecht-Noord zo abrupt geëindigd is. De fractie merkt op dat als de wethouder Eneco goed in de ogen moet aankijken, de raad de wethouder goed in de ogen moet kunnen aankijken en kritische vragen kunnen stellen. De fractie wil weten waarom Eneco zich opeens genoodzaakt voelde om een persbericht te versturen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt niet in de hoofden van de betrokkenen van Eneco te kunnen kijken. De heer Van Heuvel (Partij voor de Dieren) merkt op dat voor toekomstige samenwerking met Eneco de zelfreflectie van de wethouder ook van belang is. De fractie geeft aan dat waar twee partijen communiceren deze partijen allebei invloed hebben op de communicatie. Daarom is de fractie benieuwd naar wat het aandeel van de wethouder is geweest bij het feit dat Eneco zich genoodzaakt heeft gevoeld om het persbericht te versturen. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt nogmaals niet in de hoofden van de betrokkenen van Eneco te kunnen. De heer Peters (D66) vraagt of er lessen te zijn om van de kant van de gemeente te voorkomen dat een dergelijk scenario zich herhaalt.

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt niet voor de zekerheid een paar dagen voor een bestuurlijk overleg altijd contact op te kunnen nemen over de stand van zaken. De wethouder stelt dat er voor een bestuurlijk overleg altijd plotseling iets kan gebeuren. De heer Peters (D66) vraagt of de wethouder al een evaluatiegesprek met Eneco heeft gepland. Hiermee kan worden achterhaald waar Eneco bij de gemeente tegenaan liep. Daaruit kunnen we volgens de fractie lessen worden getrokken. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dit op een later moment te doen.

35

Mevrouw Swinkels (CDA) stelt dat deze uitzonderlijke situatie met het persbericht zich voor kan doen naar aanleiding van een lek. De fractie vraagt of er informatie is gedeeld met externe partijen over het stopzetten van de samenwerking met Eneco en zo ja, wanneer.

40

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het CDA waarschijnlijk duidt op gesprekken met het Rijk, waarin is aangegeven dat de gemeente te maken had met een problematisch project. De wethouder stelt dat hierover niets is gelekt. Verder geeft de wethouder aan dat journalisten met interesse over het project in Overvecht-Noord bewust voor interviews zijn afgehouden. In de externe wereld is volgens de wethouder niets gedeeld.

45

50

55

Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt de wethouder met welke specifieke rijkspartijen dit overleg heeft plaatsgevonden en wat daar besproken is. Verder is de fractie benieuwd wanneer hierover met de rijkspartijen in overleg is gegaan. De fractie merkt op dat als de gemeente samen met Eneco zorgvuldige afspraken over de communicatie had willen maken hier beter mee gewacht had kunnen worden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de situatie er niet kansrijk uitzag, terwijl er gelijktijdig ook kamerdebatten over dit onderwerp gaande waren. Met de meest actuele informatie en de adviezen van het rijk, wilde de wethouder nog een uiterste poging doen om het project te redden. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt wanneer dat overleg heeft plaatsgevonden. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit overleg vlak na het uitkomen van het persbericht van Eneco heeft plaatsgevonden.

Pagina 14 van 25

5

De heer Dijkstra (EenUtrecht) constateert dat er tot twee uur voor het persbericht van Eneco een goede relatie was met deze belangrijke speler in Utrecht. In de wetenschap dat de gemeente afhankelijk is van deze partner vindt de fractie het vreemd dat er na twee weken nog geen gesprek heeft plaatsgevonden met Eneco over deze situatie. Er is nog steeds geen duidelijkheid over het waarom van het stopzetten van het project. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat er bestuurlijke en ambtelijke contacten zijn geweest. Op een later moment zal opnieuw over deze casus met Eneco worden gesproken.

10

15

20

25

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vindt dat een dergelijke situatie vraagt om een hogere urgentie. De fractie zou verwachten dat de gemeente dan binnen een week om de tafel zou zitten met Eneco. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het project niet meer te redden viel. Voor de wethouder is dit de reden om het gesprek later te voeren. Zoals eerder aangegeven wilde wethouder vooral naar de toekomst van de relatie kijken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) spreekt zijn verbazing uit waarom de wethouder dit met zo'n cruciale partner niet meteen uitgebreid gaat evalueren. De fractie geeft aan dat het nog steeds onduidelijk is wat de werkelijke reden is voor de opzegging van de samenwerking. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat ze de werkelijke reden van Eneco waarschijnlijk niet te horen krijgt. De heer Claasen (GroenLinks) maakt een punt van orde om een vraag te kunnen stellen. De voorzitter antwoordt dat er veel fracties tegelijkertijd een vraag willen stellen en belooft de fractie het woord te geven.

30

De heer Usta (Denk) heeft behoefte aan meer verheldering over waarom van het stopzetten en constateert dat dit ook het geval is bij andere fracties. De fractie verzoekt de wethouder zo snel mogelijk met Eneco in overleg te gaan en de raad te informeren over de achtergronden van het stopzetten van het project.

35

Wethouder Van Hooijdonk geeft nogmaals aan dat ze niet in de hoofden van de betrokkenen bij Eneco kan kijken en zegt niet namens Eneco te kunnen spreken. De wethouder gaat aan de relatie met Eneco werken, om een dergelijke situatie in de toekomst te voorkomen.

40

De heer Usta (Denk) vraagt de wethouder niet om te spreken namens Eneco, maar om zo snel mogelijk een gesprek in te plannen dat moet leiden tot duidelijkheid over wat er achter dit besluit schuilgaat. De fractie vraagt om een toezegging van de wethouder om hierover zo snel mogelijk het gesprek met Eneco aan te gaan en de uitkomst hiervan terug te koppelen aan de raad.

45

50

55

60

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat er binnenkort voor de raad een gesprek staat gepland met Eneco. De wethouder stelt de fracties voor Eneco daar zelf over te bevragen. De heer Bosch (UtrechtNu!) is van mening dat de wethouder de vragen over de redenen van het stopzetten ontwijkt. Ook op het verzoek van fracties om snel met Eneco in gesprek te gaan om duidelijkheid te verkrijgen geeft de wethouder geen gehoor. De vraag blijft of de wethouder daadwerkelijk iets met deze situatie gaat doen. Voor de fractie is het onbegrijpelijk dat volgens de wethouder een uiterst goede relatie met Eneco binnen twee uur op onverklaarbare wijze is gestrand. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat in de relatie met Eneco de blik gericht moet zijn op de toekomst omdat met deze partner nog ingewikkelde projecten gerealiseerd moeten worden. De heer Bosch (UtrechtNu!) constateert dat de wethouder doorlopend dezelfde antwoorden geeft zonder in te gaan op de vraag waarom de samenwerking in twee uur gestrand is. De fractie vraagt waarom het voor de wethouder zo moeilijk is om de telefoon te pakken om voor de raad om opheldering te vragen. Pagina 15 van 25

5

10

15

20

25

Wethouder Van Hooijdonk vraagt wat de gemeente ermee opschiet als Eneco om duidelijkheid wordt gevraagd. De wethouder geeft nogmaals aan dat er een eerste bestuurlijk overleg heeft plaatsgevonden en dat de ambtelijke contacten gewoon doorlopen. In de contacten wil de wethouder zich concentreren op de toekomst. De heer Te Hoonte (VVD) attendeert de wethouder op een brief die in maart 2024 door Eneco is gestuurd. Uit deze brief maakten sommige fractieleden op dat de relatie met Eneco onder druk stond. De fractie vraagt of de wethouder deze constatering ook uit de brief heeft gehaald. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt deze brief niet als zodanig geïnterpreteerd te hebben. Mede omdat in de brief nieuwe berekeningen werden aangekondigd. Voor de wethouder was deze brief niet verrassend aangezien er nog allerlei gedachten speelden. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan uit de brief te halen dat de wethouder in conflict was met Eneco op basis van een wet die nog naar de Tweede Kamer moest. Verder maakt de fractie uit de brief op dat Eneco nog wel de ruimte wilde hebben om het project in Overvecht-Noord door te willen zetten. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat tijdens en na de brief door is gewerkt aan de realisatie van het project in Overvecht-Noord. Voor een gesprek over de warmtetransitie voor de hele gemeente was Eneco op dat moment niet klaar.

De wethouder heeft Eneco geïnformeerd wel door te willen praten over de transitie in de gehele stad en aangegeven in beraad te gaan over de samenwerking. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt op een schaal van een tot tien hoe warm deze brief van Eneco was.

30

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat de brief een bevestiging was van de bekende standpunten van Eneco. Eneco wilde nog geen toekomstplannen maken voor andere wijken dan Overvecht-Noord.

35

De voorzitter vraagt de wethouder hoeveel tijd er voor de behandeling van de vragen nog nodig is. De voorzitter schorst de vergadering tot 21.55 uur. . De voorzitter heropent de vergadering om 21.55 uur.

40

Wethouder Van Hooijdonk vervolgt de beantwoording. De wethouder licht toe dat er een externe adviseur is ingehuurd voor een second opinion. Deze adviseur heeft aangegeven dat het project niet goedkoper gerealiseerd kon worden. Tegelijkertijd is er beperkt zicht of er zaken zijn die in het project anders hadden gekund. De wethouder verduidelijkt dat Eneco als commerciële organisatie werkt op basis van rendementseisen. In het overleg met Eneco is gezocht naar besparingen, maar daar was voor de realisatie van het project geen ruimte meer voor.

45

De heer Te Hoonte (VVD) refereert aan een publicatie waarin staat dat het vooral de gemeente was die de stekker eruit wilde trekken. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het besluit om te stoppen voortkomt uit gezamenlijk overleg met Eneco en de woningcorporatie.

50

De heer Te Hoonte (VVD) vraagt op welke datum de voorbereiding over het overleg is gestart.

55

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit overleg in de week van 18 maart 2024 heeft plaatsgevonden. In dat overleg is geconcludeerd dat er geen oplossingsmogelijkheden meer waren. In de periode daarna zijn medewerkers het bestuurlijk overleg van 4 april 2024 met deze conclusie gaan voorbereiden. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt meer duiding bij het overleg in de week van 18 maart 2024. De fractie wil ook graag weten of de wethouder bij dat overleg aanwezig was.

Pagina 16 van 25

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

Wethouder Van Hooijdonk antwoordt niet bij dat overleg te zijn geweest. In dat overleg zijn verschillende werkgroepen met elkaar aan de slag gegaan en daaruit is een ambtelijke conclusie voortgekomen. Deze werkgroepen zijn een bestuurlijk overleg gaan voorbereiden. De wethouder volgt de beantwoording. Het is onduidelijk waarom Eneco na zeven jaar aan boord te zijn geweest plotseling uit het project is gestapt. De wethouder geeft aan dat gedurende die periode Eneco zich professioneel aan het project gecommitteerd heeft. De externe adviseur die bij alle betrokken partijen mee kon kijken moest plausibiliteit borgen. De businesscase was beweeglijk. Deze kon van week op week veranderen. Op de oorzaken hiervan bij Eneco heeft de wethouder geen direct inzicht gehad. Informatie hierover liep via de externe adviseur. De wethouder wijst in dit verband op de aanname van een amendement in de Tweede Kamer dat over transparantie gaat. De wet over warmte moet nog naar de Raad van State. Er kan daarom nog geen duidelijkheid worden gegeven in hoeverre bestaande netten kunnen worden genationaliseerd. Eventuele nationalisatie zal In de praktijk via een soort van afschrijving gerealiseerd worden. De wet heeft het meeste effect op nieuwe netten. Voor de nieuwe netten worden publieke partijen aangewezen. De wethouder licht toe dat de gemeente afhankelijk is van Den Haag.

Dit heeft te maken met allerlei factoren in het energieveld die van invloed zijn op de transitie zoals interventies, subsidiebelastingen, herverdelingsmechanismen en allerlei correcties. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt waarom de gemeente in 2024 voor een project dat is gestart in 2018 afhankelijk is van besluitvorming die in 2024 nog in Den Haag moet plaatsvinden. Wethouder Van Hooijdonk wijst op het klimaatakkoord waarin is afgesproken dat iedereen vanuit zijn eigen rol activiteiten onderneemt. Het Rijk is hierin verantwoordelijk voor het wetgevingspakket en het veranderende financiële speelveld. De rol van de gemeenten is het maken van transitievisies voor warmte en de organisatie van proeftuinen. Deze processen verlopen onvoldoende synchroon. Gemeenten hebben moeten anticiperen op wetgeving die nog moet gaan komen, aangezien de wetgeving aanzienlijk vertraagd is. Dit maakt de gemeente afhankelijk van Den Haag. De wethouder weet niet precies Waarom het op andere plaatsen in het land wel lukt, maar geef ze aan dat de ene businesscase gunstiger is dan de andere. Ook zijn er gemeenten die in tegenstelling tot de gemeente Utrecht wel een eigen bijdrage van bewoners hebben gevraagd. Verder zijn er volgens de wethouder gemeenten die meer eigen middelen in transitieprojecten hebben kunnen steken. Bij succesvolle projecten zijn relatief vaak publieke partners betrokken.

De wethouder wijst in dit verband op projecten in Groningen en Deventer waar werkbezoeken aan worden afgelegd. De wethouder is van mening dat van het project in Overvecht-Noord op de meest uiteenlopende terreinen veel geleerd is. Verder is naar voren gekomen dat het speelveld nog niet gunstig genoeg is om gas te gaan vervangen. In de toekomst is het gelet op de complexiteit van de transitie realistisch uit te gaan van nieuwe tegenslagen. De voorzitter inventariseert of er in de beantwoording door de wethouder vragen zijn gemist. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt meer duiding bij de brief van Eneco en de onzekerheid die bij Eneco over de samenwerking aanwezig was. Dit mede gelet op het feit dat belangrijke wetgeving nog niet in de Tweede Kamer in behandeling was. De fractie wil weten hoe de wethouder reflecteert op haar eigen handelen. Mevrouw Swinkels (CDA) vraagt wie uiteindelijk de stekker uit het project heeft trokken en of er sprake is van voldoende vertrouwen voor succesvolle samenwerking in de toekomst. Verder vraagt de fractie een toelichting op de ontraden moties over de buurtinitiatieven. De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt dat de wethouder niet is teruggekomen op de tunnelvisie die de fractie haar heeft toegedicht.

De fractie stelt verder dat de gemeente wel zeven jaar intensief met Eneco heeft gezocht naar betaalbare financieringsoplossingen voor Overvecht-Noord, maar dit niet heeft gedaan voor lokale warmte en initiatieven zoals gevraagd in een van de twee laatste moties in maart. De fractie vraagt of de wethouder erkent ongelijk met beide alternatieven te zijn omgegaan.

Pagina 17 van 25

5

10

15

20

25

30

35

40

45

Wethouder Van Hooijdonk is van mening dat deze vragen in het vorige debat aan de orde zijn geweest. De wethouder antwoordt altijd duidelijk te zijn geweest over het feit of Eneco wel met een betaalbaar alternatief zou kunnen komen. Hierbij verwijst de wethouder naar brieven aan de raad. Het project met Eneco is gaandeweg met wikken en wegen het voorkeursalternatief geworden. Dit heeft tot gevolg gehad dat de buurtinitiatieven niet vergelijkbaar zijn behandeld. Met het doel om van het gas af te gaan heeft de wethouder aangestuurd op het meest geschikte alternatief. Dat is volgens de wethouder helaas niet gelukt. De heer Te Hoonte (VVD) wijst op de tijdlijn waarin de wethouder op 20 februari 2024 een brief ontvangt en er op 29 februari 2024 moties worden behandeld die al een keer doorgeschoven waren. Vervolgens ontvangt de raad een brief over de brief van 20 februari 2024 waarvan de inhoud voor de vergadering van 29 februari 2024 al bekend was. Dan is het al bijna 18 maart 2024 waarin de besluitvorming over het project wordt afgerond. De fractie vindt deze tijdlijn bijzonder krap. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat deze tijdlijn inderdaad krap is, aangezien in de week voor 18 maart 2024 voor het project nog perspectief werd gezien. De wethouder geeft aan de brief van Eneco anders te interpreteren dan de fractie van de VVD.

Aanvullend benadrukt de wethouder dat Eneco voor de publiek-private samenwerking altijd heeft opengestaan. Voor Eneco waren de discussies in Den Haag over wetgeving een punt van zorg. Het investeringsklimaat was vanwege deze onzekerheid voor Eneco niet optimaal. Desondanks willen de betrokken partijen wel doorgaan met Overvecht-Noord, omdat daar al zoveel in is geïnvesteerd. In de gesprekken met Eneco is gevraagd hoe het bedrijf aankeek tegen de toekomst van stadsverwarming in Utrecht. Daarbij is gevraagd welke rol Eneco daarin zag. Ambtelijk werden er voor OvervechtNoord geen oplossingen meer gezien. Vervolgens hebben de betrokken ambtenaren geadviseerd het project te beëindigen. Hierover zou die bewuste donderdag worden overlegd. Dit overleg heeft als gevolg van het persbericht op de dag daarvoor van Eneco niet plaatsgevonden. De wethouder is van mening dat het geplande overleg tot dezelfde conclusie zou hebben geleid. Mevrouw Swinkels (CDA) vindt het te makkelijk om te stellen dat de ambtenaren hebben besloten de samenwerking te stoppen. Wethouder Van Hooijdonk ontkent dit zo in haar beantwoording te hebben gesteld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=61dd045a-2593-4337-aef2-7f5f49d695ff