CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2024.02.08 Gemeente Utrecht Commissie Energie(transitie) Duurzaamheid Vastgoed en Wonen

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 14 maart 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen43.260 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Verslag openbare ochtendvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 5

10

15

20

25

30

Datum Locatie Verslag door

8 februari 2024 Stadhuishal, Utrecht mevrouw M. de Mul (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

De voorzitter Cees Bos, wethouder Dennis de Vries, de leden Kirsten Alblas (CU), Fred Dekkers (GroenLinks), Gert Dijkstra (EenUtrecht), Harm Dijkstra (CDA), Ramon Emmen (UtrechtNu), Rob van den Enk (Student & Starter), Rachel Heijne (GroenLinks), Gertjan te Hoonte (VVD), Maarten Koning (D66), Tess Meerding (VVD), Myrthe Minnaert (BIJ1), Xenia Minnaert (PvdD), Charlotte Passier (Volt), Ralph Peters (D66), Titus Stam (PvdA), Lenno van Straalen (CU), Nando Temming (Stadsbelang Utrecht), Mirac Usta (Denk), Dirk-Jan van Vliet (D66), Pepijn Zwanenberg (GroenLinks), Rick van der Zweth (PvdA), de commissiegriffier Mariska de Vos

Verslag commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 1 Opening ..........................................................................................................................................2 2 Vaststellen agenda 8 februari 2024 ...............................................................................................2 3 Vaststellen van ingekomen agenderingen .....................................................................................3 3.1 Netcongestie ............................................................................................................................3 3.2 Raadsbrief Bodemenergieplan en Interferentiegebied Papendorp Groenewoud ....................3 3.3 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven ................................3 4 Verslagen .......................................................................................................................................3 5 Toezeggingen/Moties .....................................................................................................................4 6 Ingekomen stukken ........................................................................................................................4 7 Raadsbrief Tijdelijk beheer leegstand ............................................................................................4

Lijst van toezeggingen .................................................................................................................12 8 Raadsbrief Samenwerkingsafspraken gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties 2023-2026 en de nieuwe Leidraad sloop/nieuwbouw .....................................................................13

35

1

1 Opening

5

De voorzitter opent de vergadering. Hij meldt dat de getoonde spreektijden de tijden voor de punten 1 t/m 6 zijn. Daarna komen er nieuwe spreektijden. Vanaf punt 9 worden de getoonde spreektijden weer gehanteerd. Hij vraagt of er leden zijn die een mededeling willen doen.

10

Mevrouw Passier (Volt) geeft een update van de raadswerkgroep. Zij hebben onlangs een eerste sessie gehad. Er wordt binnenkort een jaarplanbrief verstuurd met daarin alle besluiten en een lijst van brieven die verwacht worden over de energietransitie. Er wordt een aantal sessies georganiseerd over netcongestie en de RES. Op het raadsportaal is informatie te vinden over deze raadswerkgroep. Verder meldt zij dat voor ‘Overvecht van het gas af’ een uitvoeringsplan en een beleidsnota naar de commissie zal worden gestuurd. Zij vraagt zich af of er voldoende tijd tussen deze twee documenten zit, zodat eerst de beleidsnota besproken kan worden en daarna het uitvoeringsplan naar de raad gaat.

15

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat er al 4 jaar om een uitvoeringsplan wordt gevraagd. Dat hoeft niet op een beleidsnota te wachten maar kan direct naar de raad. De heer Stam (PvdA) stelt voor om na punt 7 iets langer te schorsen omdat een voorzitterswisseling moet plaatsvinden.

20

Mevrouw Passier (Volt) meldt dat het startdocument gelijk met het uitvoeringsprogramma wordt verwacht. Volt wil het startdocument bespreken voor het uitvoeringsprogramma zodat het voor de raad eventueel bijgestuurd kan worden. De heer Te Hoonte (VVD) stelt voor om aan de wethouder te vragen wat slim is. Er moeten termijnen worden gehaald en op dit moment lopen we achter. Hij verzoekt dan ook om tempo en vraagt de wethouder om eventueel in een brief aan te geven dat het anders moet.

25

De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt nogmaals naar de spreektijden. De griffier geeft aan dat de huidige spreektijden voor de punten 1 t/m punt 6 worden gehanteerd. Voor 7 en 8 gelden de resterende spreektijden van de vorige vergadering, en voor punt 9 wordt verder gegaan met de spreektijden die op het scherm te zien zijn.

30

Mevrouw Heijne (GroenLinks) steunt de lijn van VVD om de procedure rondom het uitvoeringsprogramma te handhaven zoals is voorgesteld, en dit niet opnieuw te bespreken met wethouder Van Hooijdonk. Wethouder De Vries laat weten dat er binnen twee weken een jaarplanbrief komt met daarin de procestoelichting. De voorzitter vraagt of er mededelingen zijn vanuit het college. Die zijn er niet.

35

2 Vaststellen agenda 8 februari 2024 De voorzitter vraagt of de commissie kan instemmen met de agenda. De heer Te Hoonte (VVD) is akkoord met de agenda. Hij merkt op dat bij punt 11 de raadsbrief van 19 december wordt behandeld, niet de nieuwe raadsbrief. 40

De voorzitter stelt de agenda vast. Hij verzoekt de commissieleden om interrupties en antwoorden kort te houden. 2

3 Vaststellen van ingekomen agenderingen 3.1 Netcongestie 5

De voorzitter meldt dat Volt en VVD voorstellen om dit onderwerp te agenderen voor de commissievergadering van 14 maart met een behandeltijd van 90 minuten. D66, GroenLinks, CDA, Stadsbelang Utrecht en CU agenderen mee. Daarom wordt de vergadertijd uitgebreid naar 110 minuten. Mevrouw Passier (Volt) vraagt om tevoren een technische sessie te organiseren over dit onderwerp.

10 3.2 Raadsbrief Bodemenergieplan en Interferentiegebied Papendorp Groenewoud De voorzitter meldt dat wordt voorgesteld om dit onderwerp te agenderen voor behandeling voor de commissie van 14 maart met een behandeltijd van 15 minuten. De commissie is hiermee akkoord. Er zijn geen fracties die mee willen agenderen. 15 3.3 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven De voorzitter vraagt of er leden zijn die voor een van de onderwerpen een RIB of commissievergadering wensen. 20

De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat bij de behandelvoorraad nog de burgeragendering energiezuinige gebouwen staat. Een dezer dagen wordt de bezwaarprocedure hiervoor afgerond. Dit onderwerp zou nog op de agenda van 14 maart kunnen komen. Mevrouw Alblas (CU) meldt dat zij waarschijnlijk vragen zal stellen over de brief Actualisatie uitvoeringsprogramma energiebesparen gebouwde omgeving. Zij wil dit dan ook agenderen. De voorzitter merkt op dat VVD dit ondersteunt. Hij stelt een behandeltijd van 20 minuten voor.

25

Mevrouw Heijne (GroenLinks) vraagt of 20 minuten niet ambitieus is en stelt voor om hier 30 minuten van te maken. De voorzitter gaat akkoord met 30 minuten en roept niet-agenderende partijen op om hun spreektijd kort te houden. Hij vraagt of er nog andere agenderingen zijn.

30

35

De heer Te Hoonte (VVD) verwijst naar de brief over het gemeentelijk vervoer en vaartuigenpark. Dit sluit niet aan op de ambities van de gemeente en de ambities die aan anderen worden opgelegd. Hij stelt voor om hier een debat met het college over te hebben en hier 30 minuten voor te reserveren. De voorzitter informeert welke partijen dit onderwerp willen mee-agenderen. Dat zijn D66, PvdA, CU en GroenLinks. Er wordt besloten tot een behandeltijd van 45 minuten op 14 maart. Er zijn geen verdere agenderingen.

4 Verslagen De voorzitter stelt het verslag van de commissievergadering van 21 december 2023 aan de orde. Hierover zijn geen opmerkingen ontvangen. Het verslag wordt vastgesteld. 40 3

5 Toezeggingen/Moties De voorzitter constateert dat er geen vragen of opmerkingen zijn over de toezeggingenlijst en stelt deze vast.

5

6 Ingekomen stukken De voorzitter meldt dat er drie afdoeningsvoorstellen zijn inzake afvaldumping bij ondergrondse containers en zwerfvuil. Voorgesteld wordt de stukken in handen te stellen van het college ter verdere afdoening. De raad zal een afschrift van het antwoord ontvangen. Dit is akkoord. De lijst van ingekomen stukken wordt vastgesteld.

10

De voorzitter schorst de vergadering voor een wisseling van de woordvoerders en aanpassing van de spreektijd. - Schorsing – De voorzitter heropent de vergadering.

15

20

25

30

35

7 Raadsbrief Tijdelijk beheer leegstand De voorzitter meldt dat de agenderende fracties met elkaar en met de wethouder in debat willen over de brief. Zij willen ingaan op zowel korte als lange leegstand en wat er mogelijk is qua invulling van leegstaande panden. Voor dit onderwerp is 90 minuten gereserveerd. De agenderende fracties zijn PvdA, GroenLinks, UtrechtSolidair, Denk, EenUtrecht, D66, VVD en het CDA. Hij geeft het woord aan de PvdA voor hun inbreng. De heer Stam (PvdA) geeft aan dat vastgoed voor de PvdA een middel is om maatschappelijke doelen te bereiken. Gemeentelijke panden die tijdelijk leeg komen te staan vallen daar net zo goed onder. Ze kunnen als overbrugging dienen voor maatschappelijke opvang, een voedselbank huisvesten of kansen bieden aan makers die het anders niet kunnen maken in onze stad. Toch is het tijdelijk leegstandsbeheer een pittige uitdaging voor onze gemeente. Het Didam-arrest en de Wet Markt en Overheid en onze eigen beleidsregels maken het echt niet makkelijk. De PvdA had gehoopt dat door de motie 290 uit te voeren maatschappelijke doelen konden worden gewaarborgd maar dat blijkt erg lastig te zijn. Daarom pleiten zij voor bruikleen-leegstandsbeheer van zes maanden tot en met een à twee jaar. Aan de wethouder wordt gevraagd of het mogelijk is om die twee jaar vol te maken, of is een jaar realistischer.

Als de gemeente dat bruikleenleegstandsbeheer kan doen is dat goed, maar als het bij een of meerdere andere partijen moet worden georganiseerd is dan akkoord mits het echt maatschappelijk is. Aan de wethouder wordt gevraagd hoe hierop gestuurd kan worden als dit door andere partijen wordt uitgevoerd. Kan er prioriteit worden gegeven aan bijvoorbeeld een voedselbank boven een weddingplanner? De heer Van Vliet (D66) vraagt of PvdA naar één of meerdere leegstandsbeheerders wil. De heer Stam (PvdA) antwoordt dat de voorkeur uitgaat naar meerdere leegstandsbeheerders, maar het is belangrijker dat het maatschappelijk is.

40

De heer Te Hoonte (VVD) vraagt wat voor de PvdA echt maatschappelijk is: wat in het bestemmingsplan staat of is dat aan andere kaders gebonden? De heer Stam (PvdA) antwoordt dat maatschappelijke opvang voor de PvdA bovenaan staat. Er moet een politieke afweging plaatsvinden over wat ‘maatschappelijk’ is. Voor de PvdA is niet alle 4

maatschappelijke invulling aan elkaar gelijk. Als er daklozen kunnen worden opgevangen in leegstaande gemeentepanden wil de PvdA dat gelijk doen.

5

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat dat niet het type vastgoed is waar het vandaag over gaat. Het gaat over wat maatschappelijk is: een zzp-er in de cultuur wel en een zzp-er in iets anders niet? De VVD vraagt waar die grens ligt en wie dat mag beoordelen. De heer Stam (PvdA) antwoordt dat hij daar in zijn betoog verder op zal ingaan. Het matchingsteam kan daar winst in maken. De heer H. Dijkstra (CDA) vraagt of de PvdA daar verdere regels aan wil stellen, of willen zij daarin aan het college beleidsvrijheid geven.

10

15

De heer Stam (PvdA) antwoordt dat hij daarin nog zoekende is. Zeker als er sprake is van meerdere leegstandsbeheerders. Daarom is deze vraag naar de wethouder geleid. De maatschappelijke doeleinden zijn voor de PvdA het meest belangrijk. De heer H. Dijkstra (CDA) geeft aan dat de motie oproept om het simpel te houden en de uitvoeringskracht daar waar het hoort te houden. Eerst moet worden bekeken of het lukt. Daarna kunnen nadere regels worden gesteld. Ziet de PvdA dat ook zo? De heer Stam (PvdA) antwoordt dat het relatief simpel kan zijn. Tijdens de coronapandemie vond bijvoorbeeld opvang in oud schoolgebouw plaats. Als het college dat mondeling kan toezeggen is dat akkoord. Als daarvoor een motie moet komen, dan zij dat zo.

20

25

Hij vervolgt zijn betoog met de opmerking dat in het verleden tijdelijk daklozen zijn opgevangen op de Maliebaan en in de Koploperstraat. Er is een strategische schil aan onderwijsleegstand. Aan de wethouder wordt gevraagd of het mogelijk is om een flexibele schil voor winter-/maatschappelijke opvang te realiseren. Verder vindt de PvdA dat bij het dienen van maatschappelijke doelen ook goed verhuurderschap hoort. Kan de wethouder bij langdurige leegstand ook langdurige contracten sluiten, en huurders aangehaakt houden bij nieuws over vertraging bij renovatie- of sloopprojecten? Daarmee kan aan huurders meer zekerheid worden gegeven in een nog onzekere woon- of leefvorm. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of daar ook bij hoort dat leegstaande gebouwen goed worden onderhouden.

30

De heer Stam (PvdA) antwoordt dat goed onderhoud daar inderdaad bij hoort. De situatie dat panden niet meer verzekerbaar zijn of volledig verkrot zijn moet worden voorkomen. Voor de PvdA is het principieel dat er goed verhuurderschap moet worden bewerkstelligd. De voorzitter geeft het woord aan GroenLinks voor hun inbreng.

35

40

45

De heer Dekkers (GroenLinks) zegt dat leegstand een risico is dat moet worden voorkomen. Leegstand biedt echter ook kansen. Voor ruimten die langer dan zes maanden leeg staan en korter dan 24 weken wordt met het vastgestelde ambitiedocument met activistisch leegstandsbeheer gewerkt. Motie 219 vraagt om een buurtgerichte aanjager die de latente vraag uit de buurt vervult en initiatieven uit de buurt met elkaar verbindt. De raadsbrief stelt voor om twee proefprojecten te starten maar gaat niet in op het aanjagen van buurtinitiatieven, terwijl het de indieners van de motie juist daarom gaat. GroenLinks vraagt de wethouder om binnen de pilots te zorgen voor de aanjaagfunctie. Ook wordt gevraagd of de wethouder bereid is om de panden Didam-proof beschikbaar te stellen aan de organisatie die vanuit de aanjaagfunctie gebruikers zoekt. Maakt de gemeente het zichzelf niet moeilijk door dit zelf te doen? De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) wijst erop dat de motie bijna drie jaar geleden is aangenomen, en pas nu voorstel voor proeflocaties wordt gedaan. Is GroenLinks niet bedroefd dat het zo lang heeft geduurd? De heer Dekkers (GroenLinks) antwoordt dat hij daarom verzoekt om aan de aanjaagfunctie te werken. GroenLinks ziet graag dat de motie uitgevoerd wordt. 5

De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt wat GroenLinks ervan vindt dat dit al bijna drie jaar duurt. De heer Dekkers (GroenLinks) heeft geen behoefte om daar een oordeel over uit te spreken. Hij wil graag dat het vooruit gaat. 5

De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) wil uitspreken dat dit veel eerder naar de raad had moeten worden gestuurd. Hij is verbaasd dat GroenLinks dit accepteert. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of GroenLinks voorstelt om het in een keer aan te bieden aan een commerciële vastgoedpartij. De heer Dekkers (GroenLinks) antwoordt dat GroenLinks voorstelt om het Didam-proof voor te leggen aan een partij die dit op maatschappelijke wijze kan doen.

10

15

De voorzitter merkt op dat UtrechtSolidair niet aanwezig is. Hij geeft het woord vervolgens aan Denk voor hun bijdrage. De heer Usta (Denk) wijst op logeerwoningen van woningcorporaties, bedoeld voor tijdelijk wonen als woningen worden gerenoveerd. Vervolgens kunnen ze lange tijd leegstaan. Aan de wethouder wordt gevraagd of hij kan toezeggen dat wordt onderzocht of deze logeerwoningen beter kunnen worden benut. Verder wil Denk aansluiten bij de PvdA en de VVD voor wat betreft het onderhouden van tijdelijk leegstaande gebouwen zodat die niet verwaarloosd raken. De voorzitter geeft het woord aan EenUtrecht voor hun bijdrage.

20

De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) geeft aan dat de motie drie jaar terug werd aangenomen. Nu is er een voorstel om op twee proeflocaties iets te gaan doen. Aan de wethouder wordt gevraagd of dit slechts een druppel op de gloeiende plaat is, omdat het zo lang duurt. Verder wil EenUtrecht weten wat de ambitie is na deze twee proeflocaties. Hangen daar nog twintig of dertig panden achter? De voorzitter geeft het woord aan D66 voor hun bijdrage.

25

30

De heer Van Vliet (D66) roept op om zo snel mogelijk verder te gaan met het uitvoeren van de motie. Zij zijn er niet van overtuigd dat de motie niet kan worden uitgevoerd zoals die er ligt en zijn bedroeft over de vertraging. Aan de wethouder wordt gevraagd of voor periodes langer dan een half jaar één of meerdere partijen worden geselecteerd die in staat zijn om maatschappelijk leegstandsbeheer te organiseren. In de motie staat expliciet dat er meerdere partijen moeten zijn. Kan college bevestigen dat het, ook op de langere termijn, gaat over meerdere partijen. Verder vraagt D66 waarom een pilot wordt uitgevoerd, terwijl daar in de motie niet om is gevraagd. De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt hoe belangrijk D66 het tempo vindt, en waarom zij daar niet meer nadruk op leggen. De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat er inderdaad tempo gemaakt moet worden als er vierkante meters leeg staan.

35

De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat het beschamend is dat het zo lang duurt. Zij vrezen dat er weer twee jaar moet worden gewacht voordat er een proeflocatie is gestart. De heer Van Vliet (D66) geeft aan dat er wat hen betreft in de vorige periode al gestart was met het uitvoeren van de motie.

40

De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt wat D66 bedoelt met meerdere partijen voor langer dan 6 maanden. Wilt u dat er meer partijen bezig zijn om initiatieven in één wijk bij elkaar te brengen. De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat dat niet logisch lijkt, maar wellicht dat het wel kan. Hoe dat precies vormgegeven moet worden, daarom vraagt de motie juist.

6

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat er al meerdere partijen actief zijn met tijdelijke contracten. Dit is dus één van de mogelijkheden. Aan D66 wordt gevraagd of zij binnen de tijdelijke verhuurders ook nog meerdere partijen willen. De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat zij niets meer dan in de motie staat willen. 5

De heer Te Hoonte (VVD) wil weten wat D66 ervan vindt dat de toenmalige wethouder er geen werk van heeft gemaakt. De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat het gaat om het college als geheel. Zij hadden dit inderdaad sneller moeten oppakken.

10

De heer Te Hoonte (VVD) vindt dat D66 het blijkbaar het hele college wil aanrekenen, in plaats van alleen hun eigen wethouder. Het is de VVD duidelijk hoe D66 in de race zit. De heer Van Vliet (D66) neemt daarvan akte. De heer H. Dijkstra (CDA) concludeert dat D66 vraagt om leegstandsbeheer door meerdere partijen met een verschillend profiel. Bij punt 2 staat dat voor periodes langer dan een half jaar één of meerdere partijen moeten worden geselecteerd. Het CDA vraagt wat er nu is afgesproken.

15

De heer Van Vliet (D66) zegt dat het gaat om punt 2 van het dictum. Volgens D66 is ervoor gekozen om het korte leegstandsbeheer door Ad Hoc Beheer te verlengen. D66 gelooft dat de buurt beter wordt bediend als het langdurige leegstandsbeheer met meerdere partijen gebeurt. De heer H. Dijkstra (CDA) verzoekt om aan de motie houden. De ruimte om één of meerdere partijen te kiezen is een uitvoeringskwestie waar de vakambtenaren over kunnen besluiten.

20

25

De heer Van Vliet (D66) merkt op dat over kostprijsdekkende huur nog een technische sessie volgt in het kader van cultureel vastgoed. De doelstelling om vastgoed in te zetten voor maatschappelijke doeleinden is op dit moment niet verenigbaar met kostprijsdekkende huur. Veel maatschappelijke initiatieven kunnen die kostprijsdekkende huur niet betalen. D66 vraagt aan de wethouder of er plannen worden gemaakt om delen van het vastgoed voor meer dan kostprijsdekkend te gaan verhuren, waardoor andere panden voor minder dan kostprijsdekkend verhuurd kunnen worden. De heer Stam (PvdA) vraagt of D66 ook de mogelijkheid ziet om bruikleencontracten te gebruiken. Bruikleenkosten liggen vaak lager en zijn dan wel betaalbaar voor culturele makers. De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat als dat een meer betaalbare optie is, dan is dat prima.

30

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat D66 het matchingteam blijkbaar niet wil. Hij concludeert dat D66 het in één keer bij een andere partij wil neerleggen en die de ruimte wil geven om met huurprijzen te schommelen, maar zij willen vervolgens ook meerdere partijen. Hoe wil D66 dat doen? De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat D66 de motie die er lag wil uitvoeren.

35

40

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat het voorstel vraagt om een ambtelijk matchingteam die de huurcontracten gaat afsluiten. De gemeente zou dan zelf moeten gaan schommelen met huurprijzen, die soms wel en soms niet kostprijsdekkend zijn. Dat mag niet volgens de wet en de afspraken die in de begroting staan. Dat mag wel als het in een keer verhuurd wordt aan een partij die het maatschappelijk vastgoed invult. Dat wil D66 echter niet, zij willen meer partijen. Dat maakt het heel complex. De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat het goed zou zijn om in kaart te brengen wat de landelijke regels zijn. Misschien moet er dan ook naar de begrotingsregels worden gekeken. De voorzitter geeft het woord aan de VVD voor hun inbreng. 7

5

10

15

20

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat de opgave in de gemeente zo groot is dat de VVD de ambtelijke organisatie niet wil belasten met elk tijdelijk verhuurcontract. Zij willen dat liever buiten de deur brengen met duidelijke kaders. Zij vrezen dat er een probleem is omdat het tijdelijke contract al is verlengd, waardoor het niet zomaar kan worden omgezet naar een contract voor een langere periode. Het zou goed zijn om alles dat tot twee jaar leegstaat in één keer buiten de deur gezet wordt bij een partij die daar dan invulling aan geeft. Aan de wethouder wordt gevraagd of dat kan en hoe dat kan worden opgelost. Is daarvoor een nieuwe motie nodig? De heer Dekkers (GroenLinks) hoort de VVD pleiten voor één partij. Onderkent de VVD dat kortdurende verhuur en net iets langere verhuur verschillende functies zijn en dus reden om het bij meerdere organisaties te leggen? De heer Te Hoonte (VVD) ziet als nadeel dat als gedacht wordt dat de verhuur een half jaar zal duren, en het wordt uiteindelijk langer, dan moet het van de ene naar andere verhuurder worden gebracht. Dat is complex. De VVD heeft dan liever twee partijen in de stad die dit mogen doen. De voorkeur van de VVD gaat naar afstoten als na twee jaar blijkt dat het pand niet nodig is. Als er na twee jaar een goede bestemming is gevonden zijn de plannen tenminste klaar en hoeft het pand niet weer twee jaar in de tijdelijke verhuur.

Processen kunnen worden uitgewerkt om binnen twee jaar naar een uitgewerkt plan te komen. Die processen kunnen zelfs worden gestandaardiseerd, wat het geheel ten goede zal komen. In de tijd dat een pand leeg staat moet de kwaliteit van het gebouw in ieder geval op het huidige niveau blijven. Het hoeft niet te verbeteren, maar minimaal onderhoud moet wel plaatsvinden. De VVD ziet dat dat niet gebeurt, waardoor het er belabberd uitziet. Aan de wethouder wordt een toezegging gevraagd dat dat soort panden niet meer worden aangetroffen in het eigendom van de gemeente. De voorzitter geeft het woord aan het CDA voor hun inbreng.

25

30

De heer H. Dijkstra (CDA) zegt dat leegstand niet acceptabel is. Het is lastiger geworden door het Didam-arrest. Het CDA vindt het fijn dat vanuit de juridische afdeling naar mogelijkheden in plaats van beperkingen wordt gekeken. Het Didam-arrest zorgt voor veel onrust onder de bevolking, omdat er veel tegengestelde belangen in zitten. Het CDA moedigt de wethouder aan om te blijven denken aan maatschappelijk belang. Aan de wethouder wordt gevraagd wanneer en hoe duidelijkheid wordt verstrekt over de dekking van de onrendabele top. Verder wil het CDA weten hoe het komt dat het zo lang heeft geduurd voordat er actie is ondernomen. Tenslotte vraagt het CDA naar de twee locaties die zijn geselecteerd voor de pilots. Welke zijn dat? De voorzitter geeft het woord aan de PvdD voor hun inbreng.

35

40

45

Mevrouw X. Minnaert (PvdD) geeft aan dat de term ‘antikraak’ vaak is gevallen in de voorbereiding van dit debat. De PvdD wil weten of het om het voorkomen van kraken gaat of om het voorkomen van schaarse ruimte, dus antileegstand in plaats van antikraak. Aan de wethouder wordt gevraagd of hij de visie deelt dat de doelen van een antikraakorganisatie niet stroken met dat waar de gemeente voor staat. Het duurt nog even voordat het contract afloopt. Daardoor is er nog voldoende tijd om uit te zoeken hoe het leegstandsbeheer moet worden ingevuld zonder antikraakorganisatie. De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat dit opeens een kraakdebat wordt. Het woord is door geen van de sprekers genoemd. Kraken is verboden per wet. Aan de Croeselaan is gemerkt dat de consequentie van het kraken is dat andere mensen geen huis hebben. Realiseert de PvdD zich dat ook? De voorzitter wijst erop dat dit debat gaat over verhuur van leegstaand vastgoed, niet over de kraakbeweging. Mevrouw X. Minnaert (PvdD) geeft aan dat haar punt meer gaat over hoe moet worden omgegaan met leegstandsbeheer en minder over kraken in de stad. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat de PvdD de enige is die het woord kraken in de mond neemt in het kader van het leegstandsbeheer. 8

Mevrouw X. Minnaert (PvdD) heeft het vaak gehoord tijdens de voorbereiding van dit debat, zowel tijdens de technische sessie als tijdens het bezoek. Zij gaat verder met haar betoog en vraagt of de wethouder zelf nog alternatieven ziet en zo niet, of hij bereid is om op zoek te gaan naar alternatieven. 5

De voorzitter geeft het woord aan Student & Starter voor hun betoog.

10

De heer Van den Enk (Student & Starter) vindt het belangrijk dat de gemeente bij langere korte leegstand, langer dan zes maanden, de selectie voor plaatsing van ondernemers en kunstenaars via één of meerdere instanties laat doen. Daarin onderscheiden zij het belang van de rol van de buurt. Dat moet worden meegenomen in de selectiecriteria. Tegelijkertijd wil Student & Starter ervoor waken dat er ook genoeg ruimte voor jonge ondernemers en creatieve makers. Zeker als je net op de arbeidsmarkt treedt is het vermogen van een starter niet zo groot. Aan de wethouder wordt gevraagd of hij ervoor kan zorgdragen dat een evenwichtige balans in de toedeling plaatsvindt. De voorzitter geeft het woord aan ChristenUnie voor hun inbreng.

15

20

25

De heer Van Straalen (CU) geeft aan dat CU zich aansluit bij de PvdA en GroenLinks over de inzet voor een maatschappelijke invulling bij langer leegstaande panden. Bij de praktijktoets wordt nu een afwegingskader gebruikt waarbij wordt gekeken naar de toegevoegde waarde van het initiatief. Aan de wethouder wordt gevraagd hoe die toegevoegde waarde precies wordt gemeten. De heer H. Dijkstra (CDA) merkt op dat dat uitvoering betreft. De motie roept op om het simpel te houden. De heer Van Straalen (CU) geeft aan dat hij met toegevoegde waarde doelt op de maatschappelijk waarde van het initiatief. Hij vervolgt zijn betoog met een vraag over het kort leegstandsbeheer. Dat wordt door Ad Hoc gedaan. Aan de wethouder wordt gevraagd wat er gebeurt als een pand toch langer leeg blijkt te staan dan zes maanden. Blijft het dan vallen onder het kort leegstandsbeheer of kan het dan ook onder tijdelijk beheer gaan vallen? De voorzitter besluit tot een korte schorsing. - Schorsing – De voorzitter geeft het woord aan de wethouder voor de beantwoording van de vragen.

30

35

Wethouder De Vries gaat als eerste in op de oproep om tempo te maken met de uitvoering van de motie. Anderzijds werd gevraagd of dit wel de manier is om dit uit te voeren. De motie is inderdaad aangenomen maar het is niet gratis want er is een onrendabele top. Door het Didamarrest is het nu moeilijker om de motie uit te voeren. In de brief wordt een voorstel gedaan om zo goed mogelijk uitvoering te geven aan de motie. De financiële speelruimte wordt er de komende jaren niet beter op, en er is nu eenmaal sprake van een onrendabele top. De doelstelling is om tempo te maken met een maatschappelijke invulling, dus daar gaat het college mee verder. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of de wethouder het verschil onderkent tussen het verhuren voor een half jaar en het verhuren voor een half jaar tot twee jaar. Dat zou namelijk als een broedplaats voor andere initiatieven kunnen gelden.

40

45

Wethouder De Vries antwoordt dat vooral moet worden gekeken naar de invulling. De grens van zes maanden is in de kern arbitrair. Die zes maanden worden nu voor bruikleen gebruikt. Dat wordt ingevuld door één partij, Ad Hoc. Er zijn daartoe initiatieven vanuit de wijk en creatieve initiatieven. Op de langere termijn kan worden nagedacht over een maatschappelijke invulling. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of daar een nieuwe motie voor nodig of is dit nu uitvoerbaar. Misschien die twee uit elkaar halen,

9

5

Wethouder De Vries antwoordt dat het contract voor kortdurend leegstandbeheer duurt op dit moment tot circa zes maanden. Het kan dus ook langer duren dan dat. Dat is via de aanbesteding afgesproken, dus dat kan niet zomaar worden aangepast. De PvdA vroeg ook naar de leegstandsreserve. Die voorziening is voor de komende twee jaar bestemd. Als de raad het op een andere manier wil moet daar een aanvulling op komen. De heer Te Hoonte (VVD) constateert dat het voor anderhalf tot twee jaar voorspelde leegstand moet worden aanbesteed. Daarin zou dan kunnen worden meegenomen dat een opdracht aan twee partijen wenselijk is.

10

Wethouder De Vries beaamt dat. Als antwoord op de vraag van de PvdA over het borgen van de maatschappelijke functie verwijst de wethouder naar het matchteam dat daarop stuurt. De heer Stam (PvdA) vraagt of het matchteam leidend is, of kan de raad daarvoor ook maatschappelijke suggesties doen?

15

Wethouder De Vries antwoordt dat bij grotere panden aan de voorkant goed moet worden nagedacht over invulling. Er moet een kader worden meegeven aan de externe partij die het beheer doet. Er kunnen ook wat kleine locaties zijn waarbij het matchteam sturing kan inregelen. De heer Stam (PvdA) vraagt wat het matchteam kan doen bij grotere panden. Als de externe partij zegt “we willen dit niet”, is het dan klaar of kan daar nog op gestuurd worden?

20

Wethouder De Vries antwoordt dat aan de voorkant heldere criteria moeten worden meegeven, zoals dat ook is gedaan bij kortdurend leegstandsbeheer. Hij gaat vervolgens in op de vraag over het realiseren van een flexibele schil, en geeft aan dat dat afhankelijk is van technische mogelijkheden. De heer Stam (PvdA) vraagt of er actief naar de mogelijkheid van een flexibele schil wordt gekeken.

25

Wethouder De Vries antwoordt dat deze vraag over het hier en nu gaat, terwijl naar de toekomst wordt gekeken. Hij geeft aan dat het, als het om grotere panden gaat, via een externe partij wordt geregeld en bij kleine panden via het matchteam. De heer Stam (PvdA) vraagt hoe dat wordt teruggekoppeld. Kan de raad daarin meegenomen worden?

30

Wethouder De Vries neemt dit terug en zal de raad informeren over de invulling bij kleinere en grotere panden, met meerdere partijen of niet. Daarover komt een raadsinformatiebrief in Q4. De heer Dekkers (GroenLinks) geeft aan dat de wethouder nu een onderscheid maakt tussen grote en kleine panden. Hoe verhoudt zich dat tot het onderscheid tussen korte en langdurige leegstand?

35

Wethouder De Vries antwoordt dat de geest van de motie wordt aangehouden. Hij geef daarbij de winstwaarschuwing dat het allemaal niet gratis is. Dit zijn vaak initiatieven die de kostprijsdekkende huur niet kunnen betalen. Dat is ook de reden dat de motie niet is uitgevoerd voor alle panden in de stad. Maatschappelijke invulling is bovendien breder dan dat. Het kan ook gaan over het zoeken van een plek voor zorgpartijen.

40

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat als het voor de periode na een half jaar tot twee jaar in de markt wordt gezet, het een aanbesteding wordt. Hij vraagt of het document daarvoor in vertrouwen kan worden voorgelegd aan de raad.

45

Wethouder De Vries zegt dat toe. Hij vervolgt met de beantwoording van de vragen en merkt op dat de gemeente ook een rol heeft in goed verhuurderschap. Huurders moeten goed worden meegenomen in het proces, met inachtneming van de ontruimingsbescherming. Het is belangrijk dat verwachtingen vooraf goed 10

worden meegenomen in de overeenkomst die wordt gesloten. Basaal onderhoud is daar een onderdeel van.

5

De heer H. Dijkstra (CDA) zegt dat het inderdaad wenselijk is om de leidraad voor de aanbesteding via de raad te laten gaan. Hij vraagt of het proces daardoor niet flink zal worden vertraagd. Wethouder De Vries antwoordt dat de raad dan meer in positie is, maar ook dat het dan inderdaad meer tijd kost. Er kan ook worden afgesproken dat college zal handelen in de geest van de motie en deze zal uitvoeren zoals nu met de raad wordt besproken.

10

De heer Dekkers (GroenLinks) geeft aan dat dit geen raadsvoorstel of raadsbrief hoeft te zijn, het kan ook informeer in een technische sessie. Wethouder De Vries zegt toe een technische sessie te organiseren. De heer Stam (PvdA) vraagt of bij goed verhuurderschap ook langere contracten worden meegenomen, zodat bij langere leegstand niet jaarlijks een contractvernieuwing hoeft plaats te vinden.

15

20

25

30

Wethouder De Vries zegt dat toe. Hij vervolg met de beantwoording van de vraag van GroenLinks over de borging van motie 219, over de buurtgerichte aanjager, in de pilots. De wethouder stelt voor om dit bij de kleinere locaties via het makelpunt te doen en bij de grotere via de partners. Daarbij moet het Didam-arrest worden meegenomen. Op de vraag van Denk over leegstaande woningen van woningcorporaties antwoordt de wethouder dat door de afdeling Wonen wordt onderzocht of die beter benut kunnen worden. Er is een aparte leegstandsaanpak voor corporaties. In Q2 wordt de raad geïnformeerd over de resultaten van die aanpak. Op de vraag van EenUtrecht of de twee pilots niet slechts een druppel op de gloeiende plaat is antwoordt de wethouder dat dit een onderzoek naar de selectie betreft. In totaal gaat het over om en nabij twintig panden, afhankelijk van de geschiktheid. Op de vraag van D66 over kostprijsdekkende huur antwoordt de wethouder dat dat nodig is om de onrendabele top te dekken. De wethouder geeft aan dat de vragen van het CDA en van de VVD inmiddels zijn beantwoord. De heer H. Dijkstra (CDA) vraagt wanneer er duidelijkheid komt over de dekking van de onrendabele top. Wethouder De Vries antwoordt dat dit afhangt van de leegkomende panden. Naar verwachting zal dat bij kostprijsdekkende huur om 50.000 tot 200.000 euro gaan.

De wethouder geeft aan dat de motie in de kern ongedekte is.

35

De heer H. Dijkstra (CDA) hoort de wethouder veel winstwaarschuwingen geven. Ziet hij het gebeuren dat dit gaat werken en dat dit uit meerdere potjes kan worden gedekt? Wethouder De Vries geeft inderdaad meerdere winstwaarschuwingen want de wereld is nu eenmaal veranderd sinds de motie is ingediend. Dat maakt het niet makkelijker. Er moeten keuzes worden gemaakt: wat doen we wel en wat niet in deze stad.

40

De heer H. Dijkstra (CDA) vraagt de wethouder om in beeld te brengen welke onderwerpen geschrapt moeten worden om dit te realiseren.

45

Wethouder De Vries antwoordt dat daarom het voorstel van het matchingsteam bij de kleinere panden is gedaan, zodat kan worden bekeken wat de onrendabele top daarbij betekent. Voor het beheer van de grotere panden wordt voorgesteld om een externe partij in te schakelen. De raad zal in Q4 worden geïnformeerd. Als de onrendabele top dan scherper in beeld is kan dan het debat daarover worden gevoerd. Hij gaat verder met de vraag van PvdD over het doel van leegstandsbeheer: voorkomen van kraak of gebruiken van schaarse ruimte. Volgens de wethouder heeft leegstandbeheer meerdere 11

doelstellingen. Hij geeft als voorbeeld de Croeselaan, waarbij de voorkeur is gegeven aan het huisvesten van mensen boven videobeveiliging. In die zin is dat antikraak. Het gaat over een zo effectief en doelmatig mogelijke van vierkante meters die zo hard nodig zijn. Dat kan door zoveel mogelijk maatschappelijke partijen gebruik te laten maken van die panden. 5

10

15

Mevrouw X. Minnaert (PvdD) zegt dat het gaat om de taal die wordt gebruikt als gemeente, niet alleen om de taal van deze wethouder. Wethouder De Vries begrijpt dat het gaat over kortdurend leegstandsbeheer. Hij zegt toe om daar scherp op te letten. Hij vervolgt met de beantwoording van de vragen van Student & Starter over het belang van de buurt. De wijkadviseurs nemen dit mee. Of er ruimte is voor jonge ondernemers en creatieve makers zal moeten blijken naar gelang het concept en naar gelang de buurt. Dat zal de praktijk uitwijzen. Op de vraag van CU over als het langer duurt dan zes maanden antwoordt de wethouder dat er gesproken wordt over ‘circa zes maanden’. Het kan dus ook langer duren. Over het meten van de toegevoegde waarde zegt de wethouder dat daar criteria aan worden gehangen als een bekende en betrouwbare partij, de waarde van het initiatief, hoe wordt het pand beheerst en welke voorwaarden worden daarover afgesproken. Over inhoudelijke punten zal een technische sessie worden georganiseerd. De voorzitter vraagt of er vragen zijn gemist in de beantwoording.

20

Mevrouw X. Minnaert (PvdD) vraag of de doelen van antikraak organisaties stroken met de doelstellingen van de gemeente. Wethouder De Vries verwijst naar het werkbezoek dat is afgelegd naar een van de panden, dat werd beheerd door Ad Hoc. De meeste aanwezigen waren daar enthousiast over, want er was een maatschappelijke invulling aan het pand gegeven. De link met kraken is niet gelegd.

25

30

Mevrouw X. Minnaert (PvdD) is van mening dat antikraak organisaties aan leegstand verdienen. Het doel van zo’n organisatie is niet om leegstand te voorkomen, maar om kraken te voorkomen. Dat is letterlijk gezegd tijdens het werkbezoek. Daar is een verschil tussen wat de gemeente wil, namelijk leegstand voorkomen, en wat die organisaties willen. Wethouder De Vries vindt dat PvdD de grens heel scherp legt. Beide doelen spelen mee. Hij verwijst naar het debat over de Croeselaan, waar krakers in gemeentelijke panden kwamen. Toen is toegezegd dat er voortaan mensen in die panden gehuisvest zouden worden omdat die panden zouden worden ingezet voor maatschappelijk gebruik. Dat is deels antikraak, maar het doel is maatschappelijk beheer van de panden. De voorzitter sluit het debat af en loopt de toezeggingen door.

35 Lijst van toezeggingen 1. In Q4 volgt een raadsbrief inzake invulling kleine/grote panden met daarin opgenomen gevolg, criteria, locaties, snelheid en de vragen van de PvdA. De voorzitter vraagt op welke termijn de technische sessie is gewenst. 40

De heer Stam (PvdA) is van mening dat eerst een raaduitspraak nodig is om af te wijken van de motie. De heer Te Hoonte (VVD) waardeert de strengheid waarmee het college kijkt naar moties. Hij heeft het idee dat er consensus is voor het opgaan van een andere richting en wil de raad daarmee niet belasten.

45

De heer Stam (PvdA) stelt voor om dit in februari in de raad te brengen, in maart een technische sessie te houden en voor de zomer een partij te selecteren. 12

Wethouder De Vries wil geen dingen toezeggen die hij niet kan waarmaken. Hij stelt voor om voor de zomer een technische sessie te organiseren en na zomer het vervolgproces in gang te zetten. De heer Te Hoonte (VVD) zou meer tempo willen. Hij stelt voor om met een voorstel naar de raad te gaan en binnen de commissie het vervolg te organiseren. 5

De voorzitter vraagt hoe de commissie verder gaat. De heer Stam (PvdA) denkt na over moties over heldere criteria met betrekking tot de maatschappelijke invulling van grotere panden, en misschien ook over een flexibele schil. Hij zal een agendering schrijven voor 29 februari. De voorzitter informeert welke partijen daarbij willen aansluiten. Dat zijn D66, CDA en VVD.

10

15

De heer Te Hoonte (VVD) zal een voorstel schrijven voor het deel zes maanden tot anderhalf jaar, zodat dat ook geconcretiseerd wordt. Wethouder De Vries merkt op dat een aanbestedingsprocedure minimaal 4 maanden in beslag neemt. Het proces van het maken van de afweging en de technische sessie moet eerst doorlopen worden, de aanbesteding kan pas daarna worden gestart. Als de raad de geest van de motie wil volgen kan er wel vaart worden gemaakt. De heer Te Hoonte (VVD) is van mening dat het een combinatie is: volg de geest van de motie en maakt vaart met de voorbereiding van de aanbesteding. Het borgen van het maatschappelijke deel is nog een vraagstuk. Als de conceptstukken er zijn, klaar voor het college om te besluiten, kan dat in de technische sessie worden voorgelegd.

20

De voorzitter rondt dit agendapunt af en besluit de vergadering kort te schorsen. - Schorsing – De voorzitter heropent de vergadering.

25

8 Raadsbrief Samenwerkingsafspraken gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties 2023-2026 en de nieuwe Leidraad sloop/nieuwbouw De voorzitter heropent de vergadering. Voor dit onderwerp is een behandeltijd van 90 minuten gereserveerd.

30

35

De heer Van der Zweth (PvdA) vindt het goed nieuws dat de prestatieafspraken er nu liggen. Er kan nog veel meer maar dit is een mooie stap naar de omslag naar echte volkshuisvesting. n de afspraken staan belangrijke uitgangspunten over betaalbaarheid, beschikbaarheid, duurzaamheid, dat sociale huur voortaan een corporatiehuur wordt zodat het permanent, betaalbaar met een redelijke verhuurder. Verduurzaming is belangrijk, zeker voor de sociale huurders die in tochtige schimmelwoningen zitten. Gebiedsgericht en daarmee buurtgericht werken zijn belangrijke punten in deze prestatieafspraken. Drie punten gaan de PvdA echt aan het hart. Ten eerste de stop op de verkoop van sociale huurwoningen. Goed dat deze stap is gezet. De heer Koning (D66) zegt dat de stop op de verkoop er volgens de brief niet komt. Daarin staat dat de corporaties in 2024 ruim 10 miljoen willen ontvangen om akkoord te gaan met deze stop op de verkoop. Wat vindt PvdA daarvan?

40

De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt er sowieso akkoord is gegaan met stop de verkoop in 2024. Dat is bij de RIB gezegd. Uit het onderzoek is gebleken dat die 10,6 miljoen een belachelijk bedrag is. Dat is een onredelijk verzoek want als de corporaties de woningen vijf jaar later alsnog 13

verkopen ontvangen ze het bedrag nog een keer. Wel moet samen worden bekeken hoe hiermee verder kan worden gegaan. Dat heeft het college ook toegezegd. De heer Koning (D66) zegt dat het in de brief heel duidelijk staat. Hij vraagt of de PvdA vindt dat de wethouder een heel slecht onderhandelingsresultaat heeft neergelegd bij de raad. 5

10

15

20

25

30

35

De heer Van der Zweth (PvdA) vindt het een goed resultaat, want stop de verkoop gaat dit jaar ook echt gebeuren. De corporaties vinden dat het 10,6 miljoen moet kosten, maar er staat ook dat er een onafhankelijk onderzoek gaat komen. Dat verzoek van 10,6 miljoen vindt de PvdA vreemd. Dan is het alsof die woningen nooit meer verkocht kunnen worden in de toekomst. De heer Koning (D66) leest dat echt heel anders. Hij vraagt hoe de wethouder dat heeft bedoeld. Hij leest ook dat het onafhankelijk onderzoek uitsluitsel zal maken over de compensatie in 2024 en 2025. Tijdens de technische presentatie van vorige week werd gezegd dat dat niet in dit onderzoek staat. Wat vindt de PvdA ervan dat dus nog steeds niet duidelijk is wat de compensatie moet kosten? De heer Van der Zweth (PvdA) zegt de corporaties geen openheid van boeken willen geven, waardoor de hoogte van de bedragen niet duidelijk is. Dat ligt niet aan het college. Het is duidelijk dat het compenseren van de verkoopprijs met de door de corporaties genoemde 10,6 miljoen niet moet gebeuren. Daarmee wordt namelijk geen rekening gehouden met het feit dat die panden later ook nog eens zou kunnen worden verkocht, waarbij de corporaties tot dat moment huur ontvangen. Daarover werd wel helderheid gegeven. Er werd ook aangegeven dat de meest logische stap zou zijn het compenseren van de rentelasten.

Dat zou drie à vier procent van 10,6 miljoen bedragen. Dat zijn heel andere bedragen. Die helderheid is er dus wel, ondanks dat de corporaties geen openheid van boeken willen geven. Mevrouw Meerding (VVD) hoort de PvdA heel stellig zeggen dat de verkoopstop er komt. Maar het enige dat is afgesproken is dat als er in 2024 10,6 miljoen wordt overgemaakt, pas dan zal er een verkoopstop komen. Over alternatieven kan worden gesproken maar daar hebben de corporaties zich op geen enkele manier aan verbonden. De VVD concludeert dat, ook als het over alternatieven gaat, een verkoopstop miljoenen zal gaan kosten. Waar gaat de PvdA dat van betalen? De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat er nu een verkoopstop is. Er zou een onderzoek komen naar hoe dat op een goede manier kan. Dat gaat niet vele miljoenen kosten. Als bekend was dat die verkoopprijs 10,6 miljoen zou zijn, dan kan worden berekend dat de rentekosten drie of vier procent van 10,6 miljoen bedragen. Dat zijn geen miljoenen. Dit is bovendien pas aan de orde als er wordt besloten tot financiële compensatie aan de corporaties. Het onderzoek heeft geen rekening gehouden met het nieuwe grondbeleid dat is aangekondigd, zonder de extra sociale huurwoningen die zijn aangekondigd, zonder de extra tijdelijke huurwoningen die zijn aangekondigd. Dat helpt de corporaties allemaal. De VVD loopt veel te veel vooruit.

40

Mevrouw Meerding (VVD) geeft aan dat de raad niet op de hoogte is gesteld van de kosten van het alternatief. Er kan dus geen discussie over plaatsvinden. Zij vraagt of de PvdA ook vindt dat er een blanco cheque wordt uitgeschreven de uiteindelijk door het college bij de Voorjaarsnota moet worden opgelost.

45

De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat in de brief staat dat met het onderzoek in de hand wordt bekeken waar corporaties in de knel komen. Er wel degelijk enige houvast is: drie of vier procent voor de vergoeding van de rentelasten geeft enige richting. Dat zijn geen miljoenen. Wellicht moet daar bij de Voorjaarsnota naar worden gekeken. Dat gesprek wordt dan gevoerd met het onderzoek in de hand. Mevrouw Meerding (VVD) zegt dat de PvdA het heeft over drie à vier procent. Dat is echter niet genoemd tijdens de RIB en staat niet letterlijk in het onderzoek. De informatie is er niet. Zij gelooft dan ook niet dat het wel goed komt. Zij verwacht dat het veel meer geld gaat kosten.

50

De heer Van der Zweth (PvdA) deelt de mening dat die informatie er niet is. Dat komt doordat de corporaties geen inzicht willen geven in hun boeken. De VVD haalt de hele tijd de 10,6 miljoen 14

aan en vindt dat wel een bewijs. Volgens de PvdA is dat niet correct. Hij rekent grofweg met de percentages die gebruikt worden in de markt. Hij weet het ook niet precies omdat die openheid niet is gegeven. 5

10

15

De heer Van Straalen (CU) zegt dat in de samenwerkingsafspraken staat dat stop de verkoop komt, mits de gemeente en de corporaties eruit komen hoe de compensatie eruit moet zien. Aan de PvdA wordt gevraagd wat er gebeurt als de gemeenten en corporaties er niet uitkomen. Met welke opdracht wordt de wethouder op pad gestuurd? De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat de 10,6 miljoen niet te hoog is, maar de manier van berekenen is niet juist. Daarmee wordt namelijk de verkoopprijs gecompenseerd van woningen die ze niet verkopen, maar wel in bezit houden. De corporaties ontvangen daar nog huurpenningen voor en ze kunnen ze later nog verkopen. Op die manier moet niet worden gerekend. De boodschap is dat men er samen uit zal komen. Het lid M. Minnaert (Bij1) hoort de PvdA meermaals zeggen dat zij de kosten niet willen betalen omdat de woningen later alsnog verkocht kunnen worden. Betekent dit dat de PvdA ervan uitgaat dat de stop op de verkoop tijdelijk is. De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat zij dat niet verwachten. Het is de manier van werken met het onderzoek. In dit geval wordt per jaar bekeken of het kan.

20

Het lid M. Minnaert (Bij1) is blij om dat te horen. Zij vraagt of PvdA ook voorstellen heeft om op lange termijn de bedrijfsvoering van corporaties om te gooien zodat verkoop überhaupt niet nodig is.

25

De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan dat hij daar in zijn betoog op zal terugkomen. Hij gaat verder met zijn betoog door aan te geven dat hij veel beleidsideeën heeft. Beleidsmatig moeten er nu al aanpassingen worden gedaan, bijvoorbeeld de bouw van meer sociale huurwoningen, de afmeting van de woningen aanpassen, tijdelijke woningen toevoegen, het grondbeleid aanpassen, vaker start bouw-impulsen geven. De heer Koning (D66) zegt dat het probleem juist is dat corporaties niet meer huizen zullen kunnen bouwen wanneer de sopt de verkoop er komt en er onvoldoende gecompenseerd wordt. Dat is besproken in de technische sessie: de aantallen te bouwen woningen zullen vanaf 2026 enorm afnemen als dit wordt doorgezet.

30

35

De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan dat een belangrijk signaal uit het onderzoek niet eens stop de verkoop is, maar dat de corporaties er nu achter komen dat de beloftes die ze hebben gemaakt over het aantal woningen sowieso heel moeilijk realiseerbaar worden. De belofte van 10.000 wordt niet gehaald. De aantallen van stop de verkoop zijn geneuzel in de marge. Met de beleidsmatige keuzes die de heer Van der Zweth zojuist opsomde kunnen de corporaties worden geholpen om dichter bij de aantallen te komen.

40

De heer Koning (D66) zegt dat hij het met de PvdA eens is dat er meer betaalbare huizen in de stad moeten komen. Volgens D66 lukt dat niet door een stop op de verkoop van huurwoningen te zetten. Voorheen was het beleid van het college om voor elke verkochte woning twee woningen terug te bouwen. Dan komen er dus per saldo meer woningen bij. Is de PvdA voorstander van zo’n beleidsregel? De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat dat inderdaad werd gezegd, alleen het lukte nooit. In de staatjes die voorbij zijn gekomen is te zien dat middenhuur stijgt en sociale huur tocht weer afneemt.

45

De heer Koning (D66) zegt dat de PvdA de informatie die in de technische sessie is verstrekt negeert. Over een aantal jaren zullen grote problemen ontstaan. Dat wenst D66 niet voor haar rekening te nemen. De heer Van der Zweth (PvdA) zegt dat uit de staatjes blijkt dat er maar één categorie afneemt, en dat zijn de sociale huurwoningen. Dat zijn de woningen die zijn gebouwd in de tijd dat er werd 15

gezegd “we verkopen één woning en we bouwen twee woningen”. Het alternatief dat D66 schetst gebeurde niet. Als het lukt om de corporaties goed te compenseren heb je uiteindelijk meer sociale huurwoningen. 5

De heer Van Straalen (CU) vraagt of de PvdA zegt dat de hoogte van de compensatie nog onduidelijk is, maar als er gecompenseerd wordt mag dat geen blanco cheque worden maar moet het worden gezocht in bepaalde beleidsmaatregelen. De heer Van der Zweth (PvdA) bevestigt dat. Er zijn veel knoppen waaraan kan worden gedraaid om de corporaties in positie te brengen en om te zorgen dat ze die aantallen wel halen. Als er wordt besloten tot geen verkoop kan de sociale huurvoorraad eindelijk eens groeien.

10

Het lid M. Minnaert (Bij1) vraagt of de PvdA voorstelt om nog kleiner te gaan bouwen. Klopt dat? De heer Van der Zweth (PvdA) ontkent dat. Het minimum is 65 vierkante meter. Wel kan dit worden toegepast om bouw die stokt weer op gang te helpen. Het nadeel is dat er iets kleinere woningen ontstaan, maar ze worden dan wel gebouwd en er zullen meer woningen worden gebouwd.

15

20

De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt hoe de gemeente tot het bepalen van de waarde komt om het verlies vast te stellen. Zonder dat dat bekend is de afspraak niet effectief. De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat er moet worden begonnen met draaien aan de beleidsmatige knoppen: actief grondbeleid, meer woningen bouwen, tijdelijke woningen, startbouw-impuls aanwenden, splitsen van woningen, optoppen etc. Dat helpt aan meer woningen. Als het uiteindelijk helemaal niet lukt om eruit te komen, dan moet je nooit de verkoopprijs compenseren. Dat zou heel vreemd zijn. De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) is van mening dat eerst moet de prijs worden bepaald en vastgelegd. De corporaties stellen 10,6 miljoen voor, daarop moet een tegenbod komen. Als dat er niet is kom je geen stap verder. Ziet de PvdA dat?

25

30

35

40

45

De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat je alleen bij stap 2 terecht kan komen als je over en weer weet wat die bedragen zijn. Dat moeten de corporaties met de gemeente delen. De afspraak is nu dat de stop de verkoop in gang is gezet. Er wordt gesproken over compensatie. Als dat niet doorgaat moet dat gesprek plaatsvinden. Dat kan alleen als die bedragen naar boven komen. De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat de verkoop niet zal worden gestopt als er geen afspraak is over de prijs die het kost. Hij vraagt wat de PvdA ervan vindt dat de gemeente zelf onafhankelijk onderzoek doet om tot een tegenbod te komen. Dat kan op basis van de Ortecrapportage. De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat in de brief staat dat er een pakket aan maatregelen nodig is om te bekijken hoe het verder kan. Het beeld van de PvdA is dat stop de verkoop nu al loopt en dat die volgend jaar weer moet worden bewezen. Of dat klopt zullen we straks van de wethouder horen. In de brief staat een pakket van maatregelen. Die lijst en de beleidsknoppen die zojuist zijn genoemd zijn de eerste en de belangrijkste. Daarna volgt heel lang niet, en als het dan nog knelt is een vergoeding van de rentekosten bijvoorbeeld een hele mooie manier om heel veel woningen toe te voegen. De corporaties kunnen dan bouwen wat ze konden bouwen en houden ook nog 100 of 140 woningen in bezit. Hij gaat verder met zijn betoog.

De sloop-nieuwbouw-leidraad wordt nee, tenzij. Dat is van groot belang. De huurder moet centraal staan. De sloopwoede die deze stad kende heeft gentrificatie in de hand gewerkt. Op papier mogen mensen altijd terugverhuizen, maar slechts vijftien tot twintig procent doet dat. De huurdersvertegenwoordiging is nog niet betrokken in dit vroege stadium. Aan de wethouder wordt gevraagd of dat niet nodig is. Bij stap 1 in de Leidraad gaat het om de sociale structuur van de wijk. Aan de wethouder wordt gevraagd of het dan niet over de huidige bewoners moet gaan. Over de schimmelexpert zegt de PvdA dat deze zo snel mogelijk van start moet gaan. Er zijn veel plekken waar mensen in schrijnende situaties zitten. De voorzitter geeft het woord aan GroenLinks voor hun betoog. 16

5

De heer Zwanenberg (GroenLinks) zegt dat de wooncrisis voort duurt. Er zijn in Utrecht nog steeds te weinig betaalbare woningen ondanks de jarenlange inspanning van de gemeente in samenwerking met de woningcorporaties. Mede daardoor heeft GroenLinks reikhalzend uitgekeken naar deze nieuwe Samenwerkingsafspraken. Er staan mooie afspraken in, maar er moet een fikse inspanning komen om de gestelde nieuwbouwdoelen te halen. Het aandeel sociale huur moet in de stad flink vergroot worden. Het is mooi dat in het coalitieakkoord is afgesproken dat 40 procent van alle nieuwbouw sociale woningbouw moet zijn. We zijn blij met de focus op het wegwerken van de lage energielabels en het opknappen van slechte woningen. Iedereen die in een sociale huurwoning woont heeft recht op een goede woning.

10

Het lid M. Minnaert (Bij1) vraagt of de 40 procent sociale woningbouw voldoende is voor GroenLinks.

15

20

25

De heer Zwanenberg (GroenLinks) antwoordt dat dit in het coalitieakkoord staat. GroenLinks vindt dit een mooi uitgangspunt. Hij gaat verder met zijn betoog. GroenLinks is blij met een onafhankelijk schimmelexpert, maar vindt het wel ongemakkelijk dat corporaties dat niet zelf doen. De extra inzet op studentenwoningen juicht GroenLinks toe. Betaalbaarheid is ook belangrijk, helemaal omdat de woonquote van huurders van 2009 tot 2021 is gestegen van 31,5% naar 33,2%. In diezelfde tijd is de woonquote voor woningeigenaren juist gedaald. In 2022 is er bij de landelijke prestatieafspraken voor gekozen om de maximale huurverhoging per jaar te koppelen aan de cao in plaats van aan de inflatie. Men verwachte een grote inflatiegolf maar er kwam juist een loongolf. Het zou kunnen leiden tot een stijging van de huurprijzen. Aan de wethouder wordt gevraagd of het niet verstandiger zou zijn om het huurprijsbeleid aan de inflatie te koppelen. Voor wat betreft stop de verkoop meldt de heer Zwanenberg dat het in het coalitieakkoord staat. GroenLinks is blij dat stop de verkoop op 1 januari is ingegaan. Dat is gecheckt bij de corporaties in Utrecht, waaruit is gebleken dat er nu inderdaad geen woningen te koop worden aangeboden.

Mevrouw Meerding (VVD) vraagt of GroenLinks zich ervan bewust is dat er in het coalitieakkoord geen bedrag voor is vrijgemaakt, en dat GroenLinks en PvdA altijd hebben gezegd dat het niets zal kosten.

30

35

De heer Zwanenberg (GroenLinks) antwoordt dat het heel logisch is dat bij een aantal dingen later wordt bekeken wat voor weerslag het heeft. De verhuurdersheffing is afgeschaft, maar het voordeel daarvan is nihil. Er is een rapport waarmee verdere stappen kunnen worden gezet, maar stop de verkoop is per 1 januari ingegaan. Mevrouw Meerding (VVD) is het ermee eens dat het per 1 januari is ingegaan, maar door de corporaties is de voorwaarde gesteld dat er bij de Voorjaarsnota 10,6 miljoen moet worden vrijgemaakt. De heer Zwanenberg (GroenLinks) vindt dat de VVD het stuk selectief leest. Er staat een stimuleringspakket. De 10,6 miljoen wordt door de corporaties zelf genoemd, daar gaat nog over onderhandeld worden.

40

45

Mevrouw Meerding (VVD) vindt eerder dat GroenLinks het stuk selectief leest. De VVD ziet ook het stimuleringspakket en ruimte om met elkaar in gesprek te gaan. De 10,6 miljoen is misschien niet de enige optie. De corporaties hebben nog niet gezegd wat de andere opties dan zijn. Het is ook niet bekend wat de andere opties dan kosten. De stop wordt niet zomaar doorgevoerd, de gemeente moet daarvoor eerst in de buidel tasten. De heer Zwanenberg (GroenLinks) geeft aan dat Ortec stelt dat de compensatie lastig is vast te stellen. Fijn dat de VVD ook ziet dat een stimuleringspakket nodig is. Het college heeft aangegeven dat ze in onderhandeling gaan met de corporaties met het Ortec-rapport. Ondertussen is stop de verkoop ingegaan. De heer Koning (D66) zegt dat duidelijk is geworden dat de stop op de verkoop geen gratis maatregel is.

17

De heer Zwanenberg (GroenLinks) geeft aan dat GroenLinks nooit heeft gezegd dat het gratis is. De corporaties hebben zelf aangegeven dat verkoop nodig was vanwege de verhuurdersheffing. Het is evident dat als je een woning niet verkoopt, dan heb je het geld niet. 5

De heer Koning (D66) zegt dat het dus logisch is dat corporaties daarvoor financieel gecompenseerd willen worden. Wat vindt GroenLinks daarvan? De heer Zwanenberg (GroenLinks) antwoordt dat in het coalitieakkoord staat dat er wordt gestopt met de verkoop van sociale huur. Daar staat niet bij “behalve als er andere maatregelen nodig zijn”. Daar staat ook de handtekening van D66 onder. De heer Koning (D66) zegt dat er ook geen enkele dekking voor die maatregel is.

10

15

20

De heer Zwanenberg (GroenLinks) merkt op dat de handtekening van D66 er nog steeds onder staat. Hij gaat verder met zijn betoog en geeft aan dat wat GroenLinks betreft elke sociale huurwoning die verkocht wordt er een teveel is. Bovendien staan veel van de verkochte woningen in wijken waar het aandeel sociale huur al laag is. GroenLinks is blij met het onafhankelijk onderzoek van Ortec maar het maakt niet inzichtelijk welke corporaties in de knel komen. Dat is jammer. Het is teleurstellend dat de corporaties niet met open boek willen onderhandelen. Dat wordt ook aan ontwikkelaars gevraagd en zij staan dat wel toe. Voor wat betreft de voorgestelde scenario’s zegt Ortec al dat het lastig om objectief vast te stellen. Het maakt ook uit voor hoe lang je het doet. Wat GroenLinks betreft langer dan 3 jaar. Het effect dat ontstaat als corporaties meer in positie worden gebracht is niet meegenomen. GroenLinks is van mening dat er meer mogelijkheden zijn dan alleen het trekken van de portemonnee. De heer G. Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of het niet onaanvaardbaar is dat er geen inzicht in de boeken is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=467f8fb8-a7b8-4e00-8125-8e4dd7964904