2022.09.22 Gemeente Utrecht - Commissie Ruimtelijke ontwikkeling Grondzaken en Vastgoed 11662.docx
Tekst van het document
10
Wethouder Eerenberg vertelt dat deze budgetten niet samengevoegd zullen worden. Rijnenburg zal worden toegevoegd in de oplegger bij de RSU. Ook na 2040 komen er nieuwe inwoners in Utrecht. Daarvoor staan de eerste 25.000 woningen al in de planning in Rijnenburg. Het zal een enorme opgave worden om de doelstelling van 2040 te halen. Vanuit D66 is de vraag gekomen over het proces in relatie tot de RSU waarin Rijnenburg wordt opgenomen.
15
Dit is volgens wethouder Eerenberg een tweesporenbeleid. U krijgt aan het einde van het jaar oplegger op de RSU waar Rijnenburg aan toegevoegd wordt als te ontwikkelen plan. Daarnaast wordt een Rijnenburg proces doorlopen wat begint met gesprekken met de grondeigenaren, dan de uitgangspunten etc. etc.
20
D66 heeft een oproep gedaan om de aantallen te behalen die in de RSU zijn afgesproken en niet de toekomstige woningen in Rijnenburg te salderen met de binnenstedelijke woningen. Wethouder Eerenberg zegt toe dat dit precies is wat het college voorstaat.
25
30
35
40
45
50
De heer Stellinga (CDA) vraagt of er werkelijk 13 jaren nodig zijn voor de planvoorbereiding en of er niet eerder begonnen kan worden aan de bouw? Wethouder Eerenberg legt uit dat gezien de locatie en de complexiteit van het project, alleen de planvorming al minimaal 10 jaar duurt. Het wordt hard werken om 2035 planologisch te halen. Belangrijk is om een verstandige volgorde te bepalen zodat woningen gerealiseerd worden waar het ook daadwerkelijk mogelijk is. Bovendien is Rijnenburg in een bepaalde volgorde gezet omdat, wanneer je fietst vanaf het station, je langs allerlei plekken komt waar je eerder woningen kunt realiseren. En er moet geen concurrentie komen ten opzichte van Rijnenburg, of dat er ruimte braak blijft liggen, met consequenties voor omwonenden. Er is gekozen voor een volgorde waarbij je zo snel mogelijk woningen kunt realiseren waar het ook snel kan. De heer Stellinga (CDA) vraagt of het een politieke keuze is om Rijnenburg als laatste in de prioritering te zetten? Ten tweede vraagt hij of het binnen deze collegeperiode in ieder geval onomkeerbaar zal zijn dat Rijnenburg woningen krijgt? Wethouder Eerenberg bevestigt dat deze keuze zeker politieke is, opgenomen in het coalitieakkoord. Maar hij vindt het ook een logische keuze om zo de stad zo verstandig mogelijk te ontwikkelen.
Ook gezien de lange periode die nodig is om Rijnenburg te ontwikkelen vindt hij deze prioritering logisch en verstandig. Planologisch gezien kan de wethouder niet bevestigen dat er onomkeerbaar keuzes gemaakt worden op dit moment. Er zal geen vastgesteld bestemmingsplan zijn aan het einde van deze vier jaar. Die ambitie is te groot. Maar een oplegger in der RSU, waar u hopelijk een raadsmeerderheid voor geeft is wel mogelijk. Evenals plannen maken en afspraken voorbereiden met het rijk en met ontwikkelaars. Daarvan terugkomen is niet uitgesloten maar zou wel ingewikkeld zijn. De heer Stellinga (CDA) benadrukt dat het CDA het politiek oneens is met de gekozen volgorde en bedankt de wethouder voor de beantwoording. Pagina 19 van 24
5
Wethouder Eerenberg begrijpt dat GroenLinks heeft aangegeven dat zij de voorkeur zouden hebben gegeven aan groen Rijnenburg. Ook deed GroenLinks een oproep om de ontwikkeling klimaatadaptief te doen, laat het gebied aansluiten bij groenstructuren, regel de fiets- en OVstructuren. Dit zijn zaken die de wethouder uit het hart gegrepen zijn. Vanuit de PVV is de vraag gekomen of er niet sneller gestart kan worden? Hierover is inmiddels genoeg gezegd. De PVV heeft voorgesteld om te beginnen met bussen in plaats van de tram.
10
Wethouder Eerenberg legt uit dat ervoor gekozen is om dit in één keer goed te doen. Dat is ook verbonden met wat je in de Merwedekanaal- en A12-zone wilt doen. Het aanleggen van een bus infrastructuur kost veel tijd en geld, en dit daarna transformeren naar een tramstructuur is eveneens kostbaar.
15
Mevrouw Bode (Volt) vraagt of het mogelijk is om bij de ontwikkeling aan de randen van de wijk te beginnen met het bouwen van huizen en iets te doen met deelauto’s? Wethouder Eerenberg vertelt dat hiervoor is nog geen strategie ontwikkeld is. Dit hangt onder meer van marktpartijen af. Bovendien is geleerd uit het verleden dat indien je meteen de OVinfrastructuur goed wilt doen, dan moeten de huizen dientengevolge komen op de plekken waar die infrastructuur is aangelegd. Er kan nog overlegd worden of het mogelijk is om iets tijdelijks te doen. Het college wil echter voorzichtig zijn met tijdelijke infrastructuur omdat de ervaring is dat dingen die er tijdelijk liggen uiteindelijk heel structurerend zijn. Mevrouw Bode legt uit dat het juist de bedoeling is bij het bouwen vanuit de randen, dat daarvoor het OV niet nodig is. Zo keer je de volgorde om en komt eerste de niet compacte bebouwing en later de compacte bebouwing waarvoor juist de OV-ontsluiting nodig is.
20
25
Wethouder Eerenberg denkt dat dit klopt maar vreest voor congestie in het verkeer wanneer veel mensen zich vanaf die locatie met de auto gaan verplaatsen. 30
35
Mevrouw Bode (Volt) vertelt dat het rapport weergeeft dat bij de bouw van een klein aantal woningen aan de randen geen druk ontstaat op het verkeer. Wethouder Eerenberg reageert dat dit afhangt van de definitie van kleine aantallen. Maar dit zou wellicht in de strategie kunnen worden opgenomen. Hij stelt echter wel dat het onmogelijk is om een groot aantal huizen van de buitenste naar de binnenste randen te bouwen. Mevrouw Bode (Volt) heeft verzocht om te verkennen of er versneld kan worden. Wethouder Eerenberg is hier eerder in de vergadering al op in gegaan.
40 De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft gevraagd of er iets anders op de locatie van de windmolens zou kunnen komen als de plannen veranderen, zoals de functie wonen. 45
Wethouder Eerenberg stelt dat het college enorm veel belang hecht aan de plaatsing van windmolens op deze locatie. De stad heeft een been bij te zetten, ook qua draagvlak voor allerlei andere bewegingen in de regio. Verder is de bodem in het noordelijk gebied beroerd om op te bouwen. Het is hier heel erg drassig. Hij ziet daarom niet veel andere mogelijkheden voor die specifieke plek. Wat zou passen bij dat bodemgebruik is recreatie, natuur of sport. Woningen op die plek zou onverstandig zijn.
50 Mevrouw Oudejans (Student&Starter) vraagt of er in Rijnenburg een roeibaan aangelegd kan worden? Pagina 20 van 24
De heer Eerenberg vertelt dat de noordkant van Rijnenburg een locatie is waar het aanleggen van een roeibaan mogelijk zou kunnen zijn. Maar dit is niet de enige mogelijke locatie in de locatie. Er is nog geen beslissing over genomen en het is een voorziening waar budget voor moet worden vrijgemaakt. 5
10
15
Mevrouw Oudejans (Student&Starter) vraagt of er meer tramhaltes zouden kunnen worden aangelegd? Wethouder Eerenberg verwijst naar motie 152 en legt uit dat de snelheid van de tram lager wordt naarmate er meer haltes aan het traject worden toegevoegd. Dit maakt de tram minder aantrekkelijk. Er moet wel een ondersteunend systeem van fietsen of bussen zijn als de haltes ver uit elkaar liggen. Dit is in ieder geval iets waar in het mobiliteitsonderzoek aandacht aan wordt besteed. Vanuit de partij Denk komt de vraag of dit de woningvoorraad is volgens het huidige coalitieakkoord? Wethouder Eerenberg bevestigt dat dit een nieuw plan betreft volgens het coalitieakkoord. Vanuit de partij Denk wordt gevraagd of er standaard zonnepanelen op de huurwoningen komen?
20
25
30
Wethouder Eerenberg vertelt dat dit zeker het uitgangspunt is in het kader van energieneutraal bouwen. Het is echter niet duidelijk of elke woning een zonnepaneel zal hebben in 2035. Wie weet zijn er tegen die tijd andere technologische innovaties. Ook vraagt de partij Denk of er plekken komen voor auto’s? Wethouder Eerenberg zegt toe dat er plekken komen voor auto’s maar wel met een hele lage parkeernorm. Je zult er zeker kunnen komen en kunnen wonen als je een auto hebt. Denk echter aan een centrale parkeeroplossing, hubs en lage parkeernormen, omdat dit heel veel kwaliteit in het gebied oplevert. De heer Van Heuven (PvdD) vindt dat de mens wel erg centraal staat in dit plan. Is het mogelijk om optimaal rekening te houden met dieren? Komen er vluchtroutes voor dieren als er gebouwd gaat worden?
35
Wethouder Eerenberg stelt dat we nog niet zover zijn, maar uiteraard zal er maximaal rekening gehouden worden met dieren. Dat past ook in de traditie van de stad. Maar in alle eerlijkheid, er gaat ook gewoon een woonwijk gebouwd worden. Het is niet mogelijk om alles te voorkomen wat daarmee samenhangt. Maar de wethouder zegt toe om hier maximaal rekening mee te houden.
40
De heer Van Heuven (PvdD) vertelt dat dit in Leeuwesteyn niet goed is gelukt. Daar zijn talloze dieren in de knel gekomen en doodgereden. Hij vraagt zich af of in het genoemde startdocument een eerste schets zou kunnen worden opgenomen over de huidige ecologie in het gebied en de mogelijke ecologie in het toekomstige gebied. Zo krijg je een mooi overzicht van het rood in het gebied maar ook wat we groen kunnen gaan doen. Zoiets is ook gedaan met het uitnodigingskader voor Rijnenburg. Daar is het gelukt om ecologie goed mee te nemen. Kan de wethouder toezeggen om dit ook in het startdocument op te nemen?
45
50
Wethouder Eerenberg durft niet te zeggen of het precies zo zal gaan als de heer Van Heuven nu voorstelt en of er een nulmeting gedaan zal worden. Een nulmeting voor zo’n groot gebied is omvangrijk. De wethouder kan echter wel toezeggen dat in de volgende stappen die gezet zullen worden, de harmonie en groen van goede kwaliteit, principes als jaar-rond-nectar uitgangspunten kunnen vormen. De bouw van 25.000 woningen zal desondanks effecten hebben op de natuur.
55
De heer Van Heuven (PvdD) reageert dat dit precies de reden is waarom PvdD tegen deze woonwijk is. Maar hij zou het zeer op prijs stellen als in het startdocument een schets kan worden opgenomen van de dieren en planten die nu in het gebied aanwezig zijn, evenals de kansen voor nieuwe biodiversiteiten. Wethouder Eerenberg kan goed leven met het woord schets en zegt toe deze te zullen Pagina 21 van 24
verwerken. De heer Van Heuven (PvdD) vraagt of de wijk energie-positief kan worden. 5
10
15
20
Wethouder Eerenberg durft dit nu nog niet te zeggen omdat dit afhangt van de relaties laagbouw en hoogbouw. Hoogbouw is heel efficiënt, door materiaalgebruik en het delen van voorzieningen. Maar energetisch blijkt het soms een uitdaging. Hoewel hij de ambitie ondersteunt durft hij dit nu niet toe te zeggen. Het biedt kansen dus laten we hiernaar streven. Er moeten nog veel studies gedaan worden. De vraag is ook wat een definitie is van een energie-positieve wijk. Moet de bebouwing zelf energie opwekken? Of gaat het om de hele polder inclusief windmolens en eventueel een zonnepark? De heer Claasen (GroenLinks) vraagt of het helder is voor het college, met zoveel verschillende insteken, binnen welke contouren verder ontwikkeld zal worden? Wethouder Eerenberg ziet dat er voor nadere uitwerking nog enkele debatten nodig zullen zijn. Daarom wil hij eerste met de grondeigenaren in gesprek om de uitgangspunten op te kunnen stellen. Vervolgens wil hij dit uitvoerig met de raad bespreken en hecht er belang aan dat iedereen betrokken blijft. De uitgangspunten zullen altijd in contrast met elkaar zijn, dat kent u ook van andere plannen. Vervolgens vraagt de heer Claasen (GroenLinks) of in de gesprekken met eigenaren het belang van de raad maatgevend zal zijn, of zijn de eigenaren sturend?
25
35
Wethouder Eerenberg vertelt dat hij begint met de kaders die de raad aan het college heeft gegeven, dus in dit geval met welk scenario we beginnen. Stel dat de grondeigenaren de voorkeur geven aan volbouwen van noord tot zuid, dan wordt het een kort gesprek want dat gaan we niet doen. Maar hoe gedetailleerder het gesprek wordt, hoe ingewikkelder het wordt. Vragen als wat komt waar en hoe ziet de groenstructuur eruit, komen dan aan de orde. Getracht wordt om in gesprekken met de eigenaren nader tot elkaar te komen en een samenwerkingsvorm te vinden. De gemeente moet de lijnen uitzetten. Het is uiteindelijk een publieke taak om een goede wijk te ontwikkelen. Wij moeten de goede uitgangspunten neerzetten. Daar beginnen we nu mee maar daar is dit debat onvoldoende voor. We moeten elkaar vaker spreken. Maar wat de wethouder betreft wordt het wat en hoe met de raad besproken. Daarna wordt aan marktpartijen gevraagd hoe zij dat kunnen waarmaken.
40
De heer Te Hoonte (VVD) denkt dat de wijk zodanig groot wordt dat er ook op buurtniveau gedacht zal moeten worden. Het lijkt nu alsof de uitgangspunten over de hele wijk Rijnenburg zullen worden uitgerold. Ziet de wethouder dit ook zo? In welke fase zal hier wat meer aandacht aan besteed worden?
30
45
50
Wethouder Eerenberg gaat niet uit van één uitgangspunt voor de hele wijk. Uiteraard zijn er verschillende buurten, straten en woonmilieus. De wethouder onderschrijft de analyse van de heer Te Hoonte. De uitgangspunten zullen uiteindelijk fijnmaziger worden. Het lijkt hem ambitieus dat het aankomende document al uitgangspunten op buurtniveau bevat, maar wel in bandbreedtes en vlekkenplannen. Kijk naar de stappenplannen van Leidsche Rijn. In dat plan zie je hoe het steeds fijnmaziger wordt. De heer Stellinga (CDA) vraagt of de wethouder inschat dat hij eruit komt met de grondeigenaren als het gaat om de windmolens? Wethouder Eerenberg ziet niet in waarom dit een probleem zou opleveren, kijkend naar wat er buiten aan de hand is. Het is toch logisch dat grondeigenaren hier iets aan bij willen dragen?
55
De heer Stellinga (CDA) ziet dat er in het coalitieakkoord iets staat over onteigening. Is dat iets Pagina 22 van 24
dat achter de hand gehouden wordt?
5
10
Wethouder Eerenberg denkt dat het stellen van dit soort vragen in dit debat, het gesprek direct op scherp zou zetten. Hij wil eerst horen hoe alle partijen erin staan. Hij vindt nogmaals dat we allemaal een verantwoordelijkheid om een been bij te zetten op het gebied van duurzaamheid. Dit geldt ook voor private partijen en de wethouder denkt dat grondeigenaren het hiermee eens zullen zijn. Er zijn ook combinaties te maken. Zo zou hij het gesprek willen beginnen. De heer Stellinga (CDA) vraagt of de wethouder van mening is dat de oplossing van de klimaatlossing alleen maar kan plaatsvinden in Rijnenburg? Wethouder Eerenberg denkt dit niet maar vindt niets doen in Rijnenburg ook geen optie. Iedereen moet bijdragen, ook Rijnenburg.
15
20
De heer Koning (D66) stelt dat we de provincie en rijk nodig hebben om het plan van deze nieuwe stadswijk te laten slagen. Is het college bereid om de raad op de hoogte te houden over de positie van de provincie? Wethouder Eerenberg vindt dit een goede suggestie. Er komt voor het einde van het jaar een Rijnenburg brief, integraal met onder meer de kalender. Hij zegt toe hierin op te nemen wat partners zoals de provincie en het rijk hiervan vinden.
10. Rondvraag De voorzitter vraagt of de agenderende fracties met deze bijeenkomst het doel bereikt hebben, of dat er leden zijn die nog een raadsbespreking willen. 25
30
De heer Te Hoonte (VVD) reageert dat hij hierover met zijn fractie overleg wil plegen. Hij denkt dat de brief die gaat komen een goed punt is maar hij is bezorgd over de twee trajecten die hij ziet ontstaan, waarbij het energielandschap doorgaat in de ingeslagen weg terwijl er hier toch bijgesteld wordt. Als dit in die brief bij elkaar komt dan heeft de heer Te Hoonte geen behoefte aan raadsbespreking, maar anders wil hij juist dat dit spoedig plaatsvindt. Wethouder Eerenberg heeft hier nog geen reactie op.
11. Sluiting 35
De andere fracties hebben geen behoefte aan een raadsbespreking. Dit vaststellende beëindigt de voorzitter dit debat om 15:01 uur. Na de schorsing zal de vergadering overgaan in een besloten technische bijeenkomst ROGV inzake Magazijn de Zon.
Lijst van Toezeggingen 40
45
Wethouder Eerenberg zegt met betrekking tot agendapunt 9, Raadsbrief Ontwerpstudie Rijnenburg, toe: • dat er integraal naar Rijnenburg gekeken zal worden. Hierbij worden alle factoren meegenomen om te voorkomen dat toekomstige gewenste ontwikkelingen niet per ongeluk onmogelijk gemaakt worden. Het blijft echter een belangenafweging. • dat het college voorstaat om de aantallen te behalen die in de RSU zijn afgesproken en niet de toekomstige woningen in Rijnenburg te salderen met de binnenstedelijke woningen. • om tijdens de bouw maximaal rekening te houden met het belang van dieren. De bouw van 25.000 woningen zal desondanks effecten hebben op dieren. • dat er plekken komen voor auto’s maar wel met een hele lage parkeernorm. Je zult er zeker kunnen komen en kunnen wonen als je een auto hebt. Denk echter aan een centrale Pagina 23 van 24
• 5 • •
parkeeroplossing, hubs en lage parkeernormen, omdat dit heel veel kwaliteit in het gebied oplevert. dat in de volgende stappen die gezet zullen worden, de harmonie en groen van goede kwaliteit, principes als jaar-rond-nectar uitgangspunten kunnen vormen. De bouw van 25.000 woningen zal desondanks effecten hebben op de natuur. om in het startdocument een schets op te nemen van de dieren en planten die nu in het gebied aanwezig zijn, evenals de kansen voor nieuwe biodiversiteiten. om in de informerende brief Rijnenburg die einde dit jaar verwacht wordt op te nemen wat het standpunt is van partners zoals rijk en provincie.
Pagina 24 van 24