CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

1e raadsvergadering 23 januari 2025

Gemeenteraad 20 februari 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen raadsvergadering 23 januari 202534.716 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

bekend waar die bouw komt. Door nu uit te spreken dat deze wilgen ontzien worden, kan de bouw hierop aangepast worden.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) merkt op dat er enorme zandpakketten komen, waardoor de bomen in een kuil zouden verdwijnen. Dat maakt de situatie heel lastig.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) antwoordt dat er daarom in de overwegingen staat dat wat er met het

grondwater gebeurt of met eventuele ophogingen rekening gehouden moet worden met wat die monumentale wilgen aan leefomstandigheden nodig hebben.

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt het mooi dat de eerste stappen voor bouw in Rijnenburg worden gezet. De inzet van de PvdA is een betaalbare, leefbare en duurzame wijk van de toekomst. Dit

betekent energie opwekken in het noorden, sport-, park- en natuurfuncties en een wijk in de rest

van de polder met veel betaalbare woningen en goed ov. Deze verkenning is een tussenproduct. Wat de PvdA betreft worden deze raadsperiode nog definitief de vertrekpunten vastgelegd, met onder andere betaalbaarheid, voorzieningen en mobiliteit. Daarom steunt de PvdA de motie van D66 hierover. Een voorwaarde voor realisatie van betaalbare woningen is grip op grond, actief

grondbeleid. Daarom steunt de PvdA ook de motie van D66 hierover. Een andere voorwaarde is goed openbaar vervoer en minder autoverkeer. Dit vraagt echter een goed fijnmazig OV in de wijk en

goede openbaarvervoerverbindingen met de rest van de stad. Juist omdat de ontwikkeling van de

wijk er afhankelijk van is, moet gefocust worden op wat haalbaar is en steunt de PvdA de keuze voor de tramverbinding. Ook de moties van Student & Starter met betrekking tot roeien zal de PvdA steunen.

De heer Paalman (Horizon) is blij dat deze stap gezet wordt en dat er gebouwd zal worden in Rijnenburg.

De heer Eerenberg (wethouder) merkt op, voor hij de moties apprecieert, dat er best iets bijzonders wordt gedaan. Er wordt niet nagedacht over hoe de stad er voor de kinderen van de Utrechters van

Raadsvergadering van 23 januari 2025

43

nu uit zal zien, maar voor hun kleinkinderen. Dat zijn grote vragen die de raad en het college een

grote verantwoordelijkheid geven. De woningen moeten niet alleen ingepast worden; dit moet ook op een groene en verantwoorde manier gebeuren. Ook de waterbergingen moeten goed geregeld worden. Het wordt een wijk voor iedereen, die past bij de toekomst.

Motie 21, Rijnenburg is meer dan wonen, geeft de wethouder een positief advies.

Motie 22, Geef Rijnenburg een woningmarkt in balans, valt in de categorie moties die de wethouder

net te beperkend vindt voor het moment waar men nu in zit. Er komt een uitgangspuntennotitie. De raad heeft gevraagd om deze tot een raadsvoorstel te verheffen. De wethouder wil er dan naar

kijken. Dan weet men net wat meer hoe die er precies uitziet. De motie komt in die zin te vroeg. De heer Stellinga (CDA) vraagt waar die beperking in zit. In de motie wordt gevraagd om te

onderzoeken welke percentages gehanteerd worden. In principe zijn dat die van het coalitieakkoord, maar het mogen ook andere zijn. De motie biedt dus best veel ruimte aan het college.

De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat wat de heer Stellinga zegt in de constateringen staat. Hij zegt nu dat het open ligt, dat het coalitieakkoord het uitgangspunt is, dat daar begonnen kan

worden en dat de raad geïnformeerd moet worden als het anders wordt. De wethouder las dit er niet in, maar als iets in die strekking zou bestaan zou hij daar een ander oordeel over vellen. Hij interpreteert moties niet.

De heer Stellinga (CDA) komt eventueel met een gewijzigde motie in de tweede termijn. De voorzitter wil voorkomen dat er vanavond nog inhoudelijk punten behandeld moeten worden. Dit kan alleen als de raad meewerkt. De tweede termijn begint bijna, want de voorzitter wil niet meer schorsen.

Mevrouw Passier (Volt) heeft een punt van orde. Er wordt een raadsbrief behandeld, dus is er geen tweede termijn.

De voorzitter constateert dat mevrouw Passier gelijk heeft. De heer Eerenberg (wethouder) zegt toe dat hij bij de uitgangspuntennotitie die de raad van het

college krijgt, die hij zal baseren op de percentages uit het coalitieakkoord, inzichtelijk zal maken wat de bandbreedtes zijn. Van daaruit kan het gesprek gevoerd worden. De wethouder voelt zich gebonden aan het coalitieakkoord.

De heer Stellinga (CDA) zal nog overleggen met zijn fractie of hij de motie in stemming wil brengen. De heer Eerenberg (wethouder) is bij motie 23, Mobiliteit Rijnenburg, van de VVD. Toen hij het

dictum las, dacht hij dat het zou moeten kunnen, maar nadat hij de heer Te Hoonte hoorde, wilde hij de motie toch ontraden. Dit is de wijk voor de kleinkinderen van de Utrechters van nu. Dan moet

men durven pionieren. De gemeente moet nieuwe dingen durven proberen. Utrecht kan hier de wijk van de toekomst vormgeven en trendsettend zijn in stedenbouw. De wethouder wil niet dat deze motie het onmogelijk maakt om dit te ontdekken en ontraadt haar dus.

De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat de motie de ruimte biedt om experimenten te doen, maar

Raadsvergadering van 23 januari 2025

44

tegelijkertijd is er woningnood in Utrecht en de stad kan het zich niet permitteren dat er straks door leuke experimenten geen woningen zijn. Het lijkt er nu op de wethouder een reden zoekt om de motie te ontraden.

De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat dit niet waar is. Als er zo’n grote wijk zo ver in de

toekomst gerealiseerd wordt, moet men het aandurven om nieuwe dingen te ontdekken. Dat moet de basishouding zijn. Het verhaal van de heer Te Hoonte interpreteerde de wethouder anders, namelijk

dat het niet te spannend en innovatief moest worden. De wethouder denkt dat deze ruimte nodig is. De heer Te Hoonte (VVD) hoorde de wethouder eerder zeggen dat hij moties niet wil interpreteren. Dit doet hij nu wel. De tekst in het dictum is concreet en biedt veel ruimte. Er heeft bovendien veel

overleg over plaatsgevonden. De VVD gaat mee met de 40% in een motie. Misschien is het dan ook goed als andere partijen dan eens meegaan met ideeën van andere partijen.

De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat dit laatste een oproep aan de raadsleden is. Motie 24, Kaders voor een voorstel voor Rijnenburg, adviseert de wethouder positief.

In motie 25, Grip op grond en ontwikkeling in Rijnenburg, wordt aangegeven dat ook nagedacht moet worden over hoe omgegaan wordt met het eigendom. Deze motie adviseert de wethouder positief.

Met betrekking tot motie 26, Zorg dat we in Rijnenburg met de stroom mee roeien!, geeft de

wethouder aan dat wethouder Oosters nog dit kwartaal komt met het antwoord op de vraag of

Vianen een geschikte locatie is. Deze vraag moet eerst beantwoord worden. Gelukkig is er nog tijd

voor de ontwikkeling van Rijnenburg. Nadat die vraag beantwoord is, kan de wethouder deze motie

uitvoeren. Ze krijgt dus een positief advies, in de wetenschap dat de raad eerst nog het antwoord van wethouder Oosters krijgt.

Motie 27 gaat ook over roeien en daarin wordt opgeroepen om samen te werken. Ook deze motie geeft de wethouder een positief advies.

Motie 28, Dieren op de tekentafel, vindt de wethouder overbodig en ontraadt hij dus. In de nieuwe Omgevingswet staat al dat beschermde dieren naar een nieuwe plek geleid moeten worden. Dat moet gefaseerd gebeuren.

De heer Te Hoonte (VVD) hoort dat deze motie ontraden wordt, omdat het gevraagde al gedaan

wordt. Hij constateert dat alles van de coalitiepartijen overgenomen wordt of een positief advies

heeft gekregen en alles van de oppositie is ontraden. De heer Te Hoonte vindt dit lastig voor de stad, omdat men met z’n allen probeert om van Rijnenburg een goede wijk te maken. Dat vraagt van de coalitie om ruimte te geven aan samenwerking met andere partijen. Het college kan tijdens de dinerpauze nadenken over oplossingen om wel tot gedragen voorstellen te komen.

De heer Eerenberg (wethouder) trekt dit zich aan. Bij lezing van de moties vraagt hij zich af of de moties helpen bij de opdracht die men met elkaar heeft. Hij geeft antwoord op de moties en de

vragen in het debat. Ook in andere debatten heeft de wethouder zonder aanziens des persoons en

ongeacht de partij van die persoon naar eer en geweten gehandeld. Dit zal hij blijven doen. Hij leest de titel en de tekst van moties. Het logo erboven is van ondergeschikt belang.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) hoorde dat de wethouder in reactie op haar motie aangaf dat de gemeente het gevraagde al doet. Geldt dit voor alle dieren in de polder of alleen voor de dieren op de lijst van

Raadsvergadering van 23 januari 2025

45

wat de Wet natuurbescherming was en nu in de Omgevingswet zit? De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat de Omgevingswet dit voor beschermde dieren

voorschrijft. Dit doet de gemeente uiteraard. Als in de motie alle dieren in Rijnenburg bedoeld worden, dan kan de wethouder dit niet beloven en ontraadt hij de motie.

In motie 29 wordt het college opgedragen om alle monumentale wilgen in Rijnenburg te behouden. De wethouder heeft nog helemaal geen tekening van Rijnenburg. Misschien komt men erachter dat dit een heel vervelend uitgangspunt is voor het maken van een mooie wijk, waar ook andere

belangen een rol spelen dan het belang van de wilg. Het uitgangspunt is om de wilgen in te passen,

maar de absolute tekst in de motie, dat elke monumentale wilg behouden moet blijven, is te strak en daar kan men last van krijgen. De wethouder adviseert de motie negatief.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) merkt op dat in de motie niet staat dat het uitgangspunt moet zijn dat

absoluut alle wilgen behouden moeten blijven. Het uitgangspunt biedt juist bewegingsvrijheid aan het college.

De heer Eerenberg (wethouder) leest dat het uitganspunt moet zijn om de wilgen te behouden. Hierin hoort hij geen ruimte dat men tot een andere afweging komt. De wethouder zegt toe dat hij zijn

uiterste best zal doen om de wilgen in te passen. Dit heeft hij al eerder toegezegd. Dit is iets anders dan wat er in de motie staat.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of het een toezegging is dat de wilgen in principe blijven staan, tenzij het niet anders kan en moeilijk is, maar dat dit wel het uitgangspunt zal zijn.

De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat hij het in het commissiedebat heeft gezegd en net twee keer. Hij zegt het voor een derde keer: er staan prachtige wilgen en waar die op een goede manier ingepast kunnen worden, moet dit gebeuren.

De heer Paalman (Horizon) trekt motie 12 in vanwege de toezegging van de wethouder. De voorzitter sluit de beraadslaging over dit agendapunt. Vanavond zal gestemd worden over de ingediende moties.

21. Afrondende besluitvorming na debat over Raadsbrief Uitgangspunten Omgevingsvisie Jaarbeurs. De heer Snijder (Student & Starter) stelt dat het Jaarbeursgebied een enorme potentie heeft om zich te ontwikkelen tot een levendig en veelzijdig onderdeel van de binnenstad, waar werk, wonen,

cultuur en recreatie samenkomen. Het moet een plek worden die 24 uur per dag bruist. Student &

Starter wil deze transformatie ondersteunen. De fractie gelooft in een Utrecht dat niet stopt bij het vallen van de avond. Wie kan dit beter symboliseren dan Armin van Buuren? Zijn iconische State of trance-events brachten duizenden mensen samen en vulden de stad met energie. Hoewel hij zijn shows niet meer in Utrecht geeft, vindt Student & Starter dat het tijd is om hem terug te brengen

naar de stad. Utrecht zou grote sterren weer moeten verwelkomen. Het Jaarbeursgebied moet de plek wonen waar muziek, cultuur en nachtleven samensmelten en waar artiesten als Armin van

Buuren de stad weer in een roes kunnen brengen. Daarom dient de heer Snijder motie 30 (Tijd voor

een levendig Jaarbeursgebied) in, mede namens de fracties van D66, Volt en EenUtrecht. Hierin wordt

Raadsvergadering van 23 januari 2025

46

het college verzocht om levendigheid een centrale positie te geven in de uitwerking van de

omgevingsvisie door het stimuleren van een mix van functies op de Jaarbeursboulevard en in de

plinten van het Jaarbeurscomplex, het maken van concrete afspraken met Jaarbeurs om deze functies te realiseren, in de omgevingsvisie expliciet te maken dat 24/7 levendigheid een uitgangspunt is,

met ruimte voor zwaardere horecacategorieën (zoals nachthoreca), zodat deze ambitie op termijn via het Omgevingsplan kan worden verwezenlijkt.

Naast levendigheid kunnen andere elementen het Jaarbeursgebied versterken, zoals waterrecreatie en een hoogwaardige ontwikkelingen. Zo kan het gebied een dynamische, aantrekkelijke ruimte worden die bijdraagt aan de leefbaarheid en ecologie. Ook moet het Jaarbeursgebied zich

ontwikkelen tot een hoogwaardig iconisch stadsdeel. Het streven naar een gebied met gemengde

functies en een levendige plint versterkt duurzame en esthetische verantwoorde architectuur. Dit kan bijdragen aan de internationale uitstraling van Utrecht. Het creëren van een landmark zou dit kunnen versterken. Daarom dient de heer Snijder motie 31 (Verken waterrecreatie en -integratie in het

Jaarbeursgebied) in, mede namens de fracties van GroenLinks, Volt en EenUtrecht. Hierin wordt het

college verzocht om in de uitwerking van de omgevingsvisie Jaarbeurs expliciet aandacht te besteden aan het onderzoeken van mogelijkheden voor waterrecreatie, zoals ontmoetingsplekken, fonteinen, aanlegplekken voor boten en horecagelegenheden en de integratie van water in het gebied en waar mogelijk biodiversiteit en het verminderen van hittestress te versterken door natuurvriendelijke oevers en waterpartijen, met aandacht voor waterberging en bestaande beleidsafspraken.

Tot slot dient de heer Snijder motie 32 (Hoog en waardige ontwikkeling Jaarbeursgebied) in. Hierin wordt het college verzocht om het streven naar een zeer stedelijk gebied met hoge dichtheid

expliciet als uitgangspunt op te nemen in de Omgevingsvisie, hoogwaardige architectuur in de

omgevingsvisie te borgen en dit uit te werken in een beeldkwaliteitsplan en te onderzoeken of het Jaarbeursgebied een landmark of iconisch gebouw kan bevatten.

Mevrouw Bode (Volt) had aangegeven iets te willen zeggen over minder parkeren, maar is ingehaald door de fijne realiteit dat de wethouder een brief heeft gestuurd waarin alle aandachtspunten van Volt werden geadresseerd. Ze heeft dan ook geen verdere aanvullingen.

De heer Dekkers (GroenLinks) complimenteert de wethouder met de brief. Die heeft het voor

meerdere mensen onnodig gemaakt om moties in te dienen. De wethouder heeft de raadsleden

gevraagd om prioriteiten kenbaar te maken over levendigheid en groen. GroenLinks heeft samen met Student & Starter gewerkt aan het formuleren van die prioriteiten. De fractie steunt de moties van

Student & Starter dan ook. De heer Dekkers wil nog benadrukken dat zowel de levendigheid als het

groen van belang is. Hij wil met name niet dat er veel levendigheid direct langs de natuurvriendelijke westoever van het Merwedekanaal komt.

De heer Te Hoonte (VVD) had vragen over het gebied eromheen en de samenhang tussen de visies. Die zijn keurig in kaart gebracht. Eén kavel zit er niet in. De VVD houdt het in de gaten, want de

fractie vindt niet dat er een harde rand tussen de Jaarbeurs en de rest van de stad moet ontstaan. De fractie zal niet om een extra visie gevraagd, want ze heeft ook weleens gevraagd om minder visies. De heer Eerenberg (wethouder) stelt dat motie 30 goed aansluit bij het commissiedebat en de brief en kan de wethouder dan ook positief adviseren. Die komt het gebied ten goede en helpt bij de gesprekken met de Jaarbeurs.

Motie 31, Verken waterrecreatie en -integratie, laat de wethouder aan de raad. Aan de ene kant kan

Raadsvergadering van 23 januari 2025

47

gezegd worden dat er wat uitgezocht moet worden en men kan zien wat eruit komt. Aan de andere kant is men nu nog niet zover om het al over fonteinen te hebben.

De wethouder neemt aan dat het genoemde “zeer stedelijk gebied met hoge dichtheid” in motie 32, Hoog en waardige ontwikkeling Jaarbeursgebied, binnen de kaders van de gemeente valt. De wethouder geeft de motie een positief advies.

De voorzitter sluit de beraadslaging over dit agendapunt. Vanavond zal gestemd worden over de ingediende moties.

22. Afrondende besluitvorming na debat over Hond en Samenleving. Mevrouw Stylianou (D66) ervaart dit debat als een debat over rood asfalt. Net als fietsers op het

fietspad, wandelen hondeneigenaren meerdere keren per dag langs de hondenvoorzieningen. De

gesprekken bij de hondenspeelweiden zorgen voor verbinding. Mensen krijgen lichaamsbeweging en

de liefde voor dieren is iets om te koesteren. Rondom rood asfalt krijgen raadsleden altijd veel mails. Na het debat in november was dit ook het geval, zelfs vanuit Woerden. Daar heeft een groep

hondeneigenaren actief meegedacht over het hondenbeleid. Mevrouw Stylianou spreekt haar lof uit voor de heer Vredeveldt. Die is een petitie gestart voor meer losloopgebieden die al 367 keer is

ondertekend. Vanwege een technische hobbel is dit nog niet genoeg voor een inwonersmotie. Deze komt hopelijk nog, want dit onderwerp leeft echt. Daarom dient mevrouw Stylianou motie 33

(Hondenvoorzieningen naar een acceptabel niveau) in, mede namens de fracties van UtrechtNu!, EenUtrecht en CDA. Hierin wordt het college opgedragen om In nieuwe wijken standaard

hondenvoorzieningen mee te nemen in het ontwerp en een voorbeeld te nemen aan Leidsche Rijn, in bestaande wijken terughoudend te zijn met het verwijderen van honden speelweides of

losloopgebieden en in denk-meetrajecten te vragen of deelnemers hondeneigenaar zijn, zodat hun wensen als gebruikers expliciet gewogen kunnen worden en de mogelijkheid te onderzoeken om informatie over hondenbeleid en -voorzieningen aan te vragen en beschikbaar te stellen aan

hondenbezitters bij het aanmelden van hun hond bij BGHU en de raad hierover te informeren in Q3. Vervolgens dient mevrouw Stylianou motie 34 (Hondendagopvang als waardevolle voorziening) in,

mede namens de fracties van UtrechtNu!, EenUtrecht en CDA. Hierin wordt het college verzocht om

tijdig mee te denken met locaties voor vestiging en continuering van hondendagopvang wanneer een vergunning niet verlengd of verleend kan worden voor een specifieke locatie, te zorgen voor meer duidelijkheid en continuïteit in de vergunningverlening voor bestaande opvanglocaties, zodat

organisaties weten waar zij aan toe zijn en ook de ruimte krijgen om te professionaliseren en te investeren ten gunste van dierenwelzijn.

Mevrouw Stylianou begreep zojuist pas dat de kwaliteitsnormen en het dierenwelzijn in deze

vergunning toch geen onderwerp kunnen zijn, dus ze hoopt dat de gemeente deze onderwerpen wel neemt in gesprekken met de hondendagopvang.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vindt het schandalig dat er € 800.000 € aan hondenbelasting

binnengehaald wordt, maar dat daarvan maar € 315.000 wordt uitgegeven voor honden. Het lijkt er

stellig op dat dit net zo’n verdienmodel is als de onroerendzaakbelasting. Stadsbelang Utrecht vindt dat er best meer gedaan kan worden voor honden in de stad. Daarom dient de heer Bos motie 35 (Hondenbeleid) in. Hierin wordt het college verzocht om een onderzoek uit te voeren en een kostenraming te maken voor het verbeteren van hondenspeelweides, het afschaffen van

hondentoiletten, het verstrekken van gratis hondenpoepzakjes bij alle hondenspeelweides en voor

Raadsvergadering van 23 januari 2025

48

een bewustwordingscampagne en de raad hierover uiterlijk Q3 2025 te informeren. De heer Bosch (UtrechtNu!) merkt op dat het Solgu geadviseerd heeft om de hondentoiletten niet af te schaffen, omdat mensen met een rolstoel of rollator deze graag gebruiken. Zij kunnen de poep van hun hond immers niet oprapen. Wat denkt de heer Bos daarvan?

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) denkt dat mensen met een beperking hun hond nog steeds goed

kunnen uitlaten als de hondentoiletten zijn afgeschaft. Hij vraagt in zijn motie om een onderzoek en dit kan daarin meegenomen worden.

Stadsbelang zou, zoals in de motie staat, graag een kostenraming willen hebben van gratis

hondenpoepzakjes bij alle hondenspeeltuinen, waarbij minimaal één hondenpoepzakhouder per hondenspeelweide het uitgangspunt is. Het commissielid van Stadsbelang dat deze motie heeft voorbereid zal alle aanwezigen in het bezit stellen van een afbreekbaar hondenpoepzakje.

De heer Bosch (UtrechtNu!) gaat ervan uit dat dit zakje geen inhoud heeft. Anders wil hij dit zakje niet ontvangen.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) stelt de heer Bosch gerust.

Tot slot licht de heer Bos het laatste punt van zijn motie toe. Hij zou een onderzoek willen laten plaatsvinden naar communicatie en participatie en zou willen dat er een kostenraming wordt gemaakt van een bewustwordingscampagne voor hondeneigenaren en bewoners, zodat zij

gestimuleerd worden om mee te denken en mee te werken met beheer. Dit hoeft niet zo veel te kosten. Bovendien wordt er genoeg hondenbelasting geheven om hier invulling aan te geven.

Mevrouw Voortman (wethouder) is het eens met mevrouw Stylianou dat het onderwerp leeft. Haar

eerste motie was motie 33, Hondenvoorzieningen naar een acceptabel niveau. De ruimte in de stad is beperkt. Elke wens stapelt zich op. Aan de andere kant zijn er veel hondeneigenaren. Deze afweging is aan de raad. De wethouder laat het oordeel aan de motie dan ook aan de raad. De punten 3 en 4 uit het dictum kan de wethouder sowieso toezeggen. Hierover kan ze de raad ook informeren.

Met betrekking tot motie 34, Hondendagopvang als waardevolle voorziening, merkt de wethouder op dat hondendagopvangen net als andere organisaties gebruik kunnen maken van het macropunt Utrecht voor het zoeken van locaties. Het hangt van de locatie af of het college duidelijkheid en

continuïteit in de vergunningverlening kan geven. Waar mogelijk zal de gemeente een permanente

vergunning afgeven. De ervaring leert dat op veel locaties geen permanente toestemming mogelijk is, omdat een locatie niet langdurig beschikbaar is. De intentie is altijd om zo veel mogelijk duidelijkheid te geven.

Met betrekking tot motie 35, Hondenbeleid, geeft de wethouder aan dat het college een grove

kostenraming zou kunnen maken. De wethouder kan nu al met zekerheid zeggen dat de gemeente onvoldoende financiële middelen zal hebben om het vervolgens uit te voeren. De vraag is dan wat men aan zo’n kostenraming heeft. Het afschaffen van de hondentoiletten en het verstrekken van

gratis hondenpoepzakjes lijkt de wethouder niet wenselijk. De toiletten worden goed gebruikt. Het opheffen ervan zou de overlast van hondenpoep, die nu beperkt is, weer kunnen doen toenemen. Het gratis verstrekken van zakjes is niet per se een stimulans voor hondeneigenaren om op te

ruimen. De wethouder wil niet dat die zakjes voor andere doeleinden gebruikt worden of op de grond belanden en in de natuur terechtkomen. Daarom ontraadt de wethouder deze motie.

Raadsvergadering van 23 januari 2025

49

De voorzitter sluit de beraadslaging over dit agendapunt. Vanavond zal gestemd worden over de ingediende moties.

23. Afrondende besluitvorming na debat over Raadsbrief Uitvoeringsprogramma oeverpark Rondje Stadseiland 2024-2026.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) vertelt dat in de commissievergadering al verschillende scenario’s de revue hebben gepasseerd met het doel om het groene parkje aan de noordkant van deelgebied 11 te

sparen. Ondertussen is de wethouder ter plekke geweest. Bewoners hebben haar zelf kunnen laten zien hoe krap het wordt als je hier een fietspad van 3,5 meter breed zou moeten aanleggen. Het

probleem is dat er weinig ruimte is voor een alternatief. Met de keuze voor de breedte van 3,5 meter wordt echter al afgeweken van de kaders van Rondje Stadseiland. Daar staat in dat ze 4 of 5 meter breed moeten zijn. Als er dan toch al van de kaders wordt afgeweken, roept de PvdD op om de

vrijheid te nemen om nog wat meer af te wijken, zodat er een echte oplossing kan komen. Daarom dient mevrouw Sasbrink motie 36 (Fietspad óm het groen in plaats van door het groen) in, mede namens de fracties van CDA, Volt en UtrechtNu!. Hierin wordt het college opgedragen om in

deelgebied 11 af te wijken van de kaders van het Rondje Stadseiland en een alternatieve route voor het fietspad door het groen te kiezen zodat het fietspad niet door de groenstrook direct voor de woningen langs hoeft te gaan. Twee suggesties heeft mevrouw Sasbrink naar de overwegingen

verplaatst, zodat het college nog iets meer ruimte heeft om zelf tot een mooie alternatieve route te komen.

Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) had in de commissie al naar andere opties gevraagd. Ze vroeg

met name of er een onderbouwing is waarom het omwisselen van het voetpad en het fietspad niet zou gaan of waarom ze niet naast elkaar zouden kunnen, uiteraard zonder groenverlies. Is het mogelijk om dit goed te onderbouwen bij het definitieve besluit?

Mevrouw Stylianou (D66) vertelt dat de wethouder in het commissiedebat aangaf dat ze zou kijken

naar een natuurlijke scheidingslijn tussen het fietspad en het parkje, zodat het veiliger zou zijn voor honden, kinderen en andere gebruikers. Kan de wethouder aangeven hoe haalbaar dit is, zodat D66 de motie van de PvdD goed kan wegen?

Mevrouw Voortman (wethouder) was al eerder op de plek geweest, maar had afgelopen week

inderdaad een behoorlijke groep bewoners gesproken. Ze heeft de route gelopen die zij voor ogen hebben en die in de motie als een van de opties wordt aangegeven. De wethouder denkt dat deze route juist leidt tot inpassingsproblemen en tot onveilige situaties door de menging van

verschillende soorten verkeersstromen. Dit kan ook tot weerstand leiden bij bewoners van andere plekken. De wethouder is het ook niet eens met mevrouw Sasbrink dat dit geen precedent zou

scheppen. Als op dit stuk wordt afgeweken van de door de raad vastgestelde principes van het

Rondje Stadseiland, dan kunnen bewoners dit ook bij andere stukken zeggen. De wethouder hecht belang aan deze kaders. Daarom vindt zij deze motie onwenselijk en ontraadt zij deze.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) merkt op dat er ook andere alternatieven zijn, waardoor er op andere punten nog wel aan de kaders wordt vastgehouden.

Mevrouw Voortman (wethouder) antwoordt dat er al maatwerk verricht is. Mevrouw Sasbrink zegt dat

Raadsvergadering van 23 januari 2025

50

er, omdat er al afgeweken is van de kaders, dan ook maar flink afgeweken kan worden. De

wethouder vindt dit juist niet de bedoeling. Er is al een aanpassing gedaan. Als de twee paden naast elkaar zouden komen, zoals mevrouw Kleinrensink ook vroeg, zou het weer ten koste gaan van

bestaande bomen. Er moet een zo breed mogelijke berm komen tussen fietspad en voetpad, juist

voor de kwetsbare verkeersdeelnemers. Hier wordt alleen als het echt niet anders kan voor gekozen, bijvoorbeeld om bestaande bomen te behouden. In het huidige plan is ervoor gekozen het voetpad te laten liggen om zo min mogelijk schade toe te brengen aan bestaande bomen.

Mevrouw Stylianou (D66) had in de commissie gevraagd naar een natuurlijke scheidingslijn tussen

het fietspad en het parkje. De wethouder zou hiernaar kijken. Mocht dat niet mogelijk zijn, dan zou ze eerder voor de alternatieven van de PvdD kiezen.

Mevrouw Voortman (wethouder) had in de commissie aangegeven dat ze wil kijken naar begroeiing

bij het fietspad. Dit weerhoudt honden er ook van het fietspad op te gaan. Dit zal het college hierin meenemen.

Mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) hoort de wethouder op een van de twee ideeën reageren, maar vraagt of het een goed idee is om het voetpad en het fietspad om te draaien en het fietspad iets smaller te maken.

Mevrouw Voortman (wethouder) antwoordt dat het voetpad behoorlijk smal is. Het fietspad zou dan bijna gehalveerd worden, dus dat is geen optie. Er zitten ook boomwortels onder. Daarom is ervoor gekozen het voetpad te houden zoals het is.

De voorzitter sluit de beraadslaging over dit agendapunt. Vanavond zal gestemd worden over de ingediende motie.

24. Afrondende besluitvorming na debat over SV 2024 nr. 137, Hoe succesvol is Utrecht in de betaalbare woningmarkt?

Dit punt is van de agenda afgevoerd. 25. Afrondende besluitvorming na debat over Stand van Zaken Supermarkt op de Uithof en andere ruimtelijke ontwikkelingen

De voorzitter deelt mee dat een van de fracties geen spreektijd meer heeft, maar wel moties wil indienen. De indiener van deze moties mag alleen het dictum voorlezen.

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) stelt dat de Uithof een buurt is en geen bedrijventerrein. Dit heeft gevolgen op de wijze waarop de gemeente stuurt op ruimtelijke ontwikkelingen. In de

Omgevingsvisie is al een grotere supermarkt geamendeerd, maar de realiteit blijft weerbarstig.

Daarom dient mevrouw Raaijmakers motie 37 (Een Grote Boodschap op de Uithof) in, mede namens de fracties van Student & Starter, Volt, Partij voor de Dieren en EenUtrecht. Hierin wordt het college

opgedragen om een leefbaarheidsmaatstaf te hanteren bij toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen en wijzigingen van het omgevingsplan op de Uithof, daarbij onder andere als criterium te hanteren dat

er in de plannen een volwaardige full-service supermarkt moet worden opgenomen, deze maatstaf in

Raadsvergadering van 23 januari 2025

51

ieder geval ook toe te passen bij wijzigingen van het omgevingsplan ten behoeve van de sloop van het Langeveldgebouw, mocht dit vereist zijn en het voldoen aan de criteria van de

leefbaarheidsmaatstaf als voorwaarde te stellen voor het aanbieden aan de raad van de wijzigingen van het omgevingsplan.

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt of mevrouw Raaijmakers wat meer toelichting kan geven op die maatstaf. Wat moet zij zich hierbij voorstellen?

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) antwoordt dat dit een instrument is om te toetsen of de supermarkt staat ingetekend. Ook voor de raad is het zoeken hoe er gestuurd kan worden om daar een supermarkt te laten komen.

Mevrouw Meerding (VVD) wil dat het Utrecht Science Park een levendige wijk wordt met voldoende

voorzieningen en waar het fijn is om te wonen. Dat is nu nog onvoldoende het geval. Al jaren spreekt de raad over de komst van een supermarkt. Het politieke draagvlak daarvoor is er. Toch loopt het

steeds spaak en zit er geen schot in de zaak. Dat is bij het voorliggende locatieonderzoek ook weer zichtbaar. Het onderzoek is wat de VVD betreft te mager. Er zijn maar drie locaties onderzocht en

soms ook nog met een summiere onderbouwing. De gemeente heeft het hier niet als enige voor het zeggen en is afhankelijk van de Universiteit Utrecht die de grond bezit. Het is schrijnend om te zien dat het keer op keer niet lukt. Het USP heeft echt een supermarkt nodig. Het is goed dat dit debat weer gevoerd wordt. Er zijn veel verschillende moties over dit onderwerp ingediend die in de

beleving van de VVD vaak hetzelfde zeggen. De VVD steunt de motie die de ChristenUnie heeft

opgesteld, maar die zo door GroenLinks wordt ingediend. Deze is het scherpst geformuleerd. Andere moties zeggen grotendeels hetzelfde, dus die zal de fractie waarschijnlijk ook steunen.

De heer Snijder (Student & Starter) dient motie 38 (Stappen zetten naar een volwaardige wijk) in,

mede namens de fracties van PvdA en D66. Hierin wordt het college opgedragen om met urgentie

een woon- en werkwijk te creëren op het USP, met een bredere woningmix, inclusief middenhuur en

starterswoningen, zodat de wijk toegankelijk blijft voor een divers scala aan bewoners, aan te sturen op een levendige plint op het USP en hierbij te onderzoeken hoe gebouwen ruimere openingstijden kunnen krijgen en hoe ambities voor het oplossen van het grote tekort aan studentenwoningen niet in de weg te staan bij de uitvoering van deze plannen.

Mevrouw Bode (Volt) meent dat het toch juist niet de bedoeling is dat het USP een volwaardige wijk

wordt met gezinswoningen en dergelijke. In de uitgangspuntennotitie werd juist meer ingestoken op studentenwoningen en de mensen die er werken en dergelijke.

De heer Snijder (Student & Starter) antwoordt dat er in coalitieakkoord vrij letterlijk staat dat het

Utrecht Science Park een volwaardige wijk moet worden. Hier houdt de heer Snijder het college graag aan.

Mevrouw Bode (Volt) concludeert dat deze motie, als ze een bevestiging is van het coalitieakkoord, overbodig is.

De heer Snijder (Student & Starter) antwoordt dat het Utrecht Science Park in de praktijk nog altijd te weinig voorzieningen heeft. Een van de oplossingen daarvoor is hiervoor meer urgentie creëren en

Raadsvergadering van 23 januari 2025

52

de ruimte opzoeken om ervoor te zorgen dat de wijk levendiger wordt.

Vervolgens dient de heer Snijder motie 39 (Onderzoek en in gesprek over een supermarkt en

levendig USP), mede namens de fracties van D66, UtrechtNu!, PvdA, GroenLinks en Partij voor de

Dieren. Hierin wordt het college opgedragen om ten minste één diepgaande sessie te organiseren met belanghebbenden op het sciencepark om de uitdagingen en kansen van de ontwikkeling van een supermarkt door te nemen en hierbij de gemeenteraad uit te nodigen, in deze sessie waar

mogelijk ook structurele belemmeringen van de gebiedsontwikkeling van het USP te identificeren en concrete stappen te formuleren om deze op te lossen, te bespreken hoe de leefbaarheid en

levendigheid in het gebied kunnen worden verhoogd en de gemeenteraad periodiek te informeren over de voortgang van de gebiedsontwikkeling van het USP.

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vindt leefbaarheid belangrijk. Hier horen ook voorzieningen bij. De fractie wil dat hier stappen in gezet worden. Daarom dient mevrouw Vermeulen motie 40 (Inzet voor een tijdelijke en volwaardige supermarkt op het USP) in, mede namens de fracties van Student &

Starter, ChristenUnie, Partij voor de Dieren, PvdA, VVD en CDA. Hierin wordt het college opgedragen zich in te spannen om de tijdelijke supermarkt van 750 m² BVO zo snel mogelijk te realiseren, in samenwerking met betrokken partijen, zoals de Universiteit Utrecht, te onderzoeken welke

aanvullende locaties binnen en rondom het USP geschikt zijn voor supermarktvoorzieningen, naast

de in het haalbaarheidsonderzoek beoordeelde locaties voor de tijdelijke en definitieve realisatie van een volwaardige supermarkt van minimaal 900 m2 BVO op het USP en de raad periodiek te

informeren over de voortgang van de tijdelijke en de definitieve supermarktvoorziening en de resultaten van het locatieonderzoek.

Een gebied leefbaar maken moet samen met de partijen in het gebied gebeuren. GroenLinks wil dan ook dat bewoners betrokken worden en er gekeken wordt naar nieuwe ideeën, juist in dit deel van

Utrecht, met zo veel kennis en kunde op het gebied van voedselkwaliteit en gezond stedelijk leven.

Er liggen ook kansen. GroenLinks zou willen dat er samen met partners op het Utrecht Science Park

naar mogelijkheden gekeken wordt op het gebied van placemaking en pop-ups om zo te komen tot een meer divers en passend winkelaanbod. Daarom dient mevrouw Vermeulen motie 41

(Placemaking en Pop-Ups USP) in, mede namens de fracties van Student & Starter, Horizon, PvdA, UtrechtNu!, ChristenUnie en D66. Hierin wordt het college verzocht om met de universiteit af te

spreken dat ook bewoners worden betrokken bij het winkelaanbod op het Utrecht Science Park en om in samenwerking met bewoners en andere partijen op het Utrecht Science Park aan de slag te

gaan met placemaking, pop-ups en start-ups om te komen tot een meer divers winkelaanbod dat past bij een levendig, innovatief en inspirerend stukje Utrecht.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) merkt op dat de wens de vader van de gedachte is, maar als men wenst dat er winkeliers en ondernemers komen, dan moet er ook verdienvermogen zijn. Dat is het grootste probleem met Utrecht Science Park. Geen winkelier wil daar een supermarkt van 900 m2

vestigen, omdat er geen brood te verdienen is. De heer Bos hoort niet dat er oog en aandacht is voor

de ondernemers die het risicodragend kapitaal moeten aanleveren. Hoe staat GroenLinks daarin? Wat vraagt mevrouw Vermeulen aan het college?

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vindt het een terechte vraag. Dit gebied gaat groeien en gaat richting de 8.000 bewoners. Deze worden ook meer divers. Behalve studenten komen er ook

medewerkers van het ziekenhuis. Daarnaast groeit ook het aantal bedrijven dat zich daar vestigt,

bijvoorbeeld het RIVM en de internationale school. Het potentieel wordt groter, maar er kan ook met

Raadsvergadering van 23 januari 2025

53

de instellingen die er al zitten bekeken worden wat er past. Er moet goed marktonderzoek bij de

bewoners worden gedaan. Daarom ging de tweede motie van mevrouw Vermeulen over placemaking en pop-ups. Zo kan bekeken worden wat echt goed aansluit.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vindt dit geen antwoord op zijn vraag. Een ondernemer zal moeten beoordelen of de verdiencapaciteit goed genoeg is om daar te ondernemen. De partijen in de raad besteden daar geen aandacht aan, terwijl dit juist het punt is dat bepaalt of er wel of geen ondernemers komen.

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er in juni 2023 een haalbaarheidsonderzoek is

geweest. Hierin wordt aangegeven dat het wel haalbaar is om daar te komen tot een volwaardige supermarkt.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt wie dat haalbaarheidsonderzoek heeft uitgevoerd. Was dat het college, de universiteit of een ondernemer? Ondernemers zouden dit massaal willen als zij dat haalbaarheidsonderzoek positief hadden beoordeeld.

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat het onderzoek is uitgevoerd door Sweco. Dit staat in de voetnoot van de motie. De heer Bos kan het er zo bij pakken. Daaruit blijkt dat er wel ruimte voor een supermarkt is.

Mevrouw Schilderman (wethouder) vertelt dat zij in de commissie al uitgebreid is ingegaan op de situatie op het Science Park en wat het ingewikkeld maakt om er een supermarkt te vestigen. De

ingediende moties hebben grosso modo dezelfde bedoeling: een aanmoediging sturen naar partijen die wellicht een supermarkt kunnen realiseren op het Utrecht Science Park. Dat was de bedoeling en dat blijft de bedoeling.

De PvdA diende motie 37 in. Het doel dat de PvdA nastreeft is heel herkenbaar, namelijk om erop in te zetten dat het juist gaat om een combinatieontwikkeling, waar ontwikkelingen van bepaalde

locaties samengaan met investeringen in leefbaarheid. Dit is precies waar het college naar streeft.

Daar wordt dan ook expliciet op getoetst bij het SPvE en daarna bij het Omgevingsplan. Deze zal de raad allemaal zien bij de besluitvorming. Er kan dan dus gecontroleerd worden of dat voldoende gelukt is. In de motie wordt echter ook gesteld dat de gemeente moet afdwingen dat er een

supermarkt komt. Dat kan niet. Daarom moet de wethouder deze motie ontraden. De bedoeling van de PvdA zit echter in het beleid van het college.

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) kent de zoektocht van de raad en vraagt of het Omgevingsplan niet het sterkste sturingsmiddel is van de gemeente om de supermarkt te realiseren.

Mevrouw Schilderman (wethouder) antwoordt dat de gemeente geen sturingsmiddel heeft om een

supermarkt te realiseren. In de ruimtelijke ordening kan de gemeente zaken wel of niet toestaan. Er is een integrale omgevingsvisie gemaakt, zodat zo veel mogelijk investeringen die gedaan moeten worden op het gebied van leefbaarheid gecombineerd worden met andere investeringen op

bijvoorbeeld het gebied van onderwijs of bedrijfsgebouwen. Zo ver als mogelijk worden die verweven met elkaar.

In motie 38, van Student & Starter, Stappen zetten naar een volwaardige wijk, herkent de wethouder

meerdere zaken waar eerder op gericht is. In de Omgevingsvisie is hier aandacht voor geweest. Juist

Raadsvergadering van 23 januari 2025

54

een gemêleerder aanbod van woningen kan bijdragen aan meer leefbaarheid in het gebied en aan meer mensen en die heb je nodig om een volledige supermarkt te exploiteren. De wethouder adviseert de motie positief.

In motie 39 wordt verzocht om een onderzoek en om met de partners in gesprek te gaan. Er wordt

voorgesteld om een bijeenkomst te organiseren. Vanuit de partners, de universiteit en de stichting,

is al een uitgestoken hand gekomen. Ook deze motie adviseert de wethouder positief. De wethouder kan zich voorstellen dat dit zorgt voor een uitstraling richting de partners.

In motie 40, van GroenLinks, wordt om een inspanning voor een tijdelijke supermarkt verzocht. De motie is helder geformuleerd. Het college wil die inspanningen doen, maar de gemeente kan niet

afdwingen dat die supermarkt er komt. Deze motie is wellicht geschreven om indruk te maken op partijen die initiatieven zouden kunnen nemen. De wethouder adviseert de motie positief.

Motie 41, tot slot, is ook van GroenLinks. Hierin wordt verzocht om het aanbod divers te maken en pop-ups als optie te zien. Ook deze motie adviseert de wethouder positief. De hoeveelheid moties

had wat het college betreft lager mogen zijn, maar de wethouder ziet dit als een onderstreping van de inzet.

De voorzitter sluit de beraadslaging over dit agendapunt. Vanavond zal gestemd worden over de ingediende moties.

26. Afrondende besluitvorming na debat over Religieus erfgoed. De voorzitter deelt mee dat het CDA de agenderende partij is. Deze fractie heeft geen spreektijd meer, maar wel twee moties.

De heer Van Steeg (CDA) dient motie 42 (Zichtbaar religieus erfgoed) in, mede namens de fracties

van Stadsbelang Utrecht en Utrecht Solidair. Hierin wordt het college verzocht om het verhaal en de geschiedenis van religieus erfgoed verder te ontwikkelen en zichtbaar te maken voor inwoners en bezoekers, om de vindbaarheid van religieus erfgoed en de geschiedenis die het vertelt verder te

verbeteren en de raad te informeren over de uitwerking hiervan en dit mee te nemen in een nieuw te vormen visie religieus erfgoed.

Vervolgens dient de heer Van Steeg motie 43 (Duurzaam religieus erfgoed) in, mede namens de fractie van Utrecht Solidair. Hierin wordt het college verzocht om de knelpunten en kansen voor

verduurzaming van religieuze gebouwen in kaart te brengen, daarbij tijdslijnen op te nemen voor het onderhoud en de verduurzaming van gemeentelijke monumenten, vallend onder religieus erfgoed, eigenaren van religieus erfgoed te adviseren in verduurzamingsmaatregelen en te wijzen op de

mogelijkheden van het Restauratiefonds en de raad in Q4 van 2025 te informeren over de uitvoering en de manier waarop dit wordt geborgd in het beleid.

Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt hoe de uitvoering van de eerste motie betaald gaat worden. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat dit in ieder geval een signaal is. Hier gebeurt al het nodige. Er moet een extra stap gezet worden. Dit moet met partners gebeuren. Daarom wordt Utrecht

Marketing genoemd. Die heeft kennis om stappen te zetten. Het hoeft niet vandaag. De ontwikkeling die in gang is gezet moet verder gaan. Het CDA wil graag extra middelen aan erfgoed geven. Er is een knelpunt. Het klopt dat het krap is.

Raadsvergadering van 23 januari 2025

55

Mevrouw Hornsveld (GroenLinks) is zich zeer bewust van het belang en de schoonheid van religieus

erfgoed. Het Fraterhuis aan de Grave van Solmsstraat maakt hier onderdeel van uit. Dit gemeentelijk monument heeft een binnentuin die helaas geen monumentale status heeft. Aan de achterkant komen nieuwbouwwoningen. In een van de plannen van Portaal is het de bedoeling om deze binnentuin vol te bouwen. Deze tuin is de laatste jaren veranderd in een groene oase. Het is onacceptabel als die verloren gaat. Nu wordt die plek gebruikt door de kunstenaars van het

Fraterhuis, maar het is goed voorstelbaar dat iedereen hier gebruik van zou kunnen maken,

bijvoorbeeld door een poortgebouw. Dit is de uitdrukkelijke wens van de buurtbewoners. Daarom

dient mevrouw Hornsveld motie 44 (Behoud de tuin van het Fraterhuis) in, mede namens de fracties van Stadsbelang Utrecht, Partij voor de Dieren, CDA, Volt, PvdA, EenUtrecht, UtrechtNu! en

ChristenUnie. Hierin wordt het college opgedragen om in ieder geval voor een scenario te kiezen waarin de tuin van het monumentale Fraterhuis behouden blijft en openbaar toegankelijk wordt gemaakt, zonder dat dit ten koste gaat van het aantal te ontwikkelen woningen.

De heer Sungur (DENK) dient motie 45 (Behoud en Onderhoud Religieus Erfgoed) in. Hierin wordt het college verzocht om de mogelijkheden te verkennen om religieus erfgoed in aanmerking te laten

komen voor specifieke onderhoudssubsidies, religieuze erfgoedinstellingen actief te informeren over relevante beschikbare subsidieprogramma’s en andere financiële regelingen binnen en buiten de

gemeentelijke regelingen, praktische ondersteuning te bieden aan eigenaren van religieus erfgoed bij het doen van subsidieaanvragen en de raad hierover te informeren in Q3 van 2025.

Mevrouw Chirino (ChristenUnie) stelt dat de zorg voor religieus erfgoed niet alleen draait om het

fysieke behoud van kerken, synagogen of moskeeën, maar ook om de betekenis die deze gebouwen hebben voor de gebruikers. Juist deze verbinding tussen gebouw, interieur en gebruikers zorgt

ervoor dat het erfgoed ook in de toekomst levend blijft. Een onderbelicht aspect is het interieur van religieuze gebouwen. Daarom dient mevrouw Chirino motie 46 (Zorg voor je erfgoed: binnen en

buiten erfgoed) in, mede namens de fracties van EenUtrecht, Volt, DENK, UtrechtNu! en GroenLinks. Hierin wordt het college verzocht om in overleg te treden met eigenaren, gebruikers en relevante erfgoedorganisaties om knelpunten en kansen rond interieurbehoud in kaart te brengen, te

onderzoeken hoe de gemeente ondersteuning kan bieden voor het behoud en onderhoud van

religieus interieur erfgoed en de raad bij de eerstvolgende rapportage te informeren over de stand van zaken.

Een urgente uitdaging is de groeiende vraag naar huisvesting onder religieuze

migrantengemeenschappen. Steeds meer historische kerkgebouwen komen leeg te staan en deze

groepen hebben moeite om geschikte ruimtes te vinden. Het Makelpunt speelt hier een belangrijke

rol, maar bereikt niet altijd de gemeenschappen die het hardst behoefte hebben aan een plek en die kunnen bijdragen aan de zorg voor het Utrechts erfgoed. Het college kan een verbinding vormen tussen deze gemeenschappen en leegstaand religieus vastgoed. Daarom dient mevrouw Chirino

motie 47 (Maak ruimte voor migrantengemeenschappen) in. Hierin wordt het college verzocht om te onderzoeken hoe migrantengemeenschappen beter betrokken kunnen worden bij initiatieven zoals

het Makelpunt Utrecht en Kerkvernieuwers en de raad bij de eerstvolgende rapportage te informeren over de resultaten en conclusies in het behoud van religieus erfgoed in relatie tot de behoeften en

bijdragen van religieuze migrantengemeenschappen. De wethouder zou kunnen opmerken dat deze visie zich alleen richt op fysieke gebouwen, maar de ChristenUnie wil benadrukken dat religieus

erfgoed niet losstaat van de gemeenschappen en de functies die zij dienen en de groepen die bereid zijn de stad te dienen.

Raadsvergadering van 23 januari 2025

56

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) hoort een paar goede motie en ook een recyclemotie van het CDA. Dit was motie 202 uit 2017 van de heer Bos. Die heeft het CDA toen gesteund, dus hij zal nu deze motie steunen. Ook de moties van DENK en de ChristenUnie kan Stadsbelang steunen.

Mevrouw Streefland (wethouder) ontraadt de motie van het CDA, Duurzaam religieus erfgoed. Het

college adviseert eigenaren al via de route van het Energieloket en de Energiescan. Veel mensen in

de stad met een monumentaal pand weten die te vinden. Dit geldt ook voor kerkeigenaren. Er wordt meegedacht en advies gegeven. Er kan veel, ook zonder vergunningen. De gemeente doet dit

proactief. Daarnaast is er hulp met verwijzing naar het Utrechts Restauratiefonds, dat ook gericht is

op verduurzaming en financiering biedt met lage rente. De kern is dat de gemeente niet de eigenaar is en dus wel kan ondersteunen, maar dat mensen het zelf moeten doen. Daarom ontraadt de wethouder de motie.

De vraag in de andere motie van het CDA, Zichtbaar religieus erfgoed, is mooi, maar je kunt je

afvragen of dit een taak is voor de gemeente. De wethouder ontraadt de motie daarom. Er zijn wel mensen met expertise en kunde bij de gemeente, maar hier is geen enkele financiering voor. De gemeente doet wel al veel. Er is een informatiekaart online met religieus erfgoed. De gemeente

verleent subsidie. De kerken zijn uitgelicht op de website van Utrecht Marketing. De meeste kerken zijn voorzien van een ANWB-informatiebord. De gemeente informeert gebedshuizen om zelf informatieborden aan te vragen.

De motie van GroenLinks over het Fraterhuis ontraadt de wethouder. De afweging vindt plaats

binnen het dossier RO, dat in mei op de agenda van de raad staat. De raad maakt dan de afweging

wat openbaar is. Overigens wordt in de motie nog de verkeerde tuin genoemd. Bij de behandeling in mei zal de raad alert moeten zijn om de goede afweging te kunnen maken.

Mevrouw Hornsveld (GroenLinks) vraagt of het niet handig is om, als de raad vindt dat die tuin

behouden moet blijven, dat nu uit te spreken, zodat dat hele plan niet ontwikkeld hoeft te worden. Dat scheelt tijd en geld.

Mevrouw Streefland (wethouder) antwoordt dat dit al in een van de varianten is meegenomen. Als de raad dit nu al besluit, moet bekeken worden of de businesscase rond kan komen. Het is belangrijk

dat op dat moment de afweging gemaakt wordt met de varianten die dan voorliggen. De variant van mevrouw Hornsveld is er daar een van.

Mevrouw Hornsveld (GroenLinks) merkt op dat in de andere variant de tuin van het Fraterhuis niet openbaar is. Dat is wel de uitdrukkelijke wens van de bewoners en gebruikers van het Fraterhuis. Mevrouw Streefland (wethouder) begrijpt dit. Dit hoort ook bij de afweging.

Met betrekking tot motie 45, van DENK, merkt de wethouder op dat er onderhoudssubsidies zijn bij het Rijk en de provincie voor rijksmonumenten. Daar is een meldpunt. De gemeente doet dit via de Energiescan. Eén medewerker bij erfgoed houdt zich hier proactief mee bezig. Via de bestaande route kan men dus al contact opnemen. De wethouder ontraadt deze motie daarom.

Mevrouw Assen (PvdA) had nog een vraag over de vorige motie. Zij had eerder begrepen dat het in de tijd niet zou passen, maar de wethouder zegt nu dat de raad, wanneer ze in mei een besluit neemt en dit nadrukkelijk ook een optie is, zeker op tijd is.

Raadsvergadering van 23 januari 2025

57

Mevrouw Streefland (wethouder) antwoordt dat de besluitvorming over dit plan in mei plaatsvindt. Er zijn verschillende varianten uitgewerkt. Dit gaat over de vraag hoeveel woningen er komen, over de

vraag of de tuin open wordt of gedeeltelijk open wordt. De raad besluit hier dan over. De tuin is niet

aangemerkt als erfgoed en heeft dus geen erfgoedwaarde. Vanuit de afdeling Erfgoed en vanuit haar portefeuille kan de wethouder dus niet beïnvloeden of dit er wel of niet in zit. Deze discussie wordt dus op de verkeerde plek gevoerd.

Motie 46, van de ChristenUnie, ontraadt de wethouder. Het is aan de eigenaar van het erfgoed om

voor het interieur te zorgen. De gemeente komt langs en is beschikbaar voor hulp, maar controleert, bij wijze van spreken, niet of de banken goed gelakt zijn.

Mevrouw Chirino (ChristenUnie) merkt op dat de wethouder het over gelakte banken heeft, maar dat het hier over kunstwerken gaat of orgels van grote historische waarde. Kerken worden soms

omgebouwd tot restaurants of andere zaken. De vraag is niet of de gemeente ervoor wil zorgen, maar of ze in overleg wil treden om ervoor te zorgen dat er voor het interieur wordt gezorgd. Mevrouw Streefland (wethouder) ontraadt de motie omdat de gemeente dit al doet. Er wordt geadviseerd over wat er behouden moet blijven. De gemeente kijkt mee en is alert.

Tot slot komt de wethouder op de motie over de migrantengemeenschappen. De wethouder deelt

van harte dat gemeenschappen een belangrijke rol hebben voor een samenleving. In de motie wordt gevraagd om deze groepen actief te benaderen. Hier zit een punt van zorg, want de gemeente heeft het nodig dat deze groepen de gemeente actief benaderen. De wethouder heeft contact met ze. Ze hebben vaak een vastgoedvraag. De contacten zijn dan nog niet zo ver ontwikkeld. Er zijn op het moment geen kerken in de stad die vrij staan. Bovendien is het niet aan de gemeente om er zorg

voor te dragen dat iemand met een dergelijke vraag gehuisvest wordt. Dat is aan de eigenaren van de kerkgemeenschappen. De wethouder ontraadt de motie dan ook. De wethouder heeft met veel

gemeenschappen, waaronder religieuze, contacten. Deze groepen zijn hier welkom. De gemeente

kan ze uitnodigen om de verbinding, die zij zelf moeten maken, te realiseren. De gemeente zal hier stimulerend in zijn.

Mevrouw Chirino (ChristenUnie) hoort dat de wethouder hier positief tegenover staat, dus snapt niet waarom ze de motie dan ontraadt.

Mevrouw Streefland (wethouder) kan, met de kerkvernieuwers, het contact faciliteren, maar in de

motie wordt meer gevraagd dan de wethouder kan waarmaken. Het is ook aan de gemeenschappen zelf om proactief naar plekken te zoeken. Die is voor iedereen helaas schaars.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt of de wethouder, als hij in haar hart zou mogen kijken, andere antwoorden zou hebben gegeven.

Mevrouw Streefland (wethouder) antwoordt dat dit niet het geval is. Als ze deze gemeenschappen

spreekt, zegt ze ook tegen hen dat ze hun netwerken op orde moeten hebben en proactief moeten zijn. Deze vragen gaan vaak over een gebouw en de wethouder heeft hier niet altijd maar een

oplossing voor. De wethouder roept groepen op om contact met elkaar te leggen en gebouwen te delen.

Raadsvergadering van 23 januari 2025

58

De voorzitter sluit de beraadslaging over dit agendapunt. Na de schorsing zal gestemd worden over de ingediende moties.

Daarop schorst zij de vergadering tot 20.00 uur.

(Bij hervatting van de vergadering heeft mevrouw Dijksma het voorzitterschap van de vergadering overgedragen aan mevrouw Al-Saqaff.) De voorzitter heropent de vergadering en heet de aanwezigen welkom, ook de gasten van de raad, de overige aanwezigen op de publieke tribune en de mensen die thuis meekijken of meeluisteren.

Daarop geeft zij het woord aan de heer Koning, die zal uitleggen waarom de aanwezigen vanavond worden getrakteerd op een gebakje.

De heer Koning (D66) merkt op dat zowel hij als Rick van der Zweth vader zijn geworden. Zij wonen

vlak bij elkaar in de buurt en hebben gemeend om samen voor een traktatie te zorgen. Hij vraagt om een applausje voor de geboorte van Loes, dochter van Rick.

(Applaus.)

De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt op zijn beurt om een applausje voor Maarten Koning, de trotse vader van Stelvio.

(Applaus.)

De voorzitter feliciteert Maarten en Rick met het ouderschap en dankt hen voor de traktatie.

Zij deelt mee dat mevrouw Deldjou Fard en mevrouw Hessel afwezig zijn, zodat met 43 raadsleden zal worden gestemd.

De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat hij dankzij paracetamol toch kan deelnemen aan de stemmingen.

Hij heeft begrepen dat er vandaag wat onduidelijkheid over was of hij, ondanks zijn afwezigheid

vanmorgen en vanmiddag, toch mede-indiener kon zijn van moties. Hij heeft daar met de griffie over gesproken. In het reglement van orde staat daar niets over. Zijn naam kan dus onder de desbetreffende moties blijven staan.

De heer Maas deelt mee dat motie 16 wordt ingetrokken. Aan de orde is de stemming over de actuele motie 1 (#eXit). Mevrouw Fattal (GroenLinks) merkt op dat GroenLinks tegen de motie zal stemmen. Wel wil haar

fractie graag dat de accounts van de gemeenteraad op X verwijderd worden. GroenLinks zelf is al van X af. Zij laat het aan het college over wat wijsheid is in dezen.

De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt dat de gemeente en de gemeenteraad niet van sociale media af moeten als de eigenaar van een van die media de gemeenteraad niet meer aanstaat. De

gemeenteraad moet zich op zo veel mogelijk kanalen begeven. De gemeenteraad wil de mensen immers bereiken. Daarom stemt UtrechtNu! tegen de motie.

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) merkt op dat de ChristenUnie in de motie een plan voor een

Raadsvergadering van 23 januari 2025

59

alternatief mist. Eind januari is ook nogal snel. De voordelen van X wegen echter al heel lang niet meer op tegen de nadelen. Daarom stemt de ChristenUnie voor de motie.

De heer Aït Daoua (D66) stelt dat D66 sympathiek staat tegenover de motie, maar dat ze wil

afwachten tot er meer duidelijkheid is over de impact en de mogelijke alternatieven. D66 stemt dus tegen de motie.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) stelt dat hier sprake is van een stukje zelfcensuur die zijn weerga niet kent. Hij stemt niet in met deze bizarre motie.

De voorzitter schorst daarop de vergadering, vanwege technische problemen met het digitaal stemmen.

De voorzitter heropent de vergadering en deelt mee dat de technische problemen zijn opgelost, zodat kan worden overgegaan tot stemming over de actuele motie 1.

Over de actuele motie 1 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat de motie met 11 tegen 32 stemmen is verworpen.

Aan de orde is de stemming over de actuele motie 2 (Onvrede over NAVO-top). Mevrouw Nolten (BIJ1) merkt op dat BIJ1 het niet eens is met de reden in het dictum betreffende de politiecapaciteit. Maar BIJ1 is tegen de NAVO, dus daarom stemt ze toch voor de motie.

Over de actuele motie 2 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat de motie met 2 tegen 41 stemmen is verworpen.

Aan de orde is de stemming over amendement 1 (Fractiebijdrage voor commissieleden). De heer Van Heuven (PvdD) merkt op dat dit amendement beoogt een overschrijding terug te draaien, terwijl de werkgroep nog naar een oplossing zoekt. De Partij voor de Dieren wil de

werkgroep eerst haar werk laten doen. Als de fracties meer moeten betalen voor de inzet van

commissieleden, dan is zijn fractie daartoe bereid. Zijn fractie is tegen het amendement, maar voor het raadsvoorstel. Hij dankt de griffie voor de strekt ter vervanging.

De heer Dijkstra (EenUtrecht) zal tegen de motie stemmen, om heel veel redenen. Maar daar bovenop komt nog eens het feit dat het jaar al begonnen is en veel eenmansfracties hun budget al gepland hebben, zodat zij in feite een deel van het geld weer moeten teruggeven. Hij vindt het voorstel onbeholpen en daarom stemt zijn fractie tegen.

De heer Sungur (DENK) stelt dat hetzelfde voor zijn fractie geldt. Je kunt niet midden in een jaar dit soort dingen met elkaar afspraken. Zijn fractie overweegt ook om de factuur die ze zal ontvangen niet te betalen en te kijken wat er dan gebeurt. Zijn fractie stemt tegen.

Over amendement 1 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het amendement met 32 tegen 11 stemmen is aangenomen.

Raadsvergadering van 23 januari 2025

60

Aan de orde is de stemming over het geamendeerde raadsvoorstel inzake bijdrage van fracties aan presentievergoeding commissieleden.

Over het geamendeerde raadsvoorstel wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het geamendeerde raadsvoorstel met 39 tegen 4 stemmen is aangenomen.

Mevrouw Zwinkels (CDA) heeft een punt van orde. Zij zou graag zien dat motie 13 voorafgaand aan het raadsvoorstel in stemming wordt gebracht.

De voorzitter stelt vast dat de raad hier geen bezwaar tegen heeft. Er zal dus eerst gestemd worden over motie 13.

Aan de orde is de stemming over motie 13 (Ga voor concrete verbetering en werkelijk effect op korte termijn).

Over motie 13 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat de motie met 38 tegen 5 stemmen is aangenomen.

Aan de orde is de stemming over amendement 2 (A t/m G weg ermee). Over amendement 2 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het amendement met 8 tegen 35 stemmen is verworpen.

Aan de orde is de stemming over amendement 3 (Geen verregaande maatregelen tegen onze middenklasse).

Over amendement 3 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het amendement met 8 tegen 35 stemmen is verworpen.

Aan de orde is de stemming over amendement 4 (Geen verregaande maatregelen tegen onze middenklasse deel 2, lekker snorren en brommen).

Over amendement 4 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het amendement met 8 tegen 35 stemmen is verworpen.

Aan de orde is de stemming over amendement 5 (Geen onzinnige lobby). Over amendement 5 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het amendement met 3 tegen 40 stemmen is verworpen.

Aan de orde is de stemming over amendement 6 (Verban niet de helft van de auto's). Over amendement 6 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het amendement met 11 tegen 32 stemmen is verworpen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=79217f2c-6311-4d7e-8492-19fd14b9cdac