CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

12e vergadering gemeenteraad 15 juli 2021.doc

Gemeenteraad 16 september 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen raadsvergadering 8 en 15 juli 2021 en stemraad van 8 en 15 juli 202148.868 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

2021 NOTULEN VERGADERING GEMEENTERAAD UTRECHT 12e raadsvergadering, 15 juli 2021

Vergadering van de gemeenteraad, gehouden op donderdag 15 juli 2021 te 10.00 uur.

Voorzitter: mevrouw Dijksma, burgemeester, afgewisseld door de heer Zwanenberg en de heer De Pagter.

Aanwezig zijn de leden: El Abassi, Assen, Bakker, Bijsterbosch, De Boer, Bos, Van Corler, Van Dalen,

Dekker-Abdulaziz, Dekkers, Deldjou Fard, Van Deún, Van Dun, Gilissen, Heijne, Işik, Van Heuven, Te Hoonte, Kaplan, Kleinrensink, Koning, De Koning, Van der Marel, Meerding, Oosters, De Pagter,

Peters, Podt, Saiah, Sasbrink, Schilderman, Schipper, Schreuder, Van Steeg, Streefland-Driesprong, Sturkenboom, Sungur, Virginia, Vonk, Weistra, Wiegant, Wijmenga, Zwanenberg, Van der Zweth en Zwinkels.

Aanwezig zijn de wethouders: Diepeveen, Eerenberg, Van Hooijdonk, Klein, Van Ooijen en Verschuure.

Opening van de vergadering. De voorzitter opent de vergadering en heet alle aanwezigen van harte welkom, ook de mensen die thuis meekijken. Zoals bekend vergadert de gemeenteraad binnen de coronamaatregelen, wat

inhoudt dat men 1,5 meter afstand van elkaar houdt en tijdens de vergadering zo min mogelijk loopt.

De stemming over de voorstellen en de ingediende moties en amendementen zal vanavond plaatsvinden in een digitale stemvergadering.

1. Installatie van het nieuwbenoemde raadslid, mevrouw Oosters. De voorzitter deelt mede dat het raadslid Jeffrey Koppelaar met ziekteverlof is. Eva Oosters zal hem

tot 4 november 2021 vervangen en zal nu opnieuw geïnstalleerd worden als raadslid. Mede namens

de gehele raad wenst zij Jeffrey heel veel sterkte. Zij hoopt hem in het najaar weer in raad te mogen begroeten.

Proces-verbaal van de zitting van de commissie tot het onderzoek van de geloofsbrieven van een nieuwbenoemd lid van de raad van de gemeente Utrecht.

De heer Dekkers (voorzitter commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven) meldt dat de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven van nieuwbenoemde leden van de raad van de gemeente

Raadsvergadering van 15 juli 2021 Utrecht, bestaande uit de leden Dimitri Gilissen, Corine van Dun en hijzelf, op 14 juli 2021 de

geloofsbrieven van het op 12 juli 2021 benoemd verklaarde lid van de gemeenteraad, Eva Oosters, heeft onderzocht. De commissie is tot de conclusie gekomen dat Eva Oosters voldoet aan de wettelijke vereisten voor het raadslidmaatschap en dat zij geen betrekking bekleedt die

onverenigbaar is met het raadslidmaatschap. De commissie adviseert daarom om Eva Oosters toe te laten als lid van de raad van de gemeente Utrecht.

De voorzitter dankt de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven voor haar advies. Hierna wordt zonder stemming besloten overeenkomstig het advies van de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven.

Mevrouw Oosters legt hierna in handen van de voorzitter de in de Gemeentewet voorgeschreven belofte af.

De voorzitter feliciteert mevrouw Oosters en wenst haar veel succes met haar werk als raadslid.

(Applaus.)

2. Vaststellen agenda. De voorzitter deelt mee dat zij zojuist een petitie heeft ontvangen met 1.534 handtekeningen over

het gezin waarover de raad op 8 april al heeft gedebatteerd. Deze petitie zal zoals gebruikelijk op de lijst met ingekomen stukken worden geplaatst.

Bericht van verhindering is ingekomen van mevrouw Streefland-Driesprong. De heer Bos en de heer Wiegant hebben laten weten later ter vergadering te zullen komen.

De agenda wordt hierna zonder stemming ongewijzigd vastgesteld. 3. Ingekomen stukken. De heer Wijmenga (ChristenUnie) merkt op dat de petitie van de omwonenden van de Oudegracht is geplaatst op de lijst van ingekomen stukken. Hij heeft van de initiatiefnemers begrepen dat zij

benieuwd zijn wat er met hun vorige petitie is gebeurd. De reactie van het college daarop was deze

groep betrokken zou worden bij het voorstel inzake het voetgangersgebied Oudegracht. Dat is tot nu toe nog niet gebeurd. Worden deze mensen nog betrokken bij het voorstel dat de raad later dit jaar wordt aangeboden?

De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat het college een voorstel voorbereidt inzake een

permanente invulling van het voetgangersgebied in de binnenstad. Dat voorstel staat gepland voor

het vierde kwartaal van dit jaar. Het traject is wat vertraagd als gevolg van de coronamaatregelen. De verwachting is dat de coronamaatregelen mogelijk in het derde kwartaal wat versoepeld zullen worden. In de tweede helft van 2021 zal er verder worden gesproken over dit voorstel.

Vanzelfsprekend zal dan ook het participatietraject gestart worden met belanghebbenden, waaronder de indieners van de petitie.

Met betrekking tot de ingekomen stukken wordt hierna zonder stemming besloten overeenkomstig

2

Raadsvergadering van 15 juli 2021 hetgeen daaromtrent is voorgesteld. 4. Geheimhouding. De voorzitter meldt dat er geen stukken zijn waarop geheimhouding moet worden gelegd of de opgelegde geheimhouding moet worden opgeheven.

5. Notulen raadsvergadering, Integrale voorbereidende vergadering en stemraad van 3 juni 2021 en notulen raadsvergadering en stemraad 17 juni 2021.

Deze notulen worden zonder stemming ongewijzigd vastgesteld. 6. Notulen vragenuur 3 en 10 juni en 1 juli 2021. Deze notulen worden zonder stemming ongewijzigd vastgesteld. 8. Raadsvoorstel Visie digitale stad 2021-2025. Mevrouw Zwinkels (CDA) heeft kritisch meegelezen met dit stuk en heeft in het commissiedebat een

aantal suggesties meegegeven die de wethouder zal meenemen. Het CDA vindt wel dat de wethouder integraal verantwoordelijk zou moeten zijn voor dit onderwerp. Hier was helaas geen draagvlak voor. De fractie zal hier geen voorstel voor indienen, maar blijft hier scherp op in de praktijk. Het CDA zal het voorstel steunen.

De heer Van Dalen (VVD) geeft de wethouder complimenten dat alle opmerkingen na de eerste commissiebehandeling waren verwerkt in de tweede versie.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel besloten. De voorzitter schorst daarop de vergadering. Na heropening van de vergadering stelt de voorzitter aan de orde. 9. Debat Utrecht Marketing. De heer Van der Zweth (PvdA) is de afgelopen jaren kritisch geweest over de rol van Utrecht

Marketing. Dit werd bevestigd door een zeer kritisch rapport van Berenschot. Er was geen duidelijke meerwaarde zichtbaar van de fusie en de effectiviteit van het beleid was niet te meten. De culturele partners zijn ontevreden. Cultuur raakt ondergeschikt aan economische doelen. Na deze

vernietigende evaluatie gaat het college op de oude voet door. Het verleent een meerjarenopdracht tot 2026 zonder moment om bij te sturen als zou blijken dat dingen niet verbeteren. In de commissie werd een evaluatie toegezegd, maar tot zo’n moment werd niet besloten.

De heer Peters (D66) hoort de heer Van der Zweth, nadat er in de commissie ook al uitgebreid over is gesproken, nu weer beweren dat er niet bijgestuurd kan worden. In de commissie is duidelijk door

de wethouder aangegeven dat de raad, als ze dat wil, jaarplannen kan bespreken en dan inhoudelijk

3

Raadsvergadering van 15 juli 2021 kan bijsturen. Waarom denkt de heer Van der Zweth nog steeds dat er niet bijgestuurd kan worden? De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat er een heel kritisch rapport lag. Om dan te zeggen dat er tussendoor wat jaarplannen komen waarbij wat tips meegegeven kunnen worden, doet daar echt tekort aan. Er wordt nu een opdracht verleend tot ver na de volgende raadsperiode. Als dat niet

verbetert, kan de raad niks als de meerjarenopdracht gewoon wordt vergeven. De wethouder heeft wel gezegd dat er altijd bijgestuurd kan worden. De PvdA komt zo met een motie om ervoor te zorgen dat de opdracht kan worden herzien.

De heer Peters (D66) hoort geen antwoord op zijn vraag en denkt de heer Van der Zweth nog steeds niet begrijpt dat er gewoon bijgestuurd kan worden.

De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat er, als de opdracht wordt verleend, niet bij te sturen is.

Uiteindelijk bepaalt Utrecht Marketing dan hoe het verder gaat op basis van de opdracht die nu wordt vergeven. De heer Van der Zweth gaat ervan uit dat Utrecht Marketing ermee aan de slag gaat en

verbeteringen laat zien, maar als dit niet het geval is, kan de raad in de tussentijd niks doen. Het

rapport was heel kritisch. De raad kan wat vinden van een jaarverslag, maar de opdracht staat vast. De heer Peters (D66) vindt dat de heer Van der Zweth zijn rol als raadslid miskent en dat hij wel degelijk kan bijsturen.

De heer Van der Zweth (PvdA) zou het met de heer Peters eens zijn geweest als er in de evaluatie gezegd werd dat dingen overwegend goed gingen, maar de evaluatie gaf aanleiding om andere

stappen te zetten en niet automatisch een opdracht te verlenen voor zo’n lange periode. Als de heer Peters zijn rol serieus zou nemen, zou hij dat ook erkennen.

Waarom zou het college zo’n duur adviesbureau überhaupt om advies vragen? Gelukkig komt de evaluatie er nu, maar in de commissie is nog niet hard toegezegd dat de opdracht herzien kan

worden of opgezegd kan worden als hier aanleiding toe is. Daarom dient de heer Van der Zweth motie 232 (Evaluatie en voortgang Utrecht Marketing) in, mede namens de fractie van de PvdD, waarin het college wordt opgeroepen om dit mogelijk te maken.

De PvdD komt later met een motie om tot een naamswijziging voor Utrecht Marketing te komen. Deze zal de PvdA mede-indienen.

De heer Van Dalen (VVD) merkt op dat men midden in de coronacrisis zit. Veel ondernemers, onder meer musea en horecaondernemers, hebben het heel zwaar. Utrecht Marketing kan hier juist een

goede rol in spelen. De heer Van Dalen verbaast zich dat de heer Van der Zweth dit niet erkent en daarmee ook het belang van Utrecht Marketing niet.

De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dat men dit vooral ook moet doen, maar hij wil een moment vaststellen om te bekijken of het goed gaat. Uit de evaluatie kwam namelijk dat cultuur wordt

ondergesneeuwd door de economische doelen. De PvdA vraagt niet om nu niet van start te gaan. De heer Van Dalen (VVD) vindt het trekken van bezoekers naar Utrecht belangrijk. Dat is ook goed

voor de musea, de culturele sector en de horeca. Hier staat de VVD voor en de fractie roept dan ook op om Utrecht Marketing gewoon zijn werk te laten doen.

4

Raadsvergadering van 15 juli 2021 De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dat hem dingen in de schoenen worden geschoven. Utrecht

Marketing moet nu gewoon doorgaan. Men is bezig met de verbeteringen en de nieuwe opdracht. Als dit goed gaat, kan het zo doorgaan, maar uit de evaluatie blijkt dat de culturele doelen

ondergesneeuwd raken. Dit moet de raad zich aantrekken. Daarom moet er een moment komen waarop bijgestuurd kan worden.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) merkt op dat Utrecht Marketing voortkomt uit een fusie tussen

Cultuurpromotie Utrecht en Toerisme Utrecht. Utrecht Marketing heeft niet alleen als taak om de

stad te promoten, maar ook om cultuurdeelname te bevorderen. Voorheen kreeg dit bijvoorbeeld

vorm in de organisatie van culturele zondagen. De naam en identiteit van Utrecht Marketing doen

niet direct vermoeden dat de organisatie evenzeer over cultuurdeelname van Utrechters zou moeten

gaan als over het promoten van de stad. De naam dekt de lading dus niet. Dit heeft gevolgen voor de organisatie zelf, maar ook voor de vindbaarheid ervan. De PvdD vindt dan ook dat de fase van

onderzoek doen naar het nut van een naamswijziging voorbij is. Als de gemeente dan toch een

nieuw contract aangaat met Utrecht Marketing, moet hier de afspraak aan verbonden worden dat in deze periode de naam sowieso gewijzigd zal worden in een naam die de lading beter dekt.

De heer Peters (D66) is verrast dat de PvdD en GroenLinks, net als D66 groene partijen, voor die

naamsverandering zijn. Dit betekent namelijk dat al het promotiemateriaal, allemaal plastic afval, in de prullenbak wordt gegooid en niet hergebruikt kan worden, alleen voor iets symbolisch als een naamswijziging. Hoe ziet mevrouw Sasbrink dit?

Mevrouw Sasbrink (PvdD) antwoordt dat er in de bijlage staat dat veel dingen hergebruikt kunnen worden. Pennen en dergelijke moeten gewoon gebruikt blijven worden. Naar buiten toe is de

identiteit van een organisatie en de vindbaarheid hiervan zeer belangrijk. Het is mevrouw Sasbrink

wel wat waard dat Utrecht Marketing ook gaat werken voor cultuur. De heer Peters doet alsof de hele organisatie de prullenbak in moet. Dit is niet het geval.

Het is de PvdD dus wel wat waard dat de organisatie vindbaar is en dat inwoners en organisaties zich ermee kunnen identificeren. Hierom dient mevrouw Sasbrink 233 (Een herkenbare naam voor alle

activiteiten en doelen van Utrecht Marketing) in, mede namens de fractie van de PvdA. Hierin wordt het college opgedragen het doorvoeren van een naamswijziging te verbinden aan het gunnen van een nieuwe meerjarenopdracht aan Utrecht Marketing en Utrecht Marketing indien nodig te faciliteren bij het wijzigen van de naam van de organisatie.

De heer Wijmenga (ChristenUnie) heeft een punt van orde. Interrupties op elkaar gaan ten koste van de eigen spreektijd. Hij meent dat de afspraak was dat deze uit "diversen" zouden gaan en interrupties op het college uit eigen tijd.

Mevrouw Van Hall (griffier) antwoordt dat het punt van de heer Wijmenga gaat over het compromis dat bereikt is in het presidium over het al dan niet hanteren van spreektijden in de commissie. De afspraken in de raadsvergadering zijn onveranderd.

De voorzitter geeft het woord aan de heer Peters voor zijn maidenspeech. De heer Peters (D66) voelt zich bevoorrecht dat hij onbezonnen is opgegroeid in een typisch

liefdevol Nederlands gezin op het platteland in Limburg. Doordat zijn grootouders en ouders hun

5

Raadsvergadering van 15 juli 2021 hele leven hard gewerkt en hard gespaard hebben, behoort hij tot de eerste generatie in zijn familie

die toegang heeft tot het beste onderwijs. Hij behoort tot de generatie die mocht dromen van wat hij later wilde worden en die nu aan zet is om de handen uit de mouwen te steken voor een betere

wereld. Tegelijkertijd is hij opgegroeid in een provincie waarin men steeds meer sympathie heeft

voor extreemrechts populisme en waarin de samenleving steeds verder polariseerde. Men stond niet direct open voor nieuwkomers. Alles moest blijven zoals het was. Meningen waren gebaseerd op de onderbuik en logica die makkelijk te volgen en te begrijpen is. Dit was voor de heer Peters moeilijk

te begrijpen. Door nieuwsgierigheid naar het onbekende ging hij zich verdiepen in maatschappelijke en politieke discussies en ging hij steeds meer debatten volgen. Wat opviel was dat het gros van de

politici niet wist hoe ze moesten omgaan met polariserende politici als Geert Wilders, op één iemand

na: Alexander Pechtold. Dat was een politicus die met scherpe tong en gedrevenheid woorden wist te geven aan het ongemak dat de heer Peters voelde. Hierom sloot hij zich aan bij de partij die hij nu vol trots mag vertegenwoordigen in de raad. Nieuwsgierigheid trok hem ook naar Utrecht. Hij zag een grote stad die tegelijkertijd warm en gezellig aanvoelde, een stad met studenten die reuring

teweegbrengen, een stad die in de steigers staat om uit te groeien tot de meest vooruitstrevende van het land. Het is ook een stad waarin alle soorten mensen zichzelf kunnen en mogen zijn. Het is de stad waar de heer Peters zich al bijna negen jaar thuis voelt.

De raad praat vandaag over Utrecht Marketing. In de commissie zijn de verschillen tussen de partijen al duidelijk geworden. De heer Peters wil het dan ook graag hebben over de overeenkomsten. Men is het er raadsbreed over eens dat Utrecht een prachtige stad is en men wil dat graag naar buiten toe

uitdragen. Een marketingorganisatie hoort bij een van de grootste steden van het land, waarvan men graag wil dat bedrijven en kennisinstellingen zich er komen vestigen. De stad krijgt er namelijk iets

prachtigs voor terug: banen, kennis, innovatie en een bruisende stad. Dit is precies waarvoor de heer Peters staat.

De voorzitter feliciteert de heer Peters met zijn maidenspeech. De nestor van de raad zal hier aan het begin van de middag nog wat woorden aan wijden.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) hoorde de heer Peters alleen maar vertellen dat Utrecht Marketing zo goed is om bedrijven en banen naar de stad te halen. Is D66 er wel van op de hoogte dat Utrecht Marketing ook een functie en een doel heeft ten aanzien van cultuur?

De heer Peters (D66) is hier zeker van op de hoogte, maar aangezien een aantal partijen hier dat

belang al heel goed benadrukt, wil hij ook het tegengeluid laten horen en benadrukken dat het niet alleen om cultuur gaat. Economie is namelijk ook belangrijk.

Mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks) stelt dat de kritische evaluatie van vorig jaar genoeg aanleiding geeft om met een nieuwe opdracht extra scherp te zijn. De gemeente moet wat GroenLinks betreft

meer de regie pakken en meer richting geven. Het moet niet alleen maar gaan om meer ticket sales. Het moet gaan om activiteiten die waarde toevoegen aan de levenskwaliteit van de Utrechter en passen bij de duurzame, progressieve stad.

Welke kant gaat de stad wat GroenLinks betreft op? Hier is de partij altijd duidelijk in geweest. In de

commissie heeft de fractie de belangrijke inhoudelijke kaders voor het meerjarenplan en de evaluatie aan de wethouder meegegeven. Sinds de evaluatie hebben de gemeente en Utrecht Marketing hard gewerkt aan de aanbevelingen. De resultaten bieden voldoende houvast aan het college voor het

verstrekken van een nieuwe opdracht, valt te lezen. GroenLinks ziet de goede stappen zeker, maar

6

Raadsvergadering van 15 juli 2021 heeft nog meer houvast nodig. Om die houvast te borgen vroeg de fractie in de commissie om het meerjarenplan van Utrecht Marketing met de opdrachtformulering vanuit de gemeente zo snel mogelijk met de raad te delen, zodat deze er inhoudelijk iets van kan vinden. Daarnaast wil

GroenLinks dat de raad meer de vinger aan de pols kan houden en vroeg daarom om in 2023

opnieuw een evaluatie uit te voeren. De wethouder ging hiermee akkoord. GroenLinks gaf ook aan

dat de opdracht naar aanleiding van de evaluatie indien nodig bijgestuurd en dus hergeformuleerd moest kunnen worden. Als de evaluatie te kritisch is, moet de opdracht zelfs herzien kunnen

worden. De wethouder gaf aan dat dit mogelijk is. Mevrouw Deldjou Fard vraagt voor de helderheid of dit een concrete toezegging was.

De heer Van der Zweth (PvdA) meent dat de wethouder het anders uitlegde in de commissie. Dit zal de raad zo van hem horen. Als dit geen concrete toezegging was, zal GroenLinks dan de motie van

de PvdA steunen? Daarin wordt namelijk precies gevraagd waar mevrouw Deldjou Fard het over had: de opdracht herzien of zelfs opzeggen.

Mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks) heeft zelf om deze denkrichting gevraagd in de commissie. Ze

heeft de indruk dat de wethouder dit heeft toegezegd. Ze wil dit nog graag horen. In de motie wordt ook gesproken over het opzeggen van de opdracht. Dit heeft GroenLinks niet gevraagd. De partij vroeg om de opdracht inhoudelijk te herformuleren of te herzien.

De heer Van der Zweth (PvdA) hoorde mevrouw Deldjou Fard net wel zeggen dat de opdracht in het

ernstigste geval opgezegd moest kunnen worden. Dit staat in de motie. De heer Van der Zweth gaat er dan ook van uit dat GroenLinks de motie steunt als de wethouder de toezegging niet doet.

Mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks) stelt dat zij dit niet gezegd heeft. In de commissie heeft zij

gezegd dat GroenLinks na twee jaar een evaluatierapport wil. Dit heeft de wethouder toegezegd.

GroenLinks wil graag horen dat het dan voor de raad mogelijk is om na die evaluatie bij te sturen, de opdracht te herformuleren of inhoudelijk te herzien. De wethouder had een instemmende houding. Mevrouw Deldjou Fard vraagt nu of de wethouder bereid is om dit daadwerkelijk toe te zeggen. Dit zou voor GroenLinks voldoende houvast geven om dit traject in te gaan.

De heer Peters (D66) vraagt aan de heer Van der Zweth of hij bereid is om zijn motie in te trekken als de wethouder dit toezegt.

De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat hij de motie natuurlijk in kan trekken als de wethouder dit volmondig toezegt. Het gaat over de opdracht "herzien". Kan een opdracht herzien worden als

een nieuwe evaluatie hier aanleiding toe geeft? Dit is in de commissie niet toegezegd. De heer Van

der Zweth hoopt dat dit nu wel gebeurt. Mevrouw Deldjou Fard stipte aan dat in het ernstigste geval de opdracht ook beëindigd moest kunnen worden. Dit beoogt de motie van de PvdA ook. Als zij het serieus meent, moet GroenLinks de motie steunen.

De heer Peters (D66) constateert dat de heer Van der Zweth meer moeite heeft met het doen van toezeggingen dan de wethouder.

De voorzitter waarschuwt de raadsleden dat men aan het begin staat van een zeer lange dag en roept hen op niet in cirkels te interrumperen.

7

Raadsvergadering van 15 juli 2021

De heer Van der Zweth (PvdA) is ervoor om niet te interrumperen op interrupties. Hij vindt het wel

ingewikkeld om niet te mogen reageren als hem dingen verweten worden in dergelijke interrupties.

Hij zal de motie van harte intrekken als de wethouder de motie overneemt of toezegt en is dan even toeschietelijk met toezeggingen als de wethouder.

Mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks) merkt tot slot op dat naamswijziging nog altijd geen hoge

prioriteit heeft, sowieso niet de komende twee jaar waarin Utrecht Marketing grote opdrachten staan

te wachten. Het is wel een goed plan om in de komende opdrachttermijn een meer passende naam te realiseren. Daarom zal GroenLinks instemmen met de motie van de PvdA en de PvdD.

De heer Verschuure (wethouder) ontraadt motie 232. Hij heeft een groot deel waartoe de motie

oproept al toegezegd. Er komt namelijk een evaluatie in 2023. Dan bestaat ook de mogelijkheid, net als tussentijds bij de jaarplannen, om zaken te veranderen. Het mooiste voorbeeld was zichtbaar in

het afgelopen jaar. In coronatijd heeft Utrecht Marketing het eigen plan helemaal omgegooid om te kunnen blijven doen wat hij deed, maar dan in digitale vorm. Naar aanleiding van die evaluatie kan de opdracht aangepast worden en kan de gemeente in gesprek gaan met Utrecht Marketing. Als er

sprake is van een totale wanprestatie kan een opdracht, conform het Burgerlijk Wetboek, opgezegd

worden. Hier gaat de wethouder niet van uit, maar er is altijd een ultieme oplossing. Dan moet er wel

aantoonbaar een wanprestatie zijn geleverd. Het is de vraag of dat op basis van zo’n evaluatie kan en andere opties niet eerst aan bod komen, bijvoorbeeld het gesprek aangaan of de opdracht

aanpassen. Dit gebeurt nu overigens ook al. Er zijn bestuurlijke overleggen. De motie is dan ook

overbodig en geeft een verkeerd signaal. De gemeente wil graag in vertrouwen een relatie opbouwen met Utrecht Marketing en alle energie richten op het herstel van de economie en de culturele sector. Met betrekking tot motie 233 heeft het college eerder aangegeven dat een naamswijziging op

termijn best verstandig zou kunnen zijn. De wethouder heeft echter ook aangegeven dat het nu geen prioriteit heeft. Een naamswijziging kost niet alleen geld, maar ook tijd en capaciteit. De wethouder geeft dus prioriteit aan het herstel, maar zegt wel toe de komende vier jaar te gaan werken aan een voorstel tot naamswijziging. Hier hoort een zorgvuldig proces bij en daar moeten de partners in de stad bij betrokken worden. De wethouder ontraadt motie 233 dus.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt wat "eraan werken in de komende vier jaar" betekent. Heeft de organisatie een andere naam over vier jaar?

De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat de naam "Utrecht Marketing" zo veel weerstand

oproept bij verschillende partners in de stad dat het het college verstandig lijkt om na te denken

over een mogelijk passendere naam, maar dit kan afleiden van de core business en heeft daarom

niet de hoogste prioriteit. Het college stelt voor om dit uit te stellen. De wethouder zegt toe in de komende vier jaar, voor een eventuele vervolgopdracht, met de raad een voorstel te hebben

uitgewerkt dan wel daarover met elkaar in gesprek te gaan. Het is namelijk een stichting. De

gemeente zou aan de stichting moeten vragen om de naam te veranderen. De voorwaarde zou bijvoorbeeld aan een vervolgopdracht verbonden kunnen worden. De wethouder feliciteert de heer Peters met zijn maidenspeech.

Tot slot bevestigt de wethouder aan mevrouw Deldjou Fard dat hij een concrete toezegging had

gedaan. Het college zal evalueren. Op basis van die evaluatie kunnen zaken bijgepast worden. Dit

gebeurt overigens ook via de jaarplannen. Als de raad dat wil, kunnen de jaarplannen ook besproken

8

Raadsvergadering van 15 juli 2021 worden. De wethouder stelt voor dat de raad een raadsinformatiebijeenkomst organiseert met Utrecht Marketing in aanloop naar de nieuwe opdracht.

De voorzitter geeft het woord aan de nestor van de raad, de heer Van Corler, om iets te zeggen tegen de heer Peters.

De heer Van Corler (GroenLinks) stelt dat de heer Peters meteen gretig van start ging met zijn

interrupties. Hij sprak andere partijen aan op hun idealen. Zo ziet de raad dit graag, maar de heer Van Corler merkt op dat een raadslid een standje van de burgemeester krijgt als hij te veel

interrumpeert. De heer Peters is negen jaar geleden vanuit Limburg naar de grote stad gekomen. De trots op zijn partij draagt hij ook uit voor zijn stad. Dat is misschien wel de beste marketing van Utrecht. De heer Van Corler feliciteert de heer Peters met zijn maidenspeech. De voorzitter schorst daarop de vergadering. Na heropening van de vergadering stelt de voorzitter aan de orde: 10. Debat Regionale Huisvestingsverordening in relatie tot de U10 Governance. Mevrouw Oosters (Student & Starter) stelt dat men in 2019 op zoek was naar een balans, een balans voor loten en voor jonge Utrechters op de woningmarkt. Spookstudenten wonen in Utrecht, maar

kunnen zich er niet inschrijven. De bezettingsgraad van woningen is te laag. Het aantal verleende

splits- en omzettingsvergunningen is met bijna 95% gedaald sinds 2016. De balans is op dit moment ver te zoeken. Daarom dient mevrouw Oosters motie 234 (Vergunningsvrij samenwonen met drie

personen) in, mede namens de fracties van D66 en VVD. Hierin wordt het college opgedragen artikel 3.1.2, sub c bij de volgende wijziging van de Huisvestingsverordening zo aan te passen dat je geen vergunning hoeft aan te vragen voor het samenwonen met drie personen, deze aanpassing te monitoren en na twee jaar de resultaten te evalueren.

Mevrouw De Koning (GroenLinks) begrijpt dat Student & Starter meer mensen een plek wil bieden om te wonen. Mevrouw Oosters constateert ook dat de huisvestingsvergunning bescherming biedt aan

huurders. Hij stelt eisen aan goed verhuurderschap en biedt mogelijkheden om huisjesmelkers aan te pakken. Maakt zij zich geen zorgen over de gevolgen als je dit wegneemt?

Mevrouw Oosters (Student & Starter) maakt zich hier geen zorgen over. Als je met drie mensen gaat samenwonen, geldt nog steeds het puntenstelsel. De huurprijzen kunnen nog steeds gecontroleerd

worden. Daarbij is de aanpak die bij huisjesmelkers toegepast wordt, ook gewoon van toepassing op het vergunningsvrij samenwonen met drie personen.

Mevrouw De Koning (GroenLinks) ziet juist dat bij de aanpak van huisjesmelkers de eisen aan goed

verhuurderschap van de verhuurdersvergunning en de mogelijkheid om een bestuurlijke boete op te leggen heel succesvol zijn geweest om een aantal grote huisjesmelkers de stad uit te krijgen. Is het niet risicovol om die instrumenten weg te halen?

Mevrouw Oosters (Student & Starter) vindt dit niet risicovol, omdat ze niet weggehaald hoeven

worden. De aanpak van huisjesmelkers kan ook gewoon toegepast worden op de woningen met drie

9

Raadsvergadering van 15 juli 2021 personen. Mevrouw De Koning (GroenLinks) concludeert dat er met dit voorstel geen bestuurlijke boete meer opgelegd kan worden en er ook geen eisen meer gesteld worden aan goed verhuurderschap. De huisvestingsvergunning voor verhuurders is er nog niet. Die punten worden met deze motie weggehaald en hier is geen alternatief voor. Studenten worden hiermee in de kou gezet.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) stelt dat dit niet waar is. In 2019 is ambtelijk gecheckt dat de maatregel niet voor grote problemen hoeft te zorgen bij de aanpak van huisjesmelkers. De

Woningwet en het huurrecht bieden alle mogelijke middelen om de huisjesmelkers aan te pakken. De middelen voor de omzettingsvergunning zijn hier niet per se voor nodig.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) worstelde ook twee jaar geleden met het probleem dat mevrouw De Koning schetste. Aan de andere kant is het wel een manier om meer mensen te huisvesten. Drie starters hoeven helemaal niet zo veel overlast te geven als een groot studentenhuis. De twee jaar is een

reden voor de PvdD om sympathiek tegenover deze motie te staan, maar de fractie vroeg zich wel af hoe dit gemonitord kan worden.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) antwoordt dat de monitoring een belangrijk onderdeel is van de motie. Via de Basisregistratie Personen is het mogelijk om te monitoren op welke plekken er

mogelijk een clustering ontstaat van dit soort woningen of dat het zich juist verspreidt en vooral door starters gebruikt wordt, omdat het meer past bij hoe men nu samenleeft. Het kan dus

gecontroleerd worden. De motie laat open op welke manier het college het precies wil monitoren. Als het college denkt dat het met een meldplicht beter gaat, staat Student & Starter hiervoor open. De heer Wijmenga (ChristenUnie) meldt dat er nog een evaluatie loopt. De resultaten komen in

september of oktober. Is het niet beter om dit af te wachten en hier in het najaar over te beslissen? Aan het einde van het jaar wordt de Huisvestingsverordening sowieso nog vastgesteld.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) antwoordt dat er al heel veel resultaten van de evaluatie liggen.

Er zijn mensen die zich niet kunnen inschrijven. Er zijn weinig omzettingsvergunningen verleend. Die worden bijna nooit verleend aan drie personen. Met deze informatie is er al een helder beeld van de problematiek. Het is belangrijk om dit nu al te bespreken, omdat het nu al in de mangel gaat voor een voorstel in december.

De heer Işik (PvdA) vraagt wat het voorstel betekent voor de leefbaarheid in de wijk. Mevrouw Oosters (Student & Starter) antwoordt dat dit de leefbaarheid ten goede kan komen. Er kan een bepaalde vorm van sociale cohesie in die huizen ontstaan. Als het gemonitord wordt en na twee jaar geëvalueerd wordt, kun je bekijken naar het effect op de stad. Ook Student & Starter vindt de

leefbaarheid belangrijk. De grote druk op straten zal relatief beperkt zijn door het maximum van drie personen.

De heer Van der Marel (VVD) richt zich tot de heer Wijmenga. Die vond het vorige week, bij een motie van de heer Bos, niet het juiste moment en nu weer niet, omdat er een evaluatie aankomt. De heer Van der Marel is hier klaar mee en vindt dit een perfect moment. Hij vraagt zich af waar deze

10

Raadsvergadering van 15 juli 2021 koudwatervrees vandaan komt. De voorzitter merkt op dat zij geen interrupties op interrupties wil. De heer Van der Marel (VVD) vraagt aan de heer Ișik waarom hij koudwatervrees heeft voor jonge mensen die met z’n drieën in een huis willen wonen.

De voorzitter herhaalt haar oproep om geen vragen te stellen aan raadsleden die interrumperen, maar zal nu wel de heer Ișik nog de gelegenheid geven om te reageren.

De heer Işik (PvdA) antwoordt dat het een feit is dat veel bewonersorganisaties hebben aangegeven

dat ze last hebben van grootschalige omzettingen en splitsingen op bepaalde locaties. Samen met de stad heeft het college indertijd een beleid opgesteld. Een onderdeel van het beleid is een

leefbaarheidstoets. De heer Ișik gaat ervan uit dat deze nog steeds van toepassing is. Het is geen koudwatervrees, maar een feitelijke constatering.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) zegt in de richting van de heer Ișik dat het gaat om een balans. Die balans is nu weg. Met het vastgestelde beleid is het aantal vergunningen met 95% gedaald sinds 2016.

Student & Starter constateert dat er een nieuwe realiteit is met betrekking tot loten. Toch roept mevrouw Oosters de raad op om te kijken naar de cijfers uit de evaluatie. Er moet geredeneerd

worden vanuit de bezettingsgraad. Hoe kan er bij huizen met minder kamers toch geloot worden,

zodat deze toch terechtkomen bij de doelgroep, de starters op de woningmarkt. Die hebben het echt nodig. Percentages moeten niet blind teruggeschroefd worden, maar er moet gekeken worden naar echte oplossingen.

De heer Van der Marel (VVD) stelt dat de huidige verordening veel instrumenten kent. Een zevental

wordt nu geëvalueerd. De toename van de bemiddeling baart de VVD nog steeds zorgen. In Utrecht gaat het nu om zo'n 46%. Er is een bemiddelingspercentage van zo'n 29% en zo'n 17% lotingen.

Daarom zal de VVD ook niet meegaan in een verhoging van het percentage loting. Het is goed dat dit

van tafel is. De VVD adviseert de wethouder om naar zijn collega’s te gaan met de 20% die Utrecht nu kent. Het is geen ideaal instrument, maar het werkt wel.

Mevrouw Zwinkels (CDA) hoort iets nieuws van de VVD. De partij is tegen bemiddeling. Waarom is het zo erg dat er een groot aandeel voortkomt uit bemiddeling?

De heer Van der Marel (VVD) heeft niet gezegd hiertegen te zijn, maar dat het samen met de lotingen naar de 46% van het totale aantal toewijzingen gaat. Dit wordt een behoorlijk groot deel. Hiermee wordt het lastiger voor mensen die op de wachtlijst staan.

Mevrouw Zwinkels (CDA) begrijpt dat de heer Van der Marel het er wel mee eens is dat het goed is om bemiddeling toe te passen, zodat mensen een passende woning kunnen vinden.

De heer Van der Marel (VVD) bevestigt dit en maakte zijn opmerking in combinatie met de loting. Er waren geluiden om het lotingpercentage te verhogen en hier is de VVD niet voor.

87% van de toewijzingen komt uit de stad of de U16. Dit valt de heer Van der Marel mee. Hij kan zich

11

Raadsvergadering van 15 juli 2021 voorstellen dat het instrument van de lokale binding wordt ingezet in kleinere gemeenschappen, maar in Utrecht is er op dit moment geen behoefte aan.

De VVD zou tevreden zijn met een kleine tegemoetkoming wat betreft de motie van Student & Starter, die de VVD van harte ondersteunt.

Mevrouw Zwinkels (CDA) schrikt van de opmerking dat er geen behoefte zou zijn aan lokale binding. De heer Van der Marel haalt twee dingen door elkaar. Het percentage dat hij noemde is het

percentage Utrechters van de mensen die een sociale huurwoning vinden. Lokale binding gaat er

juist over dat mensen een woning kunnen vinden in hun eigen buurt. Met name ouderen hebben die behoefte. Deelt de heer Van der Marel deze opvatting?

De heer Van der Marel (VVD) antwoordt dat met lokale binding de binding op gemeentelijk niveau bedoeld wordt en niet op buurtniveau.

De heer Bos is niet aanwezig. De heer Van der Marel vindt het spijtig dat de wethouder daarom niet zal ingaan op diens motie.

De heer Van Deún (PVV) vindt het goed om de regionale afspraken over huisvesting te herzien. De

PVV vindt dat Utrechters worden achtergesteld in hun eigen stad. Loting heeft niet de voorkeur van

de PVV, maar het zou een minimale extra kans kunnen geven op een woning. De partij kiest dan wel

voor Utrechters in Utrechtse woningen. Daarom dient de heer Van Deún motie 235 (Utrechters eerst) in. Hierin wordt het college opgedragen om Utrechters bij het verloten van een bepaald percentage van de voorraad Utrechtse woningen altijd op nummer één te zetten en dit uitgangspunt mee te nemen naar de onderhandelingen met de regiopartners.

De heer Wijmenga (ChristenUnie) vraagt hoe de heer Van Deún denkt dat de regiopartners hierop zullen reageren. Daarnaast wordt al bijna 80% van de woningen toegewezen aan mensen uit de gemeente Utrecht. Is deze situatie er dus niet al?

De heer Van Deún (PVV) antwoordt dat Utrechters het zo niet voelen. Het is een kwestie van

onderhandelen. Niet alle woningen hoeven aan Utrechters te worden toegewezen, maar een bepaald percentage. Hier kan de wethouder over onderhandelen. De heer Van Deún kan zich voorstellen dat dit ook voor Nieuwegein geldt. Nieuwegeiners willen graag in Nieuwegein wonen.

Mevrouw Zwinkels (CDA) merkt op dat de heer Wijmenga al benoemde dat het feitelijk al heel goed gaat op dit vlak. Ze hoopt dat de heer Van Deún wil debatteren op basis van feiten en niet op basis van een sentiment of het aanwakkeren daarvan.

De heer Van Deún (PVV) ziet dit anders. Er zijn veel woningzoekenden en dus zullen er ook veel aan Utrechters worden toegewezen. Het is moeilijk om aan een woning te komen en de PVV wil dit toch iets makkelijker maken.

De heer El Abassi (DENK) schrikt ervan dat er wordt gezegd "Utrechters eerst", maar wil de PVV toch

steunen. Deze motie is niet heel gek. Dergelijke voorstellen zijn ook in andere gebieden gedaan. De

heer El Abassi vraagt aan het CDA hoe deze fractie daartegen aankijkt. In Utrechtse Heuvelrug is het bijvoorbeeld gedaan en daar is het CDA behoorlijk groot.

12

Raadsvergadering van 15 juli 2021 De voorzitter herinnert de heer El Abassi eraan dat er geen interrupties in cirkels meer gedaan zouden worden.

De heer Koning (D66) vindt het bijzonder dat de heer Van Deún, terwijl in de naam van de Partij voor de Vrijheid het woord "vrijheid" zit, met dit voorstel komt. Als alle gemeenten om Utrecht heen dit doen, bestaat de vrijheid dan nog om naar een andere gemeente te verhuizen?

De heer Van Deún (PVV) antwoordt dat het maar om een percentage van de te verloten woningen gaat. Hierover kan onderhandeld worden. Er wordt nu 20% verloot. Als 5% naar inwoners van die plaats gaat, wordt die inwoners wat extra’s geboden.

De heer El Abassi (DENK) merkt op dat DENK eerder een motie had ingediend die hetzelfde vroeg. Zou de raad niet een stapje verder moeten gaan en net als omliggende gemeenten niet alleen bij

loting voorrang moeten geven aan Utrechters, maar over de gehele linie, zoals Utrechtse Heuvelrug dit heeft gedaan?

De heer Van Deún (PVV) antwoordt dat de gemeente gebonden is aan regionale afspraken. Hier kan

over onderhandeld worden en dan is alles mogelijk. Maar mensen uit Utrecht zouden ook in Houten kunnen willen wonen. Die mogelijkheid moet er wel zijn.

De heer El Abassi (DENK) is het ermee eens dat het niet helemaal geblokkeerd kan worden. Er kan

maximaal 25% worden toegekend aan de eigen inwoners. Dit gebeurt al in omliggende gemeentes. Waarom zou Utrecht dat niet willen?

De heer Van Deún (PVV) vindt dit op zich een goed plan. In deze motie wordt het inderdaad

afgezwakt en krijgt de wethouder juist ruimte om te onderhandelen. Als hij er 25% uit weet te

onderhandelen, vindt de heer Van Deún dit uiteraard prima. Om de motie haalbaar te houden, wordt de wethouder ruimte geboden om te onderhandelen.

De heer Koning (D66) wil een eerlijke verdeling van de schaarse woonruimte organiseren met de

Huisvestingsverordening. Naar aanleiding van de brief van het college heeft hij een paar vragen. Het college stelt voor om de bezettingsnorm te wijzigen en trapsgewijs voorrang te verlenen. D66 vond het inderdaad oneerlijk dat 40% van de vierkamerappartementen naar éénpersoonshuishoudens gingen. Dit punt steunt D66 dus van harte.

Het college stelt maatwerk voor corporaties voor, bijvoorbeeld het afwijkend toewijzen van maximaal 5%. Dit is een begrijpelijk verzoek, want de gemeente maakt de regulering complexer en er zijn altijd bijzondere gevallen. Dit zal wel leiden tot willekeur ten opzichte van de generieke regels. Hoe wil het college hiermee omgaan?

Er zijn vandaag verschillende voorstellen met betrekking tot "friends-wonen" of vergunningsvrij

wonen voor drie personen. Dat van Student & Starter heeft D66 mede-ingediend. Dat mensen met z’n drieën kunnen samenwonen in een huis is een langgekoesterde wens van D66.

Ongeveer twee derde van de woningzoekenden in Utrecht is jonger dan 35 jaar. Voor hen is de kans

op een sociale huurwoning relatief beperkt. Alleen wie al lang ingeschreven staat heeft kans. Daarom is afgesproken om een beperkt deel via verloting beschikbaar te stellen. 90% van de te verloten

woningen gaat naar 35-minners. Slechts 17% van de woningen wordt op dit moment verloot. Slechts 15% van de vrijkomende woningen gaat dus via loting naar die groep, terwijl die groep bestaat uit

13

Raadsvergadering van 15 juli 2021 twee derde van de woningzoekenden. Het eerder rondgestuurde voorstel was voor D66

onbegrijpelijk. De heer Koning wil ervoor zorgen dat de lotingsnorm van 20% overeind blijft en zou

het niet gek vinden als deze in de toekomst omhooggaat. Hij heeft hier nu geen voorstel voor en wil afwachten hoe het zich ontwikkelt en hoe de corporaties gebruikmaken van de ruimte die ze hierin hebben.

De heer Işik (PvdA) hoorde de heer Koning zeggen dat de schaarste eerlijk verdeeld zou worden. Is het eerlijk als iemand na twaalf jaar inschrijving geen woning krijgt en een ander na een halfjaar door loting wel?

De heer Koning (D66) vindt het oneerlijk dat mensen jonger dan 35 jaar een veel kleinere kans hebben dan mensen die een tijd hebben opgebouwd. Ook zij zouden de mogelijkheid moeten hebben om een woning toegewezen te krijgen.

De heer Işik (PvdA) vindt dit geen eerlijk verhaal. De heer Koning zou eerlijk moeten zeggen dat jongeren zijn doelgroep zijn en dat hij wil dat zij eerder worden gehuisvest.

De heer Koning (D66) antwoordt dat het voor 35-minners heel moeilijk is en voor 30-minners schier onmogelijk om een woning te bemachtigen. Hij hoort de PvdA ervoor pleiten het lotingspercentage verder naar beneden te brengen. Zo wordt het voor die groep nog moeilijker. Hier staat D66 niet voor.

Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt dit een ongemakkelijk debat, omdat het lijkt of er voor een bepaalde doelgroep wordt opgekomen. Hoe wil de heer Koning op een andere manier de doorstroming

verbeteren voor starters? Hier heeft hij het niet over. Hij zegt alleen hoe hij het ten koste van een

andere groep wil doen. Er zijn sinds kort regels over het behoud van inschrijfduur. Die hebben op het moment geen aantoonbaar effect.

De heer Koning (D66) antwoordt dat de raad weet dat D66 voorstander is van het versoepelen voor

splitsen en omzetten, maar de fractie zit in een politieke realiteit waarin hij samenwerkt in de raad. Er zijn mogelijkheden om het splitsen en omzetten te versoepelen. Daarmee wordt voor deze groepen meer ruimte gecreëerd.

Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt zich af of het waar is dat er een grote slag gemaakt wordt als er niet meer om een vergunning gevraagd wordt. Ze zou, ook van de wethouder, willen weten om welke aantallen het gaat. Daarnaast vraagt ze of D66 alles inzet op deze specifieke maatregel en vervolgens de politieke realiteit verwijdt dat er geen resultaten worden geboekt.

De heer Koning (D66) antwoordt dat dit niet aan de orde is. Hij bepleit nu om niet te tornen aan het lotingspercentage. Daarmee zou je namelijk specifieke doelgroepen nog meer benadelen.

De heer Işik (PvdA) stelt dat de schaarste eerlijk moet worden verdeeld, niet volgens de normen van D66, maar volgens die van de PvdA. Dat betekent dat het lotingspercentage naar beneden moet. Is het college bereid om dit percentage naar 10% te brengen?

De PvdA is blij met de verruiming van de inkomensgrens, zodat sociale huurwoningen ook

toegewezen kunnen worden aan agenten en leerkrachten. Is het college bereid om dit goed te

14

Raadsvergadering van 15 juli 2021 monitoren en dit aan de raad voor te leggen? Tevens is de heer Ișik blij dat de doorschuifregeling uit het raadsvoorstel geschrapt is. GroenLinks zal later met een motie komen om meer woningen te realiseren.

Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt hoe de PvdA wil helpen om überhaupt het aantal woningzoekenden

en de druk op de sociale huurwoningen te verminderen, bijvoorbeeld met doorstroming naar andere segmenten.

De heer Işik (PvdA) antwoordt dat er meer sociale huurwoningen gebouwd moeten worden, volgens het principe van 40-40-20. Hiervoor moet er gezorgd worden dat er geen grondspeculatie

plaatsvindt. De doorstroom naar middenhuur moet op een goede manier gefaciliteerd worden. Tot slot moeten er meer gezinswoningen komen, zodat mensen hiernaartoe vanuit een sociale huurwoning kunnen doorstromen.

Mevrouw Zwinkels (CDA) is blij dat dit onderwerp opnieuw besproken kan worden. Eerder heeft het CDA al een aantal specifieke punten meegegeven. Allereerst is het goed om meer inzicht te

verkrijgen in de doorstroomketen. Uit de brieven van het college blijkt dat het inzicht er nog niet goed is. Welk type woningzoeker is er? Hoe passief of actief zoekt men? Wat zegt die lange wachtlijst, behalve dat de druk op de woningmarkt groot is?

Ten aanzien van doorstroming is het CDA blij met de genomen maatregelen. De aantoonbaarheid

van het effect van de 75% behoud van inschrijfduur is er nog niet. De fractie wil ook meer cijfers zien over de uitstroom uit sociale huur.

Ten aanzien van het voorstel om de uitzonderingsmogelijkheid voor nieuwbouwprojecten voor de

voorrangsregeling Van groot naar beter niet toe te passen zou het CDA willen weten of het college al komt met een tegenvoorstel richting de regio. De fractie komt hierover eventueel met een motie.

De fractie is blij dat ook middenhuurwoningen kunnen worden aangeboden via WoningNet. Deze pilot schijnt succesvol te zijn. Net als D66 is het CDA blij dat er trapsgewijs met de staffel wordt gewerkt ten behoeve van gezinswoningen.

Mevrouw De Koning (GroenLinks) wil net als de rest van de raad tot een eerlijke verdeling van de schaarse woningen komen en hierbij de huurders beschermen. Ze is dan ook blij met een aantal

voorstellen in deze plannen. Mevrouw Zwinkels zei al dat de verhuur van middenhuur via Woningnet goed werkt. GroenLinks sluit zich aan bij de voorstellen van de heer Koning om tot een betere verdeling van de woningen te komen.

In dit debat zijn er twee grote discussiepunten. De eerste vraag is of de gemeente meer ruimte wil

geven aan het vergunningsvrij verhuren aan meerdere personen. GroenLinks ziet dat er een enorme woningnood is en wil graag kijken naar mogelijkheden om meer mensen in de bestaande woningen te huisvesten. Grote woningen zouden gesplitst kunnen worden of er kan meer ruimte gegeven om

via verhuur met meer mensen in een woning te wonen. Tegelijkertijd bestaan er ook zorgen over het

voorstel van Student & Starter. Als de vergunningsplicht verdwijnt, verdwijnt ook de mogelijkheid om een bestuurlijke boete op te leggen en eisen te stellen aan goed verhuurderschap. Soms moeten

buurten beschermd worden, zodat niet heel veel woningen studentenwoningen worden. GroenLinks maakt zich hier te veel zorgen over om er op dit moment mee in te kunnen stemmen, maar het principe eronder, dat woningen goed benut moeten worden, deelt de fractie wel.

De heer Koning (D66) merkt op dat GroenLinks staat voor emancipatie, bijvoorbeeld van mensen die

15

Raadsvergadering van 15 juli 2021 de vrijheid willen hebben om met z’n drieën samen te wonen, of ze nu een relatie hebben of niet. Niet iedereen vormt nog traditioneel een koppeltje. Waarom zouden deze mensen

vergunningsplichtig moeten zijn? Hoe vrij wil GroenLinks de samenleving hierin laten zijn? Mevrouw De Koning (GroenLinks) is het met de heer Koning eens dat er ruimte gegeven moet worden aan mensen om samen te leven op de manier waarop ze dat willen. Maar als dit zonder vergunning gebeurt, kunnen ze minder goed beschermd worden tegen huisjesmelkers. Daarom wil GroenLinks eerst kijken hoe huurders beter beschermd kunnen worden. Dat kan bijvoorbeeld via de

verhuurdervergunning. Die komt eraan. Tot die extra bescherming er is, is het niet verstandig om bescherming weg te halen en huurders daarmee in de kou te zetten.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) stelt dat het niet klopt wat mevrouw De Koning zegt. Er is geen situatie waarin je helemaal niet meer kunt controleren. De maatregelen kunnen toegepast blijven

worden. Waarom doet mevrouw De Koning dan toch alsof het studentenhuizen zijn die hele buurten omver gaan helpen, terwijl het om drie mensen gaat die gewoon samenwonen?

Mevrouw De Koning (GroenLinks) probeert de nuance te zoeken. In het Actieplan huisjesmelkers

stond te lezen dat juist de huisvestingsvergunning, met de mogelijkheid van een bestuurlijke boete,

een heel belangrijk extra instrument is. Misschien kan de wethouder er nog even op ingaan. Sowieso geldt dat zeker niet iedereen een overlastgevende student is, maar je wilt soms ook dat er een

gezinnetje in de straat blijft wonen. Daarvoor is de leefbaarheidstoets nu een nuttig instrument. Hierop dient mevrouw De Koning motie 235 (Meer woningen, niet minder bescherming voor

huurders en buurten) in, mede namens de fracties van SP, PvdA en Stadsbelang Utrecht. Hierin wordt het college opgeroepen te onderzoeken of en hoe het mogelijk is om op een verantwoorde wijze

meer ruimte te geven aan het verhuren van kamers aan meer dan twee personen. Het doel is om te bekijken hoe de balans gevonden kan worden.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) is precies over dat voorstel verbaasd. Uit de plannen in het

programma van GroenLinks voor 2022 blijkt een heel ander beeld. Daarin staat dat zogenaamde "friends-woningen" mogelijk worden, zodat mensen met z’n drieën vergunningsvrij een woning kunnen betrekken. Hier is Student & Starter het roerend mee eens en de fractie heeft allemaal

waarborgen in het voorstel opgenomen om dit te monitoren. Waarom wordt er dan gewacht en zijn er extra drempels?

Mevrouw De Koning (GroenLinks) is blij dat mevrouw Oosters zo’n grondige GroenLinks-watcher is. Er is inderdaad een mooi conceptverkiezingsprogramma. Dit is opgesteld door een handjevol

kundige mensen, maar de partij heeft 2.500 leden in de stad en die mogen zich hier eerst over

uitspreken. De motie die mevrouw De Koning wil indienen is een mooie opmaat om hier genuanceerd naar te kijken. Hoe kunnen friends-woningen mogelijk gemaakt worden en kunnen tegelijkertijd huurdersbescherming en buurtbescherming in stand gehouden worden?

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) ziet in het dictum van de motie wat terughoudendheid, maar

tegelijkertijd de opdracht om uit te zoeken hoe het zit en de mogelijkheid te zoeken om kamers te verhuren aan meer dan twee personen. Klopt het dat het een vrij open opdracht is?

Mevrouw De Koning (GroenLinks) bevestigt dat de opdracht open bedoeld is. Hoe kan mogelijk

16

Raadsvergadering van 15 juli 2021 gemaakt worden dat meer mensen kunnen genieten van de bestaande woningen? Het woningtekort is immers groot. GroenLinks streeft hetzelfde doel na als mevrouw Oosters, maar hoopt dit te bereiken met bescherming voor huurders en buurten.

De heer Koning (D66) stelt dat de afgelopen jaren onder andere door Student & Starter ontzettend

veel informatie over dit onderwerp is opgehaald. Mevrouw Oosters beargumenteert kundig waarom dit niet ten koste gaat van de leefbaarheid. GroenLinks is blijkbaar al bijna om, maar Utrechtse studenten moeten nog een jaar wachten tot na de verkiezingen. Misschien kunnen hierna wel honderden studenten een plek vinden in niet-vergunningsplichtige samenwoonsituaties. Als GroenLinks studenten echt wil helpen, moet de fractie instemmen met het voorstel.

Mevrouw De Koning (GroenLinks) vindt dit klinkklare onzin. De nieuwe huisvestingsvergunning moet voor 2022 worden aangenomen. Hier wordt voor die tijd dus ook nog over gesproken. Dan heeft

GroenLinks een definitief verkiezingsprogramma. Als er dan een ander besluit is genomen, is dat

nog ruimschoots op tijd. Verder merkt mevrouw De Koning op dat GroenLinks studenten juist niet in de kou wil laten staan. De fractie wil dat er meer kamers komen voor studenten, maar dat deze wel van goede kwaliteit zijn en er dus goede bescherming gegeven kan worden tegen huisjesmelkers. Dan is er een completer pakket voor studenten.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) is blij om dit te horen, want zij deelt het doel natuurlijk met mevrouw De Koning. Ze heeft echter het idee dat GroenLinks met dit voorstel in een papieren

werkelijkheid leeft. Er wordt een aantal factoren subtiel veranderd, maar de drempel om met drie mensen te gaan wonen blijft hoog. Bij de vorige bespreking zijn al allerlei kleine aanpassingen

gedaan, maar de cijfers laten zien dat deze niet gaan helpen. Waarom denkt GroenLinks dat deze kleine aanpassingen dan wel het verschil gaan maken?

Mevrouw De Koning (GroenLinks) vindt het voorbarig om bescherming bij huurders weg te halen, terwijl veel huurders bij malafide huisjesmelkers wonen. Dit is een instrument om hen te

beschermen. Een alternatief is er nu nog niet. GroenLinks wil hiernaar kijken voor er een instrument wordt weggehaald.

Mevrouw Oosters (Student & Starter) gaat niet mee in het frame dat Student & Starter de huurders

niet zou willen beschermen. Die bescherming verdwijnt niet. Mevrouw De Koning blijft dat aanhalen en geeft geen antwoord op de vraag waarom zij denkt dat deze kleine aanpassingen wel gaan helpen.

Mevrouw De Koning (GroenLinks) antwoordt dat zij gevraagd heeft om te laten onderzoeken hoe de stapeling van vergunning verminderd kan worden, hoe de kosten van een vergunning verminderd kunnen worden en hoe de procesduur van een vergunning verminderd kan worden. Zo wordt het

aantrekkelijker om een vergunning aan te vragen en blijft de bescherming behouden. Dit helpt om een woning te verhuren aan meerdere mensen.

De heer Wijmenga (ChristenUnie) heeft ook zijn twijfels bij het onderzoek waar mevrouw De Koning naar vraagt. De wethouder heeft al een evaluatie toegezegd voor september, oktober. Wat voegt dit dan nog toe? Of wordt het een nieuw onderzoek dat pas over een jaar gereed is?

17

Raadsvergadering van 15 juli 2021 Mevrouw De Koning (GroenLinks) antwoordt dat het in de motie gevraagde onderzoek zeker niet pas over een jaar gereed moet zijn. Ze heeft gevraagd of het er kan zijn voor er besloten moet worden over een nieuwe huisvestingsvergunning. Dat betekent dat hij er eind dit jaar moet zijn. Als de

wethouder het mee wil nemen in de bestaande evaluatie zou dit een efficiënte besteding van tijd zijn.

De heer El Abassi (DENK) hoorde mevrouw De Koning zeggen dat dit een aanpak van malafide

huisjesmelkers is. Mevrouw Oosters heeft het over onderdak voor starters. Is mevrouw De Koning het met de heer El Abassi eens dat het een afweging is? Wil de gemeente huisjesmelkers aanpakken of juist het woningtekort?

Mevrouw De Koning (GroenLinks) wil niet kiezen. Het woningtekort is schreeuwend hoog, maar het is ook niet goed om mensen een woning te bieden waar ze uitgebuit worden. Daarom vraagt zij naar een onderzoek naar hoe deze twee bij elkaar gebracht kunnen worden.

De heer El Abassi (DENK) vindt dit te makkelijk. Er moet nu wel een keuze gemaakt worden. Er kan gekozen worden voor worden voor het onderdak bieden aan veel kleine huishoudens of voor het aanpakken van huisjesmelkers.

Mevrouw De Koning (GroenLinks) begrijpt dat de heer El Abassi hier een of-ofvraag van wil maken,

maar wil oprecht niet kiezen. Dit zijn twee essentiële zaken voor de stad. Een woning waar je wordt uitgebuit is een slechte woning, dus er moet bescherming aan de huurders worden geboden.

Tot slot komt mevrouw De Koning op de loting. GroenLinks is hier in principe tegen, omdat het na twaalf jaar wachten niet prettig is als iemand eerder aan de beurt komt door loting. Aan de andere

kant is loting wel een goed mechanisme bij jongerencontracten. 10% loting is een eerlijk aandeel om aan jongeren een plek te geven. Bij de rest van de woningen moet men netjes op zijn beurt wachten. De heer El Abassi (DENK) stelt dat het aantal verhuringen ten opzichte van 2014 is gedaald in plaats van gestegen. Verder is het aanbod afgenomen, terwijl bemiddeling en loting is toegenomen. Daarnaast is het aantal woningzoekenden toegenomen en de slaagkans van 11% naar 5%. De

gemeente doet zijn best, maar de problemen op de woningmarkt nemen toe. Er moet dan ook echt

wat aan gedaan worden. DENK vindt het systeem van loten niet eerlijk. Mensen die achteraan in de rij staan krijgen immers voorrang op mensen die vooraan in de rij staan. Ook DENK wil dat jongeren,

studenten en starters aan een woning kunnen komen, maar dit mag niet gebeuren ten koste van een groep die heel lang wacht. Daarom dient de heer El Abassi motie 237 (Geen gebruikmaken van

Lotingsmodel) in, waarin het college wordt opgedragen geen gebruik te maken van de ruimte om

vrijgekomen sociale huurwoningen aan te bieden via het lotingsmodel. Vervolgens dient de heer El Abassi motie 238 (Verlagen percentage lotingen) in. Hierin wordt het college opgedragen het percentage aantal te verloten woningen te verlagen naar maximaal 10% voor het te verdelen

vrijgekomen woningaanbod en dit aan te passen bij de eerstvolgende herziening van de regionale huisvestingsverordening.

Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of DENK 0% of 10% loting wil. De heer El Abassi (DENK) antwoordt dat hij twee moties heeft ingediend. In de tweede motie wordt gevraagd om maximaal 10%. In de eerste motie wordt opgeroepen om richting 0% te gaan.

18

Raadsvergadering van 15 juli 2021

Mevrouw Zwinkels (CDA) heeft een punt van orde. Ze wil weten wat het standpunt is van een

politieke partij. Ze heeft hier moeite mee. DENK gaat in de stemmingen onderhandelen en kijkt of het nog een stapje verder kan gaan. Zij vraagt nogmaals of DENK 0% of 10% loting wil.

De heer El Abassi (DENK) antwoordt dat hij zelf over zijn moties gaat. Hij heeft twee moties

ingediend. Het liefst heeft hij dat de motie van 0% het haalt. Mocht dat niet het geval zijn, dan gaat hij voor zo min mogelijk, dus hij dient ze gewoon allebei in.

Met alleen het afschaffen van de loting komt de gemeente er helaas niet. Daarmee wordt de

wachttijd eerlijker verdeeld, maar er moet zo veel mogelijk gedaan worden om de wachttijd te

verlagen. Eerder had DENK een motie ingediend waarin Utrechters voorrang kregen ten opzichte van

inwoners van gemeenten waarin zij al voorrang krijgen of van gemeenten waarin geen wachttijd is. Is er over de grenzen van de gemeente gekeken naar welke maatregelen genomen kunnen worden om de nadelen van verschillende maatregelen weg te halen?

Wat kan er nu alvast gedaan worden? In de huidige woningmarkt is het lastig om een woning met betaalbare huur te komen voor mensen met een beperkt inkomen. De vraag naar sociale

huurwoningen is in Utrecht zeer hoog, terwijl het aanbod zeer laag is. Om het voor Utrechters eerlijk te maken ten opzichte van andere gemeenten en de wachttijd te verkorten voor Utrechters, dient de heer El Abassi motie 239 (Voorrangsregel toepassen bij de verdeling/toewijzing sociale huur) in. Hierin wordt het college opgedragen om 25% van de vrijgekomen sociale huur met voorrang te

verlenen aan Utrechters die langer dan 6 jaar woonachtig zijn in de gemeente Utrecht, door op grond van art. 2.4.5 Utrecht als gebied aan te wijzen waar de bindingsregel van toepassing is.

De heer Schipper (SP) was tevreden met de brief van het college. Hierin staan de bezettingsnormen, die de SP in het vorige debat had aangedragen, keurig opgenomen. Ook de mogelijkheid voor een

wooncarrière staat erin. Vandaag komt er een trits aan voorstellen langs die niet op de wensenlijst

van de SP stond. De fractie zal selectief zijn in het steunen hiervan. De SP staat niet voor niks onder de motie van mevrouw De Koning. Het is verstandig om een tussenstap te maken voor de vergunningsplicht bij driepersoonshuishoudens wordt weggehaald.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) heeft een vraag aan de wethouder naar aanleiding van de motie van

Student & Starter. Hierin is opgenomen dat het twee jaar gemonitord wordt, waarna de raad een besluit kan nemen. Klopt dat? En hoe zou dat evaluatiemoment eruitzien?

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) dient motie 240 (Vergunningplicht bij samenwonen vanaf vier personen, gelijke monniken gelijke kappen) in. Hierin wordt het college opgedragen om voor

woongroepen met vier personen die zich willen vestigen in bestaande woningen gelijkwaardige eisen en regels te stellen als te doen gebruikelijk voor panden waarin kamerverhuur plaatsvindt. Bij woongroepen kunnen immers dezelfde waarden onder druk komen te staan.

Het lotingsmodel is een lokaal beleidsinstrument binnen de regionale huisvestingsverordening. Er

gaan wel heel veel woningen naar mensen die urgentie hebben. Er blijft maar heel weinig over voor woningzoekenden die geen gebruik kunnen maken van de bijzondere toewijzingsregels. Daarom

dient de heer Bos motie 241 (Lotingmodel iets rechtvaardiger maken) in. Hierin wordt het college

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=b6f6b5a0-8d83-420f-b5f6-c3d2a6741b77